Een rustweek met twee wedstrijden erin? Het was alles of niets deze week.

En dat gaan we in 1 verhaaltje samenvatten. De afgelopen week waren er momenten waarop ik helemaal niet vooruit te branden was, zowel op de fiets als rennend maar wat aansukkelde.

lopend op vrijdag: het onverharde pad is weg en ik ga nog net geen 8 minuten op de kilometer


Bedroevend gewoon! Op donderdag en vrijdag stonden er inderdaad langzame trainingen tussen 2 wedstrijden in, maar uitdagend is anders! Ik snap heel goed dat de meeste triatleten te hard trainen, want wat is zone 1 saaaaaaaaai. Ik liep op vrijdag in plaats van op de donderdag (ik moest zelf lopen in plaats van bij de training), omdat het vrijdag zou gaan regenen en ik dan liever niet fiets. Dus ging ik donderdagavond fietsen. Eerst even de ellende van vrijdag: de hartslag proberen zo laag mogelijk te houden. Het zou onder de 126 moeten blijven, maar dat ging gewoon niet. Ik was moe omdat we de afgelopen week een hoop beslissingen hebben moeten nemen en ik niet al te best sliep. Dan blijft de hartslag niet laag gewoon. Ik ging ook over de min of meer onverharde wegen: die zijn intussen ook bijna geasfalteerd helaas, maar het is wel bos. Ik verveelde me gewoon. Uiteindelijk heb ik met mijn zusje gebeld tijdens het rennen, ja heus. En ge-appt.

Geen regen


En foto’s gemaakt. De regen bleef uit tot de laatste 2 kilometer. Uiteindelijk hobbelde ik toch 15 kilometer bij elkaar, maar het voelde aan als helemaal niets.
Het fietsen was ook al niet veel de dag eerder: ik ging op de tijdritfiets, omdat ik een nieuw drinksysteem had en nieuwe schoenen, wat ik allebei wilde testen.

een drinksysteem en mooie witte schoenen die gemakkelijk open te krijgen zijn in de wisselzone


Maar net als bij het hardlopen moest het in een lage hartslagzone. En dat is best lastig op de dijk, op een racemonster: ik wil wel, maar ik mag niet! Ik fietste een rondje om de Oostvaardersplassen en ik maakte er een heel ruim rondje van, zodat ik op 40 kilometer uitkwam. Ik deed er ruim anderhalf uur over (1uur35), dus dat zou in een wedstrijd wel goed moeten komen. Maar dat trage gepeddel is niet echt uitdagend. In de training eerder deze week was het ook alweer pet met fietsen. We gingen niet op de fiets naar de training, maar met de auto: Vincent en ik.

De hollandse brug. Op en Af. maal zes. oninspirerend


Ik kan in het begin best hard mee infietsen, maar toen moesten we tig keer de Hollandse Brug op en af en dan loop ik wat achter. Ik vind het niet erg, begrijp me niet verkeerd! Ik hoeft me in de training niet te bewijzen, daar hoeft ik niet vooraan te fietsen, daar hoeft ik nauwelijks mijn best te doen, als ik dat in de wedstrijd maar doe en kan.
Het begon nog te regenen ook en het grootste probleem is dat ik en schijtert ben in de bochtjes. Toen ik er ook weer was, fietsten we terug naar de base en dan doe ik ook kalm aan: het gaat goed met mij hoor! We brachten de auto en de fietsen naar huis en ik ging nog een stukje hardlopen.

Lopen na de fietstraining: regen of niet, mooi is het!


Je raad het al: niet al te hard… Het begon nog een keer te regenen onderweg.
En op zondag was de allergrootste niets-dag: ik heb sport gekeken op TV, deze blog over sport geschreven, gestreken, ik ben naar de AH gewandeld en heb onkruid getrokken, maar verder heb ik niets gedaan.
Qua zwemmen was het ook geen topweek: ik deed gewoon wat me opgedragen werd. In baan 1 vertoon ik mij niet meer, maar in het zwembad is het wat leeg dezer dagen. Dus ik zwem achter R aan en op zaterdagmiddag zwem ik uit na de race. Dat was wel enigszins bijzonder, want ik moet echt totaal andersom insteken. Dat is wennen en raar, maar ik ga er veel krachtiger van zwemmen.

zwemspullen en daarbij heb ik sinds deze een week een echte zwemtas waar alles inpast!


Potverdikkeme, kan ik na een jaar zwemmen; moet ik het toch beter anders doen! Gelukkig ben ik daar in het zwemmen volledig toe bereid. Buiten zwemmen als training paste er deze week niet bij. Jammer, maar helaas. Nee, qua trainingen was het voor mijn gevoel niet veel deze week. Sloompies, suffig en afzien zijn de woorden die daarbij horen wat mij betreft.
Nee, dan de andere dagen: twee totaal nieuwe wedstrijden in één week! Op woensdag na een lange werkdag inclusief een presentatie togen we naar het Henschotermeer. In januari heb ik daar een run-bike-run cross gedaan; vandaag stond er een run-swim-run op het programma. Eerst 2,5 kilometer om het Henschotermeer heen rennen, dan in trisuit in het Henschotermeer 500 meter zwemmen en dan nog een keertje een rondje van 2,5 kilometer rennen. Reuze spannend, want ik heb nog nooit zonder wetsuit gezwommen! Gelukkig kan het best, maar als je dan door het zand bent gerend, hoe doe je je schoenen dan weer aan?! en 2,5 kilometer: hoe hard kan ik die eigenlijk rennen? Eerst startte Vincent met 1500meter hardlopen. Verkouden en gestrest als hij is. Om mij heen staan doorgewinterde triatleten die afspraken maken voor de eredivisie van het komende weekend, maar ook meisjes die straks hun sokken uit zullen doen en een badpak aanhebben. Ik vind het wat raar.

in trisuit voor het zwemmen straks


Ik start snel, maar vandaag gaat het hardlopen moeizaam. Ik heb de ademhaling niet onder controle en het tempo ook niet. Ik ga gewoon bloedjehard. Rob zei dat hij vroeger dit rondje in 11 minuten kon lopen en dat is dan opeens een richttijd. Dat is 30 jaar geleden… Ik ga mijn best doen! Wetend dat ik dadelijk ook nog mag zwemmen. Uiteindelijk kom ik na 11 minuten en 50 seconden op het strand. Schoenen uit, startnummer af, zwembril op en het water in. Koud!Ik ga aan het zwemmen en het is onwennig. Ik heb geen idee waar ik

op naar het water.


heen moet, maar de afstand is te overbruggen. Het duurt een tijd voor ik in mijn slag zit. Ik vind het wel geweldig! Eindelijk zwem ik in het Henschotermeer!! Yeah, een jaar na de eerste zwem-ervaringen komt een droom uit. Het is raar dat alles nat wordt, dat er geen badmuts is en minder drijfvermogen. Ik heb niet het idee dat ik hard zwem. En dan het land weer op. Daar staat mij een zeer onaangename verrassing te wachten: de wereld draait. Ik ben helemaal dizzy en van de kaart. En hoe onhandig is het dan om zandvoeten in schoenen te proberen te duwen ondersteboven.

Mijn gevoel op dit moment? dat de foto ondersteboven staat!


Ik ‘leen’ iemands teiltje met water om mijn voeten een beetje schoon te krijgen, maar je bent naar beneden gericht, wat de duizeligheid in de hand werkt. Onprettig. Schrikbarend. Ik zwalk naar de uitgang van het de wisselzone en heb het gevoel niet recht te kunnen lopen. Onwerkelijk en oervervelend. Toch maar rennen en na 100 meter is het weg. Aha. Dit is dus wat mensen voelen na het zwemmen. Ik had het liever niet geweten geloof ik. Het schrikt me af. Ik heb geen zin meer in rennen en ben een beetje misselijk na de draai-ervaring. Toch pik het op en het kan me niet schelen als mensen me inhalen. Ik heb het erg warm. Dit rondje gaat zeker niet in 11 minuten lukken. Ik ben moe, bezweet en zal blij zijn als het erop zit. Het laatste

Binnen de achtendertig minuten.


stukje ga ik niet eens meer echt harder als eindsprint, hoewel… de klok geeft aan dat ik net onder de 38 minuten kan komen en daar ga ik dan nog voor. Ik ben nog steeds een beetje dizzy, al is het maar van de ervaring. Dit geeft niet veel vertrouwen voor het zwemmen in het IJsselmeer straks…..
Want naast het Henschotermeer stond ook het IJsselmeer in de planning. Een kwart triatlon. Dat is dus een kilometer zwemmen, 40 kilometer fietsen en 10 kilometer hardlopen. Hoeft ik niet meer wakker te liggen van de presentatie en de run-swim-run: kan ik nog een paar nachten slecht slapen voor de kwart… Ik zag niet op tegen het zwemmen of het fietsen, maar vooral tegen het hardlopen van tien kilometer. Sinds de woensdag zie ik ook op tegen het zwemmen, door golven en dan een trapje op moeten terwijl alles draait…. Ik regel het maar zo goed mogelijk van tevoren: het drinksysteem past, de schoenen wisselen moet beter lukken, als ik de elastiekveters maar breed open zet en ik kan op de fiets gels meenemen. Rob en Vincent gaan naar het aikido-examen en Joyce gaat mij begeleiden. Toch ben ik ongelooflijk gespannen een paar uur van tevoren. Ik krijg nauwelijks twee boterhammen met stroop weg. Ik pak alles twee keer in, Rob zet de fiets vast. Ik heb buikpijn, ik zie er als een berg tegenop en ik vraag me af hoe ik dat toch kan verbeteren. Een beetje spanning is oké, maar ik voel me er echt niet goed bij. Dat ik slakkentempo kan lopen, wil toch niet zeggen dat ik straks meer dan een uur over 10 kilometer doe?! Ik maak me erg druk en heb buikpijn van de spanning. Of zou ik ziek worden, zo voelt het.
Tot zover was de voorbereiding goed, maar ter plekke verlamt de paniek me.

Ik sta in de wisselzone mijn wetsuit uit de vuilniszak te halen, terwijl de rest al klaar is!


Stickers plakken, het flesje vastmaken, een trisuit aandoen: het lukt me maar nauwelijks. Ik raak de weg kwijt in Urk tussen het startbureau en de wisselzone. Ik fiets en alles lijkt goed te zitten, maar ik heb mijn wetsuit nog niet aan. Ik richt snel de wisselzone in en moet nog naar de WC. Dan is het 5 voor tien, terwijl we om tien uur starten. Gelukkig trek ik het wetsuit zo aan. Heb ik Joyce wel goed geinstrueerd? Ik heb me niet goed ingesmeerd! Ben ik niets vergeten klaar te zetten? Ik heb wel aan een gel gedacht een kwartier voor de race en de voeding zou op orde moeten zijn nu met 4 gels die strategisch klaarliggen en een idee over hoe het zou moeten met innemen. Om twee

Degene rechts op de foto zonder badmuts, dat ben ik. Ongewoon laat!


minuten voor tien ga ik het water in. En weer uit om Joyce een knuffel te geven. Ik mis de standvastigheid en daadkracht van Rob. Ik ga snel het water in, zwem 3 slagen zodat ik nat ben en vind Krista. Ik heb nog een minuut om te vragen waar ik heen moet zwemmen en wordt op de boei gewezen die ik zelfs kan zien. Dit is niet mijn stijl! En dan valt de spanning weg. Zoals ik weet. We mogen starten. Ik sta een beetje in het midden. Laten we dat ook eens proberen.
Krista is zo weg, ik moet me eerst behelpen met de waterpolo-crawl: met je hoofd boven water. Op naar de gele boei. Om me heen zwemmen een hoop lieden, maar ik zoek mijn weg, ik zoek mijn ritme, ik heb even tijd nodig. Bang voor zwemgeweld en centrifuges met trappende mensen ben ik niet, gek genoeg. En dan ben ik al bij de boei! Dat schiet lekker op. Ik haal iemand in, zie al een schoolslag en ik zie de boot. Ik ga (aan de verkeerde kant?) om een vlaggetje heen en dan ga ik lekker 1 op twee ademend aan het zwemmen.

