2022-3

17 januari – Aan de tax van de Tacx- wat is de max?! ?‍♀️

Weer fietsen. Ik werk overdag, dus het komt bij mij aan op de avond. Ik heb een vriendin geregeld om mee te gaan bellen, maar die kan pas wat later. Eigenlijk ook niet erg, dan kan ik me eerst richten op de intervallen, de hartslag en de cadans. Inmiddels went het. Alles went blijkbaar. Zelfs saaiheid.

Het horloge, de hartslagmeter en de Tacx willen niet goed samen opstarten en ik moet de training na 5 minuten Zwift opnieuw opstarten. Dat wekt irritatie. Ik pak een simpele route in Watopia. Niet zoveel hoogtemeters. Ik mopper dat ik mijn trainingen in de iPhone niet meer kan zien en ik kan dus geen hartslagen vergelijken. Zulke dingen irriteren me als ik me verveel. Ik hou me aan de hartslagzones, ik let niet zo op de cadans, mijn beentjes draaien rond.

Na een half uur moet ik intervallen doen en ook dat doe ik braaf. In het begin vond ik het nog uitdagend – zeg een maand of twee terug, maar nu is het echt steeds hetzelfde, maar dan met meer gemak. Dat is vast verbetering, maar de uitdaging is wel ver te zoeken. Daardoor ga ik er niet écht voor.

Lekker precies 25 kilometer in een uurtje en uitfietsen over de extra vlakke weg, zodat ik nog wat kan proberen qua snelheid. Ik ga eigenlijk pas bellen met mijn vriendin als de minimale fietstijd verstreken is. Uiteindelijk maak ik de 40 kilometer vol en dat net niet binnen anderhalf uur.

Gisteren heb ik een podcast geluisterd over indoortrainen op de Tacx. De doorgewinterde fietsers hadden het over zaken waar ik me niet mee bezig hou zoals wattages en vooral veel hard fietsen. Het lijkt of ik voor buiten fietsen en voor de Tacx verschillende tijden mag aanhouden: 1 uur buiten is gelijk aan 40 minuten Tacx. Maar dan moet je gericht trainen. Ik vraag me af of ik dat doe. Wat wel heel erg schokkend was, dat ik stelselmatig veel en veel en veel te weinig hydrateer op de fiets binnen. Ik drink nooit genoeg en binnen schijnt dat nog veel belangrijker te zijn, omdat je geen rijwind hebt en meer warmte kwijt moet. Een half bidonnetje op zo’n training als vandaag is voor mij al heel wat. Kortom: ik ben van elke indoor training eigenlijk uitgedroogd en dat is niet goed. Ik ben er aan gewend, maar ik denk niet dat de trainer dat kan lezen uit Training Peaks. Ik zal proberen er zelf rekening mee te houden. Ik heb het met de cadans ook geleerd uiteindelijk.

18 januari – En weeeeeeeeeeeeeerrrrrrrrrr ?

Het is maar een uurtje. Ik heb de middag vrij, dus ik kan ‘in het daglicht’. Dit is een echte training met intervallen. En ik kan naar de Makuri Islands waar ik een leuke nieuwe route zie: Castle to Castle. Cadans, hartslag, intervallen. En weer saai.

Ik ga maar eens kijken naar de wattages. En ik zit stelselmatig helemaal aan de onderkant. Ergens aan de zijkant staat er bij elke fietser hoeveel watt per kg ze trekken en ik zit meer dan regelmatig onder de 1. Waar anderen me voorbij schieten met 2 of 2,4 of hoger. Ik word hier ook niet moe van. Ook niet van de blokjes waarin ik harder moet. En nog iets harder. Omhoog. Doe ik gewoon. Alleen de rust haal ik dan niet helemaal om de hartslag in 2 minuten zo ver te laten zakken. Ik kijk de training op het horloge en ik fiets in Zwift gewoon de route door. Mijn cadans ligt tegenwoordig rond de 80.

Die watt per kg gaan nooit echt de hoogte in bij mij. Zou dat wat zeggen over het niveau waarop ik nu train? Dat ik wel degelijk iets heb gehad aan al dat saaie fietsen en dat ik nu verbeterd ben? Mijn conditie gaat dan ook hard achteruit na de fietstrainingen, zo meldt Garmin. Dit kost me te weinig moeite. Je zou zeggen dat dat in Training Peaks af te lezen is.
In een paar van de laatste intervallen ga ik de sprintjes aan en die kosten me kracht en dat is hartstikke leuk en uitdagend. Dan gaat mijn watt/kg ook even omhoog.

Zie hierboven: ik fiets flink door (32kph) op een hoge hartslag (144 bpm) net na de sprint en een keurige cadans van 77 rpm en de ‘kracht’ die ik daarvoor nodig heb, is maar 1.4w/kg. De andere fietsers zitten daar ruim boven (of ze staan stil en gaan stoppen). Ik zou niet weten wat ik anders moest instellen. Misschien moet ik nog maar eens een FTP test doen.

Na 25 kilometer in een uur stap ik af. Ik doe ook nog braaf de krachttraining ‘s avonds. Zwemmen ga ik morgen wel doen, want ik vind 10 uur gewoon te laat en er zit nog iets anders net te dwars vandaag. Hopelijk worden we niet ziek in dit huis, maar Vincent heeft het flink te pakken, die ligt in bed.

19 januari hardlopen ?‍♀️ en zwemmen in het zwembad! ?‍♀️

Vincent is erg ziek. Hij ligt in bed. Rob volgt later in de ochtend en die gaat op de bank liggen. Ik voel me goed. Dat is lastig, want het maakt nogal onzeker. De zelftesten van Vincent zijn negatief. Tussen de middag ga ik lekker zelf hardlopen. Ik zie er enorm naar uit. Eindelijk weer een stukje lopen! Na al die rust moet het toch heerlijk zijn! Terug naar de basis. Geen gezanik met fietsen, gewoon lekker lopen. In het licht. 3 Kwartiertjes. Solo.

In de eerste kilometer gaat het al mis. Ik loop lekker totdat de hartslag opeens oploopt tot ver boven de 160. Horloge afdoen, rommelen met de hartslagmeter, andere horloge opzoeken voor de hartslag. Kost allemaal energie. Ik moet onder de 137 blijven en de lol is er binnen 6 minuten al af. Ben ik toch ziek? Zorgen maken zorgt voor een hogere hartslag. Rust zoeken. Weer te hard, dat hart! Weg plezier. Ik ga rustiger, maar het blijft weer steken op 6 minuten de kilometer. Wat ik ook doe. Zelfs als ik ga joggen. Binnen 2 kilometer is het plezier weer weg. 20 Minuten in zone 1 en de energie en de lol is weg. Ik blijf op het asfalt. Dan kan ik tenminste soort-van-hardlopen volhouden. Het is niet leuk om alleen maar bezig te zijn met de hartslag. Ik doe mijn best: kijk naar het bos, wees blij dat ik kan lopen, maar elke keer de beperkingen en de bijbehorende zorgen en onrust halen de sacherijn sneller terug dan ik het leuk kan vinden. Ik mag door naar zone 2. Dan kan ik onverhard gaan lopen! Lekker langs de plassen. Maar dan is het tempo lager en nog steeds is de hartslag te hoog. Het is hopeloos. Ik had me er zo op verheugd! Kom op, in deze zone wil ik echt iets harder kunnen dan 6:15 de kilometer. Ondertussen. Ik doe dit al maanden. Enige vooruitgang zou echt prettig zijn. Op deze manier gaat het vertrouwen en alle sportplezier er in een hoog tempo uit. Ik twijfel of dit geneuzel mij echt helpt. Ik loop ook op het asfalt nauwelijks harder. In zone 2! Ik baal er echt enorm van. Ik loop nog om in het Kotterbos en ik krijg een werktelefoontje. Kan er ook wel bij joh.

Dadelijk mag ik de 20 seconden sprints in met een minuut rust, maar ik ga het welbewust omdraaien. Even een minuut voluit gaan en 20 seconden rust. Die minuutjes zijn zwaar en vooral even lekker. Een tempo onder de 5 minuten. Met een terechte hartslag boven de 160. Wacht eens even… in november hield ik dit 5 kilometer lang vol! Ik lijk onwijs achteruit gegaan intussen. Het leuke is dat de minuten die rust zijn 4 keer voorkomen. Vier keer lekker warm worden! En dan nog een paar minuten uitlopen en daarna mag ik ‘vrij’ lopen waar ik zin in heb. Dan maar een iets hogere hartslag, maar dan loop ik wel lekker 5:30. Lekker. Voor zover dat na 3 kwartier balen nog lukt. Nee, dit ging weer voor geen meter. Wat mij betreft is dit een doodlopende weg naar Hamburg. Nu is zowel het fietsen als het lopen niet meer leuk. Omdat ik op het einde nog iets goed kon maken, loop ik 5:59 gemiddeld. Over 8 kilometers.

De middag gaat door in onzekerheid. Ik moet zelftesten halen door de regen, werken en ondertussen hopen dat ik gezond blijf. Het is een beetje wanhopig! Ik wil zo graag naar het zwembad! Maar dat kan pas verantwoord als allebei de mannen negatief testen. Dat doen ze en ik vertrek snel, weg uit de ziekenboeg. Ik blijf wel een beetje bij anderen uit de buurt. Ik ga in baan 2 zwemmen. Lekker een 25m badje. Ik begin met bijleggen. Het moet er gek uitzien, maar ik doe 100m bijleggen en 50m gewone slag. De normale borstcrawl is al voorgoed verandert. Daarna ga ik met de training meedoen. Ik zwem 4 keer 50m slepen vooraan. Slepen en half-bijleggen: aparte combi. De 4x50m steeds iets sneller zwem ik ook vooraan: 25m volledig bijleggen, 25m half bijleggen, keren, 25m nauwelijks bijleggen en 25m flinke slag. Ik geniet ervan! Er is toch nog een sport die ik leuk vind! Ik doe zelfs netjes 50 rug en 50 school mee.

Dan gaan we 10 keer 50m rustig. Ik laat iemand anders voor en ik ga 10 keer bijleggen en doorhalen. Ik haal ze elke keer in, met hun achtjes. Natuurlijk is het tempo nu ruk, maar ik span me dan ook niet in en ik train hier echt. Ik zet mijn horloge in de pauze niet uit. Dan moeten we 400m zwemmen, waarvan elke derde baan op tempo. Ik ga voorop, hoe zal ik tellen? Ik weet het al snel: 100m bijleggen, 25m bijna-bijleggen en 25m hele slag. Ideaal. HALLO – ik ben in de zwemtraining mijn eigen training aan het doen! Ik lig nu veel stabieler in het water en ik heb geen achtje nodig. Ik hoeft mijn hoofd steeds minder uit het water te halen. Nog even en ik kan onder water uitademen en weer 1 op 4 ademhalen. En dan nog iets met tempo… later. We moeten ook nog 100m rug doen, maar ik krijg een enorme golf over me heen van de andere baan en verslik me. Onprettig. Na de training ga ik even met een achtje 100m zwemmen. Dan komt het tempo in de buurt met twee minuten! Ik leg nog 100m bij en ik ga tevreden het bad uit. Ik heb in elk geval geen corona, want dan had ik niet kunnen hardlopen en zwemmen. De onzekerheid of de rest van de familie dat wel heeft en hoe we moeten reageren is (op z’n zachtst gezegd) vermoeiend.

20 januari. (on)rustdag ? ?‍♀️❓❓❓

Vincent knapt wat op, maar ik ga wel met hem naar Dronten voor een officiële coronatest. Er moet enige zekerheid komen. Werken flippert ook al van het ene gesprek in de andere vergadering en het volgende overleg en is onrustig, ik ben onrustig- want bang om ziek te worden. Normaliter kijk ik niet op van een beetje een wee gevoel van een uurtje chloorhappen, maar vandaag lijkt het gevaarlijk. Ik moet naar buiten! Tussen de middag ga ik zelf wandelen. Heerlijk. Eigen tempo. Grappig simpel klein doel. Wind. Even denk ik of ik de trainer toch maar op de hoogte zal stellen, maar ik weet niet precies waarvan. Even denk ik toch maar naar de baan te gaan vanavond, maar in afwachting van een coronatest in huis is dat misschien niet de bedoeling. Ik heb de loop voor morgen met Joyce al moeten afzeggen. Na de frisse neus kom ik blij weer thuis.

Werken, naar Dronten op en neer rijden terwijl ik digitaal een vergadering bijwoon, de was doen: alles is een beetje mistig, slepend en onzeker. Alsof de rem vol is ingetrapt en je toch vooruit wil komen. Ben ik een beetje duizelig? Ohnee! Of is het omdat ik trek heb? Spierpijn? Ohnee! Of is het omdat ik goed gezwommen heb? Nog steeds zo ongewoon zwaar ongesteld? Ohnee! Of is dit een reset omdat ik juist zo gezond ben als een vis? Ben ik moe boven aan de trap? Ohnee! Of is het omdat ik op en neer gerend ben met handen vol was? Is de rusthartslag iets hoger? Ohnee! Of is het omdat ik me erger aan deze of gene op social media? Op dit punt is zelfs niet-ziek zijn enorm vermoeiend! Ohnee!

21 januari ? Station tot Station met een ommetje dijk – solo ?‍♀️ over het asfalt

Vincents test valt negatief uit! Gewoon griep of keelontsteking anno 2022 bestaat ook nog! Ik ben er blij om. Hoef ik me niet te schamen als ik de trein pak en kan ik ook gewoon gaan lopen. Ik ga wel alleen vandaag. Even kijken waar ik zelf sta. En over het asfalt. Ik reis naar Station Muziekwijk en zal van daaraf over de dijk naar huis lopen. Nadeel: als het niet (meer) lukt, is er geen uitwijk mogelijkheid (geen bus of niks), maar Rob is genoeg opgeknapt om me in noodgevallen op te pikken.

In de trein ijk ik de hartslag van de horloges. Redelijk hoog eerlijk gezegd. Zodra ik uitstap bij Station Muziekwijk begint het koud te regenen. Ik zet alle horloges aan, rugzakje op, muziek van Kensington, de schoenen zitten ook goed, route zit in mijn hoofd – let’s go! De hartslag is binnen 3 minuten al te hoog. Veel te hoog. Het mag maximaal 137 zijn, het is 148. Let it go. Na elke kilometer piept de Garmin 3 keer en moet ik opkijken en dan niet meer. Ik moet het lopen gewoon volhouden – that’s it.

Als ik de Hogering over ben is het alweer droog en ga ik links, en maak ik een ommetje de verkeerde kant op door de zon. Ik laat het maar gaan, erger me zo min mogelijk aan de te hoge hartslag en probeer telkens tevreden te zijn dat ik hier kan lopen op de lange rechte wegen door de polder. Al snel zitten er zomaar 3 kilometer op, ik weet niet waar ze gebleven zijn. Het tempo ligt muurvast op 6:04 per kilometer. Met een hartslag van 147 wat tegenvallend, maar ik kijk naar de windmolens en de modder en probeer me niet te ergeren.

Ik ga maar langs Polderlove en Garden Kunst. En dan langzaam de dijk op. Ik ben een end van huis weg en op de fiets vind ik dit nog altijd een heel stuk, maar lopend zie ik hier veel minder tegenop. Fijn dat ik de weg weet, maar die zone 1 is echt NIKS. En het tempo is ook ruk. Blijft maar boven de 6:00. Als het iets beter was, dan was de hartslag nog te behappen, maar goed. Op de dijk gaat het ietsje beter, ik heb het warm nu de tegenwind echt wegvalt. De handschoenen zijn al een tijdlang uit en hou ik vast. Ik doe de buff ook uit en in de rugtas. Helaas verlies ik daarbij een oordopje van de koptelefoon. Merk ik kilometers verderop.

Ik neem netjes een gel en ik drink ook. Ik stop er niet voor, ik blijf hardlopen. Ik ga gewoon door en door. Na 6 kilometer ga ik toch proberen om de hartslag onder de 140 te houden, maar het lukt allemaal niet. ‘t Tempo gaat wel omlaag, maar de hartslag blijft met 145 nog steeds te hoog. Zeker voor het tempo van 6:25 wat ik intussen loop. Ik loop me dan ook weer vreselijk op te winden, wat niet helpt qua rustige hartslag. Probeer ik naast me neer te leggen. Het volgende punt is het Da Vincipad. Dat is het voordeel van de route kennen.
Na 8km ruil ik Kensington voor ‘mijn’ muziek. Loreena Mc Kennit Radio. BAM. Hartslag daalt. Ineens lukt het me onder de 140 te blijven! Rust, eigen tempo, eigen gevoel en eigen songteksten brengen me dichter bij mezelf. Dichter bij waar ik het voor doe. Reminders. Ik kom in zone 1 en soms net een beetje daar overheen, wat het horloge meteen meldt. Maar ik trek me daar niks van aan. Het tempo neemt ook af, maar dat voelt niet moeilijk meer te verkroppen. Ik loop langs de Noorderplassen en er stopt een fietser naast me om zijn banden te controleren. Hij liever dan ik… Het ziet er koud uit.

Ik kom in een soort van genieten-fase die ik heel, heel lang gemist heb. Niet soepel en vanzelf, maar voor het eerst dit jaar gloort er hoop aan de horizon. Ik maak foto’s, maar sta niet stil. Zelfs niet voor een panoramafoto! Niet stoppen, want dat hoeft nergens voor. Mijn gedachten zijn een stuk minder negatief. Door de muziek denk ik dus. Mooie testuitslag, haha!

Eenzaam is het hier, saai eigenlijk en niks koud. Ik neem weer netjes een gel bij 10km. Ik kan het wel, dat eten! Ik raak in een soort stappentrance en een dromerige fase. Lekker dagdromen, mijmeren en aan leuke dingen denken en stappen op het asfalt zetten. In het bos gaat dat gewoon minder makkelijk allemaal tegelijk. Dit loopt wel lekker de kilometers weg. Ineens is het dan 13 kilometer en ben ik bij het Bloq. Ik dacht even aan een stopmoment, maar ik kan de zandboot in de sluis ook lopend zien en het gaat prima, dus ik ren gewoon door!

Ik schrik van een fietser, zo zit ik in mijn eigen wereldje. Langs het kunstwerk. Ik heb Robs hulp niet nodig en ik denk dat als ik zo doorga, ik de halve marathon mooi ga redden. Niet zo snel als bij de Alternatieve Egmond, maar ook in een andere hartslagzone. Zo gek dat 157 toen ook 6 minuten de kilometer opleverde! Dan door naar zone 2 en dat is dan juist weer even aanzetten! Ik moet er even aan wennen dat de hartslag nu tussen de 140 en 150 moet blijven. Nieuw ritme zoeken en ‘ons’ stuk dijk nog aflopen. De wind trekt wat aan. Ik app en maak nog meer foto’s. Het aquagelletje neem ik ook netjes op 15 kilometer. Je zou er trots van worden!

Ik moet. Echt poepen. Dat is wel lastig. Waar? Even de dijk af? Ik twijfel, wil eigenlijk alles hardlopend doen, maar dit is ook onhandig. Op het 5 kilometer-van-huis punt ga ik zitten net uit de kant in een vuil, modderig moeras. Ik laat mijn boodschap achter en dat helpt. Smerig, maar het is de natuur! Hopelijk gaan nu niet alle krokodillen in de Oostvaardersplassen dood, maar ik vrees voor hun voortbestaan. 🙂 En weer verder! De mooie route is helaas toch afgesloten. Ik heb nu wind mee, ik voel me lichter en ik weet dat ik de afstand en de training kan afmaken wat me nog meer speed geeft in zone 2. De kassen langs en ik ben tot rust gekomen. Dit was het idee! Hier loop ik voor!

Ik doe de sprints ook nog en let niet op het tempo, tel alleen 20 seconden versnelling af. Het dribbelen is ook eens een keer echt dribbelen. Nog 3 kilometer voor een halve marathon. Ik heb een ander schermpje voor staan, waar de totaal-kilometers op staan en de hartslag. Niet meer het schermpje waar de hartslag moet zitten met rood en groen, wat dus maar weinig in de groene zone zit. Dat werkt bij mij niet prettig. Ik kom nu echt richting huis.

Ik hoef niet meer te letten op de hartslag en kan even doen wat nog past. Dan ligt de hartslag weer op 147 ja, maar het tempo is dan ook netjes 5:40. Vind ik heel aardig zo voor het einde. Bij Station Oostvaarders zit de halve marathon er op. Ik vind 2 uur en 11 minuten prima. En met pauze erin net geen 2 uur en 15 minuten.

De gemidddelde hartslag ligt 11 slagen lager dan bij Alternatief Egmond, en het tempo is maar iets lager! Mijn gemiddelde tempo is vandaag 6:12 en was bij Alternatief Egmond 5:59. Dit was een duurloop. Kan ik. Vinkje erbij. Maar niet met Kensington op blijkbaar. Hoe muziek mijn hartslag zo kan beïnvloeden is me een raadsel.

Een mondkapje in de AH is pas echt lastig na een halve marathon, maar ik moet nog brood halen. Eenmaal thuis merk ik aan mijn benen dat ik op asfalt heb gelopen, die zijn vermoeider dan mijn hoofd deze keer. Mijn hoofd heeft ook niet over de route na hoeven te denken. Heel voorzichtig geef ik toe dat dit de eerste leuke looptraining van 2022 was. Ik vermoed dat mijn hormonen een behoorlijke rol hebben gespeeld aan het begin van dit jaar. Die vink ik dan ook graag af!

22 januari Fietsen ?‍♀️ , bellen ? en klimmen ?‍♀️ .

Van het lopen over het asfalt voel ik de pezen (rechter achillespees) iets trekken. Dat heb ik zo lang niet gehad, dat ik ‘t al bijna vergeten was! Niets ernstigs verder. Vandaag ga ik fietsen. Ik twijfel over zwemmen. Het fietsen is wat beter voorbereid: ik ga nog een keer een berg op fietsen en zal me niet aan de hartslagzones (kunnen) houden en ik ga met mijn zusje bellen. Een reden om me niet aan de intervaltraining te houden. Sometimes it is like that. In het begin is mijn wattage nog ver onder de maat en de hartslag te hoog, maar ik laat het heel erg snel los.

Mijn benen gaan rondjes draaien, ik hou de cadans zo hoog mogelijk. met stijgingspercentages van 10% valt dat niet mee! Tot zover over het fietsen: ik klets met gemak een uur tot 5 kwartier weg met mijn zus. Over de kinderen (natuurlijk), de middelbare scholen, de seksuele intimidatie-maatschappij, corona, (schoon)ouders, familie, schoonmaken en over alle beperkingen. Gemiddeld hebben we 10 minuten per onderwerp, maar het is niet zo gelijk verdeeld! Ga maar eens tien minuten kletsen over het schoonmaken (nou kunnen wij dat prima!) Na een hele tijd ploeteren kom ik de eerste keer boven aan de berg. Halverwege de middelbare scholen zeg maar 😉

Bij het naar beneden scheuren, kan ik even een verhaal bij elkaar kletsen (over deze en gene leraar) en dan fiets ik opnieuw naar boven. Ik heb de intervallen overgeslagen, in zoverre dat ik de 3 minuten hoge hartslag makkelijk haalde en de 2 minuten rust helemaal niet. Voor ik boven ben, moet mijn zus stofzuigen. Dat belt lastig verder, dus we leggen op. Rob brengt me nog een kopje thee en Vincent komt vers uit zijn bed om een foto te maken. Hij is alweer aardig op de been. Later vandaag kan hij een stukje fietsen.

