werk, rennen, werk, zwemmen, werk, fietsen, werk, crosscupje

16 januari: De dag na de trail, de dag na het weekend van de eerste wedstrijd, de drukke werkdag waarop ik op en neer naar Den Haag rij. De dag dat ik niet stil wil zitten. Of toch wel? Het is Blue Monday: een sombere, saaie, kille dag. Toch ga ik ‘avonds met Manuel een rondje rennen. Door het donker. Langzaam aan dribbelen. Het is zilverachtig donker. Door het ijs schittert alles een beetje. Over 6 kilometer doen we 45 minuten, maar dat is niet erg. Ik ben helemaal tevreden en laat blue monday achter me als silver monday
17 januari: Weer zo’n dag. Op en neer naar Delft deze keer. Bakken met werk te doen. Veel tegelijk. Maar ‘s avonds op de bank hangen? Ho maar – dat stemt me niet blijer. Ik verstuur een appje naar het triatlonmaatje of hij mee gaat zwemmen en hoop dat hij niet antwoord, maar helaas: “natuurlijk ga ik”. Oké dan: ik weet niet of het er later deze week nog van komt. Plankje, achtje, brilletje, badmuts, handdoek en off-we-go. Ik zwem voorop. Nog altijd in baan 1, maar ik ben intussen degene die de opdrachten moet onthouden. Moet tellen. Het gaat me goed af inmiddels. Met achtje adem ik 4op1. Ik krijg 1 tip van de trainer (armen ver weg leggen) en een dikke duim. De volgende kleine mijlpaal in het zwemmen is daar: ik hoeft niet meer alleen maar te denken aan hoe ik de slag uitvoer en overleef in het water, ik kan nu mijn gedachten af laten dwalen naar het werk en hoe ik dat morgen eens aan zal pakken.
18 januari: Werk-werk-werk. Ineens leg ik het maar naast me neer, want ik wil met Vincent naar buiten om te rennen! Het is zo mooi buiten met bevroren, witte bomen. We kleden ons goed aan tegen de kou. We gaan langs de plassen en ik geef de training. Rustig inlopen (wat gaat mama sloom) en dan heuveltjes op en af. In de intervallen loopt de tienjarige mama er compleet uit. Maar niet op de langere afstand. We pakken een trapje mee en laten ons op de foto zetten. En we nemen vier keer de steile helling. Koud hebben we het niet.
En daarna weer zwemmen. Nu zwem ik helemaal vooraan. Ik voel het wel. Dat ik gister ook al zwom en twee uur eerder rende. We doen een hele korte onderwaterarmslag (op z’n hondjes) en dan heb ik de armslag pas écht door.
19 januari: Bedrijfsuitje. Katapult bouwen in de kou. En laat thuis: geen mogelijkheid voor een training. Ptjndkk-ie
Ingezonden stuk: “20 januari 2017, Almere. Ik ging met Anke mee om te gaan hardlopen. We reden eerst naar de Kemphaan, ons startpunt. Het was koud en Anke had geen zin. Ik ook eigenlijk niet zoveel, maar ach, we waren er dan toch! Onverhard. Dat ging het worden voor ongeveer anderhalf uur. Voor zover aangevroren grond onverhard is! We liepen over nieuwe paden, maar ik verdwaal daar toch wel meestal. Anke probeerde me een paar keer weg te sturen maar daar trapte ik niet in. Het tempo lag zo laag dat er ruimschoots ruimte was om te kletsen. We liepen een pad in wat niet afgesloten was, maar dat had het wel moeten zijn, want eigenlijk liep het dood. Over leuke steile bevroren zandhopen, dat dan weer wel. En het fietspad was ook zo bedekt dat het prima voor onverhard door kon gaan. We liepen rond en Anke heeft lekker over scholen en leren lezen lopen kwebbelen. We zouden twee rondjes maken van ongeveer dezelfde lengte, dus halverwege kwamen we bijna langs de auto eigenlijk. Best raar. Het tweede rondje leek korter te worden (iets met de weg niet weten en niet twee keer een doodlopend pad nemen), dus toen belandden we aan de andere kant van de Waterlandse weg. Het werd eigenlijk een beetje zwaar en op het lange rechte pad waren we het allebei wel zat geloof ik. Ik vond het pad lang duren (oneindig) en Anke zweeg ook, nou dat wil wat zeggen! Na 7 kwartier waren we weer bij de auto. Gelukkig had Anke water mee want ik was het weer eens vergeten. Van onze verslaggever Manuel M
Zaterdag 21 januari. De fiets van Vincent is er! De mountainbike. En als ie dan eenmaal groen en glimmend in elkaar zit, dan moet die even getest worden natuurlijk. Conclusie 1: dat ding doet het voor geen meter op asfalt. Conclusie 2: Het schakelt weer anders. Conclusie 3: Je kan er mee vallen en dat is niet leuk. Conclusie 3: Heuveltjes zijn moeilijk op te komen. Conclusie 4: Langs het water fietsen over bevroren modder is best spannend. Conclusie 5: Dit is ontzettend gaaf! Vincent riep “yahoo” door het hele bos, kreeg het warm van het trappen en vond het wat onwennig.
Zondag 22 januari: De CrossCup. Ik had geen zin. Helemaal geen zin. Gewoon geen enkele zin. Niks. Ik voelde me mokkig en moe. Ik wilde op de bank of in bed liggen met een boek en chocolade. Niet door de kou rennen in het bos. Er zat één voordeel aan het ontbreken van enige motivatie: dan kun je je er ook niet druk over maken. Voor de 8 kilometer waren het deze keer 3 rondjes van drie kilometer. (en het was niet eens georganiseerd door de triatlonvereniging) Al die opgewonden, snelle mensen die staan te trappelen. Ik vond er niks an vandaag. Ik wilde er wel een uurtje over doen. Natuurlijk vertrok ik te snel. En toen begon de ellende pas echt: de hartslagbeperking stond nog aan! Volgens mijn horloge mocht de hartslag niet uit zone 1 komen – nou dat is een illusie in een wedstrijd natuurlijk! En dan is een uur heel lang 🙁 Ik werd veelvuldig door bekenden ingehaald, maar ik haalde de andere meiden ook in. Ik vond 3 rondjes heerlijk. Beter dan vier. 1 Drukke ronde, 1 ronde om lekker te lopen en 1 ronde nog iets sneller en rust. Hier en daar lag sneeuw. Ik ken dit rondje wel, ik verheug me op het bos uit de Grijze Jager. Maar helaas is alles nu kaal en kil. Ik riep nog naar SG dat het mijn horloge was dat piept vanwege de hartslag toen ik haar inhaalde. Mijn hoofd was niet rustig. Ik had er teveel stress in zitten om lekker te kunnen lopen. Teveel dingen die ik nog wilde doen. Die ik had kunnen doen in deze tijd. Teveel onrust om me heen. Teveel onrust in mij. Maar ik trapte gewoon door, want wat in mijn hoofd zit, zit niet in mijn benen. Die benen die kunnen wel. Ik vond het lastig achter de finish door te lopen: ongelijke grond en sneeuw. Ik vertraagde wat en pakte mijn eigen steady tempo, terwijl de snellere club mij nu achterliet. Dik 16 minuten had ik er over gedaan, zag ik in de gauwigheid. Het uur moest wel haalbaar zijn! Ik bedacht dat ik nu toch niet meer veel kon doen en dat ik daar nu toch lekker door het bos aan het lopen was en ik vond het wel een beetje afzien, maar toen ik me erbij neerlegde, viel het eigenlijk allemaal wel mee (het onafgebroken gepiep laat ik terzijde, dat bleef hinderlijk en ik snap heel goed dat er niemand om me heen liep). De tweede ronde ging redelijk: ik liep achter een mevrouw in een stoere broek en ruim voor een meneer en ik zag SG ook nog even. Ik werd ingehaald door de winnaars. Mijn trainer stond ook aan te moedigen. En daar is MB! Nooit geweten dat ik zo naar haar uit kon kijken, maar haar aanmoediging en fototoestel doen me heel goed. Ik wist niet eens dat ik haar miste… De tweede ronde had ik iets sneller gelopen, want de klok stond op 33 minuten. En dan begint mijn hoofd te rekenen: ik wil graag onder de 50 minuten komen, maar dan zal ik toch echt aan moeten zetten. Heb ik dat nog? Mijn benen juichen van wel, maar mijn hartslag en hoofd stribbelen tegen. Ik ga inlopen op de mevrouw met de stoere broek. Ik heb alle tijd, maar verhoog het tempo wel degelijk. Of vertraagt zij? De man achter me blijft achter me. Ergens voor het Grijze Jagersbos is mijn Garmin de route kwijt, wat resulteert in een totaal andere kilometertijd als ik ervaar: ik ben echt sneller gaan lopen en niet 20 seconden langzamer! Piep toch op, horloge!! Ik loop hard in op mijn voorgangster. Straks, het laatste stukje als ik over het bruggetje ben, dan ga ik alles op alles zetten. Kijken of ik dat kan.

De eindsprint: het laatste beetje....


Net over het bruggetje haal ik haar in en we beginnen aan een heerlijk eindsprint. Zij wint en ik zit net boven de 50 minuten. Maar ik ben er eindelijk eens echt moe van. Ik kan toch zeker 5 minuten niets zeggen. Echt heel tevreden voel ik me niet, ondanks dat ik het ruim onder het uur geflikt heb, want ik voel mezelf in de weg zitten. Het waren dan ook geen 9 kilometers. Ik zet allereerst de hartslagbeperking UIT.

