10 kilometer Noordwijkerhout

Vooraf: ik zou de halve marathon gaan lopen, ideetje van GN. Maar ik heb de laatste tijd wel erg weinig lange lopen gedaan om dat veilig te verantwoorden. En ik hou DH en GN niet bij! Voor de wedstrijdspanning kan ik net zo goed 10 kilometer doen. Vincent gaat zelfstandig 5 kilometer lopen. Omzetten is snel gebeurd en in vergelijking met een duatlon of triatlon is een hardloopwedstrijd een eitje met maar 1 tas! De dames vertrekken het eerst en dan is voor Vincent de spanning voelbaar. Ik neem een gelletje, een beetje toverdrank kan geen kwaad! Nog snel even naar de WC en dan het startvak in. Ik hou mijn hartslag argwanend in de gaten, maar boven de honderd komt die niet uit. Punt voor Anke! Ik ben wel gespannen, maar het verlamt me niet. Ik hoop rond de 5:30 te gaan lopen of ietsje harder, zodat ik op 53-55 minuten uitkom. Het is mij wat te warm en te zonnig eigenlijk. Ik heb de route niet bekeken, ik laat me verrassen.
Start!
Kilometer 1: ik ga niet al te hard van start en zoek mijn ruimte. Ik voel me goed en mijn benen hebben hier echt zin in. Rustig proberen iets van een eigen tempo te zoeken. vier tweeenveertig! Dit is te gek! Iets langzamer is prima. Al voelt dit ook prima. Hoe kan dat nou?! Dit is verre van 5-dertig. Ik leg het naast me neer en ga wel zien waar ik uitkom.
Kilometer 2: Saaie rechte weg. Ik kijk naar de mensen om me heen en de nummertjes op de weg. Voel de wind en de gel stroomt door mij heen, haha. Ik hou van de wind en vind een eigen tempo wat me bevalt. De rest zal me wat, ik doe dit voor mezelf, alleen voor mezelf. Geen trainer, nog wat vage tips op de achtergrond, maar ik doe dit helemaal alleen. Yeah right, ik ga “iets” langzamer met 4:55.
Kilometer 3: Nog meer lange rechte weg. Hoe zou het Vincent vergaan? Hij zit in mijn gedachten. Mijn hartslag blijft onder de 170, dus ik heb nog over. Dat zal ik straks wel nodig hebben als de gel opgebruikt is. Ik ben vooral benieuwd wanneer dat zal zijn. Ik gok rond de 6 kilometer. Voor nu kachel ik door. Weer 4:55. Raar hoog tempo voor mij. Zo gaat er iets om de 50 minuten komen, maar ik droom niet vooruit en blijf in het moment. Ik ga zien wat er vandaag in zit.
Kilometer 4: drankpost sla ik over. Jammer dan. Ik vind de weg grappig vol toeristen en hardlopers en tussen de bollenvelden. Het tempo ligt vast op 4:55. Er volgt een kort moment van spijt dat ik niks gedronken heb, maar terug kan ik ook niet meer.

Vincents Finish


Kilometer 5: Wie zou sneller zijn, Vincent of ik? Vincent zal wel binnen zijn. Ik zie wel een flinke heuvel. En een golfbaan. Ik onthou de kilometertijd niet, maar de vijf-kilometertijd ligt op 24:22. Top. Iets met ’50 minuten’ heeft eventjes de overhand.
Kilometer 6: Tussen de bollenvelden en de fotograferende Japanners door. We zijn net iets te laat in Halfweg, want we zijn al over de helft. Weer een bocht door en dan slaat het toe: de gel is op. Het buffelen begint hier. Niet dat ik me inhoud, vooral de bocht remt even af. Ik loop naast een man en het tempo blijft hoog. Net boven de 5 minuten. Kan ik hebben, maar het zou fijn zijn als het onder de 5:10 blijft. Niet druk over maken! Voelen dat de verbranding overgaat is ook wel grappig ergens.
Kilometer 7: Ik loop met de man mee. We wisselen 3 zinnen en ik stel voor de conversatie 3 kilometer uit te stellen. Hij kan iets harder doorlopen dan ik. Deze twee kilometer zijn afzien. Ik wil ze binnen tien minuten afhandelen en dat geeft me kracht. Deze kilometer is weer wat sneller met 4:52. De weg is weer lang en de wind dwarrelt om ons heen. Dat vind ik zalig.
Kilometer 8: lange rechte weg en wind. Ik neem nu wel twee slokken water en een spons. Kost me een paar seconden, maar straks levert het wat op hoop ik. Binnen tien minuten… Even doorzetten. Ik weet niet hoe lang ik over deze kilometer doe, mis het. Ik ga aan het doorzetten. Nu nog tien minuten en dan ben ik er klaar mee. Ze kunnen al op me wachten. Of ik het binnen 50 minuten haal? Op dit moment zal het me een rotzorg zijn!
Kilometer 9: Hoe ik het doe kan me niet meer schelen, maar ik zet er nog de sokken in. Ik trek nog hard door en raak het spoor wat bijster. Haal deze en gene nog in en stamp verder. Doorzetten is doorbijten geworden en zo snel mogelijk naar de finish zien te komen. Ik ga lekker.
Kilometer 10: Noordwijkerhout weer in. Veel bochtjes. Klinkertjes. Woonwijk. En dan is het doorbijten ook op. Tandenknarsen en volhouden – meer is er niet over. 50 Minuten kan me niet meer schelen, ik wil er zijn, ik ben op, ik ga kapot. Ik wil niet meer. Afzien. De hartslag loopt op, maar mijn gezichtsveld wordt heel klein en ik merk niks meer op.
Mijn horloge tikt de tien kilometer af op 49:22. Maar de finish is nog twee bochten verder. Vincent moedigt me aan, maar een eindsprint zit niet meer in mijn benen. Kan me ook niet meer schelen, ik geef wat ik kan, dit is waar ik nu ben. Ik finish en klok zelf 50:05. Ik vind het onmiddellijk helemaal prima en goed.
Klaar!! Gefinisht!!
Dan ben ik leeg, emotioneel klaar en ik heb zeker 6 minuten nodig om bij te komen. Ik drink, zeg niks, vreet winegums, vraag Vincent niets en kan ook niet veel meer. Dus ik heb alles gegeven wat ik had en daar ben ik onwijs gelukkig over. Dan ben ik opeens weer bij: Vincent heeft ‘maar’ 3,8km gelopen omdat de wegwijzer fout stond en dat op flink tempo. Ik ben trots op hem. Kleine held!
En ik ben blij met wat ik zelf gedaan heb: geen wrok over een paar seconden. Ik heb sinds de Kidney Run 1 minuut en 20 seconden gewonnen. Ik heb lekker gelopen, ik heb afgezien, ik heb kracht getoond en ik ben volkomen tevreden. Dat de andere meiden de HM binnen de 1 uur 50 lopen, vind ik knap van ze; zonder een greintje jaloezie.
De officiële tijd is 50:03. Wederom vind ik dat helemaal goed. Er zijn 5 vrouwen in mijn categorie sneller en 19 langzamer. Had ik 4 seconden sneller kunnen lopen? Vast wel. Maar was het meer dan 10 kilometer? Ook wel. Het is helemaal goed zo. Dat zijn heel veel punten voor Anke 😀

