De weinig-fotoos blog

14 november: Moonlight Run De groep had pech, de maan bleef weg. Zo niet de regen, daarentegen. Maar ik was blij, ik was erbij. Eigenlijk ongehoord: met de auto helemaal naar Poort. Een deel was me nog niet bekend, een deel was ik van TVA gewend. Inlopen en de maangroet doen en toen waren we al nat. Ik gaf er niet om, ik had het wat koud. We moesten gaan schijnboksen met een onbekende. Ik stond naast een meneer die Raymond heette en we boksten ons warm. Daarna gingen we in hetzelfde tweetal met ogen dicht naast de ander lopen. Eerst hielden we hand op een schouder en stuurden op die manier, maar in de tweede poging liep je op een stem af. Dat ging best goed! Apart hoor. We liepen een klein stukje langs het fietspad op en neer. Ik kletste verder met de Raymond. Ik probeerde het een stukje of je ook naast iemand kunt blijven rennen als je alleen maar luistert en dat lukte. Toen moesten we het voor het eggie doen. Raymond liep rechts naast me en hij vertelde over zichzelf, klimmen, Australie, kajakken. En dan kon ik ernaast blijven lopen. Als ik zelf wat zei, raakte ik het evenwicht kwijt. Het was een hele aparte ervaring! Je gaat beter luisteren en voelen. De busbaan is duidelijk een heuvel. Daarna mocht ik Raymond begeleiden. Het was echt apart! Een uur vloog voorbij! Toen liepen we alweer naar het Klokhuis. Nog een foto en een zonnegroet en ik was een hele ervaring rijker!
En dat waren dan de foto’s voor deze week…..
Dinsdag kon ik niet zwemmen, helaas. Kon ik wat werk afmaken. Helaas.
Woensdag: In deze rustweek stond nog een rustdag vermeld. Ja doei. Na een lange werkdag (terwijl ik maar een halve dag hoeft te werken) WILDE ik naar buiten (zo beter, trainer? ik mag van hem het woord ‘moeten’ niet meer gebruiken). Het regende en toch ging Joyce gewoon mee. Bijkletsen onze stijl. 🙂 Het was niet zo ver of heel lang of heel koud, maar het was fijn even buiten uit te kunnen kuren.
Donderdag: Training op de baan. Geen zin. Totaal niet. Omdat het vorige week niet ging. En omdat ik nog niet het gevoel heb dat de vakantie begint. Ik ga node mee en we gaan een heel eind inlopen. Ik merk meteen dat ik me beter voel dan vorige week. Mijn benen willen en mijn hoofd denkt in ‘vakantie’. Ik moet twee keer mijn veter strikken, grmbl. Ik ben niet erg goed in sprinten, maar ja. Op de baan wordt het andere koek. We moeten een maatje ‘van-gelijke’snelheid’ uitzoeken. De andere “langzame” moeder en ik wijzen elkaar meteen aan! Ik ga eerst 1 ronde rennen en zij start 15 seconden later en moet me inhalen. Best heavy. Merk ik. Als ik haar moet inhalen. Zwaar, maar net te doen. Dan twee ronden (800 meter) en 30 seconden later starten. Ik loop iets rustiger, maar het valt nog steeds niet mee om in te halen. Mijn ‘tegenspeelster’ gaat naar de toilet en ik moet de anderen bijhalen. Die dus nog net iets harder gaan. Tot slot 3 ronden en 40 seconden inhalen. Dat is dus 40 seconden harder lopen op de kilometer! Ik ga echt rustig voorop, maar nog duurt het twee rondjes. Het mogen er dus ook 2,5 zijn en dan valt het wel mee en hoeft je niet te sprinten. Ik ga dus niet te hard van start, maar wel in een flink tempo. Binnen twee rondjes ben ik bij en ons tempo blijft zo hoog liggen dat we aansluiten bij de rest van de groep. Ik laat een kilometertijd van 4:53 noteren. Nog een rondje om de baan uitlopen en nu kan de vakantie echt beginnen!
Vrijdag halen we ons nieuwe vierpotige huisgenootje op. Mijn nieuwe horloge is er. Een Garmin 735XT. Gister was ik eigenlijk te moe om het doosje uit te pakken en blij te zijn, maar vandaag verandert dat. Dit prachtige stukje horloge is van MIJ. Ik kan er mee zwemmen en (ooit) een triathlon mee doen. Het ding is licht en eenvoudig te begrijpen. Vincent koopt mijn horloge over. En dan zijn er twee blije sporthorloges in huis. Dat vraagt om een rondje hardlopen! We gaan de wijk in en ik hou het jongetje en mezelf wat in; we hebben gister ook al getraind. Straatjes versnellen en hij kijkt maar op zijn horloge. Ik hou hem niet bij…. We gaan 5 kilometertjes. Ik vind het zat.
Zaterdag: De derde fietstraining. Eerst veel informatie over kleding en voeding. Interessant. Ik wist niet dat achteraf bijvoeden ook helpt. Ik durf nog niet te kijken hoe prijzig de fijnste jackjes zijn die ook warm blijven in de regen. Als het later druppelt, krijg ik het echter wel koud! We gaan veel fietsen. Dat lukt me wel, beetje modder, beetje asfalt, heuveltje. Ik ben niet op mijn sterkst vandaag. Slapen met een piepklein poesje naast je, houdt me oppervlakkig in slaap. Maar ik geniet des te meer! Mijn ketting loopt eraf en als die er weer opligt, heb ik het hele pad voor me alleen en mag ik echt even racen. Tof. Ik kwebbel op weg naar het Kromslootpark. Aldaar komt het zonnetje door en we gaan oefenen met springen. Ik ben er niet best in. En dan trek ik de voorrem veel te hard aan en maak ik een salto over mijn fiets heen. Ik rol mooi weg en ben heel even dizzy en heb pijn in mijn long. Ik ben erg geschrokken en moet even liggen. Ik voel dat ik oké ben, maar moet van de anderen wel even iets zeggen. Een minuut later zit ik weer op de fiets te oefenen. We gaan daarna de heuvel op proberen te fietsen. Ik krijg het niet voor elkaar. Balen. De boom staat in de weg en het is te glibberig en ik durf niet zo goed (meer). omdat ik de laatste ben, sta ik niet op de foto en filmpjes. Ik vind het niet erg hoor. Op de weg terug gaan we door de modder en dat vind ik helemaal te gek leuk. Lekker door het bos crossen en niet stoppen met trappen, want de modder is te diep. We hebben nog tijd voor de trap. Dat doe ik dan weer gewoon! En dan naar huis fietsen. Lekker vuil.
En daarna zwemmen! Daar heb ik dan weer wel zin in. Ik kan niet op tegen de vier heren in mijn baan, maar ik kan nu wel mooi zelf bijhouden hoeveel ik zwem. Het zijn een heleboel opdrachtjes die ik allemaal kan onthouden en uitvoeren inmiddels. Ik vind het weer heerlijk. Het is ongelooflijk hoe ik geniet in dat water. Lekker mijn eigen ding doen en ondertussen die borstcrawl beheersen. Ik zwem al met al 2 kilometer in dat uur. Ik ben er niet meer helemaal kapot van.
Zondag: kasten afbreken, kat opvoeden. kind opvoeden, kast opbouwen. Storm. Buiten. en een beetje Binnen. De hele dag binnen geweest.

Categories: Uncategorized | Comments Off on De weinig-fotoos blog

No Blog?

Ma 7 november:
10IJzKOUD1-F1JoNz2-5z3OKÉ-5zPOLIT1-5zWAAR4-2wAT?!-5GOEDzO4-3ENzOVRTz1
Di 8 november:
Zwemtrainer W stopt me en ik krijg van hem te horen dat mijn zwemtechniek helemaal goed is. Compliment van de week – maand – kwartaal. Ik kan mijn armen nog iets verder insteken. We zwemmen veel. Ik ben nog niet snel. W heeft nog een verrassing voor me: ik lig bijna té vlak op het water! Mijn schouders liggen iets te hoog. Voorlopig nog niets aan te doen, maar het verbaast me enorm en is onverwacht.
Wo 9 november:
Rennen door het donker. In plaats van fietsen. Laat. Met Manuel.
Do 10 november:
TVA training. het ging niet. Ik was de langzaamste op de baan (van de volwassenen). Het regende en ik vond het te zwaar. Mijn hoofd liep niet mee. Toch liep ik de kilometer ook in 5:15. Ik voelde me niet goed.
Za 12 november:
ATBles op mijn verjaardag! Het was KOUD. 4 Laagjes kleren aan. Het mulle zand. Zwaar hoor en lastig. En daarna schakelen en de heuvel niet halen. Techniekuitleg. Toen haalde ik eerst het zand wel, maar de heuvel nog niet. Daarna wel de heuvel, maar het zand niet meer… We gingen bochtjes oefenen, wat lukte. We gingen bidon-oppakken: wat niet lukte. Toen de dijk op en af fietsen. Ik kan het! Heuveltjes lukken me nu!! En de trap vind ik ook niet meer eng! Met wat ommetjes door het bos fietsten we terug. Ik was best moe. En ik moest nog snel terug naar huis fietsen om mijn verjaardag te vieren! ‘s Middags aan de appeltaart….
zo 13 november:
de Crosscup in het Kromslootpark.
NIET zenuwachtig vooraf. Helemaal niks! omdat ik zoveel vrienden en bekenden bij me had?
Boos op Vincent die niet gemotiveerd lijkt
Meteen de modder door. Deze schoenen hebben de rivier doorgewaad, deze modder gaan ze ook door! Dat was de insteek
De eerste kilometer veel te hard.
Zwaar. Glibberig.
Vol vertrouwen in mijn schoenen.
Ik genoot van de modder. De Lieve vrijwilliger. Het slootje doorploeteren. Ik ging lopend de heuvel op. Holde zonder vrees naar beneden.
En mocht nog een rondje! Ik genoot van de tijd dat ik daar liep.
geen moment heb ik me zorgen gemaakt dat ik te langzaam was of me iets van de tijd of inhalers aangetrokken. Ik deed gewoon mezelf.
Die lieve MB maakte foto’s en moedigde me aan. Ze was erg welkom!
Even dacht ik: dadelijk ben ik op de helft. Maar dat zal geen ‘al’ of ‘pas’ bij. Just go.
Modder door (even koude voeten), gras, weer modder, slootje, grasveld, heuvel op lopen, omlaag en nog s!
Ik vond het best jammer dat het laatste rondje daar was. Lekker stil en rustig. Ik was net niet de laatste.
Ik realiseerde me wel dat het met een kilootje of 5, 7 een stukje gemakkelijker zal zijn. oeps, daar moet ik aan werken.
Het was wel steeds zwaarder (te snel begonnen – leer je het nooit). Jammer dat ik de rest niet bij kon houden van TVA. Maar ik ging niet wandelen. De meneer voor mij wel.
En toen was ik er. Stralend en wel. Trots. Ik had het gedaan! Ik vond het niet erg dat het me een dik uur had gekost of dat ik zowat laatste was.
Ik had genoten van de modder! zomaar! wat een overwinning.