Ik ben al bijna voor de tweede keer boven en dan is de route ook klaar. De laatste minuten kan ik me bezig houden met het verbeteren van mijn eerste tijd. Hoewel het allebei geen toptijd is, toch altijd leuk als de tweede keer net iets sneller is!

De route is boven ook klaar. Ik heb nog tijd om naar beneden te racen en iets meer kilometers te maken. Kan ik even van het uitzicht genieten!

`Ik maak er 32 kilometer van in 2 uur. Met 830 hoogtemeters. Op weg naar de 50.000 hoogtemeters in Zwift voor de fiets die licht geeft. Nog ‘maar’ 4 kilometer de hoogte in!

‘s Middags ben ik ongedurig, ik heb eigenlijk nergens zin in en er staat (nog) geen zwemmen op mijn schema. Ik ga niet. Rob ziet zijn kans om samen te gaan wandelen. Even kijken of hij weer is opgeknapt. We halen melk en brood bij de winkel. Het is even lekker om zonder haast een frisse neus te halen. Ik doe nog wel een coretraining van zo’n populaire Amerikaanse dame, maar het is een leuke training. Als ik mezelf er toch eens toe kon zetten dit 5 keer per week te doen! Wie weet…

Verder moet ik een groot aantal beslissingen nemen vind ik zelf en dat maakt me altijd onrustig. Over voeding bij het sporten, over trainingen, over de sportmedische keuring. De was moet gedaan en ik mag Yatzee verliezen van Vincent als hij een half uurtje de Tacx bezet houdt. Enerzijds een hoop drukte, anderzijds is het even rustig en kalm in het weekend. Ik merk dat de trainingen weer beter aanvoelen. Als ik met mijn zus kan kletsen, is 2,5 uur fietsen in de toekomst ook te overbruggen. Als ik mezelf neerleg bij lage hartslagen, zal het met lopen ook ooit wel weer goed komen. (dat is ooit eerder gebeurd) Ik heb het sterke vermoeden dat hormonen een enorme invloed hebben, maar die staan niet in een trainingsschema!

Zondag 23 januari – Piramide loop met verrassende uitkomsten

10:00 uur: Opstaan en eten, een uur voor ik ga hardlopen moet ik klaar zijn
10:28 uur: met Vincent zijn agenda nakijken.
11:02 uur: Op de bank zitten en geen zin om te gaan hardlopen. Ik zie er als een berg tegenop. Mijn rusthartslag is al ietsje hoger. Als het nu weer niet gaat… Dan kap ik er echt mee. Ik heb een route in mijn hoofd. Maar ik moet me echt van de bank af slepen. Zoveel moed heb ik al heel erg lang niet meer hoeven verzamelen. Voor 3 kwartiertjes.

11:40 uur: Ik sta buiten, de hartslagmeter aangesloten, de grijze hardloopschoenen aan. Draal-draai-draal-GPS ontvangst. Zucht – let’s go. Dag katertje!
11:42 uur – Elke 5 minuten een andere zone. Begin maar met zone 1. Het duurt even voor de hartslag niet meer te laag is en dat is een goed teken. Ik hoor al vogels. Ik cirkel om de honden heen. Ondertussen loopt het wel lekker. In zone 1 is 6:30 wel oke. De hartslag vliegt de bocht niet uit naar 150 of hoger. Ik accepteer moeiteloos dat ik moet ‘opwarmen’. De brug over de Hogering gaat al in zone 2 gelukkig. Als ik naar beneden ga is de hartslag zelfs te laag! Als ik kijk op het overzichtsscherm van het horloge is het helder: zo hoort het tempo te zijn, zo voelt het. Ietsje harder zelfs als redelijk is omdat ik naar beneden ga, maar EINDELIJK is het gevoel op 1 lijn met tempo en hartslag. Dat is de eerste keer dit jaar! Veel dagjesmensen in dit kleine stukje bos wat nog open is. Zone 1 weer en ik pas mijn tempo en hartslag moeiteloos aan. Vind het stiekem wel lekker, dat kalme. Langs de kassen mag ik weer een zone verder en dan geniet ik gewoon van het tempo wat me lukt bij een hartslag van 144: keurig 5:40. Volledig wat ik al die tijd wel dacht te moeten halen, maar wat niet wilde lukken. Dezelfde hartslagmeters, daar ligt het zeker niet aan.
12:02 uur- Als ik overgestoken ben en langs de Rozenkweker loop, mag het ‘gas’ open en zit ik 5 minuten lang in de hoogste zone van vandaag. Het is natuurlijk niet vanzelf, ik krijg het warm en moet werken, maar dat betaalt zich ook uit! Ik ga hard. 1 Korte blik op het horloge is te grappig: waar ik een 5 verwachtte, staat een vier. Ik moet bekennen dat ik zo blij werd dat de tranen over mijn wangen liepen. Gelukkig is daar lekker niemand! Ik liep binnen 5 minuten een kilometer vol. 4:57. Dan even kalmeren op alle gebieden in een lagere zone. Even achter me kijken en een paar dingen achter me laten ook.

Het voelt als gelijk krijgen: dit moet het zijn, zo sterk ben ik. De afgelopen weken was er iets mis. Dat moet wel zo geweest zijn. Maar wat?! Was ik toch ziek en heb ik mijn collega en gezin aangestoken, maar zelf niks gemerkt? Iets mis in de voeding? Teveel rust? Stress? Hormonen? Maar ik liep wel, ik deed de trainingen allemaal braaf en ik liep zelfs een halve marathon. Het gevoel was er niet. Het gevoel dat het klopte ontbrak.

Ik mag dadelijk nog een keer kijken of de hoge hartslagzone een toevalstreffer was en deze keer moet ik de brug over. Dat red ik net binnen de hartslagzone en op het einde net niet, maar ik ga ook vaak over zone 1 of zone 2 heen, dus nu ga ik even over zone 4 heen. Wedstrijdhartslag. Ik tel. Was ik vergeten, dat ik dat deed. 5 Minuten is 300 tellen.
12:15 uur – Brug af kan ik helemaal los! Leuk. Vermoeiend, maar fijn. Zwaar, maar opgelucht. Werken, maar met energie. Loop ik een kilometer in 4:41! Er valt heel veel van me af. Ik glimlach naar de mevrouw met de hond en hoop dat ze maar denkt dat er zweetdruppels over mijn wangen lopen. ? Een zone terug doe ik ook weer zo netjes mogelijk en ik voel aan alles dat ik nu pas weer de mogelijkheid heb om het tempo aan te passen.

Ik zie meer: de vader met zijn dochtertje op de fiets, de grote honden, de zwanen, het meisje met de bril. Was dat er al die tijd; andere mensen, vogelgeluiden? Vast en zeker, maar ik heb het niet gemerkt. Ik loop rustig naar huis en kom zelfs terug in zone 1! Ook het uitlopen doe ik lekker in een lage zone. Genoeg inspanning gehad. Zonder mokken, zonder dat ik het gevoel heb een steen te moeten slepen voelt een tempo van 6:15 nu weer passend bij de hartslag onder de 138.
12:31 uur – Ik ben weer thuis en voel geen negatieve energie van een rondje hardlopen meer. Ik hoef niet op te geven gelukkig, maar ik hoop wel met de data te kunnen achterhalen of er aanwijzingen zijn die mijn gevoel bevestigen, zodat ik en de trainer eerder kunnen reageren. Nou ja, dan kan de trainer reageren, want ik ‘voel’ alleen maar iets wat ik niet kan vatten en niet kan overbrengen. Dus dan trek ik me helemaal terug.
Mijn hard en mijn hart kloppen weer.

Categories: Geen categorie | Leave a comment

2022-2

maandag 10 januari – De fiets weer op! ?

Tja, de fiets binnen hadden we dan ook al 2 dagen niet meer gedaan. ? En gisteren heb ik ook niet veel gedaan, dus dit zal vast onwijs belangrijk zijn. Maar de zin ontbreekt alvast. Vooral omdat er morgen ook gefietst moet worden. Eigenlijk heb ik weinig last van de halve marathon. Ik begin toch echt te denken dat de hartslagmeter geen gelijk heeft gehad. `Maar goed, laten we eens zien wat de benen vinden van anderhalf uur (!) fietsen. Ik kan gelukkig naar de Makuri Islands. En -nog gelukkiger- Vincent wil wel mee Yathzee spelen. Dat gaat helpen!

Aangezien het fietsen supersaai is, beschrijf ik het Yathzee wel. Het eerste potje was een ramp ? . De dobbelstenen deden totaal niet wat ze moesten doen. Voor mij tenminste. Vincent waren ze wel goed gezind! Ik fietste over de daken en moest me soms even concentreren op het trappen met de cadans hoog en de hartslag laag. Toch nog een beetje moeie beentjes- heel klein beetje, want na een half uur vinden ze het allemaal prima te doen. Vincent ging even iets anders doen, terwijl ik verdwaalde in Neokyo, waar ik uit wilde.

Bij de intervallen kwam Vincent terug voor een volgend potje. Vincent hielp me de stad uit. En deze keer won ik glorieus! ? Het was doorbijten qua intervallen. De cadans in de rust torenhoog houden. Rond de 90. Ik deed het rondje Flatland. Toen mijn benen gewend waren, ging het wel goed met die cadans.

Het derde potje Yathzee was zowel voor Vincent als voor mij tien keer niks. We hadden er extra veel plezier om. Er was zelfs nog tijd voor een vierde potje dobbelstenen werpen. Daarna was het een beetje bedtijd voor de puber en ik appte en fietste de tijd vol, de ronde af (ik werd tweede van de drie dames) en ik heb me weer netjes aan het schema gehouden.

11 januari – Zwemmen buiten en fietsen binnen ?‍♀️ ? ?‍♀️ ?

Ik ben op het kantoor tot ik rond half 4 alleen naar Amsterdam rij om te gaan zwemmen. Ik ga in badpak, ik ga bijleggen. Weer ‘s een serie of wat lang. Ik ben lekker op tijd en om 5 voor 4 spring ik het koude water in. Om 4 uur ben ik gewend aan de kou. Ik zwem vanaf het begin met aandacht voor het adempunt. Eerst inzwemmen in een vrijwel lege baan! Die is vast meegenomen.

Voor de kenners: dit zwom ik als warming-up: 150 bc – 25school-25bc-25rug-25bc-50benen!- 100bc -100 bca. Het tempo is er wat uit, maar dat komt vast weer ooit goed. Dan 6 keer 200m waarvan 150 bijleggen en 50 ‘gewoon’ bc. Na de tweede keer werd het al saai! Het gaat ook redelijk goed, al moet ik dan 1 op 2 ademhalen. Het werd druk in de baan. Vanaf de derde keer werd na 100m al bijna-bijleggen. Keurig blijven tellen hoeveel van de 6 keer ik al heb gedaan en blijven bijleggen.

Het is lastig voor me om te blijven denken dat het met het tempo wel ooit goed zal komen, dat ik eerst moet oefenen en trainen. In de vijfde keer ging ik onder water uitademen en bubbels maken. Dan hoeft mijn hoofd nog amper het water uit! De laatste keer daar ook mee geoefend. Uitademen onder water, inademen op het stabiele punt, kortbij doorhalen. Daarna 200m met achtje. En dat kwam qua tempo in de buurt. 100m school om af te sluiten. Het was koud, maar niet te erg. Leuk dat het licht niet aan hoefde te gaan! Ik had wel lekker gezwommen! Maar omkleden blijft kleumen.

Eenmaal thuis is het lang wachten tot de Picnic komt met ons avondeten. En ik eet weer ‘keurig’, dus ik heb vandaag de taart van de collega en de patatjes voor de lunch al afgeslagen! Sterk zijn zit ‘m niet altijd in snel zwemmen of fietsen om het hardst. En dan komt het slechte nieuws in de vorm van het cijfer voor Engels van Vincent. Mijn gevolgtrekking is razendsnel: als ik ook nog een puber moet begeleiden, heb ik te weinig tijd om te trainen voor de hele triatlon. ? Ineens zitten we allemaal in een lastige positie: Vincent staat op blijven-zitten, Rob en ik moeten tijd zoeken om hem te begeleiden. En ik moet op de late avond nog een uur gaan fietsen. Met vreselijke intervallen. En nul komma nul zin. ? Meer twijfel dan zin. Het is maar een uurtje. Van het ene tempo in het andere. Ik zorg dat de hartslagmeter ook werkt!

Ik let nauwelijks op het fietsen. Wel kies ik een vlak stuk en ik ga zo netjes mogelijk de intervallen door. Ik twijfel en ik wik en ik weeg. Als ik bijlessen moet geven, hoeveel tijd hou ik over. Woordjes leren op de Tacx. Motiveren en organiseren kost ook tijd. Wie zei ooit dat grote kinderen makkelijk zijn? Omdat je geen oppas nodig hebt zeker?! Zouden er ook drommen vaders zijn die zich dat afvragen eigenlijk?


Na zo’n drie kwartier, ergens in de vulkaan, tijdens interval X, bedenk ik dat ik gewoon de Ironman moet doen met alle trainingsuren die daarbij horen. Ik geef als moeder het voorbeeld dat je je ergens voor moet inzetten en je doelen hoog kunt leggen en dat je dan ook kunt bereiken wat je wil. Niemand garandeert me dat hij overgaat als ik een uurtje langer woordjes overhoor! Na een uur spring ik zo snel mogelijk van de fiets. Het is laat, ik ga weer met nat gedoucht haar naar bed, ik ben nog wat mopperig. Maar mijn puber pakt het op: hij zal morgen voor zichzelf wel eens even organiseren dat zijn situatie optimaal is om cijfers op te halen. Misschien heb ik hem toch iets geleerd…

Woensdag 12 januari. Eindelijk weer hardlopen! op ?

Ik hou eerder op met werken. ‘al’ om vier uur. Zodat ik in het licht nog kan hardlopen. Illusie. Het is somber, donker, saai, grijs en grauw. Zoals ik me ook voel. Ik doe dezelfde spullen aan als afgelopen zondag. Maar dan zonder de rugzak en ik wacht tot ik zeker weet dat de hartslagmeter aangesloten is op het horloge. Mijn rusthartslag is wat hoog en mijn stress ook, dus ik verwacht maar weinig van deze loop in zone 1 en 2. Als ik 10 km per uur loop in zone 3 zoals afgelopen zondag, wordt dit heel lekker rustig. ? Geen muziek mee. Niet onverhard. Het is niet koud. De straat uit gaat redelijk goed: ik loop weer tien kilometer per uur, maar dan wel in zone 1. En dat blijf ik doen. Ik begrijp er helemaal niks van! Dit voelt als zone 1, is volgens de meting zone 1 en het is niet anders dan zondag. Alleen saaier. Grijs. Geen strand. Ik blijf zelfs de brug op behoorlijk binnen de zone!

De route is wat gek en buiten de gewone rondjes, dus ik weet niet precies hoe lang het gaat zijn. Grijs gebied. Ik ga (geïnspireerd door Yvonne van Vlerken haar verhaal) stappen tellen. Dat is echter onverenigbaar met zone 1. Gek genoeg ga ik dan uit de band. Moeten we nog iets op verzinnen, maar het tellen is een leuk idee. Ik tel 1 voet. Helpt ook nog niet. Dan door naar zone 2. Ik loop tussen de kassen door. Nu heeft de hartslag weer moeite om in zone 2 te blijven! Te laag ? Ik heb het warm zelfs. Bij een hartslag van 140 loop ik stelselmatig 5:40. Waarom o waarom liep ik zondag bij een hartslag van 157 zo traag dan? Ook op het asfalt! ? Ik maak rare ommetjes. Uiteindelijk moet ik ook nog 3 sprintjes doen van 20 seconden. Ondanks de sombere omstandigheden geniet ik daar onwijs van. Ik dribbel er een minuut tussendoor. Uiteindelijk loop ik dik 8 kilometer even hard als ik de halve marathon liep. Had ik daar een gemiddelde hartslag van 155, nu is de gemiddelde hartslag 139. Dat verschil is te groot. Iets klopt er niet. Met mijn hart en mijn hard.

13 januari. Rustdag! ? Wel een stuk gewandeld langs lichtkunstwerken op het water met Rob. Samen met het beoordelingsgesprek en het doelstellingengesprek op het werk meer dan genoeg stress voor één dag!

14 januari – Voor de zesde keer ongeveer terug naar de 6 landgoederen route. ?‍♀️ ?‍♀️

Omdat Joyce en ik activiteiten in de ochtend hadden, gingen we eens een keer ‘s middags lopen. We doen mee aan de Triple Trail Marathon Uitdaging van Just Run en (hoogstwaarschijnlijk) mogen de marathon trails in delen. We gaan vandaag een deel doen wat we al (een paar keer) vaker hebben gedaan van de routes vanaf Heidezicht. Thuis ga ik al een paar keer extra naar het toilet. Ik wandel alvast ‘in’ met Rob voor de lunch. Daarna pik ik Joyce op en we rijden naar Heidezicht. Het kost me veel moeite mijn horloge in te stellen. Ik heb 1 uur en 55 de tijd. 18 Kilometer moet lukken denk ik. Misrekening. Dit is puur trail. Ik loop makkelijk, maar de hartslag blijft niet binnen zone 1. Ik blijf kletsen. Genoeg frustratie én leuke dingen te delen!

Eigenlijk blijven we de eerste 5 kilometer lopen, op een redelijk tempo. Boven op de heuvel nemen we een gelletje. Alles is een beetje saai en grijs en allemaal al een beetje bekend. Het Capitooltje, de brugjes, de landgoederen.

Toch liepen we door een prachtig mooi bos wat ik nog nooit eerder had opgemerkt! Met rechte bomen.

Toen begonnen mijn darmen te rommelen. Lastig. Ik heb ergens in het bos een plekje gezocht, maar vanaf dat moment (ergens rond de 8 kilometer al) liep het niet meer zo lekker. Ik kon nog prima blijven kletsen en blijven lopen, maar diaree kost kracht en mijn benen leverden die ongenood in. Na wat ik een hele tijd vond lijken, kwamen we bij de rododendrons. Mijn lievelingsstukje!

We maakten nog een stapje voor wat eten, maar ik had geen zin om nog een keer het bos in te moeten duiken, dus ik nam een halve reep. Daarna liepen we “het hoekje ‘om'” langs het prieeltje en met de kunstmatige heuveltjes. We zaten ‘pas’ op 12 kilometer en ik was het een beetje zat eigelijk! Dat gebeurt me niet zo vaak. Ik wist niet of ik het binnen de tijd zou halen en het werd al schemerig en daarmee koelde het af. We liepen nog door het veld heen en voor het Spanderswoud waren mijn hoofd EN mijn benen er klaar mee. Meestal zegt Joyce dan: Ank, effe, maar vandaag was het mijn beurt: ik wil wandelen en het kan me niet schelen ook! Kon Joyce lekker vertellen en kletsen en hoefde ik alleen maar te luisteren en mijn billen bij elkaar te knijpen.

Normaliter zou ik er echt geen probleem mee hebben om via de vlonders te lopen, maar ik had het koud en was onverschillig en gedemotiveerd. Ergens wilde ik het binnen de tijd wel proberen, maar ik wilde ook snel weer terug zijn. Mijn benen waren klaar: die vonden over de natuurbrug lopen niet prettig en ze bleven maar zaniken om ‘wandelen’. Mijn hoofd was niet sterk genoeg. De hartslag was nu te laag. Eenmaal op de hei begon de tijd toch te tikken en stiekem wilde ik het wel halen, maar dan moet het wel kunnen. Dat laatste ontbrak. Ik ben zelfs een beetje misselijk aan het worden. Nog ongemakkelijker.

Koud? Te veel rust gehad? Is het elastiekje niet meer gespannen genoeg? Motivatiedipje? Ik zou het niet weten! Ondertussen loop ik de hei over en komen we nog een paar koeien tegen.

Ik voel me ongeveer net zo sloom, lomp en langzaam. Maar ik wil de ronde afmaken en wel binnen 2 uur en 17,5 minuten ook! Het lukt me net. Over dik 18 kilometer. Het is wel eens gemakkelijker gegaan! Dit rondje ligt me niet zo: ik weet dat de hitte me ooit eerder dwarszat en dat ik dit ook een keer in de herfst heb gelopen toen Joyce viel. We zijn ook een keer verdwaald. Ik laat dit stukje voor wat het is, maar een zesde deel van de Triple Trail Marathon zit er op met de Zes Landgoederen Route. Thuis loop ik nog even leeg, maar zonder loopstress stabiliseren mijn benen en darmen zich. (de datum op de Sky geeft ook te denken, merk ik later op) Ik ben wel ongewoon vermoeid van dit loopje, zeker gezien de hartslag en het tempo.

15 januari De Surrey Hills in Londen, een boek en een break ?‍♀️

En daar gaan we weer… Zoals altijd start ik net iets te laat omdat het me moeite kost om mezelf de indoor fiets op te hijsen. Boek pakken, bidon vullen, proberen of de Tacx lukt en dan toch weer terug naar Zwift… De moed zit al diep in de fietsschoenen. Twee uur rondjes draaien – helpt het nou echt. Ik denk bij mezelf dat ik geen zin heb in bergen, om vervolgens de “Surrey Hills”route in Londen te selecteren die ik nog open heb staan. Ik vergeet even dat hoogtemeters, een hartslagtraining en letten op de cadans een onmogelijke combinatie zijn. Vandaag zeker. Met lood in de fietsschoenen.

Mijn boek is spannend. Ik had in bed of op de bank moeten lezen! Alle aandacht gaat naar het boek. In de laatste 45 minuten lezen gaan er nog een man of 5 dood. Ik let totaal niet op de hartslag (te hoog) en ik merk ook niet dat Vincent een foto maakt! Dan is het boek uit. En leeg ook nog eens. ? En de fietstraining is nog lang niet ten einde. Het regent in de heuvels. Ik ga maar traag omhoog eigenlijk.

Heul traag en sloom en saai. Eigenlijk ben ik totaal ongemotiveerd. Mega. Ik erger me aan het trage tempo de Hills op. En aan de intervallen, waar ik totaal geen zin in heb ik me absoluut niet toe geroepen voel. Ik zoek alles op waar ik maar een seconde over denk en ik erger me aan al die andere mensen die over de sociale kanalen roepen hoe geweldig ze bezig zijn. Ik ben niet zo lekker bezig vandaag. Of gisteren. Even naar beneden fietsen is te snel voorbij.

Daarna hark ik weer naar boven. Probeer ondertussen thuis de boel een beetje draaiend te houden met de droger en een puber die naar zijn vrienden gaat voor huiswerk. Ik speel Candy Crush. Weer een Hill over. Weer de traagste fietser hiero. Ook de enige zowat. De muziek wil niet afspelen. Ik verveel en erger me rot.

