Week 52: de laatste van het jaar

Dit

is de week

van kerst. Van de

kerstboom. Maandag kerstavond.

Overdag een wandeling en verder niks!

25 december begint met een nuchtere ontbijtloop

Vincent gaat met me mee. De zon schijnt en het is druk met

hardlopers. Wij gaan niet zo heel hard. Ik heb nog niet gegeten en

mijn hartslag moet laag blijven. We maken een rondje van 5 kilometer

met wandelpauzes na elke tien minuten. Dan kunnen we de rest van de dag

gezellig kerst vieren in Hilversum! Op tweede kerstdag doen we dezelfde op-

dracht: dezelfde route, samen,  ik geen ontbijt, lage hartslag, wandelpauzes.

Maar op deze minder stralende ochtend kruist geen enkele andere hardloper

ons pad. We gaan ietsje sneller. 34 minuten. Dan kunnen we de rest van

de dag gezellig

kerst vieren in

Veldhoven.

 

DΞ  dλg  nλ  kΞΓςt  gλ  ↓k  f↓ΞtςΞn  mΞt  MλnuΞl. Θp  dΞ  MTB  ΞΞn  hΞlΞ ΓΘndΞ  ovΞΓ  dΞ  KnλΓdijk  Ξn  hΞt  ↓ς  bΞςt  ΞΞn  bΞΞtje kΘud. WΞ  f↓ΞtςΞn  toch  ↓Ξtς  van  dΞΓt↓g  k↓lΘmΞtΞΓ.   Θmdat  ↓k  n↓Ξt  gΞdλcht  hλd  dλt  ΞΓ  bλλntΓλ↓n↓ng  zΘu  z↓jn,  maaΓ  ↓k  hΞb  de  tΓ↓λtlξtξn ΘndξΓςchλt:  zξ  z↓jn  ξΓ  wξl!   ↓k  lΘΘp  lξkkξΓ Γuςt↓g  mξt  YS  mξξ  ξn  kwξbbξl  dξ  t↓jd   vΘl.

 

28 december: een lange lange lange lange lange

lange

lange

 

lange lange

 

 

lange lange

 

lange wandeling. In tijd

 

tijd tijd tijd

tijd,•

 

niet in tempo o o

o o o

 

o o

o o .

 

In de duinen bij Castricum. Bijkletsen.

De trainer telt het mee, ik eigenlijk niet.

📆Zaterdag 29 december

🚴🏻‍♀️op de Tacx. Die ontbreekt nog deze week📅! Een uurtje⏱ 12 minuten infietsen📕, 12 minuten rustig📗 en dan een paar keer 5 minuten hard 📘en 4 minuten 📙bijkomen afgewisseld. 📚 ik ga lezen 📖 op de 🚴🏼‍♂️ Weer ‘ns iets anders🙃 de tijd 🕰 en de hoofdstukken 📑 vliegen 🛩 voorbij,

daarna 🏊🏼‍♀️ In het kinder👦Uurtje. Ze doen spelletjes🎲 ik vind dat niet zo leuk 😕 maar ik doe dapper 🎭 mee. Ik 🏊🏼‍♀️ zelf even uit bij de grote 😶mensen.

 

 

Zondag 30 december

Lopen met de hardlopende Almeerse dames én Vincent met nieuwe schoenen. Ik liep in en dat ging niet goed: de hartslag was veeeeeeeel te hoog voor zone 1

 

Met z’n allen jogden/hobbelden/sjokten/wandelden we verder. Het voelde niet lekker: hartslag te hoog, te laag, steken, sloom…

Het was wel erg gezellig en ik heb fijn gekletst en Vincent ook. Maar ik voelde me een dikke, vette, slepende oliebol. Ik at er geen en we gingen snel naar huis terug. 10 Kilometer, maar niet zo best

Ik had Vincent beloofd te gaan zwemmen en hij nam een vriend mee. Kon ik wat baantjes trekken. Vergissings! Druk in het bad, vol spelende, springende, dobberende kinderen die ik ontweek. Ik zwom een kilometer bij elkaar, net voor het bad sloot.

Categories: Uncategorized | Comments Off on Week 52: de laatste van het jaar

Week 51 in Tekst

Deze week heb ik vrijwel geen foto’s gemaakt. En dat bevalt me prima. Ik ga het volgend jaar denk ik ook zo doen: wat minder foto’s en wat minder frequent bloggen. Ik ga in tekst bijhouden wat ik doe, maar het lukt me niet om elke week uitgebreid verslag te doen.

Vooralsnog blijft de maandag een rustdag. Daar ben ik snel klaar mee 🙂

Dinsdag 18 december is een dag waarop ik dolgelukkig ben en een droomprijs win, die ik helaas moet afzeggen, waar ik heel verdrietig om ben 🙁 We draaien een bijna perfect webinar op het werk, maar er komen slechts twee mensen kijken. De uiteenlopende emoties liggen allemaal erg dicht bij elkaar, en daar moet op gelopen worden! De hardlopers onder ons, snappen mij volledig. Ik meld me bij de TVA en baal dat er 1 grote groep is: dan zijn ze allemaal te snel voor mij. Aan de andere kant: het is donker en ik doe mijn eigen ding. Dat behelst weinig gekwebbel. We lopen een “rondje-met-vier-zijden” : hij blijft leuk 😀 Eerst 1 zijde snel, dan 2, daarna 3 en ten slotte alle 4. De eerste loop ik veel te snel mee in de groep, de tweede laat ik ze zowat allemaal voorgaan en de derde zit dan in mijn eigen emotionele ritme. In de 4 zijde (het hele ronde ‘vierkant’) ben ik bij de emotie boos (waarom komen er maar twee mensen) en dan versnel ik (flink) door, maar ik ga me niet over de kop lopen. We dribbelen verder en doen nog een paar oefeningen. Ik laat alle emoties achter me in het vierkante-rondje en ben een stuk aardiger en gezelliger. Clubgenoot MB vertelt superlief over haar zoon die een halve marathon loopt met een gemiddelde kilometertijd van 3:52. Megaknap, want dan kan ik geen 5 kilometer! Zij ook niet, maar ze is terecht trots.

Daarna ga ik zwemmen. Alsjeblieft, gewoon midden in de groep of achteraan, want ik moet oefenen en denken: breed, breed, breed. In mijn eigen tempo, of dat nu langzamer is of sneller. Breed, hoek, afzetten bij het doorhalen, breed enzovoort! We moeten 3 keer 100 meter aan de andere kant ademen. Ik adem altijd rechts en blijk het ook links te kunnen. Al komt dat de slag niet ten goede. De trainer zegt nu dat mijn benen te onstabiel zijn, maar daar kan ik me nog niet druk om maken! Het is een redelijk compliment dat hij opeens niet meer over mijn insteek zanikt! We doen ook een estafette. Dat lukt mij niet met een glimlach, want ik heb daar een hekel aan. We doen de wisselslag, ieder een deel. Ik mag de rugslag doen en doe toch mijn best.

Woensdag 19 december komt het zwemmen er niet van in verband met de kerstdiners. Ik ga fietsen, dat staat op vrijdag in het schema, maar ik mag de trainingen onderling wel wisselen. Ik ga pas laat aan het fietsen en heb de training tussen de bedrijven door ingevuld. Daar is iets mis gegaan. De eerste 12 minuten infietsen is niks mis mee. Dan moest ik de overige 48 minuten verdelen in blokken van 6 keer 8 minuten. 2 minuten zone2, 2 minuten zone 3, 2 minuten zone 4 en 2 minuten rust. Ik heb bij het invoeren een foutje gemaakt en na elke 2 minuten in een zone 2 minuten rust gezet. Dan gaan er twee dingen mis: ten eerste is het in twee minuten de hartslag laten dalen en twee minuten om in zone 4 te komen is vrij lastig. Het irriteert me en toch probeer ik het drie keer. Dan begint te tijd te dringen en bemerk ik mijn vergissing! Ik probeer de oefening nog een keer zoals het wel zou moeten en dat lukt prima. De Tacx heeft zichzelf halverwege weer eens op “lichter” gezet, waardoor ik superhard heb gefietst! Voor mijn doen tenminste. Sorry trainer, volgende keer voer ik de training goed in!

Donderdag 20 december: de laatste werkdag van het jaar. Ik kom wel op tijd naar huis, maar heb geen zin om me te haasten om tijdig bij de atletiekbaan te zijn. Vincent en ik gaan later op de avond en Manuel gaat mee. Vincent ongeveer 5 kilometer, Manuel en ik meer. Vincent praat. En kletst. En vertelt. Manuel en ik hoeven en mogen alleen luisteren. Dat is ons geluk, want het tempo gaat steeds omhoog! Met 10,5 kilometer per uur, kletst Vincent alsof het wandelingetje is! Wij oudjes puffen er naast 🙂 Na 5 kilometer gaat Vincent naar huis en wij lopen verder. Iets langzamer! ik neem Vincent getetter over. Als je dit leest: enig medelijden met Manuel is nu volkomen op zijn plaats! Manuel komt terug van de blessure en die komt na 8 kilometer met tuutende oren thuis. Dan is het stil. Ik ga nog een stukje extra en dan kan mijn tempo toch weer iets omhoog; zeker als er iemand voor me loopt! Ik kom op 11 kilometer.