Categories: Uncategorized | Comments Off on werk, rennen, werk, zwemmen, werk, fietsen, werk, crosscupje

De draad weer oppakken

Het gaat elke dag beter. En dat is fijn. Op maandag werk ik de hele dag en dat is vermoeiend, maar ‘s avonds sta ik ook weer moeiteloos bij een nieuwjaarsborrel. Nog een sportloze dag kan er nu wel bij!
Op dinsdag 10 januari kan ik me weer vrij bewegen, gemakkelijk werken en dus ook sporten! Ik wil zo graag zwemmen, maar ik zie er ook een beetje tegenop: gaat het weer lukken? Ik neem me voor om rustig aan te doen en als het niet lukt met ademhalen, gewoon wat eerder te stoppen. Goed idee, maar als ik in het water lig en 25 meter gezwommen heb, is het hele voornemen vergeten. Het gaat lekker, ik heb het naar mijn zin en ik ga gewoon op tempo zwemmen. Ik schijn volgens de man naast me een wedstrijd te doen, maar ik doe niet mee: hij mag me inhalen hoor. Totdat… we op armen gaan zwemmen. Dan haal ik hem in met een achtje tussen de benen. Blijkt hij de hele tijd met achtje te zwemmen. De trainer vind ook dat het steeds beter gaat, alleen nog niet consistent helemaal correct. Work in progress mate.
Woensdag is het tijd om ook het lopen weer op te pakken. Als Vincent gaat zwemmen, ga ik lopen. Is eens een andere omgeving, daar in Almere Poort. Het gaat om drie kwartier, veelal in de lage zones. Ik start lekker op, maar de hartslag is torenhoog. Het waait dan ook hard! Ik kom op het strand uit en gelijk is zone 2 vergeten. Stormachtige wind, donker en het hele strand voor mij alleen – dat is puur genieten. Ik mag straks in zone 4 en ik ben wel zo dat ik uitmeet wind mee te hebben! Het tempo zit er lekker in, maar zone 4 wordt zone 5. Ik wandel een stukje heeeeeeel erg langzaam (nog langzamer dan de forenzen) en na een korte dribbel mag ik nog een keer 5 minuten de hoge hartslagen in. Ik ben eigenlijk rond en plak er nog maar een heen-en-weertje achteraan over het saaie fietspad. Ik dribbel de 7 kilometer vol en kijk even mee in het zwembad.
Donderdag heb ik GEEN ENKELE zin om naar de training te gaan. Moe na een drukke werkdag, het is koud en regenachtig, ik ben wat duf van achterin de auto zitten, ik heb slagroomtaart gegeten (wat een reden is om wél te gaan trainen), er staat niks op het schema, dit is mijn rustweek, we eten te laat, ik wil gewoon eigenlijk echt niet. Er is 1 doorslaggevende reden om wel te gaan: de wetenschap dat om kwart over zeven alle smoesjes opzij geschoven zijn. Ik voeg er aan toe dat ik mijn trainer ook niet wil zien, maar dat is net degene die we als eerste tegenkomen op de parkeerplaats! Ik herken hem zonder bril te laat om direct om te keren. 13 Minuten over 7 al zijn alle bezwaren verdwenen. Ik ga gewoon niet te hard en loop van de regen, de kou, de anderen, de snelheden te genieten. We gaan iets vreselijk lastigs doen met 1x500m, 2x400m, 3x300m, 4x200m en 5 keer 100m met daartussen in wandelen en dribbelen combinaties. En als we gelapt worden, een serie minder. Abracadabra voor mij, dus ik blijf bij AS en twee anderen lopen. Achteraan. Prima! We lopen een 300 en een 100 minder. Vincent geniet totaal niet helaas, ook niet na 15 minuten, ook niet na 25 minuten en na 50 minuten nog steeds niet. Maar hij was er wel al die tijd – op de baan!
Vrijdag: ik zou moeten fietsen, maar het weer is slecht en ik wil niet twee keer de fiets schoonmaken. Rust dan maar. Ik klets met een andere heldin van de triatlonvereniging en voor de derde keer deze week blijken deze mega-sporters ook gewoon mensen te zijn, met menselijke probleempjes, kwaaltjes en hun eigen demonen. Woensdag was er ook al zo’n heldin die meer demonen te bestrijden heeft en dat doet op een manier die ik begrijp en zeer waardeer: sportend, zwoegend en vurig.
Zaterdag: de eerste wedstrijd van het jaar, de eerste run-bike-run ever, het opstapje richting de triatlon. Ik zal er een aparte blog over schrijven (lees hier). En ‘s avonds weer zwemmen, zei de gek! Ik zwom heel veel met achtje: een beetje de benen sparen mocht best vond ik. En dan kan ik heel goed meekomen. Heel Goed. Dan zwem ik zowat vooraan. Het was druk. We deden telkens een versnelling en daarna een stuk rustig en ik kon het verschil goed maken. Door goed uit te ademen onder water, lukte het prima om 4 op 1 te ademen. Ook zonder achtje! misschien niet superveel gezwommen, maar het viel de trainer (PZ) zelfs op dat ik het echt onder de knie begin te krijgen.
Zondag: 7 uur opstaan! Zondagmorgen! We verzamelden om 8 uur in Almere om naar Schoorl te rijden. Gelukkig reed er iemand anders en kon ik lekker achterin tot rust komen. Tegen de tijd dat we er waren, zag ik er wel wat tegenop. Maar ik ging met de langzame groep mee. Eerst naar het beginpunt rennen en dan ben ik al best bekend in Schoorl. We gingen de route van 10 kilometer lopen en maar zien of we daarna nog meer zouden lopen. Ik kan eenvoudigweg voorop. Lekker rustig aan. Rugzakje vol met water en spullen en lekker kwebbelen met totaal nieuwe Johnny’s en met nieuwe bekenden van de TVA; KH en SK. Door het mooie bos, fijne lichte heuvels en heide. Het sneeuwde nog heel lichtjes. Het was er druk, in de Schoorlse Duinen. Duinen ja. Zand. Mul zand. Veel zand. Zwaar zand. Maar ik vond het echt top. Mooi. Prettig. Onverhard. Ik kon harder als ik dat wilde. Fotootjes maken. En dan het stukje strand. Heerlijk! Echt geweldig! Maar iets te kort. De duinopgang was een kwelling: steil en mul zand. We gingen de duinen weer in. Ik koos graag mijn eigen paadje. Begon liever wat alleen te lopen. We liepen steeds verder uit elkaar. Weer wachten. De zon was intussen doorgebroken en het was nog mooier geworden. We kwamen bij het meer. Ik ging achterop lopen, ook lekker. Eigenlijk moest ik iets eten, maar ik kwam er niet zo toe. Dat maakte me nukkig. Mopperig. Liep ik toch weer alleen halverwege de groep. De man achter me was ook geen kletskous. Weer wachten. Ik begon er genoeg van te krijgen. Dieptepuntje was wel de laatste klim: ik wist dat het daarna alleen nog maar afdalen was via de trap en liet het hele tempo varen en wandelde omhoog. Bij het buitencentrum vertrok de helft en wij gingen met een man of 5/6 door. Anders moesten we op de snelle groep wachten en dat zag ik niet zitten. De trap weer op! Ik was er eigenlijk klaar mee. We verdwaalden en misten de witte route. Toen ik wist waar ik was, wilde ik gewoon terug, terwijl de anderen nog moed, kracht en zin hadden om dezelfde weg terug te rennen. 1 Man ging met mij mee. Wij wachten tot we weer met ons kleine groepje waren en renden naar de parkeerplaats terug. Al met al 15 kilometer rondgehobbeld. Ook na een banaan bleef ik wat mokkig. Gewoon te laat gegeten en wellicht toch wat moe. We moesten nog een half uur wachten op de andere groep.

Categories: Uncategorized | Comments Off on De draad weer oppakken

De Henschotermeer Games – Wedstrijd Evaluatie

Wedstrijd evaluatie

Wat ging er goed? Wat kon er beter? Hoe gaan we dat doen?
Wedstrijd: Henschotermeer Games
Datum: 14 januari 2017
Weersomstandigheden: Koud, lichte sneeuw van tijd tot tijd.
Doelstelling: Doen! Wissels oefenen.
Vul bij ieder van de onderstaande punten je evaluatie in.
 

