browser icon
You are using an insecure version of your web browser. Please update your browser!
Using an outdated browser makes your computer unsafe. For a safer, faster, more enjoyable user experience, please update your browser today or try a newer browser.

2021-36

Posted by on 12 December 2021

Maandag 29 november – Een “herstelrit”op de Tacx die dat absoluut niet was! ?

Van het hardlopen moet ik volgens mijn schema herstellen. Leuk en aardig allemaal, maar het tempo van gisteren geeft mij daar niet echt aanleiding toe. Op het schema staat ook nog: ‘we gaan proberen de hartslag laag te houden en een cadans boven de 85 te halen‘. Ik word daar niet blij van: hoezo, “we“? Dat zal ik toch echt zelf moeten doen en willen en aan kunnen gaan en het enige wat de coach bij zou kunnen dragen is een beetje motivatie. Die motivatie ontbreekt van zijn kant in ieder geval. Gelukkig was het loopmaatje gisteren op de Tacx gaan zitten en die liet een tempo zien en een cadans die ik nooit zal redden. Tenminste niet bij de lage hartslag die ik aan moet houden om te herstellen. Ik dacht met een vriendin te gaan bellen. Dus ik doe vast mijn oortjes in en zet een muziekje op tot ik hoor of zij er ook klaar voor is. Goed idee, maar… dat zijn iets teveel bleutooth-apparaten van het goede. De hartslagmeter delft het onderspit.

Daar zit ik dan: in virtueel Frankrijk waar het druk is, met een training op basis van hartslag en waar ik op de cadans moet gaan letten, zonder hartslagmeter. Ik kan de hele zooi opnieuw opstarten, maar daar heb ik geen zin in. Dus moet ik er maar een hoge-cadans training van maken. Iedereen rijdt mij als een dolle voorbij. Ik kan denken dat ik gisteren nog hard gesport heb, maar het is totaal niet motiverend. De vriendin moet eerst met haar kind dealen en belt me daarna wel. Kortom: de zin is na tien minuten al ver weg. Net zo ver als Zuid Frankrijk.

Maar de cadans is hoog! En de sprintjes ga ik dan maar lekker wel aan als trainingsprikkel! En als ik me niets aantrek van iedereen die me inhaalt en blijkbaar 40 fietst, is het tempo net zo netjes als dat van het loopmaatje gisteren! Ik zet de muziek wat harder en trap door. Herstellen is er niet meer bij en het is wellicht goed dat de hartslagmeter het niet doet!

Misschien moet ik de maandag maar uitroepen tot die-on-the-bike-monday en het hele begrip ‘herstellen’ net zo hard door het putje spoelen als de hartslagzones. Ik zet een tandje bij, hou de cadans hoog en voel mijn benen. Voor bellen heb ik nu even geen tijd, ik moet 30 kilometer rijden binnen een uur! Motivatie uit mezelf is waardevoller dan de coach. Ik moet de cadans boven de 80 houden! Dat moet van mezelf en van niemand anders. Ik haal het makkelijk, 30 kilometer binnen een uur. Sterker nog, er zijn nog een kleine 7 minuten van het uur over.

Vriendin gaat niet meer bellen. Dan zal ik de 75 minuten training maar vol maken ook. 40 Kilometer is wat veel gevraagd, maar als ik er gemotiveerd van raak: why not? Ik kom met Mats te rijden uit Zweden als ik de tweede ronde in ga. We hebben hetzelfde tempo. Rij ik daar zomaar met een Zweedse meneer door de Franse velden! En weet je wat: ik zit er zo lekker in, dat nauwelijks niemand mij nog inhaalt! Sterker nog: ik ben zelf die irritante fietser die voorbij raast. Zelfs Mats haakt af als hij op 30 kilometer zit. Ik zweet me echt kapot! Na 68 minuten fiets ik de helling bij het aquaduct op en warempel: ik kom in de top-10 bij de dames!

Ik fiets nog even door tot de afslag verderop. Tempo en cadans blijven hoog. De hartslag is gelukkig de grote afwezige, maar dit heeft absoluut niets te maken met herstellen! Dat doe ik straks onder de douche wel. Ik fiets 42 kilometer in 1 uur en een kwartier. Met bijna 200 hoogtemeters. Daar moet ik even van… herstellen!

Dinsdag 30 november Zwemmen ?‍♀️ en vollopen ?‍♀️

Lockdown versie zoveel: we mogen niet meer sporten na 17:00 uur. Of het Corona virus zich ook aan de klok houdt, betwijfel ik. Maar het betekent dat alle zwemuren bij de club en ook de baantraining bij de club, komen te vervallen. Precies de reden dat ik bij de triatlonclub was gegaan! Dikke balen. Gelukkig heb ik een zwemkaart en een (min of meer) vrije dinsdagmiddag. De rij staat tot buiten (anderhalve meter afstand) en ik zie het somber in. Maar ik kleed me snel om en ben al op 300 van de 400 meter inzwemmen als de derde persoon er in de baan bij komt! De rustige banen zijn vol, maar uiteindelijk komen er 5 mensen in de baan bij mij bij. Die allemaal totaal verschillende tempo’s en rustpauzes houden, dus ik heb nauwelijks last van de anderen. Na het inzwemmen doe ik 3 keer 400 meter. Ik zwem gewoon door en zal later wel kijken naar de tijd, maar die schijnt rond de 2:25 te moeten zitten. Rustig aan dus. Maar het gaat lekker en iets minder rustig aan. Na de tweede serie moet ik er even aan geloven: voor andere mensen is dit geen training maar een ontmoetingsmoment en de mevrouw in mijn baan wil graag even een praatje maken. Ze snapt er niks van, dat ik een training heb en honderden meters zwem. Ze kan me even volgen. De series duren rond de 9 minuten.

Dan stroomt het bad weer leeg na 3 kwartier. Figuurlijk dan. De mensen gaan weer naar huis. Ik zwem nog een serie van 400m uit. Dan heb ik de baan voor mezelf. Omdat Garmin hier en daar stom rekent, plak ik er nog 100m achteraan, zodat ik zeker 2000m heb gezwommen. Ik verlaat als laatste het bad.

Tja. Ik heb de afgelopen maand 196,5 kilometer hardgelopen. Dat kan natuurlijk niet. Niet omdat het veel is, maar het is net te weinig. Tweehonderd is toch beter? Dus ik trek (na een half uurtje rust op de bank en een uurtje werken) de hardloopschoentjes aan.

Geen gezeur, gaan! Geen gemiep met hartslagzones, geen gezanik met tempo’s, geen rare ondergrond. Ik ga de straten door van de wijk. Heen en weer. Niet te lang nadenken. Gewoon 3,5 kilometer hardlopen. Punt. Is niks aan. Is niet moeilijk. Een heel klein beetje kijken naar kerstlampjes en wat om auto’s op de stoep heen slingeren. Een beetje koel en ik weet niet eens of het miezert. Ik verveel me zo dat ik opmeet of elke straat even lang is- ja, ongeveer 500m. Ik loop het vormpje af en 4 kilometer vol. 200 Kilometer hardgelopen in een maand! Natuurlijk waren er vroeger wel eens maanden waarin ik meer hardliep. Toen ik nog niet aan triatlon deed. Maar deze maand heb ik ook 400 kilometer gefietst. En ruim 20 kilometer gezwommen. Ik denk dat het off-season voorbij is! Op naar meer… Ik hou wel van veel hardlopen.