Categories: Uncategorized | Comments Off on No Blog?

Aller shortest blog

ma 31-10 : 20z1-5z2-5z1-5z3-5z1-5z4-5z1-5z2(werdZ3)-z1 met Manuel in het donker. Z4 ging lekker hard! (1 km in 5 minuten)


 

1-11 Zwemmen. Ik mocht kortere stukken doen, heel veel armen. Het begint te wennen. Geen spierpijn 🙁


2/11 en 3/11 niet gesport.... 4-11 Eerst hardlopen op kalm tempo.....


.... door het bos en langs het water.


 

4-11 Daarna fietsen met de klik-pedalen.


5-11 Eerste keer ATB cursus - thema remmen! Leuk, kletsnat geworden en weer een blauwe plek 'gescoord'....


Stoer einde van de cursus: van de trap af!!! (dit een mede-cursist)


5-11 En zwemmen! Mijn huidige tijd op de 250m. Nog niet snel, maar ik kan dit WEL intussen!!!!!!!!!!


6-11 Met Joyce door Lelystad. Veel kletsen, weinig.....

6-11 Met Joyce door Lelystad. Veel kletsen, weinig.....


... onverhard. 13 KM zonder één druppel regen.


 
 

Categories: Uncategorized | Comments Off on Aller shortest blog

Shortest Blog (ik ben ook benieuwd wat er volgende week overblijft!)

maandag: niet gesport, tenzij een bedrijfsuitje in een escape room meetelt, maar nee. hardloopspullen ongebruikt in de auto.
dinsdag: zwemmen. Als 1 grote groep, met t-shirt aan. Ik hoorde bij de nummers 1, wat zielig was voor de nummers 2 die moesten planken terwijl wij zwommen: ik als langzaamste. Het was ook zielig voor de andere nummers 1, want we deden een wedstrijd en ze moesten veel tijd van mij goedmaken. Ik heb gesprint, onder water gezwommen, een koprol gemaakt, beenslag gedaan zonder plankje en uit het bad geklommen. Ik vond het zwaar en niet al te leuk, ik ben daar nog niet goed genoeg voor. Cijfer: 6,5
woensdag: rennen met Vincent er op de stadsfiets naast. Gelukkig dat Vincent mee ging, want ik had het zwaar in het bos in zone 2 en hij vertelde vrolijk over zijn boek. Cijfer: 7
donderdag: geen TVA: wel heel veel stress op het werk en een informatie-avond op school. Had het graag allebei ingeruild voor een baantraining.
vrijdag: weer stress op het werk, waardoor het hardlopen niet haalbaar was. *zucht* Wandelen met een vriendin door het mooie herfstbos is vooral gezellig, maar voelt niet sportief voor me. Dus zodra de vriendin weg was, hardloopschoenen aan en kijken of ik nog een keer naar het bos kan. Het idee was onverhard, maar ik liep eerst over het asfalt. Het was zo mogelijk nog zwaarder dan woensdag. Ik liep te sloffen en te harken. De miezer deerde mij niet, maar ik zat mezelf wel aardig in de weg. Ik moest zone 1 aanhouden, maar dat lukte echt niet: het horloge bleef maar piepen dat de hartslag te hoog was. Ik had muziek op. Het voelde zo zwaar aan dat ik me maar niks van aantrok van het horloge. Ik haalde Vincent van school en met heel veel moeite liep ik 10km in 72 minuten. En toen nog naar huis: ik gaf het in onze wijk gewoon op. Zelfs een verf-hug hielp niet echt. Cijfer: 6-
zaterdag: Vincent aikido, ik een rondje rennen om het weerwater. Het was mooi: dat helpt altijd. Het hoefde niet snel: eerst 15min in z1, dat helpt ook. Dan 15 minuten Z2, dat is vooral fijn. Al zag ik al de hele tijd op tegen de 10 minuten Z3. Ze vielen mee. Ze vallen in het stuk-wat-ik-altijd-graag-op-tempo loop, dus ik hield het prima vol. Kreeg het wel warm. Toen uitlopen langs het centrum in Z1 en nog een stukje omlopen door de Stedenwijk, omdat ik anders zo lang stil moet zitten. Tempo’s liggen niet al te hoog, maar ik viel er niemand mee lastig en dit is gewoon waar ik sta (z1 – 8:00  z2-6:30  z3-5:40). Cijfer: 7,5
Daarna fietsen. Voor het eerst op de mountainbike! Robs mountainbike. Spannend… Stukje asfalt: wat een heavy fiets zeg. Eerste heuveltje: hond (mooi excuus) – stilstaan – niet op tijd teruggeschakeld. Aha, zwaar dus. Maar slingeren door het bos is TOP. Alert blijven, niet snel hoeven: herfst ten top in het bos: dit is gaaf! Ik ben om. Nog een keer de heuveltjes (nog een keer niet snel genoeg geschakeld). Op de terugweg had ik het schakelen door. Ik schrijf me in voor de ATBcursus. Cijfer: ook een 7,5
En ach, dan ook nog zwemmen (na weer een potje Kolonisten van Catan winnen). Met zijn tweetjes in baan 1. JC als trainer, dus geen gekkigheid. Inzwemmen, techniekzwemmen, dan 4×100 meter armen (fijn), rug (best fijn), benen (niet fijn) en hele slag (oké) en dat twee keer. Dan nog eens de hele slag voor 2 keer 150 meter. Ik heb de pullboui niet meer meer nodig. Dat kan ik dus gewoon nu. Moeiteloos. Wel zwaar hoor, maar ik kan het, heb een (langzaam) ritme en hou het lang vol. Ik kan ook wel 4 op 1 ademen als dat moet. Mijn benen waren duidelijk vermoeider vandaag. Cijfer: 7
zondag: op de mountainbike van Rob door het Kotterbos. Eerst wennen, lef verzamelen, dan ploeteren op de heuveltjes. Na de brug over de Vaart in het omlaag gaan flink vallen in de prikkels. Zadel rechtzetten en doorgaan over de heuveltjes. Ik ga niet (meer) hard, maar het is onwijs gaaf. Me in laten halen. En dan nog een keer vallen bij het omhoog gaan: fiets sloeg vast, anke in de brandnetels. De mannen halen mij in over de verharde weg. Het stuk achter de TBSkliniek is erg lastig en eng voor me. Op de volgende brug eet ik een gel. Lekker niet, maar het helpt goed: de heuveltjes van gister zijn nu al een makkie en ik stop niet meer. Mooi door het bos en de modder. In het gelletje zat ook lef. Nog even over het gewone bospad aanzetten en weer naar huis. Naweeën: tintelende rechter bovenarm, tintelende linker wijsvinger en een hele vette blauwe plek. Cijfer: 7,5

Categories: Uncategorized | Comments Off on Shortest Blog (ik ben ook benieuwd wat er volgende week overblijft!)

