Beste Trainer,
Het leek zo goed uit te komen: een rustweek in een drukke werkweek. Maandag was ik de hele dag op pad en het ging me goed af, tot ik je mailtje kreeg. Ik had niet meer beledigd kunnen zijn door wat je schreef: “Vrijwillig op eigenhoutje een koppeltraining uitvoeren… dan ben je gewoon een triatleet hoor“. Dan kun je daar nog zo’n smiley bij zetten: ik voelde me zwaar beledigd om “triatleet” genoemd te worden, want zo voel ik me nu eenmaal niet. Manuel liep een rondje mee, want ik moet toch even uitrazen dan. Manuel nam de filosofische kant op zich en vroeg me wanneer je dan wel een triatleet bent. Mijn antwoord is niet heel eenduidig, gek genoeg. Maak je niet ongerust, hoor: hoog op de ranglijst staat echt wel dat je een hele triatlon moet hebben afgelegd, so count yourself in! Ik had na 4 kilometer totaal geen enkele zin meer, maar we maakten de 6 kilometer vol. Dát, dat
niet-opgeven, het dóórgaan, dat maakt me meer een triatleet dan een zelfverkozen koppeltraininkje. Hoor.
Dinsdag nam ik dan toch maar een beetje een rustdagje. Ik wandelde bijna 3km (wandelen-duh) voordat ik ging zwemmen. Dat werkt nog beter dan hardlopen! Ik ging als een speer, zat helemaal in het zwemmen en kan intussen een goed verschil tussen tempozwemmen en rustig zwemmen maken. Ik heb 2200 m gezwommen, maar het horloge begreep dat niet: die bleef steken op 1800. Ik was supertevreden!
Toen kwam ons gesprek en ik zal niet zeggen dat het gemakkelijk was (laten we er geen wedstrijd van maken wie er het meest tegenop zag), maar het heeft wel goed geholpen om een paar zaken uit te spreken. Het ging over rugzakjes en spiegeltjes. Je hebt me een paar dingen heel helder doen inzien. Het was in elk geval een gesprek waarin ik eerlijk kon zijn en jij mij duidelijk kon maken dat jouw doel nog anders ligt dan dat van mij. Mooi, kunnen we daar rekening mee houden! Ik kan weer verder op een pad wat we (blijkbaar) ingeslagen zijn.
‘s Middags waren we toch op de verjaardag van ‘oma’ en vanuit Hilversum rende ik een soepel en moeiteloos rondje door het bos en over de berg. Het voelde gemakkelijk aan. We gingen op tijd weg voor het zwemmen… maar dat feestje ging niet door! Ten eerste viel Vincent nogal hard van de skatebaan waardoor zijn pols zeer deed en zijn knie bloedde en ten tweede was mijn badpak niet in de tas uitgekomen. Niet lachen! Die combinatie bracht ons weer thuis.
Ik kon nog wel een paar dagen vooruit met de positieve insteek van ons gesprek, maar donderdag voelde ik me niet echt oké. Draaierig, misselijk. Ik dacht nog dat het wel beter zou gaan na de vergadering, maar dat was niet zo. Ondanks goed nieuws voelde ik me niet zo best. Of omdat ik niets gegeten had? Oei, ook herkenbaar he… Maar goed: die training hoefde dus écht niet van mij. Maar ik bracht Vincent toch weg en dan was ik er al en ik hoefde toch niet hard mee te lopen want het was tenslotte rustweek, dus ach, node ging ik maar. Niet mijn favoriete trainer ook nog. 
Na het inlopen gingen we op de baan 2x “1000m-800m-600m met daartussen 100m wandelen en 100m dribbelen” doen. Zone 3. Hm. De rest schoot er vandoor. Ik ging er langzaam achteraan. Een beetje beledigd dat degene die voor mij de strandcross deed, veel sneller bleek te kunnen lopen. Ik kan prima wandelen en en dribbelen (dat heb je me wel geleerd) en toen was het al op bij mijn vervangster. Weg respect. Ik liep met haar en nog een man mee. Mijn horloge kreeg geen hartslag binnen. Ik bleef in zone 1: dat lijkt me wel fijn met het tempo wat ik liep! Halverwege de training kwam ik er achter dat het goede nieuws echt goed was en ineens had ik kracht voor tien! Ik liet de anderen achter me en trok even door voor 1000m. ZO. De snelste kilometer even met 20 seconden verbeterd naar 4:37. Volgens mijn horloge in zone 2 hahahahahaha. Na de training (weer 10km) voelde ik me beter dan daarvoor. Ik begin met de eerste stappen op de route bij het ontdekken dat het gemakkelijker loopt als je hoofd ook meedoet.
En zo werd het vrijdag, vroeg op, met de trein naar Den Haag, besprekingen, nieuwe mensen en dat op een vrije dag. Ik stapte een station eerder uit en wandelde zo snel mogelijk naar huis en rende nog een stukje extra om er 2,5 kilometer van te maken (nog net niet op de hakken). Verder neem ik dit op als een rustdag. Die heb je ook nodig geloof ik toch, trainer?! Niet dat jij er iets van zult zeggen, maar ach.
Zaterdagochtend: Vincent sport, mama rent. Manuel ging mee. Hallo Beatrixpark. Je opdracht van vandaag was: 25 minuten in zone 2, 5 minuten in zone 3 en dat dan 3 keer. Onverhard, of in elk geval zoveel mogelijk. Ik ben nu wel een beetje klaar met het Beatrixpark! Verder ging het op de eerste paar kilometer na, erg gemakkelijk. Eigenlijk. Niet supersnel ofzo, maar ook wel opvallend moeiteloos. Ik liep de hele tijd met Manuel te kletsen. Behalve eventjes in zone3. Toen moest Manuel zich verklaren opdat we geen ruzie kregen. Ik nam iets wat Manuel zei, totaal anders op als hij bedoelde en als zone3 er niet tussen gekomen was, had Manuel het niet uit kunnen leggen. Dat was een eye-opener: het zal ‘m in de week zitten… Verder vlogen de minuten voorbij en de bruggetjes, paadjes, heen en weertjes, de berg en de skatebaan ook. We haalden de 14 kilometer en ik ben dan vooral trots dat ik de laatste 500m het
tempo nog omhoog kan gooien. Daar haal ik een hoop vertrouwen uit hoor.
Zaterdag was nog niet voorbij, want we zouden gaan wandelen met vrienden. De vrienden konden op het laatste moment niet en zodoende raakten we verzeild in het munitie-bos bij Soesterberg. Heerlijk! Lekker wandelen, niemand tegenkomen, bunkers bewonderen en een uitkijkberg op klauteren. Met twee jongetjes is dat echt een must, moet je ook eens heen gaan! Het is voor mijzelf verbazingwekkend dat ik fysiek nergens moeite mee heb.
Nou, tot zover trainer, bedankt voor alles: stop maar met lezen! Dat was dan de rustweek, klaar ermee en tot volgende week! 🙂 Best netjes gedaan hoor. Tralalalala. Ik heb echt getwijfeld of ik deze zondag in het schema zou zetten of niet. Na een nacht heerlijk lang en goed slapen, kon ik er deze zondag weer tegen. ‘s Middags gingen we zwemmen: omdat er geen TVA-les is, mogen wij TVA’ers op zondag gratis banenzwemmen. Daar maken we vandaag gebruik van: DR gaat mijn slag verbeteren en Vincent het keerpunt leren.
Nou, dat VOEL ik zeg… Men, wat zit ik dit te typen met spierpijn! Ik moet mijn elleboog hoger optillen en mijn slag wordt echt verbeterd. Ik kan weer opnieuw beginnen met oefenen, maar ik doe het dolgraag. 1 Van de allersnelste hardloopheren van Almere kijkt toe en bekent zelf nooit aan die triathlon te zullen beginnen. Op die momenten besef ik dat ik iets doe, wat niet iedereen zomaar oppakt. Dan vullen we de middag met een kappersbezoek en daarna wil ik nog even fietsen. Staat op het schema. Eigenlijk is het te donker, dus ik kies voor verhard op de ATB. Ik zoek wat fietspaadjes uit om het tempo op te voeren. Als de fiets weer in de schuur hangt, ruil ik de klikpedalen om voor hardloopschoenen en ga ik nog hardlopen.
