browser icon
You are using an insecure version of your web browser. Please update your browser!
Using an outdated browser makes your computer unsafe. For a safer, faster, more enjoyable user experience, please update your browser today or try a newer browser.

Week 7: opbouwen naar een topconditie

Posted by on 18 February 2018

Dit belooft een rommelige week te worden. Ik weet al dat ik me niet heel netjes aan het schema zal kunnen houden. En er staat maar liefst 9 en een half uur klaar. Ik denk dat ik dat wel zal halen, maar hoe….
Maandag 12 februari ga ik met mijn favoriete mannelijke loopmaatjes op weg. Er staat geen training vandaag, maar Vincent moet deze week nog een stukje lopen en dan ga ik natuurlijk graag mee! Hij kiest voor de Woondome. Met het oog op Spa een slimme keuze om eens wat heuvelwerk te doen. We lopen langzaam in en Vincent voert het hoogste woord. Manuel rust uit van de halve marathon van Schoorl, dus die slaat de Woondome over. Hij loopt een paar minuten verder en zal terugkomen om ons op te halen. Ik heb iets bedacht: een piramide op de woondome, ha! Eerst rustig omhoog en hard naar beneden. Vincent haalt me met gemak in omlaag. Dan doen we steeds harder omhoog. Dat is lastig in te delen. En rustig omlaag. Daarna komt de top van de woondome-piramide: hard omhoog en bijna wandelend naar beneden. Mijn zoon haalt me aan het begin in, maar hoe hoger we komen hoe meer ik dichterbij kom! Dan volgt de steeds harder omhoog weer.

Kunstzinnig!


Het is voor mij geen centje pijn. En we doen nog een keer langzaam omhoog en snel naar beneden. Manuel is nog niet terug, ik ben nog niet moe, dus we doen de hele riedel nog een keer. En dat is een vergissing van Di Mama. Vincent krijgt het namelijk wel zwaarder. Zes keer de Woondome op en dan hard omlaag is nog te doen. Maar de zevende keer steeds harder haal ik hem te gemakkelijk in. De achtste keer hard omhoog doet hij nog mee en wacht Manuel hem op. Ik stuur de mannen de parkeerplaats op voor een rondje en ik maar de piramide moeiteloos af. Óf ik heb mijn best niet gedaan, óf ik ben superfit, maar mij kost het geen greintje moeite. We lopen wat verder terug langs de woonwinkels. Gelukkig zijn we met zijn drietjes, want het blijft er toch een beetje onguur. Vincent wordt behoorlijk moe, maar langzamer lopen is voor Manuel en mij te moeilijk. We lopen uiteindelijk dan ook 7 kilometer. Voor Manuel en mij een ‘stukkie’  voor Vincent en topprestatie! En voorgaande jaren deed ik de Woondome hooguit 12 keer. Oeps. Gelukkig heeft de jongen nergens last van!
Dinsdag 13 februari. Ik mis het zwemmen door het rapportgesprek. Maar hardlopen kan prima! Ik zie er een beetje tegenop, want ik moet nu 50 minuten telkens iets sneller. Zou het weer zo goed gaan als voorgaande weken? Ik voel me wel in topvorm, maar 9 kilometer telkens iets versnellen is wel een hele opgave. Ik begin netjes. Als ik nu eens echt 4 kilometer boven de 6 minuten blijf. Helaas. De derde gaat al in 5:58. Maar ik keur ‘m goed. Helaas pindakaas: de vierde kilometer zit al op 5:41. Het blijft toch lastig om een beetje sneller te gaan. Ik haal de vijf kilometer net binnen een half uur. De juf van Vincent doet daar haar best voor en ik weet dat de grootste opgave nog voor me ligt. Ik besluit vooral langzaam door te versnellen. Kilometer 6 zit echter al op 5:13. Ik wil het tempo vasthouden en maar iets optrekken, maar helaas: kilometer 7 zit nog net boven de 5 minuten. Dus kilometer 8 zal eronder moeten. Het is al best zwaar. Maar ik blijf denken: topvorm, topfit, lukt! En het lukt: 4:55. Nog een kilometer extra. Dan heb ik de wijk af. Het moet uit mijn tenen komen. Ik kan niet harder meer. Het gaat gewoon niet. Vasthouden is al moeilijk genoeg. De straat door. Tot het einde. Ik kan heel diep gaan, dat weet ik. Ik loop nog een kilometer onder de 5 minuten, maar ben een seconde langzamer dan hiervoor. Ik wandel de straat af. En dribbel terug naar huis. Ik haal de 10 kilometer desondanks binnen het uur. En de 11 kilometer maak ik ook vol. Dat was een pittig traininkje, topvorm of niet. Weer een grensje verlegd.
