Ik fietste naar mijn vriendin voor anderhalf uur hardlopen. Eerst drie kwartier zone 1, dan drie kwartier zone 2. En het hoefde lekker niet onverhard! Deze had ik nog tegoed van ooit…. We vertrokken tussen
kwart voor 9 en 9 uur en ik had het wilde idee naar de bushalte van de carpoolplek in Blaricum te rennen en daar bus 156 om 10 uur 36 naar Almere terug te nemen. Een beetje druk kan geen kwaad… En het tempo is niet te hoog… Je had het eerste half uur meer dan genoeg stof tot praten en ik moet zeggen dat ik al die andere hardlopers en voorbij scheurende auto’s niet zo opmerkte. Ook de Vaart waar we langs liepen kon me niet zo bekoren. Het was gelukkig bewolkt, maar dat maakte het niet echt koel. Mijn horloge bleef maar aan het mokken dat ik zone 1 keer op keer verliet. Maar d’r zit nu één keer een grens aan zacht hardlopen hoor.
Ik ken de weg wel zo’n beetje: langs de Vaart, langs de Shell en dan het Cirkelfietspad op. Intussen nam ik het praten over. Ik liep heerlijk! Nergens last van, niet
snel, niet gehaast en volkomen gerust en in goed gezelschap: wat wil je nog meer? Het was wel warm en zweterig, dat was het enige minnetje. We kwamen langs het Gooimeer in de mist uit. Niet dik, maar het uitzicht ontbrak ook een beetje. We moesten een stukje wandelen vanwege een grote grasmaaier en dan is het zo lastig weer te beginnen! We zagen de Stichtse Brug al liggen. Ik voelde de vermoeidheid bij mijn vriendin al een beetje komen: niet omdat ze geen 15 kilometer kan lopen, maar zij had er van de week al zo’n 30 opzitten tegen mijn 17 kilometer. Bleef ik lekker doorkwetteren -klagen en roddelen-.
We namen de trap de brug op. Ik deed dat voornamelijk uit tijdsoverweging, niet dat ik dacht dat we de bus niet zouden halen, maar ik kon moeilijk inschatten hoe ver het óver de brug nog zou zijn. Ik ben nu een keer meer het type van 5 minuten te vroeg, dan te laat. En de volgende bus…. Dan zou ik niet op tijd aan de school verschijnen.
Boven op die brug is toch altijd wel weer een mooie plek: de heiigheid was weg. Die eindeloze herrie van de auto’s en dat water in de diepte… Naar beneden is altijd veel en veel verder als ik dacht. Toen we het sluisje naderden, keek ik toch met een schuin oog naar de klok. Nog twee kilometer in een kwartier, dat zou moeten lukken. Maar die vlakte over is geen cookie en het werd behoorlijk benauwd nu. Ik moest het gekakel helemaal voor mijn rekening nemen en gelukkig had ik nog een onderwerpje over! Ik legde het tempo ietsje hoger. Voor mij fijn te voelen dat dat nog prima ging, maar ik vond het vreselijk dat ik mijn vriendin dat aan moest doen. En toen zag ik bus 156 aan komen rijden! Te vroeg!!
……het zou toch niet……
Gelukkig is de carpoolplaats een tijdhalte waar de bus op zijn preciese vertrektijd wacht en waren we 4 minuten ‘te vroeg’. We stonken lekker naar zweet, maar hebben gepast medelijden naar de buschauffeur getoond. Ik vind op adem komen in de bus tien keer niks, maar voor we de snelweg op draaiden was ik weer bij en trots en tevreden. We moesten een keer overstappen en dat hebben we dribbelend gedaan, zodat ik ook 15 kilometer had gelopen. Gek genoeg waren de onderwerpen nog steeds niet op! Ik zal niet zeggen dat het heel erg simpeltjes ging, maar ik heb geen last meer van mijn linkervoet, rechterbovenbeen of welk ander kwaaltje dan ook. Het enige waar ik wat over de klagen heb is die warmte die niet mijn ding is. De balans komt weer terug. Jammer dat ik een hersenbreker per mail kreeg over mijn werk, maar die kon ik niet langer als een ‘failure’ zien, maar benaderde ik als een puzzeltje. Voor later op de middag dan maar…..
