Het Gerrit Schultepad

Twijfel: Ga ik naar de training, het past zo slecht met zwemles en eten. Twijfel: Ik heb niet zoveel zin in wéér die versnellinkjes, dezelfde paden, dezelfde oefeningen. Twijfel: Wat moet ik aan?! Ik pak alle twijfel bij elkaar, gooi het weg en gá gewoon. Nu twijfel ik nog of ik wel met de snelle AB’ers mee moet. Het worden door de drukte duidelijk twee groepen en een oude bekende gaat met de CD mee. Dan zegt de trainer dat de lieve trainster ons per 1 mei gaat verlaten. NEEE! Ze traint vandaag voor het laatst de AB-groep en daarmee is alle twijfel voorbij: ik ga in lange broek en met lange mouwen (en ik ben niet de enige!) met de AB mee met de lieve trainster. Voor het laatst.
Tijdens het inlopen, lopen de twee snelsten voorop. Dat is niet zo slim natuurlijk, want het tempo ligt veel te hoog. Ik vroeg de trainster waar ze heen ging en ik bedoelde ‘verhuizen’, maar zij vertelde me heerlijk in het nu dat we naar het Gerrit Schultepad gaan. Ik verduidelijk me en ze moet mij vertellen waarom ze toch naar Hogezand wil verhuizen en wij lopen achter de twee snelle heren aan, dus merken pas na anderhalve kilometer op dat het wat rap gaat. Dan zijn we op het Gerrit Schultepad. Dat loopt ongeveer half Almere door en hier gaan we oefeningen doen. Eerst wil ze ons nog meegeven dat een sterke romp ook belangrijk is, dus tijdens de schikkingen moeten we onze romp draaien. Ik krijg alleen maar een sterke romp van kasten versjouwen.
We moeten ook met onze handen over elkaar lopen: dat is echt lastig zeg! Wij blijven op het fietspad. Het rare is dat ik het zelfs wat KOUD heb. Dit t-shirt heeft wel lange mouwen, maar het is niet dik en ondanks dat er geen wind is, is het net te weinig blijkbaar voor deze avond. Het blijft heerlijk lang licht. We gaan door op de tempo-oefeningen. Je moet twee minuten heen lopen en dan omkeren op het Gerrit Schultepad en dan na precies weer twee minuten terug zijn bij het beginpunt. Tempo vasthouden dus.
Ik vertrek iets later dan de rest, want ik moet mijn eigen tempo in mijn voetstappen kunnen horen. Ik ga wat hard. 12 Kilometer per uur hou ik mooi 4 minuten vast. Ik ben een paar seconden te laat, maar dat komt omdat de heenweg bij de brug wat daalt en dus op de weg terug omhoog gaat. Daarna moeten we hetzelfde doen: 2 minuten heen, 2 minuten terug en nu moeten we proberen iets verder te komen. Nu ben ik in de aap gelogeerd! Maar ik zet iets meer aan en komt nu net onder de brug door, en daarmee bijna 40 meter verder. Ik veroorzaak bijna een botsing. Ik haal het deze keer wel.
Er is veel verkeer op het Gerrit Schultepad. Er zijn ook een stel jongetjes die wel even met ons mee zullen doen, maar na een minuut keren ze om. Het wordt donkerder en ik heb geen lampje bij me. Wie zou Gerrit toch zijn geweest en waar kom ik het pad normaal tegen? Ik neem me voor het pad een keer helemaal af te lopen. Dit stukje ken ik nu wel. We gaan een climaxloop doen. 8 Minuten heen in deurtempo: het tempo waarbij je gemakkelijk kunt kletsen. Dan draai je om en ga je 4 minuten je tempo verhogen, daarna sprint je twee minuten uit. Ergo: 8 minuten heen en in 6 minuten terug. Dat is een flinke versnelling! Ik klets mee, maar ik wil daarna ook even rust en verhoog mijn duurlooptempo iets. Iets teveel vrees ik. Net onder de 6 minuten per kilometer. Dat komt omdat ik op een bekend punt wil komen en dat is de brug in de verte. Boven op de brug weet ik waar ik ben en zijn de eerste 8 minuten om. Ik keer om en zet aan. Ik moet flink versnellen. Mijn telefoon telt af. De kermis licht op aan de rechterkant, maar ik krijg het nu toch warm! Gelukkig wordt het donkerder en dat dekt mijn rode kop af. Ik ga de laatste twee minuten nog sneller, maar meer dan 12,5 kilometer houd ik toch net geen twee minuten vol. Ik ben 30 seconden te laat. DAAR BAAL IK VAN. Ik zal het maar eerlijk toegeven: ik vind het gewoon niet zo goed van mezelf. Ik weet ook waar het aan ligt: niet dat ik niet sneller kon, maar ik ben gewoon net iets te ver gegaan in de eerste 8 minuten. Stom, maar ik ga het later nog een keer proberen, want ik vond het wel leuk! Inmiddels is het donker en we gaan terug.
Ik loop eerst weer een beetje vooraan, maar ik ben niet in de stemming om vrolijk te kletsen. Ik ben gewoon een beetje in mezelf gekeerd en laat me leuk naar achter afzakken waar de mannen het als een stelletje oude wijven over de kampeervakanties hebben. Ik moet er om grinniken. We maken niet al teveel kilometers, maar ik heb erg fijn getraind. We doen een paar andere oefeningen als cooling-down: dat zal ik ook missen aan deze trainster: ze is veel meer van het balans-zoeken en chi-running. Maar ja, Hogezand is nogal een eindje weg….
Gerrit Schulte was een wielrenner. Hij is in 1992 al op 76 jarige leeftijd overleden, dus ik denk niet dat hij nog heeft meegemaakt dat er in Almere een fietspad naar hem vernoemd is. Een pad van 3,3 kilometer lang vanaf de bloesemsstraat tot aan de sportvelden (voor mijn persoonlijke plaatsbepaling). Uitstekend geschikt voor oefeningen.
 

Categories: Uncategorized | Comments Off on Het Gerrit Schultepad

Op herhaling

Op 1 april ging ik met een hoge hartslag en stormachtige wind een rondje lopen om te kijken hoe de bloesems erbij staan. Vanmorgen was de hartslag lager (de ergste verbouwingen zijn achter de rug) en de wind heeft plaats gemaakt voor de lente. De trainer heeft nog geen nieuw schema gemaakt en door de paasdagen was dat ook nog niet echt nodig. Gisteren moest ik het hardlopen toch uitstellen. Dus vanmorgen ben ik maar weer opnieuw een bloesem-controle gaan uitvoeren. Moet er toch niet aan denken dat ik ze mis dit jaar!
Eerst een half uur in zone 1, een hele lage hartslag en een heel laag tempo. Ik had er geen moeite mee en mijn benen al helemaal niet! We begonnen heerlijk kalmpjes aan en ik kan gerust volgende week weer onder de bloesems door: ze staan nog niet in volle bloei! Als de hartslag ook maar een beetje op hol dreigde te slaan, ging ik gewoon nog langzamer joggen. Vandaag had ik geen muziek bij, dus ik werd ook niet opgejaagd.
Ik nam echter wel een andere route: weer eens een keer langs de manege vandaag. Stukje brug, stukje stad, stukje bos, stukje velden. Eerst naar de brug: deze zou ik twee keer oversteken vandaag en de eerste keer ging op zijn elfendertigst. Ik wist niet of ik eerst de velden zou nemen of eerst het bos en zelfs boven aan het trapje aarzelde ik even: het werd uiteindelijk eerst het bos! Over het onverharde pad dat de meest ontoepasselijke naam heeft van heel Almere: het Betonpad.