  • Voorbereiding (wedstrijddag)

Wat ging er goed? Weinig zenuwen, want er hoefde helemaal niks. Weinig aan voorbereid. Alles tevoren klaargelegd, maar geen beslissing genomen of ik de schoenen zou wisselen.
Wat kon er beter ? Jammer dat Vincent niet mee kon doen, want zijn fiets was er nog niet. Gelukkig ging Manuel mee. Klein beetje gestresst, want we hadden net te weinig tijd vlak voor de start en het begon te sneeuwen!
Wat kan ik daar zelf in betekenen? Volgende keer toch iets meer tijd nemen, maar nu liepen we door de sneeuw (!!) van de parkeerplaats naar de start en dat was iets verder dan gedacht. Ik had goed nagedacht over waar ik mijn fiets wilde neerzetten en even getest hoe ik die over het hekje kon tillen. 
Wat kan een ander voor mij doen? Volgende keer mag Manuel het niet meer zo perfect voorbereiden hoor, want dan valt mijn gepruts zo op 🙂 

  • Start
Wat ging er goed? Kleine groep deelnemers. Goed geluisterd naar de briefing. Ik ging er volkomen neutraal in, dat was lekker: geen zenuwen, geen gedoe. 
Wat kon er beter ? Ik starte wat onrustig, voelde alsof niet alles echt op orde was; misschien omdat de zenuwen ontbraken hihi.
Wat kan ik daar zelf in betekenen? Toch maar even gaan inlopen. En niet 5 minuten van tevoren een boterham naar binnen werken. Maar daar had ik toch wel profijt van onderweg.
  • Tijdens eerste run (2,5km)
Wat ging er goed? Ik ging lekker door en deed mijn eigen ding. Sneeuw en kou is gewoon niet mijn beste omstandigheid (herinner ik me uit Belgie 2016) Ik keek lekker om me heen.
Wat kon er beter ? Te hard gestart. Kon niet goed mijn weg vinden op het strand en vertrouwen op mijn schoenen. 
Wat kan ik daar zelf in betekenen? Inlopen. Accepteren. Niet laten opfokken. Dat lukte me na twee kilometer ook wel en ik begon te grijnzen! Toen kon het me niet schelen dat ik laatste was. 
  • TA1
Wat ging er goed? Ik kon mooi de schoenen wisselen. Netjes mijn tijd genomen. Ook handschoenen gewisseld godzijdank. Fiets goed overgezet. Nummer netjes omgedraaid. Kratje met spullen erin was erg fijn. Jasje niet aangedaan; ik had het warm genoeg.
Wat kon er beter ? In plaats van het horloge uit zetten, is de volgende fase aanzetten gemakkelijker! 
Wat kan ik daar zelf in betekenen? Vaak oefenen en dit soort foutjes accepteren. 
Wat kan een ander voor mij doen? Ik moet een lijstje in het kistje plakken met wat ik moet doen: dan werk ik gewoon de lijst af. 
  • Tijdens fietsen
Wat ging er goed? Ik GENOOOOOT. Ik lette goed op de route, zodat ik mijn plan voor rondje twee kon bepalen. Waar ik liever niet meer wilde afstappen. Ik haalde vader en zoon al snel in. Ik vond het ook leuk om nog een dame in te halen. 
Wat kon er beter ? Ik had hier en daar iets eerder moeten terugschakelen. 
Wat kan ik daar zelf in betekenen? Oefenen, oefenen, oefenen.
Wat kan een ander voor mij doen? Ik had veel aan de mountainbike cursus: ik wist tenminste wat ik doen moest technisch (al lukte dat niet altijd)
  • TA2
Wat ging er goed? De tijd genomen wederom. Ik vond het toch zwaar om met de fiets te rennen door het mulle zand, terwijl de mensen voor de lange cross er tussendoor winkelden. Handschoenen terug gewisseld.
Wat kon er beter ? Ohoh, helm vergeten!! Kon ‘m nog net op tijd weggooien, maar toen liep ik al wel. Ik had een winegum moeten nemen, want ik werd aardig vermoeid.
Wat kan ik daar zelf in betekenen? Lijstje maken in het kratje. Dit was niet zo sjiek.
  • Tijdens lopen
Wat ging er goed? Ik ging door, ook al sneeuwde het en lag ik zowat laatste! Ik was moe en voelde de vermoeidheid erg goed. Ik bleef rennen, want ik wilde de ene mevrouw voorblijven, maakte de wereld in de striemende sneeuw maar heel klein. 
Wat kon er beter ? Het tempo. Ik ging een stuk minder hard dan de eerste run. Ik kon niet beter of harder of eindsprinten. 
Wat kan ik daar zelf in betekenen? Accepteer dat zand & sneeuw je ding niet zijn. Of misschien de volgende keer wel! Blijven voelen hoe belangrijk het is om dit soort dingen te dóén, ongeacht het resultaat. Oefening baart kunst!
  • Na de wedstrijd
Wat ging er goed? Snel weer helemaal hersteld. Ondanks de kou en nattigheid. Tevreden. Verrast dat ik het fietsen zo geweldig had gevonden. Lekker meteen aan de thee.
Wat kon er beter ? Omkleden had iets eerder gekund. Ik had dieper kunnen gaan, maar dit was een prima probeersel. 
Wat kan ik daar zelf in betekenen? Goed evalueren en de verbeterpunten blijven zoeken. 
Wat kan een ander voor mij doen? Mag volgende keer de enorme sneeuwbui uitblijven als we naar de auto lopen?! 
  • Tactiek
Wat ging er goed? Het ontbreken van tactiek was een verademing. Ik ging er wat dat betreft volkomen blind in. 
Wat kon er beter ? Volgende keer weet ik wat me te wachten staat en hoe dat werkt met wisselen.
Wat kan ik daar zelf in betekenen? Zet je horloge goed aan in de wissels, dan weten we hoe lang je over dingen doet. 
Wat kan een ander voor mij doen? Informatie, tips: welkom! Vooral over wisselen, want dat was nieuw. 
  • Coaching
Wat ging er goed? Fijn dat ik alle tijd in het schema kreeg: ik moest het toch wel halen binnen 2,5 uur! Ik heb hulp gevraagd aan deskundigen. 
Wat kon er beter ? Ik had me beter kunnen voorbereiden. 
Wat kan ik daar zelf in betekenen? Iets meer tijd nemen om naar de details te kijken: waar moeten we precies zijn, wat wil ik na de wedstrijd etc.
  • Voeding
Wat ging er goed? Ik had netjes ontbeten.
Wat kon er beter ? De avond van tevoren geen nieuw restaurant uitproberen / niet 5 minuten voor de start nog gaan eten / onderweg eten. Te weinig vocht.
Wat kan ik daar zelf in betekenen? Je moet alles proberen he. En dat eten vlak voor de start viel niet verkeerd: ook al was het een broodje met chocopasta. 
Wat kan een ander voor mij doen? Ik heb al hulp gevraagd over de voeding. 
  • Overig
Wat ging er goed? Ik heb het bij het fietsen uitgeschreeuwd van de pret! De afstand was misschien kort, maar voor de eerste keer lang genoeg.
Wat kon er beter ? Het afzien mag ik nog wel meer uitbuiten: dieper durven te gaan, en niet denken dat ik het (bijna) niet meer kan. 
Wat kan ik daar zelf in betekenen? Durf het ‘s. Trek je niks aan van de anderen: misschien doen die dit wekelijks. Dat ging me behoorlijk goed af: ik vond het niks erg dat Manuel sneller was, ik was trots dat ik niet laatste was (op 1 na…) en dat ik het gedaan had.

 
Is je doelstelling gehaald?
Wat was hierin bepalend? Ik ben het aangegaan. Ik heb het gedaan en was niet vol van stress. Door het ontbreken van een ander doel, was er plaats voor het toelaten van het genieten.
Wat zou je volgende keer anders doen? Mijn horloge netjes mee laten lopen. En mijn helm op tijd afzetten. 
Waar ben je trots op? Op de medaille 😀    Nee, geintje. Dat ik er lekker voor gegaan ben en dat ik me zo niets van de anderen heb aangetrokken, dat ik de tijd helemaal links heb laten liggen en mezelf met niemand heb vergeleken. En dat ik ‘s avonds gewoon weer ben gaan zwemmen! 

Categories: Uncategorized | Comments Off on De Henschotermeer Games – Wedstrijd Evaluatie

Rust Ziek & INGESCHREVEN!

De titel zegt alles: het jaar begon met drie rustdagen. Dat was op 1 en 2 januari nog net te pruimen, maar ik ging op de derde januari werken om ‘s avonds te kunnen gaan zwemmen. Bij het avondeten werd ik echter helemaal niet lekker, draaierig en zwakjes en voor het toetje lag ik in bed en daar bleef ik. Koorts, koud, klam, hoofdpijn, misselijk, heel veel slapen en toch niet uitrusten. Griep. Woensdag ging het nog wel en was het vooral slapen en zwak zijn, maar woensdagavond voelde ik me totaal niet lekker. Ik heb in heel 2016 niet zoveel spierpijn gehad als ik nu had! Mijn benen deden zoveel pijn dat ik er niet van sliep. Donderdag kon ik niet eens blijven staan zonder dat alles begon te draaien, dus aan een hardlooptraining mocht ik niet eens denken! Vrijdag kon ik alweer de hele dag op de bank zitten en een boek lezen. En toen heb ik de meest sportieve activiteit van de week gedaan:

IK HEB ME INGESCHREVEN VOOR DE TRIATLON OP 9 SEPTEMBER

Omdat ik in moest schatten welke tijden ik zou zwemmen/fietsen/lopen had ik er bijna de brui aan gegeven, maar nu is het toch echt en staat het vast. Op zaterdag keek ik toe bij de zwemles en keek ik goed naar de andere zwemmers. Dat was al vermoeiend! Op en neer naar de Albert Heijn lopen, was een activiteit op zichzelf die eindigde op de bank.
Op zondag ging het weer ietsje beter en warempel: er was zelfs weer kracht om buiten een stukje te wandelen! Nou ja, het voordeel van het jaar ziek beginnen: het kan alleen maar beter worden 😀

Categories: Uncategorized | Comments Off on Rust Ziek & INGESCHREVEN!

Brief aan mezelf, terugblik op 2016 en vooruit naar 2017!