En toch… Ik stap niet af. Ik heb een nulpunt zin en een hoogtepunt irritatie bereikt, maar ik stap niet af. Ik kap er niet mee. Hoe gefrustreerd ik ook ben. Hoezeer ik me ook erger aan de fietsuren. Ik kort de training zelfs niet in tot het minimale! Blijkbaar zit er ergens heel ver weg achter de sacherijn een klein blokje ambitie verstopt die deze vreselijke route met 1000 hoogtemeters af wil maken. Hoe sloom ook. Ik haal dat niet binnen 2 uur. Die er staat voor de fietstraining. Het zijn ‘maar’ 43 kilometer en ik zit pas op 38km na 2 uur en 9 minuten. Dan ga ik eerst lunchen. Even een break!

Ik sta virtueel te chillen, terwijl ik boterhammen met strawberries eet en afkoel. Na de lunch ga ik weer verder voor de laatste 6 kilometer met 200 hoogtemeters erin. Waarom?? Dat hele kleine blokje ambitie: ik ben nu bijna klaar met deze route, voor ik weer op dit punt ben, moet ik eerst nog een keer 800 hoogtemeters ergernis aan. Nu ben ik er al mee bezig. Het is eerst ijskoud, daarna gaat het weer omhoog en dan valt het wel mee. Alleen Fox Hill nog maar. ?

Ineens gloort er een doel: ik wil sneller boven zijn dan 2 uur geleden toen ik tegelijkertijd aan het lezen was. Ik zie de tijd staan en -warempel- ik doe mijn best. Geen stomme training meer met hartslaggedoe, gewoon de route af fietsen met een opnieuw opgestarte Garmin. En als ik boven ben is de route ook klaar, dat telt lekker af!

Veel sneller! En warmpel, ik ben ook nog eens even de snelste dame van het parcours waar ik een klimmersshirtje voor krijg. Ik race nog naar beneden voor een paar kilometer extra. Ik eindig op 47,5 kilometer en ik heb 2 uur en 37 minuten gefietst. Niet bijster snel, maar… daar zitten 1000 hoogtemeters in! En dat is echt veel. Zo in de polder. Op een kille, sombere, grijze zaterdagochtend. Waarop niks leuk is.

Iemand een potje motivatie in de aanbieding? Ik bied!

16 januari – Wandelen met z’n drietjes en hardlopen solo

We gaan met z’n drieën spullen verzamelen voor de toekomstige fiets van Vincent. We rijden naar Nieuwegein (met de auto) en door naar Lunteren. Als “DIe2” doosjes binnen zijn, gaan we een stukje wandelen. Lekker naar de Veluwe bij Lunteren. Ik ben wat mopperig. Niet vervelend, maar mokkig. Er is niet veel goed. Teveel hoogteverschil, te grijs, te koud, te veel bos, te veel wind buiten het bos, te veel mensen, te weinig bankjes, geen lunch. Maar het is zo heerlijk om buiten te zijn, geen haast te hebben, niet moe te worden en in een mooie omgeving ergens rond het middelpunt van Nederland te lopen! Gezellig met een puber-met-taak en met Rob.

Over de heuvels waar ik ooit een trailrun deed toen ik nog maar weinig van trailen snapte. Op het einde krijg ik wel last van krampen in mijn buik. Om mij te verrassen; de iets hogere hartslag, de trainers-sacherijn en de prikkelbaarheid te verklaren is mijn lijf deze maand eens aanzienlijk veel te vroeg! ? Zucht. Het is niet snel goed. Dat verklaart mijn sacherijn tenminste weer.

Aan het einde van de middag rijden we naar de familie BB in Nobelhorst. Ik heb de hardloopspullen al aan om naar huis te lopen. Eerst even een warming up met een ballon en 2 kleine meisjes! Ik moet 3 kwartier lopen en elke 5 minuten een andere hartslagzone. Eigenlijk had ik in het licht willen lopen, maar het is al vroeg donker en eigenlijk de hele dag somber. Ik weet niet precies hoe ver het is naar huis, maar ik hoop dat ik de 7 kilometer red. Ik hoop ook dat ik 3 kwartier haal omdat de lunch overgeslagen is, mijn lichaam een beetje raar reageert en ik vrijdag zo slecht liep. Dan ga ik maar!

Ik loop 5 minuten warm en dat gaat wel lekker. Want ik let maar niet op het tempo. Ik let nergens op. Gewoon een beetje dom hobbelen. Dan een hogere hartslagzone. Ietsje harder, maar het houdt niet over. Ik laat stappen tellen, letten op tempo, me blind staren op de hartslag en genieten achterwege. Ik loop alleen maar een beetje, zo’n beetje te doen wat ik moet doen. Het is droog. De kou valt mee.

Langs de manege waarvan we ons afvroegen hoe ver het is. Dan weer een andere zone: ik ben het kwijt, maar ik hou me zoveel mogelijk aan de zones. Ik probeer het verschil tussen ANT en aerobic te onthouden, maar het is hopeloos. Mijn hoofd loopt nauwelijks mee. Op de Trekweg mag ik lekker even los in een hoge hartslag. Op het asfalt gaat dat heerlijk. Eindelijk even genieten. 5 Hele minuten.

De brug over en het is eigenlijk al behoorlijk donker. Het is stom dat ik geen idee heb hoe ver het allemaal is en hoe ver alles uit elkaar ligt. Daar kan ik me gewoon geen enkele voorstelling bij maken. Zal ik over het wandelpad? Daar lopen vaak zoveel honden… Maar vandaag is het leeg. Ik ga nog wat van de ene hartslagzone in de andere. Dat lukt me allemaal wel, maar het gevoel voor tempo en afstand ben ik kwijt. Uiteindelijk kom ik na dik 7 kilometer langs huis.

Ik heb nog wat minuten over en ik loop de 3 kwartier vol. Het laatste stukje zet ik nog aan tot een enorme sprint en dat gaat zonder enige moeite. met een brede grijns. Dat is leuk! De training was verder net als de dag: saai, somber, grijs, beetje donker, suf. Enerzijds zwaar vanwege het geflipper van hartslagzones waardoor ik er niet 1 keer in kom, anderszijds te licht omdat ik me -op 5 minuten na, niet echt hoefde in te spannen. Ik loop gemiddeld 6:01 over ongeveer 7,5 kilometer. Bij een hartslag van 144. Zo anders als vorige week! Toen lag de hartslag meer dan tien slagen hoger! Het voelde vandaag hetzelfde. Toen ik 5:12 (!) liep, zat de hartslag net zo hoog als vorige week op het asfalt. Vorige week liep ik toen nog steeds 6:00. Dat geeft dus echt te denken. Andere hartslagmeter?

Ik heb deze week weer keurig allemaal groene trainingen afgeleverd. Heel netjes. ? Als ik kijk naar de grafiekjes en de data voel ik me de afgelopen week iets anders: het voelt als een zesje. Net een voldoende. Ik doe wat er staat, maar het verbetert niet en ik beleef er weinig lol aan. Dat kan zomaar van een kleine voldoende naar een onvoldoende terugvallen als ik denk aan weer fiets-ellende en als ik me afvraag of ik echt beter word. Hoe het terug moet naar de zeven van -zeg- een maand geleden, weet ik zelf even niet.’t Zal wel goed komen. Als de zon zich weer laat zien en de bomen weer groen worden. Of als het echt koud is en sneeuwt. Als mijn lijf weer een beetje normaal reageert. Als ik weer een beetje zin heb.

Categories: Geen categorie | Leave a comment

2022-01

1 januari 2022 ? ? oliebollen ? ?

En een beetje aangeschoten begon het jaar met een stukje wandelen om het park heen, samen met Vincent. Om vuurwerk te kijken. Ik zag het bijna dubbel. En ik was blij, ik kijk uit naar een nieuw jaar. De rest van de dag hoefde ik niets meer te doen, behalve veel zitten (in de auto en bij de visite), want ik had de goede start badge binnen!

2 januari. k?training op de fiets ?‍♀️, koppeltraining??‍♀️

Ik ben te laat met het verkeerde been uit bed gestapt de weegschaal op. Kortom: de dag had beter om 11 uur voorbij kunnen zijn. Maar ik had een uurtje fietsen staan. In het kader van de actieve rustweek die nog niet om is. Een uurtje: eitje. Mar wat een ongelooflijke k?ttraining zeg. 6 minuten infietsen en toen was ik de zone al uit. Hartslag veel te hoog. Daarna moest ik 4 minuten in een nog lagere zone fietsen en het was heuvelig in Watopia. Kansloos. Dan een minuut op infietshartslag. Ook kansloos. Met een ietsiepietsie inspanning is de zone (ver) uit beeld en de hartslag te hoog. Je zou denken dat ik totaal ongezond ben. Tot slot 1 minuut op hartslag tot 130 en ook dat was het niet. En dat moest dan 8 f?cking keer! Niks, maar dan ook niks leuk aan. En de cadans hoog houden? Ik weet niet hoe hoor. Heus, ik probeerde het de tweede en derde keer. Maar toen was ik al zo sacherijnig dat ik de trainer en de hele training onwijs vervloekte. Hoezo is dit ‘hersteltraining’, wáárvan dan?! Van een rustdag! Kom op zeg!

Dan hoor ik maar (weer) niet bij het eliteteam voor wie dit allemaal easy de peasy is; l die mensen die een hoge cadans, een lage hartslag, een hoog tempo en hoogtemeters moeiteloos combineren. Anke hoort er niet bij en van de trainer hoor ik toch niks. Ik ga de communicatie ook niet openen nu. Stik er maar in. Ik krijg helemaal het zuur als ik denk aan 3 dagen achter elkaar fietsen. Motivatie is weg. Heul ver weg.

Ik beloof mezelf dat ik mag hardlopen als ik 1 serie helemaal goed doe. Ik verlaat de route en ga vlak rijden. In de zevende serie probeer ik of het uberhaupt mogelijk is. Op de vlakke prairie moet het kunnen. Met veel geduld. De achtste keer kijk ik alleen maar naar het horloge en de hartslagzone en blijf ik keurig binnen de zone (op een 75+cadans). Jippie! Ik mag me er niet bij bewegen.

Dan nog uitfietsen. Ik maak uiteindelijk 26 kilometer vol, dus het tempo valt redelijk mee. De cadans ook. Maar ik vond er geen klap aan. Echt niet. Helemaal niet leuk. Dus ik ga NU hardlopen. In fietsbroek. Stik erin.

En in korte mouwen. Het is immers 12 graden. Dat is misschien de temperatuur, maar de wind maakt het absoluut niet geschikt voor korte broek en korte mouwen. Mijn mood is toch al freezing, dus dit kan er ook nog wel bij. Zal ik de hartslag laag houden? Onder de 140? Ik heb geen zin om op te letten. Om mezelf wat vrijheid te geven om te stoppen wanneer ik wil (rustweek-actieve rust-sacherijn) ga ik om de wijk heen. Het gaat op een redelijk tempo.

Als ik niet hoef te stoppen voor honden. Of wandelaars. Dan krijg ik het koud mensen. Rot op allemaal. Kortom: de mood gaat er niet op vooruit. Ook niet in de tweede kilometer. Ook niet als ik wat harder loop. Ook niet als ik de hartslag laat voor wat ie is. Ook niet als ik een schattig klein ventje zie. Ik ben gewoon even niet zo blij.

En dan moet ik ook nog eens naar de WC. Dus ik ga de 5 kilometer niet volmaken. Ik loop door naar huis. Ik had anders makkelijk 5 kilometer binnen een half uur gelopen. Makkelijk. Daar word ik dan even wel blij van. Even. Het blijft bij 4 kilometer. Het Lego-bouwen gaat me beter af. En dan ga ik samen met Rob nog een stuk wandelen. Dat lukt ook beter en daar word ik dan weer wel blij van. Laten we hopen dat dit geen voorbode is voor de rest van het jaar, maar dat ik nu de stomste trainingen van het jaar achter de rug heb. Dan wordt het nog wel wat.

3 januari. Weer fietsen. ?‍♀️

Aan het begin van de nacht werd ik helemaal draaierig en niet lekker wakker. Ik moest spugen en ik voelde me flink beroerd. Maar niet ziek genoeg om niet thuis aan het werk te gaan, dus ook niet ziek genoeg om ‘s avonds weer binnen te gaan fietsen. Wel wisselde ik de training van morgen met de training van vandaag, zodat ik niet ook nog eens anderhalf uur hoefde te gaan trappen. Ik had totaal geen animo, ik moest me echt naar de fiets slepen.

Maar een vlak stuk gepakt. Toen bleken mijn benen er vandaag wel zin in te hebben! Ik hoefde dan ook niet op een idioot lage hartslag. Muziekje erbij, dat werkt ook.

En toen in 2-2-1 minuut rust-hard-hardst en dat 3 keer; verrassend leuk. Het duurde even voor ik het systeem doorhad (en toen was het alweer bijna voorbij). Ik kon me eventjes lekker uitleven en het was niet te lang.

Tot slot tien minuten behoorlijk normaal, al was dat dezelfde lage hartslag als gisteren. Maar nu was het goed te doen. Je snapt het toch niet. En lekker 30 kilometer in een uur gefietst bij een cadans van 79. Mooi zo. Geen last meer van mijn maag, maar dat kan ook komen omdat ik nu weer wat gezonder eet.

4 januari. En weer…. fietsen…. ?‍♀️ Maar nu de ? over.

Om de wedstrijdstress (en soms ook de trainingsspanning of prestatiedruk) te leren handelen had ik vandaag paarden-coaching! Klinkt wat apart en tja, dat was het ook! Omdat je tegen een paard (of in mijn geval een pony) niet in Nederlandse volzinnen hoeft uit te leggen wat je precies bedoelt, ligt het coachen meer op een gevoelsniveau dan op een praatsessie. Natuurlijk moet je de paardencoach wel uitleggen wat je denkt, maar die kan ook veel aflezen aan het paard. Het rondje lopen met een paard was voor mij een eye-opener en een goede les hoe ik met dingen omga en zaken benader.

Maar dat is geen sport, dus ik stapte in de avond maar weer op de Tacx. Deze keer had ik anderhalf uur, waarvan het half uur in het midden intervallen. Kon ik mooi de nieuwe route afmaken, met in gedachten dat ik van de snelheid niets mocht verwachten omdat er 600+ hoogtemeters in zitten.

Qua hartslag ging het redelijk, qua cadans behoorlijk, qua intervallen matig, qua motivatie mwah. De intervallen hou ik dan bij op het horloge, want de connecties zijn net zo suf ik als ik de laatste dagen ben.

Bergop blijft trekken. Ik appte met Joyce, luisterde muziek en telde af. Drie dagen achter elkaar fietsen is wat teveel van het goede/slechte.

Maar ik was trots dat ik de berg over kwam. Dat ik tweede was bij de vrouwen. Al is dat niet heel knap, aangezien er drie dames boven waren gekomen via die kant van de berg. Maar he: ik had een hartslagbeperking! Ik scheurde ook nog naar beneden. Dus ondanks dat de motivatie dan “mhwah” is, blijf ik toch zitten tot 38 kilometer en 726 hoogtemeters vol zijn.

5 januari. Een rustdag en de aankondiging.?

Een rustdag. Ook goed. Moet ik daar veel woorden aan vuil maken? Ik ga lekker wandelen in de lunchpauze met Rob samen. Ik werk hard. Mijn ouders komen Vincent thuisbrengen en ze blijven eten. En… ik heb nog 5 maanden. Over 5 maanden sta ik in Hamburg bij de Ironman. Een deel van mijn opdracht is om deze wedstrijd van tevoren aan te kondigen. Dus niet meer aan een handjevol mensen een maandje van tevoren vertellen dat ik een hele triatlon ga doen, maar tijdig op social media plaatsen. Deze dag leek mij wel een mooi moment!

Natuurlijk ben ik zelf aan maanden bezig en ik heb ook al aan een heleboel mensen vertelt wat ik van plan ben, maar ‘open en bloot’ op Facebook is voor mij echt op een podium gaan staan, waar ik me niet thuis voel. Ik redigeer zorgvuldig de tekst. Elke woord en elke bijvoeglijk naamwoord weeg ik. Ik ben voornamelijk blij dat ik niet alles alleen hoeft te doen. En wat voor mij inmiddels gemeengoed is (ik ga die Ironman gewoon doen), moet ik toch wennen aan het idee dat dit niet voor iedereen is weggelegd. De reacties zijn na een uur eigenlijk al overweldigend. Het past me niet zo goed. Ik hou niet van het podium en het applaus, ik kruip dadelijk weer de coulissen in en dan oefen en train ik graag verder!

Ik ben te bescheiden voor dit soort dingen. Ik hoeft geen inspiratie te zijn, geen voorbeeld, niemand hoeft te denken dat ik dit ‘gemakkelijk’ maar even doe, dat ik een kei ben of een powervrouw. Ik wil geen topper zijn of een kanjer. De ene reactie raakt me meer dan de andere. Maar ik zal elke stap zelf moeten (willen) zetten, elke meter zelf moeten trappen en al het water zelf moeten doorploegen!

6 januari Eindelijk weer ?‍♀️

Het is een drukke onrustige dag op het werk. Het één na het ander komt voorbij. Ik wil graag stoppen om 4 uur, zodat ik in het licht kan lopen. Ik stop pas om kwart over 4. En dan moet ik nog wachten tot Vincent klaar is. Als we vertrekken gaat de zon bijna onder. Dat vind ik niet leuk. Net als een paar andere dingen vandaag, die helemaal verkeerd gevallen zijn bij mij. Zone 1 is dan even lastig. Vermoeid, mopperig en met Vincent ernaast.

Gelukkig weet Vincent me wel op te vrolijken en we ruilen zo nu en dan van beoogde hartslagzone. Het gaat bij mij niet vanzelf. Dat is raar, want ik heb dagen rust gehad, mijn hele vorm is meer in de plus dan in tijden is geweest en ik heb het niet koud. Dus waarom gaat het niet gewoon vanzelf?!

We gaan langs de Oostvaardersplassen en ik mag een hartslagzone opschuiven.

Uiteindelijk is het allemaal best wel mooi en we hebben onderweg alle ruimte om te kletsen. Dat is dan wel weer lekker. Als we de plassen voorbij zijn, is het eigenlijk pas echt helemaal donker. Vincent moet sprints doen van een minuut met een minuut pauze. Ik hoeft pas de laatste paar minuten te sprinten. We volgen dezelfde route. Bij mij gaan de 20 seconden sprinten heel erg lekker. Maar ik ben ook blij dat het lopen er weer op zit. Vincent en ik hebben gemiddeld precies even hard gelopen!

7 januari 2022 – Lopen en zwemmen ?‍♀️ & ?‍♀️

Tussen de buien door. Het regende en onweerde in de ochtend en het was lastig om 3 kwartier in te passen tussen het ontbijt en lunch door. Uiteindelijk vond ik een droog moment, maar de regenjas ging aan! In het begin ging de hartslag helemaal over de rooie en ik dacht echt: ik moet nu terug naar huis, want dit is niet goed, maar toen pakte de hartslag het op gelukkig. Ik moest elke 5 minuten wisselen van hartslagzone. Dat was geen echte piramide, maar meer op en af. Dat maakte het voor mij in elk geval wat verwarrend, maar ik deed mijn uiterste best me aan de hartslagzones te houden.

Ik wilde richting de dijk, maar dat was helaas afgesloten en daar baal ik dan van. Daarna dan maar langs de Oostvaardersplassen en onverhard. Dat stuk heb ik de laatste tijd al zo vaak gedaan! Ik denk dat 80% van mijn ronde onverhard is.

In het bos, na een kilometer of 5 (binnen een half uur, dat wel) werd ik rustiger, maar toen moest ik weer harder en ik ging de brug over. Het voelde op het einde wel zwaar en zeker toen het weer langzamer moest en koud werd. Ik liep zonder muziek en solo.

Daarna kon ik snel heel even afspoelen en toen reed ik met Vincent naar Amsterdam om te gaan zwemmen. Ik ging in badpak, zodat ik goed voelde hoe het bijleggen ging. De eerste 50m waren heel koud!

Eerst inzwemmen en het brilletje goed doen. Dus de Garmin telt 600m, maar het waren er 400: 100m bc (ik let al op het ademoment!), 25school, 25 bc, 25 rug (ja echt!), 25 bc. Toen 50 benen met het achtje voor me (!!) en daarna met het achtje 150 armen.
Daarna 300m aftellen ging niet zo best: ik vergiste me in de 150 bijleggen en 50 gewoon, waardoor ik de eerste keer hoger uitkwam. Toen de tweede werd het bijleggen al wat vervelender. Dus het werd half bijleggen. Dan hou ik niet zo lang het rustmoment vast. Rustig blijven zwemmen en opletten. De derde keer telde ik eindelijk wel goed en toen lukte het ook al heel aardig. Ik moet wel terug naar 1 op 2 ademhalen.

De drukte viel wel mee. Het licht ging pas best laat aan. De ene helft van het bad was warmer dan de andere helft.
De vierde keer ging gewoon lekker met 300m en half bijleggen. De laatste keer dacht ik: met achtje en gewoon bc doen met rustig ademen en kijken of ik dan sneller ben. Nou: dat scheelt aanzienlijk! Dat geeft me de moed dat ik dit kan leren. De doorhaal is een stuk beter zo en als ik oplet hoeft ik niet meer zoveel mijn hoofd uit het water te halen.


Uiteindelijk nog 50m school en 50m bc. Daarna deed ik voor de film nog 50m, maar die telden als 100. Omkleden was ijskoud. De toiletten waren al gesloten helaas.

8 januari. Totaal geen ZIN
Ik zat op de Tacx, keek naar de klok en dacht: tien minuten en ik heb nu al totaal geen zin meer. Zal ik afstappen? Ik heb geen zin om te letten op de cadans. Geen zin om de hartslag binnen de perken te houden. Dit heeft geen zin. Ik heb al zoveel gefietst deze week, waar doe ik dit eigenlijk voor? Iedereen, maar dan ook echt iedereen, rijdt me voorbij. Mijn wattage is ruk, maar ik blijf in de hartslagzone. Gossie, al 15 minuten. Ik heb zelfs geen zin om een foto te maken. Geen zin in de Makuri Islands. Geen zin, geen motivatie, geen animo.

Toen ging ik onverhard rijden. En dan de berg op ook nog eens. Het ging helemaal niet. Muziek hielp niet. Ik voelde me alleen maar ? en ? en ? Hoe ga ik dit twee uur volhouden? Of in elk gevan 1 uur en 36 minuten om een groene training te halen. En als ik dat nou eens niet doe, als een statement? Dat ik gewoon in fiets-staking ga. Ik zie nooit iemand op de sociale schrijven: ik ben er totaal klaar mee en ik stop met sporten. Het is veelal halleluja.

Na een half uur had ik er net 10km op zitten en dacht ik: ik ga me uitschrijven voor de Ironman, ik haat fietsen! Hoeveel uur moet ik volgende week weer op die walgelijke Tacx zitten? Ik ga fietsen wisselen met hardlopen, die trainer bekijkt het maar. Dit vind ik zo NIET leuk. ? Maar uit mijn allerkleinste linkerteen kwam toch de motivatie om de route af te maken. Dus nog een keer onverhard naar boven fietsen. Op een lage hartslag en een hoge cadans. Zo hoog mogelijk en zo laag mogelijk. Ik deed een uur over 15 kilometer. Met tig hoogtemeters. Net iets sneller dan de eerste keer dat ik omhoog ploeterde.