Woensdag 1 december. Tegen alle zin in ?‍♂️ ?

Buiten is het somber, kil en extra vroeg donker. Ik voel me kil, vervelend, moe en lastig. Tegenwoordig schuif ik lekker zelf met mijn schema (heerlijk) en ik had het hardlopen van morgen op de baan naar vandaag gezet. Maar ik kan de energie niet opbrengen om de natte, donkere avond in te gaan. Ook niet met een podcast, want de teamleaderrun is verlengd. Dus ik schuif het fietsen weer terug. Een uurtje op de Tacx op hoge cadans en lage hartslag. Alle systemen werken. Helaas.
HET IS NIET LEUK

Ik vind er na tien minuten heel veel rondjes trappen en alleen maar kijken naar de hartslag die laag moet blijven al welletjes geweest. Ik wilde dat ik buiten in de regen kou had lopen leiden! Ik doe nog liever een krachttraining! Dit vind ik helemaal, helemaal niks. Er zit geen tempo in, het voelt als een straffe martelgang. Al een kwartier. Ik tel de minuten af. Het moeten er minstens 48 worden. Iedereen haalt me in. En ik maar kijken naar dat getalletje achter de cadans en die boven de 90 proberen te houden. En kijken naar de hartslag ernaast die onder de 108 moet blijven, al tel ik 110 ook goed.

Na een half uur heb ik de route gedaan. Dat is een pluspuntje. Maar het wordt er niet leuker van. Nu moet de coach maar eens iets gaan bedenken, want dit staat me zo tegen dat ik dit echt niet de hele winter blijf proberen. Fietsen vind ik al het minst leuke onderdeel en dit is één grote ellende. Volgende keer ga ik muziek luisteren en sluit ik in elk geval de hartslagband af. ? Liever nooit een volgende keer. Na 45 minuten denk ik: nog maar drie! Ik maak uiteindelijk het rondje af op 20 kilometer en dan nog een keer door de arcadehal. Gaandeweg is het tempo in elk geval verbeterd, maar ik heb aan de 52 minuten die ik heb gefietst geen plezier beleefd. Daarna een klein minuutje wel: een hartslag van gemiddeld 108, een cadans van 89 (negen-en-tachtig ja) en een tempo van een redelijke 24,3. Daar ben ik totaal niet moe van geworden. Maar dat was ik al.

2 December. Een virtuele race in plaats van de baantraining ?‍♀️ ?

Vincent heeft een soort van training vanuit iemands huis in Verzetswijk in Almere. Ik heb nog een virtuele race liggen van Teamleader (je weet wel, dat CRM programma van mijn werk) van 10 kilometer. Ik heb uitgezocht hoe ver ik dan om kan lopen en waar ik heen moet. Twee weken terug deed ik dezelfde soort race, maar dan over 5 kilometer. De tips en alles waren echt leuk en boeiend, dus ik herhaal dit gewoon, maar dan in het donker! Ik twijfel nog even of ik niet gewoon lekker Kensington wil luisteren, maar het wordt de Teamleaderheroesrun!

Schoentjes aan, fotograferen en dan ga ik weg uit de wijk waar ik werkelijk nooit kom. Ik loop over het donkere fietspad te luisteren naar een meneer die vertelt over weerbaarheid. Tja, ik weet wel dat bewegen goed voor je is! Maar zo in het donker in de kou voelt dat een beetje twijfelachtig. En ik moet ook nog maar eens wat tempo maken, want het is toch een soort van wedstrijd! De handschoentjes die ik van ‘Sinterklaas’ heb gekregen doen hun warme werk gelukkig. En de voeten doen het hardloopwerk. Ik loop door het centrum te luisteren naar dokter Jurriaan. Klinkt als een fout TV programma, maar… superinteressant!

Van Dokter Jurriaan mag ik onzeker zijn! Als tegenwicht voor al die controle en zekerheid blijkt onzekerheid voor de balans te zorgen. Een echte eye-opener die voor een snelle en vooral soepele kilometer zorgt! Als ik richting het Beatrixpark loop, luister ik naar een zeilster die het heeft over voeding. Ach, intussen weet ik daar wel genoeg over! Inmiddels ben ik zelf al 2 weken heel goed bezig met niet-snoepen en is mijn rusthartslag weer flink gedaald. Ik loop richting de Noorderplassen met een slechte alternatieve Dam tot Damloop in gedachten. Tussen de sprekers in is het elke keer even stil. Mijn tempo ligt rond de 5:40, zoals ik bedacht had.

Het is hartstikke donker op de weg die ik heb uitgezocht. Ik ben niet bang in het donker, want waarom zou ik op deze plek nu wel bang zijn en in de maand juli niet? Het is iets beter opletten waar je je voeten neerzet, vooral op de gladde brugjes. Ik kijk naar de sterren en luister naar een meneer die vertelt over mantra’s. Dat kan ik ook wel onthouden! Als ik maar vaak denk: ik ben een goede triatleet, dan geloven mijn hersenen dat. 🙂 Ik loop langs de huizen en daar is het weer licht. Ik ben al over de helft en heb de eerste 5 kilometer in iets van 28 minuten gelopen. Best tevreden over! Ik loop langs het strandje. Daar spreekt een vrouw van mom-in-balance, maar daar had ik meer van verwacht dan de geijkte tips die ik intussen wel ken. Eigenlijk is het overal maar stil en rustig; ik zie bijna niemand! Ik kom weer op een onverwacht donker deel, maar ik ga nu echt lekker. Ik heb het niet meer koud en hou een wat hoger tempo vast. Niet vanzelf, maar ik kan het opbrengen. Ik kom langs de Vaart te lopen en denk aan mijn eigen doelen die me motiveren. En dan komt Sofie aan het woord. Een Belgische triatlete die Hawaii heeft gefinisht.

Ik ben vanaf nu fan van Sofie, die mijn gedachten over motivatie en doelen en volhouden verwoord. Het doet me wat! Zorg voor een doel en een plan. Nou, het ligt klaar voor mij! En dan nog een kilometer die wordt gevuld met ademhaling tips. Alsof ik in die laatste kilometer nog rustig kan ademhalen! Ik trek nog wat aan en wil nog ietsje harder. Ik loop maar even rechtdoor, want ik weet niet precies meer hoe ik terugkom bij de auto. Eerst de tien kilometer volmaken! Ik doe er 55 minuten over. Snel een selfie en de app afsluiten. Hopelijk win ik nu de conditietest! Ik loop de wijk door richting de auto en maak screenshots.

