De wereld van Goud, Blauw en Sorry

Ik vertrok vroeg. Het was koud, maar zonnig. Ik at snel 1 boterham en een half uur later stond ik buiten. Het was zondagochtend even over negen uur en het was stil buiten. Er lag ijs op de plassen. En de wereld was van mij en mijn lage hartslag. Vorige keer stond de hartslagbeperking op 138, maar dat had al 135 moeten zijn. Dus vandaag nog ietsje lager, en dus: ietsje langzamer. Door het park en dan de gladde brug over. Toen was de draadloze koptelefoon al leeg. Het pakken van de ‘draadrijke’ koptelefoon maakte (A) mijn handen ijskoud en (B) koste veel gepiep en een hoge hartslag. Binnen twee kilometer werd ik ingehaald door twee hardlopende mannen. Zij gingen niet de Oostvaardersplassen in, ik wel; ik weet niet hoe lang het nog kan. Alles om me heen leek in de lage zon van Goud gemaakt. Het was zo mooi, het tinkelde bijna! Mijn tijden van de eerste twee kilometer lagen ruim in de 7 minuten, maar ik vond het niet belangrijk. Ik wilde graag het langzame ritme voelen en om me heen kijken. Ik zag de reiger zitten, de prachtige warme kleuren tegen de ijsblauwe lucht en om me heen vlogen vogeltjes en eenden. Het was adembenemend en al lang niet meer koud. Ik had geen idee hoe mijn route zou lopen. 

Ze zijn goed gecamoufleerd, maar je ziet de geweien.

Ze zijn goed gecamoufleerd, maar je ziet de geweien net boven de bosrand.


En toen keek ik het bos in en daar stonden een stuk of 5 herten. Ik stond stokstijf stil en we keken naar elkaar. Ik vergat helemaal dat ik aan het hardlopen was! Tenminste, tot ik de herten daar zag staan was ik dat nog aan het doen, nu stond ik dus ook stil! Tot mijn horloge piepte dat mijn hartslag te laag was! Ik liep weer door. Kwam de kilometertijd toch nog ergens boven de 8 minuten uit! Ik was vast van plan het rondje over de dijk en terug door het bos te gaan lopen. Ik heb niemand anders gezien langs de plassen. En zo liep ik even later op de dijk. Ik hoorde het water en de lucht boven het water was gemaakt van Blauw glas, zo strak en mooi! Ik had wind mee ofzo en ik liep maar door in een strak ritme, het ging echt heerlijk. Letterlijk: langzaam maar zeker gaat het vooruit!

Ik besloot een kilometer ononderbroken (voor foto’s) door te lopen en te kijken hoe de tijd dan zou uitkomen. En warempel: ik kwam (net) onder de 7 minuten uit! Met een hartslag van 132. Ik voelde me erg goed, want een tijdje terug (23 november) vond ik het nog onmogelijk om op hartfrequentie 140 te blijven en te blijven hardlopen en nu kan ik al op een lagere hartslag nog ietsje sneller lopen! Ik moet eens vragen aan de trainer of zoiets zo snel effect heeft, want dan hou ik deze lange rustige duurlopen er heel graag in en wie weet hoe snel ik nog ooit ga kunnen op een lage hartslag…! Ik besloot gewoon verder te rennen langs de dijk omdat ik erg nieuwsgierig was wat ik verderop in de haven zag.

Baggerboten? Ik weet nog niet wat ik zag, haha


Ik wilde best door het wilgenbos gaan. En zo hobbelde ik dus ineens verder als de bedoeling in eerste instantie was! Nog steeds was ik een eenzame loper op deze zondagmorgen. Ik draaide de zon en het Wilgenbos in. Ik had het gevoel de eerste te zijn die de brug over ging, maar dat kan niet waar zijn. Ik had wind tegen, ondanks de bomen en er lagen erg veel afgewaaide takken op de route. Het geluid onder mijn voeten was krakerig en klonk fijn. Het zonlicht door het bos was feeëriek mooi. Ik zag in de verte een knotwilg in het uitnodigende licht. En opeens werd ik ingehaald door de volgende hardloper (in korte broek!), ik schrok ervan. Ik werd tegemoet gelopen door 3 hardlopers. Er was blijkbaar een blikje opengetrokken van lopers…. Het sluisje over en toen zat ik alweer op 10 kilometer. Dat had me dan wel even 5 kwartier gekost…. Meteen na het sluisje nam ik een onverhard pad. Nou ja, ‘onverhard’, alles was bevroren. Ik kwam een wandelend echtpaar tegen wat me vriendelijk waarschuwde dat het verderop glad was. Wederom verlichtte de inmiddels al wat opgeklommen zon opnieuw het landschap. Het goud maakte plaats voor een zilverachtige gloed. Het was tien uur geweest en dan mag je op zondag blijkbaar wel naar buiten toe met je hond of je hardloopschoenen. Ik liep het grote rondje om de vaart over te steken, dat plan had ik al toen ik nog op de dijk liep. Ik kwam de eerste andere dame tegen die aan het hardlopen was! Ik ging met Vincent aan het SMS’en en besloot de Vaart te volgen voor een stuk; om de stoplichten te vermijden. Ik kwam de ene na de andere hardloper tegen en zelfs in groepen tegelijk!
Na ongeveer 12 kilometer sloeg het toe: TREK. Aan honger grenzende mega-trek. Ik had geen dorst, ik had geen haast, ik had van geen enkele mogelijke blessure ook maar enigszins last, maar ik merkte ineens na anderhalf uur lopen dat 1 boterham wat krap is.

SORRY buik

Ik had het moeten weten. Zoveel trek vertroebelt je inschattingsvermogen. Je richtingsgevoel en de inschatting van je mogelijkheden ook. Ik dacht: nu ben ik toch onderweg en nu ga ik die halve marathon ook lopen ook. Ik zit al op…. uhhh… ik weet niet hoeveel kilometer en hoe ver was een halve marathon? Ohja, 21 kilometer, dat zijn er nog maar 6 of zoiets. Zo gaat dat dan.

SORRY

Ik SMS mijn kind waar ik ben en ik ga via het speelpark terug. En dan is het een soort gok welke weg je ingaat. Je komt in een beetje dromerige wereld terecht, waarin het tempo niet afneemt en de hartslag iets moeilijker laag te houden is. Maar ik ging door! Met de gedachte aan witte bolletjes met chocopasta en de anderhalve euro die ik bij me heb om iets te kopen bij de dichtstbijzijnde open supermarkt. Het rare is dat je dus gewoon helder blijft denken, prima blijft lopen, dat alles goed aanvoelt, maar de dichtstbijzijnde supermarkt krijg je niet verzonnen. Dat ik twee en een halve euro bij me had, was ik ook vergeten. Kleine dingen, dat doet trek met je. Mijn telefoon had ook trek, die was van al dat SMS’en en foto’s maken snel leeg gelopen in de kou.