Ik was nog steeds de tijd aan het aftellen. Toen kwamen de intervallen, die deed ik verhard. 2 Minuten eindelijk lekker doortrappen en andere mensen ook eens een keer inhalen. En dan 3 minuten op een cadans rond de 90. Dat was de eerste keer echt een ellende, maar toen viel 80 in de snelle 2 minuten opeens mee! De tweede keer 3 minuten hoge cadans was 90 al beter vol te houden. Ik moest de ‘2 minuten hoge hartslag-3 minuten hoge cadans’ 5 keer doen. En elke keer ging het ietsje beter! Dat geeft de burgerin moed. Toch maar niet uitschrijven dan.

Zit ik gewoon ook op een cadans van 90 bij een lage hartslag én bij een hoge hartslag ook! Kijk, nu léér ik iets… Nu ben ik iets aan het dóén. Nu maak ik stapjes. Dit is vooruitgang. Die 5 intervallen waren zo een leuke uitdaging.

En daarna hoef ik nog maar 6 minuten. Ik reed de ronde af en bleef in de lage hartslag ook op een cadans van 85+ rijden. Het moet niet gekker worden. Langzaam sijpelde door: de anderen fietsen als gekken, ik train. Ik deed nog een keer het eerste onverharde pad waar ik na 10 minuten al klaar mee was en nu voelde het soepeler. Blijkbaar moest ik eerst warm draaien. Dat leverde 5 minuten extra op en toen sprong ik zo snel mogelijk van de fiets. Het begrip motivatie is voor vandaag de grote afwezige.

9 januari Alternatief Egmond over het Almeerse strand – afzien ?‍♀️

Al een paar dagen zag ik tegen deze uitdaging op: 4 keer hetzelfde saaie rondje, iedereen die sneller en beter is en dan slecht weer, zand en een hartslagbeperking. De afstand ging me niet boeien, dat kan ik wel, maar dat ik ‘slechts’ 2 uur de tijd heb en dat Vincent moet wachten, dat maakte me zenuwachtig. Kortom: het ging meer een mentale opgave worden dan een fysieke uitdaging. Ik nam muziek mee van Kensington, rugzakje op, bidon voor later klaarzetten, Vincent de autosleutel geven. We vertrokken toch allemaal tegelijk. GN wilde met me meelopen, maar ik moest echt aan de hartslag vasthouden. De eerste 15 minuten hartslag zone 1. Niet boven de 137 mocht ik. Onmogelijk. Ik ging al rustig, maar iedereen rent als een gek weg en ik kan moeilijk gaan wandelen! Toch heb ik dat gedaan na anderhalve kilometer. Het tempo lag te hoog en de hartslag lag veeeeeeeel te hoog. Ook langs het strand heb ik nog een stukje gewandeld. In de eerste 3 kilometer wandelde ik al 3 keer. Dan ging de hartslag even omlaag om later door te schieten naar zone 4. Waar ik hierna niet eens op mag uitkomen. Hopeloos.

Te veel rust gehad? Of sluimert er iets in mijn gezondheid? Ik voelde me verder prima: geen last van ademhaling of benen. Toch is die hartslag een indicatie dat er iets mis is. De rusthartslag is ook ietsje hoger dan normaal- nog steeds laag, maar voor deze periode net iets hoger dan ik zou verwachten. Ik vond het moeilijk om alleen te beslissen en te bedenken of het verstandig was te blijven rennen. De muziek van Kensington bleef steken bij het eerste nummer, wat ik pas doorhad toen ik voor de zesde keer de intro hoorde geloof ik. Het zand deed me niks. De bergjes op niet, dat iedereen voor me liep niet, maar mijn eigen hartslag baarde me echt zorgen. Door naar de volgende zones. Nu lag de beperking op 157, maar 158 was eerder de norm. Of het regende weet ik niet eens. Ik had het niet koud, de handschoenen waren al uit. DM liep voor me uit en ik zette hem op de foto.

De route was wat kriskras, maar daar had ik me al niet zoveel van voorgesteld. Na het eerste rondje vroeg ik Vincent even kort mee die snoeihard 5 kilometer had gelopen en het niet fijn vond om met me mee te moeten rennen. Ik deelde dat mijn hartslag zo hoog is, maar hij had logischerwijze ook geen idee. KH was er voor DM: altijd fijn om haar te zien! Ik stond op het punt mijn coach te appen, daar had ik alle tijd voor. Ik voelde me verder namelijk echt helemaal goed. Maar ik heb het niet gedaan. Ik denk dat het weer regende op het saaie stuk, maar van het weer heb ik me echt niks aangetrokken. Toen ik weer langs de start-finish kwam, riep KH nog: ga dan wandelen, maar ik mopperde dat ik dat al deed en dat ik echt niet het hele rondje ging wandelen. Ik bedacht me dat ik moest eten! Oeps. Een gel naar binnen werken en veel drinken. Ik voelde me al snel beter. Niet sneller, maar de hartslag was binnen de perken te houden. Bedenk: die daalde drie slagen. Het strand weer op. Dan stijgt de hartslag iets, maar heb bleef nu steken op 156. Okay. Accepteren.

De kleuren buiten zijn mooi. De golfjes rustgevend. Daar is de aardige fotograaf weer. Ik luister lekker naar de muziek. De wolken zijn erg mooi. Het strand af is voor mijn hartslag het moeilijkst. Dan het asfalt weer op, even een paar passen wandelen en weer verder. Ik app Vincent dat “wten helpt” en dat ik “de 21 afmaqk”. Tja, als ik dood neerval, zal iemand me wel vinden. Ik heb me neergelegd bij het tempo van 10 kilometer per uur. Dan red ik het ook binnen de gestelde tijd.

Langs het water, de hoek om, niet kijken bij de stoplichten waar een grote waterplas ligt, onder de brug door en dan naar boven wandelen en daar is KH op d’r fiets! Eigenlijk is het mijn eigen ‘strijd’, maar goed: ze fietst een klein stukje mee en ik zet de muziek even af. Ik klaag even bij haar over de hartslag. Kijk, zo’n coach als zij moet ik nu net hebben! “Dan ga je morgen maar op de bank liggen als je moet werken”, zegt ze, “nu voel je verder prima, dus doorlopen met die hap”.

Ik kom weer langs Vincent, maar het gedeelte “eten” heeft hij niet gesnapt. Ik zie DdK wel een banaan eten en daardoor denk ik er zelf aan! Ik neem nog een gel. KH fietst mee en we kleppen over Hamburg. Ik zit ruim in de energie en kan gewoon kletsen. Dat is best gek, bedenk ik me nu achteraf. Ik drink nog maar een keer veel. KH zal dadelijk naar huis fietsen. De afleiding is even fijn geweest en vooral het o-zo bekende steuntje in de rug die haar specialiteit is. Ik heb nog een paar seconden medelijden met de toeschouwers die het wel koud hebben en ik mis Vincent daar. Is ie doorgelopen? Grappig genoeg heb ik met de rest niks. Aantekening voor mezelf: dat is echt verbazingwekkend! Trek je niks aan van de anderen, het is je eigen idee. Slechts een deel hiervan verzin ik daar ter plekke ook.

Laat ik eens genieten van het strand. Dat lukt me dan wel weer. De 2 mannen lopen weer voor me, die hebben iets geks met de route gedaan. Ik ga niet wandelen deze ronde, dan mag ik de rugzak dumpen. Misschien gaat het me ook erg helpen als ik weer wat kilo’s eraf krijg. Dat zal in elk geval in het geheel beter voelen. Vincent staat bij de fotograaf. Leuk duo. Grote knul intussen. Hij vraagt me of hij de bidon moet klaarzetten. Jep. Dadelijk even opletten met eten.

Ik ga heel rustig het strand af en maak rennend een foto van de zon en mijn schaduw.

Natuurlijk: ik kan fotograferen, appen en kletsen onderweg – het zou te makkelijk zijn geweest als de hartslag ook nog had meegewerkt. De lucht boven het water is supermooi. En weet je: binnen twee uur en 24 minuten ga ik een halve marathon lopen. Ik weet dat ik pas drie weken geleden een marathon liep. Dat heet misschien vorig jaar en was wellicht een makkie, maar hoevelen hebben dat gedaan… Bochtje om, stoplicht, natte voeten in de plas en heel rustig omhoog dribbelen. De hartslag heeft zich soort van gestabiliseerd rond de 155/156 en het tempo is zo vlak als een pannenkoek op 6 minuten de kilometer. Net over de busbaan moet ik de aqua-gel nemen. Ik drink nog wat ik uit de rugzak krijg en bereid alles voor om de tas achter te laten: telefoon pakken, tasje los; ik loop alles na, zeg Vincent gedag, zie mijn spullen staan en kijk nog even naar de tijd: die laatste ronde komt er ook.

Een andere finisher moedigt me nog even aan: ik mag lekker nog! Ik voel me beter nu, zonder balast en met de wetenschap dat ik het wel klaarspelen zal. Ik schijn niet eens de laatste te zijn. Ik tel uit dat ik voor 5 kilometer 47 minuten heb. Eitje. Ik kijk naar de fietser die zijn fiets moet dragen en naar de regenboog die ik ook fotografeer.

En naar de vliegtuigen. Op het strand geniet ik van de golfjes en ik krijg zelfs even natte voeten. Mijn hartslag ligt nog ietsje lager zelfs. Dag strand, ik kom hier voorlopig niet meer. Waar ik net nog een foto van mijn schaduw maakte begint het nu erg hard te regenen. Grote grijns. Dit vind ik fijn! Dit sterkt mij, dit kan ik, hier word ik blij van! Nog 3 kilometer en ik ben 1 uur en 48 minuten onderweg. Ik neem me voor dit rotrondje nooit meer te lopen, ik vind het stom. Ik zie veel fietsers die veel meer last van de hagelachtige regen hebben dan ik. Ik stamp bijna door de plas, zo tevreden begin ik te worden! De hartslag is gedaald naar 153/154. Apart. Ik wandel naar boven en app Vincent dat ik het laatste stukje wel zelf doe. Dan let ik nog net even op bij de busbaan gelukkig, anders was ik onder de bus gekomen. Nu stop ik een paar tellen om te overleven, gelukkig ben ik niet erg moe en nog helemaal helder. Ik schakel het horloge om naar de tijd. 2 Uur en 19,97 kilometer. Weg hartslagbeperking! Feest! Eindelijk. Voluit. Ik zet Island van Kensington hard aan (heel hard) en loop het rondje extra. Ik moet om mezelf lachen, dat ik al met toch braaf ben en netjes de suffe rondjes volg en de loopopdracht uitvoer. 1 Blik gun ik het horloge: hartslag 163, tempo 5:33. Ik zie degene die nog achter me ligt (die moet nog ver), heb nog even wind tegen en dan nog een keer het fietspad over. Ik ga de 21,1 netjes volmaken. Het laatste stukje vlieg ik er doorheen.

Midden in “Sorry” zet ik de muziek uit en ben ik er mee klaar. Ik ben blij dat ik er ben, dat de afstand klopt, maar trots ben ik niet. Ik heb het niet opgegeven en daar behalve om gezondheidsredenen ook niet aan gedacht eigenlijk. Als ik nu nog een rondje moest lopen, had ik dat qua vermoeidheid gekund. Maar ik heb ook behoefte aan chocomelk, mijn spullen en mijn “Island”. Geen sharks around please. Over de halve marathon heb ik 2 uur 6 minuten en 47 seconden gedaan. Sneller als ik had verwacht, maar minder snel dan ik had gehoopt. Weer een leuke ProSchema medaille erbij, voor mij blijft een zilveren over, want Vincent heeft de gouden voor zijn 22 minuten op de 5 kilometer.

Ik zit even alleen, maar trots zijn komt er niet aan te pas. Ik heb supernetjes 10 kilometer per uur gelopen – heel strak. Ik zeg nog even bedankt en dan komt er zelfs nog iemand binnen! Ik zeg nog dat ik de route niet eens zwaar genoeg vond en zelfs te weinig strand en dan mogen we weg. Zal ik het houden op ‘leerzaam’?

Al schrijvend/append met diverse mensen en denkend begin ik heel tevreden te raken over de halve marathon van vandaag en drijven er meer pluspuntjes naar boven dan ik daar ter plekke kon bedenken. – Ik ben in elk geval braaf: ik doe toch maar de route, al weet ik het zelf beter en ik luister stiekem toch naar de coach, waarbij ik van anderen begrijp dat niet alle coachees die les tot zich (willen/kunne) nemen – Ik kan op een hoge hartslag foto’s maken, kletsen, appen en ben weinig beïnvloedbaar door weer of ondergrond. Best sterk eigenlijk. Stel dat de hartslag-meter toch geen gelijk had en ik meer op gevoel had moeten lopen. De hartslaggegevens die uit de Apple Watch komen (die ik op mijn huid draag) zijn een stuk logischer en kloppen met mijn gevoel en hoe het ging! Die zit op 146. Apart…

Al is de Apple Watch meting wel vaak positiever dan Garmin. Gek genoeg neemt de Apple Watch dan niet de hele route op en stopt eerder dan de Garmin.

– Ik kan superstrak 1 tempo lopen. – Ik ben een meester in mezelf voor de gek houden en positief beïnvloeden. Al was dat vandaag niet erg op de voorgrond aanwezig. Misschien moet ik daar maar eens meer gebruik van maken…. – En ik ben bereid mijn eigen tekortkomingen onder ogen te zien en daar aan te werken. Een paar kilo minder, onderweg iets beter op de voeding letten, niet negatief zijn vooraf -> dat zijn wel punten om mee te nemen op weg naar Hamburg.

Categories: Geen categorie | Leave a comment

2021-39 Rustweek deel 2 en het jaar 2021 afsluiten.

27 December – Werken

Tja, er zijn er een paar die werken tussen kerst en oud&nieuw. Ik. Ik heb nog wat karweitjes liggen en ik krijg zelfs nog een klant aan de lijn! Wel ga ik tussen de middag wandelen met Rob. Wij stappen altijd flink door.

De kerstkransjes van chocolade zijn helaas al op.

Met recht een rustdag vind ik eigenlijk. Maar wel de ringen vol van de Apple Watch, want dat moet ik deze maand alle dagen halen. Inmiddels zit ik weer als heks op een bezemsteel en mijn bui zit in een neerwaartse spiraal. ?‍♀️

Er staat nog een krachttraining. Dus maar weer een matje pakken (goede aankoop was dat zeg) en Marloes van Optima Vita van Youtube plukken.

Ik zal het in kleine lettertjes schrijven: ik vond het leuk en ik merk echt enorme vooruitgang. Geen groene training, want dit doe ik te lang!! Het is toch een rustdag.

28 December – Te druk met werken ? en daardoor slecht lopen. ?‍♀️

Het nadeel van de mopperbuien is dat de trainer weer weinig goed kan doen. ? Deze keer word ik stikpissig ? van het feit dat hij alle training op slot ? heeft gezet. Ik kan er niet meer mee schuiven. Potdikkeme! ? En dat zonder uitleg. Ik heb een hele drukke werkdag; ik maak denk ik wel 50 projecten aan. Opletten, doorklikken en voor mij nog net te nieuw om de automatische piloot aan te zetten. Het vermoeit me ontzettend. ? En als er dan tussendoor ook nog wat laatste zaken voor klanten afgehandeld moeten worden… ? Ik wil het lopen liever verschuiven naar morgen! Maar dat kan dus niet. ? Ik heb de ringen al vol na de lunchwandeling ‘s middags en de stress. Maar goed: het is donker en ik moet. ?

Het hoeft allemaal niet snel en dat lukt me ook niet. Al na 5 minuten begin ik met aftellen: er moeten 9 kilometer vol voor de jaardoelen. Het miezert. Het is saai. Ik verveel me. Ondanks de muziek. Ik vind niks leuk. De route is stom. Alles staat me tegen. Mijn gedachten struikelen over elkaar. En zijn negatief. Ik probeer het om te buigen. Maar elke keer erger ik me weer. Aan het tempo. Het weer. De stoep. De donkerte. Dat de kilometer zo lang duurt. Na 5 kilometer denk ik dat ik maar eens ga lopen voor anderen. Voor de meiden die het zwaar hebben – met wandelen. Voor de autisten die van alles ‘moeten’. Waarop ik me weer afvraag waarom die 9 kilometer dan moeten. En ik weer loop te sippen. Denk aan de mensen met een burn out… Maar nee, ik denk aan al die andere mensen die vakantie hebben en vanmiddag in het licht konden lopen. Ik doe plichtmatig de sprintjes. En dan naar huis. 9 Kilometer komen er. In een uur. Dan maar geen groene training. Dit was ‘m nie! ?

28 December – fietsen op de Makuri Islands. ?‍♀️

Na de laatste werkdag van 2021 heb ik weer niet zoveel zin om te gaan fietsen op de Tacx. Maar goed, verschuiven kan nog niet. ? Anderhalf uur ook nog, en met intervallen. Ik ga maar naar de Makuri Islands en daar is een route die ik nog niet heb gehad van iets van 30 kilometer.

Het valt mee. Muziekje aan en trappen. Me niks van het tempo aantrekken. Het went uiteindelijk dus allemaal blijkbaar: de cadans en het tempo. De bezemsteel breekt en de heks dondert een beetje naar beneden. ? Dat is fijn, want dat maakt deze heks ?‍♀️ wat minder kattig, maar in verband met het zwemmen morgen is het toch ruk. Ondanks de krampen gaat het trappen me goed af.

Dan moet ik naar boven en ik moet intervallen doen. Dat combineert eigenlijk prima! ? Lekker 3 minuten het schompes rijden en dan 2 minuten een beetje een soort van rusten.

Grappig genoeg breek ik alle PR’s onderweg. Ongemerkt. Want ik let niet op tempo of cadans. Straks de schade maar bekijken. Ik fiets terug de ‘stad’ in. De Makuri Islands vind ik echt het leukst: lampionnen, rijstvelden, maar ook neonlichten en overal katten. Ik maak de route af.

Uiteindelijk ga ik nog een keer de tempel in de stad langs en maak ik 40 kilometer vol! En de anderhalf uur ook nog eens. De cadans ligt ongemerkt op 78 en de snelheid boven de 26 kilometer per uur. Toch lekker.

30 December. Zwemmen ?‍♀️ en fietsen ?‍♀️ . Een onsamenhangend verhaal.

Ik ben vrij, ik slaap slecht, ik heb zwemtickets voor het buitenbad in Amsterdam en dit is de eerste dag van het ‘feestje’ ?, dus ik ga toch zwemmen! Intussen ben ik bezig met honderden andere dingen: de was, een lego-auto bouwen met Vincent, het webinar over trainingsleer kijken, de nanoleafs ophangen, piano spelen. En dan naar Amsterdam rijden. Ik ben prikkelbaar en onrustig. Ik ga ook in wetsuit zwemmen. Ondanks het rode badpak lijkt me dat fijner.

Ik heb een opdracht. Eerst inzwemmen en het brilletje zit niet goed, waardoor ik heel veel inzwem, want dan denkt het horloge dat ik weer omkeer. Het is druk in het bad. Ik ga 5 keer 100 meter bijleggen en 50 meter ‘gewoon’ zwemmen dan weer 100 meter bijleggen en 50 meter ‘gewoon’ zwemmen. Dat is 300m per keer. Tempo is ruk. Maar daar schijnt iedereen in de baan last van te hebben, dus ik val niet op. Bijleggen. En dan gewoon zwemmen gaat ook sloompjes. Opletten. En nog een keer. Na de derde keer begint het ietwat te vervelen. Ik ben moe. Niet van het zwemmen speciaal. Van alles wat nog moet en niet meer hoeft en wat ik deed en nog wil doen.

Ik ga gewoon door, zin of niet. Bijleggen, gewoon, bijleggen; weer driehonderd meter. Vincent is er al weer uit, die heeft te weinig vet om warm te blijven, maar hij zwemt wel! Ik maak de hele opdracht af.

De bloemetjesbadmuts is al weg uit het bad. De mevrouw die in het midden zwemt, vertelt nog dat ze dit jaar liever 300 kilometer had gezwommen. Ik zit ‘maar’ op 160 kilometer dit jaar. Voor een jaar met ernstig gereduceerde zwemtijden vind ik dat een prestatie voor mij. Wel veel geleerd op het gebied van zwem. En ongoing trouwens. ‘s Avonds ga ik bellen. En ik kan nog fietsen. Ik heb nog 10 kilometer nodig voor een badge van Garmin. Combineert prima zeg ik. Hi Makuri Islands. Ik fiets in een groep. Ik ga hard. Ik let verder nergens op.

Tien kilometer komen er! Makkelijk zat. Makkelijker dan ik dacht. Daarna bellen en strijken: kan ook. Tot we uitgepraat zijn. Door met de webinar trainingsleer. Interessant! ? Dat ik dat afgelopen zomer overleefd heb zonder overtraind of geblesseerd te raken is echt wonderlijk. Gaaf hoeveel je uit de data kan halen. De slotjes zijn er weer af. Trouwens.

31 December – Volmaken: 2000 ?‍♀️ en 600 wandelen ?‍♀️ kilometer.

2021 is bijna om. Dat betekent dat de lijstjes, prestaties, getallen en overzichten hoogtij vieren. Zaken moeten afgesloten worden. Doelen zijn er om te halen! Ik heb er nog een paar: van de Apple Watch, van Garmin en voor mezelf. Bij de Apple Watch moet ik de rode ring (bewegen) volmaken en dan heb ik die het hele jaar gevuld! En als ik alle drie de doelen haal, heb ik ook de maandbadge binnen. Voor Garmin staat de hardloopafstand van het derde kwartaal open. 506 Kilometer lopen in 3 maanden. Nog 10 kilometer te gaan. En ik wil dit jaar 2000 kilometer lopen. Nog 16 kilometer te gaan. Fietsen is al over de top. Zwemmen is niet meer te redden. Joyce gaat mee lopen. En Vincent ook. Mijn oudejaarsrondje. Via de Ibisweg. Ik wil nog wel een halve marathon lopen, maar het hoeft niet. Zie maar hoe het gaat.

Kletsend in zone nul (Vincent) en zone 1 (ik) mag Joyce luisteren (in zone 3). We hebben het over de loopjes die we leuk, stom, zwaar, apart, grensverleggend en mooi vonden. Ik weet wat ik het beste loopmoment ever vond: de Trail de Fantomes en dan de allerlaatste 3 kilometer alleen. Langs het water. Zonnetje. Niks meer hoeven. Eigen tempo. Stilte. Rust. Volkomen in het moment. Dat was een fantastisch moment dit jaar. Afgezien van finishen in Hoorn natuurlijk!

En het moeilijkste: net na de finish in Almere. Of nee, ik bedenk pas later dat de laatste paar kilometer en het half uur na de Alternatieve Dam tot Dam loop een enorm dieptepunt waren. Daar zijn geen foto’s van gelukkig.

Op de Ibisweg hebben we wind mee en komt er zowaar een zonnetje. Mooi. Ik weet al dat het geen halve marathon gaat worden. Zestien wel – al moet ik ze op mijn kop doen. We gaan weer terug richting de Trekweg.

