2021-16

Voor de verandering werk ik een keer terug uit. Dus als lezer begin je bovenaan met de laatste dag van de maand.

31 Mei Warmlopen en helmfietsen ๐Ÿฅต ๐Ÿƒโ€โ™€๏ธ ๐Ÿƒโ€โ™€๏ธ & โ›‘ ๐Ÿšดโ€โ™€๏ธ

Het is prachtig weer. Ik heb een dag overuren over en de hele ochtend zit vol met allerlei ‘administratie’. Maar ‘s middags ga ik hardlopen! Om 2 uur sta ik voor haar deur. Na al die regen en de herfst van afgelopen periode, is het even wennen aan de zon, de korte broek en niet te vergeten: insmeren! We zullen niet hard gaan, want we willen bijkletsen. Ik ga gewoon zien wat me lukt na de triatlon van zaterdag. Ik begin te kwebbelen. Over dat ik altijd kan kletsen, ook als ik hard tien kilometer loop ๐Ÿ˜‰ Nu lopen we op asfalt, dus Joyce hoeft alleen maar mee te lopen en te luisteren. Ongemerkt gaan we steeds iets harder. Dat ziet en merkt Joyce ook. Voor mij is het tempo prima te doen. Pas na de vierde kilometer moet ik ook stoppen met praten en een tandje bij aanzetten. Ik krijg nog wel prima besproken dat we op 5 kilometer stoppen voor een korte pauze. Joyce zegt alleen nog ‘ja’. We zijn toevallig precies onder de brug in de schaduw. Binnen een half uur hebben we net niet gehaald. Het scheelt een paar seconden. Het is warm!

We rusten even en gaan weer door. Iets rustiger nu. We voegen zelfs zo nu een dan een wandelmoment in! Geen probleem. Joyce gaat nu op de praatstoel zitten. We lopen langs de Vaart en ja, het is warm, maar het valt mij mee hoe goed ik daar intussen tegen kan.

9 Kilometer maken we vol. In een uurtje. En dan ben ik het opeens wel helemaal zat eigenlijk. De dag is nog niet om! Ik kan ook nog gaan fietsen. Waarom niet he…. De allerbeste reden om het wel te doen zijn de nieuwe helmen! Ik heb een prachtige paars-blauwe helm en Vincent een rode. Passend bij de fietsen.

Vincent gaat een rondje Oostvaardersplassen, maar dat hoeft van mij niet. Ik fiets met hem mee tot de Knardijk via het Kotterbos. Dan is de wind mee vanaf de Oostvaardersdijk voor Vincent. Vincent wil de hele tijd iets harder dan ik. Ik klets weer verder. Bij de paardjes doen we een fotostop.

Op de Knardijk gaat Vincent naar rechts en ik naar links. Ik ga de sluizen over en dan de weg in. De weg is bezaaid met gras, want er wordt gemaaid. Dat is een beetje jammer, want dan kan ik niet voluit gaan met wind mee, maar ik voel ook wat vermoeide benen onder me. Ik fiets een uurtje en 26 kilometer. Vincent is over de dijk heen gevlรณgen en is maar iets later thuis met meer kilometers op de teller. Die helmen doen het goed!

30 Mei Uitfietsen ๐Ÿšดโ€โ™€๏ธ ๐Ÿšดโ€โ™‚๏ธ voor een ijsje ๐Ÿจ

Gisteren heb ik dus de triatlon gedaan. Vandaag uitslapen en uitfietsen. Geen spierpijn. Geen last van plekjes. Alleen vermoeid van nog een nachtje weinig slapen. Vincent ging met me mee fietsen. We gingen een ijsje halen in Almere Haven. Jaren geleden zou hij gaan stuiteren hoe ver dat wel niet is, maar nu komt hij voor het woord ijs in fietskleding aanzetten! Rustig tempo. Dat hoort bij uitfietsen. We reden via Nobelhorst over de witte brug en langs de Kemphaan. Vincent zou de weg terug doen, zonder mijn route te kruisen! Hij heeft intussen een aardig idee van Almere. Het was heerlijk zonnig, vrijwel windstil, prachtig weer. We zagen in Almere Haven een fietser die uit de bocht was gegaan en gevallen. We hebben even gestopt om te vragen of het ging, maar behalve dat zijn derailleur kaduuk was, leek het goed te gaan. Bij Mariola in Almere Haven. Waar de terrassen vol zitten.

We gaan via het Surfstrandje (ook vol) en langs het Kromslootpark richting het centrum van Almere. Soms komt Vincent anders uit dan hij verwacht had, maar er komt elke keer een oplossing. De wegen zijn opengebroken en we willen niet over het Spoorbaanpad. Uiteindelijk fietsen we in alle rust 30 kilometer vol.

Zaterdag 29 mei – Trispiration / GO Virtual Brouwersdam Kwart Triatlon 1000m๐ŸŠโ€โ™€๏ธ40km ๐Ÿšดโ€โ™€๏ธ10km ๐Ÿƒโ€โ™€๏ธ

Een wedstrijd! Eigenlijk zou iedereen van Trispiration de Brouwersdam Triatlon doen, maar wegens Corona gaat dat niet door. En Almere Duin gaat ook niet door. Maar JB van Trispiration helpt iedereen uit de brand: in haar omgeving vanaf het woonschip in Amsterdam IJburg gaan we met de ‘meiden’ zwemmen, fietsen en hardlopen.

Er is een parcours van 1000m zwemmen, een parkoers van 20 km fietsen en 5 kilometer hardlopen. Iedereen mag doen wat hij wil met die afstanden. Ik ga voor de kwart afstand, want die valt mooi samen met de Virtuele Brouwersdam: 1000m zwemmen, 40km fietsen en en 10km hardlopen. Ik vind het best weer spannend. Alles klaarzetten, walgelijk vroeg opstaan, onrust. En natuurlijk werk ‘ik’ weer niet mee: ik hik er de hele week tegenaan en zaterdagochtend barst het maandelijkse feestje zo’n beetje los. Bah. Niks aan te doen. Ik zal het later negeren en doen alsof “mijn neus”. bloedt. Ik trek me er overdag niks van aan. Het triatlonpak is toch rood. Maar ik baal er wel van en het beรฏnvloedt (al een hele week) mijn stemming. Mijn hormonen zijn namelijk buitengewoon onvriendelijk en maken mij niet blij, gelukkig of tevreden over wat-dan-ook. We liggen met elkaar overhoop. Maar vandaag is de opdracht om te genieten! Ik kan er nu toch niks aan doen.

Vincent gaat met me mee naar Amsterdam voor de support. We nemen 1 teamgenoot mee op de weg naar Amsterdam, naast de 2 fietsen, een wetsuit en genoeg voeding. Om 8 uur zijn we er. Sneller dan ik had gedacht is mijn wisselzone klaar. Ik weet het nog prima! Ik ben nogal overweldigd door de grote groep mensen. Ergens schiet het door mijn hoofd dat we hier zijn omdat alles is afgelast en stel nou dat er 1 iemand is die toch besmet is… Blijkbaar gaat dat me onbewust dwarszitten. Met supporters en hulp erbij, zijn er toch zo’n 40 mensen. Om 9 uur is de briefing.

De fietsroute zal korter zijn. Ik wil hoe dan ook de afstanden van de kwart triatlon halen! Voor een aantal vrouwen is dit de eerste keer dat ze iets triatlon-achtigs doen. Zij vinden het vast spannender dan ik. Ik ben niet meer gespannen en ik heb geen zin. Dat is de meest fatale combinatie die ik ken!

Er wordt lang gedraald bij het water, ik spring er als eerste in. Even is het koud, maar al snel wil ik gewoon van start. Maar het duurt even voor er 30 dames in het water liggen. En dan gaan we zwemmen. Ieder zijn eigen afstand, ik doe dus 1000m. Het is redelijk druk, maar ik snap de route wel.

Het gaat best goed, maar mijn benen gebruik ik maar even niet. Gele boei, dan linksaf het IJ op naar de groene boeien. Ik heb geen haast. Dit vind ik wel erg leuk! Dat wel. Richting de brug. Ik maak wel zorgen om de afstand. Op het keerpunt zit ik nog niet op de 500m. De weg terug ga ik wel mijn benen gebruiken. Koud is het al lang niet meer. Ik ga echt weer via de gele boei en dan helemaal terug naar de startboei. Ik geloof dat de meesten genoegen nemen met korter.

Er zijn genoeg meiden voor me om me de weg te wijzen, maar de meesten zitten achter me. Als ik bij de startboei ben, kom ik nog 100m te kort, dus ik zwem nog voor het schip langs op en neer. En dan ga ik via het verre trapje er weer uit. Dat vind ik het spannendste!

Ik heb er ongeveer 25 minuten over gedaan om er 1020m van te maken. De steiger doet pijn aan mijn voeten. Ik heb de tijd bij de wissel, haasten hoeft vandaag niet. Vincent draait heel hard Touch the Sky voor me. Dat vind ik superlief en het raakt me echt enorm. Ik doe niet haastig bij de wissel, maar ik werk wel door. Wetsuit snel uit. Helm op. Bril. Fietsjas en startnummer. Schoenen kunnen gewoon zo aan. Gel eten.

Ik hoor anderen opscheppen: daar gaat nog iemand die ik zo kan inhalen. Zij kan snel fietsen. Ik zie op tegen het parkoers met stoplichten en drukte in Amsterdam. Vreselijk vind ik dat. Vincent heeft de GoPro aangezet en de route klaargezet. Dik 4 minuten na het einde van het zwemmen ben ik gewisseld, het nummer is nog niet eens afgelopen! Helaas is de route klaar als ik de wisselzone uit ga. Ik ga niet terug! Ook niet voor de telefoon. Lastig, maar ik weet het wel qua route zodra ik in het Diemerpark ben. Er fietst iemand voor me. Ik kijk hoe de route is aangegeven en ik volg haar voorlopig eventjes. Bij het stoplicht sta ik naast haar te wachten. Het is geen brug die open staat, maar dit irriteert me enorm. We gaan langs de zwemlocatie en dan het park in. De drukte en onrust is niks voor mij. Bij het Diemerpark fiets ik nog achter mijn teamgenoot en ik roep haar rechtdoor te gaan. Ze heeft de oude route, maar ik herken nu de pijlen op de weg. Voor me ligt een rechte fietssnelweg.

Ik ga liggen, haal haar in en pin het tempo vast boven de 30. Vlak asfalt, ruim pad. Dit is lekker! Het smalle fietspad is vervangen door een breder exemplaar met nieuw asfalt. Doorrammen dus! Ik zie tijdig de pijl naar rechts en dan kom je na een paar bochten achter de energiecentrale. Leuk. Alleen… weer een STOPlicht. GRMBL. Snel een slok sportdrank, maar ik ben een beetje misselijk. Door de periode. Je rijdt langs de energiecentrale. Meer energie denk ik erbij en dat vind ik leuk.

Nog een breed en supergoed fietspad. Dan langs de Maxis en het pad op richting Muiden. Ik ga nog steeds flink hard. De fiets en ik liggen elkaar zo goed! Het startnummer wappert. Ik zie het keerpunt en ga iets verder voor ik omdraai. Er zitten maar weinig dames voor me. Maar dat boeit me niks. Ieder zijn eigen uitdaging. Die van mij zal het zijn om precies 40km te fietsen. Liefst binnen anderhalf uur. Dan ben ik tevreden. Nu gaat de route aan de andere kant langs de centrale. Daar is het fietspad drukker en smaller en… er zijn schapen. Die oversteken. Op het pad liggen. Weg tempo. Maar wel een glimlach.

Ik heb een slechte balans tussen genieten en wedstrijd. Daar zit voor mij een wereld van verschil tussen. Genieten doe ik in de trainingen (ook) en nu wil ik toch laten zien (aan mezelf) wat ik kan en waar ik voor getraind heb op cadans en op de Zwift. Tot nog toe ben ik daar tevreden mee, maar de schapen en het geslinger halen me uit de modus. Leuk is dat je op de fietssnelweg de teamgenoten weer ziet die de andere kant op fietsen. Ik lig zonder moeite op het ligstuur. Me zorgen te maken dat het geen 20 kilometer gaat worden. Amsterdam weer in vind ik een nachtmerrie. Over de brug mogen ook auto’s rijden op het fietspad en natuurlijk doen ze dat steeds als ik er wil fietsen. Klinkertjes, wegen van rechts, overal mensen en dan een stoplicht waar ik lang moet wachten. 1 Licht ‘negeer’ ik. Ik kom weer in de buurt van het schip. Ik hoeft de route niet, maar wel mijn telefoon. Ik zit nog niet op 19 kilometer!

“Je ligt tweede”, roept Vincent, maar dat kan me niks schelen. Ik lig mooi op mijn eigen schema! We proppen mijn telefoon in het tasje. En door…. Ik ben blij dat ik maar 2 rondes hoeft. Ik ben de stille polder gewend.

De beha-brug over en weer (lang) wachten bij de stoplichten. Weer auto’s op de fietsbrug en dan naar de fietssnelweg. Die ligt me leeg uit te nodigen en ik geniet er echt van. Van de kikkers, de zon en het park. Ik besluit mijn extra kilometers te nemen richting Muiden en niet op het einde in Amsterdam. Het bochtje langs de energiecentrale. Ik kijk heel goed uit en ga niet weer wachten bij de stoplichten op niemand. Langs de Maxis. Ik zie veel van de andere meiden en dat vind ik wel erg leuk, maar verder hou ik niet van een heen-en-weertje. Fantasieloos. Degene die achter me ligt moet mij kunnen inhalen: ze is de helft van mijn leeftijd en een echt fietsbeest. Ik had haar liever achter me gehouden, maar ik doe mijn eigen wedstrijd: binnen anderhalf de volle 40km fietsen.

Ik fiets helemaal tot in Muiden en keer dan om. Heb ik nog geen 30km op de teller. Op het keerpunt haal ik nog mensen in en de snelle dame zal me wel inhalen. Heb ik nog een reden te meer om de pedalen nog even wat harder rond te laten draaien! Langs de schapen is het deze keer rustiger en de blaatbeesten blijven op hun rustplekken liggen.

Pas vlak voor het Diemerpark word ik ingehaald. Ik mag achter haar stayeren, maar dat doe ik niet. Op de rechte weg ligt het tempo ongeveer gelijk van ons. Ik ben blij dat ik er bijna ben, maar ik weet dat ik een kilometertje te kort zal komen. Bah. Geloof het of niet, maar ik word voor de derde keer naar het voetpad gedwongen op de fietsbrug door auto’s. En het stoplicht gaat op groen als mijn snelle teamgenoot wel kan doorfietsen en ik een volle en vooral lange ronde moet wachten. Dan de brug over en ik kom inderdaad te kort. Ik ga het wel gemakkelijk halen binnen anderhalf uur. Inclusief de stops en schapen-vertraging. Doorfietsen dan maar en via het tankstation en ommetje maken voor de extra kilometer. Goed idee, tot ik daar weer voor een stoplicht sta! Omkeren, en dan maak ik nog een extra haakje de andere kant op. Dit vind ik helemaal niet leuk.

Voor ik de wisselzone in rij, staat de teller op 40 kilometer en de tijd op 1:28. Ik wil weg en ik ben dit zat. Zo simpel is het. Ik wil zo snel mogelijk naar huis. Ik wissel snel mijn schoenen en doe sokken aan. Vincent hoeft niet mee. Hardlopen! Dat kan ik.

De eerste kilometer loop ik in 5 minuten! Ik stop natuurlijk niet bij het stoplicht en moet even schakelen, maar hardlopen kunnen mijn benen.

Hoewel die benen en ik niet meer kunnen genieten van deze stadse omgeving vol onrust, beweging en prikkels. Ik wil naar huis. Ik heb geen zin. Ik wil hier weg. En 5 minuten per kilometer is onhoudbaar. Om eerlijk te zijn, vind ik op dit moment helemaal niks leuk of goed. De tweede kilometer gaat iets minder snel, maar ik zit boven de 11 kilometer per uur. Dan moeten we zwerven door de woonwijk heen. Ik mis wat lintjes, maar ik snap het idee en loop tussen de bewoners door. Ik neem een stukje perk mee en ga richting het water.

Ineens komt Vincent bij me fietsen net voor de brug. Ik mopper alleen maar dat ik naar huis wil. Vincent doet zijn best optimistisch te zijn (“Je hebt een behoorlijk tempo, mama”), maar het enige wat ik roep is dat ik naar huis wil en wel zo snel mogelijk. Weer een heen en weertje. Er hobbelen wat andere dames, maar ik ben de minst blije op dit moment. Als ik er goed bij had nagedacht, was het grappig geweest. Over 4 kilometer doe ik ruim 21 minuten. Langs het water is redelijk leuk qua uitzicht. Vincent fietst vooruit voor een foto.

Een klein kind wat nog nooit oortjes heeft gezien levert een glimlach op. Er is een grote boot. Ik denk alleen maar: ik wil hier weg. Over 5 kilometer doe ik 26 minuten. Deze route is dan weer iets te lang! Ik keer snel en ga voor het laatste rondje. Daarna mag ik naar huis. Vincent fietst mee en zorgt dat ik kan doorlopen. Ik bedenk me iets: ik wil deze hele kwart triatlon nu binnen 3 uur werkelijke tijd afronden. Hoe laat zijn we gestart? Vincent moet de tijd van de startfoto opzoeken. Bedenk hierbij dat ik dus nog energie heb om met hem te praten en hem dat te vragen! Ik loop rond de 5:25 per kilometer en dat deert mij nergens ook maar een druppel! Het tempo verslapt geen moment. 6 kilometer in 32 minuten. Doordat ik nu een doel in het vizier krijg van de drie uur, zet ik door. 10 uur 37. Zo laat zijn we gestart. Dus ik moet voor 13:37 binnen zijn; dat gaat me lukken. Ik bijt me vast.

Door de wijk en nu langs mensen die met hun fiets hannessen in plaats van het perkje. Ik tel de kilometers wel af nu. En ik weet dat ik het kan halen. Weer langs het water naar het keerpunt. Er lopen andere dames, soms wandelend. Heb ik een inhaaldoel erbij! Na 7 kilometer krijg ik het moeilijker. Ik zeg Vincent dat ik de 8 kilometertijd zal roepen en dat hij moet zeggen hoelang ik nog heb voor de laatste 2 kilometer. Ik reken uit dat ik dat moet gaan redden. Keren en terugrennen. Nu loop ik door het omslagpunt heen. Ik krijg het zwaarder en laat volzinnen achterwege. Ik kan de boten en de omgeving niet meer goed zien. Vincent maakt nog een foto en ik haal iemand in.

Mijn voeten doen zeer. Dat doen ze eigenlijk nooit. Vincent zal aan het einde van het fietspad doorrijden voor de finishfoto. En mijn rode jasje. Ik wil in een hoekje gaan zitten met de capuchon over mijn hoofd. Als hij net weg is, zit de fotografe daar. En de politieauto komt me tegemoet. Die zet voor de sier nog even de zwaailichten aan. Waarschijnlijk voor de vrolijkerd achter me. Doorknallen nu! Over de tien kilometer doe ik 53:21. Vijfdrietweeรฉรฉn, dat kan ik onthouden. Ik ben er blij mee. Dan nog 150 meter tot de finish.

Ik ben blij dat ik klaar ben. Niet tevreden of moe of kapot. Met een marge van 6 minuten zit ik onder de drie uur. Het is mij te druk en onrustig alhier. Ik heb eigenlijk weinig zin om met wie-dan-ook te kletsen. Ergens wel en ook totaal niet. Ik krijg een medaille en eet een mini-bounty. Ik pak mijn spullen geroutineerd in. Nog een bezoek aan de WC en gelukkig valt daar de schade mee. Voor de jaarchallenge van Trispiration laat ik deze 10 kilometer in Noord-Holland mooi meetellen! Ik heb gemiddeld 5:20 gelopen en dat vind ik mooi van mezelf. Ik heb alles netjes voor elkaar en ik ben goed getraind. Maar ik heb niet erg genoten.

Ze bewonderen mijn fiets nog. Ik sta ze te woord en vind het lief allemaal, maar ik moet echt weer wennen aan dit soort grote bijeenkomsten. Omdat iedereen iets verschillends doet qua afstand en tempo, druppelen er mensen binnen. Een aantal ken ik niet eens, een aantal waardeer ik tot diep in mijn ziel. Een uur na mijn finish gaan we weer weg. Mijn fiets wil niet goed op de fietsendrager zitten en we moeten twee keer stoppen om ‘m vast te doen. Het is niet erg ofzo, maar wel extra vermoeiend. Ik ben vermoeid, maar niet moe. Een flinke douche en lekker alles opruimen helpt.

Als Vincent zwemt, ga ik met Rob nog een flink stuk wandelen en niet eens heel rustig. Na de voetencreme hebben mijn voeten niks meer geleden. ‘s Avonds wordt het weer laat door het Streamers-concert. Dan voel ik me moe. Maar niet erg voldaan. Het gebeurt me wel vaker dat dat later pas komt. Ik vermoed dat de hormonen en de onrust er wat mee te maken hebben. Aan mezelf en voor mezelf heb ik bewezen dat ik de afgelopen tijd heel goed getraind heb: ik fiets sneller met een gemiddelde van 28,2 (of 27,5 incl. alle oponthoud) en een cadans van 73 en ik loop harder en gemakkelijker dan ooit. Nu nog wat rust in de hormoonhuishouding en genieten er doorheen mixen en ik heb het voor elkaar als er een echte wedstrijd komt!

Vrijdag 28 mei – Losfietsen Solo door de polder ๐Ÿ”ณ

Morgen een triatlon. Ik ben al in de zenuwen! ‘s Morgens werken en dan inpakken. Hoe was het ook alweer… Druk-druk. ‘s Middags ga ik even een stuk fietsen. Alleen. Muziekje aan. GoPro aan. En gaan. Door de rechte polder. Mijn neus achterna. Geen haast. Ik neem de rechte wegen. Gewoon trappen en lekker niet na hoeven te denken. Op de vogelweg ga ik naar rechts. Dan kan ik langs de Vaart tegen de wind in. Al waait het niet zo hard.

Het gaat lekker. Ik doe niet mijn best. Ik kom weinig mensen tegen. Ik ga langs het water en ik haal lekker iedereen in die ik tegenkom! Ik moet een uur en ik ga ook een uur. Dan maar verder langs het water. Tot bij de atletiekbaan. Terug naar huis. Ik fiets 26 kilometer in 1 uur en 3 minuten.

Donderdag 27 mei Afzien in zone 1 en 2 ๐Ÿ˜ฃ

Vincent op de atletiekbaan en ik ga lekker rustig lopen. Nou ja “lekker”… Ik moet eerst 10 minuten in zone1 lopen en dan 50 minuten in zone 2. Dat klinkt relaxed en ik neem ook een muziekje mee, maar het is totaal niet relaxed. Omdat het warm is geworden plotseling, moet het lijf zich aanpassen en dat lukt nauwelijks in zone 1. De hartslag drijft elke keer het pannetje uit! Ook als ik wandel, blijft het frustrerend zone 3. Ik heb een soort route met plekken waar ik langs wil, maar in dit tempo wordt het een wandeling! Ik vind hier echt geen reet aan. Zone 2 is nog een beetje te handhaven, maar van tempo is geen enkele sprake. Ik hobbel een beetje door de wijken. Kom ik leuk langs tegeltjes met mozaรฏek.

Ik denk dat ik moeite zal moeten doen om 7 kilometer te halen in een uur! Ik kom langs het eerste doel: de gekleurde paaltjes.

Door naar het tunneltje. Echt lol heb ik op deze manier niet in het lopen. Ik ben moe van een werkdag (werkweek) en ik kan geen druppeltje tempo ontwikkelen. Doel twee lukt ook. Doel drie zal wel simpelweg terughobbelen worden.

Op de eerste brug laat ik de frustratie varen en probeer ik te ontspannen en dieper adem te halen. Het is niet anders dan dit. Ineens ga ik harder lopen! Niet dat je zegt echt hard, maar richting de 9 kilometer per uur lukte opeens wel beter. Ik besloot beide bruggen over te gaan en me neer te leggen bij het lage tempo.

Ik zit dezer dagen gewoon niet zo lekker in mijn vel. So be it. Ik hobbel weer naar beneden en als ik me niks van het tempo aantrek en me probeer niet te ergeren, gaat het wat beter. Ik loop door de wijk en merk dat ik best wel boven de 7 kilometer zal uitkomen! In de wijk kom ik nog wat antieke zaken tegen die fotowaardin zijn.

Kon ik maar bijtanken! In mijn hoofd dan. Ik kom ook nog langs een ongeluk bij de busbaan en probeer mezelf gelukkig te prijzen dat ik gezond ben, maar vandaag valt het niet mee en voelt het niet zo. Het zijn de hormonen die me voor de gek houden en bedonderen. Dat weet ik, maar ze nemen een aardig loopje met me! In de overdrachtelijke zin dan. Ik heb nog tijd om de 9 kilometer vol te maken voor ik Vincent langs de baan weer oppak. Nog een paar dagen en dan zijn de noodswings weer voorbij. Wat slecht uitkomt met een triatlon in het vooruitzicht, mok ik dan nog even door….

ECHT HEUS WAAR – een rustdag. Tenminste…. 7 kilometer gewandeld met Rob. Rust jaja

25 Mei De verjaardag en de koppeltraining fietsen ๐Ÿšดโ€โ™€๏ธ binnen en ๐Ÿƒโ€โ™€๏ธ buiten

Vandaag wordt Vincent 15. Hij moet naar school, maar ik breng en haal hem. Ik werk ook gewoon. ‘s Avonds ga ik weer op de Zwift zitten. De instellingen zijn nog steeds niet helemaal goed. Ik zie dat ik berg op ga qua tempo, maar ik voel het niet aan de weerstand. Het was ontzettend druk op de berg en in de dorpjes. Dat hindert mij.

Ik heb een route van 15+ kilometer. Ik moet een uur fietsen vandaag en ik moet me aan het schema houden deze week. Na het fietsen moet ik ook hardlopen. Ik ga het maar eens trouw doen.

Als de route compleet is, ga ik nog een stuk door om het uur vol te maken. Ik kies een ander stuk weg en daar is het prachtig rustig! Net of ik iets beter adem kan halen opeens.

Ik ben wat gefrustreerd door alles en ik heb geen zin om ook maar iets meer te doen dan op het schema staat. Na een uur spring ik dus van de fiets af en ik trek alleen een extra jasje aan. 20 minuten hardlopen koppelen. Dat kan ik prima, maar zonder dat ik daar zin in heb….. dan is het een saai ommetje.

Het lukt met niet om er van te genieten. Ik loop gewoon ‘omdat het moet’. Ik loop steeds ietsje sneller en simpelweg om de wijk heen. Ik ben een beetje mokkig: ik ken het hier wel, 20 minuten is nauwelijks de moeite, ik heb weer geen zin, waarom zou ik dit doen. Ik vergeet dat het tempo en de hartslag prima liggen. Na precies 20 minuten en 3,5 kilometer stop ik. De rest wandel ik liever naar huis! Dat is echt een unicum.

24 Mei Voor ๐ŸŽ‰ en na ๐ŸŽŠ het feest ๐Ÿฅณ fietsen ๐Ÿšดโ€โ™€๏ธ in ๐ŸŒƒ

Er komt visite voor Vincents verjaardag. Opa’s en oma’s. En op mijn schema staat fietsen. Maar dat kan prima om de taart, bezoek en het kletsen heen! Twee keer 25 kilometer. Ik laat mijn horloge aan staan, zodat het 50 kilometer in 1 rit zal zijn. En ik ga twee keer naar New York. Virtueel dan. Haal ik ook de hoogtemeters van de dag! Ik stap op om kwart voor 10. Eerst de route met de klok mee en vanavond dezelfde route tegen de klok in.

Het is lekker rustig in New York. Ik vind dat helemaal geweldig en zalig. Kan ik goed om me heen kijken. Wat jammer is, is dat er ergens iets mis staat bij de connecties, zodat ik de beklimmingen nauwelijks voel. Ik zie ze alleen maar terug in het (superlage) tempo. Dat irriteert me dan.

Dat ik goed kan kijken naar de taxi’s en de gebouwen vind ik geweldig. Zeker nu je de rest van de info uit kunt zetten en het tempo dan ook niet zichtbaar is en geen druk oplegt. Stiekem loopt het hoogteverschil op en daardoor doe ik er iets langer over dan ik had gepland. Gelukkig blijft er meer dan genoeg tijd over om de taart te maken.

Na een middag met wafels en kletsen en opruimen, stap ik om half 8 weer op de fiets. Weer New York, weer dezelfde route, maar nu omgekeerd. Het is een stuk drukker! Ik ben meer bezig met appen dan met de ‘omgeving’. De beentjes trappen gewoon door.

Ook na de route gewoon verder gaan. Want ik zal toch echt twee keer 25 kilometer moeten scoren! Snelheid is niet echt het toverwoord, maar ik hark ook bijna 800 hoogtemeters binnen. Als ik afstap en de administratie heb bijgewerkt, heb ik twee medailles verdiend: voor een virtuele rit van 50 kilometer en voor meer dan 600 hoogtemeters.

Categories: Geen categorie | Leave a comment

2021-15 GEEN ZIN

23 Mei 2021

Ik heb geen zin. Ik bedoel GEEN ZIN. Ik wil op de bank zitten. Achter de computer hangen. Een boek lezen. In bad gaan. Maar ik zou zo trouw mogelijk het schema volgen deze week. En daar staat 3 kwartier hardlopen . Een kwartier zone 2, een kwartier zone 3 en een kwartier zone 4. En daarna uitfietsen. Maar ik WIL niet. Nou is dat geen excuus. Ben ik geblesseerd? Nee. Kan ik niet in hartslagzones lopen? Nope. Moet ik andere dingen doen? Helaas kan ik niets (meer) verzinnen. Doe het voor mij, appt het hardloopmaatje. Dat geeft de doorslag. Als ik zelf dan niet wil, dan doe ik het voor de rest.

Kilometer 1 is voor mijn hardloopmaatje. Die is met vakantie op de Veluwe en heeft dat al tig keer moeten verzetten en nu is hij niet lekker. Kan hij niet hardlopen. Ik moet me inhouden voor zone 2, maar dit doe ik voor jouw maat! In onze saaie omgeving.

Kilometer 2 is voor MV van het team van Trispiration. Die erg last heeft van de coronaprik en ziek thuis zit in plaats van de trainingen kan volgen. Ik krijg er niet meer zin van, maar wat haar niet lukt, doe ik dan wel voor d’r.

Kilometer 3 is voor mijn kind die niet mee wilde lopen, omdat hij moet fietsen. In etappes. Lerend. Ik neem straks wel een etappe over! Doe ik ook nog iets voor hem. Fietsen is wel leuk. Maar dit lopen op de handrem in zone 2 is geen hol aan. Blijven lachen hoor ik hem zeggen. Grimas.

Kilometer 4 is voor paps. Na heel veel corona heeft hij nu weer last van de tweede prik! Hij is beschermd, maar het schiet niet op zo. Het tempo zit er aardigjes in. Zonder zin. Ook zone 3 flipper ik snel uit.

Kilometer 5 is voor vriendin MBB die niet meer kan afzien na heel veel perikelen en vanmorgen een 5 kilometer wedstrijd liep sinds tijden. Ze wilde en haalde het binnen de 30 minuten. Ondanks dat zij vindt dat ze niet meer kan afzien, heb ik grote bewondering voor hoe ze dit voor elkaar krijgt! Ik met mijn gehannes en gebrek aan zin loop PRECIES haar tijd. Niks toeval.

Kilometer 6 zit ik in zone 4. Wind tegen. Voor mezelf. Dit doe ik voor mezelf. Kop in de wind, vooruit kijken en trappen. Dat het maar zo snel mogelijk voorbij is!

Kilometer 7 is voor de trainer. Ik kan schelden en het is goed om aan hem te denken, want ik let weer op de looptechniek. Viaduct op. Ik begin dit enorm zat te raken. Zone 5 blijft elke keer in de buurt. IK VIND DIT HELEMAAL NIET LEUK EIGENLIJK. Netjes lopen-let op de loophouding-blijf lachen ๐Ÿ˜† ROT F.

Kilometer 8 is voor al die medelopers voor wie 11 kilometer per uur onhaalbaar is. SD, WvB, ID en al die vrouwen die volgende week in Amsterdam hun eigen triatlonuitdaging aangaan. En voor al die lopers voor wie 11 kilometer per uur een makkie is. PL, AM, de meeste mannen. Als de drie kwartier erop zit, moet ik de kilometer voor al die mede-lopers afmaken. Het is een snelle kilometer.

Kilometer 9 is het helemaal klaar. Zo totaal geen zin meer. Ik had al niks, maar nu is het op-op-op. Kan ook niemand meer verzinnen. Maar ik wil naar huis. Als ik wil gaan wandelen, zie ik de buurman staan. Kan ik niet wandelen dus, want hij loopt ook hard (en veel harder) en moedigt me aan. Er is geen zin bij komen kijken, maar ik heb het wel gedaan! Voor iedereen. Door mij.

Na het avondeten maar uitfietsen. Op de Makuri Islands. Met aardrijkskunde erbij. Ik neem inderdaad een etappe over van het kind.

Ondertussen hadden we het over Berlijn. En kon ik genieten van het moois van de Makuri Islands. Ik fietste bijna 3 kwartier. Van het uur, maar dat mocht ook korter van het schema. En daar heb ik me voor 1 keer deze week dan ook aan gehouden, aan ‘korter’. Op het schema stond 8,5 uur. Ik heb weer ruim 10 uur gemaakt (en 2 uur gewandeld). Best netjes toch? ๐Ÿ˜‡

Categories: Geen categorie | Leave a comment

2021-14

Maandag 10 mei Hoge Cadans en de GoPro ๐ŸŽฅ

Ik heb een nieuw speeltje: een GoPro. Dat is een superkleine camera, zo klein als je hand en daar kun je foto’s mee maken en filmpjes. Het dingetje is waterdicht en zou moeten reageren op stemcommando’s, maar dat is nog lastig voor me. Ik heb een steun voor op de fiets en die ga ik deze avond proberen! Vincent rijdt naar de training en ik ga mee. Mijn doel is de Hollandse Brug. Die wil ik op en af.

Al roepend tegen de GoPro (make a photo) kom ik door stukken van Almere die ik nauwelijks herken! Dat leidt me erg af en ik heb geen idee of ik foto’s maak of niet. Niet, zo blijkt achteraf. Intussen hou ik de cadans hoog. Ik probeer minstens 75 keer per minuut een rondje te trappen en liefst tachtig keer. Dat is in het begin wennen, maar het gaat steeds beter. De snelheid lijdt er niet echt onder merk ik tot mijn verbazing. Ik kom op het Spoorbaanpad uit (via een omweg) en ik merk dat de hoge cadans me ook helpt om de bochten wat soepeler te nemen. Als ik de brug opga en even moet wachten bij de stoplichten zet ik de GoPro handmatig aan. Om te bewijzen dat ik over de brug fiets! Ik ga lekker heen en weer.

En dan langs Almere Duin. Er is nauwelijks wind, maar ik zal dat het kleine beetje wind-mee op de dijk hebben. Bij Almere Duin stop ik even om de GoPro uit te zetten handmatig.