Dit is het betonpad


Ik liep lekker te joggen bij een hartslag van 125 slagen per minuut. Aan de linkerkant hoorde ik de auto’s op de A6, aan de rechterkant zat het bos vol prachtig fluitende vogels. Ik denk dat ik een hondenuitlaatservice tegenkwam, want 10 honden is natuurlijk wel heel erg veel…. Slechts eventjes maakte ik me toch wat zorgen over de volgende zone: ik liep nu zo lekker sloompjes, moest ik dadelijk echt harder? Maar na 4 kilometer was het eerste half uur voorbij en voor de manege begon het volgende half uur in zone 2. Ik zetten een tandje bij met in mijn achterhoofd dat ik dat toch ook een half uur moest gaan volhouden. En toen kreeg ik het wel iets warmer met mijn regenjasje aan! Ik had er korte mouwen onder, maar voor een korte broek vind ik het nog te kil.
Ik nam de route onder de hoogspanningsmasten door. In deze hartslagzone piept mijn horloge zelden. Het tempo bevalt me uitstekend, maar mijn benen hebben nog wel een eigen soort herinnering aan paasdagen vol sjouwen, klussen, verven en laminaat herleggen. De brug komt deze keer veel sneller! Ik mag nu het trapje op en dan loop ik een heel klein stukje dubbel. Ik heb al besloten dat ik het wandelpad neem door het Meridiaanpark, omdat ik een hekel heb aan het einde van het fietspad. Ik denk honderden gedachten terwijl mijn voeten doorroffelen. Ik las laatst van iemand die van de hak op de tak denkt en ik denk dat alle hardlopers dat doen. Zij had het idee om met een podcast Frans te gaan leren. Ik overwoog nu het idee om een voorleesverhaal mee te nemen, kijken hoe dat op de hartslag werkt! Vooralsnog liep ik me af te vragen waarom het fietspad zo nat is ineens. Dan zie ik naast me het antwoord: het moerasachtige gras ligt hoger dan de waterstroom. Maar als ik dat goed en wel heb bedacht, is het natte fietspad weer droog. Terwijl het bos ook hoger ligt: weer bedenk ik zelf het antwoord: dat bos vol boomwortels neemt natuurlijk wel het water op. En zo doordenkend kom ik op de Evenaar. Ik vraag me af of het beter gaat als vorige week en ik moet zeggen: het voelt een stuk minder onrustig. Komt het door de wind? Het zonnetje? Mezelf? Ik maak een rondje om de Seizoenenbuurt en probeer vanuit de andere kant weer thuis te komen, door het park denk ik nu.

Het decemberpad


Nu is alles weer verhard. Ik zie een beetje op tegen de intervallen aan het einde. In plaats van vier, doe ik er vandaag lekker maar drie! Als de hartslag nu al niet omhoog wil, hoe gaat dat straks dan?! Intussen erger ik me rot aan mijn telefoonhoesje wat maar blijft afzakken. Misschien moet ik nu echt constateren dat ie op is, maar ik wil er nog niet aan en knoop hem maar weer steviger vast. Ik ga binnendoor naar huis terug en dan mag ik hard. Ik zet een behoorlijke versnelling in en ga de twee minuten die dit moet duren aftellen. Het duurt wel een minuut voor mijn hartslag hoog genoeg is en na anderhalve minuut tellen zijn de twee minuten al voorbij! Ik heb dik een minuut antilliaans joggen nodig om de hartslag terug in zone 1 te krijgen. De tweede versnelling gaat in en ik denk het hele bos net te halen in twee minuten. Ik moet flink doorlopen en het zweet loopt nu over mijn ogen. Ik tel iets sneller en ben nu 15 seconden te snel met tellen. Ik voel dat ik op betonplaten ren. Mijn knieën vertellen het me. Mooi dat ik nog maar 1 keer hoeft! Ik heb namelijk enorme honger, want ik heb weer eens weinig ontbeten vanmorgen. De laatste keer gaat een stukje door het bos achter de wijk. Ik ga nog sneller en zit qua tellen slechts 5 seconden te ver. Omdat ik spijt heb van het feit dat ik  niet nog een keer mag versnellen, (hoe wispelturig kun je zijn!!!) neem ik het intervallen pad langs de trapjes: tussen de trapjes wandelen en langs de huizen sprinten. Ik vind het eigenlijk ook wel zat en ik heb mooi geen zin om de 12 kilometer vol te maken. Ik heb 80 minuten gerend en nog niet eens 12 kilometer gehaald! De gemiddelde hartslag ligt op 139, wat keurig is voor deze oefening. Het fijne van het feit dat ik 1 interval minder heb gedaan is dat het minder vergelijkbaar is met wat ik vorige week deed. Al gaat dat niet helemaal op: de eerste twee opdrachten zijn prima vergelijkbaar: het stuk in zone 1 was deze keer wel langzamer, maar de hartslag bleef dan ook op 130 steken, waar dat vorige week 144 was. Deze keer was de gemiddelde hartslag in zone 2 144, terwijl dat vorige keer 149 was. Het tempo echter vandaag in zone 2 lag wel ruim 20 seconden per kilometer hoger! (6:15 tegen 6:39) En gingen de intervallen de vorige keer in 4:59, 5:09 en 5:18, deze keer was het een keurig aflopende lijn van 4:52, 4:51 en 4:45. Dat is zo’n 12,5 kilometer per uur. Dus al met al valt het rapport niet veel slechter uit! Volgende week nog een keer controleren hoe het met de bloesems staat!

