Kort & nuchter

Tja, wat zal ik nog eens zeggen over een rondje van krap 5 kilometer?
– Het was ‘s morgens vroeg, voor het ontbijt, volgens opdracht
– Het was nog een beetje zonnig, geen druppel regen gezien.
– “Fiets je mee?” vroeg ik de knul en die rende naar boven om zich aan te kleden. Dat was een ‘ja’. Ik had dus een begeleider op de fiets.
– Zone 1. Makkie. Kalm aan. Lekker kletsen. Over de route. Door de Eilandenbuurt. Links, rechts, jouw kant, mijn kant.
– Kon mijn fietsbegeleider mij mooi fotograferen, nadat we de telefoon weer hadden opgeraapt, grrrrr
– Ik deed mijn eerst steigerun, maar ik had niet echt een eindpunt op het oog. Ik ging gewoon steeds harder tot ik niet meer kon. Niet echt perfect. Dat kan beter.
– We zagen andere hardlopers en -loopsters, waaronder de oude juf.
– Ik ging weer snel terug naar zone 1. Nu plande ik de steigerun in. Kon ik ons allebei voorbereiden.
– Een lang stuk tot de supermarkt. Ik ging keurig steeds harder en mijn hartslag ging mee. Van 7,5 kilometer per uur naar 15 kilometer per uur. Van hartslag 135 naar hartslag 165. In 3 minuten. Dan krijg ik wel honger even!
– Ik werd gepest als rood tomatenhoofd. En ik kon niks terugzeggen omdat ik nog aan het uithijgen was.
– We zagen een Toyota Plug-In met een ligfiets op het dak.
– Toen had ik mooi een begeleider om op de knoppen van de stoplichten te drukken.
– Ik ging nog een kortere steigerun doen (nu was ik toch al tomatenhoofd) tot de kazerne. Korter kan nog sneller dus. Tot 16,5 kilometer per uur.
– Daarna ging ik stilstaan. Hoe snel kan de hartslag omlaag? Nou binnen een minuut loopt die terug van 161 naar 119. Conditie is dus geweldig.

informatie: runinfo.nl


– Lastig om niet nog een keer te gaan versnellen en rustig uit te lopen met een ommetje om het half uur vol te maken.
– 34 Minuten over 5 kilometer. Trek in een bord Brintapap.
– Om de triatlon te completeren ging de knul ‘s middags nog zwemmen, maar hij had toch ook door dat het dan niet helemaal eerlijk verdeeld was…..
Meer heb ik er niet over te zeggen.

Categories: Uncategorized | Comments Off on Kort & nuchter

25 Hoogtepunten (en 5 dieptepunten) tussen de heuvels van Rhenen en Veenendaal

Here I Go!


hoogtepunt #1: Vincent gaat met papa en mama wandelen. We hebben afgesproken op de parkeerplaats bij Rhenen, naast de Grebbeberg. De rest van de familie gaat liever wandelen dan naar de dierentuin! Ik vertrek richting Veenendaal met een kaartje in de rugzak.
hoogtepunt #2: De Grebbeberg met het uitzicht, de mooie bomen, de ruïne en de trap naar beneden.  Het was hartstikke mooi en helemaal voor mij alleen! Gelukkig mocht ik op de trap omlaag en hoefde ik niet omhoog. 
dieptepunt #1: Verkeerd lopen bij de brug. Eerst de felle zon en het asfalt en toen liep ik nog verkeerd ook! Ik liep de brug over de Rijn niet over, maar onderaan de brug zag ik dat ik rechtdoor onder de brug door had gemoeten. Het was de enige navigatiefout van de dag, dus dat viel mee. 
hoogtepunt #3: Langs de Nederrijn lopen over een smal fietspad en het lijkt onhollands. Het was wel zonnig en smal, maar er waren geen fietsers. 
hoogtepunt #4: Rhenen. Pittoresk. Het oude vliegtuig dat overkomt, de vriendelijke mensen, de trapjes. Het tempo lag niet erg hoog, de hoogteverschillen daarentegen wel!

Links aanhouden - simpel zat!


hoogtepunt #5: De rood-witte route volgen. Dat was heerlijk: het was gemakkelijk en zeer goed te doen. Dat ik in mijn eentje een route kan volgen, geeft me een enorm gevoel van voldoening. En soms, als de volgende aanwijzing wat lang uitbleef, dan was het simpelweg rechtdoor. Er stonden duidelijke pijltjes.
hoogtepunt #6: Het rugzakje en de vrijheid. Ik had de Camelbak bij me. Normaal zit daar ook water in, maar nu had ik losse flesjes voor het grijpen. Het rugzakje zit stevig vast en er past een setje schone kleertjes in voor straks in de trein. Er zitten ook gelletjes in en de autosleutel en een koptelefoon. Het past allemaal perfect. Het rugzakje woog toen ik ging anderhalve kilo. 
hoogtepunt #7: De kat die niets terug mauwde. Ik kwam een kat tegen en ik zei: “mauw”. Die arme kat bleef stokstijf staan, dus ik zei nogmaals “miauw”, maar ook daar kreeg ik geen goedemorgen op terug. Ik weet niet wat ik gezegd heb! Maar ik had in elk geval wildlife ontmoet!
dieptepunt #2: De hartslagmeter op hol. Een hartslag van boven de 200 en een tempo van 7 kilometer per uur? Nee, de hartslagband was van slag de eerste kilometers. Dat komt niet meer goed met de gemiddelde hartslag voor de rest van de tocht. Gelukkig had ik er geen beperkingen op aan gezet.
hoogtepunt #8: Het feestje met de huildende dreumes en de ballonnenroute. De tuin versierd met ballonnen en de baby maar brullen. In het bos liep een speurtocht van ballonnen, ergens hing er ook een zwaard-plaatje. Spannende tocht hoor!
hoogtepunt #9: Bos, schaduw, afdalen en tussen de maisvelden door. Het was fijn om Rhenen te verlaten en het bos weer in te gaan. Ook daar was de route goed te volgen. 
hoogtepunt #10: Met Stip: Het hertje. Een ree. Doodstil stond ze. Ik kon mijn fototoestel (telefoon) pakken en haar op het pad fotograferen. En daarna ging ze zelfs staan te eten van de planten! Ik stond heel stil en sloop dichterbij. Ze verdween tussen de bomen. Nog meer wildlife! Maar deze was erg mooi en sereen.
hoogtepunt #11: Rust Stilte Niemand Geluiden van de wind in de bladeren Vogels die ritselen. Totale veiligheid en zeker een half uur of drie kwartier niemand zien. Toch voelt het volkomen veilig. Geen geluiden van andere mensen of auto’s. Hoe raar dat je het niet eens mist. Het brengt een totale kalmte met zich mee.
dieptepunt #3: Het appel gelletje en de kaart. Het appelgelletje was dik, smaakte niet lekker. Maar er zat een dopje op, dus hij kon dicht. Ik hobbelde langzaam verder en dronk er veel bij. Ik keek even op de kaart, waardoor ik het vennetje miste, zo las ik op de routebeschrijving. Ik kwam 1 meneer tegen.
hoogtepunt #12: Bospaden, het hondenhuisje, het stenen bankje, stijgen. Kleine elementen: dat mooie huisje, de bank van grote stenen en de rechte bospaden. Ik neem niet van alles een foto, ik neem alles in me op. Ik beleef het. En ondertussen voel ik wel dat ik langzaam aan omhoog loop. Ik zie het ook aan de kilometertijden. 