Het water is spiegelglad! Zo zie ik het echt heel zelden. Er komt een waterig zonnetje door en het fietst prima. Al luistert de GoPro niet naar me en dat is wel jammer natuurlijk. Maar dat weet ik dan nog niet. Ik roep van tijd tot tijd: GoPro-make-a-photo, maar kan niet controleren of het werkt. (niet dus) Ik rij langs het Blok van Kuffeler en dan ga ik door het Wilgenbos. Ik zet op de brug nog een keer de GoPro aan.

Het Wilgenbos is een feest van tinten groen! Prachtig. Daar zie je echt dat de natuur opknapt van regen afgewisseld met hete zonnige dagen.

Ik kom bij het sluisje en film ook dat ik daar overheen ga.

Dan fiets ik terug naar de atletiekbaan. Al die tijd heb ik mijn cadans heel hoog gehouden. En dat bevalt prima! Oei, schrijf ik dat nu echt op… Ik pik Vincent weer op en dan maak ik de 50 kilometer vol. Dat lukt niet binnen 2 uur, doordat het druk was in de stad in het begin denk ik. Maar ik ben supertevreden met een gemiddelde cadans van 80!

Dinsdag 11 mei – Lunchwandeling voor de badge ๐Ÿ›ก en een hele rustige loop met Vincent ๐Ÿƒโ€โ™€๏ธ ๐Ÿƒโ€โ™‚๏ธ ๐ŸฆŒ

Tussen de middag spoeden Rob en ik ons naar de Plus. Ik neem deze lunchwandelingen op en samen dragen ze bij aan de wandelbadge die ik met Garmin kan verdienen. De Plus is net niet ver genoeg weg, dus ik maak de drie kilometer vol na het werk.

‘s Avonds hebben Vincent en ik een soort overeenkomstige training: hij moet heel rustig en ik pak de zone 1/2 training van morgen, omdat ik daar zin in heb. 10 Minuten in zone 1 of laag in zone 2 en dan een minuut wandelen. Dat gaat me wel lukken! We nemen het gewone rondje langs de Oostvaardersplassen met een klein ommetje door het Kotterbos. Het is overal lekker rustig.

We tellen de tien minuten met de hand af en het wandelen ook. Dus de eerste pauze is na tien minuten, maar de tweede pas na 21 minuten! Ondertussen is er ruimte genoeg om te kletsen. Vincent rent over de berg heen.

Als we langs het water rennen, gaat in de verte de zon bloedrood onder. Er zijn veel dieren op de Oostvaarders-vlakte. Het is rustig met mensen op dit tijdstip. We rennen nog door het bos achter het centrum en daar staan een stel hertjes ons aan te staren.

Wij gaan om ze heen en laten ze lekker grazen. De negen kilometer moeten we wel zo’n beetje volkrijgen, als we zo’n 6 keer de opdracht voldoen. We maken nog een ommetje achter de wijk langs en dan is het mooi geweest. Zon onder, oogjes toe.

Woensdag 12 mei. Geen Sport. ๐Ÿ“›

Werken, naar de sportdietist (wel bezig met sport) en dat is het dan.

Donderdag 13 mei Fietsen ๐Ÿšดโ€โ™‚๏ธ op een warme โ˜€๏ธ Hemelvaartsdag.

Vincent gaat logeren bij een vriend met zijn club maten en hij gaat daar rennend heen. Ik ben wat moe en suffig vandaag, geen idee waarvan precies. Ik wil een beetje lui zijn, maar echt stilzitten kan ik niet goed. Als we Vincent zijn spullen brengen, blijkt het heerlijk warm te zijn buiten. Door een rennende en zwemmende Vincent moet ik toch ook naar buiten! Ik kies voor de fiets en de GoPro. Of ik echt zin heb, weet ik niet zeker.

Ik ga eerst door het Kotterbos en plan een rondje om de Oostvaardersplassen. Cadans hoog en go-pro-make-a-photo proberen te zeggen, maar vooral fietsen. Muziekje aan en trappen maar. Ik ga hard. Het is simpel: ik haal een heleboel dagjesmensen in en hou de cadans hoog. Ik merk maar weinig dat ik wind tegen heb, maar de windmolens laten toch zien dat er wat moet zijn! Misschien moet ik eens vaker een dagje rust proberen… op de Knardijk ga ik filmen. Zodat je ziet hoe lastig het is om andere fietsers en parkerende auto’s te ontwijken. Omdat het versneld is, ziet het er nog enger uit!

Nu heb ik echt wind tegen en ik ga lekker liggen op de fiets. Dat helpt. Ik trap gewoon hard door. Dan ben ik er het snelste vanaf. Aan het einde van de dijk stop ik de opname met mijn stem – ja, het lukt een keer! Ik ga de dijk over om te kijken wat er voor rare schoorstenen varen.

Het blijken onderdelen van windmolens te zijn, die -heel slim- over water naar Lelystad worden vervoerd. Als ik de foto maak, kruist een wandelaar mijn pad die al 45 kilometer onderweg is en nu op zoek is naar een bushalte. Stoer hoor. Daar kan ik even op fietsen, op zoveel energie! Ik ga liggen en ik ga snoeihard.

Ik ken mensen die 37 kilometer per uur heel normaal vinden (urenlang), maar voor mij is het echt top! Het gaat heerlijk, de cadans is hoog en de fiets past me echt als een verlengstuk. Ik zit /slash/ lig helemaal op mijn gemak. Iedereen die voor me fietst, wil en zal ik inhalen. Ik vlieg gewoon door de zon de dijk over! Ik moet hierna hardlopen koppelen, maar ik zie daar echt tegenop. Dus ik besluit maar even lekker door te fietsen.Nu het zo heerlijk gaat, moet ik daar maar van profiteren!

Al die tijd snort de GoPro mee. Ik kan dat niet goed zien, maar ik maak me er ook niet druk over. Ik sjees de dijk over. Ik besluit om binnendoor te gaan bij de Noorderplassen. Hopelijk is het niet zo druk. Zeker aan het begin is het dat wel en dan realiseer ik me dat ik boven de 30 rij en dat de recreatiefietsers en wandelaars echt tijdig opzij moeten. Op het smalle fietspad is het gelukkig helemaal stil en hoeft ik alleen maar te genieten van het groen.

Bij de rode ophaalbrug zet ik de GoPro eindelijk uit. Ik twijfel even, maar wil dan toch terug over de dijk en langs onze ‘eigen’ route langs de oostvaarderplassen naar huis. Ik ga vandaag zeer, zeer zeker de 50 kilometer halen binnen 2 uur! Liefst hou ik mijn gemiddelde ook eens boven de 27, net als alle anderen altijd lukt. Ik merk dat ik wind tegen heb, maar ik zit/lig nu zo lekker op mijn fiets, dat het gemiddelde hoog blijft. Foto’s maken met de GoPro lukt me echter niet zo goed met de stembediening. Blijkbaar lukt het me wel om de Recording aan te zetten.

Langs de plassen is het gelukkig rustig, want ik heb wind mee. Ergo: het gemiddelde kan nog flink omhoog! De dertig haal ik niet, maar voor mij is 29 echt super-super-knap. En vooral dat ik zo ontzettend lekker en vol vertrouwen heb gereden. Mijn cadans ligt op 78. Ik ben echt tevreden als ik thuiskom, maar ik heb geen enkele zin meer om te gaan hardlopen, dus die skip ik mooi!

Vrijdag 14 mei BUITEN in open water ZWEMMEN ๐ŸŠโ€โ™€๏ธ

Vorig jaar om deze tijd zwommen we alleen maar buiten, maar dit jaar blijft het weer -op z’n zachtst gezegd- wat achter. Vandaag gaan we echter met een groep van Trispiration zwemmen in Amsterdam. Die beginnen al om 6 uur en ik vind dat met eten een crime. Gelukkig rijd ZGvG met me mee en hoeft ik er niet alleen heen, want ik vind het best spannend! Is het niet te koud? Kan ik wel goed genoeg zwemmen? Hoe ga ik dit ervaren? Ik ga in mijn oude wetsuit, want die krijg ik snel aan. Eigenlijk sta ik even voor zessen te popelen om het water in te gaan! Ik droom altijd over zwemmen buiten en nu ik hier op het punt sta om het water in te gaan, kan ik nauwelijks meer wachten. Er zijn veel meiden van het team.

Mijn eerste reactie is: het valt mee met de kou! Na de hels koude fietstocht naar Zandvoort toe, is dit lang zo erg niet Ik spring erin en kan gelijk zwemmen. Even wat schoolslag, maar al gauw in borstcrawl. Rustig aan. mijn bril zit goed, mijn wetsuit vertrouwd, het water boezemt me geen angst in. En ik kan mijn benen gebruiken! Ik ben รฉรฉn van de weinigen hier die geen handschoenen of zwemsokken aan heeft, maar ik mis er niks aan. Ik ga naar de boei en door naar de andere groene boei. Heerlijk! Ik geniet van mijn vingertoppen tot mijn tenen. Het water om je heen. Rust, stilte, kracht, slag na slag. Jammer dat je niks ziet in dit water. Ik ga om de groene boei heen en weer terug. Geen golven, geen vermoeidheid en ik zwem in de buurt van een andere gele boei. Ik voel me supersterk! Ik ga richting de brug naar de rode boei en ik heb er nog lang geen genoeg van, dus ik zwem weer naar de verre groene boei. Ik kan zelfs met beenslag en 1 op 4 ademen (met gemak) tempo maken en ik zit helemaal in de slag.

Er zijn zwemmers om me heen, maar toch doe ik dit lekker allemaal zelf. Het voelt supergoed! Ik ga nog een keer helemaal terug en dan denk ik: waarom zou ik nu niet de 2000m volzwemmen die ik 2 keer per maand ‘moet’ halen? Ik ga die laatste 400m ook! Ik zwem naar groen terug, naar rood, weer naar de dichtstbijzijnde groene, naar een scheve rode en weer terug naar de groene. Onderweg maak ik een praatje met de (bijna jarige) teamcoach; ja, dan lig ik even stil en kun je prima kletsen. Nog steeds niet koud, nog steeds kan ik zwemmen met beenslag en ik ga nog รฉรฉn keer naar de rode boei. Ik vind een rondje zwemmen leuker persoonlijk. Op de Garmin maak ik de 2000m ruim vol (2040), maar de Apple Watch houdt het op 1997m. Ik vind het zeer zeker tellen! Heel blij en opgewekt kom ik het water uit. Wanneer weer?

Pas in de auto op weg naar huis, koel ik wat af. het enige nadeel is dat ik een (heftige) schuurplek heb in mijn nek van het wetsuit.

Zaterdag 15 mei: Een triatlon ๐Ÿƒโ€โ™€๏ธ ๐ŸŠโ€โ™€๏ธ ๐Ÿšดโ€โ™€๏ธ in 3 delen met eigen afstanden ๐Ÿˆ, eigen pauzes โคต๏ธ en een eigen volgorde ๐Ÿ”€

‘s Ochtends ga ik hardlopen met de trainer. We gaan vanuit zijn werkplek bij de Koploper, voor als hij onverwacht moet opdraven. Ik heb een route rondom Lelystad van 11 kilometer. We moeten nodig een bijkletsen: over de vakantie in Zandvoort, over zijn werk wat hij weer bijna volledig doet, over alle afgelaste wedstrijden, over dieten en eten, over wie het koppigst is (wat ik met glans win), en over doelen en plannen en ideeรซn. Het loopt heerlijk! Wel veel verhard, maar dat houdt het tempo er in. Ik ben best verbaasd hoe snel wel lopen eigenlijk. Het is lekker weer. Al heb ik het wel warm.

Echt vernieuwend is de route niet. Wel een afwisseling van landelijk en rustig en langs wat grotere wegen. We komen ook door een stuk bos, maar daar klaagt de trainer over de modder. Daar geef ik nou niks om. Dan maar even wandelen, maar ik ga er gewoon doorheen hoor.

Zoals het een goede trainer betaamt, heeft hij het ook nog over looptechniek. Eigenlijk ben ik te eigenwijs om daar naar te luisteren ;-), maar ik hoor hem wel heel goed! En na 9 kilometer ga ik het toch (stiekem) even proberen of letten op looptechniek en pasfrequentie nou helpt en jawel… We lopen de tien kilometer vol binnen een uur. En dan door naar de 11 kilometer door de woonwijk. Met een keurig gemiddelde van 5:57.

In de ‘wisseltijd’ tussen het lopen en het zwemmen, bouwen Rob en ik verder aan de auto van Lego.

‘s Middags hebben we zwemkaartjes voor het bad de Sijsjesberg, Vincent en ik. Het wetsuit is nog niet droog, maar hoe moeilijk kan het zijn om in verwarmd water te stappen? Nou… het valt me flink tegen! Ik vind het de eerste stappen best koud zo in mijn trisuit… Ik sta voor de langzame baan ingeschreven, maar daar val ik wat uit de toon met mijn borstcrawl en achtje. Ik ga 500m (dat is 5 keer op en neer) met achtje. Ik verhuis naar de andere baan, waar Vincent ook gaat zwemmen. Dan doe ik 500m zonder achtje, zonder wetsuit รฉn met benen! Dat hou ik gewoon vol! Ik ben verbaasd. Maar na 500m telt mijn Garmin van de kilometer pas 800 meter. Verdikkie. Ik ga 500m met achtje zwemmen. De andere zijn misschien wat sneller, maar ik hou dit eindeloos vol. En ik weet niet of de andere ook al 11km hebben hardgelopen vanmorgen (misschien wel meer).

Na de 1500m ga ik 300m met paddels zwemmen. Dat is lang geleden en dat voel ik best in mijn armen! Ik zwem nog 300m zonder hulpmiddelen. Dan zitten er toch echt wel 2000m op, zelfs volgens de Garmin. Ik zwem nog 100m schoolslag en daarna nog 100m met achtje. Dan ben ik het wel zat. De donkeren wolken komen er aan. Het noodweer barst los als Vincent zijn tien minuutjes hardlopen-koppelen-aan-zwemmen uitvoert.

Tja, dan ben ik er nog niet helemaal natuurlijk…. In de volgende wissel maken we de Lego-auto af en eten we iets. Ergens heb ik niet meer veel zin om te fietsen, maar ach, ik ga gewoon. Ik hoeft ook niet lang. In Watopia is het rustig en ik ontdek dat je het scherm van alle toeters en bellen kunt ontdoen.

Ik fiets geen route ofzo, gewoon mijn virtuele neus achterna! Dan bedenk ik dat ik alle afstanden van de Jaarchallenge van Trispiration wel kan doen vandaag: ik heb al 11 kilometer gelopen, 2200m gezwommen en nu kan ik ook nog 33 kilometer fietsten! Ik koers wel op de vlakke stukken af. Daar gaat het tempo wat omhoog, maar ik voel dat ik al wat uurtjes heb gesport vandaag.

Uiteindelijk ben ik na 33 kilometer weer ongeveer bij het startpunt.

Mijn eigen triatlon van de dag! Met eigen afstanden, eigen volgorde en eigen pauzes. Eigenwijs he ๐Ÿ˜‰

Zondag 16 mei. Een koppeltraining ๐Ÿšดโ€โ™€๏ธ ๐Ÿ“Ž ๐Ÿƒโ€โ™€๏ธ die een motivatie-zoektocht werd

Een dag vol Hollandse regen. Nodigt uit tot bankhangen en uitslapen. Of bloemen bouwen van Lego. Een beetje achter de computer zitten. En binnen fietsen. Dan maar. Ik heb nog een koppeltraining staan van bijna 2 uur, maar dat gaat ‘m zeer zeker niet worden, want daarvoor ontbreekt alle zin. Alle wedstrijden in juni zijn van de baan, de vakantie is van de baan en wat is er eigenlijk nog over om hard voor te sporten, vraag ik me de laatste dagen van tijd tot tijd af. Ik heb geen intrinsiek doel, niks om voor te denken: als het regent, moet ik ook. En dat helpt me niet. De bank, uitslapen, een warm bad: het is allemaal zeker zo uitnodigend. Het enige wat ik me nog kan indenken zijn de badges van Garmin. Zou mooi zijn als ik deze maand level 5 kan worden. Daar moet ik 500 punten voor halen. Ik heb er nu 496…. Voor een extra punt moet ik nog 300 meter hardlopen. Dat vind ik de moeite niet. Dus toch een koppeltraining. Als ik 15 kilometer fiets haal ik nog 2 punten binnen en dan lijkt het erop! Op de Tacx dus! Anke gaat een stukje door Londen.

Maakt mij niet uit hoe en waar, maar zonder heuvels graag. Ik app ondertussen wat en de regen trekt weg. In Almere dan. Ik check de buienradar nog een keer en dan begint het grappig genoeg virtueel te regenen in Londen! Toch geen voorbode…. Dan word ik liever virtueel nat!

Ik haal 15 kilometer net niet in een half uur, maar ik maak ze vol in 31 en een halve minuut. De lange hardloopbroek heb ik al aan, dus ik hoeft alleen de fietsbroek uit te trekken en hardloopschoenen aan te doen. Door de achterdeur was ik minder dan 5 minuten later buiten om 5 kilometer te gaan hardlopen. Ik wilde niet kijken hoe snel. Dus ik liep gewoon een rondje om de wijk. Dan kan ik al terug na een kilometer. Of twee. En daar had ik me toch zin in! Badge binnen, koppeltraining is gedaan. De eerste kilometer ging in 5:47. Prima. Dan onder de bomen door. Tussen de honden door. Iedereen gebruikt dit droge momentje om de hond uit te laten.

Kilometer 2 overdrijft met 5:22. Natte blaadjes he. En geen zin. Dan loop ik maar harder om er sneller vanaf te zijn. Het idee was om 10 kilometer binnen 55 minuten te lopen, dus ik bedenk dat ik 5 kilometer in 28 minuten zou moeten halen. Of ik hou het bij 3 kilometer. Wanneer moet ik een triatlon doen? Waarom moet ik dat snel doen? De derde kilometer gaat in 5:21. Dat verbaast me. Weinig natte blaadjes hier. Wel honden, maar die hol ik voorbij. Allemaal. 4 Kilometer. Gewoon vanaf het einde van het fietspad naar huis rennen. Is ook prima. Het onverharde pad ga ik alleen op als het leeg is. Helaas. Het is leeg. Onverhard is langzamer. Kilometer 4 gaat nog sneller zelfs in 5:20! Ik loop inwendig alleen te vloeken en te mopperen en te balen en ik ga harder en harder! Ik heb gister nog 11 kilometer gelopen. Ik heb wel tien redenen om dit vandaag niet te hoeven. En als ik er een half uur over doe is het net zo prima als 28 minuten. Maar ik loop gewoon hard door en zet zo langs het park nog wat extra aan. Why not? Hoe eerder ik klaar ben hoe beter. 5 Kilometer in 27 minuten. Zeven-en-twintig. Klaar. Bezweet. Een beetje moe. En trots. Dat je met zoveel tegenzin zo snel ergens kunt komen. Dat ik voor 15km fietsen en 5 kilometer hardlopen net iets minder dan een uur nodig heb. Met wisselen erbij 62 minuten.

En die badges? Voor het hardlopen is het punt binnen, maar voor het fietsen… kom ik achthonderd meter te kort!!!!! Nog 3 punten tot de 500, maar vandaag gaan ze er niet meer komen!

Maandag 17 mei Fietsen om kleding te passen met thee โ˜•๏ธ onderweg! ๐Ÿšดโ€โ™€๏ธ

Vincent heeft training, ik hoeft maar een uur te fietsen. Op een hoge cadans “hoger dan je fijn vindt”, staat er op het schema. Eigenwijs als ik ben, zou ik deze week WEL eens het hele schema zo netjes mogelijk willen volgen! Dus ik ga op een cadans boven de 80 fietsen. Door de stad naar vriendin KH. Zij heeft kleding in de aanbieding. Het is vaag of ik ze mag overnemen, omdat ze bij een team horen. Ik ben benieuwd of ze me passen. Maar eerst drinken we thee! Fijn om weer eens bij iemand op visite te zijn, zonder corona-angst. De kleding zit me als gegoten!

Alleen kan ik ze niet meenemen op de fiets! Ik fiets weer naar de training van Vincent toe en dan terug naar huis tot ik 25 kilometer heb gefietst. Niet erg snel, want dat geslingerd door de stad bevalt me niet zo. Maar wel met een gemiddelde cadans van 85! Rob en ik gaan met de auto de kleding halen en blijven dan lang hangen om te kletsen.

Dinsdag 18 mei Intervallen rennen โฑ

Die intervallen zijn mijn ding niet: ik zie er altijd tegenop. Dat je korte tijd hard moet. ๐Ÿ˜‘ Vandaag gaan Vincent en ik dezelfde route: ik loop 20 minuten zone 1 met hem mee en Vincent gaat dan verder in zone 1. Ik moet dan volgens het schema 20x anderhalve minuut in zone 4 met anderhalve minuut rust er tussen. Om binnen een uur -zoals ook op het schema staat- te blijven zijn 15 versnellingen genoeg. We gaan richting de dijk. Ons gezamenlijke tempo is laag, gezellig en met de rem er vol op.

Dan ga ik er vandoor. Anderhalve minuut, dat is 90 tellen en die tel ik af. Keer op keer. Niet hardop, maar het leidt mij af en ik heb een idee hoe lang ik moet. Ik kan goed tot 90 tellen. In de rust app ik met Vincent dat ik wel tot aan de dijk kan en terug als hij de afslag eerder neemt. Anderhalve minuut pauze zijn een minuut wandelen en een minuut dribbelen. Het gaat redelijk. Leuk is anders, maar dit is prima te doen.

De vijfde is natuurlijk de dijk op! Vincent verveelt zich intussen een beetje en fotografeert om zich heen ๐Ÿ™‚ Het is gemakkelijker als de ander uit beeld is. Ik kan maar anderhalve minuut terugappen. En dan versnel ik weer 90 tellen. Ik zie Vincent in de verte. Intussen heb ik er al 10 versnellingen op zitten.

Ik haal Vincent bij en zijn training zit erop. Hij gaat me ondersteunen. En hij houdt mijn telefoon en kapotte hoesje vast.

Vincent loopt nogal moeiteloos met me mee (GRRR) en heeft nog adem te over voor opbeurende teksten. “je bent er bijna” “Het gaat goed hoor” “je bent op een derde” En ik maar denken en tellen: ik ben op tweederde, het gaat niet zo lekker! Maar dat kan ik net zeggen in de rustpauze. Ik ga er zeker 15 doen en Vincent opteert de 16 keer. Het enige wat hij van mij mag zeggen is dat ik hier vast sneller van wordt… Hij heeft zelfs energie om me te filmen! Ik ga niet heel rustig hoor, maar het verschilt nogal tussen de ene en de andere of ik net boven of net onder de 12 kilometer per uur loop.

We gaan de brug op nog een keer een versnelling aan. Zucht. Ben ik er al? Ik zit op de 15! Maar goed, ik doe er in de straat nog รฉรฉntje… Vincent maakt een foto en zwaait naar de buren.

Ik zit al op een uur. Ruim. Als ik nog een extra rondje om het huis maak, doe ik interval 17 er ook nog bij. Intussen heb ik het aardig warm ondanks de korte broek! Zoals altijd ben ik trots dat ik (bijna alle) intervallen heb gedaan! Misschien word ik er wel sneller van…

Woensdag 19 mei Rustig hardlopen in Almere Poort en intervallen fietsen

Op het schema wat ik zo nauwkeurig wil volgen staat eerst een half uurtje fietsintervallen en daarna een uur hardlopen op 9,5 kilometer per uur. Echter, de praktijk wijst anders uit: werken, Vincent naar het zwembad brengen en daar tussenin fietsen voordat ik rond het zwembad kan hardlopen, wordt ‘m niet. Dan maar eerst hardlopen. Lekker rustig mag ik. Mooi tussen de buien door! Ik loop extreem relaxed en voor mijn gevoel rustiger dan rustig. 6:15. Naja. Dan kom ik de schapen tegen op de weg.

In een prachtig zonnetje dus! Het leuke is dat ik niet precies weet hoe ver ik ga komen. Kilometer 2 en 3 gaan (ook) rond de 6:10. Ik kan er niks aan doen hoor. Ik ga ietsje sneller elke keer! En dan denk ik: laat ik een piramide lopen op gevoel. Elke kilometer ietsje harder tot en met kilometer 5 en dan weer elke kilometer iets rustiger. Kilometer 4 gaat zo langs het strand gaat weer ietsje sneller. Laat ik de 9,5 kilometer per uur maar loslaten… Ik loop tot de start van de Duintriatlon de dijk over. Ik zal straks door de wijk terug moeten, maar ik heb geen idee hoe. Ach, Vincent moet zich ook omkleden! Op de dijk trekt de wind aan. Ik weet wat dat betekent ๐ŸŒง en dat hadden we niet afgesproken!

Kilometer 5 gaat in 5:52. Nu dus weer rustiger aan. Tot 10 kilometer. Dan begint de regen. Onvermijdelijk. Niks aan te doen. Doorlopen maar. En gniffelen om alle mensen die net als ik de buienradar geloofden en hun hond uitlaten! Ik ga de wijk in en heb geen idee, maar het gaat rechtdoor. Kilometer 7 gaat weer boven de 6 minuten. Rond de 6:10. Ik moet doorlopen met die regen en dan gaat kilometer 8 de mist in! Ik loop net ietsje harder dan kilometer 7! Daar baal ik dan van. Ik kom langs het Klokhuis. Druppend.

Nu heb ik niet meer zo’n goed idee welke kant het topsportcentrum op is. Ik vertraag wat, maar de auto laat me te netjes voor! Toch pak ik de vertragende draad weer op door ondertussen te SMSen met Joyce dat ik ook nat geworden ben. Buienradar in de ban!

Ik loop rondjes om het zwembad in de regen om de tien kilometer vol te maken in een dik uur. Dan neem ik Vincent mee naar huis die net zo nat is, maar afgedroogd.

Donderdag 20 mei RUSTDAG – wandelen mag! ๐Ÿšถโ€โ™€๏ธ ๐Ÿšถโ€โ™‚๏ธ ๐ŸฆŒ

Qua werk en kind (naar de orthodontist brengen) is het vooral onRUSTdag. ‘s Avonds moet Vincent hardlopen en gaan Rob en ik een stukje wandelen. Als het droog is. Ik dacht aan naar de berg en terug, maar als we Vincent zijn tegengekomen, lopen we verder langs de Oostvaardersplassen. En opeens staat daar aan het begin van het pad een hert met een groot gewei. Ze zijn groot! En mooi.

De kleuren zo tussen de regen en de zonsondergang zijn fenomenaal. Ik heb de verkeerde schoenen aan, mijn stadsschoenen. Dat merk ik na ons ommetje van 5 kilometer! Maar alle onrust is verdwenen.

Vrijdag 21 mei 10+11 kilometer in Limburg ๐Ÿƒโ€โ™€๏ธ met ๐Ÿšถโ€โ™€๏ธ-elementen (of is het omgekeerd?)

Voor de Trispiration Jaarchallenge doe ik in het eerste halfjaar 2 provincies aan om 10 kilometer te hardlopen. Het plan voor mei was 11kilometer in Groningen combineren met 11 kilometer in Drenthe. Route klaar, maar een dag vol regen houdt ons tegen. In Limburg lijkt het minder regenachtig te worden, dus Joyce maakt snel een route. We gaan naar Mook. Helemaal boven in Limburg. Als we niet uitkijken zitten we in Gelderland. Als we de Maas overgaan, heet het Brabant. Anderhalf uur rijden is voor ons anderhalf uur bijkletsen! Ik heb er voor vandaag een hard hoofd in: misschien is dit de dag dat het niet lukt? Dat denk ik altijd, dus het is niks nieuws.
In de auto op de weg terug, kletsen we over de route die we hebben gedaan vandaag. (JW= Joyce, AB, dat ben ik)

JW “In het begin was het meteen zoeken! Hoe vaak hebben we het nou gedaan met een route en het is elke keer weer even wennen! Maar het was wel duidelijk Limburg met die grote schuur. Ik had een route onverhard gemaakt.” AB “En eigenlijk viel het meteen een beetje tegen met de heuvels. Het ging niet steil omhoog ofzo, maar wel op z’n minst heuvelig. Voor ik het doorhad zaten er al 2 kilometer op. Weet je nog dat we maar direct afspraken om rustig aan te doen en dat 3 uur over een halve marathon okรฉ zou zijn?” JW “Ja, ik had moeite de ademhaling bij te stellen. En elke keer ging het weer stiekempjes omhoog. Ik was al lang blij dat we dan konden wandelen” AB “Ik telde al uit dat we 9 minuten per kilometer zouden gaan doen. Zo voelde ik me. We kwamen over een grote heide. Ik had tijd om te appen en te filmen met de GoPro.”

JW “Naar beneden gingen we meteen weer hardlopen. De eerste 3 kilometer zaten er snel op. Dat we uitzicht hadden, betekent dat we best wel een stuk omhoog gelopen waren.” AB “We kwamen langs een soort verdedigingswerken. Met trapjes ging je daarheen. Ik dacht echt dat het wel een lange toch ging worden vandaag!”

JW “Ik heb echt geen idee hoe lang we over kilometers deden. Of waar we waren ofzo. Ik weet nog wel van die koeien die daar zo heerlijk lagen, die hadden het goed uitgezocht! Het was erg veel bos en vooral stiekem veel hoogtes.” AB “Toen kwamen we bij die toren. Met zo’n trap waar ik dus ECHT NIET op durf. Maar ik moet en zal het proberen! Ik ging treden tellen en hield me stevig vast. Als ik maar dacht aan dat tellen en niet naar boven keek, was het net onder controle te houden. Ik ben onwijs opgetogen dat ik de 42 treden omhoog ben gekomen! In de wind! Over een trap die met kettingen vast stond.”

JW “Mooie overwinningen! En we keken uit over Nijmegen of Mook. Het was echt groots. Ik kende dit stuk van Limburg echt niet. En het was heerlijk weer. Beetje zon en niks koud.” AB “Ondanks de overwinning op mezelf, kon ik niet lekker doorrennen. Ik had er gewoon niet zoveel zin in vandaag. Er zat weinig motivatie in me. Heel raar. Gelukkig kunnen we dat samen.” JW “Ik ben blij met je mindere dagen! Dan heb ik niet het idee dat ik je ophoud. En dan wandelen we gewoon wat vaker. Ik voelde mijn kuiten toen al volgens mij.”

AB “Jij vertelde net over de vakantie toen we ineens voor een gesloten hek stonden die de route versperde. We gingen even verkeerd en toen hebben we onze horloges uitgezet. Dat doen we nooit, maar nu even wel. Nieuwe route er omheen gezocht. Ik had geen idee waar ik zat. Limburg, dan hield het op.” JW “Boven op de heuvel. Dat weet ik nog en we gingen omlaag tot in Mook. Dan achter langs en toen kwamen we op de snelweg. Echt iets voor jouw…” AB “Not! Langs een grote weg en verhard en auto’s die langsrazen. Not my cup of tea. Dan ga ik harder lopen. Voor mijn gevoel loop je er steeds naast, maar ik zag waar we terug konden gaan. Liep ik opeens een snelle kilometer!” JW “Dan zie ik je verdwijnen alsof het een makkie is, maar je wacht toch wel. Ik had ook wel door dat we dan weer omhoog moesten en ik hoopte dat het ene pad wat we dubbel moesten doen niet afgesloten zou zijn.” AB “Kwamen we langs die rare aap in de boom. En soms zijn er dan opeens weer een boel wandelaars en daarna is het weer kilometers lang doodstil.”

JW “We hebben toen een heel stuk gewandeld. Het bleef maar omhoog gaan! De Ardennen waren er echt niks bij. Echt, stukken supersteil!” AB “Maar ook dat gaat weer omlaag en de weg die we twee keer doen, gaat nu ook omlaag. Voor ons ligt de volgende berg. We hebben al aardig wat extra kilometers verzameld. We gingen weer wandelen. Ik zou tot 11 kilometer volmaken.” JW “Jep, waren we net helemaal naar boven gelopen langs de mevrouw met hond die we dan inhalen zonder hard te lopen en toen stonden we boven op de Sint Jansberg of een andere berg. Mogen we net weer omlaag, en toen zat jouw 10 kilometer erop. Het was echt supermooi, tussen de bomen door en heuvelig en groen.” AB “Ik liep 11 kilometer. Allemaal in Limburg. 8 gemiddeld op de kilometer. Maar het was de rit meer dan waard! Gewoon zo lang mogelijk van genieten! Ik was redelijk netjes aan het eten en drinken.”

JW “Elke keer als het omlaag ging, voegden we weer een hardloopelement in! Maar ik dacht dan: straks moeten we hier vast ook weer omhoog.” AB “In de verte zag je volgens mij wel de Maas of was dat ergens anders? Nou, ik weet het niet meer zo goed, maar toen kwamen die prachtige vennen.”

JW “En de zon scheen er prachtig op ook. Heel mooi en het leek echt niet op Nederland. Verbazingwekkend dat we van zoveel moois niets wisten in ons eigen land! Als ik een eend was zou ik hier gaan zwemmen! Jammer genoeg liep het wel weer naar boven.” AB “Jep, had ik weer tijd voor de GoPro. Ik vond het zo onwijs mooi daar. Ik dacht echt: doe mij maar een flinke wandeltocht met minder hardloopelementen!” JW “Dan zei ik weer: het gaat omlaag, rennen. En dan lukte dat een paar honderd meter en dan ging het weer omhoog. Ik geloof dat we de hele Sint Jansberg wel tig keer beklommen hebben!” AB “Toen zaten we opeens op de rand. Van de provincie (stond op het horloge), maar volgens mij ook van het land en van het bos. Heuvels gewoon alom. En dan de wind tussen het gras door. We kwamen wel een brommer tegen. Liepen we weer ergens een stukje anders, maar na zoveel kilometers kom je ook snel terug op de route.” JW “Waren die vriendelijke oude mensen daar al of was dat later? Het waren wel veel paden en de hele tijd onverhard. Kwamen we bij die ommuurde tuin.”

JW “Werd jij enthousiast van, maar een Hanzestad boeit je niks, dat snap ik maar niet. En we kwamen langs het Pieterpad bord. Konden we weer over iemand kletsen.” AB “Waar we het nu de hele tijd over hebben, zou ik niet kunnen zeggen hoor! Over mensen en wie wat doet op hardloopgebied enzo. In mijn hoofd liepen we 1 keer de berg op en 1 keer er omheen, maar de werkelijkheid was steeds weer omhoog. Geen idee waar die mensen waren. Ik weet wel dat we die jongens tegenkwamen die verbaasd waren dat ze op de grens met Gelderland liepen. Wij gingen daar niet overheen, maar zij wel! Toen gingen we dat mooie pad in, de Apostelweg.” “En die liep omlaag! Het ging wel hard waaien en voor mijn gevoel moesten we heus de andere kant op.” AB “Die wind kondigde regen aan. En dat vond ik zorgelijk, omdat we meer wandelden dan renden en dan hou je jezelf niet warm. Maar ja, ik had ook vrede mee dat we meer dan 3 uur nodig hadden.” JW “Gelukkig maar. We zijn wel een stuk gaan hardlopen en toen we op het pad waren waar we al eerder waren, maar nu omhoog, toen bleven we ook rennen.” AB “Dat was ongeveer het enige stukje dat ik ‘een kop erop’ had en dacht: ik-blijf-lopen-tot-boven. Verder ren ik blijkbaar beter op honger.”