De Bus Halen!
Op je armen lopen
Beste G!
Net ‘afgestudeerd’ als trainer, vond ik het leuk dat ik een keer met je mee mocht! Zeker toen ik hoorde dat de snelle groep een zware kluif voor de boeg had en de snelle mannen daar meegingen. Ik kon lekker lopen kletsen. Je had echt iets bedacht als trainingsonderwerp en dat vind ik zo prettig: dan heb je echt iets aan de training. Het thema van vandaag was: De Arm Inzet. Natuurlijk weten wij allemaal best dat die beentjes getraind moeten zijn, geblesseerd raken en hardlopend het meeste werk moeten verrichten. En ik denk dat we daar ook wel allemaal wisten hoe belangrijk een juiste arm-inzet is, maar eerlijk gezegd staan we daar nog zelden bij stil. Ik tenminste niet! Bedankt voor de reminder….
Je liet ons met de armen stijf langs het lichaam wat loopscholing doen. Wat zagen we er raar uit! Maar het verschil was erg helder. Als je je armen meeneemt en mee laat zwaaien is het hardlopen gemakkelijker! Logisch, maar ik wist echt niet dat het komt omdat je je heupen dan mee kunt draaien tot je het vertelde. Ik heb écht wat geleerd! We mochten de brug oplopen en ik heb even alles geprobeerd: a-ritmisch zwaaien met de armen (heel raar), heel kort zwaaien (en daar komen kortere pasjes van) en een grote uitzwaai en dan ga je dus vanzelf sneller lopen, zonder meer moeite te hoeven leveren! Ik ben ook over het gras gaan lopen en toen viel er langzaam een persoonlijk kwartje. Op het onverharde terrein heb je die arminzet nog veel meer nodig om te balanceren en dan wordt de uitslag wat kleiner. Stappen kleiner, balans lastiger. En toen ging ik aan het combineren: de onbalans die ik voel zou wel eens meer in mijn armen dan in mijn benen of voeten kunnen zitten!
Je gaf ons de opdracht driehoekjes te lopen: 200 meter heel rustig, dan scherp naar links en 100 meter op tempo en nog een keer naar links om een flink tempo op te pakken. Ik had dat driehoekje nog nooit gelopen en vond ‘m wel een grappige variatie op een rondje of een vierkantje. Ik begon echt maar eens heel sloom en voelde mijn bovenbeen rechts wat ‘mopperen’ en trekken. We hoefden niet heel hard te lopen, maar de hartslag ging in de laatste honderd meter toch snel omhoog! Ik was me erg bewust van mijn arm-inzet en gebruikte die ook echt. Ik begon te zoeken waarom ik die disbalans toch voel: ik heb aan twee kanten een horloge om, dus dat zou het niet moeten zijn. Inmiddels liep ik bijna vooraan, maar rustig is bij mij tegenwoordig wel heel erg rustig! Na nog een rondje liet ik de ander voorgaan. Ik begon te denken dat de disbalans aan mijn telefoonhoesje ligt… Die draag ik om mijn linkerarm, zou mijn rechterbovenbeen dat compenseren?! Het klinkt natuurlijk verre van logisch, maar toen ik daar zo liep was het niet zo raar, want bovenarm en bovenbeen zijn wel complementair dezelfde plek. Ik duwde jouw mijn telefoonhoes en telefoon in handen om het nog een driehoekje te proberen en warempel: dat was het! Ik versnelde het laatste stuk door mijn armen stevig uit te zwaaien, maar ook omdat er twee auto’s langskwamen, hahaha.