hoogtepunt #13: Het Uitzicht. Het magnifieke uitzicht. Wow, wat was dat mooi. De selfie met horloge. En er was niemand! Alle bankjes leeg in de zon! Ik zag veel gebouwen beneden me. Ik maakte een foto van mij met mijn Apple Watch en zei hardop: wow, dit is zo cool. Toen liep ik weer verder.
hoogtepunt #14: De zon en het watertje, als een stille oase, dalen en daarna weer stijgen bij de bomen. Het water lag in een open vlakte. Veel zon. Half 12. Niet zo prettig. Nog steeds was ik volkomen alleen en waren alle bankjes leeg. Het water lag er ook stil bij. Ineens liep ik over de prairie leek het. Lekker afdalen.
hoogtepunt #15: Stijgen. Doorgaan. Schreeuwende Mensen! ATBers. Doorgaan. Warm, maar niks moe. En dan is het ineens vol met mensen: die picknicken en wandelen en fietsen. Ik ben blij dat ik in het bos onder de schaduw van de bomen moet klimmen. Ik heb geen haast.
hoogtepunt #16: Lange rechte stukken en toch telkens weer de route oppikken, de nieuwe route over een smal pad opeens vol wortels. Maar wel met een zachte ondergrond. Van de rood-witte route ga ik over op de blauw-gele. Het is even wennen. Er lopen heel veel routes door Nederland. Wat kom ik veel paaltjes met kleurtjes tegen zeg.

Het lijkt de Ardennen wel!


hoogtepunt #17: De heide waar ik stilstond. Gel partII Ik stond stil om de gel op te maken en te drinken langs de paarse heide. Ordende de kaarten.
hoogtepunt #18: Grote stukken lijken onnederlands: de oude bomen, de heuveligheid, het wisselende landschap, je-zou-hier-maar-moeten-wonen-huisjes.
hoogtepunt #19: Het mooiste bos met gras. Het waren keurig rechte stammen met een ondergrond van vriendelijk wuivend gras. 

Nu al stad? Ik liep 2 minuten geleden in het bos en dan ineens drukte.


hoogtepunt #20: Veenendaal. Opeens. Verhard. Kan ik nu nog de route volgen? Dat lukt. Er is een parkje. Onverharde schelpenpaden en twee lieflijke bruggetjes. Aangelegd onecht.

Geen tijd om de OVchipkaart bij te laden


hoogtepunt #21: De trein die net weg ging. De tijd die nog niet om is. De halve marathon die er nog (lang) niet is. Dus ik neem de tijd voor een foto en kijk op de stadsplattegrond: ik ga nog even door. 
hoogtepunt #22: Nou ja, door Veenendaal sukkelen langs een fietspad en stoplichten, ineens routeloos voelen. Uitzicht zijn de straatnaamborden. 

Net voor ik viel nam ik een foto


dieptepunt #4: Met stip: Vallen op het onverharde pad wat doodliep. AHA! daar langs het spoor loopt een onverhard pad. Als ik een foto maak van de trein til ik mijn voet niet hoog genoeg op voor een graspol en lig ik op mijn knieën. Bah, vieze handen. En dan loopt het pad ook nog op niks uit en moet ik terug. Gelukkig ben ik er bijna.
hoogtepunt 23: De trein na 22 kilometers en na 15 lange minuten wachten en niet stilstaan (hadden 2 km kunnen zijn). Ik blijf wandelen en trek mijn regenjasje aan tegen afkoeling. Ik laad de OVkaart op. 
dieptepunt #5: Ging ik zo langzaam? Een halve marathon in meer dan 2 en een half uur?! Een vergissing met de hoogtemeters die meetellen: Ik heb aardig gedaald en gestegen. In de trein ben ik al snel weer helemaal niet meer moe en ik ben blij dat ik nog terug kan rennen. Ik stuur SMSjes naar de schatzoekers, die de schat niet konden vinden.
hoogtepunt #24: Opgehaald worden met de auto, al had ik nog wel terug willen en kunnen rennen ook. Nu neem ik ineens afscheid van het rennen, maar het is fijn om de familie weer te zien.
hoogtepunt #25: De welverdiende pannenkoek in schone kleren!

Categories: Uncategorized | Comments Off on 25 Hoogtepunten (en 5 dieptepunten) tussen de heuvels van Rhenen en Veenendaal

Training om de vakantie te vergeten.