Shorter Blog

maandag: Hardlopen door de naastgelegen wijk. Het idee dat mijn vriendinnetje vlakbij was, sterkte me. Slecht teken: zone 1 beviel het beste! Lekker sloom ritme wat ik na 25 minuten moest inruilen voor 5 minuten zone 3. Dat ging ook nog best. Zone 2 leek wat zwaarder en na 25 minuten weer 5 minuten zone 3 leek bijna onmogelijk. Uiteindelijk was het laatste blokje alsnog het snelste, terwijl het zo absoluut niet aanvoelde! Nog een paar minuten heeeeeeeeeel langzaam uithobbelen.
dinsdag: Trein ellenlang vertraagd, zware middag gewerkt, te weinig en te laat gegeten en enorme trek én overwerk wat af MOEST maakte mijn humeur ijskoud onder het vriespunt. Door dat werk miste ik nipt het zwemmen; dat accepteerde ik wel, maar ik wist al dat het niet meer in te halen was. 🙁
woensdag: werken-werken-werken, zwemmen hoeft ik er niet meer in te passen vanaf vandaag en dan nog even fietsen. Ik heb vandaag tijd voor een wat langere rit, dus dit wordt het touren wat eigenlijk later in de week staat – ik dacht voor anderhalf uur. Lekker over de dijk. Ik trek me helemaal niks van het tempo aan. Ga gewoon lekker verder en baal zo van het onverharde pad achter de noorderplassen dat ik er extra hard overheen sjees. Ik wil langs het sluisje. Voor de eerste keer ever moet ik daar wachten omdat de sluis open staat. Het Wilgenbos is puur genieten. Maar op het laatste stukje terug naar de dijk gaat het mis. Te steil, te laat geschakeld en de klikpedalen komen niet los: welbewust liet ik me in het gras naar rechts vallen. Daarbij gingen twee dingen mis: mijn sleutels/telefoon zitten aan die kant en veroorzaken een blauwe plek en er ligt nog een braamtak – auwtsj. Wankel stap ik weer op en ik moet echt opnieuw de balans uitvinden. Ik heb geen pijn en niemand heeft het gezien. Als ik thuis kom heb ik de anderhalf uur net niet gehaald, maar ik hoefde ook maar 5 kwartier.
donderdag: op het werk heb ik geen last van een blauwe plek op mijn billen, maar bij de hardlooptraining….. wel. We lopen in en ik constateer na 10 minuten dat ik geen zin heb vandaag. Ik vraag de anderen iets te vertellen, maar het feit dat ik als enige reeds weekend heb, kan me niet opbeuren. Na 15 minuten heb ik nog geen zin. Ook niet in het trappetje. Ook niet in de loopscholing. En al helemaal niet in een oefening die je samen moet doen. Ik kijk vaak op mijn horloge; niet naar het tempo, maar naar de tijd die voorbij kruipt. Toch blijf ik meedoen. De beste afleiding is Vincent die er duidelijk meer zin in heeft als zijn moeder en op prachtige wijze de benen onder zich vandaan rent. We gaan 400m lopen, dan 800m en dan nog 800m en 400m. De laatste 100m moet je versnellen. Ik heb nog steeds geen zin. Ik loop alleen en diesel lekker door. Ik vind mijn tempo niet hoog liggen en voel mijn blauwe plek wat trekken. Blijkbaar ga ik onbewust anders lopen. Maar ik doe het wel! Inclusief versnelling. Inclusief kijken op mijn horloge of er nog veel na dit kan komen (gelukkig niet). We lopen nog een rondje uit om de baan en dan is de beproeving voorbij. Ik kan me niet heugen dat ik daar ooit eerder blij om was. Eigenlijk begint de beproeving dan pas: als ik de auto uitstap heb ik ongenadige spierpijn. Mijn bovenbenen doen écht zeer. Net als de ontbrekende zin heb ik dit nog niet eerder meegemaakt!
vrijdag: Spierpijn, oorpijn, hoofdpijn, lusteloos. Ik doe mee. Ik ga mee vliegtuigen kijken en tellen, ga mee naar de winkel, maar ik sleep mezelf vooruit. Vandaag even niet!
zaterag: Vandaag wel dan? uitslapen doet me goed. Ik wil wil, de spierpijn is weg, andere pijntjes ook. Ik ga fietsen, in verband met de belasting lijkt me dat beter dan lopen. Snel 3 kwartiertjes: elke 5 minuten versnellen. Ik ga de 3 kwartier niet volmaken. Ik heb het KOUD. 5 minuten is een mooie interval. In de tweede ‘stint’ zitten er honden in de weg. In de derde een scherpe bocht. In de vierde een oversteek en de vijfde mis ik en begin ik te laat. Ik krijg het warmer en het gaat best lekker. In de zesde versnelling ga ik tegen de wind in en ik ga langs de dijk. Achter de stripheldenbuurt de laatste keer versnellen. Dan vind ik het goed en versnel ik naar huis. Ik kan zwemmen!
We wandelen tijdens Vincents’ les en dan ga ik zwemmen. Het is kantje boord: kan eigenlijk net niet, maar toch wel. Eenmaal in het water vergeet ik het en ga weer lekker! We hebben met zijn tweeën een baan en nemen ieder een kant: ik mag het dichtst bij de kant blijven. We zwemmen in en de andere man in mijn baan (PO) heeft een horloge om de rondes bij te houden. We gaan 500 meter zwemmen zonder pauze. 100m Hele slag, 100m armen, 100m benen (bah), 100m armen en 100m rug. Mijn brilletje zit te strak en verkeerd om. Ik hou de man alleen bij met mijn benen wonderlijk genoeg. Ik ga lekker door. Rugslag kan met ogen dicht! Omdat ik langzaam ben, heb ik minder pauzes, maar dat deert mij niets. We doen 4×50 techniek: slepen, bijleggen, heup aantikken en lange slag. Ik kan het net onthouden. We doen het twee keer. Ik doe het 1 keer met achtje en daarna zonder achtje. De andere man lijkt wat vermoeider te raken. Ik diesel door. En dan: 300 meter zwemmen en na elke baan het bad uit en aan de diepe kant buikspieroefeningen (10x) en aan de andere kant rugspieroefeningen. Dan is het zwemmen opeens rust! Ik krijg zoiets moeilijk geteld. Ik ‘spijbel’ en neem elke keer het trapje het bad uit. Dat vind ik moeilijk zat! En erin duiken kan ik ook niet. Dan uitzwemmen. Ik heb nog energie over, maar ik heb trek. “77 baantjes” meld mijn baangenoot; “zullen we er nog 4 doen?” Ik heb alle vier de baantjes nodig om uit te tellen dat ik dan 2 kilometer heb gezwommen in een uur. Met oefeningen! En ik ben niet doodop. Als ik niet zo veel honger had en Rob en Vincent niet op me wachtten, had ik nog een uur kunnen zwemmen!
zondag: onverhardlopen. Om half 11 ontmoete ik Manuel in het park en we liep onafgebroken kwebbelend langs de Oostvaardersplassen en door het Kotterbos. Het ging niet snel, de hartslag lag nog iets te hoog, maar ik trok me nergens iets van aan. Ik liep gewoon. De temperatuur was laag met 5 graden, maar met twee laagjes aan ging het goed en werd ik uiteindelijk wel lekker warm. Beetje modder, zand, smalle paden, brede paden, bomen, kleine stukjes asfalt en prachtig zonlicht tussen de bomen door. Manuel had een hoop te vertellen over zijn werkzaamheden en ik vond het heerlijk alleen te hoeven luisteren. We kwamen veel (wel 5!) mountainbikers tegen. We liepen uiteindelijk bijna anderhalf uur. Nadeeltje was dat ik het na een dik uur eigenlijk wel zat was. Maar ja, doorlopen dan toch he. Uiteindelijk toch weer een sportweek met bijna 7 uur volgemaakt.

Categories: Uncategorized | Comments Off on Shorter Blog

Short blog

Werken, sporten, sociaal leven: dat biedt weinig ruimte voor lange blogs. Meestal schrijf ik door de week heen een beetje mee, maar deze keer niet. Ik kijk terug. En dat gaat vast sneller! Kijken of ik per training in een paar regels kan neerschrijven hoe het was en ging. Goede oefening voor me 🙂
Maandag 10 Oktober: Een leuk “rondje” in het donker door de wijk. Alle straatjes door. Muziekje op. En KOUD. Thema van de week, dat KOUD…. 15 minuten zone 1 zijn lastig, het remt af. In zone 2 warm ik wel lekker op. Ik ren lekker, maar mijn gedachten zijn onrustig. Ik heb deze oefening in januari ook gedaan (15 minuten zone 1 – 15 minuten zone 2 – 15 minuten zone 1 – 15 minuten zone 2) en toen heb ik in een uur 9 kilometer gelopen. Nu zit ik daar nét 100 meter onder. Ik maak de 10 kilometer natuurlijk vol.
Dinsdag 11 Oktober: Zwemmen! Eerlijk bekennen: ik verheug me er bijna op. De strenge leraar staat voor de klas/het bad. De verschillen zijn groot. Een ander meisje mag nog even gaan oefenen in het pierenbadje. Ik blijf met twee heren in baan 1.

