2021-21

Zondag 25 juli Uitfietsen met moeie ? ?

Vincent moet een uur en een kwartier fietsen. Ik moet dat morgen doen, maar ik ben alle trainingen een dag naar voren aan het halen. Dan kom ik vanzelf de rustdag tegen als ik die nodig heb! Vandaag ga ik met Vincent mee. Een rondje om de Noorderplassen. Mijn benen hebben na 2 kilometer al bericht voor me: Geen Power – Geen Zin. Gelukkig luister ik niet naar ze en hoor ik nog liever Vincent aan over Fortnite! Elke brug op protesteren ze luid, die benen van me. Het fietscomputertje meld ook iets: geen tempo. Vincent behoedt me om verder om te rijden dan nodig is, maar het haakje bij het Boathouse krijg ik net verkocht. Op de dijk gaat het wel redelijk qua tempo en met de benen. Tot we stilstaan voor een foto. Dan komt de benauwde, hoog vochtige lucht als een deken op je te liggen en beneemt je -bijna letterlijk- de adem.

We doen een paar sprints, maar die nemen mijn benen me helemaal niet in dank af! Die van mij lopen ook eens een keer echt vol, zonder dat ik echt hard ga. Ik push Vincent nog wel om in de buurt te komen van de 75 minuten en we rijden via de Evenaar terug. Ik heb de afgelopen week ook 178 kilometer gefietst. Ik heb getraind alsof ik een hele triatlon ga doen. En dat noem ik dan lekker vakantie!

Zaterdag 24 juli – De Amerongse Berg ⛰ Trail ?

Joyce en ik moeten voor we naar de Ardennen gaan voor de Trail de Fantomes toch echt nog een keer wat trainen en hoogtemeters maken. mo half 10 staat Joyce voor de deur en met wat file rijden we naar Bosrestaurant (ik ben de naam vergeten) en daar stappen we om kwart voor 11 met de trailschoenen aan uit. We gaan een halve marathon lopen. Ik zie er wat tegenop, want ik weet nooit zeker of het zal lukken. Joyce is ook al een geruime tijd wat vermoeider. We gaan rustig aan doen. We hebben de tijd.

Mijn horloge heeft er vandaag in het begin meer moeite mee: de route loopt niet naar wens mee en ik moet inzoomen en dan kan ik na een kilometer ook gewoon lekker meedoen. Allemaal brede bospaden. Vorige week was hier nog een georganiseerde trail, dus we kunnen de afsnijroutes volgen. Het zijn allemaal onlangs nog betreden paden! Het gaat inderdaad op en neer. Het gaat mij goed af. Lopen op dit tempo en tegelijkertijd vertellen (over de vakantie) kost me niet zoveel moeite.

Eerlijk gezegd vind ik de route niet uitermate bijzonder. Het gaat op en neer, het gaat door het bos, er zijn brede trailpaden en single tracks en we hebben de tijd om te praten. Of om even stil achter elkaar te lopen. Misschien zijn we intussen verwend qua trails. Maar het open veld is even mooi!

En weer verder! Bossen door slingeren. Op 5 kilometer houden we een eetstop. Tegenwoordig doen we dat dus maar gewoon, dat stoppen. En soms is het eventjes een stukje minder hard rennen of flink doorstappen. Het is heerlijk weer, bewolkt, niet te heet of te benauwd. Het is wel zweten en warm hoor! Dat wel. Heel soms lopen we een stukje verkeerd, maar met 2 keer de route op een horloge, keren we dan snel om.

Ik kan niet echt meer veel bedenken wat heel speciaal was. Op 10 kilometer doen we weer een stop om te eten en een plasje. Ik heb veel voeding bij me: eierkoeken (die neem ik nu 2), Marsjes, zoute stokjes… Joyce moet er om lachen: van Anke die niets at naar Anke met de halve Albert Heijn bij zich! Maar ze kan de bananenschil toch maar mooi kwijt in 1 van de zakjes die ik ook meesleep! We gaan naar de Eenzame Eik. Ik was daar al ooit, maar Joyce nog niet. Ik besluit om tot daar te blijven hardlopen. Nu zijn er veel dingen (met snelheid en kracht en prestatie) waar ik niet in uitblink, maar als ik iets in mijn hoofd zet, dan doe ik het ook! En dat is blijven hardlopen. Ook als het omhoog gaat. Ook als het daalt. En daarna weer omhoog gaat. Ik denk aan mijn ‘afspraakje’ bij de Eenzame Eik. Met Joyce. En dat houdt me dan glimlachend op de been in hardlooppas.

Bij de eik zoek ik het bankje uit met de beste tekst en ik hoeft niet echt lang te wachten op Joyce. We zitten samen even onder de eik die helemaal niet zo eenzaam is eigenlijk. Die laatste kilometers – het zijn er nog ‘maar’ 7- die gaan vast ook lukken. Ik hoeft niet zo snel allemaal. En door! Het is te merken dat we wat vermoeid raken. De scherpte met de route is er af. De geanimeerde gesprekken verstommen wat. Het gaat veel over het hier en nu: waar we lopen, waar we heen gaan en hoe het gaat. Joyce ziet een boomwortel over het hoofd (1 van de miljoen) en bekijkt de grond even van dichtbij. Behalve dat ze ook wat grond meeneemt op haar shirt is er niks mis gelukkig.

We komen nog bordjes tegen van de ‘wedstrijd’ van vorige week. Bij de zoveelste bedenken we dat ze deze niet zullen missen. Hebben we toch een beetje een medaille ? Na 17 kilometer raken we de route wat bijster. We gaan iets te veel omhoog en net voor de Eenzame Eik kunnen we weer terug naar de route. Er volgen brede, aflopende paden en dan gaat het zomaar weer een kilometer van een leien dakje. Tot de volgende top

De laatste kilometers zijn net als altijd: sappelen. Vaak de vraag in je hoofd: “hoe nog?” Hoe ver nog? Hoe hard nog? Hoe loopt de route nog? Hoe gaat het nog? Vind ik dit nog wel leuk? Het helpt me te beseffen dat ook dat een vorm van training is. Van je hoofd. Dat zegt: ik wil niet meer. Tegen mezelf; ik, die dan zeg dat we het toch blijven doen! Ik zal eerder bij de 21 kilometer zijn met mijn horloges. De Apple Watch heeft niet gestopt, maar die haalt de halve marathon niet binnen 3 uur. Die loopt een kilometer voor op Joyce! Mijn Garmin haalt de halve marathon daarna. Als we verkeerd lopen langs de camping.

Daar raak ik dan geïrriteerd van, maar we doen nog een blokje extra. Ik wil er gewoon zijn op zo’n moment! Dan moet ik niet denken aan de Ardennen en hoe ik daar nog extra kilometers moet maken en veel, veel meer hoogtemeters.

We zijn rond en dan is Joyce er ook met de halve marathon. We lopen allebei de 22 kilometer vol. Daar wint mijn hoofd het en wandelen we terug naar het restaurant voor een kop koffie / chocomelk en om de handen te wassen. Weer een halve marathon in da pocket. En de afgelopen week heb ik zo ongemerkt 50 kilometer hardgelopen. En ook nog wat gefietst.

vrijdag 23 juli – Toch echt een rustdag! tenminste…. Weer slecht geslapen. Alle spullen inpakken. Afwassen. Opruimen. Naar huis rijden. Alle spullen weer uitpakken. Was. Opruimen. Was. Schoonmaken. Was. Katjes gedag zeggen. Was. Vincent vaccineren (met een hobbeltje). Was. Eten. Was. En ‘s avonds even een stukje wandelen met Rob om de watten (de jetlag!) uit het hoofd te halen. Rustdag dus. Waar je heel moe van wordt!

22 juli (weer) Fietsen door Drenthe en (wieder mal) door Duitsland ?? en intervallen lopen ?‍♀️ ?

Eigenlijk staat er voor morgen 3 uur fietsen naar huis, maar -punt 1- van Coevorden naar Almere (ruim 120 kilometer) in 3 uur is onmogelijk en -punt 2- ik wil helemaal niet naar huis fietsen; ik wil thuis zijn en de was kunnen doen! Dus ik ga vandaag kijken hoe het Drentse land er uit ziet. Nu kan het nog. Ik heb de tijd en ik kom hier niet meer terug! Dus ik ga het rondje Dalen fietsen. Dat is ‘maar’ 35 kilometer en daarom fiets ik dat rondje 2 keer. Hoeft ik alleen maar naar de bordjes te kijken. Ik zet een muziekje op en met minimale zin vertrek ik. Ik heb de laatste tijd voor de meeste sporten weinig animo, tot ik eenmaal bezig ben; dan stop ik liever niet meer. Eerste opgave is het park af en dan volgt het fietscomputertje. De fietscomputer zet het scherm op zwart, wat ideaal is voor mij, omdat ik me dan niet erger aan mijn (gebrek aan) snelheid.

Ik denk dat het circusbord voor het eerste bordje van Rondje-Dalen staat, want ik weet welke kant ik op moet, anders had ik het nooit gevonden. En zo fiets ik door Dalen. Wat ik al snel achter me laat. Het open land in. Lange rechte wegen, lekker makkelijk, goed te volgen en heerlijk rustig. Het is allemaal erg landelijk. Ik weet niet zo goed waar ik blijf qua omgeving, maar dat weerhoudt me er niet van om te genieten. Ik drink keurig van mijn bidon met sportdrank. Ik kijk naar de boerderijen, de wegen en kruis het spoor of een grote weg.

Om even later ineens in het bos te rijden. Dat is wel erg mooi. En bochtig. Ik kom langs bruggen en vaarten. Op de borden staan plaatsnamen van dorpen waar ik nog nooit van heb gehoord. Ik kom over een brugje waar ik op een heel damesteam moet wachten. Ik heb de tijd.

En dan heb ik ergens een stuk wind mee. Inmiddels moet ik plassen. Ik heb zo’n dure fietsbroek aan die ik lastig uit ga krijgen. Dan is Drenthe best open! Na een kilometer of 20 kom ik op de weg die ik ook met Vincent heb gefietst, maar nu ga ik richting Oosterhesselen. Ik sla eerder af en rij over de klinkertjes van Wachtum. Een slaperig Drents dorpje.

Klinkertjes zijn onprettig als je moet plassen. Ik denk dat ik voor het tweede rondje maar even langs het huisje ga. Ik rij aan de andere kant langs Dalen en volg trouw de bordjes. Straks kom ik langs het park. Nog een rondje, maar dan zonder Wachtum? Of ga ik de andere kant op? Ik weet het niet. Ik heb het gevoel dat ik de verkeerde kant op rij eigenlijk, maar ik ben voornamelijk bezig met plassen. Dat ik zo enorm moet. Ik zit op ruim 35 kilometer als ik een bordje zie staan met de keuzes: Rondje Dalen 44 km links en Rondje Dalen 53 km rechts. WHAT?

Ik zit op 40 kilometer en ik zie aan de windmolens waar ik ongeveer moet zitten. Ik fiets niet al te hard, dus nog een rondje kost me teveel tijd. Ik ga NU plassen. Ergens langs de weg bij één of ander miniriviertje zoals er in Drenthe tig zijn, zorg ik bijna voor een overstroming. En dan trap ik rustig weer verder. Ik kom bij knooppunt 20 uit bij het park en besluit het rondje van gisteren nog eens te herhalen. Ik heb de Nederlandse ja-knikker totaal gemist. Nog 25 kilometer erbij is prima. Dat is een uurtje. En ik hoeft nu niet meer te plassen gelukkig. Ik ken de weg nog. In mijn eentje gaat het ietsje harder. Zeker als ik de wind mee heb! Bij de ja-knikkers hou ik een korte stop.

Het is meer een schilder (geel-zwart) dan een ja-knikker. Ik ga over het brugje Duitsland weer in. Nu loopt de GoPro mee. Ik zie een Duitse auto en het voelt toch een beetje als buitenland. De weg kan ik nog prima vinden. En zo rij ik na 50 kilometer weer aan de grens.

De GoPro is leeg intussen. Ik wil ietsje verder om terug rijden. Dan haal ik de 60 kilometer. Of iets meer. Ik wil ook liever niet weer langs de Stieltjesdijk rijden eerlijk gezegd. Zo kom ik nog een keer langs de andere kant van Coevorden. En dan zie ik op de borden Huttenheugte staan. Weet je, dat probeer ik gewoon! Ik volg de borden en kom van weer een andere kant. Met 60 kilometer op de teller sta ik weer bij het park. Daar rij ik nog doorheen en ik heb lekker gefietst.

Officieel stond er voor deze dag een hardlooptraining. Ik hik er tegenaan en haal Vincent over mee te gaan op mijn fiets. Na de pannenkoeken. Natuurlijk heb ik geen zin, maar ik ga wel. Een uur in zone 1. En dan 3 versnellingen op het einde. Ik ga een grote ronde om het park en een rondje in het park. Dat zijn zo’n 10 kilometer. Er zit 1 onverhard pad tussen.

We gaan samen het park uit. Ik hou zone 1 wel vol, maar het is wel op een laag tempo. Buiten het park gaat Vincent hard vooruit fietsen en ik hobbel door. Het tempo gaat omhoog. Langs het Stieltjeskanaal filmt hij me en dan scheurt Vincent weg en ik hobbel door de zon.

Onder het viaduct wacht hij op me. Dan gaan we het onverharde pad op. Vincent moet wandelen en ik hobbel door. Het pad is erger dan ik dacht! Krap, ongelijk en heel… onverhard. Als ik bij het einde ben, keer ik om en neem ik mijn eigen fiets even mee.

We komen bij een soort sluisje en daar kunnen we de verharde weg weer op. Ik word moe en tempo zone 1 wordt echt tempo zone 1. Ik heb geen zin meer en ik wil al helemaal niet meer versnellen. Vincent babbelt vrolijk door. We komen langs een boer die ons in onvervalst onverstaanbaar Drents aanmoedigt terwijl hij de melkbus voortduwt. En we komen langs de koeienoversteek met een een stoplicht.

En ik mopper me suf. Ik hoop dat ik de versnellingen niet haal. We komen langs 1 bankje waar ik een push up doe. Maar dat vind ik achteraf niet genoeg. Als we het park op gaan, doe ik 1 versnelling, maar ik kom niet in de goede hartslagzone binnen 90 tellen. Vincent gaat zwemmen. Ik neem de fiets over. Of ik de laatste 2 versnellingen nog doe? Liever niet. Is ook onhandig met de fiets aan de hand. Ik doe in elk geval een poging. Die niet slaagt. Ik maak de 11 kilometer niet vol, geef de fiets zo snel mogelijk af aan Rob en blijf in het trisuit zitten op de bank. Klaar met sporten in Drenthe.

21 juli Rustdag! ? Uh-huh: een koppeltje ?‍♀️ ?‍♀️ én zwemmen ?‍♀️

Na dagen zeuren is het zover: Rob gaat mee fietsen! We gaan helemaal naar Duitsland. Er wordt nog flink gesputterd over zadelpijn en afstand, maar Vincent en ik krijgen hem mee op zijn eigen fiets, die normaal dienst doet als Tacxfiets. De grootste moeite is weer…. het park verlaten! Dan gaan we naar het Stieltjeskanaal. Het is weer prettig weer. Ik hoeft niet hard. Ik heb een rustdag namelijk. Die heb ik gevraagd. En op de rustdag mag ik best een uurtje in zone 0 fietsen. OF een half uurtje hardlopen in zone 0-1. Dus ik hou tempo-oude-damesfiets aan. Na 5 kilometer krijg ik al de neiging om te gaan zeuren over pauze. We zijn net bij het Stieltjeskanaal.

We gaan de brug over en dan richting Duitsland. Naar de windmolens. Vincent denkt dat die met een rood bandje Duits zijn. We gaan die kant op. Ik heb een soort van route. Met 8 kilometer staan we op de grens. Er zijn ja-knikkers aan de overkant! Leuk!

We wisselen van fiets en Vincent sprint weg op de mijne. Dan komen we bij een brugje en dat steken we over naar Duitsland. Er wordt nog wat gewisseld van fiets en we rijden door Duitsland. Dat zie je niet echt goed aan het landschap, maar de straatnaambordjes zijn anders.

We stoppen nog een paar keer langs brugjes en kanalen. Rob houdt het goed vol! Bijna beter dan deze oude taart op een rustdag. We komen bij een grenstoren en een brugje.

Na een (foto)stop gaat ieder weer op zijn/haar eigen fiets verder. Dan rijden we naar Coevorden. Ik heb het eigenlijk wel gehad. Ik wil een ijsje. Die liggen in het huisje. We moeten Coevorden nog door. Van knooppunt 76 naar 77 en dan naar 20. Het is een beetje onrustig. Dan zijn we weer langs het Stieltjeskanaal. We moeten nog het hele park door en dan zitten er bijna 25 kilometer op.

Rob begon over chips. En toen had ik me toch opeens zin in chips! Dat was genoeg reden om hardlopend het park rond te gaan om direct chips te halen. Joggend. Over het pad om het water heen. Ik ga heel rustig en ik kijk goed naar de natuur. Het is een mooi gelegen pad. Allemaal van die huisjes er omheen. Ik volg de wandelroute.

Bij de Market Dame is het weer druk en zet ik het horloge even uit. Ik heb 2 kilometer gelopen. Ik haal 2 zakken chips en M&Ms. De chips moet ik in de hand houden. Ik loop even langs het ezeltje. En dan hobbel ik weer terug naar het huisje, met in elke hand een zak chips. Het is 3 kilometer rond en dan ga ik op de stoelen buiten de chipszak leegeten.

‘s Avonds wil Vincent nog weer gaan zwemmen. Ik ga maar mee, en ik neem een tijdschrift mee. Volgens het schema moet ik nog 20 minuten krachttraining doen, nou – die doe ik in het zwembad! Van de ene glijbaan naar de andere ‘rennen’, springen in de golven en enge trappen beklimmen. Tegen de stroom in zwemmen en glijden. Ik vind het mooi! Een beetje vals misschien, maar hallo – dit was een rustdag!

Tijdschrift? Uhm…. nopes. Ik ga niet stilzitten. De enige keren dat me dat lukt is als ik aan het bloggen ben. Ik ga meteen na de stroomversnelling het 25m bad in en ik ga heel goed letten op de slag. Diep insteken, nakijken, ademhalen en breed insteken. Zo min mogelijk bubbels. Het gaat echt een heel stuk beter! Niet snel, maar wel goed. En dan kan ik dat zwemmen lang volhouden. Bij de volgende stroomversnelling maak ik de 1000m vol. Ik doe zelfs een stukje met de stroomversnelling mee! We gaan op tijd douchen en omkleden. Nu hoeft ik alleen nog maar te bedenken hoe ik uit ga leggen aan de trainer dat ik een rustdag wilde om op die rustdag vervolgens alle drie de sporten uit te voeren! Het is heel simpel: als het niet ‘moet’, dan doe ik alles heel rustig en ongedwongen. Dan voelt het als rust. En een uurtje fietsen in zone 0 mag. Of een half uurtje hardlopen in zone 0-1. ‘of’ is maar een heel klein woordje, dat zie je zo over het hoofd toch 😉 En zwemmen is voor de ontspanning.

20 juli Intervallen ?‍♀️ en stroming ?‍♀️

Op het schema staat een interval hardlopen. Van anderhalf uur. Vincent hoeft maar 40 minuten. We hebben een wandelrondje Dalen gevonden. Dat begint buiten het park. Vincent kan die 1 keer doen en ik dan twee keer. De grootste moeite echter is wederom het park af lopen. Dan zitten we al op dit 2 kilometer. En dan doen we ook nog eens meteen de route verkeerd. We lopen het leuke schelpenpad op.

Ik moet al gauw aan de intervallen. Het is 2 keer 2 minuten, 2 keer 3 minuten, 2 keer 4 minuten, 2 keer 5 minuten en 2 keer 6 minuten. Tussendoor een minuut (wandel)pauze. De eerste intervallen van 2 minuten houdt Vincent me nog bij, maar hij zal daarna al snel de andere kant op terug gaan. Ik pik het wandelrondje Dalen op. In de interval gaat het tempo lekker omhoog. Tussendoor wandel ik. Ik kom bij het spoor.

Ik zou wel een foto van het bordje Rondje Dalen willen nemen, maar als ik wandel, is er geen in de buurt. Ik loop hard langs de scholen en het dorpsplein. Ik loop hard langs de molen en door de straten. Dalen is wel aardig, maar niet heel uniek. Mijn tempo past er prima bij! Langs de oude waterput en de huizen en dan ben ik weer bij het station. Eindelijk een bordje als het me uitkomt! Dan ren ik door de “Daler tuun”, een parkje.

Ik verlaat de route. Ik kom toch te kort vermoed ik. Dubbel het rondje doen is totaal niet nodig. En even later pak ik het rondje weer op, maar dan in tegengestelde richting. Ik ga aan het tellen om de 5 minuten op hoog tempo vol te maken en afleiding te hebben. Ik krijg trek. Ergens tussen de 5 en 6 minuten intervallen neem ik een gel en veel water. 6 Minuten op hoog tempo is best aanzetten. Ik neem de route de andere kant langs en kom weer bij de schelpenpaadjes. Deze keer moet ik er op tempo overheen. Het is benauwd. Niet zonnig, wel drukkend.

Als ik alle intervallen heb gehad, ga ik uit-joggen. Langs Plopsaland en door het park. Wel aan de buitenkant, want ik ben een rode tomaat ? op hobbel tempo. Ik maak er 14 kilometer van in anderhalf uur. Het was een prima training!

‘s Avonds ga ik nog een keer met Vincent mee naar het zwembad. Ik ga voor 40 minuten zwemmen in het ’25 meter bad’. Het is nog drukker. Nog onrustiger. Nog meer cirkelen. Ik ga heel sloom. Strak, maar rustig. Al snel gaat de stroming aan. Zucht. Ik merk het verschil hoeveel mensen er in de stroming zitten! Hoe meer mensen, hoe meer golfbrekers, hoe makkelijker ik bij het lampje kom. Maar ik sla het lampje soms ook over. En dan neem ik de stroming mee de andere kant op. Dat gaat wel lekker dan! Ik hou soms even pauze en stop het horloge dan. Dan weet ik waar de stromingen zaten. Meervoud ja, want het gebeurt zelfs 2 keer! 1 Meisje zwemt me wel 4 keer in de weg. De laatste keer trek ik me er eens niks meer van aan en raak ik haar.

De meeste mensen merken me niet op, want ik ga overal omheen en zit niemand in de weg. Ik ben wel altijd alert en hoop maar dat er niemand op mijn springt. En zo wel, dat de badmeester ‘t opmerkt. Ik tel de meters bij elkaar tot het er 2000 zijn. Daar doe ik nog geen 3 kwartier over. Het zal wel, maar ik heb genoeg geslingerd en gedoe gehad om het toch zeker mee te laten tellen! Dan ga ik nog even in de golven zwemmen. Kijken of dat gevoel van de Frysman er nog is. Maar nee, het is veel en veel makkelijker met een bodem onder je, getimde voorspelbare golven, golfjes windkracht 3 hooguit en een heel klein stukje. Ik zwem bijna onder de lijn door! Hoe moeilijk de Frysman was in vergelijking met dit dringt nu pas door. Ik zit nog even in de branding en dan ben ik weer klaar. Met sporten voor vandaag.

19 juli De fietsreis ? ? ? , de wandeling?‍♀️? ?‍♂️ en zwemmen ?‍♀️

Vandaag gaan we van het huisje in Noord-Drenthe verhuizen naar een huisje in Zuid-Drenthe. Het ene huisje moeten we om 10 uur verlaten, het andere mogen we pas om 1 uur in. Hemelsbreed ligt het nog geen 50 kilometer uit elkaar. We hebben dus veel tijd over. Vincent en ik gaan fietsen van lokatie 1 naar lokatie 2. Rob rijdt. Maar dan nog hebben we tijd over! We spreken af bij Westerbork. Dan blijft 1 iemand bij de volgepakte auto en de fietsen en de andere 2 wandelen het sterrenpad. Om 10 uur rijden we weg.

De auto en de dakkoffer liggen vol. We gaan richting Assen. Meer weet ik niet, Vincent is van de route. En dat is een dingetje…. De route is namelijk een serie rechte lijnen van punt naar punt… Hij moet er zelf de weg bij zoeken. Na enig gemopper en een stukje onverharde weg, heeft ie het door en gaat hij voor de badge ‘navigatie voor gevorderden’. Ik hoeft alleen maar te trappen, te luisteren en mee te gaan. Lekker! Alhoewel… Ik vind het moeilijk de route uit handen te geven en heb net te weinig idee of het goed gaat met de richting… Alhoewel… Mijn beentjes vragen zich af wat we nu weer aan het doen zijn… Alhoewel… Ik heb niet zo heel veel te vertellen eigenlijk… Vincent is hartstikke vrolijk, goed met de route en we komen door prachtige dorpjes. Lekker Drents.

En over de vlakte van Balloo. We gaan langs Roden. Overal is het stil en lekker rustig op deze maandagochtend met perfect weer. We hebben wind mee en het is licht bewolkt. We luisteren van alle duizend keer dat de fietscomputer roept: maak een u-bocht, slechts 1 keer! Dan gaan we terug naar het fietspad. Dat is het moment dat mijn benen zich gewonnen geven en dat ik me er bij neerleg dat ik alleen maar om me heen hoeft te kijken. Straks, na een kilometer of 20 moeten we even uitkijken dat we Westerbork niet missen, maar verder is alles kits. Vincent heeft het volledig onder controle. En is het 2 minuten stil, dan kan hij vrijwel elke keer melden: we zijn uit koers! 1 keer maak ik een foto van het fietsroutebord, maar ik zie Westerbork niet liggen! Na 20 kilometer kijken we op de telefoon en blijken we eigenlijk vlakbij te zitten. Een paar minuten later vinden we Rob op de parkeerplek. Hij gaat lekker samen met Vincent wandelen, terwijl ik bij de auto en de fietsen wacht. Heerlijk, een uurtje niksen! Appen, snoepen en drinken. Ik kom de tijd wel door! Ik vraag bij de trainer een rustdag aan. Want er staan deze twee weken werkelijk elke dag iets!

We fietsen weer verder rond 12 uur. We zijn nog niet op de helft, maar dat boeit niet. We gaan nu helemaal een stil stuk in. Er is bijna niemand en er zijn nauwelijks grote plaatsen. Ik weet dat we langs Orvelte gaan, maar dat is echt ‘schampen’. Van de plaatsen Aalden en Meppen had ik nog niet gehoord. Vooral om Meppen moeten we lachen. Al is Oosterhesselen ook een plaatsnaam die voor pret zorgt. Onderweg doen we twee keer een plasstop, voor elk een. We passeren een meneer daardoor wel 3 keer! We trappen vrolijk verder in een redelijk tempo.

Vincent heeft de route helemaal onder controle. We moeten 1 keer gokken dat de weg niet afgesloten is (wat niet zo is in werkelijkheid, maar wel volgens de borden) en we dwalen even door Dalen. Ik wil de bordjes Huttenheugte gewoon gaan volgen, maar Vincent mijdt het centrum door de rechte lijnen. We passeren het circus en dan komt het wel goed als we een combinatie van de route en de bordjes maken. Ineens zijn we er. Bij Plopsaland. Na dik 60 kilometer. Maar dan moeten we het hele park nog door! Dat is zomaar 2 kilometer extra! We zitten na 63 kilometer fietsen nog steeds in Drenthe.

Rob heeft alle spullen in het huisje gezet. Ik ruim het even op. Het is een heerlijk stekje! Lekker rustig in het bos en niet zo vochtig en vies als waar ik voor gewaarschuwd was. We hebben een fietsenkamer met stapelbed. We hebben iets voor de fiets laten afleveren bij de AH in Coevorden. Dat is namelijk vlak bij het park. Rob en ik zullen er even naar toe wandelen. Dat is een misvatting! We komen namelijk het park niet af. Het is stervensdruk, want wij mochten er als Friendsgast dan wel al om 1 uur in, de rest moet wachten tot 4 uur en dat is nu. Overal auto’s en mensen. En afgesloten hekken. We wandelen 3 kilometer en zijn dan pas het park af. Waar we helemaal omheen moeten lopen! Door alle irritatie lopen we flink door langs de weg. Het is nog saai ook. Na een kilometer of 5/6 ligt ons huisje hemelsbreed nog geen 500m van ons vandaan. We lopen langs het Stieltjeskanaal en komen in Coevorden aan.

We lopen door het park. Er zitten al 7 kilometer op en ik zeg tegen Rob: dat is van ons huis naar het station in Almere Centrum. Dan gaat er een lampje branden: tussen Coevorden en Dalen rijdt een trein. Als het korter lopen is, nemen wij de boemel! Maar eerst de AH. We kijken even in het centrum en als ik borduurstof koop, telt Rob uit dat het anderhalve kilometer korter lopen is na een treinritje. Ik heb vanmorgen namelijk ook al gefietst en Rob heeft ook al flink gewandeld bij de radio-antennes (ook zo’n 6 kilometer) dus wij kijken uit naar het spoor! We hebben iets te drinken gehaald en het pakje bij de AH zit in de rugtas.

Zo leuk: de trein! Ook al is het maar 3 minuutjes. En dan nog altijd 4 kilometer terug wandelen. We nemen frietjes mee en spullen die gekoeld moeten blijven, halen we op het park. Rob heeft de halve marathon gelopen, zoveel is zeker.

Na het eten wil Vincent zwemmen. Die heeft de hele middag stilgezeten. Helemaal alleen gaan vind ik toch onverantwoord, dus er moet iemand mee. Er is een 25 meter bad. En ik heb nog niet gezwommen vandaag…. Maar ik kan daar ook gewoon stil gaan zitten. Dat lukt me ook. Een minuut of 10. Het 25 meter bad is meer een speelbad dan een trainingsbad.

Ik trek het zwemmen naar voren en ga nu een half uurtje, nu ik er toch ben. Ik doe mijn brilletje op en ga heen en weer zwemmen in mijn borstcrawl. Diep insteken en breed insteken is een gewoonte geworden. Rust bewaren is lastiger. Dat komt omdat er veel mensen zijn om omheen te cirkelen. Opletten of ze niet springen of mij in de weg zitten. Tot overmaat van ramp zetten ze ook nog een stroming aan! Die gaat buitenom, maar in het zwembad merk je dat ook enorm goed. Ik moet tegen de stroming in zwemmen! Het is een flinke krachtoefening. En de andere kant op kan ik de stroming mee dan weer gebruiken. Ik zie het maar als training en erger me niet. Als de stroming uit gaat, wordt het lekker rustig in het bad en kan ik tamelijk rechte 25 meter banen zwemmen. Na dik een half uur hou ik het voor gezien.

Al met al heb ik op deze dag 25 kilometer gelopen volgens de Apple Watch, -waarvan 13 kilometer flink gewandeld-, 63 kilometer gefietst en 1400m gezwommen. Raar om dan ook een rustdag aan te vragen…..

18 juli Hardlopen ?‍♀️ en dwalen door Drenthe

Vincent ging fietsen. Ik twijfelde nog even, maar ik dacht: ach, dan kan ik het beste ook nu maar direct gaan. Ik moet hardlopen. Ik vergat dat het op het heetst van de dag was. Ik vergat de hartslagmeter om te doen. Ik vergat het water bij te vullen. En ik vergat de route. Ik had wel een idee, maar niet op mijn horloge staan ofzo. Ik wist wel waar ik heen wilde. Ik wist ook wat de opdracht was: zone 1 en na tien minuten een minuut zone 2-3. Ik wist ook dat ik niet perse anderhalf uur hoefde te lopen. Ik wist waar ik heen wilde: het Vijftig Bunder Bos en langs het mooie meer.

Eerst ‘gewoon’ achter het park langs richting de Punt. Al snel bleek het enorm zonnig en warm. Zone 1 op het fietspad was te doen. Lekker hobbelen. De eerste minuut ging iets harder, maar verre van snel. Na een volle sportweek ben ik gewoon een beetje moe aan alle kanten. Misschien moet ik de trainer toch maar eens vertellen dat ik echt niet voor een hele triatlon train en dat ik vakantie heb en geen sportkamp.

Op de kruising ging ik naar rechts. Dat ging in mijn optiek richting het Vijftig Bunder Bos. Helaas, dat was niet waar. Helaas, het was in de volle zon. Helaas, het was langs de N34. Helaas, het was mul zand. Helaas, ik moest weer een minuut aanzetten. En het meest helaas: het pad hield op, omdat het verzoop. Overstromingen in Drenthe. Op kleine schaal weliswaar, maar hinderlijk voor mij.

Voordeel: er liep een dijk naast. Nadeel: onverhard en ongelijk gras en volle zon en een hogere hartslag en dus een lager tempo. Door hobbelen dan maar. Tempo loslaten. Ik kwam bij het fietspad en het bruggetje. Dat had korter gekund!

Geen Vijftig BunderBos around en al dik 6 kilometer onderweg. Waar nu heen? Ik keek op de kaart en zette het horloge stil. Dat is een nieuwe gewoonte. Stop het horloge als je stilstaat. Even het zweet wegvegen, uitkijken over de velden en bedenken dat ik Rob altijd kan inschakelen voor nood. Ik denk zelfs even aan terug gaan over dezelfde weg. Even. Heel even.

Nee. ? ?

Dus ik loop verder en versnel nog een keer en hobbel daarna weer. Opeens sta ik -warmpel- tegenover het Vijftig Bunder Bos! Winnie de Poeh ontbreekt. De wagonlading fietsers heeft ‘m samen met Tijgertje en Piglet weggejaagd denk ik. Ik kijk op het fietsbord (als de andere fietsers klaar zijn) en ontdek dat ik best aardig ga. Knooppunt 66 en 62 en dan kan ik langs het water als ik nog tijd heb.

Ik loop weer over een zandpad. Ik ga maar gewoon door. Heet is het toch. Zweten doe ik toch. Als de plassen groter zijn dan het pad, ga ik het fietspad op. Ik zie twee oude tractoren. Dat is iets anders als alle fietsers, die er nu niet meer zijn! Het is mooi groen.

Ik heb niet zoveel veerkracht vandaag. Geen zin om maar te blijven hollen of iets te moeten. Ik versnel wel netjes elke keer zo’n beetje, maar er is geen fanatisme. Net te weinig energie. Net te weinig genieten. Ik kijk om me heen naar de boerderijen en het landschap, maar het dringt niet echt door dat dit de laatste keer is dat ik hier rond Zuidlaren loop.

Het is het allemaal net niet. Al moet ik grinniken om het accent van de fietsers die net als ik moeten opzoeken waar ze zijn bij knooppunt 66. Nog ongeveer een kilometer en dan kan ik naar het water toe lopen. Rob SMSt me. Hij moet Vincent gaan assisteren bij het fietsen. Dat geeft mij tijd en rust. Ik loop zo hard mogelijk door over de vreselijk zonnige, lange weg. Dat is het helemaal niet voor mij. Ik haat alle drie de zaken. En het tempo haat ik ook. Zeker op dit moment. Maar goed, ik heb er tien kilometer op zitten en ik weet nog waar ik naar rechts moest voor het meer. Een trailpad. In de schaduw. Rust. Aan alle kanten. Het is er mooi.

Ik stop even en bel Rob. Hij kan mij ook oppikken als dat moet. Ik ga verder langs het water en geniet er van dat het mooi is. Niet zo druk en niet zo heet. En hé; ik doe zo’n beetje precies de route die ik gedacht had uiteindelijk! Ik doe een lekker snelle onverharde versnelling. Rob neemt Vincent mee. Die heeft het fietsen ook wel gezien bij deze hitte. Mijn water is op. Ik herhaal: het water is op! Ik loop langs de carpoolplek en ik denk er even over om langs de achterkant het park op te gaan om de 15 kilometer te halen. Even. Maar het is niet nodig en niet verstandig.

Ik ga terug naar het park. Daar loop ik nog wel via de andere kant om de 14 kilometer te halen, maar het gaat echt moeizaam. De opdracht zit er op. Ik hoeft vanmiddag helemaal niks meer te doen, behalve bijdrinken (thee), TV kijken (F1) en relaxen (borduren). Ik ben het eerste thuis en eet de zoute stokjes op.

Anyway, dat was een week van bijna 17 (zeventien) uur sport, als je alles meetelt. Wat ik normaal niet zou meetellen (wandelen, duiken, krachttraining) was het zwaarste, dus dat is meegerekend ook! De ‘gewone’ sporten (zwemmen, fietsen, hardlopen) zijn toch zo’n 14 uur en daar is ook niks mis mee. Vakantie heet dat 😉

17 juli Duiken ? , fietsen ?‍♀️ , kracht ? en een visje ? rennen ?‍♀️ .

Spannend vonden we het. Alledrie. We gingen een introductieduik doen in het Veenmeer. Dat ligt op het vakantiepark waar we zitten. Om 10 uur worden we verwacht. Mevrouw M wacht ons op. We krijgen ieder een eigen begeleider en M legt goed uit wat we moeten doen en hoe we gaan duiken. Het is zo nieuw allemaal! Ik kan me er nog niks bij voorstellen. We doen een pak aan wat hartstikke dik is. En dan worden we verzwaard met lood. Dan nemen we het duikvest mee naar het water en moeten de flippers aan. Een foto en dan gaan we los van elkaar op voor de eerste duik!

M gaat met mij mee. Heel rustig. Ik moet even wennen aan het ademen. Ik kan me er niet echt iets bij voorstellen, maar het is allemaal niet zo moeilijk als je het door hebt. Dan gaan we onder water. Een kwestie van je vest leeg laten lopen. Ik ga soort van liggen bij de bodem op het zand. Het hele idee is onwerkelijk. Net alsof je maar een beetje onder de oppervlakte zit. Ik moet even mijn oren laten ploppen en dan bewegen we ons voort over de bodem. Ik vind het veel herrie. Dat ademhalen klinkt zo luid! Ik kan de bodem aanraken met mijn blote handen. Dat is echt stoer! Ik zie de plantjes en het trapje. We gaan even naar boven zodat ik kan zeggen dat het goed gaat. En weer onder water. Ik moet op de visjes letten, maar ik ben in de ban van de bodem. Die zie ik eigenlijk nooit. En de plantjes zien er hier ook zo raar uit. Ik heb de neiging om te zwemmen en snel te willen bewegen. Ik ben gewend aan de herrie intussen en kan prima aan mijn lucht komen. Ineens ben ik weer boven zonder dat dat de bedoeling was. Is niet erg, dat is het drijfvermogen. Het is een veilig idee dat M erbij is. We gaan langs de kant. We keren om en dan kom ik tot rust en ga ik echt goed kijken. Ik zie een hele school visjes. En die plantjes! Nu vind ik ze alleen nog maar mooier! En dat ik gewoon diep onder water zwem op een meter of 3 en dat dat gewoon zomaar kan. De bodem aanraken. Ik kom opeens wel tot rust. En dan gaan er boven gele flippers langs! Dat is Vincent en zijn begeleider. We zwemmen visjes tussendoor en dan zwemmen we zowat tegen Rob en zijn begeleider aan. Rob heeft erg veel last van zijn oren en hij komt niet zo diep. Ik duik weer naar beneden en dan ga ik heel erg rustig aan het kijken en genieten. Ik zie vele visjes, die ik niet kan aanraken of pakken. Ik zie de zonnestralen. De bodem blijft me fascineren. Het enige lastige is dat ik niet heel breed kan lachen van plezier met dat ademapparaat in mijn mond. Wat me het meest fascineert is dat dit zomaar kán, dat ik dit zomaar dóé. Al die vissies. Het is een soort levend aquarium. Dan komen we weer boven en zijn we terug bij de steiger. M helpt me met mijn flippers. Ik vond het echt een geweldige ervaring! Wat ben je (letterlijk) loodzwaar als je uit het water komt. Maar ik ben ook blij dat het pak uit kan. Ik ben niet direct gegrepen. Rob komt er ook uit, maar die is begrijperlijkerwijs wat teleurgesteld dat hij niet zo diep kon komen met zijn oren. Vincent komt als laatste boven.

Die heeft een enorme karper gezien! Ik weet niet zeker of ik jaloers op hem ben… Voor mij waren de kleine visjes, de plantjes en de bodem en vooral het besef dat ik diep onder water kan komen een fascinerende ervaring.

Eigenlijk zou ik er van willen bijkomen, maar de winkel roept en de lunch en het schoonmaken en daarna het fietsen wat op het schema staat. Als we de banden willen oppompen, blijkt het CO2-pompje niet te werken. We lenen een fietspomp en ik ga in mijn tocht langs de fietsenwinkel in Zuidlaren. Al met al is het een onrustig vertrek zo. Ik ga solo fietsen. Muziek en water en sportdrank bij me, de route heb ik gemaakt. Eerst een dik uur in zone 1. Dat is al lastig. Soms kom ik er niet eens in en als ik er dan ben, dan is de hartslag ook zo weer te hoog. Of dan moet ik even achter een andere fietser wachten – te laag. Iemand inhalen – te hoog. Afremmen voor een rotonde – te laag. Kijken naar de route – te hoog. Tempo maken – te hoog. Inhouden – te laag.

Ik fiets de provincie Groningen weer in. Langs Glimmen. Hier was ik van de week ook, maar toen was het rustig. Dit is een zonnige zaterdag en het is druk met dagjesmensen op de (elektronische) fiets. Ik ga langs Meerwijk. Dat is leuk met veel water. Ik moet wachten voor een krakende ophaalbrug.

Mijn muziek staat nog niet aan. Ik drink wel netjes de sportdrank. Dan over de camping en opeens sta ik bij het veerpontje. Dat ligt aan de rand van het Zuidlaardermeer en is een handbediend pontje. Het is een drukte van belang en gelukkig ben ik net op tijd om mee te gaan. Het gaat erg langzaam, maar ik hoeft niet te draaien. Het horloge draait ook niet mee. Ik zet mijn muziek aan.

Dan ga ik snel verder tussen het waterrijke gebied door. Wind mee of gewoon even rust of lekkere fietspaden of een combinatie van die drie zorgen voor een fijn tempo. Maar de hartslag is meestal te laag. Ik begin me zorgen te maken over de intervallen.

Ik kom door het schattige dorp Noordlaren. Vaak denk ik aan Joyce’ advies om dit te zien als een trilloop en vooral goed rond te kijken. Ik volg de route en kom weer op een smal fietspad waar ik eerder deze week ook al was met Vincent. Langs Glimmen en Haren. Ik moet Haren door en dat is een logistieke ramp qua route volgen. Ik raak geïrriteerd, want de intervallen komen er aan. De eerste gaat door de route de mist in. Ik kan niet hard door een dorp scheuren, liggend op de bars! De irritatie zet door. Ik had hier de lange rechte paden bedacht, na 24 kilometer, maar ik ben zo ver nog niet. De route gaat anders als ik verwacht en de irritatie is compleet. Ik rij op en neer, zie hoe laat het is en ik wil voor de sprintrace terug zijn in het huisje. Ik wil de intervallen wel doen, maar hoe… Ik wil de route ook wel volgen, maar ik moet wat anders rijden.