He Anke,

Het was me het jaartje wel he… Duidelijk een geval van “je-hebt-maar-één-potje-energie”! Zaten we aan het begin van 2016 nogal aan de grond, we hebben het toch maar overleefd! Laten we daar nog maar een keer bij stilstaan: we hebben het niet alleen ‘overleefd’, we hebben het heel wat beter gemaakt, zeg nou zelf! Die prachtige omarming van de modder in het Pampushout was wel een lichtpuntje he. En weet je nog dat je ook voor de CliniClowns gewerkt hebt? Maar ja, het leek allemaal een beetje eindig eigenlijk. Zeker op het gebied van sport was het doelloos. In maart die zware halve marathon in de Ardennen: dat viel wat tegen toch? Nu kijk ik er op terug als iets zwaars en de aanzet naar het verleggen van grenzen, maar de sneeuw, de droge lucht en de heuvels waren best killing toen.
Dit jaar gaan we het weer doen: Eau Rouge op. Maar dan samen met het beste loopmaatje ever: Vincent! We zijn op de 26ste maar vast begonnen aan de training samen: 1 keer de woondome op. En ik zonder ontbijt. Daar omheen hebben we saampjes 6 kilometer hardlopen -ohnee- gejogd! Want we deden er wel drie kwartier over.
En daarna verschoof de focus volledig. Nieuwe baan, werken en dat koste wel energie zeg. Minder tijd over om te sporten. Minder tijd om te bloggen. Moeheid voert de boventoon. Niet bij de pakken neerzitten natuurlijk. Integendeel. Ik ben nu eenmaal van de uitdaging en toen Rob opperde dat ik ook wel eens kon proberen om de triatlon op te pakken, ging het vuurtje branden. Vorig jaar nog bedacht de trainer hetzelfde en het antwoord was helder en wel: nee. Ik had geen racefiets, geen geld voor een racefiets en zwemmen kon ik absoluut NIET. Tja, die racefiets kwam er. Omdat je niet alles in 1 keer kunt doen.
Maar deze week kwam het fietsen er niet aan te pas. In plaats van door het bos trappen, werd het door het bos wandelen met Vincent op 30 december. Door de prachtig berijpte natuur en alleen maar genieten en kijken. Het is bijna een rustdag: of telt 10 kilometer wandelen in 2 uur zo niet mee? Fysiek misschien niet meer nee.
En dan toch, ondanks alle vermoeidheid, ondanks het nieuwe werk: Gewoon die eerste trailwedstrijd doen van 21km. Tjonge Anke, ook daar kijken we gemengd op terug he. Echt eens een keer te weinig gegeten! Dat maakte ook deze halve marathon geen overweldigend succes. Tja, er is echt maar 1 potje energie hoor! Hier ben je het schema ergens kwijtgeraakt: die kon je echt niet langer als leidraad zien helaas. En de vakantie gaf ook niet echt oplaadmogelijkheden met een zieke Vincent natuurlijk en die hitte op Kos! Een echt doel qua sport paste er simpelweg niet bij.
En toen heb je jezelf werkelijk in het diepe gegooid Anke: je meldde je in het zwembad. Hoe eng was dat! Hoe moeilijk was dat! Wat een overwinning, meid. Sta daar maar eens bij stil: niemand, maar dan ook werkelijk niemand verplichtte je te zwemmen, maar je deed het wel: je pakte het aan, pakte het op en wat een vooruitgang heb je daar geboekt! Niet dat jij er bij stilstaat, want jij doet een dag later gewoon mee aan een trail van 28 kilometer. Door het onweer, door de modder, door het zand, over de heuveltjes. Gelukkig heb je er alleen maar genoten. Met al die afwisseling kun je de energie een beetje opladen en het geeft tegenwicht voor het werk wat je doet.
En nu doen we het twee dagen achter elkaar, dat zwemmen. Zowel op 27 als op 28 december oefen ik met borstcrawl. Ik durf de uitdaging van de medezwemmen om om het snelst te zwemmen nog niet aan, maar ik merk en voel het verschil. De laatste training in gemengde groepjes al ganzenbordend geniet ik. Ik spiek bij de snelle anderen en zonder al te veel inzet gaat het zwemmen zelfs beter. In het diepe!
Je gaat gewoon elke dag sporten: waar loop je voor weg, meid? De eerste 15 dagen van augustus élke dag. Anke: stel je eens even voor hoe dat er voor anderen uitziet: een nieuwe baan en extra veel uren gaan sporten! Ik weet hoe jij het ziet: “als ik het kan, kan iedereen het toch?” en zo stap je er al snel weer overheen. Nee, Anke, niet iedereen gaat naar de Ardennen voor een trail van 33 kilometer (op de 15de dag sporten achter elkaar). Het was gaaf he, zwaar en langzaam. Maar wat heb je overwonnen! De rivier door, de klimmetjes, de hitte: het was echt een hele grote grens over. Jammer dat het verloren ging en zo snel verleden en vergeten was. Je hebt er weinig lessen uit meegenomen, ook niet de kracht die je geleverd hebt.
Van de TVA-training op 29 december was alleen het gedeelte over het gras leuk. Dát kan je, daar glimlach je bij! De rest was donker en ging traag, maar Anke: je doet alles wel. Wie had ooit kunnen denken dat jij bij de triatleten mee zou trainen?!
De vakantie in de Ardennen was wel helemaal jouw ding: spelletjes winnen, wandelen, fietsen en race-auto’s. Toen leek het potje zo vol, dat het overliep. Wat was jij even vreemd ziek: ineens kwam al die moeheid van een half jaar er uit. Er moest rust komen, maar in je schema geloofde jij toen niet meer. Waarschijnlijk was het ziek-zijn en de eis om rust de manier om je doelen wat uit te stippelen, maar jij wilde niks horen, niks begrijpen, niets vertrouwen en vooral niks geloven. Soms moet je je eerst even afkeren van een idee: wie had gedacht dat jij het zwemmen onder de knie zou krijgen?! Maar ja, jij genoot er van. Alles kan! 40 Kilometer fietsen en direct daarop hardlopen: Je gaat alle uitdagingen aan. Dat zie je zelf niet he?! jij voelt alleen hoe zwaar het is. Alsof het nooit genoeg is, ga je ook mountainbiken. Why not?!?! Dat is leuk he, maar wel doodeng. Zijn er nog grenzen te verleggen Anke? Fysiek lijkt er weinig onmogelijk te zijn, maar mentaal zul je hard moeten werken: die wedstrijdangst, die faalangst, die moeten we echt maar achterlaten in 2016. En dat zelfvertrouwen, dat zelfbeeld moet echt verbeteren. Waarschijnlijk is dat moeilijker dan leren zwemmen en leren mountainbiken, maar ook deze uitdaging ga je weer niet uit de weg.
Op de laatste dag van het jaar doe ik het jaarlijkse rondje langs de snelwegen. Maar dit jaar niet om het snelst, maar netjes in lage hartslagzones. En met mijn beste vriendin en spiegeltje: Joyce. We raken elkaar nooit kwijt! In mijn hoofd dan, want hardlopend kunnen we er wat van… Ik in zone 3 en Joyce liep maar door. Een prachtige verbeelding van onze vriendschap: ik bewonder haar om de kracht die ze heeft en dat ze nooit opgeeft; zij is de enige die mij door en door kent.
Overigens niet de enige keer dat we samen liepen deze week. Op woensdagmiddag 29 december waren we ook al samen rondom Soesterberg te vinden. Langs de bunkers over onverhard terrein en toch ook even in de mist op de startbaan. 
En dan staat het daar op de kaart voor 2017: De Halve Triatlon. 1,9 kilometer zwemmen in buitenwater, 90 kilometer fietsen en 21km hardlopen. “Stom idee” van de trainer, maar zelf had je het niet onder ogen durven zien! Tja, als je kijkt naar afgelopen jaar, is niets onmogelijk meer. Maar beloof me Anke, luister en kijk goed om je heen. Luister naar de trainer; die bedoelt het echt meestal het beste, hoe hard jij er ook tegenaan trapt. Luister naar Rob: die weet ook best wat goed voor je is, hoe maf zijn ideeën ook lijken! En luister naar jezelf: dat is het moeilijkste van allemaal, want jij roept het hardst dat je je grenzen niet kent. Nee-nee: probeer dat maar achterwege te laten. En kijk ook goed: kijk naar je beste vrienden en zie eens met hen mee als zij naar jouw kijken. Kijk bovenal naar je kleine spiegeltje: daar loopt een tiener die je misschien wel plaagt dat hij de enige echte triatleet in huis is, maar jij bent een voorbeeld hoor! Zet soms het andere brilletje op om naar jezelf te kijken: je zult verbaasd staan van wat je ziet Anke.
Het afgelopen jaar heb ik 1841 kilometer hardgelopen alles bij elkaar. Gemiddeld 5 kilometer per dag. Met als topmaand juli met 197 kilometer. December is door de SantaStreak ook bijna tot 190 gekomen. 
Daarnaast heb ik gefietst vanaf maart. Duidelijk een zomeractiviteit! Maar wacht even… Dat had ik vorig jaar al niet gedacht! En bijna naar Veldhoven gefietst: die activiteit staat zowel bij Vincent als bij mij in de top 3 van Leuke Dingen In 2016.
En tot slot: dat zwemmen. Vanaf juli kwam dat er ook nog bij. Vanaf augustus, in het ‘grote bad’ ben ik het pas gaan registreren. Al met al heb ik toch bijna een marathon bij elkaar gezwommen. En had ik al twijfels over of ik ooit zou fietsen: zwemmen leek me helemaal onmogelijk! En kijk nou eens……
 

Categories: Uncategorized | Comments Off on Brief aan mezelf, terugblik op 2016 en vooruit naar 2017!

Een weekje Facebook

Ik doe mee aan een SantaStreak van JustKeepRunning. Elke dag van december minstens 2,5 kilometer ‘hard’-lopen. Dat pas ik in tussen het zwemmen en fietsen. Elke dag post ik op Facebook wat ik heb gedaan.