Plankje, achtje en tenen 🙂


We doen techniek. Heel veel techniek. Ik wil graag weten waarom ik bepaalde oefeningen doe en -ondanks de drukte- legt RO dat elke keer erbij uit. Voor de arminsteek: dubbel insteken. Arm hoog houden: slepen. Waterkracht voelen: met vuisten zwemmen en wrikken. Voor het extra zetje aan het einde: je heup aantikken. 1 op 7 ademen was onmogelijk zwaar voor me. Wij in baan 1 moeten vooral op de techniek letten bij de laatste 10×50. Voor mij geldt: niet meer je schouder aantikken. En ik krijg nog een tip: ook met pullboui kun je meetrappelen. Dat had ik zelf nooit bedacht! Ik tel de baantjes mee, maar deze keer is het niet ver wat we zwemmen. Ik ben voor het eerst niet uitgeput als ik het bad uitkom.
Woensdag 12 oktober: Fietsen met Vincent. Hehe, het komt er dan eindelijk van! Vincent heeft al heel lang niet meer op zijn fiets gezeten, dus het echte tempo ontbreekt. Voor de tweede keer deze week ben ik ietwat te koel gekleed. Ik fiets elke tiende minuut hard. En wacht dan weer op wandeltempo. We gaan over de bruggen tussen het Kotterbos en de Ibisweg over de Vaart en de A6. Op de rechte Ibisweg hebben we wind mee en dat komt het tempo ten goede. We fietsen terug via de Trekweg en daar hebben we dan wind tegen. Dat is niet goed voor het tempo en koud op de koop toe. Binnen een uur zijn we weer thuis.
Donderdag 13 oktober: Hardlooptraining. Gok ‘s: voor de derde keer in 1 week te koud gekleed! Lange mouwen alleen is niet echt genoeg. We gaan inlopen over het gras en het onverharde pad. Heerlijk, maar met de invallende duisternis en veel mensen in 1 groep ook wel erg spannend. 1 Trainster voor een hele grote groep (dik dertig mensen). Op de baan een aantal loopscholingsoefeningen en daarna deelt ze ons in twee groepen in. Ik voel me moeiteloos ‘langzaam’. We gaan “maar” 5 vierhonderdjes lopen op hoog tempo, maar rusten tussendoor zit er niet in, want dan heeft ze oefeningen voor ons klaarstaan: squats (gelukkig is de andere groep sneller!), planken, planken met kniehef en jumping jacks. Ik probeer de rondjes netjes af te tellen in 2 minuten, maar ik ben de enige die op de startlijn begint en moet dus de rest inhalen. Alleen de laatste ronde ben ik het ook zat om als enige ‘braaf’ te wezen en hard te lopen. We lopen een rondje om de baan uit. Wederom niet veel kilometers gemaakt.
Vrijdag 14 oktober: Stukje fietsen met Manuel en Vincent. We gaan Manuels medaille laten graveren. Hoe is het mogelijk dat ik voor de vierde keer te koud gekleed ga?! Ik moet de hoogtes harder trappen, maar dan blijft Vincent te veel achter. Manuel houdt me met zijn marathonconditie goed bij. Vincent vindt het fietsen op de lange rechte wegen met wind tegen saai. We trappen een uurtje rond, maar de snelheid ligt niet al te hoog.
Zaterdag 15 oktober: Zwemmen. Ik begon in baan 2, want baan 1 was de eerste twintig minuten voor een wedstrijdzwemmer. Ik was de langzaamste, maar als het zo druk is in de baan, dan zwem je ook minder, want je stopt eerder en wacht meer. Ik doe wel alles mee: inzwemmen 100m en dan 5 keer 100 meter verschillende slagen: slepen, lange slag, bijleggen, armen. Ik kan dat best. Toen 8 keer 50m borstcrawl. Na de tweede keer ging ik terug naar baan 1. Ik zwom vandaag lekker met pullbooui. Zwaar genoeg voor mijn armen. Daarna 50m schoolslag. Ik luisterde elke keer mee met baan 2 en deed ook mee: alleen iets langzamer dan. Er was 1 andere -nog tragere- man in “mijn” baan 1. Daarna moesten we 400m achter elkaar zwemmen. Toe maar! Maar ik ging door en door en aan het einde begin ik het echt heerlijk te vinden. Moe, maar fijn. Ik raakte (natuurlijk) de tel kwijt, maar hield baan 2 in de gaten en ging een baantje extra. Toen nog 50 m rugslag en ik had mijn eigen baan! De andere man was gestopt (of verzopen, dat kan ook…) Tot slot nog uitzwemmen en proberen drie op 1 te ademen en dat gaat me ook ooit lukken. Ik was niet kapot, maar wel lekker moe. ‘s Avonds had ik -hoe wonderlijk- kramp in mijn benen.
zondag 16 oktober Hardlopen! Lekker onverhard. Grotendeels. ‘s Morgens best wel vroeg op zondag. Met Manuel het eerste rondje na zijn marathon. Kalmpjes aan. Mijn hartslag is de laatste dagen wat hoog, dus daar trek ik me maar niks van aan. We lopen te kwebbelen. De hele weg. We gaan niet snel, want we gaan ‘hertjes kijken’: slow-running. En die hertjes zien we hoor! Ze springen voor ons over. Foto maken lukt niet, maar de hele hertenfamilie is compleet, neem dat van me aan. We gaan over nieuw aangelegde paden, nieuwe paden en door de zon. Ik heb twee laagjes aan en wat denk je? Voor het eerst deze week NIET koud. We zwerven door het bos en het zonlicht is prachtig. Het is heerlijk. Ongedwongen bijpraten over (on)belangrijke zaken des levens. Heel fijn. Na tien kilometer in een dik uur sta ik weer aan de voordeur.

geel is zwemmen, rood is fietsen, blauw is hardlopen.


Dat was een apart weekje. Elke dag iets. Veel verschillende dingen en toch niks heel intensiefs. Ook qua wintertijd goed in te passen. En kort bloggen lukt me ook best 😉

Categories: Uncategorized | Comments Off on Short blog

Nog een rustweek! Het moet niet gekker worden…

Maandag 3 oktober: Rustweek houdt dus niet in dat ik op de bank blijf hangen. ‘s Avonds ga ik gewoon lekker hardlopen. Lage intensiteiten, dus allemaal niet hard of ver deze week. Manuel gaat mee: die mag toch taperen in de week voor zijn marathon. Dan kan ik hem wel bijhouden. We gaan pas laat: om 21:00 uur. Ik ga in lange broek en met lange mouwen. De herfst treed nu echt in. We lopen te kwebbelen en ik bereid Manuel voor op de route door Eindhoven. Ik ga een 800 meter hard alsof ik op de baan ben, maar het fietspad rent anders. Het is pikkedonker! Ik haal Manuel weer bij en we kletsen verder en nemen de verlichtte paden. Ik versnel nog een keer, maar dan voor een kilometer lang. Best een eindje! We lopen nog een stukje om en dan ga ik door tot er tien kilometer op zitten in 63 minuten.
Dinsdag 4 oktober: Zwemmen! Ik heb er bijna zin in… Al heb ik nog wel buikpijn voor ik ga. Ik begin een bekend gezicht te worden. In baan 1. Langzaam aan. Vorige keer blijken we al 1700m te hebben gezwommen. Ik zwem rustig in, 100m. Er is een mij onbekende trainer. We
gaan 100m borstcrawlen zonder hulpmiddel, dan 100m school- 100m borst-100m rug-100m borst-100m benen-100m borst-100m armen en 100m borst. Ik krijg teveel water binnen tijdens de tweede borstcrawl en laat de andere even voorbij om uit te hoesten. Hoort er vast bij, bij zwemmen. De trainer vraagt of het me goed gaat (wat aardig) en dat ik gewoon rustig aan moet doen. Ik doe de borstcrawl zonder achtje. Het valt niet mee, maar voor iemand die in juni nog nooit geborstcrawld had, is het een hele overwinning!

1 van deze heb ik niet gedaan......


Dan drie keer 75m armen. “hou je eigen tempo aan”, zegt de vriendelijke trainer. Ik ga proberen 3 op 1 te ademen. Er zit veel meer rust in mijn slagen als in het begin. Ik verzuip niet meer zomaar. Dan 3 keer 75m de hele borstcrawl. Tussendoor heb je dan wat rust, maar die neem ik niet zo en ik kan niet goed zien hoe ver de anderen elke keer zijn. Ik ben nog niet goed in baantjes tellen. Slecht zelfs. Heel slecht eerlijk gezegd! Ik ga er van uit dat ik de laatste ben, maar 1 meneer smokkelt en die slaat regelmatig wat over. Dat doe ik dus niet. Ik kom hier om te zwemmen en ik wil net zoveel zwemmen als de rest. Tot slot 10 keer 50m (dat is op en neer) je mag 1 keer kiezen en 1 keer de borstcrawl. Bij het kiezen neem ik elke keer het achtje mee en adem 3 0p 1. Ik tel hardop mijn banen af. En dat helpt, want ik kom netjes tot 10. Zo heb ik deze keer toch al weer 1800 meter gezwommen. Dat is al bijna twee kilometer: zo zie ik het dan maar…. Het uur is voorbij en Dees verzekert me dat er een moment komt dat ik niet meer op wil houden. Dat moment is al zo’n beetje aangebroken…. 😉
Woensdag en donderdag: Woensdag wilden we gaan fietsen, heus, maar Vincents lekke band en de uren die daarop volgden voor we gewisseld-terug gewisseld en gepompt hadden waren genoeg om de zin voorgoed te doen verdwijnen. Donderdag zit vol met een open data middag in Den Haag en een vergadering in Almere. Geen training dus. Twee hele rustdagen. Twee dagen zonder sport. Potjandikkie: het lijkt wel een echte rustweek….
Vrijdag 7 oktober: hardlopen! Moet er ook weer eens van komen. Ik ga met Manuel mee die zijn beentjes losloopt voor de marathon dit weekend. Onverhard, of althans zoveel mogelijk. Lekker rustig aan. We hebben het over: * Manuels aanstaande marathonweekend * yoga * de ACR vergadering * open data * Vincent (willekeurige volgorde). Ondertussen lopen we door het bos en langs de plassen. Er staan honderden paarden. Prachtig! We stoppen voor een foto en hobbelen verder. Het is echt geen enkele moeite. Ik loop zo’n beetje onverhard, maar later ben ik het ook zat en neem lekker het asfalt mee. Het is me wel goed vandaag. Buitengewoon relaxed rondje.