Categories: Uncategorized | Comments Off on 10 kilometer Noordwijkerhout

kort (maar krachtig)

maandag: tussen het werk en de vergadering door even een half uurtje trappen. Samen met Vincent geoefend op het stayeren: vlak achter elkaar fietsen. Ik grotendeels voorop.
dinsdag: zwemmen ‘s avonds. Baan 2. Veel gezwommen en geleerd dat je zelfs onderweg kan hoesten in het zwembad. Ingewikkelde piramide gezwommen: Inzwemmen; 100heel-100armen-50heel, daarna 50benen-100armen-150heel-100armen-50benen-100armen-150heel-100armen-50benen-100armen-150heel. Toen 50 wrikken buik, 50wrikken rug en 2×100 100heel, 100armen en 2×150; 150 heel, 150armen. Tot slot 1×200 heel en 150 uitzwemmen armen. Voor de kenners onder ons 😉
woensdag: ik wilde fietsen én zwemmen én hardlopen, maar fietsen kon niet in het woensdag-programma worden ingepast. Zwemmen wel. Baan 2 weer. Ik zwom de helft met en de helft zonder pullboui en nam netjes een deel van het ‘op kop zwemmen’ voor mijn rekening. De dames waar ik eerst zo tegen op zag, dat zij zoveel en zo goed konden zwemmen, hou ik nu (met gemak) bij.
‘s Avonds terug naar de oude loopclub. Met angst en beven (letterlijk) heen gerend, maar ik mocht mee. Trapjes en heel veel asfalt. De conditie en de kracht is geen enkel probleem, de snelheid is duidelijk verminderd. Niet slecht, maar minder dan toen ik ‘alleen maar’ rende. De trainster pikte het erg goed op, lieve meid is dat toch zeg. Leuk om bij te kletsen en de kaders weer eens te herzien van ‘supermensen-triatleten’ naar hooggemiddelde hardlopers. En gewoon terugrennen he, maar dat was behoorlijk koud.
donderdag: Vrije koningsdag. Na het rondje vrijmarkt en de bui op de fiets gesprongen. Band weer niet honderd procent. Elke 5km iets harder. 13 min/ 12 min/ 11 min/ 10 min en wind mee op de dijk en doorbikkelen tot 9 min. Toen een blokje uitfietsen. Zin ontbrak een beetje, maar de heren schaakten samen, dus ik ging nog even rennen. Gemiddelde tempo van 5:40 en ik vond het wel best. Ik schaamde me toen ik de trainster van gister tegenkwam: alsof ik altijd alleen maar sport (en is dat dan niet zo…..) 5 km in 28 minuten is tegenwoordig wat aan de langzame kant, hahaha! Ministukje schelp uit de buitenband gehaald en voor de vierde keer een binnenband vervangen; hopelijk is dat nu over.
vrijdag: fietsen op de fietsendrager: 3 stuks, 3 mountainbikes en op naar Lage Vuursche! Papa, mama en kindje gingen lekker trappen over de worteltjes, door het zand, over de heuvels, over de bobbels en door het bos, bos bos bos. Vincent voorop voor de route, mama die nog moet leren schakelen achteraan. Soms een stopje, niet te snel en helemaal niet druk! Op het laatst nog even lekker hard trappen (dat kan mama dan weer wel). Het uur vloog voorbij, veel te snel.
zaterdag: eerst even rustig aan uitfietsen. Muziekje op van Ed en vooral kalm aan genieten. Beetje dijk, beetje zon, lekker door het Wilgenbos en mijn eigen tempootje van niks. ‘s Middags lekker gaan zwemmen. Baan 2 is te druk, dus wij -2 dames- steken over naar baan 1. Daar volgen we het programma van baan 2 gewoon. Het gaat goed, maar mijn hemel- wat voel ik me onuitstaanbaar woedend, kwaad en agressief. Daar helpt niets meer tegen.
Zondag: na de wedstrijd in Noordwijkerhout (aparte blog) weer gaan zwemmen. 15 of 16 mensen verdeeld over 2 mensen per baan. Ik ben gestrest, omdat ik me een uur verrekend heb en maar net op tijd ben. De eerste drie kwartier zwem ik supergoed (ook al is het met pullboui) en vooral de snelle banen gaan me goed af, het laatste kwartier speelt de gemiste lunch me parten. Ik zwem maar wat mee. Uiteindelijk bedank ik de trainer: mijn grote vriend zal het niet worden, maar ik leer ongelooflijk veel van hem en ik stel hem persoonlijk verantwoordelijk dat ik de borstcrawl heb geleerd. Nog steeds geeft hij me tips en helpt hij me.
 

Categories: Uncategorized | Comments Off on kort (maar krachtig)

"Er was eens…." een serie korte sprookjes

Er was eens…..

(maandag 17 april – tweede paasdag) Er waren eens een moeder en een kleine prins en het was droog weer buiten. Moeder en de kleine prins gingen naar oma fietsen. Op hun stalen rossen Trek en Scott. Hie-haa. Ze volgden de nummers en praatten onderweg. Ze reden door het bos en langs het water. Ze keken goed uit onderweg. En op de brug stopten ze kort om met een voorbijganger te praatten. Het ging goed, tot ze van de brug af kwamen. Toen had Scott last van zijn achterpoot ehhh -band. Gelukkig kon mama Scott weer op de ‘been’ helpen en zo konden moeder en de kleine prins weer verder. Langs de lichten en over de rechte weg spoedden ze zich. De kleine prins leek wel te vliegen! Toen de nummertjes op waren, betrok de lucht. Het begon hard te waaien en het werd koud, maar gelukkig waren de moeder en de prins er al bijna. Na ruim anderhalf uur waren de kleine prins en zijn moeder veilig bij oma.
En toen ging de moeder nog een stukje hardlopen. Want de zon scheen weer. Moeder ging naar de berg en straalde de berg op. Moeder had leren vliegen van de kleine prins. Na een fotostop schoot moeder weer naar beneden. Moeder genoot. Groot en veel. En moeder zette even door en ging sneller dan ooit tevoren op de vijf. Met foto en berg op zesentwintig minuten. En zo was de paasdag een prachtdag geworden.
Er was eens…. (18 april) een dagje hard werken en veel doen. De oude rooie roos bleef prikkelbaar. Onbuigzaam. Alleen ging de roos te water. De roos nam het op tussen de mannetjes van twee. Vaak met en soms even niet. Het waren allemaal hondertjes en vijftigjes. Roosje deed haar best, maar echt gemakkelijk werd het niet meer. Desalniettemin houdt de roos van water. En daar was de oude rooie roos moe van deze ene keer.
Er was eens….(19 april) Een klein meisje en een witte fiets. De fiets moest naar buiten en het meisje ging mee. De fiets wilde hard en het meisje ging soms hard mee. Ze gingen naar de grensdijk. Het meisje en de witte fiets. De ene keer zei de fiets: we gaan hard tot aan de brug. De andere keer zei het meisje: we gaan hard tot het viaduct. En elke keer werkten de fiets en het meisje in harmonie samen. Hard om het water heen. Zachtjes over het water heen. Het meisje en de fiets zitten niet meer aan elkaar vast. Dat geeft het meisje meer houvast. De fiets en het meisje waren op tijd weer thuis. Tevreden en wel.
En toen liet het meisje de fiets alleen achter en ging ze het water in. Ze nam de vissenstaart voor de helft mee. Gedoe met techniek en weer de hondertjes. Wel tien! En de beentjes moeten losjes meedoen. De arme fiets hield zijn plekje aan de haakjes vast.
Er was eens… (20 april) Een hele grote groep  met krijgertjes. Ze renden door het bos. En langs de palen. Ze renden lang niet allemaal even hard. En ze deden alsof ze touwtje sprongen. Het laatste krijgertje was niet blij, die voelde zich al moegestreden voor het begon. Het was een rare club krijgertjes die rondjes gingen rennen. En elk rondje hard en zacht. Steeds weer een rondje. Het laatste krijgertje kreeg maar weinig verschillen tussen hard en zacht. Het laatste krijgertje deed ‘r best en hobbelde wat mee. Maar het laatste krijgertje bleef hobbelen en hobbelen en hobbelen. Ook negen rondjes. Het laatste zwijgende krijgertje werd een twee-na-laatste krijgertje. En het krijgertje liep op het gras. Verloren. Uiteindelijk worden kleine krijgertjes ook groot. Later, als ze volhouden en de strijd aan blijven gaan.
Er was eens… (21 april) Een koning en een heksje die gingen uit fietsen. Ze gingen een zwierig groot rondje maken. Om het water heen. De koning op het sterke paard, die de wind niet omgeblazen kreeg. Het heksje op een witte merrie die scheef ging in de wind. Ze gingen langs het water. En daar bemerkten ze hun fout. De Grote Boze Wind nam ze mee de verkeerde kant op. De Grote Boze Wind dreef ze het bos in. Dat is nogal bochtig voor de slanke witte merrie. En toen dreef de Grote Boze Wind de koning en de heks bijna de Ellendig Lange Dijk af. De Lange Dijk en de Grote Boze Wind spanden samen. Het heksje liet zich niet klein krijgen en nam het voortouw. Met de gedachte dat ze soms even achter het sterke paard van de koning kon schuilen zette de heks de witte merrie in. Het heksje lachte de wind uit. De heks daagde de dijk uit en probeerde er steeds sneller vanaf te zijn. De strijd duurde eventjes, maar de koning en het heksje kwamen als overwinnaars uit de bus. Toen de Ellendig Lange Dijk voorbij was, gaf de Grote Boze Wind het op.
Maar de koning en het heksje gaven nog niet op! De heks nam stiekem een beetje tovergel en nam de arme koning mee op sleeptouw in de pas. Het heksje kon het niet laten het tempo toch elke keer weer ietsje op te voeren. Voor de koning nauwelijks een probleem. Na vier keer ietsje sneller moest de vijfde keer wel erg snel en toen nam de koning de touwtjes in handen en dreef het tempo op met de belofte op rust in de zesde. De beentjes protesteerden, maar de koning en  het heksje luisterden niet naar hun onderdanen, zoals ze eerder ook de Wind en de Dijk niet de overhand hadden gegeven. En de koning en de heks behaalden de overwinning. De dag was nog lang en gelukkig.
Er waren eens… (22 april) twee kleine kaboutertjes die rustig gingen rennen. Een rondje om het Weerwater en het Kasteel.  Het mooie rondje Weerwater wordt langzaam aan vervuild. En ook het Kasteel is nog lang niet af. Het tempo lag niet erg hoog en grotendeels ging het soepel. Behalve toen de weg versperd werd door gevaarlijke monsters. Behalve op het einde, toen had de kleine kabouter geen zin meer. Er waren honderd redenen te verzinnen om geen zin meer te hebben in de laatste tien minuten, maar de kabouters gaven niet op en maakten zelfs een extra lusje voor de veertien-plus.
Er was eens… (23 april) een heel kleine zeemeermin die helemaal alleen naar het water ging. Er was nog 1 andere zeemeermin in baan 2. Hadden we allebei de helft. De opperzeegod had een goede tip voor de kleine zeemeermin: kijk vooruit! Dat lijkt gemakkelijker dan het is. De zeemeermin oefent maar door en door. Ze voelt zich al helemaal thuis in het water, maar de fijne kneepjes komen nog!
Daarna ging de zeemeermin het land op en nam ze Ed Sheeran mee. Maar Ed durft het water niet in. Dus mag Ed mee op het stalen ros. Lekker rustig aan. Ed houd de kleine zeemeermin wel in. Hij zingt uit volle borst en de kleine zeemeermin danst haar voeten een beetje rond. Lekker op de wind. Waar het stalen ros naar toe wil. Met de wind mee over de Trekweg. De zonsondergang tegemoet. En zo vervaagt een mooie en volle week in een wolk van geluk.