Dan ga ik iets harder en kan Vincent even met Joyce kletsen. Voor Joyce ligt het tempo echter wat te hoog en zij heeft al haar doelen al gered: 2021 kilometer gelopen, genoten en terugkijkend op een fantastisch jaar met een echte ultratrail erin. Ze zal met Vincent mee teruglopen. Ik ga met ze mee tot de Evenaar. Ik doe het ‘eigen’ rondje nog langs de Oostvaardersplassen.

Het is toch altijd weer even omschakelen als je alleen bent opeens na zoveel gezelligheid en afleiding. Ik loop langs het water en onverhard. In je eentje ga je tellen. Ik wel tenminste. Hoe ver nog, hoe lang nog, zal ik nog… Ik wil graag naar de dijk, maar ik weet dat het niet haalbaar is. En ik weet dat ik net te kort ga komen.

Ik prijs me nog maar eens gelukkig met de omgeving waar ik woon. De vrije lucht. Kan ik nog wegdromen? Niet echt, ik word afgeleid door hoever ik nog moet en kan. Ik loop harder alleen op een hogere hartslag. Niet te sterk, maar gewoon iets meer wat ik nog wil kunnen. Het is druk met wandelaars.

Op het uitkijkpunt maak ik een foto. Ik besluit door het bos te gaan om de 16 kilometer vol te maken. Weer een streepje zon, die alles zo mooi inkleurt! Ik ga door de modder, door het mooie bos. Na 15 kilometer bedenk ik me dat de 10 engelse mijl mijn afstand gewoon niet is. Ik vertraag en het kan me niet schelen. Ik haal het toch wel.

Dan begint het gereken pas echt. Als ik 2002 kilometer wil lopen, hoeveel moet ik dan. 2001,2? Net niet. Ik hobbel met mijn horloge in de hand om te tellen en rekenen. Ik ontdek nog een mooi pad in de buurt.

En dan via het park naar huis. Het gaan er 2002, 1 worden. Daarvoor loop ik nog een keer ‘op en neer’ en dan moet ik stoppen bij 17,9. Dat doet een beetje zeer, dat het er net geen 18 zijn, maar stoppen op 17,9 is óók een wereldprestatie voor mij!

Bingo! De cijfers van dit jaar rijzen de pan uit. Nog nooit, nooit, nooit heb ik zoveel kilometers gemaakt. 8,954.49 Kilometer. Alle activiteiten samen. Waarvan 2002,11 gerend. En 6,176.56 kilometer gefietst. Meer dan ooit tevoren. Zwemmen was ooit meer, maar toch nog een bijdrage van 165.72 kilometer. Als ik bij lopen kijk, roep ik tegen Rob dat hij nog mee zal moeten: ik zit op 596,3! Dat is onwijs meer dan ooit. Maar die 600 moeten er komen. Natuurlijk. We pakken de auto en rijden richting de dijk. Dan kan ik dat ook nog doen vandaag! We moeten omrijden vanwege de oliebollenverkoop en de rij die daar staat!

Het is heerlijk op de dijk. Klein zonnetje. Wind mee. Geweldig uitzicht. En heerlijk samen met Rob. Ik geniet er echt even van en ben alle besef van tijd kwijt. Dat is een fijne gewaarwording, want dan blijft alleen het moment over! Ik loop 3,9 kilometer. Het is een aparte dag zo…

Dan de “prestaties”. Ik ben onder de indruk van vele anderen, van hun sporturen, van alle afstanden, van de wedstrijden, van de snelheden. Ik tel het uit: ik heb 8 dagen in 2021 die LEEG zijn, waarop ik NIET gesport heb. ACHT. 357 dagen van het jaar heb ik iets sportiefs gedaan: wandelen, krachttraining, hardlopen, fietsen, zwemmen of een combinatie van dat alles. Moeiteloos. Ik heb 3 trainers gehad. Maar alle sportactiviteiten heb ik zelf moeten doen. Mijn motivatie. Mijn doorzettingsvermogen. Mijn energie.

Ook ik plaats het op Facebook. Niet om op te scheppen, maar omdat ik er ook mag zijn. Een klein plekje in de marge. Sommige reacties overweldigen me: ik, een voorbeeld ??! ik als inspiratie ??! ik, een bikkel ??! ik, prestaties?! ?

Gelukkig herinnert RW me aan de zwemtocht in de Rijn. Ohja! En daar was een loop op het Zeeuwse Strand. De Waterleidingduinen. Al die kilometers in Zwift. Giethoorn. Schokland. Schaatsen. Intervallen. Duizenden foto’s. Vuurtorens. Een spontane marathon maal twee. Afzien rond Kampen. Doorzetten. Trainerswissels. Nat worden op weg naar Zandvoort. Wandelen. Ook met de kat. Techniek: leren zwemmen. Zee. Duiken in Drenthe. Trispiration. Zwemmen in de Reigersplas. Het stokje doorgeven bij Duin. Alternatieve wedstrijden bij de Noorderplassen. Voeding. Lopen in de stromende regen bij de Challenge (dat was ook een enorm geluksmoment). De kracht van Hoorn. Lachen. Mindgames. Afscheid. Trots op Vincent zijn. Vermoeidheid. De Kemphaan. Hulp vragen en krijgen. Honderden badges. De atletiekbaan. Nieuwe mensen ontmoeten. Lopen met krampen. Een veranderend lijf. Solo dwalen. De startbaan bij Soesterberg.

Het was veel dit jaar. Naast leuk werk, fijne collega’s, mooie werkuitdagingen en marketing. Naast het opvoeden van een puber met huiswerk maken, thuisonderwijs en motiveren. En ik hoor bij Rob. En ik wil bloggen, schrijven, een Catanspel schilderen, piano spelen en lezen als tegenwicht.

Maar nu champagne ? ? en dan…. DOOR!

2022 ligt klaar.

Categories: Geen categorie | Leave a comment

2021-38 Rustweek

maandag 20 december ?

“We” doen rustig aan deze week. En volgende week trouwens ook. Actieve rust, noemt de trainer het. Ik moet zeggen: ik zie meer op tegen een week actieve rust dan tegen het lopen van een marathon zonder voorzieningen.

Meestal is de periode zo vlak voor kerst één en al onrust, dus een sportarme week (dat klinkt al beter) zou fijn moeten zijn. Ook dit jaar is het druk: werk afmaken, ineens een puber die toch weer niet naar school gaat in verband met corona en coronamaatregelen. Maar aan de andere kant: het went. Dat de zwembaden dicht zijn is wel een vette domper. Dat betekent dat rust bestaat uit fietsen (binnen) en hardlopen. En dat is nou juist geen probleem, want ik loop liever dan dat ik rust. De ringen op de Apple Watch moeten vol. De loopdoelen van het jaar moeten gehaald worden. Op maandag echter houden we het bij wandelen in de lunchpauze. En ‘s avonds een leuke krachttraining. Dag 1 was meer rust dan actief, dus dat is mooi gelukt!

Intussen heb ik de jaarchallenge van Trispiration gewonnen. Nu nog afscheid nemen van het team van JB. Dat past mij niet langer.

Dinsdag 21 december. Hardlopen tijdens de lunch ??‍♂️????‍♀️

Ik heb vorige week extra uren gemaakt en vandaag kan ik die opnemen. Dus ik heb een vrije dag en weinig sportopdrachten! Een hele slechte combinatie in mijn beleving. Dat riekt naar verveling. Gelukkig vraagt Manuel of ik mee ga hardlopen. Natuurlijk! Het is alweer 3 dagen na de marathon-in-zone1, dus ik kan weer prima lopen! Vincent gaat ook mee. Het is koud buiten. En mooi. Handschoenen aan, maar ik heb minder dan een kilometer nodig voor ze weer uit kunnen, dus echt koud is het nog lang niet! We lopen het gewone rondje. Natuurlijk kan ik weer onder de 6:00min op de kilometer lopen. ? Kunnen de heren lekker rustig aan doen en kletsen.

Het verbaast me dat het gewoon nogal moeiteloos gaat. Pas na een kilometer of 5 ging het niet meer vanzelf. Toen verzandden we in een jolig gesprek over robothonden met afweergeschut die niet over een wildrooster kunnen. Ik hoefde alleen maar te luisteren en te lopen en ze bij te houden. Oh, de hartslagbeperkingen heb ik maar links laten liggen. Achteraf viel de hartslag mee. 7 Kilometer toegevoegd aan het jaartotaal.

En dan een lege middag. Tja, als je dan toch met trainingen schuift, dan ook maar anderhalf uur op de Tacx gaan zitten nu het kan. Londen. Ik verwerk nog een werktelefoontje op de fiets. En ik luister muziek. Voor de rest ben ik voornamelijk bang voor de verveling, maar die blijft uit. Mijn benen vonden dit echter minder vanzelf gaan.

Na een half uur infietsen kregen die ‘arme’ benen ook nog een pakketje intervallen te verwerken. Gelukkig deden ze toen weer lekker mee en hadden de benen zich erbij neergelegd. Ik bestreed de verveling door spelletjes op de telefoon, liggen op de bars en luisteren naar de muziek.

En zo ging de 75 minuten voorbij en fietste ik criss-cross door Londen, me verheugend op een warme douche.

Woensdag 22 december. rustdag – bijna ?‍♀️ ?‍♂️
De hele dag op kantoor. En buiten prachtig knisperend winterweer. Ik zit binnen. Ik werk me een slag in de rondte. Krijg een mooi kerstpakket. Ben sociaal. Maar als ik thuiskom, roep ik: eerst een wandeling! Rob gaat mee. Die heeft net zo’n dag achter de rug. Ruim 2,5 kilometer. In het donker helaas. Maar dat is dan met recht een rustdag. Vind ik. Wandelen telt niet. Dat is alleen maar om de ringen van het horloge te vullen. En om tot rust te komen. Dat helpt!

Donderdag 23 december. Terug naar het buitenzwembad in Amsterdam. ?‍♀️

Alle zwembaden dicht. Ik heb er maar moeite mee! Ik moet trainen mensen en oefenen met bijleggen. Hoe kan ik nou 4 weken niet in het water liggen na de zwemanalyse ? Maar het De MirandaBad in Amsterdam is open. Ik bemachtig een kaartje voor Vincent en mezelf. Donderdagmiddag van 4 tot 5. En voor wie het niet meer weet: ja, dat water is verwarmd! Al voelt dat voor Vincent anders. Die gaat in wetsuit. Ik niet, ik ga in badpak.

Ik spring er zo snel mogelijk in. Eerst inzwemmen met schoolslag en borstcrawl en ik doe zelfs braaf 50m benen. Dit is een 50 meter bad. Dat scheelt me keren! Ik beken: de eerste 500 meter zijn erg koud.

Dan begint het bijlegfeestje: 100m bijleggen. Ademhalen als de arm stabiel voor ligt. Rustige slagen. Daarna 100m bijna bijleggen. Dus de seconde pauze gaat er dan uit. Let op het ademhalingsmoment! Dan 100m hele slag. Maar rustig en geconcentreerd op de ademhaling. Tot slot 200m met achtje. En dat dan 3 keer is mijn idee.

Het wordt donker, de sfeerverlichting gaat aan. Soms zwemt er iemand even in de weg, maar dat hoort erbij. Vincent houdt het maar een half uurtje vol. Die krijgt het niet warm. De derde keer haal ik niet helemaal, want de 3 kwartier zijn om. Achteraf had ik nog best 100m extra kunnen zwemmen. Ik heb 2100m gezwommen. En dat voor rustig aan! Het omkleden is wel erg koud. ? Maar: wel heerlijk geoefend!

Vrijdag 24 december. Matig loopje vanaf de orthodontist. ?

Vincent moet naar de beugeldokter en ik ga daar hardlopen. Ik heb erg slecht geslapen – je hebt van die nachten dat je meer uren klaarwakker ligt te wezen dan dat je slaapt. Het is somber buiten. Ik hoeft maar 35 minuutjes. Zeven keer 4 minuten rustig en 1 minuut heel rustig. Ik heb een ronde bedacht langs de Pampushout.

Moe. Ik ben moe. Vermoeid. Slechte concentratie. Loop gewoon maar. Zonder plezier. Zonder een straaltje licht. Rustig en nog rustiger. Maar niet wandelen, want dan krijg ik het te koud. Ik ben koud van binnen en van buiten.

Het pad is modderig. Ik hou de loper voor me niet bij. Geen lol. Het sappelt aan alle kanten maar wat bij elkaar. Ik heb weinig blije gedachten. Het miezert er ook nog bij. Pas na een kilometer of 4 komt er wat. Een beetje rust. Een heel klein beetje overzicht. Dan zit de training er op en het tempo viel enorm mee. Ik moet de weg terug vinden en het miezeren maakt plaats voor lichte regen. Het valt niet mee met een vermoeid hoofd, maar ik vind de auto terug. Niet om langer bij stil te staan, deze training.

25 December – Kerstloopje met Vincent ?‍♀️ ?‍♂️

De gourmet was gister al op. We lunchen met appeltaart. Verder hoeven we helemaal niks. Een heerlijke kerstdag so far. Het is prachtig weer. IJskoud, maar zonnig. Ik zou moeten fietsen, maar ik wil lopen. Na enig zeuren verzet Vincent zijn training ook maar. 3 kwartier ga ik. Basisloopje. Het is ijskoud. Vincent is ook pakezel voor mijn handschoenen. Ik ben naast de training ook verantwoordelijk voor de foto’s.

Vincent doet de route. Kotterbos. We nemen de onbekende wegen. Lekker door het (drukke) bos. We lachen veel. En dwalen. De berg over.

En dan maar langs de Oostvaardersplassen. We geven de ‘koeien’ namen.

Vincent neemt een afslag te vroeg, waardoor ik van de route-maker ook nog eens boompjes moet versnellen! Het lukt me allemaal wel om binnen zone 2 te blijven. Zone 1 daarstraks was ook zone 2. Bij het centrum is het helemaal druk met wandelaars. Ik doe 3 keer een versnelling. Het blijken er 4 te moeten zijn.

Ik loop nog een stuk om door de wijk. 9 Kilometer in 54 minuten. En 1 seconde. Maar voor een groene training in Training Peaks streep ik die ene seconde weg. Rob moet ook een frisse neus halen. Dus we wandelen langs de winkel. Als de zon weg is en de wind aantrekt, is de weg naar huis bitterkoud. Dan is de frisse neus iets té fris!

26 December – Fietsen ? in ?? & yahtzee ? en benen uitlaten ?‍♀️

Twee uur rustig fietsen. Dit is de kans om de lange route in Frankrijk te volbrengen! Een route van 61 kilometer. Dat lukt niet helemaal precies in 2 uur, maar ik 24 minuten extra. En er zit niet zoveel hoogteverschil in. Ik stap op met een kopje thee. Na een paar minuutjes komt Vincent er bij.

We gaan namelijk Yahtzee spelen! De benen draaien rondjes, net als de dobbelstenen! Ik hou me zijdelings aan de hartslagbeperking en let niet op de cadans. 2 Van de 3 spelletjes win ik. Dan gaat Vincent even weg, terwijl ik het stukje achtbaan overga en het begin van de Mont Ventoux meepak. En een heleboel M&M’s.

Ik fiets niet zo hard. Ik doe mijn best niet in de sprintjes. Ik roep Vincent voor nieuwe thee en nog 3 spelletjes. We moeten hard lachen omdat het echt hopeloos gaat met de dobbelstenen! Ik fiets intussen ruim 50 kilometer in 2 uurtjes. Om de laatste kilometertjes in 24 minuten te proppen met nog een flinke col erin, weet ik niet en het boeit me ook niet: ik ga de route toch afmaken! De col fiets ik rustig omhoog met een hoge cadans. Vincent is weg nadat hij deze keer 2 potjes heeft gewonnen.

Ik red het inderdaad niet in 2 uur en 24 minuten, waardoor ik deze rustweek meer gele trainingen dan groene! Dan is de training net niet binnen de gestelde tijd. Meestal te lang ? Ik fiets 2 en een half uur en maak 64 kilometer vol. Mag ik een nu een kerstster voor zo lang op de Tacx zitten?

‘s Middags hoeft er lekker niks! Snoepen, een spelletje en rust. Maar ik kan niet meer tegen een dag binnen. Ik moet naar buiten! Ook al vriest het, binnen is niet meer aan mij besteedt. En daarbij: er is nog een jaartotaal in het hardlopen te halen! Ik wil daglicht en ik wil alleen. Omdat er toch niks op het schema staat en ik er op vertrouw dat de trainer lekker druk is met kerst, laat ik de rustweek even voor wat ie is!

Het gaat heerlijk! De fijne schoenen aan, warme broek en 2 buffs. Ik doe gewoon wat mijn benen aangeven en ik hoeft niet op de hartslag te letten. Ik ga maar 5 kilometertjes en ze voelen helemaal als ‘van mij’. Ze gaan heerlijk. Echt heerlijk. Niks koud, niks vervelend, niks moeilijk. Gewoon adem blijven halen en het gaat vanzelf. Het gaat vanaf de tweede kilometer ook gewoon heel hard. En dat hou ik vol. De ademhaling gaat wel omhoog, maar ik heb geen muziek nodig. Heel stiekem moet ik de trainer gelijk geven: rust doet goed. Misschien is dit geen onderdeel van rust, maar het voelt zoooo lekkkkkerrr!! Ik ga een rondje om de seizoenenbuurt heen. Uiteindelijk doe ik over de 5 kilometer minder dan 27 minuten. Hoe dan?! ? Net voor het donker ben ik thuis. Koud heb ik het niet gehad. Verder maak ik in Training Peaks geen woorden vuil aan dit loopje in de rustweek. ?

Mooie rustweek was het met maar een uurtje of tien sport. ??

Categories: Geen categorie | Leave a comment

2021-37

13 December – De Zwiftberg nog maar eens over ?‍♂️

Er zitten bars op de fiets. Nu ik een Zwift-TT-Bike heb, moeten er ook bars in real life komen. Ik zet de muziek hard aan en ga de berg maar eens een keertje over. Kijken of ik de cadans hoog kan houden.

De hartslag is werkelijk een stuk lager als ik ‘rustig’ kan liggen. Ik ga gewoon mijn eigen tempo en met mijn eigen (hartslag- en cadans-) beperkingen de berg op. Geen idee hoe hard of zacht ik ga, gewoon blijven trappen. En naar Kensington luisteren.

Ik doe er volgens mij langer over dan ooit eerder, maar ik ben dan ook verre van kapot van het omhoog fietsen. De cadans is lekker hoog gebleven. Ik vlieg de berg weer af en dan fiets ik nog een stukje extra, want ik moet anderhalf uur fietsen.

Het rondje moet af en ik zit na dik anderhalf uur op 36 kilometer en ruim 650 hoogtemeters. Echt doodmoe ben ik daar niet van.

14 December Zwemanalyse ? en fietsen ?

Over de zwemanalyse heb ik een speciale blog geschreven. Ik vond het nogal spannend daar weer naar toe te gaan, een half jaar na de eerste afspraak. Onnodige zenuwen, maar dat zit wel in de weg. Onzekerheid. Als ik eenmaal in het bad lig, ga ik maar gewoon rustig zwemmen. En ik doe het goed! Ik steek breed uit en al snel gaat het doorhalen ook goed.

Dan komt een zeer onverwachte tip: ik haal op het verkeerde moment adem! Daardoor druk ik mezelf omlaag en kan ik met de tegengestelde arm van de ademhalingskant niet doorhalen. De uitleg is helder, duidelijk en zeer begrijpelijk. Ik vind het ontzettend knap dat de zweminstructeur zulke dingen kan spotten en bijna wonderbaarlijk dat hij ook nog eens weet wat er aan te doen valt!

Ik moet gaan bijleggen. Kijk, dat kan ik! Dat is een oefening waarbij je beide armen voor je neerlegt en een seconde laat liggen voor je de zwemslag afmaakt. Grappig genoeg deed ik dat heel lang verkeerd. Door bij te leggen en er op te letten dat ik ademhaal als mijn arm stabiel voor mij ligt, kan ik én doorhalen met mijn linkerarm én hoeft mijn hoofd minder ver het water uit én wordt het allemaal wel heel gemakkelijk. Natuurlijk is het tempo een stuk lager. Voor mijn gevoel speel ik vals, het gaat te makkelijk nu.

Ik doe een perfecte bijlegoefening en dan voel ik waar de ademhaling moet zitten. Dit moet ik dus heel, heel vaak gaan oefenen en trainen. Ik word moe en koud. De kou zit er al de hele dag, van de zenuwen en vermoeidheid draagt er aan bij. Met deze tips moet ik aan de slag om nog beter te gaan zwemmen. Ik ben er erg moe van, want ik heb in tijden niet meer zoveel geleerd in een korte tijd. Ik ben er ook van in de war, omdat het erg veel stress heeft opgeleverd in korte tijd. Ook door de zenuwen. Ik schrijf het van me af, maar de middag gaat wel door en zit vol.

Na het avondeten en opschrijven, stap ik node weer op de fiets. Ik moet de ervaring ‘wegfietsen’, maar ik ben ook moe. Toch ga ik voor anderhalf uur fietsen. Er zijn nog intervallen ook! Ik ga naar Neokyo in Zwift en daar heb ik een route. Misschien kan ik vandaag nog level 25 worden! Maar eerst maar eens gewoon liggen en trappen en de hartslag binnen de perken houden.

De apparaten werken weer eens niet samen, dus het horloge is voor de hartslag en Zwift voor de cadans. Kan er ook nog wel bij in mijn vermoeide hoofd… Ondertussen luister ik weer muziek. En dan moet ik in hogere hartslagzones voor een X aantal minuten en rustminuten.

Ergens stopt de hele Rambam weer en sta ik stil voor een paar minuten, terwijl ik hard doorfiets. Kan er ook nog wel bij ? Ik fiets op de een of andere manier toch best hard op een hoge cadans.

Ik cirkel maar door de stad heen. En ik kijk naar het oranje balkje wat vol moet lopen voor level 25. Ik kijk naar de cadans die boven de 75 moet blijven. En ik kijk naar de hartslag. En jawel! Daar is level 25!

Daarna stap ik eigenlijk vrij snel van de fiets af om naar bed te gaan.

15 December 2021 Zwemmen en Bijleggen ?‍♀️

Het is kwart voor 8 ‘s morgens en ik ga het zwembad in. De TVA heeft dan 3 kwartier tijd voor 6 mensen om te zwemmen. Ik doe mijn eigen ding. Bijleggen. Ik zwem even in met een borstcrawl, schoolslag en rugslag en met het achtje. Dan ga ik om de andere zwemmers heen cirkelen. Wachten als zij stoppen. Ik ga bijleggen. Baan na baan na baan. Dan voel ik ontzettend goed dat ik veel makkelijker adem haal als mijn arm voor me ligt. Natuurlijk ga ik rustig! Maar ik leer hier. Na 100 meter bijleggen, pak ik voor ongeveer 200 meter het achtje. Dan kan ik het moment om adem te halen – als mijn arm voor me ligt- ook aardig bepalen. Er is veel om rekening mee te houden op dit vroege tijdstip: andere zwemmers, de kant, de doorhaal, de ademhaling, de rust bewaren. Al met al is het niet simpel. Het horloge weet ook niet zo goed wat ie moet meten en slaat veel banen over. Ik laat het allemaal gebeuren en ik ben alleen bezig met oefenen.