Categories: Uncategorized | Comments Off on Op herhaling

Slakje Op HertenSafari

7:54 (voor acht uur!) Slakje verlaat het huis voor een nuchter loopje van een uur. Alleen iets gedronken. Lichte regen. Lage hartslag ingesteld. Doodse stilte op straat. Niemand.
7:56 Herrie op het schoolplein. Vechtende vogels. Meer herrie als een schoolklas tieners. Het is verder namelijk doodstil buiten.
7:58 De Albert Heijn is al een uur open. Er staan welgeteld 7 auto’s. Dat uur had nut zeg.
8:01 De hartslag vertoond een piek van 139. Het tempo ligt ontzettend laag, de hartslag ook. En deze ene keer ga ik gewoon ietsje langzamer lopen! Er zit een kilometer op.
8:06 De brug op. Langzamer dan langzaam. Hartslag 131. Een andere hardloper! Hij vind mijn tempo vast onprofessioneel, ik vind zijn complete regenpak onprofessioneel. Niemand, niemand op de weg en ik word ingehaald door een andere hardloper! De slak op de brug valt me enorm op!
8:12 De andere loper blijft op het asfalt en gaat het bos in. Ik ga terug naar Almere voor het onverharde pad. Het druppelt nog steeds
8:13 De paarden! Ik pak mijn telefoon voor een foto. Aan de andere kant gaat een hert met een gewei voor me liggen achter de struiken. Ik zie je lekker toch wel! Ik doe zachtjes aan. De natuur om me heen lijkt wel een orkest!
8:14 Op het pad staat ze me aan te staren. Ik sta stokstijf stil, gelukkig heb ik mijn telefoon nog vast. Goedemorgen mevrouw Ree. Mijn horloge piept: hartslag te laag. Mevrouw schrikt ervan. Ik ook.
8:15 Ik wist niet dat herten zo konden zwemmen! De hele familie is veilig voor mij snel naar de overkant gegaan. De regen is gestopt. De zon in mij is opgekomen! Dit wordt een mooie dag.
8:18 3 Kilometer. De tijd per kilometer wordt elke keer langer! Een schaamteloze acht verschijnt! De slak in mij is helemaal los! Maar ik geniet. Het geluid van al die ganzen. Van de eenden. Vogels. Hele familie’s ganzen zwemmen voor me weg. De stilte is oorverdovend, overweldigend en prachtig. Ik kijk om me heen over de weidse Oostvaardersplassen. Wanneer zei ik ook weer dat dit een saai rondje was?!
8:25 Zowaar de snelste kilometer. Vier in een half uur. Wowsers. Bij deze tempo’s heb je werkelijk helemaal nergens last van. De hartslag blijft ook laag rond de 130 hangen. Ik moet er niet aan denken dat het ding weer piept net als ik wild spot!
8:27 Intervallenpad. Toch maar wel hier lopen. Onverhard boven asfalt. Geen intervallen. Wat een lang pad dan! Ik kijk tot voorbij de horizon, wat loop ik mooi rechtop! In het bos geen herten.
8:28 Aan de andere kant gakken een paar honderd ganzen. Wat een herrie! Hier is een schoolplein tijdens buiten spelen niks bij.
8:31 Het uitzichtpunt. Het gaat een zonnige dag worden vandaag. Ik zie de zon voorzichtig doorkomen. Nog een hardloper in een trainingspak, maar ook deze oen verkiest het asfalt boven de modder en de echte natuurbeleving. Hij heeft muziek op zijn oren om de ganzen niet te horen.
8:33 BuikKramp. Ik heb nog nóóit al rennend pijn in mijn buik gehad. Niet dat ik me er iets van aantrek, maar het doet wel even pijn. Honger? Of zijn het mijn darmen? Die willen ook wel iets kwijt geloof ik.

Je ziet ze bijna niet.....


8:38 Twee tegenliggers in hardloopkleding. Pratend met elkaar. Slim. Gezellig. Met twee honden. Dom. Jullie jagen al het wild echt weg. Twee mooie witte honden. Slimme combinatie: hardlopen en honden uitlaten in één, dat dan weer wel.
8:40 Zij met hun honden hebben (kletsend) de herten in het bos gemist. De herten lopen nu ook weg. Te ver om te fotograferen, maar het oog ziet zoveel meer! Ik zie ze dus wel en sta er bij stil. Langzaam de brug op. Slakjes doel is geslaagd: herten gespot tot en met! De zon komt verder omhoog.
8:42 De hardlopers met hun honden zijn voorbode voor de hausse die nu loskomt: hondenuitlaters. Bij bosjes. Ik heb tijd voor het asfalt en moet en zal blijven rennen de volgende kilometer.
8:45 Het is kleine, schattige puppies tijd. Ik zie er wel drie rond huppelen! En de dierenarts met haar enorme hond. Die gaat netjes voor elke andere hond liggen ja.
8:50 7 Kilometer. Hm. Ik heb ze wel eens sneller gelopen. Ik ga nog maar eens bij de Albert Heijn kijken. Of nee, ik heb er net geen tijd meer voor. Door naar huis.
8:52 Ik kan de AH zien: de parkeerplaats staat VOL.
8:54 Een uur gerend piept het ene horloge. Tienduizend stappen piept de ander. 7,5 kilometer. Intervallenpad. Ik sla deze ook over. Of ik combineer wandelen met “hard”lopen? Ook dat laat ik achterwege.
8:56 Slakje komt thuis van expeditie. Eerst de WC. Iedereen bij mij is al op, want de één moet gaan werken en de ander moet mij mee gaan helpen opruimen. Eventjes zitten (maar ik ben nauwelijks moe en de hartslag ligt alweer onder de 65), dan de weegschaal, daarna de douche en tot slot iets eten! Laat de verhuisdozen maar komen…

Categories: Uncategorized | Comments Off on Slakje Op HertenSafari

Hilversumse Heide

Goede Vrijdag + Kind thuis + Lange Duurloop + Onverhard = Even puzzelen hoe dat in elkaar past; tot ik bedacht dat ik kind, grootouders én mezelf kon blij maken door een combinatie. En loopmaatje op de koop toe! De middagactiviteit zorgde ervoor dat we om 9 uur ‘s morgens met zijn drieën naar Hilversum reden, alwaar oma en opa op mijn kind gingen passen en mijn loopmaatje en ik over de Hilversumse Heide konden gaan zwerven. Het mocht van oma uren duren, maar ik ging voor twee uurtjes. Op een bakje biogarde met een ontbijtkoekje. Misschien was dat een aftreksommetje, maar ik zou wel zien!
We waren al snel onverhard aan het lopen en de GPS had maar geen satellieten, en daar stond de route op. Gelukkig ging mijn loopmaatje die volgen, want mijn ding is het niet met routes. We liepen eerst langs Anna’s Hoeve, die er niet meer is. Ik kon de doorgang naar de heide wel vinden gelukkig. Het was heerlijk weer, droog bij een graad of zeven. Besteld door mijn kind, zei hij. We liepen langs het Laarder Wasmeer. Er waren wat honden en sommigen hadden een hardloopbegeleider, maar het Gooi voelt toch altijd wat decadent, zelfs qua hondjes. De heide is mooi, groot en heerlijk toegankelijk. En hier en daar heuvelig, met wat bomen in rare vormen, veel paden en aan de randen bos. We liepen langs de rand en door het bos en ik was aan het kletsen. Mijn hartslag bleef niet in zone 1. Ik parkeerde ‘m maar in zone 2, maar het tempo lag niet echt hoog. Rond de 8,5 kilometer per uur. Niks ergs aan hoor. Ik telde wel een beetje de kilometers af soms.
We kwamen langs een plek waar ik weet dat een montagestudio zit. En we staken bij de dagcamping de grote weg over. We namen een stukje de ‘saaie’ rechte weg (de vergelijking met een dijk gaat niet op), maar alles was onverhard. We kwamen een stel runderen tegen en staken de heide weer op. Het hielp niet dat loopmaatje over zijn werk ging vertellen voor mijn hartslag. Wel hield hij even de GPS niet in de gaten en we liepen door een prachtige stukje bos terug naar de route. Hier en daar ergerde ik me aan de vele boomwortels die ervoor zorgen dat je meer omlaag kijkt als om je heen. Echt veel andere recreanten kwamen we niet tegen. Ik had nergens last van, niet van spierpijn, niet van mentale problemen, niet van kramp of van mijn voet, ik liep gewoon heerlijk op de onverharde grond te genieten van het moment.
De uitzendtoren van Hilversum is de hele tijd zichtbaar en het is een mooi aanknopingspunt waar je bent. Het ging best snel en toen zagen we in de verte de kerktoren van Bussum. Ik stuurde oma een SMS dat we al een eind op weg waren, dat is goed te doen met deze tempo’s! We kwamen langs de huizenrand en daar stond een prachtige bos narcissen te stralen. Het zonnetje kwam er intussen waterig doorheen. De oma die met haar kleinkind aan het fietsen was, herinnerde me aan het feit dat ik ook maar bof met een oma die nu fijn op mijn kind past, zodat ik zorgeloos kan lopen. Ik werd wel wat moe, maar het was een goede vermoeidheid, niet zo één waar je voor zou willen stoppen. Ik realiseerde me heel goed dat ik pas halverwege was en dat mijn beentjes de beste optie waren om terug te komen.
Bij één of ander schattig eethuisje bevolkt door bejaarden, staken wij de heide weer op. Hier was het heuveliger en er waren verspreid meer bosachtige gebieden. Ik had de route niet meer erg scherp, maar gelukkig hield mijn loopmaatje de GPS goed in de gaten. Misschien volgden we niet precies en exact zijn route, maar er waren zoveel paden dat het niet mis kon gaan eigenlijk als we maar de goede richting op gingen. We zagen hier en daar wat ouders met gillende kinderen, voor de rest was er rust, stilte en het geluid van vogels.
We hadden het over vet en vet eten en ik had dan wel trek, maar voor dat kleine beetje wat ik op had, viel het reuze mee. Ik dronk onderweg alleen maar twee keer een slok water, ik nam geen dextro, dus het viel ook wel weer mee met de honger. We moesten de weg nog een keer over en nu stonden we bij La Place, waar ik al zó lang onder het fietstunneltje door wilde! Dit was de kans! Leuk als je zo’n kleine droom met een grote glimlach waar kunt maken. Stralend en ook licht vermoeid intussen liepen ik het bos weer in. Ik maakte me niet druk over hoe laat het was, hoe ver het nog was, hoe lang ik al liep. Eigenlijk heb ik dat de hele weg niet hoeven te doen.
 