Om 8 uur waren weer eens met zijn allen bij het buurtcentrum, maar daar waren ze ons nog even vergeten. Ik ging met de AB groep mee, snelle lieden. We liepen naar het straatje waar we altijd lantaarnpalen gaan tellen. De trainer beloofde ons een training-om-te-laten-merken-dat-de-zomer-voorbij-is. Ik ben geen fan van deze trainer, hij is mij niet altijd even duidelijk. Gelukkig loop ik niet vooraan en volg ik de rest gewoon!
Eerst langzaam 6 lantaarnpalen heenlopen en in steigerrun terug. Dat lukte me nog best de eerste keer. En de tweede keer ook. Hoe vaak we het deden weet ik niet precies. Toen volgde er een heel verhaal: 3 lantaarnpalen heen op rustig tempo, steigerrun terug, dan wandelen over het verbindingspad naar het andere fietspad waar we voor de verandering 6 bomen aftelden. De even keren moesten we terugrennen op 10-kilometertempo en de oneven keren net als op de heenweg rustig lopen. Volg je m nog? Weer terug over het verbindingspad wandelen en dat telt als 1 hele ronde. Dat maal tien. Dan ben ik blij dat ik niet voorop hoeft te lopen tellen, haha!
Het ging best, maar we moesten het wel tien keer doen. Na de vijfde keer raakte ik met een medeloopster aan het kletsen en toen haalden de andere dames ons in. Ik ben niet goed in versnellen. Volgens de trainer moet ik mijn knieën meer optillen en dat doe ik best, maar ik versnel niet zo snel als de anderen. Mijn tienkilometertempo ligt echter ietsje hoger en het ‘gewone’ tempo ook. Ik vind zulke opdrachten wat saai en het wandelen is echt bijna het moeilijkste: dat is gewoon een totaal andere beweging. Ik kreeg het wel erg heet eerlijk gezegd. Het hartslagpatroon en tempopatroon gaat er wel leuk uitzien door zo’n training! Ik ging een paar kilometer heel erg snel, ook al wandelde ik gedeeltes van die kilometer. Toen de snelle heren tien keer hadden gerend en ik pas negen keer, hielden we op. Wat kan ik daar slecht tegen, ik wil de opdracht ook tien keer doen! Dan doen zij het maar elf keer hoor.
We gingen nog een keer 8 lantaarnpalen rustig heenlopen, dan 4 palen heel rustig terug en de laatste 4 palen heel snel terug. Daarna moesten we 30 keer op een stoeprandje springen en dan nog een minuut wazig rondkijken slash wat drinken. Doen we ook. Ik deed de variant wazig rondkijken en horloge staren. Ik had niet al teveel zin meer, maar ja. Ik moet zeggen dat ik wel loeihard ging als ik mijn knieën optrok, zo’n 15 kilometer per uur. Het moeilijkste was het lantaarnpalen tellen, soms was mijn verdeling volgens mij 3 om 5 ofzo.
Toen liepen we weer terug. Ik heb nauwelijks gehoord wat de anderen allemaal te kletsen hadden. Zij bespraken zomervakanties. Met deze training was de zomertijd wel voorbij ja. We gingen nog uitrekken. Ik had er bijna tien kilometer opzitten. Kijk, daarom wil ik ook de oefening 10 keer doen en niet bij negen stoppen! En toen weer op de fiets naar huis. Met al een hele dag huisjes-boenen had ik mijn 10duizend stappen en alle bewegingsdoelen van de Apple ruimschoots gehaald! Ik was niet buitengewoon enthousiast over deze herhaling van zetten. Ik heb niet gemerkt dat er trainingen vervielen omdat het zomer was, dus voor mij had het niet gehoeven. De volgende dag had ik weer eens ouderwets spierpijn van de-zomer-voorbij-training.

Categories: Uncategorized | Comments Off on Training om de vakantie te vergeten.

Raadsels voor het weekend.

Raadsel 1: Ik loop door tuinen en kijk over de schuttingen. Ik loop door woonkamers en ga dwars tussen de brandnetels door. De heuvel hoeft ik niet op met mijn lange benen, ik kom vanzelf boven. Ik stoot mijn hoofd tegen bomen. Ik wordt alsmaar langer, hoe later het wordt. Ik ben een beetje schimmig en er zijn hele stukken die ik niet mee hoeft te lopen. Onder de bomen in het Kotterbos ben ik weg. Ik maak me niet druk om een traag tempo. Het enige wat ik nodig heb is de zon. Rara, wat ben ik?
Ik ben Anke’s Schaduw en ik volg trouw zolang de avondzon schijnt. Bij voorkeur op een warme zaterdagavond voor zonsondergang.
Raadsel 2: Ik ben nieuw. Wit. Sjiek. Prijzig en heel waardevol. Ik ben de schakel naar de buitenwereld. Ik speel de muziek af op de koptelefoon. Ik maak samen met de telefoon de foto’s. Ik hou je op de hoogte van de gelopen tijd, de snelheid en het calorieverbruik. Mijn tegenhanger is zwart en zit aan de andere kant. Die zorgt met zijn gepiep voor het intomen van het tempo. Als je de weg kwijt bent, kan ik je helpen. Als je contact met iemand op moet nemen, ben ik ook van dienst. Maar vandaag moet ik nog wennen en herstart ik om de haverklap. Ik moet wennen aan je pols, de telefoon, alle activiteiten. Rara, wat ben ik?!
Ik ben de nieuwe Apple Watch. Samenwerkend met het Garmin Horloge, zorgen wij voor de digitale afhandeling van het hardlopen. Tot de techniek het laat afweten: de telefoon herstart, de AppleWatch ook en de koptelefoon is leeg, waardoor de muziek niet langer te horen is. Het Garmin horloge piept als de hartslag te hoog wordt.
Raadsel 3: De kleur goud van de zon die over de blaadjes valt. De geur van het bos. Het bepalen van de route door het Kotterbos. De keuze voor een onverharde ondergrond. De brug over en het tempo inhouden. Kijken naar mensen in hun voortuin. Het ontwijken van een hond. En als de techniek het af laat weten, nog meer genieten van de omgeving, ook al is die bekend. Alleen over de natuurbrug lopen en kijken naar de witte (of zilver-?)reigers. De eendjes vluchten weg voor mij, niet voor mijn schaduw, niet voor en piepend horloge. Ik ben degene die in moet schatten hoe het tempo de heuvel op moet liggen en ik ben ook degene die naar de treinen, de vliegtuigen en de blauwe lucht kijkt. Ik hou niet van de zon – niet vanwege de schaduw die me dan onophoudelijk volgt, maar omdat de zon zo kan branden. Deze avondzon is echter schitterend. Ik heb de zintuigen en de benen om hier te kunnen ZIJN. Rara?!
Dat ben ikzelf natuurlijk, Anke rent hier. Dezelfde Anke die het na 9 kilometer heel moeilijk krijgt. Die Anke die ineens weer weet waarom ik niet van ijsjes hou: ze vallen vaak verkeerd en nu ook. Die Anke heeft last van haar maag en nog meer last van haar darmen. Die Anke die móét, maar geen WCrol bij zich draagt. Tja, dat ben ik en na 10 kilometer baal ik enorm dat ik stukjes moet wandelen om de sluitspier zijn sluitende werk te laten doen. Balen. Het is nog een lange kilometer naar huis, maar ik heb keurig in hartslagzone één 80 minuten volgens opdracht volbracht.
Raadsel 4: Hier ga ik, ik wilde niet alles in hetzelfde tempo en daar heb ik spijt van. Ik wilde de staatjes door en nu gaan we 1 straat zacht en 1 straat hard. Het is zwaar voor mij. Ik mag geen vuisten maken. Ik denk dat ik het einde van de straat niet haal, maar het lukt me elke keer. Ik word ook nog door het bos gestuurd. Volgens mij kan ik nooit meer harder en ik weet nu zeker dat ik niet meer om intervallen vraag. Maar als ik een wedstrijd moet doen tegen mama wie het eerste de burg over is, dan win ik! En wie het eerste bij de volgende trap is? Dat win ik ook van mama! Alleen de laatste keer kan mama van me winnen, want ik ben heel moe van de intervallen training die wel bijna 5 kilometer lang was. Rara, wie ben ik?
Ik ben Vincent en met mama heb ik de dag nadat ik een uur lang aan één stuk door baantjes heb gezwommen, intervallen hardgelopen. En ook zacht hardgelopen. Het was heel zwaar, maar ik word er een sterke vent van op weg naar een triatleet. Mama kan misschien harder en verder lopen, maar ik kan beter zwemmen!