Vrijdag de kortste dag qua licht van het jaar, ga ik samen met Joyce bijpraten. Het regent. Het eerste uur blijven we dan ook hangen op de bank, maar om 10 uur begint het natregenen. Weer tetter ik vooral. Sorry vrienden, meestal ben ik stil en luister ik liever dan ik praat, maar jullie moeten het ontgelden! Als je eenmaal nat bent, is er niet veel meer aan te doen. Ik dacht dat de Oostvaardersplassen dicht waren, dus we rennen langs de bult en het Oostvaarderscentrum naar het Kotterbos. Ik ken de omgeving goed genoeg om door te blijven praten. Joyce’ bril moet af door de regen, maar dan ziet ze weer net te weinig wat haar dizzy maakt. Mij maken de stops niks uit: ik ren als bonus, want er staat niks op mijn schema van hardlopen voor vandaag! We lopen tien kilometer en kletsen uit onder het afdakje voor de deur. Niet dat we klaar zijn met kletsen, maar we moeten ons douchen, anders stonden we daar nog.

Uit pure gewoonte een leuke foto gemaakt!

Ik moet eigenlijk zwemmen. Die staat nog van woensdag. Ik wil oefenen en niet alle eindejaarspelletjes. Dus ik koop een ticket om een uurtje te zwemmen in Almere Poort tijdens het banenzwemmen. Geen gedoe: alleen maar borstcrawl zwemmen. Eerst 500m met pullboy, tot de bril goed zit en dan ga ik zonder zwemmen. Ik besluit een kilometer te doen. En maar opletten en denken. Ik probeer het tempo los te laten, maar dat is best lastig! De anderen in de baan zijn sneller met hun flipturns. Alle 2 dan, want druk is het niet. Ik schuif naar een andere baan en doe na de 1000m een stuk met pullboy om wat te rusten. Dan ga ik nog 400m doen, de CSS test-afstand. Kijken of me dat binnen 8 minuten lukt! Ik moet de banen tellen en dat blijkt te lastig. En op de slag letten en tellen: dat lukt mij niet! Ik zwem 450 meter en daar heb ik net iets meer dan 8 minuten voor nodig. Niet slecht, omdat ik al een flinke afstand gezwommen heb! Ik zwem nog even door tot de 3000m op mijn teller staan. Zwemmen kan dus ook zonder al die techniek-oefeningen!

Zaterdag 22 december: met onze trainer die KH en ik allebei hebben gaan we een 3000m test hardlopen doen. Om 9 uur ‘s ochtends sta ik een beetje zuur bij het Kromslootpark. Ik vind het te vroeg, te onbekend wat ik moet doen en waarom en ik heb net genoeg gegeten. Het is niet mijn beste dag van de maand. We gaan inlopen door het bos en KH en trainer FW kletsen in mijn plaats. We wandelen, versnellen, dribbelen. Het is niet mijn ding, maar ik weet dat het nodig is. 4 Kilometer inlopen. Ik wil graag de route weten en een strak parkoers lopen, maar ik kom er niet echt achter. Als we naar maximaal moeten, stuift KH me voorbij. Ik ben niet in de beste doen vanmorgen. De trainer zal met me meelopen en me op 1,5 kilometer laten keren, maar ik loop liever alleen. Op 4 kilometer stipt zullen we beginnen: 3 kilometer zo hard mogelijk lopen. We beginnen berg (dijk) af en wind mee. Ik voel de hartslag pieken en het begint goed. 3 Kilometer moet me lukken! KH is wat minder snel, maar ik hoor ze nog even achter me en dan kom ik in een roes. Ik loop ietwat instabiel door de telefoon, dat voel ik. Dan nemen mijn benen het over en de eerste kilometer zit op 4:38. Ik grinnik, had ook een vijf kunnen zijn aan het begin, maar ik verwacht toch net onder de 5 te kunnen blijven op deze korte afstand. Ik keer net voor de Beginweg (waar Almere begon) en kom KH en FW tegen: tot mijn grote irritatie moedigt FW me luid aan. Dat maakt me pissig en dat is prettig, zo tegen de wind in. Ik zal straks het laatste stukje moeten stijgen. De tweede kilometer gaat in 5:02. Eigenlijk had ik liever niet naar mijn horloge gekeken, het houdt je dan zo bezig! Ik vind het best zwaar worden en hoop boven aan de dijk te halen, maar het maakt niet uit hoe snel ik ga of ik dat haal: 3 kilometer is 3 kilometer. Ik zal er waarschijnlijk iets eerder mee klaar zijn dan KH, maar boven de dijk haal ik dan ook net niet. De laatste 200m zijn erg heftig. Ik zie op mijn horloge hoe ver het nog is. Ik loop op de limiet, veel meer kan ik niet. 5:04. Ik stop en wandel direct. Net niet boven. Ik dribbel en wandel terug tot ik KH en FW weer zie. Ik zeg nog steeds nauwelijks iets. Er zat me teveel verval in en ik had mezelf iets sneller ingeschat. Maar wel binnen de 15 minuten! Ik klets een beetje mee en praat nog na met KH die (zo blijkt achteraf) mijn vijf-vier hetzelfde vond als haar vijf-vier; mijne was 5:04, hare 5:40. Bijna! Ik ben blij dat dit gedaan is.

Zaterdagmiddag zwemmen. Niet de juiste dag hiervoor, maar ik wil het volwassenuur vermijden met de spelletjes en estafette. We zijn met vier volwassenen in de baan: 2 hele snelle en 1 die langzamer is dan ik. We zwemmen in en ik doe netjes 100 meter benen. Arme aangeslagen benen die nog wat natrillen van de arbeid in de ochtend. De snelle 2 doen 6 keer 25 meter alleen linkerarm, 50 meter hele slag, 25 meter alleen rechterarm. Ik doe het 5 keer en 1 keer 50 meter de hele slag. Ik neem de pullboy mee om uit te puffen als we tussendoor 150m doen. Dan doen we 6 keer 25 meter linkerzij alleen benen, 50 meter hele slag, 25 meter rechterzij alleen benen. Ik doe flippers aan en dat helpt! Moet ik het wel 6 keer doen…. Dan uitzwemmen en oefenen. Vincent filmt me. Er valt nog steeds veel te verbeteren, maar ik ben duidelijk op de goede weg! Ik ben moe van het zwemmen, vooral mijn benen zijn mij moe!

Zondag 23 december. Dit jaar regent het met kerst. En nu ook al. Het is amper licht overdag. Ik heb nog een training staan met 45 minuten hardlopen – 30 minuten fietsen – 45 minuten hardlopen -30 minuten fietsen. Dat lopen lukt me wel, zeker in zone 1 en 2, maar fietsen… Ik wil gewoon buiten fietsen! Oké, doen we dat: op de mountainbike naar buiten. Het kost enige uren, maar om half 3 heb ik moed genoeg verzameld. Ik ga alleen, ik kan dit niemand aandoen! 2 Minuten wandelen (tot het fietspad) en dan 5 minuten zone 1. Mijn hartslag stijgt enorm, moet even aan de kou en nattigheid wennen denk ik. Dan 4 minuten zone 2. Die gaat beter. Ik heb het hardlopen en fietsen in 1 training gezet. Ik heb de hartslagzones van Garmin gepakt, maar wordt in zone 2 beknot op 135. Dat had hoger mogen liggen, maar nu deed ik het ermee. Over het asfalt vandaag, alleen asfalt. Ik kwam R tegen en een fietser die mij een held vond. Ik dacht nog: dadelijk ga ik ook nog fietsen hoor! Ik nam mijn gewone 7 kilometer ronde en moest telkens weer in het zone2-ritme komen. Al rennend valt de ellende qua regen mee. Ik had 30 seconden over en zette thuis het horloge stil. Jassen wisselen, fietsbroek aan, helm op. Ik nam nog een gel, want de lunch vandaag was meer lekker dan bestendig. En toen -hoppa- de MTB op! Ik genóót van buiten fietsen! Ondanks de regen en kou die het zwaar maakte: heerlijk, buiten zijn!! Naar de dijk en verrek-het fietspad is nog open! Terug langs de plassen en ik bedacht me dat ik nu eenmaal koud en heftig op de fiets zat en niet tussendoor weer moest gaan lopen. Dat zou vragen om moeilijkheden zijn. Ik fietste door. Deze hartslag had ik met de hand ingevoerd. De hartslag was te laag, omdat ik het koud had? Moe werd? Het volgende half uur mocht de hartslag lager zijn, dus ik trok me er niks van aan. Het werd wel donker, maar ik had meer licht dan sommige andere stadsfietsers. Er waren nog een aantal hardlopers ook! Ik fietste maar en fietste maar en verkilde en werd tot op elke draad nat. Met 1 zo’n opdracht is het superlastig rekenwerk hoe lang je moet fietsen enzo, maar ik haalde net geen 22 km in een uur. Ik fietste helemaal om alle wijken heen. Ik kwam ijskoud thuis en ging douchen voor ik de hersteldrank nam of de wasmachine aan zette.

Saai zo, met alleen maar tekst?! Wen er maar aan! Een boek bestaat ook niet uit plaatjes (en een stripboek is dit niet)

Categories: Uncategorized | Comments Off on Week 51 in Tekst

Week 50: Het ging zo goed……

Op maandag 10 december hou ik me netjes aan de rustdag. Ik voel me prima, had best kunnen en willen lopen of Tacxen, maar ik doe gewoon niets sportiefs. Het vervelende is dat mijn hartslag toch nog redelijk hoog is.

Dinsdag 11 december zijn we eigenlijk net een beetje te laat bij de hardlooptraining. De langzaamste groep is al weg en de minder-snelle groep bestaat uit 4 mensen en 1 trainer. 3 Dames, 1 knul en ik die me nog moet omkleden: daar heb ik de halve inloopronde voor nodig. We doen geinige loopscholing en het gewone werk met sprintjes. Dan gaan we naar het overbekende rondje en dat lopen we eerst heel rustig gezamenlijk. Ik heb moeite erin te komen. We moeten een minuut gaan lopen en dan goed onthouden waar we uitkomen. Daarna moeten we (zonder kijken) precies 2 minuten lopen: tot waar we in de 1 minuut kwamen en terug. Ik ben te langzaam… Daarna lopen we 4 minuten rond: ongeveer anderhalf rondje. Ik ga aan het meetellen: een minuut lukt me vrij precies. We gaan naar het beginpunt en dan moeten we nog een keer hardlopen, maar dan iets harder: we moeten zelf bedenken hoeveel meer afstand we aankunnen. Superlastig. Ik doe net als de rest: ik loop te hard en ben mijn doel met een paar extra meters 15 seconden voorbij! We moeten nog een keer de 2 minuten timen: met meetellen haal ik het exact. Het was allemaal niet ver of hard lopen, maar wel een super-supergoede oefening in tempo vasthouden. Dank JdW: fijne training.