Dan kies ik de lange rechte wegen en ga afsnijden langs het Paterswoldemeer. Dat is erg mooi en net zo vol bootjes als het Zuidlaardermeer. Ik vlieg er langs. Een paar minuten. En dan moet ik daarna weer een paar minuten rustig aan. Hoe de interval in elkaar zit, ontgaat me. Het is weer te veel: letten op de route, letten op de interval, letten op de hartslag en letten op de weg. De route gaat als eerste mis. Daarna volgt de interval. Ik weet niet meer waar ik zit, letterlijk en figuurlijk. Ik scheur Eelde door, maar mensen gaan niet aan de kant of horen mijn bel niet. Het is bijna gevaarlijk met mijn irritatie. Na Eelde geef ik het op. Ik doe de intervallen als ik merk dat de ruimte er is. Ik kom weer op de route (of het computertje berekent iets nieuws, dat kan ook) en ik kom langs het vliegveld. De KLM Flight School zie ik staan.

Een heerlijk breed fietspad ligt voor me. Hoeveelste van de 6 intervallen het is, weet ik niet, maar deze gaat super. Ik fiets net tegen verzuring aan. Maakt me niet uit hoe lang of hoe hard. Dat zie ik toch niet! En dan zoek ik in de rust de route weer op. Richting Tynaarlo en Zuidlaren, dan komt het goed. Ik kom op een mooie weg en na 3 auto’s is tie leeg. Ik doe nog een heerlijke interval. Tussen het groen op een weg die voor mij is. Tot de volgende kruising. Ik heb zeker 6 versnellingen geprobeerd. Het fietsen wordt er afwisselender van. Nu heb ik er genoeg van. Ik wil er zijn. Geen idee hoe ver ik al heb gefietst (al ruim 40 kilometer), geen idee hoe ver het nog is (volgens het bord is Zuidlaren 12 kilometer, maar Tynaarlo nog maar 3) en al helemaal geen idee hoe ik moet rijden. Ik ga trouw de route volgen en kom door een prachtig Drents dorpje rondom de brink. Inclusief schapen in het midden.

Hoewel de bidon sportdrank leeg is en het prachtig is om hier te fietsen, ben ik toch nog steeds ietwat geïrriteerd omdat ik niet kan plaatsen waar ik ben. Dan kom ik in Tynaarlo en ik ga naar de A28. Hier was ik vorig jaar al eens.

Ik weet het nu zo’n beetje, maar of ik de sprintrace zal halen weet ik niet. Ik haal de 50 kilometer (net) niet, maar dat boeit me al niet meer. Ik wil wel ongeveer 2 uur halen en dat zal me lukken. Het laatste stukje over het fietspad wat ik ken, versnel ik nog een keer. Voor de sprintrace…. Die sprintrace haal ik precies. Ik heb 48 kilometer gereden in dik 2 uur. Geen snelheidsrecord. Ik waardeer de brede, rechte fietspaden in Flevoland sinds vandaag weer ietsje meer.

Warempel zit ik ook een dik half uur buiten in het zonnetje. Dan heb ik nog een krachttraining staan op het schema. Voor iedereen die denkt dat ik op vakantie ben: het is een sportvakantie! Ik doe vandaag iets te weinig krachttraining, maar het gaat me steeds gemakkelijker af. Na de krachttraining ga ik buiten nog een klein stukje hardlopen. Voor de bingo van Trispiration moet je een dier-vorm fietsen. Op het park heeft Vincent een vis-vorm gezien. Die is ongeschikt voor fietsen, maar heel goed te lopen! Het lijfje is de weg en de vin achteraan is langs de midgetgolf. Omdat het heel klein is, loop ik drie keer. Binnenkant van de weg, midden van de weg en buitenkant van de weg. En langs de midgetgolf elke keer een beetje anders.

Ik ga hard. Ik zet mijn beste beentje voor en het is maar een klein stukje. 5:16 en dan nog een keer. Ik doe het vinnetje zelf iets vaker om op de 2 kilometer te komen. In 10 minuten en 17 seconden.

Niet om het een of ander, maar ik heb vandaag weer genoeg gedaan! Ik schiet al lekker op met de bingo. Dat gaat nergens over, maar het zijn leuke uitdagingen.

Categories: Geen categorie | Leave a comment

2021-20

Vrijdag 16 juli – Een trail met natte ? en asfalt en alles wat ertussen zit ? , een letterslang ? voor sport zonder de t van triatlon, 15 intervallen ?‍♀️ en samen met een vrolijke Vincent ?‍♂️

“Mama, gaan we trail lopen?” Dat is een goed idee hier langs de Drentse Aa en met een Ardennentrail in het vooruitzicht (ook al verschilt het landschap en de hoogtemeters nogal van elkaar) Ik zet de route uit en zal deze volgen op mijn horloge. Ik moet ook de intervallen in de gaten houden, maar de eerste 25 minuten lopen we allebei in zone 1. Vincent verveelt zich. (huh?) Dus we gaan een letterslang spelen met sporten. In de ruimste zin van het woord. Als wij door de modder lopen op het veld en natte voeten halen, bedenken we iets met sport dat begint met de letter N (Nike, nordic walking) of L (linkerschoen, langlaufski) of R (renbaan, Reebok).

We stoppen voor een plas en een selfie en dan zijn de makkelijke 25 minuten alweer voorbij. Door voor ik-weet-nog-niet-hoeveel intervallen van 80 seconden in zone 2-3. Leuk en aardig, maar de trailondergrond is totaal ongeschikt voor snelheid. Ik doe mijn best, maar de Garmin moppert dat de hartslag te laag is na 30 seconden. En dan 19 seconden later dat ik in de goede zone zit. En dan 12 seconden later dat ik naar links moet. En dan 4 seconden later dat de rust ingaat. En dan weer 3 seconden later dat ik nu echt naar links moet. Kortom: ik mis wel eens het een en ander, of dat nu de rust of de route is. Daarbij moet ik nadenken over de letter M en iets met sport en ik mag naar Vincent luisteren. Het woord rommelig is niet met de M, maar zo voelt het wel en ik zet de woordslang even op pauze. Ik kom er achter dat ik maar liefst 15 intervallen door moet! We steken om een soort camping heen over een pad waar bramen en brandnetels uitsteken. “Gaan we alweer wandelen”, roept Vincent.

Hij heeft meer dan genoeg energie over en kwebbelt maar door, terwijl ik de goede hartslagzone én de goede route probeer te combineren en ondertussen ren ik mijn benen onder me vandaan. Bij de tiende keer gaat hij me ondersteunen door een heel verhaal te vertellen in 80 seconden. Liefst over Pokemon of Fortnite. We komen ergens bij interval 11 of 12 op de verharde weg en het is duidelijk dat de intervallen daar toch voor bedoelt zijn! Het kan even op een hoger tempo. Van korte duur, hooguit 2 intervallen lang en Vincent roept welke tijd ik loop. Ik heb echter nog een trailpad op de route staan.

De laatste interval doe ik op de weg. Vincent kletst (“nu loop je tenminste lekker door mama” ? ) en ik tel en loop zo hard als ik kan en dat is zwaar. Daarna verklap ik dat ik winegums bij me heb, waar ik van word beroofd.

We gaan uitlopen in zone 1 met nog een korte stop voor een selfie en een plas en dan pakken we de letter M weer op. Bij de T houdt het op, want ik roep TACX. Einde spel. Tot we de weg oversteken, dan ontdekt Vincent wat we vergeten zijn: de XL-Triatlon. We hebben het gehad over tennis, tafeltennis, toren (van het schaakspel), tegenstander, trailrunnen; maar TRIATLON zijn we totaal vergeten! 11 kilometer in laag tempo, maar we hebben wel lekker een training gedaan samen!

Donderdag 15 juli Een triatlon ?‍♀️ ? ?‍♀️ met mijn afstanden ? en op mijn manier. En die van Vincent!

Vincent moest zwemmen (een half uur), we moesten samen fietsen (anderhalf uur) en ik moest hardlopen (40 minuten). Vincent mag niet zomaar alleen zwemmen, dus…. ik ga mee. Ik heb de hele ochtend rust gehad. Waarschijnlijk kan ik straks niet meer zwemmen, dus ik ga vandaag graag. Als het droog is, doen we een wetsuit aan en gaan we. Ik zie al op tegen het uitspoelen, maar ja… Eenmaal in het water is het maar wat fijn dat we een wetsuit aan hebben! ‘t Water is afgekoeld. We zwemmen naar de witte cone, naar de groene boot aan de overkant. Ik ga lekker. Ik moet wel mijn best doen, maar ik steek vanzelf alleen nog maar breed in. Dan naar het steigertje.

Ik ga om het bosje heen, maar daar is het ondiep. Dan zwemt Vincent terug en ik ga via de groene boot en dan met de golven mee naar de schommel op de waterbaan. Vincent zwemt terug en zal zichzelf en zijn wetsuit afspoelen. Ik zwem nog drie rondjes om de drie boeien heen. Eigenlijk wil ik wel de 2000m zwemmen, maar ik heb er niet echt de tijd voor en de training is toch al te lang.

Ik wandel naar huis, geef Vincent ook mijn wetsuit om af te spoelen en pak de fietsen. Ik doe fietskleren aan. We gaan gewoon lekker langzaam anderhalf uur door Drenthe toeren. Ik heb een route richting Assen gemaakt, Vincent heeft de fietscomputer. We keuren de brede, geasfalteerde paden in Drenthe al snel goed. Geen zand, geen schelpenpaden. We spelen wie-heb-ik-in-mijn-hoofd. Na een kilometer of 18 zoeken we aan de rand van Balooerveld een bankje uit voor een minimarspauze.

Ik krijg van Vincent het fietscomputertje om er mee te leren omgaan. Als het daglicht aanstaat, kan ik het een stuk beter zien! We gaan een woordslang maken met sportartikelen. In de ruimste zin van het woord. Het fietsen gaat nu tegen de wind in en iets minder hoog tempo. Ik ga maar 1 keer een beetje de mist in. Vorig jaar heb ik hier toch ook allemaal een keer gefietst. We gaan via Zuidlaren terug. Ondertussen komen er woorden als overtreding, Nederlands elftal en dartbord langs in de woordslang!

Bij het huisje wisselen we. Vincent mag op mijn fiets, ik doe loopschoenen aan. Ik zie op tegen het lopen. We gaan naar de boerderij. Mijn horloge staat op fietsen ingesteld en dat gooi ik snel weg. Ik heb de witte schoenen aan en loop fijn. Vincent is diep onder de indruk van mijn fiets. Hij scheurt rond. Ik ren door de boerderij en groet dezelfde meneer als die we gister bij de wandeling zagen. Het gaat zo lekker! Vincent racet op mijn fiets. Ik loop gewoon hard. Geen benauwdheid en een goede warming up gehad.

Na 3 kilometer gaat het tempo alleen maar omhoog! Ik moet even stoppen om een foto te maken van een hele uitgelaten gup op mijn fiets.

Dan weer door. Ik zal voor de 5 kilometer en voor een tijd van minstens 32 minuten voor een groene training in Training Peaks, zeker langs de boerderij moeten lopen. Hoe we dat doen met eten kan ik niet goed bedacht krijgen. Vincent fietst even bij me. Op de weg terug naar de sportboerderij gaat hij weer lekker racen. Ik moet aanzetten om de 5 minuten zo snel mogelijk te halen. Intussen heb ik het warm en wordt het wat zwaarder. Binnen 29 minuten. Weer gedag zeggen tegen de sporters bij de boerderij en dan om het park heen lopen om patat te gaan halen. Bij bijna 6 kilometer gaat het mis: kramp en buikpijn en last van de darmen. Ik maak met moeite 6 kilometer vol en wandel dan. Vincent is verliefd geworden op mijn fiets.

Ik heb toch maar mooi een triatlon gedaan! Al met al duurde het van 3 uur tot kwart voor 7, maar so what! Ik had ook de meest rare afstanden: 1400 meter bij 32 kilometer bij 6,5 kilometer.

woensdag 14 juli fietsen in Groningen en Denemarken ?? ⁉️. Met een ijsje ? in Zuidlaren.

Een tourrit op de racefiets. We gaan lekker rustig, we hebben 3 uur de tijd voor 60 kilometer. Eerst moeten de fietsen op orde gebracht.

We hopen dat het niet gaat regenen. Ik heb de route gemaakt en Vincent heeft die op de fietscomputer staan. Ik weet het zo’n beetje. Voor de Trispiration Jaarchallenge ga ik 30 kilometer in Groningen fietsen. Na 5 kilometer zijn we in de provincie, als we het brugje overgaan.

Daarna komen we op een ZANDPAD. Dat fietst totaal niet. Groningen zal haar uiterste best moeten doen om dit goed te maken! Het is maar een klein stukje en dan is het weer een verharde weg. Vincent ratelt de hele tijd door over zijn Pokemons en de Lego vrachtwagen die hij heeft gekocht gisteren. Onophoudelijk. Ik zit in de luxe positie dat ik niks hoeft te zeggen! Vincent zegt ook of we links of rechts gaan. Heerlijk. Er zijn brede wegen waar we moeten uitkijken voor auto’s en smalle fietspaden die twee kanten op gaan. We komen door Onnen en Haren. We gaan over een ophaalbrug en langs een haven.

Alles gemoedelijk en gezellig en lekker rustig aan. De tourrit-modus. Het is droog en niet te heet en niet te zonnig. We komen nauwelijks andere fietsers tegen en ook dat is top, want dan moet je weer uitwijken en het inhalen organiseren. We komen door Harkstede waar de klokken luiden. En opeens gaan we een fietspad achter de wijk in en komen we prachtig langs de plassen te rijden. Er schijnt zelfs een zonnetje!

We rijden langs Schaaphok en dan zie ik het doel van onze rit plots staan: we zijn in Denemarken! Precies rond de helft. We willen een ijsje halen, maar in Denemarken en omgeving is geen ijskraam te bekennen. Het is wel een prima afspiegeling van Denemarken: plat en saai.

We nemen een Mars op een bankje. En dan rijden we door naar Slochteren. Een leuk dorpje. Om doorheen te fietsen. Verder is er geen eens een ijskraam. Wel veel leuke Groningse huisjes. Intussen zitten de 30 kilometer in Groningen er ook op. Ik kan met een gerust hart terug naar Drenthe.

We laten ook Froombosch achter ons en we hebben een stukje wind mee, waardoor het lekker opschiet. Dat mag ook wel. We gaan door Sappemeer heen. We pakken weer zo’n fietspad langs een achterbuurt en hetzelfde als eerder gebeurt: ineens een heel mooi fietspad door de natuur.

We schieten nog een stuk op en het lijkt erop dat we de 3 uur niet halen met onze 60 kilometer. Na ruim 50 kilometer, waarvan 46 kilometer in Groningen rijden we Drenthe weer in. Zuidlaren staat al op de borden. Mijn route heeft nog een verrassing in petto: over de brug heen bij de molen!

Als we de fietsen de brug over hebben gesleept, zegt Vincent: we moeten terug, want dit is weer een zandpad. Of het schelpenpad rechtdoor. Ik kies voor het schelpenpad. Die fiets gaat echt niet terug de brug over! En schelpen kunnen na het zand ook nog wel. We wijken een beetje af van de route, maar het is simpel: gewoon naar Zuidlaren rijden. Dan halen we op de eerste plaats de 3 uur bijna en op de tweede plaats ook nog de 60 kilometer (de route was origineel maar 57 kilometer). Vincents dag en tocht worden helemaal compleet een succes als er een Audi V6 of V10 auto langscheurt met veel herrie. Hij is in de zevende hemel. In Zuidlaren stoppen we bij de eerste de beste snackbar voor de ijsjes.

Daarna fietsen we door Zuidlaren, maar gelukkig niet door de onrustige winkelstraat. We hebben geen regen gehad. Op het laatste stukje moeten we om meer (eletrsische) fietsers heen slingeren dan de eerste 55 kilometer. Ruim 60 kilometer en dat binnen 3 uur, maar zo dichtbij de 3 uur dat de training helemaal meetelt!

dinsdag 13 juli Rennen ?‍♀️ in tropisch ? Drenthe.

?‍♂️ Vincent rent ook, maar de route is wazig ? en we raken elkaar kwijt 〽️ en we zweten ? ons pannetje uit.

Vincent moest andere intervallen doen dan ik, dus we gingen gescheiden van elkaar. Hij moest ook korter. Ik had een route in gedachten voor mezelf voor 70 minuten. Ik moest eerst in zone 1, dan een heerlijk half uur zone 2 en dan twee keer tien minuten in zone 3 en zone 4, waar ik niet naar uitkeek. Vincent ging, ik ruimde nog wat op en ik ging ook. Inhobbelen. Wie kom ik tegen aan het eind van het park? Vincent in wandelpas. Het was zo warm dat zone 1 wandelen was voor hem. Ik ben de drukkende klammigheid intussen iets beter gewend. Kon ik mooi zakdoekjes inpakken. Hij liep met mij mee. Ik hobbelde door en hij haalde me in. Hij ging wandelen en ik hobbelde hem voorbij.

Zo speelden we even ‘haasje over’, tot hij achter me zat en appte dat ik moest ‘stofzuigen’. Ik ga lekker doorbabbelen in zone 2. Dat gaat prima. Hij ging met mijn route mee. Ik dacht dat hij dan wel eerder terug kon over de verharde weg. We staken het spoor over. Bij De Punt.

Er is daar een triatlon gehouden: op de weg staan de pijlen voor het fietsen en rennen. De route wijkt meer af van het spoor dan ik dacht en Vincent moppert dat hij nog 3 kilometer terug moet lopen in 10 minuten. Hij kan op zijn telefoon kijken. Het is bloedheet. Ik druip echt leeg. Mijn shirtje is hartstikke nat. Ik zie op tegen zone 3 en ik denk dat ik ook maar de grote weg afloop, want mijn route is wat lang. Als ik bij de weg aankom, blijkt dat ik daar helemaal niet op kan! Dus ik keer om en ik zie Vincent nergens meer. Ik loop flink door en drup nog verder leeg. Straks ben ik gesmolten! Ik zie wel een weg richting terug. Tussen zone 3 en zone 4 stop ik even om Vincent de appen. Die loopt op de onverharde weg terug die ik zag.

Ik ga daar ook heen en loop dus onverhard zone 4 door te puffen! Ik probeer hem in te halen, maar op de kruising weet ik niet of hij links of rechts ging. De mevrouw met de hond heeft hem wel gezien, maar weet het ook niet. Ik kies rechts richting het spoor en knal nog even door in zone 4. Achteraf gezien had ik beter links kunnen kiezen, net als Vincent. Bij de spoorwegovergang ben ik leeg: zowel qua vocht als qua vermoeidheid. Ik wandel zone 1 terug in. En terug richting het park, waar Vincent inmiddels al is. Ik wissel joggen en wandelen af. Al met al maak ik de 12 kilometer vol binnen 75 minuten. Ik druip letterlijk af.

Vincent moet ook nog zwemmen volgens het schema. Ik vind het niet goed dat hij alleen gaat, dus ik ga mee. Het is allemaal een beetje onrustig, omdat we tussen de buien door gaan en we niet heel veel tijd hebben voor het eten. Moet ik ook nog teruglopen voor de zwembrilletjes!

Vincent vindt het water koud. Ik wil voor de bingokaart 3 rondjes om de boei zwemmen en ik heb de Gopro bij me. Maar die zinkt telkens. Het gaat helemaal niet snel. Heel rustig aan zelfs. Ik heb een achtje bij me.

Vincent heeft te weinig vet om het warm te krijgen. We zwemmen naar de andere kant. En dan neemt hij mijn achtje over en zwemt terug. Ik ga nog een keer om de boei heen en dan moeten we ons haasten om te gaan eten. Ik had het niet koud, maar Vincent heeft het met mijn jasje aan nog niet warm!

maandag 12 juli Zwemmen ?‍♀️ in buitenwater ? in Drenthe

Inpakken, opruimen, slecht slapen, een stuk rijden, uitpakken, inrichten, naar de supermarkt en dat noemen ze dan vakantie! Gelukkig is het deze keer droog in Drenthe. Als alles geregeld is, kan ik eindelijk het water in. Aan de ene kant ben ik te moe om er veel zin in te hebben, aan de andere kant is het heerlijk dat ik hier weer kan zwemmen. Vincent filmt me als ik vanaf het strandje het water in ga. Een vinkje op de bingokaart bij “zwemmen vanaf een strandje.”

Ik heb alleen mijn trisuit aan, maar de kou valt mee. Ik zwem lekker naar de andere kant. Maak een rondje. Ik ga alles behalve op snelheid. Ik steek breed in, let op mijn hand en ga door naar fase 3: ontspannen van de linkerhand. Navigeren schiet er een beetje bij in, maar verdwalen op deze plas kan toch niet. Ik ga een kilometertje zwemmen. Voor de badge.

Daar heb ik half uur de tijd voor. En eerlijk is eerlijk: die tijd neem ik lekker ook! Ik ga nog een keer om het witte boeitje heen en zwem zelfs langer. Maar ja, nu kan het. Ik word wel nog vermoeider, maar dan ook maar nog iets trager. Sporten in Drenthe! Kom maar op…

11 juli: Door het Kotterbos ? met Joyce ?‍♀️??‍♀️

Als ik opsta, voel ik me weer goed. Ik heb ruim 12 uur geslapen en de vermoeidheid is weer foetsie gelukkig. Toch kijk ik het even aan en spreek ik af met Joyce dat we dicht bij huis blijven in het Kotterbos om te hardlopen. Dan kunnen we snel terug zijn als het niet gaat met mij. Om half 2 lopen we naar buiten. Bijkletsen noemen wij dat. We hebben elkaar al even niet gezien, dus er is meer dan genoeg te kwebbelen! Na anderhalve kilometer weet ik het al: dit gaat prima! Joyce weet het ook al: haar gaat het niet zo lekker. Het is warm en benauwd. Meestal meer haar weer dan het mijne, maar blijkbaar keren we de rollen vandaag om. We gaan over ‘mijn’ pad lopen. Ik voorop en ik geniet ervan dat het lukt om te lopen. Niet dat ik het niet meteen stikheet heb, maar het gaat wel! Na 4 kilometer doen we een stop. Wij stoppen tegenwoordig ook de horloges. Na het stilstaan lopen wij en de horloges weer door. We lopen nu onverhard en dat is te voelen! En terug te zien in het tempo. Niet erg hoor, want het geklets kan gewoon doorgaan, welke ondergrond ook.

We gaan weer terug aan het einde van het Kotterbos. Even over het fietspad en dan door het natte gras. Ook onverhard. We lopen om de berg heen en naar boven. Joyce is eerder boven dan ik! Ik hoeft niet. Boven gaan we even zitten en een rare meneer met blikje bier spreekt uit hoe stoer hij ons vindt.

We lopen over de natuurbrug. Met een flinke doorstap-pauze om extra lang te genieten. Joyce wil eerder terug dan ik! No problemo. Als ze wat vaker wil wandelen, heb ik daar ook geen enkele moeite mee. Zij meer dan ik, want dan voel je je schuldig alsof je iemand ophoudt. Niet dat het zo ís, maar zo voelt dat dan. We doen het rondje langs de vogels en dan over het fietspad terug. Het is een beetje bos-slalommen. In de warmte. In de klammigheid. Onder een dekentje door van dikke lucht. Snel het bos weer in en doorstappen.

We gaan weer richting de berg terug, maar dan langs de wilgen en het water. Joyce vindt het wel best en ik ken de weg op mijn duimpje. We doen nog lekker een stopje. Ik heb een heel, heel smerig Torq-gelletje. Zo vies! Maar het helpt wel, want ik loop makkelijker naar de andere uitkijkheuvel. Omhoog klimmen als een Ardennen-pad.

We zitten op de heuvel nog eens op een bankje. En dan naar beneden en aan de zijkant van de brug weer omhoog. We lopen nog achter de Sieradenbuurt door. Wegens een vliegjesaanval die verstikkend werk doet, moeten we nog even stilstaan. We lopen 13 kilometer vol. Puffend. Van de hitte natuurlijk!

Ik baal als een stekker dat het zwemmen niet lukt vandaag. Maandag ook al niet (ivm visite). Er zijn geen baantjeszwembaden open op normale tijden. Heb ik deze week zomaar het zwemmen moeten skippen! Dat zit me dan dwars.

10 juli: Wanner strijken telt als krachttraining door de vaccinatie ?

Het gaat me goed na de coronaprik. Ik doe eerst de dingen die ik moet doen, maar ik vind dat niet alles op z’n hardst hoeft. Lopen heb ik uitgesteld tot morgen. Vandaag hoeft ik alleen maar een krachttraining te doen. Ik heb een stijve arm en vind voor vandaag dat strijken ook telt als krachttraining! Dus dat doe ik lekker. ‘s Middags is het opeens op. Ik ga om 4 uur op de bank liggen en ik krijg mezelf er niet meer vanaf gesleept. Ik voel me beroerd en dood- en doodmoe. Eten is eigenlijk te vermoeiend, omdat ik dan mijn vork moet optillen. Naar de WC gaan is ook te vergelijken met een trailtje van 18 kilometer. De trap opkomen lijkt onmogelijk. Om 7 uur lig ik in bed te slapen. Hoe ik morgen moet gaan hardlopen weet ik niet. Zelfs voor denken eraan ben ik al te moe.

9 juli – De gemeentegrens van Almere ?‍♀️ met de missing brug bij de Hoge Vaart

Een overvolle vrijdag begint met een rit van 3 uur op de fiets. Ik ga de gemeentegrens van Almere fietsen. Die ligt al een tijd klaar, maar voor de bingo is het een opdracht die prima te combineren valt met een lange rit. Als ik maar eenmaal op de dijken ben is het een makkie. Ergens heb je hier altijd wind tegen. Ik moet intervallen doen. Vincent zet de route voor mij op het fietscomputertje. Raar is dat als je eerst ver weg naar de Trekweg gaat. Ik erger me dood aan het fietscomputertje wat de hele tijd piept en beweert dat ik de route verkeerd om rij. Mega irritant. Voor het eerste stuk heb ik dat apparaatje nodig! Ik probeer de route om te keren, maar dat lukt niet. Dan het geluid maar uit. Ik weet het wel zo’n beetje. De intervallen lukken ook al niet, want mijn horloge trilt ook de hele tijd dat ik te hard-te zacht-anders ga als de bedoeling is. Teveel irritatie. Dat het fietspad afgesloten is, had ik gelukkig op geteld. Ik ga 1 keer onder de A6 door en dan weer terugsteken langs de nieuwe windmolens.

Hopelijk kan ik naar de Shell rijden, want de brug over de Hoge Vaart is een heuse spelbreker voor de gemeentegrens. Helaas zijn ze nog hard bezig met de nieuwe brug die de ellende in de toekomst verkort, maar daardoor kan ik er nu niet door en moet ik nog verder omrijden!

Ik ben weer terug op de kruising van twintig minuten eerder. Ik raak nu echt geïrriteerd en dat komt het tempo ten goede. Eindelijk kan ik de Hoge Vaart over en dan weer terug richting de A6.

Na wat aanvoelt als een halve eeuwigheid, kom ik op de dijken. Ik ga liggen op de fiets en tegen het beetje wind in rijd ik naar Almere Haven.

Ik zie een paar bekenden: MD op de fiets rijd me tegemoet en GN laat de hond uit. Dan langs het surfstrandje en het stukje wat ik het minst leuk vind. Ik word ingehaald en maak even dankbaar gebruik van de stayer-mogelijkheid. Dan bij de andere brug onder de A6 door en langs de strandjes. Het is me allemaal zo bekend. Ik vraag me af wanneer het gaat voelen als ‘naar huis rijden’. Vanaf de Marinahaven.

Het water is spiegelglad. Angstaanjagend bijna, want zo zie ik het nooit! Dus ook geen wind mee. Er zijn stukken die aanvoelen als nog-lang-niet-thuis (van de oude werkhaven tot de Noorderplassenwoningen) en stukken die aanvoelen als kippen-endje-nog (langs de Noorderplassen tot het Bloc).

Ik heb geen haast maar wil de cadans wel wat hoog houden. Het zijn dik 65 kilometer om Almere heen. Zijn alle gemeentes zo groot? Ik fiets het rondje helemaal af.

68 Kilometer. Een kleine 3 uur fietsen. Vele ergernissen. En 1 stoplicht. Door voor de tweede coronavaccinatie, thee drinken bij vrienden in Amsterdam en uit eten.

8 juli – Trekken ? aan een olifankslak ? ?‍♀️ ?

De laatste werkdag voor de vakantie. 80 persoonlijke mails met de hand rondsturen. De ‘laatste’ dingetjes afmaken. Zo druk en vermoeiend! En ‘s avonds als Vincent op de atletiekbaan staat, heb ik weer een looptraining staan. Geen plan waarheen te gaan. Ik ga gewoon het fietspad af en ik voel me een dikke olifant. Een combinatie van een olifant ? met een slak ? . Een OlifAnkSlak. Slof-slof. Puf-puf. Boven de 7 minuten per kilometer en ik heb nog moeite met zone 1! Vincent heeft het horloge dan ook krap ingesteld qua hartslagzones. Ik moet ook naar zone2-3, maar veel sneller gaat het echt niet! In de rust wandel ik. En dan sleep ik me berg op. Het is warm. Het is drukkend. Het is klam. ? En ik slak me er doorheen. Zelfs het viaduct af gaat als een hobbelend varkentje. ? Ik wilde graag dat grappige hoekje lopen achter de Boathouse langs, maar er is geen stap die ik leuk vindt. Ik ga het ommetje onder de bomen toch maar langs en doe de laatste versnelling en -raad ‘s- die lukt! Er komt even wat energie voorbij.

Een kort besefmoment ‘vakantie’, maar in de rust wandel ik weer. Ik dacht dat ik dichterbij was als bij de tennisvelden en dan wandel-ren ik verder. Veel kilometers worden het niet vandaag en snel ook zeer, zeer zeker niet. Ik moet ook nog eens en dat maakt het wandel-rennen intervallen nog frequenter. Uiteindelijk staan er 8 kilometers in 56 minuten als ik de WC bij de atletiekbaan in storm.

7 juli – hardlopen ?‍♀️ met tempoblokjes ⏱ rondom de A6 ? en de leuke andere sportende meneer die elke interval viert ? .

Vincent gaat zwemmen en ik ga hardlopen bij Almere Poort. Ik moet in zone 1 lopen met een paar versnellingen aan het einde. Deze laatste dagen voor de vakantie werk ik hard, dus ik leg me direct neer bij een rustig tempo. In de zon. Het tempo valt mee. Het is te merken dat ik twee dagen niet gelopen heb. Ik heb geen muziek op en alleen mijn eigen gedachten als gezelschap. Ik ga onder de A6 door en dan naar links. Eigenlijk is er wat weinig schaduw. Zeker als je je niet hebt ingesmeerd! Voor de Trispiration Bingo moet ik 5 versnellingen doen en niet ‘maar’ 3. Dus ik doe er straks vast 2. Er komt een meneer van links. Een stevige (deels gespierde) meneer. Met een flesje water – de slimmerik. Hij doet intervallen en haalt me in. En na zijn interval zie ik hem voor me overtuigend zijn handen in de lucht steken uit triomf. Mooi! Ik ben ook blij voor hem. Dan haal ik hem in: “u gaat snel m’vrouw”. Haha. Dit is zone 1. Ik doe 1 kleine versnelling, maar de meneer is sneller voorbij het Eksternest. Hij doet deze keer zelfs een klein dansje en dan keert hij om en steekt zijn duim naar me op. Zo leuk kan hardlopen zijn! Ik hobbel intussen rustig de Oorbrug over met een smile.

De eerste 5 kilometer zitten erop en het wordt iets zwaarder intussen. Het tempo verlaagt bij dezelfde hartslag. Ik ga weer terug richting Almere Poort en langs mijn werk. En wie zie ik daar lopen? Dezelfde meneer! We lachen en ik zeg hem dat een korte broek beter is. “Mooie ronde maken wij m’vrouw” zegt hij met een brede grijns.

Ik doe nog een versnelling, maar het gaat iets minder van harte. Ik zie een beetje erg op tegen de 3 grote versnellingen van 90 seconden aan het einde. Ik hobbel langs mijn werk, maar de foto doet het niet.

Over het brugje en dan zit het inlopen erop en moet ik 90 seconden tellen en snoeihard lopen. Ik ben te moe om het te vieren eerlijk gezegd. De tweede loop ik langs de afstudeerders drive-in van het Aeres collega. Krijg ik er muziek bij. Maar geen dansje voor mij! Wandelpauze en bijkomen en de laatste keer nog sneller gaan! Dan doe ik een kleine vreugdesprong . Dat wel. Ik loop lekker de 11 kilometer vol.

6 juli – De kat ? die er niks van snapt ?

IJsblokje: “Ik lig hier lekker achter de schermen. Letterlijk. Op de kabeltjes. Een mooie plek om de kamer te overzien en niet zo warm als overal. Ik kijk uit op de bazin. Die snap ik totaal niet. Die zit daar met de beentjes te draaien op dat apparaat. Als mijn pootjes zo op en neer gaan, dan is dat op het bed en ben ik blij. De bazin ruikt niet naar blij eigenlijk. Bazin zit naar het scherm te staren. En ze heeft van die dingen in haar oren. Ik denk dat ze niet naar mij luistert. Ze is ook niet echt aan het snorren. Dat doet het apparaat, maar ik weet niet of die ook blij kan zijn. Het is altijd moeilijk om de baasjes te snappen.

Ik ga even bij het raam kijken. Dat is open. Maar buiten is van dat water. Dat is ook al raar eigenlijk. Weet je, ik ga op de doos liggen. Daar zitten de spullen in waar de bazin al dagen naar op zoek is. Maar dat weet ik alleen. Zij nog niet. Ik ben haar gezoem en getrappel zat, mag ik weg? Gelukkig, daar is de baas. Doei, ik ga op de bank liggen.”

De bazin fietst nog even verder in Zwift, terwijl ze naar de coachcall luistert en het buiten regent.

5 juli – Van de beentjes?? die ‘t moe zijn en liever niet willen fietsen ? ?‍♂️

Kladbrief van de klachten van de benen aan het hoofd:

Beste Hoofd,

We hebben gisteren verdikkeme een halve marathon gelopen in die rottige hitte en vandaag lopen we weer de hele dag rond en dan moeten we ook nog ‘s gaan fietsen! Daar zijn wij, de benen, het gewoon niet mee eens! En niet gewoon een half uurtje, nee meteen een rot-end weer en door het bos en over de brug enzo! Het kan nooit ‘s gewoon.

We protesteren bijna nooit, maar nu wel een keer. En er luistert niemand naar ons! Er komt een dag en dan gaan we echt niet meer mee, hoor je ons! Want we worden smerig en moe en slapjes van al dat gedraai met die trappers. En daar helpt al die krachttraining geen ene moer aan. We dienen protest in en wij benen zijn met z’n tweetjes en jij bent maar alleen, hoofd. We gaan een keer staken als… (daar moeten we nog iets voor verzinnen)…. Doei, de benen.

Officiële brief:

Beste mevrouw het hoofd,

Wellicht dat het schema nou eenmaal de baas is waar naar geluisterd moet worden, maar we zouden het als benen zeer op prijs stellen als er ook naar ons werd geluisterd.

Vandaag waren we eigenlijk te moe om heel Almere door te fietsen en dan de Hollandse Brug over te gaan. Het deed een beetje zeer en het ging niet zo gemakkelijk. De jongen hield de moed er gelukkig in en die ging ook niet zo snel, anders waren we echt niet meegegaan!

We waren ook niet meegegaan als we geweten hadden van de volgende drie punten:

– dat het zo ver zou zijn (helemaal om het Gooimeer heen!)

– dat we door het bos zouden gaan

– dat het regende en we erg smerig werden.

Volgende keer horen we graag van tevoren wat ons te wachten staat, zodat we vanaf het allereerste begin kunnen weigeren en niet pas na ruim 50 kilometer.

We blijven alleen maar meewerken als onze samenwerking goed blijft verlopen.

Met groeten, de benen (zowel links als rechts)

Categories: Geen categorie | Leave a comment

2021-19

4 juli Zwemmen ?‍♀️ en een ? halve marathon lopen ?‍♀️ 2️⃣1️⃣⏺1️⃣

We hebben 3 puberjongens op visite die blijven slapen. Nou ja, dat slapen doen ze pas laat… En de kat vind om 5 uur dat hij moet mauwen. Om 8 uur zijn de jongens weer op volle sterkte. Kortom: ik heb langere nachten gekend… Maar ik had gezegd dat ik zou gaan zwemmen als ik vroeg wakker was. Ik heb tot half 11. Dus ik eet snel iets en ga dan naar het zwembad in Almere Stad. In de snelle banen maar.

Ik heb een training. Eerst 100m inzwemmen met achtje. Dan doe ik in baan 5 4 keer 200m. Ik moet op de techniek letten. Breed zwemmen zit er al behoorlijk in. Nu nog diep. Ik zwem alles zonder achtje tegenwoordig. Voor mij is aftellen van banen het meest lastig. Ik moet 5 keer 150m waarvan de eerste, derde en vijfde keer met paddels. Iets harder. Ik verhuis naar baan 6, waar 1 meneer in zit. Die ik niet bijhoud. Maar dat is met twee personen geen enkel probleem. Met paddels en zonder achtje is nog iets zwaarder. Maar de tweede en de vierde keer gaan dan wel weer erg lekker! Daarna moet ik 4 keer 200m doen en dat in de hoge zone. De eerste en derde doe ik met achtje. Ik zwem flink door en dat kost kracht, maar oh, wat is het leuk! Nog even en ik moet echt gaan ontspannen met de vingers. Dan ga ik in 1 keer de hele doorhaal aanpakken. Voor vandaag is dat nog iets te ver weg. Het diep insteken gaat nog lang niet elke keer vanzelf. De Apple Watch telt de banen een heel stuk beter dan de Garmin op deze zondagmorgen.

Aan het einde is baan 5 weer leeg en daar sneak ik snel in om een baan vlinderslag te proberen en op te nemen! Dat is een uitdaging op de Trispiration Bingokaart. Het is een geinige poging, laten we het daar op houden!

‘s Middags breng ik de jongens naar het zwembad de Koploper. Ik heb mijn fietsen schoongemaakt. Als de jongens binnen zijn, heb ik mijn rugzakje op en ga ik door Lelystad zwerven. Ik heb geen route in mijn hoofd en alleen een vaag plan dat ik over de enge bruggen van de Anaconda wil lopen. Het was echt lekker in het begin. Het gaat gemakkelijk en ik kan zomaar mijn eigen tempo oppakken als het maar binnen zone 1/2 blijft. Hartslag van maximaal 150. Maar het is al wel meteen erg warm. Ik zweet me ongans. Door alle commotie ben ik twee dingen vergeten: insmeren (het leek niet zo zonnig) en mijn OV-kaart. Ik zou elke 4km even stoppen om te eten en drinken. Ik zwerf door de straten heen. Het is stil overal. Na de eerste 4km ga ik vooral drinken.

Ik keek even waar ik was en toen kwam ik er uit welke route ik moet volgen naar de Anaconda. Gewoon overheen lopen he. Telefoon in de hand en gaan. Het viel mee.

De brug over het water was iets andere koek, daar moet ik blijven doorlopen, want die vind ik behoorlijk akelig. Al is fietsen enger dan lopen.

Toen naar links, want ik dacht daar verderop de brug weer terug over te gaan, maar eenmaal daar op 8km zag ik op het fietsbord dat ik het natuurpark over kon. Dat dan maar! Ik eet een hele eierkoek en drink weer.

Het natuurpark is lekker in de schaduw en lekker rustig. Ik moest tegen de tien km naar de WC en nieuw water hebben. DE LITER WATER WAS OP. Kan iemand de krant bellen! Bij het centrum bijgevuld, hoera voor de open toiletten en toen kwamen er grote druppels naar beneden. Ik vond het verfrissend, maar het hield alweer op voor ik nat kon worden. Ik ging langs de weg lopen en dat was minder, maar je moet elke keer water over.

Stoplichten en appen met een van de moeders van de knullen. En dan weer langs de grote weg. Ik ga er wel van doorlopen. Weer stoplichten. Ik stopte het horloge ook maar. En dan weer terug richting de Koploper zoeken. Ik ben nu bij de Mac langs de A6 en zit op 13 kilometer. Ik werd het wel wat zat en vergat weer te eten.

Ik besloot over de fietspaden door de stad terug te gaan. Dat motiveerde zo lekker dat het weer een stuk heel goed ging. Ik mijmerde weg en toen begon het te donderen in de verte. Oeps. Opeens kwam er druk van alle kanten: om 5uur moet je terug zijn voor de jongens, over 20 minuten is de twee uur vol, ik wil een halve marathon lopen…. Weg pret. Weg rust.

Ik wandelde langs het water, maar de donder zette niet door. Ik zag een andere loper die vroeg of ik net gestart was, maar ik kon niet zeggen dat ik al op 16km zat. Ik vroeg de weg terug naar de Koploper. Hij was een stuk sneller. Er was ook een meneer zijn hond aan het uitlaten die me zei: probeer maar voor de bui binnen te zijn! Tot zover het vriendelijke volk van Lelystad!

Bruggen over en ik weet niet wat. De routebeschrijving van de loper liet te wensen over, maar ik volgde de bordjes en het tempo liet wat te wensen over. Teveel gedoe met tijden uit elkaar houden. Dan word het echt allemaal lastiger om te denken: halve marathon, 2 uur, 5 uur…. Ineens was ik bij de Koploper en toen was de 2 uur nog niet vol! En de HM al helemaal niet! Dus nog een rondje er aan vast geplakt over de bruggen.

Toen nog blokjes om de Koploper heen en even wachten op de jongens en een beetje cirkelen, want de halve marathon moet er dan toch maar komen. Met moeite 21,12 volgemaakt in 2:12 en werkelijke tijd 2,5 uur. Voor mijn gevoel zat er veel meer pauze in. Weer ‘n halve marathon eruit geperst. En dat zonder zonnebrand én zonder regen! En ohja, zonder genoeg eten….

3 juli Fietsen ?‍♀️ en krachttraining ?️‍♀️

Ik ga lekker op de fiets een stukje rijden. Simpelweg mijn neus achterna. Op het zadel van de tijdritfiets. Een beetje wind mee op de lange rechte weg. En ik ga op de Vogelweg rechtdoor. Geen idee waar ik precies uitkom, of eigenlijk wel zo’n beetje, maar hoe ik daarna zal rijden, geen idee.

Zeewolde, Almere, langs de windmolens in aanbouw. Ik ga gewoon rechtdoor. Dan kom ik langs Oosterwold. Ik ga nu wel de Vogelweg op. Geen idee waarom. Ik ga over de weg richting de golfbaan. Ben ik nog nooit geweest. Ik heb een gewone route, maar net even anders. Ik rij langs de nieuwe teststraat die nog niet in gebruik genomen is. Het ziet wat donker.

Ik ga maar lekker door naar huis. Ik moest 75 minuten fietsen en ik haal daarin 33 kilometer. In de stad gaat het gemiddelde tempo weer hard omlaag. Maar ik ben tevreden! Het kostte niet zoveel moeite en ik heb lekker ongedwongen gefietst.

‘s Avonds doe ik nog een kwartiertje krachttraining. Deze keer heb ik zo min mogelijk aan, want je krijgt het bloedheet van dat gekickt en die oefeningen! Of het daar aan ligt of aan de korte tijd of aan de training zelf of -heel misschien- is het wel dat het ooit went, maar deze keer viel het mee!