JW “Gingen we eindelijk die Sint Jansberg af en weer naar de Mokerheide. Het begon wel te regenen ja, maar we liepen onder een grote paraplu. Bomen.” AB “Het regende opeens wel een keer door, maar net niet hard genoeg voor de regenjas. Genoeg om nat te worden. Het was mooi en zo groen en fris, maar ik had zelfs na een gel minder zin dan anders wel eens het geval is. Werd ik echt een beetje mokkig als jij zei: we voegen een hardloopelement toe!” JW “Die duurden ook niet lang, want dan moesten we weer omhoog! En toen stonden we opeens op een veld en er was een theater.”

AB “De structuur van het theater vond ik geweldig leuk, maar met lopen was ik wel zo’n beetje klaar. Ineens een grasveld en daarna de wildkampeer-camping. Het was wat onrustig. Ik dacht: nog 20 minuten, nog 3 kilometer – ohnee, we wandelen, nog langer dus.” JW “Toen kwamen we bij een andere uitkijktoren, maar het pad liep aan de kant van het hek en werd versperd door takken. Achteraf hadden we over het goede pad aan de andere kant van het hek kunnen lopen, maar ja. En toen weer omlaag. Over een smal pad, wat niet meer klopte met de route. Daar was een plasmoment en toen gingen we net even anders als de route.” AB “Rook het daar zo lekker of was dat eerder? Ik weet het niet meer hoor. We staken de grote weg over en toen gingen we weer het bos in. Ik dacht alsmaar: hoe ver is het nog? Ik wilde naar de Fanta!.” JW “En in eerste instantie zei je dat je dat niet luste. We renden weer omlaag en toen maakten we een foutje in de route en moesten we een afslag verder hebben. Ik hoorde wel geblaat, maar dat we de schaapskudde kruisten had ik echt nooit verwacht! Een supervriendelijke schaapherder prees ons voor onze goede timing.” AB “De grapjas dacht dat onze tijd er zo aanging, haha! Nee, dit was echt gaaf, 100 schapen die je passeren en saampjes het pad overgaan. Wow!”

JW “Echt een kadootje. We gingen nog naar het kasteel. Ik dacht echt: waar blijft het nou? Intussen zat die halve marathon er wel op, maar echt bijzonder vinden we dat niet meer. We kwamen wel op het terrein van het kasteel.” AB “Ik dacht alleen maar aan mijn warme broek en de Fanta. Ik mopperde nog op je dat ik een vriendin zou zoeken die alleen maar wilde breien, toen we op het einde nog een trapje op moesten en weer omhoog gingen! Was een grapje hoor! JW “Dat weet ik wel!” AB “Door de zon waren we weer droog en warm. De oranjerie was een antieke grote kas uit een film, maar ik had niet meer zoveel energie om te gaan rennen of me te haasten.”

JW “Er waren veel links-rechts-paadjes. Het kasteel werd helaas helemaal gerenoveerd. Stond in de steigers. Echt zo jammer! Het is een sprookjesachtig slot.”

AB “Ik dacht: nog 1 kilometer en ik mag nog over het leuke brugje en dan langs de schuilkelder. Ik liep er nog 12,5 kilometer bij en Joyce liep de 23 kilometer vol.”

JW “Ik schaam me niks voor het tempo wat op 9:31 lag of hoger of dat we er dik drie en een half uur over hebben gedaan, want er zaten ook meer dan 500 hoogtemeters in! Niet normaal veel. Op zo’n korte afstand.” AB “Limburg krijgt een vinkje! En wij hebben morgen spierpijn. Lang genoten van een prachtig stukje Nederland.” JW “En prettig dat je de auto instapt en dat het dan eerst een half uur plenst van de regen.”

Ik heb een filmpje gemaakt van een minuut van de GoPro beelden. Dat is weer een keer iets anders! En het leukste is het natuurlijk met geluid ๐Ÿ˜‰

Zaterdag 22 mei Nieuwe wereld in Zwift! ๐Ÿšตโ€โ™€๏ธ ๐Ÿ—ป๐Ÿ—พ๐ŸŽŽ

Er is een nieuw eiland geopend in Zwift! Makuri Islands heet het. Ik heb er al wat over gezien en het is gestoeld op het authentieke Japan. Ik kan amper wachten om er lekker rustig uit te gaan fietsen en de nieuwe wereld te zien! Ik doe de nieuwe fietskleertjes aan van TriProNoosa en update Zwift en dan kan ik gaan!

Ik laat maar lekker veel foto’s zien, want ik geniet ervan. Iets minder van de onverharde wegen, maar de dorpjes zijn echt geweldig! Katten, mensen op slippers, een verdwaalde hardloper-supporter langs de weg die de route zoekt, mooie gebouwen. Het is echt enorm sfeervol! En daarna door bossen en langs bloesems. Mount Fuji op de achtergrond.

Ik merk wel dat mijn benen moe zijn, maar spierpijn of last van mijn kuiten heb ik totaal niet. Ik krijg de cadans gewoon niet zo heel hoog. Maar het is uitfietsen! Na 12 kilometer ben ik rond. Maar ik fiets nog even verder. Over de verharde wegen. Het is wel erg druk in Zwift op de Makuri’s.

Ik doe nog een extra rondje langs de dorpjes en op het einde vind ik een heerlijk rustige route langs het paleis!

Na 26 kilometer ben ik twee keer rondgegaan en hou ik het voor gezien. Het was echt leuk! Ik verheug me op meer verkenningstochten.

Dan ga ik in de middag nog een stuk wandelen met Rob. Terwijl Vincent zwemt in het zwembad. Een flinke tippel van 6 kilometer. Daarmee maak ik genoeg stappen voor de maand mei. Er wacht me thuis een verrassing: Ik ben Level 5 geworden in Garmin!

Ik kan stoppen met sporten! Het maximale niveau is bereikt! Daar denk ik even over na. Stoppen? Ik denk nog een halve minuut langer na… Neeeeeeeee! Dat ze maar een level 6 gaan maken.

Categories: Geen categorie | Leave a comment

2021-13

Zaterdag 1 mei. Rondom Zandvoort ๐Ÿšดโ€โ™€๏ธ ๐Ÿƒโ€โ™€๏ธ ๐Ÿƒโ€โ™‚๏ธ ๐ŸŒŠ ๐Ÿ– ๐Ÿ“ท

Ik slaap slecht. Extreem slecht. Vervelend, want ik heb het herstel zo nodig. Ik kom niet in slaap en ben vaak wakker en ook weer vroeg. Toch koude voeten! Voor het negen uur in de ochtend is heb ik al 5 sta-uren bij elkaar gesprokkeld. In de ochtend wandel ik met Rob naar Zandvoort om boodschappen te doen. Het is heerlijk rustig in het centrum van Zandvoort. Ik maak mijn fiets schoon en dat geeft me wat rust. Als mijn beauty maar weer netjes is!

‘s Middags hebben we een family fotoshoot op het strand. Voor het avondeten wil ik nog gaan fietsen. Gewoon even alleen. Muziekje op. Geen route in mijn hoofd en gewoon maar richting Bloemendaal trappen. Het eerste stuk gaat lekker snel. Het is soms wel wat slingeren om dagjesmensen heen, maar het gaat erg lekker. Wat heb ik toch een fijne fiets! Ik heb ook wind mee en vlieg zowat naar Bloemendaal toe. Ik hou het gemiddelde hoog en het gaat goed. Dan kom ik in Overveen en ik heb niet zo’n idee waar ik ben. Ik vind dit wel een leuk dorpje. Moet ik richting Haarlem? Zandvoort is alleen maar terug. Ik rijd langs bossen en dan kom ik een grappig bordje tegen van een 8% helling.

Het smalle fietspad gaat omhoog en omlaag en het lijkt net Zwift ๐Ÿ˜€ Heerlijk. Ik kom aan de rand van Haarlem en het wordt weer onrustig. Ik kom bij een mooi pad door het bos over de Kennemerduinen.

Bij nader inzien rij ik liever een andere weg, want dit komt weer uit bij Bloemendaal aan Zee. Ik rij door richting Aerdenhout. En daar pak ik de weg naar Zandvoort weer. Deze keer wil ik via Zandvoort Zuid. Ik vergis me hoe groot Zandvoort is en hoeveel tegelpaden er zijn die lastig te berijden zijn. Ik kom door het centrum en moet steil omhoog. Ik word door een mooie rood-zwarte mercedes voorgelaten! Ik onthou het nummerbord voor Vincent (7SJC20) De boulevard is te druk om te fietsen. Dus ik slinger door de straten tot bij het circuit. Daar is de Mercedes weer! Ik ga het park weer op via het trapje/rolstoelafgang. Dan heb ik 25 kilometer gefietst.

Na het eten gaan Vincent en ik hardlopen. We gaan heen over de boulevard. We hoeven vooral niet hard te lopen! We kletsen lekker. De zon is erg mooi, vooral het licht is geweldig.

Op de boulevard is het wel lekker lopen, maar ik voel wel dat ik moe ben. Aan alle kanten. We lopen langs de vuurtoren en verder over de Boulevard waar ik nooit geweest ben. We komen bij het einde en daar beginnen de duinen. We nemen een fietspad. Het is echt mooi.

We lopen een stuk door en zullen dadelijk, na kilometer 3, een duinovergang zoeken en teruglopen over het strand. De duinovergang verschijnt precies op het goede moment, maar het is een flinke duin en een flinke klim door het zand.

We genieten boven van het uitzicht en de mooie kleuren.

Dan stuiteren we door het zand omlaag en we gaan het strand op. Ik begin echt moe te worden van alles op deze volle en lange dag. Het zand is nog vochtig en elke stap kost extra energie. Het is maar goed dat we geen haast hebben!

We houden wandelpauzes om te genieten van het moois. Vincent verheugt zich dat hij door de zee mag lopen, maar nog niet vandaag. We kijken uit over Zandvoort. Naar kilometertijden kijken we niet. Ik kijk wel uit naar het einde van het strand! In elk geval is het heerlijk lopen samen met Vincent.

Vincent moet 40 minuten lopen, ik eigenlijk een uur, maar ik neem genoegen met alles! De zon gaat onder. Maar dat zie ik alleen aan de verandering van kleuren, want de zon zit achter de wolken. Na precies 40 minuten en voor het Center Parcs Hotel stopt Vincent zijn horloge. Ik laat m nog 5 minuten lopen en dan zijn we weer terug bij het huisje!

Zondag 2 mei Fietsen ๐Ÿšดโ€โ™€๏ธ ๐Ÿšดโ€โ™‚๏ธ met Vincent langs de ๐ŸŒท ๐ŸŒน

Vincent vertelt: “We gingen fietsen. Mama had een rondje van dertig kilometer uitgezet in Zandvoort. En aangezien het vandaag lekker weer is besloten we vandaag een rondje te gaan fietsen in plaats van rennen. Na veel gedoe hebben we het rondje op het fietscomputertje gekregen omdat Garmin niet meewerkte en we de route op mijn account moesten krijgen. Toen we wilden vertrekken, was ik mijn bril kwijt. Na het halve huisje te hebben afgezocht, bleek die in de auto te liggen.

Bij het rondje fietsten we als eerste het park uit om daarna langs de grote weg te gaan fietsen. En – omdat het natuurlijk Zandvoort is- verdwalen we ook meteen op het eerste rechte pad. Als we het pad terug hebben gevonden, fietsen we over een verminderd fietspad. Maar wel langs de REUSACHTIGE huizen!!” Aanvulling van mij: We moesten steeds tussen hekjes door en er waren enorm veel andere zondagmiddagfietsers. Dat drukte het tempo en dat we lekker door konden fietsen. Vincent: “Als we van het rare fietspad afgaan, fietsen we weer langs de grote weg. Er waren veel fietsers en ook wandelaars.” Anke: “Het ging op en neer en als we daar alleen hadden gefietst was het heel leuk geweest. Nu was het fietspad net te smal eigenlijk”. Vincent: “Als we nog maar een klein stukje wind -tegen hebben komen we de bloemen tegen. Tulpen of wat dan ook. Dus we besluiten er een fotootje van te maken, omdat er meer bloemen zijn dan in heel Almere :-D”

Vincent: “Dus ik dacht: ik ben van de wind tegen af en eidnelijkl een beetje warm worden! Hadden we natuurlijk nog een stuk tegen. Gelukkig is mama erbij en blijft het wel gezellig.” Anke: “We zijn intussen bij Noordwijk. Echt in de bollenstreek. Met vele andere dagjesmensen op de elektrische fiets of met de auto. Dan gaan we weer richting het strand.” Vincent: “Als we eindelijk de drukte achter ons laten, gaan we richting de duinen. Nog 1 druk stukje en dan hebben we rust. Het zonnetje begint te schijnen en we hebben heerlijk weer! Het is eerste stuk in de duinen is nog druk, maar naarmate we verder de duinen in gaan wordt het rustiger. Je zou denken dat het Denemarken ๐Ÿ‡ฉ๐Ÿ‡ฐ is in GeoGuessr!”

Vincent: “Het uitzicht is adembenemend. Na de foto en een slok water fietsen we verder.” Anke: “Eerlijk gezegd baalde ik een beetje van alle oponthoud, want ik mis de start van de F1 race. Echt tempo zit er ook niet in vandaag. Bij mij niet en bij Vincent niet. En bij al die andere mensen al helemaal niet geloof ik.”

Vincent: “Nou, na alle duinenpracht komen we in Zandvoort. We fietsen niet via de Boulevard helaas, want daar is het veel te druk! We komen langs de vuurtoren. We gaan door de schattige straatjes. Als wij voor een spoorwegovergang komen zijn de slagbomen dicht. Daarna rijden we recht op de centerparcs vlaggen af! Dan komen we terug en zijn we klaar.” Anke: “Niks gemist aan de race! We komen binnen met een safety car. Na de wandeling met iedereen vanmorgen, ben ik voor vandaag klaar met sporten.”

3 mei Lopen over pier en door zee van IJmuiden naar Zandvoort

De andere familie gaat blowkarten, maar wij gaan liever hardlopen aan zee, Vincent en ik. Opa en oma gaan kijken. Ze gaan blokarten in IJmuiden. Ik zie mijn kans schoon! We kunnen meerijden en dan vanaf IJmuiden teruglopen naar Zandvoort. Dat is toch leuker dan heen en weer. En we kunnen de Pier meepakken. Het enige waar ik over inzit, is dat we wind tegen hebben. We nemen 1 rugtasje mee. In IJmuiden parkeert pa de auto en dan wil ik graag zo snel mogelijk gaan.

We gaan eerst naar de pier. Met Joyce stonden we aan de andere kant, vandaag de zuidzijde. Tempo is heel rustig aan. Met wandelelementen. Het eerste stuk heb ik echt moeite met rust en ademhalen. Tjonge, hoe nieuw is dat! Ik moet echt even de rust in het ademen krijgen. We lopen over het strand naar de pier toe. Op 1300m komen we erbij. En dan pal tegen de wind in de zee in, maar dan op de dijk. Blijven hardlopen! Ik heb mijn ademhaling onder controle en mijn benen doen moeiteloos hun werk. Dit vind ik dan weer gaaf. Al blijf ik wat onrustig.

Als we een kilometer hebben gerend wandelen we even. Vincent geniet enorm van het opspattende water en van de wilde zee aan de ene kant en de rustige haven aan de andere kant. We stappen flink door naar de vuurtoren aan het eind van de pier. Het laatste stukje wil ik weer hardlopen. Bij deze pier heb ik bijna 25 jaar geleden Rob gekust en sindsdien hebben we ‘verkering’. Het is wat raar om hier nu met de vruchten van die relatie te staan, maar ook geweldig!

De zee is prachtig, ik ben echt dรณl op de golven die tegen de rotsen uit elkaar spatten. Kan ik uren naar kijken. En echt op de foto zetten hoe dat voelt, is erg moeilijk. Maar tof is het zeer zeker! Ondertussen komt er een grote boot binnenvaren. Het is niet druk hier aan het eind van de pier. Ook Vincent kijkt goed om zich heen en vindt het prachtig.

Dan hobbelen we weer terug, tussen het opspattende water door – al word je er niet echt nat van. En dan hebben we wind mee en wat mij betreft maken we daar zo lang mogelijk gebruik van om iets goed te maken! Kan het tempo eindelijk een beetje omhoog ๐Ÿ˜‰ Het gaat lekker zo. We kijken naar de kitesurfers. Als we weer strand langs de pier hebben, gaan we van de verharde pier af het zand op. Ik maak me een beetje zorgen dat we al zo’n 5 kilometer hebben gelopen en we er nog 7 moeten. Dat wordt best een flinke tocht! In de verte zien we Zandvoort, maar dat verandert niks aan de afstand.

Dan komen we (o)pa en (o)ma weer tegen! Die wandelen ook even naar de pier. We zeggen ze dat het wel een flink end is. En dan gaan wij langs de kustlijn lopen. De zee is ver weg. Er is veel schuim. We zien de blokarts in de verte, maar op en neer zou toch snel een kleine kilometer extra zijn. Kunnen we niet gebruiken nu. We joggen/rennen gewoon verder. Stukken. Soms wandelen we een deel. Allebei zijn we over het algemeen vermoeid. Ander bed, pas nog een stuk gefietst, gister nog gelopen, slecht geslapen. Het is wel heel gezellig saampjes, maar er ontbreekt wat energie die we normaal wel eens hebben.

Desalniettemin is het gewoon gaaf dat dit kan. We laten het beetje drukte achter ons en we vullen de zee een klein beetje aan. Ik merk dat het mij en vooral Vincent meer moeite kost dan normaal. Niet dat het erg is dat het tempo niet zo hoog ligt, maar dat het niet moeiteloos gaat is jammer. Ik denk dat het ligt aan de wind. Windkracht 5 tegen is toch behoorlijk veel zwaarder. En dat geeft de hele tijd herrie. Wind en golven geven een constante ruis af die ook vermoeiend is. Ik kan wel ‘een kop erop zetten’ en door gaan stampen, maar voor Vincent is dat minder gemakkelijk. We sprokkelen de kilometers bij elkaar.

Kilometertje wandeltempo, kilometer proberen te blijven rennen. Ik ben meer van het blijven rennen, maar dat lukt niet heel erg gemakkelijk. Als we rond de tien kilometer zitten, mogen we het water in. We nemen een marsje op de zandbank. We zijn bewust die zandbank op gegaan, dus het is onze eigen schuld als de zandbank in zee verdwijnt en we terug moeten door het water. Tot ver boven de knieรซn komt het!

Ik vind het niet meer zo koud als in februari. Misschien went het? De mars valt erg goed bij mij en ik krijg wat meer energie. Ik dender nu gewoon door het water en het schuim heen! Vincent is een stuk vermoeider. We hebben er ook dik tien kilometer op zitten en we zijn er nog (lang) niet. Over die kilometers hebben we erg lang gedaan. In mijn optiek dan. Vincent gaat niet meer het water in en volgt me rustig. Hij krijgt de rugzak van me voor het laatste stukje, zodat ik het water door kan plonzen.

Ik ben dan wel moe, maar ik geniet er wel degelijk van! Je merkt dat we dichter bij Zandvoort komen, omdat het drukker wordt. Na een kilometer of elf, twaalf komt Rob ons tegemoet gewandeld!

Zolang hij wind mee had, ging het wel lekker, maar hij keert samen met Vincent om. Ik kan nu helemaal (soort van) zorgeloos rondplonzen! Echt koud heb ik het niet, maar ik weet wel dat ik nat ben en niet meer stil moet vallen nu. Rob en Vincent lopen naar de parkeerplaats omhoog en ik pak een opgang verderop, waardoor ik boven kom met wind mee. Ik loop op en neer rond Rob en Vincent. Joggen. Ik merk nu dat ik ook erg vermoeid ben. Het is wel eens gemakkelijker gegaan! Vincent is gestopt op 13 kilometer, ik ga gewoon door en door. We lopen het park weer op en het allerlaatste stukje rent Vincent mee door het park. Ik zal ook blij zijn als ik er ben, dat wel. Uiteindelijk maak ik de 15 kilometer vol. Het is wel eens gemakkelijker geweest. Ik denk dat de wind ons meer parten heeft gespeeld dan ik vooraf dacht. Een warme douche en een omelet maken veel goed! En het is toch een hele prestatie om zo’n end te lopen tegen windkracht 5 in en door het water!

Dinsdag 4 mei Storm aan Zee ๐ŸŒŠ

Het stormt in Zandvoort. Windkracht 7. In de ochtend is het nog droog volgens de buienradar. Om half 10 gaan wij naar het strand. Het is vloed en de golven zijn heerlijk hoog.

Het is echt heel erg mooi en wat is het heerlijk om tegen de wind in te lopen. Dat kost mijn benen geen enkele moeite. En de rest van mij geniet er echt enorm van. Maar het is wel mega-heftig. ik wil eigenlijk tot het einde van Zandvoort lopen, maar dat redden de heren niet. Na 2 kilometer keren we om en dan hebben we wind mee. Over de boulevard. We kijken even of de stroopwafelkruimels al open zijn, maar het is hartstikke stil overal. Alsof het heel vroeg is! Op de Boulevard waait het zo hard dat je amper kunt wandelen: de benen moeten gewoon sneller!

Ik wil nog even terug over het strand. Er is wel erg veel schuim. We houden het helemaal droog! Eerlijk gezegd vind ik storm leuker dan zon op het strand.

‘s Middags vraagt mijn zus of ik een half uurtje mee ga. Natuurlijk! Ik ben altijd in voor een stukje wandelen…. Kunnen we even bijkletsen. We lopen tot het eind van Zandvoort over het strand. En dan terug ook langs de zee. Het waait iets minder hard, maar mijn voeten worden toch nat van het kleine laagje water en vooral veel schuim. We lopen een uur en ik tel er nog maar 5,5 kilometer bij op. 11 Kilometer wandelen bij windkracht 7 langs de zee. Yes!

Woensdag 5 mei – Taxi ๐Ÿš• – ๐ŸŒนbloemen – strand en zee ๐ŸŒŠ – duinen – ๐ŸฆŒ herten en een halve marathon van Noordwijk naar Zandvoort

De ochtend was heerlijk rustig: bouwen met de Lego en schilderen. Het regende van tijd tot tijd. Maar na een paar uur begint het me toch te kriebelen. Ik ga dadelijk wandelen! Dan hoor ik dat mijn ouders naar de bollenvelden gaan. Die bollenvelden kunnen me niet boeien, maar de wind komt vanuit het zuid-westen en daar liggen de velden…. Rond 12 uur / half 1 bedenk ik dat ik mee kan en dan heb ik maar een uurtje om te zoeken waarheen, welke route, iets eten, spullen verzamelen en naar het weer kijken en haar vlechten. Intussen weet ik prima wat ik mee moet nemen gelukkig. De route vanaf het Vuurtorenplein in Noordwijk aan Zee naar Zandvoort aan Zee loopt 8 kilometer over het strand en dan door de duinen. Trailschoenen schoonmaken past er niet meer bij en ik plan dan ook asfalt in (behalve het strand natuurlijk). Als we naar de auto lopen, worden we nat van een dikke regenbui. Slecht begin…. In de auto drink ik sportdrank (zelfs daar heb ik aan gedacht) en dan komen we bij Zilk en de bollenroute. Ik volg met mijn telefoon. Het regent potdikkie weer! We rijden een beetje om, maar dan komen we bij de bloemenvelden. Nu ik er toch ben, ga ik maar even kijken! Mooi en het ruikt lekker, maar echt boeiend…. hmmmm.

Dan rijden we weer door en we zien nog wel velden in de verte. Ik vind het moeilijk om dadelijk uit te stappen en mijn ouders de route zelf te laten uitzoeken, maar ik denk ook dat ze dat wel zal lukken. Het Vuurtorenplein is herkenbaar aan… de vuurtoren! Het is intussen later als ik dacht en ik denk 2,5 a 3 uur over een halve marathon te gaan lopen. Ik heb geen haast namelijk. Maar ik weet ook niet meer wat ik zelf zou kunnen. Ik loop altijd met Joyce samen. De laatste keer dat ik alleen een halve marathon liep? Geen idee hoe lang dat geleden is!

Ik maak snel een selfie met de vuurtoren hier in Noordwijk en dan ga ik op pad. Ik heb de route, ik heb water en gel bij me en ik heb net een bidon sportdrank soldaat gemaakt. En daar moet ik van plassen; zoals altijd. Dat bedenk ik in de eerste kilometer, maar ik loop even door Noordwijk en dan ga ik het strand op. Even ogen toeknijpen tegen het opwaaiende zand en dan het strand op. De zee is nog steeds onstuimig en schuimig. Maar het is droog en er komt een zonnetje aan. Ik ga lekker niet hard lopen, rond de 6:30, en zo voelt het ook. Na 1 kilometer blijkt het eerder tegen de 6 minuten aan te liggen, maar dit voelt prima. Het is een beetje waterig zand, maar net hard en soms is het schuim niet te vermijden. Ik blijf gewoon rennen, dat lukt me wel.

De eerste kilometers denk ik alleen maar aan plassen. En weet je dan hoe de zee klinkt? En weet je dan hoe druk het is zo aan de rand van de stad? De tweede kilometer bleef ook net boven de 6 minuten, dus dat is ‘m blijkbaar voor vandaag. Na de derde kilometer is het opeens rustig en ga ik ‘zitten’ voor een foto… Dat lucht op! Ik kan weer verder. Ik loop tot kilometer 8 over het strand. Dan ga ik het fietspad op, heb ik bedacht. Kilometer 4 gaat heel snel; dat zal de opluchting zijn ๐Ÿ™‚ Daarna weer rond de 6 minuten. Ergens is het nog een stukje heel druk, daar zal wel een parkeerplek zijn. Ik ren zoveel mogelijk.

Dan zie ik de strandopgang, maar het is totaal niet wat ik dacht! Het gaat steil omhoog en het is mul zand!! Ja he!

Daarachter liggen de duinen. Prachtig in de zon. Geweldige kleuren. En mul zand naar beneden. En dan… steek ik het fietspad over! Wattus? Maar goed, ik volg de route. Ik heb geen trailschoenen aan, maar ik loop wel onverhard. Kilometer 8 (met duinaf-oprit) en kilometer 9 gaan traag. In kilometer 9 geniet ik namelijk enorm van de duinpannen, de kleuren, de weidsheid en de pracht. Ik app Joyce maar, bij gebrek aan haar aanwezigheid.

Ik mis Joyce enorm. Het is zo gek om dit alleen te doen! Het is stil en net alsof ik het met niemand kan delen. Er liggen hertjes. De bomen zijn gaaf. De afwisseling is enorm. Het enige voordeel is, dat ik mijn eigen tempo kan aanhouden. En ik kan het zelf weer oppakken als mij dat het beste past. Uiteindelijk loop ik 10 kilometer in 1 uur en 3 minuten. Het moet gek lopen, wil ik er nu nog 3 uur over doen, zoals ik bij mams had aangekondigd. Het stikt hier van de hertjes! Ze lopen voor me het pad over.

Ik stop maar gewoon met ze fotograferen. Ik ben duidelijk in de waterleidingduinen! En dan -hallelujah- na een dikke 11 kilometer kom ik verhard te lopen.

Weet je dat ik vlak daarna gewoon al netjes mijn tweede gel neem? Op 6 kilometer, op 12 kilometer en straks op 17 kilometer weer. Ik sta dan stil, net als mijn Garmin-horloge. De Apple-watch telt door, dan weet ik straks het verschil. Ik vind het jammer dat ik nog maar zo weinig hoeft, maar in de verte zie ik Zandvoort al liggen. Eigenlijk al vanaf het begin.

Of het komt door de gel, door het asfalt en de schoenen die daar op zijn aangepast of door de prachtige omgeving die me afleidt, mijn kilometertijden schieten omhoog! Ik loop nog steeds met het gevoel dat het ook 6:30 kan zijn, maar het zit tussen kilometer 12 en kilometer 15 meer rond de 5:40. Onder me ligt het heldere water van de waterleidingduinen. Er omheen lopen hertjes. Boven me blauwe luchten. En niemand te zien zo ver ik kan kijken. Het is echt, echt adembenemend en geweldig.

Ik heb al tien minuten stilgestaan, maar dat vind ik geen schande, want ik loop verder gewoon hard. Mijn eigen tempo ligt hoog tegenwoordig! Ik verras mezelf. Op kilometer 17 ga ik weer onverhard lopen. Tja, het wordt toch tijd voor dat fietspad zeg…. Ik neem nog een gel en wil dat ook echt. Dat het onverhard is, merk ik aan het tempo, dat gaat iets omlaag. Ik vind het aan de ene kant echt jammer dat ik nog maar een paar kilometer hoeft te lopen, aan de andere kant zal ik ook blij zijn als ik er ben. Want ik had niet echt gepland om een halve marathon te lopen, dus het is wel stoer dat ik dit ‘zomaar’ kan.

Na kilometer 18 weet ik dat ik het zelfs binnen 2,5 uur ga redden. Met of zonder stops, dat lukt me! Ik hoop wel dat ik niet nog een keer het duin over hoeft te klimmen, want dat doe ik niet meer hoor! Ik blijf nu verhard lopen over het fietspad en door Zandvoort straks. Als ik even een stukje wil wandelen, doe ik dat gewoon. Ik hoeft geen wedstrijd te winnen!

Ik ga Zandvoort in via de verharde weg. Tegen de wind in wandel ik eventjes, want het zand waait weer in mijn ogen. Op de stoep langs de weg ren ik weer, maar het tempo is wat weg. Het is ook drukker en onrustiger. Ik maak een selfie bij de vuurtoren hier in Zandvoort.

Het is druk op de boulevard en soms loopt de hele familie zo dat ik er amper langs kan. Ik ben moe aan het worden, maar nu zal ik het ook afmaken ook! Ik loop 20 kilometer in dik 2 uur (2 uur en 1 minuut) en ik denk alleen maar: ik ben om kwart over 5 weer in het huisje, terwijl ik 6 uur had gedacht! Nog een paar minuten doordrammen en dan ben ik klaar!

Ik voel ook weer hoe het was hier te lopen met de triatlon. Wat was het toen warm en ik denk aan de mensen die meegingen. Verder ben ik een beetje lastig van de vermoeidheid. Ik mis het trapje naar boven en neem maar een opgaan ietsje verderop. Het moeten nu natuurlijk wel 21,1 kilometer worden! Ik ren het park in met nog een mini ommetje en dan ren ik volgens de Garmin een leuke 21,12 vol in 2 uur en 8 minuten! De Apple-watch geeft met de pauzes 2 uur 20 minuten aan. Netjes!

Ik loop even bij pap en mam binnen om te laten weten dat ik er alweer ben. Zij snappen maar nauwelijks dat ik 21 kilometer heb gelopen in zo’n korte tijd.

We eten friet en ik ben wel vermoeid en prikkelbaar. Alle drukte is me wat veel. Toch ga ik ‘s avonds nog even in het donker met Rob naar het strand wandelen. Een klein stukje maar. Als we naar 2 kilometer weer naar boven moeten klimmen naar de boulevard en het druppelt wat, blijken mijn benen toch echt moe! Ik baal van het slot op het hek en daarna slof ik echt.

Donderdag 6 mei – Wandelen ๐Ÿšถโ€โ™€๏ธ ๐Ÿšถโ€โ™‚๏ธ met Rob door de waterleidingduinen

Soms telt wandelen wel mee! Als we flink doorlopen en ver gaan. We gaan naar de waterleidingduinen met z’n tweetjes. Even samen er tussenuit. We rijden naar Panneland. Ik heb een route op mijn horloge staan, het is zowat windstil en er schijnt een zonnetje. We lopen lekker verhard omhoog en we kletsen. Over hoe ver iets is en hoe slecht ik dat kan inschatten. Over de vakantie; nu en voor de zomer. Het is mooi en stil, als je ander mensen ziet, valt dat echt op.

Het water is prachtig en kraakhelder. Geen vis te zien. De route is prima te volgen. En we lopen behoorlijk door met kilometertijden onder de 11 minuten. Over een brugje.

De route is 8 of 11 kilometer. Na 5 kilometer gaan we even zitten om wat te snoepen. De duinen zijn prachtig, maar de herten houden zich verborgen. Rob vind de lange route prima en ik ook. We hebben de tijd, Vincent is nog aan het hardlopen – oh-nee, die is gestrand naast het circuit waar mooie auto’s rijden. We halen wat mensen in en dan komen we in het ‘hertenkamp’. Hele kuddes staan er in deze hoek! Op de vlakte die meer wegheeft van de Serengeti.

We lopen nog een stuk langs het water en ik loos er nog wat bij tussen de bomen. Hier loopt de blauwe route die wat drukker is, maar we zien nog altijd meer herten dan mensen! Het is heerlijk om samen te kunnen wandelen zo. Echt fantastisch.

We lopen nog door het bos, waar ik ooit met Joyce de halve marathon afmaakte in 2 uur. Nu wandelen we binnen 2 uur 11 kilometer. Flink doorgestapt! En dan telt het zeker mee als sport als je het mij vraagt!

‘s Middags nog even wat ge-yogaat en met de familie op een terras gezeten en tot slot op blote voeten door de zee gelopen. Vakantie aan zee tot de max de afgelopen dagen: storm weerstaan, hardlopen langs de zee en door de duinen, wandelen langs de hertjes en pootjebaden in de zee.

Verijdag 7 mei – Terugfietsen van Zandvoort naar Almere met z’n tweetjes ๐Ÿšดโ€โ™€๏ธ ๐Ÿšดโ€โ™‚๏ธ

We hadden het gezegd: als het regent gaan we zรฉker nรญรฉt fietsen. Maar het bleek droog te blijven. En we hadden wind mee. En we kennen de weg nu een klein beetje. Nadeel is dat Rob ons nauwelijks kan ophalen. En 75 kilometer is toch een heel eind. De familie zwaait ons uit en bewondert de fietsen, maar echt snappen dat wij voor onze lol zo’n end gaan fietsen is lastig!

Ik weet dat het eerste stuk onrustig zal zijn. Het lijkt al lang te duren voor we Zandvoort uit zijn! Maar het is wel erg gemakkelijk met z’n tweetjes en het is allemaal prima te doen. We hebben wind mee. De zon schijnt, al zijn er ook Hollandse wolken. De temperatuur is echt prima. Ik drink zelfs van tijd tot tijd! En onder elke brug roepen we samen hard ‘echo’. Wat een wereld van verschil met vorige week! Al is het in Haarlem wel anders als de vorige keer qua route. Vincent loodst ons er prima doorheen. Een enorm nadeel zijn de paden die gemaakt zijn van tegeltjes (die ongelijk liggen), stenen (die vreselijk hobbelen) of welke andere fietsonvriendelijke ondergrond dan ook. Ik heb vannacht weer erg (erg) slecht geslapen, dus ik ben soms wat vermoeid en prikkelbaar. Maar op de weg in de heerlijk buitenlucht is dat geen probleem. Als we het ziekenhuis voorbij zijn, moeten we 1 keer omdraaien omdat we toch de brug over moeten en dan fietsen we al richting Schiphol. We doen eventjes Vincents spelletje met de woordjes van Engels, maar ik heb hem veel te snel door ๐Ÿ˜€ We kwamen door Boesingheliede. En langs de snelwegen. De McDonalds in Amstelveen slaan we over omdat we lekker gaan. We reden nog even om in Badhoevedorp en dan komen we echt bij de snelwegen, treinbanen en het vliegveld. Waar Vincent vorige keer strandde, zijn we nu al een heel eind op weg .