SORRY thuis

Ik ging het niet halen om voor 11 uur thuis te zijn of binnen twee uur rond te hebben gelopen. Dus kon ik net zo goed kijken hoe ver ik kan komen in twee en een half uur. Vorige keer deed ik over de 19 kilometer 2,5 uur (op 5 december), hoeveel sneller ben ik nu met een lagere hartslag? Ik kwam in het centrum uit en liep langs de winkels en de kerstversiering. In plaats van recht naar huis te lopen ging ik wat aan het zwalken. Trek. Langs het bejaardenhuis kijken hoe lang de duif bleef zitten op het ijs. Over het bruggetje en dan nog een brugje over in plaats van door de wijk recht naar huis te lopen. Trek. Ik wilde toch langs de speelplaats? Of via de Plus-supermarkt? Ik ben beide niet gepasseerd. Er was twee uur om en ik had dik 16 kilometer gerend. Mijn horloge was klaar met de oefening, maar ik zette ‘m weer aan. En toen was de zin op. Grote Trek. Ik wilde zo snel mogelijk naar huis. Het kon me niet meer schelen of ik de halve marathon zou halen, ik wilde naar huis, naar de WC en iets eten.

SORRY – ondoordachte acties –

En dan is het nog ver en wordt het een gevecht tussen tóch 21 km halen en naar huis via welke route dan ook. Ik wilde het hele park door en nam wegens de honden (wie heeft er nu meer dan 6 honden?!) de verste route door het bos. Ondoordacht. Na een uur en 21 minuten zaten er 19 kilometer op, maar het horloge telde niet meer gelijk met de kilometers op. Dat maakt het nog verwarrender. Ondoordacht. Ik kom thuis en vraag Vincent nog mee op en neer naar school te rennen om de 21 kilometer te halen. Ondoordacht. Het jongetje genoot, maar ik kon niet meer hardlopen, ik moest zeer nodig naar de toilet. Vlak bij huis ging het mis (no more details please) Toen was het helemaal KLAAR.
Ik liep de route uit tot mijn telefoon 21.1 kilometer aangaf en ik spurtte zo goed en kwaad als het nog ging naar huis. De garmin had de halve marathon nog niet gehaald, maar dat deerde me niet meer. Ik kon geen 500 meter extra meer lopen! Eerst dronk ik twee glazen water en toen ging ik naar de WC. Ik ging me lekker douchen en ik voelde me helemaal prima. Ik was niet vuurrood, niet doodmoe, niet uitgeput, had geen last van spieren of voeten of knieën. Maar ik was ook niet supertrots dat ik dit jaar toch nog ‘even’ een half marathonnetje heb gelopen, dat ik daar ‘maar’ 2 uur en 40 minuten over had gedaan en enorm van heb genoten. Ik was niet trots omdat ik me al onder de douche realiseerde dat het niet erg verstandig was geweest. Ik had me niet goed voorbereid, geen drinken of eten meegenomen en me door de trek onderweg laten verblinden. Dat voelde aan als een domper. Sorry. Zo stond het niet in het schema en zo was het ook zeker niet bedoeld.

SORRY trainer ik zal het niet meer doen, maar dit was mijn laatste kans om domme dingen te doen 😉

Toch: ik heb het wel weer gedaan!
Mijn gemiddelde hartslag ligt op 132. Honderdtweeendertig. Dat is hartstikke knap! En het tempo is van 7,5 kilometer per uur op 5 december nu al gestegen naar 8 kilometer per uur. Begin van de maand bleef de hartslag met veel moeite net onder de 140. Het is niet het tempo, niet de afstand, maar DIT – DE LAGE HARTSLAG- waar ik héél erg trots op ben. Wie had dat ooit kunnen denken? Het geeft goed weer hoe mijn mentale beleving van hardlopen de laatste tijd veranderd is.

Categories: Uncategorized | Comments Off on De wereld van Goud, Blauw en Sorry

Kerst-lopen

Eerste kerstdag. Een dag zonder verplichtingen voor ons. Uitslapen met buikpijn, spelletjes spelen en in een huispak naast de kerstboom hangen. Heerlijk! Maar er moesten nog een paar kerstkaarten de deur uit en de wijk door. Dat gingen we samen doen. Mijn kleine kerstengeltje en ik. We hadden toch al een soort sportkleren aan en ik deed er een jackje overheen aan. Hooguit twee kilometer. We gingen de wijk nog niet eens uit. Mijn “sportbroek” met telefoon in de zak, zakte af en ik werd er nog om uitgelachen ook! Ik heb het nog nooit zo heet gehad! Het laatste stukje daagde ik de kleine hardloper uit ‘wie het eerste thuis is en jij wint’. Dat was maar al te waar….. En toen verder naar de AH gewandeld.
Tweede kerstdag: Vandaag was het tijd voor “echter” werk. De wijk uit, de onverharde paden op en de eerste ‘opdracht’ van het nieuwe schema: “pre kerstontbijt run nuchtere maag z1 wel wat water drinken” stond er. Z1 staat voor Zone 1, dat gaat over de hartslag. De bedoeling is dat ik dit op een hele lage hartslag ga lopen. Onder de 140, om precies te zijn onder de 138 zelfs. Ik stelde mijn horloge in op die hartslag voor een uur lang. (het hoefde maar drie kwartier te lukken)
De eerste kilometer was NIET LEUK. De hartslag was veel te hoog met 170 en die kon ik alleen maar naar beneden krijgen met wandelen. IK GA NU NAAR HUIS, dacht ik. Ik loop straks wel met pa. Ik vertik het om de helft van de tijd te gaan wan-de-len. Dit slaat echt nergens op! Door de woede daalde de hartslag maar langzaam. Ik liep offroad door het park en ik wandelde de gladde brug over en toen kreeg ik het warm. En ja hoor, toen kon ik lekker sloompjes gaan rennen. Begon het toch nog op sport te lijken. En als ik dan maar kan blijven rennen (hoe langzaam ook), dan vind ik het behoorlijk leuk! Ik nam het trapje op en wandelde de volgende brug ook weer over. Dit keer niet vanwege de hartslag, maar omdat het spiegelglad was en eng. Nu moest ik langs de kant lopen en vond ik het nog akeliger en ging de hartslag al wandelend nog aan de haal. Trap af en eindelijk kon het hardlopen beginnen.
De lucht om me heen was koud, ik hoefde en ging niet snel en ik begon van de heldere kleuren om me heen te genieten. Ik heb gisteren gevraagd aan de trainer waarom hij een voorstander is van off-raod lopen, maar ik denk dat ik het antwoord al weet: de natuur er omheen geeft veel meer voldoening als beton en asfalt. Ik was niet de enige die buiten was en van de frisse ochtend genoot. Ik ken de paden inmiddels wel en ik keek maar gewoon niet naar de tijden die ik over een kilometer deed. Mijn hartslag bleef lekker laag, en anders ging ik iets zachter lopen. Mama belde me en ik was te laat met opnemen. Mijn hartslag steeg omdat ik bang ben dat ze met slecht nieuws belt, maar ik had wel het tempo om terug te bellen. Ze wilde weten wanneer wij dachten te komen…. Hartslag kon weer omlaag. Ik liep alsmaar off-road, behalve onder en over de bruggen. Wat een feestje, dat dat zo dicht bij huis kan! Ik zag een kennis van de loopclub die ik een fijne kerst wenste, ik had adem genoeg! Ik ging nog door het bos. Ik had nog tijd en nog zin en nog genoeg energie. Een andere, snelle loper nam het rechte pad. Ik nam de kronkelweg tussen de bomen door. Prachtig met het zonnetje. Het was net een andere route als anders en dat maakte het buitengewoon verrassend. Misschien hoeft ik niet ver weg op zoek naar off-road routes. ik liep terug door het bos en nam nu ook de onverharde grote weg. Toen kwam ik op het asfalt. Ik had eigenijk geen idee hoeveel kilometer ik er al op had zitten. De brug over merkte ik dat het tempo-aanpassing vroeg omhoog. Ik zag dat ik een kilometertijd had gelopen die net onder de 7 minuten lag! Feest! En dat dat al kilometer 7 was. Groot Feest! Ik wilde nog wat off-road langs het asfalt lopen, maar dat was nog hondepoep-gevoelig. Ik hobbelde de laatste wijk door en in de laatste straat besloot ik lekker toch de intervallen te doen: 2 lantaarnpalen hard en 1 zacht. Kijken of ik in die 1 zacht de hartslag kon laten teruglopen. Dan maar even met piepend horloge. En toen was ik precies na een uur weer thuis en had ik precies 8 kilometer gelopen en was ik precies klaar voor de rest van kerst. Kwam precies goed uit.
 