In de opdracht stond elke 10 minuten wisselen tussen zone 1 en zone 2

In de opdracht stond elke 10 minuten wisselen tussen zone 1 en zone 2


Het zwemmen ging heel erg lekker! Ik moet goed denken bij de 'nieuwe' slag (pink als laatste uit het water-elleboog hoog- kracht uit de bovenarmen): vooral aan het einde van de les. Het uurrecord zat 'm in de afstand: 2025m volgens het horloge.


 

Het gaat niet zo goed: mijn spieren trekken, ik voel me niet heel erg lekker, dus dit was min of meer een rustdag.


Ondanks de tegenvaller op het werk, toch lekker doorgelopen. Alles op gevoel gelopen. Het verbaast me hoe goed me dat afging. We deden een steigerun van 800m steeds sneller én steeds langzamer! En toen 4 keer 400m hetzelfde tempo.


Het is erg passen en meten. Vincent fietst mee, want zijn achileespees speelt op. Het gaat heel traag en het is heel zwaar.


Jawel joh: lekker fietsen door het Kotterbos met als enige doel: blijven fietsen! √ Gelukt en genoten. Daarna lopen het duister in. Heerlijk. Het liep lekker. 5km binnen een half uur.


3km hardlopen - 11km fietsen - 3km hardlopen


 

Categories: Uncategorized | Comments Off on Een weekje Facebook

Een rustweekje

Beste Trainer,
Het leek zo goed uit te komen: een rustweek in een drukke werkweek. Maandag was ik de hele dag op pad en het ging me goed af, tot ik je mailtje kreeg. Ik had niet meer beledigd kunnen zijn door wat je schreef: “Vrijwillig op eigenhoutje een koppeltraining uitvoeren… dan ben je gewoon een triatleet hoor“. Dan kun je daar nog zo’n smiley bij zetten: ik voelde me zwaar beledigd om “triatleet” genoemd te worden, want zo voel ik me nu eenmaal niet. Manuel liep een rondje mee, want ik moet toch even uitrazen dan. Manuel nam de filosofische kant op zich en vroeg me wanneer je dan wel een triatleet bent. Mijn antwoord is niet heel eenduidig, gek genoeg. Maak je niet ongerust, hoor: hoog op de ranglijst staat echt wel dat je een hele triatlon moet hebben afgelegd, so count yourself in! Ik had na 4 kilometer totaal geen enkele zin meer, maar we maakten de 6 kilometer vol. Dát, dat niet-opgeven, het dóórgaan, dat maakt me meer een triatleet dan een zelfverkozen koppeltraininkje. Hoor.
Dinsdag nam ik dan toch maar een beetje een rustdagje. Ik wandelde bijna 3km (wandelen-duh) voordat ik ging zwemmen. Dat werkt nog beter dan hardlopen! Ik ging als een speer, zat helemaal in het zwemmen en kan intussen een goed verschil tussen tempozwemmen en rustig zwemmen maken. Ik heb 2200 m gezwommen, maar het horloge begreep dat niet: die bleef steken op 1800. Ik was supertevreden!
Toen kwam ons gesprek en ik zal niet zeggen dat het gemakkelijk was (laten we er geen wedstrijd van maken wie er het meest tegenop zag), maar het heeft wel goed geholpen om een paar zaken uit te spreken. Het ging over rugzakjes en spiegeltjes. Je hebt me een paar dingen heel helder doen inzien. Het was in elk geval een gesprek waarin ik eerlijk kon zijn en jij mij duidelijk kon maken dat jouw doel nog anders ligt dan dat van mij. Mooi, kunnen we daar rekening mee houden! Ik kan weer verder op een pad wat we (blijkbaar) ingeslagen zijn. ‘s Middags waren we toch op de verjaardag van ‘oma’ en vanuit Hilversum rende ik een soepel en moeiteloos rondje door het bos en over de berg. Het voelde gemakkelijk aan. We gingen op tijd weg voor het zwemmen… maar dat feestje ging niet door! Ten eerste viel Vincent nogal hard van de skatebaan waardoor zijn pols zeer deed en zijn knie bloedde en ten tweede was mijn badpak niet in de tas uitgekomen. Niet lachen! Die combinatie bracht ons weer thuis.
Ik kon nog wel een paar dagen vooruit met de positieve insteek van ons gesprek, maar donderdag voelde ik me niet echt oké. Draaierig, misselijk. Ik dacht nog dat het wel beter zou gaan na de vergadering, maar dat was niet zo. Ondanks goed nieuws voelde ik me niet zo best. Of omdat ik niets gegeten had? Oei, ook herkenbaar he… Maar goed: die training hoefde dus écht niet van mij. Maar ik bracht Vincent toch weg en dan was ik er al en ik hoefde toch niet hard mee te lopen want het was tenslotte rustweek, dus ach, node ging ik maar. Niet mijn favoriete trainer ook nog. Na het inlopen gingen we op de baan 2x “1000m-800m-600m met daartussen 100m wandelen en 100m dribbelen” doen. Zone 3. Hm. De rest schoot er vandoor. Ik ging er langzaam achteraan. Een beetje beledigd dat degene die voor mij de strandcross deed, veel sneller bleek te kunnen lopen. Ik kan prima wandelen en en dribbelen (dat heb je me wel geleerd) en toen was het al op bij mijn vervangster. Weg respect. Ik liep met haar en nog een man mee. Mijn horloge kreeg geen hartslag binnen. Ik bleef in zone 1: dat lijkt me wel fijn met het tempo wat ik liep! Halverwege de training kwam ik er achter dat het goede nieuws echt goed was en ineens had ik kracht voor tien! Ik liet de anderen achter me en trok even door voor 1000m. ZO. De snelste kilometer even met 20 seconden verbeterd naar 4:37. Volgens mijn horloge in zone 2 hahahahahaha. Na de training (weer 10km) voelde ik me beter dan daarvoor. Ik begin met de eerste stappen op de route bij het ontdekken dat het gemakkelijker loopt als je hoofd ook meedoet.
En zo werd het vrijdag, vroeg op, met de trein naar Den Haag, besprekingen, nieuwe mensen en dat op een vrije dag. Ik stapte een station eerder uit en wandelde zo snel mogelijk naar huis en rende nog een stukje extra om er 2,5 kilometer van te maken (nog net niet op de hakken). Verder neem ik dit op als een rustdag. Die heb je ook nodig geloof ik toch, trainer?! Niet dat jij er iets van zult zeggen, maar ach.
Zaterdagochtend: Vincent sport, mama rent. Manuel ging mee. Hallo Beatrixpark. Je opdracht van vandaag was: 25 minuten in zone 2, 5 minuten in zone 3 en dat dan 3 keer. Onverhard, of in elk geval zoveel mogelijk. Ik ben nu wel een beetje klaar met het Beatrixpark! Verder ging het op de eerste paar kilometer na, erg gemakkelijk. Eigenlijk. Niet supersnel ofzo, maar ook wel opvallend moeiteloos. Ik liep de hele tijd met Manuel te kletsen. Behalve eventjes in zone3. Toen moest Manuel zich verklaren opdat we geen ruzie kregen. Ik nam iets wat Manuel zei, totaal anders op als hij bedoelde en als zone3 er niet tussen gekomen was, had Manuel het niet uit kunnen leggen. Dat was een eye-opener: het zal ‘m in de week zitten… Verder vlogen de minuten voorbij en de bruggetjes, paadjes, heen en weertjes, de berg en de skatebaan ook. We haalden de 14 kilometer en ik ben dan vooral trots dat ik de laatste 500m het tempo nog omhoog kan gooien. Daar haal ik een hoop vertrouwen uit hoor.
Zaterdag was nog niet voorbij, want we zouden gaan wandelen met vrienden. De vrienden konden op het laatste moment niet en zodoende raakten we verzeild in het munitie-bos bij Soesterberg. Heerlijk! Lekker wandelen, niemand tegenkomen, bunkers bewonderen en een uitkijkberg op klauteren. Met twee jongetjes is dat echt een must, moet je ook eens heen gaan! Het is voor mijzelf verbazingwekkend dat ik fysiek nergens moeite mee heb.
Nou, tot zover trainer, bedankt voor alles: stop maar met lezen! Dat was dan de rustweek, klaar ermee en tot volgende week! 🙂  Best netjes gedaan hoor. Tralalalala. Ik heb echt getwijfeld of ik deze zondag in het schema zou zetten of niet. Na een nacht heerlijk lang en goed slapen, kon ik er deze zondag weer tegen. ‘s Middags gingen we zwemmen: omdat er geen TVA-les is, mogen wij TVA’ers op zondag gratis banenzwemmen. Daar maken we vandaag gebruik van: DR gaat mijn slag verbeteren en Vincent het keerpunt leren. Nou, dat VOEL ik zeg… Men, wat zit ik dit te typen met spierpijn! Ik moet mijn elleboog hoger optillen en mijn slag wordt echt verbeterd. Ik kan weer opnieuw beginnen met oefenen, maar ik doe het dolgraag. 1 Van de allersnelste hardloopheren van Almere kijkt toe en bekent zelf nooit aan die triathlon te zullen beginnen. Op die momenten besef ik dat ik iets doe, wat niet iedereen zomaar oppakt. Dan vullen we de middag met een kappersbezoek en daarna wil ik nog even fietsen. Staat op het schema. Eigenlijk is het te donker, dus ik kies voor verhard op de ATB. Ik zoek wat fietspaadjes uit om het tempo op te voeren. Als de fiets weer in de schuur hangt, ruil ik de klikpedalen om voor hardloopschoenen en ga ik nog hardlopen. Het went al: ik zit er vrij snel goed in en loop lekker door. Het gaat soepel en vol zelfvertrouwen. Ik zoek gewoon de grens op. Geen enkel idee waar die ligt: fysiek verbaas ik mezelf keer op keer. He trainer, voor het geval je toch verder hebt gelezen: geen commentaar geven!!! Gewoon niet doen. Voor een rustweekje heb ik veel te weinig rust genomen – I Know. Ik haal het zelfvertrouwen uit het opzoeken en verkennen van de (fysieke) grenzen – laat me maar. Bedankt voor jouw vertrouwen. Groetjes Anke
 