We kijken bij de overvliegende vliegtuigen. Daar worden (kleine) jongens blij van! We wachten twee vliegtuigen en dan trappen we weer verder. We houden een flink tempo aan, maar we hebben geen haast. Langs het Amsterdamse Bos en dan door naar Ouderkerk. Daar staan we aardig wat stil bij stoplichten, maar eenmaal het brugje over komen we lekker langs de Gein te fietsen. Het is er prachtig zo in de zon. Ietsje drukker dan voorheen, maar we kunnen iedereen met gemak passeren. We hebben echt wind mee! Ik moet alleen nodig plassen van alle sportdrank. Vlak voor Abcoude is het even rustig en houden we een stopje. Dat lucht me op!

Abcoude door is weer wat rommelig, maar met wat vertragen en achter mensen met honden en busjes hangen komen we er wel doorheen. Op naar Weesp, waar we wel zullen stoppen voor een ijsje! We dwalen nu niet meer rond en gaan recht op het doel af. Vorige week lieten we ons door het fietscomputertje in Weesp rondsturen, maar deze keer komen we keurig na 50 kilometer bij Nelis IJssalon. Die heeft Joyce ons aangeraden. Ze maken een plek voor ons vrij en we nemen allebei 2 bolletjes overheerlijk ijs!

Toch wil ik weer verder. Ik hoop dat we er vandaag uit en thuis minder dan 4 uur over kunnen doen. Dan zijn we nog mooi op tijd thuis en kan ik de was nog afhandelen ook vandaag. Rob heeft alles al uitgepakt. We fietsen Weesp uit. Voor we Weesp achter ons kunnen laten, moeten we eerst limbo-en onder de ophaalbrug door, waarvan de slagbomen vast zitten. Dat gebeurt zo vaak dat de plaatselijke bevolking er niet meer van op kijkt en de brugwachter ons zelf zegt dat we door kunnen.

Na Weesp is het bekend terrein. Vincent wordt wel wat moe, maar als je er bijna bent (25 kilometer is ‘bijna’), dan is dat niet zo erg. We steken de A1 over. Het tempo gaat omhoog, want we hebben nog steeds wind mee en in Almere altijd nog meer ook! Almere is saai, recht en makkelijk begaanbaar. Als we de Hollandse Brug op rijden is er 1 viaduct waar Vincent nog echo roept, naast een meneer die daar hard om moet grinniken. Het lijkt er op dat we het Spoorbaanpad af kunnen fietsen bij Poort, dus dat gaan we proberen! Het is niet verbeterd qua pad, het is nog steeds bochtig. We flitsen het Spoorbaanpad over. Gek dat we echt genieten van het brede, vlakke pad wat me anders zo tegenstaat om z’n saaiheid! Het enige waar ik me zorgen om maak is dat het net geen 75 kilometer zal worden. Op de brug over de vaart is het zo druk dat we bijna botsen. Ik wil over de Evenaar rijden. Vincent snapt het wel. We rijden dus iets verder door tot op (bijna) alle computertjes 75 kilometer staat. Fietstijd van Zandvoort tot Almere is 3 uur en 50 minuten, waarvan we 35 minuten bij stoplichten hebben gestaan, stops hebben gemaakt en een ijsje hebben gegeten. Echt moe ben ik niet van het fietsen, maar wel door het slaapgebrek. Daardoor lijkt de dag lang en die tijd kan ik mooi gebruiken om alles van de vakantie op te ruimen!

8 Mei – Zwemmen ๐ŸŠโ€โ™€๏ธ bij zwembad de Sijsjesberg ๐Ÿฆ โ›ฐ 10 โž•punten ๐Ÿ†

Vandaag gingen Vincent en ik zwemmen bij het openluchtzwembad de Sijsjesberg in Huizen.

Hier komen 10 pluspunten, want intussen kunnen we de buitenzwembaden vergelijken:

  • 1 Het is maar twintig minuten rijden vanaf ons huis! Dit is het dichtste bij, ongeveer net zo ver als het zwembad in Almere Poort.
  • 2 Het water is helemaal niet koud! Zelfs Vincent stapt er vrijwel meteen in.
  • 3 Een vijftig meter bad. Altijd fijn voor mij. Voor Vincent iets zwaarder.
  • 4 ‘Maar’ 3 banen waar duidelijk bij staat voor wie het bedoelt is: rustige zwemmers, gemiddelde zwemmers en een snelle baan. 3 Hele brede banen dus, want er kunnen er 6 zijn.
  • 5 Vriendelijk personeel, heel geduldig. En met de barcode mag je zo om precies de goede tijd naar binnen.
  • 6 Anderhalf uur tijd in het bad! Dus je kunt makkelijk effectief een uur lang zwemmen. Ze waarschuwen op tijd dat je er uit moet.
  • 7 Kleedhokjes! Luxe…. En er is een WC ook. En er zijn kluisjes, een ongekende luxe, maar daar moeten we volgende keer een euro voor meenemen.
  • 8 Een plek naast het bad waar de tassen droog kunnen staan.
  • 9 Rustig. In totaal waren er maximaal 15 mensen. Bij Vincent in de gemiddelde baan waren 4 mensen, ik had een deel van de tijd de rustige baan voor me alleen en de andere helft van de tijd deelde ik het met 2 (echt) rustig zwemmende dames. Met 50 meter kom je elkaar amper tegen.
  • 10 Een soort spiegelende bodem waar je een schaduw van jezelf ziet. Dus ik kijk omlaag. Ziet er fascinerend uit en ik denk met een zonnetje dat het nog mooier is.
  • Bonusreden: het is net zo duur als Putten en Amsterdam, maar in Amsterdam moet je ook nog betalen voor het parkeren.

Zijn er ook nadelen? Ja, eentje…. Het regende. Maar daar kan het bad niks aan doen. Ik denk niet dat ik nog naar Amsterdam of Putten rij. Ik heb zo’n 2700m weggezwommen in een uur volgens Garmin, die er wel eens 200m naast kan zitten. Maar 2000m heb ik zeker gemaakt!

‘s Avonds ga ik nog een stukje wandelen. Lekker zelf. Om de badge te halen van Garmin. Het is droog en intussen warmt het enorm op! Met al het groen en de hertjes is Flevoland ook erg mooi!

9 Mei – Moeders-loopje om bij te kletsen ๐Ÿ‘„ en moeder-zoon loopje met de GoPro ๐ŸŽฅ

Ik geef niet zoveel om moederdag. Maar ik wil wel hardlopen vandaag. En even bijkletsen met mijn “bestie” en mede-moeder. We kunnen om 12 uur en we spreken af op de parkeerplek bij de gevangenis in Almere Buiten. Daar om het water heen wil ik wel eens een rondje lopen! Het lijkt anderhalf uur droog te zijn tussen de onweersbuien door. De hitte van gister heeft doorgezet en het is korte broeken-weer opeens! Supervochtig tropen-achtig weer. Plotseling. We beginnen met kletsen en we gaan om het water heen. Het is adembenemend. We kennen hier Almere totaal niet terug.

Een watervalletje? Tussen 2 meren door? Zoveel groen en pracht? Geen idee dat het hier lag! Maar wat is het warm en benauwd zeg. En modderig. En onverhard. We vinden dat allemaal prima redenen om hardlopen met wandelen af te wisselen. We komen bij de Vaart en lopen dan langs het Block van Kuffeler. Dat is wel bekend. Dan gaan we onverhard wandelen richting de vogelkijkhut bij de Lepelaarsplassen. Ik klets Joyce helemaal gek over de vakantie! Zij weet nu alles ๐Ÿ˜‰

We hebben de vogelkijkhut voor onszelf. Ik zweet me ongans, terwijl het tempo niet eens hoog ligt! Maar het gaat verder wel. We lopen over het fietspad en ik kwek maar door. Als mede-moeder is Joyce met haar oudere kinderen al een stap verder en kan ik nog van haar leren! We gaan dezelfde weg terug als heen langs het Block en dan weer terug het Vaartbos in.

Daar lopen we nog een keer dezelfde kant van het water terug, omdat het zo mooi was. De kilometertijden boeien helemaal niks meer. We houden het gelukkig droog. Zo apart dat hier een prachtig stuk natuur ligt wat ons totaal onbekend was tot vandaag! We komen nog een brug tegen en daar vallen een paar druppels.

Als we bij de auto zijn blijkt in een dik uur de parkeerplaats te zijn volgestroomd en vallen er wat meer druppels. Ik ga gauw naar huis voor de frikandellenbroodjes en de F1 wedstrijd. Echt moe ben ik nog niet van het loopje, dus ik denk dat ik vanmiddag ook nog wel met Vincent mee kan als hij in zone 1 blijft. Dus na een paar uur rust, waag ik me weer buiten. Om de GoPro te testen!

De GoPro is een hele kleine camera die alles wat ik loop, fiets of zwem kan opnemen. Live. Ik draag het cameraatje op mijn borst met een band. Het is zo mogelijk nog benauwder buiten! Gelukkig maar dat we niet hard hoeven te gaan zeg. We gaan naar het bos en van tijd tot wandelen we. Maar dat nemen we lekker niet op!

We gaan zo snel mogelijk het bos in. Daar is iets meer schaduw, maar het blijft heet. We kletsen. Moeten we natuurlijk wel mee uitkijken als de camera loopt! En ondertussen oefenen we met spraakbediening van de GoPro. Vincent vindt het geweldig. Hij neemt de camera over.

We wandelen net zoveel als dat we rennen, net als vanmorgen. We gaan allemaal onverhard door het bos. Ik merk wel dat ik al gelopen heb en mijn benen zijn iets minder gewillig aan alle kanten. Maar we sprokkelen kilometers bij elkaar. Bijna lopen we de enorme kudde herten ongezien voorbij!

De accu van de GoPro gaat snel leeg. Vincent houdt de camera om en geniet er echt heel erg van. Ik wil graag naar huis, want ik heb er wel genoeg van intussen. We wandelen al kletsend de kilometers vol. Met zo nu en dan een jog-element.

Ik heb uiteindelijk 2 keer 8,5 kilometer gelopen vandaag, wat in totaal dik 17 kilometer op een bloedhete, benauwde dag maakt. Afgelopen week heb ik meer dan 50 kilometer hardgelopen. Met al het wandelen en yoga’en en fietsen en zwemmen bij elkaar heb ik meer dan 18 uur gesport. Dat klinkt als een goede vakantie toch ๐Ÿ˜‰

Categories: Geen categorie | Leave a comment

2021-12

Zaterdag 17 april Zwemmen ๐ŸŠโ€โ™€๏ธ in ๐ŸŒณ-๐Ÿ›€ Putten

Vincent heeft last van zijn rug. Ergens een verkeerde beweging gemaakt. Dus hij gaat niet mee fietsen met mij. En dan ga ik ook maar niet, want er komt hier en daar wat tussen. Ik ga wel zwemmen! In Vincents plaats neem ik MBB mee. Zij zwemt in een totaal ander tempo dan ik, maar alleen is ook maar alleen he! We rijden samen naar Putten toe.

Ik moet me nog omkleden in mijn wetsuit. Het had zonder gekund, want ik heb een trisuit aan. Ik spring in de baan voor rustige zwemmers. Er is 1 iemand anders. Ik ga gewoon op en neer zwemmen. De man achter me volgt gewoon. Ik vind het prima. Nou ja, eigenlijk vind ik het niet zo geweldig. Ik heb dit ook wel weer gezien. 25 meter heen, 25 meter terug. En soms met benen en soms in een lekkere slag en soms niet. Eigenlijk ben ik er na 700meter wel klaar mee. Niet dat ik stop! Maar ik vind het vandaag niet lollig. Lekker weer, lekker water, lekker de ruimte, mooie omgeving, maar de zon in mij staat een dag niet aan. Ik zou liever een eend zijn, die lekker loom ligt te wezen.

Ik zwem door als ik een kilometer vol heb. En ik zwem ook door als er 1600 meter op het horloge staan. Ik zwem zelfs zonder ook maar 1 onderbreking door tot ik ruim 2000m gezwommen heb. Dat dan weer wel. Maar fietsen, dat komt er niet meer van en daar heb ik ook al geen zin meer in! Elke keer dat we hier zwemmen, komt er een badeend bij!

Zondag 18 april. Intervallen hardlopen ๐Ÿƒโ€โ™‚๏ธ ๐Ÿƒโ€โ™€๏ธ achter Vincent aan en De Alpe de Zwift fietsen ๐Ÿšตโ€โ™€๏ธ

Op een warme zondagmiddag gaan Vincent en ik hardlopen. Dat moet van Vincents schema. Eerst 50 minuten in zone 1 en dan gaat hij intervallen van een minuut hard doen met 2 minuten rust ertussen. Die eerste 50 minuten kan ik ook! Het is korte broeken-weer!

Dus het is ook heet. We gaan na 2 kilometer iets langzamer, want anders blijft hij niet in zone 1. Ik klaag en klets Vincent de oren van het hoofd. Niet over het tempo, maar omdat ik me erger aan sommige dingen. We lopen langs de manege en door het bos onverhard weer terug naar de Trekweg. Als we weer aan de andere kant van de Vaart zijn (aan de stadskant), beginnen de intervallen. Ik ga ook een minuut hard en dan wandelen we samen de 2 minuten. Dat moeten we 5 keer doen.

De eerste keer gaat Vincent nog niet zo hard en zit ik er maar een klein stukje achter, maar naarmate we vaker gaan, gaat Vincent harder en ik zachter. โ˜บ๏ธ Dan moet ik iets langer hardlopen om weer bij hem te komen, dus ik hoeft minder de wandelen. We lopen de 10 kilometer vol in een dik uur. Het is dan echt wel heet intussen!

Na het avondeten gaan we verder met de speech voor Engels. Om 21:00 uur ga ik voor de laatste en zwaarste etappe van de Tour of Watopia. Bergen. Ik doe mee aan de ‘meisjesroute’ en ga de Alpe de Zwift op. Als ik 5 minuten van tevoren aansluit zijn er pas 12 meiden! Uiteindelijk zullen het er 27 worden. Ik weet dat dit z’n tijd gaat duren.

In de jungle ga ik weer eens slecht. Niet snel in elk geval. Er is ook iemand op een gewone fiets! Als we afslaan naar de Alpe de Zwift lig ik op de 20ste plek. Stiekem hoop ik in de top 10 terecht te komen, omdat ik tegenwoordig een Zwift-berggeit ben geworden. ๐Ÿ

Ik begin al snel met inhalen en na de eerste 3 bochten sta ik al op plek 15. Met zo weinig mensen kun je niet echt samen fietsen. Ik ga gewoon een cadans van 70+ aanhouden en een tempo van rond de 8 kilometer per uur. Ook dan zal het nog wel eindeloos duren. Ik vind het superleuk dat ik goed kan kijken zonder dat er hordes andere fietsers zijn! Bochten aftellen en zweten, dat is de basis. Je telt de bochten af, van 21 naar 1 en dan naar de finish. In bocht 12 lig ik op plek 12! Dan wordt het wel lastiger, maar ik heb een enorm duurvermogen.

Dus ik hark maar door en door en ik haal uiteindelijk ook nummer 10 in. Een Engelse geloof ik. Ik denk elke keer: als ik maar bij bocht 6 kom. En als ik daar ben: op naar bocht 3. Het stijgt voortdurend en onafgebroken.

Na bocht 3 wordt het wel echt een stukje afzien! Iemand stopt er nog vroegtijdig, dat ik zonder inhalen op de 9de plek terecht kom. Mijn zin zakt een beetje richting de fietsschoenen. De laatste 2 bochten zijn echter erg gaaf! Het is weer eens donker geworden en op de Alpe de Zwift is dan noorderlicht te zien!

Geweldig gewoon! Je kunt dan ook aftellen. Ik haal het (weer) niet binnen anderhalf uur, maar dat maakt me niet uit. Halen zal ik het! En ja hoor, ik kom ook boven net als de zon weer opkomt.

Ik ben blij dat ik er ben! Ik fiets het rondje nog wel even uit. Naar beneden ga ik niet meer. Dat was een kort ritje van 18 kilometer, maar met 1000 hoogtemeters was het absoluut geen cookie! Ik heb de Tour of Watopia uitgefietst, maar mooier vind ik het dat ik naar level 21 ben gegaan. Mijn bedoeling was level 20 halen in april, dus nog een niveau hoger is alleen maar mooi! Ik heb de hoogtebadge van Garmin (nog lang) niet gehaald.

En dan is het wel bedtijd intussen.

19 April – Een duurtocht ๐Ÿšดโ€โ™€๏ธ de avond in.

Vincent heeft weer TVA training en daarom staan we om half 7 bij de parkeerplaats van de atletiekbaan. Ik ga zelf fietsen. Eerst fiets ik richting de Oostvaardersdijk. Ik let een beetje op de cadans en trap gewoon maar wat. Meer is het niet vandaag. Op de dijk kan het tempo wel wat omhoog, maar superhard niet vandaag. Ik vind het wel prachtig als ter hoogte van Pampus het zonnetje erdoor komt! Verder is het wat somber.

Na een kort stopje weer door. Ik hou een beetje de tijd in de gaten, want ik heb ‘maar’ anderhalf uur. Ik rij door tot het Kromslootpark. Eigenlijk best stoer dat ik zo op een maandagavondje een eind weg trap! Ik ga helemaal aan de andere kant langs en neem dan zelfs nog een ommetje bij het Kasteel! Het is voor mij maar moeilijk in te schatten hoe ver het nog precies is en hoe lang ik daar dan over doe. Ik fiets terug langs de Vaart. Mijn tempo ligt nooit zo hoog, maar ik kan wel eindeloos doorgaan. Na nog een klein rondje extra om de baan ben ik weer op de parkeerplaats. Precies op tijd. Dan zie ik het SMSje van Vincent dat ik nog een stukje door kan fietsen, want ze hebben wat tegenslag en zijn later. Dat laat ik me niet nog eens zeggen, want zo haal ik de 50 kilometer! Dus ik rij nog een groot blokje om het sportpark heen. Ik ben bijtijds weer terug, maar de kinders zijn er nog niet. Ik ga ze tegemoet rijden. Intussen neemt het licht wel af!

Ik fiets samen met Vincent naar huis en ik haal (makkelijk) de 50 kilometer, zelfs 52. Al is dat niet binnen 2 uur. Zomaar op een maandagavond.

Vincent zit heel hoog op zijn fiets nu, diens houding is wat aangepast. En zijn tempo past zich daar dan weer op aan ook! Dat belooft nog wat….

Dinsdag 20 april Op kantoor ๐Ÿ‘ฉโ€๐Ÿ’ป en buiten fietsen op zoek naar ๐ŸŒท .

Ik werk een dagje op kantoor! Tussen de middag wandel ik een klein stukje met mijn collega, maar dat is lang niet genoeg buitenlucht voor mij. Daarnaast staat er een badge open van Garmin om deze week 100 kilometer te fietsen en ik ben gisteren een heel eind gekomen! Vincent gaat niet mee, die moet hard leren, dus ik ga alleen. Het lijkt warm weer. Ik fiets richting de bloemenvelden aan de Ibisweg. Nou ja, dat probeer ik. Er zijn maar weinig bloemen. ๐Ÿ’ Ik fiets tot de Knardijk. Er is wel wind. Bij de sluisjes maak ik een foto.

De zon gaat al onder en ik moet nog naar huis fietsen! Ik trap lekker door en geniet van de mooie kleuren, maar voorbij de Praambult wordt het wel koel. Zeker voor mijn korte broek! Ik fiets 28 kilometer en dat is genoeg voor de badge van Garmin. Weer een paar puntjes dichter bij level 5.

Woensdag 21 april een wandeling ๐Ÿšถโ€โ™€๏ธ ๐Ÿšถโ€โ™‚๏ธ bij de lunch En dat is het! Nou ja, ik ga naar de sportdietist. Mijn basisvoeding op orde krijgen met zoveel sporten, lukt niet met de Weight Watchers. Gek genoeg is de hoofdboodschap: ga meer eten! Meer koolhydraten. Volkoren. Het is geen streng dieet, maar een leefregel.

Donderdag 22 april. Tempoloop 6 kilometer ๐Ÿฅต mijn aandeel in de Batavierenloop

Met de meiden van Trispiration doen we mee aan de virtuele Batavierenloop. De Batavierenloop is een studenten-hardloopwedstrijd over 125 kilometer. Een estafette-loop. Met veel bier en gezelligheid natuurlijk! De gemiddelde leeftijd van Trispiration ligt wel dik boven die van een student! Dit jaar moet alles digitaal, dus deze race ook. Iedereen van Trispiration heeft een afstand opgegeven waarover zij wil knallen en we hebben het gelijk verdeeld. Ieder doet haar eigen best. Haar eigen rondje. En dat moet je uploaden, en bewijzen dat je zonder stoppen hebt gelopen. Ik ga als Vincent baantraining heeft, dan ga ik mijn 6 kilometer knallen. Ik zie er behoorlijk tegenop, want ik heb geen idee meer van mijn tempo! Ik hoop echt binnen de 35 minuten te komen, stiekem denk ik aan 32 minuten.

Trispiration shirt aan, fijnste en snelste schoenen aan, gedag zeggen buiten de baan tegen de bekenden en dan ga ik maar. Hopelijk krijg ik het niet koud! De eerste kilometer gaat hard. 12 Kilometer per uur loop ik. De brug over. Koud is dan al ver weg. Doorrammelen, daar gaat het om. Ik heb een route langs het Bloq van Kuffeler in gedachten. Rechttoe-rechtaan. Niet denken, maar rennen! De tweede kilometer gaat zo mogelijk nog harder! Doorzetten nu. Ik haal het nog wel binnen de 32 minuten en daarna mag ik terugwandelen. De derde kilometer is ietsje langzamer. Een pietsie. Zat een ophaalbrugje in en een bocht. Het lastigst vind ik het dat ik geen foto kan maken onderweg, verdikkie! Dan komt de vierde kilometer en die gaat weer op 12 kilometer per uur. Ik weet dat de vijfde kilometer het moeilijkst is, want ik moet de dijk op omhoog en daar zijn stoplichten en ik moet nog een keer oversteken. Voor ‘omhoog’ vind ik zwaar! Het eerste oversteken gaat prima, maar daarna moet ik op auto’s anticiperen. Ik moet ook de brug over (weer geen foto). Over 5 kilometer doe ik 25 minuten en 27 seconden. Respectabel snel, al is die vijfde kilometer langzaam gegaan met 5:17. Ik heb het heet intussen en ik ben in het Wilgenbos. Ik had niet gedacht dat ik met 6 kilometer zo ver zou komen. Maar nu ga ik tellen. Hopelijk tot 300. Admenhaling onder controle houden en aandacht afleiden. Rechte weg en ik kom weer op 12 kilometer per uur. Ik ben niet de snelste dame, want een jonge blom van 24 kan mij er makkelijk uitlopen en er zijn ook dames van mijn leeftijd die een heel hoog basistempo hebben, maar dit is voor mij echt maximaal! Ik zit ruim on der 32 minuten. Ik heb er 30 minuten en 30 seconden over gedaan. Daar ben ik extreem trots op!

Bij het sluisje kom ik op adem. Zo ver ben ik gekomen. Ik ben zoals altijd, snel weer bij positieven. Ik wandel de sluis over en dan ga ik weer hobbelen. Nu heb ik geen haast meer. Schelpenpad om er van te genieten dat ik hier daarstraks al wilde joggen. En dan het bos in. Omdat het rust geeft, dat onverharde. Zowel in het oververhitte hoofd als voor het tempo. Ik dwaal wat en wandel ‘s een stukje.

Ik heb meer dan genoeg tijd. Als ik weer verhard loop, voelt het als joggen, maar het tempo blijft zeer acceptabel. Om niet af te koelen blijf ik rond de baan lopen tot Vincent klaar is. En dat zijn weer 5 kilometer. Maar die gaan maar op 9 kilometer per uur!

Ik heb mijn bijdrage geleverd. De rest heeft nog tot zaterdag.

Vrijdag 23 april Friesland – een veelzijdig ๐Ÿ”€ (of rommeligโ“) loopje met Joyce – van alles wat!

Voor de jaarchallenge van Trispiration loop ik elke maand 10 kilometer in 2 provincies. Ik heb er al een heleboel gehad. Begin deze maand was ik in Brabant. En vandaag neem ik Joyce mee naar Friesland. Ik heb een route bij Wolvega gemaakt. Vincent en Joyce gaan mee. Vincent heeft ‘s morgens nog school, dus we gaan ‘s middags. Helaas wordt Vincent onwel op school, waardoor hij beter een middag niks kan doen. Ik ga samen met Joyce. Wolvega lijkt niet zo ver weg om te reizen, maar ik rij helemaal binnendoor. Het is zonnig. โ˜€๏ธ We wandelen vanaf het Hotel van der Valk waar we geparkeerd staan onder de A32 door en dan gaan we hardlopen. Nou ja, we lopen. Mijn benen voelen wel goed, maar algeheel vermoeid. Dus het tempo vandaag maakt niet uit! De route is 13 kilometer. De eerste 2 kilometer zijn heerlijk onverhard en we komen bij een uitkijkpunt. Over de Poolder.

Ja. leuk. En weer door! Dat onverharde vreet wel meer energie en al snel is het echt warm. En modderig. Of course. Kan er ook nog wel bij! In kilometer 2 komen we bij het Helomasluisje. Een prachtig antieke sluis.

Daarna hobbelen we verder. Langs een pony met berijdster en fotografen, waarmee we toch niet alleen zijn in Friesland! In kilometer 3 laten we de onverharde paden achter ons. Ik loop even door tot de bruggen over de Lende, het riviertje waar dit gebied naar vernoemd is. ร‰รฉn voor de voetgangers en fietsers, 1 voor de autoweg A32 en 1 voor de treinen.

Ik wil ook de vierde kilometer even doorlopen, maar…. na een klein stukje is dat klaar, want het fietspad maakt plaats voor zand. Ze zijn bezig met een nieuwe fietspad. We wagen ons een stuk op het zand, maar verderop staan de bouwwerktuigen te stampen. Omkeren en iets anders verzinnen dus.

Mij maakt het niet uit, als het maar 10 kilometer worden! Wat heeft kilometer 5 te bieden? Nou, een Fries landschap met water, een fietspad en in de verte een kerkje. En een recht fietspad. In het water staan staken van oude bomen. En er zijn eenden en zwanen.

We wandelen over het fietspad. Een stuk. En daarna gaan we weer hardlopen. Een stuk. We komen in kilometer 6 LANGS DE SNELWEG te lopen! Binnen een paar kilometer van ‘n onverhard verlaten pad naar een fietspad langs de snelweg! We stappen flink door – in wandelpas. We wisselen vandaag toch alles af! Ging kilometer 6 nog in 6 minuten en 11 seconden; over kilometer 7 doen we 10 minuten! En dan… staan we in Peperga. Bij het kunstwerk van het bootje. Voor de afwisseling.

We zoeken een nieuwe route uit, want we zijn nu totaal aan de andere kant als we oorspronkelijk zouden zijn. En dan rennen we weer. Onder het spoor door, over de trottoirs van Blesse. Ik klets, Joyce loopt mee in mijn tempo. We nemen een fietspad achter langs. En dan lopen we opeens een kilometer in 5:53 (mijn horloge) of 5:40 (Joyce’ horloge). Voor Joyce haar doen is dit extreem!

Zo zijn we weer langs een drukke en lawaaiige weg en we vinden dat we weer een wandelkilometer hebben verdiend! Ik zou ook wel willen dribbelen, om maar sneller van de herrie van de auto’s af te zijn. Maar we kunnen nu even kijken of we achter langs Wolvega kunnen lopen. We steken de Lende nog een keer over en dan gaan we weer een soort van park/natuurgebied in. Verhard. Dat wel.

Als we de tien kilometer vollopen, doen we dat weer op een tempo wat mij meer past dan Joyce. Ik ben klaar en in de verte zien we het hotel al liggen gelukkig. Ik heb niets genomen onderweg, maar Joyce blijkt als een zonnetje te lopen op Marsjes ๐Ÿ™‚ Zo rustig als het eerder was, in dit park nabij Wolvega is het wat drukker. Vanaf kilometer 11 pak ik mijn eigen tempo op. 5:41.

Kilometer 12 wandelen we. Langs de volkstuintjes. Wat wij aanzagen voor het hotel, blijkt een woonflat te zijn. Ik ben er echt wel klaar mee! Ik heb 10 kilometer plus gelopen in Friesland en mij ontbreekt elke zin. Maar we moeten Wolvega nog door. Over het spoor, langs de kerk, langs de Friese huizen. Ik weet er nog een beetje dribbelen uit te persen, maar als het hotel dan echt in zicht is, kap ik er mee. Horloge stopzetten na 13 kilometer die voor mij tellen als Friesland! Het was echt van alles wat.

‘s Avonds wil Rob nog een frisse neus halen en ik ben nooit te beroerd om mee te gaan wandelen! Ik vind de zonsondergang zo heerlijk. Mijn benen hebben er niks over te zeggen!

25 April – Lekker rustig fietsen ๐Ÿšดโ€โ™€๏ธ ๐Ÿšดโ€โ™‚๏ธ en bijkletsen met Manuel

Van het afwisselen hardlopen en wandelen word ik niet echt moe. Of eigenlijk ook weer wel. Of ik ben nog wat vermoeid van de tempoloop. Of ik ben gewoon moe van het werken, huiswerk begeleiden en alles. Uitfietsen dan maar. Vincent moet nog rustig aan doen, dus ik mag met Manuel mee! Yeah! Manuel is zo lief om voor mij op de ATB te gaan. Dan hoeft ik niet hard en is het voor hem toch een flinke workout. Zo’n ATB is een stuk zwaarder dan mijn racefiets, dus hij moet harder werken. We kijken uit naar tulpen, maar een keer lekker bijpraten vind ik belangrijker! Ging ik vroeger keer op keer met Manuel overal heen om te lopen, nu is hij wat te snel voor mij. Fietsen is een ideale oplossing! Manuel doet de route. We gaan over de Grote Trap.

Tulpen zien we eigenlijk nauwelijks aan deze kant van de polder. We fietsen langs de Vaart en dan moeten we een ommetje maken door het Oosterwold. Net waar Manuel het bosachtige gebied had uitgezocht om de wind wat te temperen, fietsen we nu over de vlakte. Wind tegen tempert vooral het (toch al lage) tempo. Manuel mag mij de schuld geven! Het zit er niet zo in vandaag. De zin, het tempo, de cadans – allemaal niet. Met mijn lichte fiets heb ik iets minder last van de wind. We fietsen langs de Vaart terug. Al met al fietsen we 40 kilometer.

Zondag 25 april. Zwemmen ๐ŸŠโ€โ™€๏ธ zonder wetsuit en trailen ๐ŸŒณ ๐Ÿƒโ€โ™€๏ธ met Vincent ๐Ÿƒโ€โ™‚๏ธ direct na het zwemmen.

Vincent en ik rijden naar Putten om daar te gaan zwemmen. Voor alle challenges heb ik intussen genoeg zwemmeters gemaakt, dus ik wil vandaag wel eens proberen om in mijn trisuit te gaan zwemmen! Ik zal straks toch het buitenwater in moeten… En dan is dit water nog redelijk verwarmd. Ik bedenk me niet. Het is heel rustig in het bad. Heerlijk! Vincent en ik hebben een baan voor onszelf. Ik spring er maar snel in! Als ik al 300m gezwommen hebt, komt Vincent er ook bij. Het is heerlijk. Het water zo dichtbij te voelen. Ik ga eerst een stuk met achtje. Doordat ik in de zon zwem, heb ik het niet koud. En ik zwem natuurlijk ook lekker door! Na een paar honderd meter doe ik het achtje aan de kant. Dan gaan mijn benen doen wat ze moeten doen. Het valt me intussen mee en ik kan gewoon door blijven flipperen. Ik zwem de hele tijd maar op en neer. Borstcrawl. Ik zwem in de zon en geniet van de kleuren in het water. Ergens op de bodem staat de lollige tekst “opschieten”. Als daar goed naar kijkt, hou ik mijn hoofd laag genoeg. Ik neem na een kilometer zwemmen het achtje weer. Vincent heeft het kouder dan ik. En hij was gister nog vermoeid. Ik zwem tot er niemand anders meer in het zwembad is en er 3 kwartier voorbij zijn. Heerlijk!

Zelfs het uit het water komen, valt qua kou wel mee. Maar ik kleed me om om te gaan hardlopen. Vincent en ik koppelen het zwemmen eens een keer aan hardlopen. We gaan niet hard, maar we gaan wel onverhard. Ik heb een route van SG. Spullen in de auto en we gaan hobbelen.

We lopen over een pad vol kiezeltjes en dat loopt net zo lastig als zand! Ik was hier ook toen ik met Joyce de utlratrail liep, maar toen gingen we de andere kant op. Al snel blijkt het eigenlijk best warm te zijn! We komen onder een brugje door. Heel geinig.

We lopen de hele tijd over landgoed Oud Groevenbeek. Blijkbaar zit er ook een soort blindeninstituut, daarom zijn er trottoirbanden langs de route! Ik herken het! Intussen heeft Vincent mijn horloge aangedaan en heeft hij de route tot zijn beschikking. Het voelt voor mij wat kaal, maar hij vindt het prachtig. En ik vind het handig.

Tussen de bos en de hei gaan we even op een bankje zitten! Vincent neemt een mini-mars, ik vind dat voor 7 kilometertjes niet nodig. In alle rust zitten we even. Dan gaan we de hei op bij Ermelo.

Het is er mooi, maar ik krijg een beetje een mopperbui. Zeur graag even over dat het warm is. En kaal. En dat het hard waait. En dat het druk is. We lopen de 5 kilometer in 32 minuten. De zin vergaat me ook een beetje. Zelfs mijn benen hebben er even iets minder zin an. We gaan gelukkig het bos weer in en we nemen wat vaker een wandelpauze. Dan komen we bij het huis van het landgoed. Ziet er erg mooi uit!

We maken even een ommetje naar het oude torentje, maar we mogen er niet dichtbij komen. We wandelen ook. Voor die laatste kilometers maakt het tempo al helemaal niet meer uit. We joggen nog langs het kasteeltje.

Dan zijn we zo’n beetje rond en heel erg toe aan de lekkere dingen die in de auto liggen! Een snelle loop was het niet, maar het was erg mooi en zo dicht bij het zwembad! Vincent heeft ook genoten.