Categories: Uncategorized | Comments Off on Kerst-lopen

De Brouwersdam bij Windkracht 7

Ik werd laat wakker, maar ik had zin om te gaan hardlopen! Het stormde buiten, windkracht zeven. Het gierde om het huisje en ik werd voor gek verklaard, maar ik ging toch! Ik liep het park af terwijl de auto’s in grote getalen vertrokken en de schoonmaakjuffies op hun fietsjes het park opreden. Dom genoeg verzeilde ik op de parkeerplaats, maar ik vond al gauw de route het park af. En toen merkte ik wat ik al wist en wat mij de komende tijd bezig zou houden: W I N D
Eerst tegen de wind in richting het vasteland lopen, op de terugweg langs de noordzeekust terug. Simpel plan. Ik dacht het koud te krijgen, dus ik had warme kleding aan, maar dat was geen probleem: die wind die overal doorheen lijkt te waaien…. die zorgde ervoor dat ik verder niks merkte! Langs het nieuw te bouwen info-center en dan de parallelweg op langs het oude spoorlijntje. Ik had de wind pal tegen. Elke stap was een gevecht. Het was ik tegen de elementen. En dat beviel me wel. Er waren geen surfers, nauwlijks andere mensen. Wel een paar auto’s, maar die tellen niet want die zijn overal. (zelfs op het strand)
Ik keek goed om mee heen, hoe ver het was naar de tunnel, hoe mooi de vlakte was, de golfjes, de vogels. Ik liep de  tunnel voorbij, ik wilde nog een kilometertje verder worstelen en op het land komen. Ik had geen muziek nodig, de herrie van de wind is het ergste. Voortdurend het bulderende geluid om je heen is ontzettend vermoeiend. Er lag een schip, ik kwam langs de brouwerssluis en een perron vlak voor het spoor eindigde in een zandzak. Ik vroeg me af of ik nog aan de noordzeekant van de Brouwersdam kon komen. Ik moest een viaduct op en ineens stond ik op het land. De wind viel een beetje weg. Ineens. Dat was een raar rustgevend gevoel. Er lagen alleen maar campings om me heen. Ik volgde de fietsborden naar Noordzeestrand en ik ging onder de N57 door. Toen draaide ik me om en ineens was de wind weg.
Weg wind
Stilte
Het leek doodstil.
Ik merkte dat ik het warm had en bezweet was. Ik wist dat het soepeler moest gaan lopen. En dat deed het wel, maar ik zag even op tegen het strand en het zand, ook al was het wind mee. Toch ging ik bij strandpaal 16, het onder het brugje door, het strand op. Eerst over de duinen. Overal was het stil, uitgestorven en rustig. Geen enkele andere hardloper, geen enkele fietser. Het strand! Ik had de zandstralen mee, gelukkig. Het liep heerlijk. Geen moeite om snelheid te maken. Geen adem tekort meer. Ik moest gewoon remmen! Ik liep weer wat omhoog over basaltblokken vol zand en daar was de kracht van het zand goed te zien, het vloog voorbij! Ik stopte om het te filmen. Ik had namelijk geen haast.
Ik liep weer langs de sluis en toen bleef ik ‘boven’ lopen, omdat er geen strand was bij vloed! Kilometer vier tegen de wind in kostte me 6 minuten en 52 seconden. Kilometer negen met de wind mee kostte me 5 minuten en 46 seconden. Ik ging sommige stukken loeihard! Ook wel eens leuk. Helaas bleef het geluid van de wind behoorlijk vermoeiend. De laatste drie kilometer op de brouwersdam gingen vele malen sneller dan de eerste drie kilometer! De tijd vloog voorbij en ik was weer bij de middelplaat, waarop het vakantiepark ligt.
Ik ging de brug over over de N57 en dat was akelig!! De wind huilde langs de spijltjes en trok aan me. Ik durf er niet met kind over nu. Naar beneden was het nog erger: ik werd werkelijk van het pad af geblazen en ik liep schuin naar links over te hellen! Niet te geloven. Ik schrok er zelf wat van en was blij terug te kunnen lopen over het spoorlijntje en het park weer op. Had ik toch maar mooi weer even ‘gewonnen’ van de elementen!
Ik liep langs de haven en hemeltje, wat een fluitende herrie was het daar van al die masten en boten! Ik slingerde over het vakantiepark, nam een doodlopende weggetje heen en terug en na 72 minuten was ik terug in het huisje en had ik 11 kilometer in the pocket. Ik had het bloedheet! Ik was niet direct doodmoe en ik ging na wat dralen en een koekje in de douche. We gingen door naar het zwembad en na een uur was ik daar behoorlijk moe. Alsnog.