Ik zwem er érgens tussen!!


Mijn slag, mijn ding, die anderen lieden kunnen mij niet schelen: ik ga er omheen of langsaf. Op naar de volgende boei. Ik zie ze, de gele ballonnen. Ik kan de route aan de hand van de rest en de boeien bepalen. Golven? Ik merk er niks van of ga er van uit dat ik ze mee heb. Ik kom in de flow en ga aan het genieten: dat ik hier zomaar in het IJsselmeer zwem! Vorig jaar durfde ik nog niet in het diepe en zie mij nou… Slag, kijk, adem, slag, zon, adem, slag, boei, adem, slag, wolk, slag, bril-zit-goed, slag, adem, inhalen, om de hoek, slag. Het gaat best snel. Ergens wel jammer. Als ik straks niet meer kan of de triatlon niet afmaak, dan is dit toch meegenomen: ik heb echt in het IJsselmeer geploeterd!
Ik moet iets dichter naar de pier en haal nog een kerel in. Ik zie op tegen de trapjes en dan zijn ze er opeens al. Ik klim moeiteloos en stevig naar boven en maak gebruik van de helpende hand. Even rust, maar er draait niks! Ik trek de badmuts af, de bril af en het wetsuit uit.

Over de rode loper!


In mijn haast voor ik begon heb ik de volgorde ‘bril onder badmuts’ toch goed gedaan. Ik gooi de badmuts in de daarvoor bedoelde bak en voel me prima. Ik dribbel naar de wisselzone. Weinig fietsen nog! Ondanks de haast daarstraks in de wisselzone, weet ik snel mijn fiets te vinden. Wetsuit ophangen (gespiekt bij de anderen) en gebruik van het handdoekje van de buurman maken; die toch al weg is. Helm op, startnummer, bril op, fiets pakken (dat is de enige hickup), schoenen aan en gel vasthouden. Ik ga naar de uitgang, stap op en heb de gel nog vast die ik niet snel genoeg open krijg. Ik kan snel inklikken met deze schoenen en hou de gel nog even vast. Eerst Urk en haar hobbelsteentjes achter me laten. Mensen halen me in, maar ik wil eerst rustig in het fietsen komen. Vandaag heb ik geen haast, ik ga deze wedstrijd niet winnen, ik kom in de top tien bij de 40plussers, aangezien er maar tien dames zijn en een PR wordt het toch wel. Krachten verdelen, voeding op orde krijgen en binnen de drie uur deze triatlon afronden: meer en minder is het niet. Zo niets als de

Op voor 40 kilometer fietsen!


trainingen zijn, zo alles is dit!
Ik hou de gel nog steeds onhandig vast. We gaan de dijk op en ik vraag me af waarom die irritante pilonnen er staan. Ik ga even opzij, scheur de gel open en slok de colagel naar binnen. Als je tijdens de race ‘eet’, dan merk je niet hoe smerig ze zijn. Omdat ik mijn helm heb ingekort, kan ik prima drinken nu. Gel achter het elastiek die tegen mijn hand tikt. Ideaal dit, de volgende gel zit in mijn gezichtsveld. En dan begint het fietsen. De eerste 3 kilometer zitten er al op! We gaan de dijk af en dat had ik niet verwacht. Ik ben geen bochtennemer. Ik rem teveel af, durf niet, schakel niet goed terug. Ik zeg tegen mezelf dat ik niet bang hoeft te zijn, dat ik door moet trappen. Hardop. Dat is raar, maar het werkt perfect. Ik praat tegen mezelf en ik praat mezelf moed in. “Dan de bochten maar eerst, blijven fietsen Anke”. Zulk soort teksten. “Lekker gaan trappen dadelijk, nu heb je wind mee”. Ik zeg het hardop, kan mij niet schelen wie het hoort. Ik word door supersnelle fietsen ingehaald en daar begrijp ik niks van. Ik ben zo’n slechte zwemmer, wat hebben die mensen in ‘s hemelsnaam gedaan dat ze achter mij terecht zijn gekomen? Hoe kun je zo’n dure fiets hebben en kwart triatlons doen en dan deze oude taart pas na tien kilometer inhalen?! Maar ik zeg hardop tegen mezelf: “Met wind mee is 37 kilometer per uur prima, kunnen we straks iets minder hard als we wind tegen krijgen”. Zo doe ik dat. Ik haal ‘s iemand in en die haalt mij in de bocht weer in, dus daarna is het mijn beurt weer. Ik lig lekker op de fiets, kan soms wat slokken drinken en ga aan het trappen. De lange rechte weg. Ik ga geen pacman spelen; ik moet nog zo’n eind en ik weet niet of ik dat kan. In mijn haast heb ik daarstraks vergeten mijn loopschoenen goed open te zetten, daar kom ik nu achter en ik baal er nu ook alvast van. Niks aan te doen nu. De heren mogen mij zo voorbij fietsen, al verbaas ik me na 20 kilometer toch echt over de supersnelle fiets met dichte wielen die voorbij komt zoeven en zou ik willen roepen: wat heb jij al die tijd gedaan!? Een man vol tatoeages haal ik in en hij lacht; ik roep ‘gaat lekker he’ naar hem. Dan ga ik een constant tempo aan het rijden: ik vind 30-32 prima. Je zou hier maar wonen in de polder zeg. Lange rechte weg. Ik ben al op de helft en het gaat goed met mij. Ik forceer niets en als het moet, praat ik wat tegen mezelf. Ik groet de boer die langs de kant van de weg staat: dit is een unicum: een Turkse boer in Urk. Verder is er weinig publiek: wat zeg ik, géén publiek. (vandaag ook geen foto’s) Hier en daar een eenzame vrijwilliger. De man met de tatoeages gaat me weer voorbij. Nog een paar andere heren, maar het zal mij niet schelen, ik doe mijn eigen ding. Ik heb wel het idee dat er gestayerd wordt. Ik zou graag de mevrouw voor me inhalen, maar ik voel nog geen racebehoefte. Ik heb een do-you-own-thing-en-finish plan. Dan moet ik plassen. Dat is mooi vervelend, op de fiets. Ik moet best nodig plassen, maar ik kan niet plassen op de fiets. Dat zou moeten kunnen, maar ik kan het niet. Volgens mij heeft de organisatrice Annemarie Rustenberg er ooit een stukje over geschreven dat je dat gewoon moet doen, maar ik kan het niet laten lopen. Ook niet als ik het probeer. Het hindert me, niet qua tempo, maar het idee! Hoe moet ik dan hardlopen dadelijk? Misschien dan maar plassen? Ik moet het eens navragen: op de hele triatlon zul je toch ook moeten pissen?? Toch maar een slokje drinken en dan de bocht richting de dijk. Eindelijk zeg. Even wind tegen en lekker genieten en dan moet ik omhoog de dijk op! Als ik bovenop langs de dijk rijd roep ik eerst: “oh wow! Wat mooi!” Hardop natuurlijk, achter mij zitten nog een paar mensen, maar die zijn ver weg. De meeste lijken voor me te fietsen. En dan hou ik het tempo vast. Opeens begin het pacmannen dan toch. Ik ga gewoon door en door en haal de ene na de andere in. Geen idee hoe! Misschien de sportdrank, omdat ik geniet, omdat de rest wat afzwakt? Er lopen schapen over. Ja werkelijk, zo nu en dan steekt er een schaapje over. Ik hoeft zelf maar 1 keer in te houden voor een schaap terwijl ik oplijnde om in te halen en als ik de vrouw dan toch inhaal roep ik vrolijk: we eten shoarma vanavond! Er staat een meneer te plassen en dat vind ik oneerlijk. Ook de mensen van de achtste triatlon komen erbij. In de verte zie ik Urk alweer liggen. Ik kom eraan Urk, zeg ik. En dan ga ik hardop tegen mezelf zeggen: “Je kunt tien kilometer hardlopen” Ik zeg het wel 5 of 6 keer: “Ík kan tien kilometer hardlopen, dat kan ik”. En ik maan mezelf te eten. Ik stel het van 32 tot 34 kilometer uit, maar dan slobber ik de sinasgel weg. Ik krijg daarna even problemen met de ademhaling, maar dat is overkomelijk en snel voorbij. Dat komt omdat het eten me zo tegenstaat, maar ik weet dat het moet om dadelijk te kunnen lopen. Ik krijg wat last van mijn linkerknie. Hopelijk is

Ik fiets de wisselzone in


dat straks geen struikelblok bij het hardlopen. Er is 1 meid die me inhaalt, maar die is zeker tien jaar jonger. Die mag het. En de heren ook (behalve degene die geplast heeft eigenlijk) En dan verklaren de pilonnen zich: de lopers komen me tegemoet. Ik ziet Krista al. De inhaalacties houden nu wel op. Ineens is het druk. Ik schakel terug en hobbel Urk in. Joh, ik kom niet eens meer in de top-3 nu ik Krista al heb gezien en nog een andere TVA-ster.
Uitklikken, afstappen, de wisselzone in: het gaat best goed. Fiets ophangen ietsje minder, schoenen zijn zo uit en ik heb keurig aan het resetten van mijn horloge gedacht. Helm af, zeg ik nog maar hardop tegen mezelf en het commando ‘bril af’ ook. Loopschoenen aan met zandvoeten en gaan rennen. Dat fietsen heb ik in een mooie tijd afgerond. Ik steek een gel bij me voor onderweg en ga aan het rennen. Tussen de achtste triatlonners in, tussen het publiek door en het is onwennig. Ik weet dat de eerste drie kilometer wat-doe-ik-hier-en-waarom zijn, maar ik vind het prima, ga daar maar van uit. Daarna volgen 5 kilometer die ik moet doorkomen en de laatste 2 kilometer zijn fijn, want dan weet je dat het hoe-dan-ook gaat lukken. Dan merk ik dat mijn horloge nog een hartslagbeperking aan heeft staan.