Categories: Uncategorized | Comments Off on Raadsels voor het weekend.

Uitdribbelen noemen ze dat.

Mijn vriendin zou mee gaan lopen en ik had het haar beloofd, dus ik kon me niet drukken na een dagje door het drukke Amsterdam in de zon sjouwen. Even voor 8 uur stond ze opgewekt voor mijn deur en daar gingen we. “Langzaam uitdribbelen’ stond er op mijn schema, dus ik vond dat alle tijden met 7 minuten moesten beginnen. Dat is geen probleem voor ons, want we kletsen harder dan wij lopen. We ratelen eigenlijk de hele tijd door. En omdat de route voor mij zo bekend is, had ik er helemaal geen oog voor. Terwijl het prachtig was op deze zomeravond. Maar nee, wij kletsen en kletsen. Jammer voor iedereen die meeleest, maar ik ga niet vertellen waarover we allemaal kletsen! Het ging heel goed. Zeker voor mijn vriendin die alweer 10 dagen niet heeft kunnen rennen. We liepen langs de plassen en er liepen runderen in plaats van paarden. Het is raar hoe ik veel vermoeider kan worden van sjokken door de Amsterdamse zon als van een uurtje rennen. We gingen de berg op en ik zette mijn horloge even uit om een foto te maken en van het uitzicht te genieten. Mijn vriendin is niet van het stoppen, dus we liepen al snel weer verder en ik wilde ook een beetje bosbeleving meenemen nu het zo lekker ging. En omdat we nog lang niet waren uitgekakeld natuurlijk! Het fietspad met de gele begroeiing lag er heerlijk bij. In het bos werd het moeizamer vond ik. Na asfalt is dat ineens beduidend minder prettig. Ik had een beetje buikpijn, maar niets noemenswaardigs. Toen merkte ik dat ik mijn horloge niet opnieuw had aangezet en dat krijg je meteen het gevoel 2 kilometer voor niks te hebben gelopen. Ik baalde er enorm van, stom is dat. En zo liepen we weer via het park terug naar huis. We hadden een uur gejogd en uiteindelijk lag de gemiddelde tijd op 7minuut06 per kilometer. Dus mijn vriendin neemt 10 dagen looppauze en loopt vervolgens weer dik 8 kilometer mee zonder al teveel moeite. Fijn lesje over conditie-behoud! We waren nog lang niet uitgepraat, maar gelukkig lukt ons dat eigenlijk nooit! Ik kon de afstand en tijd aanpassen omdat mijn telefoon ook ‘meeloopt’ en ik dus wist hoe ver en lang we gelopen hadden.

Categories: Uncategorized | Comments Off on Uitdribbelen noemen ze dat.

Interview over de Woondome

Vraag: Gister stond er toch al een training op de woondome met de hardloopclub in het schema?
Anke: Tja… Ik was moe van een dagje vakantiehuisjes-boenen en we waren pas om kwart over 7 klaar met eten, en het was heet; ‘t ging gewoon niet!
V: Dus vanmorgen dan maar?
A: Het regende. En ‘s middags zou het droog worden.
V: Uitstel dus. Had je er niet zoveel zin in of zag je er tegenop?
A: Ik wist gewoon niet zo goed wat ik moest gaan doen. En toen ik aan het inlopen was dacht ik inderdaad dat ik er tegenop zag.
V: Netjes eerst inlopen. Toen was het droog?
A: Ja! Het was de hele tijd droog, ik heb zelfs eventjes een mager zonnetje gezien. Maar het was lekker zwaar bewolkt. Niet koud hoor.
V: En had je zelf een training bedacht?
A: Jep. Hou je vast: ik had bedacht tien keer de Woondome op te gaan. Die Woondome is dus een helling van 17% in Almere Buiten naar een parkeerdek. Er ligt ook een parkeerplaatsje naast. Eerst wilde ik drie keer ‘gewoon’ naar boven rennen en dan op het parkeerdek rustig uitdribbelen en omlaag ook rustig aan doen. Daarna zou ik een rondje op tempo lopen onder op de parkeerplaats en dan nog drie keer omhoog. Volg je ‘m nog?
V: Dan ben je dus 6 keer op tempo omhoog gelopen. En hoe hoog is je tempo dan?
A: Geen idee! Dat je benen er zwaar van worden zeg maar, vooral het laatste stukje. Dan kom ik echt adem te kort en ben ik erg blij met uitdribbelen om de ingang heen.
V: Ingang?
A: Boven is ook een ingang, maar het loopt daar ook nog lichtjes omhoog. Dus naar beneden is het fijnste. Dan krijg ik mijn hartslag weer in zone 1 en zelfs op 125.
V: Hartslag ja, en hoe hoog is die als je boven bent?
A: Dan ligt het rond de 165. En dan hijg en zweet ik echt.
V: Maar je ging tien keer omhoog en dit waren er pas zes.
A: Na drie keer ‘gewoon’ omhoog, dus eerst dat rondje over de parkeerplaats. Dat rondje was eerst 2 parkeerhavens diep zeg maar; het tweede rondje was 2 parkeerhavens om en het derde (en laatste) rondje was 3 haventjes om op tempo en daarna nog omhoog. Dat was best heftig zwaar.
V: Kan ik inkomen. Maar je was nog niet klaar dus?
A: Toen nam ik even pauze voor foto’s en dribbelde ik wel heel langzaam over het parkeerdek. Er stond iemand te kijken en dat ergerde me. De parkeerwachten kwamen ook nog langs met hun bonnenboekje beneden. Er was zat te doen.
V: En te rennen. Na de pauze ging je nog een paar keer naar boven?
A: Maar toen lag de nadruk op omlaag! Ik ging hard naar beneden en dan de rondjes over de parkeerplaats ook nog snel: eerst de 3 parkeerhavens diep, dan twee en tot slot het kleine rondje achter het naar beneden sprinten. Naar beneden is wel gemakkelijker, maar de eerste keer even wennen. Ik moest echt inhouden. De laatste keer had ik het wel te pakken. En dan langzaam omhoog, maar ook daar krijg je een hartslag van 155 van!
V: Niet slecht voor je knieën, dat afdalen?
A: Daarom durfde ik niet zo hard naar beneden de eerste keer.
V: Ik kom tot negen.
A: Ik heb beneden ook nog eens gepauzeerd.
V: Tjonge. Was dat nodig (grinnik)?
A: Ik zweette me kapot. Het druppelde er echt af. Dus ik moest wel in beweging blijven. Ik zou nog 1 keer hard omhoog gaan, dan het hele rondje parkeerdek en dan hard naar beneden. Dan vond ik het wel genoeg, want ik had me dan wel een half uur in het zweet gewerkt.
V: Zeg dat wel!
A: Maar boven kwam ik een leuke kroon tegen die ik móést fotograferen, dus het tempo was er even uit. Daarom vond ik dat het parkeerterrein nog over moest op tempo.
V: En daarna? Bedacht je nog iets?
A: Nou het enige waar ik behoefte aan had was heel kalmpjes aan uitlopen.
V: Je had zeker wel spijt dat je gisteren niet met de club was meegegaan?
A: Meestal gaat het daar niet een half uur aan 1 stuk door. Ik liep een beetje om. Kon iedereen weer stom kijken. Er zijn echt veel mensen die op een doordeweekse dag rondom de Woondome rijden en lopen en raar kijken naar een fanatieke hardloopster.
V: Vind je het gek?!
A: Nee, helaas vrees ik soms dat ze gelijk hebben haha. Ik dribbelde rustig uit langs de kunstboom. En over het bruggetje door de zon. Echt lekker sloom. Lijkt me ook een grappig gezicht: iemand helemaal bezweet en met een vuurrood hoofd die langzaam aan vooruit rent. Maar goed, eenmaal in de Seizoenenbuurt zat de hartslag weer onder de 130 en hobbelde ik vrolijk voort. Thuis ging ik rekken en moest ik de postbode met mijn huissleutel bewijzen dat ik daar woonde voor ik de post kreeg.
V: Moe natuurlijk!
A: Nee, ik ga zitten en kom vrij snel bij.
V: En hoe hard ging je nou?
A: 9 kilometer in 70 minuten is niet echt hard hoor, zo gemiddeld. Maar op je voorvoet omhoog rennen tegen een 17% helling op en dat tien keer, da’s best een traininkje hoor. En mijn trainer stuurt dan een appje “tien keer maar”, mooie is dat! Had ie zelf maar iets moeten zeggen, grmbl. Maar nu ga ik douchen, want ik krijg het een beetje koud. En de kleertjes in de wasmachine.
V: Doe dat, bedankt voor de info!