Daarna ga ik zwemmen en ook daar is tempo een ding: we doen 16 keer 25 m in blokken van vier: 1ste keer zone 1, dan zone 2, daarna zone 3 en dan zone 4. Dat scheelt maar een paar seconden per baan en ik hou me er behoorlijk goed aan. Scheelt hooguit 2 seconden. Terwijl ik nog wel voorop moet zwemmen. En alles zonder pullboy. Als we afstanden gaan zwemmen: 300m, dan is dat alleen armen en ga ik lekker. Het voelt rustig en goed aan, maar ik heb wel een beetje trek!

Woensdag 12 december: Zwemtraining van F. Ze was snotverkouden. We kregen briefjes met opdrachten. Halverwege ging F me helpen dat ik breder moest zwemmen. Dat probeer ik dan, maar ze zegt: nog breder! Dat was even heel raar, alsof ik te weinig plek heb in de baan hihi. F had nog een tip: ik moest proberen meer over het water te slepen, meer hoeken met mijn arm. Ik vind het erg knap van haar dat ze zo goed ziet wat ik doe: als je zelf niet beter weet en technisch goed zwemt, leg dan maar eens uit aan een klungel hoe het beter moet. Ik wil het in elk geval dolgraag leren en verlaat de opdrachten om off-sync van de rest te gaan oefenen en oefenen. Ik doe het eerst met achtje en dan moet ik nog minder mijn hoofd uit het water halen om te ademen. Het gaat zo raar, veel beter en toch ook volkomen nieuw. Ik moet er veel meer bij nadenken: breed-hoek en arm laag houden-breed-hoofd laag houden…. Maar het zwemmen zelf is een stuk minder vermoeiend. Ik kan opeens 1 op 4 ademen zonder pullboy. En ik haal de rest steeds bij. Ik weet dat dit nog heel veel training vergt, maar wat ben ik blij met F’s uitleg en tips! Liefst zou ik nog een uurtje doorzwemmen.

‘s Avonds ga ik met Manuel mee hardlopen: hij komt terug van een blessure en mag weer een beetje opbouwen. Ik ben niet te beroerd om hem op te houden. Met een volle maag, doe ik het nuchtere loopje. Ik heb weinig zin, de hartslagmeter hapert. Ik heb een zone 5 hartslag bij een tempo van niks. Ik voel me niet senang en heb geen idee hoe dat komt. Het ligt niet aan Manuel, maar ik loop als een krant en een slak gecombineerd. Op de spiegel word ik verwelkomt door de spreuk die me herinnert aan de realiteit.

En dan krijg ik ‘s nachts erge keelpijn. Ik voel me beroerd. De hartslag zou heel goed overeen kunnen komen met hoe mijn lijf zich voelt: ziek! Verdikkeme…. Het ging zo lekker. Met dikke amandelen kan ik niet werken en ik vind het niet eens erg dat ik dan ook even niet kan lopen: ik voel me er te ziek voor. Niet dat ik hoge koorts heb of geen eetlust, maar donderdagochtend heel diep doorslapen helpt me er doorheen. Voorlopig. Ik baal als een stekker dat ik nu rustig aan moet doen, maar ik kan niet anders.

Op vrijdag ga ik wandelen. Dat lukt alweer! Maar het maakt me duidelijk dat ik er goed aan heb gedaan om even pas op de plaats te maken. Hoe moeilijk het ook is: ik sta even stil…

Zaterdag voel ik me alweer beter. En dan lijkt het zo goed! Ik ga fietsen. Toch maar op de Tacx, dan kan ik afstappen wanneer ik wil. Ik ben het zat om Outlander-afleveringen op de bank te kijken! Ik hou het een uur, een hele aflevering vol. De hartslag is hoog en het valt niet mee, maar het voelt een stuk beter.

Op zondag doet mijn keel nog maar een heel klein beetje pijn. Tijd om weer verder te gaan dus! Ik app met de trainer over het jaarplan en heb steeds meer vertrouwen in hem. Vooral als ik wedstrijden mag wegstrepen: ik ga vooral trainen en dan bij een paar wedstrijden op scherp staan. Welke wedstrijden dat zijn en welke doelstellingen daarbij horen, hou ik nog even voor mezelf. Om alle druk te vermijden. Vol goede moed, met een muziekje en een ingewikkelde training, stap ik op de Tacx. Ik begin 4 minuten rustig in te fietsen en dan 1 minuut heel kalm doorpeddelen. Daarna 4 minuten iets sneller in zone 2. Weer een minuut rustig doorpeddelen en dan 4 minuten in zone 4. Dat is best doorknallen, maar 4 minuten is ook te overzien. Na nog een minuut peddelen, ga ik 5 keer 4 minuten in zone 4 doen en met een cadans van meer dan 100 slagen per minuut. Ik hou de RPM (cadans) bij op de fietscomputer, de zone op het horloge. Ik kijk geen TV en ben heerlijk enkel bezig met hoe hard ik trap en hoe hard mijn hart werkt. Tussen het hard trappen door, heb ik 4 minuten heel rustig trappen. Ik maak voor het eerst kennis met schakelen, RPM’s en hartslagzones. Ik heb altijd op een veel te hoge versnelling gefietst! Dat wist ik wel een beetje, maar nu pas merk ik wat er anders kan. Volgens de trainer doen profs het ook zo. We will see.

Daarna rustig omkleden en uitwringen. Ondanks de kou, zweet je namelijk heel hard op de Tacx! Vincent heeft ook tijd om zich om te kleden, want hij gaat met me mee. Ik ga 6 keer 10 minuten rennen op een hartslag tussen de 130 en 140. En na de tien minuten moet ik een minuut wandelen. Dit is voor mij een eitje. We lopen helemaal achter om de wijk en de mist verandert in duisternis, maar dat gaat niet zo snel. We hebben tijd om te kletsen onderweg. Dit is voor mij prima te doen, voor Vincent is het best een heel eind. We komen bij de Vaart en gaan naar rechts. Vincent moet terug en ik ga met hem mee, kan hij nog niet zijn eigen tempo doen, maar hoeft ie ook niet alleen in het donker. Bij het station gaat hij naar huis en ik ga rechtdoor over de Evenaar. Ik maak de 10 kilometer vol en doe daar ruim een uur over. Lekker zo!

Terwijl ik ziek was, toch nog 7,5 uur gesport. Veel geleerd, veel nieuwe dingen: zwemmen en breed maken, tempo-houden en minuten tellen, de cadans meter gebruiken…. Wat goed begon, ging even wat minder, maar ik kom wel weer terug.

Categories: Uncategorized | Comments Off on Week 50: Het ging zo goed……

Week 49 – Sinterklaasgedichten-week!

Deze week komt en gaat de Sint,

Vandaar dat je deze week in dichtvorm vindt.

Over maandag ben ik kort:

Ik heb niet gesport

 

Dinsdag kreeg ik op het werk een loopgedicht en een kado,

Dus miste ik de looptraining zowiezo.

Maar het zwembad wil ik echt niet overslaan,

Ook al moet ik in baan 2 vooraan;

Ik heb de tijden van de test paraat,

Waardoor het lekker rustig gaat.

Dat was de bedoeling en ik hield me eraan,

De rest moest en wilde daarin meegaan.

 

Woensdag pakte ik wat uren vrij,

Dus kon de training er ‘s ochtends al bij.

Eerst een uur lopen langs de stille plassen,

Ik hoefde alleen op een laag tempo te passen.

Dat was puur genieten:

De Oostvaardersplassen blijft 1 van mijn favorieten.

De stilte en het landschap zo weids en groot,

Geloof me maar dat ik er flink van genoot.

Zelfs 15 seconden sprinten beviel me goed,

Omdat ik nu eenmaal weet hoe hardlopen moet.

Daarna een uur fietsen in zone twee,

Dat geeft mij minder een idee.

De trappers moeten 85 tot 95 keer rond per minuut,

Dat geeft mij moeite: absoluut.

Ik kijk op de RPM meter voor mijn neus,

En mijn horloge meet de hartslag serieus.

Tussendoor staat Netflix aan,

Dat uurtje trappen is zo voorbij gegaan.

Maar voor de gourmet werd aangestoken,

Zijn Vincent en ik het zwembad nog ingedoken.

Ik koos lekker voor de langzame baan,

Met zijn viertjes kun je je eigen tempo daar gaan.

Ik moet dan wel voorop het tempo bepalen,

En dat ging in het begin ‘balen’.

Het ging hartstikke stroef in het begin,

Maar later kwam er een ritme in.

Ik nam mijn eigen strakke tempo aan

En kon met gemak 500 meter blijven gaan.

Meer omdat ik niet kon tellen,

En maar doorging met versnellen.

Toen de sporten alledrie weer waren gedaan,

Konden we uitgebreid aan het gourmetten gaan!

 

Op donderdag is Sinterklaas weer weggegaan,

En konden we rustig gaan trainen op de baan.

Eigenlijk was het te warm weer,

En dat nekte me deze keer.

In het begin was ik niet vooruit te branden,

Het duurde een hele tijd voor ik ontspande.