Het went al: ik zit er vrij snel goed in en loop lekker door. Het gaat soepel en vol zelfvertrouwen. Ik zoek gewoon de grens op. Geen enkel idee waar die ligt: fysiek verbaas ik mezelf keer op keer. He trainer, voor het geval je toch verder hebt gelezen: geen commentaar geven!!! Gewoon niet doen. Voor een rustweekje heb ik veel te weinig rust genomen – I Know. Ik haal het zelfvertrouwen uit het opzoeken en verkennen van de (fysieke) grenzen – laat me maar. Bedankt voor jouw vertrouwen. Groetjes Anke
Een rustweekje
Een sportweekje
“Bewaar je rust ook” vraagt de trainer in de mail. Nou, ik weet niet of dat gelukt is……
Op maandagavond 5 december ga ik door de kou met Manuel een rondje meelopen. Of eigenlijk: die Arme Manuel moet met mij meehobbelen door het donker. Ik ga echt niet snel, gemiddeld halen we de net niet de 7 minuten per kilometer. Manuel kletst lekker moeiteloos de tijd vol. Ik had eigenlijk moeten fietsen, maar dat zie ik in het donker niet zitten. Ach, de eerste 5 hardloopkilometers van de week zitten er weer op en ik ben er nauwelijks moe van geworden. Een eigen cadeautje op pakjesavond zeg maar….. Eigenlijk is dat bijna een rustdag toch 😉
De tussen-de-middagwandeling die we met de collega’s elke dag maken (ik alleen als ik in Zeist ben), telt vandaag, dinsdag 6 december, mee voor de SantaStreak (elke dag 2,5km hardlopen). Het is dan wel geen hardlopen, maar elk tempo telt mee: als het maar minimaal 2,5 kilometer is. Het rondje blijkt 2,8km te zijn. Ik doe het er voor! Dinsdagavond ga ik zwemmen. Ik heb er echt zowaar zin in, maar vind het water wel koud! Na wat inzwemmen moeten we op tempo zwemmen. Niet naar de techniek denken, maar gáán. De trainer maant me niet meer om de twee slagen te ademen, maar om de vier. Poe hé, dat is even heavy! Ik raak buiten adem, vermoeid en krijg het nu echt wel warm. Als ik iets langzamer ga en met het achtje dooroefen, krijg ik het redelijk onder de knie. Ik adem alleen rechts. Alleen benen en de schoolslag zijn niet mijn favorieten, maar die doen we ook. Dat waren misschien niet zoveel zwemmeters, maar ik ben toch weer een slagje verder!
En zo wordt het woensdag 7 december. Zwemmen op het programma. Ik zie er maar een klein beetje tegenop, want het is nogal een verschil tussen vorig jaar NOOIT zwemmen en nu 2 keer binnen 24 uur. Ik ga proberen om zo min mogelijk te ademen, bij voorkeur 1 op 4. We gaan onder leiding van RO een heleboel techniek doen. Why not… Met zo min mogelijk slagen naar de overkant, met 1 arm zwemmen (dat was echt lastig), en heel veel benen. De hele wisselslag in 50m alleen benen. Poe. En een steigerun. Ik kreeg echt de smaak te pakken en het ging best goed. Aan het einde met achtje tijdens het uitzwemmen op lager tempo, bleek dat ik best 1 op 10 kon ademen. Toen was de les alweer om.
Maar ik had natuurlijk nog niet gerend. En dat moest ook nog eventjes. Ik besloot naar Joyce te rennen. Gewoon een klein stukje. Het begon lekker rustig aan, maar toen bleek ik elke km iets sneller te gaan. De laatste en vijfde kilometer ging dan ook in een behoorlijk tempo. We kletsten even bij en ik wilde de bus naar huis nemen. Maar dat was een vergissing… Er gingen geen bussen meer. Tenminste niet binnen een half uur. En dan kun je net zo goed rennen. Ik baalde flink, maar koud worden in de bushalte zag ik ook niet zitten. Ik wilde naar huis en dan is het best ver en laat en zwaar en donker.
Tada, door naar donderdag 8 december. Voor de zekerheid neem ik de middaglunch wandeling mee. Stel dat ik besluit er een soort van rustdag van te maken, dan heb ik toch aan de wandelverplichting voldaan! Ik heb totaal geen zin om naar de hardlooptraining te gaan. Ik heb hoofdpijn (maar een paracetamol doet haar dienst), we eten laat, het miezert, ik heb recht op buikpijn… Maar Vincent trapt nergens in en trekt me mee de baan op. Bij het inlopen spreek ik trainer PZ aan en we kletsen over het werk. Dat leidt af van het zeurderige “geen-zin”. Op de baan lopen we een steigerun in en dan wordt het 1200m redelijk tempo – 60 sec rust – 400m dribbelen – 30 sec rust – 1000m redelijk tempo – 50 sec rust – 400m dribbelen – 25 sec rust – 800 m redelijk tempo – 40 sec rust – 400m dribbelen – 20 sec rust – 600 m redelijk tempo – 30 sec rust – 400m dribbelen enzovoorts dus. Dan ben ik het al kwijt! Ik kwam bij twee heren te lopen en ik moest wel met ze mee blijven lopen, want zij wisten hoe lang de rust was en hoeveel rondjes ik moest lopen. Ik kijk alleen naar de hartslag en loop fier mee. Het ging best goed eigenlijk. Weg hoofdpijn, weg buikpijn, weg gezanik! In de rust een hartslag van 40 slagen lager pakken en flink doorlopen. We konden de serie vanwege de tijd niet helemaal afmaken. Uitlopen. Het was droog gebleven, alle pijntjes waren weg, ik voelde me tien keer beter als voor we gingen en ik had de snelste kilometer van dit jaar te pakken met een tijd van 4:51! Ik kreeg nog een melding dat mijn VO2Max (een soort meting voor conditie) nu nog hoger is komen te liggen, maar die was al ‘superior’
En dan is het vrijdag 9 december: meestal niet de rustdag! En zo ook niet vandaag. Eerst op de fiets met Manuel. Het was bewolkt, maar niet koud. Weer een rondje over de Oostvaardersdijk naar het Hollandse Hout. Aldaar verlaten we het asfalt omdat we toch op de ATB zijn. We volgen de rode paaltjes. Over een vreselijk hobbelig pad vol tractorsporen. We maken een fotostop en dan verder door het bos. Dat is leuk tot we door de plas moeten. Ik moet midden in de plas afstappen. In het ijswater. Aj. Maar ik ga wel door en het is eigenlijk best tof. Het fietspad terug is een eindje en we lijken wind tegen te hebben. Ik vraag me af of ik nog ga rennen.
Ik heb nog tijd en ik wil niet twee keer de douche in en ik wil wel eens voelen hoe het op elkaar volgt en het is maar 3 kilometer en…. ik ga dus toch maar meteen. Voor mijn voeten is het ijs- en ijs-koud. Gevoelloos koud. Voor mijn benen is het zwaar. Voor mij ademhaling gaat het rustig aan. Maar de tijden vallen enorm mee, het is niet zo langzaam als het voelt. 3 Kilometer binnen 20 minuten. Okidoki. Nog net tijd om te douchen!
En zo is het alweer zaterdag 10 december. Vincent naar de sportles, mama gaat met Joyce door het park lopen. Er staat een opdracht voor intervallen, maar ik heb er weinig zin in. Het idee was elke 5 minuten wisselen tussen z1, z2 en z3. Zone 1 ging nog goed, zone 2 ging prima en toen ging ik een extra rondje in z3, terwijl Joyce doorliep en dat ging niet prima. Ik haalde z3 met moeite en raakte Joyce kwijt. Paniek! Waardoor het hele wisselen verdween, ik wat extra rondjes liep, Joyce nergens meer zag, omliep en uiteindelijk het gele jasje weer terugzag. Ik liet haar niet meer in de steek! We namen zoveel mogelijk onverharde paadjes en slingerden van hot naar her. Er zat totaal geen systeem in! (wat op zichzelf ook een systeem is) Over de berg, over het pad, Joyce nam het asfalt, ik haalde haar via een onverhard pad in Z3 weer in terwijl ik in Z1 had moeten zitten: het was een boeltje!
Ondertussen kwebbelden we wel de tijd en al onze klachten weg. Na 5 kwartier gingen we terug naar de sportlocatie van Vincent. Ik vond het zwaar, had meer dan genoeg van het rennen en als ik geen fijn gezelschap had gehad, was ik na een half uur al gestopt. Maar goed, er zitten weer 12,3 kilometer bij in de beentjes en ik werd er dan wel niet vrolijker van, maar ook niet vermoeid.
En zo werd het zondag 11 december: met een keyboardoptreden van Vincent missen we de AlmeerderStrandCross, dus het had een rustdag kunnen zijn. Maar nee, er is een uur ‘over’ en die kan ik volsporten! Ik ga eerst fietsen op de ATB, maar dan alles verhard. Ik neem de tijd niet om fietskleren aan te trekken, gewoon in een fijne sportbroek, trui en met sporthorloge om.
