Een wandeling én een training van 7 kilometer. Over hartslagen

Vanmorgen ben ik gaan wandelen. Eigenlijk wilde ik gisteren al, maar toen betrok het juist qua weer. Ik was in de stad bij Run2Day om een hardloopboek te kopen en ik wandelde naar huis. Dat viel nog tegen, want ik moest om 12 uur bij de school zijn. Ik had het slecht voorbereid: gewone schoenen, geen horloge mee, verkeerde sokken aan. Ik liep constant 9:03 over de kilometer, dat is nog altijd ruim 6,5 kilometer per uur. Ik was met pijnlijke voeten op tijd bij de school.
‘s Avonds stond er een loopje op het programma. 7 Kilometer, elke kilometer harder. Op gevoel. Het is kouder dan het lijkt. Mijn loopmaatje gaat op de uitdaging in. Ik heb het gevoel dat we ons vreselijk moeten inhouden qua tempo! Dat klopt natuurlijk ook, want deze keer wil ik er echt niet intrappen om te snel te beginnen. Dus over de eerste kilometer lopen we 7:00 minuten. Ik heb een beetje last van de bami die ik maar drie kwartier voor het lopen heb genuttigd en ook het ijsje is wat koud in  mijn buik gevallen.
Het is best donker. Nog steeds eenvoudig kwebbelend lopen we de tweede kilometer al sneller. Mijn hartslag komt tot rust en doordat ik nog een t-shirtje over het shirt met lange mouwen heb aangedaan, heb ik het ook niet koud meer. We lopen over de tweede kilometer 30 seconden korter: nu moeten we opletten niet te gauw te snel te gaan lopen. De derde kilometer door de buurt lopen we dan ook maar 5 seconden sneller. Het is nog steeds geen probleem om door te praten. Ik heb in mijn hoofd dat we op de helft zijn, maar dat is natuurlijk een vergissing!
Bij de vierde kilometer kan ik het goed inschatten: we lopen die in 6:00 minuten op 10 kilometer per uur. Ik vind dat het fijnste tempo. Ik heb geen last van voeten of knieen dan. De vijfde kilometer gaat over een donker en oneffen pad langs de buurwijk en ineens lopen we er weer bijna 40 seconden  minder over. En dat kunnen mijn benen en mijn lijf prima aan, maar dan ga ik me zorgen maken: Er komen nog twee kilometers aan en die moeten nog harder. Een heel verhaal vertellen wordt lastiger, praten gaat nog in korte zinnen. Over de route.
De voorlaatste kilometer lopen we in 5:15 minuten, dat is 11,5 kilometer per uur. We halen bijna iemand in, maar die draait af.
De laatste kilometer moet dus binnen de 5 minuten. Ach, denk ik bij mezelf; dan is het ook maar snel voorbij! Ik kan niet meer praten en ben in mijn hoofd alleen maar aan het denken: het is maar 1 kilometer, het gaat lukken, dit kan ik! Mijn maatje merkt op dat hij me nog nooit heeft horen hijgen – flauw hoor. Nu wel! Nog 300 meter, vertelt hij, maar ik weet niet tot hoe ver dat is. ‘Einde van de straatverlichting’, meldt ‘ie naast me, ‘ongeveer’. Gelukkig ga ik uit van dat ongeveer, want het is net iets verder, maar ik hou het vol! Ik moet en zal hem bijhouden! De laatste kilometer is net voor de busbaan klaar en die hebben we in 4:42 afgerond. Dat is bijna 13 kilometer per uur.
Ik ben heel trots en moet er breed van grijnzen. Dat we dat zo netjes hebben ingedeeld doet me beter dan de halve marathon! Het tempo vervalt ook weer meteen, dat wel. Ik moet ontzettend nodig wat bami lozen en dat loopt niet lekker. Net over de rotonde moet ik erbij gaan wandelen! Hoe naar… Maar het haalt wel lekker de gemiddelde hartslag naar beneden: die eindigt op 146. De zevende kilometer was die opgelopen naar 167, dus ook dat is nog een veilige marge.
Ook de hartslag hou je tijdens het hardlopen in de gaten.