2 juli Fietsen en zwemmen en krachttraining

Ik had me ingesteld op alleen fietsen. Vincent voor de laatste dingetjes naar school en Rob werken en Joyce kan deze week ook niet. Maar als ik aan het ontbijt zit, vraag ik Manuel. En die heeft er wel oren naar! Hij moet alleen nog even opstaan en ontbijten. Ik wacht op hem. Omdat ik me had ingesteld op alleen, ben ik niet zo druk aan het kletsen vandaag. Als ik alleen was geweest had ik me netjes aan de zones en de tempoblokken gehouden, maar samen wordt het toch weer meer een duurrit. De Oostvaardersplassen rond. Manuel vertelt lekker over zijn avonturen als trainer. Ik vind dat ik hard moet trappen, maar dat vind ik eigenlijk altijd, haha. We gaan een grote ronde maken.

Het is veel rechttoe-rechtaan. Makkie. Eigenlijk maakt het tempo me niet zoveel uit. Alleen gaat het aan het miezeren in Lelystad. Dat is niet lekker! Dat hadden we niet afgesproken! Het regent niet door, maar de bril en het zicht worden wel naatje.

En hier en daar een beetje glad in het bos. Bij de sluizen op de Knardijk hebben we nog tijd om om de plas heen te gaan. Het miezert iets harder door en we nemen de rechte weg. Manuel vind wind tegen en miezer een slechte combi. Die wind tegen had ik dus niet eens gevoeld!

We rijden door het Kotterbos en daar lijkt het droog, maar het kan ook opgedroogd zijn. Ik maak de 50 kilometer en 2 uur vol.

Ik had me ingesteld op het zwembad. Een duurtraining van 3 keer 900m. Maar eerder deze week had Vincent me beloofd naar een snelle 500m te hazen in het buitenwater. Met wetsuit aan. We gaan dus maar naar dezelfde plek als waar we maandag de triatlon hadden. Ik in wetsuit, Vincent niet. Vincent heeft het koud. Ik niet.

Ik zwem me suf, maar daardoor is het 1 bak onrust. Ik haat het als iets zo ‘moet’. Ik haal Vincent in als we de boei gerond hebben. Te koud voor hem. En te langzaam voor mij. De omstandigheden zijn toch elke keer anders. Ik zwem nog verder.

Naar de boei terug en ik ga nog een boei verder. De tweede keer 500m gaan zelfs nog sneller en net zo snel als in de triatlon. Raar hoor, want ik heb gepauzeerd met Vincent erbij. Nu zal ik de 2000m ook halen ook voor de jaarchallenge van Trispiration! Ik durf zomaar in mijn uppie over de plas te zwemmen.

Vanaf de verre boei laat ik de tijd en snelheid los en ga ik rustig letten op het diep insteken en mijn benen gebruiken. Dat geeft rust en ik zwem opeens heerlijk! Echt fijn. Het gaat misschien niet meer supersnel, maar ik geniet weer van het zwemmen en dat vind ik eigenlijk belangrijker.

Als ik weer bij Vincent ben die in de zon is opgewarmd, ga ik nog een keer de boei rond. Er zijn kinderen op sups en kano’s, niet handig, maar ik cirkel er omheen. Rust bewaren, een beetje opletten en breed en diep in blijven steken. Ik zwem de 2000m vol en voel het een beetje. Misschien kostte het fietsen eerder op de dag al wat energie? Wie zal het zeggen. Ik heb 2000m weggezwommen binnen 50 minuten.

Ik ben vandaag niet van het grote genieten in het sporten. Misschien komt het toch door vermoeidheid of het weer of omdat de woonkamer niet netjes is of… Ik weet het niet. ?‍♀️ Misschien door het verminderen van suiker en eten. Ik val weer af, maar mijn vetpercentage nog niet echt. En dat is ook weer niet goed. Zucht.

‘s Avonds ga ik nog een kwartiertje krachttraining doen. Voor deze trainer doe ik dat blijkbaar, maar ik loop liever 15 kilometer hard! Ik vind het zwaar, zweet me kapot en doe onwijs mijn best. Ik doe dit 3 keer per week een dik kwartier en dan moet ik heel snel onder de douche. 1 Ding weet ik zeker: dit is zo goed voor mij! Ik zal hier zeker sterker van worden. Hopelijk gaat het over een paar weken wat gemakkelijker allemaal. Dus ik probeer het.

1 juli wandelhardlopen precies zoals in het schema staat!

In het schema stond weer 3 dagen achter elkaar hardlopen, maar met de trainer heb ik doorgesproken dat dat toch niet handig is. Dus is het 3 kwartier wandelen geworden. Maar er staat nog hardlopen! Tijdens de training van Vincent ga ik met Rob wandelen. Wij wandelen flink door. Elke kilometer onder de 11 minuten. Het is lekker om samen buiten bij te kletsen. En we gaan even langs alle winkels voor kattebakzakjes. 3 Kwartier worden iets meer.

30 juni 9 Kilometer intervallen voor een badge.

Garmin heeft elk kwartaal een badge als je 505 kilometer hardloopt. Ik heb de eerste gemakkelijk gehaald en nu wil ik de tweede ook. Maar ik kom nog 9,2 kilometer te kort. Als ik kan gaan tijdens de training van Vincent regent het. Natuurlijk. Niet hard. Ik ga een rondje om Almere Poort. Mijn telefoon draag ik altijd om mijn linkerarm, maar daar zitten nu de sleutels, dus ik moet even een balans vinden. Eerst rustig inlopen in zone 1. Na 10 minuten ga ik 5 minuten versnellen. Niet te gek, gewoon zone 2/3. Dat gaat helemaal heerlijk! De regen is ook weg en er is genoeg zuurstof in de lucht. Ik moet 2 minuten rusten en dat is na 1 minuut al klaar.

Daarna moet ik 10 minuten ‘hard’. Ik tel zoveel mogelijk. Dat leidt me af en ik krijg mijn ademhaling onder controle. Dan maak ik me nergens zorgen over en als de gedachten afdwalen, tel ik gewoon door. En anders pak ik het na 5 minuten weer op. Ik ga de wijk in langs. Hier en daar ruikt het lekker naar eten. De rust is weer 2 minuten wandelen, maar na 1 minuut dribbel ik. Dan moet ik 15 minuten in zone 2/3 doorbrengen. Dat valt wat meer tegen. Ik raak wat vermoeid, ga iets minder hard en krijg het tellen niet voor elkaar. Tot overmaat van ramp klopt mijn bedachte route ook niet meer. Ik ga gewoon route te kort komen! Daar baal ik dan van, hoe stom ook. 2 Minuten rust en ik ga alweer terug.

Ik ga tien minuten hardlopen door het park. Het valt niet meer mee. Mijn benen vinden het welletjes, ik haal de 9 kilometer echt wel en ik tel een beetje lusteloos. Ik heb veel te weinig route en ga maar naar rechts. Dwalen kan er ook nog wel bij zeg… Ik wijk met het tellen maar 10 seconden af. Dat is netjes. Ineens moet ik 2 minuten echt totale rust houden in zone 0. Ik zit op 9 kilometer, de badge is binnen!

Ik weet alleen niet meer waar ik ben en ik heb nog maar 10 minuten. Dus ik ga de laatste 5 minuten door de Ierlandstraat, de Schotlandstraat en de Nederlandstraat in de hoop dat het goed komt. Het tempo ligt hoog, de hartslag iets hoger en ik word er nu eindelijk ook moe van. Ik haal 10 kilometer in iets van 61-62 minuten. Daar is met de wandelpauzes en de lage zones niks mis mee. Kijk, ik ben dan geen pro of elite triatleet, maar ik loop 2 dagen na een sprintje alweer supergemakkelijk de kilometers vol! Kan ik toch iets goed: herstellen. Ik hobbel het laatste stukje uit. Het worden 11,12 kilometers, terwijl ik op 11,11 mikte. En het is een leuk figuurtje geworden! Maar ik heb de badge gehaald! Zo halverwege het jaar zit ik op 1042 kilometer hardlopen.

29 juni Rustig uitlopen met nul foto’s

Even mijn hoofd leegmaken na een nacht met vier uur slaap. Ik kan mijn aandacht niet echt ergens bij houden. Gewoon lekker lopen helpt dan het beste. De overbekende route langs de Oostvaardersplassen en een muziekje op. Gewoon in zone 1 en tien minuutjes in zone 2. Het is nogal gemakkelijk. Ik loop behoorlijk moeiteloos 7 kilometer achter elkaar door. Dat kan deze oude taart dan weer wel. Met veel sjacherein. Ik ben dan ook eindelijk begonnen met echt op het eten letten. Ik schrijf alles op en ik smokkel tussendoor geen koekjes of chips meer. Wellicht heb ik daar ook een beetje last van.

28 juni NPW sprint triatlon De age-grouper tussen de elite

Laat ik eens bij het eind beginnen: ik heb nog nooit zo hard en lekker gezwommen zonder wetsuit, ik heb zo hard gefietst als ik kon en de kerel achter me kon me niet goed volgen, ik heb gemiddeld 5:12 gelopen en toch sta ik op de 24ste plek van de 30 deelnemers. Mannen en vrouwen. Het zou toch laagdrempelig zijn? Ik had het gevoel dat ik in de verkeerde groep was gestart. En dat maakte het eigenlijk helemaal niet echt leuk. Dat Vincent ver voor me eindigt is zijn goed recht, maar als ik alles maximaliseer, dan ben ik toch niet zo sloompjes? Noot van een paar dagen later: nee, echt langzaam was ik zeer zeker niet! Anderen doen enige dagen later een sprinttriatlon op een andere locatie en daar zou ik ook in de top 5 hebben gestaan. Vanaf boven geteld wel te verstaan. Bij de vrouwen. Het is dus net welk kader je aanhoudt. Vandaag was niet de mijne.

Terug naar het begin: alle groten deden hun wetsuit aan. “Anders loop ik teveel vertraging op bij het zwemmen.” Ik had mijn wetsuit niet eens bij me! Ik ben lekker in mijn trisuit van Trispiration. Oranje past mooi bij mijn fiets. Ik wil zwemmen en voelen of ik dat kan. Het water is toch zeker warm genoeg? Ik wil weten of ik verbeterd ben. We gaan 500m zwemmen en ik hoop dat het ook echt 500m zijn. Ik heb een halve bidon sportdrank leeg en macaroni gegeten.

Ik spring maar snel het water in. Het is totaal niet koud. Het water voelt zo totaal anders als ooit tevoren. Het is nog gewoon nat, maar het hele idee dat ik daar ter plekke zou kunnen verdrinken is totaal verleden tijd. Heel ver weg gedreven. Ik ga gewoon lekker zwemmen!

Om precies 7 uur starten we. Al snel merk ik dat ik niks meer zie door het brilletje. Ik zwem iemand omver! En ik hou iemand bij. Ik maak hele lange en rustige slagen. Lastig dat ik niks zie, maar ik ben toch niet de voorste. Het enige wat ik denk is dat ik breed moet zwemmen. Mijn hand kan ik nu toch niet controleren.

Ik kan je niet uitleggen hoe totaal nieuw de gewaarwording is dat ik gewoon superrustig zwem zonder gevecht en moeite. Ik adem 1 op 2, maar ik heb ook veel meer rust aan alle kanten. Ik baal bijna dat het maar 500m zijn! Ik moet wel even turen voor de boei, waar ik al bekant ben. Bij de boei maak ik 1 brilleglaasje schoon.

Het helpt iets, maar ik heb toch geen flauw idee waar ik heen moet haha! Ik zie wat boten en een hoop zwemmers voor me en die volg ik maar lekker. Als het maar 500m worden voor de meting van Trispiration. Dat worden het en ik heb de steiger in het vizier. Door dat brilletje kan ik niet zien hoe lang ik er over heb gedaan. Het trapje is al bezet en ik zie op het trapje iets staan met 12 minuten. Zelfs dat is al sneller dan 13 minuten, dus het is top! Ik heb heerlijk gezwommen en ben superblij. Wat een overwinning dat ik dit zonder wetsuit heb aangedurfd en gedaan! Ik doe slippertjes aan. Dat rent ook niet lekker, maar de steiger is ook glad. Ik wissel kalm en krijg de fietsschoenen lastig aan.

Dan stap ik op de fiets. Het fietspad op en eigenlijk denk ik binnen een kilometer al: ik heb geen zin in fietsen en ik haat fietsen nogal. Tja, wat dan. Dan ga ik maar zo hard mogelijk, dan ben ik er eerder vanaf. Ik ga liggen en boven de dertig rijden. Ik ga mensen inhalen. Simpel zat. Best wel een paar eigenlijk. En al snel. Ik snap niet dat iedereen nog veel harder gezwommen heeft. Ik haal wel een man en vrouw of 3, 4 tamelijk moeiteloos in.

1 Meneer gaat me bijhouden, maar tegen de wind in (het hele kleine beetje wat er lijkt te zijn) laat ik hem weer achter. Ik lig en trap. En ik ben pissig omdat ik geen zin heb. Niet dat ik er 1 seconden over denk om te stoppen, maar ik heb vandaag besloten dat ik fietsen niet leuk vind en daar hou ik me dan aan. Mijn fiets is wel top. Die luistert naar me en helpt me mee om snel te zijn. Alles gaat sneller dan 30 kilometer per uur. Behalve de bochten. Dat zijn er een paar en dan kan de meneer achter me weer bijkomen. De rotonde is een ramp voor mij. De rechte weg een zegening. Het gaat me ook irriteren dat iedereen voor mij fietst. Ik lijk wel stil te staan! Het gevoel dat ik hier totaal niet goed genoeg voor ben bekruipt me en laat me niet meer los.

Ik kom Vincent tegen die met een hele groep al dik in de volgende ronde zit. We komen weer bij de wisselzone en mogen nog een rondje. Nou ja, moeten in mijn geval. Ik zie een helikopter. Ik zing een liedje. Ik zie in de verte nog 1 iemand. Ik trap heel hard door. De meneer achtervolgt me. Profiteur! Ik vind het niet erg. Bij de rotonde haalt de meneer achter me mij bij en hij zegt: wat fiets jij gruwelijk hard! Ik ontken. En laat hem even voor, maar ik heb GN voor ons gezien en die wil ik nog wel inhalen. Zij loopt sneller, maar het is toch leuk. Dus ik ga weer voor.

Tot het laatste stukje. Dan mag de meneer mij trekken. Ik vond het al niet leuk en ik ga binnen 3 kwartier de ruime 24 kilometer fietsen. Dat is voor mij top. Ik weet niet of het lopen nog wel lukt nu. Ik heb spijt dat ik geen sportdrank heb meegenomen. Ik zet mijn fiets rustig tegen die van Vincent aan en moet even naar mijn loopschoenen zoeken. Ik neem een gel en heb geen water. Ik doe geen sokken aan. Ik ga maar gewoon. Lopen kan ik wel.

Dacht ik. Maar ik loop achteraan. En ik kan wel hard lopen, maar ik sta stil in vergelijking met de rest. Het is allemaal asfalt en saai en warm. Het zullen dan wel ‘maar’ 5 kilometer zijn, maar ik ga ze aftellen! De eerste gaat in iets van 5:08. Stilstaan dus echt niet! Maar iedereen zit in een ander rondje. Het is mij te onoverzichtelijk. Er is wel wat publiek, maar onrust kan ik niet meer hebben. Gewoon maar doorlopen dan. Het is ook simpel. Ook de tweede kilometer gaat gewoon hard. Ik weet verder weinig meer van de ronde. Gewoon saai en recht. Ik kom Joyce nog even tegen. Ik heb het warm. Vlak voor het eerste rondje loop ik achter een man, maar die zal zo toch zeker wel klaar zijn. Niet dus. Ik haal hem in. Het is net als het fietsen: gewoon maar doorgaan, dan ben ik er het snelst vanaf.

De dames langs de kant roepen me na: de laatste ronde, maar ik roep van niet. “We wachten op je hoor!”, de schatten. Ik ken haar, maar hoe heet ze ook weer. Het is de vrouw van… Ik pieker over haar naam. AA staat bij de brug en ik vraag haar of ze toch niet mee wilde doen. En weer door. De meneer van het fietsen loopt weer om me heen. Ik haal MS in. De kilometertijd blijft ongeveer gelijk en ik vind het eigenlijk wel goed als het maar onder de 5:30 blijft. Absurd. Dat is hier een wandelingetje.

Rob is al weg en dat is goed nieuws, want dan gaat Vincent als een malle. Ik moet nog een rondje. De trainer support in elk geval wel iedereen, maar ik kan net zo goed zonder publiek. Het is eindelijk stil op het rondje, maar ik ben nog verre van alleen. Net niet genoeg mensen om me op te richten en het zal me ook wat. Ik kan de vierde kilometer best wat langzamer, maar dan duurt het langer. Eigenlijk hoeft het simpelweg niet meer voor mij. Ik denk niet dat ik een sprinter ben. In dit gezelschap is mijn allerbest een beetje te minnetjes. Ik loop 5 kilometer in 26 minuten. De meneer van het fietsen komt langs me lopen. Ga me maar voorbij hoor. En de stevige mevrouw ook. Hij wil liever niet: “jij hebt zo hard gewerkt”, maar ik zeg hem te gaan. Leuk dat ze nog over hebben, ik hoeft dat niet. Ik eindig binnen anderhalf uur. Voor mij maximaal. In de achterhoede.

Dat staat me tegen. Het zou toch laagdrempelig zijn? Maar de drempel is wel een trapje hoger. Vincent is net zo min eerste geworden als ik laatste ben. Hij heeft snoeihard gezwommen. Ik dus niet. Hij heeft snoeihard gefietst. Ik dus ook niet meer. Hij heeft ontzettend hard gelopen. Ik voor mijn doen ook. Maar het helpt niet echt. Ik denk dat ik niet zo op wedstrijdjes gebouwd ben. De zegeningen? Dat ik zomaar even 5 kilometer wegloop in 26 minuten. Dat mijn cadans op 80 ligt. En vooral dat zwemmen! Dat vond ik echt geweldig. Al was ik de sloomste van dit stel. Hoe dan?! Ik moet alles nog opruimen en afmaken. Mother’s life. Ik slaap enorm slecht. Misschien is een trainingsweek van 14 uur en een wedstrijdje iets teveel gevraagd nu. Voor de trainer geen beste start. Maar wel een uitdaging. Het duurt een hele, hele tijd voor ik toch bedenk dat ik weer mee kan doen in augustus, dan ben ík mijn enige tegenstander. Op precies hetzelfde parcours. Dan kan ik zien of zijn schema beter is.

27 juni Oefenen in een overdekt zwembad – da’s lang geleden!

Ik ga naar Almere Poort en koop een kaartje voor het bakenzwemmen. In mijn horloge staat de opdracht: 3x 500m (ik ga niet voor de 750m- dat red ik echt niet), waarvan 1 keer met paddels en 6 keer 25m techniek en 25m borstcrawl terug. Mijn enige opdracht is: breed insteken en naar mijn hand kijken en voelen of het soepeler gaat. Het zwembad is overweldigend: er is ook een oefenuur voor de kindertjes, allemaal mensen bij elkaar en een drukkende herrie. Ik zal wel de enige zijn, maar dit is na anderhalf jaar weer even wennen! Ik weet niet welke baan ik moet kiezen: doorzwemmers of turbo. Ik kies de turbo, want de doorzwemmers doen schoolslag.

Ik haal diep adem en spring voor de eerste 500m het water in met achtje. Wat een verademing dat ik mijn hand kan zien! Als vanzelf steek ik al vanaf het begin breder in. Het gaat gemakkelijk. Ik zwem zo ongeveer het snelste van de turbo baan. En dat is een nieuwe ervaring. Ik heb wel meer slagen nodig. Ik moet 1 keer sorry zeggen omdat ik iemand raak. Mijn horloge laat van zich horen en ik denk dat ik er ongeveer 500m op heb zitten, maar ik weet het niet zeker. Ik rust even en doe de paddels aan. Het horloge kan ik niet volgen. Ik ga 500m met paddels zwemmen. Dat is nog beter voor mijn insteek. Maar ho ‘s effe: zonder achtje! En dat kan! Dat lukt mij! Op de Apple Watch zie ik het als ik 1000m heb gezwommen. Ik doe de paddels uit en ga voor 500m zonder hulpmiddelen. En dat lukt ook! Nog beter zelfs! Ritme, rust en zo nu en dan een controle. Ik adem 1 op 2. Maar mijn hoofd komt al minder het water uit. Ik gebruik mijn benen erbij en ik bewaar de rust. Niet dat ik niet moe wordt of dat het helemaal vanzelf gaat, maar het grenst er wel aan. Na 1500m ben ik klaar voor techniekjes. Ik doe de heup-tik-aan, oksel aantikken, bijleggen. En vooral bijleggen lukt me gewoon! Echt! En alles zonder achtje. Het achtje gebruik ik voor benen en daarna voor alleen armen. Tot slot wrik ik nog 25m vrijwillig en dan vind ik het mooi. Ik zwem rustig de 2000m vol.

Ben ik klaar? Voor de training wel, maar ik zie niet wat mijn horloge doet en ik wil er niet aan zitten. Ik ga een kilometer zwemmen. Zonder hulpmiddelen. En dan zie ik wel of ik echt sneller ben geworden. De kinderen verlaten het bad, het wordt rustiger en ik krijg de baan zelfs voor mezelf alleen. Het is moeilijk de afstand te zien. Uiteraard ben ik al wat vermoeid. Na 800m ben ik er helemaal klaar mee. Helemaal. Ik moet plassen en ik wil niet meer. Ik stop. Uiteindelijk pak ik het achtje en doe ik de laatste 200m. Dan ben ik er echt klaar mee. Ik heb 3000m gezwommen in 75 minuten. Niet veel sneller dan anders. Maar mijn zwemscore is wel degelijk verbeterd. En mijn snelste 100m staan nu echt. Een topzwemmer word ik niet meer, maar dit is voor mij een enorme verbetering.

‘s Avonds gaan Vincent en ik fietsen. Een hele rustige (uit)fietsactie. We gaan richting de plassen bij de Haje. Op de Trekweg hebben we wind tegen, maar dat is logisch. Vincent fietst een stukje wat harder. Ik ben wat vermoeid. Niet gek na een week van zo’n 13 a 15 uur. We komen onder de snelweg door en daar is een leuke brug. Even een fotootje.

Als we omkeren zien we de donkere wolken die zich samenpakken. De kleuren zijn mooi, maar de dreiging is ook groot. We fietsen langs het water en ik geniet van de kleuren. Op de Ibisweg ziet het er somber uit voor ons. We hebben even wind mee, maar de wind draait volledig om in een paar minuten. Een slecht teken! Vincent is bang dat we nat worden. We fietsen naar de brug terug en als we weer aan de andere kant van de snelweg zijn voel ik me wat veiliger. Soms een paar druppels, maar het regent niet door. We fietsen flink door en treuzelen niet meer. We gaan door de stripheldenbuurt en op de Laan der VOC worden de druppels opeens wel groot. We racen naar huis en de hagel barst pas echt los als de fietsen net in de schuur staan. Ik vind zelfs 22,95km op de teller goed! Het onweert als we in de huiskamer staan.

Een drukke sportweek. En gewerkt. En de wassen gedraaid. 70 Franse woordjes geleerd. En zoveel mogelijk naar de nieuwe trainer geluisterd. Maar we moeten wel even praten of dit voor mij vol te houden is.

26 juni Meijendel in de tropische hitte en Kijfhoek: wandelen op de plek waar hardlopen onder verboden sporten valt .

Joyce en ik reden naar de Wassenaarse Slag. Het zag er uit als een lekkere dag hardlopen: beetje bewolkt en net weer droog. Niets was minder waar! Het was een vreselijke dag! Benauwd. Hele hoge vochtigheidsgraad. Plakweer. Een dekentje over je heen en moeite met ademhalen. We liepen eerst een ommetje door de duinen naar een mooi uitzichtpunt. Het was meteen al veel zand, veel hoogteverschil en ongewoon zwaar. We stonden te kijken op het uitzichtpunt.

Toen liepen we een stukje terug en we gingen naar het strand en de zee. Meestal geniet ik daarvan en gaat het als vanzelf, maar nu moest ik na 4 kilometer al constateren dat dat vandaag niet zo was. Verre van. Die dag waar je altijd bang voor bent: de dag dat het niet lukt. Wat prettig was, is dat de dag van Joyce en van mij samenviel. Door de dikke, zware lucht. Ik hield het lopen iets langer vol, maar niet met enig gemak. We stopten regelmatig. Echt stilstaan met een stilstaand horloge erbij. Dan leek het mee te vallen.

Maar ga je weer lopen, dan is het een soort gevecht tegen het luchtledige. Het zicht op de Pier van Scheveningen was gaaf, net Watopia. En de rollende golven waren lekker. Het zand was goed te doen. Maar ik vond niks meer leuk. Niks. Ik baalde zo. Het voelde zo zwaar aan. Dat vind ik niet leuk. Van mij hoefde het geen 30 kilometer te worden. Als we dat strand maar af mochten, hopelijk was de lucht daarachter beter.

We gingen een trap op en boven bekenden we elkaar dat dit een lange tocht zou worden. Met wandelelementen te over. Dan zetten we een stuk aan en leek het even mee te vallen en dan kwam het dekentje er weer overheen te liggen en verdween de energie. Tot overmaat van ramp werkten mijn darmen niet echt lekker mee. We kwamen op een stuk waar we niet in mochten. Dan maar rechtstreeks naar de watertoren toe. Daar was een waterpunt. En die mooie watertoren.

Raar idee dat je dan dus vlak bij de stad zit. We wilden naar de radarbol. Maar daar staat een groot hek omheen. Zo dicht bij de stad is de lucht ook dik en zwaar. We hadden wel een schelpenpad om het hek heen. En we hoorden ze schieten. Voor de rest schoot het niet op. Het was echt kilometers sprokkelen.

We liepen langs de NATO-gebouwen. Den Haag heeft altijd iets van een sjieke dame. Toen kwamen we bij de Waalsdorper Vlakte en ook daar was een welkom waterpunt. Mijn darmen deden rustiger aan. Net als het tempo. Op de vlakte die verre van vlak is, gingen we weer rennen. En toen naar de bel toe, die dus best klein is.

We gingen naar het monument. Dat was ook kleiner dan ik altijd had gedacht, maar wel sereen. En toen gebeurde er iets wat me echt nog niet eerder is overkomen: we gingen op een bankje zitten en ik vond het wel prima. We zaten op 14 kilometer en ik wilde gewoon zo snel mogelijk terug naar de auto. Joyce vond dat ook goed en we keken naar een verkorting van de route. Daarna gingen we weer verder; er is maar 1 manier om weer bij de auto te komen: hardlopend. Afgewisseld met wandelen.

Ik ging tussen kilometer 15 en 16 nog hardlopen, maar gek genoeg was het toen wel echt op. We kwamen bij een uitzichtspunt. Van alle punten viel dit een beetje tegen. Eigenlijk.

Na het punt moesten we ergens naar links. We zagen het juiste pad. En het bord verboden toegang. Tja, dan lopen we toch maar het natuurgebied Kijfhoek en Bierlap in. Joyce had er dagkaarten voor. We keken nog even op de kaart. Hopelijk kunnen we er aan de andere kant uit. Het gebied is werkelijk adembenemend.

Prachtige duinmeren. Vergezichten. Single track paden. Heel veel zand. We zetten het op een wandelen. We waren gewoon moe. Doodmoe. Daar helpt weinig eten meer aan. Lekker flink wandelen en adem overhouden om te kletsen. Al was soms dat zelfs best lastig! We volgden groene paaltjes.

Heel soms, als het naar beneden ging, voegden we een klein hardloopelementje toe. Na 21 kilometer in een ellenlange tijd, kwamen we op een verharde weg. Van kleine ongelijke steentjes. We kwamen zowaar 2 andere mensen tegen! Na overleg besloten we de verharde weg te volgen en zo af te snijden. We moesten terug naar de auto. Ja, er stond een bordje verboden toegang, maar wij konden weer een stukje hardlopen!

Ik zeg nog: als de boswachter nu komt, vragen we een lift naar Wassenaar en toen kwam de duinwachter er ook aan. Een jongeman en een dame. Joyce vertelde meteen dat we wisten dat we daar niet mochten lopen, maar dat we te moe waren en het terrein af wilden. Gek genoeg was dat niet onze grootste overtreding. Onze grootste fout was dat we hardliepen. Sporten is daar verboden en hardlopen valt daar zeer zeker onder. Joyce liet de dagkaarten zien. Daar stond het in kleine letters op. Ironisch maar waar, hebben we eigenlijk alleen maar gewandeld in dat natuurpark en waren we nauwelijks in overtreding! Hij gaf ons niet de boete van 109 euro en begreep dat we dit niet expres deden. Hij zou voor ons het hek opendoen en dan konden we naar links het gebied uit. Links? Wij wilden naar rechts! Toen we vertelden dat we bij de Wassenaarse Slag stonden en via de Watertoren waren gekomen, begreep de duinwachter pas echt dat we al heel ver waren. We wandelden door het hek heen dat weer dicht ging achter ons. We waren moe en beduusd, maar toen het doordrong dat we een boete hadden kunnen inlijsten voor hetgeen we juist nauwelijks meer konden: hardlopen, lagen we dubbel van het lachen!

We zaten op 23 kilometer en hadden 5 kilometer afgesneden. Achteraf bezien had de Kijfhoek maar 1 ingang. We hadden dus ook nog 3 kilometer verder kunnen rennen en dan er achter komen dat er geen andere uitgang was. Daarom wees de duinwachter ons naar links, naar de enige ingang. Dan hadden we terug gemoeten én nog veel langer en verder moeten lopen. Nu waren de hardloopelementen echt zeer schaars geworden. We wilden de 25 kilometer halen en daarmee basta. We liepen zelfs nog een stukje om, omdat we een verkeerd weggetje namen. Op de parkeerplaats zat er 25 kilometer op. In uit- en thuistijd van 4 uur en 50 minuten! Looptijd was 3 uur en 35 minuten. Ongewoon moe waren we. De eerste regendruppels vielen. En het onweer begon achter ons. In het gebied waar wij nog hadden gezeten als we niet in overtreding waren gegaan met hardlopen op het enige stukje verharde weg.

Deze loop heeft erg veel energie gekost. Het weer maakte het echt heel erg zwaar. Daardoor voelt het erg slecht aan en ik voelde het echt als falen. Goede punten zijn: als je na 5 kilometer al weet dat het ‘m niet wordt en wij toch 25 kilometer gaan én… koop altijd een dagkaart!

‘s Avonds doe ik nog een keer 20 minuten krachttraining met een filmpje mee. Is zwaar vanwege het zweterige en plakkerige weer. Maar ik doe het wel netjes!

25 juni Keep on cycling en keep on swimming

Samen met Manuel ging ik fietsen. We gingen de 3 waters van Almere rond: eerst het Weerwater, daarna de Noorderplassen en tot slot de Oostvaardersplassen. Iedereen fietst altijd gruwelijk hard, maar ik kan dat niet. Ik maak eigenlijk meer een tourtocht, zeker als we zo samen gaan. We gingen langs de manege en langs het tennispark. Het waren best wel nieuwe stukken en allemaal stad. Dat schiet niet op. Toen moesten we omrijden, want het rondje Weerwater is nog steeds afgesloten. Dan heb je stoplichten en nog meer stad. Toen we eindelijk het Weerwater zagen, waren we al heel Stedenwijk doorgeslingerd. En dat komt het tempo absoluut niet ten goede! We reden door het Beatrixpark. Het water daar hebben we beter gezien dan het Weerwater. Bij de Noorderplassen deden we een kort stopmoment omdat ik even moest bellen, maar daarna konden we weer door! Eindelijk kwamen we dan op de dijk met een gemiddelde van 23 kilometer per uur. Dat is echt heel sloompjes als ik kijk. naar al die anderen die met gemak 25 of 26 kilometer per uur halen. Maar nu was er wind mee en konden we gaan liggen op de fietsen. Nog een paar gas-terug-momenten bij de oversteken en dan helemaal doorfietsen en het gemiddelde ophalen. Manuel zag al op tegen de Knardijk met wind tegen. Maar tegen die tijd ben ik ‘warmgedraaid’ en ga ik weer op mijn fiets liggen en doorstappen. Wind of niet. Mag Manuel lekker op de weg langs het Oostvaardersveld… Na driekwart neem ik het over. We hogen het gemiddelde op tot 25 en Manuel vertelt hoe je dat zo houdt: uitzetten voor je de wijk weer in rijdt. Niks voor mij. Uiteindelijk fietsen we ruim 55 kilometer (56) en dat in twee uur en een kwartier. Het gemiddelde in Strava zit op 25, maar daar heb ik hard voor moeten werken en dan heb ik me nog niet eens aan de tempoblokjes gehouden. Mijn gemiddelde zit op 24,8.

‘s Avonds gaan we met (een paar van) de meiden van Trispiration zwemmen. JB heeft ons uitgenodigd om een rondje om Steigereiland te zwemmen. Dat wil ze graag een keer. We zijn met z’n zevenen. Ik vind het best spannend: zwem ik wel goed genoeg? Het regent een beetje. Ik heb mijn halve wetsuit al aan en ben op tijd klaar. Het water is helemaal niet koud. Ik zal met CT en M mee zwemmen. JB en haar vriend voorop, MV en DvM zwemmen minder hard. De eerste tegenvaller is dat ik in het vieze water mijn hand moeilijk kan beoordelen. Dat is jammer. Dan moet ik maar blijven denken in breed en diep. Het tweede punt is dat ik moeilijk navigeer en alleen maar achter de gele boei aan kan zwemmen. We gaan onder de brug door. De beha-brug. Erg leuk.

Ik heb de GoPro aangezet. Zie wel wat er van komt. En ondertussen zwem en denk ik. JB en haar vriend wachten op ons en zeggen ons tot de groene boei te zwemmen en dan naar rechts te gaan. Ik ga vast, ze halen me wel in. De groene boei kan ik weer zien. Ik ga de hoek om en kom in een heerlijk ritme. Ik hoeft alleen nog maar aan het breed te denken. Gewoon alles in kleine stappen doen. En ik kan zien dat ik van de kant af blijf op gelijke hoogte met de huizen. Lekker doorzwemmen naar een andere groene boei in de verte.

Tegen de tijd dat ik daar ben, moeten we naar rechts. Schreeuwt JB tegen me. Wonderlijk genoeg zwommen ze allemaal achter mij. Blijkbaar. Ik ga naar rechts en merk wat vermoeidheid. Nu zwemmen ze mij maar lekker voorbij! Ik vind het onrustig hier met huizen en boten.

We gaan samen onder de brug door, maar mijn GoPro filmt helaas niet meer. Ik vind het wel best eigenlijk intussen, maar ik zwem gewoon door. Het is zaak om ook dan op te blijven letten op mijn slag en breed te bijven insteken. Mijn armen doen er een beetje pijn van. Ik ga mijn benen nog maar meer gebruiken en kom dan weer in de slag. We komen opeens bij de bekende boei en dan vind ik het weer jammer. Ik vertraag wat om nog even van het water te genieten. Ik zwem een klein stukje door om de 3000m te halen. Gelukt!

24 juni Intervallen in de hitte

Ik had er niet zoveel zin in. Voor de derde dag achter elkaar hardlopen. En nu nog intervallen ook. Het zijn maar 25 minuten en het is zone 1 en zone 3 werk, maar ik kijk er niet naar uit. Ik blijf langs de baan staan te kletsen. En dan ga ik toch maar. Eerst 10 minuutjes inlopen. Nu heb ik mijn tijd verkletst en kan ik niet meer bij Joyce langs. Ik zit al snel heel hoog in zone 1-2. Hoeft niet! En dan moet ik 10 keer 150 seconden zone 2-3. Dat is lekker tellen. Bij de tweede keer merk ik dat volkoren brood een uur voor het sporten een slechte keuze is. Ik moet! Dan ga ik toch maar even langs bij Joyce, want een WC hebben ze daar nog net. Het lucht op, maar dan weer terug de hitte in en nog 6 of 7 keer intervallen is niet bepaald makkelijk. In de rust wandel ik echt. Ik ga langs de woonboten.

En dan weer een keer tot 150 tellen. Eigenlijk wilde ik aan de andere kant van de Vaart teruglopen, maar dat zal misschien net te veel worden. Ik zit nu met de balans tussen de tijd dat Vincent klaar is met trainen en de lengte van mijn training die niet meer overeen komen. Ik heb te weinig tijd om de training af te maken! Dan zie ik een pad en bruggetje naar links en besluit ik daar eens te gaan kijken. Een leuk schelpenpad langs water. Tellen tot 150.

Ik ga de busbaan over en dan ga ik daar weer terug. De intervallen haal ik wel zo ongeveer allemaal, maar dan het uitlopen maar niet. De hoeveelheid kilometers zal ook niet echt om over naar huis te schrijven zijn. Ik pak nog een schelpenpad mee. Niet heel verstandig, want dat kost meer kracht, meer hartslagen dus en een lager tempo. Maar het is wel leuker!

Ik kom weer bijna bij Joyce haar huis langs. Nog maar een paar intervallen. En ach, het went ook. Een lieve meid zegt me vrolijk gedag en zet-m-op en dat doet me erg goed! Mijn hoofd is zo rood als het shirtje. De laatste interval doe ik lekker hoog in zone 4 en daar hoort ook een fijn tempo bij. Tja, ik moet toch op tijd weer bij de atletiekbaan zijn, is het excuus. Ik loop een rondje om de baan heen uit. Dan is er nog niemand, dus ik plak er nog een rondje aan vast. En dan kan ik warempel zowel de training afmaken van 55 minuten als ook nog eens precies tegelijk met Vincent klaar zijn! Dit was geen koekie.

Woensdag 23 juni. Naar het strand bij Almere

Vincent bedacht dat ik tijdens zijn zwemtraining wel naar het strand kon lopen. Welk strand? Ik ben in Almere Poort en daar zijn meerdere stranden. Maar toen stapte Vincent uit en ging hij zwemmen. Ik mag en moet rustig vandaag. Een uur. Geen rugzakje mee dus. Geen verwachtingen. Als het niet gaat, is wandelen een optie. Maar het lukt wonderwel goed! Ik heb een muziekje op en ik moet niks, dus ik kan alles. Ik hobbel naar het strandje onder de snelweg door. En over het strand.

Dan ga ik het verharde pad verder volgen in plaats van op de geijkte plek onder de snelweg door. Ik ben verbijsterd dat je hier ook onder de brug door kunt, zo vlak langs het water! Het is groots en ik heb dit echt nog nooit gezien. Ik kom op een stuk waar ik ooit een crosscup liep. Dat lijkt een eeuwigheid geleden! Ik denk er weemoedig aan terug. Het sneeuwde en ik vond het niet zo leuk, maar ik was in top-conditie. Ik kom weer op een strand en daar moet ik helemaal overheen.

Voor het tempo is dit niet fijn. Helemaal niet. Maar dat ik dapper doorren, doet mij wel weer goed. Ik loop door naar de strandstoel, want dat heb ik Vincent ook beloofd, al wist hij toen niet waar ik bedoelde.

En dan ben ik bij Duin Marina. Maak ik ook nog snel een fotootje. Nu weer terug. Ik hobbel langs de duinhuisjes en dan wil ik onder de Hogering door. Ik zwerf Almere Poort in. Ik heb nog tijd en nu wil ik ook nog wel langs de orthodontist. Dat was in eerste instantie de bedoeling. Ik weet eigenlijk niet precies waar die zit… Ik hobbel vrolijk door in een soort van ritme. Ik kom op plekken die helemaal nieuw voor me zijn.

Dan heb ik nog tien minuutjes en weet ik niet meer hoe ik terug moet naar het Topsportcentrum. Ik pak mijn kaart erbij en de orthodontist blijkt niet haalbaar. Dan maar rustig teruglopen. Ik maak er 9 kilometer van en ben blij dat het zoveel beter ging als gisteren!

Dinsdag 22 juni. Het gaat voor geen METER, met een Dixie op de goede plek

Volgens het schema van de nieuwe trainer moet ik vandaag anderhalf uur hardlopen. Een half uur in zone 1, een half uur in zone 2 en een half uur in zone 3. Is niet echt moeilijk, maar 90 minuten is best wel lang. Eigenlijk. Ik heb hard gewerkt overdag, ben niet op mijn best en voel er niet zoveel voor. Ik zet maar een muziekje op en ik ga naar de manege lopen en dan terug. Niet de meest geïnspireerde route, maar dat sluit dan heel goed aan bij het tempo en hoe ik me voel. Aan de ene kant wil ik het goed doen, aan de andere kant hoeft het even niet. Ik ga natuurlijk veel te hard voor zone 1.

Het is niet leuk, het gaat niet, het gaat niet gemakkelijk en ik heb er weinig lol in vandaag. Het rugzakje is te zwaar en zit in de weg en ik zit mezelf in de weg. Nog voor de manege zit zone 1 er al op. Door naar zone 2, maar het tempo wijzigt niet of nauwelijks. Brug over en dan de volgende brug weer op en binnen een paar kilometer 2 snelwegen over. Echt, als het al niet goed gaat is deze route misschien wel het allerdomst. Ik begin me af te vragen of ik niet gewoon naar huis zal lopen en dan moet ik naar de plee. Voor een grote boodschap. Alsof het nog niet shit genoeg is! Ik hobbel het fietspad af. Vincent loopt ook, maar korter en ergens anders en hij appt me. Kan ik mooi even wandelen! Tot mijn grote verbazing staat aan de waterkant de verlossing:

Tja, daar maak ik dan maar gebruik van. Vies, vuil en goor kan er ook nog wel bij, maar er is zelfs papier. Ik hoop dat ik zone 3 dan nog iets kan oppakken. Toch nog maar niet naar huis via de kortste weg. Het tempo is zelfs in zone 3 nog verre van enige goede bedoeling, maar ik loop tenminste nog! Hoewel het helemaal ruk is. Ik dacht op 12 kilometer uit te komen in anderhalf uur, maar ik loop de anderhalf uur vol en het worden zelfs 13 kilometers. Wat ben ik blij dat dit erop zit! Nu werk ik weer met kleuren aan de trainingen en goede trainingen (lees: die de goede tijdsduur hebben) zijn groen. Dit was een groene training. Met een bruin randje.

Categories: Geen categorie | Leave a comment

2021-18

13 juni – 30 kilometer ?‍♀️ ?‍♀️ met een wedstrijd van 10km ? erin

Het is zondagochtend 8 uur. De wegen zijn stil. Er zijn nauwelijks mensen op straat op deze zonnige dag. Maar er zijn twee meiden die met hun dubbel gevulde rugzakje de Stedenwijk van Almere verlaten: KH moet voor haar hele triatlon nog een lange duurloop doen en ik ga met haar mee. Op haar schema stond 5km inlopen naar de Kemphaan, dan op de Kemphaan een wedstrijd doen van 10km en dan 5km teruglopen naar huis. Dat zouden er toch zeker 21 worden, maar toen bleek dat haar huis 7 kilometer van de startplek van de wedstrijd af ligt. Dus kom je op 24 kilometer (dus: 25 toch zeker). ‘s Avonds zou ze nog 10 kilometer extra moeten lopen om de 30km te halen, maar ik opperde met mijn domme hoofd (op de bank lijken die dingen altijd veel logischer) om dan maar gelijk de 30km te doen. Om kwart over 8 zaten de eerste paar kilometers erop. KH en ik kletsen altijd. Onafgebroken. Nu is KH van een uniek soort materiaal gemaakt, want die kletst én loopt flink door. Tegelijkertijd. Ze is niet voor niks Europees Kampioen Triatlon in haar leeftijdsgroep. Al kwebbelend valt de Oorbrug en de zon mee. Na 5km zijn we op de Kemphaan (maar nog niet bij het startpunt) en moet KH de bosjes in. Te kort op het lopen ontbeten. Ik neem een eierkoek. We worden ingehaald door snelle kerels die ook ‘eventjes’ inlopen op een tempo waarvan ik hoop dat ik dat IN een wedstrijd ooit zou kunnen evenaren. Dan slaat mijn stress toe: mensenmassa’s, wedstrijddruk, startnummer, stress; ik kan dat allemaal niet!