En ik deed vast de hardloopschoenen aan. Plan klaar… Fiets na 11km en 32 minuten de schuur in en door de voordeur weer naar buiten voor een stukje rennen. Koppeltraininkje. Ik ging goed! Het tempo zat er lekker in en ik hoefde maar 3 kilometer. Het werden er 3,5 en die waren in 20 minuten afgerond. Niet ontevreden dat het al beter gaat om fietsen en lopen zo te combineren. En nog 10 minuten over om te douchen en een jurkje aan te doen. Want die foute sportbroek kan eigenlijk écht niet, hoe onprofessioneel!
Sorry, trainer: niet helemaal gelukt met die rust…
Korte overzichten
Dag: Maandag 28 november
Sport: Hardlopen – interval volgens schema:
| 3×15(5z1-5z2-3z3-2z4) |
Tijd: starttijd 20:08 duur 50:55
Afstand: 7,51
Gemiddelde hartslag: 148 / Hoogste hartslag: 171
Bijzonderheden: In de derde serie Z3/Z4 6 keer de woondome op en af gelopen 🙂
Eindcijfer: 7
Foto:
vanaf de woondome
Dag: Dinsdag 29 november
Sport: Zwemmen Training Almere Stad
Tijd: starttijd 21:02 duur 57:44
Afstand: 1875m + 50m beenslag
Bijzonderheden: ZWEMMERsHIGH! In één van de series 200m borstcrawl ging ik helemaal op in wat ik deed en dat was geweldig.
Eindcijfer: 7,5
Foto: 
Dag: Donderdag 1 december
Sport: Hardlopen – training TVA (ondanks dat het niet op het schema stond)
Tijd: starttijd 19:01 duur 1:05:35
Gemiddelde hartslag: 154 / Hoogste hartslag: 174
Afstand: 10,14 km
Bijzonderheden: De rondjes op de baan bestonden uit: 800m matig tempo, 20 sec rust, 4x200m hoog tempo gevolgd door 100 m dribbel, 20sec rust. Het hoge tempo lag me! Ik ging lekker eens een keertje mee op tempo. HeHe.
Eindcijfer: 7,5
Foto: 
Dag: Vrijdag 2 december
Sport: Fietsen ATB verhard & onverhard in 1 ride
Tijd: starttijd 9:08 duur 2:22:49
Afstand: 41,51km
Bijzonderheden: Miezerig. ATBroute Kotterbos √ afgekeurd. VEEEEEEL te veel mud. Fiets sloeg er van vast. Hielp ook niet dat ik al 35km had getrapt om de Oostv.plassen heen met te weinig voeding achter de kiezen. Zwaar, vies rondje. 2 Keer (kei)hard gevallen.
Eindcijfer: 7
Foto:
Mooi langs de Oostvaardersplassen maakt het toch een zeven
Dag: Vrijdag 2 december
Sport: hardlopen; kort rondje voor de ‘santastreak’: elke dag in december 2,5km hardlopen.
Tijd: starttijd 14:05 duur 26:07
Afstand: 4,33 km
Gemiddelde hartslag: 151 / Hoogste hartslag: 158
Bijzonderheden: Lekker gehobbeld, zoveel mogelijk onverhard. gemiddeld tempo 6:02 in zone 2.
Eindcijfer: 7
Foto: 
Dag: Zaterdag 3 december
Sport: Wandelen en hardlopen
Tijd: starttijd 9:10 (wandeling) duur 44:45 (wandeling) / starttijd 16:03 (run ) duur 31:21 (run)
Afstand: 4,02 km (wandeling) / 4,81 (run)
Gemiddelde hartslag: 147 / Hoogste hartslag: 157 (run)
Bijzonderheden: Mijn hoofd stond niet naar rennen: het deed zeer. Dus wandelden Rob en ik door de koude ochtend. Tijdens de zwemles van Vincent ging ik kalm aan hardlopen door het Beatrixpark. Ik had het koud, maar liep toch elke km ietsje harder (de eerste vier). Zoveel mogelijk onverhard, over de berg, geen dubbele paden. De WC won het van de 5km volmaken.
Eindcijfer: 6,9
Foto: 
Dag: Zaterdag 3 december
Sport: Zwemmen
Tijd: starttijd 16:59 duur 1:00:17
Afstand: 2000m
Bijzonderheden: Nieuw record qua afstand! inzwemmen; 2x(4×50) slepen, aantikken, bijleggen, armen; 200m duurtempo; 2×50 benen (bleh); 2x elkaar meeslepen (zwaar zeg); 6×100 zelfde tempo – dat was me een ding: ik ging steeds sneller en ik kwam er dan ook helemaal in Ik GenOot; uitzwemmen tot 2000m
Eindcijfer: 8 (!)
Foto:
Dag: Zondag 4 december
Sport: hardlopen
Tijd: starttijd 14:00 duur 53:30
Afstand: 10,01 km (en 1,3km uitlopen/wandelen)
Gemiddelde hartslag: 162 / Hoogste hartslag: 168
Bijzonderheden: Na vrijwilliger zijn bij de Sinterklaasloop mijn ‘eigen’ wedstrijd gelopen: zonder publiek, zonder druk, zonder medelopers. Vanuit Almere Haven naar huis toe. Afzien. Ik dacht vanaf km 7 ‘waarom?’, maar afhaken staat er niet bij in mijn woordenboek. Behoorlijk tevreden over de tijd.
Eindcijfer: 7,4
Foto:
Klaar!
Vertraagde Blog
21 november: na weer flink opruimen op deze vakantiedag, had ik zin om te gaan lopen. Joyce aangeklampt en die kon/wilde/ging ook wel mee. Slecht weer, nou en… Geen schema, nou en… En toen kreeg het katertje zijn renuurtje, belde het vriendje van Vincent aan en kleedde ik me om. Aparte combinatie en hét moment om het schema binnen te krijgen. 30 Minuten zone 1, 30 minuten zone 2. Uitstekend. Laten we het horloge ook maar meteen instellen. Een kwartier later dan afgesproken waren we op weg. Het weer viel mee en het was zelfs warm. Het horloge viel tegen, want mijn hartslagzones lagen wel erg laag. Ik moest blijkbaar onder de 120 blijven, terwijl dat 135 zou moeten zijn. Dan schiet het echt niet op! We liepen langs de Vaart te kwebbelen. En daarna een rondje om de Leegwaterplas.
De hartslag mocht door naar zone 2, maar het horloge bleef protesteren. De lucht was erg mooi. Ik bedacht me dat ik de lunch had geskipt en kreeg best trek. Het werd donker en de lucht was mooi. Na een uur waren we wel zo goed als rond en niet nat geworden. De eerste 9 kilometer van de week zitten er weer op.