Ik voelde me zo traag als stroop in de sprintminuten alle twee,

En ook 4 minuten zat me nog niet mee,

Bij 6 minuten kwam ik er helemaal in,

En 8 minuten duurloop ging naar volle zin!

Toen weer 6, 4 en twee heel snel,

Dat lukte me op het einde wel!

Al met al een beetje tevree,

Ook al ging ik nauwelijks met de anderen mee.

 

Vrijdag was een dag vol regen,

Maar de Tacx die kan daar tegen!

Ik fiets terwijl het giet en donker wordt,

De dagen zijn nu vreselijk kort.

Ik moest 6 keer 20 minuten, waarvan 3 minuten snel,

Maar ik kwam vreselijk in de knel:

de hartslag en de ronden per minuut liepen scheef,

Terwijl ik het uur lang aan het proberen bleef.

Het laatste uur liet ik het maar gaan,

En trok ik me van RPM en hartslag niks meer aan.

Dat is qua schema natuurlijk eigenlijk niks,

Maar ik was afgeleid door twee afleveringen op Netflix,

Na 2 uur stapte ik direct van de fiets,

Twee uur Tacxen vind ik niets.

Maar ik heb het toch mooi weer gedaan!

En ik ben niet van de fiets afgegaan!

 

Op zaterdag mocht ik weer met PL mee,

Een trail net als op 18 november was het idee.

Maar iedereen zegde af vanwege andere dingen en regen,

Zodat alleen wij tweeën overbleven.

Voor PL is mijn tempo wat te traag,

Gelukkig doet hij samenlopen graag!

We laten ons niet weerhouden door de regen en de wind:

En PL zegt dat hij ons bikkels vind.

Eigenlijk is hij mijn grote held!

We starten bij Kasteel Groeneveld,

Lopen door de tuin van koningin Emma naar de naald,

De eerste kilometers hebben we droog gehaald.

Dan gaan we achter Soestdijk de bossen in,

Ik heb het aardig naar mijn zin!

We kletsen over diverse zaken,

Zonder buiten adem te raken.

Ik geniet erg van de heide waarvan ik niet wist dat die hier lag,

En zeggen bij Drakenstein de marechaussee gedag.

We steken Lage Vuursche door;

De eerste tien kilometer gaan prima hoor!

We dwalen door het bos op zoek naar een pad,

Maar PL die vindt altijd wel weer wat.

Weer een kerstmarkt bij de stoplichten waar we oversteken

Terwijl we de Almere-Veldhoven fietstocht bespreken.

Die arme PL moet maar luisteren naar mijn verhalen,

Terwijl we terug richting Groeneveld dwalen.

Wachten op een lange trein,

Als we bijna in de kasteeltuinen zijn.

Dan nog een ommetje voor een halve marathon,

Ik wist wel dat ik het kon!

Nog een kopje cappuccino (PL) en thee,

Dit viel me alles mee.

 

Daarna energie verzamelen om het zwembad in te gaan,

Gelukkig sluit ik in het kinderuurtje aan.

Dan zwemmen de snellen voor me uit,

maar dat boeit me geen fluit!

Ik doe geen vlinderslag, die kan ik niet,

En de pullboy is voor mijn benen favoriet.

Ik zwem heel netjes de opdrachten mee

En dat stemt me hartstikke tevree

 

Op zondag ga ik nog nuchter lopen zonder ontbijt,

Die oefening ben ik liever kwijt.

Maar met mijn kleine loopmaatje aan mijn zij,

Stemt het trage tempo en de hoge hartslag me blij.

We bekijken bij de Almeerplant de kerstshow,

En hebben dan nog tien minuten joggen naar huis in petto.

 

Zo sport ik mij zonder een probleem,

Door 11 uren heen.

Ik voel me hartstikke goed,

En dat is hoe het gaan moet!

Sommige weken zit je er gewoon lekker in,

En dit was een positief begin!

Categories: Uncategorized | Comments Off on Week 49 – Sinterklaasgedichten-week!

Week 48 – Keep up met het schema

Maandag is de rustdag. Nu ik op zondag meteen na de training aan hersteldrank ben begonnen, voel ik me op maandag niet meer erg moe.

Dinsdagavond gaan we op bezoek bij een school en daarna zetten Rob en Vincent me af bij de zwemtraining. We gaan een CSS-test doen: 400m en 200m zwemmen op je hardst en daarmee je zwemzones bepalen. We zwemmen flink in. Ik doe zoveel mogelijk zonder pullboy. Vorige keer heb ik de test met pullboy gedaan en zwom ik 7:53 over de 400m. Nu ga ik zonder pullboy. Het voelt een stuk minder soepel, maar ik zwem graag de langere afstanden. We timen zelf. Ik doe er 8 minuten over. Dat is heel redelijk! De 200m doe ik ook zonder pullboy en daar ga ik dan nauwelijks harder in. 3:57. Ik ben heel tevreden, maar de trainer heeft het idee dat het toch echt nog beter moet kunnen als ik technisch de slag goed onder de knie krijg.

Woensdag ga ik ook weer zwemmen. Ik moet meedoen in baan 2 en zwem heerlijk! Het gaat goed zonder pullboy, achterop en ik doe lekker mee. Daarna heb ik in Lelystad inspanningstesten van de nieuwe trainer. Daarmee bepalen wij mijn hartslagzones. Zowel voor lopen als fietsen. Ik neem de tijdritfiets mee. Daar loopt de ketting af als we de achterband eraf halen en gaat er iets fout met de derailleur. Fietsen gaat niet lukken. Ik ben al gestresst, want inspanningstesten vind ik niet zo leuk: die lijken wel heel erg op een wedstrijd… We kunnen wel lopen op de loopband. Geen lol aan, maar ik geniet van de mensen die in de sportschool bezig zijn en ik loop gewoon zoals ik loop. Ik hoeft niet te weten hoe hard ik loop, dat boeit me niet. Ik voel wel wanneer ik op mijn omslagpunt zit: dan heb ik even totaal geen zin meer. Tegenwoordig loop ik daar doorheen en ga ik nog harder lopen. Ik haalde de 13 kilometer per uur geloof ik. Mijn hartslagzones klinken bekend! Jammer dat we niet hebben kunnen fietsen.

Donderdagavond wil ik rust. We rennen elke avond van hot naar her en ik wil niet naar de baantraining. Vincent is te verkouden voor de training. Ik ga zelf wel intervallen lopen als Vincent in bed ligt. Ik ga de straatjes weer door. 2 heel rustig, 2 sneller maar niet te, 1 dribbelen, 3 sneller, 1 dribbelen, 3 sneller, 1 dribbelen, 2 heel snel en dan weer 1 dribbelen. Ik steek de busbaan over en loop heel hard de laan der VOC over. Dan de straten achter ons huis: helft hard, 3 kwart hard, hele straat hard, 3 kwart hard, helft hard en onze straat hard terug. Dan doe ik dezelfde regeling met de straatjes weer, maar dan maar 1 rustig om te beginnen. 2 Sneller maar niet te, dribbelen, 3 sneller, 1 dribbelen en dan hard terug naar huis. Leuk gedaan!

Op vrijdagmiddag kruip ik ‘s middags op de Tacx. Met de serie en 2 uur opdrachten in hartslagzones met een aantal sounds per minute. Ik gebruik het horloge voor de tijden, kijk op het fietscomputertje voor de RPM en de tacx telt mee hoeveel kilometer ik rij. Ik kijk naar Netflix en druppel leeg. Twee uur is een hele tijd, maar ik zit en peddel ‘m uit.

Zaterdagochtend begint voortaan met een half uurtje nuchter lopen. Op een hele lage hartslag en een heel laag tempo. Met wandelen tussendoor. Ik vind het afzien en zwaar, maar ik doe het wel elke keer. ‘s Middags zwemmen, maar ik kan niet bij de kinderen meezwemmen. Ik zwem in het volwassenenuur mee en daar is het druk. 9 mensen in baan2 en ik ben de enige die terug durft naar baan1, waar maar 2 mensen zwemmen. Belachelijk! Ik erger me daaraan. Ik zwem daar niet beter op. Het is me te druk, te onrustig en de lijn ontbreekt. We moeten rustig zwemmen, maar ik lijk wel de enige die zich daar aan houdt. We zwemmen veel, maar ik kom er niet in en het gaat prut. Dat levert wel een chocoladeletter P op.

Zondag na het maken van de surprise wacht er een combitraining: 3 kwartier infietsen, dan 1 uur hardlopen en nog een kwartier uitfietsen. Ik stap weer op de Tacx, want het regent. Serie lukt niet zo heel goed en ik tel gewoon 3 kwartier af. Het lopen bestaat uit 10 minuten zone1 en 50 minuten zone2. Vincent gaat mee. De regen valt mee en het is warm. Mijn hartslagmeter heeft kuren. Ik loop bijna 12 kilometer per uur in zone1. Vincent doet soms de kortere route en wacht op mij. De hartslagmeter geeft een lagere hartslag, terwijl ik harder en harder loop. Het gaat prima, maar de hartslag moet wel hoger liggen. Vincent raad me aan de meter maar ontkoppelen en dan gaat het beter. Het tempo ligt nog steeds op bijna 11 kilometer per uur. Het uitfietsen vind ik saai, maar die twintig minuutjes zijn heel snel voorbij.

De tijdritfiets heeft een nieuwe derailleur nodig, ik heb een beetje meer tijd nodig, maar dat komt omdat ik niet de fietstest heb kunnen doen. Ik heb het idee dat de trainingen gemakkelijker zijn geworden met de nieuwe trainer FW al voelt dat tijdens de trainingen nog niet zo aan 😉

Categories: Uncategorized | Comments Off on Week 48 – Keep up met het schema

Week 47: de trainer heeft het voor het zeggen….