Tjongejonge, wat was ik veel wijzer geworden van je training zeg. Hoe kan ik je daar voor bedanken?! We mochten op eigen tempo de brug nog 1 keer op. Ik had langzaam kunnen gaan, maar ik liep met L. omhoog en ik dacht: ik ga langzamer, toen L net riep: wij kunnen dit!! Hoe kon ik haar in de steek laten? Dus tegen mijn eigen zin in gingen we keihard omhoog. Toen raakte ik met A aan de kwebbel en ik heb aan heel wat mensen verteld dat ik deze loopclub ga inruilen voor de triathlonvereniging. Beste G, dat ligt absoluut niet aan jóúw training! Dit is één van de zeldzame trainingen dat ik in een uur meer geleerd heb als van diverse ellenlange duurlopen. Dit is één van die trainingen waarbij ik zeggen: ik ging niet ver, nauwelijks hard, maar ik heb een blessure op zijn plek gezet en daarmee overwonnen. Ik begreep waar ik last van had in de disbalans en heb het gecorrigeerd. Zelf had ik nooit bedacht dat ik me zo hobbelig voelde omdat ik mijn armen niet (meer) goed meenam, dus het kwam exact op het juiste moment! Dankjewel. Ik heb het je wel gezegd, maar soms is ‘dankjewel’ net iets meer dan het woord wat we vaak herhalen: deze kwam uit mijn hart.
Groetjes Anke
Een perfecte maand perfect afgesloten
In mei wilde ik graag elke dag alle doelen van de Apple Watch halen. Dat betekent elke dag een aantal bewegingscalorieen verbruiken (ongeveer 350), 30 minuten bewegen en in elk geval 12 keer eens per uur staan. Dat stadoel en beweegdoel is niet zo moeilijk, maar de calorieen vallen niet altijd mee! Wel op de dagen dat ik ga trainen, dan verdubbel ik het doel vaak, maar op de ‘rustdagen’ is het best lastig om 350 actieve calorieen te verbranden. Maar dit is al 30 dagen gelukt, al 4 perfecte weken, en al 37 dagen achter elkaar heb ik het beweegdoel gehaald.
Vandaag is de laatste dag van mei en dus de laatste dag om een perfecte maand te halen. Ik heb het beweegdoel al in de middagwandeling gehaald en het stadoel is om 7 uur binnen. Om 9 uur komt
Manuel me halen voor een fartlek-training. Een wat?! Dit heeft niks te maken met scheten laten onderweg ofzo, maar het is eigenlijk een doe-maar-wat-training. Ga lopen en kijk onderweg waar je versnelt, waar je heen gaat, welke ondergrond je mee kunt pikken. Het was best warm. We liepen eerst even in. En toen gingen we versnellen op het brede grindpad. Heerlijk! Even doorrennen en proberen Manuel bij te houden. Dat lukt natuurlijk voor geen meter, maar ik kon eigenlijk ook al stoppen, want DE PERFECTE MAAND was binnen! Gehaald!!
Geen tijd om te feesten, maar ik heb wel even rust genomen. We namen het volgende grindpad, wat iets korter was en Manuel maande me nog iets harder te lopen. Hij sprint er dan zelf met gemak van door en ik doe mijn uiterste best, maar bijhouden is er niet bij. Toch ga ik behoorlijk hard en ik vind het leuk! Van de toeschouwers aan het einde mag ik eigenlijk niet stoppen, maar ik moet een paar wandelstappen uitpuffen hoor. We hobbelen verder over asfalt en dan gaan we het onverharde speeleiland over. Leuk rondje en Manuel loopt voor me steeds net iets harder. Ik ga er gewoon achteraan! Nou ja, gewoon…. Het kost mij meer moeite, maar ik klaag niet.
De hartslag gaat weer omlaag en over het asfalt gaan we nog even lantaarnpaal snel-lantaarnpaal rustig doen. Mijn verschillen zijn groter dan Manuels verschil tussen hard en zacht. Over het schelpenpad laat ik Manuel even zijn eigen tempo gaan en blijf ik in zone 3 achter hem aanlopen. Na een klein stukje asfalt steken we het bos weer in achter de Seizoenenbuurt. En dan vinden we zomaar een PRACHTIG pad door het bos. Langs water, over balkjes, modder en tussen het groen. Ik raak de weg volledig kwijt en geniet ONWIJS van deze ontdekking! Gelukkig is Manuel erbij, anders was ik ernstig trager gegaan om ervan te genieten.