Categories: Uncategorized | Comments Off on Interview over de Woondome

Het Voetenpad om Hilversum

Om 8 uur stonden mijn maatje en ik bij Groot Kievitsdal, een congrescentrum in de bossen tussen Hilversum en Lage Vuursche. Dat was het beginpunt voor ons van het Voetenpad, een wandelroute van circa 25 kilometer om Hilversum heen die dateert uit 1939. De route is bewegwijzerd met betonnen palen waar een blote voet op staat en komt op die manier aan zijn naam. Ik besloot op het laatste moment om toch op mijn nieuwe Brooks te gaan lopen, omdat ze als gegoten zitten. Mijn loopmaatje moet 27 kilometer lopen vandaag, ik neem de opdracht 3 uur lopen mee in zone 1, maar maak daar zone 2 van omdat we offroad gaan.
Kilometer 1 – 5
De eerste kilometers bleef ik maar kwebbelen. De eerste kilometer had ik het echt ijskoud. We liepen meteen in het bos en kwamen langs een prachtig spiegelend meer. Het was nog rustig in het bos. Ik warmde al snel op. En maar doortetteren, arm loopmaatje, maar die kon genieten van de omgeving en hoefde alleen maar te luisteren. We kwamen bij de overgang over de A27 en meteen daarna staken we het oude spoor tussen Hilversum en Utrecht over. Ik zou heel lang kunnen uitweiden over hoe mooi het is, maar het zou een beetje saai worden denk ik en de woorden zullen ook nooit omschrijven hoe het echt was.
Kilometer 6-10
We kwamen toch diverse andere hardlopers tegen. Ik interesseerde me totaal niet voor de kilometertijden. We liepen 1 keer te ver door, dat kwam vast omdat ik maar doorging met kletsen. Het was allemaal heel erg mooi. De zon scheen lekker, de bossen lagen er goed bij, de heide was prachtig. De route was gemakkelijk te volgen en zodoende leek het me allemaal heel zorgeloos toe. Mijn loopcollega neemt het vertellen even van me over. Mag ik ook luisteren. Tijd voor een gelletje: dit soort energievoorziening is op lange tochten als deze een vereiste en ik zal er aan moeten wennen. Ik vond het een hele hap en niet echt lekker, maar een paar slokken water doen wonderen. We lopen over de Kolhornse Heide, langs de boom die ik gefilmd heb voor mijn eindexamenfilmpjes.
Kilometer 10-15

Hier werkte ik en leerde ik echt monteren.


Door Kerkelanden. Verhard. Maar voor mij wel een bijzonder stukje, want ik kom langs het gebouw waar ik jarenlang heb gewerkt. Ik heb hier vaker het voetpad vermeld gezien, maar nu begrijp ik eindelijk de betekenis! We slingeren langs de vijvers en het is opvallen hoe snel asfalt verveelt. Net als wij de drukke weg oversteken, komt er niemand langs en kan ik weer niet uitrusten, haha. Ik kwebbel weer verder. Na de stoplichten langs de oude haven en daarna gaan we weer onverhard het bos in. Hoi! Schaduw en lichtwerking zijn prachtig. Het Corversbos. Hier kwam ik niet zo vaak en het is echt verrassend mooi. Er springt een hond tegen me op en we worden vergezeld, tegemoet gelopen en ingehaald door andere hardlopers. We steken zonder ook maar 1 auto te zien de ‘sGravenlandse weg over en een bord geeft aan dat we Hilversum verlaten. We draaien het bos al snel weer in. Dit is het Spanderswoud.
Kilometer 15-20
Hier herken ik niks. Er ligt water met groen kroos erop onder de zonnestralen en het bospad is heuvelig. Hemeltje, wat is het hier prachtig en mooi! Ik loop enorm te genieten en we zwijgen, enigszins overweldigd door de schoonheid. banen zonlicht komen tussen de bomen door en het lijkt wel een sprookje! Even baal ik ervan dat ik nog maar tien kilometer mag lopen. We raken van de weeromstuit het voetpad kwijt! Als we de weg volgen en op de GPS kijken, komt het weer goed. Ineens staan we achter met Mediapark. We zouden hier moeten oversteken, maar ik beloof mijn loopmaatje een omweg waar hij geen spijt van krijgt. En zo lopen we even later over de vlonders vlak bij het Mediapark. Voor mij is het dubbel-dubbel genieten omdat ik hier vorig jaar pas weer kon lopen na het harde werken. De lucht is strakblauw naast de zendmast en het riet wuift zacht. De stappen op het hout klinken heerlijk ritmische en ik ga er snel overheen. We gaan de natuurbrug over en moeten nog een stuk klimmen ook. Dan is de zon fel en is het na bijna 19 kilometer best zwaar, maar ik beloof mezelf een gelletje als we weer op het voetpad zijn. We komen op de hei en zoeken maar heel eventjes naar het voetpad. We komen langs de schaapskudde en daar zijn de vertrouwde betonnen paaltjes weer.
Kilometer 20-25
Het gelletje is zeer welkom, maar niet lekkerder dan de eerste. De hei is me wat zonnig, maar we lopen ook veel langs de beboste rand. Het blijft alsmaar onverhard waar we lopen. Ooit hebben we over deze hei al gelopen. Ik vind het nu beduidend zwaarder worden. De halve marathon hebben we in 2 uur en 24 minuten volbracht, maar we zijn er nog niet! Het is een beetje irritant dat het horloge van mijn loopmaatje al zo’n 700 meter op mij voorloopt. Zo haalt hij zijn 27km wel! Gelukkig maakt het mij  niet uit wat ik ren in die drie uur, maar liever zou ik 5 minuten meer rennen om het weektotaal te halen. Ik loop me af te vragen hoe ik het vol moet houden en al helemaal hoe ik het vol moet houden ooit 42 kilometer te blijven rennen. Het tempo moet iets omlaag van mij en dat gebeurt ook wel, maar dat maakt het niet minder zwaar. Vlak voor de Larensweg worden we door 3 hardlopers ingehaald, waaronder 1 dame. Ze zijn met een hele club, maar hun interval houdt op bij de dagcamping en we laten ze weer achter ons. Nog één heide oversteken.
 