Bijvoorbeeld vandaag begon ik in zone 2: een hartslag van 144, 138, 141 en 146 in de eerste 4 kilometer. Ik heb in het begin altijd een hoge hartslag; ik moet dan opwarmen. Meestal bereik ik in de het eerste kwartier de hoogste hartslagen.
Die zones zeggen iets over het bereik van mijn hartslag. Dat is heel erg persoonlijk. Mijn rusthartslag is ongeveer 46 slagen per minuut, mijn hoogste hartslag ligt rond de 193 slagen per minuut. Het bereik daartussen is 147 slagen en dat is opgedeeld in trainingszones. Zone 1 is behoorlijk laag. Bij zone 2 kan ik nog hele verhalen vertellen. En dat klopte vandaag ook.
Zodra ik doorga naar zone 3 wordt het praten iets vermoeiender en blijven de lange verhalen achterwege. Dat merkte ik in de vijfde kilometer. Mijn hartslag liep op naar 156 en daarin kon ik nog wel praten, maar niet meer onafgebroken. Ook de zesde kilometer zat mijn hartslag met 161 nog in zone 3.
In de laatste kilometer kon ik nog net zeggen: hier rechts en liep mijn hartslag op tot 167. Dat is in zone 4. Dan moet je hart behoorlijk hard werken en daarmee ook je longen en de rest van je lijf.
Er is zelfs nog een vijfde zone vanaf hartslag 178, maar zover ben ik vandaag niet gekomen. Of dat nou betekent dat ik nog harder zou moeten kunnen, weet ik niet.

Omdat ik dit soort zaken de laatste tijd alsmaar interessanter ben gaan vinden, heb ik vanmorgen dat hardloopboek gekocht, waar de hele wandeling mee begon.

Categories: Uncategorized | Comments Off on Een wandeling én een training van 7 kilometer. Over hartslagen

400 metertjes in de training

Ik ga met de A/B groep meelopen. Ik voel me prima, dus dat moet lukken. We gaan rustig inlopen en we gaan richting de zonnebloemen… We gaan ook richting de brug die mijn loopmaatje vervloekt, maar uiteindelijk krijgen we allebei ongelijk: het wordt het industrieterrein.
Eerst doen we loopscholings-oefeningen. Skippings en kaatssprongen.
Dan gaan we de rondjes lopen. Eerst 200 meters. De trainer heeft hoedjes neergelegd op elke 100 meter.

Dus twee hoedjes lopen op hoog tempo en dan 100 meter rustig terug. En er ligt 800 meter klaar, dus dat doe je 7 keer. Ik probeerde niet zo hard te gaan, maar ik meet mezelf wel een hoog tempo aan tegenwoordig. Ik ga ook lekker en sluit me bij de mannen aan.
Ik vraag de trainer of het niet dom is om zo’n intervaltraining 2 dagen achter elkaar te doen en hij zegt dat rustig aan beter zou zijn. Ik heb niet het gevoel dat ik kei hard ga. We lopen een rondje uit en dan gaan we voor de 400 meter rondjes! Bekend terrein! 400 Meter hard en dan 200 meter rustig terug. Dat gaat drie keer worden voor je rond bent. Ik heb meteen zin om ze binnen de 1:50 te lopen. Ik neem de tijd op en moet best doorlopen, maar de stukjes lijken veel korter dan gisteren. Ik haal het! De eerste keer natuurlijk ruimer als de tweede en de derde keer! Ik tel er niet eens bij! En ik ben best wel tevreden!
We lopen nog een stukje uit en dan komt… de 600 meter. En 400 meter terug. Dat is maar twee keer hard lopen dus. Die gaan me echt niet meer nekken en hoewel ik niet meer vooraan hoeft te lopen, gaan mijn benen toch maar weer hard. Ik moet wel iets meer naar adem happen, maar ik loop allebei de 600 meters binnen drie minuten.
Ik word verdrietig van de omgeving en loop lekker in mijn eigen stilte mee terug. We hebben maar liefst elf kilometer gerend. Ik ben ook weer razendsnel hersteld en de cooling down verloopt prima. Morgen niet lopen, dat is wel duidelijk. En misschien nog wel het moeilijkste van de training!