Categories: Uncategorized | Comments Off on De Brouwersdam bij Windkracht 7

Terug naar Soesterberg

We hebben wat mensen aangestoken met onze run over de landingsbaan! Vandaag wilde mijn loopmaatje ook wel mee, terwijl mijn mannen naar het museum gingen. Het plan was om vandaag een halve marathon te gaan lopen, maar ik kon er aan wennen als dat niet helemaal zou lukken, omdat de weersvoorspelling niet best was. Daarom vertrokken we een uurtje later, toen het bijna droog was. Het viel niet mee voor mijn loopmaatje om niet gewoon mee naar binnen in het militair museum te gaan, want mannen en oorlogstuig blijft toch een onweerstaanbare combinatie. Maar ja, hij moest met mij mee omdat ik zijn vakantieverhalen wil horen! We kwamen langs de buitenspeelplaats. Vorige keer heb ik die gemist. We moesten een klein heuveltje op en namen een omweggetje. De eerste kilometer hadden we alleen al nodig voor de reis naar Singapore en Nieuw Zeeland toe! En dat terwijl het tempo niet echt hoog lag…. Ik wilde liever mijn hartslag laag houden en dat lukte erg goed. We kwamen langs de bunkers en soort zwart kunstwerk alsof het een bunker was en we moesten zelf een hek openen. We kwamen helemaal niemand tegen, maar dan ook echt niemand! Intussen druppelde het nog een beetje, maar van echt regenen was geen sprake meer. Na drie kilometer was mijn hartslag nog onder de 140, waren we al bij de spoorlijn en was het verhaal van de maand op reis pas bij dag 3! Er lag erg veel water op het fietspad, en we besloten het spoor over te steken. We liepen over een mooi bospad. Intussen hoorde ik hoe het rondom Christchurch NZ was geweest. Eindelijk zagen we twee andere dames met hun honden. We kwamen bij nog een spoor en ik raakte het spoor even letterlijk bijster. We moesten de andere kant op als ik had gedacht! Er bleken twee spoorlijnen te lopen. Het was wel leuk om eens kriskras door het bos te steken, maar we hadden wel even het kaartje van de telefoon nodig (in de looprichting aub)
Zo kwamen we op het ecoduct en de dagen in Nieuw Zeeland werden mij keurig omschreven. In de verte verscheen blauwe lucht. We liepen nu helemaal goed het industrieterrein over en ik kan me echt goed voorstellen dat we het eergisteren gemist hebben. Over de eerste vijf kilometer hadden we al 34 minuten. Maar we hadden dan ook alles behalve haast! We kwamen langs de grote villa’s en ik deed even een korte onderbreking in de vakantieverhalen. We sloegen deze keer ingang 4 over en toen liepen we over een drukke weg opeens. We gingen een klein stukje langs de grote weg lopen en toen kwamen we bij De Ingang waar het hele verhaal begon, ingang 3. Recht op de startbaan af. En daar lag de vlakte van asfalt voor ons. Het is moeilijk te beschrijven hoe groots het is. Het was vandaag nog helderder als eergisteren. De baan was nog nat en het was alleen voor ons, leek het! We gingen ons ineens helemaal niet meer druk maken om tijden. Stoppen, foto’s maken, rondkijken. Soms is hardlopen een bijzaak. Mijn loopmaatje deed een vliegtuig na en we liepen naar de andere kant van de startbaan. We kwamen niet helemaal tot het einde helaas. Toen draaiden we om en gingen we terug aan het lopen! Hadden we opeens wind tegen. Het was een rare mengeling van een verhaal over Nieuw-Zeeland, genieten van een grootste asfaltvlakte en langzaam hardlopen. Ik verbaasde me enorm over de vele regenwormen midden op het metersdikke asfalt. Intussen brak de hemel open en maakte het grijze wolkendek plaats voor blauwe lucht en felwitte wolken. Ik belde de heren in het museum even en ze hadden nog niet alles gezien, maar ze waren ook wel klaar. Of wij nog een keer de baan af konden lopen voor een foto vanuit het museum.

 
Ow, wat zijn we dan kleine stipjes op die enorme landingsbaan! We hadden wel weer fijn wind mee, dan was het iets minder fris. Ik kreeg trek. Geen halve marathon, gewoon een dikke tien kilometer en ik vond het oké.    We liepen nog vlak langs het museum en de vliegtuigen.
De zon kwam tevoorschijn en maakte het allemaal helemaal een sprookje. Ik moest nog 200 meter rondjes extra lopen voor het museum langs om ook op de 15 kilometer te komen. Konden de mannen nog even om de tank cirkelen. Toen wandelden we nog een keer langs de vliegtuigen en daarna was het tijd voor de Mac! Ik was niet echt moe; eigenlijk helemaal niet. Ook niet nat. Over de 15 kilometer hadden we ruim 7 kwartier gedaan. Weer niet al te snel, maar des te meer genoten!
Het was niet zo fascinerend als de eerste keer over de baan, maar toen het weer ging meewerken werd het nog wel veel mooier. Wederom was de baan de hele tijd enkel en alleen voor ons op wat overstekende auto’s en een brommer na. Mijn gemiddelde hartslag was hartstikke mooi 140. Zo leuk kan hardlopen zijn. Om het vakantieverhaal af te maken, moeten we alleen nog drie keer gaan 🙂

Categories: Uncategorized | Comments Off on Terug naar Soesterberg

Lopen over de Landingsbaan.