We kwamen op een prachtige uitkijkheuvel en ik had het gevoel dat we de hele hei konden overzien! Het was erg mooi en het voelde ontzettend rijk om daar te staan. Ik maakte een foto en het loopmaatje keek op de GPS. We volgden een parallelpad aan het originele idee, maar dit was wel een goede vervanging zeg! Het rare is dat er ook hele stukken zijn die ik me niet zomaar meer voor de geest kan halen. Ik weet wel dat ik dacht dat ongeacht het misschien niet superhoge tempo, ik daar op een vrijdagmorgen toch maar even minstens 15 kilometer aan het hardlopen bleef. Ik stond er niet bij stil dat alles onverhard was en dat die tempo’s dan best meevallen. Ik stond er ook niet bij stil dat ik een paar weken geen zin had gehad en dat het nu blijkbaar weer terug was. Eigenlijk stond ik vooral niet stil, maar liep ik gewoon lekker door! 🙂
We kwamen weer langs het rondje Laarder Wasmeer. We hadden het rondje “ietsje” opgerekt! Laarder Wasmeer: ligt in Hilversum en er wordt niet in gewassen. Ik heb er eerder gerend en ik vond het prettig sommige punten te herkennen. Ik begon me te realiseren dat ik gewoon lekker liep! De mensen die we tegenkwamen of inhaalden, waren eigenlijk allemaal onverminderd vriendelijk: ze zeiden sorry als we voor hun fiets aan de kant moesten en ik heb nog nooit zo vaak goedemorgen gehoord. Dat zal ook wel het Gooi zijn! En toen kwamen we weer koeien tegen, midden op het pad stond een set witte koeien te grazen.
Even verderop werd het nog mooier: de schaapskudde. Heel veel lammetjes. In allerlei kleurtjes. Heel veel geblaat. Op allerlei toonhoogtes. Heel veel schattige wolbolletjes. Ik filmde ze zelfs om het geluid vast te houden. Ze stonden nog wel veilig in hun eigen veld. En zo kwamen we op de weg terug naar Anna’s Hoeve. Verhard. Was me dat even een verademing zeg! Toen bedacht ik pas hoeveel zwaarder onverhard blijkbaar is. We liepen langs het geraas van de snelweg. Nu verbaast het me dat het asfalt en het hoge tempo zo snel verveelde, maar zodra we konden draaiden we af het onverharde paadje op.
We gingen door Anna’s Hoeve heen en dat gebiedje ken ik wel. Bruggetjes, water, de hoge slee-heuvel. Wij liepen aan de andere kant en daar zijn twee heuveltjes. Dat wist ik en die hadden we speciaal voor het laatst bewaard. Ik zag er niet tegenop, figuurlijk gesproken dan! Ik ging lekker hard omhoog. De tweede was nog iets hoger en daar raakte ik buiten adem van, maar ik moest en zou tot boven rennen. Ik genoot ervan dat ik alleen maar daarmee bezig hoefde te zijn. Boven stopte ik even voor een foto en toen leuk omlaag. Het rondje was rond. 17 kilometer! Twee uur. Hoe netjes. Maar we moesten nog even terug naar oma, opa en kind. Uiteindelijk stopte de teller op 18 kilometer in 2 uur en 8 minuten vlak voor de Plus waar we de broodjes voor de lunch gingen halen. Ik had anderhalve minuut niet gerend van die 128 minuten! Het gemiddelde tempo was 8,5 kilometer per uur (7:06 min/km) bij een hartslag van 146. Het was een heerlijke run.

Categories: Uncategorized | Comments Off on Hilversumse Heide

Hoi Mam!