En dan begint de ellende… Ik blijk nog een end van de auto af te zitten en aan de andere kant van de wijk te moeten zijn en dan begin ik te dwalen. Ik wil niet meer hardlopen, dus het is een beetje joggen om op tijd te zijn terwijl ik toch al te laat ben en ik blijk moe. Ik zie de kinderen wel lopen in de verte, maar kan ze niet bijhouden. Ik moet omlopen en dan kom ik weer in een stuk wijk waar ik niet moet wezen. Ik dwaal echt een heel stuk om. Achteraf was het een andere loopgroep. Ik kom koud, ietwat gedesoriënteerd, moe en een kwartier te laat om Vincent weer op te pikken.

Ik ben 17de van 120 deelnemers geworden. Voor mij iets van 15 mannen. ik ben wel tevreden met mijn tijd!

Vrijdag 3 december – 30km veluwetrail in de kou, weer half solo.

Ik ben een beetje dromerig de laatste dagen. Ik slaap wat onrustig en alles is wat ‘donker’ voor mijn gevoel, maar ik ben van binnen wel blij. De dag begint goed met een passende beloning voor weer een week zonder snoep en eet-verleidingen. Weer een paar honderd gram minder! Vandaag staat er nog een lange duurloop op het programma, waar ik de hele dag voor heb uitgetrokken! Joyce gaat weer lekker met me mee lopen. Joyce en ik reden apart van elkaar. Om half 11 waren we bij het airbornemonument.

Het is koud. Erg koud. Ik vertrok bijna zonder trailschoenen aan (wel hele oude hardloopschoenen zonder profiel). Wat was het koud! Joyce kletste de eerste 3 kilometer vol. Het ging lekker. Door het bos, wat modder en rustig opwarmen. Langs een kuil van onbekende origine, maar ik wilde even doorlopen om warm te worden. Meer bos als ik me kon herrinneren van de eerste keer dat ik met PL liep. Ik liep met hem in de sneeuw in januari op deze route. Het ziet er nu met alle gevallen bladeren en de zwaar bewolkt lucht totaal anders uit. De eerste 3 kilometer gingen echt soepel. Een kort eetmomentje. Toen onder de snelweg door en de heide op. Bij het monument een stop- en eetmoment.

Ik had het niet moeilijk, maar Joyce vond de kou zwaarder. We kwamen bij de duiker en ik vond dat best langer en wat minder dan toen ik hier de eerste keer liep.

Er is veel snelweg in de buurt de hele tijd. Dan komt het hele mooie stuk met de dalen, de schommel en de slingerpaden. En dan de brugjes. Veel rustige wandel-momenten onderweg. Er was bijna niemand.

En toen bij de Wodans Eiken. Nog een eetstop. We zitten op 10 kilometer en ik heb het even niet gemakkelijk als ik denk dat dit pas een derde is. Het valt niet mee om in het moment te blijven. Joyce had het nog minder gemakkelijk. Haar lijf heeft de laatste tijd de overhand genomen op haar hoofd. Ik liep elke keer een stukje vooruit en dan even rustig aan om Joyce bij te laten komen. We komen bij de Papiermolenbeek. Ik wist niet dat dit al zo vroeg allemaal zat! Het brugje blijft fotogeniek.

Het koelt opeens weer af en ik pak de handschoenen er maar weer bij. Ik heb me ergens verwond aan braamstruiken of prikkels en mijn hand bloedt. Geen pijn, maar ik kijk wel iets beter uit voor de planten naast het pad! Over het ecoduct, wat ik saai vond en dan weer een hei over waar het koud is. Een a-sociale fietser knalde het hekje voor onze neus weer dicht. Ergens tussen de 13de en 15de kilometer wandelden we een heel stuk samen op en besloten we weer uit elkaar te gaan. Joyce gaat de 30 niet volmaken. Zij voelt zich een blok aan mijn been, maar dat is het niet. Het is gewoon niet zo gemakkelijk dat we verder uit elkaar liggen qua loopkracht. Ik kan het lopen wat langer volhouden. Even denk ik dat ik ook mee kan gaan met Joyce en gewoon maar iets van 22 kilometer lopen en dan nog een uurtje werken haal, maar ik wil gewoon 30 kilometer halen, daar ben ik vandaag op ingesteld! Ook al is dat misschien niet nodig als we de plannen voor dit jaar laten varen.

Ik ga links tegen de wind en kou in, Joyce gaat naar rechts. Het is niet vervelend om in mijn eentje mijn eigen ding te doen. In het begin is het even wennen dat ik nu alles zelf op moet lossen en dat er dus niks ‘mis’ mag gaan, maar ik wind me niet op. Alleen de route volgen is minder handig, maar ik kan gewoon zelf rennen zo lang ik wil en wandelen als ik dat aanvoel. Weer veel bos en wat modder. Ik loop te mijmeren. Dat lukt me erg goed de laatste dagen!

Ik kom langs de kaboutertjes en daarna over de vlonders. Dat vond ik echt leuk! En de stapstenen.

Ik zit inmiddels tegen de halve marathon aan. Mijn horloge stopt de hele tijd als ik stilsta, dus de tijd is wat fictief en ik weet niet hoe lang ik in het echt onderweg was. Het boeit me ook niet zo. Ik doe de halve marathon zonder de pauzes maar iets langzamer als twee weken geleden en dat verbaast me, want het lijkt allemaal veel langer.

Mijn benen zijn ondertussen ook gewoon vermoeid. Die benen geven het ietsje eerder op dan het hoofd vandaag! Ik loop langs de thee en de paarden. En dan een slingerpad op langs de beken. Het gaat niet meer zo hard. Mijn bovenbenen zijn de tempobrekers van de dag. Ik hoef alleen maar 30km vol te maken. Mijn gels, reep en het water zijn op!! Als ik alleen ben, tel ik de kilometers veel meer. Ik wissel hardlopen en wandelen gewoon af en zoek mijn weg door het bos. Het ene stukje is erg mooi met brugjes en helder water, het andere stuk saai.

Ik moet naar de WC voor een grote boodschap en zoek een plek. Als ik klaar ben, lopen er iets lager mensen langs! Net op tijd. Dat loopt een stuk lekkerder. Ik ga het spoor weer over en ben de mojo en het gemak kwijt. Het is een beetje dagdromen, aftellen en doorlopen. Het enige wat me zorgen baart is mijn horloge: die heeft nog maar weinig accu over. Daar staat de route op en met de kou is het blijkbaar zwaarder voor mij, maar ook voor de accu.

Ik ga nog een keer door een prachtig beschilderde tunnel en dan de hei weer op. De route is weer iets korter dan 30 kilometer en ik kwam al een beetje te kort door het bevel stoppen. De Apple Watch is al een kilometer verder! Die blijft lopen. Er is zand en modder op de hei en ik voel me moe. Net voorbij de 29 kilometer is de route ‘op’. Oriënteren waar ik precies naar toe moet is even lastig. Ik maak nog een ommetje en het is een heel klein beetje gaan druppelen en op de hei waait het: het is ijzig koud. Dat kan er nog wel bij! Nog even doorploeteren naar Joyce met de chocomelk!