23 november: zwemmen op woensdagmiddag. Dan kunnen Vincent en ik tegelijk zwemmen, maar daarvoor moeten we wel helemaal naar Poort toe. We nemen een andere jongen mee en we zijn ruim op tijd. Ik mag natuurlijk in de langzaamste baan mee. Van de coach moet ik me niet alleen op
techniek richten, maar ook op gewoon zwemmen. Intussen voel ik me in het water al lang niet meer angstig of unheimisch. Ik zwem gewoon en probeer bij het inzwemmen met achtje 1 op 3 proberen te ademen. Linksom is zo raar voor mij. We gaan maar meteen 4 keer 200 meter zwemmen. “we hebben een uur de tijd” klinkt het al in mijn baantje! Na 200m 50m rugslag en 30 seconden rust. Na de eerste serie leert trainer JC mij nog maar eens om beter in te steken en ik ga er meteen mee aan de slag. Toch lekker techniek! 😛 Ik vind het nog wel moeilijk om die 200 meter uit te tellen hoor. Ik raak de tel kwijt bij die baantjes als ik het ritme te pakken heb. We moeten de wisselslag doen, maar die vat ik niet, ik kan niet vlinderen hoor. Ik weet niet wat we nog meer doen, maar het uur vliegt voorbij. Aan het einde moeten we nog 100m zo snel mogelijk zwemmen, nou dat is niets voor mij!24 novembe
r: niet mijn dag. Ik lig op de bank, lees en kijk TV. Ik kom nergens toe en wil ook niks. Node ga ik ‘s avonds naar de training. Het is bitterkoud. De groep is niet zo groot (maar 12 mensen) en R traint ons. Ik heb alle reden om niet meer zin te krijgen. Ik ben stil, we lopen lekker een eind in. Rustig tempo, dat gaat goed. Ik merk wel dat ik wat ruimte moet hebben. Op de baan gaan we 800tjes lopen. 700m daarvan in Z3, 100m wandelen. Ik zit al snel hoog in z3 en kan de rest bij lange na niet bijhouden. Ik geloof er niks van dat zij in zone 3 blijven! Niets. Maar ik doe het wel. Dan loop ik maar alleen en achteraan. Het is toch veel z4 waar ik net in zit. R komt bij me lopen en maant me mijn eigen tempo te houden: ‘de meesten trainen veel te hard’, bevestigt hij mijn vermoeden. Dat is ook de reden dat we moeten wandelen, want dribbelen kennen deze mensen niet. Mijn hartslag tijdens de 100 m wandelen ligt tussen de 30 en 40 slagen lager. Daar hoeft ik niets ontevreden over te zijn. In de derde of vierde 700m laat ik mijn hartslag ook los, ik loop gewoon lekker door (net in z4). Mentaal gaat het nog steeds helemaal niet goed, maar fysiek zou ik wel willen dat ik dit soort tempo’s volhield in z3/z4. We lopen nog uit en ik raak heel erg verdrietig doordat ik hoor dat mede-atleten soms binnen een kwartier opgeven en weer thuis zijn van een training. Ik loop nog een rondje uit de baan, omdat stilstaan te kil is en ik de 10km wil halen en het uur nog niet helemaal voorbij is.25 november:
Vincent is vrij en we moeten een hoop doen: naar de winkels, surprise maken, IJsblokje opvoeden (wat een dagtaak is vandaag), vriendin te woord staan en dan is het ineens half 4 en ik wil fietsen. Vincent gaat mee, dus we halen de racefietsen (nog 1 keer?) te voorschijn. Het wordt al koud en glad en vroeg donker. We gaan niet het Kotterbos in, want daar heeft Vincent geen zin in. Ik maan hem om de gladde bladeren in acht te nemen. We gaan vandaag rustig aan. We rijden onder de A6 door, waar file staat. De zon is prachtig, maar het is koel. We gaan iets harder over de weg. En dan de A27 over. Naar beneden worden er wat snelheidsrecords verbroken. Dan weer de A6 over waar de file zich uitbreid. We maken een vierkant rondje over het industrieterrein van het datacenter waar papa (niet meer) aan het werk is. Dan moet ik voorop fietsen en Vincent trekken over de Trekweg tegen de (ijskoude) wind in, maar dat doe ik graag. De lucht kleurt prachtig. We fietsen nog geen uur en net geen 20 kilometer. Door naar de muziekles!
26 november: het was koud. Bitter koud. IJskoud. Vrieskoud. Maar goed: warme broek en 3 laagjes (heb ik vorige week bij de fietscursus geleerd) en lekker gaan lopen! Vincent naar de aikido gebracht en van daaruit ga ik twee rondjes Weerwater doen. Halverwege (of eerder) ga ik Joyce tegenkomen. Ik loop de eerste km rustig in om op te warmen. Dan ga ik steeds ietsje sneller. Ik pieker lekker door tijdens het lopen en ben blij dat ik Joyce dadelijk ga zien. Bij de flats ontwaar ik haar. Met muts en warme jas aan. Helaas voor Joyce ligt mijn tempo intussen rond de 6:10 en dat verander ik niet zo snel. Ook niet op het onverharde paadje. Het is mistig, maar de kou valt mee. Mijn handschoenen zijn inmiddels uit. We lopen over Pi en dan volgt het volgende rondje Weerwater voor me. Ik neem net andere paden, zodat je kan zien dat ik twee rondes heb gemaakt, haha. We kletsen wat en ik loop eigenlijk weer eens een keer heerlijk. Niet te snel, niet te hoge hartslag, niet te koud: het gaat goed. Jammer dat er weinig uitzicht is. Vlak voor de snelweg nemen we een gelletje en dan gaat het lekker even snel! Ik wil het tempo elke keer wel ietsje lager leggen, maar dat lukt niet zo goed en we blijven rond de 6:10 steken. De tweede keer lopen we langs de winkels en dan zijn we eigenlijk nog wat vroeg, dus lopen we een klein rondje extra. We stoppen even voor een slok (koel) water en lopen rustig uit tot de 15 km erop zitten. Het vriest nog steeds.
‘sMiddags mag ik weer zwemmen. Ik zie tegen vrijwel elke training op, maar niet tegen het zwemmen. Ik mag nog lekker langzaam zijn en ik vind het water heerlijk. Het triathlon-maatje kan dat niet volgen, die ziet er wel tegenop. Ik ga lekker inzwemmen en proberen 1 op 3 te ademen. Met achtje lukt dat best. Dan gaan we 5×50 techniek zwemmen. Eerst benen, bah. Dan aantikken en nog wat geneuzel. Ik let ontzettend goed op het insteken en doorhalen van mijn armen. Het gaat me steeds beter af. Ik zwem voorop, zielig voor de rest he?! We moeten 100m op 80% crawlen. Geen idee hoe dat is, maar goed. Ik laat de (3) heren voor. Dan volgt een ingewikkelde serie van 2×150 op 90%, dan 4×75 op 100%, vervolgens 6×50 op 110% en tot slot 12×25 op sprinttempo. Ik vind dat raar: ik ga altijd voor 100 procent! Nog weinig verschil bij mij. Ik let alleen op de techniek. Inmiddels zwem ik niet meer met het achtje tijdens de les. Ik probeer wel iets harder te gaan en merk dat ik met de 110% nog beter de techniek oppak. Het sprinten vind ik raar genoeg heel leuk. Ik adem 1 op 4 en let niet op techniek, maar ga gewoon zo snel mogelijk. Ik haal de man met flippers in. Ik ga er niet meer dood aan. Het triatlonmaatje vind dit maar een stomme, vermoeiende, dodelijke sport. Ik weet nog hoe moe ik was, dus ik begrijp hem wel, maar ik vind er niks stoms aan.
27 november: ik heb me de halve nacht druk gemaakt over het fietsen. Kan ik dat wel? Durf ik dat nog? En helemaal daar naartoe rijden…. En zo vroeg op… Ik had niet bedacht dat het brood op was en dat ik met veel te weinig ontbijt op weg ging. Om kwart over 8 al in het stadscentrum…. En dan met drie fietsen op de drager en twee triatleten naar Lage Vuursche rijden. Ze hebben me leuke feitjes verteld. Het was niet zo koud als gisteren. Er waren veel mensen bij van de fietsenwinkel. We gingen eerst met zijn allen de hele route rijden. Ik ga lekker achteraan, want ik heb niet zoveel lef of snelheid. Ik vind het erg prettig dat er geen modder is. Lekker veel eenvoudige hobbeltjes. Nadeel van achteraan rijden is dat als er ook maar iemand voor je stopt, je ook stil valt. En dat het heel vaak groep-verzamelen is. Het was best druk op de track. Geen onmogelijk hoge heuveltjes met glibberige modder. Ik kreeg het warm en ik had wat trek. Maar niks eten he (ik had maar 1 gel bij me) en geen jas uitdoen hoor. Ik had geen haast en had samen met AS het adagio: doe maar langzaam aan, dan geniet je er langer van! Wij vochten om de laatste plaats. Allebei schijterts… Nadeel van de laatste plaats is dat de heren van de fietsenwinkel dat tempo zo laag vonden dat ze enorm aan het kakelen sloegen, wat ik lastig vond. Ik ben niet van de grote gesprekken. Mijn hoogtepunt is als ik meneer HB inhaal op een heuveltje omhoog en hij vriendelijk Go Anke zegt. Ik haal iemand in! Ik hou niet van het wachten elke keer, ik ben hier om te fietsen. Ik ken de route toch niet en weet niet waar ik blijf. Het eerste rondje duurt een hele tijd. Aan het einde gaat het vals plat omhoog en dan begin ik te kletsen met A en M. We mogen nog een een rondje. Ieder op eigen tempo. De snelsten zullen ergens halverwege wachten. Hier heb ik zin in. Ik ga achterop mee, maar dat groepje van SK, AS, MB, EA en een meneer stopt. Ik ga liever door en kom alleen te rijden. Mijn doel is om op de fiets te blijven zitten. Dat is dan al 1 keer mislukt. Ik moet nog een keer afstappen voor een grote omgewaaide boom op het pad. Achter me rijdt een jochie met zijn vader. Ik voel me een beetje opgejaagd, maar Tjardo heeft verteld dat inhalen aan de inhaler is. Ze wachten tot een goed moment en roepen dan tring-tring.