Toen jij me SMSte of het bij ons zo waaide en of de schutting nog stond, toen was ik mijn hardloopkleren aan het aandoen. Ik hoopte dat ik weer door de Oostvaardersplassen kon, maar dat gaat pas op 1 mei weer open. Ondertussen SMSte ik terug dat het hier niet meer zo hard stormde. En toen dacht ik: dan ga ik maar over het stormpad. Toen ik buiten stond voor 1 uur en 20 minuten hardlopen, kreeg ik de laatste SMS van je dat ik voorzichtig moest zijn. Waarvoor dan?
Ik ging kijken of de bloesems intussen al wat opkomen. Eerst moest ik een half uurtje met een lage hartslag lopen, mijn hartslag mocht niet boven de 135 komen. Met al die wind en al die verbouwingsperikelen (je kent dat wel) kreeg ik het maar niet voor elkaar. De bloesems zijn nog niet weggewaaid. De bomen staan ook nog niet vol in bloei. Dat waren de eerste en laatste bomen waar ik onderdoor ging en de wind tussen de huizen valt reuze mee. Het waait hier altijd, en vandaag valt het wel weer mee. Ik baal er van dat ik die hartslag maar niet lager krijg. Mijn horloge piept de hele tijd door de muziek heen, maar ik ga al ontzettend langzaam. Ik ga Almere uit en ga om de snelweg heen slingeren. Ik heb eerst gekeken hoe de wind staat, dus ik heb de wind zoveel mogelijk mee! Het zijn dan ook kale vlaktes, waar de wind vrij spel heeft. Mijn hartslag blijft steken rond de 140. Ik vraag me af of het ermee te maken heeft dat ik niet topfit ben of dat het komt doordat ik tegen de wind blijf vechten. Echt relaxed word ik er niet van. Ik besluit dat het niet meer goed komt dit half uur. Het volgende half uur mag ik in een hartslagzone hoger lopen en dat moet gemakkelijk lukken. Als je naar ons toe rijdt, dan kom je vlak voor onze afslag over een fietspad heen: een hele lange rechte. Daar overheen ben ik dus gerend. Er zijn geen gevaarlijke bomen op mijn route, daar pas ik voor op.  Ik kom op een grote saaie rechte weg, en ook daar let ik goed op – niet voor de bomen, maar voor het verkeer. Er komt me werkelijk niemand voorbij. Ik loop gelukkig met de wind mee! Ik kijk soms wel wat angstig om me heen omdat de wolken zich soms wel opstapelen en ik hoop niet dat het buien worden. Ik loop nu in de volgende zone en gelukkig houdt mijn horloge zich koest. Ik kom onderweg helemaal niemand tegen. Ik ben bang dat de regen me nu bereikt, maar het waait gelukkig hard over. Hier heb ik eigenlijk wind tegen, maar er ligt een soort dijkje naast het fietspad wat de wind tegenhoudt. Mocht je een afslag later nemen als je naar ons toerijdt, dan zie je rechts een bruggetje verscholen liggen, daar ga ik nu overheen. Ik heb nog nooit golfjes gezien op het water, maar deze keer wel! Nu het dijkje weg is, voel ik dat de wind best stevig is, maar ik mag al snel onder de snelweg door. Ik ga weer door een soort van bos heen, maar er liggen amper takken op het fietspad. Het is een herrie! Ze zijn met bulldozers bezig, maar ik kijk goed uit en loop er op de Trekweg zo omheen. Nu ben ik pas echt blij dat ik wind mee heb, want ik kan wel wat sneller, maar mijn horloge piept toch twee keer omdat mijn hartslag te hoog is dit half uurtje. Dan moet ik langzamer en daar baal ik van. Ik moet nu langs de Hogering en dat is het ‘gevaarlijkste’ stuk: je komt door een blinde bocht op de weg, maar wederom is er vrijwel niemand buiten, dus het is hartstikke veilig en de bomen zijn zo kaal dat de bocht amper blind is. Ik ga nu achter de Stripheldenbuurt en het TBScentrum langs. Wederom geen ontsnapte gevangenen gezien. Niet eens iemand met een hond! Wel een leuke nieuwe natuur-speeltuin die ze aan het bouwen zijn. Nu moet ik dadelijk gaan versnellen. Ik zie er wat tegenop, want intussen heb ik ook trek. Ik kom op het fietspad langs de Hogering en nu heb ik de wind tegen. Op zich prettig, want nu verhoogt de hartslag zich toch wel! Ik ren twee minuten hard en dan moet ik drie minuten mijn hartslag weer verlagen. Dat is nog veel moeilijker! Ik kom op de Evenaar en ga het lange echte fietspad lopen. Ook hier staan geen bomen, we zijn er in Almere niet zo goed mee bedeeld geloof ik. Nu heb ik vol de wind tegen. Ik twijfel de hele tijd of ik de opdracht echt vier keer doe, of dat ik 1 keertje minder ook goed vind. Tussen de tweede en de derde keer ga ik wandelen. Dan nog verlaagt de hartslag zich amper teveel! De vlaggen van de AH staan strak en ik ren lekker hard de enige andere hardloper die ik tegenkom voorbij. Ik begin me nu echt zorgen te maken of ik die laatste minuten nog een hagelbui over me heen krijg. Ik besluit alle vier de versnellingen te doen en maak het rondje hard rennend rond. Vlak bij de brandweerkazerne ben ik klaar. Ik ga nu heel langzaam terug naar huis lopen. Ik denk niet dat me dat helemaal binnen de tijd lukt en ik neem een klein stukje onverhard pad langs onze wijk. Ik wist niet dat dat er was! Als de opdracht erop zit, heb ik 11,5 kilometer afgelegd. Ik ben bijna thuis en loop door tot 12 kilometer. Het is een getallenfeestje van zevens!
 

Ik heb het weer erbij laten staan, maar die regen heb ik niet gezien hoor


Dit is niet echt voortreffelijk hard voor mijn doen, maar ik heb de wind en alle gevaren toch maar weer mooi getrotseerd! Ik weet nog steeds niet welke gevaren en waar ik nou precies voorzichtig voor moest zijn, maar ik heb wel netjes heel goed opgepast en uitgekeken. In de douche krijg ik pas water over me heen, dus gevaar voor de gezondheid heeft dit ook al niet opgeleverd! Ik stuur je een SMS terug dat ik rond ben. Hartstikke veilig allemaal. Groetjes uit het winderige Almere, Anke.

Categories: Uncategorized | Comments Off on Hoi Mam!

Een piramideloop langs mijn huis.

Echt veel zin had ik nog niet. Maar het komt een beetje terug. Ik merk nu alleen dat ik het niet goed gepland krijg: ga ik vandaag, morgen, en dan op woensdag; vrijdag, zaterdag pas? Ik kwam er niet uit, tot ik op weg naar huis naar buiten keek en zag dat het droog was en zou blijven. En ik kreeg een mailtje van mijn vriendin dat ik morgen toch echt alleen naar de training zou moeten, dus ik kleedde me om half 8 om en ging meteen. Het was nog heerlijk licht en dat maakte het aanzienlijk beter! Ik nam een wonderlijke hoeveelheid zin mee, terwijl ik nog niet wist of ik mee zou gaan met AB (snelle lopers) of CD (de langzamere ploeg). De trainers die klaarstonden, gaven ook geen uitsluitsel welke groep – maar het probleem loste zich vanzelf op: met 14 lopers was het 1 groep.
Ik liep vrolijk achteraan te kletsen. Ik was er klaar voor en vond het licht heerlijk. We gingen het licht gebruiken om achterlangs door het bos te lopen. Achter onze wijk langs. Een piramideloop ging het worden: eerst 1 minuut op tempo, dan 2 minuten, 3 minuten, 4 minuten, 5 minuten… En dan weer 4 minuten, 3 minuten… afijn je snapt het wel. Tussendoor telkens 1 minuut rust. Er zou dus veel verschil tussen langzame en sneller lopers zijn en lastig voor de snelsten om binnen 1 minuut weer terug te zijn, haha. Maar je kunt wel heerlijk je eigen tempo oppakken. Natuurlijk was de eerste minuut te snel voorbij en hard. Maar ik werd er niet moe van en zag vol vertrouwen de volgende minuten tegemoet. Ik ken deze weg zo goed! Dat was niet erg, want ik hoefde alleen maar op het tempo te letten op deze manier. Ik telde op 5 seconden na, keurig 2 minuten af. Dreef oversteken en door voor drie minuten op tempo gaan lopen. Mijn schoenveter zat los en nadat ik die had gestrikt, kon ik nóg mensen inhalen. Zonder al teveel moeite. Ik nam heel goed de rust tussendoor. Het werd langzaam aan donkerder. Het was niet koud.
4 Minuten, ik telde mee voor het gemak en de afleiding. Al mijn tempo’s lagen hoog, rond de 12/13 kilometer per uur. Ik hield het goed vol. Heel goed eigenlijk. Ik voelde me niet geroepen om om te draaien. Natuurlijk ga ik lang niet zo hard als de mannen (ver) voor me, maar ik laat eigenlijk alle dames (ruim) achter me. Ik kies gewoon mijn eigen tempo. 5 Minuten tempo alweer, dat is toch ongeveer een kilometer! We rennen al om de wijk heen en ik hoop dat we terugsteken, maar we gaan de Laan der VOC op. En daar heb ik een probleem: de 5 minuten zijn om, maar dit is hét intervallen-pad. Ik KAN hier niet lopen langs de lantaarnpalen ZONDER de intervallen te doen! Kan niet! Dus de rust wordt opgedeeld in lantaarnpaal rustig terug, lantaarnpaal snel heen en rondjes cirkelen om en langs de andere lopers en dan gaan de 4 minuten tempo in. Ik loop ze in intervallen. Heel rommelig. En dan ook nog langs huis komen! Raar om te weten dat we pas halverwege zijn en dat dit vandaag geen eindpunt is omdat ik nu terugga om mijn fiets te halen 🙂
De laatste minuten pik ik moeiteloos op als we het intervallen-pad voorbij zijn. Hier loop ik eigenlijk nooit… De drie minuten loop ik achter twee mannen aan. Ik hou ze echt zonder moeite bij, terwijl zij toch wel degelijk sneller zijn dan ik normaal. Zij kletsen er bij. In de minuut rust kom ik achteraan te lopen en de twee minuten moet ik flink inhalen. Ik word ‘achtervolgd’ door een man. Die mag dan mooi mijn haas zijn in de laatste minuut, maar hij gaat na 40 seconden het tempo opvoeren. Bah. Inmiddels is het donker. De piramide is gebouwd. En nu heb ik een rood hoofd en kan niemand dat lekker zien! Fijn dat het zo donker wordt…
We zijn alweer terug bij de fietsen, maar de trainer laat ons nog even op eigen tempo het hele fietspad aflopen. Iedereen mag kiezen hoe hard ie gaat. De snelle heren vliegen er vandoor en ik blijf met de trainer in het midden lopen op klets-tempo. Ik vind het prima! We draaien de terugkomende mannen achterna en dan lopen de laatsen voorop en gaat het dus lekker rustig terug. Ik laat me helemaal afzakken omdat ik even geen zin meer in gekwebbel heb, maar kom later weer bij en loop toch weer vrolijk te kletsen. 10 Kilometer en een uurtje later slechts, zijn we weer bij de fiets. Hehe… Ik heb deze training gemiddeld 10 kilometer per uur gelopen (dat had je al uit kunnen tellen). We doen een cooling down, waarbij de spiernamen ontbreken en dan wordt er nog nagekletst. Ik ben niet moe, maar mijn bovenbeen (links) deed wat zeer tijdens het lopen (hooguit 2 minuten), mijn kuiten staan strak en mijn voet speelt op. In de douche masseer ik de kuiten en dat verhelpt alle spier- en enkelpijn.