Bij het Airbornemonument zitten de 30 kilometer erop. Ik ben meer dan 4 uur onderweg geweest, maar zit zonder de pauzes onder de 4 uur. Mijn Apple Watch heeft 31 kilometer geklokt. Ik vind het mooi! Ik heb toch maar weer 30 kilometer in de benen. Joyce heeft er ook nog altijd 25 gelopen. De chocomelk smaakt me prima en ik ben wel weer redelijk uitgerust als ik in mijn eigen auto stap om naar huis te rijden. Of komt dat door het mailtje van de trainer? Ik zag tijdens het lopen de kop van de mail en de eerste regel over een samenwerking, maar met wie of wat kan ik niet lezen in het bos. Ik heb lopen dromen wat de ideale samenwerking zou zijn als je het mij vraagt, maar dat is wel echt een droom! Als ik in de auto de mail open, kan het natuurlijk alleen maar tegenvallen en daar hou ik rekening mee. Tot mijn grote geluk komen dromen soms uit! Dit is een samenwerking waar ik heel blij van word! Als ik al lang en breed thuis ben, plaatst de trainer een duurloop in het schema voor vandaag. Volkomen zinloos natuurlijk.

Ik voel dat ik 30 kilometer gelopen heb: mijn benen zijn zwaar, de trap kost moeite en ik eet heel veel pannenkoeken!

4 December Zwemmen, wandelen en fietsen – weer drie sporten op een rij ?‍♀️ ? ?‍♀️

In de ochtend doe ik vooral rustig aan. Uitslapen, beetje niks doen. Het is somber buiten en regenachtig en donker. Na de lunch pak ik mijn zwemspullen en ga ik naar het zwembad in Almere Poort. Tijdens het kinderuurtje mag ik niet meezwemmen, dus ik ga maar weer in het gewone banenzwemmen. Ik vermoed dat het druk zal zijn, dus ik ben op tijd. Er is wel triatlonjeugd aan het zwemmen. Ik spring samen met iemand anders in de borstcrawlbaan. Geen turbobaan voor mij vandaag, ik beschouw dit maar als uitzwemmen na de loop van gisteren. Ik pak mijn achtje er ook bij. Al na 2 banen denk ik: dit wordt gewoon endurance zwemmen. Ik ga twee keer een kilometer. Hoe tel ik dat af? Nou, 100m 1op4 ademen en 100m 1op3 ademen. Dat gaat een tijd goed. De andere man in de baan doet schoolslag afgewisseld met borstcrawl. Verder komt er nog een meisje bij, maar die kletst net zoveel als ze zwemt, dus het blijft heerlijk rustig in de baan. Ergens raak ik de tel kwijt. Mijn brilletje beslaat en de wereld wordt hartstikke klein. Ik zie de klok, degene die net voor me zwemt en meer niet. Dus ik zwem gewoon maar door tot er 3 kwartier om zijn en dan kijk ik wel hoe ver ik kom en of ik 2000m gehaald heb. Ergens vertraag ik even omdat mijn oor plopt en verder zwem en zwem en zwem ik. Voor mijn gevoel gaat het hard. Soms de meneer schoolslag inhalen en even versnellen, maar grotendeels gestaag doorgaan, baan na baan na baan. Ook wel rustgevend ergens. Na 3 kwartier kijk ik: 1975m gezwommen! Onbegrijpelijk hoe je in een 25m bad aan de ene kant kunt starten en aan dezelfde kant eindigt en dan toch op een ongelijk getal uitkomt, maar goed. Ik ga nog even verder tot ik er voor mijn gevoel klaar mee ben en ik doe ook nog een baan schoolslag als ik de baan voor mezelf heb. Ik wil op tijd weg om rustig mijn haren te kunnen wassen. Uiteindelijk valt de snelheid me tegen met 2:19 op de honderd meter. Maar ik heb wel 2250m gezwommen. Eerlijk gezegd denk ik dat ik ook 2000m in 3 kwartier heb gezwommen, dat het pas telt als ik gekeerd ben.

Waarom het zwemmen matig ging (en toch ook weer niet, want ik kan dus zomaar 50 minuten non-stop zwemmen) blijkt een uurtje later als krampen zich aandienen. Redelijk netjes op tijd, geen extra week om spanningen en depressies op te bouwen en niet al te heftig. Mijn rusthartslag gaf geen indicatie! Of het ligt aan de extra vitamines die ik neem of aan het gezonde eten weet ik niet. Ik voel me meteen wat lichter en gemakkelijker en wil dan ook gaan wandelen met Rob als Vincent zwemt. We moeten naar de Praxis. Rob zoekt de route, een rondje. Het is nat en kil en donker. Maar ik ben blij en we stappen behoorlijk flink door. We kletsen en lopen door onbekende wijken. Rob gaat bij de Praxis naar binnen en daarna lopen we via het centrum weer terug. Een dikke 5 kilometer passen er in mijn beentjes bij. Langzaam aan beginnen die benen toch een beetje te protesteren: ze trekken her en der wat. Maar er is geen excuus: de belangrijkste training staat nog op het programma: 2 uur fietsen. Binnen natuurlijk. Zwift. Na het avondeten stap ik maar weer in de klikpedalen. Innsbruck poging 3 met de route Lutscher CCW: twee keer de berg op. Ik moet op de cadans letten en op de hartslag. Vandaag is dat weer gescheiden (je weet nooit waarom; met machines zoals de Tacx en programma’s zoals Garmin). Ik was eigenlijk op twee dingen net niet goed bedacht: verveling (twee uur is weer lang) en hoe die berg elke keer weer tegenvalt. Ik probeer de cadans boven de 70 te houden.

Maar dan komt Vincent van wie ik Frans ga overhoren. Dat haalt de aandacht weg bij de cadans, maar ook bij de pijnlijke beentjes. Ik ga dus door woorden heen als argent, le magasin en payer. Vincent heeft maar een uurtje van mijn tijd nodig. Ik ben de eerste keer boven in een nieuw PR, maar het is hartstikke zwaar. Vooral voor mijn benen.

Als Vincent boven gaat gamen, ga ik verder met muziek luisteren van Kensington. Ik ben naar beneden geracet en ga nog een keer omhoog trappen. Ik laat de cadans los. Dan blijft de hartslag lager. Mijn benen vinden het echt minder prettig: mijn kuiten, bovenbenen en knieën doen pijn. Maar ik ga nog een keer naar boven. Hele stukken met mijn ogen dicht, de muziek hard aan en alleen maar trappen. De omgeving boeit me niet zo. Ik wil boven komen en naar beneden kunnen racen en 30 kilometer kunnen halen. Dan ben ik voor de jaarchallenge van Trispiration alweer heel ver op weg. Trappen, trappen, trappen.

Deze keer ben ik niet sneller boven, maar ik kom er wel! Route eindelijk afgerond. Meer dan 800 hoogtemeters. En vermoeide benen. Meer dan van 30 kilometer hardlopen. Ik ga nog naar beneden en maak de 30 kilometer vol. De 2 uur haal ik net niet helemaal, ik ben het echt zat. En mijn benen helemaal.