Vorige week melde mijn vriend dat er een nieuw fietspad loopt langs het nieuwe Militaire Museum bij Soesterberg. Een fietspad over de oude landingsbaan. Je bent pas echt een beetje gek (van hardlopen) als de eerste gedacht is die dan bij je opkomt: dan kan ik daar lopen! Dan MOET ik daar lopen! Hij kwam met stip boven aan de routes-wishlist te staan. Onmiddelijk. En vandaag was de kans. Woensdagochtend, werk af, factuur verstuurd, vriendin ging mee. Om 9 uur waren we op weg met de auto, om tien voor tien renden wij de regen in. Het was nogal vochtig, kil, somber en heiig weer. Mijn voeten werden ijs-koud. Dat is me nog nooit gebeurd! De wind joeg ons langs het nieuwe museum. Zelfs wij vrouwen bleven ‘oh’ en ahhh’ en ‘wow’ roepen! De uniek stille wereld om ons heen leek wel een soort van verlaten filmset. Er was 1 meneer die ons perfect begreep: ‘veel zuurstof in de lucht, dames’ riep hij ons toe. Een mede-hardloper! Hij wees ons de weg door het hek. We mochten niet verder, want daar was de zweefvliegclub. We kwamen langs bunkers, shelters en gelukkig ook wat routeborden onderweg. Mijn sok zat niet goed en we zagen een fietser. Die dacht vast dat wij gek waren, net als ik van hem meende te moeten denken. Voor mijn gevoel liep ik daar echt zomaar ‘ineens’ over een geweldige plek. Jammer dat we het bord en de route niet zo goed onthielden en dat we een ommetje moesten maken om bij de landingsbaan te komen waar we overheen mochten. Het was totaal geen straf, het was zo apart om daar te lopen. Één kleine klacht: het ging omhoog… Daarna via de raarste bochten links en rechtsaf, want er waren ook veel hekken en ik kwam een heel raar bord tegen:  Die moest echt even op de foto! We gingen helemaal niet snel. Door de vochtigheid had ik geen zin om mijn horloge telkens te stoppen en het interesseerde me ook gewoon geen biet! Ik liep hier enkel en alleen voor de lol. En ik genoot van alle stappen, ook al waren mijn voeten nat. Ik had het niet meer koud en ik heb eigenlijk ook het idee dat het allang niet meer regende. Misschien heeft het dat wel niet gedaan terwijl wij rondhuppelden! Er was zelf een hele groep andere hardlopers! Omdat wij voor het spoor afsloegen, haalden we ze niet in. Het stuk langs het spoor was ineens weer lang en we maakten flinke vaart terwijl we onverminderd door kwebbelden. We kwamen bij ingang 5 en besloten het fietspad nog een stukje te volgen en de modder de modder te laten. Toen ging het mis. We kletsten over de familie en kerst en ineens waren we te ver bij het station van Den Dolder. We kwamen het industrieterrein niet over en na een kleine omzwerving stonden we weer bij ingang vijf. Een wandelaar raadde ons de modderroute ernstig af en na nog eens goed op de kaart kijken moesten we toch het industrieterrein over kunnen. We kwamen langs de zwaar bewaakte jeugdinrichting en waren de basis een beetje kwijt. Stonden we ineens tussen Enorme villa’s in Den Dolder! Een beetje op de goede gok liepen we maar min of meer rechtdoor. Die huizen zijn daar blijkbaar zo groot, omdat destijds niemand langs de militaire startbaan wilde wonen. Wij dachten daar toen niet aan en ik bedacht voornamelijk dat we inmiddels door moesten lopen, omdat ik om 12 uur op school moest staan! We kwamen als een soort van verrassing bij ingang vier en zo liepen we de basis weer op. Ohja, er was wind tegen ineens! Langs de shelters kwamen we opeens op de landingsbaan. Asfalt.
Groot.
Leeg.
Het was GEWELDIG. Als dat woord groot genoeg is.
Er leek geen wind meer te zijn. We gingen zo langzaam mogelijk om maar te kunnen blijven kijken en genieten van dat gevoel dat je heel klein en nietig bent en tegelijk heel rijk en tevreden dat je op zo’n plek mag komen. Je zag een verkeerstoren uit de mist opdoemen en de hele landingsbaan was van ons. Alleen voor ons. Regen, natte sokken, dat ik minder dan een uur had om naar huis te scheuren; het deerde niks, want het was gewoon uniek, cool en gaaf!
We moesten natuurlijk nog wel even doen alsof we een vliegtuig waren!

 

Ook al was onze snelheid nou niet bepaald die van opstijgen en wegvliegen!!
Na anderhalf uur hadden we 12,5 kilometer afgelegd en stonden we nat en aan de late kant weer op de parkeerplaats. Maar het was één van de allerleukste loopjes van dit jaar, als het niet gewoon de leukste was! We vlogen snel naar Almere terug en stonken de auto uit, maar we waren op tijd op school. Ik was er de hele dag vol van, vol energie en adrenaline van deze belevenis!
 

Categories: Uncategorized | Comments Off on Lopen over de Landingsbaan.

De Weg Gaat Verder…. Een jaar na de marathon

De weg gaat verder, eindeloos.....

De weg gaat verder, eindeloos.....


De weg gaat verder eindeloos
Vanaf de deur waar hij begon.
Ik moet hem volgen, rusteloos,
Tot ver achter de horizon,
Met rappe voeten tot hij aan
Een grotere weg komt in ‘t verschiet,
Kruispunt van komen en van gaan.
En waarheen dan? Ik weet het niet.
(JRR Tolkien – In de ban van de Ring; wandellied)
 
Vorig jaar liep ik 42,2 kilometer. Een hele marathon. 4 uur 42 minuten en 22 seconden. Rondom Spijkenisse. Het was niet gemakkelijk. En niet direct voor herhaling vatbaar. Eerst nooit meer, toen niet meer in dit jaar. En dat is gebleken. Vandaag moest ik eerst het werk voor dit jaar afronden.
‘s Avonds was er tijd voor een rondje en ik heb er maar meteen “misbruik” van gemaakt dat mijn loopmaatje weer terug is van zijn vakantie naar Nieuw-Zeeland. Reden 1: Nu kan ik weer in het donker rennen. Reden 2: Nu hoeft ik alleen maar naar zijn verhalen te luisteren, waaruit volgt Reden 3: hoe langer het duurt, hoe beter; dus we mogen/moeten langzaam! Reden 4: Het is weer gezellig!
De snelheid was dan ook niet om over naar huis te schrijven. Maar mijn hartslag bleef ook ruim onder de 140! Het ging gemakkelijk. De bijna 3 kwartier en 6 kilometer gingen ongemerkt razensnel voorbij. En dan hebben we nog maar een paar hoogtepunten van de reis gehad!

Met rappe voeten tot hij aan een grotere weg komt in 't verschiet....


Ik moest intussen denken aan de mail die ik ga terugschrijven aan de trainer. Hij gaat een schema voor mij maken en vroeg me waarom ik niet in het weekend een lange duurloop ga doen, of ik dat uit overtuiging deed 😀 Overtuiging dat de rest van de familie er het minste “last” van heeft. Ik durfde hem niet te schrijven dat ik een dag na de cross alweer op pad ging! Gelukkig ging het allemaal heel erg moeiteloos, dus erg zal het wel niet zijn.
Tja, waarom een nieuw schema? Omdat ik toch weer nieuwe plannen heb:
 
En waarheen dan? Ik weet het niet...

En waarheen dan? Ik weet het niet...


Doel 1 is de Halve Marathon van de Almere City Run op zondag 14 juni. Gewoon zo snel als dat mogelijk is, maar vooral zo leuk als dat mogelijk is
Doel 2 is het lopen van de Marathon in Eindhoven op 11 oktober. Dat is nog ver weg, en het hoofddoel daarbij is om dat blessurevrij te halen! Ook hiervoor heb ik geen streeftijd, al zou het fijn zijn om sneller te gaan als vorig jaar.
Het schema gaat me helpen me deze doelen met plezier te behalen. Dit keer is het geen schema wat van januari tot oktober vaststaat, maar eens per vier weken kan het worden aangepast. Ook houdt de trainer mij tussentijds in de gaten of ik niet teveel extra dingen wil, vooruitgang boek en of ik mijn rustperiode neem en hoe ik mij om de trainingen heen voel. Een veilig gevoel.
Ik zie uit naar een nieuw jaar, nieuwe plannen en nog meer hardlopen!
 