En ze leefde nog lang en gelukkig…..

Categories: Uncategorized | Comments Off on "Er was eens…." een serie korte sprookjes

Fietsweek en een afscheid

10 april. Naar de fietstraining. Ik ga… op de fiets. Lekker rustig. Mijn eigen tempo. Ik fiets wat mensen voorbij die in een groepje gaan. Ik ben ruim op tijd. Ik wacht in stilte. Ik heb het koud. We gaan achter SJ aan met alle volwassenen. Dat zijn er niet zoveel. Ik fiets naast FS en we kletsen. Via een omweg naar de havenkom en van daaruit gaan we de dijk op. 100 omwentelingen per minuut. Mij zegt het niets: dat is gewoon hard. Ik fiets in het midden, hou AS een stukje bij, maar voornamelijk fiets ik mijn eigen hart eruit. Best ver, best zwaar. We moeten in de hoogste versnelling naar boven trappen. 60 omwentelingen zegt de trainer. ‘t Zal wel! Ik moet enorm lachen om de A380 die een bocht boven ons maakt en waar Manuel in zit te zwaaien. Mij lukt dat niet. Ook ik ga 4 keer omhoog. Als laatste weliswaar en dan mag ik meteen doorgaan met uitfietsen. Dat haat ik nou zo! Net alsof ik niet mijn best doe en niet uit hoeft te rusten en al die supersnellen wel. Dat soort trainersmethoden háát ik. We fietsen heel lang uit en ik kwebbel met MZ. Goed voor mij, dat fietsen in een groep. We zijn veel te laat en in de havenkom wordt er even naar de wachtende kinderen gebeld. Het wordt kil. Ik fiets naast de trainer voorop en uit mijn ongenoegen, maar van hem had ik niet meer omhoog hoeven fietsen. Voor mij de omgekeerde wereld: als de snellen meer aankunnen moeten zij meer doen en niet ik minder. Ik vind het niet erg voorop tegen de wind in te moeten fietsen. Ik durf mijn arm zelfs uit te steken tegenwoordig! Ik ben wel blij als we er zijn. Voor mij is 35 kilometer een flink rondje (na 10 kilometer infietsen).
11 april. zwemmen! Er was geen trainer, zo was aangekondigd. Maar één van de medezwemmers nam de taak als interim op zich. Jammer dat 1 iemand in baan 2 zijn eigen ding bleef doen, maar goed.. ik zat dus weer in baan2. En hield dat goed bij. Wat zeg ik? Prima bij. Vooral met pullboui. We deden een piramide: 50-100-150-200-150-100-50 en elke keer heen snel en langzaam terug. Daarna deden we 10×50 afgewisseld schoolslag en borstcrawl. Het idee was met keerpunt, maar er zijn nog dingen die ik écht niet kan ( lees: durf). Deed ik het zonder pullboui. Toen 100m beentjes: yek. 150 armen: okidoki. En 150 schol: neeeehh Ik was het na 100m zo zat dat ik overging op rugslag. Toen nog uitzwemmen tot de teller op 2500m stond.
12 april. Een lange werkdag die vroeg begon ( om 8 uur al) en me op een middag waarop ik normaal niet werk, naar Tilburg bracht. Alsof dat nog niet genoeg drukte was, nam ik een belangrijk besluit op sportgebied. Ik ga zonder mijn trainer verder. Ik hoorde de laatste tijd steeds minder van mijn heldencoach. Hij reageerde nog maar mondjesmaat op mijn schema en toen ik aangaf zelf onder zijn begeleiding de schema’s te willen opzetten, werd het helemaal stil. Hij hielp me wel verder, maar het was net iets te weinig steun voor mij. Op een indringende mail die ik zondag verstuurde hoorde ik weer helemaal niks, niet eens een korte memo of het ontvangen was. Vandaag was de maat vol. Ik stuurde een app waaruit bleek dat onze wegen zich scheidden. De reactie daarop was ook lauw en toen trok ik gefrustreerd de hardloopschoenen aan, laat op de regenachtige avond. Ik liep natuurlijk niet echt lekker, en voelde mezelf nogal stampen. Maar dat werkt altijd nog beter dan veel snoepen of alcohol gaan drinken! Mijn trainer heeft me heel, heel ver gebracht en ik ben hem dankbaar voor alles wat hij mij geleerd heeft. Op het gebied van hardlopen, alle wijze lessen en hij heeft zeker mijn kijk op sport en wellicht het leven in het algemeen veranderd, maar juist dat maakt het afscheid niet gemakkelijker. De regen en de vermoeidheid maakten het lopen net zo min gemakkelijker en na 6 km stond ik weer binnen. De trainer had er nog een hele dag langer voor nodig om de mail te schrijven dat hij inderdaad niet meer aan mijn verwachtingen kon voldoen.
13 april. Zo stond ik donderdag op de atletiekbaan: voor het eerst in jaren trainerloos, maar niet alleen. Er blijken veel mensen om me heen die mij willen helpen om vooruit te komen. Ik moet het durven vragen. Deze training was voor mij net zo warrig en onvoorspelbaar als ik mezelf voelde. Na het inlopen en de oefeningen gingen we rondjes lopen. Hardlopen en wandelen afgewisseld, waarbij het (denk ikachteraf) steeds de truc was het hardlooptempo gelijk te houden. De trainer blies op zijn fluitje als we mochten wisselen. Het was totaal onduidelijk hoeveel tijd we waarvoor kregen. Ik liep vrolijk en eerlijk met een meneer te kletsen. De tijd vloog voorbij. Voor mijn gevoel vloog ik zelf niet zo. Fijn dat het nu de hele tijd licht blijft.
