browser icon
You are using an insecure version of your web browser. Please update your browser!
Using an outdated browser makes your computer unsafe. For a safer, faster, more enjoyable user experience, please update your browser today or try a newer browser.

Duin Triathlon OD (olympic distance)

Posted by on May 26, 2018

Twijfel, twijfel: alles compleet, ligt alles goed..

Zaterdag 26 mei. Het is heet vandaag. Extreem warm. Meer dan 25 graden. En op mijn lijstje afstanden op de triatlon ontbreken er nog twee: de hele triatlon en de olympische afstand. De olympische afstand is een kwart triatlon met meer zwemmen, 1500 meter. Zo gek nog niet dat die ontbrak bij mij! Maar vandaag, in de hitte, ga ik deze afstand doen. Ik zie er tegenop: zal ik dat hele eind zwemmen wel redden zonder te verzuipen? Of ga ik vreselijk verbranden op de fiets? Ik zie mezelf ook al oververhit uitvallen bij het hardlopen, wat normaal toch mijn beste onderdeel is. De nodige zenuwen zijn er in elk geval weer! Ik start pas om twee uur en Vincent is om half 5 aan de beurt voor de jeugdafstand van 375 meter zwemmen, 10 kilometer fietsen en 2,5 kilometer hardlopen. Sinds gister komt hij er niet meer onderuit: hij hoort in de categorie 12- 16 jarigen.

We komen laat aan en het is al warm. Ik heb maar en half uurtje tot de briefing, maar wij dames en de 50+heren starten een kwartier later. Ik leg snel en degelijk al mijn spulletjes in de transitieruimte en klets en knuffel met mijn vriendinnetjes. Ik heb mijn pak snel aan en werk netjes het eten naar binnen. Ik ga even zwemmen en het koude water is heerlijk. Alleen de golven…. die zijn wat zwaarder dan gisteren! In het zwemmen heb ik bijna een beetje zin, maar ik zie nu al op tegen hardlopen. Zou geen best voorbeeld zijn als deze mama wordt afgevoerd omdat ze haar grens niet kent…. Mijn hartslag is hoog, KH ziet er weer perfect uit en ik ben onrustig. Daar gaan we!

Water in en zwemmen. Ik adem 1 op 2, ik borstcrawl en mijn benen doen lekker niks. Ik heb even wat minder ruimte en zwem op de gele boei af. Op de verkeerde merk ik op. Ik heb geen last van de andere zwemmers, doe gewoon mijn eigen ding en mijn eigen slag. Zoek mijn eigen weg wel door het water. Ik ga toch maar op de linker gele boei af, dan komt die andere dadelijk wel! Ik zwem er lekker krap omheen en warempel ik ben nog niet eens laatste! Dan heb ik golven mee en ik kom helemaal lekker in mijn slag! Gewoon maar heerlijk doormaaien. Ik ben blij dat ik dadelijk nog een stukje mag zwemmen. De landlap gaat leuk, veel witte badmutsen (snelle mannen) gaan het water uit en ik zie Rob en Vincent. Vincent roept dat het goed gaat en omdat het ook zo is, hoeft ik mijn vinger nog niet op te steken. Weer het water in en aj – golven tegen. Veel golven tegen. Best hoog. Ik hap zelfs water! Soms moet ik even schoolslagen doen om het doel in het oog te houden. Toch borstcrawl ik liever. Dit is een beetje een gevecht. De man naast mij doet schoolslag, dus die kan ik volgen voor de richting. Als ik de boei voorbij ben, wordt het gemakkelijker, hou ik mezelf maar voor. Ik ben trots als ik de boei gerond heb en kom dan weer in mijn slag. Ik drijf inderdaad iets langer uit en dat geeft rust. Ik ben niet laatste, dat is ook altijd fijn. Na de volgende boei krijg ik weer golven mee, maar ik word wel moe voel ik. Ik ga in mijn gestage slag door, maar wijk af. Soms moet ik even schoolslag doen om te kijken waar ik heen moet. Ik hark maar door en krijg bijna zin om te fietsen! Mijn benen hebben daar in elk geval zin in. Het strand komt maar langzaam dichterbij, maar daar is het dan toch en ik hap water in mijn pak, stap op en krijg snel mijn pak uit. Niks geduizel, dus ik kan nog harder zwemmen. Ik ben niet echt een van de snelsten. Ik jog de transitieruimte in en zie Vincent naast me meerennen. Soepel dat pak uit, ophangen, fietsschoenen aan, gel naar binnen duwen: alles gaat goed.