De trainer heeft pech: ik doe wat ik zelf wil. Ik kijk naar het schema, maar ik maak alle keuzes en pak alle ruimte die er is om te doen wat mij uitkomt. Geen gezeur meer over de cadans (die is te laag). Op een clou hoe ik daar aan kan werken, wacht ik al vier dagen. De trainer is wat mij betreft maar weinig betrokken, hoe hij er zelf ook over mag denken. Zeker in het weekend is het erg weinig en als ik op dinsdag om een training vraag, maar hij die vrijdag nadat ik gelopen heb pas plaatst, voel ik dat niet alsof het hem interesseert. Ik durf geen aandacht meer te vragen; stel geen vragen meer, hou hem niet op de hoogte. Wat mij betreft zijn we de communicatie zo goed als kwijt, maar blijkbaar denkt hij daar anders over. Hij houdt zich op de achtergrond. In dit (sinterklaas)weekend hoeft ik helemaal niet op enige connectie of reactie te rekenen! Daar maak ik mis/ge-bruik van. Ik laat geen verklaringen achter en dat is prima zo, want dan hoeft hij ook niks te doen.

5 December Waterleidingduinen en zee met Vincent ? ?‍♀️ ?‍♂️

Lekker uitslapen (ik slaap wel weer onrustig) en rustig wakker worden: dat is het voordeel als je afspreekt met iemand die in hetzelfde huis woont: je hoeft geen tijd aan te houden, je kunt gaan als je allebei klaar bent. We rijden naar Zandvoort en het parkeren daar is zowat het lastigst! De parkeerplaats is lastig te vinden, je ziet ‘m wel, maar je komt er niet. Om half 12 zijn de trailschoenen en handschoenen aan, loopt mijn hartslag-training en de route en wij lopen ook.

Ik heb Vincent gewed dat we herten zullen zien, maar hij wil me niet laten winnen. We zien dus een heleboel struiken-met-geweien en bewegende-struiken-met-een-gewei, maar geen herten! Mijn benen doen het: die lopen weer. Ondanks wat spierpijn in de bovenbenen vanmorgen, draaien ze nu gewoon het programma weer af. Over glooiende onverharde paden. Na wat een paar minuten lijkt, merkt Vincent op dat we al anderhalve kilometer hebben gerend! Het gaat te snel voorbij op deze manier! We zien een paar reeen, zo ver wil Vincent net gaan. Maar het zijn geen herten. Hooguit een ree met een gewei. We dollen en hebben lol onderweg. Hoe hard we gaan, maakt niks uit.

Eindelijk gaan we weer onverhard boven langs het water. Door het bos. Na drie kilometer wandelen we een stukje omhoog, omdat het kan. Omdat we al op een kwart zijn!

We zwerven door het bos en uiteindelijk geeft Vincent toe 1 hert te zien. Omdat de herten anders net zo virtueel blijven als de mini-marsjes die ik in mijn rugtas heb. 1 Hert voor 1 marsje op 5 kilometer. Ik eet een halve reep. Omdat ik een training heb, lopen mijn kilometers niet meer zo mee. Vincent neemt de route over. Mijn hartslag zit meestal namelijk hartstikke goed binnen de lijnen en die leidt niet af. We zitten nog op de route! Roept Vincent de eerste 5 minuten minstens 15 keer.

We hebben best veel verharde paadjes. En het is best druk op deze zondagochtend. We hobbelen gewoon verder en dan zitten we al op de helft! In mijn training zitten 3 sprintjes van 20 seconden. We doen ze nog ook! Vincent roept ja en ik tel hardop 20 seconden af. Onverhard onverwacht hard! Ik vind ze slopend en de minuut wandelen tussendoor is ook te kort. Het haalt de dynamiek uit de trail. Mijn benen vinden er helemaal wat van en dat begint op geen enkele manier met “oke”, wathefuk is een betere omschrijving. Niet te pijnlijk op enige plek, maar zwaar en vermoeiend past ze zeker. We komen opeens op het veld. Langs van die beesten die geen-hert zijn. Anders-geiten.

En Vincent meld meer dan eens dat we nog steeds op de route zitten. Dan komen we bij het water. Het onnatuurlijke water, noemt Vincent het. Het water is kraakhelder en je ziet de bodem. Het is onecht, zegt Vincent. We slingeren er tussendoor. Tot bij het sluisje. Maar iets verderop is een geweldig brugje! We lopen er voor om, nu we hier toch zijn.

In het gebied van de overal opduikende reeen-die-geiten-zijn-met-een-gewei, onecht water en vol met rare duinen. Op 9 kilometer zijn we bij het huisje van de Wester. We mogen er binnen kijken. De trap is een nachtmerrie voor mijn benen, maar het uitzicht is prachtig.

Vincent ruilt nog 1 hert in voor een marsje en ik maak mijn reep op. Dan komt de hoge duin met daarachter de zee in zicht. Het tempo is er wel uit. Ik heb besloten dat dit de training wordt die niet groen is. We zijn namelijk veel langer bezig dan 3 kwartier. Heerlijk. Dan wordt de training maar geel (overschrijding nog te doen) of oranje (meer dan de dubbele tijd onderweg geweest – foei) De route – nog altijd in handen van Vincent- buigt ineens op onverklaarbare wijze af richting een bunker. En nog 1. Daar komen we zomaar langs zeg.

En dan verlaten we de waterleidingduinen. We klauteren het zand door de hoge duin op. Deze kant is nog erger van vanaf de zee! Boven maken we natuurlijk een foto en dan kan het feest beginnen.

Ik wil geen natte voeten. Geen koude zee voor mijn arme onderdanen. Denk ik echt. Anderhalve minuut. En dan loop ik achter Vincent aan en plons… Ik maak foto’s en Vincent geniet onwijs. Splash, splash! Ohja, hiervoor kwamen we!

Het is koud, maar mijn benen en voeten schrikken werkelijk nergens meer van. Het enige waar ik van baal is dat we er al bijna zijn! Omdat het allemaal niet hard hoeft en gaat en we een stuk rennen en een stuk wandelen, zou ik dit een hele dag kunnen volhouden. Ergens is het iets dieper dan we dachten en dan ben je opeens tot je knieën nat. We zijn toch al bijna bij de auto! Dat moet ook wel, anders koelen we te snel af. We gaan Zandvoort weer in langs rare beelden en door dat rare straatje en ik heb meer dan 12 kilometer gelopen. Vincent ook. Ik voel het wel, maar aan de andere kant knap ik ook heel erg snel weer op en heb ik nu minder spierpijn dan vanmorgen.

Ik zit thuis nog een uurtje lekker niks te moeten en na het douchen starten we de sinterklaasgourmet op. Ik eet lekker, maar niet te veel! De trainer reageert wel op de training, maar enige uren later. Hij vindt het blijkbaar goed als ik me niet aan de training hou en teveel doe. Ik hoop maar dat hij het wel goed in de gaten houdt, want ik kan ook makkelijk over de grens gaan. De afgelopen week heb ik bijna 60 kilometer hardgelopen en dik 12 uur gesport aan zwemmen, fietsen, hardlopen (wandelen en krachttraining telt niet mee). Daarnaast heb ik al het wasgoed weggewerkt, een kind Franse woordjes geleerd, gedieet en afgevallen en ik heb ook nog eens gewerkt.