Het is een loop ter ere van het 25-jarig bestaan van de masseurpraktijk voor ongeveer heel zichzelf respecterend Almere. Waar ik niet bij hoor, maar door KH ben ik meegesleept. Het troost me dat we samen zullen lopen. Zij denkt dat ik harder loop, maar daar ben ik veel te behoudend voor. Ik moet daarna nog zo’n end! We maken precies de 7 kilometer vol. De volgende 10 zijn dan de wedstrijd. We zijn op tijd, even kletsen (KH voornamelijk), een gel eten (ik), rugzakje af (wij allebei), ander shirt aan. Er zijn ‘maar’ 40 mensen. Met de meesten heb ik helemaal niks. Behalve met MBB en die lieve kindjes. Raar om te bedenken dat het pas 9 uur is. En off we go! Ik loop met een groepje mee waar KH loopt te kletsen. Het gaat behoorlijk op tempo. Ik vind 5:20 ronduit hard eigenlijk. En ik ben klaar met het geteut. Met z’n tweetjes vind ik dat geen probleem, maar zo tetterend groepje is niks voor mij.

Ik haak wat af, klets nog even met een meneer en pak dan mijn eigen tempo van 5:30. Steady. Het voelt niet vreselijk zwaar en prima te doen. Ik zou harder kunnen, maar dat wil ik niet. De zon valt mee, de schaduw is fijner. Op kilometer 4 krijg ik een appje van Vincent die hup mama hup schrijft.

Lief! Daardoor zit ik iets boven de 5:30 en dat moet ik goedmaken. Dat kan ook. Onder de bomen iets aanzetten. Ik zie het groepje voor me uiteen vallen. Niet dat ik ze kan bijhalen en dat wil en hoeft ik ook niet.

Er finishen wat mensen die voor de 5 gingen. En dan loopt KH voor me. Ik tel hoeveel er tussen zit en dat zijn ongeveer 26 seconden. Als de schaduw komt, trek ik aan. Vanaf kilometer 6 ga ik harder lopen en leg ik het tempo op 5:20. Dat gaat prima. Ik loop in. Gestaag. Kilometer 8 gaat op 5:15 zelfs en ik loop nog geen 10 seconden achter KH. En dan bedenk ik me dat ik dat gewoon niet wil. Zij is simpelweg beter, beter getraind en sterker. En ik moet hierna nog een heel stuk! Niet kapot lopen nu. Ik laat haar gaan en kom zelf terug op 5:30. Daar kan ik mee rekenen. Ik ga het gemakkelijk binnen een uur halen. Hopelijk kan ik KH ompraten om het bij 25km te houden vandaag. Dan bedenk ik dat ik na het eerste gelletje niks meer heb genomen. Ik had het zo beloofd en zo nodig! Ik voel dat ik ineens snel sjachereinig wordt en vermoeid. Ik kan het tempo niet vasthouden en blijf achter. Ik maak een wazige selfie. How I feel.

Ik schaam me dat ik weer door de koolhydraten heen ben gejaagd, dat ik nu dorst heb van de hitte én dat ik niet te genieten ben door het tekort. Schaamte, woede, sjacherein, krachtverlies en desinteresse maken dat ik de 10 kilometer heus wel volloop (zonder te wandelen al kost dat nu moeite) en daar ik de tijd later maar moet berekenen. Uiteindelijk binnen 55 minuten. Ik ben blij dat ik er ben, bij het eten, water en de finish.

In die volgorde. KH is me zeker 40 seconden voor. Ik ben blij met de medaille, maar nog blijer met het flesje water. Die drink ik leeg en ik eet zoute stokjes, een eierkoek én een gel. Ik trek me even terug, want ik moet even tot mezelf komen. Rund dat ik er ben, iets met ezels en stenen, maar deze ezels stoot zich elke keer aan alle klinkers op het pad! Dan wil ik snel weer verder en snel weg. KH vraagt of W een stukje meeloopt, maar van mij had dat niet gehoeven. Die loopt veel harder namelijk en dan ‘moet’ het weer zo. KH maakt er natuurlijk 30 van! We hebben de hele ochtend nog voor ons liggen joh. W gaat naar links en wij naar rechts op het vierbruggenpad. Tussen de bruggen in moet KH weer even de bosjes opzoeken. Deze nieuwe variant gels zal het voor haar niet worden.

Niet dat zij er over piekert om de 30km in te korten – welnee. Ik krijg gewoon iets meer pauze! We zitten op 18 kilometer, maar die wedstrijd heeft mijn eten in de war geschopt en ook hoe lang het nu allemaal duurt. Er is geen werkelijk tijd meer, alleen racetijd, want we stoppen de horloges steeds. Op het zonovergoten pad richting de Shell laat ik KH kletsen en heb ik het zwaar. Ik ben de hele tijd bang dat ik haar ophou, ook al verzekert en belooft ze me dat dat echt-echt-echt niet zo is. We blijven rond de 6:00 minuten op een kilometer lopen. Met de wedstrijd erin lopen we de halve marathon in 2 uur en 3 minuten Wish it was like that! Als we in de schaduw lopen, gaat het me weer wat beter. Lekker door het Cirkelbos. We zijn flexibel in de route. Als het maar dertig wordt! Voorbij de berg richting het parkje met het water doen we nog een stop. Ik eet 2 eierkoeken braaf op. En drink lekker veel.

Dan de zon in en ik klets de tijd door. Ik tel ook de kilometers af eerlijk gezegd. Mijn (boven)benen doen pijn. Door die wedstrijd en het oprekken van de spieren daar en het afkoelen en wachten en weer opstarten elke keer, trekt het zelfs enorm in mijn benen. Samen met de zon en de voedingssjacherein maakt dat ik me niet zo goed voel. Bij de volkstuintjes moeten we allebei bij een boom stoppen. Door KH’s gepraat over poepen, moet ik ook! We gaan nu wel echt teruglopen, want we zitten op 25 kilometer. Ik weet ook al dat ik dat niet meer in 1 keer red. Het loopt tegen 12 uur en het is echt heet intussen.

We lopen langs de schaapjes en komen weer bij de houten brug waar we een paar uur geleden ook waren. Toen voelde het anders! Komt vast door het gewicht van de medaille die we nu meeslepen – duhhhhh. 26 Kilometer, 27 kilometer. Ik tel ze zo af en ik hoeft zo niet meer! We doen nog een stopje. KH loopt nu voor me uit. Dat is waarschijnlijk het verschil: zij heeft wel een doel en ik heb niks meer gegeten. Zij is gemaakt van gehard staal! Wat een ongelooflijke kracht. En ze roept maar: kom op!

Ik vind wel een doel: de 30km binnen de 3 uur lopen. Daar moet ik nog voor gaan. We moeten in de volle zon de Oorbrug over. Vooral die zon is ruk. Ik ga aan het tellen. Nog 1 kilometer in 6:30. Dat zijn dik 300 tellen. Het leidt me af, maar mijn benen doen te veel pijn om er meer van te maken. De brug af mag ook nog. En de busbaan over. Tellen. KH (ver) voor me. Blijven tellen. Ik zit al over de 300. Heb nog een minuut. Het gaat lukken! Nog een busbaan. Tellen. Piepppp – zegt het horloge. 2 uur 59 minuten en 46 seconden. Rommelen met het horloge, uitzetten net over de 3 uur heen. Dan is KH er ook en ze wacht me op. Het is 12 uur en er lopen twee meiden met leeggedronken rugzakjes door dezelfde straten als 4 uur eerder. (de nettotijd ligt net onder de 4 uur, ook fijn) De temperatuur is verdubbeld. Mijn benen voelen dubbel zo zwaar. De dynamiek van inlopen, een wedstrijd lopen en dan nog een keer heel ver uitlopen kan mijn bekoring niet wegdragen. Het is iets teveel gevraagd van mijn planningsvermogen met voeding en tempo-indeling. De coach van KH had echt bedoelt dat ze vanavond nog een keer moest gaan in plaats van alle energie opmaken in 3 uur. Dus -ach wat jammer nou ?- het zwemmen ‘s avonds laten we voor wat het is! Ik kan ‘s middags nog wel prima het onkruid wieden en de keuken schoonmaken. Of course. ?

14 juni. De Zwemanalyse – Breed en Diep ?

Dit heb ik jaren uitgesteld. Echt. Een professionele, scherpe zwemanalyse in een endless pool van een ware zwemdeskundige. Met opnames en spiegels. Zodat je ziet hoe je zwemt en wat er nog beter kan. Aangezien ik mezelf heb leren zwemmen, ben ik echt bang dat er teveel te verbeteren is! Ik ben nogal bang voor het antwoord ‘geen-beginnen-aan’. Ik hoeft niet zozeer sneller te zwemmen, als het maar gemakkelijker wordt. Ik vind zwemmen geweldig, maar het blijft een struggle. Dus ik ben er nogal zenuwachtig voor. Degene die mij gaat verbeteren heeft ook in 2019 de Frysman gedaan, al was hij ‘ietsje’ sneller bij het zwemmen (lees: 50 minuten!) dan ik (blijkbaar goed naar zichzelf geluisterd en geanalyseerd). Ik had de eer om naast hem in de wisselzone te staan. Maar dat weet hij niet meer. Hij vraagt zich af wat qua zwemmen het probleem kan zijn als ik de Frysman zwemmend overleefd heb en ook binnen 3 kwartier de halve triatlon in Almere heb voltooid. Maar ik weet het wel! Mijn onmisbare achtje, het gebruik van mijn benen en de ademhaling: het moet echt soepeler kunnen! Dit zwemfenomeen en als coach van een heleboel mensen, is wel zo slim om te begrijpen hoe moeilijk het combineren van een hele triatlon met een baan en een gezin is als vrouw.

De zwemtrainer heeft wel goede credentials, want hij heeft mensen leren zwemmen vanaf nul. Ik hoeft alleen maar te zwemmen en dan kijkt hij wat er beter kan. Zo’n zwembad is best raar, dat je naar niks toe zwemt. Omdat ik dit erg, erg spannend vindt, is mijn ademhaling totaal niet onder controle en moet ik 1 op 2 ademen. En ook nog zonder achtje! Het lijkt de start van een wedstrijd wel! Goede simulatie zeg maar.

Zo wordt het grootste verbeterpunt meteen duidelijk: breed. Ik moet heel breed insteken. Omdat ik dat nu niet doe, kantel ik mezelf zowat om en dat bemoeilijkt het ademhalen. Eigenlijk moet ik mezelf voortdurend behoeden om niet naar beneden te duiken. Mijn benen krijgen daardoor ook geen grip. Ik krijg daardoor ook veel lucht mee wat ik onder water moet wegzwemmen en wegduwen. Gelukkig krijgt hij het beter uitgelegd dan ik hier. Ik hoeft het dan ook “alleen maar” toe te passen. Voor mijn gevoel leg ik mijn armen aan de zijkant van het bad, maar dat is nou precies de bedoeling! Het verbetert eigenlijk meteen. Al moet ik enorm nadenken. Breed. Naar de hoek van het bad. Denken. Dit is de eerste stap. Er is ooit 1 iemand die dit tegen me gezegd heeft, maar die had er geen verklaring bij. Dan kan ik er niet zoveel mee.

Doordat het nu al een stuk stabieler ligt, komt meteen punt 2 aan het licht: mijn linkerarm gaat omhoog bij het uitstrekken. Zeker mijn hand. En dat REMT AF. Het is vooral links, want dan ga ik ademhalen. Ik ga proberen hoe ik dit eruit krijg en voor mijn gevoel maak ik de beweging af naar beneden. Dus voor mijn idee skip ik het uitdrijven nu helemaal en dat voelt buitengewoon onwennig. Als ik even de aandacht laat verslappen, verval ik in de oude gewoonte. Nu moet ik aan twee dingen denken: breed en diep. Mijn benen hoeven nu echt niks meer te doen! Ik lig namelijk recht. De uitleg gaat verder. Ik ben één en al oor. Het is ongelooflijk, maar ik ga hier helemaal in op, wat wil ik dit graag leren! Het wordt me opeens duidelijk waarom ik na anderhalf jaar nog steeds last heb van mijn gekneusde vinger aan mijn linkerhand. Die span ik tegen het water in. Die houdt (samen met de andere vingers) letterlijk het water tegen!

Nu moet ik nog timen wanneer ik adem haal. Ik krijg een aparte oefening mee: ik moet naar mijn hand kijken en als die onder water is en niet omhoog staat, mag ik adem halen. Het is even oefenen om de rare slag met mijn hoofd hoger te pakken te krijgen, maar als het me lukt, zie ik mijn arm en hand en het is volkomen duidelijk wanneer het minder goed gaat! Dan heb ik nog ruimte om nee te knikken ook én adem te halen. Wat ineens minder moeite kost. (aha – voelt dat zo als je hoofd niet helemaal het water uit hoeft; flitst er door me heen) Volgens mij staat er iemand naast te kant te grinniken die mij nee ziet knikken. Hij wijst me erop dat ik de andere helft van de tijd heel hard ja moet knikken! Als ik dit snap, gelooft hij wel dat ik dit vaker goed zal doen. Het is op de filmpjes heel goed te zien.

Ik word wel erg moe, maar nog steeds denk ik goed na. De laatste sessie voelt voor mij een stuk minder, totdat we de vergelijking maken met het gevecht tegen het water van een half uur eerder. Ik neem veel minder lucht mee! Ik knok veel minder. Het voelt zelfs een beetje ‘sloompjes’ aan. Meestal gebeurt dat als ik moe ben, dan ga ik voor mijn gevoel ‘lazy’ zwemmen, maar dan gaat het opeens een stuk rustiger en sneller! Die state of mind kan ik nu beredeneren en gaan toepassen vanaf het begin. In 100 metertjes. Natuurlijk gaat dit niet vanzelf en vanaf nu goed, maar ik kan niet wachten om dit te trainen tot het een gewoonte is. Ik heb ineens veel meer tijd voor de hele slag, dat merk ik wel. Dat komt omdat ik nu leer dat ik kan uitdrijven. Dat gaat ongemerkt, maar dat is straks de grootste winst.

De trainercoach belooft me dat het niet alleen gemakkelijk wordt, maar ook sneller. Hij zegt stiekem tussendoor dat hij het bad sneller moest zetten! Voor nu zijn de sleutelwoorden Breed en Diep, en voor mij komt daar ontspannen vingers bij. Hoeveel tijd ik kan winnen zal me een worst wezen. De zwemcoach merkt op dat hij zelden iemand ziet die zo ongelooflijk snel de zaken oppakt en aanpakt. Met mijn fanatisme zal ik het ook kunnen leren ook, zo weten we allebei! Mijn achtje heb ik niet meer nodig, want ik lig verder prima in het water. Ik heb in een uur zoveel geleerd! Zoveel! De enige spijt die ik heb is dat ik dit niet jaren eerder heb gedurfd. En ik vond het zwemmen al zo leuk.

‘s Avonds ga ik nog fietsen. Rustig een rondje om de Noorderplassen heen. Mijn hoofd tolt nog na van het zwemmen en wat zou ik graag in het eerste beste water duiken om te oefenen en oefenen. Maar ik fiets gewoon een beetje in de warmte met de wind. Er staat een lastige windrichting en ik ben aan alle kanten nog wat vermoeid van de 30km van gisteren. Ik baal van de spierpijn die ik als straf heb gekregen omdat ik niet goed gevoed heb. Het is nog erger nu ik het weet! Met de kilometers wordt het allemaal wat kalmer in mijn hoofd. Van fouten kun je leren denk ik maar. Al is dat een gedachte en geen gevoel.

Sporttechnisch heb ik een hoop dingen gedaan en aangepakt in een week: een 30km gelopen in de hitte met een wedstrijd in the middle, me ingeschreven voor de halve triatlon, de zwemanalyse gedaan en ik ga over op een andere trainer. Dat tolt allemaal door mijn hoofd. Ik fiets 30km. Geen toptijd, maar binnen een halve maand heb ik voor Trispiration de jaarchallenge voor deze maand gehaald: 2x 10km lopen (ook al was dat in 1 keer 2×12), 2x30km fietsen (allebei in Flevoland) en 2x2000m zwemmen (allebei buiten en 1 keer zelfs 2500m).

15 juni Warm binnenbad en oefenen met ?‍♀️

Ik wil alleen maar zwemmen! Oefenen moet ik. En dat is ook het enige waar ik zin in heb. Eigenlijk wil niet werken, me niet bezighouden met huishoudelijke taken of contact hebben met andere mensen. IK WIL ZWEMMEN. Om 5 over 8 sta ik in het bad in Almere Buiten. Dat is een vreselijk bad: warm, klein en binnen. Maar het ergste moet nog komen: er is geen plek meer voor het groepje voor mij! Het bad is vol! Nee toch zeker… Ik ga nog even navragen hoe ik had moeten reserveren (maar dat kan niet) en dan blijkt er nog 1 plekje te zijn. Voor mij! Mooi dat ik hier de komende uren niet meer wegga.

Ik moet eerst in het grote bad. Ik ga gewoon op en neer zwemmen en een half uur lang alleen maar denken aan breed uitsteken. 3 Keer op en neer en dan even rusten. Ik ga kalm. En gemakkelijk. Breed-breed-breed. Een beetje om de schoolslag-vrouwkes heen. Breed. Breed. Breed. Leer mijn doorzettingsvermogen kennen en je weet dat ik hier volhardend genoeg voor ben! Ik krijg een seintje dat ik erbij kan in het banenbad. Dan kan ik doorgaan met kijken over mijn vingers heen! Het banenbad is heet! Tjonge, dat wordt nog wat! Ik ga op en neer en kijk over mijn handen heen. Ineens daagt het ‘diep’ mij. Ik moet echt veel lager insteken. Diep het water in. Ik ga elke keer op en neer en drink na een keer of 4/5 wat water uit de bidon. En weer opnieuw breed en laag insteken. Elke keer opnieuw. Het gaat allemaal heel traag voor mijn idee. Maar snelheid gaat het nog niet om. Ik moet wel breed uit kijken over mijn vingers heen! Het moeilijkste vind ik het echt om mijn vingers ontspannen en laag te houden. Ik moet ook nu om mensen heen cirkelen, maar dat boeit me niks. Ik doe hier mijn eigen ding, doen jullie dat ook maar. Er zijn twee mannen die als dames aan het bijkleppen zijn. Verder zie ik mensen de baan in en uit gaan, maar ik blijf. Diep-diep-diep. Blijven kijken en blijven concentreren. Ik word niet moe van het zwemmen zelf, maar van het blijven proberen. Ik zwem maar en ik zwem maar. Wel anderhalf uur. Ik word natuurlijk moe-er, maar ook dan telt blijven opletten op breed en diep. Ik ga even een stukje hard als ik iedereen moet inhalen, maar dat lukt me wel. Inhalen is lastig, dan voel ik me te breed en verval ik in de oude fouten. Om kwart voor tien ga ik het bad uit. Ik heb niet echt een idee of ik snel of langzaam heb gezwommen, door de afmetingen van het bad en de pauzes. Ik heb ook geen idee hoeveel ik precies heb gezwommen. Het is in elk geval genoeg voor de 1000m badge! En om uren na te ‘genieten’ van de chloorlucht!

16 juni Een swimrun ?‍♀️ ?‍♂️ ?‍♀️ ?‍♂️ ?‍♀️ ?‍♂️ ?‍♀️ ?‍♂️?‍♀️ ?‍♂️ ?‍♀️ ?‍♂️ met Vincent

Het is warm en heet in Nederland. Zelfs een beetje benauwd. De airco doet boven zijn werk en ik wil natuurlijk vooral zwemmen! Vincent heeft een zwemtraining, maar ik haal hem over om een zwemloop te doen. We zoeken de oude schoenen op, stellen de houders voor de pullboy in, doen een trisuit aan en dan gaan we naar de Noorderplassen. Vincent neemt de GoPro mee. We beginnen met hardlopen. Ik heb nergens haast mee. Het is namelijk echt warm. ? We lopen langs de kale schapen het bochtje buitenom. Na een kilometer ontdek ik dat ik mijn brillenglaasje kwijt ben. Balen! Maar ja, je sleept ook met een boei en een badmuts in de hand.

We lopen weer terug, maar vinden geen brillenglaasje. Dan maar terug naar de auto voor de reservebril. En wat zit daar onder in de tas? Het brillenglaasje! Poging 2 dan maar, maar nu moet het zweet hoognodig worden afgespoeld in het water. Het water is totaal niet koud, maar Vincent denkt er anders over. De GoPro slaat elke keer om. Die filmt vooral heeeeeeel veeeeeeeel plantjes! Het is aardig dichtgegroeid.

Dat zwemt niet lekker met schoenen aan. Ik oefen nog wel een beetje met breed, maar over de vingers kijken is lastig met de hoge planten. We zwemmen langs het strandje een beetje richting de zwanen. Ik vind het zwemmen zó leuk! Vincent filmt me zo’n beetje (er is nog werk aan de winkel).

Dan gaan we weer rennen. Soppen. Slurpende schoenen. Badmuts op. Joggen. Boei in de arm. Lekker over het gras. Dit is wel een populaire hangplek en we worden aangemoedigd door jongelui en begeleid door Turkse muziek. Ieder zijn eigen hobby! We lopen weer een kilometertje verder. Daar wil Vincent er weer in. Het ziet er niet best uit: een beetje vies en onhandig. Ik loop rondjes om de bomen en Vincent filmt met de GoPro.

We lopen nog iets verder door. Bij wat Vincent het eilandje noemt, gaan we erin. Door het zuigzand. Jakkie. Vincent wil naar het opgespoten eiland zwemmen. Daar zijn we zo. Vincent klimt erop, maar het zijn vooral stenen. Kan hij mij even op de film zetten en dan moet hij weer terugkomen. Het is wat lastig met GoPro en boei en balans en stenen die er liggen. Ik kan weinig voor hem doen en dat irriteert een beetje.

Terwijl de zon ondergaat zwemmen we richting de boten in de hoop dat we daar de kant weer op kunnen. Echt vaart maken is er niet bij. We stoppen nog om een foto proberen te maken van ons op het water, maar de GoPro helpt niet mee en Vincent wordt zowat verstrikt door mij! We hebben wel lol, maar geen goede foto.

Vincent krijgt het koud. Op de hele Noorderplassen; misschien wel in heel Almere- is hij de enige die het op het dit moment koud heeft! We gaan weer zwemmen, maar het water is hier niet zo schoon. Meestal boeit me dat niet zo, maar zelfs ik vind het lastig en opmerkelijk hier. We moeten een plek zoeken om aan de kant te komen en dat is even klauteren en schuifelen. Moet je je indenken dat als twintiger met je brommertje een rustig plekje met je vriendje onder een boom hebt gevonden aan de waterkant en ineens komen er twee gekken uit het water geplonst met een badmuts op! De arme meid zei zo vriendelijk mogelijk gedag, dat wel. Wij weer aan het joggen. Het was erg mooi met de zon.

Ik was er al met al een beetje klaar mee, dat wel. Het is hartstikke leuk, maar ik werk ook de hele dag in de warmte en dat is allemaal vermoeiend. Vincent had het koud ? (HOE DAN) en hij liep terug naar de auto, ik jogde de kilometer vol. Het blijft een aparte tak van sport, dat swimrunnen!

17 juni Zo rare Er UU Es Tee dag. Want het is veel en veel te heet en benauwd om te sporten met dik 30 graden. Eigenlijk is werken ook te vermoeiend, maar daar krijg ik voor betaald, dus die moet maar.

18 juni SWIMSWIMSWIMSWIM

Ik ga met RW, de dochter van Joyce. We spreken af op het Lumierestrandje, maar de afspraak is wat wazig in verband met het weer. Het regent, maar onweert niet zoals voorspeld was. Het is lekker koel. We spreken af om kwart over 10, maar Joyce gaat hardlopen en die is er al om 10 uur. Ik ben er eerder dan RW en laat mijn pak door vriendelijke hardlopers die voorbij komen dichtritsen. Dan moet ik plassen en begint het te regenen (wat niets met elkaar te maken heeft!). Ik ga het water vast in en dan kan ik naar het steigertje, de rood-groene boei en de groene boei en weer terug en dan kan ik vast oefenen met breed en diep. Zonder zo snel te hoeven zijn als RW. Ik krijg mijn berichten wel binnen via de Apple Watch. Mijn blokje is 500m en het gaat niet snel, maar wel een stuk makkelijker.

Nog geen RW te zien. Dan nog maar een keer hetzelfde stukje. Ik concentreer me dan zo, dat ik alles verder vergeet. Alleen de meeuw die van de ene boei naar de andere vliegt voor me uit zie ik. Verder kijk ik over mijn vingers heen en denk aan het breed insteken. Als ik terugkom heb ik de Apple Watch niet opnieuw gestrart én blijk ik geen berichten te krijgen! RW wacht op me bij haar ouders. Oh-dom-van-me: dat hadden we afgesproken! Ze komt nu naar het strandje. Ik zeg dat ik al aan het zwemmen ben en ik ga nog een stukje. Over de kilometer doe ik wel een half uur! Ik ga nu steigertje-roodgroene boei- rode boei – groene boei – steigertje. Ik vind het dus helemaal niet eng om alleen te zwemmen! Er is niemand op het water, geen bootjes of niks. Alleen de mensen die aan de brug werken. Het is al lang gestopt met regenen.

RW en haar moeder Joyce staan op de kant als ik terugkom en de 1500m volzwem. RW doet haar pak aan en ik wacht lekker. Het is bewolkt gelukkig. Joyce maakt foto’s van ons.

We gaan van boei naar boei. RW kan veel en veel beter zwemmen dan ik, dus ze wacht bij de rood-groene boei. We gaan onder de brug door naar de rode boei aan de andere kant. Ik let nog steeds op en ik word wat rustiger. De slag gaat dan ook al ietsje meer vanzelf.

Het diep insteken nog niet altijd, maar ik zwem alvast een stuk breder en dus stabieler. Dan gaan we verder richting het centrum naar de rode boei. Die is verder weg dan ik dacht! RW haalt me elke keer weer op. Ik ga steeds harder zwemmen! We overleggen dat we om het eilandje waar de elektriciteitsmast op staat heen gaan. Zo ver ben ik nog nooit geweest! Overigens zwem ik meestal ook niet zo ver buiten. Ik zit al op 2,5 kilometer! Met mijn domme (en natte) hoofd heb ik gezegd dat we tegen de klok in om het eiland gaan. Als je alleen naar rechts ademt, is dat onverstandig, navigatietechnisch gezien! Achter het eilandje ruikt het enorm naar de witte bloemen. Ik vind het opmerkelijk om onder de hoogspanning door te zwemmen, ook al is dat raar. We gaan terug naar de boei waar we vandaan komen. Ik zit over de 3 kilometer zwemmen heen en ik merk dat ik moe word. Bijvoeren onderweg is er dan ook niet bij! RW blijft wat achter. De zon is erbij gekomen en de stralen in het water zijn prachtig. Zij heeft er last van, of van de hele lichte golfslag en ze wordt misselijk. Voorbij de rode boei ga ik de rust in. Ik ga heel kalm zwemmen en gebruik mijn benen. Ik trappel, steek breed in en laag en vind een ritme wat ik uren vol zou kunnen houden. RW blijft helaas misselijk en dat vind ik zo rot voor haar. Ik wil ook terug. We gaan onder de brug door naar de groene boei. Ik zwem gestaag door, maar het wordt nu moeilijker om te denken of ik goed zwem. Vooral diep insteken blijft dan achter. Mijn hand is dan wel totaal ontspannen. Ik zit op precies 3800m bij de groene boei. Die laatste 200m komen er ook! Ik moet nog om via het steigertje en nog een stukje voor de lijn heen en weer en dan heb ik 4000m gezwommen. Vier hele kilometers. Bij het uittrekken van de wetsuit wankel ik. Ik ben vermoeid, mijn armen zijn wat gevoelig en dat is het.

Zaterdag 19 juni Fietsen ?‍♀️ en hardlopen ?‍♀️ ?‍♂️ met enen en vieren

Voor de badge van Garmin moet je 40km fietsen. Ik ga dat lekker in mijn uppie doen. Muziekje op. Ik ga de Hoge Vaart langs. Heen en terug.

Het is lekker weer: beetje zonnig en niet te heet. Dus wat vergeet je dan? Het water! Überhaupt iets aan voeding. Langs het water zonder water ?

Ik ga heen door het Wilgenbos. De ophaalbrug staat namelijk eens een keer open. In het Wilgenbos liggen behoorlijk wat losse takken door het noodweer gisteren. De sluis is net dicht. Ik hoeft niet zo hard. In mijn hoofd visualiseer ik de route alvast. Door de stad heen gaat eigenlijk best snel. Langs de Vaart met aan de andere kant de Kemphaan gaat eigenlijk niet zo snel. Bij de Shell steek ik over.

Eerst het Vierbruggenpad (met de 5 bruggen) Verderop moet je een stukje omrijden omdat de brug niet meer bestaat. Ik rij weer lekker door in de stad. Al moet ik 1 keer stoppen voor een overstekende ganzenfamilie! Ik ga weer een ophaalbrug over, de rode deze keer en dan door naar het Block van Kuffeler terug. Ik heb nog een stukje wind mee langs de dijk naar huis en dan zitten er 41 kilometer op.

‘s Avonds ga ik samen met Vincent ?‍♀️ ?‍♂️ . Hij wil graag naar de Kemphaan om onverhard te dwalen. Van zijn trainer mag hij maximaal anderhalf uur. ? Ik wil naar het Schapenbos. ? ? ? Een simpele opdracht. Op nog geen 2 kilometer van de parkeerplek. Na het bestuderen van de kaart lijkt het simpel: we gaan de paarse? route volgen tot we de gele? route tegenkomen en dan tot de groene? route of over de eilandjes. We hebben maar 2 regels: niet onder hetzelfde bruggetje ? door heen en terug en we keren niet om ➿. Eitje! “Mama, dat is maar 4,5 kilometer paarse paaltjes volgen”. Bij paaltje 3: ik ga liever die kant op ?? oke. Joh. Dat kwam weer goed ? . Voor 1 kilometer. Toen wilde hij onder de bomentunnel door. Weg paarse route. En daarna gingen we langs het schapenbos af. Ook goed. Dadelijk naar rechts en we zijn er. Op km2 zei hij volkomen onverwacht: hier links ?. Het Schapenbos lag rechts dus ??‍♀️ toen langs de eilandjes. “Het schapenbos ligt hier rechts”, beweerde de puber. Ik dacht: achter ons dus. ? Na drie km stonden we op de dijk naar Huizen te kijken ?

Terug over het Rooibos. Ik dacht nog: het Cirkelbos dan? ? Maar nee, terug over de brugjes. Toen hij na 5km weer richting Cirkelbos terugstak, greep ik even in en leidde hem terug naar de Kemphaan. ➰ We staan na 6km op een recht pad en hij kijkt op de kaart: “Hier rechtdoor tot de Wetering (een soort kanaal) en dan twee keer rechts.” ➡️➡️ Kan niet misgaan. Denk je. Ik zeg: ‘hier links is het Schapenbos dus’. ? Gaat meneer de gids dan ook direct naar links ?

Schapen gezien. ? Jippie. En toen… kwam de opstandige geitenbende op ons af! ? Er was maar 1 oplossing: de volkstuintjes in!

Het doolhof zonder uitgang. ? Toen hebben we een algemeen hardloopregel overtreden en aan feestende oudjes die ons aanmoedigden de route/uitgang gevraagd. ? warempel, je kan er af! Ik zeg net: “nu kan er niks meer misgaan” als Vincent roept: hier links ?. Nou kan er veel te veel misgaan als je Almere Haven in gaat, dus toen heb ik een veto uitgeroepen. ? Kwamen we na een omzwerving weer op het rechte pad. Letterlijk. ? hij koos. De omweg naar de Wetering. Ik dacht: kan ik dat? Ik dacht van wel. Dus ik zei niks meer. ? We stopten regelmatig en ook de horloges ⌚️ dus we leken best lekker op tempo te lopen. ? Vincent mocht maximaal anderhalf uur en ik moet het morgen bij de trainer verantwoorden! ?Zo kwamen we bij het kasteel. ?

We zagen nog een hertje. ? We gingen onder de 305 door, want we gingen niet 2 keer onder het brugje bij de Kemphaan. Het goede pad rechtsaf was afgesloten door een ongewaaide boom, dus we konden er pas bij de oude afgebroken ophaalbrug terug naar de Kemphaan ? ? . Ein-de-lijk wist hij écht de weg…. ? We liepen nog een beetje om om de 14km vol te maken. Doordat we elke keer de horloges ⌚️ stop zetten ging dat nog binnen de anderhalf uur ook! ⏰ Vind ik mooi: gister 4km zwemmen, vandaag 41km fietsen en 14km lopen. Allemaal enen en vieren dus. We hebben echt dubbel gelegen van het lachen. ? Ik heb Vincent op het hart gedrukt dat ik de pijlen⬅️➡️↗️⬇️↕️ hoe dan ook volg bij de Trail des Fantomes!

Zondag 20 juni. Geen zin in sport – regen ? & borduren?

Ik zou bij zonsopgang gaan lopen. Want dit is de dag die het langste licht is in Nederland. Hebben we bij Trispiration als uitdaging mee gekregen. Goed idee, maar…. het regent ? . De hele nacht. En om 4 uur regent het pijpenstelen ? . Om kwart voor 5 regent het ook nog ☔️ . Ik draai me om. Een zonsopgangloop zonder zon is zonde. ☀️ Kortom: ik lig toch vaak genoeg wakker en sta lekker laat op. En dan? Ik heb nog geen schema, wacht op de (nieuwe) trainer en verveel me een beetje. Wat zal ik eens gaan doen dan? Ik ga borduren! ? Dat deed ik heel veel toen ik nog tijd over had omdat ik niet sportte. En wat ga ik dan borduren? Sportvrouwtjes!

Ondertussen kan ik lekker autoracen ? kijken. En achter een schermpje telefoon ? hangen. Ik besluit dat ik maar ga fietsen. De trainer gaat niet meer bellen. Na het avondeten stap ik op de fiets. ? Ik heb geen zin. Ik hoeft van mezelf maar drie kwartier. Of een uur als ik zin krijg. Ik heb ook al geen route-idee ?Ineens weet ik wat er mis is: ik heb gisteren heel, heel slecht bijgevoedt. Niets (echt niks) bij het fietsen en bij het lopen heb ik 2 winegums op. Daarbij is mijn lijf aan alle kanten druk met de organisatie van de maandelijkse periode?. Slechte, zeer slechte combinatie ? Het ergste van alles is dat het nu weet. En dat ik me er blijkbaar nog niks van aantrek.? Ik beloof mezelf dat het anders moet. Het helpt me niet aan zin om te fietsen. Ik ga weer langs de Hoge Vaart (weinig fantasie) en langs de rode ophaalbrug. Na 12 minuten heb ik nog geen zin ? . Dan komt het niet meer. Na 20 minuten nog steeds niet ? . Ik voel me zwak ?. Dus ik rijd terug. ?‍♀️ Nog geen 20 kilometer, maar wel 3 kwartier. En onderweg een halve bidon water leeggedronken! De bidon blijft op de fiets zitten, ik zelf weet niet hoe snel ik er af moet springen zodat ik verder kan borduren.

Je ziet dat ik het ben he? Paarse fiets, licht haar. Maar de bikini en het ontbreken van de helm maken het ongeloofwaardig.

21 juni 2021 – Fietsen ?‍♀️ met Vincent ? tussen de buien ? door

De trainer heeft het schema af: VIJFTIEN uur. Hij legt uit dat ik ‘alleen maar’ hoeft te proberen om 80% van het schema op te volgen (is nog altijd meer dan 12 uur ja!). En dat het een leidraad is. Goede plannen allemaal, maar ik ben nogal van het netjes volgen. Al is dat vandaag al onmogelijk. Ik kan niet zwemmen helaas. En fietsen… Deze eerste dag van de zomer begint slecht: het regent alleen maar. Tussen 5 en 7 lijkt het even droog. Met de nadruk op LIJKT. Vincent gaat met mij mee op zijn pas gerepareerde fiets. Helaas blijven er druppels vallen. We doen een ronde Oostvaardersplassen.

Ik moet een uur in zone 1, maar die ligt tamelijk hoog. Mijn cadans ook. Voor Vincent is het een eitje. ? Van tijd tot tijd druppelt het en de zonnebril had beter thuis kunnen blijven. Maar die heeft Vincent toch op. ? Het is overal wel rustig. Op de dijk hebben we wind mee. ? Na een uur moet ik tempoblokjes gaan doen. Ik doe het dapper. Maar 2 uur fietsen haal ik vandaag ook niet. Als we weer aan ‘onze’ kant van de Oostvaardersplassen zijn, houdt het op met druppelen en wordt het weer steeds meer serieuze regen. In mijn lies zit iets niet lekker.? In het vierde blokje (achteraf van de vier, terwijl ik op vijf telde, anders had ik m afgemaakt ❗️) ben ik rond (Vincent nam de korte weg naar huis) en vind ik het wel goed. De 40 minuten die ik overhou van de 2 uur fietsen, kan ik mijn fiets weer schoonmaken! Begint lekker met dat nieuwe schema van mij…? Vandaag nog niet de helft van de trainingen gehaald. ?

Categories: Geen categorie | Leave a comment

2021 – 17

1 juni een solo-rondje met muziek ? in paars ? en rood ?

Er staat een ritje op het schema. En het is mooi weer. En de rode fietsbroek ligt klaar. En de paarse fiets is er altijd klaar voor. Ik neem maar een muziekje mee. En de GoPro. Vincent gaat hardlopen. Hij kan nog een foto maken van me.

Ik ga gewoon een beetje mijn neus achterna. Geen idee van de route heb ik. Richting de Kemphaan dan maar. Ik heb mijn muziek aan staan en geniet van het zonnetje en het mooie licht.

Ik fiets gewoon lekker door, niet te hard. Langs de Kemphaan af. En dan kom ik een hertje tegen die voor mij en mijn GoPro oversteekt.

Leuk dat ik dat nu kan laten zien zonder snel naar een telefoon te moeten grijpen ofzo. Ik neem eens een keer een ander fietspad langs Nobelhorst waar ik nog nooit ben geweest! Almere is erg groen als je het zo bekijkt zeg. Ik fiets ook lekker tegen de zon in en weer terug.

Ik maak nog een klein ommetje om niet dezelfde paden te nemen. Het is geen lange, snelle of verre rit. Maar ik ben toch even uitgewaaid!

2 juni Wereld Hardloop Dag ? ?‍♀️ ?

En mijn trainer vind dat ik een rustdag moet nemen! Tja, die trainer kan ik prima negeren… (sorry haha), maar mijn horloge is het ermee eens:

Ik denk er dan maar een seconde of tien langer over na. Het is bloedheet buiten. En Manuel kan wel iemand gebruiken die hem ophoudt als hij na 4 weken gedwongen looprust weer gaat. Sorry horloge, sorry trainer. Het is maar een klein stukje in de middagpauze.

De hitte valt me mee. We lopen in de schaduw. We houden wandelpauzes. En ik kwebbel die arme Manuel suf. 5 Kilometertjes. De laatste kilometer doe ik solo en die is het lastigst. In de zon en de hitte.

De badge is binnen!

3 juni 2021 Rustdag dan maar, want vandaag is het te heet. ? Benauwd. Vochtig. Een wandeling is al zweten. ? Ik wil zwemmen ‘s avonds. Maar we wachten op de bank ? Die natuurlijk pas laat komt. En dan nog in elkaar gestreken moet worden. Da’s ook warm en zweterig en zwaar ?

4 juni. Fietsen ?‍♀️ ?‍♂️ met Manuel ?-uel, de Prik ? en ?‍♀️ met goPro ?

Tussen tien en half 12 kan ik fietsen samen met Manuel. Manuel moet verder werken aan de conditie. Om half 12 moet ik mijn vaccinatie op gaan halen. Vind ik spannend. Ik weet namelijk niet hoe ik ga reageren. En daar kan ik maar slecht mee omgaan. Dus nu ik nog kan fietsen, ga ik! Ook nieuw voor mij is dat Manuel het zwaarder heeft dan ik. Eigenlijk is het altijd andersom. Ik moet een tandje bijzetten om Manuel bij te houden. Nu kwek ik Manuel weer gek. En vraagt hij om even te stoppen ‘om naar de zwaluwen te kijken’ bij de sluis op de Knardijk.

Deze ene zeldzame keer vind Manuel de korte weg terug wel prima. En eigenlijk vind ik daar weinig leuks aan. Ik heb liever dat Manuel weer de oude is. Met een net iets betere conditie dan ik. Omdat hij een man is. Ik heb liever dat Manuel niet hoeft te zuchten. Of hooguit omdat ik te rustig aan doe. Dat zijn bloedwaarden en stressniveau weer normaal is voor een hardloper. Ik ben net op tijd thuis en haal de vaccinatie in Purmerend. De reactie zal morgen wel komen. Of liever niet. ‘s Avonds ga ik zwemmen. YES. Met mijn nieuwe pak. KH gaat mee en ZGvG kan ook. KH en ik hebben allebei een prikje gekregen vandaag, maar ik heb een pleister! Het is druk op het strandje. Ik heb mijn pak al half thuis aangetrokken. Dat is een stuk lastiger met dit pak!

Het zit als een tweede huidje. En zo zwemt het ook! Heerlijk-heerlijk. Het water is lekker warm. We hebben alledrie een ander zwemniveau. KH ver boven mij, ZGvG iets minder. We spreken de boeienroute af. Ik zet de GoPro aan en die gaat mij volgen.

Hopelijk kan ik jullie dan een beetje meenemen in het water. Want ik vind het zo geweldig en heerlijk! Slag, slag, slag…. Ik moet voor de juni challenge van Trispiration nu 500m zwemmen en aan het eind van de maand nog een keer en dan hopelijk sneller. Dus ik doe eerst maar eens heel kalm aan! Er zijn van die dingen die je niet bedenkt als je nooit buiten zwemt. Dat je onderweg gewoon kunt wachten op elkaar (horloge mag uit leerde ik vandaag) en dat je dan in je pak of op je boei blijft drijven. Dan kun je prima kletsen en overleggen. KH legt uit hoe te navigeren. Ik wil onder de brug door.

Is dat niet geweldig leuk! Ik ga meestal de andere kant op, maar nu zo richting Almere zwemmen is machtig.

Ik doe lekker lang over de 500 meter. Horloge uitzetten en dadelijk weer aanzetten: ook dat kan prima op het water! We zwemmen naar rode boeien. Eigenlijk zou ik omkeren als KH me weer tegemoet kwam, maar ik haal het ook om de boei heen! Verderop wacht ze weer.