Ze rijden me voorbij, zonder dat ik hoeft te stoppen en dan begint het Grote Genieten pas echt. Veilig voor als er iets misgaat met een paar bekenden achter me en verder niemand te zien. Het bos voor mij. De heerlijke geurtjes voor mij. De boompjes, het zand, de heuveltjes. Ik hoeft niet af te stappen, niet te stoppen, ik hoeft alleen maar lekker te sturen en te trappen. Klaar. Zo simpel kan het zijn. Genieten maar. We komen op het moeilijk punt bij de afdaling en daar wacht de rest. Jammer dat ik mee moet wachten, ik genoot net zo! Dan maar een gel eten, want ik heb echt trek intussen. Daarna weer door en voorop lijken ze een soort wedstrijd te houden wie wie kan inhalen. Ik doe niet mee. We vertrekken met het groepje, maar zij pauzeren nog een keer en ik ga met de meneer door. Tot hij even later ook weer wacht. Ik ga door in mijn eentje. Dadelijk komt het prachtige bos, wat ik graag alleen doe. Ineens heb ik het helemaal door: ik ben gewoon een mens met wieltjes: ik zit niet vast op die fiets, maar die fiets zit vast aan mij. Ik hoeft niet alleen voor me op de grond te kijken, maar ik kan ook om me heen kijken. Het is zo gaaf! De spanning is er (eindelijk) af. En dan schakel ik letterlijk en figuurlijk een tandje hoger. De vrees voorbij. Ik ga hard, ik scheur gewoon! Dan vallen de hobbels mee en is het nog veel toffer. Ik ga tegen de 20km/u door het bos heen. Heerlijk alert. Voor me uit fietst iemand op het vals plat. Ik hoeft niet in te halen, maar ik ga zo rap dat het me gemakkelijk lukt. Iemand van ons, nog wel! Ik baal dat het rondje er al weer bijna op zit. Ik heb nog energie genoeg, net als elke keer. Ze zijn even verbaasd als ik eerder kom als de rest. We maken nog een groepsfoto en dan is de cursus voorbij. Ik heb wel veel geleerd en ik ga zeker nog terug naar Lage Vuursche!
De weinig-fotoos blog
14 november: Moonlight Run De groep had pech, de maan bleef weg. Zo niet de regen, daarentegen. Maar ik was blij, ik was erbij. Eigenlijk ongehoord: met de auto helemaal naar Poort. Een deel was me nog niet bekend, een deel was ik van TVA gewend. Inlopen en de maangroet doen en toen waren we al nat. Ik gaf er niet om, ik had het wat koud.
We moesten gaan schijnboksen met een onbekende. Ik stond naast een meneer die Raymond heette en we boksten ons warm. Daarna gingen we in hetzelfde tweetal met ogen dicht naast de ander lopen. Eerst hielden we hand op een schouder en stuurden op die manier, maar in de tweede poging liep je op een stem af. Dat ging best goed! Apart hoor. We liepen een klein stukje langs het fietspad op en neer. Ik kletste verder met de Raymond. Ik probeerde het een stukje of je ook naast iemand kunt blijven rennen als je alleen maar luistert en dat lukte. Toen moesten we het voor het eggie doen. Raymond liep rechts naast me en hij vertelde over zichzelf, klimmen, Australie, kajakken. En dan kon ik ernaast blijven lopen. Als ik zelf wat zei, raakte ik het evenwicht kwijt. Het was een hele aparte ervaring! Je gaat beter luisteren en voelen. De busbaan is duidelijk een heuvel. Daarna mocht ik Raymond begeleiden. Het was echt apart! Een uur vloog voorbij! Toen liepen we alweer naar het Klokhuis. Nog een foto en een zonnegroet en ik was een hele ervaring rijker!
En dat waren dan de foto’s voor deze week…..
Dinsdag kon ik niet zwemmen, helaas. Kon ik wat werk afmaken. Helaas.
Woensdag: In deze rustweek stond nog een rustdag vermeld. Ja doei. Na een lange werkdag (terwijl ik maar een halve dag hoeft te werken) WILDE ik naar buiten (zo beter, trainer? ik mag van hem het woord ‘moeten’ niet meer gebruiken). Het regende en toch ging Joyce gewoon mee. Bijkletsen onze stijl. 🙂 Het was niet zo ver of heel lang of heel koud, maar het was fijn even buiten uit te kunnen kuren.
Donderdag: Training op de baan. Geen zin. Totaal niet. Omdat het vorige week niet ging. En omdat ik nog niet het gevoel heb dat de vakantie begint. Ik ga node mee en we gaan een heel eind inlopen. Ik merk meteen dat ik me beter voel dan vorige week. Mijn benen willen en mijn hoofd denkt in ‘vakantie’. Ik moet twee keer mijn veter strikken, grmbl. Ik ben niet erg goed in sprinten, maar ja. Op de baan wordt het andere koek. We moeten een maatje ‘van-gelijke’snelheid’ uitzoeken. De andere “langzame” moeder en ik wijzen elkaar meteen aan! Ik ga eerst 1 ronde rennen en zij start 15 seconden later en moet me inhalen. Best heavy. Merk ik. Als ik haar moet inhalen. Zwaar, maar net te doen. Dan twee ronden (800 meter) en 30 seconden later starten. Ik loop iets rustiger, maar het valt nog steeds niet mee om in te halen. Mijn ‘tegenspeelster’ gaat naar de toilet en ik moet de anderen bijhalen. Die dus nog net iets harder gaan. Tot slot 3 ronden en 40 seconden inhalen. Dat is dus 40 seconden harder lopen op de kilometer! Ik ga echt rustig voorop, maar nog duurt het twee rondjes. Het mogen er dus ook 2,5 zijn en dan valt het wel mee en hoeft je niet te sprinten. Ik ga dus niet te hard van start, maar wel in een flink tempo. Binnen twee rondjes ben ik bij en ons tempo blijft zo hoog liggen dat we aansluiten bij de rest van de groep. Ik laat een kilometertijd van 4:53 noteren. Nog een rondje om de baan uitlopen en nu kan de vakantie echt beginnen!
Vrijdag halen we ons nieuwe vierpotige huisgenootje op. Mijn nieuwe horloge is er. Een Garmin 735XT. Gister was ik eigenlijk te moe om het doosje uit te pakken en blij te zijn, maar vandaag verandert dat. Dit prachtige stukje horloge is van MIJ. Ik kan er mee zwemmen en (ooit) een triathlon mee doen. Het ding is licht en eenvoudig te begrijpen. Vincent koopt mijn horloge over. En dan zijn er twee blije sporthorloges in huis. Dat vraagt om een rondje hardlopen! We gaan de wijk in en ik hou het jongetje en mezelf wat in; we hebben gister ook al getraind. Straatjes versnellen en hij kijkt maar op zijn horloge. Ik hou hem niet bij…. We gaan 5 kilometertjes. Ik vind het zat.
Zaterdag: De derde fietstraining. Eerst veel informatie over kleding en voeding. Interessant. Ik wist niet dat achteraf bijvoeden ook helpt. Ik durf nog niet te kijken hoe prijzig de fijnste jackjes zijn die ook warm blijven in de regen. Als het later druppelt, krijg ik het echter wel koud! We gaan veel fietsen. Dat lukt me wel, beetje modder, beetje asfalt, heuveltje. Ik ben niet op mijn sterkst vandaag. Slapen met een piepklein poesje naast je, houdt me oppervlakkig in slaap. Maar ik geniet des te meer! Mijn ketting loopt eraf en als die er weer opligt, heb ik het hele pad voor me alleen en mag ik echt even racen. Tof. Ik kwebbel op weg naar het Kromslootpark. Aldaar komt het zonnetje door en we gaan oefenen met springen. Ik ben er niet best in. En dan trek ik de voorrem veel te hard aan en maak ik een salto over mijn fiets heen. Ik rol mooi weg en ben heel even dizzy en heb pijn in mijn long. Ik ben erg geschrokken en moet even
liggen. Ik voel dat ik oké ben, maar moet van de anderen wel even iets zeggen. Een minuut later zit ik weer op de fiets te oefenen. We gaan daarna de heuvel op proberen te fietsen. Ik krijg het niet voor elkaar. Balen. De boom staat in de weg en het is te glibberig en ik durf niet zo goed (meer). omdat ik de laatste ben, sta ik niet op de foto en filmpjes. Ik vind het niet erg hoor. Op de weg terug gaan we door de modder en dat vind ik helemaal te gek leuk. Lekker door het bos crossen en niet stoppen met trappen, want de modder is te diep. We hebben nog tijd voor de trap. Dat doe ik dan weer gewoon! En dan naar huis fietsen. Lekker vuil.