Ik train toch het beste met een trainer of trainster. Daar heb ik geen doel voor nodig, ik heb iemand nodig om zo nu en dan op te mopperen, iemand die mijn richting in de gaten houdt en iemand die het mij gemakkelijk maakt en voorschrijft wat ik moet doen. Zo iemand heb ik weer gevonden! En vanaf deze week schrijft hij mijn schema voor. Ik ga gewoon naar de trainingen van de triatlonvereniging en ik geef aan wanneer en hoeveel ik wil en kan trainen. Hij houdt in de gaten dat ik niet te hard train, dat ik een goede mix tussen de drie sporten heb en dat ik klaar ben voor een volgend doel – wat dat ook mag worden…

Op maandag blijft de rustdag staan. Dus de eerste opdracht op het schema volbreng ik met glans 🙂

Dinsdag 20 november ga ik aan het hardlopen bij de TVA. Van de trainer mag en moet ik met de langzame groep mee. Anders verbruik ik te vroeg in de week veel te veel kracht en kom ik niet aan herstel toe. Ik had dat zelf ook al een beetje door, maar nu is het onderbouwd. Het is koud vanavond. We lopen een grote ronde, eerst rustig aan inlopen. Dan de loopscholing en rekoefeningen. Daarna gaan we de ronde 3 keer lopen, 3 keer hetzelfde tempo. Ik vind dat ik traag moet gaan, maar na een kilometer kom er ik in en dan gaat het stoomlocomotiefje gewoon door. Het voelde kalm en goed, ook wind tegen. De tweede ronde versnelde ik iets en kreeg ik op mijn donder, de derde ronde was weer iets zwaarder en zat ik weer op het tempo van de eerste ronde. Gek dat de ene kant om beter gaat dan de andere kant. Even uitlopen en uitrekken (letterlijk) en dan zit het eerste trainingsuur er op. Door naar het zwembad! Ik weet niet meer precies wat we gedaan hebben. Ik zwom in baan 2, vooraan vaak. We deden techniek en duur en de trainer van de TVA corrigeerde mijn uithaal weer. Ik probeer minder slagen te maken en zwem niet meer met pullboy. Ik lever tempo in en haal 1 op 2 adem, maar de schema-maker heeft gezegd dat het twee weken doorbijten is en dat ik dan zonder pullboy kan zwemmen. Laat ik maar testen of hij daar gelijk in heeft!

Woensdag 21 november. Ik weet al dat ik vrijdag de hele dag moet werken en onderweg ben en dat twee uur fietsen dan echt lastig gaat worden. Het mocht naar maandag, maar toen was ik nog moe van de 24 kilometer trail. Vandaag zou ik er twee uur tussen kunnen proppen. Maar dan wel op de Tacx en dan om half 2 beginnen. Die stomme Tacx werkte niet mee natuurlijk: aansluitingen werken dan niet en uiteindelijk werd het kwart voor 2. 2 Uur op de Tacx…. Dat zijn twee afleveringen Outlander. Het eerste uur op een lagere hartslag dan het tweede uur. Tussendoor 3 keer 5 minuten op een hogere RPM. En dat vind ik lastig te begrijpen! Hartslagen ken ik en kan ik met de de versnellingen en mijn horloge controleren, maar RPM snap ik niet op de vermogensmeter. Ik kan het zien, maar ik haal de 100 RPM niet. Moet ik dan nog lager schakelen of sneller trappen? Dat lukt niet binnen de hartslag die ik opgekregen heb. Voor mij is het altijd een hele opgave en ik heb even spijt van het trainingsschema. Ik kijk serie en trap en zweet. Op de Tacx, zonder wind en buitenlucht, druppel je helemaal leeg. In het tweede uur wordt het echt wel lastig om de hogere hartslag vast te houden. De telefoon raakt leeg en de serie is niet zo heel pakkend meer. Na twee keer op een hogere RPM trappen, krijg ik de hartslag niet meer hoger. Ik denk dat ik eerder ga stoppen, dat laatste half uurtje doe ik een andere keer. Een kwartiertje later: Ik denk dat ik ga stoppen, dat laatste kwartier kan me gestolen worden. Weer een kwartier later: ik heb de opdracht niet precies volbracht of volgehouden, maar wel keurig netjes volgemaakt. Nu doorrennen naar de volgende afspraak.

En nog even zwemmen. Ik tel even en kom op 4 mensen in baan 1 en 8 in baan 2. Baan 1 dus! We krijgen briefjes en dat vind ik helemaal fijn: kan ik mijn eigen ding doen. Op mijn eigen tempo en zonder pullboy. Ik zit niemand in de weg. De wisselslag bij het inzwemmen sla ik over. En 50 meter slag mis ik ook ergens. Maar die haal ik later in. Ik moet 1 keer teruggrijpen op de pullboy omdat ik wat energie mis wat op de Tacx verbruikt is. Een uur maak ik bijna vol.

Donderdag 22 november Op de baan. “We doen lekker veel loopscholing” roept de trainer. Ik haat dat. Het leukste vind ik dat we een stukje met ogen dicht moeten rennen voor het gevoel. Ik wil mijn ogen wel dicht houden! We gaan 600, 400, 200 meter lopen: rustig, snel, snellerst. En tussendoor 30, 20, 10 seconden pauze en 400 meter dribbelen. Na de eerste 600m moet ik naar de WC. Geen rust, ik dribbel de baan af, dump wat in de toilet, dribbel terug en ga voor 400m. Nu heb ik de ruimte en de ronde voor mezelf. Maar ik geniet er niet echt van. Ik krijg een nare app van de baas en ik loop gewoon niet lekker, voel me niet op mijn gemak. Nergens pijn, maar geen zin. Ik doe de hele cyclus 2 keer. We dribbelen uit en ik ben er helemaal klaar mee. Het ging, voelde en was traag.

Vrijdag 23 november: ik heb therapie, het is die dag van de maand die je over zou willen slaan, (maar de therapie en de buik combineren erg goed en ik voel me beter) Ik reis en praat met de mannen. Ik luister en leg contacten. Ik reis terug en eet ongezond. En voor sport is geen plekje vrij meer.

Zaterdag 24 november. Een ontbijtloopje staat er op het schema. Een half uurtje op belachelijk lage hartslag. Nooit iets wat ik zelf zou doen, nooit! En al helemaal niet met gewandel tussendoor. En nog minder, nog minder, nog minder zonder ontbijt op! Als dat is wat hij bedoelt tenminste. Ik ga gewoon de kou in en accepteer elk tempo. Na 2 minuten inwandelen mag ik 10 minuten rennen met een hartslag tot 130. Ik hou keurig het trage gehobbel vast. Het lukt prima en ik krijg het in de tweede tien minuten (na weer een minuut wandelen) zelfs een beetje warm. Ik loop om de wijk heen, moet eigenlijk naar de WC, maar ik hobbel lekker verder. Ik hobbel zelfs door naar de AH voor melk en kaas. Hier werd ik niet moe van, ik haal 5 kilometer en het tempo is dramatisch. Maar ik weet dat het moet, dat het helpt.

Later in de middag mag ik weer meezwemmen in het kinderuurtje. Met 3 supersnelle gasten en langzame Anke in 1 baan. Doen zij de oefening 8 keer, doe ik het 6 keer. Of zelfs 6 en een half keer. Ik laat ze voor en let op mijn slag. Ik doe alles -op 200m na- zonder pullboy. Daarna ga ik in het grote-mensen uur nog 400 meter zonder pullboy zwemmen.

Zondag 25 november. Eerst het moeilijkste van de dag: een surprise maken. Dan strijken, opruimen en daarna wacht er nog een lange sportopdracht. Duidelijk door de trainer verzonnen, want zelf zou ik het niet eens willen bedenken! Eerst een half uurtje op de fiets infietsen, vervolgens een half uur “easy” rennen: alsof je tien keer harder kunt en dan tussendoor een half uurtje ontspannen op de fiets -hier verschillen we duidelijk van mening- en dan nog een half uurtje op een lekker tempo lopen. Het is te vroeg donker en de Tacx werkt weer mee (of je zet ‘m aan – echt waar…). Ik moet tussen de 85 en 95 rpm trappen. Dat is voor mij een enorme opgave. Lage versnelling, nog minder, nog lager en dan is er weinig infietsen meer aan! Een half uurtje is net vol te houden, na een kwartier kun je al aftellen. Vincent gaat met me mee rondrennen op laag tempo. Ik ga op een hele lage hartslag lopen. De straatjes door, zo stelt Vincent voor en dat vind ik prima. De ene straat gaat sneller dan de andere en volgens Vincent komt het omdat we wind mee of tegen hebben. Ik geloof dat eerst niet, maar hij blijkt gelijk te hebben! We gaan de straatjes weer terug en hij slaat een ommetje over. We halen het net niet. Dan stap ik weer op de fiets en nu is ontspannen helemaal wel weg! Ik moet mijn uiterste best doen de rpm boven de 85 te houden en druppel weer smerig leeg. Dit half uur duurt nog langer! Laat mij maar ontspannen lopen, fietsen vind ik niks ontspannends aan! Ik kleed me even om, want met natte spullen door de kou is onverstandig. Net als fietsen en zweten zonder fietsbroek trouwens. Ik ga nu alleen, want ik moet mijn eigen tempo hebben: wat ik wel een uur vol zou kunnen houden. Dat ligt een stuk hoger! Het gaat heel gemakkelijk, toch zeker de eerste 5 straten. Ik zet gewoon door en zou nu geen Engels meer kunnen overhoren. Ik haal tijden rond de 5:40 en ik loop alle straatjes binnen een half uur. Dan is het ook wel klaar.