En wat ik ook heb gedaan: ik heb met een heleboel mensen mijn plannen voor 2022 gedeeld. Het is nu 5 december elf uur ‘s avonds. Over een half jaar hoop ik een Ironman te zijn. Ik ga in Hamburg de hele triatlon doen. In Almere doe ik de halve triatlon. De overige afstanden in triatlon ga ik, net als in 2019, proberen allemaal af te ronden. Een OD (olympische afstand) en een sprint staan al in de planning. Met de zomervakantie erin en een sportend kind met eigen ambities en een leuke deeltijdbaan een aardige puzzel! Maar als ik een plan heb en de juiste support weet ik zeker dat ik zelf tot veel in staat ben. Rob, mijn baas en de trainer kunnen de support leveren. Ik kan de kracht opbrengen.

6 December – Die-on-the-bike Monday En France ??

Om een uurtje of 7 stap met een matige hoeveelheid aan zin op de Tacx. De hartslagmeter werkt ✅ de cadansmeter doet mee ☑️ en de muziek van Kensington kan ook aan ✔️ op de oortjes. Ik ga fietsen in Frankrijk. Eerst een half uur ‘intrappen’. Iedereen haalt mij in en ik blijf niet eens binnen de hartslagzones! De cadans valt ook een beetje lager uit en blijft onder de 80. So be it.

De muziek staat lekker hard! Na een half uurtje ga ik aan de intervallen beginnen. 3 minuten hard en 2 minuten rust met een hoge cadans. Gok ‘s welk blokje het moeilijkste is? Jawel, de rust en de hoge cadans. Dan stuiter ik bijna op mijn zadel en nog is het hopeloos. De hoge hartslag gaat wel goed samen met een hoge cadans op een hoog tempo. Ga ik echt stuk? Nopes. Ik zit met gemak aan de bovenkant van de hartslagzone en ik ga niet stuk. Ik kijk wel uit! Ik heb vrijwel geen water meer in de bidon.

De grootste uitdaging staat naast de fiets: Vincent heeft chocoladekransjes gehaald en ik blijf er af. Ik wil voor de Trispiration challenge de 30 kilometer vol maken. Ik heb anderhalf uur de tijd, dus dat moet lukken. Ik ga tamelijk moeiteloos alle intervallen door. De vijfde is wel iets minder makkelijk dan de eerste, maar het is allemaal te doen. Eigenlijk is dat vooruitgang, want een paar weken geleden was dat nog niet zo. Wie weet komt het ook nog wel ooit goed met de cadans. Ooit-ooit. Ik ben klaar met de intervallen en ik ben rond met de route.

Nu ga ik rechtdoor en dat is een kleine vergissing, want ik ga de berg, de Mont Ventoux, op. Ik bel met mijn vriendin. De bidon is helemaal leeg en ik heb dorst. Bellend de berg op gaat tergend langzaam en de aandacht voor de cadans en het tempo verslappen, maar ik verveel me niet meer! Ik ben blij als ik naar beneden kan gaan rijden en dan maak ik de anderhalf uur vol en ik fiets zelfs nog ietsje langer om de 40 kilometer vol te maken!

Daarna bel ik zomaar nog een uurtje door. Ik ben van eenzelfde training wel eens veel vermoeider geweest. De chocolade kerstkransjes blijven volkomen onaangeroerd liggen.

7 December Zwemmen, heppie en wandelen

Ik word wakker met een flinke hoofdpijn. Uitdrogingshoofdpijn. Veel te weinig gedronken gisteren! Sjit. Ik ga aan het thee drinken, maar na een paar uur moet ik toch echt een paracetamol. Dat helpt me niet heel veel meer. Op mijn werk krijg ik om twintig voor 12 een somber telefoontje. Ik zet niet bij de pakken neer, maar ik word niet blij. Ik raak een beetje gefrustreerd en dan moet ik gaan opschieten voor het zwemmen ook nog. Ik pak snel mijn spullen en op de bidon zit een training met 400tjes. Die wordt het dus. Ik ben net voor half 1 in het zwembad. Ik voel me opgefokt, want ik wil ook de 2000m halen voor de jaarchallenge van Trispiration. Dan moet ik een beetje doorzwemmen, want met 2:25/100m lukt me dat niet! Het is heerlijk rustig. 2 of 3 andere mannen in de baan en ik. Lekker! Geen kwebbelaars en verschillende tempo’s, want de mannen hebben flippers en achtjes. Ik ga inzwemmen: 100bc, 25school-25bc-25rug-25bc, 50 benen (!), 25 bc en dan 100 armen. Het gaat wel redelijk. Daar is het mee gezegd. Het horloge maakt er 375m van. Dan de vierhonderdjes. 100m 1 op 4 ademen, 100m 1 op3 ademen. Ergens ben ik ongelooflijk blij, want volgende week heb ik weer een zwemanalyse. Het lijkt erop dat ik over ben gestapt van trainersclub, maar ik vind het nog een beetje raadselachtig. Die zwemanalyse maakt er deel van uit en daar ben ik hartstikke blij over. Ik let nu dus nog maar eens extra op mijn techniek. Diep en breed insteken zijn een gewoonte geworden. Ik doe de 400m onder de 9 minuten. Zonder hulpmiddelen. Even een korte adempauze en dan door voor de tweede. Het tellen van de banen gaat goed met de ademhalingstechniek. Ik hou het zwemmen tegenwoordig moeiteloos vol. 5 Jaar geleden had ik dat nooit kunnen denken.

Mag ik een sticker uitzoeken?! ?

Dit 400tje gaat zelfs nog iets sneller! Ik moet toch iets kalmer en dat doe ik de laatste dan maar. Niet heel veel, het blijft net onder de 9 minuten. Deze voelt wat zwaarder. Ook nu snoept het horloge er 25m af. De hoofdpijn is dan ook weer terug. En ik kan nog wel een paar zorgen verzinnen om me af te leiden, maar dat maakt me verdrietig. Dus ik richt me maar op het halen van de 2000m. Daarvoor zal ik de laatste serie van 400m uitzwemmen met een achtje moeten doen. Ik blijf alleen over in de baan. Ik zwem flink door. Kost me minder energie voor de benen, maar ik ga er niet echt sneller mee als met benen. Ik ben de op 1 na laatste in het zwembad en dan zwem ik nog 50m schoolslag. Ik heb 2000m op het klokje staan! Trispiration Challenge afgerond. Elke maand van dit jaar heb ik 2 keer 10 kilometer hardgelopen, 2 keer 30 kilometer gefietst en 2 keer 2000m gezwommen. Consequent. Zonder opgeven. Consistent. Volhardend.

Als ik thuiskom, blijkt de trainer een zwemtraining te hebben gemaakt. Sorry, die was me ontgaan.

Verder lees ik het volslagen misplaatste idee om mij de laatste 2 weken van het jaar rust toe te schrijven. 5 Uur trainen in een week. In de laatste weken van het jaar, met jaardoelen en wat extra vrije tijd omdat het werk niet zo druk is? Klinkt me buitengewoon lastig in de oren. Daarnaast gaat hij toewerken naar “Frankfurt”. Goede land, dat wel, maar ik heb me toch echt ingeschreven voor Hamburg! Lekker betrokken. Wat me wel tevreden stemt is dat het logootje gewijzigd is. Ik denk dat ik voorlopig even nergens meer over zanik, ook al snap ik de constructie nog steeds niet.