Categories: Uncategorized | Comments Off on Een piramideloop langs mijn huis.

De balans van het hobbelpaard.

Verbouwen, wat werk erbij, huishouden met de oneindige boodschappen en wasjes, korte nachten; soms is het allemaal een beetje te veel alles bij elkaar. En dat was de afgelopen week zo. Niet zozeer het schilderen of het halen en brengen of het werk of een zeurderige pijn in de enkel zorgde ervoor dat het allemaal maar niet leek te lukken: het was de combinatie van alles bij elkaar waardoor ik moe was en bleef. En daardoor wilde het hardlopen en het tijd vrij maken voor het hardlopen helemaal niet! Ik had geen zin om dat er ook nog bij te moeten doen, ik had eigenlijk helemaal geen zin meer in hardlopen en ik baalde ervan dat ik niet precies kon duiden waar het nou aan lag dat ik op de bank wilde zitten. Iedereen reageerde verbaasd toen ik toch zeker twee dagen vastbesloten leek de hardloopschoenen aan de wilgen te hangen. De trainer wist het mooi te duiden: soms is de balans even zoek en dan leg je de prioriteiten nu een keer niet bij het hardlopen. Kijk maar of en wanneer je gaat lopen. Ga voor een kwartiertje en kijk of je dan nog verder wil lopen. Zoek de balans weer op en als je volgende week nog niet wil, dan spreek ik je wel weer.  Daarmee was de druk er een beetje af en sloeg ik over op vrijdag: de focus lag in het schilderen en het huishouden. Kon de pijn in mijn enkel ook tot rust komen.
Maar toch… ook al zit er zoveel onrust, in mij zit nu eenmaal geen goed gevoel bij uitstellen of geen-zin. Ik geef het niet zo snel op en vandaag stond het hardlopen dan toch na het formule 1 kijken op de to-do-lijst, ruim voor het schilderen! De formule 1 liep uit door Maleisische regen en ineens merkte ik dat ik liever ging hardlopen als op de bank blijven zitten staren naar de tv en wachten tot het in Holland ook zou gaan regenen. Ik trok mijn kleren aan en ging genieten van de fitbit die blijkbaar ook een soort van tracking kan uitvoeren. Inmiddels was ik te laat, want het regende al. Mijn hardloopmaatje stond klaar om mee te gaan. Hij heeft net een goede loopscholingstraining gehad en stond bijna te huppelen. Het was dat iemand mij aan de gang moest houden, maar ik kan me niet voorstellen dat het leuk voor hem was naast een stille, langzame, weinig gemotiveerde Anke te rennen.
De saaie paden. De inmiddels overbekende stukken. Ik hoop echt dat er volgende week weer meer paden worden opengesteld. Als ik dan tenminste nog ga. Ik mocht zelf kiezen in welke hartslagzones ik ging lopen: Z1, Z2 en wat stukjes Z4 was ook oké. Liefst zoveel mogelijk onverhard, maar dat is niet eenvoudig. Ik maakte meteen de ‘fout’ te hopen op een rondje bos, terwijl ik had moeten weten dat het bos dicht is wegens de rustperiode voor het wild. De heuvel op en af dan maar op lekker hoog tempo. En ik had er nog niet genoeg van, want terwijl mijn loopmaatje zijn nieuw-verworven oefeningen ging proberen, ging ik op het intervallen-pad (juist ja) intervallen doen. Ik kreeg mijn hartslag niet omhoog. En niet omlaag. Het bleef maar hangen in zone 3. Ook als ik stopte, ook als ik hard ging. En met een huppelend paard in galopsnelheid naast me was het moeilijk mijn hartslag te beteugelen. Ik denk dat ik zonder meelopend huppel-paard door de inmiddels gestaag vallende regen terug naar huis was gegaan met de veel te hoge hartslag. Ik voelde me slechts een hobbelpaard. Regen+onverhard is modderig, maar ik was zo weinig gemotiveerd, dat ik me daar zelfs niet aan ergerde. Ik werd wel even opgewekt van het feit dat de marathon door Eindhoven 1 route is geworden die voor mij erg voordelig uitpakt, maar oktober lijkt nog lichtjaren weg op dit moment. We zagen 1 andere hardloper in korte broek notabene, maar dat zal hij alleen doen om alle tatoeages te laten zien denk ik. Het bos door. Hobbel de Bobbel – zo voelde ik me. Huppel Druppel naast me – eerlijk gezegd: schuin vóór me voortdurend. Hartslag Anke was onmogelijk in zone 1 te krijgen. Tempo was zone nul-punt-vijf, maximaal. Gezelligheid: sorry, die kwam niet van mij.
Ik besloot onder het haagje door te gaan en gaf mijn loopmaatje alle kans om zelf door te sprinten, maar hij wilde ook graag een lange duurloop in lage hartslag doen. Jij wel dacht ik nog, maar dit is niet lang en mijn hartslag is niet laag. Ik hield mijn sjachereinige mond verder beter dicht. Hij nam leuk alle bergjes en trapjes mee en we waren eindelijk weer eens in een nieuw stuk af-te-breken bos. Niet echt nieuw, maar minder vaak betreden als de andere paden. Ik liep even alleen en ineens kon ik mijn tempo best vinden. Ik wilde het gewoon aanhouden, maar met een snelle loper ernaast blijkt dat toch lastiger. Het hield op met regenen. En of het dat nou was, of dat ik me er maar gewoon bij neerlegde dat mijn loopmaatje niet weg te krijgen was en daarvoor ook best zelf kon kiezen of dat ik een soort licht zag: na een uur zag ik het weer zonniger in. Ik liep hier toch maar rond te klossen door de bossen en nog onverhard ook. Ik had dan misschien niet de allermeeste zin, maar ik had toch geen last van mijn enkel en ook de spierpijn neemt af. Ik was dan misschien niet overgemotiveerd, maar ik heb het ook niet opgegeven. Ik ren hier toch al meer dan een kwartier en ik doe het nog steeds! De hartslag kwam ineens dik in zone 1 te liggen. 🙂 Armpjes, schouders konden een meter zakken en ik dacht: ach ik kan dadelijk altijd nog opgeven. Of volgende week. Of volgende maand.
Ik stuurde het loopmaatje nog een keer een heuvel op en genoot even van de stilte, de vogels en de bankjes in het bos en mijn eigen stampende voeten. We namen een stukje verhard pad en de regen maakte plaats voor een forse wind. Maar dat vind ik niet zo erg. Mijn loopmaatje vertelde een heel verhaal en ik hoefde heerlijk alleen maar te luisteren. Ineens wilde ik de brug op nog 1 keer proberen of ik nu de hartslag wel omhoog kreeg en ik stoof ervandoor! Het viel niet mee; ik snoep teveel en weeg teveel, ik ben te moe, maar ik moet en zal tot boven… En mijn hartslag lag in zone 4 en toen ik beneden was (sorry mate, dat je je verhaal moest herhalen) zat ik weer in zone 1. Kon ik ook nog even huppelen en blij zijn en een soort van trots voelen dat ik tenminste iets had ‘gepresteerd’ deze zaterdagmorgen. Uiteindelijk hebben we 11 kilometer gelopen in 1 uur en twintig minuten. De gemiddelde tijd lag laag, maar dat deed me niet zoveel. De gemiddelde hartslag lag op 139, maar ook dat boeide me niet. Eigenlijk boeide het me al snel niet meer zoveel. Ik kwam thuis, zette de wasmachine aan, ging douchen en eten en toen weer schilderen, opruimen en me bezig houden met al die honderd andere dingen die de aandacht vragen. Er komt een tijd dat de zon weer schijnt en dat ik weer meehuppel in plaats van voorthobbel.