Ik ga nog wat aanzetten en mijn best eens doen. Benen gebruiken. Lange slagen maken. Naar de bodem kijken; he, daar zijn nog nauwelijks plantjes! We gaan de brug weer onderdoor. Ik heb geen last van de GoPro, maar… die is ook vaak onder water.

Na een tijdje is de accu vanzelf leeg. Mijn accuutje is er ook wel mee klaar en ik zwem terug. ZGvG is al op het strand. Er is politie en drukte. Het ergste vind ik het zand aan mijn voeten. Ik heb zo’n 1700m gezwommen. En enorm genoten!

Mijn pleistertje heb ik nog steeds. En nergens last van!

5 juni Fietstochtje ?‍♀️ ?‍♀️

Het is de hele dag een beetje sappelen. Ik voel me prima, beetje last van mijn arm, maar ik heb enorm slecht en weinig geslapen. Niet van de vaccinatie, maar gewoon door vanalles. En dat voel ik. Denk ik. Soms even spierpijn. Van het zwemmen zal dat wel zijn…. ? ‘s Avonds ga ik fietsen met Joyce. Ik ben wat dizzy, maar na het eten is dat weer weg. Ik neem de ATB. Joyce heeft een route. Naar Almere Haven. We kletsen ons suf. Alsof we niet de hele dag appen.

We moeten door Almere Haven heen steken. Daar wacht een mooie verrassing als we de hoek om gaan:

Nog nooit gezien! We komen ook door een stuk van Almere Haven dat me totaal niks zegt. Gelukkig hebben we een route. We gaan richting het kasteel. Ik wil eigenlijk best 30km fietsen. Met het op- en neer naar Joyce rijden lukt me dat wel. Het fietsen gaat prima. We gaan nog even langs de AH. Voor morgen als we samen gaan hardlopen. Het schijnt dat wij nooit uitgekletst raken….

6 juni Hardlopen in Groningen en Drenthe ?Alle provincies in da pocket

Voor de jaarchallenge van Trispiration voor mij -Ren elke maand 10 kilometer en doe dat twee keer in twee verschillende provincies- ontbraken Groningen en Drenthe. Die lagen al op de plank, maar toen was het in Limburg beter weer. Vandaag scheen de zon (in Almere bij vertrek), dus togen Joyce en ik naar het noorden. Rond half elf stonden we in Leek op een parkeerplaats aan de rand van de bebouwing.

Met een rugzak vol eten, want ik moet hardlopen met het eten van koolhydraten gaan combineren, zodat ik de dagen erna beter kan aanvullen en niet naar snoep en koek ga grijpen. Experiment! Toen we begonnen met hardlopen, was de zon in Groningen achter een dik wolkendek verborgen. Het miezerde zelfs! Nu heb je mij daar helemaal niet mee, maar Joyce en dan met name haar bril; die heeft daar iets minder zicht door. Het was niet koud. We hadden niet zo’n idee wat de route zou brengen, maar het begon goed: onverhard; brede paden; makkelijk te volgen. En dan een fietspad tussendoor. We liepen langs een terras en langs water en werden overal buitengewoon vriendelijk bejegend. De eerste kilometers gingen soepeltjes, met sportdrank en de witte bollen als brandstof. De kaakspieren hadden het toch weer zwaar. We kwamen bij een ommetje door een verborgen stuk bos. De ondergrond is zo totaal anders als de Flevolandse klei! Na 4 kilometer stopten we.

Gewoon even uitkijken over het landschap naar de roofvogel en de leegte en ondertussen ETEN. Joyce nam zoute stokjes, ik een eierkoek. Rare gewaarwording. Zo wordt lopen leuk. We haalden de paarden in op het fietspad en kletsten gewoon maar door. Zo nu en dan moest Joyce haar bril schoonpoetsen. Het idee was om 11 kilometer in de ene provincie te lopen en dan stopte ik mijn activiteit en gingen we door voor de andere 11 kilometer in de andere provincie. Het was plat, alles. We zagen een stukje wat omhoog liep, maar toen we daar liepen, bleken we te moeten omkeren. Ik zette zo nu en dan de GoPro aan. Die hing vlakbij aan de rugtas. Nu piept hij en ik moet de toontjes leren kennen (7 keer is uit). Toen kwamen we weer bij een stuk bos met een ommetje. Er waren andere mensen die bang waren voor een koe, maar wij zagen geen beest in de wijde omtrek. Ik zette de GoPro aan. Tot bij het uitkijktorentje.

Daar genoten we van het uitzicht over het Leekermeer, Leek, Roderwolde en de koeien. Ik at deze keer ook zoute stokjes. Het bleef somber weer, maar mijn stemming beïnvloedde het niet. Ik liep lekker en gemakkelijk. Een beetje nat worden werkt juist verkoelend! Alleen de natte voeten…. Maar ja, als je in Drenthe bent, waar het altijd schijnt te regenen als ik er ben, dan went het misschien ooit. Toen we het bosje bijna rond waren, wachtte een zeer, zeer aangename verrassing: een plankenpad.

Over het water. Over het moeras. Tussen de bomen. Over het kroos. Over nog meer water en moeras. Houten paaltjes. Wankele stukjes. Het was een sprookje, zo mooi!

Het maakte Groningen opeens geweldig. Daar gaat niks boven. En het was honderden meters lang. We wandelden. Genoten. Op het eind keerden we om. Voor nog een keer. Ik jogde er overheen. Net zo mooi. Echt onbeschrijfelijk. Het Petgatenpad.

We zagen 1 ander gezinnetje. En toen liepen we enigszins beduusd weer verder. Verrast en overdonderd beduusd. We kwamen het bos uit en liepen ineens verhard langs de snelweg. Dat was minder verrassend. Ik bleef lekker bij Joyce lopen. Ik hoeft niet hard. Joyce verstapte zich nog net in Groningen voor we de provincie verlieten. Het waren 12 kilometer geworden. We gingen het water over en daar volgde een pauze.

Ik stopte de route, at een gel en hoorde dat in Almere de lucht strakblauw was. Drenthe bood even weinig zicht op de zon als Groningen. We liepen over rechte fietspaden en de eerste paar kilometers in Drenthe waren niet bepaald een verkoopplaatje voor Drenthe. Joyce wilde iets kalmer aan doen en wat meer wandelen. Mij om het even! Zo’n saaie rechte weg met als enige afleiding palen waarvan wij niet wisten of het kunst was hier in het land van niks en nergens of dat het een functie had moeten hebben.

Maar toen draaiden we weer een breed onverhard pad op en zou er meer water komen. Zeker deed het dat! We liepen een grasdijk op. Ongelijk gras. Nat gras. Recht. Al snel sopten mijn schoenen. En nog steeds een somber gedoe. Ik hobbelde door en door. Tot de rand van het Leekstermeer. Ik denk dat het op een zonnige dag iets feestelijker is. We wandelden en renden nog een stuk tot ergens midden op de grasdijk.

Daar stopten we voor mini-stroopwafels deze keer! het is raar dat ik pas op 4 kilometer zat en toch ook op 15 kilometer. De Apple Watch stop ik nooit. De Garmins gingen in de eetstops uit. Voor de verandering. We besloten dat lopen zo veel leuker wordt. En weer verder over de grasdijk, die eindeloos zwaar was. Zo zwaar dat het zandpad een verademing van jewelste was! Wie had gedacht dat een zandpad het ooit ergens van zou winnen? We stapten een stuk flink door. Even was het wat stiller tussen ons. Het kan wel! Ik was een beetje aan het aftellen om de tien kilometer in Drenthe vol te krijgen. Ineens kwamen we weer op een fietspad van asfalt. Dat is ook prettig! Alleen moet je soms aan de kant voor de fietsers, maar hier bedankt iedereen je dan.

We kwamen langs het water te lopen. Het landschap blijft wat leeg en wijds. Ineens liepen we op een prachtig fietspad tussen het water door. Heel apart. Het was eigenlijk behoorlijk afwisselend. Maar niet qua weer: grijs is er in weinig gradaties. De smaken waren met en (inmiddels) zonder miezer. We liepen langs een haventje met camping en daar was het dan openen weer druk met verkeer op de smalle klinkerweg. Het ging de goede kant op met de afstand! Ik wilde de halve marathon binnen de 3 uur lopen, met alle stops daarin meegeteld. Het lukte me! 2 uur 58 ofzo.

Joyce loopt altijd wat achter gek genoeg, maar ook zij haalde het in 3 uur. Waarvan we zo’n 20 minuten hebben gepauzeerd! De volgende mijlpaal was het halen van de 10 kilometer in Drenthe. Ik was blij toen me dat gelukt was, hoe rustig ook! Opdracht voldaan. Ik liep even alleen verder, dan kan ieder zijn eigen tempo pakken.

We kwamen nog over een mooie brug en toen liepen we zo’n beetje Leek weer in. Was ik moe? Een beetje, maar ik slaap dan ook al twee nachten erg slecht. Ik was er wel een beetje klaar mee, dat wel. Bij de haven van Leek wachtte ik weer op Joyce. Ik wilde eigenlijk nog een keer 12 kilometer lopen. Dan maar door het park wat er naast ons lag. Mijn idee was een ommetje, maar we zwierven naar het prieeltje en toen trok het prachtige landhuis.

We weken af van de route en Joyce vroeg zich maar af hoe ze dat had kunnen missen, maar ik vond het mooi en klaar. Ik zat op 12 kilometer en toen Joyce op 24 kilometer zat, stopten we allebei de horloges. Achteraf heb ik twee keer precies 12,22 kilometer gelopen in precies 1 uur en 40 minuten verstreken tijd. Niet al te snel nee, maar waar je ver voor gaat, daar moet je lang van genieten!

Ondanks de bevestiging dat Drenthe maar weinig mooi weer oplevert, reden we om naar het vakantiepark waar wij vorig jaar waren om opnieuw een huisje te reserveren. We wandelden het hele park over voor de badge. Ik was niet ongewoon moe of sjachereinig. So far de positieve uitwerking van het voedingsplan! Het was wel een lange dag uit zo: van 9 tot 6. In Friesland scheen de zon weer. Gelukkig heb ik met Joyce altijd een zonnetje bij me!

Maandag 7 juni – Buiten zwemmen! ?‍♀️ ?‍♂️ ??

Het is zulk lekker weer! Eindelijk zomer. Tenminste in Flevoland… En dan wil ik buiten zwemmen. Het was zo leuk vorige keer! Ik stel Vincent voor om buiten te gaan zwemmen en hij zegt meteen ja. Dan moet ik er weer even aan wennen dat hij mee gaat! Vincent heeft nog niet buiten gezwommen.

Ik neem de GoPro mee. Het wetsuit gaat al gemakkelijker aan, maar is wel erg heet in de auto. Vincent gaat maar 500m en ik wil langer, dus Vincent pakt de autosleutel in zijn boei. Dat vind ie spannend. Hij vindt het sowieso spannend! Het water is niet zo heel koud. Na even wat geklets, gaan we zwemmen. Er zijn al veel plantjes! Dat valt mij tegen. We blijven langs de kant zwemmen. Vincent heeft altijd veel aanmoediging nodig. Ik zwem heerlijk. Lekker rustig. Ik heb geen haast. Lange slagen maken en 1 op 4 ademen en bij Vincent in de buurt blijven.

We zwemmen naar het einde van het strandje en keren dan om. Dan kan ik Vincent alleen maar onder water in de gaten houden. We zwemmen ook samen weer terug.

Vincent gaat er uit en ik heb genoeg zelfvertrouwen om alleen verder te gaan over het rustige water. Op naar de boei. Geen haast, geen moeten, geen stress; maar als het even kan wil ik de 2000m halen voor de eerste keer deze maand. Ik zwem gewoon kalm en rustig. Zoek zo nu en dan naar de boei, kijk naar de boten en ga gewoon rustig verder. Ik kijk niet om en de plantjes zijn nu helemaal weg. Koud is het totaal niet.

Gewoon lekker doorgaan, meer hoeft ik niet te doen. Een verademing! Ik kom bij de boei en zit op iets van 1000m. Dan ga ik terug en ik ga doorzwemmen.

Niet meer rondkoekeloeren en benen er een beetje bij gebruiken. Doorzwemmen dus. Dat kan ik ook! Ik voel wel de plek in mijn nek, die schuurt toch nog steeds. Doorzwemmen! Niet letten op de zon, dan maar minder mijn hoofd uit het water halen. Is ook goed ook. Ik zwem de 500m vol en wijk een beetje uit naar rechts, zodat ik dadelijk nog een keer 500m kan zwemmen langs het strand. Ik ga naar aanleiding van de blog eens slagen tellen. 100 Slagen is bij mij ongeveer 80 meter. Maar dan begin ik het ook zat te raken en rustig zwem ik een beetje op en neer naar de 2000m toe.

Gedaan! Als Vincent mijn spullen pakt, zwem ik nog een heel klein stukje in badpak. Daar waar ik kan staan en waar het warm is. Dat valt vies tegen! Het is nog niet zo heet en ik mis het drijfvermogen van het pak. Omkleden en naar huis.

8 juni. Koppeltraining: rustig fietsen ?‍♀️ ?‍♂️ en heel hard lopen. ?‍♀️⏱

Volgens het schema moet ik 37 minuten fietsen op verschillende wattages en daarna 10 minuten vol gas lopen. Dat eerste deel lukt alleen binnen en dat doe ik dus niet en dat tweede deel: zo hard lopen als ik kan, daar zie ik tegenop. Maar voor fietsen is het lekker weer en Manuel gaat mee. Gelukkig kan ik hem deze keer weer flink bijhouden en is het meer dan een rustig ritje! Ik merk wel dat Manuel eerder vermoeid is. Bij de nieuw te bouwen windmolens stoppen we een momentje voor een foto. Dan voel ik me opeens heel kleintjes met mijn fietsje.

We zouden ongeveer 20km fietsen, maar we gaan om via de manege. Ik hoop daarmee de loopstraf te ontlopen. Dan zit de tijd er toch op? ? Maar Manuel zegt als net-gecertificeerd trainer dat een trainingsprikkel niet voor niets in het schema staat. Ik vraag me mopperend af waarom, want er is niks; geen doel; geen reden. Ik weet niet of ik het ga doen. Het is warm en laat. Ik heb geen zin. En toch doe ik de schoenen aan. 10 Minuten is te overleven. Ik ga rondjes om het park. Gewoon zo hard ik kan. In het begin valt het mee. Gewoon hard. De eerste kilometer gaat in een stagnering 4:47 Vier-zeven-en-veertig. Ik heb niet gekeken tussentijds. Ik doe nog een rondje. En dan wordt het wel zwaar. Heet. Hoog in de adem. Ik vertraag. Zo hard kan ik nooit nog een keer. Ik krijg er nu al moeite mee! De hartslag zit op 165 en dit is de max vandaag. Ik moet en zal de tien minuten vol maken. De 2 kilometer. Al is de volgende in 5:10! In de schaduw bij de huizen. En de volgende kilometer gaat in 4:46. Sneller! Hoe dan?!?!

Ik loop nog tot het fietspad. Als de tien minuten er op zitten, zet ik meteen het horloge uit. Ik ben net zo rood als het trisuit. Ik wandel en druppel naar huis. Maar dan vergast de buurman me met zijn auto en binnen is nog niet fijn, dus ik ga Vincent tegemoet dribbelen. Met wandelpauzes. Hij is verder weg als ik dacht en gaat de andere kant op als ik dacht. Met berichten houden we contact en komen we elkaar tegen na 2 kilometer.

Door het bos gaan we terug, in een beetje koelte. We nemen gewoon wandelpauzes en een grote klim- en klauterpauze. Ik loop ruim 4 kilometer uit. Yeah right.

9 juni Hitte ? hobbelen – haat het ?

Vincent gaat zwemmen in Almere Poort en ik ga daar hardlopen dan maar. Ik moet even opschieten. En dan vergeet ik met mijn stomme hoofd het water! Ik heb me wel ingesmeerd en gekeken dat ik op de dijk wind mee moet hebben. Het is 26 graden en ik moet in zone 1 lopen! Met wandelpauzes ook nog. Ik neem maar een muziekje mee. Misschien had ik beter klassieke muziek kunnen opzetten. Ik zet de hartslagbeperking op 135. Hobbelen maar! Het is altijd vreselijk moeilijk om de hartslag laag te houden en het superslome tempo te accepteren. Ik maak in de wandelpauze een foto. Dat zal ik elke wandelpauze doen.

Op de dijk bemerk ik de fout: de dijk loopt IN DE VOLLE ZON. Met nul komma nul verkoeling, omdat de wind van achter me komt. Het is ploeteren. De waterscooters maken vreselijke herrie. Kilometer voor kilometer rijg ik, stukje bij beetje.

Ik kom op een nieuwe fietspad door Almere Haven heen. Schaduw! Dat komt meteen de hartslag met 4 a 5 slagen ten goede! Mijn humeur klaart er toch niks van op. Ik zweet, maar echt vermoeiend of lonend is dit gejog niet.

Ik vind het Dunloppad en loop een kilometer lang heerlijk in de schaduw. Tempo is geaccepteerd en ik ga het vast halen: 9 kilometer – al is dat niet binnen een uur. Om het Kromslootpark heen pak ik het fietspad. Ik had me niet gerealiseerd dat ook dat in de volle zon ligt. Ik neem de wandelpauzes een beetje zoals het komt. Wil soms een kilometer volmaken. Het is echt hangen en wurgen.

Na 8 kilometer wandel ik een stukje en dan loop ik terug naar het zwembad. Ik maak de 9 kilometer vol met een gemiddelde van 7:10 per kilometer. Het is niet eens de hitte of dorst of vermoeidheid die het ergste waren, maar de verveling!

10 juni ?‍♀️ in het Weerwater

Een appje op de whats-appgroep die trainingen afspreekt: wie gaat er mee zwemmen in het buitenwater? Na enig geschuif met tijd kwam het me goed uit. En Vincent gaat niet hardlopen. Deze mannen zwemmen niet idioot veel harder dan ik doe, dus ik waag het erop! Ik heb mijn wetsuit al half aan als ik op het Lumierestrandje kom. Om half 8 gaan we het water in. Ik weet dat W altijd snel begint met zwemmen en HB zwemt meestal iets minder hard. Het gaat me meteen goed. De temperatuur van het water is heerlijk, mijn pak zit goed, ik voel me goed en we gaan lekker ver vandaag. Helemaal naar de snelweg. Ik geniet van het water, maak lange, rustige slagen en let alleen maar op de boei van W voor me. Hij stopt halverwege. Ik zet voortaan mijn horloge uit en geniet van het praatje. We hebben nu wind mee. Ik ga gewoon snoeihard! Ook wel eens leuk. Ik maak nul foto’s vandaag.

We zwemmen naar de boei en ik zwem ze voorbij. Ik zat zo lekker in een flow! Echt heel rustig zwemmen en benen gebruiken en voilà, dan ga je. Dan tegen de wind in. De golven zijn niet echt van betekenis. Ik ga oefenen met onder water uitademen. Ik adem tegenwoordig gemakkelijk 1 op 4. Halverwege maken we nog een kletspauze. Zo grappig, we zwemmen echt alledrie ongeveer hetzelfde tempo en lang wachten hoeft niet. Dat voelt heerlijk. Het laatste stuk terug ben ik zo bezig met ademhalen dat HB me in kan halen als hij even tempo maakt! Die is ook lekker vooruit gegaan met zwemmen. We stoppen nog een keer. Ik wil graag de 2000m halen en we besluiten onder de brug door te gaan. Groene boei, stoppen, onder de brug door. Ik geniet er van en laat de snelheid voor wat het is. Ik heb de 2 kilometer gehaald. Ik ben niet kapot. We zwemmen nog naar een rode boei de baai over en het tempo van W neemt inderdaad wat af. Bij de rode boei hopen we alleen maar dat het rondje eiland weer eens tot de mogelijkheden behoort. Dan zwemmen we terug en warempel – ik word wat vermoeider. Grappig genoeg kan ik W nu bijhouden. Het is niet eens echt druk met boten, of ik let er niet zo op. We maken nog een ommetje via het steigertje om de 2500m te halen. Grappig genoeg lukt me dat in een uur! Dan tellen de pauzes niet mee. Heerlijk weer, heerlijk water, heerlijk gezelschap, heerlijke afstand!

Als ik thuis ben, doe ik het weer; om het kwartet vol te maken; ik schrijf me in! Over precies 3 maanden doe ik mee aan de halve triatlon in Almere!

En dan: een UNICUM. Twee rustdagen achter elkaar. Sportloze dagen eigenlijk, want met alle sociale afspraken zitten de dagen wel vol! En een stukje wandelen. En huishouden. Overwerken. Dagen zonder sport zijn eigenlijk helemaal geen rustdagen!

Categories: Geen categorie | Leave a comment

2021-16

Voor de verandering werk ik een keer terug uit. Dus als lezer begin je bovenaan met de laatste dag van de maand.

31 Mei Warmlopen en helmfietsen ? ?‍♀️ ?‍♀️ & ⛑ ?‍♀️

Het is prachtig weer. Ik heb een dag overuren over en de hele ochtend zit vol met allerlei ‘administratie’. Maar ‘s middags ga ik hardlopen! Om 2 uur sta ik voor haar deur. Na al die regen en de herfst van afgelopen periode, is het even wennen aan de zon, de korte broek en niet te vergeten: insmeren! We zullen niet hard gaan, want we willen bijkletsen. Ik ga gewoon zien wat me lukt na de triatlon van zaterdag. Ik begin te kwebbelen. Over dat ik altijd kan kletsen, ook als ik hard tien kilometer loop 😉 Nu lopen we op asfalt, dus Joyce hoeft alleen maar mee te lopen en te luisteren. Ongemerkt gaan we steeds iets harder. Dat ziet en merkt Joyce ook. Voor mij is het tempo prima te doen. Pas na de vierde kilometer moet ik ook stoppen met praten en een tandje bij aanzetten. Ik krijg nog wel prima besproken dat we op 5 kilometer stoppen voor een korte pauze. Joyce zegt alleen nog ‘ja’. We zijn toevallig precies onder de brug in de schaduw. Binnen een half uur hebben we net niet gehaald. Het scheelt een paar seconden. Het is warm!

We rusten even en gaan weer door. Iets rustiger nu. We voegen zelfs zo nu een dan een wandelmoment in! Geen probleem. Joyce gaat nu op de praatstoel zitten. We lopen langs de Vaart en ja, het is warm, maar het valt mij mee hoe goed ik daar intussen tegen kan.

9 Kilometer maken we vol. In een uurtje. En dan ben ik het opeens wel helemaal zat eigenlijk. De dag is nog niet om! Ik kan ook nog gaan fietsen. Waarom niet he…. De allerbeste reden om het wel te doen zijn de nieuwe helmen! Ik heb een prachtige paars-blauwe helm en Vincent een rode. Passend bij de fietsen.

Vincent gaat een rondje Oostvaardersplassen, maar dat hoeft van mij niet. Ik fiets met hem mee tot de Knardijk via het Kotterbos. Dan is de wind mee vanaf de Oostvaardersdijk voor Vincent. Vincent wil de hele tijd iets harder dan ik. Ik klets weer verder. Bij de paardjes doen we een fotostop.

Op de Knardijk gaat Vincent naar rechts en ik naar links. Ik ga de sluizen over en dan de weg in. De weg is bezaaid met gras, want er wordt gemaaid. Dat is een beetje jammer, want dan kan ik niet voluit gaan met wind mee, maar ik voel ook wat vermoeide benen onder me. Ik fiets een uurtje en 26 kilometer. Vincent is over de dijk heen gevlógen en is maar iets later thuis met meer kilometers op de teller. Die helmen doen het goed!

30 Mei Uitfietsen ?‍♀️ ?‍♂️ voor een ijsje ?

Gisteren heb ik dus de triatlon gedaan. Vandaag uitslapen en uitfietsen. Geen spierpijn. Geen last van plekjes. Alleen vermoeid van nog een nachtje weinig slapen. Vincent ging met me mee fietsen. We gingen een ijsje halen in Almere Haven. Jaren geleden zou hij gaan stuiteren hoe ver dat wel niet is, maar nu komt hij voor het woord ijs in fietskleding aanzetten! Rustig tempo. Dat hoort bij uitfietsen. We reden via Nobelhorst over de witte brug en langs de Kemphaan. Vincent zou de weg terug doen, zonder mijn route te kruisen! Hij heeft intussen een aardig idee van Almere. Het was heerlijk zonnig, vrijwel windstil, prachtig weer. We zagen in Almere Haven een fietser die uit de bocht was gegaan en gevallen. We hebben even gestopt om te vragen of het ging, maar behalve dat zijn derailleur kaduuk was, leek het goed te gaan. Bij Mariola in Almere Haven. Waar de terrassen vol zitten.

We gaan via het Surfstrandje (ook vol) en langs het Kromslootpark richting het centrum van Almere. Soms komt Vincent anders uit dan hij verwacht had, maar er komt elke keer een oplossing. De wegen zijn opengebroken en we willen niet over het Spoorbaanpad. Uiteindelijk fietsen we in alle rust 30 kilometer vol.

Zaterdag 29 mei – Trispiration / GO Virtual Brouwersdam Kwart Triatlon 1000m?‍♀️40km ?‍♀️10km ?‍♀️

Een wedstrijd! Eigenlijk zou iedereen van Trispiration de Brouwersdam Triatlon doen, maar wegens Corona gaat dat niet door. En Almere Duin gaat ook niet door. Maar JB van Trispiration helpt iedereen uit de brand: in haar omgeving vanaf het woonschip in Amsterdam IJburg gaan we met de ‘meiden’ zwemmen, fietsen en hardlopen.

Er is een parcours van 1000m zwemmen, een parkoers van 20 km fietsen en 5 kilometer hardlopen. Iedereen mag doen wat hij wil met die afstanden. Ik ga voor de kwart afstand, want die valt mooi samen met de Virtuele Brouwersdam: 1000m zwemmen, 40km fietsen en en 10km hardlopen. Ik vind het best weer spannend. Alles klaarzetten, walgelijk vroeg opstaan, onrust. En natuurlijk werk ‘ik’ weer niet mee: ik hik er de hele week tegenaan en zaterdagochtend barst het maandelijkse feestje zo’n beetje los. Bah. Niks aan te doen. Ik zal het later negeren en doen alsof “mijn neus”. bloedt. Ik trek me er overdag niks van aan. Het triatlonpak is toch rood. Maar ik baal er wel van en het beïnvloedt (al een hele week) mijn stemming. Mijn hormonen zijn namelijk buitengewoon onvriendelijk en maken mij niet blij, gelukkig of tevreden over wat-dan-ook. We liggen met elkaar overhoop. Maar vandaag is de opdracht om te genieten! Ik kan er nu toch niks aan doen.

Vincent gaat met me mee naar Amsterdam voor de support. We nemen 1 teamgenoot mee op de weg naar Amsterdam, naast de 2 fietsen, een wetsuit en genoeg voeding. Om 8 uur zijn we er. Sneller dan ik had gedacht is mijn wisselzone klaar. Ik weet het nog prima! Ik ben nogal overweldigd door de grote groep mensen. Ergens schiet het door mijn hoofd dat we hier zijn omdat alles is afgelast en stel nou dat er 1 iemand is die toch besmet is… Blijkbaar gaat dat me onbewust dwarszitten. Met supporters en hulp erbij, zijn er toch zo’n 40 mensen. Om 9 uur is de briefing.

De fietsroute zal korter zijn. Ik wil hoe dan ook de afstanden van de kwart triatlon halen! Voor een aantal vrouwen is dit de eerste keer dat ze iets triatlon-achtigs doen. Zij vinden het vast spannender dan ik. Ik ben niet meer gespannen en ik heb geen zin. Dat is de meest fatale combinatie die ik ken!

Er wordt lang gedraald bij het water, ik spring er als eerste in. Even is het koud, maar al snel wil ik gewoon van start. Maar het duurt even voor er 30 dames in het water liggen. En dan gaan we zwemmen. Ieder zijn eigen afstand, ik doe dus 1000m. Het is redelijk druk, maar ik snap de route wel.

Het gaat best goed, maar mijn benen gebruik ik maar even niet. Gele boei, dan linksaf het IJ op naar de groene boeien. Ik heb geen haast. Dit vind ik wel erg leuk! Dat wel. Richting de brug. Ik maak wel zorgen om de afstand. Op het keerpunt zit ik nog niet op de 500m. De weg terug ga ik wel mijn benen gebruiken. Koud is het al lang niet meer. Ik ga echt weer via de gele boei en dan helemaal terug naar de startboei. Ik geloof dat de meesten genoegen nemen met korter.

Er zijn genoeg meiden voor me om me de weg te wijzen, maar de meesten zitten achter me. Als ik bij de startboei ben, kom ik nog 100m te kort, dus ik zwem nog voor het schip langs op en neer. En dan ga ik via het verre trapje er weer uit. Dat vind ik het spannendste!

Ik heb er ongeveer 25 minuten over gedaan om er 1020m van te maken. De steiger doet pijn aan mijn voeten. Ik heb de tijd bij de wissel, haasten hoeft vandaag niet. Vincent draait heel hard Touch the Sky voor me. Dat vind ik superlief en het raakt me echt enorm. Ik doe niet haastig bij de wissel, maar ik werk wel door. Wetsuit snel uit. Helm op. Bril. Fietsjas en startnummer. Schoenen kunnen gewoon zo aan. Gel eten.

Ik hoor anderen opscheppen: daar gaat nog iemand die ik zo kan inhalen. Zij kan snel fietsen. Ik zie op tegen het parkoers met stoplichten en drukte in Amsterdam. Vreselijk vind ik dat. Vincent heeft de GoPro aangezet en de route klaargezet. Dik 4 minuten na het einde van het zwemmen ben ik gewisseld, het nummer is nog niet eens afgelopen! Helaas is de route klaar als ik de wisselzone uit ga. Ik ga niet terug! Ook niet voor de telefoon. Lastig, maar ik weet het wel qua route zodra ik in het Diemerpark ben. Er fietst iemand voor me. Ik kijk hoe de route is aangegeven en ik volg haar voorlopig eventjes. Bij het stoplicht sta ik naast haar te wachten. Het is geen brug die open staat, maar dit irriteert me enorm. We gaan langs de zwemlocatie en dan het park in. De drukte en onrust is niks voor mij. Bij het Diemerpark fiets ik nog achter mijn teamgenoot en ik roep haar rechtdoor te gaan. Ze heeft de oude route, maar ik herken nu de pijlen op de weg. Voor me ligt een rechte fietssnelweg.

Ik ga liggen, haal haar in en pin het tempo vast boven de 30. Vlak asfalt, ruim pad. Dit is lekker! Het smalle fietspad is vervangen door een breder exemplaar met nieuw asfalt. Doorrammen dus! Ik zie tijdig de pijl naar rechts en dan kom je na een paar bochten achter de energiecentrale. Leuk. Alleen… weer een STOPlicht. GRMBL. Snel een slok sportdrank, maar ik ben een beetje misselijk. Door de periode. Je rijdt langs de energiecentrale. Meer energie denk ik erbij en dat vind ik leuk.

Nog een breed en supergoed fietspad. Dan langs de Maxis en het pad op richting Muiden. Ik ga nog steeds flink hard. De fiets en ik liggen elkaar zo goed! Het startnummer wappert. Ik zie het keerpunt en ga iets verder voor ik omdraai. Er zitten maar weinig dames voor me. Maar dat boeit me niks. Ieder zijn eigen uitdaging. Die van mij zal het zijn om precies 40km te fietsen. Liefst binnen anderhalf uur. Dan ben ik tevreden. Nu gaat de route aan de andere kant langs de centrale. Daar is het fietspad drukker en smaller en… er zijn schapen. Die oversteken. Op het pad liggen. Weg tempo. Maar wel een glimlach.

Ik heb een slechte balans tussen genieten en wedstrijd. Daar zit voor mij een wereld van verschil tussen. Genieten doe ik in de trainingen (ook) en nu wil ik toch laten zien (aan mezelf) wat ik kan en waar ik voor getraind heb op cadans en op de Zwift. Tot nog toe ben ik daar tevreden mee, maar de schapen en het geslinger halen me uit de modus. Leuk is dat je op de fietssnelweg de teamgenoten weer ziet die de andere kant op fietsen. Ik lig zonder moeite op het ligstuur. Me zorgen te maken dat het geen 20 kilometer gaat worden. Amsterdam weer in vind ik een nachtmerrie. Over de brug mogen ook auto’s rijden op het fietspad en natuurlijk doen ze dat steeds als ik er wil fietsen. Klinkertjes, wegen van rechts, overal mensen en dan een stoplicht waar ik lang moet wachten. 1 Licht ‘negeer’ ik. Ik kom weer in de buurt van het schip. Ik hoeft de route niet, maar wel mijn telefoon. Ik zit nog niet op 19 kilometer!

“Je ligt tweede”, roept Vincent, maar dat kan me niks schelen. Ik lig mooi op mijn eigen schema! We proppen mijn telefoon in het tasje. En door…. Ik ben blij dat ik maar 2 rondes hoeft. Ik ben de stille polder gewend.

De beha-brug over en weer (lang) wachten bij de stoplichten. Weer auto’s op de fietsbrug en dan naar de fietssnelweg. Die ligt me leeg uit te nodigen en ik geniet er echt van. Van de kikkers, de zon en het park. Ik besluit mijn extra kilometers te nemen richting Muiden en niet op het einde in Amsterdam. Het bochtje langs de energiecentrale. Ik kijk heel goed uit en ga niet weer wachten bij de stoplichten op niemand. Langs de Maxis. Ik zie veel van de andere meiden en dat vind ik wel erg leuk, maar verder hou ik niet van een heen-en-weertje. Fantasieloos. Degene die achter me ligt moet mij kunnen inhalen: ze is de helft van mijn leeftijd en een echt fietsbeest. Ik had haar liever achter me gehouden, maar ik doe mijn eigen wedstrijd: binnen anderhalf de volle 40km fietsen.

Ik fiets helemaal tot in Muiden en keer dan om. Heb ik nog geen 30km op de teller. Op het keerpunt haal ik nog mensen in en de snelle dame zal me wel inhalen. Heb ik nog een reden te meer om de pedalen nog even wat harder rond te laten draaien! Langs de schapen is het deze keer rustiger en de blaatbeesten blijven op hun rustplekken liggen.

Pas vlak voor het Diemerpark word ik ingehaald. Ik mag achter haar stayeren, maar dat doe ik niet. Op de rechte weg ligt het tempo ongeveer gelijk van ons. Ik ben blij dat ik er bijna ben, maar ik weet dat ik een kilometertje te kort zal komen. Bah. Geloof het of niet, maar ik word voor de derde keer naar het voetpad gedwongen op de fietsbrug door auto’s. En het stoplicht gaat op groen als mijn snelle teamgenoot wel kan doorfietsen en ik een volle en vooral lange ronde moet wachten. Dan de brug over en ik kom inderdaad te kort. Ik ga het wel gemakkelijk halen binnen anderhalf uur. Inclusief de stops en schapen-vertraging. Doorfietsen dan maar en via het tankstation en ommetje maken voor de extra kilometer. Goed idee, tot ik daar weer voor een stoplicht sta! Omkeren, en dan maak ik nog een extra haakje de andere kant op. Dit vind ik helemaal niet leuk.

Voor ik de wisselzone in rij, staat de teller op 40 kilometer en de tijd op 1:28. Ik wil weg en ik ben dit zat. Zo simpel is het. Ik wil zo snel mogelijk naar huis. Ik wissel snel mijn schoenen en doe sokken aan. Vincent hoeft niet mee. Hardlopen! Dat kan ik.

De eerste kilometer loop ik in 5 minuten! Ik stop natuurlijk niet bij het stoplicht en moet even schakelen, maar hardlopen kunnen mijn benen.

Hoewel die benen en ik niet meer kunnen genieten van deze stadse omgeving vol onrust, beweging en prikkels. Ik wil naar huis. Ik heb geen zin. Ik wil hier weg. En 5 minuten per kilometer is onhoudbaar. Om eerlijk te zijn, vind ik op dit moment helemaal niks leuk of goed. De tweede kilometer gaat iets minder snel, maar ik zit boven de 11 kilometer per uur. Dan moeten we zwerven door de woonwijk heen. Ik mis wat lintjes, maar ik snap het idee en loop tussen de bewoners door. Ik neem een stukje perk mee en ga richting het water.

Ineens komt Vincent bij me fietsen net voor de brug. Ik mopper alleen maar dat ik naar huis wil. Vincent doet zijn best optimistisch te zijn (“Je hebt een behoorlijk tempo, mama”), maar het enige wat ik roep is dat ik naar huis wil en wel zo snel mogelijk. Weer een heen en weertje. Er hobbelen wat andere dames, maar ik ben de minst blije op dit moment. Als ik er goed bij had nagedacht, was het grappig geweest. Over 4 kilometer doe ik ruim 21 minuten. Langs het water is redelijk leuk qua uitzicht. Vincent fietst vooruit voor een foto.

Een klein kind wat nog nooit oortjes heeft gezien levert een glimlach op. Er is een grote boot. Ik denk alleen maar: ik wil hier weg. Over 5 kilometer doe ik 26 minuten. Deze route is dan weer iets te lang! Ik keer snel en ga voor het laatste rondje. Daarna mag ik naar huis. Vincent fietst mee en zorgt dat ik kan doorlopen. Ik bedenk me iets: ik wil deze hele kwart triatlon nu binnen 3 uur werkelijke tijd afronden. Hoe laat zijn we gestart? Vincent moet de tijd van de startfoto opzoeken. Bedenk hierbij dat ik dus nog energie heb om met hem te praten en hem dat te vragen! Ik loop rond de 5:25 per kilometer en dat deert mij nergens ook maar een druppel! Het tempo verslapt geen moment. 6 kilometer in 32 minuten. Doordat ik nu een doel in het vizier krijg van de drie uur, zet ik door. 10 uur 37. Zo laat zijn we gestart. Dus ik moet voor 13:37 binnen zijn; dat gaat me lukken. Ik bijt me vast.

Door de wijk en nu langs mensen die met hun fiets hannessen in plaats van het perkje. Ik tel de kilometers wel af nu. En ik weet dat ik het kan halen. Weer langs het water naar het keerpunt. Er lopen andere dames, soms wandelend. Heb ik een inhaaldoel erbij! Na 7 kilometer krijg ik het moeilijker. Ik zeg Vincent dat ik de 8 kilometertijd zal roepen en dat hij moet zeggen hoelang ik nog heb voor de laatste 2 kilometer. Ik reken uit dat ik dat moet gaan redden. Keren en terugrennen. Nu loop ik door het omslagpunt heen. Ik krijg het zwaarder en laat volzinnen achterwege. Ik kan de boten en de omgeving niet meer goed zien. Vincent maakt nog een foto en ik haal iemand in.

Mijn voeten doen zeer. Dat doen ze eigenlijk nooit. Vincent zal aan het einde van het fietspad doorrijden voor de finishfoto. En mijn rode jasje. Ik wil in een hoekje gaan zitten met de capuchon over mijn hoofd. Als hij net weg is, zit de fotografe daar. En de politieauto komt me tegemoet. Die zet voor de sier nog even de zwaailichten aan. Waarschijnlijk voor de vrolijkerd achter me. Doorknallen nu! Over de tien kilometer doe ik 53:21. Vijfdrietweeéén, dat kan ik onthouden. Ik ben er blij mee. Dan nog 150 meter tot de finish.

Ik ben blij dat ik klaar ben. Niet tevreden of moe of kapot. Met een marge van 6 minuten zit ik onder de drie uur. Het is mij te druk en onrustig alhier. Ik heb eigenlijk weinig zin om met wie-dan-ook te kletsen. Ergens wel en ook totaal niet. Ik krijg een medaille en eet een mini-bounty. Ik pak mijn spullen geroutineerd in. Nog een bezoek aan de WC en gelukkig valt daar de schade mee. Voor de jaarchallenge van Trispiration laat ik deze 10 kilometer in Noord-Holland mooi meetellen! Ik heb gemiddeld 5:20 gelopen en dat vind ik mooi van mezelf. Ik heb alles netjes voor elkaar en ik ben goed getraind. Maar ik heb niet erg genoten.

Ze bewonderen mijn fiets nog. Ik sta ze te woord en vind het lief allemaal, maar ik moet echt weer wennen aan dit soort grote bijeenkomsten. Omdat iedereen iets verschillends doet qua afstand en tempo, druppelen er mensen binnen. Een aantal ken ik niet eens, een aantal waardeer ik tot diep in mijn ziel. Een uur na mijn finish gaan we weer weg. Mijn fiets wil niet goed op de fietsendrager zitten en we moeten twee keer stoppen om ‘m vast te doen. Het is niet erg ofzo, maar wel extra vermoeiend. Ik ben vermoeid, maar niet moe. Een flinke douche en lekker alles opruimen helpt.

Als Vincent zwemt, ga ik met Rob nog een flink stuk wandelen en niet eens heel rustig. Na de voetencreme hebben mijn voeten niks meer geleden. ‘s Avonds wordt het weer laat door het Streamers-concert. Dan voel ik me moe. Maar niet erg voldaan. Het gebeurt me wel vaker dat dat later pas komt. Ik vermoed dat de hormonen en de onrust er wat mee te maken hebben. Aan mezelf en voor mezelf heb ik bewezen dat ik de afgelopen tijd heel goed getraind heb: ik fiets sneller met een gemiddelde van 28,2 (of 27,5 incl. alle oponthoud) en een cadans van 73 en ik loop harder en gemakkelijker dan ooit. Nu nog wat rust in de hormoonhuishouding en genieten er doorheen mixen en ik heb het voor elkaar als er een echte wedstrijd komt!

Vrijdag 28 mei – Losfietsen Solo door de polder ?

Morgen een triatlon. Ik ben al in de zenuwen! ‘s Morgens werken en dan inpakken. Hoe was het ook alweer… Druk-druk. ‘s Middags ga ik even een stuk fietsen. Alleen. Muziekje aan. GoPro aan. En gaan. Door de rechte polder. Mijn neus achterna. Geen haast. Ik neem de rechte wegen. Gewoon trappen en lekker niet na hoeven te denken. Op de vogelweg ga ik naar rechts. Dan kan ik langs de Vaart tegen de wind in. Al waait het niet zo hard.

Het gaat lekker. Ik doe niet mijn best. Ik kom weinig mensen tegen. Ik ga langs het water en ik haal lekker iedereen in die ik tegenkom! Ik moet een uur en ik ga ook een uur. Dan maar verder langs het water. Tot bij de atletiekbaan. Terug naar huis. Ik fiets 26 kilometer in 1 uur en 3 minuten.

Donderdag 27 mei Afzien in zone 1 en 2 ?

Vincent op de atletiekbaan en ik ga lekker rustig lopen. Nou ja “lekker”… Ik moet eerst 10 minuten in zone1 lopen en dan 50 minuten in zone 2. Dat klinkt relaxed en ik neem ook een muziekje mee, maar het is totaal niet relaxed. Omdat het warm is geworden plotseling, moet het lijf zich aanpassen en dat lukt nauwelijks in zone 1. De hartslag drijft elke keer het pannetje uit! Ook als ik wandel, blijft het frustrerend zone 3. Ik heb een soort route met plekken waar ik langs wil, maar in dit tempo wordt het een wandeling! Ik vind hier echt geen reet aan. Zone 2 is nog een beetje te handhaven, maar van tempo is geen enkele sprake. Ik hobbel een beetje door de wijken. Kom ik leuk langs tegeltjes met mozaïek.