Maandag 26 april Fietsen ๐Ÿšดโ€โ™€๏ธ met Vincent ๐Ÿšดโ€โ™‚๏ธ en veel wind ๐ŸŒฌ

In plaats van de duurrit bij de fietstraining, gaan Vincent en ik samen fietsen. Het idee is om langs Mariola in Almere Haven te gaan voor ijs en om wat tulpenvelden te zien. Verder ben ik aan alle kanten wat besluiteloos. We gaan naar het Paradijsvogelpad. En dan door over de รฉรฉn-of-andere vogelweg. Er zijn daar geen bloemenvelden. Dan komen we bij het nieuwe fietspad bij Nobelhorst, waar ik vorige week voor het eerst met Manuel fietste. Dan realiseer ik me dat we de brug over het water hebben gemist en dat we aan de verkeerde kant zitten! Dan moeten we maar de andere kant langs.

We gaan over de weg in plaats van over het fietspad wat slecht is. Dat helpt niet zoveel, want de weg is ook slecht omdat ze daar aan het werk zijn. En het waait. Hard. Veel. Nu snappen we waarom het daarstraks lekker ging! Het ergste van de wind vind ik altijd de herrie op je oren de hele tijd. Ik zou graag de wind uit willen. Veel liever als tegen de wind in op de Grote Trap. Maar hoe moeten we anders rijden?! Ik kom er niet uit, besluiteloos als ik ben. We doen een stopje en dan hakt Vincent de knoop door: we gaan de Grote Trap af en dan naar huis.

Er blijft maar wind en herrie. Het is niet druk op de Grote Trap. Soms valt de wind even weg achter een bosje en dan is het weer lekker fietsen! Intussen ben IK ook een keer klaar met de wind in de polder! Dat gebeurt niet vaak! We gaan de bruggen over naar het Kotterbos en dan door naar huis. De 40 kilometer maken we vol. En dat is meer dan genoeg uitgewaaid!

Dinsdag 27 april Intervallen omdat het moet ๐Ÿƒโ€โ™€๏ธ ๐Ÿฅต

Ik hou niet van de intervallen. Dat je snel gaat en rust neemt. Ik bedoel dat je dan echt harder moet lopen dan je kan en dan mag wandelen. Bah. Je krijgt het er warm van. Het is zwaar. En het gemiddelde ligt aan het eind toch laag. Maar door de grote hartslagverschillen train je die spier en uiteindelijk ga je er sneller van lopen. Meestal sla ik ze over. Maar dat mag niet meer van de trainer. Ze zijn goed voor me. Dat wรฉรฉt ik wel… maar ze zijn niet leuk ๐Ÿ˜’ Vincent moet ook intervallen doen. Anders dan ik, maar we moeten wel even lang. Ik moet 15 minuten inlopen en dan 10 keer 1 minuut heel hard en 2 minuten rust: wandelen en dribbelen. Vincent doet iets met afstanden en harder-harder-harder of zoiets. Hij zal wel voor me uit gaan. We spreken de route goed af en ik zet mijn snelle tempo tussen de 4:30 en 5:30. Off we go! Vincent loopt minder lang in en versnelt eerder, maar ik haal hem in mijn minuutje in.

Ik heb mezelf dik onderschat! In de minuut zo hard mogelijk kom ik onder de 4,5 minuut per kilometer!! Dan krijg ik een tikje op mijn pols van mijn horloge. Dat leidt af. Ik tel elke minuut af. Rustig tot 60 tellen. Vincents rust is behoorlijk lang, dus hij kan me niet inhalen. Als we allebei rust(ig) lopen, kunnen we appen samen ๐Ÿ™‚ In die ene snelle minuut ga ik helemaal los en ik haal elke keer ongeveer 220 meter.

Als er veel bochten zijn en na een keer of 5 word ik moe en haal ik 210 meter. Ik heb het intussen heet, ondanks de korte broek. ๐Ÿฅต De zesde en zevende keer zijn altijd wat lastig. ๐Ÿ˜“ Ik vind de trainer op dit moment niet echt leuk ๐Ÿ˜ Er zijn heel veel vliegjes die blijven plakken op het zweet. ๐Ÿ˜ Dan kom ik bij het viaduct. Natuurlijk valt de negende interval hard omhoog ๐Ÿ˜‘ Die is het langzaamst. Nog 1 keer. Vincent ligt ver achter me. De laatste keer zet ik alles op alles om de 230 meter te halen en dat lukt me! Ik hou 1 minuut een tempo van 4:16 dan vol.

Ik keer om en ga terug om Vincent op te vangen. Vรณรณr het viaduct. Ik dribbel en jog nu nog alleen nog maar! We gaan samen rustig terug. De enige reden om de intervallen te doen is het buitengewone tevreden en trotse gevoel achteraf. Ik kan niets anders bedenken.

Woensdag 28 april Back to Zwift en Londen ๐Ÿ‡ฌ๐Ÿ‡ง

Ik werk deze dag. Heel hard en veel, zodat ik met vakantie kan gaan en alles af moet nog even af. Het regent buiten. Troosteloos april-weer. Niet eens uitnodigend om te gaan wandelen! Dan ga ik ‘s avonds maar weer eens op de Tacx zitten. Ik zoek een route uit in Londen die de Triple Loops heet. Heb ik nog niet.

Eerst de stad door. Dat is vlak en snel. Ik doe gewoon mijn eigen ding en ik let helemaal nergens op. Ik heb muziek op. Zit me gewoon te vervelen. En dan ga ik een berg op. Dat weet ik wel, maar ik ben hier nog nooit geweest, dus ik heb geen idee hoe ver of hoe lang deze beklimming is.

Ik vlieg naar beneden. En dan is er nog een beklimming, maar ik vind dat niet meer zo lastig. Ik trap gewoon naar boven. En dat is dat.

Het gaat niet meer hard of op een hoge cadans. Gewoon naar boven hobbelen. En dan naar beneden! Als ik niet trap, ga ik in Zwift heerlijk aerodynamisch liggen. Grappig ๐Ÿ˜

Ik weet altijd dat ik nog 1 keer bij de metro omhoog moet en ben deze keer eens bijtijds teruggeschakeld! Dan is het nog een klein stukje voor de route erop zit. Nog over de Tower Bridge. Intussen is het laat geworden en ik wil graag naar bed!

Vrijdag 30 april Almere – Zandvoort ๐Ÿšดโ€โ™€๏ธ ๐Ÿšดโ€โ™‚๏ธ met heel veel regen ๐ŸŒง ๐ŸŒง

We gaan met vakantie met mijn ouders. Dat was in 2020 al het plan, maar toen geraakten we door Corona niet in Frankrijk. Eind van de zomer in dat jaar boekten we in een Duits Centerparcs. Maar ook dat leek niet goed te komen, dus wordt het een week in Zandvoort in 3 huisjes. En vanaf het begin heb ik gezegd: daar fietsen wij naar toe. Vincent heeft al vakantie en ik heb een route onder Amsterdam door. Maar dit is Nederland. En vrijdag 30 april regent het tot 11:00 uur volgens de buienradar. Maar dat is dan alleen in Almere. Twijfel alom. Gaan we dit doen… Is het handig… Ik wil het zo graag! En als ik iets in mijn hoofd heb gehaald… Na een uur zal het droog worden. We gaan in Amstelveen langs de McDonalds. Om kwart voor 11 stappen we op en accepteren we dat we nat zullen worden. Dat kost niet al teveel tijd. We fietsen over het Spoorbaanpad. Het is koud. En nat. Nat-uurlijk. 1 Keer moeten we stoppen om mijn tasje vast te doen. Voor foto’s is er weinig plek. Mijn fiets rammelt ergens enorm en mijn remmen piepen. We fietsen om bij Poort. We kletsen wel! Dan gaan we de brug over en zijn we Almere uit. En al helemaal nat. We zien 2 andere rare racefietsers. Dan gaan we de brug over de A1 over.

Vanaf hier is Vincent verantwoordelijk voor de route, die op zijn fietscomputertje staat. Ik weet nu dat we naar Weesp gaan en dan door langs de Gein, maar ik ben zo nog nooit gefietst. Het stoppen was geen goed idee, want daar krijg je het nog veel kouder van! We fietsen flink door naar Weesp. Daar is het schattig. We gaan het ijsje maar overslaan, maar daardoor klopt de route niet meer. We lijken wat te dwalen, over een industrieterrein en langs het kanaal en dan een brug over en nog 1… Ik raak het spoor bijster. Dan komen we langs de Gein te rijden. Prachtig! Rustig. En nog steeds regent het. Ondanks de handschoenen met lange vingers, wordt het steeds kouder en kouder. Voeten ook. Koud, nat en vies. We doen een woordslang met aardrijkskundige begrippen. Dat leidt af. Van de kou en het tempo. We trappen gewoon maar door. Langs Nigtevecht, door Abcoude. De letter N en A zijn gecoverd! Het blijft maar regenen. Ondertussen zijn we de grens van de buien toch wel gepasseerd, zou je zeggen. Maar nee, overal druppels. En mijn handen bevriezen zowat. Ik krijg moeite met remmen. Mijn fiets rammelt van tijd tot tijd. We zien een terras, maar dat fietsen we voorbij, want we gaan naar de Mac. In Ouderkerk echter is het klaar. We moeten opwarmen en rijden een duur terras op. We mogen gelukkig op het terras zitten, vlak bij de warmte-kanonnen.

Ik voel me vreselijk misplaatst op het terras. Na thee en een WC, besluiten we een stukje door te rijden naar de McDonalds op een paar kilometer afstand nog. We overleggen met Rob. Hij kan ons komen halen, want alles is ingepakt in de auto. We kunnen er nog bij. Het blijft regenen vandaag. Ik twijfel, maar voor Vincent spreken we af op de Spottersplek bij Schiphol. We rijden door naar Amstelveen. Bij het blokje om voor de Mac, blijkt daar een rij van jewelste te staan! Daar kunnen wij dus in gaan stilstaan met de fiets aan de (bevroren) hand. Dan maar een mini-mars en door naar de spottersplek. We dwalen Amstelveen door.

Dan komen we langs het Amsterdamse Bos. Ik denk dat ik door wil fietsen tot Zandvoort. Eigenlijk denk ik achteraf dat ik het te koud heb gehad voor een weloverwogen beslissing. Het blijft maar regenen en we rijden langs de A9 en langs de trein en er komen vliegtuigen over en langs. Vincent vind het prachtig! We missen de spottersplek. Als we weer van Schiphol af rijden, moeten we terug. Mijn fietscomputer is leeg en we wisselen om. Heb ik straks de rest van de route. Een kilometer of 20 nog. Dat moet me lukken binnen een uur. Vincent heeft 55 kilometer gefietst. Hij heeft de stoelverwarming nodig. Ik laat Vincent achter bij de spottersplek en ga zelf verder.

Ik zou echt niet kunnen zeggen waarom ik perse door wilde fietsen. Omdat het in mijn hoofd zat. Omdat ik dacht dat ik dat wel kon. Omdat ik toch al nat was. Omdat mijn fiets zo heerlijk is. Geen idee. Toen ik de snelwegen achter me liet en een omleiding tegenkwam, wilde ik me eigenlijk alweer omdraaien en mee terug rijden. Maar ja, dat deed ik niet. Ik moest enorm wennen aan de route. Ik zag het maar slecht. En elke keer stoppen voor een stoplicht. Daar werd ik moe van. Het regende nog steeds. Op een gegeven moment deed ik mijn bril af. Dat scheelde! Het leek minder te regenen, ik kon het fietscomputertje lezen en de omgeving werd maar iets waziger. Ik dronk wel redelijk wat, maar bij lange na niet genoeg. Ik probeerde een foto te maken, maar dat mislukte ook al.

Ik kwam een hoop plekken tegen voor de woordslang. De route was vreselijk saai: vooral langs 80 wegen. Ik riep zelf maar ‘echo’ onder een brugje. Wat ik vooral deed was aftellen. Tot Haarlem. Mijn tempo ging enorm omhoog. Ik stopte ook niet meer. Doorgaan was het enige wat ik nog kon. Hopen dat ik ooit in Zandvoort zou aankomen. Proberen rond de 26/27 te blijven fietsen. Ik genoot enorm van mijn fiets, want die bleef maar lekker rijden, hoe smerig ie ook was. Ik beloofde een fijne poetsbeurt als we in Zandvoort zijn. In Haarlem zag ik het aapje van Rob met de vraag waarom ik was doorgefietst. Dat vroeg ik me ook enorm af. En ergens voelde ik me vooral heel asociaal dat ik was doorgefietst. Ik stond weer stil bij een stoplicht, wat de doorgang er dan vreselijk uit haalt. En ik moest ook goed opletten in Haarlem met de route en het andere verkeer. Toen ik het Spaarne over was, zat ik op 70 kilometer. Dat was balen, want ik had er toch echt bijna moeten zijn. Maar dat het nog maar 5 kilometer was tot Zandvoort stond niet op de borden, allemaal was het verder weg. Het moet gezegd: het stopte ergens met regenen, maar ik was al zo nat dat ik het niet meer merkte. Ik had het door het hoge tempo ook niet meer koud. Dat waren de enige meevallers. En na Haarlem en Aerdenhout werd het wel weer mooier met grote villa’s, al reed ik nog steeds langs drukke wegen. Ik haalde de 75 kilometer ook. Ik telde uit dat het 78 kilometer zou worden en ik vond alles best, als ik maar zou arriveren! Liefst nog voor 4 uur.

Deze foto is van een ander moment, want afstappen zou ik echt niet meer doen, maar ik kwam in Zandvoor aan ook! Daar werd de weg weer eens van die lastige tegeltjes. Blijven trappen nu. En opeens moest ik van de route naar links en daar lag Centerparcs! Ik was het anders voorbij gefietst. Ik vroeg naar het huisje, waar mijn ouders zeker al waren (hadden ze me geappt ergens bij Haarlem). Ik kon de nummers nog volgen en ging bijna verkeerd, maar toen zag ik Rob. Al was het 79,9 geweest: ik was dan ook gestopt, maar nu waren het er precies 80! 80 Koude, natte, moeilijke kilometers. Ik was nat aan alle kanten, vies, vuil en goor, maar niet opvallend moe. Rob en Vincent waren er nog niet heel lang, want zij waren nog meer verdwaald rondom Haarlem. Ik had nog energie om mee uit te laden en de auto weg te zetten. ‘s Avonds heb ik me helemaal volgepropt met pannenkoeken. Niet omdat ik die met de goede voeding tot me nemen had verdiend, maar omdat ik f*ck*ng tachtig kilometer door regen en kou heb gefietst. Alleen mijn voeten doen erg moeilijk: had ik geen gevoel toen ik aankwam – dat had ik graag zo gehouden. Ze doen erg veel pijn van het opzetten, nat worden en bevriezen. Ook mijn vingers kunnen een tijdje moeizaam appen. Maar de voetenzalf en een warme douche doen prima hunn werk. Mijn familie zegt er verder niks van, die snappen het totaal niet. ‘s Avonds zijn we nog een stuk gaan wandelen. Herstellen kan ik namelijk super-supergoed. En ik wil zo graag bij het mannetje op het bankje zitten. Dat wil ik sinds ik de triatlon van Zandvoort heb gedaan.

Met een heleboel tickvakjes โœ… op mijn bucketlist kan ik deze dag afsluiten.

De maand is omgevlogen! Ik liep nogal door elkaar met bloggen door het vele sporten. 162 kilometer hardgelopen, 530 kilometer gefietst, bijna 8 kilometer gezwommen en ruim 46 kilometer gewandeld. 745 kilometer in totaal. Met wat yoga erbij maakt het 53 uur gesport in de maand. De grote vraag blijft waarom-eigenlijk, want wedstrijden zijn door corona nog steeds ver weg. Waarschijnlijk vind ik trainen erg leuk! ๐Ÿ˜€ Voor Trispiration heb ik de maand ook weer netjes afgesloten met alle activiteiten voor de jaarchallenge.

Op naar mei, die we lekker van start gaan met een vakantie in Zandvoort!

Categories: Geen categorie | Leave a comment

2021-11

Zondag 4 april – Brabant op eerste paasdag ๐Ÿฃ – Best Hard Lopen

Voor de Trispiration Challenge ga ik vandaag samen met Vincent een uur / 10 kilometer hardlopen in Brabant. Rob zet ons bij de Makro in Best uit de auto. Ik heb dan een bidon sportdrank leeg en maak me best zorgen dat ik een uur lang behoorlijk door zal moeten lopen om Vincent bij te houden. Ik heb een route op mijn horloge klaarstaan langs het vliegveld en door het park bij Meerhoven.

We lopen naar de hoek van de Makro en ik moet plassen van de sportdrank. Dan gaan we langs het kanaal lopen. Er vaart een boot. Die past net. Het gaat wel lekker. Ik zie alleen de route. We gaan best hard, zegt Vincent. We nemen een stukje onverhard mee, zodat ik ‘een boompje’ kan zoeken. Het is niet druk gelukkig. We halen de boot niet in, zegt Vincent. Hij loopt onderlangs, onverhard en ik bovenlangs, verhard met ‘heuveltjes’.

Ik ga erg lekker zo zonder rugzakje, op asfalt en ‘maar’ 10 kilometer. ‘Wat heb jij’, vraagt Vincent, ‘je loopt onder de 5 minuten hoor’. Ik wil de boot inhalen of naar de paaseitjes bij mama, ik geloof hem maar half tot er een kilometertijd doorkomt van 4:57. Dit ga ik niet volhouden, mok ik. We halen de boot in en steken de brug over voor de boot langs.

Dan door langs het vliegveld. Ik kan niet echt rustiger gaan lopen. Ik wil wel en ik moet ook en het voelt alsof ik dat doe, maar mijn benen gaan nu gewoon door. Vincent maakt foto’s van de vliegtuigen.

Dan moet hij mij inhalen en dat is best lastig. Want hoewel ik echt denk langzamer te gaan zit de tijd nog steeds op 4:57. Ik ben zelf verbijsterd en wil nu ook kijken wat er kan, maar ik vergeet dat Vincent te melden. Vincent moet in zone 1 lopen. Nu is voor hem 5 minuten per kilometer nog geen zone 5, maar ook geen zone 1 meer. We lopen langs het vliegveld. Ook daar is het doodstil en weinig levendig.

Ik spurt maar door en Vincent heeft er genoeg van! Ik wil de 5 kilometer volmaken nu zonder te stoppen. Ik moet even weer op de route langs het flight forum komen. Vincent houdt me niet meer bij. Bij 5 kilometer in 25 minuten en 45 seconden stop ik en is Vincent pissig.

We gaan rustiger lopen, maar ik voel me nog steeds erg goed. We lopen over het verlaten vliegveld terrein en ik herken hier helemaal niks! We zien wel een ‘opgezet’ vliegtuig. Vincent maakt een foto en ik wacht en zet dan gewoon mijn horloge stil of ik ga iets rustiger.

We zullen daarna ook wel even moeten afremmen, want nu komen we in het park en bij echte. heuvels! Die gaan we natuurlijk over!

We komen verderop in het park en ik merk dat ik nog steeds door en door wil, maar bij de stapstenen mรณรฉt Vincent even spelen ๐Ÿ˜‰

Daarna is er weer een heuvel. Vincent gaat er overheen en ach- ik ga maar mee…. Vincents beentjes zijn nog wat moe van het zwemmen en hardlopen eerder deze week.

We vervolgen onze weg door het park, waar het wel razenddruk is. Met wandelaars en paas-eieren-zoekers en fietsers. Allemaal met een plat accent! Het park is hartstikke mooi, maar zin in ommetjes door het bos heb ik niet meer. Ik zit nog in het idee tempo-loopje en dat verander ik niet zomaar in een sightseeing-run. We komen door stukken van Veldhoven die ik totaal niet herken en ik waarvan ik ook geen idee meer heb waar ik ben. Tot we bij de Heerbaan komen. Natuurlijk gaan de 10 kilometer binnen een uur gemakkelijk lukken, maar mijn horloge is tijdens de pauzes gestopt. We komen langs de kerk van Zeelst en ik app mam dat we er aan komen.

Voor Vincent mag de WC-deur alvast open gezet worden. Het duurt een hele tijd voor Vincent de omgeving herkent. 11 Kilometer komen we op. Ik heb dat in een uur gedaan, wat voor mij top is. Voor Vincent is het zone 2. De duur van de loop was iets langer, maar nog altijd harder dan 10 kilometer per uur.

‘Best Hardlopen’, noemt Garmin het. Best Hard Lopen is een betere titel!

Douchen, paaseitjes zoeken, snoepen, gourmetten en kletsen in de tuin. Vincent is snel hersteld en ik ook, maar Vincents benen zijn het er nog niet zo snel mee eens. Ik doe ‘s avonds nog lekker een rek- en strek yoga voor de benen.

Paasmaandag 5 april – fietsen in de sneeuw โ„๏ธ van de bergen, terwijl het buiten sneeuwt. ๐ŸŒจ

Lekker uitslapen en vers brood eten. Veel hoeft er niet vandaag. Gek genoeg valt er deze pasen meer sneeuw dan met kerst! Het giert echt een paar flink om het huis heen! De sneeuw blijft niet liggen. Buiten fietsen dus zeer zeker niet! Dan maar binnen fietsen en de lange route doen door Watopia voor de route van Watopia deel 2. De vorige keer is mijn stempel niet gezet. Er staan zo’n 700 a 800 mensen klaar om mee te doen. Ik hoeft niet hard. Totaal niet. Als ik 700ste wordt, met de berg oversteken en dik 900 hoogtemeters, lijkt mij dat prima!

Ik geniet een beetje van de omgeving en hou mijn cadans lekker hoog. Al snel lig ik achteraan op de meer dan 700ste plek. Ik weet dat de berg nog komt, maar eerst de dino’s!

De Tacx onderbreekt zichzelf. Daar baal ik dan van, want de klim is net begonnen! Het zal iets zijn met een dubbel signaal, en ik moet wachten tot ik terug kan komen en weer verder kan trappen. GRRRR. Intussen sneeuwt het buiten weer. Hoe raar is dat…

Ik ploeter naar boven. Cadans hoog houden en maar blijven trappen. Ik moet zo’n 20 plaatsen goedmaken. Wat er dan gebeurt! Ik haal de ene na de andere in. Ik zie veel mensen die staan, maar ik blijf zitten en trap me het schompes. Het went al. En ik ken de weg. Dorpje-kasteel-luchtballonnen-sneeuwtunnels.

Ik haal echt veel mensen in, het is ongelooflijk! Niet zomaar tien mensen, maar met mijn doortrappen haal ik zomaar bijna 50 mensen in. Ik ben in dik 40 minuten boven. Maar dan moet ik nog op en neer naar de radio tower.

Ik blijf achter iemand fietsen en die krijgt een duimpje. Daarna ga ik zo hard mogelijk omlaag en rij ik even 87 kilometer per uur op de fiets!

Ook daar maak ik nog een flinke inhaalslag. Of er zijn mensen die ermee stoppen of van de Tacx uitvalt, maar ik ruk op richting de 600ste plek! We komen in een een groepje te rijden, maar nu moeten we nog een keer omhoog door de Titans Groove. Ik begin het wel erg heet te krijgen zeg! Maar goed: nog 1 keer wat mensen achterlaten en dan zit ik rond de 610de plek in plaats van de 700ste. Er zijn ook weinig vrouwen op de 800 mensen, hooguit tien procent.

Ik heb heel veel punten gehaald in Level 20 (dubbele scores…, ik completeer een nieuwe route en ik zet nog een nieuw PR op de QOM. Ik fiets nog even vol tot 40 kilometer en dan daal ik nog een kilometer af zonder te trappen.

Die zit er op! Na een tijdje wachten, volgt de tweede (van de vijf) stempels in mijn route-paspoort.

Dinsdag 6 april. ๐Ÿƒโ€โ™€๏ธ met hertjes en intervallen ๐ŸฆŒ en met Vincent ๐Ÿƒโ€โ™‚๏ธ samen.

Vincent moest intervallen doen. Ik kan hem in de versnelling natuurlijk absoluut niet bijhouden, maar daarna moet hij rustig en dan kan ik er wel weer bij komen. We spreken de route goed af: heen langs de kassen, terug langs de plassen. We lopen samen in en dat gaat heel rustig. We maken er maar gebruik van dat het wat langer licht is deze avond, want we gaan (een uur) na het eten. Dan gaat Vincent versnellen: iets van 600-800-1200 op zijn 10 kilometer tempo. Hij heeft niet zo’n goed idee hoe hard dat is, maar ik zie hem voor me uit verdwijnen.

Na 600m komt hij weer bij. Ik ga ook lekker doorlopen. Gewoon om te kijken wat ik zelf kan. Zomaar op een dinsdagavond. Het valt me mee! Mijn tempo (wat zondag ook al hoog lag) gaat zomaar richting de 5:30 en daaronder. En dat twee kilometer lang! Ik haal Vincent in tijdens zijn pauze. Hij heeft het best zwaar, zo na het eten en laat op de avond na een drukke dag. Ik wil de 5 kilometer nu ook binnen een half uur lopen! Dan loop ik de plassen in en daar staan de hertjes.

De donkere lucht achter ze is echt prachtig. Dan maar geen 5 kilometer in 30 minuten! Die moeten op de foto. Vincent komt er ook aan. Verderop in het bos staat ook een roedel. We lopen samen verder en ik verbijster mezelf eerst door de 5 kilometer toch in 29 minuten te lopen en daarna loop ik 600m met Vincent mee op een tijd onder de 5 minuten! Ik ben dan ook erg blij met de wandelpauze!

We hobbelen tussen het pad door wat nu ook in bloei staat. Daar steekt de wind op. ‘Over tien minuten regent of hagelt of sneeuwt het’, voorspel ik. Vincent gaat na 5 minuten heel langzaam lopen over op 600-800-1000m 5km tempo. Dan moet hij maar rechtdoor lopen bij het Oostvaarderscentrum, anders is het rondje veel te kort! Dan hebben we ook wind mee. En inderdaad: dan hebben we de hagel in de rug! Ik hou hem niet bij, maar versnel zelf ook nog een keer. Het is echt best wel ongelooflijk dat ik ook nog een kilometer kan lopen in 5 minuten!

Vincent loopt nog een keer hard voor mij uit en loopt zomaar een halve minuut sneller dan ik ooit zal kunnen. We zitten op 9 kilometer en nu hobbelen we nog 2 kilometer rustig uit naar huis. Ondanks dat we stukken gewandeld hebben, ligt het gemiddelde nog aardig hoog. Voor een soort van gemiddelde dinsdagavond in april met sneeuw.

Voor het slapen gaan, doe ik een rustige yoga-training. ๐Ÿง˜โ€โ™€๏ธ Aarden. Ik heb al een boel gedaan, maar dit is mij te ‘niks’! Ik denk niet dat ik goed kan aarden, maar ik haal er wel een namasse-badge mee. Geaard of niet!

woensdag 7 april. Fietsen met hindernissen ๐Ÿšง

Na een dag werken, stap ik weer in de wereld van Zwift. Nadat ik ontdekt heb dat Vincents definitie van “natuurkunde kennen” volledig is anders is als die van mij en Rob. Dus ondertussen zit Vincent erbij te leren over de verschillende soorten krachten en hoe die op elkaar weken en welke afkortingen er zijn. Ik doe de Womens Ride van de Tour van Watopia. En dan blijkt dat de Tacx zijn verbinding kwijt is! Ik heb nog een minuut en samen met Rob moet ik alles opnieuw opstarten. Uiteindelijk lukt dat en dan moet ik achter de andere ladies aanfietsen.

Dat betekent in dit geval dat ik 35ste lig! Er zijn maar 35 vrouwen! Ik “klim” al snel “op” naar de 33ste plek. Het maakt me niet zo uit, ik moet luisteren naar natuurkunde. En straks weer een keer die berg over! Misschien haal ik dan ook nog iemand in, maar ik heb geen enkele haast. Ik ben hier voor de dubbele punten en that’s it!

Dan krijg ik tussen de formules door een aapje via Zwift van een meefietste met de vraag “he Anke, fiets jij ook”. Te grappig! Ik herken de naam en zij fietst voor me. Ze woont hier in de wijk! Hoe lollig!! Ik pik van de natuurkunde niet meer zoveel mee. Inderdaad schuif ik een paar plaatsjes op, maar echt mijn best doe ik niet.

Ik moet ook nog naar boven naar de radiotoren. Dan belt een vriendin met wie ik had afgesproken om te bellen. Ik jaag Vincent naar beneden om verder te gaan met natuurkunde. Dan ga ik al bellend omhoog fietsen.

Op het betweterige af geef ik mijn vriendin raad. Ik ben wel eerlijk geweest en ik hoop dat ze er wat mee kan. Ondertussen houden er een aantal dames mee op blijkbaar, waardoor ik nog wat opschuif. Ik heb weinig tijd meer om er op te letten. Vincent komt langsgestormd om te vertellen hoe leuk natuurkunde is. En dan is de tour klaar!

Ik fiets de 30 km vol en stap dan bellend weer af.

Donderdag 8 april. RUSTDAG

Ja ECHT: ik doe niks op sportief gebied! Er komt รผberhaupt weinig uit mijn handen, maar dat is die dag in de maand dat je toch je bewegingsdoel haalt, ook al doe je niks.

Vrijdag 9 april. Ik blijf lang in bed liggen. Doe rustig aan. En ik verveel me. Ik lees in mijn boek, doe de was. En ik verveel me verder. Vandaag wil ik niet veel doen, want ik zie er tegenop om morgen te moeten gaan hardlopen op asfalt om de Oostvaardersplassen heen. Ik slaap slecht, ik loop weinig meer en de dijk is een dikke mentale uitdaging. En 30 kilometer is ook weer ver. Maar ja, Joyce wil dat heel graag en ik heb wรฉl enorm veel zin om met haar bij te kletsen. Dan is 30 kilometer opeens weer veel te kort!

Uiteindelijk stap ik toch maar even op de fiets. Binnen uiteraard. Ach, denk ik, wat maakt het ook uit, ik doe gewoon de kortste route voor de dubbele punten! En ondertussen lees ik dan mijn boek. De Tacx wil weer niet goed aan, maar pikt het signaal toch weer op als de Group Ride al gestart is. Opeens ben ik tot mijn schrik 1 van die ‘invoegers’ en fiets ik totaal onverdiend op de 50ste plek. Ik val gauw terug. Dit is een gemengde groep en een korte afstand, dus de snelle heren zijn dik in de meerderheid!

Ik lees meer dan dat ik naar het scherm kijk. En ik trap. Netjes achteraan kom ik te fietsen, maar voor elke kilometer krijg ik 40 in plaats van 20 punten. Ik hoeft de berg niet over gelukkig. Ik fiets niet in groepen mee, ik kom steeds meer solo te fietsen, maar ik merk het amper op.

Na een paar hoofdstukken ben ik rond en verhuis ik naar de bank om verder te lezen. Ik maak nog een wandeling en dan zie ik morgen wel of het me gaat lukken om een stuk te hardlopen! We hebben geen haast. Meer tijd om te kletsen.

10 april Rondje Oostvaardersplassen โž•โž• – De Hartstocht ๐Ÿงก met veel gekwebbel en een stukje meer

Vroeg op. Als je tenminste slaapt en dat lukt me maar slecht. De spullen liggen klaar en ik had voor kwart over 7 gegeten moeten hebben, maar dat lukt ook niet. Ik ga om kwart over 8 weg en dan ren ik naar het Oostvaarderscentrum. Daar voegt Joyce zich bij me en dan lopen we samen de Oostvaardersplassen rond. 90% asfalt. Dat we zo vroeg vertrekken, komt door mij, want ik heb -domdomdom- in de middag een zwemtraining geboekt. Ik weet niet hoe ik dat ga doen, maar dat zien we later wel.

We doen dit in het kader van de Hartstocht, die door de Hartstichting is georganiseerd. Dat is een wandeltocht. Die mag je starten waar je wil en de afstand mag liggen tussen de 10 en 30 kilometer. Wij kiezen voor 30 kilometer, maar de app wil niet aan. Ik heb er 2 kilometer op zitten en ik wil nu door. Zo lopen we langs de plas aan onze kant. Ik tetter maar door. Dan kunnen we lekker het tempo van Joyce aanhouden en hoeft ze alleen maar te luisteren. We hebben uitzicht op het wild van de Oostvaardersplassen.

Het hele Kotterbos door klets ik Joyce de oren van het hoofd. Geen punt! Joyce hoeft niet eens iets terug te zeggen! Ik weet toch al wat ze overal van vindt. Dan laten we het Kotterbos achter ons en gaan richting de Praamberg.

Ik zit al op 7 kilometer en ik werk netjes mijn eerste gel weg. Ik heb dit rondje al eerder gelopen, maar ik heb nooit netjes genoeg voeding genomen. Deze keer ‘moet’ dat van Manuel, die vorige keer met mij meeliep. Met deze drinkzak blijk ik echter heel moeilijk te kunnen drinken! Ik moet veel te hard zuigen en krijg bijna geen water binnen. Het gaat zo slecht dat ik er van ga lopen hijgen. Ik had nooit gedacht dat ik daar al langer problemen mee zou kunnen hebben. We blijven hardlopen. Geen stops. Mijn maag speelt echter wel een beetje op, maar dat is geen reden om te stoppen. Bij de Praamberg lopen we door. Ik ga op zoek naar het pad over het Oostvaardersveld. Ik weet waar het moet zijn. En jawel, ik merk het op na voor mij 12 kilometer en voor Joyce 10 kilometer. Onverhard en rust!

We gaan over de pollen wandelen en nemen het pad naar rechts op de afslag. Dat hadden we niet moeten doen, maar het bos geeft meteen kalmte. Joyce kletst er maar eens even op los. Het tempo boeit me helemaal niet. We nemen een ommetje. Er is gelukkig niet zoveel modder! We genieten van de wijsheid en de rust die de natuur zo tentoonspreid. We weten dat er straks weer asfalt is. Joyce baalt dat ze zich vandaag niet beter voelt.

Ik vind het allemaal prima, want ik ga het wel halen voor het zwemmen. En ik vind het weer lekker (niet te zonnig en niet te warm of koud) en ik ben onwijs blij met het gezelschap en ik eet netjes de gels en de maagpijn is weg. Dan gaan we onder het spoor door. Ik vind dat altijd leuk, maar nu liggen er plankjes om droge voeten te houden en dat maakt het extra grappig. Onnodig, maar leuk.

We komen aan de andere kant bij het centrum. Dan zit het onverharde gedeelte er weer op. Vanaf nu is het dijken!

Aan deze kant en op dit tijdstip is het overal wat drukker. Ik stel voor dat we op de Knardijk blijven lopen en ik neem het vermaak weer op me. Joyce houdt het lang vol, maar niet helemaal. We moeten uitwijken voor fietsers en de meesten razen langs je heen. Op 1 mevrouw op een electrische fiets na, die zegt ons “jullie moeten nog een eind”. De supporter van de dag! Dat doet me goed. Geen idee hoe ze dat weet, maar ze heeft gelijk!

En dan zijn we op de kruising van de dijken. We hebben het wel zo gepland dat we wind mee hebben op de Oostvaardersdijk! Ik zit op 21 kilometer in 2,5 uur. Ik weet dat de Oostvaardersdijk lang, saai en recht is. Een mentale uitdaging, waar ik totaal niet tegenop zie. Deze keer herken ik de fiets van twee vriendinnen die ons inhalen wel, maar ze fietsen te hard om ons te horen roepen. We wandelen een stuk. En lopen dan weer een paar kilometer te klagen over Corona. Ik ben echt keurig bezig met de gels!