Categories: Uncategorized | Comments Off on De Weg Gaat Verder…. Een jaar na de marathon

Almeerderstrand cross

Mijn gedachten werden helemaal niet door de cross in beslag genomen. De muziekuitvoering van mijn jochie stond voorop. Of ik tussen1 uur en 2 uur ergens kon douchen, was mijn grootste zorg. Toen ik dat om half 12 had uitgezocht (er was 5 minuten warm water bij het sanitaire gebouw in de haven tussen de plek van de voorstelling en het beginpunt van de cross) werd ik helemaal kalm. We reden naar het beginpunt en ik had niet eens precies opgezocht waar ik wezen moest…. Detail vergeten! Ik vergat bijna weer mijn startnummer. Ik liep een beetje in en keek of ik straks niet gewoon uitlopend terug kan rennen. Ik kletste wat met een meneer die al twee keer New York had gelopen en helemaal klaar was met drukke evenementen en een mevrouw die het ook koud had. Het was droog, zonnig en ik vond het koud. De mensen die nu in korte broek en t-shirt gaan, zouden die in de zomer naakt rennen?!
Ik moest lachen toen mijn vriend SMSte dat we dan wel de camera keurig bijhadden en er een opgeladen batterij in zat, maar geen SD kaartje. Dat grappige detail hield me op de been, waardoor alle spanning helemaal verdwenen was.

De route over het zand. Links van de vlaggetjes blijven aub.

De route over het zand. Links van de vlaggetjes blijven aub.


Ik ga niet vooraan staan. Ik zorg net dat mijn horloge bijtijds aanstaat. We gingen eerst door een ‘duinachtig’ gebied met vochtig zand en veel gras en twee meiden waren bang dat ze de rondjes niet geteld kregen. Ik sprak een meelopende trainster dat ze me op deze manier niet kon aanmoedigen terwijl zij mijn favoriet is voor die taak; zij antwoorde me dat de snelle mannen voor ons liepen, dat ik daar heen moest; maar ik wilde gewoon lekker lopen. Leuk. Rustig. Genieten. Over het gras en we moesten een balk over! ohja! Ik liep achter een man die ik wel ergens van kende, maar geen idee waarvan. Toen moesten we mini-heuveltje af en door het zand weer omhoog. Onaangename verrassing!
Toen dacht ik wel even: aj, dit drie keer?! Ammehoela. Ik kan gewoon na twee rondjes stoppen en dat vond ik een veilig idee. De trainer stond naast de kant en oefende mijn naam, leuk dat hij mij nog kent. Ik ging voor mijn gevoel niet te snel. Precies hartstikke goed eigenlijk. Dus hoefde ik ook niet naar mijn horloge te kijken, wel zo gemakkelijk.
We gingen langs het water aan het lopen en ik vond het geluid van de golfjes zalig. Het zand viel me erg mee. Het liep niet zo heel zwaar eigenlijk. Totdat we terugdraaiden richting finish, daar lag een meter of 100/200 mul zand en dat was Niet Leuk. Ik dacht: hier moet ik straks energie voor overhouden in ronde drie zeg. Ik zag in mijn ooghoek dat ik de tweede kilometer onder de 6 minuten had gelopen – dat vond ik prima, maar het deed me niks. Helemaal niks. Ik dacht hooguit: als ik maar geen tweede of derde word, want hierna moet ik meteen weg. ‘Mijn kleine mannetje is nu aan het oefenen, wat zal hij nerveus worden’ dacht ik en ik vergat mijn benen. In werkelijkheid zat het kind inspiratie op te doen om zelf singer-songwriter te worden.
De tweede ronde weer lekker door het gebied met helmgras en hard zand. Het is hartstikke leuk om zo’n hele stoet gekleurde jasjes te zien. Stom balkje. En naast de baan zwaaide ik naar een fotografe die hopelijk wel een kaartje in haar toestel had, wat me een grijns opleverde. Ik heb de hele tijd lopen te lachen, als het niet zichtbaar was, dan toch van binnen. Ik hield soms tijdelijk iemand bij, maar dan weet je niet of ze 4 of 6 of 8 kilometer gaan. Heuveltjes met zand af en op en af en op en af (af was gemakkelijker en leuker). Dat hoefde nog maar 1 keer hierna. Er liep de hele tijd een vrouw voor me en bij de heuveltjes haalde ik haar in en zag ik haar niet meer terug. Langs het water. We moesten beter op het parcours langs het water gaan lopen. Mij best. Het veld lag wat verder uiteen en het water was beter hoorbaar, heerlijk. Stom mul zand. Er liep een meneer met een wit ALS shirt vlak voor me en ik kon hem niet inhalen. Even dacht ik: dit zand niet nog een keer, ik stop. Dat dacht ik héél even. Dus ik ging gewoon nog een rondje natuurlijk. Ik was er toch al.

Het lijkt wel alsof we dóór het water zijn gegaan! het was vast eb 🙂 (op het markermeer)


Ik had het warm. Stom zeg, hoe kon het nu warm zijn? Ik deed de lange das/tube om als haarband. Maar mijn jasje kon niet uit, dat werd door het startnummer geblokt. Lekker voor de laatste keer dat stukje onder langs het spoor, deze keer met trein. Lekker voor de laatste keer over die balk stappen. Twee ruiters stonden ons aan te moedigen. Ik werd door de rappe kerels ingehaald die 8 km doen. Eéntje klonk als stoomtrein en liep ook alszodanig snel gelukkig. Ik dacht even: zal ik afsnijden, maar ik denk dat ik het niet eens zonder wroeging zou kunnen. En ach: ik was er toch al. Maar ja, die heuveltjes op en af waren nu wel echt best behoorlijk een beetje veel zwaar. Het was maar 7 meter stijging, maar het tempo was eruit. Ik kon de man met het ALS shirt eindelijk inhalen. Het stemde me tevreden dat anderen nog langzamer werden en daardoor kon ik dan weer sneller het water langs. De snelle lieden gingen bijna door het water, dus ik hield ook de waterkant aan. ‘Dag trainer! Nu heb ik een rood hoofd en herken je me ook. Fijn hoor.’
Ik verbaasde me bij het geluid van de golfjes dat ik niks, maar dan ook niks, niks, niks verkeerd voelde aan mijn lijf. Mijn benen werkten goed mee en als ik maar dacht aan de douche-wedstrijd na deze wedstrijd, ging mijn hoofd ook niet aan het afdwalen richting: ‘dit gaat me niet lukken’ en ‘dadelijk rot mul zand’. Lekker in het hier en nu en dadelijk-na-dit blijven hangen was een prima gevoel. De haarband viel bijna af en veranderde moeiteloos in een armband. Net voor het mulle zand werd ik door de snelste dame -die de 8 kilometer weer gaat winnen- ingehaald. Zou het me volgende keer lukken om haar op mijn 6 kilometer achter me te houden? Ik vond het laatste stukje gemakkelijk, want: weer hard zand én ongemakkelijk, want: het leek de eerste twee rondes minder ver. Ik dacht nog: niet vergeten te juichen en te blijven lachen en ik was ook blij toen ik over de streep kwam. Tevreden, heel blij en moe, maar niet afgebrand. 36 minuten en 36 seconden volgens het horloge. Vaantje en bonnetje voor iets. De berichten later meldde dat er tegenwind was en dat het koud was en best zwaar, maar dat heb ik helemaal niet gemerkt, zeker niet van die wind. Ik nam gauw wat water en ging toen  een stukje terug om met de trainster mee te lopen.