Categories: Uncategorized | Comments Off on 400 metertjes in de training

Halve Marathon training & 400 metertjes rennen

Een uur na het eten – check
Workout op horloge – check
Hardloopkleren aan – check
12 graden?! 12 graden; warm – check
Zin? Oei…. Maar we gaan wel, voor de eerste ‘400metertjes training’: een yasso voor een snelle halve marathon ‘bedacht’ door mijn trainer. Spannend….
Eerst 20 minuten inlopen, ik wil langs de wijken gaan lopen, dus gelijk het park in. De wind is kouder dan 12 graden doen vermoeden en de eerste kilometer ben ik bang het koud te krijgen. De hartslag moet regelmatig omlaag en dus het tempo ook. Ik jog lekker, maar als ik me voorbereid op de snelle stukken die zo gaan komen, stijgt de hartslag al! De vogels fluiten en in het zonnetje komt de lente er echt aan. Ik kijk goed om me heen naar alle bomen en de nu nog kale natuur.
Ik moet 400 meter (hoelang is dat? Hartslag omhoog) binnen 1 minuut en 50 seconden (hoe hard moet je dan wel niet? Hartslag omhoog) rennen. Daarna mag ik 1 minuut en 50 seconden zo langzaam als ik wil, maar ik mag niet wandelen! (alsof ik dat ooit doe!). De opzet is dat ik straks een halve marathon in 1 uur en 50 minuten kan lopen. Helemaal vertrouw ik deze formule niet meer, want deze oefening, bedacht door Bart Yasso (vandaar de naam), geldt voor marathontijden. Je loopt dan 800meter. Als ik die zou toepassen had ik een marathon kunnen lopen in 4 uur en 20 minuten. Dat zat er flink naast dus. Maar niettemin vind ik het een leuke oefening.
Natuurlijk beginnen mijn eerste 400 meter met de brug op rennen voorbij de kinderspeelplaats. Ik heb besloten over een rustig industrieterrein te gaan lopen: weinig dagjesmensen, weinig honden, weinig verkeer. De eerste 400 meter vallen best mee, maar 13 km per uur lopen is bepaald hard voor mij. Mijn benen vliegen rondjes! En dan lijkt 400 meter best ver ook nog.
Tijdens de rust weet ik weer hoe ik het deed: langzaam tot 100 tellen om de aandacht af te leiden. Het werkt prima bij de tweede sprint. Ook al kom ik maar tot 90. Ik krijg het in elk geval lekker warm. Ook de derde sprint verloopt prima. Ik ben blij dat ik niemand tegenkom, want mijn hoofd wordt al behoorlijk rood.
Ik tel de sprints af en begin me zorgen te maken na de vijfde dat het industrieterrein net iets te klein is… Ik maak wat extra bochten, maar dat betekent tijdverlies.
Bij de zesde sprint vergeet ik te tellen en ga ik tegen de wind in de hoek om. Deze “mislukt”; ik doe 5 seconden te lang over de 400 meter. De volgende sprints worden even zwaar, en ook de zevende valt niet mee, omdat ik weer een brug op moet, waardoor ik er 5 seconden te lang over doe. De achtste gaat bergaf (brug-af) en ik kan mijn benen bijna niet bijhouden! Ik moet wel afdraaien en dan kom ik allemaal honden tegen. Gelukkig mag ik alweer 1 minuut 50 uitrusten en op adem komen.
Nog maar twee te gaan! De negende gaat nog een klein stukje omhoog en daardoor mis ik 1 seconde om binnen de 1 minuut 50 te blijven.  Bij de laatste sprint geef ik nog even alles en ga ik lekker hard – net als mijn hart trouwens! Ik ben net voor de ontbrekende brug naar de buurt toe, klaar.
Ik glibber de modder door (ook niet goed voor een lage hartslag) en ga rustig naar huis joggen. Ik neem nog een verkeerde en natuurlijk doodlopende straat en na dik een kwartier uitlopen ben ik thuis.
Ik vind het jammer dat ik 3 van de tien keer net niet hard genoeg heb gesprint. Maar een gemiddelde van 13 kilometer per uur op de sprints vind ik wel een mooie prestatie.