‘s Avonds twijfel ik of ik ga hardlopen of wandelen met Rob. In het schema staat niks van hardlopen, maar dat is geen garantie. Ik ga toch maar wandelen met Rob. Moet even wat mensen te vriend houden. Gek genoeg ben ik heel blij over alles, ook al zit niet alles mee. Of dat nu de nieuwe trainersclub is of dat de jaarchallenge afgerond is of gewoon een tijdlang goed slapen en misschien is het wel het lieve puzzelboekkadootje wat ik van Rob gekregen heb, ik weet niet wat me blij maakt. Als ik denk aan het werk of Vincents cijfer of de aankomende rustperiode, zou ik ook zomaar flink verdrietig kunnen worden. Rob en ik kletsen terwijl we door onbekende delen van Almere wandelen. Het is een flinke tippel van 5,5 kilometer met op de valreep een AH ertussen voor brood. Dat is toch mooi he? Een soort van rustige dag vol met frisse lucht, een uurtje zwemmen en een middagje minder hard werken omdat ik vrij ben.

Woensdag 8 december lunch-hobbeltje met Manuel ??‍♀️??

De trainer heeft (weer) een foutje gemaakt. Gewoon in de haast weer eens een stadsnaam gewisseld. Ik blijf erbij dat het niet toont van goed coach-schap, maar dit helpt mij enorm om het schema echt enkel als een leidraad te gaan zien en lekker mijn eigen ding te doen. De afgelopen week heb ik alles naar mijn hand geschoven. Ik had een training op de baan staan op donderdag, maar door de corona-maatregelen (na 17:00 uur moet alles dicht) gaat dat niet langer door. Dus ik schuif deze week met trainingen van hot naar her om overdag te kunnen sporten. Dat scheelt ook, dat het dan nog net in het licht kan. Om 12 uur ga ik met Manuel samen een blokje hardlopen. Ik heb geen haast samen met Manuel. Ik ga gewoon een uurtje er tussenuit. Het loopt lekker. Gewoon gemakkelijk. En we kletsen erbij. Ik let niet echt op de hartslag. Die ligt lekker in zone 2.

We lopen over het fietspad richting de dijk. Bekend en toch ben ik er al een tijdje niet meer geweest. We gaan door het bos terug. Even merk ik dat het lunchtijd is, maar Manuel kletst de tijd nu mooi vol. We zien zelfs even een zonnetje! Dan is het meteen een stuk minder kleurloos. Het blijft makkelijk gaan. We lopen gewoon weer terug en ik loop 7,5 kilometer. Het is allemaal doodgewoon gegaan. Zo’n loopje waardoor je er niet meer bij stilstaat dat er ooit een tijd was dat hardlopen en bewegen helemaal niet in het systeem zaten. En dat is pas tien jaar geleden! Met een frisse neus werkt het ‘s middags weer beter door.

Donderdag 9 december – Weer een vreselijke training op de fiets ?

Hartslag laag, cadans hoog en boven de 85. Ik zag er al de hele dag tegenop. Ik heb al een keer bij een training gezet hoe niet-leuk ik deze combinatie vindt, maar de trainer snapt dat en daarmee is de kous af geloof ik. Dus ik stap met muziek aan op de fiets en alle systemen werken weer eens mee. Ik ga in Watopia rijden, gewoon een simpel rondje. Niet teveel nadenken, niet teveel hoogtemeters. Ik hoef maar een uur. Me te ergeren aan iedereen die me inhaalt. En dat zijn hele volksstammen.

Ik hoef me maar een uur te irriteren aan de lage hartslag. Die echt totaal niet te verenigen is met een cadans boven de 80 en al helemaal niet met een cadans boven de 85. Zulke lage versnellingen zitten niet op de fiets. Dan kan ik niet meer fietsen. Ik kan er niks leuks aan vinden. Het lukt niet. Ook niet als ik de muziek harder zet. Of kijk naar de omgeving.

Ik volg heel soms eventjes iemand. Maar dat blijken twee keer 60plussers te zijn, die me uiteindelijk ook inhalen. NIET LEUK. Als de hartslagmeter en de cadansmeter er dan ook nog mee kappen, horen ze me denk ik drie huizen verderop schelden. De Zwift pakt het op, maar het Garmin-horloge niet meer. Rob komt nog even kijken of er iets mis is, maar behalve dat ik geen zin heb, fiets ik node weer verder.

Wat wel een paar minuten een grote grijns bij me opwekt, is dat ik van Robs Poolse collega een Poolse opmerking krijg via Strava bij de loop van gistermiddag. Ik heb bij hem ook al Nederlands commentaar gegeven, dus ik krijg nu een koekje van eigen deeg en daar moet ik hard om lachen. Mijn hartslag laat ik helemaal los. Ik moet onder de 110 blijven, maar ik krijg ‘m al niet meer onder de 125. Ik laat het maar gaan. Knarsetandend. De cadans blijft wel hoog.

Na een uur weet ik niet hoe snel ik van de fiets af kan stappen. Ik denk niet dat ik dit gedoe met lage hartslag en hoge cadans ooit nog doe. Never ever again. De gemiddelde cadans ligt op 85. De hartslag op gemiddeld 118. Ik heb met veel gemopper 23 kilometer gefietst.

Vrijdag 10 december Lekker ouderwets gewoon hardlopen met Manuel en een tempotraining zwemmen

Manuel en ik slapen eerst uit en dan gaan we 3 kwartier een stuk lopen door het Kotterbos. Net als vroeger: bijkletsen. Als je denkt dat vrouwen kletsen kunnen, dan moet je Manuel en mij eens horen! Alleen moet die arme Manuel nu mee in mijn lage hartslagzones. Het is best koud en de eerste kilometer regent het zelfs nog een beetje. Maar bij het Schanulleke Sluisje is het al warm en de handschoenen kunnen bijna uit. Langs de Vaart waait het nog even kil. Ik zit net binnen de hartslagzone en het tempo valt me nog mee. Als we het viaduct onderdoor gaan, mag ik een hartslagzone verder en dus lopen we ietsje harder. We nemen de natuurbrug.

Het gaat gewoon, gemakkelijk, goed. Aan alle kanten heb ik ruimte over om te luisteren, te praten, te klagen en vooral om te lopen.We gaan de berg over, ik iets trager dan Manuel.

En dan terug naar het fietspad. Ik moet ook nog 3 sprintjes doen. Natuurlijk komen die net als we de Hogering moeten oversteken! Maar ja. Ik zet 20 seconden aan en dan een minuut rustig. Het begint weer te druppelen. Ik ga over de 45 minuten heen en ook over de 54 minuten die er maximaal voor de training staan. Jammer dan. Ik ben een beetje klaar met klakkeloos het schema volgen. Dus ik schuif en doe een beetje wat mij uitkomt. En vandaag lopen we een uurtje en 9,5 kilometer. Ik vind het wel best!