Precies het trainingsschema gevolgd voor zover dat ging en het bevalt me uitstekend.

Categories: Uncategorized | Comments Off on Week 47: de trainer heeft het voor het zeggen….

Week 46 – ik word 45, ren veel, fiets door de kou en blog een beetje rommelig!

Op het moment dat ik 45 word: rennend op de berg

Maandag 12 november: Jarig! Rondje gerend met Vincent en veel mooie foto’s gemaakt op de berg, ook al was het al donker. 4,5 kilometer voor 45 jaar. Kilometer 1 en 2 lekker snel, kilometer drie heel langzaam, kilometer 4 hard en dan rustig uitdribbelen. Wie had dat gedacht, dat ik mijn geboortetijdstip ooit hardlopend zou vieren.

Dinsdag 13 november: hardlooptraining TVA met JdW. Inlopen op de brug en ik ging lekker niet snel. Toen touwtje springen en dan een driehoekje lopen. 1 minuut springen en we deden dat een aantal keer. Mijn spieren krijgen dat rondje niet voor elkaar.

Woensdag 14 november: de film van Coldplay – niet getraind.

Donderdag 15 november: school bezoeken, niet getraind.

Vrijdag 16 november: ik ging fietsen. alleen. lang. in de kou. de ellenlange dijk in de mist en Heather Dale muziek. Ik wilde al naar huis terug gaan toen T van de club me tegemoet fietste en toen ging ik tegen de wind in de Doddaarsweg op. Voor de vaart ging ik terug richting de A27. daarna langs nobelhorst terug. uiteindelijk werden het 60 kilometer. en ijs-ijskoude voeten

leuk kaartje wat zomaar in het zwembad rondzwierf

zaterdag 17 november: tijdnes het kinderuur zwemmen. zoveel mogelijk zonder pullboy. vind de nieuwe trainer beter. ik zwom in de baan met TE, HdH en mooi meisje AS. Dan ben ik heel erg de langzaamste en dat is prima. Doe ik iets minder: zij 8 hondertjes, ik 6. het is niet erg als je de langzaamste bent, als je er maar rekening mee kunt houden. baan 2 is daar minder geschikt voor

zondag 18 november een geweldige trail met Joyce en PL. koel en cool. ik ken de weg een beetje, PL kent de extra verhalen. ik luister liever naar hen. het is heel erg mooi. PL is een man van goud: hij waardeert ook de langzame loopsters die een huishouden en kinderen ernaast hebben en meer trainingsuren kwijt zijn. Doet ie écht. Joyce valt op 12 kilometer en gaat terug. Moet / mag ik alleen met PL verder. Hij vertelt over de omgeving en de rodondenderontuin van Blaauw. We spreken over geocachen en over voeding tijdens zijn Indian summer trail. in het corversbos ben ik diep dankbaar dat ik met PL mag meelopen. ik had dat twee of drie jaar geleden niet kunnen vermoeden of bedenken. dankbaar dat ik het kan en dat ik mee mag.

Zo voelde ik me, als de mol op dit plaatje werkelijk MIDDEN in het bos!

de hei weer op en ik ben ook best een beetje moe, maar verre van stuk. te weinig gedronken en maar twee gels genomen. PL doet de laatste kilometer zijn eigen tempo. we halen Joyce weer op.

korte week, er viel veel uit. en toch weer 8 uur plus getraind. de pijntjes verdwijnen weer. vanaf volgende week heb ik weer een trainer en een schema. houvast.

Categories: Uncategorized | Comments Off on Week 46 – ik word 45, ren veel, fiets door de kou en blog een beetje rommelig!

Week 45, en nog 44…..

Dit is mijn rustweek: ik mag van mezelf maar 6 uur sporten. Maximaal 7. Lastige opgave…. zeker als Joyce haar marathon loopt. Helemaal zelf en in alle rust alleen. Ik ben apetrots op haar! Ik wil ook van het mooie weer genieten, maar ik werk en “rust”. En dat terwijl dit de laatste week is dat ik 44 ben en dus nog hartstikke “jong”….

Dinsdag 6 november naar de hardlooptraining. Ze gaven aan dat ik wel met de iets snellere groep mee kon. Hm, voor deze keer. Klein cluppie met YZ en W en M. Trainer TR was geblesseerd en mee op de fiets. Inlopen ging best snel, maar een lang vreselijk kwartier saaie loopscholing drukte de gemiddelde tijd. toen YZ zei dat ze haar man naar 47 minuten op de tien kilometer had gehaast, voelde ik me al niet meer in de groep passen. We gingen 2 minuten rustig – inlooptempo zone 2 en 3 minuten hoog tempo – zone 3 / 4. Rondje Weerwater afmaken. Duhhh. Zone 4 met inlopen, zone 5 voor mij met hardlopen.  Ik kan hard, ik kan het wel, maar of het goed is… ik was de traagste. Kilometers op 5:14! Trainer T bleef achterop bij me fietsen en maar zeggen: hou je eigen tempo. Niet dus, dat doe je niet. Tijdens het uitlopen vroeg ik TR uit over wat kinderen mogen lopen aan afstand. Ik was blij toen ik naar huis mocht, geen zwemmen, want Rob was weg.

Woensdag 7 november. Niet fietsen, ook niet even. Rustweek… blergh. Zwemmen wel. Kalm in baan 2 mee en zonder pullboui achteraan. Na verloop van tijd went het. Goed dat ik rustig doe, want de tempoloopvan gister vraagt hersteltijd. Heb ik mooi tijd om een nieuwe trainer te vinden!

Donderdag 8 november. Baantraining. De beentjes vinden het te vroeg, het hoofd vindt het te druk. Inlopen voelt zwaar. Ik heb het koud. IJskoud en krijg het niet warm. Extreem slecht geslapen en maar 1 laagje aan, domdom. Op de baan gaan we 500tjes lopen. Ik sluit me bij de langzame groep aan. Maar ik word hysterisch van het gekwebbel en ga iets harder. De hartslag is extreem hoog. We lopen ook nog 2 keer een kilometer waarin we elke 100 meter 1 seconde moeten versnellen. Leuk! Ik begin voor de verandering te rustig en voel het aan. Ik tel niet zo. De tweede keer begin ik te snel, maar ik red het wel en bouw mooi op.

vrijdag 9 november. De rustweek zit ook zonder sporturen vol hoor. Koekjes bakken, naar school toe, wentelteefjes maken, de was… ik ga ‘slechts’ 5 kwartier met Manuel fietsen. Op de ntb die al went. Mooi weer, Manuel heeft een fijne route. Ik mopper en we fietsen toch 27 kilometertjes rond. Ik bel met de nieuwe trainer. En zit tussendoor een uur op d bank- je moet iets in een rustweek.

zaterdag 10 november. Een wedstrijd in de rustweek. Altijd lastig. Weer een nacht slecht slapen; mama is te lang wezen stappen, de kat kotst en ligt in de weg, vroeg op.  Mijn collega die Vincents 5 kilometer zou lopen, haakt ook af. Tijd aan mezelf of zal ik niet gaan… ik vertrek laat en zonder plan. Leuk om in een halve terminal te zijn! Ik doe de runawayrun op Lelystad AirPort. Vorig jaar ook al, en het blijkt niet eenmalig. Ik twijfel of ik de 10 kilometer of de 5 kilometer zal doen. Ik doe de tien bovenop, de 5 eronder voor noodgevallen. KH straft me af: ik moet de 10 doen.  Haar vriend ruilt gretig zijn tien in voor mijn vijf. Het is rommelig, druk met startnummeruitgifte. Vertraging. Ik ben gelaten en kalm als ik met KH mee mag lopen. Eerste 5 km rustig, dan 5 kilometer sneller is haar strikte opdracht. Goed voor mij ook. Op KHs advies ga ik in korte mouwen. Blijkt een gouden greep, het is bewolkt maar niks koud. We starten achter de hekken, met veel gehannes. De eerste kilometers loop ik altijd even te zoeken. Velen halen ons in, maar we lopen toch te hard met 5:40 in plaats van 6:00. KH kletst graag, ik mag straks wel. Eerst wind tegen. Ik kijk niet naar kilometertijden. Ik bewonder de vliegtuigen en helikopter. Het is nog druk, want de 5 en 10 kilometer starten samen. Dan komt de wind mee. Ik zit er al helemaal in en geniet van het gemak. Ik verheug me ook op wind tegen en we spreken af vanaf waar ik straks mag versnellen. We halen KK in. 5 Kilometer in 27 minuten. Tja, zo voelt het ook. Op tempo, maar niet snel. Even opnieuw de balans zoeken in de tegenwind en dan mag ik. Ik ga KH er doorheen trekken. Ze heeft het heftig, maar ik wijs haar wie we inhalen, dat ze vooruit moet kijken, wie er niet kunnen lopen. Lastig om mijn tempo net in te houden, maar laag ligt het tempo niet meer. Ik ben afgeleid en merk het niet. Dan wind mee. Ik wil de dames inhalen voor ons. KH heeft er moeite mee. Ik blijf praten en het wordt gemakkelijker met wind mee. Op kilometer acht ga ik doorversnellen. Ik haal de 50 minuten niet, ben niet boos genoeg, maar sneller gaat het! Ik haal de dames in, raak ook buiten adem, tel net iets teveel en zal blij zijn als ik er ben. 52:17. Ik vind het best. Ik heb behoorlijk relaxed gelopen in mijn hoofd, het voelt goed en dat is het belangrijkste. Razendsnel weer bij. Ik vond het goed uitgevoerd, maar voor KH was het te snel begonnen. Ik liep de laatste onder de 5 minuten per kilometer. Hersteldrank drinken en weer naar huis toe.