14 april. Ik wilde rustig aan doen. Daar vroeg mijn lijfje om. Ik luister dan niet vaak, maar deze keer wel.  Stiekempjes. Gingen we op deze goede vrije vrijdag lunchen bij Manuel. En daarna fietsen met Vincent en Manuel. Lekker rustig aan. Ik vond het niet eens erg! Maar… ook niet gemakkelijk! We fietsten naar de Shell op de Waterlandseweg voor een ijsje voor Vincent. En toen over het vier bruggen pad naar de Ijspressie voor nog een ijsje voor Vincent. Niet dat het warm was, maar toch! We gingen even lekker racen op een glad stuk asfalt en dat was genoeg voor mij. Even merken dat het lukt. Onder de A6 lag veel water, heel veel water. Zonder natte voeten redden Vincent en ik dat niet. Ik verwierp direct het plan om er een loopje aan te koppelen. Zo vriendelijk was ik dan voor mezelf. En daar was ik blij mee, want meestal ben ik dwangmatiger dat ik het schema moet volgen.
15 april. De Knipscheertijdrit. De eerste tijdrit van mijn leven. Ik vond het spannend. Eng. Ik wilde mezelf een beetje pushen; als ik niet laatste werd, mocht ik als bonus gaan zwemmen. Eerst reed Vincent. Dat vond ik leuk en lief en hij deed het supergoed. Toen moest ik anderhalf uur wachten voor ik mocht starten. Ik zag SG en kletste met haar. Ik was gespannen, maar ik was er niet ziek van. Regen gooide het infietsplan overboord. Ik stond met een hartslag van 120 vlak voor de start! En toen ging ik. Lekker trappen. Ik deed mijn eigen ding. De andere helmen en sterren ten spijt. Mijn ding, mijn tempo, mijn eerste tijdrit, mijn fietsje. Mijn beentjes, mijn wind. Ik dacht aan alle geweldige verhalen van de rest, aan de bloemen langs de kant en dat ik hier zo kort mogelijk van moest genieten. Ik werd ingehaald. Prima dan. Behalve die ene keer met een tegemoetkomende auto. Ik vond het soms wankel, maar de fiets is wel fijn. Die paar bochten. Op de Vogelweg vond ik het echt leuk. Het ging redelijk. Daarna wind mee vond ik saai. Recht. Makkelijk. Ik gaf niet alles, veel, maar niet alles. Ik telde wel af. Kreeg een ritme, raakte het weer kwijt. Toen tegen de wind in. Zwaar. Ik wilde rond de 26 blijven rijden en aan het einde leegtrappen, maar ik kon het niet. Niet het tempo, niet leegtrappen. Ik moest plassen, lekker onhandig. Zadel zat niet meer lekker. Ik reed wel even fijn alleen. Zag de finish in de verte. Ver-te. Rob en Vincent stonden er! Fijn. En toen was het gedaan. Iets van 42 minuten. Hoihoi! Ik vond het netjes. Zonder fietsbenen, zonder ervaring en vast niet laatste. Wel erg snel weer bij, dus niet doodgetrapt, dat kan ik toch nog niet goed. Verzuring is mij nog niet bekend, helaas.
En niet laatste! Niet eens de laatste vrouw! Zelfs geen een a laatste! Gemiddeld mooi 30 gereden en in 41:48 officiële tijd. Tevreden. Op naar het zwembad, want de vermoeidheid valt mee. Baan 2, beetje oneerlijk, want iemand anders gaat dan naar baan 1, maar dat moet zij weten. We missen de F1. Ik zwem liever dan dat ik autoracen kijk. Hmmm, dat geeft te denken. De trainer gaat ons in baan 2 instrueren over de arminzet, ik moet dichterbij en schuiner insteken. Wij allemaal. Fijn om nog eens zulke tips te krijgen! Ook al is de trainer mijn favoriet niet, ik ga er gelijk mee aan de slag. Het voelt onrustiger. Ik hou het zonder pullboui maar net bij. Dus doe ik soms even met. Beentjes hebben al hard gewerkt. Het uur komt niet vol, maar ik vind het goed zo. Ik word een stuk gemakkelijker zonder trainer.
alhoewel:…. als de enorme honger gestild is wil ik eigenlijk nog hardlopen. Alles op 1 dag doen. Ik voel me goed. Eventjes een half uurtje. Net voor het donker is. Ik ga. De benen genieten! Het is onbegrijpelijk, maar ik heb energie te over lijkt het. Ik ga om de wijk, over de bospaden en ik ga zo onwijs lekker. Het tempo ligt belachelijk hoog. Mijn hoofd bemoeit zich er niet mee, die snapt het niet. Ik hoor de vogels, ruik de avondlucht en voel de grond. Het is verbijsterend. Ik ga onverhard, langs de school en ruim om de wijk heen. Ik wil 5km halen. En dat lukt in een recordtijd onder de 27 minuten! 5.24 km in een gemiddeld tempo van 5:24. Ik heb het lekker warm. De sprinttriathlon lukt me wel. Nu nog een trainer in de uitverkoop zoeken, want ik ken mezelf niet goed genoeg om te zeggen of dit een slimme, leerzame dag was of een domme, overactieve.
17 april, Pasen, uitslapen en nergens last van. Of het moeten mijn armen zijn van het zwemmen. Hooguit. En een somber gevoel van verlies. Vandaag wil ik wel de F1 zien. Na veel schilderen en een spelletje Catan ga ik naar buiten. Het regent en dat past goed. Mijn horloge weigert. Ik word er woedend van. Mega gefrustreerd. En verdrietig. De regen stopt, de Apple Watch kan aan en ik ren maar wat. Voel me een olifant met een waterhoofd. Somber, triest, ongelukkig. En in de zon veel te warm gekleed. Dan drupt alles leeg. Hartslag is redelijk laag. Het tempo valt achteraf mee, maar ik voel me niet lekker. Gelukkig is het stil langs de plassen. Ik ga ook nog even via het bos naar de volgende brug. Het komt me allemaal zinloos voor. Dat ligt weer niet aan mijn benen. Ik haal het uur niet, vind het niet erg. Toch netjes soort van uitgelopen. Na een herstart doet de Garmin weer mee, ik wil ook een reboot. Deze week heb ik de tijd bij lange na niet gehaald. Dat voelt niet goed, maar aan de andere kant: voor het eerst in tijden heb ik goed gevoeld wat ik wel en niet aankon. Ik heb veel extra gewerkt en gepiekerd, dus misschien niet de sporttijd gehaald, maar wel veel bereikt deze week.