Categories: Uncategorized | Comments Off on Halve Marathon training & 400 metertjes rennen

Station to Station – Een halve marathon

Om 9 uur stond mijn loopmaatje voor de deur en om 7 minuten over 9 zaten we in de trein met de loopkleren aan.  Als je niet rent, lijkt het zó koud! We stapten uit en op het plein gingen we aan het rennen. Het was de eerste kilometer nog steeds koud, zo over de open vlakte langs het sportcentrum. Maar al snel renden we onder de snelweg door. Ik mocht de GPS ook even vasthouden, waar de route in stond.
We gingen langs het park lopen, leuk, maar er wordt wel veel verbouwd daar. We liepen best hard, zo’n 10 km/uur. Maar het ging ook lekker en ik werd warm. Er stonden wat eenzame bankjes die uitkijken op de snelweg nu. Gelukkig liepen we al snel de bossen in. Het was de hele tijd bewolkt.
Toen gingen we woonwijken doorsteken. Daar was de route niets overbodig, want daar komen wij nooit. Leuk dat er allemaal volkstuinen zijn en er is een heel fijn park. De route was even wat glad. Ik nam keurig netjes elke 5 kilometer een tabletje en drinken. Zonder stil te staan! Er was een brug en die herkende ik van de Almere City Run. We renden een woonwijkje door waar de narcissen al vrolijk bloeiden.
Toen stuitten we op een hek en moesten we omlopen. Dat was ook wel bekend van de City Run, maar we gingen nu de andere kant op. We liepen richting het stadspark en binnen het uur zaten de eerste 10 kilometers erop.
Bij de rotonde met de piramide-huizen gingen we echt naar het stadspark en daar waren we al snel. We namen een pad de andere kant op, naar links, langs de dierenverblijven. Ik wist niet dat het daar zat en ik was lekker aan het kijken ook. We gingen over bospaden. Ook wel lekker, maar dan kan ik de snelheid echt niet vasthouden. Ik zou zelf over het fietspad zijn gegaan, maar de GPS vond dit korter.
We kwamen bij de brug over de vaart en ik vond het al zwaar! Niet bij de 16 kilometer pas, maar bij de 13 al. Oei. Ik werd wat stiller, maar ik heb gewoon doorgerend. Dan ben ik meteen bang dat ik te langzaam loop, maar mijn loopmaatje vond het niet erg. We gingen het zandpad op naast de snelweg in plaats van over het industrieterrein en ik nam snel weer een tabletje en liep even lekker achterop uit de wind. Ik liep mezelf lekker moed in te spreken en dat hielp.
Toen we bij de manege waren, had ik weer zin en ik wilde graag even niet meer door het bos, maar onder de hoogspanningsmasten langs. Mijn horloge loopt echt iets achter elke keer, want mijn loopmaatje heeft wel een halve kilometer meer gelopen!

We gingen de andere vaart over en liepen over het fietspad langs de naastgelegen buurt en toen moesten we net even inhouden om over te steken. Dat was samen met het trapje de enige keer dat we stopten met hardlopen. Ohja, en het kijken naar het dichte hek. Dus eigenlijk loop je 2 uur onafgebroken.
We besloten het fietspad door de buurt te nemen om de halve marathon helemaal vol te maken.
Twee uur en een kwartier hadden we erover gedaan. 9,7 gemiddeld. Ik krijg het benauwd als ik denk dat daar dus minstens 20 minuten vanaf moet! Maar dat is voor latere zorg, eerst gingen we verdiend thee drinken en hopen dat de peesplaat van mijn voet en mijn loopmaats knie zich goed houdt.
Ik baalde ervan dat we er weer waren ingetrapt dat we te snel begonnen waren en daardoor aan het einde niet meer zo hard konden. Moeten we volgende keer toch anders doen. Zou ik het leren?
In de maand februari heb ik al met al ruin 150 kilometer gelopen.

Met mijn hardloophorloge (een Garmin Forerunner 410) en het internetprogramma van Garmin hou ik al deze gegevens keurig bij.

Categories: Uncategorized | Comments Off on Station to Station – Een halve marathon

Toch even lopen!

Gisteravond was erop de BBC een mooi programma waarin de binnenkant van de voet te zien was en ik kon zien hoe die pees die gevoelig is eruit ziet. Wit en strak, dat wel. Hij werkt prachtig! Toen ze verder gingen snijden, kon ik het niet meer aanzien.