Ik heb nog 40 minuten over om te sporten. Tijdens het kinderzwemuur is er een baan vrij voor de volwassenen. De andere twee zitten in baan 4 of 5, dus hun tempo is anders dan de mijne (lees: veeeeeel sneller). Ik zwem in en dan doen we techniek met armen en paddels. Doe ik ook gewoon, dan maar minder pauze. Daarna 8 keer 100 met een halve versnelling. Ik doe gewoon mee met achtte en versnel zelf wel. Op de slag letten, op de ademhaling, op de doorhaal. Vermoeiend gedenk zo als je nat wordt! Ik zwem het uur vol bij het inzwemmen van de grote mensen en dan snel naar huis.

Dat waren 6 uur en twintig minuten. Als ik de laatste dag vier dat ik 44 ben, krijg ik sporthandschoenen, zeep tegen spierpijn, een Tacxmat, een horlogeband… Maar sporten komt er niet van. Dus blijft de teller steken en dat is prima!

 

Categories: Uncategorized | Comments Off on Week 45, en nog 44…..

Week 44 – Veel gesport, weinig tijd voor bloggen!

Dinsdag 30 oktober: Het regende hard, de hele dag al. Eindelijk herfst! Goed om te hardlopen met de club. Ik kon niet zwemmen vandaag. Ik ging met de middelsnelle groep mee. Met zijn vieren waren we en 1 trainer. We gingen lekker veel lopen en het inlopen ging al best goed. Dan ben ik door de regen heen en merk je er niks meer van. Ik was wat stil in de eerste helft van de training. We gingen lantaarnpalen hard heen lopen en rustig terug en elke keer twee meer. Dus 2, 4, 6, 8, 10, 12, 14 en 16 en elke keer terug en van 16 weer terug naar 2. Ik werd er toch best nat van! Bleek toen ik Vincent weer oppikte.

Woensdag 31 oktober: we doen alles vandaag. Stukje fietsen. Ik stond buiten en dacht dat de racefiets best toch nog een keer kon. Hoppa dan! Om de Noorderplassen heen. Maar dan wel helemaal buitenom, want binnendoor liggen teveel gladde bladeren. Genieten van de uitzichten en een beetje piekeren. Door naar het zwembad om met achtje achteraan te hangen. Goed letten op de armuithaal en de krachtige doorhaal onder water. ‘s Avonds met Manuel een kort stukje lopen. Hij heeft last van zijn hiel en lang renpauze genomen. Tempo laag, maar dat is niet erg. Ik heb vandaag niet het gevoel iets met overtuiging te hebben gedaan, ook al heb ik een sprint-triatlon gedaan met 25km fietsen, 1900 meter zwemmen en 5 kilometer hardlopen.

Donderdag 1 november: we halen de training niet, Vincent en ik. Dus gaan we maar samen trainen. En dat is leuk! Ik leer hem hoe je een loop indeelt als je niet weet hoe ver het is, ik vertel hem om alles in kleine stukken op te delen, ik reken met hem uit hoe lang we over tien kilometer doen, ik bereid hem langzaam voor op tien kilometer en we lopen de straatjes maar door…. Ik laat ook merken hoe zeuren het moraal weghaalt en praat hem er doorheen als hij heel moe is in de laatste kilometers. Op naar de warme melk! Vincent heeft tien kilometer gelopen binnen 70 minuten. En hij heeft veel geleerd. Ik ben trots op hem.

Vrijdag 2 november: Wie gaat er mee, vraagt CS op Facebook. Nou, ikke! We doen tussen half 11 en half 12 mijn 7-kilometer rondje. De zon straalt, maar wij lopen in een hagelbui en nemen de regenwolk boven ons mee. Het is alleen maar mooi. CS kletst me de oren van de kop en we lopen hard. Dat lukt. Gek genoeg. ‘s Middags fietsen met Manuel. Weer helemaal de Noorderplassen rond, maar nu nog verder en eerst tegen de wind in. Ik ben wat somberder, heb wat moeilijk zaken beloofd te zullen doen/zeggen en ik voel me zwaar. Toch fietsen we een heul stuk en is wind mee wel erg lekker! Zelfs op de atb.

Zaterdag 3 november: Tijdens de stroomstoring wandel ik samen met Rob een uurtje. Geweldig om een soort onrust te voelen, gesloten winkels te zien waar het licht plots aangaat en niet te kunnen appen of iets opzoeken. Zwemmen bij de training. Het is niks deze keer. Ik ben niet de langzaamste, maar we moeten zonder achtje en dat komt mijn tempo niet ten goede. Het voelt niet goed. Niet om het stiekem toch met achtje te doen, niet om het niet bij te kunnen houden. Maar ik maak het uur vol. Ook al heb ik wel honderd keer gedacht dat ik het niet leuk vond.

Zondag 4 november. Ik zet ‘m zelf op, de Tacx. Grotendeels. Ik wissel zelf de band en dat kost me maar een klein kwartiertje. ‘s Avonds zoek ik de serie weer op en zit ik een uurtje weg te trappen. Afgeleid door de Schotse Hooglanden. Ik doe een paar tempoblokjes en het valt me mee. De winter is nog lang….

Al met al 9 of 10 uur gesport. Ligt er aan of het wandelen meetelt. Niet alles met volle overtuiging en met allerlei verschillende kleine pijntjes: knietje, achillesspeesje links of rechts, buikpijn, hoofdpijn. Niks echt ernstigs, niks veel, maar een beetje zeurderig. Dat hoort altijd bij dit tijdstip in het jaar, dit is voor de derde keer dat eind oktober, begin november een beetje kwakkelig zijn. Volgende week ietsje minder dan maar.

Categories: Uncategorized | Comments Off on Week 44 – Veel gesport, weinig tijd voor bloggen!

Week 43 Lopen Lopen Lopen Zwemmen en een beetje fietsen

23 oktober – run – 1 uur

Met de “langzame” groep mee. Want morgen ga ik lang en ver. We gaan lantaarnpalen tellen. Telkens 1 op tempo erbij en twee terug langzaam. Een heel gedoe. Ik moet hardop tellen. Veel op en neer. Ik ga gewoon lekker hard, mijn hard. We lopen het hele fietspad af. En dan op tempo terug. We gaan de volgende windrichting in weer lantaarnpalen tellen. Leuke groep is dit, lekker wisselend en gezellig. Ik ga alleen hard het viaduct over en vang de rest op die wandelt na een valpartij. Niet veel kilometers, niet veel gezweet, maar supergoed ge-intervalt.

23 oktober – swim – 1 uur

Training in baan 2. Ik ben in het rood vandaag, mijn noodbadpak. De andere hangt thuis nog aan de lijn. Ik ga voorop. Tel gewoon verder. Ik ga met achtje. Ze vinden het niet erg me voorop te laten. Blijkbaar tel ik genoeg. Van de trainer moet ik voorlopig mijn heup aan blijven raken, want dan trek ik mijn arm goed en strak het water uit. Ik heb dan onder water meer ruimte voor de kracht. Doe ik.