Daar gaat ze: op voor tien kilometer hardlopen


Ik vloek hardop, in Urk nog wel en de toeschouwers kijken om. Sorry, maar dit is onhandig: nu krijg ik elke keer een signaal dat mijn hartslag te hoog is. Ach, ik weet het en ik kan het in de gaten houden: zone 2 blijft het zeker niet! De eerste kilometer geeft een tijd onder de 5 minuten aan. Nou dat kan wel iets minder dus. Ik had het trapje al gezien vanaf de fiets, dus ik ben voorbereid, maar ik vind het een slechte grap. Dan het bos in. Ik consolideer en leg mijn tempo vast. Het kan me niet schelen hoe hard of zacht, als het maar goed voelt. Het bos is een beetje glad en dat is zonde. Ik zie mensen die minder goed hardlopen. De eerste post na 3 kilometer sla ik over. Ik ren geen tien kilometer, ik ren er gewoon twee keer vijf. Het is best warm. En hardlopen is best zwaar. En het tempo onder de 5:30 houden is best ambitieus. Er komen al (veel) mensen terug. Ik vind het asfalt niet erg leuk. Warm. Ik snij niet af over het gras langs de velden. Ik heb niet goed genoeg naar de route gekeken. Grappig genoeg overleef ik zonder gemor de eerste drie kilometer, maar begin ik me op de vierde kilometer af te vragen waarom ik dit doe en hoe ik in mijn hoofd haal ooit een halve triatlon te gaan doen. Ik besluit dat ik dadelijk een gel moet nemen. Net voor de post als het even kan, zodat ik wat water van hen kan gebruiken. Maar waar is de post…. Gelukkig ken ik in Almere straks de route wel heel goed. Dan moet ik een halve marathon lopen…. Niet aan denken nu! Ik kom Krista tegen: die gaat als een speer zeg! Ik loop nu echt wel achteraan, maar ach, ik ga ook de kwart volbrengen nu ook! De andere TVA-ster kom ik ook weer tegen. En de compagnon van Krista. Dan zie ik de post en ik trek de gel tevoorschijn. Vieze bosbessen… Snel wat water er bij en water voor over mij heen en dan weer terug. Dit is een heen- en weer-parkoers. Het is onverhard door het bos en ik vind het wel fijn. Rond kilometer zes begin ik wat mopperig te worden en ontbreekt de zin, maar het helpt dat ik zie dat ik niet de laatste ben en ook niet de laatste dame. Ik ga door de waterplassen heen en deze keer snij ik wel af over het gras. Ik zwaai naar de tennisbaanbeheerder. Het aantal mensen publiek is NUL. Niemand naast de vrijwilligers. Daarna kickt de gel in en voel ik me wat beter. Ik zie onze trainer ook nog, die heeft het zwaar. We gaan het bos nog een keer in en ik ben even de weg kwijt; was ik hier al in dit bos? Ik ren mensen voorbij die gaan wandelen of langzamer gaan. Acht kilometer gehad, ik ga het nu ook afmaken ook! Dat weet ik al. Ik ga het ook binnen drie uur doen, dat is zeker. Binnen twee uur en drie kwartier ook nog. Ik kijk op het

Daar kom ik na tien kilometer hardlopen, veertig kilometer fietsen en één kilometer zwemmen weer in Urk aan


horloge, mijn hartslag stijgt nu wel, maar daar kreeg ik iedere kilometer al een ongenode melding van. Dan wordt ik nog even emotioneel door alles wat we hebben moeten beslissen afgelopen week en hoe ik hier zo verzeild geraakt ben. Even maar. Ik heb niet heel veel meer over: die laatste kilometer versnellen – mij niet gezien! Ik vind het watervalletje niet zo prettig, want ik moet nog steeds. Ik kan ook niet al lopend plassen heb ik ontdekt. We moeten de dijk opklimmen, maar dat lukt mij niet meer hardlopend. En daar ligt Urk: ik kom d’r aan! Mijn tempo gaat omlaag in de volle zon en ik wordt nog ingehaald ook op het smalle dijkje. Mij kan het niet meer schelen, ik vind het knap waar ze het vandaan halen. En dan ineens is er drukte en de finish. Veel eerder als ik had verwacht! Nog op de dijk en ver van de wisselzone af. Ik ben verbijsterd en zet snel het horloge uit.
Heb ik dit nu binnen de 160 minuten gedaan? Ik word geinterviewd en antwoord eerlijk dat ik niet veel last van de wind heb gehad, dat ik vast wind mee heb gehad, haha. Ik ga wat drinken, want dat moet van Joyce. Ik ben blij met wat ik gedaan heb, gelukkig dat ik zo ontzettend genoten heb. In de tijd ben ik niet geinteresseerd, dat ik het zo leuk vond, dat is belangrijk! 1:37:30 Vind ik goed en past mij precies. Ik heb me goed aan de voeding gehouden, goed de krachten verdeeld en dat besef ik ook wel. Krista heeft het echt goed gedaan. En ze heeft op mij gewacht met de prijsuitreiking! Ik ben heel snel weer bij en ren naar de WC. Iemand anders moet mijn pakje maar openmaken. Wat een opluchting! Ik sta te kletsen bij de prijsuitreiking en Krista concludeert dat ze vierde is geworden, omdat de vrouw die derde werd haar net inhaalde. Maar dat zijn de dames onder de veertig! Ineens moet ik weer naar het podium, als derde dame boven de veertig. Ik ben blij. Dat was ik al, maar dit is heel leuk! Dan is Krista eerste reken ik meteen uit. Ik heb het TVApakje nog aan.

Derde. Echt.


Trots dat ik uit handen van triatlonheldin Annemarie Rustenberg de mooie medaille krijg. Trots dat ik naast Krista mag staan. Ik ben oprecht blij. Dat ik op mijn eerste kwart triatlon meteen derde wordt; tjongejonge. Als ik het podium afstap met de medaille en een kadobon, wordt het me teveel. Ik ben blij, boos, verward, moe, emotioneel, eenzaam zonder Rob, bang, verdrietig, gelukkig en verbijsterd. Alles bij elkaar. Krista zegt tegen Joyce dat ik even een schouder nodig heb om uit te huilen. Ik ben helemaal verdwaasd. Joyce zet me op een trapje en ik kom ook wel weer bij als ik Rob bel. Het is gewoon van alles bij elkaar: dat ik dit kan, dat mij dit lukt, dat ik dit zo vreselijk leuk vindt, dat ik zo kan genieten, dat ik kan zwemmen en kan fietsen, dat ik nog kan hardlopen en dat ik het best kan met de voeding en dat ik het zo vreselijk leuk vond en daarmee dan ook nog derde wordt! Meer is er niet aan de hand: geen blessure, geen ongemakken, geen onoverkomelijke fouten gemaakt. Krista en Joyce verklaren mij voor gek, maar ik wil straks uitzwemmen in het zwembad. Ik kan naar mijn fiets lopen, mijn spullen verzamelen en uit Urk wegkomen met mijn prachtige fiets aan de hand. Ik ben niet kapot, ik praat mee en alle zenuwen zijn weg.
Vincent vroeg wat ik het ergste vond, vanmorgen bij het ontbijt. Nou: die uren voor de start. Niet vlak voor de start, maar het ontbijt en de twee uur voor de start. Dan voel ik me zeer ongemakkelijk van de spanning en dat is vriendelijk uitgedrukt. We komen de trainer nog tegen en die vindt terecht dat hij als man minder kans op een overwinning maakt dan wij dames. Ik heb met hem te doen dat het lopen hem niet lukt. Ik stel de man voor als mijn zwemleraar en daar zal ik later spijt van krijgen als hij mij uren later nog beter probeert te leren zwemmen in het zwembad! We gaan mijn kadobon maar meteen innen, nu we toch in Urk zijn. Ik kies een nieuwe BH uit. Verdiend toch?! Dan rij ik naar huis. Ik heb de lunch overgeslagen: het visje in Urk mocht Joyce van me hebben. En ik ga uitzwemmen ook! Grappig dat mensen mij feliciteren, zo voelt het niet: Krista was toch eerste?! Ik ben benieuwd naar mijn tijden, en ik hoeft helemaal niet ontevreden te zijn: netjes gezwommen binnen 21 minuten en gefietst binnen 1 uur 20 en gelopen binnen de 55 minuten. Zelfs in de wissels was ik niet het slechtste! Ik heb er niks aan overgehouden: geen last meer (gehad) van mijn knie, geen hoofdpijn, nauwelijks spierpijn of pijn in mijn voeten. Alleen een schuurplek in mijn lies, een klein wondje van schurend zand op mijn teen en verbrande schouders. Een zalfje verhelpt alles.
Niet de derde plaats, niet het volbrengen van de kwart triatlon, niet de trots of dat ik de krachten goed verdeeld heb is de grootste winst: de grootste winst is dat ik genoten heb, dat ik het geweldig vond. En dan sluit ik net zo af als bij de vrouwentriatlon: Of ik nu vol vertrouwen naar de halve doorga? Wat denk je zelf….

Categories: Uncategorized | Comments Off on Een rustweek met twee wedstrijden erin? Het was alles of niets deze week.

Telegram STIJL

*20170703* -Fietstraining-
kwam niet goed mee, deed rustig aan.
iemand moet de laatste zijn
heen&weer gefietst.
Niet meer gekoppeld met hardlopen.



*20170704* _fietsen met MZ ipv zwemmen_
Fout: veel te hard gefietst;
werd wedstrijdsimulatie ipv intervaltraining.
hoge hartslag
Gekoppeld met hardlopen D1/D2:
alleen Dat ging beter (rustiger)



*20170705* _zwemtraining tva_ Baan II voor mij alleen!
ging goed: 4x200m op km-tempo was een mooie test die niet tegenviel
Een soort van rustdag :)


*20170706* TVA-Baantraining. Wederom rustig aan gedaan.
mijn eigen tempootje aangehouden,
ook al gaat de rest van de groep
veel sneller
ik kan ook dribbelen




*20170707* Eerst fietsen met M
Om vliegveld Lelystad heen.
De trappen niet omhoog kunnen lopen
Rustig gefietst, lage zone
Intervallen oké

'sAvonds zwemmen met MZ: Rondje Eiland Weerwater
Het was geweldig gaaf, mooi, makkelijk, leuk, heerlijk
DE 3000m GEHAALD

*20170708* Nuchter hardlopen: auto achtergelaten en
naar huis lopen in D1.
Z    W    AA    R
heel traag, heel stroperig, heel vermoeiend, heel warm
Na 6km man-met-de-hamer: lood-lopen en ervan leren.

Tijdens zwemles Vincent: hardlopen met PE. D2.
Redelijk kalm, lopen te kletsen.
Zij liep 5km in 30 minuten
en ik deed er 1km extra bij
(langzamer)
Gekoppeld aan zwemtraining.
Baan II met R en MB:
'k zwom gewoon lekker mee


*20170709* Wandeling naar de stad met zijn drietjes. Om de auto op te halen :-D
_____Nog twee maanden______


 

Categories: Uncategorized | Comments Off on Telegram STIJL

Fotoboek van de week

26 juni

Wegens vermoeidheid niet naar de club gegaan voor een training. Eerst zelf een half uurtje met Vincent gefietst, maar die hoest zo dat ik hem weer naar huis breng.


Ik ga alleen nog een half uurtje verder. Ik doe een paar versnellingen, maar ik voel me vandaag wankel op de fiets.


En al is deze foto nog van tijdens het fietsen, ik koppel er ook nog 20 minuten hardlopen achteraan. Precies op 10 kilometer per uur, loop ik 3,5 kilometer


27 juni

Zwemtraining. Ik ga wegens vermoeidheid lekker naar baan 1. Ik zwem prima, heb de slag door. Daar heb ik maar een jaar over gedaan. Veel techniekopdrachtjes vandaag...


28 juni

Aan het einde van de dag werd het een beetje droog. Manuel ging mee fietsen, want ik ben nogal moe van de slechte nachten. We fietsen zoveel mogelijk rechtdoor, want ik vind de bochten eng nu het glad is van de regen. Het regent zelfs onderweg nog wat. We doen een aantal versnellingen. En daarna....


... ga ik meteen aansluitend nog een stukje hardlopen! De bedoeling waren intervallen, maar die kon ik niet meer. Ging ik de eerste 3km elke keer op gevoel ietsje harder en km 4 en 5 weer terug in tempo. Best lastig nog. Maar toch 5 km in een half uurtje gedaan.


29 juni: geloof het of niet, maar ik sport niet vandaag! Als we eindelijk klaar zijn met de hele ziekenboeg, begint het te stortregenen.
30 juni:
Ik weark een lange dag in Den Haag en ga me gedurende de dag steeds fitter voelen gelukkig. Ik sluit deze dag en en deze maand af met het uur hardlopen wat ik gister heb gemist. Ik loop gewoon rustig en kalm door het bos en geniet enorm van de avond en de omgeving. De snelheid gaat verloren in de algemene vermoeidheid.

Ik weark een lange dag in Den Haag en ga me gedurende de dag steeds fitter voelen gelukkig. Ik sluit deze dag en en deze maand af met het uur hardlopen wat ik gister heb gemist. Ik loop gewoon rustig en kalm door het bos en geniet enorm van de avond en de omgeving. De snelheid gaat verloren in de algemene vermoeidheid.