zaterag 8 oktober: Time to Swimm again! Baan met zijn drietjes, maar ik blijf de langzaamste! Het gaat mij ook nog niet om snelheid. Inzwemmen gaat al lekker. Na een dag bankhangen naast een ziek kind. Ik oefen met pullboui en 3 op 1 ademen. Zou je van zwemmen een grotere longinhoud krijgen? Ik hou het prima vol in elk geval. We moeten slepen en dan gaat het om de arm hoog houden. Een soort hardloopscholing-oefeningen in het zwembad. Ik weet wel graag waar ik het om doe. We doen veel borstcrawlen en ik doe het zonder hulpmiddelen. Lukt. Ok na een half uur nog. Gewoon vol proberen te houden! We doen van alles en ik kijk af van de anderen. Ik probeer 4 op 1 te ademen en dat is nog gemakkelijker dan 3 op 1. Ik doe de schoolslag, de rugslag, veel borstcrawl: alleen benen (zo langzaaaaaaaam) en alleen armen: dan ben ik snel. Met andere woorden: ik zwem enkel op mijn armen en zal ergens ooit moeten leren meer kracht uit de benen te halen om sneller te zwemmen. Goed om te weten, maar nu vind ik het niet erg langzaam te zijn. De andere kant ademen is lastig. Ik kom volgens mij ergens een baantje te kort. Ik ben een beetje moe. Meer niet. Geen uitputting meer. Niet meer helemaal kapot. Gewoon een beetje moe. En volgens de meneer in mijn baan met horloge hebben we 2 kilometer gezwommen. Ik heb hooguit 50 meter minder gedaan, maar ik reken me niet rijk. Ik kan de oefeningen niet meer herhalen. Ik ben echt vooruit gegaan, en niet zo’n beetje ook. Ik heb alle vertrouwen in het water, ik durf het diepe in, ik ben geen één moment meer bang of onzeker. Ik ben alleen nog niet zo snel. Ik kan trots zijn op mezelf, want dat heb ik toch maar mooi helemaal zelf geleerd. 😀

GJ voorop!


anke voorop


Zondag 9 oktober  Ik zou met alle mannen mee gaan fietsen, maar Vincent was net ziek geweest en daarom bleef hij met Rob thuis. Bleef mijn zwager GJ over. Die heeft een mooiere fiets dan ik, maar we waren allebei bang dat de ander sneller zou zijn! Toen de grote helden van de marathon in toptijden binnen waren gekomen, vertrokken GJ en ik voor een rondje Oostvaardersplassen. Het begin ging hartstikke goed: wel veel wandelaars op de weg en zelfs paarden, maar het tempo lag best hoog. GJ fietste voor me uit, maar ik kon ook gemakkelijk bijhalen. We hadden een tempo van 28km/uur; redelijk stevig tempo, maar ik vond het wel opmerkelijk gemakkelijk met zijn tweetjes. De dijk op was mooi en ik kwebbelde maar raak. Ik kijk niet naar het tempo, maar naar mijn hartslag. Die lag na het rommelige begin weer onder de 150. Primo. De Knardijk was niet zo erg deze keer, we hadden wind mee. We werden ingehaald door een hele groep fietsers en bij het buitencentrum was het weer druk. We reden door tot de sluizen en GJ ging met gemak op kop. Ik kon hem bijhalen en gemakkelijk achter hem blijven hangen op het smalle pad. Ik ken elke bocht, en daarom was het logischer dat ik voorop zou gaan. GJ raakte wat vermoeid, dus dat was nog een reden om hem te trekken en het voortouw te nemen. Of zijn conditie nu op was, of dat het kwam omdat ik moeiteloos vooraan ging of omdat het tempo ineens lager kwam te liggen als GJ’s verwachting was; feit was dat GJ na een uur aanzienlijke moeite kreeg met fietsen. Te snel begonnen? Verkeerde onderwerp? Te weinig voeding? Ik had geen moeite met langzamer gaan, maar GJ had het best zwaar. We gingen door het Kotterbos en via de Evenaar naar huis. De brug over de Buitenring was echt lastig voor GJ. Ik had geen enkele moeite. Daar voelde ik me niet goed bij, eerder het tegengestelde, dat ik het voor GJ vervelend vond. Ik reed nog een klein stukje extra om ook aan de 35km te komen. We waren bijna anderhalf uur onderweg geweest. Ik had lekker gefietst. Relaxed en toch best op tempo.

Categories: Uncategorized | Comments Off on Nog een rustweek! Het moet niet gekker worden…

Rustweek – ach, dat is 'maar' 4 (vijf) keer sporten in een week….

De eerste keer was ‘vals’ Ik hoeft deze week maar 1 keer te lopen op de training op donderdag, maar ik ging vandaag ook al: DINSDAG 27 september. Jawel, jawel, de MAANDAG was een hele dag zonder sport: niks, nada, noppes, niets. Bijkomen van een koppeltraining, die wel directe spierpijn opleverde, maar een dag later nog nauwelijks pijn meer gaf. Dinsdagavond ging ik hardlopen. Met MZ – het nieuwe triatlon maatje. MZ kan al heel goed fietsen en heel hard rennen. Zwemmen nog niet. Volgend jaar gaan wij allebei de halve triatlon doen in Almere. We wonen bij elkaar in de buurt, hebben hetzelfde doel en dezelfde beperkingen: (familie)tijd,voeding en (hoewel om andere redenen) wedstrijd-fobie. En dat zijn de overeenkomsten. De verschillen zijn wellicht groter: MZ is een grote optimist en hij gaat er van uit dat hij volgend jaar de halve haalt. Ik ben een pessimist (met minder zelfvertrouwen) die denkt dat het een hele zware dobber wordt. En zo renden we op ‘uitlooptempo’ langs de Vaart door het donker. MZ mocht het eerste deel volkwebbelen, want ik loop eigenlijk iets te hard. Voor dit moment, voor deze rustweek, voor waar ik nu sta is dit geen uitlooptempo (boven de 10km/uur). Ik ben verbaasd over het gemak waarmee MZ er van uit gaat dat hij met een paar uren trainen per week een halve gaat volbrengen volgend jaar. Waarom hij geen wedstrijden doet: omdat het veel tijd kost en hij zelf ook hard kan trainen. Ik zou graag wat ‘gemak’ en ‘vertrouwen’ van hem overnemen, maar dan moeten we nog maar vaak gaan hardlopen samen! Het is namelijk wel erg gezellig en goed voor mij om het van de andere (optimistische) kant te bezien. We lopen voornamelijk over het asfalt, tot we bij de natuurbrug komen, dan moet ik onverhard. Dit is voor MZ nieuw en ik ga aan het genieten. Door het donker door het bos, hoe top is dat! Dat je de weg nog net ziet… Het brengt mij een dikke grijns en het kan me niet schelen dat mijn tempo verlaagt. Hierover moeten we het nog even eens worden! We lopen naar het Oostvaarderscentrum, wederom (in mijn geval: natuurlijk!) onverhard. Ik begin het wat zat te worden, maar op het smalle pad zet ik het tempo goed door en dan zit ik er eindelijk echt in en ga kwekken. Na een uur zijn we van het ene naar het andere huis gelopen. Bij de koffie aan onze bar kletsen we nog even verder.
De tweede keer: woensdag 28 september: Zwemmen. Na een dag op een congres rij ik gedachteloos naar het zwembad. Wéér het verkeerde zwembad _GRRRR_ maar ik heb nog tijd om door te rijden naar Poort en ben daar net op tijd. De langzame baan in. Met drie andere dames. Ik merk al bij het inzwemmen dat het me moeite kost vandaag. Is het omdat ik al zoveel gewerkt heb? Lichte verkoudheid? Even wennen? Ik heb moeite met adem halen en recht liggen. Zonder achtje ben ik nergens. We gaan 6 keer 100m inzwemmen: 15 seconden rust tussen de 100m in en de ene keer de hele borstcrawl, de andere keer alleen armen. Alleen armen lukt wel, de hele slag lukt maar 50 meter: dan voel ik me een verzuipende baksteen. Daarna gaan we oefeniningen doen: slepen en oksel aantikken lukt me nog wel (antilliaans zwemmen-gevoel), maar schouder/been/schouder aantikken is een motorische RAMP. Bijleggen is een ritmische ademhalingsramp en ik doe het nog fout ook. Dan iets van 300m verdeeld in rugslag, schoolslag en hele borstcrawl. Heel langzaam begin ik in een ritme te komen, maar vandaag blijft het een hele opgave om te zwemmen. Wil ik te hard? Eis ik te veel van mezelf? Zit het werk nog teveel in mijn hoofd? We gaan nog 200 meter de borstcrawl zwemmen. Ik kan de baantjes niet meer tellen, ik ben vermoeid. Niet meer doodmoe, maar algeheel vermoeid. Ik probeer het toch nog een keer met bijleggen bij het uitzwemmen en begrijp het denk ik, hopelijk kijkt de trainer niet. Dan is het tijd. Gek hoor, van een uurtje hardlopen wordt ik minder moe en meer ontspannen, maar dit zwemmen is nog geen repeterende beweging voor mij die me tot rust kan brengen. Voor Dees geldt het omgekeerde.
De derde keer: 29 september: TVA training. Hardlopen. Het regende, dus het was niet druk, dus de snelle en langzame volwassenen waren 1 groep. Ik was in gezelligheidsmode: vandaag kom ik voor de lol. De ultra-langzame. Ik ga lopen te kletsen als ik heb gehoord wie er voor de hele triatlon en marathon (!) gaan. Beide verrassingen. Weer op de baan volgen een aantal loopscholingsoefeningen zoals de skipping en zo. De lucht fascineert me mateloos en is prachtig: het is rood, de lucht lijkt te branden en de zon is al bijna onder. Ik kijk meer omhoog dan naar mijn voeten. En dan is er ook nog een regenboog. Nou ja, een regenboogstreep: de zon is al onder, dus deze is uniek! Mijn nieuwe Iphone maakt hier goede foto’s van. Dan gaan we rennen (ohja, daar kwamen we ook voor!). 6 Rondjes van 300 meter (driekwart baan) en dan 100 meter wandelen. De 300meter op flink tempo. En weg zijn rappe gasten. Ik loop lekker achteraan met een thee-wc-moeder die maar 1 ronde doet en dan naar de WC gaat. De tweede ronde ga ik maar iets sneller dan: iets meer mijn tempootje. Ik voel me wankel en onevenwichtig. Spierpijn in mijn bovenbenen-binnenkant en ik heb het idee te zwalken. Het voelt een beetje labiel gewoon. Maar ik blijf genieten van de prachtige kleuren in de lucht. En dan behoor ik tot de langzaamste 5 mensen op de baan: met 5 min/km. Ja, echt langzaam – NOT   Gelukkig kom ik daar niet voor en ik doe de rondjes werktuigelijk. Wandelen doe ik node. Na deze 6 rondjes (ik ben al twee keer gelapt), volgen 3 keer 700 meter op iets langzamer tempo en 100 meter wandelen. Ik kom er in! Ik pak lekker mijn eigen tempo op en neem soms Vincent mee en soms het licht wat om de baan heen aan gaat. Ik hobbel lekker door en haal de andere kwebbelkliek bij en in. De lucht is prachtig donkerblauw geworden. Ik geniet van deze avond. We gaan uitlopen en ik hoor de thee-wc-moeder uit. Het uur is omgevlogen en ik ben lekker sociaal bezig geweest met sporten.
De vierde keer: 30 september: Fietsen dan maar! Ik haalde Manuel op en we gingen een uurtje trappen en bijpraten. Manuel is met zijn marathon-conditie tien keer te snel voor mij, dus moeten we maar trappend kwebbelen. Ik hoeft toch maar cruise-tempo aan te houden. Op naar de sluizen! Het is bewolkt en niet zo warm. ‘t Blijft een rare gewaarwording voor mij, dat ik easy aan het fietsen ben en me inhou voor Manuel. Ik snap nu dat hij zegt dat dat niet erg is en niet lastig of moeilijk, maar rennend ligt het altijd omgekeerd. Bij de sluizen mag Manuel bepalen hoe we terug gaan en hij wil het rondje Oostvaardersplassen wel afmaken. Mijn best: zolang ik maar niet te veel hoeft te bedenken op mijn vrije dag! Waar wij het over hebben? Over (aankomende) triatleten, de werkster, het werk (van anderen) en wat we (niet) eten. Ik heb niet 1 keer moeite met de klikpedalen en fiets zonder moeite de nare Knardijk af. En dan komt de Oostvaardersdijk en de spijt…. het waait best wel eigenlijk. Nu praten we over Manuels vierde marathon (over een week al!) en ondanks dit eindeloos boeiende onderwerp blijft de dijk een lang end. Manuel maakt een mooie foto en we moeten een stukje om omdat ze aan het knutselen zijn op het fietspad. Ik hoefde maar een uurtje te fietsen, maar dat is niet gelukt. We praten over artikelen in de Runners World, ons aankomende huisgenootje en over concertkaartjes. Na 1 uur en drie kwartier zijn we 37 kilometer verder en heb ik buitengewoon heerlijk rond-gecruised.
En dan de vijfde keer: 1 oktober – zwemmen. Ik doe de hele dag rustig aan. Ik heb niet zoveel zin, omdat ik meer zin heb om op de bank te blijven lezen. Maar goed, ik ga toch maar. Eerst zwemt Vincent en ga ik nog even naar de stad. Ik ga inzwemmen en in dit zwembad heb ik de slag eerder te pakken. Omdat dit bekend is? Omdat ik de mensen hier ken? Omdat het hier dieper is? Omdat ik de hele dag rustig aan heb gedaan? Anyway: ik ga beter. Na het inzwemmen gaan we zonder hulpmiddelen 25 benen doen, dan 50 alleen armen en dan 75 de hele slag. Zonder hulpmiddelen! Het gaat me redelijk af zeg. Ik doe het eerste half uur zonder achtje of plankje en dat vind ik al goed van mezelf. En zonder te verzuipen er toevallig ook nog bij! Ik word er wel moe van hoor. Als we even rusten, sta ik te trillen op mijn benen van de inspanning! Daarna volgt iets met de hele borstcrawl en een stuk rugcrawl. Ook hierbij laat ik de hulpmiddelen achterwege. Dat is goed voor mijn zelfvertrouwen. Ik ga wel gruwelijk scheef bij de rugslag! Dan gaan we achter elkaar zwemmen 10 keer 50m. Ik ga niet voorop! Maar ik ben de derde en ik neem mooi mijn achtje mee. En dan moet ik me inhouden!! Dat is zo nieuw voor mij dat ik er van schrik. Het gebeurde net zo opeens als het moment waarop ik kon zwemmen: ik lag recht, ging hard vooruit en ademende nog maar 1 op 4. Ik had de slag, het ritme, het zwemmen ineens te pakken. Zomaar. Opeens. Van het ene op het andere moment. Alle angst is weg. Ik voel me thuis in het water. Ik ben niet bang dat ik geen adem kan halen, want ik haal het keer op keer. Ik neem me voor 1 op 3 ademhaling te gaan oefenen. Het valt niet mee. Soms lukt het een keer, maar meestal kom ik links te veel het water uit en dat kost snelheid. Ik merk het, ik voel het. Overduidelijk. De baantjes krijg ik niet geteld. Ik let alleen op mezelf. Ik probeer op links te ademen, probeer het te combineren. Ik blaas voornamelijk uit. En zo komt het dat het me steeds beter lukt. We gaan nog meer zwemmen, maar ik durf het niet aan om zonder het achtje te proberen. Ik geniet er enorm van dat ik de slag te pakken krijg. Snelheid komt later, ik hou dit vol! Het moeilijkste is altijd het bad uitgaan, want dan voel ik de vermoeidheid. Deze keer is het een tevreden moeheid. Geen uitputting meer! Het ging echt weer een hele stap beter deze les. Samen met GN tel ik uit dat ik wel 1,7 kilometer gezwommen heb. Ik kan dat niet bijhouden: ik ben alleen met zwemmen bezig.