Ik denk dat ik moeite zal moeten doen om 7 kilometer te halen in een uur! Ik kom langs het eerste doel: de gekleurde paaltjes.

Door naar het tunneltje. Echt lol heb ik op deze manier niet in het lopen. Ik ben moe van een werkdag (werkweek) en ik kan geen druppeltje tempo ontwikkelen. Doel twee lukt ook. Doel drie zal wel simpelweg terughobbelen worden.

Op de eerste brug laat ik de frustratie varen en probeer ik te ontspannen en dieper adem te halen. Het is niet anders dan dit. Ineens ga ik harder lopen! Niet dat je zegt echt hard, maar richting de 9 kilometer per uur lukte opeens wel beter. Ik besloot beide bruggen over te gaan en me neer te leggen bij het lage tempo.

Ik zit dezer dagen gewoon niet zo lekker in mijn vel. So be it. Ik hobbel weer naar beneden en als ik me niks van het tempo aantrek en me probeer niet te ergeren, gaat het wat beter. Ik loop door de wijk en merk dat ik best wel boven de 7 kilometer zal uitkomen! In de wijk kom ik nog wat antieke zaken tegen die fotowaardin zijn.

Kon ik maar bijtanken! In mijn hoofd dan. Ik kom ook nog langs een ongeluk bij de busbaan en probeer mezelf gelukkig te prijzen dat ik gezond ben, maar vandaag valt het niet mee en voelt het niet zo. Het zijn de hormonen die me voor de gek houden en bedonderen. Dat weet ik, maar ze nemen een aardig loopje met me! In de overdrachtelijke zin dan. Ik heb nog tijd om de 9 kilometer vol te maken voor ik Vincent langs de baan weer oppak. Nog een paar dagen en dan zijn de noodswings weer voorbij. Wat slecht uitkomt met een triatlon in het vooruitzicht, mok ik dan nog even door….

ECHT HEUS WAAR – een rustdag. Tenminste…. 7 kilometer gewandeld met Rob. Rust jaja

25 Mei De verjaardag en de koppeltraining fietsen ?‍♀️ binnen en ?‍♀️ buiten

Vandaag wordt Vincent 15. Hij moet naar school, maar ik breng en haal hem. Ik werk ook gewoon. ‘s Avonds ga ik weer op de Zwift zitten. De instellingen zijn nog steeds niet helemaal goed. Ik zie dat ik berg op ga qua tempo, maar ik voel het niet aan de weerstand. Het was ontzettend druk op de berg en in de dorpjes. Dat hindert mij.

Ik heb een route van 15+ kilometer. Ik moet een uur fietsen vandaag en ik moet me aan het schema houden deze week. Na het fietsen moet ik ook hardlopen. Ik ga het maar eens trouw doen.

Als de route compleet is, ga ik nog een stuk door om het uur vol te maken. Ik kies een ander stuk weg en daar is het prachtig rustig! Net of ik iets beter adem kan halen opeens.

Ik ben wat gefrustreerd door alles en ik heb geen zin om ook maar iets meer te doen dan op het schema staat. Na een uur spring ik dus van de fiets af en ik trek alleen een extra jasje aan. 20 minuten hardlopen koppelen. Dat kan ik prima, maar zonder dat ik daar zin in heb….. dan is het een saai ommetje.

Het lukt met niet om er van te genieten. Ik loop gewoon ‘omdat het moet’. Ik loop steeds ietsje sneller en simpelweg om de wijk heen. Ik ben een beetje mokkig: ik ken het hier wel, 20 minuten is nauwelijks de moeite, ik heb weer geen zin, waarom zou ik dit doen. Ik vergeet dat het tempo en de hartslag prima liggen. Na precies 20 minuten en 3,5 kilometer stop ik. De rest wandel ik liever naar huis! Dat is echt een unicum.

24 Mei Voor ? en na ? het feest ? fietsen ?‍♀️ in ?

Er komt visite voor Vincents verjaardag. Opa’s en oma’s. En op mijn schema staat fietsen. Maar dat kan prima om de taart, bezoek en het kletsen heen! Twee keer 25 kilometer. Ik laat mijn horloge aan staan, zodat het 50 kilometer in 1 rit zal zijn. En ik ga twee keer naar New York. Virtueel dan. Haal ik ook de hoogtemeters van de dag! Ik stap op om kwart voor 10. Eerst de route met de klok mee en vanavond dezelfde route tegen de klok in.

Het is lekker rustig in New York. Ik vind dat helemaal geweldig en zalig. Kan ik goed om me heen kijken. Wat jammer is, is dat er ergens iets mis staat bij de connecties, zodat ik de beklimmingen nauwelijks voel. Ik zie ze alleen maar terug in het (superlage) tempo. Dat irriteert me dan.

Dat ik goed kan kijken naar de taxi’s en de gebouwen vind ik geweldig. Zeker nu je de rest van de info uit kunt zetten en het tempo dan ook niet zichtbaar is en geen druk oplegt. Stiekem loopt het hoogteverschil op en daardoor doe ik er iets langer over dan ik had gepland. Gelukkig blijft er meer dan genoeg tijd over om de taart te maken.

Na een middag met wafels en kletsen en opruimen, stap ik om half 8 weer op de fiets. Weer New York, weer dezelfde route, maar nu omgekeerd. Het is een stuk drukker! Ik ben meer bezig met appen dan met de ‘omgeving’. De beentjes trappen gewoon door.

Ook na de route gewoon verder gaan. Want ik zal toch echt twee keer 25 kilometer moeten scoren! Snelheid is niet echt het toverwoord, maar ik hark ook bijna 800 hoogtemeters binnen. Als ik afstap en de administratie heb bijgewerkt, heb ik twee medailles verdiend: voor een virtuele rit van 50 kilometer en voor meer dan 600 hoogtemeters.

Categories: Geen categorie | Leave a comment

2021-15 GEEN ZIN

23 Mei 2021

Ik heb geen zin. Ik bedoel GEEN ZIN. Ik wil op de bank zitten. Achter de computer hangen. Een boek lezen. In bad gaan. Maar ik zou zo trouw mogelijk het schema volgen deze week. En daar staat 3 kwartier hardlopen . Een kwartier zone 2, een kwartier zone 3 en een kwartier zone 4. En daarna uitfietsen. Maar ik WIL niet. Nou is dat geen excuus. Ben ik geblesseerd? Nee. Kan ik niet in hartslagzones lopen? Nope. Moet ik andere dingen doen? Helaas kan ik niets (meer) verzinnen. Doe het voor mij, appt het hardloopmaatje. Dat geeft de doorslag. Als ik zelf dan niet wil, dan doe ik het voor de rest.

Kilometer 1 is voor mijn hardloopmaatje. Die is met vakantie op de Veluwe en heeft dat al tig keer moeten verzetten en nu is hij niet lekker. Kan hij niet hardlopen. Ik moet me inhouden voor zone 2, maar dit doe ik voor jouw maat! In onze saaie omgeving.

Kilometer 2 is voor MV van het team van Trispiration. Die erg last heeft van de coronaprik en ziek thuis zit in plaats van de trainingen kan volgen. Ik krijg er niet meer zin van, maar wat haar niet lukt, doe ik dan wel voor d’r.

Kilometer 3 is voor mijn kind die niet mee wilde lopen, omdat hij moet fietsen. In etappes. Lerend. Ik neem straks wel een etappe over! Doe ik ook nog iets voor hem. Fietsen is wel leuk. Maar dit lopen op de handrem in zone 2 is geen hol aan. Blijven lachen hoor ik hem zeggen. Grimas.

Kilometer 4 is voor paps. Na heel veel corona heeft hij nu weer last van de tweede prik! Hij is beschermd, maar het schiet niet op zo. Het tempo zit er aardigjes in. Zonder zin. Ook zone 3 flipper ik snel uit.

Kilometer 5 is voor vriendin MBB die niet meer kan afzien na heel veel perikelen en vanmorgen een 5 kilometer wedstrijd liep sinds tijden. Ze wilde en haalde het binnen de 30 minuten. Ondanks dat zij vindt dat ze niet meer kan afzien, heb ik grote bewondering voor hoe ze dit voor elkaar krijgt! Ik met mijn gehannes en gebrek aan zin loop PRECIES haar tijd. Niks toeval.

Kilometer 6 zit ik in zone 4. Wind tegen. Voor mezelf. Dit doe ik voor mezelf. Kop in de wind, vooruit kijken en trappen. Dat het maar zo snel mogelijk voorbij is!

Kilometer 7 is voor de trainer. Ik kan schelden en het is goed om aan hem te denken, want ik let weer op de looptechniek. Viaduct op. Ik begin dit enorm zat te raken. Zone 5 blijft elke keer in de buurt. IK VIND DIT HELEMAAL NIET LEUK EIGENLIJK. Netjes lopen-let op de loophouding-blijf lachen ? ROT F.

Kilometer 8 is voor al die medelopers voor wie 11 kilometer per uur onhaalbaar is. SD, WvB, ID en al die vrouwen die volgende week in Amsterdam hun eigen triatlonuitdaging aangaan. En voor al die lopers voor wie 11 kilometer per uur een makkie is. PL, AM, de meeste mannen. Als de drie kwartier erop zit, moet ik de kilometer voor al die mede-lopers afmaken. Het is een snelle kilometer.

Kilometer 9 is het helemaal klaar. Zo totaal geen zin meer. Ik had al niks, maar nu is het op-op-op. Kan ook niemand meer verzinnen. Maar ik wil naar huis. Als ik wil gaan wandelen, zie ik de buurman staan. Kan ik niet wandelen dus, want hij loopt ook hard (en veel harder) en moedigt me aan. Er is geen zin bij komen kijken, maar ik heb het wel gedaan! Voor iedereen. Door mij.

Na het avondeten maar uitfietsen. Op de Makuri Islands. Met aardrijkskunde erbij. Ik neem inderdaad een etappe over van het kind.

Ondertussen hadden we het over Berlijn. En kon ik genieten van het moois van de Makuri Islands. Ik fietste bijna 3 kwartier. Van het uur, maar dat mocht ook korter van het schema. En daar heb ik me voor 1 keer deze week dan ook aan gehouden, aan ‘korter’. Op het schema stond 8,5 uur. Ik heb weer ruim 10 uur gemaakt (en 2 uur gewandeld). Best netjes toch? ?

Categories: Geen categorie | Leave a comment

2021-14

Maandag 10 mei Hoge Cadans en de GoPro ?

Ik heb een nieuw speeltje: een GoPro. Dat is een superkleine camera, zo klein als je hand en daar kun je foto’s mee maken en filmpjes. Het dingetje is waterdicht en zou moeten reageren op stemcommando’s, maar dat is nog lastig voor me. Ik heb een steun voor op de fiets en die ga ik deze avond proberen! Vincent rijdt naar de training en ik ga mee. Mijn doel is de Hollandse Brug. Die wil ik op en af.

Al roepend tegen de GoPro (make a photo) kom ik door stukken van Almere die ik nauwelijks herken! Dat leidt me erg af en ik heb geen idee of ik foto’s maak of niet. Niet, zo blijkt achteraf. Intussen hou ik de cadans hoog. Ik probeer minstens 75 keer per minuut een rondje te trappen en liefst tachtig keer. Dat is in het begin wennen, maar het gaat steeds beter. De snelheid lijdt er niet echt onder merk ik tot mijn verbazing. Ik kom op het Spoorbaanpad uit (via een omweg) en ik merk dat de hoge cadans me ook helpt om de bochten wat soepeler te nemen. Als ik de brug opga en even moet wachten bij de stoplichten zet ik de GoPro handmatig aan. Om te bewijzen dat ik over de brug fiets! Ik ga lekker heen en weer.

En dan langs Almere Duin. Er is nauwelijks wind, maar ik zal dat het kleine beetje wind-mee op de dijk hebben. Bij Almere Duin stop ik even om de GoPro uit te zetten handmatig.

Het water is spiegelglad! Zo zie ik het echt heel zelden. Er komt een waterig zonnetje door en het fietst prima. Al luistert de GoPro niet naar me en dat is wel jammer natuurlijk. Maar dat weet ik dan nog niet. Ik roep van tijd tot tijd: GoPro-make-a-photo, maar kan niet controleren of het werkt. (niet dus) Ik rij langs het Blok van Kuffeler en dan ga ik door het Wilgenbos. Ik zet op de brug nog een keer de GoPro aan.

Het Wilgenbos is een feest van tinten groen! Prachtig. Daar zie je echt dat de natuur opknapt van regen afgewisseld met hete zonnige dagen.

Ik kom bij het sluisje en film ook dat ik daar overheen ga.

Dan fiets ik terug naar de atletiekbaan. Al die tijd heb ik mijn cadans heel hoog gehouden. En dat bevalt prima! Oei, schrijf ik dat nu echt op… Ik pik Vincent weer op en dan maak ik de 50 kilometer vol. Dat lukt niet binnen 2 uur, doordat het druk was in de stad in het begin denk ik. Maar ik ben supertevreden met een gemiddelde cadans van 80!

Dinsdag 11 mei – Lunchwandeling voor de badge ? en een hele rustige loop met Vincent ?‍♀️ ?‍♂️ ?

Tussen de middag spoeden Rob en ik ons naar de Plus. Ik neem deze lunchwandelingen op en samen dragen ze bij aan de wandelbadge die ik met Garmin kan verdienen. De Plus is net niet ver genoeg weg, dus ik maak de drie kilometer vol na het werk.

‘s Avonds hebben Vincent en ik een soort overeenkomstige training: hij moet heel rustig en ik pak de zone 1/2 training van morgen, omdat ik daar zin in heb. 10 Minuten in zone 1 of laag in zone 2 en dan een minuut wandelen. Dat gaat me wel lukken! We nemen het gewone rondje langs de Oostvaardersplassen met een klein ommetje door het Kotterbos. Het is overal lekker rustig.

We tellen de tien minuten met de hand af en het wandelen ook. Dus de eerste pauze is na tien minuten, maar de tweede pas na 21 minuten! Ondertussen is er ruimte genoeg om te kletsen. Vincent rent over de berg heen.

Als we langs het water rennen, gaat in de verte de zon bloedrood onder. Er zijn veel dieren op de Oostvaarders-vlakte. Het is rustig met mensen op dit tijdstip. We rennen nog door het bos achter het centrum en daar staan een stel hertjes ons aan te staren.

Wij gaan om ze heen en laten ze lekker grazen. De negen kilometer moeten we wel zo’n beetje volkrijgen, als we zo’n 6 keer de opdracht voldoen. We maken nog een ommetje achter de wijk langs en dan is het mooi geweest. Zon onder, oogjes toe.

Woensdag 12 mei. Geen Sport. ?

Werken, naar de sportdietist (wel bezig met sport) en dat is het dan.

Donderdag 13 mei Fietsen ?‍♂️ op een warme ☀️ Hemelvaartsdag.

Vincent gaat logeren bij een vriend met zijn club maten en hij gaat daar rennend heen. Ik ben wat moe en suffig vandaag, geen idee waarvan precies. Ik wil een beetje lui zijn, maar echt stilzitten kan ik niet goed. Als we Vincent zijn spullen brengen, blijkt het heerlijk warm te zijn buiten. Door een rennende en zwemmende Vincent moet ik toch ook naar buiten! Ik kies voor de fiets en de GoPro. Of ik echt zin heb, weet ik niet zeker.

Ik ga eerst door het Kotterbos en plan een rondje om de Oostvaardersplassen. Cadans hoog en go-pro-make-a-photo proberen te zeggen, maar vooral fietsen. Muziekje aan en trappen maar. Ik ga hard. Het is simpel: ik haal een heleboel dagjesmensen in en hou de cadans hoog. Ik merk maar weinig dat ik wind tegen heb, maar de windmolens laten toch zien dat er wat moet zijn! Misschien moet ik eens vaker een dagje rust proberen… op de Knardijk ga ik filmen. Zodat je ziet hoe lastig het is om andere fietsers en parkerende auto’s te ontwijken. Omdat het versneld is, ziet het er nog enger uit!

Nu heb ik echt wind tegen en ik ga lekker liggen op de fiets. Dat helpt. Ik trap gewoon hard door. Dan ben ik er het snelste vanaf. Aan het einde van de dijk stop ik de opname met mijn stem – ja, het lukt een keer! Ik ga de dijk over om te kijken wat er voor rare schoorstenen varen.

Het blijken onderdelen van windmolens te zijn, die -heel slim- over water naar Lelystad worden vervoerd. Als ik de foto maak, kruist een wandelaar mijn pad die al 45 kilometer onderweg is en nu op zoek is naar een bushalte. Stoer hoor. Daar kan ik even op fietsen, op zoveel energie! Ik ga liggen en ik ga snoeihard.

Ik ken mensen die 37 kilometer per uur heel normaal vinden (urenlang), maar voor mij is het echt top! Het gaat heerlijk, de cadans is hoog en de fiets past me echt als een verlengstuk. Ik zit /slash/ lig helemaal op mijn gemak. Iedereen die voor me fietst, wil en zal ik inhalen. Ik vlieg gewoon door de zon de dijk over! Ik moet hierna hardlopen koppelen, maar ik zie daar echt tegenop. Dus ik besluit maar even lekker door te fietsen.Nu het zo heerlijk gaat, moet ik daar maar van profiteren!

Al die tijd snort de GoPro mee. Ik kan dat niet goed zien, maar ik maak me er ook niet druk over. Ik sjees de dijk over. Ik besluit om binnendoor te gaan bij de Noorderplassen. Hopelijk is het niet zo druk. Zeker aan het begin is het dat wel en dan realiseer ik me dat ik boven de 30 rij en dat de recreatiefietsers en wandelaars echt tijdig opzij moeten. Op het smalle fietspad is het gelukkig helemaal stil en hoeft ik alleen maar te genieten van het groen.

Bij de rode ophaalbrug zet ik de GoPro eindelijk uit. Ik twijfel even, maar wil dan toch terug over de dijk en langs onze ‘eigen’ route langs de oostvaarderplassen naar huis. Ik ga vandaag zeer, zeer zeker de 50 kilometer halen binnen 2 uur! Liefst hou ik mijn gemiddelde ook eens boven de 27, net als alle anderen altijd lukt. Ik merk dat ik wind tegen heb, maar ik zit/lig nu zo lekker op mijn fiets, dat het gemiddelde hoog blijft. Foto’s maken met de GoPro lukt me echter niet zo goed met de stembediening. Blijkbaar lukt het me wel om de Recording aan te zetten.

Langs de plassen is het gelukkig rustig, want ik heb wind mee. Ergo: het gemiddelde kan nog flink omhoog! De dertig haal ik niet, maar voor mij is 29 echt super-super-knap. En vooral dat ik zo ontzettend lekker en vol vertrouwen heb gereden. Mijn cadans ligt op 78. Ik ben echt tevreden als ik thuiskom, maar ik heb geen enkele zin meer om te gaan hardlopen, dus die skip ik mooi!

Vrijdag 14 mei BUITEN in open water ZWEMMEN ?‍♀️

Vorig jaar om deze tijd zwommen we alleen maar buiten, maar dit jaar blijft het weer -op z’n zachtst gezegd- wat achter. Vandaag gaan we echter met een groep van Trispiration zwemmen in Amsterdam. Die beginnen al om 6 uur en ik vind dat met eten een crime. Gelukkig rijd ZGvG met me mee en hoeft ik er niet alleen heen, want ik vind het best spannend! Is het niet te koud? Kan ik wel goed genoeg zwemmen? Hoe ga ik dit ervaren? Ik ga in mijn oude wetsuit, want die krijg ik snel aan. Eigenlijk sta ik even voor zessen te popelen om het water in te gaan! Ik droom altijd over zwemmen buiten en nu ik hier op het punt sta om het water in te gaan, kan ik nauwelijks meer wachten. Er zijn veel meiden van het team.

Mijn eerste reactie is: het valt mee met de kou! Na de hels koude fietstocht naar Zandvoort toe, is dit lang zo erg niet Ik spring erin en kan gelijk zwemmen. Even wat schoolslag, maar al gauw in borstcrawl. Rustig aan. mijn bril zit goed, mijn wetsuit vertrouwd, het water boezemt me geen angst in. En ik kan mijn benen gebruiken! Ik ben één van de weinigen hier die geen handschoenen of zwemsokken aan heeft, maar ik mis er niks aan. Ik ga naar de boei en door naar de andere groene boei. Heerlijk! Ik geniet van mijn vingertoppen tot mijn tenen. Het water om je heen. Rust, stilte, kracht, slag na slag. Jammer dat je niks ziet in dit water. Ik ga om de groene boei heen en weer terug. Geen golven, geen vermoeidheid en ik zwem in de buurt van een andere gele boei. Ik voel me supersterk! Ik ga richting de brug naar de rode boei en ik heb er nog lang geen genoeg van, dus ik zwem weer naar de verre groene boei. Ik kan zelfs met beenslag en 1 op 4 ademen (met gemak) tempo maken en ik zit helemaal in de slag.

Er zijn zwemmers om me heen, maar toch doe ik dit lekker allemaal zelf. Het voelt supergoed! Ik ga nog een keer helemaal terug en dan denk ik: waarom zou ik nu niet de 2000m volzwemmen die ik 2 keer per maand ‘moet’ halen? Ik ga die laatste 400m ook! Ik zwem naar groen terug, naar rood, weer naar de dichtstbijzijnde groene, naar een scheve rode en weer terug naar de groene. Onderweg maak ik een praatje met de (bijna jarige) teamcoach; ja, dan lig ik even stil en kun je prima kletsen. Nog steeds niet koud, nog steeds kan ik zwemmen met beenslag en ik ga nog één keer naar de rode boei. Ik vind een rondje zwemmen leuker persoonlijk. Op de Garmin maak ik de 2000m ruim vol (2040), maar de Apple Watch houdt het op 1997m. Ik vind het zeer zeker tellen! Heel blij en opgewekt kom ik het water uit. Wanneer weer?

Pas in de auto op weg naar huis, koel ik wat af. het enige nadeel is dat ik een (heftige) schuurplek heb in mijn nek van het wetsuit.

Zaterdag 15 mei: Een triatlon ?‍♀️ ?‍♀️ ?‍♀️ in 3 delen met eigen afstanden ?, eigen pauzes ⤵️ en een eigen volgorde ?

‘s Ochtends ga ik hardlopen met de trainer. We gaan vanuit zijn werkplek bij de Koploper, voor als hij onverwacht moet opdraven. Ik heb een route rondom Lelystad van 11 kilometer. We moeten nodig een bijkletsen: over de vakantie in Zandvoort, over zijn werk wat hij weer bijna volledig doet, over alle afgelaste wedstrijden, over dieten en eten, over wie het koppigst is (wat ik met glans win), en over doelen en plannen en ideeën. Het loopt heerlijk! Wel veel verhard, maar dat houdt het tempo er in. Ik ben best verbaasd hoe snel wel lopen eigenlijk. Het is lekker weer. Al heb ik het wel warm.

Echt vernieuwend is de route niet. Wel een afwisseling van landelijk en rustig en langs wat grotere wegen. We komen ook door een stuk bos, maar daar klaagt de trainer over de modder. Daar geef ik nou niks om. Dan maar even wandelen, maar ik ga er gewoon doorheen hoor.

Zoals het een goede trainer betaamt, heeft hij het ook nog over looptechniek. Eigenlijk ben ik te eigenwijs om daar naar te luisteren ;-), maar ik hoor hem wel heel goed! En na 9 kilometer ga ik het toch (stiekem) even proberen of letten op looptechniek en pasfrequentie nou helpt en jawel… We lopen de tien kilometer vol binnen een uur. En dan door naar de 11 kilometer door de woonwijk. Met een keurig gemiddelde van 5:57.

In de ‘wisseltijd’ tussen het lopen en het zwemmen, bouwen Rob en ik verder aan de auto van Lego.

‘s Middags hebben we zwemkaartjes voor het bad de Sijsjesberg, Vincent en ik. Het wetsuit is nog niet droog, maar hoe moeilijk kan het zijn om in verwarmd water te stappen? Nou… het valt me flink tegen! Ik vind het de eerste stappen best koud zo in mijn trisuit… Ik sta voor de langzame baan ingeschreven, maar daar val ik wat uit de toon met mijn borstcrawl en achtje. Ik ga 500m (dat is 5 keer op en neer) met achtje. Ik verhuis naar de andere baan, waar Vincent ook gaat zwemmen. Dan doe ik 500m zonder achtje, zonder wetsuit én met benen! Dat hou ik gewoon vol! Ik ben verbaasd. Maar na 500m telt mijn Garmin van de kilometer pas 800 meter. Verdikkie. Ik ga 500m met achtje zwemmen. De andere zijn misschien wat sneller, maar ik hou dit eindeloos vol. En ik weet niet of de andere ook al 11km hebben hardgelopen vanmorgen (misschien wel meer).

Na de 1500m ga ik 300m met paddels zwemmen. Dat is lang geleden en dat voel ik best in mijn armen! Ik zwem nog 300m zonder hulpmiddelen. Dan zitten er toch echt wel 2000m op, zelfs volgens de Garmin. Ik zwem nog 100m schoolslag en daarna nog 100m met achtje. Dan ben ik het wel zat. De donkeren wolken komen er aan. Het noodweer barst los als Vincent zijn tien minuutjes hardlopen-koppelen-aan-zwemmen uitvoert.

Tja, dan ben ik er nog niet helemaal natuurlijk…. In de volgende wissel maken we de Lego-auto af en eten we iets. Ergens heb ik niet meer veel zin om te fietsen, maar ach, ik ga gewoon. Ik hoeft ook niet lang. In Watopia is het rustig en ik ontdek dat je het scherm van alle toeters en bellen kunt ontdoen.

Ik fiets geen route ofzo, gewoon mijn virtuele neus achterna! Dan bedenk ik dat ik alle afstanden van de Jaarchallenge van Trispiration wel kan doen vandaag: ik heb al 11 kilometer gelopen, 2200m gezwommen en nu kan ik ook nog 33 kilometer fietsten! Ik koers wel op de vlakke stukken af. Daar gaat het tempo wat omhoog, maar ik voel dat ik al wat uurtjes heb gesport vandaag.

Uiteindelijk ben ik na 33 kilometer weer ongeveer bij het startpunt.

Mijn eigen triatlon van de dag! Met eigen afstanden, eigen volgorde en eigen pauzes. Eigenwijs he 😉

Zondag 16 mei. Een koppeltraining ?‍♀️ ? ?‍♀️ die een motivatie-zoektocht werd

Een dag vol Hollandse regen. Nodigt uit tot bankhangen en uitslapen. Of bloemen bouwen van Lego. Een beetje achter de computer zitten. En binnen fietsen. Dan maar. Ik heb nog een koppeltraining staan van bijna 2 uur, maar dat gaat ‘m zeer zeker niet worden, want daarvoor ontbreekt alle zin. Alle wedstrijden in juni zijn van de baan, de vakantie is van de baan en wat is er eigenlijk nog over om hard voor te sporten, vraag ik me de laatste dagen van tijd tot tijd af. Ik heb geen intrinsiek doel, niks om voor te denken: als het regent, moet ik ook. En dat helpt me niet. De bank, uitslapen, een warm bad: het is allemaal zeker zo uitnodigend. Het enige wat ik me nog kan indenken zijn de badges van Garmin. Zou mooi zijn als ik deze maand level 5 kan worden. Daar moet ik 500 punten voor halen. Ik heb er nu 496…. Voor een extra punt moet ik nog 300 meter hardlopen. Dat vind ik de moeite niet. Dus toch een koppeltraining. Als ik 15 kilometer fiets haal ik nog 2 punten binnen en dan lijkt het erop! Op de Tacx dus! Anke gaat een stukje door Londen.

Maakt mij niet uit hoe en waar, maar zonder heuvels graag. Ik app ondertussen wat en de regen trekt weg. In Almere dan. Ik check de buienradar nog een keer en dan begint het grappig genoeg virtueel te regenen in Londen! Toch geen voorbode…. Dan word ik liever virtueel nat!

Ik haal 15 kilometer net niet in een half uur, maar ik maak ze vol in 31 en een halve minuut. De lange hardloopbroek heb ik al aan, dus ik hoeft alleen de fietsbroek uit te trekken en hardloopschoenen aan te doen. Door de achterdeur was ik minder dan 5 minuten later buiten om 5 kilometer te gaan hardlopen. Ik wilde niet kijken hoe snel. Dus ik liep gewoon een rondje om de wijk. Dan kan ik al terug na een kilometer. Of twee. En daar had ik me toch zin in! Badge binnen, koppeltraining is gedaan. De eerste kilometer ging in 5:47. Prima. Dan onder de bomen door. Tussen de honden door. Iedereen gebruikt dit droge momentje om de hond uit te laten.

Kilometer 2 overdrijft met 5:22. Natte blaadjes he. En geen zin. Dan loop ik maar harder om er sneller vanaf te zijn. Het idee was om 10 kilometer binnen 55 minuten te lopen, dus ik bedenk dat ik 5 kilometer in 28 minuten zou moeten halen. Of ik hou het bij 3 kilometer. Wanneer moet ik een triatlon doen? Waarom moet ik dat snel doen? De derde kilometer gaat in 5:21. Dat verbaast me. Weinig natte blaadjes hier. Wel honden, maar die hol ik voorbij. Allemaal. 4 Kilometer. Gewoon vanaf het einde van het fietspad naar huis rennen. Is ook prima. Het onverharde pad ga ik alleen op als het leeg is. Helaas. Het is leeg. Onverhard is langzamer. Kilometer 4 gaat nog sneller zelfs in 5:20! Ik loop inwendig alleen te vloeken en te mopperen en te balen en ik ga harder en harder! Ik heb gister nog 11 kilometer gelopen. Ik heb wel tien redenen om dit vandaag niet te hoeven. En als ik er een half uur over doe is het net zo prima als 28 minuten. Maar ik loop gewoon hard door en zet zo langs het park nog wat extra aan. Why not? Hoe eerder ik klaar ben hoe beter. 5 Kilometer in 27 minuten. Zeven-en-twintig. Klaar. Bezweet. Een beetje moe. En trots. Dat je met zoveel tegenzin zo snel ergens kunt komen. Dat ik voor 15km fietsen en 5 kilometer hardlopen net iets minder dan een uur nodig heb. Met wisselen erbij 62 minuten.

En die badges? Voor het hardlopen is het punt binnen, maar voor het fietsen… kom ik achthonderd meter te kort!!!!! Nog 3 punten tot de 500, maar vandaag gaan ze er niet meer komen!

Maandag 17 mei Fietsen om kleding te passen met thee ☕️ onderweg! ?‍♀️

Vincent heeft training, ik hoeft maar een uur te fietsen. Op een hoge cadans “hoger dan je fijn vindt”, staat er op het schema. Eigenwijs als ik ben, zou ik deze week WEL eens het hele schema zo netjes mogelijk willen volgen! Dus ik ga op een cadans boven de 80 fietsen. Door de stad naar vriendin KH. Zij heeft kleding in de aanbieding. Het is vaag of ik ze mag overnemen, omdat ze bij een team horen. Ik ben benieuwd of ze me passen. Maar eerst drinken we thee! Fijn om weer eens bij iemand op visite te zijn, zonder corona-angst. De kleding zit me als gegoten!

Alleen kan ik ze niet meenemen op de fiets! Ik fiets weer naar de training van Vincent toe en dan terug naar huis tot ik 25 kilometer heb gefietst. Niet erg snel, want dat geslingerd door de stad bevalt me niet zo. Maar wel met een gemiddelde cadans van 85! Rob en ik gaan met de auto de kleding halen en blijven dan lang hangen om te kletsen.

Dinsdag 18 mei Intervallen rennen ⏱

Die intervallen zijn mijn ding niet: ik zie er altijd tegenop. Dat je korte tijd hard moet. ? Vandaag gaan Vincent en ik dezelfde route: ik loop 20 minuten zone 1 met hem mee en Vincent gaat dan verder in zone 1. Ik moet dan volgens het schema 20x anderhalve minuut in zone 4 met anderhalve minuut rust er tussen. Om binnen een uur -zoals ook op het schema staat- te blijven zijn 15 versnellingen genoeg. We gaan richting de dijk. Ons gezamenlijke tempo is laag, gezellig en met de rem er vol op.

Dan ga ik er vandoor. Anderhalve minuut, dat is 90 tellen en die tel ik af. Keer op keer. Niet hardop, maar het leidt mij af en ik heb een idee hoe lang ik moet. Ik kan goed tot 90 tellen. In de rust app ik met Vincent dat ik wel tot aan de dijk kan en terug als hij de afslag eerder neemt. Anderhalve minuut pauze zijn een minuut wandelen en een minuut dribbelen. Het gaat redelijk. Leuk is anders, maar dit is prima te doen.

De vijfde is natuurlijk de dijk op! Vincent verveelt zich intussen een beetje en fotografeert om zich heen 🙂 Het is gemakkelijker als de ander uit beeld is. Ik kan maar anderhalve minuut terugappen. En dan versnel ik weer 90 tellen. Ik zie Vincent in de verte. Intussen heb ik er al 10 versnellingen op zitten.

Ik haal Vincent bij en zijn training zit erop. Hij gaat me ondersteunen. En hij houdt mijn telefoon en kapotte hoesje vast.

Vincent loopt nogal moeiteloos met me mee (GRRR) en heeft nog adem te over voor opbeurende teksten. “je bent er bijna” “Het gaat goed hoor” “je bent op een derde” En ik maar denken en tellen: ik ben op tweederde, het gaat niet zo lekker! Maar dat kan ik net zeggen in de rustpauze. Ik ga er zeker 15 doen en Vincent opteert de 16 keer. Het enige wat hij van mij mag zeggen is dat ik hier vast sneller van wordt… Hij heeft zelfs energie om me te filmen! Ik ga niet heel rustig hoor, maar het verschilt nogal tussen de ene en de andere of ik net boven of net onder de 12 kilometer per uur loop.

We gaan de brug op nog een keer een versnelling aan. Zucht. Ben ik er al? Ik zit op de 15! Maar goed, ik doe er in de straat nog ééntje… Vincent maakt een foto en zwaait naar de buren.

Ik zit al op een uur. Ruim. Als ik nog een extra rondje om het huis maak, doe ik interval 17 er ook nog bij. Intussen heb ik het aardig warm ondanks de korte broek! Zoals altijd ben ik trots dat ik (bijna alle) intervallen heb gedaan! Misschien word ik er wel sneller van…

Woensdag 19 mei Rustig hardlopen in Almere Poort en intervallen fietsen

Op het schema wat ik zo nauwkeurig wil volgen staat eerst een half uurtje fietsintervallen en daarna een uur hardlopen op 9,5 kilometer per uur. Echter, de praktijk wijst anders uit: werken, Vincent naar het zwembad brengen en daar tussenin fietsen voordat ik rond het zwembad kan hardlopen, wordt ‘m niet. Dan maar eerst hardlopen. Lekker rustig mag ik. Mooi tussen de buien door! Ik loop extreem relaxed en voor mijn gevoel rustiger dan rustig. 6:15. Naja. Dan kom ik de schapen tegen op de weg.

In een prachtig zonnetje dus! Het leuke is dat ik niet precies weet hoe ver ik ga komen. Kilometer 2 en 3 gaan (ook) rond de 6:10. Ik kan er niks aan doen hoor. Ik ga ietsje sneller elke keer! En dan denk ik: laat ik een piramide lopen op gevoel. Elke kilometer ietsje harder tot en met kilometer 5 en dan weer elke kilometer iets rustiger. Kilometer 4 gaat zo langs het strand gaat weer ietsje sneller. Laat ik de 9,5 kilometer per uur maar loslaten… Ik loop tot de start van de Duintriatlon de dijk over. Ik zal straks door de wijk terug moeten, maar ik heb geen idee hoe. Ach, Vincent moet zich ook omkleden! Op de dijk trekt de wind aan. Ik weet wat dat betekent ? en dat hadden we niet afgesproken!

Kilometer 5 gaat in 5:52. Nu dus weer rustiger aan. Tot 10 kilometer. Dan begint de regen. Onvermijdelijk. Niks aan te doen. Doorlopen maar. En gniffelen om alle mensen die net als ik de buienradar geloofden en hun hond uitlaten! Ik ga de wijk in en heb geen idee, maar het gaat rechtdoor. Kilometer 7 gaat weer boven de 6 minuten. Rond de 6:10. Ik moet doorlopen met die regen en dan gaat kilometer 8 de mist in! Ik loop net ietsje harder dan kilometer 7! Daar baal ik dan van. Ik kom langs het Klokhuis. Druppend.

Nu heb ik niet meer zo’n goed idee welke kant het topsportcentrum op is. Ik vertraag wat, maar de auto laat me te netjes voor! Toch pak ik de vertragende draad weer op door ondertussen te SMSen met Joyce dat ik ook nat geworden ben. Buienradar in de ban!

Ik loop rondjes om het zwembad in de regen om de tien kilometer vol te maken in een dik uur. Dan neem ik Vincent mee naar huis die net zo nat is, maar afgedroogd.

Donderdag 20 mei RUSTDAG – wandelen mag! ?‍♀️ ?‍♂️ ?

Qua werk en kind (naar de orthodontist brengen) is het vooral onRUSTdag. ‘s Avonds moet Vincent hardlopen en gaan Rob en ik een stukje wandelen. Als het droog is. Ik dacht aan naar de berg en terug, maar als we Vincent zijn tegengekomen, lopen we verder langs de Oostvaardersplassen. En opeens staat daar aan het begin van het pad een hert met een groot gewei. Ze zijn groot! En mooi.

De kleuren zo tussen de regen en de zonsondergang zijn fenomenaal. Ik heb de verkeerde schoenen aan, mijn stadsschoenen. Dat merk ik na ons ommetje van 5 kilometer! Maar alle onrust is verdwenen.

Vrijdag 21 mei 10+11 kilometer in Limburg ?‍♀️ met ?‍♀️-elementen (of is het omgekeerd?)

Voor de Trispiration Jaarchallenge doe ik in het eerste halfjaar 2 provincies aan om 10 kilometer te hardlopen. Het plan voor mei was 11kilometer in Groningen combineren met 11 kilometer in Drenthe. Route klaar, maar een dag vol regen houdt ons tegen. In Limburg lijkt het minder regenachtig te worden, dus Joyce maakt snel een route. We gaan naar Mook. Helemaal boven in Limburg. Als we niet uitkijken zitten we in Gelderland. Als we de Maas overgaan, heet het Brabant. Anderhalf uur rijden is voor ons anderhalf uur bijkletsen! Ik heb er voor vandaag een hard hoofd in: misschien is dit de dag dat het niet lukt? Dat denk ik altijd, dus het is niks nieuws.
In de auto op de weg terug, kletsen we over de route die we hebben gedaan vandaag. (JW= Joyce, AB, dat ben ik)

JW “In het begin was het meteen zoeken! Hoe vaak hebben we het nou gedaan met een route en het is elke keer weer even wennen! Maar het was wel duidelijk Limburg met die grote schuur. Ik had een route onverhard gemaakt.” AB “En eigenlijk viel het meteen een beetje tegen met de heuvels. Het ging niet steil omhoog ofzo, maar wel op z’n minst heuvelig. Voor ik het doorhad zaten er al 2 kilometer op. Weet je nog dat we maar direct afspraken om rustig aan te doen en dat 3 uur over een halve marathon oké zou zijn?” JW “Ja, ik had moeite de ademhaling bij te stellen. En elke keer ging het weer stiekempjes omhoog. Ik was al lang blij dat we dan konden wandelen” AB “Ik telde al uit dat we 9 minuten per kilometer zouden gaan doen. Zo voelde ik me. We kwamen over een grote heide. Ik had tijd om te appen en te filmen met de GoPro.”

JW “Naar beneden gingen we meteen weer hardlopen. De eerste 3 kilometer zaten er snel op. Dat we uitzicht hadden, betekent dat we best wel een stuk omhoog gelopen waren.” AB “We kwamen langs een soort verdedigingswerken. Met trapjes ging je daarheen. Ik dacht echt dat het wel een lange toch ging worden vandaag!”

JW “Ik heb echt geen idee hoe lang we over kilometers deden. Of waar we waren ofzo. Ik weet nog wel van die koeien die daar zo heerlijk lagen, die hadden het goed uitgezocht! Het was erg veel bos en vooral stiekem veel hoogtes.” AB “Toen kwamen we bij die toren. Met zo’n trap waar ik dus ECHT NIET op durf. Maar ik moet en zal het proberen! Ik ging treden tellen en hield me stevig vast. Als ik maar dacht aan dat tellen en niet naar boven keek, was het net onder controle te houden. Ik ben onwijs opgetogen dat ik de 42 treden omhoog ben gekomen! In de wind! Over een trap die met kettingen vast stond.”

JW “Mooie overwinningen! En we keken uit over Nijmegen of Mook. Het was echt groots. Ik kende dit stuk van Limburg echt niet. En het was heerlijk weer. Beetje zon en niks koud.” AB “Ondanks de overwinning op mezelf, kon ik niet lekker doorrennen. Ik had er gewoon niet zoveel zin in vandaag. Er zat weinig motivatie in me. Heel raar. Gelukkig kunnen we dat samen.” JW “Ik ben blij met je mindere dagen! Dan heb ik niet het idee dat ik je ophoud. En dan wandelen we gewoon wat vaker. Ik voelde mijn kuiten toen al volgens mij.”

AB “Jij vertelde net over de vakantie toen we ineens voor een gesloten hek stonden die de route versperde. We gingen even verkeerd en toen hebben we onze horloges uitgezet. Dat doen we nooit, maar nu even wel. Nieuwe route er omheen gezocht. Ik had geen idee waar ik zat. Limburg, dan hield het op.” JW “Boven op de heuvel. Dat weet ik nog en we gingen omlaag tot in Mook. Dan achter langs en toen kwamen we op de snelweg. Echt iets voor jouw…” AB “Not! Langs een grote weg en verhard en auto’s die langsrazen. Not my cup of tea. Dan ga ik harder lopen. Voor mijn gevoel loop je er steeds naast, maar ik zag waar we terug konden gaan. Liep ik opeens een snelle kilometer!” JW “Dan zie ik je verdwijnen alsof het een makkie is, maar je wacht toch wel. Ik had ook wel door dat we dan weer omhoog moesten en ik hoopte dat het ene pad wat we dubbel moesten doen niet afgesloten zou zijn.” AB “Kwamen we langs die rare aap in de boom. En soms zijn er dan opeens weer een boel wandelaars en daarna is het weer kilometers lang doodstil.”

JW “We hebben toen een heel stuk gewandeld. Het bleef maar omhoog gaan! De Ardennen waren er echt niks bij. Echt, stukken supersteil!” AB “Maar ook dat gaat weer omlaag en de weg die we twee keer doen, gaat nu ook omlaag. Voor ons ligt de volgende berg. We hebben al aardig wat extra kilometers verzameld. We gingen weer wandelen. Ik zou tot 11 kilometer volmaken.” JW “Jep, waren we net helemaal naar boven gelopen langs de mevrouw met hond die we dan inhalen zonder hard te lopen en toen stonden we boven op de Sint Jansberg of een andere berg. Mogen we net weer omlaag, en toen zat jouw 10 kilometer erop. Het was echt supermooi, tussen de bomen door en heuvelig en groen.” AB “Ik liep 11 kilometer. Allemaal in Limburg. 8 gemiddeld op de kilometer. Maar het was de rit meer dan waard! Gewoon zo lang mogelijk van genieten! Ik was redelijk netjes aan het eten en drinken.”