Fiets pakken, net niet opstappen voor de streep en dan fietsen. Ik merk het meteen: wind tegen. Ik pak ook meteen iemand en dan de eerste chicane al. Ik klik meteen vast en doe ietsje kalmer aan. De dijk op. De wind tegen zet best aan, maar in mijn hoofd zit dat ik dit kan, dus het lukt. Daar staan YZ en haar man MZ en ze moedigen ook mij aan. Dat doet me goed! Rob en Vincent zijn nu voor Vincent bezig. Ik ga aan het pacmannen en met een grijns haal ik dames in. Tot mijn verbazing ook wat teamgenotes waarvan ik had gedacht dat ze sneller zouden zwemmen. Dan komen we op een stuk met wind van opzij. Ik lig net op mijn fiets en ik vind het erg akelig. Ik weet niet waar ik heen moet sturen, hoe ik ‘m liggend recht hou. Ik hou links op het stuur vast en rechts op het ligstuur en verzamel moed. Zodadelijk zijn we de bocht door en hebben we recht wind tegen. Ik drink zo nu en dan en wijk dan wat uit als de NTB motor langskomt en me terugwijst. Jaja…. Zo nu en dan haal ik ook mensen in en ik zie andere vrienden en vriendinnen me tegemoet komen op hoge snelheid. Soms een handje opsteken, soms een grijns en soms mis ik ze. Ik kijk ook om me heen en ik vind de polder mooi. De ganzen, de kale vlakte, de masten in de verte, de bootjes, de fietsende recreanten. Dan is het keerpunt er al. Snel! Ik keer langzaam en ga snel weer aan het trappen en dan komt de snelheid erin. Hard ga ik! Veertig kilometer per uur, tadaa. En dan wordt je voorbij gezeild door mannen met dichte wielen waarbij het lijkt of je alsnog stilstaat. Ach, zij winnen er net zo min mee als ik! Ik drink, ik kijk om me heen en ik trap. Fijne verdeling dit: eerst wind tegen en straks uitrusten voor het lopen met wind mee. Met dit fietsje ben ik toch maar een goed team! Ik zie anderen alweer tegen de wind in ploeteren. Sneller als ik gedacht had, ben ik bij de chicane en bij het keerpunt. Ik hoor MB, maar zie haar niet echt goed, ik ben bezig met schakelen, wie er om me heen fietst, keren en weer opschakelen. Ene Yvo komt me voorbij, maar ik kan die meneer niet bijhouden. Oudere mannen he, die kunnen hard fietsen en niet zwemmen…. YvZ en MvZ toveren weer een grijns op mijn gezicht en dan begint het pacman spelen pas echt. Ik fiets opvallend harder als anderen tegen de wind in. Deze keer blijf ik liggen in de bocht met wind van opzij. Ik hark gewoon door. Er komt een einde aan het stuk wind tegen. Gedag knikken en trappen, meer doe ik niet voor een kilometertje of tien. Een beetje afzien, niet echt erg. Slokken drinken en me voortbewegen. Het is nu rustiger op de dijk. Na het keerpunt denk ik aan Vincent die dadelijk mag starten. Ik baal ervan dat ik niet op tijd ben om hem aan te moedigen, dus ik doe het hardop vanaf mijn fietsje. Het werkt blijkbaar als een tierelier, want ook nu haal ik nog diverse mensen in. Ook 1 van mijn baangenoten bij de zwemtrainingen. Die zal wel denken: rare meid, die kletst op de fiets! Ik moet nu een gel nemen en ga dus maar eens proberen hoe je met 35km per uur iets naar binnen slobbert. De berrygel is binnen te houden, hoe wonderlijk! Slok drinken er achteraan en dan kom ik weer in de chicane. Ik zet nog even aan en klik opmerkelijk laat uit zonder vrees of tegenwerking en stap af.