Vanmorgen was de pijn aan de voet bijna weg. Gevoelig, maar de pijn was weg. We gingen naar het zwembad: de hele dag voorzichtig lopen dus. Ik voelde mijn voet, maar echt pijnlijk was het niet en tijdens mijn eigen baantjes waren ook de knieen gevoelig in het begin.
Ik twijfelde en twijfelde of ik een rondje zou gaan lopen. Tot we naar huis gingen. Het was veel te lekker weer!
Dus ik trok de loopspullen aan (de dunne trui met lange mouwen en de witte, stevige schoenen) en ging rennend naar de Weight Watchers. Zo rustig mogelijk. Al zat dat ook rond de 6:00 min/km oftewel 10 kilometer per uur. Ik moest wel, want het was frisser als ik dacht. Mijn hartslag heeft het dan zwaar als ik het ook nog koud heb. Rond de 160 slagen ligt het dan.
De voet doet dan geen pijn meer. De Garmin kon geen GPSen vinden, dus ik weet niet hoe hard ik echt ging.
Na het wegen (ik was twee ons afgevallen), rende ik met mijn rugzakje vol, weer terug. Horloge herstart en toen ik de wijk uitliep nam ik me voor op tempo te gaan hollen tot de volgende brug. Ik vergiste me ietsje in de afstand, maar dan ga ik ook door ook! Hard. Op 13 kilometer per uur. Onze eigen wijk ging ik langzamer door; weer terug naar 10 kilometer per uur.
Het werd langzaam donker en ik begon nogal trek te krijgen inmiddels. Binnen een half uur had ik er vijf kilometer op zitten.
De voet is nu gevoeliger. Maar weer koelen en over de roller bewegen.
Hoe kan ik mezelf zover krijgen rust te nemen als dat nodig lijkt te zijn?!

Categories: Uncategorized | Comments Off on Toch even lopen!

Pijn!

Mijn rechtervoet doet weer zeer. Het zit onder de hak, maar dit is een vastzittende enkel en een peesplaat onder de voet die opspeelt. Intussen weet ik het. Maar ik ga de fysiotherapeut niet bellen, want ik heb er geen haast mee. Ik moet nu echt even rusten en voortaan niet meer hinkelen of me uitsloven op de heuvels. Zou ik de les deze keer leren?
Ik koel het een paar keer per dag en dat helpt zo goed, dat ik nu merk dat mijn andere voet ook pijn doet!
Ik ben bang dat ik morgen een training moet overslaan. Dat is moeilijk voor mij. Alsof het van die ene training afhangt….

Categories: Uncategorized | Comments Off on Pijn!

Een training met de snelle lopers mee

Ik ga op deze heerlijke warme lentedag trainen. Het is even kiezen welke kleren er ook alweer passen bij 10 graden, maar het wordt toch een lange broek. Ik vind het best spannend om weer met de A/B mee te gaan trainen, stel dat me dat niet lukt!
De trainer die voor de groep staat, geeft meestal gemakkelijke opdrachten, dus dat wordt geen makkie, maar gelukkig rennen we niet richting de zonnebloemen. We gaan met een dribbelpasje naar de hellinkjes en de parkeergarages.

Daar op de parkeerplaats worden we in groepjes van 3 (of 6) gedeeld en gaan we rondjes om de parkeerhavens lopen. Eerst een langzaam rondje, dan moeten de eersten de anderen op hoger tempo inhalen en daarop doen we wat variaties. Ik kan de sprintkoningin niet bijhouden en ik vind de bochtjes wat krap, maar ik loop ontspannen. Dan gaan we de 17% helling op. Lopend en rennend. Ik kom best elke keer boven, maar mijn hartslag loopt niet op boven de 177. Ik loop zelfs een keer extra zo hard als ik kan. Ik vind de steigerung beter te doen!
Bij een steigerung ga je elke keer een stukje harder. Je begint dus tamelijk rustig te lopen en elke lantaarnapaal of lampje of ander ijkpunt ga je iets harder, tot je op het einde op je maximale doel zit.
Dan moeten we hinkelen. Iedereen haalt mij in en ik heb er moeite mee! Maar ik doe het ook twee keer. We dribbelen weer terug en ik zoek achteraan even de stilte op.
We moeten nog 1 keer versnellen, maar ik geef niet meer alles. Niet dat ik heel langzaam ga, maar achteraan starten is ook achteraan eindigen.
Dan begin ik bang te worden dat mijn voeten weer pijn gaan doen van hinkelen en heuvels! Helaas begint het ‘s avonds al zeer te doen. 🙁
 

Categories: Uncategorized | Comments Off on Een training met de snelle lopers mee

Over op een nieuw schema!