Woensdag 14 februari.Vincent heeft iemand te spelen, ik heb mijn werk af en ik heb tijd. Zondag kan ik de krachtblokken op de fiets niet doen, dus nu stap ik op de Tacx. Ben ik er toch voor thuis! Ik moet de telefoon vasthouden om de serie te kijken. Al snel krijg ik “wind mee”: de Tacx gaat dan soepeler opeens. Ik moet 5 versnellingen doen. Na het infietsen 2 minuten hoogste versnelling, niet zo hard trappen en dat is best zwaar. Het is warm onder de overkapping. Ik mag daarna 3 minuten uitfietsen. En dat 5 keer dan. Ik doe het braaf, terwijl de kinderen Minecraft spelen.
We gaan netjes volgens schema ook zwemmen. Daar heb ik geloof ik wind tegen, of golven tegen: het lukt me niet zoals anders. Ik mis een brokje snelheid. We doen 3 minuten zwemmen en ik kom net aan de andere kant uit. Lekker: kan ik mijn eigen tempo bepalen. Dat is wel goed voor mij. Ik zwem niet slecht, maar het voelt erg zwaar. En zonder achtje is het eigenlijk zelfs kansloos. Volgende keer beter.
Donderdag 15 februari. Net voor de baantraining ontdek ik waarom mijn buik al de hele dag zeurt en waarom het zwemmen gister niet ging. 1 Dag voor de menstruatie lukt me dat om een of andere reden niet. Ik had niet gedacht dat ik vandaag al aan de beurt was, want mijn hartslag blijft laag en met het verliezen van kilo’s schuift het vaak mee. Maar ja, op naar de baantraining! Ik heb alvast een excuus, haha. Inlopen doe ik voorop te hard. Ik heb geen zin in geklets vandaag. En al helemaal niet in loopscholing. Getver. Eigenlijk heb ik weinig zin vandaag, maar ja. We gaan aan de kern beginnen. 200m hard 5 keer gevolgd door 400, 800, 1200, 800, 400 meter rustig. Alle snelleriken sprinten weg. Ik doe met het rustige groepje mee, maar dat is me te gezellig en te rustig. Ik doe liever mijn eigen dingetje. Dus de tweede 200m snel loop ik alleen. En de 800 meter rustig ook. Prettig. Ik ben geen sprinter. Zeker vandaag niet. ‘Je past er net niet tussen he’ zegt de trainer. Hij zal blij zijn dat ik deze keer meer zin heb! Dan kom ik na de volgende 200m sprint een achterblijver tegen en we raken aan de praat. Ik trek haar tempo iets (teveel) op en zij skipt wat en loopt de 3 rondes (1200) met mij mee. Ik sprint steeds iets harder en steviger. En de 800m kwebbelen we weer. Ik maak het graag af en die tijd krijgen wij dan ook. De snelleren moeten nog een kilometer hard. Ik mag uitlopen of wachten. Ik loop liever en kies solo voor 2 rondjes over het gras. Eindelijk een soort van rust! Komt in het tweede rondje de volgende langs me lopen om bij te praten! Ik wil graag de tien kilometer volmaken en doe nog twee rondjes extra op de baan. De helft is al spiegelglad en ik ga superrustig. Check, weer een training afgerond!