Geen idee waar we weer uitkwamen, maar we gaan over het gras verder. We zijn al aardig wat kilometers op weg en ik merk dat het iets meer moeite kost, maar het is wel vreselijk leuk zo zonder opdracht, zonder hartslagbeperking. We gaan de Seizoenenbuurt in en als ik me weer wat op adem voel komen, moet Manuel een getal onder de tien roepen.
Bij 7 hoort juli, dus we gaan de Julistraat op tempo door! We lopen over het schoolplein. Het is wel 500 meter de Julistraat door, dus dat is even doorwerken. Dat de foto zo wazig is, ligt ‘natuurlijk’ aan mijn tempo 🙂
Dan over de Evenaar weer langzaam aan terug. Eindelijk tijd om wat te kwebbelen. Maar het laatste stukje van de nieuwe naar de oude Albert Heijn zetten we nog een laatste sprint in. Omdat ik weet dat het de laatste mogelijkheid is om de energie eruit te lopen, let ik nog maar eens even goed op de loophouding en pers ik er nog een flinke versnelling uit. Dan wordt het wat donkerder, maar nog niet echt koeler en dribbelen we terug via Manuels huis tot we op de tien kilometer zitten. Dat kost een paar bochtjes extra, maar… dat hoort zo! Echt leuk, moeten we vaker doen zo’n fartlek-doe-maar-wat-je-leuk-vind-training!
Betreft: Brief aan de Organisatrice van de HarderbosTrail
Betreft: Brief aan de Organisatrice van de HarderbosTrail
Geachte Anke de B.
Vanmorgen heb ik tijd vrijgemaakt om twee uur met u mee te gaan op een fijne trailloop door het Harderbos. U heeft gezorgd voor het vervoer,
de route en enige andere zaken. Daarbij heb ik wel een paar punten die u ter verbetering zou kunnen opnemen:
– Ten eerste liep het een beetje uit: we hebben toch zeker een kwart van de tijd overschreden en waren pas na 2 en een half uur weer terug bij het beginpunt. Ook de afstand voldeed niet helemaal aan de vooraf opgegeven 15 kilometer en liep uit met 2,5 kilometer.
–
Een groot minpunt waren de brandnetels die we onderweg hebben moeten trotseren. Natuurlijk kunt u de brandnetels niet verhelpen, maar de tip om een korte broek aan te doen, was geen goede.
– De route liet regelmatig te wensen over. Zeker een keer of 5 moesten we teruglopen.
Een doolhof is een aardige optie in een trail, maar zou beter in het begin passen dan aan het einde, wanneer de vermoeidheid toeslaat.
– Het tempo lag erg laag. Dit kwam onder andere door de in de route opgenomen trekpontjes en andere obstakels, zoals opgezwollen meren, fluisterschalen en een kudde dieren met jonkies.
Naast deze verbeterpunten wil ik toch ook graag wijzen op het volgende:
– Het was een ontzettend mooi natuurgebied. Naast de schoonheid viel ook de afwisseling tussen water, bos, bruggen en meren op.
– De fotoservice was aardig geregeld. Er zijn vele foto’s gemaakt.
– Het weer was perfect: er is geen regen gevallen! Het had iets minder benauwd kunnen zijn.
– Het was erg gezellig en het gezelschap was een perfecte combinatie.
Het was een fantastische ervaring. 
Deze run was onovertroffen, geweldig, adembenemend, uniek, super, briljant, genieten, avontuurlijk, afwisselend en fantastisch!