Het schema van mijn hardlooptrainer is binnen!
Ik heb hem om een schema gevraagd om de halve marathon half juni in Almere in 1 uur en 50 minuten te gaan lopen.
 
Ik heb het even bestudeerd en ben blij dat er halve yasso’s in zitten. Yes!
De 10 kilometer die ik snel wil gaan lopen zitten er ook in.
Het ziet er niet onoverkomelijk uit. Vier keer per week is een eitje geworden.
De lange duurlopen vind ik zeker in het begin te kort; ik ga echt niet meer met anderhalf uur beginnen als ik nu bijna op twee uur zit!
Jammer dat we naar een verjaardag moeten, want ik wil het dolgraag in gaan vullen en me eigen maken.
‘s Avonds kan ik alles aanpassen. Ik voeg nog een paar extraatjes toe (wat nou vakantie), schuif met de lange duurlopen en plaats alles in het geel in mijn agenda.

De trainer mailt erbij dat het een scherpe tijd wordt, maar ik ben er op gebrand om het te laten lukken! In elk geval wil ik dicht bij de tijd van 1 uur en 50 minuten komen op de halve marathon in Almere. Oei, nu staat het er
‘s Nachts droom ik van het hardlopen, dat ik tegen de snelste mannen moet lopen en hoe oneerlijk het is dat zij me laten winnen. Ik ben er moe van en moet worden afgevoerd omdat ik me niet meer kan bewegen, maar dat komt omdat de poes op mijn benen ligt geloof ik.
 

Categories: Uncategorized | Comments Off on Over op een nieuw schema!

Weer een lange duurloop

Ik stond bij de zwemles van Vincent te dralen. Had niet veel zin om te gaan lopen. Het was lekker weer, ik had mijn fijne witte schoenen aan en ik had ook de tijd, maar ik moest me er even toe gaan zetten om te gaan. Ik bekeek nog hoe Vincent dook en haalde nog een keertje water. En toen ging ik toch maar. Ik stapte naar buiten en de zon brak door.
Een lange rustige duurloop en voor het allereerst ging het niet om de afstand die ik in welk tempo zou gaan afleggen. Toen ik langs de sportvelden rende, dacht ik gewoon een laag tempo te pakken en voor een uur en drie kwartier te gáán. Ik liep lekker langs de vaart. Kalm aan, lage hartslag. Maximaal een minuut had ik spijt dat ik mijn handschoenen niet bij me had. Na 2 kilometer was ik warm en liep ik lekker rustig op de muziek van Loreena McKennitt. De drinkbelt zat in het begin helemaal niet lekker en schuurde zelfs onder het t-shirt door. Na 4 kilometer liet ik ‘m maar zitten en toen had ik er geen last meer van.
Het sluisje over, en dan het bos in. Ik was alleen. Er was niemand anders. Ik, vogeltjes en rustige muziek. ‘Vroeger’ wilde ik dan wel gaan wandelen, om het heerlijke moment langer te laten duren, maar nu ging ik gewoon gestaag door. En ik ontspande me en ging zelfs nog wat sneller. Tot mijn verbazing lag dat tempo rond de 10km/uur!
Ik ging na een heerlijke twintig minuten de dijk op. Tijd voor de volgende test: al lopend een tabletje nemen en een slok drinken. Stoppen is niet nodig en hopelijk komt er geen kramp van.
Ik had wind mee op de dijk. Heerlijk! Het ging erg goed, dus ik koos ervoor om deze keer eens óp de dijk te blijven tot aan de verre afslag. Ik ging prima, lekker op tempo. En de twintig druppels waren eigenlijk wel lekker verkoelend.
Ik was wel aan het tellen: hoe ver nog, hoe lang ga ik nog. En ik dacht ook wel: ik had lekker op de bank kunnen zitten, maar nu heb ik het toch ook naar mijn zin?
Als ik even een dipje had, dacht ik aan mijn loophouding: armen laag, rechtop en naar voren vallen en dan ging ik weer meteen een heel stuk soepeler.
De route om de plassen was dicht, gelukkig had ik dat wel verwacht en was het geen domper. Ik kreeg wel even wat wind tegen, maar mijn tempo ging niet omlaag. En ik had geen kramp, dus at ik nog maar een tablet.
Ik ging langs de heuvel bij de plassen en over het pad langs het riet. Ik had nog tijd, nog energie en ik rende verder naar het bos. Tegenwoordig ken ik de afstanden allemaal een beetje en de paden ook, dus ik wist al zeker dat ik niet over de lange weg terug moest lopen, maar een brug verder moest pakken in verband met de wind!
Op het fietspad in het bos vielen er wat meer druppels. Raar dat dat voor de tweede keer op dezelfde plek gebeurt op een verder droge dag! Ik besloot de laatste kilometers wat langzamer te gaan, maar wanneer gaan die laatste kilometers in dan he. Vanaf 15 toch zeker. Of nee, het gaat nu goed, dan doen we vanaf 16 kilometer…… Eigenlijk gebeurde het toen ik de brug over was. Toen vond ik het welletjes. Ik nam gas terug en ging langzaam tussen de huizen door van de naastgelegen buurt.