Categories: Uncategorized | Comments Off on De balans van het hobbelpaard.

Geen motivatie.

14uur15 anke vertrekt


Eigenlijk wilde ik op de bank blijven zitten. Achter de computer hangen. Nog een keer een paar randjes verven (alhoewel…). Maar ik mocht ook drie kwartier lopen in zone 2. Het was mijn weer – lekkere regen, ik was pissig over iets en dit is mijn lievelingszone. Aan de andere kant: ik ken het rondje wel, ik hoeft de regenjas niet te testen en ik ben over het algemeen wat moe. Toch ga ik! Muziek mee, de training staat nog in het horloge! We doen net of het niet regent…. (en eigenlijk regent het dus best door GRMBL)
De eerste kilometer wilde de hartslagmeter weer een keer niet meewerken. Hartslag boven de 170, langzamer gaan, opwarmen. Ik slingerde door de wijk en begon al echt spijt te krijgen dat ik het hardlopen niet tot nader order had uitgesteld en lekker voor bank-hangen gekozen had. Na een kilometer van 6:30 hield het horloge op met piepen en kon ik eindelijk op zoek naar een tempo. En toen was de koptelefoon leeg! Het regenen werd er ook niet minder op en ik besloot ten lange leste maar gewoon de kilometers af te gaan tellen. Een bushalte zou ik ook niet gaan tegenkomen.
Brug over en ik merkte verbaasd op dat ik blijkbaar heerlijk in de goede hartslagzone liep. De tijden lagen weer onder de zes minuten. Ik had niet het gevoel dat ik hard ging, maar ik had ook niet het gevoel dat ik lekker liep. Mijn benen en voeten vonden het heerlijk om te lopen en voelden zich buitengewoon prima, maar mijn hoofd was liever binnen gebleven. Zelfs het bospaadje kon me deze keer niet bekoren. Ik ergerde me aan de onophoudelijke regen, aan de vogels en de doelloosheid waarmee ik liep. Ik ergerde me aan de modder, maar ook aan het asfalt. Ik ergerde me vooral aan mezelf en mijn zin in koekjes en paaseieren. Behalve ik, was er helemaal niemand aan de ren of de wandel op deze woensdagmiddag.
Er waren geen paarden, alleen de boswachters in hun auto. Er waren modderplassen. En het regende maar door. Er was geen uitdaging, want ik ging toch langzamer dan afgelopen week. Ik ging wel heel constant 5:40 voor twee kilometer lang. En toen zag ik naast me een hinde wegvluchten! Voor mij nog wel… Met muziek op had ik haar gemist. Nu was ik te laat voor een foto, maar we waren nog geen tien meter van elkaar verwijderd en ik vond het oneerlijk dat zij op haar vier poten veel harder bij me vandaan kon rennen. Ik kon naar huis lopen via het trapje, maar ik koos er toch maar voor om het kleine ommetje te maken. Van mezelf mocht ik dan gewoon op het asfalt blijven.

Zo zie je niks, maar ogen zijn gelukkig scherper!


En de ogen zien dit, maar dan heel scherp


En gelukkig maar, want daar stond tussen de bomen een hert met een groot gewei zijn gezinnetje te beschermen en mij in de gaten te houden! Ik stopte lekker om een foto te maken, anders kun je echt niet inzoomen. Zelfs de aanblik van deze indrukwekkende reus kon mijn ietwat sombere run niet echt redden. Inmiddels had ik er al 6 kilometer op zitten en ik had al het vermoeden dat ik de 8 kilometer niet ging halen in drie kwartier. Hopelijk gaat in april de rest van het bos weer open, dan kan ik de rondjes iets meer variëren. Toen ik de brug weer op ging, liet ik het horloge lekker even piepen. Het was opgehouden met regenen en de zon leek zelfs wat kracht te winnen. Ik had een heerlijk ritme te pakken en ik had het lekker warm ook. Eigenlijk ging het prima, jammer dat ik daar pas zo laat achter kwam! Uiteindelijk vond ik het ook jammer dat ik niet meer tijd had om de run wat te verlengen. Ik besloot gewoon door de wijk en het park terug te rennen en na drie kwartier zat er 7,6 kilometer op. Oké, dat is geen 8 kilometer; oké, dat is nog minder dan zaterdag; oké, misschien moet ik toch echt nog iets sneller worden door de paaseieren te laten voor wat ze zijn en oké, ik ga nog lekker even door, want ik ben nog niet thuis!

15uur04 anke komt thuis (zie ik daar een glimlach?!)


Ik hield het tempo vast tot 8 kilometer en toen liep ik heel langzaam het laatste stukje uit.
48 Minuten later was ik weer binnen: en toch 8 kilometer gelopen in die tijd! Bij een hartslag van 151 gemiddeld (zonder de eerste kilometer 150). Er zouden tijden zijn dat ik daar heel tevreden mee was, maar zo’n dag was het vandaag niet. Maybe next time.

Categories: Uncategorized | Comments Off on Geen motivatie.