Ik hou me van harte aanbevolen voor een volgende keer,
Met vriendelijke groeten en een knipoog,
Joyce W. uit Almere

Friends Around
Deze week (deze dag zelfs) staat een run van 3 uur op het programma. Onhaalbaar. Met werk, vrije schoolmiddag en een druk weekend zit het er niet in. En al helemaal niet onverhard. Na lang mokken en schelden op de trainer heb ik besloten het op te delen. Dus ga ik vandaag een uur en van het weekend ergens twee uur. En dit uur ga ik met Vincent en Joyce sluit zich graag bij ons aan. De stoere kleine vent gaat in zijn trisuit. ‘Met de oude dames mee’, mokt hij maar vast. Maar die oude dames gaan wel lekker door het park en over de brug! Niet heul rap en snel, maar wel
onafgebroken. De kleine man kwebbelt, kwebbelt en kwebbelt. Onafgebroken. Op de brug komen we een kennis tegen die ons alledrie op de foto kan zetten, wat een bonus! Het is warm en soms zelfs wat benauwd, maar ik geniet met volle teugen van mijn gezelschap en het heerlijk lage tempo. Vol trots roepen we: ‘weer een kilometer in 7 minuten!’ We gaan het bos in en dat is voor Vincent even wennen. Dat is nog iets harder werken. Niet dat hij dan stil valt, letterlijk niet en figuurlijk ook niet, want de moppen blijven komen. We ontwijken de enorme stronthopen en gaan over zand en ongelijke paden. Na een kilometer of 3 begint Vincent te mokken dat het bos niks voor hem is. Dat het veel lastiger is. We gaan op zoek naar zijn energiepotje, maar dat blijkt verstopt onder heel veel geklets. Ondertussen loopt hij door en verbazingwekkend genoeg gaan we ook nog iets sneller ook.
Dan komen de herten voorbij. Ik hoopte er al een beetje op, maar het is toch een gelukje als ze voor je oversteken! Voor Vincent moesten we over het fietspad terug, die was het bos meer dan zat. We bewonderden de paarden en Vincent liep nog wel een beetje te mokken hoor. Maar ja, hij liep wel door en door. Ik word er een beetje onzeker van: het joch is nog zo klein, is dit niet te ver? Maar ook Joyce zag dat het hem minstens net zo goed afging als onszelf. Zijn loophouding verandert niet en gaat maar door. Ik kreeg ze niet meer mee het bos in helaas; maar wel begrijpelijk!
Joyce en ik namen nog een ommetje onverhard, terwijl Vincent verhard de brug op liep. Zo kon hij even op ons wachten en uitrusten en konden we elkaar toch in het oog houden. Ik zelf had nergens last van, nergens moeite mee en voelde geen enkel pijntje. Het was me wat benauwd, maar het ging geweldig eigenlijk! We liepen nog de brug over en in ganzenpad het trapje af en weer de wijk in. Vincent telde minuten af, want eigenlijk vond hij een uur wel genoeg geweest.
Wij ‘oude dames’ gingen nog door het park en Vincent nam de straat. Maar mooi niet dat het joch ging wandelen he. Wij natuurlijk ook niet. 9 Kilometer hadden we erop zitten. Alledrie. Vincent heeft me er weer even aan herinnerd dat onverhard rennen toch iets zwaarder is als gewoon asfalt lopen. Ik heb enorm van dit rondje genoten. Het grenst echt aan perfect.
Een Enorme H00p —PruTRuN
Een uurtje rennen tijdens Vincents hardloop-fiets(koppel)training onverhard zat in het vat: verdeeld in drie hartslagzones. Eerst 5 minuten zone 1, dan 5 minuten zone 2 en vervolgens 10 minuten zone 3 en dat dan drie keer. Maakt een uur. Ik had mijn korte broek aangedaan, want het was best warm.
Eerst half verhard inhobbelen richting het Vaartsluisbos en toen ging het al mis: zone 1 was wel onbereikbaar. Zone 2 ging lekker en ik dacht meteen maar het bos te gaan doorcirkelen. 1 Keer rechts, dan 3 keer links was het wilde plan. Zone 3 ging ook prima: geen geneuzel met een piepend horloge en lekker linksaf het zandpad volgen. Maar het zandpad werd smaller en smaller en smaller en smaller. Het gras werd hoger. De distels werden talrijker. De brandnetels hoger én talrijker. Zone 3 ging er aan, want hardlopen werd steeds minder hard. Spijt van de korte broek!!!! In zone 1 ging ik aan het wandelen (en krabben). Ik had weer betere paden gevonden.