24 oktober – run / trail – 3,75 uur

Hier ging het om. Ik heb een dag vrij, maar Vincent gaat naar opa en oma in Hilversum. Dan ga ik bijpraten met Joyce. Wij gaan niet naar de sauna. Niet naar een terras. Geen thee drinken. Wij gaan rennen. Het Voetenpad om Hilversum heen. Ik heb er al een week zin in. Ik zie er al een week tegenop. Het is een hele lange tocht. Onverhard. Er zijn uitwijkmogelijkheden en er zijn geen tempoverplichtingen. We hebben uren de tijd. Maar toch… 25 kilometer is niet niks. We vertrekken om 10 uur bij Kivitsdal. Kwebbel, kwebbel, kwebbel. Tussen de golfvelden, door het bos, langs de stenen markeerstenen met witte voeten erop. Kilometers verzamelen. Het is heerlijk weer; bewolkt en grotendeels droog. Kwebbel, kwebbel, kwebbel. We steken de A27 over op de nieuwe brug en gaan dan het bos weer in. Dan missen we een markeersteen en moeten we terug. We willen tot de 8 kilometer blijven hardlopen, maar ergens bij de Noodweg moeten we zoeken waar we zijn en waar we heen moeten. Als we weer gaan lopen, staat daar opeens een markeersteen! En zo gaan we de Colhoornse Heide over. Kwebbel, kwebbel, kwebbel. Over de kinderen, over sport, over vrienden, over de vakantie. Ik ga even een stukje vooruit over de hei langs Hilversum. Waar ik harples had, waar ik bomen filmde, waar ik werkte als video-editor. Mijn plan is een pauze bij Kerkelanden, maar ik neem al eerder een gel. We gaan verhard lopen door de wijk. En dan raken we de route nog een keer kwijt. We zitten al boven de tien kilometer. We lopen heel Kerkelanden rond. En stoppen even om te zoeken. Joyce krijgt wat last, ik vind het ook wat zwaarder. Zijn we al op de helft? Als we weer op de route zitten, zie ik een McDonalds en dat is toch een perfecte stopplek?! Dus we zitten daar even van cola en een koekje te genieten. We gaan toch nog (zeker een stuk) door. De stad door en dan het bos weer in. Het miezert. Vincent appt me terug dat hij ons heeft zien lopen! We zitten intussen op 14 kilometer. Kwebbel, kwebbel, kwebbel. We steken de ‘sGravelandse weg over en komen dan in het Corversbos. De zon komt te voorschijn en de natte blaadjes in alle kleuren weerspiegelen in het water. Het is adembenemend mooi. Onbeschrijfelijk. We gaan ervan wandelen. Om er zo lang mogelijk van te genieten. Om foto’s te maken. Om het licht en de schaduwen in ons op te nemen om nooit meer te vergeten. En om de kleine heuveltjes te vermijden. Ik pak mijn eigen tempo een stuk op en haal voor de volgende oversteek Joyce weer op. Dat is allemaal niet zo heel ver hoor. We komen bij de vlonders bij het Mediapark. Daar willen we overheen! Helaas zijn ze afgesloten wegens achterstallig onderhoud. Dan maar lang wachten bij de Crailo oversteek en dan de hei op. We nemen nog een keer de verkeerde afslag, maar dat is maar een klein stukje. De hei is weer anders mooi: wijds en uitgestrekt. Het wordt er niet gemakkelijker op nu we de tien mijl gepasseerd zijn en we dat toch een beetje gaan voelen. We kwebbelen gewoon door en door. Het raakt niet op. We steken over bij de weg naar Laren en ik neem nog een gel. Dan achter Hilversum langs. Ik heb altijd het gevoel dat we er dan bijna zijn, maar dit is zo bekend en dichtbij Robs oude huis. We gaan op een bankje zitten op een verhoging. Even uitrusten en gewoon zitten en kijken. Op een gewone woensdag. Er zit al een halve marathon op. Ik verzeker Joyce dat 29 kilometer een no-go is. 28 Kilometer kan, 28,5 ook nog net, maar negenentwintig moet 30 worden. Punt. Het zwaarste stuk komt nog: om het Wasmeer heen door mul zand. Joyce vind het te zwaar. En dan ook nog een nare kritische kerel op de fiets die ons toeroept dat we moeten stoppen met dat “gestamp op de hei”. We kunnen niet uitvogelen of hij het kwaad bedoelt of niet en of dat aan hem ligt of niet. In het bos zien we hem weer en nu lacht hij er duidelijk bij. We lopen naar Anna’s Hoeve en daar wordt het echt zwaar. De geplande 25 kilometer zitten erop, maar we zijn er nog niet. Het lukt prima en we kletsen door, maar we wandelen iets vaker en de route is iets moeilijk te volgen. Ik voel mijn linkerknie een beetje. We pakken het hardlopen elke keer weer op. Tot het spoor. En dan besluiten we de 28 kilometer vol te wandelen en een paar 100 meter rust te pakken voor we de 29ste kilometer alleen maar zullen hardlopen. We zijn moe. Vermoeid. Ik voel het aan alles. Dat je alleen nog maar vooruit kunt kijken naar de oversteek in de verte, waar de auto staat. Er is een soort van tunnelvisie. Ik praat door, maar het wordt minder samenhangend. Ik hoop dat Joyce het ook zo voelt, dan is het een uitmuntende marathontraining. Ik zeg bijvoorbeeld: tot hier, tot deze steen, straks. Dat is niet samenhangend, maar ik denk dat we op 29 kilometer uitkomen en dan moet ik teruglopen naar deze steen voor de dertig. Ik heb gelijk. Met 29 kilometer staan we naast de auto. Ik bedenk niet dat het slimmer geweest zou zijn om niet 2 keer de Soesterstraatweg over te steken als je zo moe bent. Ik doe het gewoon en loop met de allergrootste moeite terug naar de steen. Joyce maakt de 30 vol op de parkeerplaats. Als ik terug ben, zitten ze erop. We hebben er 3 uur en 3 kwartier over gedaan. Wow. Het is intussen half 3, dus we zijn dik 4 en een half uur onderweg geweest. Ik drink de hersteldrank, ik kwebbel al snel weer door en we delen de M&Ms. De meeste spieren zijn gevoelig te lokaliseren, maar de adrenaline overwint alles! We gaan eten en dan eindelijk -zoals goede vriendinnen doen- thee drinken in een restaurantje. We praten gewoon door.

24 oktober swim – 1 uur

Vincent gaat zwemmen, ik ook. Achteraan. Met achtje. Kan ik goed op de armuithaal letten en aantikken. Ik merk dat de beweging dan groter is. Het is niet gemakkelijk om nu te zwemmen, maar wel verkoelend. Mijn benen weigeren echt mee te werken, maar ik drijf op het achtje. Toen ik langs mijn oude werkplek liep in Hilversum, zei ik tegen Joyce dat ik nooit kon vermoeden dat ik daar langs zou hardlopen. Toch heb ik dat een paar jaar geleden al ooit gedaan. Toen was het ondenkbaar daarna uit te gaan zwemmen. Geef me nog een paar jaar…..

26 oktober bike – 1,5 uur

Mijn knie zeurt. Dat heeft ie eerder gedaan en ik voel de knoop ook wel zitten, maar lopen is even niet zo een goed idee. Vincent heeft nog vakantie, Manuel is vrij op vrijdag. Het regent van tijd tot tijd. Maar niet als wij gaan fietsen om tien uur. Op de mountainbikes. Ik ga op Robs fiets, want de mijne heeft een rem die niets doet. We gaan verhard. Gelukkig maar. Ik ben een schijtert in het bos. Naar de sluisjes op de Knardijk.  Via de Trekweg aan de ene kant van de Vaart heen en door het Kotterbos aan de andere kant van de Vaart terug. Manuel en ik gaan om beurten een stuk vooruit. Op het kale stuk tussen het water en het Praamviaduct haal ik de dertig en krijg ik het warm. Als Manuel voor ons uit trapt, ga ik met Vincent samen kleine intervallen hard. De sluisjes over en dan tegen de wind in terug. Vincent heeft het zwaar. Mopper zwaar. Het is ook een end voor de kleine beentjes op de zware fiets zonder klik-pedalen. We gaan niet meer onverhard, daar zijn we te moe voor. We halen de dertig kilometer net niet. Maar we zijn wel klaar voor een regenachtig middagje in de stad en uit-eten!

27 oktober run – 0,5 uur

Mijn knie is weer hersteld. Ik ga morgen met de meiden een lang stuk, maar dan moet ik wel weten dat dat lukt met de spieren en aanhechtingen. Als Vincent zwemt en het feestje met twee stukken taart achter de rug is, ga ik voor onbepaalde tijd op onbepaald tempo richting Beatrixpark en Beyond! Ik steek de Hogering niet over omdat ik niet weet ik of ik dat haal en loop langs kruidige straten. Het ruikt ook overal naar herfst. Een vriendelijke geur van verrotting. Ik heb geen last van mijn knie. Wel een beetje boven mijn achillespees. Ik ga niet hard, word maar net warm. Langzaam klimt het toch naar 5:45, maar de laatste kilometers over de berg zwakken alweer af. 6 Kilometers worden het.

27 oktober swim – 1 uur

En dan weer uitzwemmen. Nog even en het wordt gewoonte 😉 Ik ga achteraan hangen. Met achtje natuurlijk! Snelle gup geeft het tempo maar aan, kan ik op mijn insteek, uithaal en doorhaal letten. Ik zwem meteen door na het inzwemmen en dat voel ik. Nadeel van de laatste zijn in een baan met 7 mensen is, dat je al zo snel moet stoppen: 2 meter voor het einde van de baan, staat de hele kliek al stil. Dat irriteert me. Ik hou het prima bij verder. Zolang ik de schoolslag oversla, voel ik mijn knie ook niet. De schoolslag is erger voor mijn knie dan hardlopen! Met deze trainer zwemmen we altijd veel en nu ook weer.

28 oktober run – 1,5 uur

Vorige week kwamen Joyce en BO elkaar tegen tijdens het hardlooprondje en ze besloten eens samen te gaan. Ik ga met ze mee. Lekker op een rustig tempo aa-uu-bee, want mijn spieren en ik zijn niet zulke goede vriendjes. Kuiten, (aanhechtingen bij) de achillespees, knieën; het zanikt een beetje bij de onderdanen. Ik zoek mijn compressiesokken er weer eens bij. Die trekken de spieren en protesterende onderdelen bij elkaar. Met de wintertijd is ook de kou ingegaan, dus de lange broek is ook geen overbodige luxe meer. Ik zie op tegen weer een stuk hardlopen midden op de middag, geen idee hoe het zal lukken, maar het rondje Noorderplassen geeft weinig uitwijkmogelijkheden. We lopen eerst wind tegen. Ik vind het heerlijk, maar ben ernstig in de minderheid. Over de ophaalbrug en ik merk dat de compressiekousen alle protesten in de kiem smoren en dat deze temperatuur van onder de tien graden mij uitstekend bevalt. Op het smalle pad, na de eerste drie kilometer inlopen, ga ik er vandoor. Mijn tempo. Niet overhaast, maar mijn eigen ding en lekker vooruit kijken en genieten. Het tempo gaat netjes omhoog. Ik wacht ze bij de brug weer op voor een paar foto’s. En dan weer door, want ik erger me aan Joyce’s rammelende sleutels. Wind mee en tempo van 5:30 bevalt me ook wel goed. Na 3 kilometer eigen tempo keer ik om en loop ze tegemoet. We lopen gedrieën de volgende kilometers door. Heerlijk kletsend. Over de ophaalbrug in de wijk. Ik ga weer een paar kilometer door op mijn tempo tot het zonnepanelenveld en haal de tien kilometer net binnen het uur. Ik keer om en vang ze weer op. Dan hebben we de koude wind weer tegen. Ik geniet daarvan, maar zij echt niet. Op een gegeven moment wandelen ze een stukje. Ik wandel mee, maar pik later een tempo op om lekker tegen de wind in te ‘vliegen’. BO gaat naar huis en Joyce en ik gaan terug naar de Boat House. Met een paar ommetjes om (voor Joyce) de 15 kilometer te halen, om (voor Anke) de 10 EM te halen, om (voor Joyce) de 50 kilometer in de week vol te maken en om (voor Anke) de elf en een half (!) uur sporten vol te maken. Ik voel me prima, alle spieren voelen zich goed en ik ben tevreden.

Categories: Uncategorized | Comments Off on Week 43 Lopen Lopen Lopen Zwemmen en een beetje fietsen