De laatste kilometers.
De Zuiderheide is heuvelig en na een beklimming en een afdaling kickt ineens het gelletje in. Ik snap niet hoe het komt dat ik het ineens weer zie zitten en dat het gemakkelijker aanvoelt. Tot nu wist ik niet dat het even duurt voor de gel effect heeft. Volgende keer moet ik dus het punt vóór zijn dat ik verlang naar de gel en eerder wat naar binnen werken. We gaan het bos in en ik begin het overzichtelijk te vinden. Toch kan ik niet bedenken of we de snelweg nog onderdoor moeten en of we Anna’s Hoeve nog voorbij komen. Ik maak me er niet druk om, want we volgen de voetenpaaltjes gewoon. Blijkt dat we inderdaad langs Anna’s Hoeve komen. Mijn benen zijn moe deze keer. Eerder dan mijn hoofd voel ik alle spieren in mijn benen. We gaan gelijk met het spoor onder de A27 door. Niet precies de route, maar inmiddels maken we weer moppen met 2 vissen in een kom. Dan lachen we, zijn afgeleid van de pijn in de benen en lopen maar door en door. We zijn de 25 kilometer inmiddels allebei gepasseerd. Als we het spoor oversteken baal ik dat er geen trein komt, ik had best willen wachten. “Wil je blijven leven, wacht dan even” staat er op het bord, dus dat doe ik dan toch maar even terwijl ik een foto maak, goed excuus! Nu is het nog rechttoe rechtaan over de grens tussen Utrecht en Noord-Holland. We komen de 26 kilometer door en ik heb nu weer genoeg energie. We passeren ook de 3 uur en mijn loopmaatje haalt de 27 kilometer. Ik haal ze zelfs ook nog! En dan staan we na 3 uur en 10 minuten weer bij Kievitsdal. Voor mij na 27,7 kilometer met een gemiddelde hartslag van 147. Tsjakka. De schoenen hebben me heel, heel goed ondersteund en mijn loopmaatje ook. Ik drink veel hersteldrank en eet een ontbijtkoekje. In het bos kleed ik me om. Een goed besteedde ochtend zeg ik 😀 😀