Categories: Uncategorized | Comments Off on Fietsweek en een afscheid

Afwisselende rustweek….

3 april: ‘s Morgens vol zenuwen samen met Joyce op weg naar het Sport Medisch Adviescentrum in Amersfoort voor een heuse sportkeuring. Ik ging op de fiets en op de loopband. Eerst werd ik gewogen, gemeten en hoewel er nog een paar kilo af mag, is het best oké. Bloeddruk √ Toen werd ik volgeplakt en kreeg ik een kapje op. Fietsen. Steeds ietsje zwaarder. Ik hield het goed vol tot ik het echt warm kreeg en ik daar even aan moest wennen. Na 27 minuten ofzo kreeg ik er genoeg van.

De plakkertjes die ik van mijn lijf haalde, om mijn hartslag te meten


Dan zit dat in mijn hoofd en blijkbaar klopt dat ook wel. Ik voelde mijn beentjes verzuren – zo ver ben ik nog nooit gegaan! Dus ik kan het wel… Ik fietste nog door, tot het niet meer ging. Dat is bij mij een beslissing, geen kwestie van kapotte spieren. Ik drupte leeg en dan zo’n stom mondkapje…. Even uitfietsen en toen moest ik echt naar de toilet! Daarna op de loopband. Sokken aan en gaan rennen. Even wennen, zo’n oersaaie loopband, maar het tempo bleef laag. Eerst 7 km per uur, toen 8, toen 9 en dat was allemaal nog goed te doen. 10 km per uur ook en dat verbaasde me. Ik ging maar niet meer kijken hoe hard en hoe lang nog, ik ging het logo bestuderen en de letters op de oogkaart. Weer met kapje op. 11 kilometer per uur was ook nog prima vol te houden. De loopband meette in mijlen. Tja, je moet wat uit verveling… 12 kilometer per uur hield ik nog 3 minuten vol, maar het werd iets zwaarder. 13 kilometer per uur zag ik eigenlijk niet meer zitten, maar dat trok ik ook nog een minuut en toen heb ik nog 30 seconden 14 kilometer per uur gevraagd (zo goed en kwaad als dat ging) en die telde ik af en toen was ik op. Niet verkeerd hoor. Mijn conditie is gewoon excellent. VO2max van 44,6, waar alles boven de 41 voor mijn leeftijd al uitmuntend is. Eventjes uitwandelen en dan nog maar vragen of 2 kilo zoveel uitmaakt, hoe die verhoudingen zijn en dat is eigenlijk het enige wat nog iets aangescherpt kan. Ik krijg de hartslagzones thuis gestuurd. Douchen en na dik anderhalf uur waren we klaar. Tijd om saampjes uit te gaan eten! Ik kreeg mijn “rapport” al ‘s middags en het is eigenlijk allemaal ruim voldoende en goed.
‘s Avonds begonnen in een heerlijk weertje de fietstrainingen weer van de triatlonvereniging. Mijn spiertjes trokken nog maar een beetje en het was te lekker om niet te gaan. Ook al ben ik niet zo’n snelle! Ik vind rijden in een groep met klikpedalen nog steeds ‘eng’. We gingen rustig infietsen, stukje hard (ik niet zo), stukje verder, stoppen / uitklikken, stukje hard, inklikken (schiet niet op bij mij), verzamelen, weer een stukje hard tot de dijk (maar ik fietste achteraan) en dan de dijk op richting

mooi uitzicht op de oostvaardersdijk


Duin. We gingen in een klein vierkantje manoeuvreren leren. Echt iets voor mij – maar niet heus. Wel leerzaam. Dan weer met veel bochtjes naar het zwembad. Ik voelde mijn spiertjes wel, die vanmorgen ook al tot het gaatje waren gegaan. Van het zwembad naar de brug hard en dat lukte mij wonderwel. Vertrouwen is ook heel wat. Brug op, ik ging lekker door. Brug af en ik raakte aan de praat met een lieve PABO-studente. We fietsten door het Kromslootpark over het stomme hobbelpad terug. Ik was er best moe van. Van de dag.
4 april: Zwemmen weer vandaag. Door naar baan 2. Samen met 5 andere heren en 1 dame. Ik ruil met een andere dame van baan: mag zij voorop zwemmen in baan 1. Ik weet wel wie het zwaarder heeft 😉 Ik zwem lekker in, maar vergeet mijn horloge aan te zetten. Aan het begin van de training merk ik dat. We gaan 10 keer 75m zwemmen op snelheid. Ik vind het oké. Pullboui/achtje mee en mijn armen het werk laten doen. Ik heb dan meer drijfvermogen (maar dat is in het buitenwater straks met een wetsuit aan ook zo) en kan prima meezwemmen.

Thuis vond er nog 'iemand' het plankje om op te eten!


Mijn benen hoeven zich niet in te spannen! Ik hou ze (gemakkelijk) bij. Ik zwem op de derde plek en vind het lastig elke keer bijna tegen de meneer voor me aan te zwemmen. Ook halverwege ‘een beetje hangen’ is niet mijn cup of tea. We doen hierna 200m armen (makkiebakkie), 100m benen (neeeeeh) en 100m rug (die is makkelijker in baan 1). Dan gaan we 10x50m doen om en om hard en zacht. Ik merk geen verschil en raak de tel dan ook kwijt. Ik zwem iets meer naar achter, maar dat helpt niet tegen het tegen-je-voorganger-aan-komen. Daarna nog 150m hele slag of alleen armen. Ik doe hele slag en dat valt nog wat tegen: die is best vermoeiend! Dan nog even uitzwemmen tot de 50 minuten. Het zit er weer op!
5 april Na een ongedurig en onrustig dagje samen met Vincent naar het zwembad in Poort getogen. Ook daar stap ik dapper baan 2 in. In het zwembad in Poort is het Grote Nadeel van baan 2 dat de bodem afloopt. Dat ziet er niet alleen raar uit, maar eigenlijk kun je dus ook niet staan. En dat is best lastig! Ik zwem in zonder de hele tijd het achtje te gebruiken. Eigenlijk ben ik dat voorlopig nog niet van plan, maar ik probeer het toch maar. We krijgen techniekdingen. Bij het slepen word ik ook een keer naar voren geduwd! Het lukt redelijk. Niet anders dan in baan 1. Wat zullen ze daar blij zijn dat ik weg ben, ik heb het tempo daar erg hard opgevoerd… Na alle techniek doen we drie keer 3×100. Eerst in redelijk tempo, dan hoog tempo en tot slot vol tempo. Tussendoor de schoolslag vind ik nog het ergste. Elke laatste 100m van de serie doe ik zonder achtje en dat merk ik goed. Dat is wel zwaarder voor me. Ik zwem lekker uit mét het achtje.
6 april. Na weer een dagje werken ‘s avonds op naar de training. Het was lekker weer, maar niet al te warm. Ik ging rustig aan doen, want dit is immers een rustweek. We liepen een eindje in en we deden loopscholing op de baan. Van mij hoefde dat niet. Toen gingen we 12 keer 500 meter lopen op hoog tempo. Daar tussen in elke keer 100 meter terugwandelen. Heus: rustig aan doen vond ik oké. Maar ik liep met wat snellere lieden mee en ik wil me niet laten kennen en het ging gewoon goed en de hartslag zat hoog in zone 4 en net in de nieuwe zone 5. En de andere dames kunnen gewoon doorkwebbelen he! Uiteindelijk hadden we te weinig tijd voor 12 keer en werden het er ‘maar’ 8. De laatste paar ging ik iets meer vooraan lopen en dan gaat het tempo ietwat omhoog. Ik snap niet ik zo hard kan lopen, zou dat aan de baan liggen? We liepen nog een rondje uit en toen vond ik het wel goed geweest.
7 april

fietsen en......