Categories: Uncategorized | Comments Off on Een rustweekje

Een sportweekje

“Bewaar je rust ook” vraagt de trainer in de mail. Nou, ik weet niet of dat gelukt is……
Op maandagavond 5 december ga ik door de kou met Manuel een rondje meelopen. Of eigenlijk: die Arme Manuel moet met mij meehobbelen door het donker. Ik ga echt niet snel, gemiddeld halen we de net niet de 7 minuten per kilometer. Manuel kletst lekker moeiteloos de tijd vol. Ik had eigenlijk moeten fietsen, maar dat zie ik in het donker niet zitten. Ach, de eerste 5 hardloopkilometers van de week zitten er weer op en ik ben er nauwelijks moe van geworden. Een eigen cadeautje op pakjesavond zeg maar….. Eigenlijk is dat bijna een rustdag toch 😉
De tussen-de-middagwandeling die we met de collega’s elke dag maken (ik alleen als ik in Zeist ben), telt vandaag, dinsdag 6 december, mee voor de SantaStreak (elke dag 2,5km hardlopen). Het is dan wel geen hardlopen, maar elk tempo telt mee: als het maar minimaal 2,5 kilometer is. Het rondje blijkt 2,8km te zijn. Ik doe het er voor! Dinsdagavond ga ik zwemmen. Ik heb er echt zowaar zin in, maar vind het water wel koud! Na wat inzwemmen moeten we op tempo zwemmen. Niet naar de techniek denken, maar gáán. De trainer maant me niet meer om de twee slagen te ademen, maar om de vier. Poe hé, dat is even heavy! Ik raak buiten adem, vermoeid en krijg het nu echt wel warm. Als ik iets langzamer ga en met het achtje dooroefen, krijg ik het redelijk onder de knie. Ik adem alleen rechts. Alleen benen en de schoolslag zijn niet mijn favorieten, maar die doen we ook. Dat waren misschien niet zoveel zwemmeters, maar ik ben toch weer een slagje verder!
En zo wordt het woensdag 7 december. Zwemmen op het programma. Ik zie er maar een klein beetje tegenop, want het is nogal een verschil tussen vorig jaar NOOIT zwemmen en nu 2 keer binnen 24 uur. Ik ga proberen om zo min mogelijk te ademen, bij voorkeur 1 op 4. We gaan onder leiding van RO een heleboel techniek doen. Why not… Met zo min mogelijk slagen naar de overkant, met 1 arm zwemmen (dat was echt lastig), en heel veel benen. De hele wisselslag in 50m alleen benen. Poe. En een steigerun. Ik kreeg echt de smaak te pakken en het ging best goed. Aan het einde met achtje tijdens het uitzwemmen op lager tempo, bleek dat ik best 1 op 10 kon ademen. Toen was de les alweer om.
Maar ik had natuurlijk nog niet gerend. En dat moest ook nog eventjes. Ik besloot naar Joyce te rennen. Gewoon een klein stukje. Het begon lekker rustig aan, maar toen bleek ik elke km iets sneller te gaan. De laatste en vijfde kilometer ging dan ook in een behoorlijk tempo. We kletsten even bij en ik wilde de bus naar huis nemen. Maar dat was een vergissing… Er gingen geen bussen meer. Tenminste niet binnen een half uur. En dan kun je net zo goed rennen. Ik baalde flink, maar koud worden in de bushalte zag ik ook niet zitten. Ik wilde naar huis en dan is het best ver en laat en zwaar en donker.
Tada, door naar donderdag 8 december. Voor de zekerheid neem ik de middaglunch wandeling mee. Stel dat ik besluit er een soort van rustdag van te maken, dan heb ik toch aan de wandelverplichting voldaan! Ik heb totaal geen zin om naar de hardlooptraining te gaan. Ik heb hoofdpijn (maar een paracetamol doet haar dienst), we eten laat, het miezert, ik heb recht op buikpijn… Maar Vincent trapt nergens in en trekt me mee de baan op. Bij het inlopen spreek ik trainer PZ aan en we kletsen over het werk. Dat leidt af van het zeurderige “geen-zin”. Op de baan lopen we een steigerun in en dan wordt het 1200m redelijk tempo – 60 sec rust – 400m dribbelen – 30 sec rust – 1000m redelijk tempo – 50 sec rust – 400m dribbelen – 25 sec rust – 800 m redelijk tempo – 40 sec rust – 400m dribbelen – 20 sec rust – 600 m redelijk tempo – 30 sec rust – 400m dribbelen enzovoorts dus. Dan ben ik het al kwijt! Ik kwam bij twee heren te lopen en ik moest wel met ze mee blijven lopen, want zij wisten hoe lang de rust was en hoeveel rondjes ik moest lopen. Ik kijk alleen naar de hartslag en loop fier mee. Het ging best goed eigenlijk. Weg hoofdpijn, weg buikpijn, weg gezanik! In de rust een hartslag van 40 slagen lager pakken en flink doorlopen. We konden de serie vanwege de tijd niet helemaal afmaken. Uitlopen. Het was droog gebleven, alle pijntjes waren weg, ik voelde me tien keer beter als voor we gingen en ik had de snelste kilometer van dit jaar te pakken met een tijd van 4:51! Ik kreeg nog een melding dat mijn VO2Max (een soort meting voor conditie) nu nog hoger is komen te liggen, maar die was al ‘superior’
En dan is het vrijdag 9 december: meestal niet de rustdag! En zo ook niet vandaag. Eerst op de fiets met Manuel. Het was bewolkt, maar niet koud. Weer een rondje over de Oostvaardersdijk naar het Hollandse Hout.  Aldaar verlaten we het asfalt omdat we toch op de ATB zijn. We volgen de rode paaltjes. Over een vreselijk hobbelig pad vol tractorsporen. We maken een fotostop en dan verder door het bos. Dat is leuk tot we door de plas moeten. Ik moet midden in de plas afstappen. In het ijswater. Aj. Maar ik ga wel door en het is eigenlijk best tof. Het fietspad terug is een eindje en we lijken wind tegen te hebben. Ik vraag me af of ik nog ga rennen. Ik heb nog tijd en ik wil niet twee keer de douche in en ik wil wel eens voelen hoe het op elkaar volgt en het is maar 3 kilometer en…. ik ga dus toch maar meteen. Voor mijn voeten is het ijs- en ijs-koud. Gevoelloos koud. Voor mijn benen is het zwaar. Voor mij ademhaling gaat het rustig aan. Maar de tijden vallen enorm mee, het is niet zo langzaam als het voelt. 3 Kilometer binnen 20 minuten. Okidoki. Nog net tijd om te douchen!
En zo is het alweer zaterdag 10 december. Vincent naar de sportles, mama gaat met Joyce door het park lopen. Er staat een opdracht voor intervallen, maar ik heb er weinig zin in. Het idee was elke 5 minuten wisselen tussen z1, z2 en z3. Zone 1 ging nog goed, zone 2 ging prima en toen ging ik een extra rondje in z3, terwijl Joyce doorliep en dat ging niet prima. Ik haalde z3 met moeite en raakte Joyce kwijt. Paniek! Waardoor het hele wisselen verdween, ik wat extra rondjes liep, Joyce nergens meer zag, omliep en uiteindelijk het gele jasje weer terugzag. Ik liet haar niet meer in de steek! We namen zoveel mogelijk onverharde paadjes en slingerden van hot naar her. Er zat totaal geen systeem in! (wat op zichzelf ook een systeem is) Over de berg, over het pad, Joyce nam het asfalt, ik haalde haar via een onverhard pad in Z3 weer in terwijl ik in Z1 had moeten zitten: het was een boeltje! Ondertussen kwebbelden we wel de tijd en al onze klachten weg. Na 5 kwartier gingen we terug naar de sportlocatie van Vincent. Ik vond het zwaar, had meer dan genoeg van het rennen en als ik geen fijn gezelschap had gehad, was ik na een half uur al gestopt. Maar goed, er zitten weer 12,3 kilometer bij in de beentjes en ik werd er dan wel niet vrolijker van, maar ook niet vermoeid.
En zo werd het zondag 11 december: met een keyboardoptreden van Vincent missen we de AlmeerderStrandCross, dus het had een rustdag kunnen zijn. Maar nee, er is een uur ‘over’ en die kan ik volsporten! Ik ga eerst fietsen op de ATB, maar dan alles verhard. Ik neem de tijd niet om fietskleren aan te trekken, gewoon in een fijne sportbroek, trui en met sporthorloge om. En ik deed vast de hardloopschoenen aan. Plan klaar… Fiets na 11km en 32 minuten de schuur in en door de voordeur weer naar buiten voor een stukje rennen. Koppeltraininkje. Ik ging goed! Het tempo zat er lekker in en ik hoefde maar 3 kilometer. Het werden er 3,5 en die waren in 20 minuten afgerond. Niet ontevreden dat het al beter gaat om fietsen en lopen zo te combineren. En nog 10 minuten over om te douchen en een jurkje aan te doen. Want die foute sportbroek kan eigenlijk écht niet, hoe onprofessioneel!
Sorry, trainer: niet helemaal gelukt met die rust…