JW “Elke keer als het omlaag ging, voegden we weer een hardloopelement in! Maar ik dacht dan: straks moeten we hier vast ook weer omhoog.” AB “In de verte zag je volgens mij wel de Maas of was dat ergens anders? Nou, ik weet het niet meer zo goed, maar toen kwamen die prachtige vennen.”

JW “En de zon scheen er prachtig op ook. Heel mooi en het leek echt niet op Nederland. Verbazingwekkend dat we van zoveel moois niets wisten in ons eigen land! Als ik een eend was zou ik hier gaan zwemmen! Jammer genoeg liep het wel weer naar boven.” AB “Jep, had ik weer tijd voor de GoPro. Ik vond het zo onwijs mooi daar. Ik dacht echt: doe mij maar een flinke wandeltocht met minder hardloopelementen!” JW “Dan zei ik weer: het gaat omlaag, rennen. En dan lukte dat een paar honderd meter en dan ging het weer omhoog. Ik geloof dat we de hele Sint Jansberg wel tig keer beklommen hebben!” AB “Toen zaten we opeens op de rand. Van de provincie (stond op het horloge), maar volgens mij ook van het land en van het bos. Heuvels gewoon alom. En dan de wind tussen het gras door. We kwamen wel een brommer tegen. Liepen we weer ergens een stukje anders, maar na zoveel kilometers kom je ook snel terug op de route.” JW “Waren die vriendelijke oude mensen daar al of was dat later? Het waren wel veel paden en de hele tijd onverhard. Kwamen we bij die ommuurde tuin.”

JW “Werd jij enthousiast van, maar een Hanzestad boeit je niks, dat snap ik maar niet. En we kwamen langs het Pieterpad bord. Konden we weer over iemand kletsen.” AB “Waar we het nu de hele tijd over hebben, zou ik niet kunnen zeggen hoor! Over mensen en wie wat doet op hardloopgebied enzo. In mijn hoofd liepen we 1 keer de berg op en 1 keer er omheen, maar de werkelijkheid was steeds weer omhoog. Geen idee waar die mensen waren. Ik weet wel dat we die jongens tegenkwamen die verbaasd waren dat ze op de grens met Gelderland liepen. Wij gingen daar niet overheen, maar zij wel! Toen gingen we dat mooie pad in, de Apostelweg.” “En die liep omlaag! Het ging wel hard waaien en voor mijn gevoel moesten we heus de andere kant op.” AB “Die wind kondigde regen aan. En dat vond ik zorgelijk, omdat we meer wandelden dan renden en dan hou je jezelf niet warm. Maar ja, ik had ook vrede mee dat we meer dan 3 uur nodig hadden.” JW “Gelukkig maar. We zijn wel een stuk gaan hardlopen en toen we op het pad waren waar we al eerder waren, maar nu omhoog, toen bleven we ook rennen.” AB “Dat was ongeveer het enige stukje dat ik ‘een kop erop’ had en dacht: ik-blijf-lopen-tot-boven. Verder ren ik blijkbaar beter op honger.”

JW “Gingen we eindelijk die Sint Jansberg af en weer naar de Mokerheide. Het begon wel te regenen ja, maar we liepen onder een grote paraplu. Bomen.” AB “Het regende opeens wel een keer door, maar net niet hard genoeg voor de regenjas. Genoeg om nat te worden. Het was mooi en zo groen en fris, maar ik had zelfs na een gel minder zin dan anders wel eens het geval is. Werd ik echt een beetje mokkig als jij zei: we voegen een hardloopelement toe!” JW “Die duurden ook niet lang, want dan moesten we weer omhoog! En toen stonden we opeens op een veld en er was een theater.”

AB “De structuur van het theater vond ik geweldig leuk, maar met lopen was ik wel zo’n beetje klaar. Ineens een grasveld en daarna de wildkampeer-camping. Het was wat onrustig. Ik dacht: nog 20 minuten, nog 3 kilometer – ohnee, we wandelen, nog langer dus.” JW “Toen kwamen we bij een andere uitkijktoren, maar het pad liep aan de kant van het hek en werd versperd door takken. Achteraf hadden we over het goede pad aan de andere kant van het hek kunnen lopen, maar ja. En toen weer omlaag. Over een smal pad, wat niet meer klopte met de route. Daar was een plasmoment en toen gingen we net even anders als de route.” AB “Rook het daar zo lekker of was dat eerder? Ik weet het niet meer hoor. We staken de grote weg over en toen gingen we weer het bos in. Ik dacht alsmaar: hoe ver is het nog? Ik wilde naar de Fanta!.” JW “En in eerste instantie zei je dat je dat niet luste. We renden weer omlaag en toen maakten we een foutje in de route en moesten we een afslag verder hebben. Ik hoorde wel geblaat, maar dat we de schaapskudde kruisten had ik echt nooit verwacht! Een supervriendelijke schaapherder prees ons voor onze goede timing.” AB “De grapjas dacht dat onze tijd er zo aanging, haha! Nee, dit was echt gaaf, 100 schapen die je passeren en saampjes het pad overgaan. Wow!”

JW “Echt een kadootje. We gingen nog naar het kasteel. Ik dacht echt: waar blijft het nou? Intussen zat die halve marathon er wel op, maar echt bijzonder vinden we dat niet meer. We kwamen wel op het terrein van het kasteel.” AB “Ik dacht alleen maar aan mijn warme broek en de Fanta. Ik mopperde nog op je dat ik een vriendin zou zoeken die alleen maar wilde breien, toen we op het einde nog een trapje op moesten en weer omhoog gingen! Was een grapje hoor! JW “Dat weet ik wel!” AB “Door de zon waren we weer droog en warm. De oranjerie was een antieke grote kas uit een film, maar ik had niet meer zoveel energie om te gaan rennen of me te haasten.”

JW “Er waren veel links-rechts-paadjes. Het kasteel werd helaas helemaal gerenoveerd. Stond in de steigers. Echt zo jammer! Het is een sprookjesachtig slot.”

AB “Ik dacht: nog 1 kilometer en ik mag nog over het leuke brugje en dan langs de schuilkelder. Ik liep er nog 12,5 kilometer bij en Joyce liep de 23 kilometer vol.”

JW “Ik schaam me niks voor het tempo wat op 9:31 lag of hoger of dat we er dik drie en een half uur over hebben gedaan, want er zaten ook meer dan 500 hoogtemeters in! Niet normaal veel. Op zo’n korte afstand.” AB “Limburg krijgt een vinkje! En wij hebben morgen spierpijn. Lang genoten van een prachtig stukje Nederland.” JW “En prettig dat je de auto instapt en dat het dan eerst een half uur plenst van de regen.”

Ik heb een filmpje gemaakt van een minuut van de GoPro beelden. Dat is weer een keer iets anders! En het leukste is het natuurlijk met geluid 😉

Zaterdag 22 mei Nieuwe wereld in Zwift! ?‍♀️ ???

Er is een nieuw eiland geopend in Zwift! Makuri Islands heet het. Ik heb er al wat over gezien en het is gestoeld op het authentieke Japan. Ik kan amper wachten om er lekker rustig uit te gaan fietsen en de nieuwe wereld te zien! Ik doe de nieuwe fietskleertjes aan van TriProNoosa en update Zwift en dan kan ik gaan!

Ik laat maar lekker veel foto’s zien, want ik geniet ervan. Iets minder van de onverharde wegen, maar de dorpjes zijn echt geweldig! Katten, mensen op slippers, een verdwaalde hardloper-supporter langs de weg die de route zoekt, mooie gebouwen. Het is echt enorm sfeervol! En daarna door bossen en langs bloesems. Mount Fuji op de achtergrond.

Ik merk wel dat mijn benen moe zijn, maar spierpijn of last van mijn kuiten heb ik totaal niet. Ik krijg de cadans gewoon niet zo heel hoog. Maar het is uitfietsen! Na 12 kilometer ben ik rond. Maar ik fiets nog even verder. Over de verharde wegen. Het is wel erg druk in Zwift op de Makuri’s.

Ik doe nog een extra rondje langs de dorpjes en op het einde vind ik een heerlijk rustige route langs het paleis!

Na 26 kilometer ben ik twee keer rondgegaan en hou ik het voor gezien. Het was echt leuk! Ik verheug me op meer verkenningstochten.

Dan ga ik in de middag nog een stuk wandelen met Rob. Terwijl Vincent zwemt in het zwembad. Een flinke tippel van 6 kilometer. Daarmee maak ik genoeg stappen voor de maand mei. Er wacht me thuis een verrassing: Ik ben Level 5 geworden in Garmin!

Ik kan stoppen met sporten! Het maximale niveau is bereikt! Daar denk ik even over na. Stoppen? Ik denk nog een halve minuut langer na… Neeeeeeeee! Dat ze maar een level 6 gaan maken.

Categories: Geen categorie | Leave a comment

2021-13

Zaterdag 1 mei. Rondom Zandvoort ?‍♀️ ?‍♀️ ?‍♂️ ? ? ?

Ik slaap slecht. Extreem slecht. Vervelend, want ik heb het herstel zo nodig. Ik kom niet in slaap en ben vaak wakker en ook weer vroeg. Toch koude voeten! Voor het negen uur in de ochtend is heb ik al 5 sta-uren bij elkaar gesprokkeld. In de ochtend wandel ik met Rob naar Zandvoort om boodschappen te doen. Het is heerlijk rustig in het centrum van Zandvoort. Ik maak mijn fiets schoon en dat geeft me wat rust. Als mijn beauty maar weer netjes is!

‘s Middags hebben we een family fotoshoot op het strand. Voor het avondeten wil ik nog gaan fietsen. Gewoon even alleen. Muziekje op. Geen route in mijn hoofd en gewoon maar richting Bloemendaal trappen. Het eerste stuk gaat lekker snel. Het is soms wel wat slingeren om dagjesmensen heen, maar het gaat erg lekker. Wat heb ik toch een fijne fiets! Ik heb ook wind mee en vlieg zowat naar Bloemendaal toe. Ik hou het gemiddelde hoog en het gaat goed. Dan kom ik in Overveen en ik heb niet zo’n idee waar ik ben. Ik vind dit wel een leuk dorpje. Moet ik richting Haarlem? Zandvoort is alleen maar terug. Ik rijd langs bossen en dan kom ik een grappig bordje tegen van een 8% helling.

Het smalle fietspad gaat omhoog en omlaag en het lijkt net Zwift 😀 Heerlijk. Ik kom aan de rand van Haarlem en het wordt weer onrustig. Ik kom bij een mooi pad door het bos over de Kennemerduinen.

Bij nader inzien rij ik liever een andere weg, want dit komt weer uit bij Bloemendaal aan Zee. Ik rij door richting Aerdenhout. En daar pak ik de weg naar Zandvoort weer. Deze keer wil ik via Zandvoort Zuid. Ik vergis me hoe groot Zandvoort is en hoeveel tegelpaden er zijn die lastig te berijden zijn. Ik kom door het centrum en moet steil omhoog. Ik word door een mooie rood-zwarte mercedes voorgelaten! Ik onthou het nummerbord voor Vincent (7SJC20) De boulevard is te druk om te fietsen. Dus ik slinger door de straten tot bij het circuit. Daar is de Mercedes weer! Ik ga het park weer op via het trapje/rolstoelafgang. Dan heb ik 25 kilometer gefietst.

Na het eten gaan Vincent en ik hardlopen. We gaan heen over de boulevard. We hoeven vooral niet hard te lopen! We kletsen lekker. De zon is erg mooi, vooral het licht is geweldig.

Op de boulevard is het wel lekker lopen, maar ik voel wel dat ik moe ben. Aan alle kanten. We lopen langs de vuurtoren en verder over de Boulevard waar ik nooit geweest ben. We komen bij het einde en daar beginnen de duinen. We nemen een fietspad. Het is echt mooi.

We lopen een stuk door en zullen dadelijk, na kilometer 3, een duinovergang zoeken en teruglopen over het strand. De duinovergang verschijnt precies op het goede moment, maar het is een flinke duin en een flinke klim door het zand.

We genieten boven van het uitzicht en de mooie kleuren.

Dan stuiteren we door het zand omlaag en we gaan het strand op. Ik begin echt moe te worden van alles op deze volle en lange dag. Het zand is nog vochtig en elke stap kost extra energie. Het is maar goed dat we geen haast hebben!

We houden wandelpauzes om te genieten van het moois. Vincent verheugt zich dat hij door de zee mag lopen, maar nog niet vandaag. We kijken uit over Zandvoort. Naar kilometertijden kijken we niet. Ik kijk wel uit naar het einde van het strand! In elk geval is het heerlijk lopen samen met Vincent.

Vincent moet 40 minuten lopen, ik eigenlijk een uur, maar ik neem genoegen met alles! De zon gaat onder. Maar dat zie ik alleen aan de verandering van kleuren, want de zon zit achter de wolken. Na precies 40 minuten en voor het Center Parcs Hotel stopt Vincent zijn horloge. Ik laat m nog 5 minuten lopen en dan zijn we weer terug bij het huisje!

Zondag 2 mei Fietsen ?‍♀️ ?‍♂️ met Vincent langs de ? ?

Vincent vertelt: “We gingen fietsen. Mama had een rondje van dertig kilometer uitgezet in Zandvoort. En aangezien het vandaag lekker weer is besloten we vandaag een rondje te gaan fietsen in plaats van rennen. Na veel gedoe hebben we het rondje op het fietscomputertje gekregen omdat Garmin niet meewerkte en we de route op mijn account moesten krijgen. Toen we wilden vertrekken, was ik mijn bril kwijt. Na het halve huisje te hebben afgezocht, bleek die in de auto te liggen.

Bij het rondje fietsten we als eerste het park uit om daarna langs de grote weg te gaan fietsen. En – omdat het natuurlijk Zandvoort is- verdwalen we ook meteen op het eerste rechte pad. Als we het pad terug hebben gevonden, fietsen we over een verminderd fietspad. Maar wel langs de REUSACHTIGE huizen!!” Aanvulling van mij: We moesten steeds tussen hekjes door en er waren enorm veel andere zondagmiddagfietsers. Dat drukte het tempo en dat we lekker door konden fietsen. Vincent: “Als we van het rare fietspad afgaan, fietsen we weer langs de grote weg. Er waren veel fietsers en ook wandelaars.” Anke: “Het ging op en neer en als we daar alleen hadden gefietst was het heel leuk geweest. Nu was het fietspad net te smal eigenlijk”. Vincent: “Als we nog maar een klein stukje wind -tegen hebben komen we de bloemen tegen. Tulpen of wat dan ook. Dus we besluiten er een fotootje van te maken, omdat er meer bloemen zijn dan in heel Almere :-D”

Vincent: “Dus ik dacht: ik ben van de wind tegen af en eidnelijkl een beetje warm worden! Hadden we natuurlijk nog een stuk tegen. Gelukkig is mama erbij en blijft het wel gezellig.” Anke: “We zijn intussen bij Noordwijk. Echt in de bollenstreek. Met vele andere dagjesmensen op de elektrische fiets of met de auto. Dan gaan we weer richting het strand.” Vincent: “Als we eindelijk de drukte achter ons laten, gaan we richting de duinen. Nog 1 druk stukje en dan hebben we rust. Het zonnetje begint te schijnen en we hebben heerlijk weer! Het is eerste stuk in de duinen is nog druk, maar naarmate we verder de duinen in gaan wordt het rustiger. Je zou denken dat het Denemarken ?? is in GeoGuessr!”

Vincent: “Het uitzicht is adembenemend. Na de foto en een slok water fietsen we verder.” Anke: “Eerlijk gezegd baalde ik een beetje van alle oponthoud, want ik mis de start van de F1 race. Echt tempo zit er ook niet in vandaag. Bij mij niet en bij Vincent niet. En bij al die andere mensen al helemaal niet geloof ik.”

Vincent: “Nou, na alle duinenpracht komen we in Zandvoort. We fietsen niet via de Boulevard helaas, want daar is het veel te druk! We komen langs de vuurtoren. We gaan door de schattige straatjes. Als wij voor een spoorwegovergang komen zijn de slagbomen dicht. Daarna rijden we recht op de centerparcs vlaggen af! Dan komen we terug en zijn we klaar.” Anke: “Niks gemist aan de race! We komen binnen met een safety car. Na de wandeling met iedereen vanmorgen, ben ik voor vandaag klaar met sporten.”

3 mei Lopen over pier en door zee van IJmuiden naar Zandvoort

De andere familie gaat blowkarten, maar wij gaan liever hardlopen aan zee, Vincent en ik. Opa en oma gaan kijken. Ze gaan blokarten in IJmuiden. Ik zie mijn kans schoon! We kunnen meerijden en dan vanaf IJmuiden teruglopen naar Zandvoort. Dat is toch leuker dan heen en weer. En we kunnen de Pier meepakken. Het enige waar ik over inzit, is dat we wind tegen hebben. We nemen 1 rugtasje mee. In IJmuiden parkeert pa de auto en dan wil ik graag zo snel mogelijk gaan.

We gaan eerst naar de pier. Met Joyce stonden we aan de andere kant, vandaag de zuidzijde. Tempo is heel rustig aan. Met wandelelementen. Het eerste stuk heb ik echt moeite met rust en ademhalen. Tjonge, hoe nieuw is dat! Ik moet echt even de rust in het ademen krijgen. We lopen over het strand naar de pier toe. Op 1300m komen we erbij. En dan pal tegen de wind in de zee in, maar dan op de dijk. Blijven hardlopen! Ik heb mijn ademhaling onder controle en mijn benen doen moeiteloos hun werk. Dit vind ik dan weer gaaf. Al blijf ik wat onrustig.

Als we een kilometer hebben gerend wandelen we even. Vincent geniet enorm van het opspattende water en van de wilde zee aan de ene kant en de rustige haven aan de andere kant. We stappen flink door naar de vuurtoren aan het eind van de pier. Het laatste stukje wil ik weer hardlopen. Bij deze pier heb ik bijna 25 jaar geleden Rob gekust en sindsdien hebben we ‘verkering’. Het is wat raar om hier nu met de vruchten van die relatie te staan, maar ook geweldig!

De zee is prachtig, ik ben echt dól op de golven die tegen de rotsen uit elkaar spatten. Kan ik uren naar kijken. En echt op de foto zetten hoe dat voelt, is erg moeilijk. Maar tof is het zeer zeker! Ondertussen komt er een grote boot binnenvaren. Het is niet druk hier aan het eind van de pier. Ook Vincent kijkt goed om zich heen en vindt het prachtig.

Dan hobbelen we weer terug, tussen het opspattende water door – al word je er niet echt nat van. En dan hebben we wind mee en wat mij betreft maken we daar zo lang mogelijk gebruik van om iets goed te maken! Kan het tempo eindelijk een beetje omhoog 😉 Het gaat lekker zo. We kijken naar de kitesurfers. Als we weer strand langs de pier hebben, gaan we van de verharde pier af het zand op. Ik maak me een beetje zorgen dat we al zo’n 5 kilometer hebben gelopen en we er nog 7 moeten. Dat wordt best een flinke tocht! In de verte zien we Zandvoort, maar dat verandert niks aan de afstand.

Dan komen we (o)pa en (o)ma weer tegen! Die wandelen ook even naar de pier. We zeggen ze dat het wel een flink end is. En dan gaan wij langs de kustlijn lopen. De zee is ver weg. Er is veel schuim. We zien de blokarts in de verte, maar op en neer zou toch snel een kleine kilometer extra zijn. Kunnen we niet gebruiken nu. We joggen/rennen gewoon verder. Stukken. Soms wandelen we een deel. Allebei zijn we over het algemeen vermoeid. Ander bed, pas nog een stuk gefietst, gister nog gelopen, slecht geslapen. Het is wel heel gezellig saampjes, maar er ontbreekt wat energie die we normaal wel eens hebben.

Desalniettemin is het gewoon gaaf dat dit kan. We laten het beetje drukte achter ons en we vullen de zee een klein beetje aan. Ik merk dat het mij en vooral Vincent meer moeite kost dan normaal. Niet dat het erg is dat het tempo niet zo hoog ligt, maar dat het niet moeiteloos gaat is jammer. Ik denk dat het ligt aan de wind. Windkracht 5 tegen is toch behoorlijk veel zwaarder. En dat geeft de hele tijd herrie. Wind en golven geven een constante ruis af die ook vermoeiend is. Ik kan wel ‘een kop erop zetten’ en door gaan stampen, maar voor Vincent is dat minder gemakkelijk. We sprokkelen de kilometers bij elkaar.

Kilometertje wandeltempo, kilometer proberen te blijven rennen. Ik ben meer van het blijven rennen, maar dat lukt niet heel erg gemakkelijk. Als we rond de tien kilometer zitten, mogen we het water in. We nemen een marsje op de zandbank. We zijn bewust die zandbank op gegaan, dus het is onze eigen schuld als de zandbank in zee verdwijnt en we terug moeten door het water. Tot ver boven de knieën komt het!

Ik vind het niet meer zo koud als in februari. Misschien went het? De mars valt erg goed bij mij en ik krijg wat meer energie. Ik dender nu gewoon door het water en het schuim heen! Vincent is een stuk vermoeider. We hebben er ook dik tien kilometer op zitten en we zijn er nog (lang) niet. Over die kilometers hebben we erg lang gedaan. In mijn optiek dan. Vincent gaat niet meer het water in en volgt me rustig. Hij krijgt de rugzak van me voor het laatste stukje, zodat ik het water door kan plonzen.

Ik ben dan wel moe, maar ik geniet er wel degelijk van! Je merkt dat we dichter bij Zandvoort komen, omdat het drukker wordt. Na een kilometer of elf, twaalf komt Rob ons tegemoet gewandeld!

Zolang hij wind mee had, ging het wel lekker, maar hij keert samen met Vincent om. Ik kan nu helemaal (soort van) zorgeloos rondplonzen! Echt koud heb ik het niet, maar ik weet wel dat ik nat ben en niet meer stil moet vallen nu. Rob en Vincent lopen naar de parkeerplaats omhoog en ik pak een opgang verderop, waardoor ik boven kom met wind mee. Ik loop op en neer rond Rob en Vincent. Joggen. Ik merk nu dat ik ook erg vermoeid ben. Het is wel eens gemakkelijker gegaan! Vincent is gestopt op 13 kilometer, ik ga gewoon door en door. We lopen het park weer op en het allerlaatste stukje rent Vincent mee door het park. Ik zal ook blij zijn als ik er ben, dat wel. Uiteindelijk maak ik de 15 kilometer vol. Het is wel eens gemakkelijker geweest. Ik denk dat de wind ons meer parten heeft gespeeld dan ik vooraf dacht. Een warme douche en een omelet maken veel goed! En het is toch een hele prestatie om zo’n end te lopen tegen windkracht 5 in en door het water!

Dinsdag 4 mei Storm aan Zee ?

Het stormt in Zandvoort. Windkracht 7. In de ochtend is het nog droog volgens de buienradar. Om half 10 gaan wij naar het strand. Het is vloed en de golven zijn heerlijk hoog.

Het is echt heel erg mooi en wat is het heerlijk om tegen de wind in te lopen. Dat kost mijn benen geen enkele moeite. En de rest van mij geniet er echt enorm van. Maar het is wel mega-heftig. ik wil eigenlijk tot het einde van Zandvoort lopen, maar dat redden de heren niet. Na 2 kilometer keren we om en dan hebben we wind mee. Over de boulevard. We kijken even of de stroopwafelkruimels al open zijn, maar het is hartstikke stil overal. Alsof het heel vroeg is! Op de Boulevard waait het zo hard dat je amper kunt wandelen: de benen moeten gewoon sneller!

Ik wil nog even terug over het strand. Er is wel erg veel schuim. We houden het helemaal droog! Eerlijk gezegd vind ik storm leuker dan zon op het strand.

‘s Middags vraagt mijn zus of ik een half uurtje mee ga. Natuurlijk! Ik ben altijd in voor een stukje wandelen…. Kunnen we even bijkletsen. We lopen tot het eind van Zandvoort over het strand. En dan terug ook langs de zee. Het waait iets minder hard, maar mijn voeten worden toch nat van het kleine laagje water en vooral veel schuim. We lopen een uur en ik tel er nog maar 5,5 kilometer bij op. 11 Kilometer wandelen bij windkracht 7 langs de zee. Yes!

Woensdag 5 mei – Taxi ? – ?bloemen – strand en zee ? – duinen – ? herten en een halve marathon van Noordwijk naar Zandvoort

De ochtend was heerlijk rustig: bouwen met de Lego en schilderen. Het regende van tijd tot tijd. Maar na een paar uur begint het me toch te kriebelen. Ik ga dadelijk wandelen! Dan hoor ik dat mijn ouders naar de bollenvelden gaan. Die bollenvelden kunnen me niet boeien, maar de wind komt vanuit het zuid-westen en daar liggen de velden…. Rond 12 uur / half 1 bedenk ik dat ik mee kan en dan heb ik maar een uurtje om te zoeken waarheen, welke route, iets eten, spullen verzamelen en naar het weer kijken en haar vlechten. Intussen weet ik prima wat ik mee moet nemen gelukkig. De route vanaf het Vuurtorenplein in Noordwijk aan Zee naar Zandvoort aan Zee loopt 8 kilometer over het strand en dan door de duinen. Trailschoenen schoonmaken past er niet meer bij en ik plan dan ook asfalt in (behalve het strand natuurlijk). Als we naar de auto lopen, worden we nat van een dikke regenbui. Slecht begin…. In de auto drink ik sportdrank (zelfs daar heb ik aan gedacht) en dan komen we bij Zilk en de bollenroute. Ik volg met mijn telefoon. Het regent potdikkie weer! We rijden een beetje om, maar dan komen we bij de bloemenvelden. Nu ik er toch ben, ga ik maar even kijken! Mooi en het ruikt lekker, maar echt boeiend…. hmmmm.

Dan rijden we weer door en we zien nog wel velden in de verte. Ik vind het moeilijk om dadelijk uit te stappen en mijn ouders de route zelf te laten uitzoeken, maar ik denk ook dat ze dat wel zal lukken. Het Vuurtorenplein is herkenbaar aan… de vuurtoren! Het is intussen later als ik dacht en ik denk 2,5 a 3 uur over een halve marathon te gaan lopen. Ik heb geen haast namelijk. Maar ik weet ook niet meer wat ik zelf zou kunnen. Ik loop altijd met Joyce samen. De laatste keer dat ik alleen een halve marathon liep? Geen idee hoe lang dat geleden is!

Ik maak snel een selfie met de vuurtoren hier in Noordwijk en dan ga ik op pad. Ik heb de route, ik heb water en gel bij me en ik heb net een bidon sportdrank soldaat gemaakt. En daar moet ik van plassen; zoals altijd. Dat bedenk ik in de eerste kilometer, maar ik loop even door Noordwijk en dan ga ik het strand op. Even ogen toeknijpen tegen het opwaaiende zand en dan het strand op. De zee is nog steeds onstuimig en schuimig. Maar het is droog en er komt een zonnetje aan. Ik ga lekker niet hard lopen, rond de 6:30, en zo voelt het ook. Na 1 kilometer blijkt het eerder tegen de 6 minuten aan te liggen, maar dit voelt prima. Het is een beetje waterig zand, maar net hard en soms is het schuim niet te vermijden. Ik blijf gewoon rennen, dat lukt me wel.

De eerste kilometers denk ik alleen maar aan plassen. En weet je dan hoe de zee klinkt? En weet je dan hoe druk het is zo aan de rand van de stad? De tweede kilometer bleef ook net boven de 6 minuten, dus dat is ‘m blijkbaar voor vandaag. Na de derde kilometer is het opeens rustig en ga ik ‘zitten’ voor een foto… Dat lucht op! Ik kan weer verder. Ik loop tot kilometer 8 over het strand. Dan ga ik het fietspad op, heb ik bedacht. Kilometer 4 gaat heel snel; dat zal de opluchting zijn 🙂 Daarna weer rond de 6 minuten. Ergens is het nog een stukje heel druk, daar zal wel een parkeerplek zijn. Ik ren zoveel mogelijk.

Dan zie ik de strandopgang, maar het is totaal niet wat ik dacht! Het gaat steil omhoog en het is mul zand!! Ja he!

Daarachter liggen de duinen. Prachtig in de zon. Geweldige kleuren. En mul zand naar beneden. En dan… steek ik het fietspad over! Wattus? Maar goed, ik volg de route. Ik heb geen trailschoenen aan, maar ik loop wel onverhard. Kilometer 8 (met duinaf-oprit) en kilometer 9 gaan traag. In kilometer 9 geniet ik namelijk enorm van de duinpannen, de kleuren, de weidsheid en de pracht. Ik app Joyce maar, bij gebrek aan haar aanwezigheid.

Ik mis Joyce enorm. Het is zo gek om dit alleen te doen! Het is stil en net alsof ik het met niemand kan delen. Er liggen hertjes. De bomen zijn gaaf. De afwisseling is enorm. Het enige voordeel is, dat ik mijn eigen tempo kan aanhouden. En ik kan het zelf weer oppakken als mij dat het beste past. Uiteindelijk loop ik 10 kilometer in 1 uur en 3 minuten. Het moet gek lopen, wil ik er nu nog 3 uur over doen, zoals ik bij mams had aangekondigd. Het stikt hier van de hertjes! Ze lopen voor me het pad over.

Ik stop maar gewoon met ze fotograferen. Ik ben duidelijk in de waterleidingduinen! En dan -hallelujah- na een dikke 11 kilometer kom ik verhard te lopen.

Weet je dat ik vlak daarna gewoon al netjes mijn tweede gel neem? Op 6 kilometer, op 12 kilometer en straks op 17 kilometer weer. Ik sta dan stil, net als mijn Garmin-horloge. De Apple-watch telt door, dan weet ik straks het verschil. Ik vind het jammer dat ik nog maar zo weinig hoeft, maar in de verte zie ik Zandvoort al liggen. Eigenlijk al vanaf het begin.

Of het komt door de gel, door het asfalt en de schoenen die daar op zijn aangepast of door de prachtige omgeving die me afleidt, mijn kilometertijden schieten omhoog! Ik loop nog steeds met het gevoel dat het ook 6:30 kan zijn, maar het zit tussen kilometer 12 en kilometer 15 meer rond de 5:40. Onder me ligt het heldere water van de waterleidingduinen. Er omheen lopen hertjes. Boven me blauwe luchten. En niemand te zien zo ver ik kan kijken. Het is echt, echt adembenemend en geweldig.

Ik heb al tien minuten stilgestaan, maar dat vind ik geen schande, want ik loop verder gewoon hard. Mijn eigen tempo ligt hoog tegenwoordig! Ik verras mezelf. Op kilometer 17 ga ik weer onverhard lopen. Tja, het wordt toch tijd voor dat fietspad zeg…. Ik neem nog een gel en wil dat ook echt. Dat het onverhard is, merk ik aan het tempo, dat gaat iets omlaag. Ik vind het aan de ene kant echt jammer dat ik nog maar een paar kilometer hoeft te lopen, aan de andere kant zal ik ook blij zijn als ik er ben. Want ik had niet echt gepland om een halve marathon te lopen, dus het is wel stoer dat ik dit ‘zomaar’ kan.

Na kilometer 18 weet ik dat ik het zelfs binnen 2,5 uur ga redden. Met of zonder stops, dat lukt me! Ik hoop wel dat ik niet nog een keer het duin over hoeft te klimmen, want dat doe ik niet meer hoor! Ik blijf nu verhard lopen over het fietspad en door Zandvoort straks. Als ik even een stukje wil wandelen, doe ik dat gewoon. Ik hoeft geen wedstrijd te winnen!

Ik ga Zandvoort in via de verharde weg. Tegen de wind in wandel ik eventjes, want het zand waait weer in mijn ogen. Op de stoep langs de weg ren ik weer, maar het tempo is wat weg. Het is ook drukker en onrustiger. Ik maak een selfie bij de vuurtoren hier in Zandvoort.

Het is druk op de boulevard en soms loopt de hele familie zo dat ik er amper langs kan. Ik ben moe aan het worden, maar nu zal ik het ook afmaken ook! Ik loop 20 kilometer in dik 2 uur (2 uur en 1 minuut) en ik denk alleen maar: ik ben om kwart over 5 weer in het huisje, terwijl ik 6 uur had gedacht! Nog een paar minuten doordrammen en dan ben ik klaar!

Ik voel ook weer hoe het was hier te lopen met de triatlon. Wat was het toen warm en ik denk aan de mensen die meegingen. Verder ben ik een beetje lastig van de vermoeidheid. Ik mis het trapje naar boven en neem maar een opgaan ietsje verderop. Het moeten nu natuurlijk wel 21,1 kilometer worden! Ik ren het park in met nog een mini ommetje en dan ren ik volgens de Garmin een leuke 21,12 vol in 2 uur en 8 minuten! De Apple-watch geeft met de pauzes 2 uur 20 minuten aan. Netjes!

Ik loop even bij pap en mam binnen om te laten weten dat ik er alweer ben. Zij snappen maar nauwelijks dat ik 21 kilometer heb gelopen in zo’n korte tijd.

We eten friet en ik ben wel vermoeid en prikkelbaar. Alle drukte is me wat veel. Toch ga ik ‘s avonds nog even in het donker met Rob naar het strand wandelen. Een klein stukje maar. Als we naar 2 kilometer weer naar boven moeten klimmen naar de boulevard en het druppelt wat, blijken mijn benen toch echt moe! Ik baal van het slot op het hek en daarna slof ik echt.

Donderdag 6 mei – Wandelen ?‍♀️ ?‍♂️ met Rob door de waterleidingduinen

Soms telt wandelen wel mee! Als we flink doorlopen en ver gaan. We gaan naar de waterleidingduinen met z’n tweetjes. Even samen er tussenuit. We rijden naar Panneland. Ik heb een route op mijn horloge staan, het is zowat windstil en er schijnt een zonnetje. We lopen lekker verhard omhoog en we kletsen. Over hoe ver iets is en hoe slecht ik dat kan inschatten. Over de vakantie; nu en voor de zomer. Het is mooi en stil, als je ander mensen ziet, valt dat echt op.

Het water is prachtig en kraakhelder. Geen vis te zien. De route is prima te volgen. En we lopen behoorlijk door met kilometertijden onder de 11 minuten. Over een brugje.

De route is 8 of 11 kilometer. Na 5 kilometer gaan we even zitten om wat te snoepen. De duinen zijn prachtig, maar de herten houden zich verborgen. Rob vind de lange route prima en ik ook. We hebben de tijd, Vincent is nog aan het hardlopen – oh-nee, die is gestrand naast het circuit waar mooie auto’s rijden. We halen wat mensen in en dan komen we in het ‘hertenkamp’. Hele kuddes staan er in deze hoek! Op de vlakte die meer wegheeft van de Serengeti.

We lopen nog een stuk langs het water en ik loos er nog wat bij tussen de bomen. Hier loopt de blauwe route die wat drukker is, maar we zien nog altijd meer herten dan mensen! Het is heerlijk om samen te kunnen wandelen zo. Echt fantastisch.

We lopen nog door het bos, waar ik ooit met Joyce de halve marathon afmaakte in 2 uur. Nu wandelen we binnen 2 uur 11 kilometer. Flink doorgestapt! En dan telt het zeker mee als sport als je het mij vraagt!

‘s Middags nog even wat ge-yogaat en met de familie op een terras gezeten en tot slot op blote voeten door de zee gelopen. Vakantie aan zee tot de max de afgelopen dagen: storm weerstaan, hardlopen langs de zee en door de duinen, wandelen langs de hertjes en pootjebaden in de zee.

Verijdag 7 mei – Terugfietsen van Zandvoort naar Almere met z’n tweetjes ?‍♀️ ?‍♂️

We hadden het gezegd: als het regent gaan we zéker níét fietsen. Maar het bleek droog te blijven. En we hadden wind mee. En we kennen de weg nu een klein beetje. Nadeel is dat Rob ons nauwelijks kan ophalen. En 75 kilometer is toch een heel eind. De familie zwaait ons uit en bewondert de fietsen, maar echt snappen dat wij voor onze lol zo’n end gaan fietsen is lastig!

Ik weet dat het eerste stuk onrustig zal zijn. Het lijkt al lang te duren voor we Zandvoort uit zijn! Maar het is wel erg gemakkelijk met z’n tweetjes en het is allemaal prima te doen. We hebben wind mee. De zon schijnt, al zijn er ook Hollandse wolken. De temperatuur is echt prima. Ik drink zelfs van tijd tot tijd! En onder elke brug roepen we samen hard ‘echo’. Wat een wereld van verschil met vorige week! Al is het in Haarlem wel anders als de vorige keer qua route. Vincent loodst ons er prima doorheen. Een enorm nadeel zijn de paden die gemaakt zijn van tegeltjes (die ongelijk liggen), stenen (die vreselijk hobbelen) of welke andere fietsonvriendelijke ondergrond dan ook. Ik heb vannacht weer erg (erg) slecht geslapen, dus ik ben soms wat vermoeid en prikkelbaar. Maar op de weg in de heerlijk buitenlucht is dat geen probleem. Als we het ziekenhuis voorbij zijn, moeten we 1 keer omdraaien omdat we toch de brug over moeten en dan fietsen we al richting Schiphol. We doen eventjes Vincents spelletje met de woordjes van Engels, maar ik heb hem veel te snel door 😀 We kwamen door Boesingheliede. En langs de snelwegen. De McDonalds in Amstelveen slaan we over omdat we lekker gaan. We reden nog even om in Badhoevedorp en dan komen we echt bij de snelwegen, treinbanen en het vliegveld. Waar Vincent vorige keer strandde, zijn we nu al een heel eind op weg .

We kijken bij de overvliegende vliegtuigen. Daar worden (kleine) jongens blij van! We wachten twee vliegtuigen en dan trappen we weer verder. We houden een flink tempo aan, maar we hebben geen haast. Langs het Amsterdamse Bos en dan door naar Ouderkerk. Daar staan we aardig wat stil bij stoplichten, maar eenmaal het brugje over komen we lekker langs de Gein te fietsen. Het is er prachtig zo in de zon. Ietsje drukker dan voorheen, maar we kunnen iedereen met gemak passeren. We hebben echt wind mee! Ik moet alleen nodig plassen van alle sportdrank. Vlak voor Abcoude is het even rustig en houden we een stopje. Dat lucht me op!

Abcoude door is weer wat rommelig, maar met wat vertragen en achter mensen met honden en busjes hangen komen we er wel doorheen. Op naar Weesp, waar we wel zullen stoppen voor een ijsje! We dwalen nu niet meer rond en gaan recht op het doel af. Vorige week lieten we ons door het fietscomputertje in Weesp rondsturen, maar deze keer komen we keurig na 50 kilometer bij Nelis IJssalon. Die heeft Joyce ons aangeraden. Ze maken een plek voor ons vrij en we nemen allebei 2 bolletjes overheerlijk ijs!

Toch wil ik weer verder. Ik hoop dat we er vandaag uit en thuis minder dan 4 uur over kunnen doen. Dan zijn we nog mooi op tijd thuis en kan ik de was nog afhandelen ook vandaag. Rob heeft alles al uitgepakt. We fietsen Weesp uit. Voor we Weesp achter ons kunnen laten, moeten we eerst limbo-en onder de ophaalbrug door, waarvan de slagbomen vast zitten. Dat gebeurt zo vaak dat de plaatselijke bevolking er niet meer van op kijkt en de brugwachter ons zelf zegt dat we door kunnen.

Na Weesp is het bekend terrein. Vincent wordt wel wat moe, maar als je er bijna bent (25 kilometer is ‘bijna’), dan is dat niet zo erg. We steken de A1 over. Het tempo gaat omhoog, want we hebben nog steeds wind mee en in Almere altijd nog meer ook! Almere is saai, recht en makkelijk begaanbaar. Als we de Hollandse Brug op rijden is er 1 viaduct waar Vincent nog echo roept, naast een meneer die daar hard om moet grinniken. Het lijkt er op dat we het Spoorbaanpad af kunnen fietsen bij Poort, dus dat gaan we proberen! Het is niet verbeterd qua pad, het is nog steeds bochtig. We flitsen het Spoorbaanpad over. Gek dat we echt genieten van het brede, vlakke pad wat me anders zo tegenstaat om z’n saaiheid! Het enige waar ik me zorgen om maak is dat het net geen 75 kilometer zal worden. Op de brug over de vaart is het zo druk dat we bijna botsen. Ik wil over de Evenaar rijden. Vincent snapt het wel. We rijden dus iets verder door tot op (bijna) alle computertjes 75 kilometer staat. Fietstijd van Zandvoort tot Almere is 3 uur en 50 minuten, waarvan we 35 minuten bij stoplichten hebben gestaan, stops hebben gemaakt en een ijsje hebben gegeten. Echt moe ben ik niet van het fietsen, maar wel door het slaapgebrek. Daardoor lijkt de dag lang en die tijd kan ik mooi gebruiken om alles van de vakantie op te ruimen!

8 Mei – Zwemmen ?‍♀️ bij zwembad de Sijsjesberg ? ⛰ 10 ➕punten ?

Vandaag gingen Vincent en ik zwemmen bij het openluchtzwembad de Sijsjesberg in Huizen.

Hier komen 10 pluspunten, want intussen kunnen we de buitenzwembaden vergelijken:

  • 1 Het is maar twintig minuten rijden vanaf ons huis! Dit is het dichtste bij, ongeveer net zo ver als het zwembad in Almere Poort.
  • 2 Het water is helemaal niet koud! Zelfs Vincent stapt er vrijwel meteen in.
  • 3 Een vijftig meter bad. Altijd fijn voor mij. Voor Vincent iets zwaarder.
  • 4 ‘Maar’ 3 banen waar duidelijk bij staat voor wie het bedoelt is: rustige zwemmers, gemiddelde zwemmers en een snelle baan. 3 Hele brede banen dus, want er kunnen er 6 zijn.
  • 5 Vriendelijk personeel, heel geduldig. En met de barcode mag je zo om precies de goede tijd naar binnen.
  • 6 Anderhalf uur tijd in het bad! Dus je kunt makkelijk effectief een uur lang zwemmen. Ze waarschuwen op tijd dat je er uit moet.
  • 7 Kleedhokjes! Luxe…. En er is een WC ook. En er zijn kluisjes, een ongekende luxe, maar daar moeten we volgende keer een euro voor meenemen.
  • 8 Een plek naast het bad waar de tassen droog kunnen staan.
  • 9 Rustig. In totaal waren er maximaal 15 mensen. Bij Vincent in de gemiddelde baan waren 4 mensen, ik had een deel van de tijd de rustige baan voor me alleen en de andere helft van de tijd deelde ik het met 2 (echt) rustig zwemmende dames. Met 50 meter kom je elkaar amper tegen.
  • 10 Een soort spiegelende bodem waar je een schaduw van jezelf ziet. Dus ik kijk omlaag. Ziet er fascinerend uit en ik denk met een zonnetje dat het nog mooier is.
  • Bonusreden: het is net zo duur als Putten en Amsterdam, maar in Amsterdam moet je ook nog betalen voor het parkeren.