Ik moet gauw naar huis en aan het werk! Er zijn veel telefoontjes. De deskundigen trainer-coaches zijn bijna complimenteus over mijn zwemblog. Dat ik een technisch sterke zwemmer ben. Met soepele schouders. Het klinkt mij wat onwerkelijk toe. Als bij de diëtiste ook nog eens blijkt dat ik heel goed en op de correcte manier ben afgevallen, is mij dat iets teveel van het goede. Waar anderen naast hun schoenen gaan lopen, denk ik dat ‘ze’ mij allemaal voor de gek houden!

16 December 2021 Eindelijk een klein stukje lopen! ?‍♀️

Kensington gaat weer mee en ik heb lage en hele erge lage hartslagzones. Ik loop lekker in het donker door de Eilandenbuurt te dwalen. Mijn voeten doen het, mijn benen huppelen bijna, mijn maag-darmsysteem verwerkt het lekkere magenetron-rommelvoedsel beter dan verwacht en mijn hoofd is blij genoeg. De hartslag hou ik zijdelings in de gaten.

Ik loop maar wat, zonder doel en route en vooral enorm ZONDER MOEITE. Aan het einde wel weer wat vermoeid en dan denkt mijn maag: ach, het was toch niet zo lekker al die pesto. Het zijn maar 6 kilometer, maar ze waren -net als veel dingen deze week schijnbaar- wat te makkelijk.

Vreijdag 17 december. En weer zwemmen! ?‍♀️

Weer vroeg! Weer oefenen! Weer bijleggen! Ik moet me van de trainer niks van de andere, snellere triatleten in de baan aantrekken. Ik moet mijn eigen dingen doen. Niet iedereen is het daar mee eens en de kerel die ik niet kan uitstaan, zegt kattig ‘of we allemaal de training doen’ en dan laat ik ze gaan.

Ik wissel superstrak 100m bijleggen af met 200m achtje. Het horloge denkt elke keer na 100m dat ik er 50 heb gedaan. Don’t care. Ik zit nauwelijks iemand in de weg en in mijn achterhoofd spookt het alleen maar “technisch-goede-zwemmer” Het ademhalen met bijleggen is steeds makkelijker.

Aan het einde van de training leg ik al minder strak bij, maar ik merk ook dat ik dan vermoeider en minder scherp wordt. Met achtje is het echt te simpel en dan hou ik ze erg makkelijk bij. Jammer dat ik 1 keer verkeerd op het horloge druk en ik de tijd gestopt heb ? Al met al maakt het allemaal niks uit: ik oefen en oefen en oefen. Na de training vraagt de nare kerel: heb je gedaan wat je wilde doen? Ik heb vriendelijk ja gezegd! Ik ben weer een slagje verbeterd. Jij?

Zaterdag 18 december. De marathon – A Girls Day Out

2013

Het is 8 jaar geleden dat ik in Spijkenisse op 15 december een hele marathon liep voor het eerst van mijn leven. Ik deed daar 4 uur en 42 minuten over. Het was een enorme opgave. Ik at te weinig, had last van mijn knie en vond het bijna onmogelijk.

2020

Vorig jaar, op 19 december, liep ik samen met Joyce een trailmarathon. Het kostte ons bijna 7 uur om de duinen te bedwingen. En dit jaar wilden we eigenlijk ook nog een keer een marathon lopen. We oefenden onverhard, maar Joyce liep niet zo gemakkelijk en lekker als eerdere jaren. Zouden we het door laten gaan? We prikten dit weekend en wachten het weer en de omstandigheden af. Het ziet er allemaal goed uit en Joyce kan thuis een hele dag weg, maar we blijven in de omgeving. We gaan het rondje verhard om het Gooimeer lopen.

Gek genoeg ben ik hier nauwelijks zenuwachtig voor. Rob kan ons komen halen in Huizen als het niet meer lukt. Ik kan lopen, het is verhard, ik ken de weg en we gaan onderweg gewoon vaak stoppen om te eten. Ik kan de hele dag met Joyce blijven kletsen, dus deze dag gaan we doorkomen. Wat kan er misgaan? Ik ga op de fiets naar Joyce en vergeet de handschoenen. Ik kom met koude handen aan. Ik heb 1 shirtje aan met lange mouwen en een shirt met korte er overheen en een lange broek aan. Joyce heeft een dikke jas aan. Ik gok op een zonnetje straks.

We starten bij Joyce’ huis en gaan langs de Vaart aan het lopen. Het plan is om over de eerste 10 kilometer 70 minuten te doen. Ik kan het niet. Ik loop op mijn dooie gemakje 6:30. Dat is voelt voor Joyce anders. Uiteraard spreken we eerst over Corona. Want het is overal rustig, behalve in de teststraat. We lopen naar de Kemphaan en daar zullen we Vincent even aanmoedigen die een 5 kilometer wedstrijd gaat lopen. De route voert ons over de onverharde paden van de Kemphaan, maar ik zie er tegenop om met natte voeten te gaan lopen. We kiezen dus voor het asfalt en een breed verhard pad.

Ik blijf een soort van huppelpasje houden, zo makkelijk als het me gaat. Joyce heeft wel last van zenuwen, want het is zo ver nog. Ik heb dat totaal niet: het zijn een paar keer tien kilometertjes, we hebben de tijd. Helaas kan ik haar zenuwen ook niet wegnemen.

Bij de Kemphaan stoppen we de tijd even en we zwaaien naar mensen die daar nog zenuwachtiger staan te wezen. We kijken verderop naar Vincent die hard voorbij loopt en dan gaan wij weer verder met onze tocht. Joyce vertelt van haar doel voor 2022. Mooie challenge! We vertragen ietsje en de tijd komt op 6:40 te liggen. Voor mij nog steeds geen uitdaging! Het is somber weer, grijs, mistig en vochtig. Echt koud vind ik het niet. Ik mis de handschoenen geen moment. Ik heb mijn fijne witte schoenen aan.

Terwijl we door het Cirkelbos lopen, roddelen we over de usual subjects. We stoppen weer op de dijk en aan de overkant zien we niks. Het is te mistig. Ook de brug zien we niet liggen.

De route naar de brug is wel kil. Zowel letterlijk als figuurlijk. Nu kletsen we over F1. Tja. We nemen niet het trapje, maar het hele ommetje. Dat is wel wat extra. Ik blijf gewoon bij Joyce lopen. Gelukkig heeft ze de zenuwen laten liggen bij de luitjes die een wedstrijdje lopen. Vincent is klaar in 21 minuten. We komen boven op de Stichtse Brug. We moeten even omdraaien. Ik moet links lopen, Joyce rechts.

We lopen naar beneden en gaan via het sluisje. Het mooie van de weg kennen is dat je soms net even anders kunt lopen. Bij het sluisje is weer een stop- en eet-moment. Ik heb al twee gels op en begin aan een halve reep. Ik drink er elke keer veel bij.

Dan komt een waterig zonnetje door. Prachtig. Alles krijgt een warme geeltint. De zwanen op het water lijken licht te geven. De overkant is vaag afgetekend. Ik geniet intens. Het is echt erg mooi en niet vast te leggen op een foto.

We lopen langs de stranden van Huizen. En over het ophaalbrugje. Helaas zet de zon niet door. Nergens in mijn hoofd ben ik echt bezig met hoe ver we nog moeten. Ik zit heel keurig in het moment met een lage hartslag. Dat we langs de huizen/ flats lopen vind ik leuk.

De haven van Huizen vind ik minder mooi en rommelig. Het wordt ook drukker overal. Ik ben blij dat we verhard lopen. Het kost een stuk minder moeite. We lopen gewoon maar door en door. Behalve voor het voeden stoppen we totaal niet. Voorbij de haven, bij Coronel voor de deur, zitten we op de helft. Weer een stopmoment.

Dan gaan we de Wolfskamer in. We lopen langs de skibaan, langs de hondentraining en dan het bos in. Het is een beetje een onverhard pad. Na 22 kilometer slaat de moeite bij Joyce toe en moeten we over in wandelpas. Het boeit mij niks. We hebben nog 4 uur voor het donker wordt, dus al wandelen we de rest uit, het maakt mij niet uit. We kletsen over de kinderen en andere hardlopers. We steken het bos in. Dat is een stuk mooier als omgefietst worden door mountainbikers, maar ook meteen een pak zwaarder. En dat merkt Joyce vooral. Dan maar wat minder hard de tweede helft van de marathon lopen! We doen een korte plaspauze en komen dan weer bijna terug op de plek waar we het bos in gingen.

We nemen nog wat onverhard mee en dan komen we op goed begaanbare paden. Langs het oude kinderpretpark en dan zijn we de Wolfskamer door. In mijn gevoel weer een vinkje. Door naar Naarden! Dan gaan we omhoog over het dijkje naar de A1.

Ik kijk en app met SG die een halve marathon in een supertijd heeft gelopen. Voorbij de A1 doen we nog een stop. Rob vraagt me of we dit gaan afmaken. Jazeker wel! Voor Joyce zal het nog een hele opgave zijn, maar ik huppel gewoon lekker verder. We gaan de ster van Naarden lopen en daar verheug ik me op.

Ik vertel over piano spelen, terwijl we een heel stuk blijven hardlopen. Joyce hoeft dan alleen maar te luisteren. Ik merk elke keer dat ik gevoed heb en daar kracht uit haal. Dat maakt me blij. Iets wat ik geleerd heb! Ik maak me een beetje zorgen dat ik water te kort ga komen, al zou dat de eerste keer zijn.

Naarden ligt er mooi bij in de mist, al gaat het ook een heel klein beetje miezeren. Dan zitten we op 30 kilometer. Joyce heeft het niet gemakkelijk. Ik heb het te gemakkelijk. Ik sleep haar er wel doorheen. We gaan weer naar de A1 en daar onderdoor. In mijn hoofd weer een vinkje om een stuk af te strepen. We eten nu wandelend. Dan stappen we flink door. Nog maar tien kilometer te gaan! Ik blijf ondertussen vreselijk alert en zak niet weg in een dip na 30 kilometer. Het hondje en de schapen vind ik leuk bij de havens in Naarden. Hoe we hier een paar maanden geleden nog liepen…. We gaan het Naarderbos door. Ook mooi.

Ik ben werkelijk verbaasd dat ik totaal niet trots op mezelf kan zijn dat ik hier nog steeds moeiteloos loop. Het was teveel van het goede (letterlijk) de afgelopen week: gewicht op orde, zwemmen oke, opvoeding gelukt, werk loopt lekker, ik krijg er iets voor terug dat ik me kwetsbaar durf op te stellen en ik werk naar een groter doel toe. Ik vraag me vooral af waar ik dat aan verdien. Ik ben wel trots op SG die een PR loopt op de halve, ik ben trots op Vincent die 5 kilometer in 21 minuten volbrengt, ik ben heel trots op Joyce die naast mij doorzet om die hele marathon voor elkaar te boksen die ze niet kado krijgt. Maar trots op mezelf? Ik weet niet hoe.

Het Naarderbos is zo voorbij. We wandelen een stuk en Joyce vertelt. Het is alsof we nooit uitgepraat raken! Ik zie op tegen de brug. Na de bocht gaan we hardlopend naar boven. Zwijgend. Het is de herrie van de snelweg die het mij moeilijk maakt. Intussen is het ook echt somber en bewolkt. En de trein die er tussendoor raast. Ik ga lopen malen, maar ik probeer elke keer weer aan leuke dingen te denken en dat gaat me behoorlijk goed af gelukkig. Joyce houdt dit goed vol. We wandelen maar een klein stukje.

En dan naar beneden. Ook niet met veel woorden. Krijg ik het dan toch nog even moeilijk? Nou, nee. Ik weet alleen niet hoe ver het nog precies is. We lopen tot in het Kromslootpark. Dan zitten we op 37 kilometer. Nog 5. Joyce drinkt cola, ik eet een aquareep. Ik heb nog steeds veel plezier in alles. Mijn tenen doen een beetje pijn. Als ik dan toch iets moet hebben… Maar ik ben nog helder, ik heb geen last van de tunnelvisie, geen moeite, geen pijn ergens.

In het Kromslootpark verveel ik Joyce met een uitgebreide verhandeling over het zwemmen. We wisselen hardlopen en flink doorwandelen af. Tussen de schapen door die daar liggen. En langs het moeras.

Ik heb er nog zoveel schik in, dat ik het nodig vindt Joyce op te jutten om de marathon nog binnen 5 uur (zonder stops) af te maken, maar ik weet dat het onrealistisch is. Van haar mag ik het doen, maar nee- we doen dit samen. Of eigenlijk doe ik dit voor haar, dus ik blijf er gewoon langs lopen. Hoe lang het ook duurt en hoe simpel het ook voor me is.

Zou ik nog 50 kilometer kunnen lopen? Ja, dat zou me lukken. Maar… dan moet ik dat alleen doen. En ook dat hebben we getraind. Maar ik vind het goed zo. Er is geen reden om in mijn eentje nog 8 kilometer langer te lopen. Vind ik niet leuk. Ik regel intussen wel een lift naar huis. Want overstappen met de bus vind ik helemaal niks. Joyce telt vanaf 40 flink de kilometers af.

En dan, nog voor het Oor zit ik op 42,2 kilometer. Joyce moet nog iets van 100 meter verder. Ik ga ietsiepietsie verder door tot er 42,42 op mijn horloge staat. Uit en thuis hebben we daar minder dan 6 uur over gedaan. Netto tijd ligt net boven de 5 uur. En dat zonder support, zonder publiek, zonder druk.

Joyce is blij, trots en moe. Ik ben nog steeds blij. En trots op Joyce. Maar niet moe. Niet vies. Niet kapot. We zetten Joyce thuis af. Ik rij met Rob mee. Thuis kleed ik me snel om en dan gaan we samen wandelen als Vincent bij de zwemtraining is. ‘tuurlijk! We lopen niet zo hard als anders. Maar mijn benen lopen gewoon. Een klein beetje protest is op zijn plek. Na 3 kwartier word ik wel moe. Gelukkig maar! Is er tenminste nog iets!

We lopen 5 kilometer. In een uur. Daarna volgt de welverdiende hamburger! Ik kan de trappen gewoon op en af. Moeiteloos. Ik ga ‘s avonds lekker in bad. En op tijd naar bed.

Wat een verschil met 8 jaar geleden. Het contrast is bijna te groot. Als ik niet af hoeft te zien, is het in mijn ogen geen prestatie. Hoeveel mensen ook jubelen dat we zomaar een marathon hebben gelopen! Voor mij voelde dit als ‘te simpel’. Een hele goede training. Van 42 kilometer.

19 December. Uitfietsen. ?‍♀️ om niks

Nee, er is niks aan de hand. Mijn voeten zijn weer oke, ik voel geen enkele spier, ik ben nog maar een heel klein beetje extra vermoeid, maar ik heb wel lekker veel trek. Dus mijn benen kunnen me prima op en neer naar de snoepkast dragen! 🙂

Ik moet uitfietsen. Niet dat ik daar moeite mee heb, maar ik heb weinig zin. Er is weinig eer aan te behalen. Ik heb een route in Watopia die ik nog niet heb gedaan: Legends en Lava. Expres even geen andere afleiding als een muziekje.

Mijn benen vinden er toch wel iets van. Niet dat ze de rondjes niet draaien, maar niet zo hard. De hartslag is regelmatig wat hoger en de cadans ligt niet met gemak boven de 75. Ik kijk om me heen alsof ik echt tussen de dino’s door rij.

En ik rij naar de vulkaan. Daar omhoog fietsen, kost moeite. Maar opgeven komt niet in me op. De route moet af, het uur moet vol. Hoeveel van al die fietsers die mij nu zomaar inhalen, zouden een marathon hebben gelopen gisteren? In mijn optiek zou de helft dat toch zeker makkelijk kunnen!

Ik baal van weer een lockdown. Weer onrust. Weer een puber thuis met extra vakantie. Weer gezanik met winkels. Weer de angst om ziek te worden. Weer onzekerheid. Na 66 minuten fietsen ben ik op de top van de vulkaan en zijn de frikandellenbroodjes klaar. Ik ben nog nooit zo rustig naar boven gefietst.

Voor mij is dit een rustdag. ‘s Middags hoeft ik enkel al het wasgoed weg te werken (2 trappen op en af) en de blog af te maken. Ik zie erg op tegen de laatste weken van het jaar. Omdat ik niet kan zwemmen, daar baal ik onwijs van. En omdat er als hoofdopdracht Actieve Rust staat. Waar ik maar slecht tegen kan. Ik wil nog hardlopen. En lekker lang binnen fietsen op de dagen die vrij zijn. En de vrije dagen zijn er veel! Ik zie er meer tegenop dan tegen het lopen van een marathon.

Categories: Geen categorie | Leave a comment

Protected: 2021-37a Zwemanalyse

This content is password protected. To view it please enter your password below:

Categories: Geen categorie | Enter your password to view comments.

2021-36

Maandag 29 november – Een “herstelrit”op de Tacx die dat absoluut niet was! ?

Van het hardlopen moet ik volgens mijn schema herstellen. Leuk en aardig allemaal, maar het tempo van gisteren geeft mij daar niet echt aanleiding toe. Op het schema staat ook nog: ‘we gaan proberen de hartslag laag te houden en een cadans boven de 85 te halen‘. Ik word daar niet blij van: hoezo, “we“? Dat zal ik toch echt zelf moeten doen en willen en aan kunnen gaan en het enige wat de coach bij zou kunnen dragen is een beetje motivatie. Die motivatie ontbreekt van zijn kant in ieder geval. Gelukkig was het loopmaatje gisteren op de Tacx gaan zitten en die liet een tempo zien en een cadans die ik nooit zal redden. Tenminste niet bij de lage hartslag die ik aan moet houden om te herstellen. Ik dacht met een vriendin te gaan bellen. Dus ik doe vast mijn oortjes in en zet een muziekje op tot ik hoor of zij er ook klaar voor is. Goed idee, maar… dat zijn iets teveel bleutooth-apparaten van het goede. De hartslagmeter delft het onderspit.

Daar zit ik dan: in virtueel Frankrijk waar het druk is, met een training op basis van hartslag en waar ik op de cadans moet gaan letten, zonder hartslagmeter. Ik kan de hele zooi opnieuw opstarten, maar daar heb ik geen zin in. Dus moet ik er maar een hoge-cadans training van maken. Iedereen rijdt mij als een dolle voorbij. Ik kan denken dat ik gisteren nog hard gesport heb, maar het is totaal niet motiverend. De vriendin moet eerst met haar kind dealen en belt me daarna wel. Kortom: de zin is na tien minuten al ver weg. Net zo ver als Zuid Frankrijk.

Maar de cadans is hoog! En de sprintjes ga ik dan maar lekker wel aan als trainingsprikkel! En als ik me niets aantrek van iedereen die me inhaalt en blijkbaar 40 fietst, is het tempo net zo netjes als dat van het loopmaatje gisteren! Ik zet de muziek wat harder en trap door. Herstellen is er niet meer bij en het is wellicht goed dat de hartslagmeter het niet doet!

Misschien moet ik de maandag maar uitroepen tot die-on-the-bike-monday en het hele begrip ‘herstellen’ net zo hard door het putje spoelen als de hartslagzones. Ik zet een tandje bij, hou de cadans hoog en voel mijn benen. Voor bellen heb ik nu even geen tijd, ik moet 30 kilometer rijden binnen een uur! Motivatie uit mezelf is waardevoller dan de coach. Ik moet de cadans boven de 80 houden! Dat moet van mezelf en van niemand anders. Ik haal het makkelijk, 30 kilometer binnen een uur. Sterker nog, er zijn nog een kleine 7 minuten van het uur over.

Vriendin gaat niet meer bellen. Dan zal ik de 75 minuten training maar vol maken ook. 40 Kilometer is wat veel gevraagd, maar als ik er gemotiveerd van raak: why not? Ik kom met Mats te rijden uit Zweden als ik de tweede ronde in ga. We hebben hetzelfde tempo. Rij ik daar zomaar met een Zweedse meneer door de Franse velden! En weet je wat: ik zit er zo lekker in, dat nauwelijks niemand mij nog inhaalt! Sterker nog: ik ben zelf die irritante fietser die voorbij raast. Zelfs Mats haakt af als hij op 30 kilometer zit. Ik zweet me echt kapot! Na 68 minuten fiets ik de helling bij het aquaduct op en warempel: ik kom in de top-10 bij de dames!

Ik fiets nog even door tot de afslag verderop. Tempo en cadans blijven hoog. De hartslag is gelukkig de grote afwezige, maar dit heeft absoluut niets te maken met herstellen! Dat doe ik straks onder de douche wel. Ik fiets 42 kilometer in 1 uur en een kwartier. Met bijna 200 hoogtemeters. Daar moet ik even van… herstellen!

Dinsdag 30 november Zwemmen ?‍♀️ en vollopen ?‍♀️

Lockdown versie zoveel: we mogen niet meer sporten na 17:00 uur. Of het Corona virus zich ook aan de klok houdt, betwijfel ik. Maar het betekent dat alle zwemuren bij de club en ook de baantraining bij de club, komen te vervallen. Precies de reden dat ik bij de triatlonclub was gegaan! Dikke balen. Gelukkig heb ik een zwemkaart en een (min of meer) vrije dinsdagmiddag. De rij staat tot buiten (anderhalve meter afstand) en ik zie het somber in. Maar ik kleed me snel om en ben al op 300 van de 400 meter inzwemmen als de derde persoon er in de baan bij komt! De rustige banen zijn vol, maar uiteindelijk komen er 5 mensen in de baan bij mij bij. Die allemaal totaal verschillende tempo’s en rustpauzes houden, dus ik heb nauwelijks last van de anderen. Na het inzwemmen doe ik 3 keer 400 meter. Ik zwem gewoon door en zal later wel kijken naar de tijd, maar die schijnt rond de 2:25 te moeten zitten. Rustig aan dus. Maar het gaat lekker en iets minder rustig aan. Na de tweede serie moet ik er even aan geloven: voor andere mensen is dit geen training maar een ontmoetingsmoment en de mevrouw in mijn baan wil graag even een praatje maken. Ze snapt er niks van, dat ik een training heb en honderden meters zwem. Ze kan me even volgen. De series duren rond de 9 minuten.

Dan stroomt het bad weer leeg na 3 kwartier. Figuurlijk dan. De mensen gaan weer naar huis. Ik zwem nog een serie van 400m uit. Dan heb ik de baan voor mezelf. Omdat Garmin hier en daar stom rekent, plak ik er nog 100m achteraan, zodat ik zeker 2000m heb gezwommen. Ik verlaat als laatste het bad.

Tja. Ik heb de afgelopen maand 196,5 kilometer hardgelopen. Dat kan natuurlijk niet. Niet omdat het veel is, maar het is net te weinig. Tweehonderd is toch beter? Dus ik trek (na een half uurtje rust op de bank en een uurtje werken) de hardloopschoentjes aan.