En daarna zwemmen!
Daar heb ik dan weer wel zin in. Ik kan niet op tegen de vier heren in mijn baan, maar ik kan nu wel mooi zelf bijhouden hoeveel ik zwem. Het zijn een heleboel opdrachtjes die ik allemaal kan onthouden en uitvoeren inmiddels. Ik vind het weer heerlijk. Het is ongelooflijk hoe ik geniet in dat water. Lekker mijn eigen ding doen en ondertussen die borstcrawl beheersen. Ik zwem al met al 2 kilometer in dat uur. Ik ben er niet meer helemaal kapot van.
Zondag: kasten afbreken, kat opvoeden. kind opvoeden, kast opbouwen. Storm. Buiten. en een beetje Binnen. De hele dag binnen geweest.
No Blog?
Ma 7 november:
10IJzKOUD1-F1JoNz2-5z3OKÉ-5zPOLIT1-5zWAAR4-2wAT?!-5GOEDzO4-3ENzOVRTz1
Di 8 november:
Zwemtrainer W stopt me en ik krijg van hem te horen dat mijn zwemtechniek helemaal goed is.
Compliment van de week – maand – kwartaal. Ik kan mijn armen nog iets verder insteken. We zwemmen veel. Ik ben nog niet snel. W heeft nog een verrassing voor me: ik lig bijna té vlak op het water! Mijn schouders liggen iets te hoog. Voorlopig nog niets aan te doen, maar het verbaast me enorm en is onverwacht.
Wo 9 november:
Rennen door het donker. In plaats van fietsen. Laat. Met Manuel.
Do 10 november:
TVA training. het ging niet. Ik was de langzaamste op de baan (van de volwassenen). Het regende en ik vond het te zwaar. Mijn hoofd liep niet mee. Toch liep ik de kilometer ook in 5:15. Ik voelde me niet goed.
Za 12 november:
ATBles op mijn verjaardag! Het was KOUD. 4 Laagjes kleren aan. Het mulle zand. Zwaar hoor en lastig. En daarna schakelen en de heuvel niet halen. Techniekuitleg. Toen haalde ik eerst het zand wel, maar de heuvel nog niet. Daarna wel de heuvel, maar het zand niet meer… We gingen bochtjes oefenen, wat lukte. We gingen bidon-oppakken: wat niet lukte. Toen de dijk op en af fietsen.
Ik kan het! Heuveltjes lukken me nu!! En de trap vind ik ook niet meer eng! Met wat ommetjes door het bos fietsten we terug. Ik was best moe. En ik moest nog snel terug naar huis fietsen om mijn verjaardag te vieren! ‘s Middags aan de appeltaart….
zo 13 november:
de Crosscup in het Kromslootpark.
NIET zenuwachtig vooraf. Helemaal niks! omdat ik zoveel vrienden en bekenden bij me had?
Boos op Vincent die niet gemotiveerd lijkt
Meteen de modder door. Deze schoenen hebben de rivier doorgewaad, deze modder gaan ze ook door! Dat was de insteek
De eerste kilometer veel te hard.
Zwaar. Glibberig.
Vol vertrouwen in mijn schoenen.
Ik genoot van de modder. De Lieve vrijwilliger. Het slootje doorploeteren. Ik ging lopend de heuvel op. Holde zonder vrees naar beneden.
En mocht nog een rondje! Ik genoot van de tijd dat ik daar liep.
geen moment heb ik me zorgen gemaakt dat ik te langzaam was of me iets van de tijd of inhalers aangetrokken. Ik deed gewoon mezelf.
Die lieve MB maakte foto’s en moedigde me aan. Ze was erg welkom!
Even dacht ik: dadelijk ben ik op de helft. Maar dat zal geen ‘al’ of ‘pas’ bij. Just go.
Modder door (even koude voeten), gras, weer modder, slootje, grasveld, heuvel op lopen, omlaag en nog s!
Ik vond het best jammer dat het laatste rondje daar was. Lekker stil en rustig. Ik was net niet de laatste.
Ik realiseerde me wel dat het met een kilootje of 5, 7 een stukje gemakkelijker zal zijn. oeps, daar moet ik aan werken.
Het was wel steeds zwaarder (te snel begonnen – leer je het nooit). Jammer dat ik de rest niet bij kon houden van TVA. Maar ik ging niet wandelen. De meneer voor mij wel.
En toen was ik er. Stralend en wel. Trots. Ik had het gedaan! Ik vond het niet erg dat het me een dik uur had gekost of dat ik zowat laatste was.
Ik had genoten van de modder! zomaar! wat een overwinning.
Aller shortest blog

ma 31-10 : 20z1-5z2-5z1-5z3-5z1-5z4-5z1-5z2(werdZ3)-z1 met Manuel in het donker. Z4 ging lekker hard! (1 km in 5 minuten)

1-11 Zwemmen. Ik mocht kortere stukken doen, heel veel armen. Het begint te wennen. Geen spierpijn 🙁

5-11 Eerste keer ATB cursus - thema remmen! Leuk, kletsnat geworden en weer een blauwe plek 'gescoord'....

5-11 En zwemmen! Mijn huidige tijd op de 250m. Nog niet snel, maar ik kan dit WEL intussen!!!!!!!!!!
Shortest Blog (ik ben ook benieuwd wat er volgende week overblijft!)
maandag: niet gesport, tenzij een bedrijfsuitje in een escape room meetelt, maar nee. hardloopspullen ongebruikt in de auto.
dinsdag: zwemmen. Als 1 grote groep, met t-shirt aan. Ik hoorde bij de nummers 1, wat zielig was voor de nummers 2 die moesten planken terwijl wij zwommen: ik als
langzaamste. Het was ook zielig voor de andere nummers 1, want we deden een wedstrijd en ze moesten veel tijd van mij goedmaken. Ik heb gesprint, onder water gezwommen, een koprol gemaakt, beenslag gedaan zonder plankje en uit het bad geklommen. Ik vond het zwaar en niet al te leuk, ik ben daar nog niet goed genoeg voor. Cijfer: 6,5
woensdag: rennen met Vincent er op de stadsfiets naast. Gelukkig dat Vincent mee ging, want ik had het zwaar in het bos in zone 2 en hij vertelde vrolijk over zijn boek. Cijfer: 7
donderdag: geen TVA: wel heel veel stress op het werk en een informatie-avond op school. Had het graag allebei ingeruild voor een baantraining.
vrijdag: weer stress op het werk, waardoor het hardlopen niet haalbaar was. *zucht* Wandelen met een vriendin door het mooie herfstbos is vooral gezellig, maar voelt niet sportief voor me.
Dus zodra de vriendin weg was, hardloopschoenen aan en kijken of ik nog een keer naar het bos kan. Het idee was onverhard, maar ik liep eerst over het asfalt. Het was zo mogelijk nog zwaarder dan woensdag. Ik liep te sloffen en te harken. De miezer deerde mij niet, maar ik zat mezelf wel aardig in de weg. Ik moest zone 1 aanhouden, maar dat lukte echt niet: het horloge bleef maar piepen dat de hartslag te hoog was. Ik had muziek op. Het voelde zo zwaar aan dat ik me maar niks van aantrok van het horloge. Ik haalde Vincent van school en met heel veel moeite liep ik 10km in 72 minuten. En toen nog naar huis: ik gaf het in onze wijk gewoon op. Zelfs een verf-hug hielp niet echt. Cijfer: 6-
zaterdag: Vincent aikido, ik een rondje rennen om het weerwater.
Het was mooi: dat helpt altijd. Het hoefde niet snel: eerst 15min in z1, dat helpt ook. Dan 15 minuten Z2, dat is vooral fijn. Al zag ik al de hele tijd op tegen de 10 minuten Z3. Ze vielen mee.