1 juli:

's Morgens voor het ontbijt, ga ik nuchter hardlopen. Dan moet je heel langzaam gaan en dat is goed voor de vetverbranding. Nou heel langzaam gaat het hoor! Ik haal nog net niet de 8 minuten per kilometer. Het is ook zwaar. 4 kilometer in een half uurtje. Met enorme trek!


 

's Middags ga ik zwemmen. Een enorme overwinning vieren: ik doe dit pas een jaar. 1 Jaar. En hier begon ik: in het pierenbadje. De borstcrawl totaal onmachtig.


En nu zwem ik in het diepe. In baan 2. Ik ken de borstcrawl en als ik voorop zwem hoor ik van de rest dat het tempo er goed in zit. We doen veel duurzwemmen (lange stukken achter elkaar) en ondanks dat ik nog steeds moe ben, gaat het mij prima af. Ik geniet ervan en ga aan het einde van de les echt even zitten tussen de zwembaden in om tot mij door te laten dringen wat ik binnen een jaar gepresteerd heb!


Eigenlijk had ik meteen na het zwemmen naar huis moeten rennen. Maar dan is het etenstijd en ik had een lange broek bij me ipv een korte. Het was benauwd geworden overdag. Na het eten ga ik alsnog voor een loopje in zone 2. Iets sneller dan vanmorgen, maar het houdt nog niet over! En had ik vanmorgen trek, vanavond heb ik iets teveel eten dwars liggen... Maar de lucht, het groen en het Kotterbos zijn super-supermooi. Ik ga zelfs de nieuwe berg op en geniet van het uitzicht.


2 juli

3 uur Fietsen staat er nog op het schema. Houdt het dan nooit op?! Met dat gevoel ga ik de training in. En ik raak het niet kwijt. Eerst 2 uur infietsen, dan 3 kwartier intervallen en dan uitfietsen. Ik zie vooral op tegen de duur en zit mezelf in de weg omdat ik weinig zin heb. Ik ga alleen. Ik krijg ook nog een bui over me heen en de wind op de dijk is tegen mij. Na 5 kwartier ga ik over op de intervallen. Na het rondje Oostvaardersplassen volgt een rondje intervallen om de Noorderplassen. Ik haal de hoge zone niet 1 keer. Of toch wel: 3 seconden om precies te zijn. Hoewel ik weer goed heb geslapen, blijf ik nog moe. Uiteindelijk fiets ik 2 uur en twintig minuten. Ik vind het best en schrap het buiten-zwemmen voor vandaag van het schema.


Het was een vermoeiende week, qua werk, qua thuisfront, qua ontbrekende nachtrust, mijn eigen fysieke gesteldheid werkte niet mee. Al met al heb ik in juni 600 kilometer bij elkaar gesport. Ik heb de Apple Medaille gehaald voor elke dag van de maand 350 calorieën beweging. En dat met een vakantie er in! En een verbouwing van de tuin. En een hoop werkstress. Dit was de maand van 'weinig rust' en van De Wedstrijd Winnen. De maand van doorzetten en doorleven. Ik kan nu de halve triatlon niet meer kosteloos afzeggen. Nog twee maanden te gaan.....

Categories: Uncategorized | Comments Off on Fotoboek van de week

De Vrouwentriatlon in Utrecht – mijn tweede achtste triatlon.

Ik heb weer te weinig geslapen (6,5 uur maar). Dus ik ben moe. Bijna te moe om zenuwachtig te zijn. Dat is een voordeel! Ik ben wel gespannen. Op het laatste moment heb ik besloten voor de tijdritfiets te gaan, toen ik het fietspad zag. Ik eet 2 bolletjes met stroop, drink een bidon met sportdrank en om 9 uur vertrekken Rob en Vincent en ik naar Utrecht.
Vorige keer in Duin deed ik een sprinttriatlon: dat is een halve olympische afstand van de triatlon: 750 meter zwemmen, 20 kilometer fietsen en 5 kilometer hardlopen. Toen was het allemaal net ietsje minder. Vandaag doe ik een achtste triatlon: 500 meter zwemmen, 20 kilometer fietsen en 5 kilometer hardlopen. Volg je hem nog? Het zit in de zwemafstand. Helaas is elke triatlon net ietsje anders: was het bij Duin allemaal net ietsje minder ver, vandaag ga ik fietsen op een fietspad van 8 kilometer en dat in drie ronden, dus worden het 24 kilometer. Al mijn mede-atleten zijn vrouwen. Van alle pluimage. Ik hoop dat ik onder de 1 uur twintig uitkom, iets sneller dan in Duin.

Mijn tijdritfiets in de transitieruimte.


Bij aankomst hebben we gelachen om de parkeer’kunsten’ van de vrouwen! 3 Auto’s op 5 parkeerplaatsen: ja, wij zitten goed! Meteen maar het startnummer halen. Dan spullen pakken en naar de TA, de transitieruimte. We zijn zo vroeg. Heel rustig alles klaarleggen. Het is gemoedelijk, goed georganiseerd, maar zonder het testosteron. Ik twijfel: wetsuit of niet? is de vraag. Nog even naar de WC. Wetsuit? Of alleen trisuit?! dan zie ik MZ. Gezellig! Hij komt iemand anders aanmoedigen (hij is een man immers en mag niet meedoen) De zestiende triatlon is bezig. Ja, ik ga in wetsuit. Ik heb ‘m zo aan. Hopelijk straks ook zo weer uit… Geen warming up voor mij, geen gespring in het veld! Ik heb nu al trek. Dom, want ik heb niets bij me. Een gel, maar geen water. Geen broodje, geen banaan. Ik pik vast een bekertje water om 11 uur voor de oervieze colagel. Dan ga ik even het water in.  Even naar de boei kijken. Weet ik nog van vorige keer, dan voel ik me safer. De rest komt ook en we krijgen nog een briefing. Ik klets met mevrouw nr 59. Ik ben maar weinig gespannen: alles is zoals het is. Zwemmen begin ik laat aan, ik mis het startschot volledig en de aansluiting ook! Eerst even adem op orde krijgen.

De achterste van deze twee zwemster, met haar rechterarm omhoog, dat ben ik. Tussen de roze badmutsen 🙂


Zwemmen gaat redelijk. Ik raak uit koers en moet voor mijn gevoel terug naar rechts steken. Het gaat zo snel! Ik moet dit beter kunnen doen. Het duurt even voor ik erin zit. Dan zijn we al bij de boei. Ik heb niet het idee dat ik goed genoeg ga. Het voelt slecht. Insteken lukt niet zoals zou moeten, onrustig. Ik wijk weer teveel uit naar rechts. En dan komt het erin. Dat ik dit gewoon kan! Vorig jaar in het pierenbad, toen had ik NOOIT gedacht dit te kunnen. De emotie werkt vertragend, dus ik moet het opzij zetten. Naar de vlag. Water uit, dat voelt raar, om de vlag heen rennen en weer het water in. Ik zag Rob zitten. Dan gaat het beter. Ik wil inhalen, ik krijg de slag te pakken en het gaat als een tierelier.

Dit deel van het wetsuit was zo uit.


Om de laatste boei heen en dan opstaan en hup dat pak uit. Ik zie MZ en ren moeiteloos het strand op en de TA in. In de middenmoot voor mijn idee. Ik krijg door de chip het pak niet uit en baal daarvan. Schoentjes aan, helm op, startnummer en fiets pakken. Geen handschoentjes, geen sokken. Mijn horloge doet de transitie niet, grrrr. Stukje lopen is wel opeens lastig, beetje duizelig. Opstappen is slecht. Ik hoor W en J bijna lachen achter me. Ik zie MZ en ga de brug over en klik dan pas in. Op het fietspad.

Ik heb er zin in! (foto MZ)


Het waait. Ik ga meteen lekker door. Hard. Boven de 30. Inhalen. Pacmannen. Ik maak me grote zorgen om de lengte van het rondje en hoe ik weet hoeveel rondjes en waar het ‘rond’ is. Ik vind de wind eng, niet moeilijk, maar eng. Door die lichte fiets. Weer een meid ingehaald. Wat een tempo, wat een fiets, wat een kracht. Ben ik dat?! En dan haal ik er weer 4 in. Zonder moeite eigenlijk. Dit kan toch niet. De wind pakt me, de bocht nekt me en ik fiets het gras in. Hoog gras. Het gaat gecontroleerd, maar is niet de bedoeling. Snel uitklikken, niet vallen, ik zie ze voorbij razen en daar baal ik van, ik roep tegen de hardloopster dat het goed is (ze stopte eventjes) en ga weer op weg. Weer inhalen. Een beetje angstiger, een ervaring rijker. Ik zwaai naar W die me tegemoet fietst. En pak het op.

Ik ken dit gedreven racemonster niet hoor.......


De tweede ronde ga ik verder met mijn pakman spel. Fijn om doelen te hebben. Inhalen. Stuk voor stuk. Het tempo blijft hoog. Ook tegen de wind in. Ik snap niks van dit rondje. Let op de weg voor me, niet op de omgeving. Soms op een vader met klein kind, op de keer op keer tegemoet komende wielrenner, op de knappe hardloper. Hihi, dat moeten ze bij een vrouwenwedstrijd vaker doen: knappe hardlopers inzetten! Ik kan niet drinken. Ik krijg het flesje niet los. Dat voel ik. Ik wil wel, maar het kan niet, dat is mijn sportdrank potdikkie. Ik zie Vincent en Rob niet, maar doordat het horloge verbinding maakt, weet ik dat ze er zijn. Laatste rondje. Ik bedenk dat het wel onhoudbaar wordt. Zelfs ik heb even moeite met wind tegen. Er vallen 6 druppels. Ik weet niet meer waar ik de bocht uitvloog. De vrijwilligster laat de auto te snel oversteken, hallo… ik kom met 35km/u aan! In de laatste ronde wordt het moeilijk in te halen, deze dames gaan ook hard. Er wordt wel gestayerd hier en daar. Haal ik ze allebei in. 1 Kan me volgen. Ik weet dat ik na de spoorbrug een tandje lager moet schakelen. Ik hou het koppie erbij. Ik mis het zicht op hoe het gaat tov de rest. Ik word nog ingehaald, maar zij is tien jaar jonger en ik laat ‘r gaan. Ik concentreer me op de laatste bocht. Dan op het afstappen. Altijd moeilijk! Het is een rommeltje op mijn plek in de TA. Er staan twee paar dezelfde schoenen, ik moet spullen zoeken. Dan de fietsschoenen uit: dat lukt niet. Hardloopschoenen zonder sokken aan en strikken lukt me ook heel slecht. Dubbele knoop. Helm af gaat ook al niet. Gel opslokken en water er achteraan gooien. Eindelijk kan ik gaan rennen. Ik gooi Rob de zonnebril toe. Het loopt zwaar. Balen. Dit wordt ‘m niet.

Hoera, al 1 rondje gehad


Mijn hoofd loopt er tegenin. Ik wordt meteen een rondje gelapt. Het tempo vind ik niet. Ik ga straks wel wandelen, dit is kt-mt-prn. Saai. 4 Rondjes afzien. Gelukkig geen zon. Ik moet het nummer omdraaien, maar dan zit het niet lekker. Nummer 100 herkennen ze! Tweede rondje, ik hou mijn duimpje voor Rob naar beneden. Maak maar een foto…. Ergens in ronde 2 kikt de gel in, of ik vind mijn ritme, of allebei: ik ga het wel uitlopen.

op weg naar de finish


Hoe saai ook. Al die andere loopsters met hun eigen tempo maken het wel minder saai. Ik haal er veel in en ga constant aan het lopen op 5:13. Mijn tempo. Ik vind het goed als ik straks afzak naar 5:30 en reken. Ik heb mijn ritme te pakken, maar vind het niet erg leuk. Asfalt, al die wiefkes. Ik loop weer de water post voorbij. Nog twee rondjes. Tja, het moet maar. Straks bij de F1 val ik wel in slaap. Geen idee wie in welke ronde zit. Volgende kilometer weer netjes in 5:12. Ik gooi een bakje water over me heen. Nog 1 rondje. De telster kent mijn nummer inmiddels: dit was de laatste keer. Ja, nu het net een beetje gaat. Hoe kan ik ooit een kwart of een halve gaan doen?! Niet het moment om daar aan te denken. Denk aan de finish en aan eten-eten-eten. Wat ik dus niet bij me heb. Het lijkt me nog zo rustig bij de finish. Rob loopt mee, ik kan nog wel, maar ik schrik van de tijd. Lang!