Ik was al rond, dus ik had alle reden om te lachen! Dit was niet het mulle zand, maar de vriendelijke tussenversie.


Zij was echt kapot en ik was alweer in staat om haar bij te staan en haar aan te moedigen. Ik draaide me om en ruim voordat iedereen binnen was, ging ik de tegengestelde richting op richting de haven. Ik SMSte onderweg en liep lekker langzaam uit. 500 meter verder was het strand leeg, stil en mooi in de felle zon. Ik mocht die kant de haven niet op en moest door rottige modder, daar baalde ik mooi van na al dat zand zeg. Ik had geen modder op de planning staan! Ik ging daarom snel het asfalt op toen er een omgewaaid hek was. Ik was binnen 8 minuten 1,5 kilometer verder en schoot onder de douche. Om 5 over half 2 liep ik gewassen en netjes en vooral uitermate tevreden het restaurant binnen waar de voorstelling plaats vond.

Een tevreden mama met rood hoofd en haar zenuwachtige kind met een mooi koppie!


Ruim op tijd om mijn kind perfect te zien oefenen, hem op schoot te houden en trots op hem te zijn terwijl hij stralend zijn muziekstuk ten gehore bracht. Er lagen diverse SD kaartjes in de auto, dus we konden het nog opnemen ook!
Ik moest lang wachten op de uitslag, maar de officiele versie luidt 36 minuten en 32 seconden. 14de van de 22 deelneemsters. Ik heb een paar foto’s bemachtigd, maar ik zal ze op deze pagina aanvullen, want er moeten er meer zijn gemaakt. Toen mijn schoonmoeder vroeg of ik nergens pijntjes had, was ik verbaasd, want het antwoord luidde volmondig nee. En laat dat nou ‘s lang geleden zijn!
En dan te bedenken dat ik vorig jaar op deze zondag de marathon liep. Dat had er vandaag niet tussen gepast….

Categories: Uncategorized | Comments Off on Almeerderstrand cross

Tegenwind

Het hagelde ‘s morgens, grote heftige buien. En ik voelde me matig gezond. Maar ik wilde naar BUITEN toe, ik wilde hardlopen en desnoods nat worden. Ik had een afspraak met mijn vriendin om tussen half 2 en half 3 te gaan rennen. En om kwart over 1 werd het droog. Er kwam een zonnetje door. Ik deed toch maar mijn regenjasje erover aan. Om half 2 stonden we buiten.
We zouden niet hard gaan, maar lekker bijkletsen. En dat deden we! We liepen achter de wijk langs, maar het matig gezonde gevoel maakte al snel plaats voor een gevoel van kalmte en rust. Uniek genoeg bij een hartslag van 150 en een gemiddeld tempo van 9,5 kilometer per uur zonder hulpmiddelen. We kletsten en het was geen probleem om het bos in te gaan. Echt waar, op die rare manier die hardlopen eigen is, lijken probleempjes met elke stap een beetje minder te worden!
1 Probleem bleef echter maar hangen: de wind. Op de lange rechte weg hadden we gelukkig, gelukkig, gelukkig wind mee. Met het zonnetje erbij, ging het regenjasje zelfs uit! We kwamen en wandelend echtpaar tegen die ons aanmoedigden. In de verte waren de roofvogels op jacht tegen de helderblauwe lucht. We hadden al 5 kilometer erop zitten en behalve familieproblematieken die we uitvoerig bespraken, was er niks te klagen. Totdat we de hoek omgingen….. Ondanks dat we in het bos liepen, was het er opeens pijnlijk duidelijk: tegenwind.
Niet een beetje een vrolijk briesje, nee, van die wind dat je er echt tegenIN moet. Dat je elkaar moeilijk meer kunt verstaan omdat de letters rondwaaien. Dat je een haltertje om je enkels gebonden krijgt als je ze vooruit brengt. En als de bomen wijken, wordt het helemaal een gevecht om vóórúít te gaan. Het was best zo zwaar als het klinkt, maar… ik kan daar ook enorm van genieten. Ook al komen de tijden ineens onder de 9 kilometer per uur te liggen. Dit is toch heerlijk Hollands uitwaaien? Het oudere echtpaar had een korte route genomen om ons nog een keer te kunnen aanmoedigen – vast en zeker!
En toen vloog er wel een hele grote roofvogel over het bos. Mijn hele run, mijn hele dag, mijn hele prestatie wordt ineens letterlijk overvleugeld door de zee-arend die in de Oostvaardersplassen huist. Het beest legt in tegenwind in de tijd van 30 seconden het hele bos af en geeft me zo’n klein gevoel dat verder alles nietig wordt. Voor ik een goede foto heb is de vogel alweer gevlogen en in een stipje veranderd, maar de kracht die ervan uitgaat, deed mij besluiten me weer eens niet aan het plan maximaal-tien-kilometer te houden. We gingen niet alleen iets langer lopen dan een uur, maar wellicht ook iets verder. En ook nog iets langzamer. Misrekening.
De kleine misrekening bestond daaruit dat iets-verder langs de open plassen voert. En de misrekening bestond voornamelijk uit wind-wind-wind. De lucht mooi blauw met helderwitte wolken, maar op het water wat hoog stond, waren golfjes te zien! Ik vond het geen enkel probleem dat het tempo nog wat lager werd, want ik genoot van de elementen en van het gevoel te zweven (ook al voelde het soms als achteruit zweven….). Ik vond het heerlijk om wat tegengas te krijgen! Maar we namen wel de korte route, ook al moet je dan het trapje op, wat niet mijn vriendins favoriet is. Er zijn grenzen aan het incasseringsvermogen en tegenwind.
We moesten het blokje om de huizen nog maken om op 11 kilometer uit te komen. Daar hadden we dan wel 5 kwartier over gedaan. Niet dat dat erg is, want we waren droog gebleven, heeeeeeeeeeeeeeel tevreden (of mis ik nu een paar ‘eee’s’?) en ik voelde me stukken gezonder als na een dagje binnen hangen. Verwaaid, maar niet koud. Tevreden, maar niet trots. Opgewekt en verwonderd. Mijn gemiddelde hartslag was 144. Kijk, dáár kan ik nou eens beretrots op zijn! Want mijn lijf heeft hard gewerkt en toch is die hartslag mooi laag gebleven. Moeten we vaker doen, tijden loslaten en lekker gaan rennen.
 

Categories: Uncategorized | Comments Off on Tegenwind

Wandelen en hardlopen – precies dezelfde ronde

  
 
 
 
Twee keer precies dezelfde route. Exact hetzelfde. Maar toch: 5 uur verschil. Een temperatuursverschil. En… een enorm tempoverschil!
Vanmorgen ben ik met een vriendin gaan wandelen. Het was nog koud (ook al was het kwart over tien) en overal waar de zon niet scheen, was het nog gevaarlijk glad. We liepen te kletsen. De brug over was doodeng, want we moesten aan de rand blijven omdat het midden te glad was. Bibbers!