Tot mijn 25 kilometer lopen we samen. Ik zal daarna doorgaan tot de 30 kilometer en die op mijn eigen tempo volmaken. Joyce vindt dat niet erg, dan kan zij ook haar eigen tempo aanhouden zonder het gevoel dat ze mij ophoudt (wat niet terecht is, maar onuitwisbaar). Ze zegt nog dat ik wel door mag lopen tot huis, maar dat dacht ik echt niet! Ik haal haar straks weer op. En dan versnel ik. Een beetje. Want ik weet ook dat ik er nog lang niet ben.

Ik moet plassen. Dat is lastig. Ik wil eigenlijk doorlopen tot kilometer 30 en dan gaan zitten, maar dat red ik niet. Op 27,5 kilometer hurk ik aan de rand van de dijk. Auto’s zien me niet en in de wijde omtrek even geen fietser te bekennen. Dan loop ik weer door. Het fietspad ligt vol (zout?) bolletjes. Verder is NIETS om je aandacht af te leiden. Niks-niks-niks. Strak, recht, saai.

Ik ga maar tellen vanaf kilometer 29. Tot 300. Dan moet ik er ongeveer zijn. Ik wilde inderdaad net binnen de 3,5 uur de 30 kilometer halen. Als ik nu omkeer, een paar honderd meter extra loop en de dijk nog af moet, zit ik straks als ik thuis ben op ongeveer 38 of 39 kilometer. En dan? Ga ik dan nog die 3 of 4 kilometer extra? Ik peins me suf. Kan ik dat? Ja. Krijg ik er spijt van als ik dat doe? Morgen of straks in het zwembad, ja. Krijg ik spijt als ik het niet doe? Ja, ook. Ik draai me om tegen de wind in om Joyce op te halen. Dat is even anders! Goed dat we wind mee hebben. En dan gaan we samen weer een stuk op. Joyce is duidelijk: na 30 kilometer zet ze haar horloge uit en ze wandelt desnoods terug naar de auto. Het asfalt is te veel voor haar. Te zwaar, te weinig demping. Ze snapt het volledig als ik door ga lopen.

Ik neem het ommetje op de dijk en bij het brugje lopen we weer samen. Joyce heeft er 30 kilometer op zitten. Ze wandelt. Ik zit op 33 kilometer. De laatste 3 kilometer zal ik alleen moeten doen. Ik app Vincent, maar die fietst. Ik app Manuel, maar het komt hem echt niet uit. Ik wandel gewoon een stuk met Joyce mee. Dat vind ik niet erg, want de tijd boeit me niet echt. Kilometers maken: twee-en-veertig; daar draait het me om. Is dat verstandig nog geen maand na de 50 kilometer? Vast niet. Maar ik ga het wel doen! Misschien haal ik het nog binnen de 5 uur, maar waarschijnlijk net niet en dat vind ik dan prima.

Ik wandel met Joyce mee tot mijn kilometer 35. Ik vind het moeilijk, maar ik moet een extra stuk route bedenken en dat vind ik lastig. Guess what – de mevrouw op de elektrische fiets die we aan de andere kant zagen, komt ons nog een keer voorbij! Bij de bloesems! Ze wordt echt De Supporter van de Dag.

Ik neem de laatste gel en dan ga ik voor de laatste 7 kilometer. Ik ren weer een kilometer in 6:20. Het is een kwestie van volhouden en doorgaan. En mezelf soms toestaan om te wandelen. Ik moet alles loslaten aan tijd. Ik ben nog niet zo dodelijk vermoeid als ik anders ben! Niet dat mij dat opvalt, want ik ben vooral bezig met het tellen van de kilometers en bedenken van een route. Rechtdoor bij het Oostvaarderscentrum.

Supporter van de Dag neemt daar een kop koffie. Ik ga door. Het zal net boven de 5 uur uitkomen. Gek idee dat ik hier daarstraks ook al liep. Toen nog superfris, maar nu ben ik 35 kilometer verder! Ik wandel soms stukjes om bij te tanken en vol te houden. Dat vind ik belangrijker dan de tijd.

Ik misreken me toch ergens, want ik denk dat ik nog 4 kilometer moet en het zijn er 5. Dat haal ik (nu) net niet meer in 32 minuten. Mijn voeten doen pijn. Ik heb blaren merk ik! Dat is wandelend nog erger, maar hardlopen is niet meer zo vanzelfsprekend. Elke keer pak ik het hardlopen toch maar weer op. De brug is best hoog zo…. Ik besef dat ik intussen 39 kilometer heb gelopen en dat ik nog te kort kom. Ik moet het huis voorbij lopen. Moeilijk te bepalen hoe dat dan moet, maar 42 kilometer gaan het nu worden ook! Ik kan ook niemand te appen krijgen voor een beetje steun. Ik doe dit helemaal ALLEEN. Ik moet ALLEEN de weg bepalen. ALLEEN het doorzettingsvermogen hebben. Zonder Joyce was ik nooit vertrokken, maar ik ben hier op kilometer 40 op mezelf aangewezen. Joyce zit in de auto en kan ook niet appen. De oude mevrouw met rollator lacht me vriendelijk toe. Weet zij veel….. Ik loop door naar de brandweerkazerne. Binnen 5 uur gaat me niet meer lukken, maar 5 uur en 5 minuten en 5 seconden lijkt me leuk. Op kilometer 41 glij ik wel weg. Blijkbaar is de energie op. Mijn benen zijn erg moe. Mijn voeten doen pijn. Ik kan mijn omgeving niet meer zo goed in me opnemen. Dat is het moment dat je publiek nodig hebt. Dan had ik binnen 5 uur een marathon gelopen. Maar er is geen publiek.

Vergeleken met deze struggle is de dijk maar gewoontjes. Ik moet mijn huis voorbij lopen en terugsteken door het park om aan de 42 kilometer te komen! Maar ze zullen er komen ook.

Ik vind 5 uur 5 minuten en 5 seconden tellen! De foto was gewoon net iets te laat ๐Ÿ™‚ Ik heb gewoon een marathon gelopen! Zomaar. Gewoon.

Als ik thuiskom, drink ik vooral veel chocomelk met whey poeder. Ik heb inderdaad niet veel gedronken en veel gels gehad. Ben ik moe? Ja. Mijn benen zijn erg vermoeid. Moet ik door? Ja! Ik wil gaan zwemmen! Van mezelf hoeft ik maar een half uur. Beetje uitzwemmen.

12 februari 2017
Zwembad Almere Poort.
Ik zwem in baan 1 en GN komt net iets later binnen. GN is een wat oudere triatlete, maar wat is ze goed! Ze is een uitstekende loopster. Ze springt bij ons in de baan. “Jij had toch de marathon vandaag?”, vraag ik verbijstert. “Ja”, zegt ze, “Ik kom uitzwemmen.” Later bleek dat ze zo snel was weggegaan bij de marathon dat ze haar eerste plaats had gemist. “Wie had nou gedacht dat je met een tijd van 3:45 eerste dame zou worden”, zegt GN, “Ik liep gewoon lekker makkelijk!”


Voor mij was dat de spirit van de triatleet ten top. Nee, รณver de top.
Een marathon lopen en daarna gaan uitzwemmen, HOE DAN?

Dit vooral is me altijd bijgebleven.

En nu maak ik de gang zelf naar het zwembad. Het enige waar ik me zorgen om maak, zijn mijn voeten. Met blauwe teennagels en blaren. De regen deert me niet zo. Het wandelen naar het zwembad is een ellende! Daar komen we andere clubgenoten tegen. Ik hou mijn mond maar. Deze mensen vinden zichzelf zo goed. Zij springen meteen in de snelle baan. Vincent en ik pakken de baan voor de langzame zwemmers.

Ik stoot mijn teen en dat is vreselijk pijnlijk. Mijn armen vinden het zwemmen prima. Mijn wetsuit zorgt dat de benen niks hoeven te doen. Ik ga gewoon prima en lekker en niks hoeft. Na een paar banen gebruik ik ook mijn benen en dan merk ik hoe gemakkelijker dat het zwemmen maakt. Hou ze dicht bij elkaar. Het is niet zo druk in de baan. Gewoon lekker alleen maar op en neer zwemmen. Soms met en soms zonder benen. Ik ben volslagen gek geworden. Zwemmen na een marathon. Van de pot gerukt. Ik ben een level hoger gekomen in de triatleten-idioterie. Dat ik dit normaal vind! En het ergste van alles: ik zwem er gewoon 2000m bij. Boem. ๐Ÿ’ฅ

Say HI to de Badeenden op de achtergrond! Omkleden en teruglopen zijn erger dan zwemmen. De honger blijft een beetje uit. Geen goed teken dat ik nu al spierpijn heb! Ik eet wel de verdiende hamburger. Ik denk dat ik ook nog wel had kunnen fietsen in Zwift, maar dat was een grapje van Rob en dat mag achteraf toch niet.

Dat is ook goed ook, want ik ben gewoon wel moe. In topconditie! Voor de marathon krijg ik 8 badgepunten van Garmin. Schiet ik lekker op met leventje 5 worden. Een mooie bonus! Ik geef niks om een medaille of loftuitingen. Ik heb mezelf iets bewezen: ik ben compleet gek geworden! ๐Ÿคฏ

๐Ÿƒโ€โ™€๏ธ๐Ÿƒโ€โ™€๏ธ๐Ÿƒโ€โ™€๏ธ๐Ÿƒโ€โ™€๏ธ๐Ÿƒโ€โ™€๏ธ๐Ÿƒโ€โ™€๏ธ๐Ÿƒโ€โ™€๏ธ๐Ÿƒโ€โ™€๏ธ๐Ÿƒโ€โ™€๏ธ๐Ÿƒโ€โ™€๏ธ๐Ÿƒโ€โ™€๏ธ๐Ÿƒโ€โ™€๏ธ๐ŸŒณ ๐Ÿšถโ€โ™€๏ธ ๐Ÿƒโ€โ™€๏ธ๐Ÿšถโ€โ™€๏ธ ๐Ÿƒโ€โ™€๏ธ๐Ÿƒโ€โ™€๏ธ๐Ÿšถโ€โ™€๏ธ๐Ÿƒโ€โ™€๏ธ๐Ÿƒโ€โ™€๏ธ๐Ÿก๐Ÿƒโ€โ™€๏ธ๐Ÿšถโ€โ™€๏ธ๐Ÿšถโ€โ™€๏ธ๐Ÿ›ฃ๐Ÿƒโ€โ™€๏ธ๐Ÿƒโ€โ™€๏ธ๐Ÿƒโ€โ™€๏ธ๐Ÿƒโ€โ™€๏ธ๐Ÿƒโ€โ™€๏ธ๐Ÿƒโ€โ™€๏ธ๐Ÿƒโ€โ™€๏ธโŒš๏ธ ๐Ÿƒโ€โ™€๏ธ๐Ÿƒโ€โ™€๏ธ๐Ÿƒโ€โ™€๏ธ๐Ÿšถโ€โ™€๏ธ๐Ÿšถโ€โ™€๏ธ๐Ÿƒโ€โ™€๏ธ๐Ÿƒโ€โ™€๏ธ๐Ÿ˜‘ ๐Ÿƒโ€โ™€๏ธ๐Ÿƒโ€โ™€๏ธ๐Ÿ˜ฃ๐Ÿƒโ€โ™€๏ธ๐Ÿ˜ฅ๐Ÿƒโ€โ™€๏ธ๐Ÿƒโ€โ™€๏ธ ๐Ÿค— ๐ŸŠโ€โ™€๏ธ ๐ŸŠโ€โ™€๏ธ๐ŸŠโ€โ™€๏ธ๐ŸŠโ€โ™€๏ธ๐ŸŠโ€โ™€๏ธ๐ŸŠโ€โ™€๏ธ๐ŸŠโ€โ™€๏ธ๐ŸŠโ€โ™€๏ธ๐ŸŠโ€โ™€๏ธ๐ŸŠโ€โ™€๏ธ ๐Ÿ˜ฑ ๐Ÿ˜ฑ ๐Ÿ˜ฑ ๐Ÿ”

11 April. Ik lig een tijd wakker ‘snachts en neem een paracetamol. Net iets teveel vocht verloren. Dan doen de spieren even pijn. Maar als ik wakker word, is dat zo goed als over. Ik zou ook wel eens spierpijn willen hebben eigenlijk! Stom is dat he. Als ik de trap afloop, voel ik wel iets, maar het is in geen verhouding met een marathon lopen. Daarentegen ben ik moe. Een diepliggende vermoeidheid. Verder heb ik echt nergens last van! Is dat niet raar? Ik ben een beetje ongedurig en heb nu gelukkig wel trek. Mijn voeten zijn weer bijgetrokken.

Ik ga fietsen ‘s middags. In Zwift. Een vlakke route. Geen beklimming voor mijn spieren! Ik voel ze dan wel niet, maar laat ik het niet opzoeken. Ondertussen bel ik met mijn zus. Zij kletst, ik trap.

Ik trap hard en moeiteloos. Na de route ga ik nog even verder.

Tot er verbazingwekkend genoeg 35 kilometer op de teller staan. Met een gemiddelde van boven de 30 kilometer per uur. Weg spierpijn die er had kunnen zijn!

Ik ga ook nog buiten fietsen met Vincent mee die een 3 kilometer test doet. Rob fietst er ook bij. Vincent loopt als een hele grote jongen. Zo hard! 3 kilometer binnen 12 minuten (11:45). Wat een kracht! Geen idee van wie hij dat kan hebben…..

Maandag 12 april. Fietsen ๐Ÿšดโ€โ™€๏ธ ๐Ÿšดโ€โ™‚๏ธ rond de ๐Ÿฅถ Oostvaardersplassen

Een halve dag werken. Nog een minuscuul beetje spierpijn, maar het mag geen naam hebben. Misschien een halve ochtend als ik de trap af loop. Gek genoeg baart me dat juist zorgen! Hoe kan ik een marathon lopen en daar vrijwel geen last van hebben?! Ik weet heus dat het niet op topsnelheid was en dat het wandelen de inspanning op de spieren heeft verminderd, maar 42 kilometer lopen zonder daar iets aan over te houden? Dat is toch wel raar of niet dan?! Laat in de middag stelt de trainer me gerust: het is uitzonderlijk, maar het kan wel. Ik ben daar als het ware op gebouwd intussen. Aan gewend geraakt. Als een bouwvakker die elke dag zwaar werk kan doen. Het stelt me gerust รฉn het maakt het nog lastiger om een uitdaging te vinden die bij mij past en mij aanspreekt. Vandaag is de nieuwe bidon binnengekomen die past op mijn fiets. Dus die gaan Vincent ik maar uitproberen met een rondje Oostvaardersplassen!

Lekker rustig aan en gekleed op kou. We nemen de wind mee op de Oostvaardersdijk. We kletsen lekker. Ik merk dat mijn benen dit toch wel apart vinden! We kunnen niet zomaar afstappen en het erbij laten. Dan moeten we eerst losklikken. En dat er wind is. En zo weinig andere fietsers! Gelukkig roepen Vincent en ik zo nu en dan Ride On ๐Ÿ‘

Het is wel behoorlijk koel. Bij het Buitencentrum aan de andere kant van de Oostvaardersplassen gaan we naar het tunneltje kijken. Vincent wil die graag zien! We zijn in dat stukje nog nooit geweest en nu kun je er fietsen, want je zit werkelijk niemand in de weg!

We doen allebei nog een plasje en dan gaan we verder naar de sluisjes. Vincent heeft het koud. Heel erg koud. Bij mij valt dat wel mee. Ik ben een beetje moe. Geen spierpijn, wel wat vermoeider. Als dat alles is! Mijn cadans houdt niet over. Ik wil graag 35 kilometer fietsen. De helft van naar Zandvoort. Vincent krijgt het steeds kouder en de zon gaat ook langzaam onder. Uiteindelijk doen we over de 35 kilometer 1 uur en 45 minuten. Vincent wordt maar langzaam warm. Ik ga lekker in bad liggen.

Dinsdag 13 april. De vreselijke jungle van Zwift ๐Ÿ˜‘ ๐Ÿ˜ฃ

Ik rij nog steeds mee in de Tour van Watopia. 5 Rondes zijn het, dubbele punten en vandaag gaat ronde 4 van start. De ergste: door de jungle. De korte route doet een dubbele jungle-lus, de langste route heeft er een bergbeklimming bij. Dus ik kies de meisjes route met asfalt en รฉรฉn ronde jungle. Het is niet zo druk en ik fiets lekker achteraan.

Plek 71 van de 80 en ik zak zelfs af naar de 73ste plek. Het boeit mij niet. Als ik maar rond kom. Punt. Er rijdt een Amerikaanse met mij mee die de schattige vuurvliegjes opmerkt. Haal me lekker in joh! In gedachten klets ik wat terug tegen haar. De jungle is mooi, maar ik vind de vertragende ondergrond een ramp. Niks leuk.

Na de grotten weet ik dat het tot de brug alleen maar omhoog gaat. En nog slomer dus. En na de brug is het nog een stuk tot de molen. Ik vind dat echt vreselijk, dus wat doe je dan? Dan zet je de blik op oneindig, de cadans op 76 en dan is het trappen-trappen-trappen. En dat doe ik. Zo haal ik de Amerikaanse in. En in mijn gestage tempo van 15 kilometer per uur de volgende. En de volgende. En nog 1.

De meesten meiden staan op de fiets en ploeteren. Ik ga alleen maar door. Plaats 68, 64 en dan op het asfalt naar de 60ste plek. Ik ben er zo klaar mee! Weg hier! Ik moet nog een stuk omlaag en dan pak ik ook nog een plek of wat mee. Het gaat wel lekker zo! Mijn benen vinden dit helemaal prima. Maar mijn hoofd…. Dat staat op onweer en sjacherijn!

De laatste (mevrouwtje Vage) krijg ik niet ingehaald en dan moet ik ook nog langs de hel-vulkaan. Ik tel de kilometers af. Maar ik maak het wel vol! De moeilijkste stempel in de Tour of Watopia haal ik ook binnen!

Woensdag 14 april. Hardlopen๐Ÿƒโ€โ™€๏ธ in zone1๏ธโƒฃ/2๏ธโƒฃ met ๐Ÿšถโ€โ™€๏ธwandel-โธ 6x๐Ÿ”‚

Ik weet het niet hoor. Het is drie dagen na de marathon en ik heb nergens meer last van. Niks. Noppes. Nada. Alleen een ontevreden gevoel: wat-nu-dan-(nog). Ik werk en ik ben niet blij. Gewoon om alle Corona-maatregelen die maar voortduren en het blijft allemaal uitzichtloos. De wedstrijden worden al opgeschoven. Het komt mij niet slechter uit, maar het idรฉรฉ… Ik ga tussen de middag met Manuel lopen. Heb medelijden met hem, want hij moet naar mijn mopperbui luisteren. Meteen na het werk (of om 5 uur, dat is eerlijker) ga ik hardlopen. Alleen. Zonder muziek. Zonder afleiding. Zonder route. Ik doe wel netjes de training. Zone 1 / 2 en na elke 10 minuten een minuut wandelpauze. Dat klinkt gemakkelijk, maar goedbeschouwd heb ik toch echt pas een marathon gelopen! Ik kan nog geen hartslagmeter om, want daar is de huid nog gevoelig, dus ik moet het met de polsmeting van het horloge doen. De zon schijnt en de omgeving waar ik woon is mooi. In elke pauze maak ik 2 foto’s. 1 Van de omgeving en 1 van iets van mij.

En dan wil ik perse de 10 kilometer vollopen. Ik krijg wind tegen, maar dat zorgt wel voor een verlaging in de hartslag. Het tempo is er een beetje uit. Maar hoe-dan-ook ga ik 10 kilometer halen! Dat lukt me. Vijfenzestig minuten. Tjonge-jonge.

En dan langs de snackbar thuis Vincent en een mondkapje ophalen en de elf kilometer ook nog vol lopen. Ja, ik kan nog hardlopen. En ja, ik heb nog steeds nergens last van. En ja, ik ben blij dat ik me moest inhouden. Maar helaas is de sacherijn mijn hoofd nog niet uit.

donderdag 15 april RUST- en WANDEL๐Ÿšถโ€โ™€๏ธ๐Ÿšถโ€โ™‚๏ธ DAG

Op de rustdag van de week ga ik samen met Rob een lunchwandeling maken om brood te halen en we wandelen tijdens de training van Vincent. Langs de Picnic-auto die we elke week tegenkomen, onder de verborgen tunnel door, langs de sprookjespaaltjes, om via het insectencrematorium, over de onverharde berg, door het gemaaide en verborgen grasveld, over het snippertjespad en dan over de brug langs het AZC weer terug. Al met al wandel ik dik 9 kilometer weg op een RUSTdag.

vrijdag 16 april. Een halve marathon trail in heel relaxed tempo ๐ŸŒ over het Leersumse Veld met Joyce ๐Ÿž
Eigenlijk was het idee Drenthe als provincie te scoren deze maand. Maar alle wedstrijden en dingen zijn weer gewijzigd en uitgesteld, waardoor ik deze maand Noord-Holland kan inzetten. Dus we hoefden niet ver weg. Joyce zag het Leersumse Veld op Facebook voorbij komen. Zij maakt de route na, ik start de Mercedes op en we prepareren elk een rugtasje en dan gaan we naar Leersum. Vraag me niet hoe, maar onderweg lijkt het alsof we elkaar al jaren niet gesproken hebben in plaats van gisteren nog op whatsapp. We rijden naar vakantiepark Ginkelduin (ofzoiets) van Molecaten. We zoeken de parkeerplaats op alsof we gasten zijn en dan gaan we. Nog voor we de eerste bungalows voorbij zijn, komt er heel laag een militair propeller vliegtuig over ons heen.

We gaan niet op snelheid vandaag. Iets met wat we vorige week hebben gedaan. En dat we weer lekker onverhard lopen. Al snel staan we weer stuk bij een mooi watertje. De eerste kilometer moeten we altijd even een beetje zoeken en is het wat rustiger, maar dan begin ik te kletsen. En dat gaat dan eigenlijk de hele tijd door! Als echte ‘meiden’ (al zijn we die leeftijd wel voorbij) bespreken we iedereen en bediscussiรซren we alle mogelijkheden. We lopen een beetje om het park heen. Dat hele Leersumse Veld lijkt niet zo groot, is mijn eerste reactie. Na 3 kilometer lopen we weer bij het vakantiepark! Dan gaan we de vennen omheen lopen.

Heel erg mooi! We hobbelen om het water heen. Er zijn wel meer mensen aan de wandel, maar echt druk kun je het niet noemen. In de schaduwen is het nogal koel, maar in de zon is het lekker. Dan komen we tussen de meren te lopen. Heel erg mooi verandert in prachtig mooi.

We lopen tussen de meren door over een zacht pad. Een deel van de route wandelen we. Enkel en alleen maar om er langer van te kunnen genieten! Dit is zo gaaf! Van prachtig mooi gaan we over in ongelooflijk mooi.

We rennen toch weer stukjes, want daar komen we voor. Het blijft echt erg, erg gaaf. Tot slot komen we in de categorie onwaarschijnlijk prachtig!

We laten na 7 kilometer in een uur het water achter ons en gaan door richting de rest van het Leersumse Veld. We lopen nogal eens net een ander pad als de route aangeeft en we nemen ook de tijd om te wandelen. Mijn benen vinden alles prima en krijgen een steuntje van de nieuwe compressiesokken, maar we zijn hier toch niet om records te breken? We komen op het zand. Het is ongelooflijk hoeveel zand Joyce altijd kan vinden op plekken die meer lijken op heide- en bos-grond.

En dan te bedenken dat Joyce geen groot voorstander is van energie-vretend zand. We komen op het keerpunt waarop we terug hadden gekund naar de auto. Had gekund. Maar ik mag met Joyce mee blijven gaan als ik geen bezwaar heb tegen het tempo. Heb ik niet! Totaal niet. En we hebben nog zat te bepraten. We lopen over de heide en door het bos.

Ik denk soms: ik ga een kilometer hardlopen, maar dan is er weer een berg, weer een stuk omhoog, weer iets moois om even extra van te genieten of weer een pad wat we moeten zoeken. We lopen samen naar boven en kletsen weer verder. Ook over de tweede zeven kilometer doen we een uur. Naar beneden lopen we zomaar een hele kilometer hard! Al maakt het niet uit. Er zijn ook bankjes voor ons, voor de zachtlopers!

Ineens komen we aan de rand van een soort dorp en velden. Geen idee hoe of waar, maar de zon zorgt er voor dat het inmiddels flink warm is! Dan steken we het bos weer in. Het lijkt op een soort van weg-terug, maar de route of waar we zijn ben ik al lang kwijt. We gaan nu hele stukken echt behoorlijk omhoog. Allemachtig. Maar prachtig. Iets met Utrechtse HEUVELrug.

Ik ga aan het uittellen dat het ons makkelijk moet lukken om de halve marathon binnen 3 uur te lopen. Ook Joyce. Ik tel de kilometers wel af, maar ik heb het totaal niet moeilijk. Ik weet nog dat we in de Waterleidingduinen liepen in november vorig jaar en dat het een strijd was om 21 kilometer in 3 uur te lopen. Intussen denken we: wat stijgt, gaat ook weer omlaag en dan rennen we wel weer!

Goed bezig he?! We komen op een kruising waar we al eens waren en we komen ook weer langs de plek waar we terug hadden gekund naar de auto. Nu doen we het wel echt! Maar daar zitten wel zo’n 9 kilometer tussen. Ik heb me maar matig aan de gels gehouden: twee stuks. Maar op de heenweg heb ik ook 2 gels in water opgemaakt. Ik haal de halve marathon met gemak binnen 3 uur.

We zwerven intussen weer over het vakantiepark. Joyce maakt de halve marathon ook af en dan zoeken we de auto weer op. Best gek, dat je een week na het lopen van een marathon weer een halve marathon loopt. Er waren tijden dat je zelfs van een halve marathon een paar weken moest rusten! Maar dit is allemaal onverhard natuurlijk en niet zo snel.

Categories: Geen categorie | Leave a comment

2021-10

Maandag 22 maart – Kan ik alweer hardlopen ๐Ÿƒโ€โ™€๏ธ ?!

Ik voel me prima. Drie dagen na de monsterafstand heb ik eigenlijk helemaal nergens meer last van. Ik heb 2 nachten goed geslapen. Ik ben niet meer moe en ik kan gewoon de trappen op en af rennen. Dat gaat wel heel erg snel eigenlijk. Ik mag en kan en wil ook weer een stukje hardlopen. Kijken of dat wel gaat. “Zoek zachte ondergrond, ga niet te hard en niet te ver”, appt de trainer. Ik ga gewoon het rondje langs de Oostvaardersplassen.

De eerste kilometer denk ik alleen maar: “Dit gaat gewoon goed!” De tweede kilometer denk ik: “Kan ik niet ook gewoon eens een keer ergens last van hebben?”

In de derde kilometer, die onverhard is, denk ik: ” Ik heb een foto gemaakt en sindsdien is mijn hartslag de lucht in geschoten, oei.” In de vierde kilometer denk ik:”Stik die hartslag, ik ga nu ook 5 kilometer binnen een half uur lopen ook!”

In de vijfde kilometer denk ik: “Gossie, wat is het mooi hier en ik kijk lekker even rond ook!” Ik loop de 5 kilometer in 29 minuten. Of in 31 minuten, als je de kijkpauze wel meetelt. In beide gevallen is het gewoon supergoed. Ik voel niks aan mijn spieren, ademhaling of stappen, alleen de hartslag is zorgwekkend hoog.

Ik hou wat in bij kilometer 6 en 7, maar voor de hartslag maakt het niks uit. Dus misschien is het wel de hartslagmeter…. ๐Ÿ˜‡ Ik loop 7 kilometer vol met een gemiddelde van 5:56 per kilometer. Ik denk bij mezelf: “Dat is eigenlijk behoorlijk wonderlijk, 3 dagen na een tour van 50 kilometer”.

Dinsdag 23 maart. Route kwartetten! ๐Ÿƒ ๐Ÿƒ๐Ÿšดโ€โ™€๏ธ ๐Ÿƒ

Na een rommelige werkdag stap ik op de fiets. Binnen wel te verstaan. In Zwift zijn er allemaal routes. Als je die volgt, krijg je extra punten. Ik wil voor mei level 20 bereiken. Dan heb ik een half jaar de Tacx en Zwift en dan ben ik 20 van de 50 levels doorgefietst. Er zijn gemakkelijke routes die bij de 1-bidon-reeks horen en hele zware routes in de 5-bidonnen-serie. Ik heb nog een paar heel gemakkelijk en korte routes openstaan in de 1-bidon-serie. En vandaag is Londen ‘open’, dus die routes kan ik gaan inlossen. Ik begin met 21km. Door Londen.

Gewoon fietsen en mijn cadans boven de 80 houden. Meer doe ik even niet. Het gaat best makkelijk. De heuvel op is even ploeteren, maar het gaat! Ik kom boven. De eerste route is af.

Daarnaast reed ik naar Veldhoven voor de Trispiration Challenge, weet je nog?! Ik ben bijna opnieuw in Veldhoven bij mams. Nog een klein stukje en ik ben virtueel van Almere naar Veldhoven, terug naar Almere en nog een keer naar Veldhoven gefietst. En er is nog een hele simpele route in Londen van 5 kilometer met een aanloopstukje. Dus hoppakee: via Londen naar Veldhoven!

Tja, en dan ben ik na 450 kilometer fietsen in Veldhoven en dan spreken we af om met Pasen te gaan gourmetten! Ja he! Ben ik niet alleen alsnog een week te vroeg voor ma’s verjaardag, kan ik ook nog eens weer terug fietsen naar Almere! Ik weet niet zeker of ik dat in een week haal, maar ik keer maar weer om.

Ondertussen is Vincent naast me neergestreken met zijn Duitse woordjes die ik ‘alleen maar’ hoeft te overhoren, want hij kent ze al. De conclusie na 20 woorden is dat zijn idee van ‘kennen’ hemelsbreed verschilt met de mijne. Ik heb nog 2 routes van 3 kilometer openstaan in Yorkshire. Ik stap nog niet af en moet een aanvalsplan bedenken voor Duits!

Routes van 3 kilometer met een aanloopstuk van respectievelijk 1,5 en 2,5 kilometer worden dus wel langer! Maar goed, ik doe het nu toch maar. Schiet ik (1) lekker op in Level 19, (2) keer ik weer om terug naar Almere en (3) is de reeks 1-bidonnen-routes zowat compleet! Ik hou van lijstjes wegstrepen.

En dan heb ik een plan bedacht om heel veel Duits in een jongenshoofdje te stampen. Schrijven-schrijven-schrijven. De rest van de avond bestaat uit Duitse dieren: Katze, Schildkrรถte, Meerschweinchen, Fell, Fleisch und frech.

Woensdag 24 maart Rustig en Ver ๐Ÿšดโ€โ™‚๏ธ in Watopia

Ik stap op de fiets voor een wat langer tochtje vandaag. Ik wil graag vandaag de 500 kilometer in een maand halen. Ik merk wel dat mijn spieren nog wat vermoeid zijn. Het gaat gewoon niet zo heel hard. Ik ga de route doen over de berg, door de jungle ๐Ÿ˜ en dan om de vulkaan heen. Krijg ik veel punten voor.

Als ik over de berg rij, overhoor ik Vincent zijn Duits. Hij schrijft het naast me op. Ik ga maar heel traag naar boven en ik hou de cadans ook niet erg hoog. Vincent vertrekt voor ik de jungle in ga.

Halverwege de jungle parkeer ik de fiets even. De Picknick komt de fourage brengen. Als ik weer opstap, ga ik een beetje appen en spelletjes op de telefoon spelen om de tijd te doden.

Ik ga zo mogelijk nog kalmer aan. Ik ben nu toch al een hele lange tijd bezig! Uiteindelijk moet ik 43 kilometer fietsen.

En ja hoor! Dan heb ik 500 kilometer gefietst in Zwift deze maand. Wow!

Donderdag 25 maart EEN ECHTE RUSTDAG – qua sport tenminste! Ik werk heel hard en de hele dag op kantoor met vergaderingen en een brainstorm. Kortom: ik ben zelfs te moe om te gaan fietsen!

Vrijdag 26 maart. ๐Ÿšถโ€โ™€๏ธ๐Ÿšถโ€โ™€๏ธ ๐Ÿ• wandelen, rennen in Utrecht ๐Ÿƒโ€โ™€๏ธ ๐Ÿƒโ€โ™€๏ธ en weer ๐Ÿšถโ€โ™€๏ธ๐Ÿšถโ€โ™€๏ธ wandelen

Eerst ga ik met TW en haar hond Maus wandelen bij Baarn, bij kasteel Groeneveld. Het wandelen met een hond heeft een eigen dynamiek: vaak stoppen, de hond weer ophalen, wachten op Maus en een beetje sjokken. Voor mijn doen zeker! Dat past niet heel erg goed bij me.

We genieten van het zonnetje en we zitten zelfs op een bankje ๐Ÿ˜ณ
Na 4 kilometer in een dik uur, zijn we rond. Daar wacht Joyce mij op. Voor de jaarchallenge van Trispiration moet ik 2 provincies per maand af. Ik heb deze maand al Overijssel gedaan en eigenlijk ook al Noord-Holland, maar die bewaar ik liever nog even. En nu ben ik toch in Utrecht. We gaan heel rustig aan. Ik heb slecht geslapen en voel me niet erg gemotiveerd. Dit voelt als een ‘moetje’ en dat staat me wat tegen. Gelukkig kletst Joyce me met gemak doorheen!

Daarbij ben ik te warm gekleed, wat ook niet helpt. Het is wel fijn dat Joyce voor het vermaak zorgt รฉn de route verzorgd heeft! 10 Kilometer klinkt niet zoveel, maar vandaag valt het wat tegen. Het doet nergens pijn, maar bij ons allebei voelt alles een beetje ‘moe’.

Geen zorgen! Wij hobbelen ons er prima doorheen. Zonder ook maar 1 moment stilte. Het bos is ook wel redelijk bekend. Toch ziet het er echt mooi uit! We wandelen gewoon van tijd tot tijd. Omdat het kan! En zo komen we na 10 kilometer weer terug bij Kasteel Groeneveld. Met een gemiddeld looptempo van ruim boven de 7 minuten per kilometer!

‘s Middags ga ik met Vincent bij de tandarts langs om hem van zijn melkgebit af te helpen. Daarna heb ik een bijklets-afspraak met SH. Ook buiten. Wandelend. We lopen over mij overbekend terrein. ‘Mijn achtertuin’, de Oostvaardersplassen. We stappen lekker door. (nog altijd rustiger als met Rob samen). We kletsen nog veel harder door! Vooral zij kletst. We gaan langs het Oostvaarderscentrum en dan richting de uitkijkberg.

Altijd mooi. Al trekt de wind aan en verdwijnt het zonnetje. Na een kilometer of 4 neem ik het kletsen over. Voor mij is 6 kilometer wandelen een makkie, voor een rookster is dat net iets anders! Ik haal mijn stappenmaanddoel van 300.000 stappen vandaag.