... lopen


Er stond slechts een stukje fietsen op het schema. Wie bedenkt zoiets 😉 oh-ja, ikzelf tegenwoordig…. Maar Joyce had het even nodig om met iemand te kletsen en dan gaan we lekker saampjes lopen. Dus eerst op de tijdritfiets via Nobelhorst en de bloemen naar Joyces huis. Het ging lekker, maar ik hield me dan ook echt in. Gewoon lekker rustig fietsen. Ik had mijn hardloopschoenen in en rugzakje bij me en dacht diep diep diep na of ik mijn schema’s niet helemaal liever alleen en zelf zou maken. Verdrietig, maar beter. Joyce liep lekker de hele weg te kletsen. Het tempo was superconstant en de kilometers vlogen voorbij. Niet dat ik het heel gemakkelijk vond, maar ik ga gewoon door. We lopen 8 kilometer en na een heerlijk glas cola stap ik weer op de fiets voor een klein ommetje en om Vincent van school te halen.

terug in baan 1


8 april. Na een redelijk kalme dag op naar het zwembad. In baan 2 zwemmen 8 mensen, in baan 1 twee. Samen met een andere meneer uit baan 2 vullen we baan 1 aan. Ik zal niemand vragen mijn tempo te volgen. Geen achtje in deze baan. Inzwemmen zonder, en alleen als we alleen armen doen, mag dat ding erbij. We doen techniek-dingen en ik vind het wel best. Ik ga hard en de trainer geeft me daar een compliment over. Dan mag hij me ook aanspreken dat benen alleen benen zijn en dat de armen op het plankje moeten blijven… Ik zwem vooraan en die andere meneer uit baan 2 houdt me bij. Ik hou de zwemmers in baan 2 ook bij. We zwemmen een piramide: 50-100-150-200-150-100-50. Ik deed de eerste blokken voorop, de andere meneer de laatste. Van een heldin aan de kant die haar baby voedt, krijg ik een tip die ik meteen oppik en kan toepassen. Over het insteken. Nog meer armspieren kweken. We zwemmen nog op de rug en dan zwemmen we 200 meter uit. Ik maak er onbewust weer 200 meter van. Uitzwemmen doe ik met achtje.

Ik win van mammmmaaaaaaaa!!!!!


9 april. Ouder&Kind training van een nieuwe trainster. Ik ga er met Vincent op af. Klein groepje en eerst even kennismaken. De kinderen hebben het voor het zeggen. Ik wist al dat ik niet moe zou worden. We jogden rond en toen deden we tikkertje op het veld. Daarna mocht Vincent de weg wijzen. Ik vond hem behoudend en onzeker, maar hij vond het geweldig. Minuutje rennen, minuutje wandelen. Viel ik me toch! Ik struikelde en kwam in de brandnetels terecht. Dat deed zeer, maar verder niks. Door naar de speeltuin. En we deden yoga. Toen gingen we met ogen dicht lopen en Vincent leidde me. Gaaf! Vincent vond het eng toen ik hem mocht leiden. We deden ook een vertrouw-op-mij oefening. Tot slot gingen we een weerbericht masseren. Het ging veel te snel voorbij. We jogden alweer terug. En toen gingen we sprinten, wat Vincent natuurlijk gigantisch won. Heerlijk weer, heerlijke training.

Categories: Uncategorized | Comments Off on Afwisselende rustweek….

Fotoboek van de week


Categories: Uncategorized | Comments Off on Fotoboek van de week

Weekje uitgeschreven op vouwblaadjes











 
 

Categories: Uncategorized | Comments Off on Weekje uitgeschreven op vouwblaadjes

De eerste officiële Run Bike Run in Hilversum (+ uitzwemmen)

Anke appt Manuel het verslag 🙂
[21:19, 19-3-2017] Anke van Genesen: ik ging vanmorgen om 7 uur G ophalen. We gingen allebei alleen en gister besloten we dat samen misschien gemakkelijker was. Voor mij aan de ene kant wel, dan heb ik aanspraak en kan ik me niet druk maken, aan de andere kant: G…. Topvrouw. ik ben blij dat ik haar had meegenomen. Ze kent iedereen, durft gewoon te vragen of iemand mijn banden oppompt, wijst me op de hiaten op mijn fiets (anders had ik niet mee mogen doen!) en geeft tips voor de wisselzone.
[21:21, 19-3-2017] Anke van Genesen: Net voor de race ging ik nog even naar de WC en ja hoor, mijn lijf kiest dit moment uit om het maandelijkse ongemak te laten ingaan! Door naar de start dan maar. Degene die gister minstens net zo slecht zwom in baan 1 als ik, was er ook. Ene WF. Ken je zijn naam? Die kan niet zwemmen, maar wel lopen!!!
[21:21, 19-3-2017] Anke van Genesen: Ik wist al dat ik laatste zou worden. Gisteren ging het fietsen VOOR GEEN METER. Vorige jaren hebben anderen van de TVA al de laatste plekken bezet, dus ik zag de twee uur op mijn schema wel goedkomen.
[21:22, 19-3-2017] Manuel: Welke hiaten waren er aan je fiets?
[21:22, 19-3-2017] Anke van Genesen: Er zaten lastige heuveltjes in het looprondje van ruim een KM, dus 4 keer heuvels op en af. Onverhard. Ik liep al snel achterop en W haalde mij wel in. Ik zag nogal op tegen wisselen. Gelukkig was mijn lieve schoonmoeder er
[21:23, 19-3-2017] Anke van Genesen: Ik miste een dopje. EEN DOPJE. daar zit nu een kurk in
[21:23, 19-3-2017] Anke van Genesen: het wisselen ging goed, snel en ondanks de modderblub lukte alles (fiets los, helm op, schoenen ruilen)
[21:24, 19-3-2017] Anke van Genesen: En toen fietsen. UCH. gelukkig hadden we dus mijn banden op de goede spanning gebracht, kreeg ik mezelf vastgeklikt en lag het tempo aardig hoog voor mij
[21:25, 19-3-2017] Manuel: Dopje? Waar moet dan een dopje in?
[21:25, 19-3-2017] Anke van Genesen: Ik begon te denken dat ik dat fietsen binnen 45 minuten zou halen! De keerpunten vond ik wat akelig. En dan die lui op de TTB (time trial bike) die langs komen zoeven alsof ik stilsta! En er waren stukjes wind tegen. Je komt mekaar ook tegen, dus ik ontdekte dat ik de laatste niet was.
[21:25, 19-3-2017] Anke van Genesen: Dopje aan het uiteinde van het stuur. Vraag me niet waarom!!!!!
[21:26, 19-3-2017] Manuel: Anders loopt je stuur leeg? 😉
[21:27, 19-3-2017] Anke van Genesen: Het begon te regenen. Ook nog. En er reden motoren van de NTB om te controleren op stayeren. Grappig genoeg maakte ik geeneens kans op stayeren: ik fietste alleen met niemand in de wijde omtrek om te kúnnen stayeren. Alsof ik die snelle gasten ook maar 100m zou kunnen bijhouden 😀
[21:27, 19-3-2017] Anke van Genesen: En de grap: ik genoot ervan! Ik vond het leuk om daar te trappen, om me zo in te spannen, om lekker af te zien.
[21:28, 19-3-2017] Anke van Genesen: Ik heb zelfs iemand ingehaald!!!!!!! Een man. ook nog. Ik dacht: nu ben ik een-a-laatste, maar er kwamen er nog vier achter me. En 1 mevrouw was afgestapt
[21:29, 19-3-2017] Manuel: Zie je, je hoeft je niet zo te onderschatten!!!
[21:29, 19-3-2017] Manuel: Stoer hoor!!!
[21:30, 19-3-2017] Anke van Genesen: En in het wisselvak was het lekker druk: mensen voor de volgende wedstrijd, mensen die al (lang) gefinshed waren. Goed voor mij, dan val ik niet op. Maar ik deed het weer hartstikke goed: horloge lappen, schoenen wisselen, goed strikken, helm af, startnummer omdraaien!
[21:30, 19-3-2017] Anke van Genesen: Het lopen daarna ging he ee l er g moe mo e i zzz za aaaa mmm
[21:31, 19-3-2017] Anke van Genesen: weer die heuveltjes, inlopers voor de volgende wedstrijden, de lieve trainster van TVH die maar bleef strooien met goede adviezen. “Je lacht nog steeds, meid, wat fijn om jouw te zien, zo hoort het”
[21:32, 19-3-2017] Anke van Genesen: Mijn lieve schoonmoeder was ook gebleven, ondanks de regen.
[21:32, 19-3-2017] Manuel: Goed dat je support had.
[21:32, 19-3-2017] Anke van Genesen: Ik heb (weer) 1 KAPITALE fout gemaakt. Je mag 1 keer raden manuel. je hoeft maar 1 ding te bedenken.
[21:32, 19-3-2017] Anke van Genesen: Die laatste kilometer was echt, echt afzien.
[21:33, 19-3-2017] Anke van Genesen: Ik liep alleen maar op: ik moet en zal het halen onder de anderhalf uur
[21:33, 19-3-2017] Manuel: Geen idee…wat kan er nog fout gaan nadat je aan het lopen bent met je startnummer op de juiste plek?
[21:33, 19-3-2017] Anke van Genesen: Ondanks het afzien, genoot ik ook nog van een mevrouw die haar man de streep over schreeuwt, inlopende mannen die mij wel willen trekken (neeeeee, ik wil het alleen doen), de trainster, schoonma
[21:34, 19-3-2017] Anke van Genesen: Manuel, wat kan ik nou NIET. Als je aan deze ezel denkt, dan weeeeeeeet je het toch wel
[21:34, 19-3-2017] Anke van Genesen: kom op
[21:34, 19-3-2017] Manuel: Bij het lopen?
[21:35, 19-3-2017] Manuel: Route volgen?
[21:35, 19-3-2017] Anke van Genesen: in de wedstrijd, de hele wedstrijd.
[21:35, 19-3-2017] Anke van Genesen: zelfs ik kon de route nog volgen. bij het lopen ging het pas echt fout.
[21:36, 19-3-2017] Manuel: Eten?
[21:36, 19-3-2017] Anke van Genesen: ja juist ja
[21:36, 19-3-2017] Manuel: Energietekort?
[21:36, 19-3-2017] Anke van Genesen: eten. of voornamlijk het gebrek daaraan
[21:36, 19-3-2017] Anke van Genesen: ik had een gelletje bij me. de hele tijd. ik had een bidon op de fiets. de hele tijd. ik had een goed voornemen
[21:36, 19-3-2017] Anke van Genesen: maar ik nam niks
[21:37, 19-3-2017] Anke van Genesen: en dat komt je na 5 kwartier topsport duur te staan. dat voel je dan wel.
[21:38, 19-3-2017] Manuel: Vergeet je het? Of denk je het niet nodig te hebben?
[21:38, 19-3-2017] Anke van Genesen: op 2 boterhammen met stroop en 1 beker chocomelk en een halve bidon water vooraf. dan voel je je na 1 uur en 20 minuten misselijk slecht dom
[21:39, 19-3-2017] Manuel: Dit is dus echt een heel belangrijk punt voor de HD
[21:39, 19-3-2017] Anke van Genesen: het is een combi van vergeten, de moeite niet nemen, en koppigheid
 