Na precies 1 uur en 3 kwartier was ik thuis. Dik 17 kilometer. Ik had geen moment niet hardgelopen. Nergens ook maar even gestopt, niet om over te steken, niet om te eten, niet eens om op de borden te kijken (en toch heb ik gezien dat de plassen tot 1 mei dicht zijn). Een keurige hartslag van 146. Daar was ik echt wel trots op, want de hartslagmeter zat helemaal goed! In het bos, toen ik me ging ontspannen, is mijn hartslag al lopend afgenomen naar 140, terwijl mijn tempo omhoog ging!
 
Gemiddeld 6minuut 06seconden per kilometer is een gemiddelde van 9,8 kilometer per uur. Dat is toch sneller als eerder dit jaar ooit op die afstanden. En ik was er best even moe van, maar na een paar bekers water, een banaan en een douche is mijn hartslag weer gedaald naar 60 bpm. Ik ben niet echt onbehoorlijk moe.
Voor het feit dat ik weinig zin had, mocht ik toch wel heel erg tevreden zijn!

Categories: Uncategorized | Comments Off on Weer een lange duurloop

Lopen in de regen

Het regende. En toch had ik met een hardloopmaatje afgesproken om te gaan rennen. Dus om kwart voor 9 deed ik het regenjasje maar aan en om 9 uur liepen we de wijk uit. Het viel mee met de regen. Ik hou niet zo van buien, maar een groot deel van de tijd was het toch droog. We besloten de lange weg op en neer te lopen. Eenmaal daar kregen we wind tegen – best lekker. Jammer van de bui. We liepen te kletsen, en ik vond best op een hoog tempo eigenlijk.
Het tempo beviel me goed, maar ik vond het niet gemakkelijk. Dan merk ik dus best dat ik de dag ervoor ook al flink gelopen heb.
We draaiden om bij de vlaggen en liepen langs de lange weg weer terug. Nu hadden we wind mee en ik had genoeg adem over om te kletsen. Er reden allemaal politie-auto’s, wel vier stuks!

We liepen helemaal door tot het einde en toen nog een stukje terug tegen de wind in. In de wijk liepen we nog een klein ommetje en zo waren de 10 kilometer vol binnen een uur, met een gemiddeld tempo van 10,2 kilometer per uur. Hardlopers spreken over een tijd per kilomter van 5:53. Ik ben zelf meer van het aantal kilometers per uur; waarschijnlijk wil ik mezelf liever met een auto meten!
Ik had de blauwe jas aan en een shirt met lange mouwen en de regenjas erover. Het was best warm eigenlijk.

Categories: Uncategorized | Comments Off on Lopen in de regen