Zaterdag 27 maart Fietsen in Londen ๐Ÿ‡ฌ๐Ÿ‡ง & zwemmen ๐ŸŠโ€โ™€๏ธ met benen๐Ÿฆต๐Ÿฆต

Huishouden klaar, boek uitgelezen… Dan maar een stukje fietsen! Voor de virtuele tocht tussen Almere en Veldhoven en vice versa moet ik nog een keer naar huis komen namelijk. En ik heb de knipkaart ‘makkelijke routes’ nog niet helemaal vol. ร‰n Londen is open vandaag, dus laat ik alles maar eens combineren. De route heet Londen Loop en vanaf het eerste moment merk ik dat het makkelijk gaat. Hoge cadans en mijn benen doen gewoon weer wat ze moeten doen: fietsen als een malle.

Ik weet dat de Box Hill nog komt en dan moet ik de cadans ook hoog houden en gewoon naar boven trappen. Ook nu blijven die benen gaan. Ik verbreek mijn record met 2,5 minuut. En dan pak ik de snelheid weer op. Ik zou het rondje binnen een half uur willen doen, maar dat lukt me net niet.

Dan fiets ik nog maar even door. Ga ik gewoon mijn eigen vlakke route door Londen en ik trap hard door. Eigenlijk zou het slim zijn om de 30 kilometer weer eens in een uur bij elkaar te trappen. Dat gaat niet vanzelf, maar ik ga er wel voor! Ik rij in een groepje, haal in en hou de cadans heel hoog.

Ik red het! Dan stap ik af en komt Joyce langs met een prachtig aandenken aan onze ultratrail. Ik ga ‘m inlijsten!

Daarna pakken Vincent en ik de zwemspullen om in het Mirandabad te gaan zwemmen. Toen we in december gingen, had ik nooit gedacht dat we er zo vaak zouden komen en dat nog tot eind maart! Voor de jaarchallenge van Trispiration heb ik al 2 keer 2000m gezwommen, dus ik ‘hoeft’ niks deze keer. Ik wil misschien wel alleen in een trisuit gaan, maar op de parkeerplaats doe ik toch maar de wetsuit aan. Vincent zal me gaan leren om mijn benen te gebruiken. Hij heeft mijn Apple Watch om.

Ik ga eens tellen hoeveel slagen ik nodig heb in een 25 meter bad. Ik zit tussen de 52 en 54. Best veel eigenlijk. Ik wil minder en met veel moeite kom ik op 50 uit. Na 500m komt Vincent achter me zwemmen en hij zegt me dat ik mijn benen onder water moet houden. Dat probeer ik dan maar. Na 100 meter moet ik van hem starten met alleen benen. Dat lukt wonderlijk goed! Het gehele gedoe met armen wordt dan een stuk makkelijker. Ik denk er maar bij: mijn-benen-kunnen-dit-mijn- benen-kunnen-dit (als ze kunnen hardlopen, is dit niet zo moeilijk). Maar mijn energie gaat er wel veel sneller aan! Ik kan alleen maar 1 op 2 ademhalen. Ik krijg het wel door. En ik ben natuurlijk een drammer, dus ik blijf proberen. Ik lig lager in het water en mijn slagen worden langer. Vincent corrigeert me hier en daar, maar niet teveel tegelijk. Ik oefen me rot! Het zal ook wel wennen. Net als met de cadans. Ik zwem al met al nog steeds iets van 1900 meter, maar dat boeit me lekker niet!

Het is vreselijk druk en onrustig met kindertjes die zwemtraining krijgen als wij er uit gaan. Ik ben wel blij, want ik heb weer iets geleerd en Vincent is blij dat hij mij iets heeft kunnen leren. Twee blije eieren ๐Ÿ˜€ ๐Ÿฅš ๐Ÿ˜ƒ ๐Ÿฅš

Zondag 28 maart Stukje fietsen in NY ๐ŸŒƒ en een stukje “Antiliaans joggen” ๐Ÿƒโ€โ™‚๏ธ ๐Ÿƒโ€โ™€๏ธ in Almere voor 2 personen

Een uurtje slapen minder, toch uitslapen en een beetje een jetlag a la 2021… Ik stap na een ontbijt met versgebakken brood op de Tacx. Van de makkelijke routes heb ik er nog 1 niet gehad. In New York. Maar New York is niet zo vaak ‘open’ en ook vandaag kun je er alleen via de achteringang binnen. Ik maak dan een meetup met Vincent voor die ene route. Vincent kan natuurlijk niet tegelijkertijd, maar ik fiets dan bijna alleen door New York! Er zijn nog een handvol andere mensen die de achterdeur hebben toegepast, maar het uitzicht is wonderschoon. Jammer van de gele M die boven mijn hoofd zeurt dat ik de leider van de meetup ben.

Ik moet de steile helling over. Aangezien er maar een paar mensen zijn en daarvan het overgrote deel mannelijk is, kan ik zelfs zonder al te veel moeite de snelste dame worden ๐Ÿ˜€

New York is zo leuk! En dan vooral het futuristische deel waar je over het glas rijdt. De route is maar 11 kilometer. Maar ik weet al dat er een aanloopstuk aan zit. Dus als ik klaar ben met de meetup, ben ik nog niet klaar met de route! Ik moet nog zeker 5 kilometer extra fietsen.

Ik moet nog een keer naar boven, maar hoewel ik mijn PR dik verbeteren, zijn er ook anderen die mijn tijd hebben afgepakt. Ik fiets al append nog maar even door.

Uiteindelijk blijf ik op de Highline van New York en ik maak eerst 20 kilometer en daarna 25 kilometer vol. Het eerste A4tje waar alle makkelijke routes op staan, kan worden ingelijst! Op het andere A4tje staan de routes van 2 bidons waar ik er nog 3 van moet doen (in New York) en nog een aantal die moeilijk zijn tot 5 bidons.

‘s Middags past het hardlopen er nog niet tussen. Ik werk de statistieken bij voor de jaarchallenge van Trispiration. Voor de derde maand op rij, heb ik me keurig aan de zelf opgelegde doelen gehouden!

Ik ga met Vincent mee die in zone 1 moet hardlopen. Ik denk dat zijn zone te laag ligt, want hij wandelt steeds alleen maar. Ik kan hem dus wel bijhouden! En ik wil onder de bloesems door. We vertrekken om kwart voor 8, zodat we het net voor de avondklok zullen halen. De bloesems beloven al veel goeds!

We lopen (niet heel hard) 1 kilometer op een hartslag tussen de 120 en 140 voor Vincent en 1 kilometer tot 150. Dat wisselen we zo af. Eigenlijk moet Vincent op 100-120 lopen, maar dat is dus niet haalbaar. En dan nog gaan we niet onder de 7 minuten per kilometer! Het wordt steeds donkerder. We hebben alle tijd om te kletsen en we lopen om de wijk heen. Na een uur en 8 kilometer, mag Vincent blokjes versnellen. Dan kan ik hem niet bijhouden, dat gaat echt 30 seconden snel (onder de 4 minuten per kilometer-tijd). Het is kwart voor 9 en we zijn bijna thuis. Het is nu opeens superdruk op straat! Wij zijn om 5 voor 9 netjes weer binnen!

maandag 29 maart Buiten Fietsen! ๐Ÿšดโ€โ™‚๏ธ

In de middag wandel ik even met Rob naar de bloesems. Het is prachtig weer, dus de bomen komen vol in bloei. Het is er druk, want iedereen wil komen kijken. We eten op tijd, zodat Vincent om half 7 bij de fietstraining kan zijn. Met het verzetten van de klok is het een uurtje langer licht en kan de fietstraining 1,5 uur duren voor de jeugd. De locatie is verplaatst naar de parkeerplek van de atletiekbaan. Een stuk dichterbij voor ons! Daar kunnen we in een kwartiertje naar toe fietsen. Ik ga ook op mijn fiets.

Mijn mooie fietsje…. We hebben wind tegen als we naar de atletiekbaan fietsen. Ergo: als ik richting Almere Poort fiets doe ik dat het beste de stad door en dan heb ik wind mee op de dijk. Ik denk dat ik in twee uur tijd zo’n 40 kilometer kan halen. Als ik de cadans maar hoog hou! Ik zet Vincent af en neem het fietspad richting Amsterdam. Ik kom in het centrum uit, maar trap gewoon lekker door richting… ehhhh… beetje links, beetje rechts en dan op gevoel richting Poort. Ik kom op fietspaden waar ik echt nog nooit geweest ben! Ik hou de cadans lekker hoog. Meestal schakel ik naar minder rondjes trappen, maar vandaag schakel ik vaak lager. Ik kom uiteindelijk wel weer ergens uit waar ik het herken. Dan is het even buffelen richting de dijk, ook omdat er veel mensen een wandelingetje aan het maken zijn. Het tempo blijft hoog liggen, maar de cadans kan ik -gek genoeg- niet zien in 1 oogopslag. Op de dijk maak ik een fotootje van mijn mooie fietsie in de zon.

Dan heb ik wind mee. Daar gaan we! Lekker langs de golfjes en over het verlaten fietspad. Ik ga even liggen en trap gewoon even hard door. Het tempo gaat wel lekker omhoog en ik geniet enorm! Ik begin te tellen en ik hou flink veel tijd over. Dus ik moet maar beter de route oplengen. Hoe dan? Door over de dijk dan maar als ik de Bloc van Kuffeler voorbij ben.

Ik fiets door tot onze “eigen” afslag en ga langs de Oostvaardersplassen aan de kant van Almere. Ik fiets zo heerlijk, dat ik ook wel tot Lelystad door had kunnen rijden. Nu trap ik met een soort gemak de 40 kilometer vol in ongeveer anderhalf uur. Dan ben ik op de Evenaar vlak bij huis. Ik moet nu nog terugfietsen naar de atletiekbaan. Best raar. Ik slinger nog even door en kijk dan pas op mijn horloge. Blijk ik meer tijd te hebben dan ik dacht! Dus ik steek de Vaart nog een keer over en precies op tijd ben ik weer bij de atletiekbaan. Kan ik het helpen dat ze eerder gestopt zijn. Ik zit op 45 kilometer, dus de 50 kilometer gaan er hoe dan ook komen! Het licht neem af, maar voor het echte donker zijn Vincent en ik thuis. Binnen 2 uur heb ik 50 kilometer gefietst. De stops tellen niet bij het fietsen! In totaal was het net ietsje meer dan 2 uur, een paar minuutjes. Ik heb echt heerlijk gefietst en genoten! Van het makkelijke schakelen, het ontbreken van bergen, van de fiets en de wind en de route die ik zelf mocht uitzoeken. En ik ben echt apetrots op een gemiddelde cadans van 77! Vorig jaar was ik heel erg blij als ik op 70 zat en nu voelt 77 als een makkelijk ritje. De Zwift heeft echt zin gehad.

Dinsdag 30 maart Almere-Veldhoven-Almere-Veldhoven en nu terug naar Almere – Virtueel 600 kilometer volmaken ๐Ÿšฒ voor de Trispiration Challenge.

In de maand maart moest iedereen minimaal 100km fietsen. Op welke fiets, welk parcours, hoeveel stukken: dat maakte niet uit. Je moest een doel uitzoeken en dan zo ver mogelijk komen. Je mocht voor 200 kilometer gaan of -voor de echte die hards– 300 kilometer. Ik fietste elke maand zo’n 450 kilometer (in Zwift), dus mij leek dat een logisch getal. Ik bedacht naar mams te fietsen in Veldhoven. 147 kilometer precies, dus ik telde 150. Naar Veldhoven fietsen had ik binnen een week voor elkaar. Dus ik fietste weer terug naar Almere. De 300 kilometer had ik er ook halverwege de maand op zitten. Toen ging ik hardlopen en een ultratrail doen. Ik dacht dat het moeilijk zou zijn nog een keer 150 kilometer te fietsen, maar Zwift maakte het me gemakkelijk! Prima hersteltrainingen. Dus ik haalde ook (met gemak) 450 kilometer vorige week. Nog eens 150 kilometer? Dat werd wel lastig! Maar met de 50 kilometer buiten van gisteren, was ik opeens weer ‘vlakbij’ Almere. Of ik was er al ongeveer wel. En vandaag begon de Zwift Double XP Tour. Dan kan ik ook nog eens Level 20 worden binnen een half jaar tijd! Dus ik stapte op voor de vrouwenrit over de originele eilanden van Watopia.

Ik maak me niet zo druk om het tempo. Gewoon een beetje meefietsen. Vincent is aan het hardlopen ondertussen. Hij belt me op omdat hij zich tussen de intervallen door verveelt. Ik fiets lekker over de prairies en daarna richting de Italian Villages. Ik moet me wat laten afzakken als ik aan het bellen ben. Als Vincent ophangt, ruk ik op van de 80ste naar de 70ste plek. Dat ik er maar zo snel mogelijk vanaf ben!

Ik fiets nu in een lekker soort groepje en ik ga de 28 kilometer natuurlijk volmaken. Ik krijg normaal voor elke kilometer 20 punten, nu krijg ik er 40 en dat motiveert ook! Ik fiets door tot ik op 30 kilometer zit en het is zo lekker vlak en in de groep dat ik dat binnen een uur met gemak haal. Ik heb dik 6 keer de 100 kilometer gehaald.

Dat had ik zelf niet eens verwacht! Op naar een mooie maand april met hopelijk meer buitenkilometers. Ondertussen heb ik ook al een jaar lang (365 dagen achter elkaar) het bewegingsdoel van de Apple Watch gescoord.

Woensdag 31 maart. Lente-๐Ÿšถโ€โ™€๏ธ-joggen

Meteen na het werk mรณรฉt ik naar buiten. Het is boven de 20 graden en dat is gewoon echt warm! Ik moet intervallen lopen, maar dat gaat het zeker niet worden. Ik haal Vincent over om te gaan hardlopen. Ik moet nog dik 7 kilometer lopen om de 160 kilometer deze maand te halen. Node gaat Vincent mee. Maar dan heel rustig! Dat maakt mij niet uit. De eerste kilometer vergeet ik op te nemen!! Door de warmte waar we nog totaal niet aan gewend zijn, gaat het allemaal heel kalm aan.

We maken een paar foto’s op de berg en hobbelen dan verder. Soms met een fikse wandelpauze. Dat vind ik niet erg, eerder wat moeilijk. Ondanks de korte mouwen en korte broek, heb ik het vooral heel warm. We lopen onze ‘gewone’ rondje. Telkens zeggen we tot waar we zullen hardlopen en tot waar we wandelen. Vincent neemt de korte route naar de brug, ik ga via de berg.

Dan lopen we naar de snackbar. Ik ren liever nog rondjes tot de patat klaar is. Dan kom ik tenminste op 8 kilometer uit als ik er straks een kilometer bij tel! Het tempo is echt dramatisch laag, maar de hitte-adaptie gaat een paar punten omhoog. Mijn VO2max gaat ook weer een puntje naar boven.

Donderdag 1 april Rustdag = wandeldag ๐Ÿšถโ€โ™€๏ธ ๐Ÿšถโ€โ™‚๏ธ

Langs de bloesems in volle bloei tussen heel veel werk door.

En ‘s avonds naar het wilgen-sluisje op en neer als Vincent op de baan traint. Rob en ik wandelen een dikke 9 kilometer weg op een dag. Naast werk – eten maken – beddengoed wassen – vergaderen – 3dprinten – schoolwerk in de gaten houden en een week waarin een muis de keuken bezocht en de nachtrust opvrat, waardoor de afzuiging volledig op de schop moest. Onze katten krijgen voorlopig niks te eten ๐Ÿ˜ผ Geen grap

Vrijdag 2 april Goede-Vrijdag-loop van Vincent en Anke over duinen en zee ๐ŸŒŠ

Door al het intensieve werken, de sterke temperatuurschommelingen en matig slapen voel ik me niet 100%, maar Vincent heeft zich zo ontzettend verheugd op langs de kust lopen met z’n tweetjes! Ik voel me niet ziek, en voor mij is het “maar” 10 kilometer. Op het laatste moment beslis ik niet bij Wijk aan Zee te gaan lopen, maar de duinen achter Egmond te bezoeken. Rugzakje pakken, schone schoenen meenemen, handdoeken niet vergeten, Marsjes voor onderweg en de route opzoeken- het is allemaal wat. Tanken en dan rijden we naar Egmond. Ik verwacht grote drukte, maar wat heb ik me vergist! Parkeerruimte te over om elf uur ‘s ochtends! Er staat een frisse wind. Ik pak de route erbij van begin februari, die we in Bergen niet langer zullen volgen. Voor Vincent moet ik harder lopen dan met Joyce! De eerste kilometer gaat in 6 minuten. Dan achter de volkstuintjes langs. Dat is al iets minder gemakkelijk. Daarna beginnen de รฉchte duinen.

Voor Vincent begint het echte feest. Zand op, zand af, omwegen, springen en zand in zijn schoenen. Hij geniet met volle teugen. Het is weer erg mooi. Vincent omschrijft het als een GeoGuessr-spel: je gokt eerst Denemarken, want dit soort duinen heeft Nederland niet. Dat is dan fout en dan gok je Noorwegen. Weer niet goed. Dan pak je de 50-50% erbij en kun je kiezen tussen Nederland en Zweden. Natuurlijk kies je Zweden. Verbijstering dat Nederland zo mooi is! De weidsheid en de kleuren zijn magnificent!

Het is fantastisch om Vincent zo enthousiast te zien. Eigenlijk wil ik hem wel de hele tijd op de foto zetten om het vast te houden. Ik moet hem een keer terugroepen als hij teveel het losse zand in gaat. Ik volg de paaltjes. Op en neer en bakken mul zand. De derde kilometer kost meer tijd dan de eerste 2 bij elkaar opgeteld! We komen 2 wandelaars tegen en de meneer daagt me uit: als jij naar boven snelt, mag je eerst! Zijn vrouw vind het maar stoer van ons. Vincent moet mij ook op de foto zetten en filmt een stukje van het zandlopen. Dan komen we op de verharde weg. Het zand heeft veel energie gekost. Ik loop nu iets harder door.

Langs de wilde paarden. Vincent vind de klinkertjes saai! We gaan weer onverhard verder en dan komen we tussen het bos. Kronkelige bomen. Kale bomen. Het ziet er uit als een grijze dans.

En het gaat maar omhoog en omlaag. Ik vind dit dan weer prachtig. Zachte ondergrond en kronkeligheid alom. We passeren de 5 kilometer en daar doen we 40 minuten over. Ik weet alweer hoe zwaar het was samen met Joyce… Waarom we 50 kilometer op de Veluwe gekozen hebben… Vincent kan nog niet kiezen of hij de zee of de zandduinen beter vindt. We lopen 6 kilometer voor we opeens weer in Bergen staan en verhard naar het Zeehuis lopen. Dan zit er wel een tempo in weer. We gaan naar links en verlaten de route. Richting de zee.

Als we de strandovergang over zijn, maken we een stop om schoenen uit de kloppen (Vincent), hoge golven te bewonderen (ik) en een mini-Mars te eten (wij allebei). Ook op het strand is het werkelijk wonderbaarlijk rustig! We hebben nu wind mee. ‘Niet te vroeg natte voeten halen’, waarschuw ik Vincent, want we moeten nog een kilometer of 5 terug. 3 Minuten later zijn mijn voeten zeiknat en koud. 5 Minuten later hebben we ons vastgelopen en moeten we door enkelhoog water terug. De kou is dan al voorbij.

Het is zo geweldig! Water, golven, wind mee en een vrijwel leeg strand met hard zand! Al mijn ideeรซn dat ik me ‘niet-zo-lekker’ voelde, zijn helemaal weggeรซbd. Ik voel me heerlijk en ik ben onwijs blij dat ik mijn hoofdpijn en stress via koude en natte voeten kan laten wegvloeien. Na 10 kilometer in 75 minuten stopt Vincent zijn horloge en begint hij opnieuw met tellen. Ik loop een kilometer vol zonder me ergens iets van aan te trekken op een zo hoog mogelijk tempo. Vincent wandelt even en ik zit boven de 10 kilometer per uur.

Tegen de wind in is even een ander verhaal! Kort gelukkig. Dan geef ik Vincent het rugzakje, want ik wil wat verder de zee in. Als ik durf! Het lukt me wel, maar echt diep kom ik voor mijn gevoel niet. Kniehoog en als je loopt worden je hele benen dan nat.

Vincent is bang dat ik gek geworden ben, dus vraagt hij me maar na wat 2+2 is. Ik zie het eindpunt al en ik kan dat laatste stuk wel aan. Vincent wordt nu wel wat vermoeider, want 12 kilometer is voor hem een dikke tocht. We gaan weer omhoog naar de boulevard. Vincent stopt op 12,5 kilometer, ik ren op en neer tot 13 kilometer. Dan snel omkleden! Het is iets drukker geworden. Het was een heerlijk Goede-Vrijdag-Avontuur!

Zaterdag 3 april Zwemmen ๐ŸŠโ€โ™€๏ธ in Putten en Fietsen ๐Ÿšด in Watopia

Intussen zijn er meerder zwembaden in Nederland open. Buitenzwembaden. Een ander bad waar mensen uit Almere naar toe gaan is het Bosbad in Putten. Dat is een 25m bad. Ook in de open lucht en verwarmd, maar je mag er met wetsuit in. Het is een andere route en vind ik altijd een beetje spannend. Ik rij over binnendoorwegen, maar we zijn netjes op tijd. Voor de deur moeten we wachten en dan komt er een hele groep kinderen die ook zwemles hebben. Wij doen wetsuits aan en lopen naar het bad. Het ziet er klein uit!

Het is even zoeken met de banen en snel duik ik er in. Ik ga veel met mijn benen oefenen. Dan doe ik 100m met benen en daarna 50m alleen op mijn armen. Ik ben elke keer snel aan de overkant! In de baan voor rustige zwemmers zijn ongeveer 5 mensen: 2 mannen met wetsuits die goed zwemmen, Vincent en ik en een meisje in badpak. Het gaat heel gemoedelijk, geen getrap. Ik krijg een tikje op mijn voeten en ga dan even aan de kant. Zo lekker! Vincent geeft me tip: niet zoveel doen met je benen! Ik maak langere slagen dan normaal en adem met benen 1 op 2. Soms lukt het beter en soms een paar banen niet zo goed. Na 1100m kom ik achter 1 van de mannen te zwemmen. Lekker! Ik heb energie over om alles met benen te zwemmen en geniet mee van zijn stroming. Zo kan ik de 2000m wel halen! Vincent gaat er uit en de man wacht even. Zijn compagnon komt er aan en die geeft mij een tip: “hou je benen heel dicht bij elkaar. Dat stroomlijnt beter.” Hij vraagt eerst netjes of ik daar behoefte aan heb! Ik moet nog 300m en dat is best veel voor mij in een kleine tien minuten, maar ach- ik probeer het gewoon met die benen. Ben ik wel mijn ‘trekker’ kwijt. Ik let er goed op dat ik zo nu en dan mijn grote tenen elkaar laat raken en het is een wereld van verschil. Zo’n kleine opmerking! Ik lig dieper, maak meer rotatie en ik hoeft niet veel met mijn benen te doen en het kost minder energie. PlusPlusPlus. De 2000m komen er met een vreemd soort gemak! 2100m zelfs.

Heel, echt heel tevreden ga ik het bad uit! We kunnen omkleden uit de wind in een tent. Mijn lijf lijkt me in het ootje te nemen, maar behalve wat veel te vroege krampen voel ik me supergoed! Na afloop krijg je ook nog een kopje thee mee.

Dag Putten, tot de volgende keer!

‘s Avonds ga ik nog fietsen in Zwift. Ik heb vreselijk weinig geslapen vannacht. Echt heel erg weinig. Ik haal mijn stadoel al om 15:00 uur ‘s middags. In Zwift doe ik mee aan de Tour de Watopia en ik doe vanavond de korte route met de vulkaan erin. Die is open voor iedereen. Er zijn dus zo’n 700 mensen. Ik lees de Messages mee. Ik doe gewoon mijn eigen dingetje: cadans hoog houden.

Het tempo boeit me niet zo. Ik rij flink door en had gehoopt rond de 500 te blijven, maar ik zak al snel af naar boven de 550ste plek. Boeit niets! Ik peddel gewoon door. Voor de dubbele punten. Op naar Level 20, wat ik (van mezelf) pas eind deze maand wilde halen, maar ik denk dat het vandaag al lukt! Ik lees dat het goed weer is in Canada, van mensen die de corona-prik hebben gehad en van mensen die op vakantie zijn geweest op Hawaii. Ze hebben ook nog tijd om te typen! Dan gaan we de vulkaan op. Ik ben intussen naar de 585ste plek gedaald.

Ik weet dat ik op de klim wat mensen zou kunnen pakken, dat ik intussen ‘warm’ gedraaid ben en ik die cadans alleen maar hoog hoeft te houden. Dat ik zoveel mensen voorbij zou scheuren, kwam niet in me op! Ik haal hele groepen in, mensen die staan op hun fiets en ik ga ze echt met bosjes voorbij. Ik haal er zo 30 in. En dan ben ik ontketend! Nog eens 20 voorbij. Ik krijg het wel warm en moet er ook iets voor doen, maar het voelt supergoed. Ik kom als 28ste vrouw van de 80 in de ranglijst te staan. Van die 700 mensen zijn er dus nog geen 100 vrouw!

Omlaag zet ik het hoge tempo nog even door. Ik wil nu graag na deze route van 23 kilometer de 30 kilometer volmaken en dat dan binnen een uur, dan heb ik die ook gehad voor deze maand (de eerste keer). Ineens ben ik level 20! Joepie!

Ik ga nog even door, want ik zit op plek 493 en ik verwacht van velen nog een eindsprint, maar nee hoor. Ik overtref mezelf en heb nog energie om de 30 kilometer binnen een uur vol te trappen ook.

Dan maak ik het rondje af op 32,5 kilometer. Het is pas de derde dag van de maand en voor de Trispiration Challenge heb ik al 10 kilometer gelopen in een nieuwe provincie (gister 13 kilometer in Noord-Holland), die ik waarschijnlijk niet ga meetellen en ik heb ook al 2000m gezwommen รฉn al 30 (en een beetje) kilometer gefietst (binnen het uur)!

Categories: Geen categorie | Leave a comment

2021-09

maandag 15 maart. ๐Ÿคฎ ๐Ÿƒโ€โ™€๏ธ ๐Ÿคข plus ๐Ÿšดโ€โ™€๏ธ
De cake valt niet goed. Dat is een understatement… Midden in de nacht komt de cake er weer uit. Dat voelt niet lekker en dat slaapt ook niet meer zo goed. Mijn maag is helemaal van streek door zoveel suiker! Dat voel ik maandag de hele dag nog zo’n beetje. En toch ga ik ‘s middags de koppeltraining doen van een half uur lopen en een half uur fietsen. Omdat het niet zo heel lang is allebei. En in de lage zones. Dus ik ga hardlopen in de wijk. Alleen. Dat is lang geleden! Het is even zoeken, maar er komt een soort van tempo in.

Echter, de hele tijd zeurt mijn maag. Gewone buikpijn. Niet dat ik daar voor stop of vertraag! Nee, mijn hoofd is sterker. En dat hoofd wil 5 kilometer binnen een half uur lopen. De hartslag denkt daar ook anders over. Het hoofd is duidelijk de baas, want het lukt me. 29 minuten.
Als ik thuis ben, stap ik meteen over op de fiets. In mijn lange hardloopbroek met nog steeds evenveel maagpijn. Ik reis af naar Richmond en hoeft niet anders te doen dan een half uurtje trappen. Nergens op letten, gewoon doortrappen.

Snel gaat het niet. De cadans ligt niet superhoog. De beklimmingen gaan van lek-me-vestje. Maar ik maak de route af en ik rij een half uurtje vol.

Dinsdag 16 maart. Een stuk wandelen. ๐Ÿšถโ€โ™€๏ธ +๐Ÿšถโ€โ™‚๏ธ-> +๐Ÿšถโ€โ™‚๏ธ

Eerst met Rob een paar kilometer, dan met Manuel ook nog een paar kilometer. En verder moet er gewoon gewerkt worden!

Woensdag 17 maart. Een verkeerde ๐Ÿ˜ฃ FTP training ๐Ÿ˜–

Met het oog op de vrijdag-challenge moet er vanaf vandaag meer gegeten worden. Als je gewend bent geraakt aan yoghurt en meloen en net ervaring hebt gehad met het overeten van cake, dan valt dat best lastig! Tussen de middag wandel ik razendsnel met Rob langs de winkel en het stemlokaal. ‘s Avonds staat er nog een FTP training. Die voer ik snel in. Het is niet zo’n zware training. Ik fiets een achtje in Yorkshire, waar ik tot mijn verbazing nog maar zelden ben geweest! Het gaat heeeeeeeeeel traag.

65 Staat erbij in het plaatje. Dat is dan een percentage van mijn FTP die ik moet fietsen. Daar zit ik elke keer heel snel overheen. Het duurt zeker een minuut of twintig ergernis tot ik bedenk dat ik geen percentage heb ingevoerd, maar het exacte aantal wattage! Dat zou alleen maar kloppen als de FTP op 100 ligt en die ligt op 170. Dan moet ik zelf gaan rekenen, want ik moet tien minuten op 85% van de FTP van 170 fietsen. En geen 85 watt dus. Dat moet ik dan zelf in de gaten houden. Dodelijk vermoeiend.

Ook de rust moet ik zelf in de gaten houden qua wattage waar ik tussen moet zitten. Dat flippert de hele tijd, dus je blijft maar controleren. En dan hoor je hier nog maar niks over de heuveltjes die ik op moet. Kortom: geen hol aan! En dan heb ik ook nog eens heel veel tempo in het begin verloren. Als ik klaar ben met de training, kom ik precies terug op de steilste stijging! In een training voel je de hoogtes niet zo, dan zie je het alleen terug in het tempo, maar zodra de training voorbij is…. dan moet ik schakelen en trappen en dat tegen 15% helling op. Ik was al zo weinig blij….

Uiteindelijk maar ik ook deze route af en zal Yorkshire mij voorlopig niet meer terugzien!

Donderdag 18 maart. ๐Ÿšถโ€โ™€๏ธ ๐Ÿšถโ€โ™‚๏ธ
Een wandeling. Samen met Rob. Terwijl het langzaam donker wordt. We lopen flink door om de Leeghwaterplas heen. Lekker!

Vrijdag 19 maart. Een ultratrail – de marathon voorbij.
Onder deze link staat de beschrijving.

20 maart. Uitfietsen in Watopia ๐Ÿšด

Ik slaap niet zo heel erg goed meer na 5 uur. Dan vind de kat dat hij het beste op mijn benen kan liggen. Verder voel ik mij eigenlijk wel goed. Zolang ik de trap mijd. Ik loop wel een beetje met mijn ziel onder de arm, dus wat doe je dan…. Een stukje fietsen! Binnen. En zo sta ik weer in Watopia voor een rondje om de vulkaan. En daarna fiets ik rustig door naar de weg onder de berg langs.

Ik merk dat ik niet zo goed de hoge cadans kan aanhouden. Daar zijn mijn spieren dan toch weer te vermoeid voor! Over het tempo maak ik me ook geen enkele illusie. Ik trap lekker door en geniet van de omgeving, zeg maar. Virtueel. Ik neem wel de makkelijke, vlakke route over de plains.

Ik fiets door tot ik level 19 ben en ik fiets 35 kilometer vol. Alle spierpijn is dan volledig weg!

๐Ÿง˜โ€โ™€๏ธ Wat er nog aan trekkende spieren over is, gaat ‘s avonds mee de yoga in. De heupen losmaken op een heel kalm tempo. Het is dat ik er een badge voor krijg in Garmin, anders had ik er niet aan gedacht. Maar wat een gouden greep! Ik voel mijn heupen loskomen en ontspannen! Het tot rust gedeelte sla ik over, ik ga wel in mijn bed liggen en vroeg slapen. Ik heb om 10 uur als ik naar bed ga, 19 uren van de dag een minuut gestaan. Dat geeft aan hoe weinig ik daar tussenin geslapen kan hebben.

Zondag 21 maart 2021 – Een kwartet aan ๐Ÿšฒ routes ๐Ÿ—บ in๐Ÿ—ฝen ๐Ÿด๓ ง๓ ข๓ ฅ๓ ฎ๓ ง๓ ฟ

Na een lange nacht slapen voel ik me weer behoorlijk opgeknapt. Ik ga vandaag voor de badge van Garmin de 40 kilometer volfietsen in 1 weekend. Dat doe ik met kleine routes in New York, terwijl Vincent zijn Engels zit te leren. Eerst een route van 7 kilometer. Door Central Parc.

Dan moet ik de hele Zwift opnieuw aanslingeren voor route 2 langs de Astoria Line 8. Die is ongeveer 10 kilometer. Het Garmin-horloge loopt gewoon door. Die moet ik later aanpassen qua afstand en tijd. Intussen loopt Vincent alle Engelse woordjes door die over sport gaan. Endurance, cheer on, referee…

Ik fiets 12,5 kilometer vol, zodat ik die straks bij de 7,5 kilometer van net kan optellen. Ik heb nog tijd, er zijn nog Engelse woordjes over en er is nog een route in New York. Ik fiets hartstikke lekker en ook de cadans ligt al een stuk beter dan gister, dus ik nog maar verder! Voor de Grand Central Circuit. Ook al moet ik daar flink voor klimmen!

Ik verbreek mijn PR bij de klim ook nog eens glansrijk! Tussen ‘outdoor, astronomy en pompkin’ door. Ik fiets er nog 10 kilometer bij en dan voel ik me weer helemaal top.

Rob heeft intussen vers brood gebakken. Als ik de administratie tijdens de lunch bijwerk, blijkt dat ik 40 kilometer in 1 stuk had moeten fietsen! Omdat Garmin de Zwift niet oppakt, kan ik de activiteit gemakkelijk op 40 kilometer zetten, maar dat voelt niet goed voor me. Ik heb mijn fietskleren toch nog aan en ik heb nog 1 route openstaan in Richmond. Dan doe ik die toch? Gewoon nog een half uurtje fietsen. Met al die kleine stukjes voelt het niet als veel.

In Richmond is het vreselijk rustig! Ik trap lekker de kilometertjes weg, terwijl we verder gaan met ‘final, sack en admit’ in het Engels. Vincent roept alsmaar Keep Up als ik de steile beklimming opga. Het helpt, ik rij nog een PR. In de volgende sprint rij ik de top 10 van snelste vrouwen zelfs in!

Ik fiets natuurlijk de tien kilometer vol. Klaar!

Eigenlijk had ik wel willen gaan lopen, maar dat mag echt niet van de trainer. Ook al voel ik er niks van, mijn spieren kunnen niet optimaal zijn. Ach, ik hou het deze week dan maar bij 57 kilometer hardlopen en 117 kilometer fietsen. In totaal 12,5 uur gesport. En daarnaast gewerkt, het huishouden op orde gehouden en een kind met Engels huiswerk geholpen.

Categories: Geen categorie | Leave a comment

Een ultraloop – De marathon voorbij

19 maart 2021

De slechtst denkbare dag van de maand: de tweede dag van het maandelijkse feestje. Dan loop ik leeg. Maar op deze dag hadden Joyce en ik het plan om de 42 kilometer nog een keer te gaan lopen. Net als 3 maanden geleden in de Kennemer Duinen. Onverhard.