Het vocht steeg op uit het bos en maakte het landschap mysterieus

Kil bos waaruit damp opstijgt


Er zaten ongelooflijk veel roodborstjes. Andere mensen zagen we nauwelijks. Lezende kinderen, familieperikelen, de schoonheid en moeite van het leven; er kwam al kletsend vanalles voorbij. We stopten om hier en daar over de Oostvaardersplassen uit te kijken. Overwinningen, werkzaken, jaloezie en kameraadschap: het kwam stapje voor stapje aan de orde, terwijl wij wandelden en wandelden. We keken even op het uitzichtspunt en liepen een stuk het fietspad op. We keerden hier:

Onderlangs. En toen we de stad weer inliepen, moesten we flink door gaan lopen omdat de school inmiddels uit was en we toe waren aan een toilet! Na 1 uur en 48 minuten waren we nog lang niet klaar met kletsen, maar we waren rond.
Toen mijn vriendin weer thuis was, trok ik de hardloopkleren aan. Warme spullen. Ik wist alleen dat ik exact  dezelfde route zou gaan volgen, inclusief de ommetjes. Mijn doel was: in de helft van de tijd. Het ging soepel. De gladheid was weg, de koelte uit de lucht en ik kende de route. Het ging vanzelf leek het, al liet de eerste kilometer lang op zich wachten. Ik deed er 6 minuten over. Primo, het tempo mocht weer eens omlaag. De brug over ging ook soepel, op die ene hond na die op me af kwam rennen en me liet afremmen. Kilometer twee ging in iets van 5:40 en toen besloot ik niet meer te kijken. Ik liep zonder muziek naar het ritme van mijn stappen te luisteren en bedacht waar we het vanmorgen over hadden. De zon was weg en toch was het warmer! De roodborstjes waren ook weg en er was nog steeds niemand anders te zien op 1 wandelaar na die ik inhaalde. Ik liep ongelooflijk gemakkelijk. Ik maakte opnieuw een foto op het uitzichtspunt.
's Morgens

's Morgens


's Middags

's Middags


 
Ik maakte hetzelfde ommetje, maar nu bovenlangs 🙂 Op de weg terug waaide het ineens wat harder. Er zat een schrapend steentje onder mijn schoen. Daardoor rolde ik mijn voeten goed af! Ik zag een mooie Vlaamse Gaai. En toen, na 6 kilometer binnen 35 minuten inclusief foto’s maken, pakte ik het hoge tempo met tijden onder de 6 minuten weer simpelweg op! Ik grinnikte toen ik langs de school moest lopen. Waar vanmorgen de kinderen ons ophielden toen ze in tegengestelde richting naar huis liepen, werd ik nu door een knaapje voorgelaten. Weer thuis had ik 100 meter minder afgelegd, maar ik had over ongeveer dezelfde 8 kilometer ook een uur korter gedaan! (de honderd meter extra bij het wandelen was een miswijzing in het begin van de wandelroute toen de GPS even slecht signaal had). Ik was helemaal niet overdreven moe. Ik heb toch gemiddeld dik 10 kilometer per uur gelopen. Na anderhalve kilometer kwam mijn hartslag rond de 160 te liggen en die liep aan het eind ietsje op. Toen ik gedouched had, de wasmachine aanstond en mijn kind weer was opgehaald, was de hartslag alweer gezakt tot onder de zestig slagen per minuut.
 
 

Categories: Uncategorized | Comments Off on Wandelen en hardlopen – precies dezelfde ronde

15duizend dagen en 15duizend voet

We meten de leeftijd in jaren en de afstanden in kilometers.
Maar vandaag niet.
Vandaag ben ik dan misschien wel 41 jaar oud, maar ik vier vandaag dat ik 15000 dagen leef!
Vandaag wil ik niet in meters tellen- ik tel 15000 voet af; het equivalent van 4572 meter.
Die ga ik rennen! Voetje voor voetje 🙂
Het waait koud en ik moet terug voor een jasje. Mijn telefoon begint te vroeg met de afstand. De eerste kilometer door het park lijk ik wel te vliegen, zo snel gaat het! Dan blijkt dat mijn horloge nog niet aanstaat. Die moet de exacte afstand aftellen. Balen dus, maar ik kijk straks wel op de telefoon hoe snel ik dat eerste stuk ging.
Ik zet het horloge aan en hou het tempo vol. Mijn benen doen prima mee! Ik heb er ook zin in, dit is een klein stukje. Kilometer 1 gaat in 5:19 en dat is lekker, ik mag dus langzamer. Ik kom veel hondjes met hun baasjes tegen. En dan ineens krijg ik het weer lekker warm. Kilometer twee vliegt helemaal voorbij in 5:09. Is dat langzamer? Laat me niet lachen. Ik ben al bijna op de helft en dat meld het horloge ook!
Ik ga het bos in. De telefoon zit te ver weg voor een foto. Het is er mooi en ik heb even het pad voor me alleen! Ik geniet ervan en daardoor is kilometer drie wel ietsje langzamer: 5:24. Ik ga nog steeds niet echt opvallend langzaam. In de volgende kilometer haal ik niet alleen wat hondenuitlaters in, maar ook een setje hardlopers. Die houden je tempo hoog. Er beginnen een paar kleine druppels te vallen. Ik wéét dus dat ik er al 15000 voet op heb zitten, maar het horloge heeft dat nog niet! De laatste volle kilometer gaat weer in 5:14. Ik ben rond en ga terug richting huis, maar daar heb ik wind tegen. Aha, daarom ging de eerste kilometer zo hard!
Net voor het park is de opdracht voltooid. 15000 voet in 24 minuten en 16 seconden. Ik pak meteen de telefoon om te kijken hoe snel het eerste stuk was en hoe snel ik de 5 kilometer heb gedaan. Heeft dat ding ook alleen maar de eerste 400 meter opgenomen! GRRRR. 😐 Ik heb het warm nu en ik voel me heel tevreden, ik voel mijn voet niet, mijn knie niet; ik heb geen last van welke blessure dan ook.
Ik ben gewoon heel blij! Zo leuk kan lopen zijn als je je buiten de geijkte grenzen gaat begeven. Ik heb deze week een hele marathon gelopen. De meeste mensen doen dat op 1 dag binnen een bepaalde tijd, maar ik vind het leuk om dat in 1 week toch op de palmares te kunnen bijschrijven!
De rest van de dag ga ik besteden aan vieren met mijn geliefden en familie dat ik 15000 dagen oud ben: met wafels, kadootjes en gezellig bijkletsen!

Tijd…   Of wij de jaren in getallen tellen,
je kunt wat komen moet vertragen noch versnellen !
Toon Hermans
Categories: Uncategorized | Comments Off on 15duizend dagen en 15duizend voet