Maar nu kwamen de muggen. In mijn oor. In mijn haar. Mijn mond. Oog. Het was reuze mooi in het bos, dat dan weer wel. Dan kan je kiezen: ergeren aan de muggen of maar blijven denken hoe mooi het is. Ik koos de laatste optie. Zone 2 liep ik lekker over het schelpenpad in slakkentempo. Dat is ook onverhard, maar uiterst begaanbaar dan! En vlak voor het sluisje mocht ik voor de tweede keer naar zone 3.
Ik volgde een mooi paadje, maar dat eindigde op de steiger. Terug dus. Not my thing. En toen zag ik weer een ‘uitdagend’ pad. Deze keer ging het niet over in een ondoordringbare gras-netel-distel massa, maar in ondoorploegbaar mul zand. Ik verkoos zelfs een ‘nistel-gretel-das’ pad om van dat zand af te komen! Toen moest ik al een beetje naar de WC. Ik nam gewoon de heuveltjes maar en liep vrolijk langs het meertje. Onderweg kwam ik niemand tegen, dus ik dacht al wel dat ik best het bos in kon duiken, maar het ontbreken van een toiletrol hield me tegen. Zone 1. Nu moest ik echt wandelen. Ik had de slecht-verharde weg kunnen pakken, maar hé, ik moest en zou onverhard! Als de zones dan een beetje in de knoei kwamen; dat kon nog net, maar dan wel zoveel mogelijk onverhard! Ik belde zelfs met Rob in zone 1! Zone 2 was een prima pad, maar toen MOEST ik echt. Echt echt. Echt heel nodig. Dus ik dook tussen brandnetels door het bos in. Ik verkoos mijn onderbroek boven de brandnetels om wat te vegen en vervolgde mijn weg zonder onderbroek aan. (is dat teveel informatie?) Ik liep het bos uit en -tada- 4 andere hardlopers! Ik trok mijn shirt nog maar een beetje extra naar beneden.
Ik heb ze een beetje ontweken eerlijk gezegd. Nog een onverhard heuveltje meepikken, maar ik liet de laatste zone 3 helemaal aan me voorbij gaan. Ik zou al lang blij zijn het uur vol te maken, tempo en hartslag liet ik helemaal voor wat het was. Toen ik er bijna was moedigde Vincent me nog even aan vanaf zijn fiets, maar ik voelde me toch een beetje naakt en vies en bezweet. Niet echt in staat vrolijk met de andere ouders te gaan kletsen die door Vincent waren gealarmeerd.
Ik heb nog nooit zo weinig gelopen in een uur met mijn 7,5 kilometertjes! En ik dook meteen de WC in en niet alleen om water te drinken! En dan sta je na een uur bij de auto en blijkt de telefoon de foto’s die je onderweg hebt gemaakt ook nog eens vergeten te zijn. Nergens meer te zien! Wat doe je dan?
Zonder onderbroek, zonder foto’s, zonder prestatie, met bultjesbenen en de wetenschap dat je zeker moet gaan tanken?
Ik heb KEIHARD gelachen. 😀
Het was namelijk zo mis allemaal dat ik het alleen maar heel erg lollig kon vinden. Want het was onvergetelijk!
ps. Na het tanken en douchen, vond Rob mijn foto’s gelukkig weer terug.
Trainen, fietsen en fietsen
23-5 Training met de ABgroep mee. Ik ging er lopend heen om te kunnen combineren met de koppeltraining van junior en met het idee dat ik maar eens ging opzeggen om over te springen van Just Run (de hardloopclub) naar de triatlonvereniging. Niet echt iets waar ik naar uit keek. We kregen hielaanslag oefeningen. Veel inlopen en lekker kletsen, grappige oefeningen. Nog meer inlopen, nog meer kletsen. Ik voelde me echt letterlijk onevenwichtig. Alsof het linker- en rechterbeen niet helemaal samen werken.