Categories: Uncategorized | Comments Off on Rustweek – ach, dat is 'maar' 4 (vijf) keer sporten in een week….

Een blog met mopper, prikkelbaar, grenzen verleggen en een koppeltraining

foto tijdens fietsen


Maandag 19 september mocht ik gaan hardlopen: 30 minuten zone 1 en 30 minuten zone 2. Ik ging alleen. Ik was boos. Ik voelde me bedonderd op mijn werk en was echt woest eigenlijk. Meestal helpt lopen wel. Maar deze keer niet. Ik bleef mokkig, kwaad en ongelukkig. Dan loop het niet. Niet lekker. Toen ik het lichtje even uitdeed op het stille fietspad ging het even beter. Ik reageer morgen op de mails. Voor vanavond laat ik het bij deze mopperrun.
Dinsdag 20 september zwemmen. Laat op de avond, om 21:00 uur pas. Na twee werkdagen. Dat wordt wat… Ik ben niet meer zo zenuwachtig, maar nog wel afwachtend. Het wordt een uurtje zwemgrenzen verleggen++!! We slepen, doen een zwemsteigerun  (nog nooit van gehoord tot vandaag). We zwemmen veel. 5 keer 200 meter. We moeten om de drie slagen ademen. Ik ben net blij dat het me op twee lukt, haha! En we sprinten. Ik ben geen partij voor de meneer waar ik tegen zwem, maar hij wacht vriendelijk op me. Ik ben helemaal kapot. Zwemsprinten is het nog niet voor me! Tip van de trainer: nog een stukje meer afzetten met de handen en de bewegingen vloeiender maken. Hé! Dat betekent dat het ademhalen nu behoorlijk lukt! Er was een meisje wat veel te weinig adem kreeg. Ik doe mijn eigen ding. Moeilijk zat. En vermoeiend genoeg. We moesten ook nog een tik-aan oefening doen, maar die coördinatie mist bij mij nog volkomen! Ik moest er van lachen en dat werkt niet onder water. Ik heb het een uur volgehouden en was heel, heel erg moe. Maar ik vind het ook heel, heel erg LEUK.
Woensdag 21 september Fietsen Ik wilde ‘s middags met Vincent fietsen, maar dat lukte niet. Vincents band werkte niet mee. Ik werd er bloedje-geirriteerd van. Ik was al prikkelbaar vandaag. Ik hoefde maar drie kwartier. Dan om 7 uur maar, net voor het donker. Irritatie + invallende duisternis = geen mogelijkheid voor easy tempo. Ik ging lekker door. Dijk langs met mooie zonsondergang. Ik kon niet kiezen: Wilgenbos of fietspad later? Dus nam ik eerst het fietspad later en zou ik terug door het Wilgenbos. De zon ging echt al onder en ik trapte lekker door. Niks easy. Wel erg mooi. In het Wilgenbos begon ik echt te genieten van de vogels, de herfstgeuren en het vliegen over het fietspad. Weer terug op de dijk is de zon onder en het licht zo mogelijk nog mooier. Er springt een hert voor mijn fiets langs. Het tempo verlaagt iets, maar zo voelt het absoluut niet. Eigenlijk is het net te donker als ik om 8 uur thuiskom. De irritatie hangt nog om me heen, maar ik voel me iets beter.