Categories: Uncategorized | Comments Off on Een sportweekje

Korte overzichten

Dag: Maandag 28 november
Sport: Hardlopen – interval volgens schema:

3×15(5z1-5z2-3z3-2z4)

Tijd: starttijd 20:08 duur 50:55
Afstand: 7,51
Gemiddelde hartslag: 148 / Hoogste hartslag: 171
Bijzonderheden: In de derde serie Z3/Z4 6 keer de woondome op en af gelopen 🙂
Eindcijfer: 7
Foto:  vanaf de woondome
Dag: Dinsdag 29 november
Sport: Zwemmen Training Almere Stad
Tijd: starttijd 21:02 duur 57:44
Afstand: 1875m + 50m beenslag
Bijzonderheden: ZWEMMERsHIGH! In één van de series 200m borstcrawl ging ik helemaal op in wat ik deed en dat was geweldig.
Eindcijfer: 7,5
Foto: 
Dag: Donderdag 1 december
Sport: Hardlopen – training TVA (ondanks dat het niet op het schema stond)
Tijd: starttijd 19:01 duur 1:05:35
Gemiddelde hartslag: 154 / Hoogste hartslag: 174
Afstand: 10,14 km
Bijzonderheden: De rondjes op de baan bestonden uit: 800m matig tempo, 20 sec rust, 4x200m hoog tempo gevolgd door 100 m dribbel, 20sec rust. Het hoge tempo lag me! Ik ging lekker eens een keertje mee op tempo. HeHe.
Eindcijfer: 7,5
Foto: 
Dag: Vrijdag 2 december
Sport: Fietsen ATB verhard & onverhard in 1 ride
Tijd: starttijd 9:08  duur 2:22:49
Afstand: 41,51km
Bijzonderheden: Miezerig. ATBroute Kotterbos √ afgekeurd. VEEEEEEL te veel mud. Fiets sloeg er van vast. Hielp ook niet dat ik al 35km had getrapt om de Oostv.plassen heen met te weinig voeding achter de kiezen. Zwaar, vies rondje. 2 Keer (kei)hard gevallen.
Eindcijfer: 7
Foto:  Mooi langs de Oostvaardersplassen maakt het toch een zeven
Dag: Vrijdag 2 december
Sport: hardlopen; kort rondje voor de ‘santastreak’: elke dag in december 2,5km hardlopen.
Tijd: starttijd 14:05  duur 26:07
Afstand: 4,33 km
Gemiddelde hartslag: 151 / Hoogste hartslag: 158
Bijzonderheden: Lekker gehobbeld, zoveel mogelijk onverhard. gemiddeld tempo 6:02 in zone 2.
Eindcijfer: 7
Foto: 
Dag: Zaterdag 3 december
Sport: Wandelen en hardlopen
Tijd: starttijd 9:10 (wandeling)  duur 44:45 (wandeling) /  starttijd 16:03 (run )  duur 31:21 (run)
Afstand: 4,02 km (wandeling) / 4,81 (run)
Gemiddelde hartslag: 147 / Hoogste hartslag: 157 (run)
Bijzonderheden: Mijn hoofd stond niet naar rennen: het deed zeer. Dus wandelden Rob en ik door de koude ochtend. Tijdens de zwemles van Vincent ging ik kalm aan hardlopen door het Beatrixpark. Ik had het koud, maar liep toch elke km ietsje harder (de eerste vier). Zoveel mogelijk onverhard, over de berg, geen dubbele paden. De WC won het van de 5km volmaken.
Eindcijfer: 6,9
Foto: 
Dag: Zaterdag 3 december
Sport: Zwemmen
Tijd: starttijd 16:59 duur 1:00:17
Afstand: 2000m
Bijzonderheden: Nieuw record qua afstand! inzwemmen; 2x(4×50) slepen, aantikken, bijleggen, armen; 200m duurtempo; 2×50 benen (bleh); 2x elkaar meeslepen (zwaar zeg); 6×100 zelfde tempo – dat was me een ding: ik ging steeds sneller en ik kwam er dan ook helemaal in Ik GenOot; uitzwemmen tot 2000m
Eindcijfer: 8 (!)
Foto:
Dag: Zondag 4 december
Sport: hardlopen
Tijd: starttijd 14:00  duur 53:30
Afstand: 10,01 km (en 1,3km uitlopen/wandelen)
Gemiddelde hartslag: 162 / Hoogste hartslag: 168
Bijzonderheden: Na vrijwilliger zijn bij de Sinterklaasloop mijn ‘eigen’ wedstrijd gelopen: zonder publiek, zonder druk, zonder medelopers. Vanuit Almere Haven naar huis toe. Afzien. Ik dacht vanaf km 7 ‘waarom?’, maar afhaken staat er niet bij in mijn woordenboek. Behoorlijk tevreden over de tijd.
Eindcijfer: 7,4
Foto: Klaar!

 

Categories: Uncategorized | Comments Off on Korte overzichten

Vertraagde Blog

21 november: na weer flink opruimen op deze vakantiedag, had ik zin om te gaan lopen. Joyce aangeklampt en die kon/wilde/ging ook wel mee. Slecht weer, nou en… Geen schema, nou en… En toen kreeg het katertje zijn renuurtje, belde het vriendje van Vincent aan en kleedde ik me om. Aparte combinatie en hét moment om het schema binnen te krijgen. 30 Minuten zone 1, 30 minuten zone 2. Uitstekend. Laten we het horloge ook maar meteen instellen. Een kwartier later dan afgesproken waren we op weg. Het weer viel mee en het was zelfs warm. Het horloge viel tegen, want mijn hartslagzones lagen wel erg laag. Ik moest blijkbaar onder de 120 blijven, terwijl dat 135 zou moeten zijn. Dan schiet het echt niet op! We liepen langs de Vaart te kwebbelen. En daarna een rondje om de Leegwaterplas.

bewogen.......