Toen rondjes hard lopen. Ik had het bij de vrienden en vriendinnen gedropt dat ik ze ging verlaten en er waren echt mensen die dat oprecht jammer vonden. Werd ik dan weer oprecht verdrietig van. Dus echt hard zat er gewoon niet zo in. Niet oprecht jammer! Het was een lange training, veel gelopen ook.
24-5 Toen had ik het even gehad met het hardlopen. Mijn bovenbeen speelt nog op, heel veel andere zaken eisen aandacht (werk, verjaardag, ziekte) en toch móést ik naar buiten. Door een paar stomme opmerkingen en weinig slaap was ik a-not-so-happy-me.
Even fietsen dus. Heel rustig aan. Maar het was onwijs mooi tussen de herten, de paarden en de stilte van de Oostvaardersplassen. Voelbare rust.
25-5 Verjaardagsfeestje. Voelde me niet zo lekker. Misselijk, duizeltjes, moeMOE. Bloed geprikt op ijzertekort, maar dat was het niet. Toen de kersverse tiener in bed lag was ik wat stabieler, dus mocht ik mee met Robs eerste rondje op zijn ATB!
Nog een stukje lekker langs de kassen, langs de dijk, langs de oostvaardersplassen. Vliegjes happen. Even een prima alternatief voor het hardlopen: dat komt wel weer.
Kort interview met de voeten van Anke
Vandaag weer onderweg?
Linkervoet: Ja joh, gisteren hoefden we alleen maar te fietsen. Rechts vult aan: flink rondje hoor; die hele Oostvaardersplassen rond. Links: Beetje saai voor ons, dat is meer werk voor de beentjes.. Rechts: jaja, die moet je daar maar over vragen dan.
Maar vandaag dus weer op pad en deze keer rennen?
Links: Ja joh, het duurde even (rechts mompelt: ze wachtte expres op de regen in de regelkamer boven volgens mij), maar toen mochten de Ascis weer eens aan. Rechts: Tja, die andere fijne schoenen moeten vast nog drogen, hihihihi
Ging het goed?
Links: Ja joh! Even inlopen denk ik eerst, gewoon een beetje gehobbel door dat park. Rechts: En toen de brug op gingen we lekker wel hard toch? Links: Ja joh, toen werden die beentjes volgens mij best moe, gnagna. Rechts: Naar beneden ging helemaal prima toch? Links antwoord: Ja joh!!
Nog last gehad van de tenen ofzo?
Rechts: Nee, dat bovenbeen zeurt een beetje, maar dan gaan we tenminste niet zo lang hard. Links: Ja, ik heb wel een blauwe teennagel nu in de collectie. Maar we mochten de fijne sokken aan. Rechts: En een korte broek.
Regende het niet?
Links: Jawel joh! De hele tijd. Rechts: Hebben ze in de regelkamer boven op gewacht geloof ik, bah. Links: Ik denk dat ze het daar wel prima vinden, toch?
En de route?
Links: Eerst dat asfalt ja. Stukje hard enzo. Rechts: En dan weer zacht en nog hard, weetjewel. Beetje van dit en van dat, van allebei zeg maar.
Alleen maar verhard?
Links: Nee joh, ga toch weg! Na vier en een halve kilometer mooi het bos in. Rechts: Zalig, lekker zand en van die zachte ondergrond. Links: Dan genieten wij in elk geval vol op.
Wie niet dan?
Rechts: Ik geloof dat de regelkamer het even wat minder vond. Links: Logisch, die werden nat, wij niet. Rechts: Die portie hebben wij vorige week gekregen, dus ze moeten niet zeuren. Links: Geen idee wat er in de regelkamer boven gebeurde, maar wij gingen samen met de beentjes gewoon door.