Blij dat ik er ben


Het was minder zwemmen dan Duin, maar ik ben 7 minuten langzamer. Hmm. I did it again. Ik prop winegums in mijn mond en drink water en sportdrank en water. Ik ben niet kapot, wel moe, maar niet stuk-stuk. Gek genoeg vooral teleurgesteld. Door die tijd. Niet eens in de top 10. Grrr. Er druppelen nog wel heel veel dames binnen. Duin voelde beter. Echte tevredenheid spat er niet vanaf. Ik spreek nummer 59 aan die ik binnen zie komen. Tien minuten na mij. Neem nog tucjes. Vincent wil wel naar huis, maar ik wil naar de tombola. Ik pak mijn spullen en klets nog met een buurvrouw in de TA die zich omkleed en mijn fiets bewondert. Ik loop moeiteloos naar de auto en klets met de mevrouw die naast ons haar fiets weglegt. We lopen weer terug voor de prijsuitreiking. Want stel… Ik hoor immers bij de 40+ers! Vorig jaar was ik met mijn tijd derde geworden. Ik app met Manuel, met MZ en ben benieuwd naar mijn positie. De winnaressen van de 16de, de 50plussers -er waren er twee sneller dan de 40plussers en dan haak ik al af. En dan de 40ers. Ik sta nog met de telefoon te miepen, als Rob mijn tas wegtrekt. En de telefoon. Ik ben geen derde, ook geen tweede: ik ben de snelste 40plusser! Eerste! Ik ben overdonderd, totaal. Zo onverwacht! Dat was de droom dan wel, maar nu moet ik op dat hoogste plankje springen. Ik had mijn trui uit moeten doen en TVAer moeten en mogen zijn, dichterbij moeten gaan staan… Ik juich. We mogen iets uitzoeken. Ik neem het DAtasje mee. We wachten niet op de tombola. Het gaat me niet om de prijs, het gaat om het podium. Ik ben verbijsterd.

YES


Tijdens de F1 slaap ik niet. Ik doe de was, ruim op, douche en vreet een zak chips leeg. ik heb nachtcreme gewonnen, hahahah! Had ik toch maar het zwembrilletje moeten kiezen. Volgens Rob zat ik zeer zeker wel voorin met zwemmen. Ik zwem volgens het boekje, ziet hij. Alles te strak, te goed qua zwemslag. Mijn wisseltijden zijn weer rampzalig! Ben ik van de 123 deelneemsters 99ste in T2…. Zonde. Maar als ik terugkijk, snap ik het wel. Oefenen, oefenen, oefenen. En elastiekveters kopen. En een drinksysteem voor voorop. Fietsen is oké, rennen matig. Alles was net meer dan gewoonlijk: 568m zwemmen, 24,3 km fietsen en 5,4km hardlopen. De hartslag was gruwelijk hoog. Soms is het even lastig (duizelig) opstaan, maar ik ga gewoon door. Toch mist de echte trots. Omdat ik geen medaille heb? Omdat ik langzamer was dan ik verwachtte? Omdat ik moe ben? Of snap ik het gewoon niet echt? Misschien dat ik morgen ineens merk dat het geen droom was….

Altijd leuk, die statistiekjes....


Terugkijkend: ik heb gedaan wat ik van mezelf verwachtte, ik heb gevierd dat ik in een jaar heb leren zwemmen. En hoe. Ik kan zwemmen. Van nul naar eerste. Dat vind ik leuk, dat zwemmen.  Dat water voelt goed. Fietsen is mijn ding. Ik kan hard. Ongelooflijk hard, dat geloof ik zelf niet. Die kant ken ik niet van mijzelf, dan voel ik me MvdB, die de term ‘pacmannen op de fiets’ heeft bedacht. En lopen: daar moeten Vincent en ik aan werken. Al is 5:13 voor mij prima; dat is wel wat ik kan. Wisselen is een ramp. Beter dan vorige keer, maar het blijft slecht. Aanpassingen in maken dus. Of ik nu vol vertrouwen naar de kwart doorga? Wat denk je zelf….

Categories: Uncategorized | Comments Off on De Vrouwentriatlon in Utrecht – mijn tweede achtste triatlon.

19 Juni
Eerst fietsen naar de training toe samen met Vincent, dat ging tenminste lekker vlot! 
“Mijn eigen mopperige ding gedaan – ik ben nog moe van de vrijwilligerstaken en voel me niet goed in het groepje vandaag.
Was niet vrolijk te krijgen, maar kon best mee – we gingen korte stukjes eigen tempo en de heuvels een paar keer op. ook veel over zand.
Veel sportdrank gedronken -Het was bloedjeheet namelijk”
Aansluitend Rob de fiets en Vincent meegegeven en gaan hardlopen. Ondanks de hitte. Intervallen. 20 keer 30 seconden D4 en 1 minuut dribbelen. het ging om het DOEN, niet om alle zones exact te halen. “Warm en zwaar Vooral d4 in 30sec lastig/onmogelijk te bereiken. Dribbel rustig gedaan.” Toen in Parkwijk op de bus gestapt. Uitgestapt in Almere Buiten en het laatste stukje uitlopen met Manuel gedaan, die net training had gehad.
20 juni:

Rondje Oostvaardersplassen op een avond 45min laag tempo bijkletsen met Manuel. 45min intervallen (30x30sec D4-1minD1) De intervallen waren lastig en vooral veel. Maar wind mee ging het op flink tempo! Aansluitend.......


.... een kwartiertje van 17 minuten uitlopen. De benen voelden als lood, maar het ging wel. Lekker niet snel!


21 juni:

Sprintwedstrijd aan het einde van de training. Ik lig links, nu nog achter, maar ik ben wel de snelste.


Zwemtraining in Almere Poort. Het voelt als een rustdag!
350 inzwemmen
2x(4×50) lange slag/slepen/bijleggen/lange slag
JC geeft me echt tips om duurzwemmer te worden. Langer uitleggen zeg maar. Ik doe mijn best, het gaat wel een heel stuk gemakkelijker, maar ik moet er erg op letten dat ik mijn hand vlak neerleg. Voor mijn gevoel bijna optrek. Het lijkt als opnieuw beginnen, maar dat voelt niet verkeerd. Integendeel!
400 m voorop 40 sec pauze
200m 20 sec pauze
100 m voorop 10 sec pauze
50 m
4×100 met tussenin 25m andere slag (school/rug/rug/school)
2x sprint met zijn drietjes. (zie foto)
Uitzwemmen
Alles, behalve eerste en laatste 100m zonder pb
bijna 2500 m in een uurtje: rustdag jaja….
22 juni: Baantraining. Vincent gaat niet mee, die heeft morgen een triatlon. Er lopen een aantal zaken helemaal niet zoals ik wil en ik loop op de baan alleen maar te balen. Om mezelf af te leiden, tel ik de secondes af.
” Na inlopen en een beetje loopscholing 2, 4, 6, 8, 10 minuten duurtempo lopen. Tussendoor 1 minuut rust. Ik knalde er heerlijk in mijn eentje doorheen. Mijn eigen tempo, mijn eigen sores. Ik telde de minuten als afleiding. Uitlopen om de baan.”  Het is nog steeds bloedheet. Ik ga lekker op mijn stadsfietsje heen en weer terug.

1920m - 45 minuten


23 juni: Een vrije dag voor de hele familie. Winkelen, louncheset in elkaar stoeien en genieten van Vincent die een prachtige triatlon neerzet in Zeewolde nemen de plaats in van een fietstraining. ‘s Avonds heb ik de tijd om nog een stukje te gaan zwemmen met MZ in het Weerwater. We vertrekken pas laat, met McDonalds in mijn buik en slechte zin. Het zwemt helemaal niet: ik heb het te warm, ik heb moeite met de slag, het voelt traag. Dat was ‘m dan: die ene keer dat het tegenvalt. Ik heb geeneens zin om even zonder het wetsuit te proberen en de twee kilometer te halen. Ik ben blij dat ik klaar ben.

+ inzwemmen en uitzwemmen: 450m


24 juni: enkel de zwemtraining gedaan. Niet gelopen, want ik wil een beetje uitgerust zijn voor de vrouwentriatlon morgen! Ik slaap (extreem) slecht en vooral weinig, dus uitgerust zijn is al een opgave! Vergeet ik ook nog mijn horloge bij het zwemmen. Gelukkig mag ik een foto maken van de opdrachten.
Ik zwem lekker in baan 1. Baantjes tellen. Na een half uur heb ik de baan voor mezelf.
Ik heb deze week ‘te weinig’ getraind. Ik mis fietstraining en een looptraining. Ik kies ervoor om wat rustiger aan te doen. Nu maar hopen dat het helpt voor de Vrouwentriatlon!!
 

Categories: Uncategorized | Comments Off on

Volgens een schema waar ik flink in moest schuiven

Hallo nieuwe trainer,
Deze week leek hartstikke lastig te worden. Er was zoveel te doen: Rob is jarig op maandag, onze tuin wordt verbouwd en aan het einde van de week de Almere City Run waaraan ik deelneem als vrijwilliger! en dan nog het werk inhalen en hier en daar zal ik ook moeten slapen, dus het wordt passen en meten. Op maandag is al ‘feest’ en niet vanwege de jarige; nee ik heb een vergadering van de ACR en Vincent wil trainen bij de TVA. Fietstraining.

Bochtjes oefenen op het industrieterrein


We fietsen samen naar het startpunt en zijn (net niet) op tijd. Ik fiets alleen door en pak een paar fikse versnellingen mee en oefen op het parkeerterrein bochtjes. Met 25 kilometer in de benen parkeer ik mijn fiets, trek mijn jurk aan en vergader mee. Om half tien ruil ik weer van outfit en trap razendsnel naar huis voor het donker is. Zo’n week wordt het, beste trainer! Tijd voor foto’s zit er niet eens bij deze week! Maar omdat er op het schema staat dat de fietstraining gekoppeld moet worden met hardlopen, verruil ik snel de fietsschoenen voor hardloopsloffen en gooi ik er 17 minuten intervallen achteraan. ik moest zelf tellen en dat ging best aardig, al zeg ik het zelf! beter dan gister in elk geval.
De dag daarna merkte ik dat na een rustweek meteen 2 uur sporten niet al te verstandig is.