foto door Vincent


donderdag 22 september Hardlooptraining op de baan. Een grote ‘langzame’ groep. Eerst een rondje buiten de baan, dan een hele serie oefeningen en ik kreeg er maar geen zin in. We moesten 800-tjes lopen op langzaam tempo. En dat deed ik. Liefst sloeg ik de rust over, en kachelde ik door. Ik liep lekker alleen en nam een advies ter harte: ik nam tijd voor een paar onverwerkte, opgekropte en opgeschoven emoties. Dus mijn benen liepen prima, maar mijn hoofd liep niet mee. En als ik stilstond druppelde ik leeg, dus ik ging liever alsmaar door. Ik was niet aanspreekbaar en blij dat het donker werd. Nog een rondje uitlopen om de baan en toen was ik blij dat ik klaar was.
vrijdag 23 september: de tri-together triathlon gaat niet door. Met mijn vriendin Joyce en haar dochter zouden we met zijn drietjes een triathlon doen: haar dochter zwemmen, ik fietsen en Joyce (met mij?) hardlopen. Een kwart triathlon: ik moest 40 km fietsen. Maar de zwemdochter viel van haar motor en had godzijdank niets meer als een hele flinke hersenschudding en spierpijnen, maar dat is voor zwemmen in buitenwater toch geen beste combinatie. Dan gaat het niet door: dit was ons drietjes of niet.
Toch hou ik mijn schema aan en ga ik vandaag losjes fietsen. Heel losjes zelfs. Ik ga langs een hardlopende Manuel fietsen. Ik heb nog honderd dingen te doen varieërend van werk tot poetsen, maar het is zulk lekker weer! De band van mijn racefiets is lek, dus ik achtervolg Manuel op de stadsfiets. Dat kan ook prima. Het is raar om naast iemand te fietsen die loopt. Ik had vandaag ook niet kunnen lopen, mijn buik doet te veel pijn. Ik baal er van dat ik daardoor morgen ook niet kan zwemmen. Manuel vertelt over zijn bezoek aan de podoloog. Dat had ik met mijn blessure ook moeten doen destijds. We gaan door het Kotterbos. Ik weet niet of de ramen dicht zijn en verlaat Manuel voor een stukje om snel langs huis te fietsen (tuurlijk waren ze dicht). Ik fiets nog mee tot de dijk en verder tot bij de gevangenis. Dan moet ik terug naar school. Kan ik nog een stukje wat sneller fietsen. Ik heb een uur te veel gefietst volgens het schema.
Zaterdag: niks gezwommen dus. Met pijn in het hart en wat mensen die me aanspreken van de triathlon-vereniging (want Vincent zwemt wel)
Zondag 25 september: De Eerste Koppeltraining. Ik zag er best tegenop om 40km in anderhalf uur te moeten fietsen. Dat is niet helemaal mijn tempo, net iets te snel. Ik ga een rondje Oostvaardersplassen doen. Ik eet twee broodjes en drink twee glazen melk. Eerst zou het nieuwe triathlon-maatje meegaan, maar die is te laat wakker. Joyce gaat om 11 uur mee hardlopen. Even voor half tien stap ik op mijn racefiets en dan ga ik. Het is al zonnig en ik heb meteen het tempo erin. Ik moet omfietsen richting de dijk. Het rondje Oostvaardersplassen is namelijk net iets te kort en de weg is opgebroken. Dat worden 14 kilometers Oostvaardersdijk! De wind valt tegen. Voor me fietst iemand en die wil ik inhalen. Helaas stopt degene en dat haalt mijn tempo (van 29km per uur) er even uit. Ik weet dat ik het hiervan moet hebben, dadelijk heb ik wind tegen. Er is nog iemand die voor me fietst en als ik die (wel) inhaal, knal ik bijna tegen een brommertje op. Verder gaat het prima, al is het lastig het tempo hoog te houden voortdurend. Ik kijk weinig om me heen, fiets alleen maar. De Knardijk. Ik hou er niet van. Wind tegen, veel lager tempo van 24km per uur. Ik zit op schema en ben met 20km onder de drie kwartier. Ik ga het net halen. Mijn benen voel ik verzuren. Dat gevoel ken ik nog niet, maar ik stop er ook niet voor. Bij een slokje drinken word ik tegelijkertijd ingehaald door twee fietsers en dat helpt me uit balans. Ik pak het weer op en neem de weg in plaats van het fietspad langs de Vaart. Bij de Praambult steek ik rechtdoor naar de Tuureluurweg. Ik hou van lange rechte polderwegen. Ook al is er wind tegen. Ik vind dit stuk zwaar. Net over de helft tot net over 30 kilometer: beetje “net niks”. Ik ga de brug over het Kotterbos in en merk meteen als ik wind mee heb! Fietsen lijkt meer op zeilen qua afhankelijkheid van de wind. Ik krijg er weer pret in. Voor twee mountainbikers moet ik inhouden. De Trekweg knal ik over, dat vind ik een prettig stuk. Niet dat ik echt hard ga, maar het voelt wel snel! Daarna achter de Stripheldenbuurt door, waar wandelaars zijn. Ik moet afstappen voor een auto en ik krijg haast. Ik wil de 40 km nu liever net wél als net níét binnen 90 minuten scoren. In razend tempo achter de Sieradenbuurt door. Gek genoeg gaan deze laatste 5 kilometer weer als een razende! Het lijf heeft nog wat over blijkbaar. Ik moet op het fietspad nog een paar mensen opzij bellen en dan haal ik de 40 kilometer net, maar dan ook nét binnen 90 minuten!(1:29:54) Ik ben blij en fiets snel terug naar huis in nog een hoog tempo.
Ik twijfel over het lopen: gaat dat lukken, hoe ver zal ik gaan? Deze koppeltraining houdt in dat ik oefen met twee sporten na elkaar. Dus na deze fietsinspanning volgt het hardlopen. Ik had een half uurtje met mijn vriendin mee gemogen volgens het schema. Ik zet thuis snel mijn fiets weg, helm af, hardloopschoenen aan. Is Joyce er nog niet! Ik sta te trappelen en luister naar Rob. Als ik de deur uit stap, komt Joyce er aan. We wachten tot zij ook satellieten heeft gevonden en dan gaan we hardlopen. Ik opteer voor 6 kilometer, maar dat kunnen we verlengen. Het doet PIJN. Mijn benen schreeuwen het uit van de pijn en ik schreeuw terug dat ze stil moeten zijn en door moeten gaan. Het tempo hoeft niet hoog, we moeten erbij blijven kwebbelen. De eerste twee, drie kilometer vind ik afzien. Toch twijfel ik nog even of we niet 8 kilometer zullen lopen, maar ik kies voor de bekende ruim 6 kilometer. Bij het Oostvaarderscentrum is mijn lijf gewend aan rennen en houden de protesten op. 6:15 gemiddeld per kilometer zitten we op. We lopen onverhard en ik vind het wel tof aan het worden. Gaan we al terug?! Nee, wat mij betreft pakken we een brug verder. We lopen te kletsen door het bos. Heerlijk! Het is best warm en Joyce heeft gisteren nog (hard) gelopen, dus nu kakt zij een beetje in. We wisselen elkaar af, maar laten het er niet bij zitten! Dan SMSt Rob dat hij onverwacht weg gaat en daarmee is Vincent alleen thuis. Mooie reden voor ons om terug te lopen. Ik heb genoeg bewezen dat ik in elk geval fietsen en lopen gekoppeld krijg. Dus het is onmogelijk maar waar: op 9 kilometer stoppen we voor de deur. Net geen tien kilometer. Daar heb ik het moeilijk mee, maar mijn lijf is te blij, mijn benen zijn er voor het eerst eerder klaar mee dan het hoofd. En de oogst? 4 Slokken water en 6 winegums onderweg. Daar blijf ik een ezel in. Ik heb spierpijn op plaatsen in mijn bovenbenen die ik nog niet kende. Het was een aparte ervaring en dan heb ik nog geeneens gezwommen.

Categories: Uncategorized | Comments Off on Een blog met mopper, prikkelbaar, grenzen verleggen en een koppeltraining

De week van de ondergaande zonnetjes

Maandag 12 september: rustdag. Tenminste qua sport. Als de wandeling in de hete avond niet meetelt. Of die in de warme middagzon. En dit is nog maar het begin van de tropische week!

Zone 4 in de groene vlakken


Dinsdag 13 september is geen rustdag. Maar dit is rustweek, en daar hou ik me maar aan. Stukje rennen. Het wordt alweer vroeg donker. Ik neem Manuel maar weer eens een keer mee. Ik doe wat wisseltempo’s: 5 minuten in die vreselijk langzame zone 1, 7 minuten heerlijk zone 2 met ruimte genoeg om te kletsen en luisteren. Dan sprint ik weg voor 1 minuut zone 3 en 2 minuten zone 4. Daarna wandel ik tot Manuel weer bij is, haha – dat klinkt goed! Maar die hou ik in zone 1 niet bij. Hij vertelt van zijn laatste mooie loop rond Hilversum, ik mopper over het werk. De laatste zone 4 klets ik vol en die gaat niet zo hard daardoor. Verder is het tempo best aardig, al zeg ik het zelf. Omdat het rustweek is, zijn we binnen een uur weer thuis.
Woensdag 14 september. Ik zit twee uur met een doodzieke Baksteen bij de dierenarts. Heel lastig. En het is ook nog eens bloedjeheet. Ik wil gaan zwemmen en sta net op tijd bij het zwembad. Maar daar zitten wel erg veel kinderen… Ik zie geen plankjes of achtjes… Binnen een paar tellen snap ik het al: in de zomervakantie was het zwemmen in dit bad, maar nu die vakantie voorbij is, moet ik naar Poort. Ik ben het al zat. Ik ga naar huis terug. Na het eten ga ik lekker een rondje fietsen in plaats van zwemmen. Klikpedalen proberen. Ik ben relaxed en geniet van het zonnetje. Ik rijd weg langs de regenboogbuurt naar de Trekvogelweg. Als ik daar aan het doortrappen ben, bedenk ik dat ik op de oostvaardersdijk liever de zonsondergang had gezien. Ik ben nog onderweg en ga het proberen om daar bij zonsondergang te zijn. Ik zie de boswachter niet over het hoofd in de auto, maar hij laat me met een vriendelijk gebaar voorgaan. Ik trap op hoog tempo door richting de bruggen over de A6 en de Vaart. Ik zie de auto ruim op tijd, maar denk net te laat aan de klikpedalen. Gelukkig heb ik onverwacht de linker razendsnel los. Dan door het Kotterbos. Het licht is prachtig, maar de ondergaande zon lijkt nog wel een stukje weg! Het is heerlijk stil en dit lijkt een volle zomeravond, behalve dat het al september is. Ik trap echt flink door en voorbij het Oostvaarderscentrum haal ik heren in die me proberen bij te houden. Ik heb geen idee hoe hard ik fiets, maar ik ben nog een kleine 5 kilometer van de dijk verwijderd, dus ik ga het wel halen. Ik trap flink door en ben op tijd om van een prachtig plaatje te genieten met bootjes op het meer en de ondergaande zon. Nu terug naar huis, want een racefiets met licht heb ik niet. Maar de maan is ook prachtig. 25 kilometer in een uurtje. Dat moet iets sneller worden en iets langer ook voor de trio-triatlon.