Nog iemand gezien onderweg?
Links: Nee joh! Niemand! Niet zo gek, met dat weer. Rechts: Welles; we mochten wandelen weet je nog? Toen kwamen we een roedel herten tegen. Wel een stuk of zestig denk ik. Of tellen die niet mee? Links: Nee joh!
Best gaaf, die herten!
Links: Jawel hoor, maar ik was even bang dat we niet meer verder zouden rennen. Rechts: dat had wel gekund, maar dat gebeurde dus niet, want we gingen wel door. Links: En lekker veel bos- en grasgrond he. Rechts: Ik geloof dat het in de regelkamer ook wel weer ging, want het geluid van de regen in het bos was wel rustgevend. Links: En de bosgrond was nog best droog.
Hoe ver gingen jullie uiteindelijk?
Links: Oh, joh, daar gaan wij niet over hoor! We zijn nog wel een keer hard die brug over gegaan. Rechts: ja, maar dat was wel weer van dat harde asfalt. Links: Piepert – heb jij ook een blauwe teen? Niet toch? Niet mauwen dan hoor. Want we gingen ook weer door het park. Rechts: Over het gras! En toen werden we wel weer nat toch? Links: Ja, hoorden wij er ook weer een beetje bij.(gniffelend) Ik geloof dat wij als enige een beetje droog waren toch? Rechts: maar niet in de douche hoor. Links: Volgens de regelkamer hebben we iets van 9 kilometer gelopen – ik vind het best joh.
Was het leuk?
Links: Ja joh!
API cursus in het bos tussen de aapjes
Plaats delict: Kemphaan, Almere. Onverharde wegen.
Weersomstandigheden: bewolkt, droog, circa 15 graden celsius.
Date-stamp: Vrijdag 20 mei 9:07 – 10:52
Ondergrond: Onverhard; bospaden, ruiterpad, smal schapenpad
Route: Dwaling mbv GPS track, 1 pad gedubbeld.
Energievoorziening: 1 bolletje, 1 boterham (ontbijt) en onderweg 1 winegum.
Gezelschap: Manuel & Anke (1 wandelaar gespot op de route en in de verte een schoolklas)
Wilde dieren: 1 Kat in de verte en een ijzeren schaap
Hoofdonderwerp: API (application programming interface) cursus voor dummie’s (de uitgebreide versie)
Tempo: eerste 3 kwartier in zone 1 (op de gok), daarna 3 kwartier in zone 2 (ook gegokt)
Gemiddelde hartslag: 139 Maximale hartslag: 150
Gemiddeld tempo: niet om over naar huis te schrijven: 8 km per uur (7:29 min per km)
Onverklaarbaar: Het nummer onderweg en de verdwijnende pijn in mijn rechterbovenbeen
Lengte: 14 kilometer
Gevolgen: Geen vermoeidheid, geen spierpijn, geen moeite.
Eindcijfer: 7,5 – gezellig, leerzaam, langzaam, mooi, onverhard, prettig.
Uit-fietsen en uit-lopen
Er volgden een paar drukke, volle en leuke dagen in pretparken, waardoor er nauwelijks tijd was voor spierpijn. (pinkster-)Maandagavond móést ik echter toch eventjes een half uurtje uitfietsen!
En!!!!!
Dat werd meteen een hele mooie fietstocht naar de Oostvaardersdijk waar de horizon van oranje naar blauw overging.
En 1.000.000.000.000.000.000 muggen die het fluitend fietsen onmogelijk maken!
Het was heerlijk.

Vandaag tijd voor een klein stukje uitlopen. Het tempo (heel erg laag) en de hartslag zone (ook laag) vroegen om een lange broek en lange mouwen. Ik liep alle onverharde wegen in de wijk rond. En dat is toch nog zonder moeite 90% van de route. Ook helemaal niet verkeerd. Hieraan hou ik geen spierpijn of andere last over. 5 Kilometer in 40 minuten was genoeg, toen was ik niet moe en moest ik naar het toilet.