450m inzwemmen / 500m duur / 2x250m/5x100m/1x50 benen/6x50m /Uitzwemmen 100m met pb 100m zonder pb


Ik stond wat wankel op, maar na een dag werken was dat alweer weg. Dus lag ik om 9 uur in het zwembad! Dat was lang geleden, maar ik ben het niet verleerd. Mijn zwemslag is echt prachtig volgens de zwemtrainer. *trots* Ik mag alleen langer uitdrijven, omdat wij duur-zwemmers zijn. Ik zwem alles met pullboy, omdat dat mag van je ‘schema’. En met hartslagmeter, kun je zien wat de opdrachten waren?
Op woensdag begint het gerommel pas echt. De tuin wordt leeg gehaald, zodat ze morgen nieuwe stenen kunnen leggen en dat geeft veel onrust. Fietsen zit er niet aan. Vincent wil zwemmen en dat snap ik ook wel. Dus ik ga ook zwemmen. Dat gaat goed hoor, niets mis mee, maar het is niet precies wat je in je schema had staan. Ik hoor het wel als het niet goed is (geweest). Na het vette avondeten, ga ik nog hardlopen. Ik ga me niet aan een opdracht houden, ik ga gewoon kijken wat er lukt. Ik omschrijf het zo:
Km1 – ?net gemopper thuis gehad, vieze patat gegeten, tuin verbouwing, vroeg op en al een uur gezwommen. Wáárom loop ik hier? ? rot tempo
Km2 – ? fijn dat me dit lukt eigenlijk. Morgen los ik de werkproblemen wel op. ? tempo kan iets hoger
Km 3 – Wat is het mooi hier! Wat een fijne avond eigenlijk. Het is eigenlijk prachtig hier! ? lekker tempootje ook
Km 4 – ☺️ wat prachtig met de paarden en de ondergaande zon. Die Oostvaardersplassen zijn geweldig. Ik ben blij! ? het tempo gaat moeieloos hoger!
Km 5 – ? ik ga gewoon kalm terug naar huis met een paar hele goede ideeen ? wacht even: dit mooie rondje in mijn ‘achtertuin’ is precies 5 kilometer én minder dan een half uurtje?! Ik ben blij! ?
Soms voegt een extra loopje niets meer en minder toe dan een goed gevoel.
Donderdag wordt de tuin afgemaakt en kan ik ‘s avonds ‘rustig’ naar de baantraining. Iemand doet er nog een schepje bovenop, op mijn toch al wankele evenwicht door kritiek op mij en mijn kind te leveren. Over de hoeveelheid die hij zou mogen lopen. Ik wil er geen discussies meer over, maar ik voel me flink in mijn wiek geschoten en loop de hele training te malen en piekeren en me te ergeren. ik deed de kernopdracht wel mee en trok me niks aan van warmte, maar ik kon het niet leuk vinden door de ongegronde benadering. Ik ben nogal allergisch voor haantjes-gedrag.
Op vrijdag ga ik fietsen met mijn vriendin. Zij heeft een elektrische fiets die nokkie-vol opgeladen is, ik heb een hartslagbeperking van je meegekregen. Dat past prima, behalve als we wind tegen hebben: dan gaat haar motortje gewoon iets harder werken, maar mijn hart ook en die schuift zo door naar de volgende zone! Niettemin was het mooi langs de Noorderplassen en over de dijk. We kunnen bijpraten en ik nodig haar uit voor een ijsje in Almere Haven. Dat gaat niet door, want Mariola is nog dicht. Zij neemt koffie met een roomsoes, ik thee met een eierkoek. Het voelt raar om je training te onderbreken en ik moet de intervallen nog doen! Haar rondje is klaar, haar motortje bijna leeg en ik ga de versnellingen nog in, dus onze wegen scheidden zich. De eerste paar intervallen mislukken, omdat het Weerwaterrondje zo onlogisch is dat het hard fietsen niet toelaat. Ik zoek de rechte routes op en trek door. Dat is beter! Ik kom na 65 kilometer weer thuis. En dan baal ik: ik had liever nog een half uurtje gerend in plaats van op het terras gezeten. ieder zijn ding….  Ik ga ‘s middags vast helpen bij de Almere City Run. Onvermoeibaar…
‘s Avonds heb ik met MZ afgesproken buiten te gaan zwemmen. Wij komen aan als de rest van de club klaar is. Mooi zo, ik ben ze sinds gister toch even beu! Ik heb mijn nieuwe trisuit aan. Onder de wetsuit dan. De jongens zijn mee om ons met de drone van boven te filmen. We gaan richting de boei, maar ik ga zo lekker dat ik om het eilandje wil. MZ vindt het prima. Ik doe mijn intervallen een beetje op de gok en zwem om MZ heen. Ik geniet me suf van het rondje eiland. Het zonlicht, de diertjes, zelfs de waterplanten: ik vind alles helemaal senang. het gaat soepeltjes, het zwemt lekker. Alleen moet ik plassen! We passeren bootjes en ik zwalk om de boeien heen. Ik vind het jammer dat we er na een uur al zijn. Ik heb nog nooit zoveel gezwommen. Dik, dik genoten.
Op zaterdag stond er op het schema om voor het ontbijt te gaan hardlopen. Dat was weer zwaar: stroperig, langzaam, traag. Ik had trek, geen zin, een lange dag voor de boeg. Zone 1 was het idee. Pas nu (een hele tijd later als ik dit type) heb ik door waar de fout zat: ik heb de zone van het fietsen genomen en niet van het hardlopen! Ik vond 119 ook al een crime…
De rest van de dag is gevuld met naar de stort rijden en zaken organiseren voor de Almere City Run. Tja, je bent ‘edel’-vrijwilliger of niet…. Ik heb mijn zwem- en hardloopspullen bij me, voor het geval dat…. Hardlopen na het zwemmen kan ik niet maken, dat past echt niet, maar zwemtraining volgen mag best van de rest! Enigszins gestrest lig ik in het water. Het gaat dan ook niet echt soepel. Mijn hoofd zit vol van alles wat-nog-even-moet-straks-en-morgen. Ik vind de opdrachten moeilijk goed te volgen.

En 6,5 kilometer heenfietsen!


op zondag ben ik de coördinator van de vrijwilligers. Dus ik fiets voor 8en al naar de stad, fiets van waterpost naar waterpost, fiets rond, loop, regel, zoek, deel water uit, ruim op en ben de hele dag in touw. Ik hou me in om de 7 kilometer niet toch te gaan lopen…. Het is hard werken, een lange dag en veel fietskilometers. Gelukkig maar dat je een rustdag op mijn schema hebt staan, hahahaha!
En daar zie je het probleem beste trainer: ik heb het gevoel dat ik deze week niet precies genoeg heb gedaan. Ik heb ‘maar’ elf uur getraind. Het voelde grotendeels als er tussen gepropt. En dat is niet zo prettig. Daardoor valt het begrip ‘rust’ ook en beetje in het water. Ik weet nog niet hoe ik het tij moet keren, maar tot nog toe is mijn belastbaarheid gelukkig groot. Ik zal het schema even naar je toe sturen, dan kun je er feedback op geven en kan ik er van leren.
Bedankt voor de nieuwe impulsen, de losse benadering en dat ik veel vrijheid ervaar!

Categories: Uncategorized | Comments Off on Volgens een schema waar ik flink in moest schuiven

Franse (slag) loopjes

maandag 5 juni: De laatste dag in Nederland voor we op vakantie gaan naar Eurodisney. Het is een vrije Pinksterdag. En ik slaap weinig. Er ‘moet’ zoveel nog “eventjes” geregeld worden…. Omdat ik weinig slaap, is het eigenlijk onverantwoord om alleen te gaan fietsen. Het zou zelfs wat gevaarlijk kunnen zijn. Dus neem ik mijn kleine Held mee. Ik kon me moeilijk aan de opdracht houden; mijn hart kon niet zo hard… hihi. De bedoeling was om na het infietsen stukken te versnellen, maar het zat er niet aan vandaag. Vincent reed achter me tegen de wind in. We waren op weg naar ijssalon Mariola in Almere Haven, maar we moesten zo ver om in verband met allemaal afsluitingen! We zijn het Weerwater rondgefietst. Uiteindelijk na een uur nog drie ‘wedstrijdjes’ gedaan waarbij Vincent bijhouden lastig was ? ik “won” er maar 1! Sprintjes trekken kan ie.
En toen zijn we SAAMPJES meteen door gaan hardlopen. Twee kilometer “maar”. Voor die kleine beentjes van Vincent een heel eind. Elke keer als ik het woord IJspressie zei, ging hij weer harder. Zoals hoort bij Vincent: alles ongeveer even hard gelopen op tien kilometer per uur. IJS_IJS_IJS…..
6 juni: “vrij” Op een 8 kilometer wandeling door EuroDisney na! Zelfs een heel klein stukje gesprint om zo snel mogelijk te schuilven voor een enorme hoosbui.
7 juni: En nog een dag “niets”. Een wandeling van bijna drie kilometer naar het winkeltje en een hele dag door Eurodisney sjouwen en ‘s avonds dan wel met hardloopkleren aan zitten als de stroom uitvalt: nee, het kwam er gewoon niet van! Toen de stroom het weer deed, was het donker.
8 juni: ‘s Morgens vroeg opgestaan om te gaan hardlopen. Voor acht uur ben ik al en voyage. Enfin! Course par tout le ‘trails’ du Davy Crockett parque. Le plan: 15 minutes tres lente, 15 minutes lente et 15 minutes rythme normal. Il était au début. Il a bien. Pas trés bon, mais á-la… Il était amusant! J’ai pris du pain. A la petit supermarché. Il était calme. Partout dans la parque. Il n’a pas été rapide. Pas non plus dans la zone trois. Huit kilometres et cirque-cinq minutes plus tard, j’étais a la cabin. Met stokbrood. Op voor een nieuwe, lange en enerverende Disneydag!
9 juni: Na (weer) een korte nacht, begin ik de dag met een wandeling naar het winkeltje voor vers stokbrood. ‘s Morgens zijn we in het Disneypark. ‘s Middags doen we rustige dingen. En gaan we terug naar Le Cabin. Vanavond wordt het laat, dus we houden een korte siësta. Les hommes pour se reposer. Sur le banc. Je suis tune heure ‘en course’. Il est tres chaud et étouffant. Le plan est une heure en zone 1, avec une pair “versnellingen”. Je fais sur le chemin extra la ‘trails’. Il est avec difficulté. La form de la route est tres agréable! Je dois aller aux toilettes. Voila pourqoui je ne fais pas tout les dix kilometres. Apres soixante minutes et 9,8 c’est fini. J’ai faim! Door voor de JediBurgers! Voor de laatste keer een prachtige avondvoorstelling!

10 juni: voor de laatste keer door het Disneypark en naar huis rijden. opruimen en bijkomen. Ik haal de bewegingsdoelen van mijn horloge wel, maar in sporten heb ik vandaag geen zin! Ik doe mee aan een mid-year-streak: elke dag bewegen. Ik vind het niet écht, maar het telt wel mee:  tien kilometer wandelen voor de lol door het Disneypark.

11 juni: Weer thuis en tijd voor het laatste hardlooprondje van de week. Ik heb er wat mee geschoven deze dagen. En nu staat er nog een uurtje open: 45 minuten in een lage zone, gevolgd door 15 minuten intervallen. De lage zone is trahhaag. Mijn hart gaat elke keer te hard! En dan moet ik inhouden. Vloeken. Hart op hol. Anke on hold. Ik geniet er geen moment van! Ook de intervallen zijn k*t. In 30 seconden haal ik de hoge zone 4 niet en in de minuut rust daarna krijg ik de hartslag niet terug naar de lage zone 1. Ik scheld op de trainer, vervloek de opdracht, baal van het warme weer en vind er niets leuks aan. 9 kilometer kunnen wel 66 vervloekte minuten duren….

Al met al heb ik deze RUST week 'slechts' 4,5 uur getraind.
Serieus getraind dan. In touw geweest absoluut wel.
Uitgerust niet, maar genoten des te meer!
Categories: Uncategorized | Comments Off on Franse (slag) loopjes

De week als triatleet

Mijn allereerste week met een nieuw schema, nieuwe trainer en… als officiële triatleet: ik kom er niet meer onderuit!
 

29 mei Uitfietsen. Dat is een rondje van 30 kilometertjes lekker kalmpjes aan. Ik hou me niet in, het voelt goed zo. Onderweg kom ik YZ tegen van de club die een tijdje vrolijk kwebbelend met me meefietst.
29 mei Uitfietsen. Dat is een rondje van 30 kilometertjes lekker kalmpjes aan. Ik hou me niet in, het voelt goed zo. Onderweg kom ik YZ tegen van de club die een tijdje vrolijk kwebbelend met me meefietst.