Vrijdag 16 februari. Fietsen. Hoe we dat er tussen proppen: Vincent moet alleen naar huis lopen ‘s middags. Het is lekker weer buiten. Droog. Zonnig zelfs. Dus ik pak… de tijdritfiets! Ohjee, die moet echt afgestoft worden! Spannend hoor. Ik moet echt weer even wennen aan de lichtheid van de fiets en hoe gemakkelijk het gaat. Ik ga de Oostvaardersdijk op en heb dan toch wind mee. Ik ga lekker op de fiets liggen en ik geniet er van. Het is tof. Niet echt koud. Niet echt heel hard hoor, maar gewoon lekker. Ik word door een andere wielrenner ingehaald, maar ik vind dit prima zo. Op de Knardijk heb ik een lastig zijwindje. Ik rij helemaal door tot de sluizen en ga dan rechtdoor de Knardijk langs. In het eerste uur rij ik 25 km. Netjes dus. Dan wil ik graag 50km halen. Ik ga de versnellingen doen. Tel gewoon ruim 30 seconden af. Mijn horloge meet het tempo op de fiets nog steeds niet. Lastig, maar ik laat me er niet door leiden. Ik geniet langs het onbekende stuk Knardijk. Ik geniet enorm. Ik kom op de Vogelweg en dan weet ik het al: de moeilijke kilometers tegen de wind in komen nu. Afzien. Ik zing voor me uit: ” Hoe sterk is de eenzame fietser die kromgebogen over zijn stuur tegen de wind…” De Vogelweg is eindeloos lang en zwaar. De wind valt tegen. Ik sla af als het fietspad ophoudt en ga richting Almere. Het is niet gemakkelijker geworden. Nog een uur en 25 kilometer haal ik niet. Ik moet nog een stukje tegen de wind in richting de manege en verheug me op de Trekweg waar ik wind mee zal hebben. Daar ga ik nog even helemaal los en dan de stad weer in. Ik doe langer dan twee uur over de 50 kilometer. Wat een toffe fiets heb ik.
Zaterdag 17 februari. Een lange duurloop. KH gaat mee en ze neemt haar zoon mee, die nog nooit meer dan 10 kilometer heeft gelopen. Hij luistert muziek en ik kwebbel met KH. Het tempo ligt erg lekker. De versnellingen kan ik gemakkelijk aan. Dan loopt NH met mij op met zijn jonge snelle benen. We nemen het spoorbaanpad richting Amsterdam, maar we gaan niet langs het stomme stuk. We slingeren helemaal om Poort heen naar de dijk bij Marina Haven. Heerlijk. We houden een korte stop voor gel. Ik loop erg prettig. Ik neem de heuveltjes wel. Toch voel ik me enige tijd schuldig dat ik KH en NH meeneem, terwijl zij misschien nog niet helemaal toe zijn aan deze afstand. We gaan de Hollandse Brug op. En weer af en omkeren en weer op en af. Ieder eigen tempo. Ik kom er helemaal in. NH loopt voorop, maar KH snijdt er niks van af. Ik loop haar weer tegemoet omhoog. Dan door het Kromslootpark terug. We nemen lopend een gel. KH stort in en het tempo moet omlaag. We blijven bij elkaar, ondanks dat Vincent op me wacht. Ik voel me nog energiek genoeg en doe de laatste versnelling ook zonder moeite. En dan wil ik toch kijken hoe ik de halve marathon ga lopen. Ik kan nog prima versnellen. In 2 uur en 4 minuten loop ik de 21,1 kilometer. En dan krijg ik het ook erg zwaar, maar we zijn er nog niet. Ik vind KH en NH echte helden om zo opeens een vette afstand te lopen. Ik heb hierheen gebouwd, maar zij niet. En opgeven – ho maar. NH versnelt zelfs nog wat. Die arme Vincent heeft 3 kwartier moeten wachten. Ik zal hem een grote reep chocolade moeten kopen! Al met al loop ik de 23 kilometer vol. Met een tevreden gevoel. ‘s Middags zijn we op visite en wandelen we nog een stukje. Voor het zwemmen ben ik eigenlijk te moe en dat sla ik node over.