Training-gedicht

Ik had niet heel veel zin
Soms zit het er gewoon niet in
Dan is twee uur schilderen teveel
En is een training niet mijn deel
 
We waren in totaal maar met 12 man
En een vriendelijke, nieuwe trainer zonder plan
De spierpijn was er vanaf het begin
En verbeterde niets aan mijn zin
 
Ik had het koud, de hartslag steeg
Terwijl ik in mijn benen nog meer spierpijn kreeg
We deden hele andere, nieuwe, leuke dingen
Paslengtes variëren en squats-oefeningen.
 
In de Zomerstraat in een andere buurt
Werden we er met het kaartspel op uitgestuurd
Een steigerrun, een duurlooptempo en lantaarnpalen tellen
En tussendoor ook wat versnellen
 
Ik kletste, maar was er niet echt bij
Er zat (zo voelde het) nog heel veel verf in mij
We liepen terug en gingen nog een paar keer snel
Maar na een uur was het de training wel.
 
Even netjes aftrainen
Deed ook al pijn aan mijn armen en  benen!
We kletsen nog met de helden die een marathon hadden gelopen
En toen was de verrassend andere training (snel) afgelopen.

Categories: Uncategorized | Comments Off on Training-gedicht

10 kilometer hardloopmuziek

Tegen 9 uur. Zondagmorgen. Nuchter. Na een week sjouwen, schilderen en traplopen leek dit ontspanning! Drie kwartier (of een uur) in zone 2, met een hartslag tussen de 135 en 154. Zelfde rondje als vorige week, maar vandaag met de klok mee. En met muziek aan! Mijn persoonlijke hardlooplijst. (stel dat ik het deuntje van Dora weer in mijn hoofd krijg – dankje-feestelijk! dat moet ik voorkomen)
Kilometer 1. Bruce Springsteen: Dancing in the Dark – “You can’t start a fire, you can’t start a fire without a spark” 10 juli 2012: De eerste keer 10 kilometer onafgebroken hardlopen- 80 minuten. Vandaag begon ik onverhard door het park en de hartslagmeter werkte mee. Koud. Lekker tempo. Hoezo 5:53? GPS-fout vast. Trapje op.
Kilometer 2. Avicii – Wake me Up – “Guided by a beating heart    I can’t tell where the journey will end     But I know where to start” 26 juli 2012 10 kilometer in 1 uur en 30 seconden.  Ik hoor geluiden door de muziek heen, als stemmen; het blijken duiven te zijn. Er is niemand anders behalve ik. 5:23 bij een hartslag onder de 150? Nu lijkt het hele horloge stuk! Ik doe maar geen intervallen.
Kilometer 3: He’s a Pirate – van de film Pirates of the Caribbean. 15 december 2012: 10 kilometer onder een uur bij een hartslag van 164. Geen herten, geen andere hardlopers, alleen fietsers die me bijna omfietsen. De hartslag stijgt even en zakt even snel weer. KRAMP. Kramp tijdens het rennen is totaal nieuw voor me en ik ren door, maar nu weet ik zeker dat ik het herken. Maximaal 10 stappen KRAMP. Zegt wel iets over de conditie van mijn benen. Van het verbouwen.
Kilometer 4: Amy MacDonald – This is the Life. “And you singing the song thinking this is the life” 19 april 2013: 10 kilometer in 56:45, bij een gemiddelde hartslag van 164. Weer onverhard. Ik ken het hier naast de plassen zo goed. SOWEE, die hardloopster is dik! Wat knap dat zij loopt! Ik heb een keuze en ik kies ervoor om nu iets minder hard te lopen voor mijn benen: 5:42 Yeah Right. Ik moet mijn schoen opnieuw strikken STOM.
Kilometer 5: Sheppard – Geronimo: “Well we rushed it,     Moving away too fast” 29 maart 2013: 10 kilometer binnen 58 minuten, gemiddelde hartslag 161. Het rekenen is begonnen: ik ga vandaag verder komen als vorige week in dezelfde drie kwartier, maar waar ga ik die ‘inhalen’? 5 Kilometer makkelijk binnen een half uur. Dadelijk weer het bos in, ‘mijn’ pad op. HONGER. Ja, hier doet mijn buik pijn van! Ik word zelfs misselijk, maar na een vette boer is het eruit.
Kilometer 6: Bastille – Pompeii: “If you close your eyes, does it almost feel like nothing changed at all?” 30 maart 2014: Eemnesserpolderloop 10 kilometer binnen 50 minuten! gemiddelde hartslag 160 Ik ben op een derde en het gaat voortreffelijk. Ik zie op mijn horloge alleen de kilometers langsglijden en geen melding van te-hoge-hartslag. Zal ik voor de 10 kilometer gaan?! Dan weet ik tenminste hoe ver ik sta…. Twijfel…. Hartslag omhoog…. Rustig aan… Dan ben ik ineens pas net over de helft. Ik loop iets te ver en moet omkeren. Ik kan kiezen… 3 kwartier = 8 kilometer, 10 kilometer binnen een uur…. Twijfel….
Kilometer 7: Pogues – Fairytale of New York: “I can see a better time    When all our dreams come true” 30 juli 2014: temporun in slechts denkbare mentale conditie: 56 minuten bij een hartslag van 160. Brug over. Langzaam omhoog, lekker lang omlaag. Asfalt vanaf nu. Geen auto’s in de weg. Ongeveer 40 minuten onderweg. Ja, ik ga door voor tien.Ik kan de rest van de dag nog schilderen, nu mag ik rennen.
Kilometer 8: Billy Joel – Downeaster Alexa: “Too proud to leave I worked my fingers to the bone” 28 september 2014 Eerste plaats bij 10 kilometer-wedstrijd in Almere Poort in 50 minuten en 12 seconden, maar zeer ontevreden, megahartslag van 167 Net niet gehaald in 45 minuten op 30 meter na. Ik had mijn schoenen niet extra moeten hoeven strikken, grmbl. Nu verlaat ik de route van vorige week en kies voor meer asfalt. Dag hartslagbeperking.
Kilometer 9: Amy MacDonald – Life in a Beautiful Light: “Nothing can prepare me for what I’m feeling right now.   And nobody and nothing is ever gonna bring me down, down down.” 24 januari 2015: Kidney Run 10 kilometer wedstrijd in 52:21 met een hartslag van 172. Ik zweet eindelijk. Eindelijk heb ik het gevoel hard te moeten lopen. De hartslag zal wel stijgen nu. Bochtje, dadelijk nog een stukje bos bij de wijk. Allemaal honden-uitlaters op dit uur.
Kilometer 10: The Killers – Human: “And sometimes I get nervous   When I see an open door   Close your eyes, clear your heart   Cut the cord” Ik ben dol op dit bos. Mijn hartslag gaat tot 165. Ik ga gewoon hard. En er zitten al 9 kilometer op! 5:04. Ik heb er 55 minuten en 58 seconden over gerend. Horloge aan en uit zetten niet meegeteld. Onder de 56 minuten! Een traininkje! “My sign is vital, my hands are cold   And I’m on my knees looking for the answer   Are we human or are we dancer?”
22 maart 2015: Tien kilometer hard gelopen in een training in 56 minuten en 8 seconden. Bij een gemiddelde hartslag van 152. Honderdtweeënvijftig. 152! Dat is zone 2!
Loreena Mc Kennitt – Dark Night of the Soul:   “That fire t’was led me on    and shone more bright than of the midday sun (..) it was a place where no one else could come“

Categories: Uncategorized | Comments Off on 10 kilometer hardloopmuziek