Geen gezeur, gaan! Geen gemiep met hartslagzones, geen gezanik met tempo’s, geen rare ondergrond. Ik ga de straten door van de wijk. Heen en weer. Niet te lang nadenken. Gewoon 3,5 kilometer hardlopen. Punt. Is niks aan. Is niet moeilijk. Een heel klein beetje kijken naar kerstlampjes en wat om auto’s op de stoep heen slingeren. Een beetje koel en ik weet niet eens of het miezert. Ik verveel me zo dat ik opmeet of elke straat even lang is- ja, ongeveer 500m. Ik loop het vormpje af en 4 kilometer vol. 200 Kilometer hardgelopen in een maand! Natuurlijk waren er vroeger wel eens maanden waarin ik meer hardliep. Toen ik nog niet aan triatlon deed. Maar deze maand heb ik ook 400 kilometer gefietst. En ruim 20 kilometer gezwommen. Ik denk dat het off-season voorbij is! Op naar meer… Ik hou wel van veel hardlopen.

Woensdag 1 december. Tegen alle zin in ?‍♂️ ?

Buiten is het somber, kil en extra vroeg donker. Ik voel me kil, vervelend, moe en lastig. Tegenwoordig schuif ik lekker zelf met mijn schema (heerlijk) en ik had het hardlopen van morgen op de baan naar vandaag gezet. Maar ik kan de energie niet opbrengen om de natte, donkere avond in te gaan. Ook niet met een podcast, want de teamleaderrun is verlengd. Dus ik schuif het fietsen weer terug. Een uurtje op de Tacx op hoge cadans en lage hartslag. Alle systemen werken. Helaas.
HET IS NIET LEUK

Ik vind er na tien minuten heel veel rondjes trappen en alleen maar kijken naar de hartslag die laag moet blijven al welletjes geweest. Ik wilde dat ik buiten in de regen kou had lopen leiden! Ik doe nog liever een krachttraining! Dit vind ik helemaal, helemaal niks. Er zit geen tempo in, het voelt als een straffe martelgang. Al een kwartier. Ik tel de minuten af. Het moeten er minstens 48 worden. Iedereen haalt me in. En ik maar kijken naar dat getalletje achter de cadans en die boven de 90 proberen te houden. En kijken naar de hartslag ernaast die onder de 108 moet blijven, al tel ik 110 ook goed.

Na een half uur heb ik de route gedaan. Dat is een pluspuntje. Maar het wordt er niet leuker van. Nu moet de coach maar eens iets gaan bedenken, want dit staat me zo tegen dat ik dit echt niet de hele winter blijf proberen. Fietsen vind ik al het minst leuke onderdeel en dit is één grote ellende. Volgende keer ga ik muziek luisteren en sluit ik in elk geval de hartslagband af. ? Liever nooit een volgende keer. Na 45 minuten denk ik: nog maar drie! Ik maak uiteindelijk het rondje af op 20 kilometer en dan nog een keer door de arcadehal. Gaandeweg is het tempo in elk geval verbeterd, maar ik heb aan de 52 minuten die ik heb gefietst geen plezier beleefd. Daarna een klein minuutje wel: een hartslag van gemiddeld 108, een cadans van 89 (negen-en-tachtig ja) en een tempo van een redelijke 24,3. Daar ben ik totaal niet moe van geworden. Maar dat was ik al.

2 December. Een virtuele race in plaats van de baantraining ?‍♀️ ?

Vincent heeft een soort van training vanuit iemands huis in Verzetswijk in Almere. Ik heb nog een virtuele race liggen van Teamleader (je weet wel, dat CRM programma van mijn werk) van 10 kilometer. Ik heb uitgezocht hoe ver ik dan om kan lopen en waar ik heen moet. Twee weken terug deed ik dezelfde soort race, maar dan over 5 kilometer. De tips en alles waren echt leuk en boeiend, dus ik herhaal dit gewoon, maar dan in het donker! Ik twijfel nog even of ik niet gewoon lekker Kensington wil luisteren, maar het wordt de Teamleaderheroesrun!

Schoentjes aan, fotograferen en dan ga ik weg uit de wijk waar ik werkelijk nooit kom. Ik loop over het donkere fietspad te luisteren naar een meneer die vertelt over weerbaarheid. Tja, ik weet wel dat bewegen goed voor je is! Maar zo in het donker in de kou voelt dat een beetje twijfelachtig. En ik moet ook nog maar eens wat tempo maken, want het is toch een soort van wedstrijd! De handschoentjes die ik van ‘Sinterklaas’ heb gekregen doen hun warme werk gelukkig. En de voeten doen het hardloopwerk. Ik loop door het centrum te luisteren naar dokter Jurriaan. Klinkt als een fout TV programma, maar… superinteressant!

Van Dokter Jurriaan mag ik onzeker zijn! Als tegenwicht voor al die controle en zekerheid blijkt onzekerheid voor de balans te zorgen. Een echte eye-opener die voor een snelle en vooral soepele kilometer zorgt! Als ik richting het Beatrixpark loop, luister ik naar een zeilster die het heeft over voeding. Ach, intussen weet ik daar wel genoeg over! Inmiddels ben ik zelf al 2 weken heel goed bezig met niet-snoepen en is mijn rusthartslag weer flink gedaald. Ik loop richting de Noorderplassen met een slechte alternatieve Dam tot Damloop in gedachten. Tussen de sprekers in is het elke keer even stil. Mijn tempo ligt rond de 5:40, zoals ik bedacht had.

Het is hartstikke donker op de weg die ik heb uitgezocht. Ik ben niet bang in het donker, want waarom zou ik op deze plek nu wel bang zijn en in de maand juli niet? Het is iets beter opletten waar je je voeten neerzet, vooral op de gladde brugjes. Ik kijk naar de sterren en luister naar een meneer die vertelt over mantra’s. Dat kan ik ook wel onthouden! Als ik maar vaak denk: ik ben een goede triatleet, dan geloven mijn hersenen dat. 🙂 Ik loop langs de huizen en daar is het weer licht. Ik ben al over de helft en heb de eerste 5 kilometer in iets van 28 minuten gelopen. Best tevreden over! Ik loop langs het strandje. Daar spreekt een vrouw van mom-in-balance, maar daar had ik meer van verwacht dan de geijkte tips die ik intussen wel ken. Eigenlijk is het overal maar stil en rustig; ik zie bijna niemand! Ik kom weer op een onverwacht donker deel, maar ik ga nu echt lekker. Ik heb het niet meer koud en hou een wat hoger tempo vast. Niet vanzelf, maar ik kan het opbrengen. Ik kom langs de Vaart te lopen en denk aan mijn eigen doelen die me motiveren. En dan komt Sofie aan het woord. Een Belgische triatlete die Hawaii heeft gefinisht.

Ik ben vanaf nu fan van Sofie, die mijn gedachten over motivatie en doelen en volhouden verwoord. Het doet me wat! Zorg voor een doel en een plan. Nou, het ligt klaar voor mij! En dan nog een kilometer die wordt gevuld met ademhaling tips. Alsof ik in die laatste kilometer nog rustig kan ademhalen! Ik trek nog wat aan en wil nog ietsje harder. Ik loop maar even rechtdoor, want ik weet niet precies meer hoe ik terugkom bij de auto. Eerst de tien kilometer volmaken! Ik doe er 55 minuten over. Snel een selfie en de app afsluiten. Hopelijk win ik nu de conditietest! Ik loop de wijk door richting de auto en maak screenshots.

En dan begint de ellende… Ik blijk nog een end van de auto af te zitten en aan de andere kant van de wijk te moeten zijn en dan begin ik te dwalen. Ik wil niet meer hardlopen, dus het is een beetje joggen om op tijd te zijn terwijl ik toch al te laat ben en ik blijk moe. Ik zie de kinderen wel lopen in de verte, maar kan ze niet bijhouden. Ik moet omlopen en dan kom ik weer in een stuk wijk waar ik niet moet wezen. Ik dwaal echt een heel stuk om. Achteraf was het een andere loopgroep. Ik kom koud, ietwat gedesoriënteerd, moe en een kwartier te laat om Vincent weer op te pikken.

Ik ben 17de van 120 deelnemers geworden. Voor mij iets van 15 mannen. ik ben wel tevreden met mijn tijd!

Vrijdag 3 december – 30km veluwetrail in de kou, weer half solo.

Ik ben een beetje dromerig de laatste dagen. Ik slaap wat onrustig en alles is wat ‘donker’ voor mijn gevoel, maar ik ben van binnen wel blij. De dag begint goed met een passende beloning voor weer een week zonder snoep en eet-verleidingen. Weer een paar honderd gram minder! Vandaag staat er nog een lange duurloop op het programma, waar ik de hele dag voor heb uitgetrokken! Joyce gaat weer lekker met me mee lopen. Joyce en ik reden apart van elkaar. Om half 11 waren we bij het airbornemonument.

Het is koud. Erg koud. Ik vertrok bijna zonder trailschoenen aan (wel hele oude hardloopschoenen zonder profiel). Wat was het koud! Joyce kletste de eerste 3 kilometer vol. Het ging lekker. Door het bos, wat modder en rustig opwarmen. Langs een kuil van onbekende origine, maar ik wilde even doorlopen om warm te worden. Meer bos als ik me kon herrinneren van de eerste keer dat ik met PL liep. Ik liep met hem in de sneeuw in januari op deze route. Het ziet er nu met alle gevallen bladeren en de zwaar bewolkt lucht totaal anders uit. De eerste 3 kilometer gingen echt soepel. Een kort eetmomentje. Toen onder de snelweg door en de heide op. Bij het monument een stop- en eetmoment.

Ik had het niet moeilijk, maar Joyce vond de kou zwaarder. We kwamen bij de duiker en ik vond dat best langer en wat minder dan toen ik hier de eerste keer liep.

Er is veel snelweg in de buurt de hele tijd. Dan komt het hele mooie stuk met de dalen, de schommel en de slingerpaden. En dan de brugjes. Veel rustige wandel-momenten onderweg. Er was bijna niemand.

En toen bij de Wodans Eiken. Nog een eetstop. We zitten op 10 kilometer en ik heb het even niet gemakkelijk als ik denk dat dit pas een derde is. Het valt niet mee om in het moment te blijven. Joyce had het nog minder gemakkelijk. Haar lijf heeft de laatste tijd de overhand genomen op haar hoofd. Ik liep elke keer een stukje vooruit en dan even rustig aan om Joyce bij te laten komen. We komen bij de Papiermolenbeek. Ik wist niet dat dit al zo vroeg allemaal zat! Het brugje blijft fotogeniek.

Het koelt opeens weer af en ik pak de handschoenen er maar weer bij. Ik heb me ergens verwond aan braamstruiken of prikkels en mijn hand bloedt. Geen pijn, maar ik kijk wel iets beter uit voor de planten naast het pad! Over het ecoduct, wat ik saai vond en dan weer een hei over waar het koud is. Een a-sociale fietser knalde het hekje voor onze neus weer dicht. Ergens tussen de 13de en 15de kilometer wandelden we een heel stuk samen op en besloten we weer uit elkaar te gaan. Joyce gaat de 30 niet volmaken. Zij voelt zich een blok aan mijn been, maar dat is het niet. Het is gewoon niet zo gemakkelijk dat we verder uit elkaar liggen qua loopkracht. Ik kan het lopen wat langer volhouden. Even denk ik dat ik ook mee kan gaan met Joyce en gewoon maar iets van 22 kilometer lopen en dan nog een uurtje werken haal, maar ik wil gewoon 30 kilometer halen, daar ben ik vandaag op ingesteld! Ook al is dat misschien niet nodig als we de plannen voor dit jaar laten varen.

Ik ga links tegen de wind en kou in, Joyce gaat naar rechts. Het is niet vervelend om in mijn eentje mijn eigen ding te doen. In het begin is het even wennen dat ik nu alles zelf op moet lossen en dat er dus niks ‘mis’ mag gaan, maar ik wind me niet op. Alleen de route volgen is minder handig, maar ik kan gewoon zelf rennen zo lang ik wil en wandelen als ik dat aanvoel. Weer veel bos en wat modder. Ik loop te mijmeren. Dat lukt me erg goed de laatste dagen!

Ik kom langs de kaboutertjes en daarna over de vlonders. Dat vond ik echt leuk! En de stapstenen.

Ik zit inmiddels tegen de halve marathon aan. Mijn horloge stopt de hele tijd als ik stilsta, dus de tijd is wat fictief en ik weet niet hoe lang ik in het echt onderweg was. Het boeit me ook niet zo. Ik doe de halve marathon zonder de pauzes maar iets langzamer als twee weken geleden en dat verbaast me, want het lijkt allemaal veel langer.

Mijn benen zijn ondertussen ook gewoon vermoeid. Die benen geven het ietsje eerder op dan het hoofd vandaag! Ik loop langs de thee en de paarden. En dan een slingerpad op langs de beken. Het gaat niet meer zo hard. Mijn bovenbenen zijn de tempobrekers van de dag. Ik hoef alleen maar 30km vol te maken. Mijn gels, reep en het water zijn op!! Als ik alleen ben, tel ik de kilometers veel meer. Ik wissel hardlopen en wandelen gewoon af en zoek mijn weg door het bos. Het ene stukje is erg mooi met brugjes en helder water, het andere stuk saai.

Ik moet naar de WC voor een grote boodschap en zoek een plek. Als ik klaar ben, lopen er iets lager mensen langs! Net op tijd. Dat loopt een stuk lekkerder. Ik ga het spoor weer over en ben de mojo en het gemak kwijt. Het is een beetje dagdromen, aftellen en doorlopen. Het enige wat me zorgen baart is mijn horloge: die heeft nog maar weinig accu over. Daar staat de route op en met de kou is het blijkbaar zwaarder voor mij, maar ook voor de accu.

Ik ga nog een keer door een prachtig beschilderde tunnel en dan de hei weer op. De route is weer iets korter dan 30 kilometer en ik kwam al een beetje te kort door het bevel stoppen. De Apple Watch is al een kilometer verder! Die blijft lopen. Er is zand en modder op de hei en ik voel me moe. Net voorbij de 29 kilometer is de route ‘op’. Oriënteren waar ik precies naar toe moet is even lastig. Ik maak nog een ommetje en het is een heel klein beetje gaan druppelen en op de hei waait het: het is ijzig koud. Dat kan er nog wel bij! Nog even doorploeteren naar Joyce met de chocomelk!

Bij het Airbornemonument zitten de 30 kilometer erop. Ik ben meer dan 4 uur onderweg geweest, maar zit zonder de pauzes onder de 4 uur. Mijn Apple Watch heeft 31 kilometer geklokt. Ik vind het mooi! Ik heb toch maar weer 30 kilometer in de benen. Joyce heeft er ook nog altijd 25 gelopen. De chocomelk smaakt me prima en ik ben wel weer redelijk uitgerust als ik in mijn eigen auto stap om naar huis te rijden. Of komt dat door het mailtje van de trainer? Ik zag tijdens het lopen de kop van de mail en de eerste regel over een samenwerking, maar met wie of wat kan ik niet lezen in het bos. Ik heb lopen dromen wat de ideale samenwerking zou zijn als je het mij vraagt, maar dat is wel echt een droom! Als ik in de auto de mail open, kan het natuurlijk alleen maar tegenvallen en daar hou ik rekening mee. Tot mijn grote geluk komen dromen soms uit! Dit is een samenwerking waar ik heel blij van word! Als ik al lang en breed thuis ben, plaatst de trainer een duurloop in het schema voor vandaag. Volkomen zinloos natuurlijk.

Ik voel dat ik 30 kilometer gelopen heb: mijn benen zijn zwaar, de trap kost moeite en ik eet heel veel pannenkoeken!

4 December Zwemmen, wandelen en fietsen – weer drie sporten op een rij ?‍♀️ ? ?‍♀️

In de ochtend doe ik vooral rustig aan. Uitslapen, beetje niks doen. Het is somber buiten en regenachtig en donker. Na de lunch pak ik mijn zwemspullen en ga ik naar het zwembad in Almere Poort. Tijdens het kinderuurtje mag ik niet meezwemmen, dus ik ga maar weer in het gewone banenzwemmen. Ik vermoed dat het druk zal zijn, dus ik ben op tijd. Er is wel triatlonjeugd aan het zwemmen. Ik spring samen met iemand anders in de borstcrawlbaan. Geen turbobaan voor mij vandaag, ik beschouw dit maar als uitzwemmen na de loop van gisteren. Ik pak mijn achtje er ook bij. Al na 2 banen denk ik: dit wordt gewoon endurance zwemmen. Ik ga twee keer een kilometer. Hoe tel ik dat af? Nou, 100m 1op4 ademen en 100m 1op3 ademen. Dat gaat een tijd goed. De andere man in de baan doet schoolslag afgewisseld met borstcrawl. Verder komt er nog een meisje bij, maar die kletst net zoveel als ze zwemt, dus het blijft heerlijk rustig in de baan. Ergens raak ik de tel kwijt. Mijn brilletje beslaat en de wereld wordt hartstikke klein. Ik zie de klok, degene die net voor me zwemt en meer niet. Dus ik zwem gewoon maar door tot er 3 kwartier om zijn en dan kijk ik wel hoe ver ik kom en of ik 2000m gehaald heb. Ergens vertraag ik even omdat mijn oor plopt en verder zwem en zwem en zwem ik. Voor mijn gevoel gaat het hard. Soms de meneer schoolslag inhalen en even versnellen, maar grotendeels gestaag doorgaan, baan na baan na baan. Ook wel rustgevend ergens. Na 3 kwartier kijk ik: 1975m gezwommen! Onbegrijpelijk hoe je in een 25m bad aan de ene kant kunt starten en aan dezelfde kant eindigt en dan toch op een ongelijk getal uitkomt, maar goed. Ik ga nog even verder tot ik er voor mijn gevoel klaar mee ben en ik doe ook nog een baan schoolslag als ik de baan voor mezelf heb. Ik wil op tijd weg om rustig mijn haren te kunnen wassen. Uiteindelijk valt de snelheid me tegen met 2:19 op de honderd meter. Maar ik heb wel 2250m gezwommen. Eerlijk gezegd denk ik dat ik ook 2000m in 3 kwartier heb gezwommen, dat het pas telt als ik gekeerd ben.

Waarom het zwemmen matig ging (en toch ook weer niet, want ik kan dus zomaar 50 minuten non-stop zwemmen) blijkt een uurtje later als krampen zich aandienen. Redelijk netjes op tijd, geen extra week om spanningen en depressies op te bouwen en niet al te heftig. Mijn rusthartslag gaf geen indicatie! Of het ligt aan de extra vitamines die ik neem of aan het gezonde eten weet ik niet. Ik voel me meteen wat lichter en gemakkelijker en wil dan ook gaan wandelen met Rob als Vincent zwemt. We moeten naar de Praxis. Rob zoekt de route, een rondje. Het is nat en kil en donker. Maar ik ben blij en we stappen behoorlijk flink door. We kletsen en lopen door onbekende wijken. Rob gaat bij de Praxis naar binnen en daarna lopen we via het centrum weer terug. Een dikke 5 kilometer passen er in mijn beentjes bij. Langzaam aan beginnen die benen toch een beetje te protesteren: ze trekken her en der wat. Maar er is geen excuus: de belangrijkste training staat nog op het programma: 2 uur fietsen. Binnen natuurlijk. Zwift. Na het avondeten stap ik maar weer in de klikpedalen. Innsbruck poging 3 met de route Lutscher CCW: twee keer de berg op. Ik moet op de cadans letten en op de hartslag. Vandaag is dat weer gescheiden (je weet nooit waarom; met machines zoals de Tacx en programma’s zoals Garmin). Ik was eigenlijk op twee dingen net niet goed bedacht: verveling (twee uur is weer lang) en hoe die berg elke keer weer tegenvalt. Ik probeer de cadans boven de 70 te houden.

Maar dan komt Vincent van wie ik Frans ga overhoren. Dat haalt de aandacht weg bij de cadans, maar ook bij de pijnlijke beentjes. Ik ga dus door woorden heen als argent, le magasin en payer. Vincent heeft maar een uurtje van mijn tijd nodig. Ik ben de eerste keer boven in een nieuw PR, maar het is hartstikke zwaar. Vooral voor mijn benen.

Als Vincent boven gaat gamen, ga ik verder met muziek luisteren van Kensington. Ik ben naar beneden geracet en ga nog een keer omhoog trappen. Ik laat de cadans los. Dan blijft de hartslag lager. Mijn benen vinden het echt minder prettig: mijn kuiten, bovenbenen en knieën doen pijn. Maar ik ga nog een keer naar boven. Hele stukken met mijn ogen dicht, de muziek hard aan en alleen maar trappen. De omgeving boeit me niet zo. Ik wil boven komen en naar beneden kunnen racen en 30 kilometer kunnen halen. Dan ben ik voor de jaarchallenge van Trispiration alweer heel ver op weg. Trappen, trappen, trappen.

Deze keer ben ik niet sneller boven, maar ik kom er wel! Route eindelijk afgerond. Meer dan 800 hoogtemeters. En vermoeide benen. Meer dan van 30 kilometer hardlopen. Ik ga nog naar beneden en maak de 30 kilometer vol. De 2 uur haal ik net niet helemaal, ik ben het echt zat. En mijn benen helemaal.

De trainer heeft pech: ik doe wat ik zelf wil. Ik kijk naar het schema, maar ik maak alle keuzes en pak alle ruimte die er is om te doen wat mij uitkomt. Geen gezeur meer over de cadans (die is te laag). Op een clou hoe ik daar aan kan werken, wacht ik al vier dagen. De trainer is wat mij betreft maar weinig betrokken, hoe hij er zelf ook over mag denken. Zeker in het weekend is het erg weinig en als ik op dinsdag om een training vraag, maar hij die vrijdag nadat ik gelopen heb pas plaatst, voel ik dat niet alsof het hem interesseert. Ik durf geen aandacht meer te vragen; stel geen vragen meer, hou hem niet op de hoogte. Wat mij betreft zijn we de communicatie zo goed als kwijt, maar blijkbaar denkt hij daar anders over. Hij houdt zich op de achtergrond. In dit (sinterklaas)weekend hoeft ik helemaal niet op enige connectie of reactie te rekenen! Daar maak ik mis/ge-bruik van. Ik laat geen verklaringen achter en dat is prima zo, want dan hoeft hij ook niks te doen.

5 December Waterleidingduinen en zee met Vincent ? ?‍♀️ ?‍♂️

Lekker uitslapen (ik slaap wel weer onrustig) en rustig wakker worden: dat is het voordeel als je afspreekt met iemand die in hetzelfde huis woont: je hoeft geen tijd aan te houden, je kunt gaan als je allebei klaar bent. We rijden naar Zandvoort en het parkeren daar is zowat het lastigst! De parkeerplaats is lastig te vinden, je ziet ‘m wel, maar je komt er niet. Om half 12 zijn de trailschoenen en handschoenen aan, loopt mijn hartslag-training en de route en wij lopen ook.