 

30 mei SG vraagt of ik mee ga zwemmen. Natuurlijk! Als ik mag kiezen tussen het zwembad en het Weerwater… S zwemt harder dan ik en ik heb twee drukke werkdagen gehad, dus het is aanpoten. Als bonus staat er ook nog wat wind en golven. Het is minder magisch als het eerder keren was, maar altijd beter dan het zwembad!

OP 31 mei doe ik NIKS. Tenminste, niets sportiefs! Ik werk een middag extra in Den Haag, heb een vergadering ‘s avonds. Niet niks allemaal, maar NIETS sportachtigs. Erg hoor. Heb ik weer een nieuw schema en een nieuwe trainer, hou ik dat nog geen drie dagen vol 😐

1 juni. Was het mijn dag niet? Te druk op het werk? Te warm? Ik liep niet lekker. Niet slecht, maar het voelde zwaar en niet onder controle. Ik kwam er maar niet in. En na 25 minuten ging ik al aftellen. Volgende keer beter.
Vrijdagochtend 2 juni: 3 Uur fietsen met Manuel in de laagste zone. Dat was niet zo snel! Via het pontje de Eem over, vele vliegjes geplet en weer terug Flevoland in. Toen een paar keer D4; ik zag er tegenop, maar het ging goed. Lekker omgefietst! Ruim drie uur.
Vrijdagavond: Noorderplassen. Zwemmen. Ik moest inzwemmen, en versnellingen doen. Ik bleef bij MZ. Cirkelde er omheen en versnelde regelmatig. Het ging HEERLIJK The magic is Back!! Eendjes, waterplanten, de zon, bruggetjes; niets haalde mij uit mijn geniet-stand. Een dik uur lang. En maar liefst 2800+ meter!
zaterdagmiddag 3 juni: zwemmen in het (saaie) zwembad. Ik was gepikeerd en was mijn horloge vergeten en zwom daardoor hard – misschien iets te fel voor baan 1? Ik telde alle baantjes mee voor de afstand.Zaterdagavond: Samen met Joyce de zonsondergang tegemoet. Met veel, nee, heel veel gekwebbel. In een vreselijke D1: heel traag en vervelend. Ik mocht me tien minuten laten gaan in D3 en D4. Toen ging de zon onder in een bloedrode lucht en de kleuren waren overweldigend.

zaterdag 4 juni: na een lange dag op het speelstrand een koppeltraining inhalen van woensdag: eerst anderhalf uur fietsen, waarvan het eerste uur op lage hartslag. Ging best, tot ik 2 enorme honden tegenkwam! Toen ging de hartslag snel omhoog (en langzaam maar weer omlaag) het laatste half uurtje intervallen die moeilijk te realiseren waren. Meteen daarop….
… een blokje van 20 minuutjes hardlopen in de lage zones. En zo ging de dag voorbij.

En zo ging de week als triatleet voorbij. Met het eerste schema van een nieuwe trainer. Dat zag er in het eerste opzicht heel relaxed uit, MAAR…
Ik heb NOG NOOIT zoveel trainingsuren gemaakt. 12 uur en 22 minuten. Twaalf uur en tweeentwintig minuten. Excuus wat meteen klaarligt: allemaal op lage intensiteit hoor… En allemaal leuk en prima te doen en zonder spierpijnen! Maar toch; best veel!

Categories: Uncategorized | Comments Off on De week als triatleet

De Duin Triatlon – hoe Anke eindelijk een triatleet werd…

Stond die kat ook op de lijst van triatlonbenodigheden 😉


Zenuwachtig geslapen met een hoge rusthartslag van 55. Niet extreem gespannen bij het opstaan. Twee bolletjes gegeten en alle spullen verzameld met de lijst van de triatlonliefhebbers. En toen begon de angst. Die beneemt me echt de adem en ik moet moeite doen de trap op te lopen en adem te blijven halen. Dat is verstikkend, letterlijk. Maar ik moet door! Het kost me veel moeite de spanning onder controle te houden. De redelijkheid dat ik hiervoor getraind heb, dat ik dit kan, sijpelt weg. In gedachten sta ik keer op keer in T1 (de overgang van zwemmen naar fietsen) en ben ik bang in het water. Dit zijn geen zenuwen, nee dit is echt angstig. Waarom wil ik dit?!
We rijden erheen en ik visuliseer. Ik tel: 20 minuten zwemmen over 750 meter, 40 minuten fietsen over 20 kilometer en 30 minuten hardlopen over 5 kilometer. Anderhalf uur dus. We moeten helemaal bij de zomerweek parkeren. 2km van de start! Ohmy. Ik wil met mijn fiets lopen en de beweging doet me goed. Ik loop langs het pad en let op de runners van de OD- de olympische afstand: het dubbele van wat ik ga doen. Ik kalmeer nu ik weet waar ik straks ook loop. Dat ik nu iets aan het doen ben, maakt me minder gespannen. Ik heb mijn zomerjurk nog aan, dus het lijkt alsof Rob daar gaat starten als hij met mijn fiets loopt! Mijn startnummer is zo bijgewerkt, de stickers geplakt. In de dixie kleed ik me snel om. Ik plaats mijn spullen zowat op het einde van de transitiezone. Iedereen doet een wetsuit aan. ‘Ik kom toch als laatste het water uit’ roept een mevrouw, waarop ik protesteer: ‘Dat wil ik al!’ Ik moet snel mijn wetsuit aan gaan doen. Dan ben ik weer erg gespannen opeens.

'kom op mama, je kúnt het"


Nog maar een keer plassen. Ik kan nog net even nat worden. Dit is wat ik gewonnen heb: ik ren zo het water in, doe drie slagen en vertrouw er maar op. Ik klets nog met een mevrouw door de uitleg heen. Wij gaan niet voorop zwemmen en volgen de rest. Een meneer raadt ons aan het brilletje onder de badmuts te doen tegen het kwijtraken. Ik volg alles meteen op.

links op de foto, degene met roze badmuts en de hand op haar horloge: dat ben ik!


Dan gaan we het startvak in en ik ben strak. ik vind het zo eng, zo akelig, zo … ongelooflijk. Nog een mevrouw spreekt me aan: “ik ga niet het water in sprinten, dus als jij dat wil, ga je maar voor me staan”. Nee! Dit is de eerste keer, ik vind alles best, ik ga voor een PR! En dan aftellen en gaan. Mijn horloge doet het niet. Natuurlijk niet. Ik baal en ik laat het. Zwemmen! Ik spring erin en ga. Drukte om me heen is oké. Handelbaar. Ik zet het snel op een zwemmen en adem 1 op 2. Ik kom tussen mensen in te zwemmen en besluit er maar doorheen te gaan. Ik hoeft alleen maar te volgen, niks geen navigatie. Ik baal van het horloge, maar nu kan ik er niks aan doen en zwem ik lekker, maar straks wil ik looptijden weten! Ik blijf lekker zwemmen en we zijn snel bij de eerste boei. Ik ga er vlak langs. Ik ben niets bang. Ik haal mensen in! Om me heen zie ik (veel) schoolslag. Hoe goed het gaat, weet ik echt niet. Ik doe wat ik kan en geniet van de kracht die ik heb. Om de boei heen. Je ziet weinig in het water. Er zijn golven en ik ga er doorheen. Ik blijf 1 op 2 ademen.

Roze badmuts, blauwe zwembril: de laatste slagen


Ik geniet hiervan. Verdikkeme, ik geniet hiervan, van het water, het zwemmen, de mensen om me heen, het geluid, de kracht. Het licht in het water van de zon is geweldig. Onder me zie ik plantjes. Weer een boei om. Dit gaat mij bijna te snel! Ik zwem krachtig door. Wel balen dat ik straks niet kan zien op het horloge hoe het ging. Ik zwem op de boog af, maar wel ver naar de buitenkant links. Ik haal echt

uit met dat pak.


mensen in, ongelooflijk. Ik wil wat vroeg gaan staan, want ik zie er tegenop dat pak uit te doen. Maar de tip werkt: schep water, sta op, stroop af. Ik heb geen last bij het opstaan, alleen om de rits te vinden. Ik zie Manuel en wil hem duidelijk maken dat hij mijn looptijden in de gaten moet gaan houden. ik stroop het pak makkelijk af en loop flink door de wisselzone in.

Startnummer om - je moet de helm nog op!! Schoenen aan...


Dan begint het gelummel. Ik reset mijn horloge (first things first) en stroop snel het pak af. Kan het nergens kwijt. Ik moet een vieze plakkerige gel eten, warme colasmaak is megamegagoor. Drinken! Schoenen willen niet aan. Plakkerig handen afspoelen. Gaan zitten. Helm op. Startnummer om. Handschoenen om natte handen aan is het ook niet. Fiets pakken en daar op springen. Vastklikken duurt ook net iets te lang. Maar dan ga ik los. Dit rondje is verkennen en wind mee. Ik ga de chicane door en wordt ingehaald door kerels. Niks van aantrekken. Na de chicane word ik ingehaald door ene Jim (namen fictief). Die ga ik volgen. Op respectabele afstand, maar ik blijf erbij. Ik ga hard. Mijn horloge is gestart, het fietscomputertje ook. Ik vind 36/37 hard. En zalig. Ik begin intens te genieten. Achter Jim. De bocht om en ik zie de anderen al terug rijden die verschrikkelijk hard gaan. Ik zie de windmolens. Ik trap me niet stuk. Wacht eventjes: ik ga 35 kilometer per uur en ik trap me niet stuk?! Nee, ik zit perfect zo.

Daar gaat ze....


Het bochtje gaat me slecht af: ik rem teveel af, kom wat langzaam op gang en schakel te weinig. Dan volgt wind tegen. Daar begint voor mij het grote genieten pas echt! Ik denk even aan MvdB en haar ‘pacman spelen’. Zo voelt dat dus. Ik haal de kerels in en hier en daar een vrouw. Jim houdt mijn tempo vast. Ik zie Amsterdam en de rook van de brand. Het is helder. Wacht even, fiets ik nu nog steeds op brommersnelheid?! Ik hem mijn specialiteit gevonden! Tegen de wind in fietsen! Nou, je kan maar iets kunnen, maar voor nu komt het goed uit. Het nummer wappert een beetje lastig. Ik denk dat de gel door mijn aderen stroomt. Dan verschalk ik ook Jim. Jammer maar helaas. Na de chicane moet ik drinken van mezelf. Een paar slokken, dat gaat onhandig. Het bochtje gaat weer niet al te soepel, ik vergeet zelfs terug te schakelen. Ik zie tijden voorbij komen onder de tien minuten. Wat een feestje is dit!

Anke geniet hiervan!


Dan raast Yvo mij voorbij, aangemoedigd door een maat. Yvo is mijn volgende Jim. Maar die Yvo zál ik inhalen en met een doel voor ogen fietst het fijner. Voor de chicane is Yvo al van mij. Maar na de chicane trapt Yvo mij voorbij. Ik hou net genoeg afstand. Ik weet dat ik hem na de bocht ga pakken, geholpen door een beetje wind en een beetje ambitie. Haal ik verdamt de 45 kilometer bijna! Op mijn eigen kracht, mijn eigen beentjes.

Op naar de volgende transitie...


Ik moet Yvo in het bochtje net achter me houden en dan tegen de wind in. Dat gaat weer lekker. Ik bedenk me dat ik hier mijn talent gevonden heb. In deze sport. Dit kan ik! Dit gaat me echt goed af. Dan haalt Yvo mij in en hij roept: ‘hier ben ik weer’. Ik ga hem volgen en dat is heerlijk. Ik kan hem straks bij het lopen niet meer volgen, dus nu maar wel dan. Ha, Rob en Vincent weten niet wat ze zien, zo snel als ik ga. Ik ga harder dan vincent! Ik krijg het even iets zwaarder, maar schakel lichter. Dadelijk goed oppassen bij het afstappen. Dat lukt me ook. Binnen de 34 minuten gefietst. Verrekie zeg…

Hoe hang je zo'n fiets ook alweer op?!