Donderdag 15 september. Het is een rotdag. Vincent is ziek thuis, de poes gaat heel slecht, het is nog heet en benauwd en ik moet ‘s middags naar Schiedam. Het huis is een bende, mijn werk is een bende, mijn hoofd loopt om en het gaat steeds slechter met Baksteen. ‘s Avonds ga ik toch naar de training. Ik heb geen zin, ik hoeft niet hard te gaan, ik wil geen woord zeggen, maar ik gá wel. Rondje omlopen en iedereen heeft het nog over zijn of haar triathlon. Ik sluit me af. We doen loopscholingsdingen. Hoeft niet van mij, maar oké, ik huppel me ietsje blijer. Dan krijgen we in tweetallen een dobbelsteen. Een prachtig jong meisje die loopt als een hinde vertrouwt erop dat onze tempo’s gelijk liggen. Gooien met de dobbelsteen om het aantal honderd-meters te bepalen. Wij gooien elke keer 6 voor de 600 meter. In drie tempo’s: onder duurtempo (1 of 4), duurtempo (2 of 5) en boven duurtempo (3 of 6). Wij hebben een abbonnement op 6, maar voor mijn gevoel lopen we gewoon lekker een gewoon deurtempo: we kletsen er in elk geval bij. Mijn medeloopster studeert geneeskunde. Ze loopt niet alleen mooi, ze is nog slim ook! Tussendoor mogen we een minuut rusten en dan gooien we weer 6 en 6. Mij best. Ik vind het prima om te luisteren naar de knappe studente. Verder op de baan is het te druk voor mijn benevelde hoofd. Nog een keer 600 meter! Tempo 2 dit keer, maar nu krijgt mijn loopgenote last van haar knie-blessure en ze stopt. Ik loop door. In mijn eentje gooi ik 5 en 6. Dat is even uittellen, hoeveel 500 meter is op de baan! Ik gooi nog een keer en vind het niet erg alleen te lopen. Weer 5-en! Ik kom precies uit en dan is dit deel van de training voorbij. We gaan planken. Grappig genoeg knap ik daar een beetje van op. De meneer van vorige week is er ook; zal ik hem vragen of we samen de halve triatlon gaan doen volgend jaar?! Mijn hoofd staat er niet naar. Ik heb mijn trainer ook gezien vanuit een ooghoek, maar ook daar voel ik geen behoefte tot communicatie. De man van vorige week spreekt mij aan over het zwemmen en ik vraag hem maar of we volgend jaar samen voor de halve zullen gaan. Het antwoord is verrassend snel en volmondig ja. We wisselen gegevens uit en nu ik het niet alleen hoeft te doen, lijkt de halve triatlon geen onhaalbare zaak meer. Ik app de trainer terug dat het een goed plan is. Hij denkt dat ik door de andere verhalen ben geinspireerd, maar niets is minder waar. Eenmaal thuis eist een stervend huisdier alle aandacht en energie op.
Vrijdag 16 september. Weer een onrustige en korte nacht, want ik lig alleen maar naar de poes te luisteren. Bij elke stuiptrekking of spin-geluid van het beestje zit ik rechtop. We gaan er midden in de nacht zelfs alledrie bij zitten, omdat ik denk dat ze de ochtend niet meer haalt. Maar ze blijft in leven. Ze is zo verzwakt, afwezig en ongelukkig dat we moeten besluiten haar in te laten slapen. Dat is intens verdrietig en vermoeiend. We zijn heel teneergeslagen en rouwen om ons gezinslid dat 15 jaar bij ons was. Ik wil graag rennen of fietsen, maar het duurt een hele tijd voor ik iets kan beslissen. Vanwege het donker dat al voor 8 uur intreedt, wordt het rennen in plaats van fietsen. Ik wil nogmaals de zon onder zien gaan op de dijk. Kilometer 1 – 6:30  een mooie tijd die ik aan ga houden denk ik. Kilometer 2 gaat sneller en bij kilometer 3 zit ik er lekker in. Ik luister naar de muziek, hoor de natuurgeluiden er doorheen en ik wil de 5 kilometer in een half uur lopen. Dat is lekker doorgaan dus, want ik heb iets goed te maken! Ik haal het en in kilometer 6 sta ik op de dijk. Mooi, maar de zon zit achter de wolken. Ik pik het tempo weer op, het is nog niet donker. Ik loop over het fietspad terug en de lengte valt me deze keer mee. Eigenlijk zou ik nu ook wel de 10 kilometer binnen een uur willen lopen. Na 8 kilometer wordt dat zwaarder. Ik drup van het zweet, maar ik wil het ook! Kilometer 9 vind ik echt afzien en kilometer 10 moet ik nog een keer heel flink aanzetten. Ik moet van mezelf tot boven op de brug doorgaan, maar net daaronder springt het horloge naar de 10 kilometer. Precies binnen een uur! Het horloge is vol qua database, dus wandel ik al wissend de brug over. Dan ga ik joggen naar huis: ik heb nog een kwartier voor 2 kilometer. Inmiddels is het helemaal donker in de wijk. Als ik langs huis loop (geen enkele hardloper stopt op 11,9 km) is de buurpoes op knuffelvisite bij ons.
Zaterdag 17 september. Een heerlijk voortkabbelende dag. Met zwemmen. Ik ben voor het eerst niet in de zenuwen. Ik zie wel hoe het me gaat. Geen ambitieuze trainer en ik ga het gewoon proberen in de langzame baan. Het is weer eventjes wennen, ik moet na 2 weken even weer de slag te pakken krijgen. Maar het lukt me wel! Ohja, het ging om het uitademen onder water, om het ritme: kort in-ademen en contact met het water houden. Ik pak het achtje er maar even bij voor de ligging. Daar ben ik niet de enige in! Ik ben niet eens de allerlangzaamste in de baan. Voor iemand die drie maanden geleden nog nooit de borstcrawl had gedaan, is dit fantastisch hoor! Ik zwem toch zo’n 200 meter in en dan moeten we 4 keer 100 zwemmen en elke keer in een andere (gezamenlijk vrij te bepalen) slag. Eerst verzint het jonge meisje dat we de vingers over het water scheren. Ik doe 50 meter zonder achtje, 50 meter met. Dan verzint ze dat we schouder moeten aantikken. Daarna met twee armen vooruit liggen voor we de slag afmaken. Klink lastig en ik vond het alleen in het diepe bad echt eng, in het minder diepe stuk lukte het me wel! Tot slot twee keer dezelfde arm strekken. Ik word moe. Ik heb het warm, maar ik geniet ook. Ik blaas vooral onder water uit. Ik voel de bewegingen van het water van zoveel mensen en vang het meestal redelijk op. Nu volgt 100 meter langzaam zwemmen. Ik ga zonder achtje en neem mijn eigen trage tempo aan, maar dan doe ik de slag wel goed. We doen daarna 3 keer 100 meter: 25 meter alleen benen heen, 75 meter alleen armen. Ik krijg kramp in mijn benen elke keer, maar dan zijn ze goed gestrekt, komt de slag alleen uit mijn heupen en daar word ik moe van. Alleen de armen is wat ik gewend ben en dat gaat prima. Het ritme zit er na 3 kwartier wel in. Helemaal gewend aan het geluid van de bubbels, het water in mijn oren en de beweging. We moeten eerst 100 meter zwemmen, dan 200 meter en tot slot 300 meter. Onbekend of wij dat halen binnen de tijd. Tussendoor 25 meter schoolslag en pauzes. Ik kan het niet meer bevatten en hoor alleen het begin. 100 Meter doe ik zonder achtje. Daarna ben ik te moe en neem ik het achtje erbij. Ik ga gewoon aan de gang, raak de tel kwijt van de baantjes, sla de pauzes over en ga lekker verder. Te moe om te tellen? Kan best, maar ik heb een perfect ritme, het gaat gewoon goed en als er een ademhaling mist, schrik ik daar ook niet meer van. Ik haal de 200 meter zeker ook en wacht heel even. De 300 meter weet ik niet of ik die gehaald heb, misschien net wel, misschien net niet. Al met al heb ik uitgerekend toch wel ruim een kilometer gezwommen en dat vind ik een heel eind! Ik heb het warm, klets onder de douche en luister naar de verhalen van de triatlon-helden. Ik reken mezelf nog niet tot de geweldenaren die zich voor volgend jaar alweer hebben opgegeven. Ik ben vandaag trots als een pauw dat ik een uur gezwommen heb en dat ik alweer ietsje minder uitgeput ben als in het begin en dat het ook nog eens wat beter gaat.
Zondag 18 september: Familiedag, Rustdag, Klimdag.

Categories: Uncategorized | Comments Off on De week van de ondergaande zonnetjes