Ze vallen in het stuk-wat-ik-altijd-graag-op-tempo loop, dus ik hield het prima vol. Kreeg het wel warm. Toen uitlopen langs het centrum in Z1 en nog een stukje omlopen door de Stedenwijk, omdat ik anders zo lang stil moet zitten. Tempo’s liggen niet al te hoog, maar ik viel er niemand mee lastig en dit is gewoon waar ik sta (z1 – 8:00 z2-6:30 z3-5:40). Cijfer: 7,5
Daarna fietsen. Voor het eerst op de mountainbike! Robs mountainbike. Spannend… Stukje asfalt: wat een heavy fiets zeg. Eerste heuveltje: hond (mooi excuus) – stilstaan – niet
op tijd teruggeschakeld. Aha, zwaar dus. Maar slingeren door het bos is TOP. Alert blijven, niet snel hoeven: herfst ten top in het bos: dit is gaaf! Ik ben om. Nog een keer de heuveltjes (nog een keer niet snel genoeg geschakeld). Op de terugweg had ik het schakelen door. Ik schrijf me in voor de ATBcursus. Cijfer: ook een 7,5
En ach, dan ook nog zwemmen (na weer een potje Kolonisten van Catan winnen). Met zijn tweetjes in baan 1. JC als trainer, dus geen gekkigheid. Inzwemmen, techniekzwemmen, dan 4×100 meter armen (fijn), rug (best fijn), benen (niet fijn) en hele slag (oké) en dat twee keer. Dan nog eens de hele slag voor 2 keer 150 meter. Ik heb de pullboui niet meer meer nodig. Dat kan ik dus gewoon nu. Moeiteloos. Wel zwaar hoor, maar ik kan het, heb een (langzaam) ritme en hou het lang vol. Ik kan ook wel 4 op 1 ademen als dat moet. Mijn benen waren duidelijk vermoeider vandaag. Cijfer: 7
zondag: op de mountainbike van Rob door het Kotterbos. Eerst wennen, lef verzamelen, dan ploeteren op de heuveltjes.
Na de brug over de Vaart in het omlaag gaan flink vallen in de prikkels. Zadel rechtzetten en doorgaan over de heuveltjes. Ik ga niet (meer) hard, maar het is onwijs gaaf. Me in laten halen. En dan nog een keer vallen bij het omhoog gaan: fiets sloeg vast, anke in de brandnetels. De mannen halen mij in over de verharde weg. Het stuk achter de TBSkliniek is erg lastig en eng voor me. Op de volgende brug eet ik een gel. Lekker niet, maar het helpt goed: de heuveltjes van gister zijn nu al een makkie en ik stop niet meer. Mooi door het bos en de modder. In het gelletje zat ook lef. Nog even over het gewone bospad aanzetten en weer naar huis. Naweeën: tintelende rechter bovenarm, tintelende linker wijsvinger en een hele vette blauwe plek. Cijfer: 7,5
Shorter Blog
maandag: Hardlopen door de naastgelegen wijk. Het idee dat mijn vriendinnetje vlakbij was, sterkte me. Slecht teken: zone 1 beviel het beste! Lekker sloom ritme wat ik na 25 minuten moest inruilen voor 5 minuten zone 3. Dat ging ook nog best. Zone 2 leek wat zwaarder en na 25 minuten weer 5 minuten zone 3 leek bijna onmogelijk. Uiteindelijk was het laatste blokje alsnog het snelste, terwijl het zo absoluut niet aanvoelde! Nog een paar minuten heeeeeeeeeel langzaam uithobbelen.
dinsdag: Trein ellenlang vertraagd, zware middag gewerkt, te weinig en te laat gegeten en enorme trek én overwerk wat af MOEST maakte mijn humeur ijskoud onder het vriespunt. Door dat werk miste ik nipt het zwemmen; dat accepteerde ik wel, maar ik wist al dat het niet meer in te halen was. 🙁
woensdag: werken-werken-werken, zwemmen hoeft ik er niet meer in te passen vanaf vandaag en dan nog even fietsen. Ik heb vandaag tijd voor een wat langere rit, dus dit wordt het touren wat eigenlijk later in de week staat – ik dacht voor anderhalf uur. Lekker over de dijk. Ik trek me helemaal niks van het tempo aan. Ga gewoon lekker verder en baal zo van het onverharde pad achter de noorderplassen dat ik er extra hard overheen sjees. Ik wil langs het sluisje. Voor de eerste keer ever moet ik daar wachten omdat de sluis open staat. Het Wilgenbos is puur genieten.
Maar op het laatste stukje terug naar de dijk gaat het mis. Te steil, te laat geschakeld en de klikpedalen komen niet los: welbewust liet ik me in het gras naar rechts vallen. Daarbij gingen twee dingen mis: mijn sleutels/telefoon zitten aan die kant en veroorzaken een blauwe plek en er ligt nog een braamtak – auwtsj. Wankel stap ik weer op en ik moet echt opnieuw de balans uitvinden. Ik heb geen pijn en niemand heeft het gezien. Als ik thuis kom heb ik de anderhalf uur net niet gehaald, maar ik hoefde ook maar 5 kwartier.
donderdag: op het werk heb ik geen last van een blauwe plek op mijn billen, maar bij de hardlooptraining….. wel. We lopen in en ik constateer na 10 minuten dat ik geen zin heb vandaag. Ik vraag de anderen iets te vertellen, maar het feit dat ik als enige reeds weekend heb, kan me niet opbeuren. Na 15 minuten heb ik nog geen zin. Ook niet in het trappetje. Ook niet in de loopscholing. En al helemaal niet in een oefening die je samen moet doen. Ik kijk vaak op mijn horloge; niet naar het tempo, maar naar de tijd die voorbij kruipt. Toch blijf ik meedoen. De beste afleiding is Vincent die er duidelijk meer zin in heeft als zijn moeder en op prachtige wijze de benen onder zich vandaan rent.
We gaan 400m lopen, dan 800m en dan nog 800m en 400m. De laatste 100m moet je versnellen. Ik heb nog steeds geen zin. Ik loop alleen en diesel lekker door. Ik vind mijn tempo niet hoog liggen en voel mijn blauwe plek wat trekken. Blijkbaar ga ik onbewust anders lopen. Maar ik doe het wel! Inclusief versnelling. Inclusief kijken op mijn horloge of er nog veel na dit kan komen (gelukkig niet). We lopen nog een rondje uit om de baan en dan is de beproeving voorbij. Ik kan me niet heugen dat ik daar ooit eerder blij om was. Eigenlijk begint de beproeving dan pas: als ik de auto uitstap heb ik ongenadige spierpijn. Mijn bovenbenen doen écht zeer. Net als de ontbrekende zin heb ik dit nog niet eerder meegemaakt!
vrijdag: Spierpijn, oorpijn, hoofdpijn, lusteloos. Ik doe mee. Ik ga mee vliegtuigen kijken en tellen, ga mee naar de winkel, maar ik sleep mezelf vooruit. Vandaag even niet!
zaterag: Vandaag wel dan? uitslapen doet me goed. Ik wil wil, de spierpijn is weg, andere pijntjes ook. Ik ga fietsen, in verband met de belasting lijkt me dat beter dan lopen. Snel 3 kwartiertjes: elke 5 minuten versnellen. Ik ga de 3 kwartier niet volmaken. Ik heb het KOUD. 5 minuten is een mooie interval. In de tweede ‘stint’ zitten er honden in de weg. In de derde een scherpe bocht. In de vierde een oversteek en de vijfde mis ik en begin ik te laat. Ik krijg het warmer en het gaat best lekker. In de zesde versnelling ga ik tegen de wind in en ik ga langs de dijk. Achter de stripheldenbuurt de laatste keer versnellen. Dan vind ik het goed en versnel ik naar huis. Ik kan zwemmen!
We wandelen tijdens Vincents’ les en dan ga ik zwemmen. Het is kantje boord: kan eigenlijk net niet, maar toch wel. Eenmaal in het water vergeet ik het en ga weer lekker! We hebben met zijn tweeën een baan en nemen ieder een kant: ik mag het dichtst bij de kant blijven. We zwemmen in en de andere man in mijn baan (PO) heeft een horloge om de rondes bij te houden. We gaan 500 meter zwemmen zonder pauze. 100m Hele slag, 100m armen, 100m benen (bah), 100m armen en 100m rug. Mijn brilletje zit te strak en verkeerd om. Ik hou de man alleen bij met mijn benen wonderlijk genoeg. Ik ga lekker door. Rugslag kan met ogen dicht! Omdat ik langzaam ben, heb ik minder pauzes, maar dat deert mij niets. We doen 4×50 techniek: slepen, bijleggen, heup aantikken en lange slag. Ik kan het net onthouden. We doen het twee keer. Ik doe het 1 keer met achtje en daarna zonder achtje.