De hartslag mocht door naar zone 2, maar het horloge bleef protesteren. De lucht was erg mooi. Ik bedacht me dat ik de lunch had geskipt en kreeg best trek. Het werd donker en de lucht was mooi. Na een uur waren we wel zo goed als rond en niet nat geworden. De eerste 9 kilometer van de week zitten er weer op.
23 november: zwemmen op woensdagmiddag. Dan kunnen Vincent en ik tegelijk zwemmen, maar daarvoor moeten we wel helemaal naar Poort toe. We nemen een andere jongen mee en we zijn ruim op tijd. Ik mag natuurlijk in de langzaamste baan mee. Van de coach moet ik me niet alleen op techniek richten, maar ook op gewoon zwemmen. Intussen voel ik me in het water al lang niet meer angstig of unheimisch. Ik zwem gewoon en probeer bij het inzwemmen met achtje 1 op 3 proberen te ademen. Linksom is zo raar voor mij. We gaan maar meteen 4 keer 200 meter zwemmen. “we hebben een uur de tijd” klinkt het al in mijn baantje! Na 200m 50m rugslag en 30 seconden rust. Na de eerste serie leert trainer JC mij nog maar eens om beter in te steken en ik ga er meteen mee aan de slag. Toch lekker techniek! 😛 Ik vind het nog wel moeilijk om die 200 meter uit te tellen hoor. Ik raak de tel kwijt bij die baantjes als ik het ritme te pakken heb. We moeten de wisselslag doen, maar die vat ik niet, ik kan niet vlinderen hoor. Ik weet niet wat we nog meer doen, maar het uur vliegt voorbij. Aan het einde moeten we nog 100m zo snel mogelijk zwemmen, nou dat is niets voor mij!
24 november: niet mijn dag. Ik lig op de bank, lees en kijk TV. Ik kom nergens toe en wil ook niks. Node ga ik ‘s avonds naar de training. Het is bitterkoud. De groep is niet zo groot (maar 12 mensen) en R traint ons. Ik heb alle reden om niet meer zin te krijgen. Ik ben stil, we lopen lekker een eind in. Rustig tempo, dat gaat goed. Ik merk wel dat ik wat ruimte moet hebben. Op de baan gaan we 800tjes lopen. 700m daarvan in Z3, 100m wandelen. Ik zit al snel hoog in z3 en kan de rest bij lange na niet bijhouden. Ik geloof er niks van dat zij in zone 3 blijven! Niets. Maar ik doe het wel. Dan loop ik maar alleen en achteraan. Het is toch veel z4 waar ik net in zit. R komt bij me lopen en maant me mijn eigen tempo te houden: ‘de meesten trainen veel te hard’, bevestigt hij mijn vermoeden. Dat is ook de reden dat we moeten wandelen, want dribbelen kennen deze mensen niet. Mijn hartslag tijdens de 100 m wandelen ligt tussen de 30 en 40 slagen lager. Daar hoeft ik niets ontevreden over te zijn. In de derde of vierde 700m laat ik mijn hartslag ook los, ik loop gewoon lekker door (net in z4). Mentaal gaat het nog steeds helemaal niet goed, maar fysiek zou ik wel willen dat ik dit soort tempo’s volhield in z3/z4. We lopen nog uit en ik raak heel erg verdrietig doordat ik hoor dat mede-atleten soms binnen een kwartier opgeven en weer thuis zijn van een training. Ik loop nog een rondje uit de baan, omdat stilstaan te kil is en ik de 10km wil halen en het uur nog niet helemaal voorbij is.
25 november: Vincent is vrij en we moeten een hoop doen: naar de winkels, surprise maken, IJsblokje opvoeden (wat een dagtaak is vandaag), vriendin te woord staan en dan is het ineens half 4 en ik wil fietsen. Vincent gaat mee, dus we halen de racefietsen (nog 1 keer?) te voorschijn. Het wordt al koud en glad en vroeg donker. We gaan niet het Kotterbos in, want daar heeft Vincent geen zin in. Ik maan hem om de gladde bladeren in acht te nemen. We gaan vandaag rustig aan. We rijden onder de A6 door, waar file staat. De zon is prachtig, maar het is koel. We gaan iets harder over de weg. En dan de A27 over. Naar beneden worden er wat snelheidsrecords verbroken. Dan weer de A6 over waar de file zich uitbreid. We maken een vierkant rondje over het industrieterrein van het datacenter waar papa (niet meer) aan het werk is. Dan moet ik voorop fietsen en Vincent trekken over de Trekweg tegen de (ijskoude) wind in, maar dat doe ik graag. De lucht kleurt prachtig. We fietsen nog geen uur en net geen 20 kilometer. Door naar de muziekles!
26 november: het was koud. Bitter koud. IJskoud. Vrieskoud. Maar goed: warme broek en 3 laagjes (heb ik vorige week bij de fietscursus geleerd) en lekker gaan lopen! Vincent naar de aikido gebracht en van daaruit ga ik twee rondjes Weerwater doen. Halverwege (of eerder) ga ik Joyce tegenkomen. Ik loop de eerste km rustig in om op te warmen. Dan ga ik steeds ietsje sneller. Ik pieker lekker door tijdens het lopen en ben blij dat ik Joyce dadelijk ga zien. Bij de flats ontwaar ik haar. Met muts en warme jas aan. Helaas voor Joyce ligt mijn tempo intussen rond de 6:10 en dat verander ik niet zo snel. Ook niet op het onverharde paadje. Het is mistig, maar de kou valt mee. Mijn handschoenen zijn inmiddels uit. We lopen over Pi en dan volgt het volgende rondje Weerwater voor me. Ik neem net andere paden, zodat je kan zien dat ik twee rondes heb gemaakt, haha. We kletsen wat en ik loop eigenlijk weer eens een keer heerlijk. Niet te snel, niet te hoge hartslag, niet te koud: het gaat goed. Jammer dat er weinig uitzicht is. Vlak voor de snelweg nemen we een gelletje en dan gaat het lekker even snel! Ik wil het tempo elke keer wel ietsje lager leggen, maar dat lukt niet zo goed en we blijven rond de 6:10 steken. De tweede keer lopen we langs de winkels en dan zijn we eigenlijk nog wat vroeg, dus lopen we een klein rondje extra. We stoppen even voor een slok (koel) water en lopen rustig uit tot de 15 km erop zitten. Het vriest nog steeds.
‘sMiddags mag ik weer zwemmen. Ik zie tegen vrijwel elke training op, maar niet tegen het zwemmen. Ik mag nog lekker langzaam zijn en ik vind het water heerlijk. Het triathlon-maatje kan dat niet volgen, die ziet er wel tegenop. Ik ga lekker inzwemmen en proberen 1 op 3 te ademen. Met achtje lukt dat best. Dan gaan we 5×50 techniek zwemmen. Eerst benen, bah. Dan aantikken en nog wat geneuzel. Ik let ontzettend goed op het insteken en doorhalen van mijn armen. Het gaat me steeds beter af. Ik zwem voorop, zielig voor de rest he?! We moeten 100m op 80% crawlen. Geen idee hoe dat is, maar goed. Ik laat de (3) heren voor. Dan volgt een ingewikkelde serie van 2×150 op 90%, dan 4×75 op 100%, vervolgens 6×50 op 110% en tot slot 12×25 op sprinttempo. Ik vind dat raar: ik ga altijd voor 100 procent! Nog weinig verschil bij mij. Ik let alleen op de techniek. Inmiddels zwem ik niet meer met het achtje tijdens de les. Ik probeer wel iets harder te gaan en merk dat ik met de 110% nog beter de techniek oppak. Het sprinten vind ik raar genoeg heel leuk. Ik adem 1 op 4 en let niet op techniek, maar ga gewoon zo snel mogelijk. Ik haal de man met flippers in. Ik ga er niet meer dood aan. Het triatlonmaatje vind dit maar een stomme, vermoeiende, dodelijke sport. Ik weet nog hoe moe ik was, dus ik begrijp hem wel, maar ik vind er niks stoms aan.
27 november: ik heb me de halve nacht druk gemaakt over het fietsen. Kan ik dat wel? Durf ik dat nog? En helemaal daar naartoe rijden…. En zo vroeg op… Ik had niet bedacht dat het brood op was en dat ik met veel te weinig ontbijt op weg ging. Om kwart over 8 al in het stadscentrum…. En dan met drie fietsen op de drager en twee triatleten naar Lage Vuursche rijden. Ze hebben me leuke feitjes verteld. Het was niet zo koud als gisteren. Er waren veel mensen bij van de fietsenwinkel. We gingen eerst met zijn allen de hele route rijden. Ik ga lekker achteraan, want ik heb niet zoveel lef of snelheid. Ik vind het erg prettig dat er geen modder is. Lekker veel eenvoudige hobbeltjes. Nadeel van achteraan rijden is dat als er ook maar iemand voor je stopt, je ook stil valt. En dat het heel vaak groep-verzamelen is. Het was best druk op de track. Geen onmogelijk hoge heuveltjes met glibberige modder. Ik kreeg het warm en ik had wat trek. Maar niks eten he (ik had maar 1 gel bij me) en geen jas uitdoen hoor. Ik had geen haast en had samen met AS het adagio: doe maar langzaam aan, dan geniet je er langer van! Wij vochten om de laatste plaats. Allebei schijterts… Nadeel van de laatste plaats is dat de heren van de fietsenwinkel dat tempo zo laag vonden dat ze enorm aan het kakelen sloegen, wat ik lastig vond. Ik ben niet van de grote gesprekken. Mijn hoogtepunt is als ik meneer HB inhaal op een heuveltje omhoog en hij vriendelijk Go Anke zegt. Ik haal iemand in! Ik hou niet van het wachten elke keer, ik ben hier om te fietsen. Ik ken de route toch niet en weet niet waar ik blijf. Het eerste rondje duurt een hele tijd. Aan het einde gaat het vals plat omhoog en dan begin ik te kletsen met A en M. We mogen nog een een rondje. Ieder op eigen tempo. De snelsten zullen ergens halverwege wachten. Hier heb ik zin in. Ik ga achterop mee, maar dat groepje van SK, AS, MB, EA en een meneer stopt. Ik ga liever door en kom alleen te rijden. Mijn doel is om op de fiets te blijven zitten. Dat is dan al 1 keer mislukt. Ik moet nog een keer afstappen voor een grote omgewaaide boom op het pad. Achter me rijdt een jochie met zijn vader. Ik voel me een beetje opgejaagd, maar Tjardo heeft verteld dat inhalen aan de inhaler is. Ze wachten tot een goed moment en roepen dan tring-tring. Ze rijden me voorbij, zonder dat ik hoeft te stoppen en dan begint het Grote Genieten pas echt. Veilig voor als er iets misgaat met een paar bekenden achter me en verder niemand te zien. Het bos voor mij. De heerlijke geurtjes voor mij. De boompjes, het zand, de heuveltjes. Ik hoeft niet af te stappen, niet te stoppen, ik hoeft alleen maar lekker te sturen en te trappen. Klaar. Zo simpel kan het zijn. Genieten maar. We komen op het moeilijk punt bij de afdaling en daar wacht de rest. Jammer dat ik mee moet wachten, ik genoot net zo! Dan maar een gel eten, want ik heb echt trek intussen. Daarna weer door en voorop lijken ze een soort wedstrijd te houden wie wie kan inhalen. Ik doe niet mee. We vertrekken met het groepje, maar zij pauzeren nog een keer en ik ga met de meneer door. Tot hij even later ook weer wacht. Ik ga door in mijn eentje. Dadelijk komt het prachtige bos, wat ik graag alleen doe. Ineens heb ik het helemaal door: ik ben gewoon een mens met wieltjes: ik zit niet vast op die fiets, maar die fiets zit vast aan mij. Ik hoeft niet alleen voor me op de grond te kijken, maar ik kan ook om me heen kijken. Het is zo gaaf! De spanning is er (eindelijk) af. En dan schakel ik letterlijk en figuurlijk een tandje hoger. De vrees voorbij. Ik ga hard, ik scheur gewoon! Dan vallen de hobbels mee en is het nog veel toffer. Ik ga tegen de 20km/u door het bos heen. Heerlijk alert. Voor me uit fietst iemand op het vals plat. Ik hoeft niet in te halen, maar ik ga zo rap dat het me gemakkelijk lukt. Iemand van ons, nog wel! Ik baal dat het rondje er al weer bijna op zit. Ik heb nog energie genoeg, net als elke keer. Ze zijn even verbaasd als ik eerder kom als de rest. We maken nog een groepsfoto en dan is de cursus voorbij. Ik heb wel veel geleerd en ik ga zeker nog terug naar Lage Vuursche!

Categories: Uncategorized | Comments Off on Vertraagde Blog