[21:39, 19-3-2017] Anke van Genesen: Dus ik kwam na 1 uur en 27 minuten en 33 seconden supertevreden over de streep en viel mijn schooonmoeder in de armen.
[21:40, 19-3-2017] Anke van Genesen: en na 5 winegums was ik weer helemaal bij
[21:41, 19-3-2017] Manuel: Heel knap gedaan Anke! Mag je heel trots op zijn.
[21:43, 19-3-2017] Anke van Genesen: Dus kwart over 10 gingen we weer naar huis. 11 uur stond ik onder de douche. en vincent en rob hebben zandkoekjes voor me gebakken die heel goed vulden
[21:43, 19-3-2017] Anke van Genesen: en toen kreeg ik spierpijn van het stilzitten en schilderen
[21:45, 19-3-2017] Manuel: Toen ik je zwemafstand zag dacht ik al dat je de RBR heel goed doorgekomen was!
[21:46, 19-3-2017] Anke van Genesen: even voor het perspectief: anderhalf jaar geleden stelde merijn een triatlon voor en was het vastberaden antwoord NEE een jaar geleden had ik geen racefiets een half jaar geleden was een TA nog de afkorting voor tandarts
[21:46, 19-3-2017] Manuel: Je maakt reuzestappen!!
[21:47, 19-3-2017] Anke van Genesen: Dus ik ging ‘rustig’ zwemmen. Om de spierpijn eruit te zwemmen. HEUS. Mocht ik lekker veel met pullboui zwemmen. Achter M . koel water.
[21:49, 19-3-2017] Anke van Genesen: inzwemmen ging dus lekker (vonden mijn benen ook) en we gingen om de beurt voorop. Zo lekker om achter iemand aan te zwemmen! kalm aan. toen moesten we 4x250m: 100m hele slag (arme beentjes), 50m alleen benen (ARME beentjes) en 100m armen. ik heb mezelf niet gespaaard, niet gesmokkeld. M had vanmrogen 10km in 50min getraind, dus die vond dat hij de flippers mocht gebruiken. doe ik niet. spierpijn eruit
[21:50, 19-3-2017] Anke van Genesen: en toen nog schoolslag (haat ik) en rugslag. Waarin ik me bedacht dat zwemmen en eten helemaal een onmogelijke combinatie is
[21:50, 19-3-2017] Anke van Genesen: en toen uitzwemmen. ik wilde perse het uur halen. en zwom maar door en door. zandkoekjes werken als een dolle blijkbaar
[21:51, 19-3-2017] Manuel: Dus die 2500 meter was inclusief schoolslag en rugslag???
[21:51, 19-3-2017] Anke van Genesen: en 200m benen ja
[21:52, 19-3-2017] Anke van Genesen: ik denk dat mijn horloge wel een beetje de goede kant op gesmokkeld heeft
[21:52, 19-3-2017] Manuel: Je begint een dolfijntje te worden 😉
[21:52, 19-3-2017] Anke van Genesen: haha
[21:56, 19-3-2017] Anke van Genesen: en nu? ben ik nou trots dat ik 2,5 uur gesport heb vandaag: 20km fietsen, 7km lopen en 2500m zwemmen? nee. er waren 70 deelnemers beter dan ik. ik zwom in baan 1. ik ben er moe van.  baal dat ik ‘maar’ 10,5 uur van de 11 uur op het schema heb ‘gehaald’ Vergeet dat ik extra werkuren heb gemaakt. zucht dat ik de was niet af heb en nog een mail moet sturen 
[21:58, 19-3-2017] Anke van Genesen: ik voel me onrustig en erg moe. maar wel rummikub gespeeld. en naar de winkel gegaan. en gekookt. maar soms zou ik wel eens tevreden met mezelf willen zijn. 
[22:01, 19-3-2017] Manuel: Ik weet niet of je wat aan hebt…maar je mag echt tevreden en trots zijn op wat je tot nu toe bereikt hebt. En nog meer met wat je vandaag gepresteerd hebt. Een klein foutje dat je kunt oplossen. Voor de rest was het uitstekend.
 