De andere man lijkt wat vermoeider te raken. Ik diesel door. En dan: 300 meter zwemmen en na elke baan het bad uit en aan de diepe kant buikspieroefeningen (10x) en aan de andere kant rugspieroefeningen. Dan is het zwemmen opeens rust! Ik krijg zoiets moeilijk geteld. Ik ‘spijbel’ en neem elke keer het trapje het bad uit. Dat vind ik moeilijk zat! En erin duiken kan ik ook niet. Dan uitzwemmen. Ik heb nog energie over, maar ik heb trek. “77 baantjes” meld mijn baangenoot; “zullen we er nog 4 doen?” Ik heb alle vier de baantjes nodig om uit te tellen dat ik dan 2 kilometer heb gezwommen in een uur. Met oefeningen! En ik ben niet doodop. Als ik niet zo veel honger had en Rob en Vincent niet op me wachtten, had ik nog een uur kunnen zwemmen!
zondag: onverhardlopen. Om half 11 ontmoete ik Manuel in het park en we liep onafgebroken kwebbelend langs de Oostvaardersplassen en door het Kotterbos. Het ging niet snel, de hartslag lag nog iets te hoog, maar ik trok me nergens iets van aan. Ik liep gewoon. De temperatuur was laag met 5 graden, maar met twee laagjes aan ging het goed en werd ik uiteindelijk wel lekker warm. Beetje modder, zand, smalle paden, brede paden, bomen, kleine stukjes asfalt en prachtig zonlicht tussen de bomen door.
Manuel had een hoop te vertellen over zijn werkzaamheden en ik vond het heerlijk alleen te hoeven luisteren. We kwamen veel (wel 5!) mountainbikers tegen. We liepen uiteindelijk bijna anderhalf uur. Nadeeltje was dat ik het na een dik uur eigenlijk wel zat was. Maar ja, doorlopen dan toch he. Uiteindelijk toch weer een sportweek met bijna 7 uur volgemaakt.
Short blog
Werken, sporten, sociaal leven: dat biedt weinig ruimte voor lange blogs. Meestal schrijf ik door de week heen een beetje mee, maar deze keer niet. Ik kijk terug. En dat gaat vast sneller! Kijken of ik per training in een paar regels kan neerschrijven hoe het was en ging. Goede oefening voor me 🙂
Maandag 10 Oktober: Een leuk “rondje” in het donker door de wijk. Alle straatjes door. Muziekje op. En KOUD. Thema van de week, dat KOUD…. 15 minuten zone 1 zijn lastig, het remt af. In zone 2 warm ik wel lekker op. Ik ren lekker, maar mijn gedachten zijn onrustig. Ik heb deze oefening in januari ook gedaan (15 minuten zone 1 – 15 minuten zone 2 – 15 minuten zone 1 – 15 minuten zone 2) en toen heb ik in een uur 9 kilometer gelopen. Nu zit ik daar nét 100 meter onder. Ik maak de 10 kilometer natuurlijk vol.
Dinsdag 11 Oktober: Zwemmen! Eerlijk bekennen: ik verheug me er bijna op. De strenge leraar staat voor de klas/het bad. De verschillen zijn groot. Een ander meisje mag nog even gaan oefenen in het pierenbadje. Ik blijf met twee heren in baan 1.
We doen techniek. Heel veel techniek. Ik wil graag weten waarom ik bepaalde oefeningen doe en -ondanks de drukte- legt RO dat elke keer erbij uit. Voor de arminsteek: dubbel insteken. Arm hoog houden: slepen. Waterkracht voelen: met vuisten zwemmen en wrikken. Voor het extra zetje aan het einde: je heup aantikken. 1 op 7 ademen was onmogelijk zwaar voor me. Wij in baan 1 moeten vooral op de techniek letten
bij de laatste 10×50. Voor mij geldt: niet meer je schouder aantikken. En ik krijg nog een tip: ook met pullboui kun je meetrappelen. Dat had ik zelf nooit bedacht! Ik tel de baantjes mee, maar deze keer is het niet ver wat we zwemmen. Ik ben voor het eerst niet uitgeput als ik het bad uitkom.Woensdag 12 oktober: Fietsen met Vincent. Hehe, het komt er dan eindelijk van! Vincent heeft al heel lang niet meer op zijn fiets gezeten, dus het echte tempo ontbreekt. Voor de tweede keer deze week ben ik ietwat te koel gekleed. Ik fiets elke tiende minuut hard.
En wacht dan weer op wandeltempo. We gaan over de bruggen tussen het Kotterbos en de Ibisweg over de Vaart en de A6. Op de rechte Ibisweg hebben we wind mee en dat komt het tempo ten goede. We fietsen terug via de Trekweg en daar hebben we dan wind tegen. Dat is niet goed voor het tempo en koud op de koop toe. Binnen een uur zijn we weer thuis.Donderdag 13 oktober: Hardlooptraining. Gok ‘s: voor de
derde keer in 1 week te koud gekleed! Lange mouwen alleen is niet echt genoeg. We gaan inlopen over het gras en het onverharde pad. Heerlijk, maar met de invallende duisternis en veel mensen in 1 groep ook wel erg spannend. 1 Trainster voor een hele grote groep (dik dertig mensen). Op de baan een aantal loopscholingsoefeningen en daarna deelt ze ons in twee groepen in. Ik voel me moeiteloos ‘langzaam’. We gaan “maar” 5 vierhonderdjes lopen op hoog tempo, maar rusten tussendoor zit er niet in, want dan heeft ze oefeningen voor ons klaarstaan: squats (gelukkig is de andere groep sneller!), planken, planken met kniehef en jumping jacks. Ik probeer de rondjes netjes af te tellen in 2 minuten, maar ik ben de enige die op de startlijn begint en moet dus de rest inhalen. Alleen de laatste ronde ben ik het ook zat om als enige ‘braaf’ te wezen en hard te lopen. We lopen een rondje om de baan uit. Wederom niet veel kilometers gemaakt.
Vrijdag 14 oktober: Stukje fietsen met Manuel en Vincent. We gaan Manuels medaille laten graveren. Hoe is het mogelijk dat ik voor de vierde keer te koud gekleed ga?! Ik moet de hoogtes harder trappen, maar dan blijft Vincent te veel achter. Manuel houdt me met zijn marathonconditie goed bij. Vincent vindt het fietsen op de lange rechte wegen met wind tegen saai. We trappen een uurtje rond, maar de snelheid ligt niet al te hoog.Zaterdag 15 oktober: Zwemmen. Ik begon in baan 2, want baan 1 was de eerste twintig minuten voor een wedstrijdzwemmer. Ik was de langzaamste, maar als het zo druk is in de baan, dan zwem je ook minder, want je stopt eerder en wacht meer.
Ik doe wel alles mee: inzwemmen 100m en dan 5 keer 100 meter verschillende slagen: slepen, lange slag, bijleggen, armen. Ik kan dat best. Toen 8 keer 50m borstcrawl. Na de tweede keer ging ik terug naar baan 1. Ik zwom vandaag lekker met pullbooui. Zwaar genoeg voor mijn armen. Daarna 50m schoolslag. Ik luisterde elke keer mee met baan 2 en deed ook mee: alleen iets langzamer dan. Er was 1 andere -nog tragere- man in “mijn” baan 1. Daarna moesten we 400m achter elkaar zwemmen. Toe maar! Maar ik ging door en door en aan het einde begin ik het echt heerlijk te vinden. Moe, maar fijn. Ik raakte (natuurlijk) de tel kwijt, maar hield baan 2 in de gaten en ging een baantje extra. Toen nog 50 m rugslag en ik had mijn eigen baan! De andere man was gestopt (of verzopen, dat kan ook…) Tot slot nog uitzwemmen en
proberen drie op 1 te ademen en dat gaat me ook ooit lukken. Ik was niet kapot, maar wel lekker moe. ‘s Avonds had ik -hoe wonderlijk- kramp in mijn benen.zondag 16 oktober Hardlopen! Lekker onverhard. Grotendeels. ‘s Morgens best wel vroeg op zondag. Met Manuel het eerste rondje na zijn marathon. Kalmpjes aan. Mijn hartslag is de laatste dagen wat hoog, dus daar trek ik me maar niks van aan. We lopen te kwebbelen. De hele weg. We gaan niet snel, want we gaan ‘hertjes kijken’: slow-running. En die hertjes zien we hoor! Ze springen voor ons over. Foto maken lukt niet, maar de hele hertenfamilie is compleet, neem dat van me aan.
We gaan over nieuw aangelegde paden, nieuwe paden en door de zon. Ik heb twee laagjes aan en wat denk je? Voor het eerst deze week NIET koud. We zwerven door het bos en het zonlicht is prachtig. Het is heerlijk. Ongedwongen bijpraten over (on)belangrijke zaken des levens. Heel fijn. Na tien kilometer in een dik uur sta ik weer aan de voordeur.Dat was een apart weekje. Elke dag iets. Veel verschillende dingen en toch niks heel intensiefs. Ook qua wintertijd goed in te passen. En kort bloggen lukt me ook best 😉