18 februari. De laatste crosscup!! Ik ben voor ik begin al blij dat ik er bijna mee klaar ben. Note to me: volgend jaar NIET meedoen!! Vandaag is het heerlijk weer en mijn expectations zijn heerlijk laag. Ik heb alle excuses. KH mag niet meedoen van haar trainer. Ik doe het gewoon. En als het niet lukt, stap ik na twee ronden uit. De mok is toch al binnen! Vincent doet weer een natte-krantenloopje. Ik klets met de vriendinnen. Knuffel Joyce. Ik eet een appelgel en deze keer valt het best goed. Ik zou met MvdB mee gaan lopen. Lekker op haar rustige tempo. Goed voor mij. Ik ben totaal niet gespannen voor de race. Mijn hartslag ligt (ver) onder honderd. Op het startschot laat ik MvdB en haar kennis alleen, ik ga mijn eigen ding doen. Mijn tempootje. Ik krijg nog en high five van KH en Off I Go! Het valt me mee. Mijn benen lijken geen enkel probleem te hebben met de kilometers van gister. De modder valt ook mee. Ik vind het vooral zand en bos. En het zonnetje is lekker. Ik laat me inhalen, het kan mij niet schelen. Vandaag loop ik helemaal voor mezelf. Ik heb het koud. Dat overkomt mij niet vaak! Het komt vast omdat ik zoveel vet minder heb! Ik val nog steeds met kilo’s (!!) tegelijk af. Ik voel me er uitstekend bij en ik besef dat ik daardoor steeds lekkerder loop. Het bos loopt lekker, maar het veld valt me tegen. Dat is erg ongelijk en mij wat te glibberig. Ik vind het weer eens wat druk! Maar ik haal wel wat mensen in. Voor mij hoeven de bomen over het pad niet. Ik neem het halfverharde fietspad. Zal me wat, dat ik een beetje valsspeel zo, hihi. De tijden vallen me niet tegen. Ik loop nog best lekker door. Rond de 6 minuten per kilometer. Ommetje, langs de start en dan nog een ronde. Het wordt al rustiger. Ik zet het op een genieten. Tsjakka. Bos, boompje, vogeltje, zonnetje, benen doen het nog prima, hoofd doet lekker mee zonder gezanik, het veld is even doorbijten, leuke vrijwilligers, die lieve mensen die hun zoon aanmoedigen en dadelijk het bos weer in, stomme stammen over en het verharde fietspad nemen. Langs de start hoor ik aan MB dat ze weet dat ik gister ook al 23km liep. Ik neem een verkeerd ommetje in de start/finisharea en snap even niet of ik EA inhaal of dat zij klaar is. Ach wat. Dit is mijn laatste crosscuprondje ook. Laat ik ervan genieten. De meneer van de strandcrosscop mag/moet me maar inhalen. Het laatste rondje…. Dit doe ik echt niet meer! Of… nee, ik vind dit niet écht leuk. Ik vertraag. Expres. Omdat het kan. Ik hoeft en kan niemand meer inhalen. Ik heb niet meer zoveel zin. Eindelijk weer vier crossen gedaan. Bijna dan. En hoe! De eerste op mijn verjaardag. Eigenlijk ga ik me pas jarig voelen als deze ook klaar is, haha. Het veld is inmiddels erg glibberig geworden en de klei blijft zwaar plakken. Bleh. Er halen mij kerels in, maar laatste ben ik (nog lang) niet. In het bos loop ik de klei er weer af. Stap een boom over. Ik zal hier niks aan missen! Ik zwik een beetje en daar schrik ik van. Ik heb het nu toch wel warm. In tegenstelling tot op het strand. Tjonge, wat een kilheid was het toen zeg. En de vorige keer, daar is dit niets crossmodderigs aan. Ik denk nog even aan afsnijden en dan gediskwalificeerd worden, maar de fotograaf heeft nu net op het smalle deel zo’n mooi stukje. Die aardige fotograaf die er elke keer was. Koud of niet, lang of kort: elke keer dankbaar werk. Ik moet MB straks ook bedanken. Het laatste stukje zet ik nog aan. Jawel, dat lukt dus nog. Even wachten: dat lukt dus OOK nog! En ik heb al besloten dat ik dadelijk ook nog naar huis ga hardlopen. Dribbelen dan. Echt mijn eigen tempo. Manuel maakt nog een foto van me. Die is al lang binnen en omgekleed. Ik ben erg blij dat ik klaar ben. Dat was mijn crosscupcarriere. Ik ben er even stil van. Maar snel pak ik het weer op. Knuffel Joyce nog tien keer (bij lange na niet genoeg), zeg MvdB gedag, ga op de foto en drink water. En dan hobbel ik naar huis terwijl Manuel mee fietst. Ik ben gek. Ik dribbel er gewoon 4 kilometer achteraan. Alsof het de gewoonste zaak van de wereld is. Het gaat niet snel, maar het gaat prima. Er is iets in mij, wat in topconditie is. Onvermoeibaar. Of zou het de roep van de M&Ms zijn? Vandaag laat ik de weight watchers voor wat ze zijn.
Ik heb deze week bijna 11 uur gesport. Op minder dan 5 minuten na. Veel te veel gelopen. Weinig gezwommen. Nu maar hopen dat ik niet te vroeg piek en ik me in Spa over twee nóg iets beter voel.

Comments are closed.