Categories: Uncategorized | Comments Off on Het Voetenpad om Hilversum

De wondermooie trail over de Kemphaan die de trainer verkeerd interpreteerde

Waarom ga ik weer met een training mee van de mensen uit Stad? Het was zo leuk en gezellig gisteren met de club-van-Buiten. Het antwoord is: de Kemphaan. Lijkt me gaaf daar eens onverhard te lopen, al twijfel ik er ten zeerste aan of ik anderhalf uur met de AB groep mee kan lopen in hartslagzone 2. Dus toen ik mijn sleutel inleverde, vroeg de man of ik ook met de C/D mee ging en zei ik ja. Toen ik de A/B trainer vroeg hoeveel hij onverhard ging lopen, zei hij: “bijna alles” Hij begreep mij verkeerd en voegde er haastig aan toe: “maar het is heel goed te doen, ik heb het net geprobeerd”. Mijn twijfel was al weggenomen. Slechter dan het Amsterdamse Bos zou het niet worden. Onverhard: ik ga mee! Ik ken die trainer alleen van gezicht en omdat hij foto’s maakt, en hij kent mij niet. Ik geloof dat hij twijfel zag bij mij – die er dus niet was. Toch acht ik deze trainer zeer hoog en ik weet dat hij mij precies goed heeft aangemoedigd bij de eerste Almere City Run, dus ik waag de gok zonder schroom. Ik ging lekker mee in de groep. We starten onmiddellijk onverhard en ik kreeg onderweg nog een telefoontje ook! Hoe fijn is het, dat je de hele tijd je enkels traint, terwijl het natuurlijke groen om je heen alle zorgen absorbeert en het ritme van de benen een stressdodende cadans vormen. Ik had de Asics aan en mijn hartslag stond op mijn horloge. Met mijn lange broek was ik erg blij, want er zijn wel veel brandnetels in het bos, waar ik toch een laagje stof tussen heb. Ik luisterde naar het gekakel over huizen-kopen, vakanties en ik genoot daar in het bos met de laagstaande zon. Het was wonderschoon en het tempo lag perfect. Ik werd niet moe, niet te heet ondanks mijn lange broek en alles rook lekker en was inderdaad goed begaanbaar. We mochten een stukje op eigen tempo en toen kwamen we op asfalt. Ik ging te hard. Ik kwam boven zone 2 uit en dat vond ik niet nodig. Maar ik wilde niet achteraan gaan lopen, dus ik zette even door. We gingen twee van de vier bruggen van het Vierbruggenpad over. En snel daarna weer onverhard. Ik liep te kletsen met de trainster die mij twee weken geleden te hard over de Stichtse Brug joeg en dat ging prima en moeiteloos tijdens het rennen over de smalle paden. Goed dat ik daar niet alleen liep, dan had ik foto’s blijven maken! Het was allemaal zo kalm en rustgevend. We deden een steigerrun en ik kon werkelijk moeiteloos het tempo verhogen. Dat resulteerde wel in bijna zone 4 met een hartslag van 161, maar het was erg prettig. Ik besloot verder mijn eigen tempo aan te houden. Toen mocht iedereen weer een stukje op eigen tempo en ik vertrok als laatste want mijn schoenveter zat los. Ik koos het zandachtige ruiterpad in plaats van het geasfalteerde fietspad en zwoegde heerlijk als laatste door tot het einde. Zwaar op dat losse zand, maar fantastisch ook. Ik hou dat tempo urenlang vol, maar de trainer moedigde me aan dat ik ook binnenkwam, al was ik laatste. Ik heb liever geen pauzes, ik ren gewoon door en dat lukt me ook moeiteloos. Dit is geen training, dit is Lopen Op Lokatie (LOL met hoofdletters) en daar hoeven niet perse tempowisselingen in te zitten. Ik heb gister nog de tempo- en hartslagwisselingen getraind. Nog meer vakanties worden besproken en soms laat ik merken dat ik meeluister. Voor mezelf loop ik het liefst achterop en dan nog met een beetje ruimte voor me ook. Dan lijkt het of ik het niet haal, maar ik wil vooruit kunnen kijken en niet op mijn hielen worden gezeten. Dat vind ik het enige nadeel van een groep: ik ga niet vooraan lopen en ik hou niet van het midden. De rode lantaarn is altijd mijn lievelingsstek geweest omdat die mij het meeste overzicht biedt. Ik was de route bijster en dat was prettig, want het was helemaal niet mijn zaak, ik hoefde alleen maar te volgen. Het was zo mooi: aangelegd stadsbos en toch vol afwisseling. De ondergronden wisselden elkaar ook af van gras tot modder en kiezels, bospaden en schelpenpaadjes. We mochten nog een stuk eigen tempo lopen en dan gaan de snelsten er als een haas vandoor en de rest volgt dan. Ik word dan dus ingehaald door een 70plusser, maar ik hou mijn tempo en hartslagzone prima aan en blijf rond de 6 minuten lopen – hard zat voor onverhard. Ik vind het allemaal geweldig en raak in een soort trance van eindeloze voetstappen, lage zon en bos. Langzaam haal ik de rest weer bij die langzamer gaan omdat ze te snel gestart zijn, maar binnen anderhalve kilometer lukt me dat bij lange na niet en de snelsten moeten mij komen halen. Toen vroeg de trainer me vriendelijk: “Heb je er spijt van, het gaat goed hoor.” Ik heb niks geen spijt en besef dat de trainer nu denkt dat ik het niet kan bijhouden! Ik zeg dat het prima gaat en dan val ik stil in de groep. Ik hoor de rest niet meer miepen over hun horloge en hoe lastig hartslagmeters om de borst zijn. Ik ben verbijsterd over zoveel medeleven van een trainer, ook al heb ik het niet nodig. Ik ben verbaasd dat hij aan me twijfelt en besef te laat dat deze trainer niet kan weten dat ik een offroad-runner geworden ben. In een half jaar tijd! Ik verzak werkelijk in een trance-achtig gevoel van trots, gelukzaligheid en sereniteit. We hobbelen heerlijk door het bos terug op een laag tempo en mijn hartslag komt nergens meer boven de 150 uit, wat echt keurig is. Sowieso komt mijn hartslag niet boven de 160 uit de hele weg. Soms daagt me even waar we zijn en hoe we ongeveer rennen om de Kemphaan heen, maar ik hoeft me daar niet druk om te maken en ik doe het ook helemaal niet. We zijn 1 uur en 20 minuten onderweg als we weer bij de auto zijn. Jammer, ik had nog wel 10 minuten erbij gewild, maar de heer met mijn autosleutel wacht op me. Ik ben een beetje vermoeid, maar dit zou ik nog prima een uur langer vol kunnen houden. We hebben 12 kilometer afgelegd (ikke net, de rest ruim) en strekken wat uit. Nog steeds ben ik wat wazig over deze wonderschone ervaring. De trainer zegt dat dit soort loopjes vaak door hem op zaterdagochtend worden gedaan en ik hou me van harte aanbevolen! Op weg naar de auto bedank ik de trainer en de aardige man zegt me nogmaals dat ik het prima bijgehouden heb en dat die stukjes eigen tempo prima door mij zijn ingevuld. Ik hoeft geen wraak of weerwoord, maar ik meld hem dat mijn opdracht voor deze avond was om hartslagzone 2 aan te houden en dat ik dat prima gedaan heb terwijl ik genoot. De blik van de trainer was onbetaalbaar: in 1 oogopslag lag duidelijk waardering te lezen en zijn knikje zei overduidelijk: jij wist al die tijd precies waar je mee bezig was; in zone twee nog wel!! We wensten elkaar een hele prettige avond. Ik ben minstens net zo tevreden als gisteren (er was niemand die er gister ook was trouwens) en heb een geweldige avond gehad. Maandtotaal toch weer lekker boven de 160 gebracht. Nu gaan de kilometers oplopen de komende 4 tot 8 weken. En als ze allemaal de helft zijn in de pracht van deze twaalf, ben ik heel erg tevreden.

Categories: Uncategorized | Comments Off on De wondermooie trail over de Kemphaan die de trainer verkeerd interpreteerde