Dan begint het gehannes opnieuw. Ik krijg mijn fiets niet goed opgehangen, schoenen uit, sokken aan, slok water. Het horloge stond natuurlijk op zwemmen… zet m even uit. Ik kan dadelijk de looptijden zien in elk geval. Vincent roept gelukkig: helm af! Dan ga ik hardlopen. Het gaat goed, maar ik heb het warm.

De fietshandschoentjes nog aan, tot mijn grote spijt: dat is echt te warm. Ik pruts ze al lopend uit.


Heuvel af en op zoek naar een ritme. Het is warm. Niets voor mij. Dit zou wel eens zwaar kunnen worden! Over het mulle zand. Ik doe de fietshandschoentjes te laat uit, hou ze vast, mag ik ze weggooien naar iemand? Ik weet het niet. Een kilometertijd onder de 5 minuten? Stik de brand, dit kan niet, dit is veel sneller dan het voelt!! Drankpost, twee slokken water. De man roept me toe hoe goed Vicoos is. Omhoog lukt me ook en dan de lichte stijging richting de dijk en de Marina. Dat is wat ik kan: als het afzien is, gaat Anke harder. Wind tegen, stijgen – Anke komt voorbij. Mijn schoenveter. Dat was het met deze adidassen, die gaan los. Links natuurlijk. Ik loop over het fietspad en dat stukje is niets voor mij. Warm asfalt. Zo haal ik het niet! In de bocht stop ik om mijn schoen aan te trekken. Kan ik weer verder gaan met inhalen. Ik zie weinig dames echt voor me, maar dat kan bedrog zijn. Kilometer twee in 5:18 ofzo.

"kom op mama, haal die meneer maar in, dat lukt je!"


Jammer, maar inclusief strikken! Ik moet ‘m oppakken. Rob en Vincent op de dijk: ‘drinken’, roept Rob en dat maakt me nijdig. Ik word kwaad. Afreageren is gemakkelijker. Ik wil niet weer drinken of nat worden. Ik prop de handschoentjes weg en ze zitten in de weg. Manuel meld me dat de kmtijden op 5 minuten liggen. Dat weet ik ook wel! Tjongejonge. Dit is zwaar hoor. Weer dat mulle zand, dat rotbos en die piep-zon. Ik ben er klaar mee eigenlijk. Dan vind ik mijn ritme. Dat ligt hoog. Dat voel ik ook, maar nu heb ik het. Omdat het van Rob moet, drink ik weer twee slokken en ohja, dit pakje kan nat worden, dus ik giet de helft over me heen. Omhoog gaat weer goed, maar ik kan Yvo niet bijbenen. Ik haat dat fietspad en voel me gewoon boos en opgefokt. Omdat ik niet weet wat mijn eindtijd wordt. Weer die scherpe bocht, ik mag langzamer. De aardige trainer roept me toe. Ik kan honderden meters lang niet op zijn naam komen. Ik ben dus wel erg heen. Dan realiseer

Nog een paar meters en dan is er een triatlete geboren!


ik me dat ik een triatleet ga worden. Nog een paar honderd meter en ik ben een triatleet. Onoverkomelijk. Dat wil ik niet. Punt. Ik vertraag. Omhoog klimmen is nu echt zwaar. Ohneezeg, een triatleet. Het zal toch niet zeg. Ik wordt nog 1 keer nat en dan zie ik het onder ogen. Ik heb nog energie, haal nog iemand in vlak voor de streep en dan ben ik er.
Ik ben emotioneel stuk.

Ja, dit was écht geweldig; dat bedoel ik hier!


Huil alleen maar. Ik moet zo huilen. Van pure emotie. Wat was mijn tijd, welke plek heb ik gehaald? Ik brul alleen maar. Ja, alles is goed, dit was alleen te leuk. Het kan me ook niet schelen hoeveelste ik ben, dit was te gaaf. Ik kom tot zinnen en kan alleen maar zeggen hoe gaaf het was, het zwemmen, het fietsen. Ik kan niet beschrijven hoe overweldigend dit was, hoe fantastisch ik dit vond, hoe deze overwinning aanvoelt. Ik ben redelijk snel weer bij en up. Ik ga mijn spullen halen en zeg A gedag, spreek met Ivo in het startvak: we hebben allebei genoten van de strijd. Ik ben vierde of vijfde geworden. Ik pak mijn spullen, spreek nog een man van de trainingen en als we weglopen spreek ik JM nog. Wat zij heeft gedaan, daar kan ik trots op zijn, ikzelf  – ach. We praten met aardige trainer wiens naam ik nu wel weer weet en lopen terug naar de auto.
En dan is het op. Leeg. Kapot moe. Ik laat me naast de auto vallen. Ik kan me nauwelijks bewegen. Ik voel me zo slap dat ik flauw ga vallen. Mijn ogen vallen zowat dicht en ik voel mijn vingers niet meer. Ik blijf erbij in de auto, maar met moeite, alles ziet er raar uit. Thuis wil ik weer liggen midden in de kamer op de handdoek, maar ik pel een banaan, drink cola light en eet 3 dextro’s. Dan kan ik weer staan en praten. Dat was weird.

Ik Ben Een TRIATLEET


Daarna zat ik op de bank. Ik ben vierde geworden. VIERDE. Voor de eerste keer. Er deden 28 dames mee! Ik had niet zo lang moeten wisselen, maar ja. Ik vind het prima zo. Ik heb er 1 uur 20 minuten en 45 seconden over gedaan. De drie dames voor mij zijn 10 of 20 jaar jonger dan ik! Bij het fietsen ben ik zelfs tweede geworden.

zwemtijd: 16:16 (zevende bij de dames) wisseltijd 3:13 (waar 2 minuten normaler is...) fietstijd 33:49 (tweede dame!) totaaltijd 53:16 tweede wisseltijd 2:07 en dan 5 kilometer hardlopen in 25:24 Totaaltijd 01:20:45 68ste van alle deelnemers

Ik geniet nog dagen na en krijg overweldigend veel reacties op Facebook.

 

Categories: Uncategorized | Comments Off on De Duin Triatlon – hoe Anke eindelijk een triatleet werd…

22 mei – fietstraining. Op de fiets heen. In de training met een HELE grote groep naar de dijk langs het gooimeer gefietst. DR en ik vroegen het na: 5 minuten snel – 5 minuten langzaam – 5 minuten snel – 5 minuten langzaam OMKEREN 5 minuten snel – 5 minuten langzaam – 5 minuten snel – 5 minuten langzaam. Ik kwam achter DR en JC te fietsen en telde de tijd af. Ik vind ca 35km/u best snel. de 5 minuten langzaam duurden langer. meneer M fietste achter ons. Wij gingen heel ver door, voorbij de stichtse brug. ik vond het heerlijk en genoot. de laatste keer snel gingen de heren ons voorbij; dat vind ik zo flauw… Was ik de laatste. Mijn best. Terugfietsen en terug naar huis fietsen. 50kilometer op de teller. Op een gewone maandagavond. En toen… moest ik de trisuit nog ophalen. Fietsend? met de auto? nee, dus LOPEND. hardlopend. klein stukje. 5 kilometer met een korte pauze ertussen. binnen een half uur. Koppeltraining voltooid. Op een gewone maandagavond.

23 mei zwemmen in buitenwater. samen met MZ, met zijn tweetjes. mijn derde, zijn tweede keer. zijn tempo. Weerwater weer. lekker rustig aan. fijn als je iets kunt zien door het brilletje. Ik vond het deze keer koeler, maar niets koud. helemaal naar de boei en toen tegen de golven in weer terug. ik vind golven nóg leuker om tegenop te boksen! dik drie kwartier gezwommen op dik 1900meter. geen last met uit het water komen, weinig moeite het wetsuit uit te trekken. top gezwommen!

24 mei – niet weer zwemmen en zeker niet in dat saaie zwembad! als vincent zwemt, ga ik hardlopen. Lekker warm buiten. naar het wedstrijdgebied van Duin. Gewoon rustig, want over een paar dagen is Duin al. Ik ging lekker. Het voelde relaxed, ik miste de kilometertijden de eerste twee keer. De derde kilometer tegen de wind in op de dijk: ik schrok me kapot: 5dertig?! Dat is wel rap! omdraaien, wind mee, duinis nog leeg. Ik ga door over het fietspad en stuit weer op de zomerweek, grr.

dáár doe ik het voor.....

Kilometer 5,6 gaan voorbij met die belachelijke tijden. dan komen de ‘moeilijke’ kilometers. Kilometer 7 onder de A6 door en ik zit (ruim) onder de 40 minuten. Ambitie neemt het over van verstand. Genieten in het kromslootpark. Hopen dat ik de A6 terug onderdoor kan, gelukkig wel. Nog 2 kilometer. Ik ga de laatste kilometer op techniek lopen: spieren voelen, stappen maken, kort grondcontact. het moet en zal nu zo snel mogelijk. 54 minuten. tien kilometer in 54 minuten. SCHAAM JE ANKE – SCHAAM JE. over 4 dagen is Duin, doe normaaaaaaal. gemiddeld hrf is 154. hoofd is ROOD

Donderdag is een rustdag. feestdag. uitpufavond. hemelvaartsdag en elfjaardag.
vrijdag maar weer dan! Ik durf niet te veel, wil vanalles, maar Vincent is vrij en die moet morgen Duin doen. Ik wil proberen hoe het is om met het trisuit aan te fietsen, zwemmen. Vincent gaat alleen mee als Manuel ook meegaat. Anders moet hij zo hard van zijn mama denk ik 😉
fietsen naar het strandje bij de noorderplas. Ik doe 1 keer een versnelling en wacht dan op de heren. Ik spring het water in zonder moeite. Ik zwem. Zonder wetsuit. Ik leg zomaar 200 metertjes af. En dan spring ik weer op de fiets. Het is heel even koud, heel even maar. We moeten heeeeeeeeeeeel laaaaaaaaannngggg wachten bij de ophaalbrug. We fietsen terug naar de dijk op het gemak. Ik ga nog een keer een versnelling doen en dan vind ik het ook wel weer goed. De jongens gaan ◊ijs◊ halen. Ik ren liever een klein stukje, want ik hou niet van ijs. Ik ga niet snel, op 500m asfalt na, dan trek ik de registers open. 3 kilometertjes.

‘s Avonds komt de leukste bonus: samen met Vincent buiten zwemmen. Zijn eerste keer in wetsuit. Het is even slikken als ik de rest weg zie zwemmen, maar ik blijf bij het ventje wat zo’n moeite heeft met het koude water. Ineens kan ik twee kanten op ademen. We zwemmen wat op en neer. Vincent weet het al: die zwemt met wetsuit. Ik kan ook zonder wetsuit. 

Zaterdag, een bloedhete dag en Vincent doet Duin fantastisch! Hij zwemt als enige in wetsuit en doet dat GOED. Hij fietst loeihard, dat kan ik niet!! Maar lopen…. dat is een zielige vertoning. Ik ga ‘s avonds fietsen. Zo losjes mogelijk, lekker kalm aan, geen idee waarheen. Met muziek van Loreena McKennitt en een hoofd vol gedachten, visualisaties en twijfels. Ik kom langs de Vogelweg. Het gaat lekker, maar ik vind het lastig rustig aan te blijven doen. Morgen, morgen mag ik…. Ik ben een uurtje weg. Of ik er klaar voor ben? welnee….

Categories: Uncategorized | Comments Off on