In de wisselzone heb ik moeite met het wegzetten van mijn fiets; die wil niet lekker hangen. Ik wissel rap de schoenen en probeer de Ascis nog goed te doen, maar ik vrees al dat het niet goed meer gaat werken. Helm af, fietscomputer uit en dan gaan hardlopen. De enige hickup is dat ik het horloge te vroeg lap en dus weer moet aanzetten als ik ga hardlopen. Mis ik een half minuutje. Ik verwacht niet teveel van het hardlopen en dat is goed. Het begint best fijn, want ik weet niet in welke ronde de andere deelnemers zitten, die ik inhaal of die mij voorbij razen. Ik heb mijn bril nog op, maar gooi die naar S van KD. Die vraag ik wel terug later. In het bos valt het me mee, want daar is schaduw. Onder de graafmachine door, water over me heen gooien. Het fietspad daarna, wat een beetje oploopt in de felle zon is een stuk erger. Dit eerste rondje is al zwaar, maar gaat nog; ronde 2 en 3 zullen zwaar zijn en rondje 4 overleven. Laat ik proberen niet te wandelen. De tijden zijn best bemoedigend. Ik voel mijn hielen al stukgaan. Het doet pijn. Op het heen en weer fietspad is het leuk anderen te zien en er is schaduw. Het bevalt me daar nog best! De dijkopgang is dichterbij het finishgebied en daar staan YvZ, MvZ en RA te roepen. Dat maakt dit een dragelijke kilometer. Ronde 1 zit erop. Sponzen meenemen en uitknijpen, bos door en blijven rennen. Ik wil in elk geval 5 kilometer hardlopen en binnen een half uur ook! Dat is twee rondes. Ik snotter en smeer het gewoon maar af. De gel laat ik voor wat het is. Ik probeer water te drinken, maar spuug het uit. Het zonnige fietspad over. Deze hitte is zo niets voor mij. Fietspad, gedag zeggen of knikken en de leuke vrijwilliger op het keerpunt die zegt: nog een klein stukje. Mocht ie willen! Weer aanmoediging van MZ&YZ en dan zitten er twee rondes op: de helft, 5 kilometer in 28 minuten – dat wordt geen uur. Vertragen kan, maar liever niet. Sponzen, veel wandelaars in het bos en ik blijf rennen. Dat wordt mijn doel: blijven rennen. Ik probeer weer te drinken, maar het mislukt. Ik hou me maar wat koel. Mijn hielen doen nu echt officieel pijn en zijn stuk. De zesde en zevende kilometer loop ik door omdat ik niet oplet. Ik zie mijn vriendinnen wandelen en wil ze wel toeschreeuwen: blijf joggen! Misschien is het hun laatste ronde? Ik hobbel maar door en door. Hopelijk komt het tempo niet boven de 6 minuten, maar echt interesseren doet het me niet meer. Doorrennen. Dat is het enige doel. Dan zie ik SG voor mij naar de EHBO-ers lopen en dat haalt me uit mijn balans. Ik word kwaad en wil haar wel meetrekken, meesleuren en uitschelden, maar het kost me teveel energie merk ik. Niet opgeven, schreeuwt alles in mij. Tot 8 kilometer rennen. Daarna mag ik wandelen. De laatste ronde. Ik zie de snelste jeugd aankomen, wat betekent dat Vincent mij niet meer gaat inhalen. Alleen overleven dus. De achtste kilometer gaat in 6:02. Logisch. Maar nu wil ik toch koste wat koste proberen alles te rennen. Dan nog maar iets langzamer, maar gek genoeg geeft de laatste ronde me wat kracht en gaat het weer iets sneller de laatste keer door het bos. Nog 1 keer water over me heen en MB loopt me tegemoet. Zulk een lieve support. Het fietspad op en neer. Ik zie KH wandelen.  “Gas erop Anke” roept D, de vriend van KH. Grapjas! Ik word er niet boos om, ik grinnik erom. Ik moedig wat jeugd aan, terwijl ik blijf rennen. Het wordt wel zwaar nu, maar halen zal ik het! Ik zie ouders van andere kinderen, YZ&MZ en RA moedigen mij nog aan, HT roept vanaf de kant toe dat ie respect voor me heeft en dan zitten er tien kilometer op. Ik mag wandelen! Maar wandelend over de finish is ook al zo wat…. Ik zoek de finish nog even en dan is het klaar. Binnen 3 uur. Gelopen binnen een uur.

RV vangt me op, samen met KH. Iedereen heeft het zwaar gehad. Ik werk 3 winegums naar binnen en dan telt er nog maar 1 ding: Vincent opvangen. Het duurt lang in mijn beleving, maar daar komt mijn held: ik vang het met open armen op en knuffel en kus hem. Hoe knap, dat hij met deze golven heeft gezwommen en met deze hitte heeft gelopen. Ik prop hem vol met spekkies en daar is Rob. Ik klets nog wat rond en ben moe, vies en misselijk en blij tegelijk.  Vraag her en der hoe het ging. Ik doe mijn schoenen uit. Niet verstandig, want het asfalt is ook warm, maar mijn hielen zijn pijnlijk stuk. We halen de spullen weer op. Ik heb trek en toch ook niet. We wandelen ver terug naar de auto, leunend op de fietsen. In de auto drink ik het warme water, ik denk de theesmaak erbij.

Thuis is het een kwestie van eten en opruimen. Ik heb supernetjes gezwommen voor mijn doen! 2:09 op de 100m. Ik heb wel veel extra gezwommen…. Fietsen ging met net geen 32 kilometer per uur. Ook niks mis mee! En lopen… 5:45 op de kilometer. Dit is precies wat ik kan met deze hitte. In totaal ben ik 2:52:56 onderweg geweest. Ik ben moe, maar het ergste zijn mijn kapotte voeten. Voor het donker liggen wij in bed.

Voorlopig ontbreekt alleen de hele triatlon nog. Ik ga een niet al te warm land uitzoeken als ik die afstand ooit wil afstrepen!

Comments are closed.