Een heerlijke training

Ik heb precies hetzelfde aangedaan als maandag. Alleen andere schoenen. De Brooks. In de hoop dat ze zouden helpen bij het droog blijven. Dit keer was er echt een training bij de lokatie vanaf het Oostvaarderscentrum en geen looprondje. De ‘oude’ ploeg van Almere Buiten is er ook voornamelijk. Mijn loopmaatje en ik gingen er natuurlijk lopend heen. De poort was deze keer wel open. We waren met een heel klein groepje van zo’n 16 mannen en vrouwen en 1 trainer. De trainer die normaal in Almere Stad training geeft en voorheen mijn schema maakte. Het zonnetje scheen. We gingen langzaam op weg en ik hield even in omdat ik bang was over het intervallenpad te gaan en wat intervalletjes te moeten doen, maar we gingen onverhard het bos in richting de brug. We liepen tussen het gele koolzaad door en we moesten (op eigen tempo) een rondje lopen. De medeloopster die ook de marathon in Eindhoven gaat lopen wil 3 uur 45 halen. Ik deed lekker rustig aan, maar ik ging niet eens heel zacht over de onverharde ondergrond. Ik vind dat zo heerlijk! We gingen op de langzaamsten wachten en ondertussen squatten. Daarna liepen we het rondje nog een keer. De ondergaande zon met al die lopertjes was een erg mooi gezicht. We gingen het fietspad heen en weer lopen. Hard heen, zacht terug, hard de brug op en rustig terug. Daar waar ik mijn eerste kilometer ooit liep. Ik had het niet koud in mijn regenjasje, maar eigenlijk ook niet te warm. De trainer ging op loophoudingen letten en toen ik voorbij kwam zei hij dat er tenminste nog iemand netjes liep. *TROTS* Maar het klopt wel, op mijn heerlijke nieuwe schoentjes loop ik keurig rechtop en kan ik me veel meer afzetten, wat resulteert in een korter grondcontact. Ik kan de rest ook moeiteloos bijhouden en inhalen op de stukken dat we rustig moeten lopen, maar als zij gaan sprinten heb ik meer moeite mee te komen. Dat voelt bij deze ploeg absoluut niet veroordelend. We liepen nog een rondje onverhard en ik kan ze dan helemaal moeiteloos weer bijhalen en nog een foto maken onderweg ook! We wachten tot iedereen er weer is en dan volgt een lesje loophouding. Daarna mogen we het nog een keer proberen. Ik zet nog extra af en til mijn knieën (niet al te overdreven) nog wat meer op. We mogen de brug helemaal oprennen. En dan gaan we langzaam dribbelend de brug op en over. Altijd leuk, al die stampende voeten op de brug.
We gaan drie rondjes rennen: de eerste lekker langzaam, de tweede ietsje sneller en de derde voluit hard. Dus eerst zone 1, heel rustigjes aan, daarna lekker op tempo rond de 6 minuten zone 2 en vervolgens kijk ik niet eens mijn op mijn horloge en ik sprint ook nog eens loeihard het trapje op! Bij het onverharde stukje gaat de hartslag omhoog en het tempo (ietsje) omlaag. We gaan in uitvalspas de brug weer op. De zon schijnt nog steeds en mijn schoenen houden de druppels tegen. We doen ook een uitvalspas achteruit en dat valt niet mee! Dan gaan we het andere trapje nog een paar keer op. Het zijn 46 treetjes en ik pak er een fijn ritme op. Dit trapje is beter dan dat bij de brug! We mogen ook twee treden overslaan en dan kom je helemaal snel omhoog. Heel rustig dribbelen we weer terug terwijl we een paar rek- en strekoefeningen doen. We zijn het er op de parkeerplaats unaniem over eens dat het een hele fijn training was. Afwisselend, op verschillende ondergronden, we hebben goede tips gekregen en het was heerlijk weer. Als ik mijn hart ook nog even heb gelucht, rennen we weer terug naar huis op een sukkeldrafje. Elf kilometer in the pocket. En dat het droog is gebleven ligt dus aan de Brooks schoenen! 🙂

Categories: Uncategorized | Comments Off on Een heerlijke training

Asics GT 2000-3 Review in de Regen

De Brooks beschermen me tegen de regen.     Pas als ik thuis ben begint het hard te regen. Wat een fijne schoenen heb ik aangeschaft: ze beschermen me ook nog tegen de regen!     Zo schreef ik vorige week jubelend over de Brooks. De Ascis hebben die eigenschap duidelijk niet. Als ik voor de deur sta komt het met emmers tegelijk naar beneden. De electronische devices; het horloge, de telefoon, buienradar, ze
ontkennen allemaal dat het nog gaat regenen vanavond, maar ze hebben enorm ongelijk. De praktijk is zeiknat, dikke druppels, flinke buien. Ik moet zeker 5 minuten moed verzamelen.
Conclusie 1: De Asics zijn niet waterdicht
Conclusie 2: De Asics zitten als zachte pantoffeltjes. De hele afzet, het korte grondcontact: dat alles verbetert onmiddellijk.
Conclusie 3: Je kunt alleen maar lekker hard hardlopen op de Asics
Conclusie 4: Het blijft loeihard regenen
Conclusie 5: Door een flinke plas water zijn mijn Asics én mijn Herzog sokken doorweekt voor er twee kilometer om zijn
Conclusie 6: Het is buitengewoon heerlijk, geweldig, fantastisch en prachtig om door deze buien te rennen
Conclusie 7: De Ascis lopen niet beter bergop tegen de waterval in en ook niet beter bergaf met de waterval mee
Conclusie….  Wacht even. STOP       HO
Terug naar zes: staat daar nu echt dat dit geweldig is? Ja. Ik loop heel heel heel erg te genieten in de stromende regen.
Ik loop hardop te lachen. Ik hoor de regen keihard op mijn regenjasje stuiteren en dit is by far het gaafste wat ik in weken heb gedaan. Ik ben nat tot op mijn hemd en onderbroek, maar ik voel me fantastisch. Mijn hartslag en tempo hebben niks weg van dribbelen omdat ik in mijn enthousiasme me niet in kan houden. Dat heeft niks met de schoenen te maken helaas, maar met de regen. Ik wil regen tijdens de marathon, wat is regen fijn! En als deze schoenen daar voor zorgen, dan doe ik de Ascis aan!
Conclusie 8:  Deze schoenen kan (en wil) ik nooit meer omruilen
De regen stopt als ik Almere weer inloop. Deze schoenen hebben recht op precies hetzelfde rondje als de vorige schoenen. Er komen twee heren uit het bos vandaan. Onder de brug kan ik mijn telefoon pakken voor een paar foto’s – het enige onderdeel aan mij wat niet tegen regen kan. In de verte klaart het alweer op en dat maakt de lucht nog frisser en het licht mooier als op welke late zomeravond dan ook. De heren lopen ver voor me uit, maar ze vormen het perfecte doel. Dus moeten de schoenen ook onverhard mee.
Conclusie 9: ook onverhard kunnen de Asics prima mee. Ze lopen wat zwaarder als de Brookses. Ik verhoog mijn tempo niet. Het ligt al te hoog. (dit heeft niks met dribbelen te maken eigenlijk)
Conclusie 10: Ik kan de heren inhalen. Ze zijn heel wat ouder dan ik en misschien hebben zij al 30 kilometer erop zitten, maar ik haal ze in! Zeker als zij ook een foto maken…
Conclusie 11: Deze schoenen zitten prima en kunnen prima tegen water, maar mijn telefoon werkt niet meer mee door deze aanslag. De heren en ik spelen even haasje-over qua inhalen. De foto op de trap krijgt mijn telefoon niet meer voor elkaar, nat als ie is.
Conclusie 12: Na 6 kilometer drijf ik weer naar binnen. Inmiddels is het droog geworden. Tijd voor een douche. Helaas mogen de schoenen niet mee.
Sorry trainer. Hij appte dat ik “drie kwartier mocht herstel dribbelen”. Langzaam aan dus. Ik vroeg hem de regen uit te zetten, omdat mijn schoenen anders nat werden. “Optimaal inlopen” volgens de trainer. Nou, die schoenen zijn optimaal ingelopen, maar van dribbelen was geen sprake. Ook geen drie kwartier trouwens, maar minder!
Eindconclusie: Als je droog weer wil, trek dan de Brooks aan. 

Categories: Uncategorized | Comments Off on Asics GT 2000-3 Review in de Regen