Ik maak het huis schoon en na de lunch ga ik naar het zwembad. Deze keer is het hartstikke druk. Er zijn wel 7 of 8 mensen in de baan! Van verschillende snelheden. Een paar (veel) sneller dan ik, een paar die (in de turbobaan) schoolslag doen. Ik zwem in in 2 banen: benen en schoolslag in de borstcrawlbaan, waar ook niemand zich aan houdt. Al met al een telfout, want ik zwem wel 600m in. En dan begint de tempo-training. Natuurlijk zonder achtje en dat vinden mijn benen maar matig leuk. Die hebben zoiets van: maar we hebben vanmorgen toch al ons best gedaan?! Ze doen echter wel mee. 6 keer 100 meter op tempo 2:08. Ik ga elke keer harder. Als ik heb uitgezocht wie welk tempo heeft, lift ik mee met een snelle zwemmer en kom ik zelfs binnen 2 minuten uit, ha! De 6 keer komen er, niet vanzelf, ik moet er voor werken, maar ze zijn er al sneller als ik had gedacht. En dan moet ik 4 keer 50 meter op 1’08”. Maar ik verlies elke keer net iets teveel bij het keren. Dat ga ik dus niet leren voor het zwembad. Ik moet buiten zwemmen. Tot slot moet ik 2 keer zo hard mogelijk 25 meter doen. De eerste keer haal ik binnen de 30 seconden. De tweede kies ik een verkeerde zwemmer, die nu opeens een soort vlinderslag doet. Het wordt rustiger in het bad, dus ik doe nog twee keer een snelle 25m. Allebei sub 30 seconden. En dan ga ik met achtje uitzwemmen. Heerlijk. 200 Meter. Daarna 100 meter schoolslag. En tot slot zelfs 50 meter rugslag. 3 Kwartier gezwommen en dan mag ik genieten van de kerstboom en de kerstmuziek in het zwembad. Had niet gehoeven van me. Gelukkig zit de rest van de dag vol met een uurtje werk, eten en visite, anders had ik nog even gefietst.

11 December – Fietsen op de nieuwe fiets ?

In Zwift moet Vincent me helpen: ik heb 3 miljoen “bucks” om een fiets te kopen en andere wielen. Misschien kan ik dan ook sneller. Ik blijf op dezelfde fiets zitten in huis, maar in Zwift lig ik op een luxe tijdritfiets.

Ik moet nog steeds zelf trappen. Ik moet nog steeds rekening houden met hartslagzones (een beetje dan). Ik moet nog steeds een hoge cadans trappen. Ik word nog steeds ingehaald. En wat ik vooral ook moet is geschiedenis overhoren. De eerste wereldoorlog komt aan bod.

Ik let dus niet zo op, laat de hartslagzones links liggen en ik hou de cadans hoog. De vulkaan op is een verzoeking. Blijkbaar zijn tijdritfietsen daar minder geschikt voor. Voor mijn gevoel schiet het tempo niet echt omhoog.

Ik ben wat later op de Tacx gaan zitten, waardoor ik merk dat ik wat sacherijnig wordt van trek omdat het lunchtijd is. Dan stuur ik Vincent even weg, zodat ik even zelf door de heuvels kan mokken. Ik drink thee op de fiets. En even ben ik de snelste op de sprint, wat te zien is aan het shirtje voor mijn naam.

Ik heb een view opstaan, die me allemaal speciale beelden laat zien. Leuk. Mijn fiets is wel echt mijn kleur. Ik hou het bijna twee uur vol, net niet. Snel van de fiets af! Mijn cadans blijft ‘steken’ op 82. Wonderlijke verbetering als je denkt dat ik een maand geleden op 70 zat. Mijn gemiddelde tempo is doorgeschoten naar 27km per uur. Ik heb 53 kilometer gefietst.

‘s Middags ga ik lekker buiten wandelen met Rob. Ik strijk ook tijdens de F1 en dat telt als krachttraining. En het hoogtepunt van de dag: ik lig zomaar een half uur op de bank niks te doen!

12 December – Gezellig en lekker lopen in de regen met SG ? ?‍♀️ ??‍♀️

Het is 9 uur ‘s morgens en ik ga samen met SG de gele route lopen op de Kemphaan en lekker samen bijpraten. De gele route is een halve marathon, maar… ik weet al dat we hier en daar wat zullen afsteken en vooral de verharde paden zullen kiezen. Ik heb mijn trailschoenen niet aangedaan. In het begin in het bos is dat even wat minder door het geglibber. We kletsen vooral over trainingsschema’s. Dan komen we lekker verhard te lopen.

Voor mij is het tempo lekker laag en mijn benen doen dat prima. Mijn hoofd is ook helemaal gerust, dus het gaat eigenlijk supergoed! We maken afspraken om in de toekomst samen vaker te gaan lopen. We maken ook plannen waar SG blij van word en ik eigenlijk ook heel erg. Als moet ik nog wat aan uitwerken. Ik heb niet het idee dat het regent op enig moment. Koud is het al helemaal niet.

We lopen om en dan slaan we een enorme modderpoel in het Museumbos over. Ik ben zo blij dat ik de Crosscup in de modder niet hoef te lopen! Ik ben niet van de modder, vind ik niet leuk. SG blijft onderaan de berg op me wachten, terwijl ik naar boven loop. Daar regent het wel even.

Dan lopen we door het Cirkelbos en over het hobbelige pad. Dat vind ik het lastigste pad. Daarna volgt het brugje, waar we allebei veilig overheen komen!

Hoewel het weertje somber is, ben ik echt hartstikke blij en tevreden. We kwebbelen hartstikke veel, wandelen soms een momentje en zeker op de gladde bruggen. Ik was totaal niet bezig met de tijd of de snelheid. Echt een bevrijding voor me!

We gingen daarna weer het bos in. Ik geloof dat er intussen 10 kilometer op zaten, maar ik lette er echt niet op. We gingen het bos weer in. Maar even zien hoe de natte voeten dat weer vinden. We kwamen zelfs schapen tegen in het Schapenbos.

Het was zo onverhard wel wat zwaarder. Ik had een reep opgemaakt en wat gedronken. Het miezerde wat. We liepen over onbekende paden; ik ken dat stukje gewoon niet zo goed, maar het is wel mooi. Ikzelf was verbaasd dat het me zo gemakkelijk af ging al die tijd. En dat ik dacht: oh, pas 13 kilometer. SG had een beetje last van een oude blessure en ze vond het ook wel mooi geweest. We kwamen op het fietspad wat weer bekend was en toen liepen we weer terug over het verharde Kerkuilenpad. Ik liep te kletsen en we permitteerden ons een kort wandelmoment. Toen liepen we de Kemphaan weer op. Ik vond het allemaal prima. Uiteindelijk dacht ik: laat ik de 16 kilometer maar volmaken. SG maakt de 15km vol en ik liep nog een klein blokje extra. Ik had echt heerlijk gemakkelijk met natte voeten gelopen. De welverdiende warme chocomelk achteraf smaakte heerlijk! En de koek ook…

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

20 − nineteen =