Wilskracht

We hebben het altijd alleen tegen elkaar gezegd: we lopen een keer de ultra! Dat is voorbij de marathon. 50 Kilometer. We hebben altijd gezegd: tempo doet er niet toe. We hebben elkaar beloofd dat ieder van ons op elk moment mocht zeggen: we doen het niet meer of we doen het even anders. En we doen het samen. Samen uitbouwen. Samen afzien.

De Kennemer Duinen waren erg zwaar, net als de meeste kusttochten. Dus vandaag zoeken we iets “eenvoudigers” uit: de Veluwe. Ook onverhard, maar zonder zand en duinen met hoogteverschillen die aardig oplopen. We kiezen de route van PL die De Dansende Bomen heet.

Daadkracht

We liggen wel op 1 lijn, Joyce en ik: “als we al 37 kilometer hebben gelopen, laten we dan de marathon volmaken, want nu zijn we er toch. Anders moeten we nog een keer eerst die 37 kilometer lopen voor we weer een poging kunnen wagen!” We lopen allebei de kilometers vol die we in ons hoofd hebben. Alleen ernstig lichamelijk letsel kan ons tegenhouden. Het tempo boeit ons niet. Niemand vraagt ooit hoe lang we er over gedaan hebben.

En toch… we weten allebei een week van tevoren al: als het kan, als het in het vat zit, laten we dan 8 kilometer aan de marathon vastplakken. Dan hebben we het maar gehad. Daarom starten we vroeg. We hebben het extra stuk van de route klaarliggen, zodat we niet nog iets voor na de marathon moeten bedenken. Dat kunnen we dan niet meer zo goed, hebben we al geleerd. Maar na 42 kilometer komen we langs de auto en kรบnnen we stoppen.

Draagkracht

Dat het vandaag kรกn gebeuren, maakt ons zenuwachtig. Het is niet goed te overzien. Genoeg gels mee, ik drink een bidon sportdrank leeg in de auto en ik eet de dagen ervoor alvast veel. Toch kan dat onverwachte feestje me wel parten spelen! Ik had het met mijn dieet en sporturen toch echt 4 dagen later pas verwacht! Pijnlijke tenen kunnen voor extreem ongemak zorgen, ook al kon ik van de week al langs de pedicure. Er kan iets anders te pijnlijk zijn om verder te lopen. En je weet het nooit, of dit de dag is dat je je niet goed genoeg voelt voor een monsterafstand. We zijn op alles voorbereid.

Om half 9 staan we bij Boshuis Drie in Speuld. Je hijst een rugzakje van dik 2 kilo op je rug, want we zijn zelfvoorzienend, er is geen post onderweg. In de auto staan 2 blikjes cola voor als we weer bij de auto zijn en we door willen lopen. Als…

We gaan het bos in, tegelijk met het zonnetje. En verder is er NIEMAND. Een miljoen vogels zijn ons publiek. Ze kwetteren, zingen, fladderen en geven een oorverdovend concert. De route is goed te volgen en we lopen over de bosgrond. We komen na 2 kilometer 1 fietser tegen die ik denk te herkennen, maar die niet reageert op haar naam. Ik ga uit van een marathon. Dan komen we langs een mooie kuil vol water. Pas later bedenk ik dat dat het Solse Gat was!

De zon die door de bomen speelt is prachtig. We voelen ons prima en genieten erg van de omgeving. Ik vertel de sage van het Solse Gat. We lopen nu gewoon door. Niet snoeihard, want we moeten nog zo ver. Maar nu gaat alles goed. Ik kwebbel tegen Joyce over het werk. Het eerste uur gaat echt goed en we lopen dik 8 kilometer.

Soms loop ik een stuk vooruit op mijn eigen tempo. Dat zijn we ook overeengekomen. Ik laat Joyce niet in de steek, zij heeft ook de route, we komen elkaar weer tegen en ik hoeft me even niet aan te passen. Voor ons werkt dat fantastisch. Ik loop niet extreem hard, want we moeten nog echt wel ver. Als ik flink om me heen kijk, vergeet ik dat al gauw. Het is wel mooi hier! Totaal anders als de duinen. Als ik dan een stukje vooruit ren, bedenk ik wat ik Joyce moet zeggen en dan loop ik haar weer tegemoet.

Toch rijgen de kilometers zich aaneen zonder heel veel noemenswaardige feiten. We houden een plas- en eetpauze. Tijd is toch niet belangrijk! In mijn hoofd plant ik de gedachte dat we na 42 kilometer klaar zijn. Blijft nog een rot-end, maar dat kan ik opdelen in 6 ‘rondes’ van 7 kilometer. Mijn horloge loopt al voor op die van Joyce.

We komen langs het zwaartepunt van Nederland en dan wordt het opeens druk. We zijn vast in de buurt van een plaats (Putten?) of een parkeerplek. We lopen ook langs de bostoren. Gelukkig is die gesloten, want boven kom ik toch niet op de open trappen!

Dan moet ik opeens de bosjes in hoognodig! De dieren die daar later langskomen, zullen dit wel vinden stinken, want dat vind ik ook al! Het lucht wel op. Ik moet de goede weg terug nog even zoeken en dan is mijn tempo er een beetje uit. Joyce haar maag en darmen voelen minder goed aan.

We komen langs een arboretum. Bomen met bordjes erbij. Kan me totaal niet boeien. Een boom is een boom en een bloem is een bloem, zoals een vogel een vogel is voor mij! Stukje wandelen en door! Ik ga de 21 kilometer niet volmaken in 2 en een half uur. Daar heb ik meer tijd voor nodig. Het feit dat je dan op de helft bent, -of nog niet- en dat het Joyce haar maag vandaag niet lukt, dempt de zin even. Hoewel we met een flink verval meegerekend, vandaag toch een uur van de vorige trailmarathon kunnen afsnoepen. Bij een of ander landgoed ga ik er vandoor.

Dan pik het weer op. Joyce hoeft zich niet meer aan mijn tempo te houden of het idee te hebben dat ze me ophoudt, ik ga even alleen en als zij wil, kan ze een bosje uitzoeken. Ik kom in een lekker ritme en hobbel het bos door en de hei op. Eigenlijk wil ik niet stoppen nu ik zo lekker aan het lopen ben, maar er zijn twee redenen om dat wel te doen: Joyce weer opvangen en een gel eten.

Stiekem denk ik: nu ben ik ook op de helft met 26 kilometer. Als we tenminste nog doorlopen na de 42 kilometer. Want ik moet dan meer lopen. De hei is ook prachtig en een reden voor een rustmomentje.

We lopen samen een heel stuk op, langs alle mensen die pauze hebben of de hond uitlaten. Ik vind de hei leuk, maar het bos is fijner. We waren het er net over eens dat het weer zo’n heerlijke route is, als er een pad komt wat niet bestaat. We moeten door het bos klimmen en dat wekt irritatie, want we moeten nog zo’n end en dit kost veel energie.

We steken over bij de kunstzinnige bank en ik ga alleen de 30 kilometer volmaken. Ik droom helemaal weg, zo lekker gaat het! Geen woorden voor eigenlijk, maar ik zit echt in een flow. Toch keer ik na 30 kilometer weer om voor Joyce en voor een gel. Dat gaat behoorlijk goed met het eten! Ik krijg appjes van de trainer die ons aanmoedigt en vraagt hoe het gaat (maar helaas komt hij de cola niet brengen) en van Manuel. Ons eigen publiek van vandaag!

We naderen de heide. En daar ligt… zand. Zand met (zo snap ik later) tanksporen. Wij gaan over de hei zoals de route zegt, maar daar is geen enkele vorm van pad. Ik merk dat me dat weer irriteert. Eenmaal op het zand ga ik ietsje harder. En dan horen we een helikopter! Die hebben wij altijd in onze loopjes, maar deze is gaaf! Het is een legerhelikopter die heel laag vliegt en vlakbij komt.

Zo’n kleine verrassing doet me dan goed. Ik krijg er energie van. We lopen nu wel tussen de heide door en ik merk dat ik moe word. Moet op de stappen letten en aan de gang blijven. Ik moet uittellen wanneer ik weer een gel moet nemen. En ik wil die hei dan af. Door tot 35 kilometer. Als ik dan aan de gang ben, gaat het prima! Na 35 kilometer ga ik Joyce weer ophalen.

Ik heb nog tijd voor een pit(pis)stopje en dan lopen we een heel stuk samen op. Haar maag is nog steeds niet gekalmeerd. Ik loop al een flink stuk voor. Ik wil de marathon nu graag rond de 5 en een half uur halen. Joyce moet vaker wandelen, maar begint elke keer weer met hardlopen. We spreken af dat ik door zal lopen als mij dat beter past. We lopen even een stukje verhard langs 3 huizen en dan weer een karrenspoor op. De weg sla ik over, want aan de andere kant ligt ook een pad. Weer de heide op. Een andere deze keer. Ik laat nu even mijn eigenbelang voorgaan. Dicht bij die 5 en een half uur komen, dat is nu even mijn kleine persoonlijke doel.

Het gaat niet meer vanzelf. Ik weet ook dat als ik 42 kilometer heb gelopen, ik nog niet bij de auto zal zijn. En dan? Gaan we dan verder of wil Joyce dat niet? En ik, ik kan dat wel, maar wil ik het en kan ik het maken voor Joyce? Ik moet het hardlopen ook afwisselen met wandelen om even energie te tanken. De hei is mooi, maar ik heb er minder oog voor. Als ik Joyce tegemoet loop, is zij duidelijk: we maken er 50 van ook vandaag! Hoe lang het ook duurt. Opgelucht loop ik weer verder en we gaan het bos weer in. Over de marathon doe ik 5 uur en 37 minuten.

Dat is dikke winst! Vorige keer net geen 7 uur en nu dik onder de 6 uur. Joyce loopt er ook een dik uur af. Samen gaan we richting de auto. Vooral richting het blikje cola. De tijd maakt mij nu iets minder uit. Ik hoop alleen de 50 kilometer binnen 7 uur te lopen. Dat moet lukken, want ik zit al op 44 kilometer bij de auto. Voor de laatste 6 kilometer heb ik dus nog iets van 55 minuten! Bij de auto zetten we de horloges even stil en drinken de warme cola. De parkeerplaats staat nu vol!

We hebben iets slims bedacht: er loopt een route van 8,5 kilometer met paarse paaltjes. Die paaltjes kunnen we volgen en de route staat op het horloge. Dat kan niet missen en we hoeven zelf niks meer te bedenken. Dan zitten we op 50 kilometer en ik kom op 52 kilometer uit. Ik blijf nu bij Joyce. Niet alleen omdat het gezelliger is, maar ook omdat ik niet meer zo hard kan. Nu zijn de wandelelementen in de meerderheid!

Joyce kan lekker vertellen, maar ik merk dat ik moeite heb het op te nemen. Mijn baas appt me en dat vind ik extra moeilijk om te verwerken. Een fietser moedigt ons luidkeels aan: “kom op dames, volhouden”. Hij moest eens weten dat wij al meer dan 40 kilometer hebben gelopen, dan zou hij van z’n fiets vallen. De dansende bomen zijn nog steeds mooi. En er zijn grafheuvels.

Toch is het minder boeiend dan vanmorgen, want ik kan de aandacht er niet meer voor opbrengen. Ik heb nog een gel genomen. Bij Joyce valt de cola supergoed! Haar maag kalmeert en nu kan ze mij lekker er doorheen trekken! Ik heb trekkende spieren en soms weinig zin meer in het hardloopelement. We komen weer op de hei, maar nu lopen we door naar de schaapskooi. Er vallen tien druppels.

Dan het zand weer op en de hei weer over. Als ik het eenmaal op een joggen zet (meer is het niet), kan ik wel een tijdje door. Heerlijk om te merken dat Joyce me bijhoudt. Eenmaal in het bos, ga ik weer door. Ik moet naar de 50 kilometer! Gemakkelijk is anders. Na 6 uur en 50 minuten staan ze er. Ik ben een ultraloopster. wow.

Ik ben blij. App de trainer, die ik al eerder heb laten weten hoe het ging. En ik ben moe. Erg, erg moe. Er helpt geen mars meer. Mijn spieren doen zeer, mijn voeten zijn gevoelig en er schuurt nog wel meer. Ik zet mijn horloge niet uit, want Joyce is er nog niet. Dapper zet ook zij tussen de dansende bomen door tot er 50 kilometer op haar horloge staat! Wat ben ik trots op d’r!!

Blij zijn we. En kapot. Het is toch weer een grens overschreden! Ik ben echt erg, erg moe. We zijn dan ook 7 uur en een kwartier onderweg geweest! Joyce maakt de loop af op 50,50 kilometer en ik op 52,25 kilometer. Bij de auto hebben we wel een warme chocomelk met slagroom verdiend. Onbevattelijk dat we zover gelopen hebben.

We halen de badge van Garmin voor deze prestatie. Er wachten nog meer verrassingen: ik heb mijn hele drinkzak van 2 liter leeg! Mijn voeten voelen beurs, maar zijn niet kapot en ik heb nog wat energie over voor het huiswerk en alle WC’s schoonmaken. Ernstig lichamelijk leed is er niet. Ik heb moeite met de trappen en ben moe, maar ook trots. Nu ben ik triatleet en ultraloopster. Dat durf ik dan best op Strava en op Facebook te zetten! Want achteraf weet ik: we hebben het gedaan! En dat vloeit voort uit alles waar we samen naar toe geleefd hebben en voor getraind hebben.

Waar wilskracht, daadkracht en draagkracht samen komen.

Categories: Geen categorie | 1 Comment

2021-08

Zondag 6 maart Wandelen ๐Ÿšถโ€โ™€๏ธ ๐Ÿšถโ€โ™‚๏ธ en Zwemmen ๐ŸŠโ€โ™€๏ธ ๐ŸŠโ€โ™‚๏ธ

Rob en ik gingen een lekker stukje wandelen. Ik had bij het opstaan wat spierpijn, maar na dik 6 kilometer stappen was dat helemaal weg! Het was lekker buiten, ook al was er geen zon. ‘s Middags gingen Vincent en ik weer naar het De Mirandabad in Amsterdam. Ik had geen zin om 2000m te moeten zwemmen. Het telt toch niet meer voor de jaarchallenge. Dus ik had het idee om gewoon maar rustig te gaan zwemmen. Al voor 5 uur dook ik het water in. Omdat het toch koud is, begon ik maar gelijk met zwemmen. Dan heb je het snel genoeg warm.

Ik ging gewoon maar door en door en door en door. ‘Onderweg’ droomde ik soms lekker weg. Ik telde keurig de banen af. Ik keek niet op mijn horloge, maar wel soms op de klok. Na 1500m dacht ik het wel te halen en heb ik eens geprobeerd mijn benen te gebruiken, maar dat viel nog niet mee. Ik haalde 2000m binnen 45 minuten en ik had ze ook nog eens goed afgeteld! Ik had nog tijd om 300m extra te zwemmen ook. En Vincent had ook heerlijk gezwommen. Heel fijn allemaal!

Maandag 8 maart In zones lopen ๐Ÿ“Š

Het is nog droog ‘s middags en de rest van de week belooft regenachtig te worden, dus ik ga vandaag maar eens netjes doen wat er op mijn schema staat: hardlopen in 3 zones. En wat ik al maaaaaaanden niet meer heb gedaan: ik ga alleen lopen! Rob en ik gaan samen naar de stort (vreselijk), maar daarna gaat hij met de auto naar huis en ik ga lopend. Eerst moet ik 4×5 minuten in zone1 lopen. Dribbelen dus. Mijn hartslag stijgt het pannetje uit naar zone 5! Bij een tempo van 7:50 is dat zeer hoogst onwaarschijnlijk. Na 3 keer pakt de hartslagmeter het op en kan ik ietsje harder dribbelen.

rara, wat staat hier? (hint: hier ben ik, maar dan buiten!)

Ik hobbel tot de dijk in zone 1 en mag dan 20 minuten achter elkaar in zone 2 gaan lopen. Mijn koptelefoontje ligt nog in de auto, dus ik luister naar de vogels en de auto’s die voorbij rijden. Het gaat lekker en het tempo ligt nu ook netjes rond de 10 kilometer per uur.

Als ik het fietspad op loop en langs de plassen ga lopen, mag ik na een hele korte dribbelpauze door naar zone 3. Jippie! Eindelijk een beetje warm ๐Ÿ˜‰ Ik loop netjes door in zone 3 en zit dan op een kilometertijd van 5:40. Wat eigenlijk heel erg netjes is!

Aan de ene kant gaat het heel gemakkelijk, aan de andere kant verveel ik me… een soort van… De gedachte waarom-doe-ik-dit-eigenlijk dringt zich op. Ik ken dit wel, ik kan dit wel en er is geen enkele reden om dit te doen, nul-komma-nul doelen. Allemaal kleine doeletjes van mezelf, maar een wedstrijd om voor vol te houden is er simpelweg niet. En ja, dit vind ik leuk om te doen; maar een boek lezen op de bank is รณรณk leuk. Uiteindelijk loop ik de 11 kilometer vol. En ga ik ‘s avonds gewoon lekker met een boek in bad zitten!

Dinsdag 9 maart Roule Ma Poule? – Trainen in La Douce France ๐Ÿ‡ซ๐Ÿ‡ท

Op deze avond stap ik op de fiets voor een treshold training in Frankrijk. Ik heb nog steeds een beetje een motivatiedip, maar dat wil niet zeggen dat ik werkelijk denk dat ik maar helemaal niet meer zal trainen! De route heet Roule ma Poule, vrij vertaald als ‘let’s go’ en dat is het! Ik ga een beetje om het omslagpunt heen fietsen, niet overdreven hard, maar langere stukken op behoorlijke inspanning. Ik was vergeten dat deze route de eerste 5km klimt alsof je de Mont Ventoux opgaat! Dat schiet niet op in de warming up. Maar daarna ga ik wel lekker. Ik hou het prima vol. In Frankrijk is het altijd zo ongelooflijk vreselijk druk! Maar ja, ik doe gewoon mijn eigen dingetje in mijn eigen zones.

Ik kom in level 18 uit. En daarna moet ik nog een keer naar boven trappen, want dan zit de route er pas op. En nu ik toch bezig ben en niet doodop ben, ga ik de 30 kilometer ook nog volmaken.

Woensdag 10 maart Lunchlopen ๐Ÿƒโ€โ™€๏ธ ๐Ÿƒโ€โ™‚๏ธ en duurfietsen ๐Ÿšดโ€โ™‚๏ธ

Na een gesprek met de trainer besef ik dat het voor hem ook best lastig is om een schema te schrijven zonder een doel. Ik moet vandaag 2 uur fietsen -rustig- en daar zie ik enorm tegenop. Dat past gewoon niet goed na een avond werken! Ik kan het opsplitsen. Of minder lang gaan. Dan vraagt Manuel of ik mee ga lunchlopen. Rustig aan. Dat lijkt me eigenlijk wel wat. Dan hoeft ik niet meer zo lang te fietsen! We lopen net boven de 10 kilometer per uur en ik heb meer dan genoeg over om eindeloos te klagen! Ja, Manuel vraagt me echt mee voor de gezelligheid ๐Ÿ˜‰

Ik ben nog steeds (of opnieuw) bezig met afvallen, dus misschien komt het dipje daar ook een beetje van. Zelf zie ik het eigenlijk niet, maar er zijn al veel kilo’s af intussen. 7,5 Kilometer binnen 3 kwartier. En dan kan ik weer plaatsnemen achter mijn burootje!

‘s Avonds hoeft ik nu nog maar anderhalf uur te fietsen. Dat is een -soort van- te overzien. Ik ga de Vulcano Climb route doen in Watopia. Ook nu ligt een licht laagje verveling overheen. Ik app met Joyce en met Vincent, maar die reageert niet. Ik trap gewoon door en blijf in de lage hartslagzone hangen. Ik voel me net zo grijs-zilver als mijn fiets en shirt. Bij de vulkaan begint het te stortregenen. Ik blijf droog! En dat terwijl het buiten ook regent. Joyce wil wel met me ruilen als ze ook virtueel de hond kan uitlaten!

Het klimmen is een dingetje in de lage hartslagzone. Een traag geduldspel zullen we maar denken. Naar beneden krijg je de kilometers weer terug, hou ik mezelf voor. Als de route klaar is, zit de tijd er nog lang niet op! Ik ga nog even verder naar de vlakke gebieden en dan komt in me op dat ik de route langs de warmwaterbronnen en de dino’s altijd in 1 richting heb gedaan. Daar ga ik verandering in brengen! De route is zo ook leuk.

Het is wel langer dan ik dacht en ach- nu wil ik de 40 kilometer ook volmaken! Dat gaat niet helemaal lukken binnen anderhalf uur. Vincent komt me nog even vermaken met een gitaar. Ik doe uiteindelijk 95 minuten over de 40 kilometer en dan ben ik weer in de stad waar ik begon. Ik heb flink mijn best gedaan, ook al is de twee uur niet gelukt! Maar… ik heb wel weer slecht voor mezelf gezorgd. De Garmin badge voor fietsen in kwartaal 1 heb ik binnengehengeld.

Ik heb deze maand al 230 kilometer gefietst! Daar schrik ik zelf een beetje van… Het is namelijk pas de tiende! Voor de maandbadge van Garmin nog 20 kilometer, voor de maandchallenge van Zwift nog 70 kilometer, voor de Trispiration Challenge nog 120 kilometer en ohja, ik wil ook graag binnen een half jaar level 20 halen in Zwift. En dan zijn er nog een paar badges die ik graag wil binnenhengelen, zoals 365 dagen het doel halen van de Apple Watch. Tot slot wil ik graag lekker hardlopen met Joyce. Misschien heb ik juist wel iets teveel doelen ๐Ÿ˜†

Donderdag 11 maart R U S T ๐Ÿฅฑ

Nou ja, een uur wandelen met Rob in de avond is gewoon lekker rust voor mij! Heb ik wel het rode doel van de Apple Watch en ik ben lekker buiten geweest.

Vrijdag 12 maart. ๐Ÿ’จ & ๐ŸŒง rondom IJsselmuiden en Kampen

De conversatie gaat dan ongeveer zo: “Hรฉ Joyce, zullen we gewoon een keer verhard gaan lopen?” “Ja hoor, maar dan wel een flink eind, een halve marathon ofzo.” “Ik wil in Overijssel lopen, maar dan 10 kilometer, dan splits ik ‘m wel” “Leuk! Dan gaan we naar Kampen, want dat is zo’n leuke Hanzestad!
Op een zonnige zondagmiddag gaat het dan zo. En dan maakt Joyce een route. Over de fietspaden, over een onverhard pad (we kunnen het niet laten), onder de poorten door en langs de uiterwaarden van de IJssel. We rijden naar Overijssel en om half 11 horen we het carillon van de kerk als we door het zonnetje en het vriendelijke stadje lopen langs de oude poorten.

We steken de brug over richting IJsselmuiden. Nu moet mijn schoonmoeder maar even een stukje overslaan, want die komt uit deze regio, maar ik heb er niet zoveel mee. Joyce is gek van de Hanzesteden, maar mij boeit het niet echt. We lopen dan ook langs de grote weg langs IJsselmuiden.

Stiekem denken Joyce en ik allebei dat een halve marathon verhard zonder zand en met als enige hoogtemeters dat bruggetje zo zwaar niet kan zijn… Dat komt omdat we de eerste kilometers ook nog eens wind mee hebben en omdat er zelfs een waterig zonnetje aanwezig is. Ik denk echt nog even dat ik me met mijn regenjasje te warm heb aangekleed… Ik dartel bijna om Joyce heen, zo gemakkelijk gaat het bij mij! Dat is een nadeel voor Joyce wiens tempo iets lager ligt normaal. “Wie gaat er nu hardlopen”, roept een schooliertje op de fiets, “zit er een draadje los ofzo”. We pikken het maar op als compliment, maar wij hebben dan ook wind mee en zij heeft wind tegen. Zo nu en dan ga ik er een kilometertje vandoor, maar ik haal Joyce elke keer weer op. Na 7 kilometer gaat Joyce even wandelen en stuurt ze mij vooruit, dat ik de tien kilometer op eigen tempo kan vollopen. Ik moet zeggen: eitje, want ik heb wind mee. We komen op een prachtig single pad onverhard langs het water en de kassen en ik geniet enorm! Het licht is fantastisch en de wind komt van opzij.

Ik loop de 3 kilometer nog te denken; ‘ik krijg het weer iets te warm, maar dadelijk hebben we wind tegen. Hopelijk gaat het niet dan ook nog regenen.’ Op 9,5 kilometer keer ik tegen de wind in en ik realiseer me direct waardoor het komt dat ik de tien kilometer net niet in een uur zal redden! Ik ploeg tegen de wind in en keer om om Joyce op te halen. Ik stop mijn horloge op 10 kilometer in 1 uur en 44 seconden. Nu kan ik voor de jaarcompetitie van Trispiration de 10 kilometer in Overijssel afvinken! Ik pik Joyce op, die nog meer moeite heeft met de wind. En dan begint de regen. Ik dacht het al, maar het is veel heftiger als ik kon verzinnen toen ik wind mee had!

Zwaar. Gewoon heel zwaar. Ik loop stukjes vooruit, want Joyce heeft het nog zwaarder. Dan haal ik haar weer op. Het is echt afzien. Ademhaling proberen onder controle te houden en afkoelen. We lopen aan de andere kant van IJsselmuiden. De weg is minder druk, maar wat is dit buffelen! Doorweekt raken en zรณ koud. Mijn handen veranderen langzaam in ijsklompjes. Het gaat niet meer snel, maar dat is niks erg. Mij deert vooral die vreselijke kilte. En als ik het al koud heb, dan bevriest Joyce! Gelukkig komen we geen bushalte tegen, want misschien waren we dan wel ingestapt! Rennen, wandelen, rennen, wandelen. Zo intens kil! Veel te bepraten hebben we niet, maar ik probeer de moed er in te houden.

Hebben ze een huis naar mij vernoemd!

Ik ga er soms een kilometer vandoor, om te kijken of me dat nog lukt. Dat wel, maar niet heel erg van harte eigenlijk. Dan voelt het alsof ik Joyce alleen laat. Maar ik krijg het er wel ietsje warmer van. Ik denk dat het meisje van het draadje-los van daarstraks misschien wel gelijk heeft. Het is helemaal niet zo leuk om tegen de wind en regen in te lopen. Zeker niet als we ook nog langs een drukke weg komen te lopen. Gelukkig wordt het daar langzaam aan droog. Al spetten de voorbijrazende vrachtwagens ons nog steeds nat(ter). We lopen weer samen. Omdat mijn route in tweeรซn is gehakt, is het lastig te bepalen hoe ver we precies zijn. Dan gaan we de dijk langs de IJssel op. Het is weer droog en meteen ook leuker.

Langs de uiterwaarden gaan we ook meteen nog een stuk onverhard lopen. Het is echt mooi met de bruggen en het water en de rivier. We zien een ooievaar. Ik geniet hiervan, behalve van de modderige ondergrond dan. Ik loop er weer vandoor tot onder de brug. Dan ligt mijn tijd onverhard meteen een stukje lager!

Er komt zo nu en dan zelfs een mager zonnetje door en dan is het zicht op Kampen erg mooi!

Na bijna 2 en een half uur lopen we weer over de brug (maar nu aan de andere kant) Kampen in. We hebben ons lelijk vergist in deze halve marathon! Dat verhard zoveel gemakkelijk zou zijn is ijdele hoop gebleken ๐Ÿ™‚ We lopen over de kade en onder de poorten door en langs de kerk.

Ik heb netjes mijn gels opgemaakt op kilometer 5, 10 en 16 en ik heb op het einde nog 2 winegums genomen. Redelijk goed verzorgd dus! Ik loop zoals gewoonlijk meer dan Joyce, maar ook zij loopt de halve marathon uit en sneller dan ze op kilometer 13 had kunnen vermoeden! Langzamer dan Egmond, maar daar hadden we ook wel lekkerder weer! Ik loop in totaal 22,5 kilometer.

Al mijn kleding is nat. We kleden ons om in de auto en leggen in lekker warme joggingbroeken een aantal bezoekjes af. Het regent buiten gelukkig nog harder door! Daarom wil Vincent liever niet gaan lopen zoals wel op zijn schema staat. Hij vroeg gister al of ik mee zou gaan, want hij moet heeeeeeeeel traag lopen. Toen het droog werd stond ik voor keuze: nu douchen of nog een keer (nog langzamer) lopen. Het werd dat laatste. Vincents zones kunnen bijna niet goed staan, want hij moet zoooooo langzaam dat het eigenlijk wandelend nog lastig is.

Voor de foto zetten we allebei onze meeste neppe lach op, want er was echt geen hol aan. Geen ‘hollen’ aan zelfs, want we gingen heel regelmatig wandelen. Wel alle tijd om te kletsen en uitgebreid de dag door te nemen. Echt erg vond ik het ook niet, want het ging mij ook maar net.

We hobbelden de 40 minuten vol en Vincents voorspelling dat het nog geen 4 kilometer zouden worden kwam bijna uit… Het werden er 4,5. En toen nog een kilometer naar huis, maar ik was intussen zo hongerig en klaar met hardlopen dat dat niet aan 1 stuk door hardlopend meer lukte. Dus ik heb vandaag 28 kilometer gelopen. In 4 tempo’s, in 3 delen, in 2 provincies; maar wel op 1 dag!

Zaterdag 13 maart Fietsen op hoge cadans ๐Ÿšด en wandelen ๐Ÿšถโ€โ™€๏ธ ๐Ÿšถโ€โ™‚๏ธ

Het stormt weer buiten en het hagelt van tijd tot en soms komt de zon erdoor. Ik hoeft niet veel te doen vandaag. Boekje lezen, in bed blijven liggen, Candy Crush spelen, de kattenbakken schoonmaken en dan ben ik wel zo’n beetje klaar. Nu zou je denken dat ik toch iets moet voelen van 28 kilometer hardlopen, maar nee. Mijn voeten zijn wat gevoelig, maar verder is er geen spiertje wat ook maar enige reactie geeft. En ik heb trek, maar deze dag lijn ik nog door. Wat moet ik dan nog doen?! Dan ga ik maar fietsen. Uit een soort van verveling. Ik heb een cadans opdracht staan van 5 kwartier. Why not… Ik wil misschien tegelijkertijd wel Discovery kijken, maar dat werkt niet zo bij het fietsen. Ik moet eerst een kwartier op een cadans tussen de 80 en 85 fietsen en daarna 6 keer 7 minuten een cadans boven de 85 aanhouden en 3 minuten pauzeren (qua cadans). Ik laat Zwift de route bepalen! Dat ben ik na de eerst Hilly Loop al zat, dus ik kies zelf een beetje een rondje. Dit is geen dag om records te breken, maar ik fiets lekker door.

Om de vulkaan (NIET naar boven) en rondom Downtown. Ik maak het rondje vulkaan af en span me even in om derde te worden. Ik trap maar raak. Het lukt me uitzonderlijk goed om de cadans boven de 85 te houden! Zelfs in de rust blijft ‘ie dan boven de 80. En weet je; qua tempo gaat het ook wel prima eigenlijk! Ik fiets een beetje om de drukte heen.

Voor mezelf had ik bedacht dat 4 keer 7 minuten genoeg is, maar ach- ik ken mezelf en als ik dan toch bezig ben, maak ik het ook af ook. In een uur fiets ik 27,5 kilometer en ik ga door voor de 30 kilometer en daarna ook nog voor de 35 kilometer. We zijn er nu toch en ik had er na een half uur al tabak van, maar toen ging ik ook door!

En dan klaart het een beetje op. Ik heb een punt verdient voor het fietsen omdat ik al (meer dan) 250 (!) kilometer heb gefietst deze maand en ik wil de wandelbadge ook halen. Rob gaat lekker mee wandelen naar de Plus via een flinke omweg. Het blijft droog en we scoren boodschappen om morgen lekker wel te kunnen snoepen!

Zondag 14 maart. ๐Ÿšดโ€โ™‚๏ธ uit verveling over de ๐Ÿ” en zwemmen ๐ŸŠโ€โ™€๏ธ

Al die weekend dingen zoals de was en schoonmaken en uitslapen en een boek lezen, heb ik allemaal gedaan. We hebben gebouwd met de Lego en de belasting is ook weer op de hoogte van onze situatie. Tja, wat dan? Vincent is de 3d printer aan het testen op de kamer waar ook de fiets staat en we zullen elkaar gezelschap houden. Hij zoekt een route uit voor me. Mountain 8 heet ie. Ja, wรฉรฉr de berg! Ik stap op en zal wel zien of ik 35 kilometer kan fietsen om weer ‘thuis’ te zijn in onze virtuele maart-challenge.

De cake staat in de oven, de M&Ms bij de hand, Vincent haalt de dobbelstenen, de muziek staat aan en ik moet omhoog ploeteren. Ik had mijn PR kunnen verbreken, maar mijn route leidt me ook nog langs de hooggelegen radio toren. Vincent wint 2 keer van me met Yatzee. Vincent print een Pokemon en ik fiets maar verder. Het is een beetje onrustig allemaal! Ik ga weer naar beneden en heb intussen de route maar eens bekeken. Zo fietsen we door.

Vincents Pokemon is af, er zijn twee stukken cake op en de spullen van yahtzee zijn weer opgeruimd. De rust keert terug. Ik maak de route af, die iets langer duurde dan ik dacht, maar er zitten wel dik 600 hoogtemeters in.

Dan fiets ik nog een paar kilometer verder om de 300 kilometer in de maand vol te fietsen. Voor de maart-challenge ben ik weer lekker thuis! De andere helft van de maand rijd ik wel weer naar Veldhoven terug! Ik pak snel mijn zwemspullen en dan rijden we naar Amsterdam.

Even over vijven springen Vincent en ik het water weer in, in wetsuit. Ik ga nog maar eens proberen om 2000m te zwemmen. Het gaat lekker! Mijn hele lijf zwemt mee, en zelfs mijn benen doen zo’n beetje wat! Het gaat wel lekker, maar na een kilometer (in iets van 21nogwat, dus dat moet me redelijk lukken vandaag) wordt het wat onrustig in de baan, met mensen die opeens vertragen of oversteken uit een andere baan. Ik zwem alleen maar op en neer en moet dat vol blijven houden, dus doe niet zo lastig!

Vincent zwemt minder fijn- kunnen we dat niet eens afstemmen?! Na ongeveer 1600 meter gaat het minder goed. Ik heb niet meer zoveel zin, mijn linkerteennagel doet zeer en de cake ligt niet zo lekker. Ik moet nog 4 keer op en neer. Het wordt rustiger, maar ik haal het nu echt uit mijn tenen! De laatste baan is simpelweg aftellen.

Maar het lukt me wel weer! Het omkleden went intussen ook, maar dat blijft koud. Omdat vandaag de grote cheatdag is qua dieet eten we patat en gaat de cake op!

Zag ik het halverwege de week niet meer zo zitten, ik heb toch dik 12 uur gesport. Wandelen telt niet mee vind ik ๐Ÿ˜‡ Ook dat wist ik stiekem halverwege de week wel, maar soms is het zo fijn om even te mokken! Ik sport omdat ik het leuk vind, omdat ik me anders verveel en omdat het goed is voor me, want ik word er blij van.

Categories: Geen categorie | Leave a comment