Zijn er ook nadelen? Ja, eentje…. Het regende. Maar daar kan het bad niks aan doen. Ik denk niet dat ik nog naar Amsterdam of Putten rij. Ik heb zo’n 2700m weggezwommen in een uur volgens Garmin, die er wel eens 200m naast kan zitten. Maar 2000m heb ik zeker gemaakt!

‘s Avonds ga ik nog een stukje wandelen. Lekker zelf. Om de badge te halen van Garmin. Het is droog en intussen warmt het enorm op! Met al het groen en de hertjes is Flevoland ook erg mooi!

9 Mei – Moeders-loopje om bij te kletsen ? en moeder-zoon loopje met de GoPro ?

Ik geef niet zoveel om moederdag. Maar ik wil wel hardlopen vandaag. En even bijkletsen met mijn “bestie” en mede-moeder. We kunnen om 12 uur en we spreken af op de parkeerplek bij de gevangenis in Almere Buiten. Daar om het water heen wil ik wel eens een rondje lopen! Het lijkt anderhalf uur droog te zijn tussen de onweersbuien door. De hitte van gister heeft doorgezet en het is korte broeken-weer opeens! Supervochtig tropen-achtig weer. Plotseling. We beginnen met kletsen en we gaan om het water heen. Het is adembenemend. We kennen hier Almere totaal niet terug.

Een watervalletje? Tussen 2 meren door? Zoveel groen en pracht? Geen idee dat het hier lag! Maar wat is het warm en benauwd zeg. En modderig. En onverhard. We vinden dat allemaal prima redenen om hardlopen met wandelen af te wisselen. We komen bij de Vaart en lopen dan langs het Block van Kuffeler. Dat is wel bekend. Dan gaan we onverhard wandelen richting de vogelkijkhut bij de Lepelaarsplassen. Ik klets Joyce helemaal gek over de vakantie! Zij weet nu alles 😉

We hebben de vogelkijkhut voor onszelf. Ik zweet me ongans, terwijl het tempo niet eens hoog ligt! Maar het gaat verder wel. We lopen over het fietspad en ik kwek maar door. Als mede-moeder is Joyce met haar oudere kinderen al een stap verder en kan ik nog van haar leren! We gaan dezelfde weg terug als heen langs het Block en dan weer terug het Vaartbos in.

Daar lopen we nog een keer dezelfde kant van het water terug, omdat het zo mooi was. De kilometertijden boeien helemaal niks meer. We houden het gelukkig droog. Zo apart dat hier een prachtig stuk natuur ligt wat ons totaal onbekend was tot vandaag! We komen nog een brug tegen en daar vallen een paar druppels.

Als we bij de auto zijn blijkt in een dik uur de parkeerplaats te zijn volgestroomd en vallen er wat meer druppels. Ik ga gauw naar huis voor de frikandellenbroodjes en de F1 wedstrijd. Echt moe ben ik nog niet van het loopje, dus ik denk dat ik vanmiddag ook nog wel met Vincent mee kan als hij in zone 1 blijft. Dus na een paar uur rust, waag ik me weer buiten. Om de GoPro te testen!

De GoPro is een hele kleine camera die alles wat ik loop, fiets of zwem kan opnemen. Live. Ik draag het cameraatje op mijn borst met een band. Het is zo mogelijk nog benauwder buiten! Gelukkig maar dat we niet hard hoeven te gaan zeg. We gaan naar het bos en van tijd tot wandelen we. Maar dat nemen we lekker niet op!

We gaan zo snel mogelijk het bos in. Daar is iets meer schaduw, maar het blijft heet. We kletsen. Moeten we natuurlijk wel mee uitkijken als de camera loopt! En ondertussen oefenen we met spraakbediening van de GoPro. Vincent vindt het geweldig. Hij neemt de camera over.

We wandelen net zoveel als dat we rennen, net als vanmorgen. We gaan allemaal onverhard door het bos. Ik merk wel dat ik al gelopen heb en mijn benen zijn iets minder gewillig aan alle kanten. Maar we sprokkelen kilometers bij elkaar. Bijna lopen we de enorme kudde herten ongezien voorbij!

De accu van de GoPro gaat snel leeg. Vincent houdt de camera om en geniet er echt heel erg van. Ik wil graag naar huis, want ik heb er wel genoeg van intussen. We wandelen al kletsend de kilometers vol. Met zo nu en dan een jog-element.

Ik heb uiteindelijk 2 keer 8,5 kilometer gelopen vandaag, wat in totaal dik 17 kilometer op een bloedhete, benauwde dag maakt. Afgelopen week heb ik meer dan 50 kilometer hardgelopen. Met al het wandelen en yoga’en en fietsen en zwemmen bij elkaar heb ik meer dan 18 uur gesport. Dat klinkt als een goede vakantie toch 😉

Categories: Geen categorie | Leave a comment

2021-12

Zaterdag 17 april Zwemmen ?‍♀️ in ?-? Putten

Vincent heeft last van zijn rug. Ergens een verkeerde beweging gemaakt. Dus hij gaat niet mee fietsen met mij. En dan ga ik ook maar niet, want er komt hier en daar wat tussen. Ik ga wel zwemmen! In Vincents plaats neem ik MBB mee. Zij zwemt in een totaal ander tempo dan ik, maar alleen is ook maar alleen he! We rijden samen naar Putten toe.

Ik moet me nog omkleden in mijn wetsuit. Het had zonder gekund, want ik heb een trisuit aan. Ik spring in de baan voor rustige zwemmers. Er is 1 iemand anders. Ik ga gewoon op en neer zwemmen. De man achter me volgt gewoon. Ik vind het prima. Nou ja, eigenlijk vind ik het niet zo geweldig. Ik heb dit ook wel weer gezien. 25 meter heen, 25 meter terug. En soms met benen en soms in een lekkere slag en soms niet. Eigenlijk ben ik er na 700meter wel klaar mee. Niet dat ik stop! Maar ik vind het vandaag niet lollig. Lekker weer, lekker water, lekker de ruimte, mooie omgeving, maar de zon in mij staat een dag niet aan. Ik zou liever een eend zijn, die lekker loom ligt te wezen.

Ik zwem door als ik een kilometer vol heb. En ik zwem ook door als er 1600 meter op het horloge staan. Ik zwem zelfs zonder ook maar 1 onderbreking door tot ik ruim 2000m gezwommen heb. Dat dan weer wel. Maar fietsen, dat komt er niet meer van en daar heb ik ook al geen zin meer in! Elke keer dat we hier zwemmen, komt er een badeend bij!

Zondag 18 april. Intervallen hardlopen ?‍♂️ ?‍♀️ achter Vincent aan en De Alpe de Zwift fietsen ?‍♀️

Op een warme zondagmiddag gaan Vincent en ik hardlopen. Dat moet van Vincents schema. Eerst 50 minuten in zone 1 en dan gaat hij intervallen van een minuut hard doen met 2 minuten rust ertussen. Die eerste 50 minuten kan ik ook! Het is korte broeken-weer!

Dus het is ook heet. We gaan na 2 kilometer iets langzamer, want anders blijft hij niet in zone 1. Ik klaag en klets Vincent de oren van het hoofd. Niet over het tempo, maar omdat ik me erger aan sommige dingen. We lopen langs de manege en door het bos onverhard weer terug naar de Trekweg. Als we weer aan de andere kant van de Vaart zijn (aan de stadskant), beginnen de intervallen. Ik ga ook een minuut hard en dan wandelen we samen de 2 minuten. Dat moeten we 5 keer doen.

De eerste keer gaat Vincent nog niet zo hard en zit ik er maar een klein stukje achter, maar naarmate we vaker gaan, gaat Vincent harder en ik zachter. ☺️ Dan moet ik iets langer hardlopen om weer bij hem te komen, dus ik hoeft minder de wandelen. We lopen de 10 kilometer vol in een dik uur. Het is dan echt wel heet intussen!

Na het avondeten gaan we verder met de speech voor Engels. Om 21:00 uur ga ik voor de laatste en zwaarste etappe van de Tour of Watopia. Bergen. Ik doe mee aan de ‘meisjesroute’ en ga de Alpe de Zwift op. Als ik 5 minuten van tevoren aansluit zijn er pas 12 meiden! Uiteindelijk zullen het er 27 worden. Ik weet dat dit z’n tijd gaat duren.

In de jungle ga ik weer eens slecht. Niet snel in elk geval. Er is ook iemand op een gewone fiets! Als we afslaan naar de Alpe de Zwift lig ik op de 20ste plek. Stiekem hoop ik in de top 10 terecht te komen, omdat ik tegenwoordig een Zwift-berggeit ben geworden. ?

Ik begin al snel met inhalen en na de eerste 3 bochten sta ik al op plek 15. Met zo weinig mensen kun je niet echt samen fietsen. Ik ga gewoon een cadans van 70+ aanhouden en een tempo van rond de 8 kilometer per uur. Ook dan zal het nog wel eindeloos duren. Ik vind het superleuk dat ik goed kan kijken zonder dat er hordes andere fietsers zijn! Bochten aftellen en zweten, dat is de basis. Je telt de bochten af, van 21 naar 1 en dan naar de finish. In bocht 12 lig ik op plek 12! Dan wordt het wel lastiger, maar ik heb een enorm duurvermogen.

Dus ik hark maar door en door en ik haal uiteindelijk ook nummer 10 in. Een Engelse geloof ik. Ik denk elke keer: als ik maar bij bocht 6 kom. En als ik daar ben: op naar bocht 3. Het stijgt voortdurend en onafgebroken.

Na bocht 3 wordt het wel echt een stukje afzien! Iemand stopt er nog vroegtijdig, dat ik zonder inhalen op de 9de plek terecht kom. Mijn zin zakt een beetje richting de fietsschoenen. De laatste 2 bochten zijn echter erg gaaf! Het is weer eens donker geworden en op de Alpe de Zwift is dan noorderlicht te zien!

Geweldig gewoon! Je kunt dan ook aftellen. Ik haal het (weer) niet binnen anderhalf uur, maar dat maakt me niet uit. Halen zal ik het! En ja hoor, ik kom ook boven net als de zon weer opkomt.

Ik ben blij dat ik er ben! Ik fiets het rondje nog wel even uit. Naar beneden ga ik niet meer. Dat was een kort ritje van 18 kilometer, maar met 1000 hoogtemeters was het absoluut geen cookie! Ik heb de Tour of Watopia uitgefietst, maar mooier vind ik het dat ik naar level 21 ben gegaan. Mijn bedoeling was level 20 halen in april, dus nog een niveau hoger is alleen maar mooi! Ik heb de hoogtebadge van Garmin (nog lang) niet gehaald.

En dan is het wel bedtijd intussen.

19 April – Een duurtocht ?‍♀️ de avond in.

Vincent heeft weer TVA training en daarom staan we om half 7 bij de parkeerplaats van de atletiekbaan. Ik ga zelf fietsen. Eerst fiets ik richting de Oostvaardersdijk. Ik let een beetje op de cadans en trap gewoon maar wat. Meer is het niet vandaag. Op de dijk kan het tempo wel wat omhoog, maar superhard niet vandaag. Ik vind het wel prachtig als ter hoogte van Pampus het zonnetje erdoor komt! Verder is het wat somber.

Na een kort stopje weer door. Ik hou een beetje de tijd in de gaten, want ik heb ‘maar’ anderhalf uur. Ik rij door tot het Kromslootpark. Eigenlijk best stoer dat ik zo op een maandagavondje een eind weg trap! Ik ga helemaal aan de andere kant langs en neem dan zelfs nog een ommetje bij het Kasteel! Het is voor mij maar moeilijk in te schatten hoe ver het nog precies is en hoe lang ik daar dan over doe. Ik fiets terug langs de Vaart. Mijn tempo ligt nooit zo hoog, maar ik kan wel eindeloos doorgaan. Na nog een klein rondje extra om de baan ben ik weer op de parkeerplaats. Precies op tijd. Dan zie ik het SMSje van Vincent dat ik nog een stukje door kan fietsen, want ze hebben wat tegenslag en zijn later. Dat laat ik me niet nog eens zeggen, want zo haal ik de 50 kilometer! Dus ik rij nog een groot blokje om het sportpark heen. Ik ben bijtijds weer terug, maar de kinders zijn er nog niet. Ik ga ze tegemoet rijden. Intussen neemt het licht wel af!

Ik fiets samen met Vincent naar huis en ik haal (makkelijk) de 50 kilometer, zelfs 52. Al is dat niet binnen 2 uur. Zomaar op een maandagavond.

Vincent zit heel hoog op zijn fiets nu, diens houding is wat aangepast. En zijn tempo past zich daar dan weer op aan ook! Dat belooft nog wat….

Dinsdag 20 april Op kantoor ?‍? en buiten fietsen op zoek naar ? .

Ik werk een dagje op kantoor! Tussen de middag wandel ik een klein stukje met mijn collega, maar dat is lang niet genoeg buitenlucht voor mij. Daarnaast staat er een badge open van Garmin om deze week 100 kilometer te fietsen en ik ben gisteren een heel eind gekomen! Vincent gaat niet mee, die moet hard leren, dus ik ga alleen. Het lijkt warm weer. Ik fiets richting de bloemenvelden aan de Ibisweg. Nou ja, dat probeer ik. Er zijn maar weinig bloemen. ? Ik fiets tot de Knardijk. Er is wel wind. Bij de sluisjes maak ik een foto.

De zon gaat al onder en ik moet nog naar huis fietsen! Ik trap lekker door en geniet van de mooie kleuren, maar voorbij de Praambult wordt het wel koel. Zeker voor mijn korte broek! Ik fiets 28 kilometer en dat is genoeg voor de badge van Garmin. Weer een paar puntjes dichter bij level 5.

Woensdag 21 april een wandeling ?‍♀️ ?‍♂️ bij de lunch En dat is het! Nou ja, ik ga naar de sportdietist. Mijn basisvoeding op orde krijgen met zoveel sporten, lukt niet met de Weight Watchers. Gek genoeg is de hoofdboodschap: ga meer eten! Meer koolhydraten. Volkoren. Het is geen streng dieet, maar een leefregel.

Donderdag 22 april. Tempoloop 6 kilometer ? mijn aandeel in de Batavierenloop

Met de meiden van Trispiration doen we mee aan de virtuele Batavierenloop. De Batavierenloop is een studenten-hardloopwedstrijd over 125 kilometer. Een estafette-loop. Met veel bier en gezelligheid natuurlijk! De gemiddelde leeftijd van Trispiration ligt wel dik boven die van een student! Dit jaar moet alles digitaal, dus deze race ook. Iedereen van Trispiration heeft een afstand opgegeven waarover zij wil knallen en we hebben het gelijk verdeeld. Ieder doet haar eigen best. Haar eigen rondje. En dat moet je uploaden, en bewijzen dat je zonder stoppen hebt gelopen. Ik ga als Vincent baantraining heeft, dan ga ik mijn 6 kilometer knallen. Ik zie er behoorlijk tegenop, want ik heb geen idee meer van mijn tempo! Ik hoop echt binnen de 35 minuten te komen, stiekem denk ik aan 32 minuten.

Trispiration shirt aan, fijnste en snelste schoenen aan, gedag zeggen buiten de baan tegen de bekenden en dan ga ik maar. Hopelijk krijg ik het niet koud! De eerste kilometer gaat hard. 12 Kilometer per uur loop ik. De brug over. Koud is dan al ver weg. Doorrammelen, daar gaat het om. Ik heb een route langs het Bloq van Kuffeler in gedachten. Rechttoe-rechtaan. Niet denken, maar rennen! De tweede kilometer gaat zo mogelijk nog harder! Doorzetten nu. Ik haal het nog wel binnen de 32 minuten en daarna mag ik terugwandelen. De derde kilometer is ietsje langzamer. Een pietsie. Zat een ophaalbrugje in en een bocht. Het lastigst vind ik het dat ik geen foto kan maken onderweg, verdikkie! Dan komt de vierde kilometer en die gaat weer op 12 kilometer per uur. Ik weet dat de vijfde kilometer het moeilijkst is, want ik moet de dijk op omhoog en daar zijn stoplichten en ik moet nog een keer oversteken. Voor ‘omhoog’ vind ik zwaar! Het eerste oversteken gaat prima, maar daarna moet ik op auto’s anticiperen. Ik moet ook de brug over (weer geen foto). Over 5 kilometer doe ik 25 minuten en 27 seconden. Respectabel snel, al is die vijfde kilometer langzaam gegaan met 5:17. Ik heb het heet intussen en ik ben in het Wilgenbos. Ik had niet gedacht dat ik met 6 kilometer zo ver zou komen. Maar nu ga ik tellen. Hopelijk tot 300. Admenhaling onder controle houden en aandacht afleiden. Rechte weg en ik kom weer op 12 kilometer per uur. Ik ben niet de snelste dame, want een jonge blom van 24 kan mij er makkelijk uitlopen en er zijn ook dames van mijn leeftijd die een heel hoog basistempo hebben, maar dit is voor mij echt maximaal! Ik zit ruim on der 32 minuten. Ik heb er 30 minuten en 30 seconden over gedaan. Daar ben ik extreem trots op!

Bij het sluisje kom ik op adem. Zo ver ben ik gekomen. Ik ben zoals altijd, snel weer bij positieven. Ik wandel de sluis over en dan ga ik weer hobbelen. Nu heb ik geen haast meer. Schelpenpad om er van te genieten dat ik hier daarstraks al wilde joggen. En dan het bos in. Omdat het rust geeft, dat onverharde. Zowel in het oververhitte hoofd als voor het tempo. Ik dwaal wat en wandel ‘s een stukje.

Ik heb meer dan genoeg tijd. Als ik weer verhard loop, voelt het als joggen, maar het tempo blijft zeer acceptabel. Om niet af te koelen blijf ik rond de baan lopen tot Vincent klaar is. En dat zijn weer 5 kilometer. Maar die gaan maar op 9 kilometer per uur!

Ik heb mijn bijdrage geleverd. De rest heeft nog tot zaterdag.

Vrijdag 23 april Friesland – een veelzijdig ? (of rommelig❓) loopje met Joyce – van alles wat!

Voor de jaarchallenge van Trispiration loop ik elke maand 10 kilometer in 2 provincies. Ik heb er al een heleboel gehad. Begin deze maand was ik in Brabant. En vandaag neem ik Joyce mee naar Friesland. Ik heb een route bij Wolvega gemaakt. Vincent en Joyce gaan mee. Vincent heeft ‘s morgens nog school, dus we gaan ‘s middags. Helaas wordt Vincent onwel op school, waardoor hij beter een middag niks kan doen. Ik ga samen met Joyce. Wolvega lijkt niet zo ver weg om te reizen, maar ik rij helemaal binnendoor. Het is zonnig. ☀️ We wandelen vanaf het Hotel van der Valk waar we geparkeerd staan onder de A32 door en dan gaan we hardlopen. Nou ja, we lopen. Mijn benen voelen wel goed, maar algeheel vermoeid. Dus het tempo vandaag maakt niet uit! De route is 13 kilometer. De eerste 2 kilometer zijn heerlijk onverhard en we komen bij een uitkijkpunt. Over de Poolder.

Ja. leuk. En weer door! Dat onverharde vreet wel meer energie en al snel is het echt warm. En modderig. Of course. Kan er ook nog wel bij! In kilometer 2 komen we bij het Helomasluisje. Een prachtig antieke sluis.

Daarna hobbelen we verder. Langs een pony met berijdster en fotografen, waarmee we toch niet alleen zijn in Friesland! In kilometer 3 laten we de onverharde paden achter ons. Ik loop even door tot de bruggen over de Lende, het riviertje waar dit gebied naar vernoemd is. Één voor de voetgangers en fietsers, 1 voor de autoweg A32 en 1 voor de treinen.

Ik wil ook de vierde kilometer even doorlopen, maar…. na een klein stukje is dat klaar, want het fietspad maakt plaats voor zand. Ze zijn bezig met een nieuwe fietspad. We wagen ons een stuk op het zand, maar verderop staan de bouwwerktuigen te stampen. Omkeren en iets anders verzinnen dus.

Mij maakt het niet uit, als het maar 10 kilometer worden! Wat heeft kilometer 5 te bieden? Nou, een Fries landschap met water, een fietspad en in de verte een kerkje. En een recht fietspad. In het water staan staken van oude bomen. En er zijn eenden en zwanen.

We wandelen over het fietspad. Een stuk. En daarna gaan we weer hardlopen. Een stuk. We komen in kilometer 6 LANGS DE SNELWEG te lopen! Binnen een paar kilometer van ‘n onverhard verlaten pad naar een fietspad langs de snelweg! We stappen flink door – in wandelpas. We wisselen vandaag toch alles af! Ging kilometer 6 nog in 6 minuten en 11 seconden; over kilometer 7 doen we 10 minuten! En dan… staan we in Peperga. Bij het kunstwerk van het bootje. Voor de afwisseling.

We zoeken een nieuwe route uit, want we zijn nu totaal aan de andere kant als we oorspronkelijk zouden zijn. En dan rennen we weer. Onder het spoor door, over de trottoirs van Blesse. Ik klets, Joyce loopt mee in mijn tempo. We nemen een fietspad achter langs. En dan lopen we opeens een kilometer in 5:53 (mijn horloge) of 5:40 (Joyce’ horloge). Voor Joyce haar doen is dit extreem!

Zo zijn we weer langs een drukke en lawaaiige weg en we vinden dat we weer een wandelkilometer hebben verdiend! Ik zou ook wel willen dribbelen, om maar sneller van de herrie van de auto’s af te zijn. Maar we kunnen nu even kijken of we achter langs Wolvega kunnen lopen. We steken de Lende nog een keer over en dan gaan we weer een soort van park/natuurgebied in. Verhard. Dat wel.

Als we de tien kilometer vollopen, doen we dat weer op een tempo wat mij meer past dan Joyce. Ik ben klaar en in de verte zien we het hotel al liggen gelukkig. Ik heb niets genomen onderweg, maar Joyce blijkt als een zonnetje te lopen op Marsjes 🙂 Zo rustig als het eerder was, in dit park nabij Wolvega is het wat drukker. Vanaf kilometer 11 pak ik mijn eigen tempo op. 5:41.

Kilometer 12 wandelen we. Langs de volkstuintjes. Wat wij aanzagen voor het hotel, blijkt een woonflat te zijn. Ik ben er echt wel klaar mee! Ik heb 10 kilometer plus gelopen in Friesland en mij ontbreekt elke zin. Maar we moeten Wolvega nog door. Over het spoor, langs de kerk, langs de Friese huizen. Ik weet er nog een beetje dribbelen uit te persen, maar als het hotel dan echt in zicht is, kap ik er mee. Horloge stopzetten na 13 kilometer die voor mij tellen als Friesland! Het was echt van alles wat.

‘s Avonds wil Rob nog een frisse neus halen en ik ben nooit te beroerd om mee te gaan wandelen! Ik vind de zonsondergang zo heerlijk. Mijn benen hebben er niks over te zeggen!

25 April – Lekker rustig fietsen ?‍♀️ ?‍♂️ en bijkletsen met Manuel

Van het afwisselen hardlopen en wandelen word ik niet echt moe. Of eigenlijk ook weer wel. Of ik ben nog wat vermoeid van de tempoloop. Of ik ben gewoon moe van het werken, huiswerk begeleiden en alles. Uitfietsen dan maar. Vincent moet nog rustig aan doen, dus ik mag met Manuel mee! Yeah! Manuel is zo lief om voor mij op de ATB te gaan. Dan hoeft ik niet hard en is het voor hem toch een flinke workout. Zo’n ATB is een stuk zwaarder dan mijn racefiets, dus hij moet harder werken. We kijken uit naar tulpen, maar een keer lekker bijpraten vind ik belangrijker! Ging ik vroeger keer op keer met Manuel overal heen om te lopen, nu is hij wat te snel voor mij. Fietsen is een ideale oplossing! Manuel doet de route. We gaan over de Grote Trap.

Tulpen zien we eigenlijk nauwelijks aan deze kant van de polder. We fietsen langs de Vaart en dan moeten we een ommetje maken door het Oosterwold. Net waar Manuel het bosachtige gebied had uitgezocht om de wind wat te temperen, fietsen we nu over de vlakte. Wind tegen tempert vooral het (toch al lage) tempo. Manuel mag mij de schuld geven! Het zit er niet zo in vandaag. De zin, het tempo, de cadans – allemaal niet. Met mijn lichte fiets heb ik iets minder last van de wind. We fietsen langs de Vaart terug. Al met al fietsen we 40 kilometer.

Zondag 25 april. Zwemmen ?‍♀️ zonder wetsuit en trailen ? ?‍♀️ met Vincent ?‍♂️ direct na het zwemmen.

Vincent en ik rijden naar Putten om daar te gaan zwemmen. Voor alle challenges heb ik intussen genoeg zwemmeters gemaakt, dus ik wil vandaag wel eens proberen om in mijn trisuit te gaan zwemmen! Ik zal straks toch het buitenwater in moeten… En dan is dit water nog redelijk verwarmd. Ik bedenk me niet. Het is heel rustig in het bad. Heerlijk! Vincent en ik hebben een baan voor onszelf. Ik spring er maar snel in! Als ik al 300m gezwommen hebt, komt Vincent er ook bij. Het is heerlijk. Het water zo dichtbij te voelen. Ik ga eerst een stuk met achtje. Doordat ik in de zon zwem, heb ik het niet koud. En ik zwem natuurlijk ook lekker door! Na een paar honderd meter doe ik het achtje aan de kant. Dan gaan mijn benen doen wat ze moeten doen. Het valt me intussen mee en ik kan gewoon door blijven flipperen. Ik zwem de hele tijd maar op en neer. Borstcrawl. Ik zwem in de zon en geniet van de kleuren in het water. Ergens op de bodem staat de lollige tekst “opschieten”. Als daar goed naar kijkt, hou ik mijn hoofd laag genoeg. Ik neem na een kilometer zwemmen het achtje weer. Vincent heeft het kouder dan ik. En hij was gister nog vermoeid. Ik zwem tot er niemand anders meer in het zwembad is en er 3 kwartier voorbij zijn. Heerlijk!

Zelfs het uit het water komen, valt qua kou wel mee. Maar ik kleed me om om te gaan hardlopen. Vincent en ik koppelen het zwemmen eens een keer aan hardlopen. We gaan niet hard, maar we gaan wel onverhard. Ik heb een route van SG. Spullen in de auto en we gaan hobbelen.

We lopen over een pad vol kiezeltjes en dat loopt net zo lastig als zand! Ik was hier ook toen ik met Joyce de utlratrail liep, maar toen gingen we de andere kant op. Al snel blijkt het eigenlijk best warm te zijn! We komen onder een brugje door. Heel geinig.

We lopen de hele tijd over landgoed Oud Groevenbeek. Blijkbaar zit er ook een soort blindeninstituut, daarom zijn er trottoirbanden langs de route! Ik herken het! Intussen heeft Vincent mijn horloge aangedaan en heeft hij de route tot zijn beschikking. Het voelt voor mij wat kaal, maar hij vindt het prachtig. En ik vind het handig.

Tussen de bos en de hei gaan we even op een bankje zitten! Vincent neemt een mini-mars, ik vind dat voor 7 kilometertjes niet nodig. In alle rust zitten we even. Dan gaan we de hei op bij Ermelo.

Het is er mooi, maar ik krijg een beetje een mopperbui. Zeur graag even over dat het warm is. En kaal. En dat het hard waait. En dat het druk is. We lopen de 5 kilometer in 32 minuten. De zin vergaat me ook een beetje. Zelfs mijn benen hebben er even iets minder zin an. We gaan gelukkig het bos weer in en we nemen wat vaker een wandelpauze. Dan komen we bij het huis van het landgoed. Ziet er erg mooi uit!

We maken even een ommetje naar het oude torentje, maar we mogen er niet dichtbij komen. We wandelen ook. Voor die laatste kilometers maakt het tempo al helemaal niet meer uit. We joggen nog langs het kasteeltje.

Dan zijn we zo’n beetje rond en heel erg toe aan de lekkere dingen die in de auto liggen! Een snelle loop was het niet, maar het was erg mooi en zo dicht bij het zwembad! Vincent heeft ook genoten.

Maandag 26 april Fietsen ?‍♀️ met Vincent ?‍♂️ en veel wind ?

In plaats van de duurrit bij de fietstraining, gaan Vincent en ik samen fietsen. Het idee is om langs Mariola in Almere Haven te gaan voor ijs en om wat tulpenvelden te zien. Verder ben ik aan alle kanten wat besluiteloos. We gaan naar het Paradijsvogelpad. En dan door over de één-of-andere vogelweg. Er zijn daar geen bloemenvelden. Dan komen we bij het nieuwe fietspad bij Nobelhorst, waar ik vorige week voor het eerst met Manuel fietste. Dan realiseer ik me dat we de brug over het water hebben gemist en dat we aan de verkeerde kant zitten! Dan moeten we maar de andere kant langs.

We gaan over de weg in plaats van over het fietspad wat slecht is. Dat helpt niet zoveel, want de weg is ook slecht omdat ze daar aan het werk zijn. En het waait. Hard. Veel. Nu snappen we waarom het daarstraks lekker ging! Het ergste van de wind vind ik altijd de herrie op je oren de hele tijd. Ik zou graag de wind uit willen. Veel liever als tegen de wind in op de Grote Trap. Maar hoe moeten we anders rijden?! Ik kom er niet uit, besluiteloos als ik ben. We doen een stopje en dan hakt Vincent de knoop door: we gaan de Grote Trap af en dan naar huis.

Er blijft maar wind en herrie. Het is niet druk op de Grote Trap. Soms valt de wind even weg achter een bosje en dan is het weer lekker fietsen! Intussen ben IK ook een keer klaar met de wind in de polder! Dat gebeurt niet vaak! We gaan de bruggen over naar het Kotterbos en dan door naar huis. De 40 kilometer maken we vol. En dat is meer dan genoeg uitgewaaid!

Dinsdag 27 april Intervallen omdat het moet ?‍♀️ ?

Ik hou niet van de intervallen. Dat je snel gaat en rust neemt. Ik bedoel dat je dan echt harder moet lopen dan je kan en dan mag wandelen. Bah. Je krijgt het er warm van. Het is zwaar. En het gemiddelde ligt aan het eind toch laag. Maar door de grote hartslagverschillen train je die spier en uiteindelijk ga je er sneller van lopen. Meestal sla ik ze over. Maar dat mag niet meer van de trainer. Ze zijn goed voor me. Dat wéét ik wel… maar ze zijn niet leuk ? Vincent moet ook intervallen doen. Anders dan ik, maar we moeten wel even lang. Ik moet 15 minuten inlopen en dan 10 keer 1 minuut heel hard en 2 minuten rust: wandelen en dribbelen. Vincent doet iets met afstanden en harder-harder-harder of zoiets. Hij zal wel voor me uit gaan. We spreken de route goed af en ik zet mijn snelle tempo tussen de 4:30 en 5:30. Off we go! Vincent loopt minder lang in en versnelt eerder, maar ik haal hem in mijn minuutje in.

Ik heb mezelf dik onderschat! In de minuut zo hard mogelijk kom ik onder de 4,5 minuut per kilometer!! Dan krijg ik een tikje op mijn pols van mijn horloge. Dat leidt af. Ik tel elke minuut af. Rustig tot 60 tellen. Vincents rust is behoorlijk lang, dus hij kan me niet inhalen. Als we allebei rust(ig) lopen, kunnen we appen samen 🙂 In die ene snelle minuut ga ik helemaal los en ik haal elke keer ongeveer 220 meter.

Als er veel bochten zijn en na een keer of 5 word ik moe en haal ik 210 meter. Ik heb het intussen heet, ondanks de korte broek. ? De zesde en zevende keer zijn altijd wat lastig. ? Ik vind de trainer op dit moment niet echt leuk ? Er zijn heel veel vliegjes die blijven plakken op het zweet. ? Dan kom ik bij het viaduct. Natuurlijk valt de negende interval hard omhoog ? Die is het langzaamst. Nog 1 keer. Vincent ligt ver achter me. De laatste keer zet ik alles op alles om de 230 meter te halen en dat lukt me! Ik hou 1 minuut een tempo van 4:16 dan vol.

Ik keer om en ga terug om Vincent op te vangen. Vóór het viaduct. Ik dribbel en jog nu nog alleen nog maar! We gaan samen rustig terug. De enige reden om de intervallen te doen is het buitengewone tevreden en trotse gevoel achteraf. Ik kan niets anders bedenken.

Woensdag 28 april Back to Zwift en Londen ??

Ik werk deze dag. Heel hard en veel, zodat ik met vakantie kan gaan en alles af moet nog even af. Het regent buiten. Troosteloos april-weer. Niet eens uitnodigend om te gaan wandelen! Dan ga ik ‘s avonds maar weer eens op de Tacx zitten. Ik zoek een route uit in Londen die de Triple Loops heet. Heb ik nog niet.

Eerst de stad door. Dat is vlak en snel. Ik doe gewoon mijn eigen ding en ik let helemaal nergens op. Ik heb muziek op. Zit me gewoon te vervelen. En dan ga ik een berg op. Dat weet ik wel, maar ik ben hier nog nooit geweest, dus ik heb geen idee hoe ver of hoe lang deze beklimming is.

Ik vlieg naar beneden. En dan is er nog een beklimming, maar ik vind dat niet meer zo lastig. Ik trap gewoon naar boven. En dat is dat.

Het gaat niet meer hard of op een hoge cadans. Gewoon naar boven hobbelen. En dan naar beneden! Als ik niet trap, ga ik in Zwift heerlijk aerodynamisch liggen. Grappig ?

Ik weet altijd dat ik nog 1 keer bij de metro omhoog moet en ben deze keer eens bijtijds teruggeschakeld! Dan is het nog een klein stukje voor de route erop zit. Nog over de Tower Bridge. Intussen is het laat geworden en ik wil graag naar bed!

Vrijdag 30 april Almere – Zandvoort ?‍♀️ ?‍♂️ met heel veel regen ? ?

We gaan met vakantie met mijn ouders. Dat was in 2020 al het plan, maar toen geraakten we door Corona niet in Frankrijk. Eind van de zomer in dat jaar boekten we in een Duits Centerparcs. Maar ook dat leek niet goed te komen, dus wordt het een week in Zandvoort in 3 huisjes. En vanaf het begin heb ik gezegd: daar fietsen wij naar toe. Vincent heeft al vakantie en ik heb een route onder Amsterdam door. Maar dit is Nederland. En vrijdag 30 april regent het tot 11:00 uur volgens de buienradar. Maar dat is dan alleen in Almere. Twijfel alom. Gaan we dit doen… Is het handig… Ik wil het zo graag! En als ik iets in mijn hoofd heb gehaald… Na een uur zal het droog worden. We gaan in Amstelveen langs de McDonalds. Om kwart voor 11 stappen we op en accepteren we dat we nat zullen worden. Dat kost niet al teveel tijd. We fietsen over het Spoorbaanpad. Het is koud. En nat. Nat-uurlijk. 1 Keer moeten we stoppen om mijn tasje vast te doen. Voor foto’s is er weinig plek. Mijn fiets rammelt ergens enorm en mijn remmen piepen. We fietsen om bij Poort. We kletsen wel! Dan gaan we de brug over en zijn we Almere uit. En al helemaal nat. We zien 2 andere rare racefietsers. Dan gaan we de brug over de A1 over.

Vanaf hier is Vincent verantwoordelijk voor de route, die op zijn fietscomputertje staat. Ik weet nu dat we naar Weesp gaan en dan door langs de Gein, maar ik ben zo nog nooit gefietst. Het stoppen was geen goed idee, want daar krijg je het nog veel kouder van! We fietsen flink door naar Weesp. Daar is het schattig. We gaan het ijsje maar overslaan, maar daardoor klopt de route niet meer. We lijken wat te dwalen, over een industrieterrein en langs het kanaal en dan een brug over en nog 1… Ik raak het spoor bijster. Dan komen we langs de Gein te rijden. Prachtig! Rustig. En nog steeds regent het. Ondanks de handschoenen met lange vingers, wordt het steeds kouder en kouder. Voeten ook. Koud, nat en vies. We doen een woordslang met aardrijkskundige begrippen. Dat leidt af. Van de kou en het tempo. We trappen gewoon maar door. Langs Nigtevecht, door Abcoude. De letter N en A zijn gecoverd! Het blijft maar regenen. Ondertussen zijn we de grens van de buien toch wel gepasseerd, zou je zeggen. Maar nee, overal druppels. En mijn handen bevriezen zowat. Ik krijg moeite met remmen. Mijn fiets rammelt van tijd tot tijd. We zien een terras, maar dat fietsen we voorbij, want we gaan naar de Mac. In Ouderkerk echter is het klaar. We moeten opwarmen en rijden een duur terras op. We mogen gelukkig op het terras zitten, vlak bij de warmte-kanonnen.

Ik voel me vreselijk misplaatst op het terras. Na thee en een WC, besluiten we een stukje door te rijden naar de McDonalds op een paar kilometer afstand nog. We overleggen met Rob. Hij kan ons komen halen, want alles is ingepakt in de auto. We kunnen er nog bij. Het blijft regenen vandaag. Ik twijfel, maar voor Vincent spreken we af op de Spottersplek bij Schiphol. We rijden door naar Amstelveen. Bij het blokje om voor de Mac, blijkt daar een rij van jewelste te staan! Daar kunnen wij dus in gaan stilstaan met de fiets aan de (bevroren) hand. Dan maar een mini-mars en door naar de spottersplek. We dwalen Amstelveen door.

Dan komen we langs het Amsterdamse Bos. Ik denk dat ik door wil fietsen tot Zandvoort. Eigenlijk denk ik achteraf dat ik het te koud heb gehad voor een weloverwogen beslissing. Het blijft maar regenen en we rijden langs de A9 en langs de trein en er komen vliegtuigen over en langs. Vincent vind het prachtig! We missen de spottersplek. Als we weer van Schiphol af rijden, moeten we terug. Mijn fietscomputer is leeg en we wisselen om. Heb ik straks de rest van de route. Een kilometer of 20 nog. Dat moet me lukken binnen een uur. Vincent heeft 55 kilometer gefietst. Hij heeft de stoelverwarming nodig. Ik laat Vincent achter bij de spottersplek en ga zelf verder.

Ik zou echt niet kunnen zeggen waarom ik perse door wilde fietsen. Omdat het in mijn hoofd zat. Omdat ik dacht dat ik dat wel kon. Omdat ik toch al nat was. Omdat mijn fiets zo heerlijk is. Geen idee. Toen ik de snelwegen achter me liet en een omleiding tegenkwam, wilde ik me eigenlijk alweer omdraaien en mee terug rijden. Maar ja, dat deed ik niet. Ik moest enorm wennen aan de route. Ik zag het maar slecht. En elke keer stoppen voor een stoplicht. Daar werd ik moe van. Het regende nog steeds. Op een gegeven moment deed ik mijn bril af. Dat scheelde! Het leek minder te regenen, ik kon het fietscomputertje lezen en de omgeving werd maar iets waziger. Ik dronk wel redelijk wat, maar bij lange na niet genoeg. Ik probeerde een foto te maken, maar dat mislukte ook al.

Ik kwam een hoop plekken tegen voor de woordslang. De route was vreselijk saai: vooral langs 80 wegen. Ik riep zelf maar ‘echo’ onder een brugje. Wat ik vooral deed was aftellen. Tot Haarlem. Mijn tempo ging enorm omhoog. Ik stopte ook niet meer. Doorgaan was het enige wat ik nog kon. Hopen dat ik ooit in Zandvoort zou aankomen. Proberen rond de 26/27 te blijven fietsen. Ik genoot enorm van mijn fiets, want die bleef maar lekker rijden, hoe smerig ie ook was. Ik beloofde een fijne poetsbeurt als we in Zandvoort zijn. In Haarlem zag ik het aapje van Rob met de vraag waarom ik was doorgefietst. Dat vroeg ik me ook enorm af. En ergens voelde ik me vooral heel asociaal dat ik was doorgefietst. Ik stond weer stil bij een stoplicht, wat de doorgang er dan vreselijk uit haalt. En ik moest ook goed opletten in Haarlem met de route en het andere verkeer. Toen ik het Spaarne over was, zat ik op 70 kilometer. Dat was balen, want ik had er toch echt bijna moeten zijn. Maar dat het nog maar 5 kilometer was tot Zandvoort stond niet op de borden, allemaal was het verder weg. Het moet gezegd: het stopte ergens met regenen, maar ik was al zo nat dat ik het niet meer merkte. Ik had het door het hoge tempo ook niet meer koud. Dat waren de enige meevallers. En na Haarlem en Aerdenhout werd het wel weer mooier met grote villa’s, al reed ik nog steeds langs drukke wegen. Ik haalde de 75 kilometer ook. Ik telde uit dat het 78 kilometer zou worden en ik vond alles best, als ik maar zou arriveren! Liefst nog voor 4 uur.

Deze foto is van een ander moment, want afstappen zou ik echt niet meer doen, maar ik kwam in Zandvoor aan ook! Daar werd de weg weer eens van die lastige tegeltjes. Blijven trappen nu. En opeens moest ik van de route naar links en daar lag Centerparcs! Ik was het anders voorbij gefietst. Ik vroeg naar het huisje, waar mijn ouders zeker al waren (hadden ze me geappt ergens bij Haarlem). Ik kon de nummers nog volgen en ging bijna verkeerd, maar toen zag ik Rob. Al was het 79,9 geweest: ik was dan ook gestopt, maar nu waren het er precies 80! 80 Koude, natte, moeilijke kilometers. Ik was nat aan alle kanten, vies, vuil en goor, maar niet opvallend moe. Rob en Vincent waren er nog niet heel lang, want zij waren nog meer verdwaald rondom Haarlem. Ik had nog energie om mee uit te laden en de auto weg te zetten. ‘s Avonds heb ik me helemaal volgepropt met pannenkoeken. Niet omdat ik die met de goede voeding tot me nemen had verdiend, maar omdat ik f*ck*ng tachtig kilometer door regen en kou heb gefietst. Alleen mijn voeten doen erg moeilijk: had ik geen gevoel toen ik aankwam – dat had ik graag zo gehouden. Ze doen erg veel pijn van het opzetten, nat worden en bevriezen. Ook mijn vingers kunnen een tijdje moeizaam appen. Maar de voetenzalf en een warme douche doen prima hunn werk. Mijn familie zegt er verder niks van, die snappen het totaal niet. ‘s Avonds zijn we nog een stuk gaan wandelen. Herstellen kan ik namelijk super-supergoed. En ik wil zo graag bij het mannetje op het bankje zitten. Dat wil ik sinds ik de triatlon van Zandvoort heb gedaan.

Met een heleboel tickvakjes ✅ op mijn bucketlist kan ik deze dag afsluiten.

De maand is omgevlogen! Ik liep nogal door elkaar met bloggen door het vele sporten. 162 kilometer hardgelopen, 530 kilometer gefietst, bijna 8 kilometer gezwommen en ruim 46 kilometer gewandeld. 745 kilometer in totaal. Met wat yoga erbij maakt het 53 uur gesport in de maand. De grote vraag blijft waarom-eigenlijk, want wedstrijden zijn door corona nog steeds ver weg. Waarschijnlijk vind ik trainen erg leuk! ? Voor Trispiration heb ik de maand ook weer netjes afgesloten met alle activiteiten voor de jaarchallenge.

Op naar mei, die we lekker van start gaan met een vakantie in Zandvoort!

Categories: Geen categorie | Leave a comment