Categories: Uncategorized | Comments Off on De eerste officiële Run Bike Run in Hilversum (+ uitzwemmen)

Snelle blog van volle week

De hele week druk geweest met werken en sporten. Bloggen komt er niet zo van dan!
Dus dan maar heeeeeeeel kort!

op maandag met Manuel in het donker in diverse zones gaan lopen. In zone 4 kon ik lekker hard, dat was fijn.
op dinsdag zwemtraining. Het zwemmen went een beetje.
Het is zo druk op het werk, dat al het sporten er bij gedrukt lijkt. En ik heb het schema nog wel zelf gemaakt! 
op woensdag lekker samen met Vincent op de racefiets. Voor Vincent de eerste keer dit jaar! Heerlijk genieten. Naar de sluisjes gefietst en gekletst en gelachen. 
en daarna zwemmen. Het gaat eigenlijk gewoon gemakkelijk nu. 300m achter elkaar borstcrawlen is geen probleem meer.
Op donderdag ga ik met Rob naar een concert van Loreena McKennitt. En de hele dag werken. Er past geen sport bij! Een ‘rustdag’
vrijdag ochtend vroeg maar gaan hardlopen dan. Manuel weer meegetrokken en het bos door. Halverwege aan het bellen geslagen met oppasmams, school, werk en Vincent. Uiteindelijk toch 12 kilometer gerend.
zaterdag regende het. de fiets op dus, want dat moet ik ook maar eens proberen. het ging voor geen meter Zwaar, wind tegen, regen, sloompies, langzaam, laag tempo. Ik zie ineens erg op tegen een run-bike-run! Ik voel me een enorme amateur tussen allemaal profs. Helaas is dat ook echt de waarheid…. Het zwemmen ging wel redelijk, maar ook dat voelde erg heavy aan. Ik wil op de bank kruipen en niet sporten, maar…. ik laat de bank voor wat ie is.
De run bike run is apart geblogd.

Categories: Uncategorized | Comments Off on Snelle blog van volle week

rustweek

6maart: drie kwartier hardlopen. In diverse zones. Zone 1 was zwaar langzaam, zone 2 ging lekker, zone 3 ging goed, terug naar zone 1 is erg lastig, zone 4 is flink aanzetten, dan weer zone 1 inwandelen, zone 4 nog een keer en uitwijken voor de bus, zone 1 is uithobbelen. En dat na een druk werkdagje.
7maart: zwemmen! Ik zou van iemand het wetsuit (eventueel) overnemen, dus ik ging proberen er in te zwemmen. het viel mee want het zat best goed; het viel tegen, want het was (veel) te warm. Na 20/25 minuten deed ik ‘m uit. toen kreeg ik een tip van de trainer om mijn armen niet voor me, maar voor mijn gevoel naast me te leggen. Nog even en ik vlieg door het water!
8maart: vanuit de bijeenkomst in Den Haag bij het CBS rechtstreeks door naar het zwembad. Dan ben ik (ook van het autorijden) wat vermoeid en dan is piramidezwemmen (van 50m naar 75m naar 100m naar 125m en terug in diverse tempo’s, afgewisseld met 25m schoolslag) te moeilijk bijhouden voor mij. Dat vergt veel inspanning. Maar ik heb het geloof ik wel goed gedaan. Lekker met een man meegezwommen (of zwom hij met mij mee?). Na 50 minuten had ik totaal geen zin meer, maar met de rugslag en 2x50m rustige brostcrawl kwam het nog wel een beetje op gang. Met hartslagmeter gezwommen.
9maart: Hardlooptraining. Ik ging er wel redelijk open heen. Laat maar komen, die training! Ik ben een beetje door mijn persoonlijk crisis heen – over tot de orde van de dag. Inlopen met PZ. Ik liep gezellig te kwebbelen. Op de baan moesten we iets doen, wat voor mij onmogelijk te onthouden was. Beginnen op 1000m en dan elke keer 100m minder op Z2-tempo en daarna 100m dribbelen en daar tussendoor van 500m na 100m in Z4 met daarna 100m wandelen. Onmogelijk te onthouden voor me. Dus moest ik met mensen die het wel snapten mee gaan rennen. Liep ik vrolijk (in D2) te kletsen met HB. Z2 was wel een beetje te hoog qua hartslag, dus ik liet de heren gaan. Ging ik met SK mee lopen. Of er achter als we tegen de wind in liepen – hihi. In Z4 trok ik flink door. Ik lapte elke ronde. Uiteindelijk redden we de laatste 500m Z2 niet helemaal, want het was tijd en we liepen uit. Ik had in een uur 10 km gelopen. Dat is knap voor een training, want de uitleg duurde zeker een paar minuten stilstaan!
10maart: Drukke dag voor de boeg, dus eerst gaan fietsen. Racefiets van stal gehaald, banden opgepompt en voor half 9 zat ik trillend op de fiets. Trillerig vanwege de klikpedalen. Ik vind ze echt een beetje eng… Maar eenmaal in het Kotterbos, in de stilte met de ontluikende zon boven de grondmist uit ging het fietsen steeds beter. Met de wind en de vogels in de oren genoot ik er gewoon van. Lekker een beetje trappen, snelheid komt later wel weer. Nu weer even wennen aan de superlichte fiets en de smalle bandjes. Het was zo mooi buiten: de grondmist, de kleur van de lucht. Jammer dat ik tegen de wind in over de polderweg fietste, dat kwam het tempo niet ten goede. Ik ging voor een uurtje losfietsen, maar op de Trekweg had ik zo lekker wind mee, dat ik een afslagje verder nam. De laatste kilometers klikte ik af en aan: toch weer 25km de beentjes losgefietst.
En ‘s avonds kon ik mijn triathlonfiets halen. Met een ligstuur; voor de snelheid. Ik kreeg er gratis fietstips bij en ik ben er superblij mee. Ik fietste wat voorzichtig terug door de stad in de schemering, maar dit is mijn vorm van fietsen: liggen en trappen en meer niet. Kom maar op!
11maart: Spa Francorchamps Circuit Run met Vincent. Zie https://anke.badnews.nl/wordpress/?p=11655
12 maart: Spierpijn ken ik niet, rust eigenlijk ook niet en zeker niet als het lente is én er een gloednieuwe triathlonfiets stil staat te staan. Ik hield het uit tot een uurtje of 3 en toen moest het hoor: een beetje trillerig vanwege de klikkers opgestapt en heel rustig de bebouwde kom uitgetrapt. In het bos merkte ik al dat de fiets wel wilde… Helaas was het op de Trekweg in het Kotterbos druk met honden. De brug over over de vaart en de A6. Ik zag op de brug in de verte 2 mensen op het fietspad. Toen ik de brug af sjeesde kon ik ze al niet meer zien. Maar toen begon de pret: gaan liggen, opschakelen en trappen-trappen-trappen. Ik voelde de bovenbeentjes nu wel even! En ineens zag ik de mensen voor me. Wacht even: ik ga ook 30 km/uur. De snelheid van een brommer! Niet aan denken wat er gebeurt als….. Keurig achter de mensen afremmen en op adem komen en rustig inhalen en dan dóór. Makkie. Heerlijk. Geweldig. Zo kan ik 90 kilometer wel overleven. Mijn benen denken er anders over. Tandje eraf, brugje op, tandje erbij, brugje af. Over de 40 km per uur. (niet aan denken hoe hard dat is!) Dan rustig richting Trekweg. Bochtjes zijn niet zo geschikt. De Trekweg is OVERgeschikt. Maar ik moet om vier uur bij Vicoos zijn, dus ik steek de stad weer in. Ik wil snel weer weg bij Vicoos, weer fietsen. Ik kan dit racemonster niet weerstaan. Lieve Oostvaardersdijk: wij worden dikke vrienden komende zomer! 🙂
Rustweek: 25 km gerend, 46 kilometer gefietst en 4300 meter gezwommen. Slechts 6,5 uur gesport. Tja.

Categories: Uncategorized | Comments Off on rustweek