Ik heb Vincent gewed dat we herten zullen zien, maar hij wil me niet laten winnen. We zien dus een heleboel struiken-met-geweien en bewegende-struiken-met-een-gewei, maar geen herten! Mijn benen doen het: die lopen weer. Ondanks wat spierpijn in de bovenbenen vanmorgen, draaien ze nu gewoon het programma weer af. Over glooiende onverharde paden. Na wat een paar minuten lijkt, merkt Vincent op dat we al anderhalve kilometer hebben gerend! Het gaat te snel voorbij op deze manier! We zien een paar reeen, zo ver wil Vincent net gaan. Maar het zijn geen herten. Hooguit een ree met een gewei. We dollen en hebben lol onderweg. Hoe hard we gaan, maakt niks uit.

Eindelijk gaan we weer onverhard boven langs het water. Door het bos. Na drie kilometer wandelen we een stukje omhoog, omdat het kan. Omdat we al op een kwart zijn!

We zwerven door het bos en uiteindelijk geeft Vincent toe 1 hert te zien. Omdat de herten anders net zo virtueel blijven als de mini-marsjes die ik in mijn rugtas heb. 1 Hert voor 1 marsje op 5 kilometer. Ik eet een halve reep. Omdat ik een training heb, lopen mijn kilometers niet meer zo mee. Vincent neemt de route over. Mijn hartslag zit meestal namelijk hartstikke goed binnen de lijnen en die leidt niet af. We zitten nog op de route! Roept Vincent de eerste 5 minuten minstens 15 keer.

We hebben best veel verharde paadjes. En het is best druk op deze zondagochtend. We hobbelen gewoon verder en dan zitten we al op de helft! In mijn training zitten 3 sprintjes van 20 seconden. We doen ze nog ook! Vincent roept ja en ik tel hardop 20 seconden af. Onverhard onverwacht hard! Ik vind ze slopend en de minuut wandelen tussendoor is ook te kort. Het haalt de dynamiek uit de trail. Mijn benen vinden er helemaal wat van en dat begint op geen enkele manier met “oke”, wathefuk is een betere omschrijving. Niet te pijnlijk op enige plek, maar zwaar en vermoeiend past ze zeker. We komen opeens op het veld. Langs van die beesten die geen-hert zijn. Anders-geiten.

En Vincent meld meer dan eens dat we nog steeds op de route zitten. Dan komen we bij het water. Het onnatuurlijke water, noemt Vincent het. Het water is kraakhelder en je ziet de bodem. Het is onecht, zegt Vincent. We slingeren er tussendoor. Tot bij het sluisje. Maar iets verderop is een geweldig brugje! We lopen er voor om, nu we hier toch zijn.

In het gebied van de overal opduikende reeen-die-geiten-zijn-met-een-gewei, onecht water en vol met rare duinen. Op 9 kilometer zijn we bij het huisje van de Wester. We mogen er binnen kijken. De trap is een nachtmerrie voor mijn benen, maar het uitzicht is prachtig.

Vincent ruilt nog 1 hert in voor een marsje en ik maak mijn reep op. Dan komt de hoge duin met daarachter de zee in zicht. Het tempo is er wel uit. Ik heb besloten dat dit de training wordt die niet groen is. We zijn namelijk veel langer bezig dan 3 kwartier. Heerlijk. Dan wordt de training maar geel (overschrijding nog te doen) of oranje (meer dan de dubbele tijd onderweg geweest – foei) De route – nog altijd in handen van Vincent- buigt ineens op onverklaarbare wijze af richting een bunker. En nog 1. Daar komen we zomaar langs zeg.

En dan verlaten we de waterleidingduinen. We klauteren het zand door de hoge duin op. Deze kant is nog erger van vanaf de zee! Boven maken we natuurlijk een foto en dan kan het feest beginnen.

Ik wil geen natte voeten. Geen koude zee voor mijn arme onderdanen. Denk ik echt. Anderhalve minuut. En dan loop ik achter Vincent aan en plons… Ik maak foto’s en Vincent geniet onwijs. Splash, splash! Ohja, hiervoor kwamen we!

Het is koud, maar mijn benen en voeten schrikken werkelijk nergens meer van. Het enige waar ik van baal is dat we er al bijna zijn! Omdat het allemaal niet hard hoeft en gaat en we een stuk rennen en een stuk wandelen, zou ik dit een hele dag kunnen volhouden. Ergens is het iets dieper dan we dachten en dan ben je opeens tot je knieën nat. We zijn toch al bijna bij de auto! Dat moet ook wel, anders koelen we te snel af. We gaan Zandvoort weer in langs rare beelden en door dat rare straatje en ik heb meer dan 12 kilometer gelopen. Vincent ook. Ik voel het wel, maar aan de andere kant knap ik ook heel erg snel weer op en heb ik nu minder spierpijn dan vanmorgen.

Ik zit thuis nog een uurtje lekker niks te moeten en na het douchen starten we de sinterklaasgourmet op. Ik eet lekker, maar niet te veel! De trainer reageert wel op de training, maar enige uren later. Hij vindt het blijkbaar goed als ik me niet aan de training hou en teveel doe. Ik hoop maar dat hij het wel goed in de gaten houdt, want ik kan ook makkelijk over de grens gaan. De afgelopen week heb ik bijna 60 kilometer hardgelopen en dik 12 uur gesport aan zwemmen, fietsen, hardlopen (wandelen en krachttraining telt niet mee). Daarnaast heb ik al het wasgoed weggewerkt, een kind Franse woordjes geleerd, gedieet en afgevallen en ik heb ook nog eens gewerkt.

En wat ik ook heb gedaan: ik heb met een heleboel mensen mijn plannen voor 2022 gedeeld. Het is nu 5 december elf uur ‘s avonds. Over een half jaar hoop ik een Ironman te zijn. Ik ga in Hamburg de hele triatlon doen. In Almere doe ik de halve triatlon. De overige afstanden in triatlon ga ik, net als in 2019, proberen allemaal af te ronden. Een OD (olympische afstand) en een sprint staan al in de planning. Met de zomervakantie erin en een sportend kind met eigen ambities en een leuke deeltijdbaan een aardige puzzel! Maar als ik een plan heb en de juiste support weet ik zeker dat ik zelf tot veel in staat ben. Rob, mijn baas en de trainer kunnen de support leveren. Ik kan de kracht opbrengen.

6 December – Die-on-the-bike Monday En France ??

Om een uurtje of 7 stap met een matige hoeveelheid aan zin op de Tacx. De hartslagmeter werkt ✅ de cadansmeter doet mee ☑️ en de muziek van Kensington kan ook aan ✔️ op de oortjes. Ik ga fietsen in Frankrijk. Eerst een half uur ‘intrappen’. Iedereen haalt mij in en ik blijf niet eens binnen de hartslagzones! De cadans valt ook een beetje lager uit en blijft onder de 80. So be it.

De muziek staat lekker hard! Na een half uurtje ga ik aan de intervallen beginnen. 3 minuten hard en 2 minuten rust met een hoge cadans. Gok ‘s welk blokje het moeilijkste is? Jawel, de rust en de hoge cadans. Dan stuiter ik bijna op mijn zadel en nog is het hopeloos. De hoge hartslag gaat wel goed samen met een hoge cadans op een hoog tempo. Ga ik echt stuk? Nopes. Ik zit met gemak aan de bovenkant van de hartslagzone en ik ga niet stuk. Ik kijk wel uit! Ik heb vrijwel geen water meer in de bidon.

De grootste uitdaging staat naast de fiets: Vincent heeft chocoladekransjes gehaald en ik blijf er af. Ik wil voor de Trispiration challenge de 30 kilometer vol maken. Ik heb anderhalf uur de tijd, dus dat moet lukken. Ik ga tamelijk moeiteloos alle intervallen door. De vijfde is wel iets minder makkelijk dan de eerste, maar het is allemaal te doen. Eigenlijk is dat vooruitgang, want een paar weken geleden was dat nog niet zo. Wie weet komt het ook nog wel ooit goed met de cadans. Ooit-ooit. Ik ben klaar met de intervallen en ik ben rond met de route.

Nu ga ik rechtdoor en dat is een kleine vergissing, want ik ga de berg, de Mont Ventoux, op. Ik bel met mijn vriendin. De bidon is helemaal leeg en ik heb dorst. Bellend de berg op gaat tergend langzaam en de aandacht voor de cadans en het tempo verslappen, maar ik verveel me niet meer! Ik ben blij als ik naar beneden kan gaan rijden en dan maak ik de anderhalf uur vol en ik fiets zelfs nog ietsje langer om de 40 kilometer vol te maken!

Daarna bel ik zomaar nog een uurtje door. Ik ben van eenzelfde training wel eens veel vermoeider geweest. De chocolade kerstkransjes blijven volkomen onaangeroerd liggen.

7 December Zwemmen, heppie en wandelen

Ik word wakker met een flinke hoofdpijn. Uitdrogingshoofdpijn. Veel te weinig gedronken gisteren! Sjit. Ik ga aan het thee drinken, maar na een paar uur moet ik toch echt een paracetamol. Dat helpt me niet heel veel meer. Op mijn werk krijg ik om twintig voor 12 een somber telefoontje. Ik zet niet bij de pakken neer, maar ik word niet blij. Ik raak een beetje gefrustreerd en dan moet ik gaan opschieten voor het zwemmen ook nog. Ik pak snel mijn spullen en op de bidon zit een training met 400tjes. Die wordt het dus. Ik ben net voor half 1 in het zwembad. Ik voel me opgefokt, want ik wil ook de 2000m halen voor de jaarchallenge van Trispiration. Dan moet ik een beetje doorzwemmen, want met 2:25/100m lukt me dat niet! Het is heerlijk rustig. 2 of 3 andere mannen in de baan en ik. Lekker! Geen kwebbelaars en verschillende tempo’s, want de mannen hebben flippers en achtjes. Ik ga inzwemmen: 100bc, 25school-25bc-25rug-25bc, 50 benen (!), 25 bc en dan 100 armen. Het gaat wel redelijk. Daar is het mee gezegd. Het horloge maakt er 375m van. Dan de vierhonderdjes. 100m 1 op 4 ademen, 100m 1 op3 ademen. Ergens ben ik ongelooflijk blij, want volgende week heb ik weer een zwemanalyse. Het lijkt erop dat ik over ben gestapt van trainersclub, maar ik vind het nog een beetje raadselachtig. Die zwemanalyse maakt er deel van uit en daar ben ik hartstikke blij over. Ik let nu dus nog maar eens extra op mijn techniek. Diep en breed insteken zijn een gewoonte geworden. Ik doe de 400m onder de 9 minuten. Zonder hulpmiddelen. Even een korte adempauze en dan door voor de tweede. Het tellen van de banen gaat goed met de ademhalingstechniek. Ik hou het zwemmen tegenwoordig moeiteloos vol. 5 Jaar geleden had ik dat nooit kunnen denken.

Mag ik een sticker uitzoeken?! ?

Dit 400tje gaat zelfs nog iets sneller! Ik moet toch iets kalmer en dat doe ik de laatste dan maar. Niet heel veel, het blijft net onder de 9 minuten. Deze voelt wat zwaarder. Ook nu snoept het horloge er 25m af. De hoofdpijn is dan ook weer terug. En ik kan nog wel een paar zorgen verzinnen om me af te leiden, maar dat maakt me verdrietig. Dus ik richt me maar op het halen van de 2000m. Daarvoor zal ik de laatste serie van 400m uitzwemmen met een achtje moeten doen. Ik blijf alleen over in de baan. Ik zwem flink door. Kost me minder energie voor de benen, maar ik ga er niet echt sneller mee als met benen. Ik ben de op 1 na laatste in het zwembad en dan zwem ik nog 50m schoolslag. Ik heb 2000m op het klokje staan! Trispiration Challenge afgerond. Elke maand van dit jaar heb ik 2 keer 10 kilometer hardgelopen, 2 keer 30 kilometer gefietst en 2 keer 2000m gezwommen. Consequent. Zonder opgeven. Consistent. Volhardend.

Als ik thuiskom, blijkt de trainer een zwemtraining te hebben gemaakt. Sorry, die was me ontgaan.

Verder lees ik het volslagen misplaatste idee om mij de laatste 2 weken van het jaar rust toe te schrijven. 5 Uur trainen in een week. In de laatste weken van het jaar, met jaardoelen en wat extra vrije tijd omdat het werk niet zo druk is? Klinkt me buitengewoon lastig in de oren. Daarnaast gaat hij toewerken naar “Frankfurt”. Goede land, dat wel, maar ik heb me toch echt ingeschreven voor Hamburg! Lekker betrokken. Wat me wel tevreden stemt is dat het logootje gewijzigd is. Ik denk dat ik voorlopig even nergens meer over zanik, ook al snap ik de constructie nog steeds niet.

‘s Avonds twijfel ik of ik ga hardlopen of wandelen met Rob. In het schema staat niks van hardlopen, maar dat is geen garantie. Ik ga toch maar wandelen met Rob. Moet even wat mensen te vriend houden. Gek genoeg ben ik heel blij over alles, ook al zit niet alles mee. Of dat nu de nieuwe trainersclub is of dat de jaarchallenge afgerond is of gewoon een tijdlang goed slapen en misschien is het wel het lieve puzzelboekkadootje wat ik van Rob gekregen heb, ik weet niet wat me blij maakt. Als ik denk aan het werk of Vincents cijfer of de aankomende rustperiode, zou ik ook zomaar flink verdrietig kunnen worden. Rob en ik kletsen terwijl we door onbekende delen van Almere wandelen. Het is een flinke tippel van 5,5 kilometer met op de valreep een AH ertussen voor brood. Dat is toch mooi he? Een soort van rustige dag vol met frisse lucht, een uurtje zwemmen en een middagje minder hard werken omdat ik vrij ben.

Woensdag 8 december lunch-hobbeltje met Manuel ??‍♀️??

De trainer heeft (weer) een foutje gemaakt. Gewoon in de haast weer eens een stadsnaam gewisseld. Ik blijf erbij dat het niet toont van goed coach-schap, maar dit helpt mij enorm om het schema echt enkel als een leidraad te gaan zien en lekker mijn eigen ding te doen. De afgelopen week heb ik alles naar mijn hand geschoven. Ik had een training op de baan staan op donderdag, maar door de corona-maatregelen (na 17:00 uur moet alles dicht) gaat dat niet langer door. Dus ik schuif deze week met trainingen van hot naar her om overdag te kunnen sporten. Dat scheelt ook, dat het dan nog net in het licht kan. Om 12 uur ga ik met Manuel samen een blokje hardlopen. Ik heb geen haast samen met Manuel. Ik ga gewoon een uurtje er tussenuit. Het loopt lekker. Gewoon gemakkelijk. En we kletsen erbij. Ik let niet echt op de hartslag. Die ligt lekker in zone 2.

We lopen over het fietspad richting de dijk. Bekend en toch ben ik er al een tijdje niet meer geweest. We gaan door het bos terug. Even merk ik dat het lunchtijd is, maar Manuel kletst de tijd nu mooi vol. We zien zelfs even een zonnetje! Dan is het meteen een stuk minder kleurloos. Het blijft makkelijk gaan. We lopen gewoon weer terug en ik loop 7,5 kilometer. Het is allemaal doodgewoon gegaan. Zo’n loopje waardoor je er niet meer bij stilstaat dat er ooit een tijd was dat hardlopen en bewegen helemaal niet in het systeem zaten. En dat is pas tien jaar geleden! Met een frisse neus werkt het ‘s middags weer beter door.

Donderdag 9 december – Weer een vreselijke training op de fiets ?

Hartslag laag, cadans hoog en boven de 85. Ik zag er al de hele dag tegenop. Ik heb al een keer bij een training gezet hoe niet-leuk ik deze combinatie vindt, maar de trainer snapt dat en daarmee is de kous af geloof ik. Dus ik stap met muziek aan op de fiets en alle systemen werken weer eens mee. Ik ga in Watopia rijden, gewoon een simpel rondje. Niet teveel nadenken, niet teveel hoogtemeters. Ik hoef maar een uur. Me te ergeren aan iedereen die me inhaalt. En dat zijn hele volksstammen.

Ik hoef me maar een uur te irriteren aan de lage hartslag. Die echt totaal niet te verenigen is met een cadans boven de 80 en al helemaal niet met een cadans boven de 85. Zulke lage versnellingen zitten niet op de fiets. Dan kan ik niet meer fietsen. Ik kan er niks leuks aan vinden. Het lukt niet. Ook niet als ik de muziek harder zet. Of kijk naar de omgeving.

Ik volg heel soms eventjes iemand. Maar dat blijken twee keer 60plussers te zijn, die me uiteindelijk ook inhalen. NIET LEUK. Als de hartslagmeter en de cadansmeter er dan ook nog mee kappen, horen ze me denk ik drie huizen verderop schelden. De Zwift pakt het op, maar het Garmin-horloge niet meer. Rob komt nog even kijken of er iets mis is, maar behalve dat ik geen zin heb, fiets ik node weer verder.

Wat wel een paar minuten een grote grijns bij me opwekt, is dat ik van Robs Poolse collega een Poolse opmerking krijg via Strava bij de loop van gistermiddag. Ik heb bij hem ook al Nederlands commentaar gegeven, dus ik krijg nu een koekje van eigen deeg en daar moet ik hard om lachen. Mijn hartslag laat ik helemaal los. Ik moet onder de 110 blijven, maar ik krijg ‘m al niet meer onder de 125. Ik laat het maar gaan. Knarsetandend. De cadans blijft wel hoog.

Na een uur weet ik niet hoe snel ik van de fiets af kan stappen. Ik denk niet dat ik dit gedoe met lage hartslag en hoge cadans ooit nog doe. Never ever again. De gemiddelde cadans ligt op 85. De hartslag op gemiddeld 118. Ik heb met veel gemopper 23 kilometer gefietst.

Vrijdag 10 december Lekker ouderwets gewoon hardlopen met Manuel en een tempotraining zwemmen

Manuel en ik slapen eerst uit en dan gaan we 3 kwartier een stuk lopen door het Kotterbos. Net als vroeger: bijkletsen. Als je denkt dat vrouwen kletsen kunnen, dan moet je Manuel en mij eens horen! Alleen moet die arme Manuel nu mee in mijn lage hartslagzones. Het is best koud en de eerste kilometer regent het zelfs nog een beetje. Maar bij het Schanulleke Sluisje is het al warm en de handschoenen kunnen bijna uit. Langs de Vaart waait het nog even kil. Ik zit net binnen de hartslagzone en het tempo valt me nog mee. Als we het viaduct onderdoor gaan, mag ik een hartslagzone verder en dus lopen we ietsje harder. We nemen de natuurbrug.

Het gaat gewoon, gemakkelijk, goed. Aan alle kanten heb ik ruimte over om te luisteren, te praten, te klagen en vooral om te lopen.We gaan de berg over, ik iets trager dan Manuel.

En dan terug naar het fietspad. Ik moet ook nog 3 sprintjes doen. Natuurlijk komen die net als we de Hogering moeten oversteken! Maar ja. Ik zet 20 seconden aan en dan een minuut rustig. Het begint weer te druppelen. Ik ga over de 45 minuten heen en ook over de 54 minuten die er maximaal voor de training staan. Jammer dan. Ik ben een beetje klaar met klakkeloos het schema volgen. Dus ik schuif en doe een beetje wat mij uitkomt. En vandaag lopen we een uurtje en 9,5 kilometer. Ik vind het wel best!

Ik maak het huis schoon en na de lunch ga ik naar het zwembad. Deze keer is het hartstikke druk. Er zijn wel 7 of 8 mensen in de baan! Van verschillende snelheden. Een paar (veel) sneller dan ik, een paar die (in de turbobaan) schoolslag doen. Ik zwem in in 2 banen: benen en schoolslag in de borstcrawlbaan, waar ook niemand zich aan houdt. Al met al een telfout, want ik zwem wel 600m in. En dan begint de tempo-training. Natuurlijk zonder achtje en dat vinden mijn benen maar matig leuk. Die hebben zoiets van: maar we hebben vanmorgen toch al ons best gedaan?! Ze doen echter wel mee. 6 keer 100 meter op tempo 2:08. Ik ga elke keer harder. Als ik heb uitgezocht wie welk tempo heeft, lift ik mee met een snelle zwemmer en kom ik zelfs binnen 2 minuten uit, ha! De 6 keer komen er, niet vanzelf, ik moet er voor werken, maar ze zijn er al sneller als ik had gedacht. En dan moet ik 4 keer 50 meter op 1’08”. Maar ik verlies elke keer net iets teveel bij het keren. Dat ga ik dus niet leren voor het zwembad. Ik moet buiten zwemmen. Tot slot moet ik 2 keer zo hard mogelijk 25 meter doen. De eerste keer haal ik binnen de 30 seconden. De tweede kies ik een verkeerde zwemmer, die nu opeens een soort vlinderslag doet. Het wordt rustiger in het bad, dus ik doe nog twee keer een snelle 25m. Allebei sub 30 seconden. En dan ga ik met achtje uitzwemmen. Heerlijk. 200 Meter. Daarna 100 meter schoolslag. En tot slot zelfs 50 meter rugslag. 3 Kwartier gezwommen en dan mag ik genieten van de kerstboom en de kerstmuziek in het zwembad. Had niet gehoeven van me. Gelukkig zit de rest van de dag vol met een uurtje werk, eten en visite, anders had ik nog even gefietst.

11 December – Fietsen op de nieuwe fiets ?

In Zwift moet Vincent me helpen: ik heb 3 miljoen “bucks” om een fiets te kopen en andere wielen. Misschien kan ik dan ook sneller. Ik blijf op dezelfde fiets zitten in huis, maar in Zwift lig ik op een luxe tijdritfiets.

Ik moet nog steeds zelf trappen. Ik moet nog steeds rekening houden met hartslagzones (een beetje dan). Ik moet nog steeds een hoge cadans trappen. Ik word nog steeds ingehaald. En wat ik vooral ook moet is geschiedenis overhoren. De eerste wereldoorlog komt aan bod.

Ik let dus niet zo op, laat de hartslagzones links liggen en ik hou de cadans hoog. De vulkaan op is een verzoeking. Blijkbaar zijn tijdritfietsen daar minder geschikt voor. Voor mijn gevoel schiet het tempo niet echt omhoog.

Ik ben wat later op de Tacx gaan zitten, waardoor ik merk dat ik wat sacherijnig wordt van trek omdat het lunchtijd is. Dan stuur ik Vincent even weg, zodat ik even zelf door de heuvels kan mokken. Ik drink thee op de fiets. En even ben ik de snelste op de sprint, wat te zien is aan het shirtje voor mijn naam.

Ik heb een view opstaan, die me allemaal speciale beelden laat zien. Leuk. Mijn fiets is wel echt mijn kleur. Ik hou het bijna twee uur vol, net niet. Snel van de fiets af! Mijn cadans blijft ‘steken’ op 82. Wonderlijke verbetering als je denkt dat ik een maand geleden op 70 zat. Mijn gemiddelde tempo is doorgeschoten naar 27km per uur. Ik heb 53 kilometer gefietst.

‘s Middags ga ik lekker buiten wandelen met Rob. Ik strijk ook tijdens de F1 en dat telt als krachttraining. En het hoogtepunt van de dag: ik lig zomaar een half uur op de bank niks te doen!

12 December – Gezellig en lekker lopen in de regen met SG ? ?‍♀️ ??‍♀️

Het is 9 uur ‘s morgens en ik ga samen met SG de gele route lopen op de Kemphaan en lekker samen bijpraten. De gele route is een halve marathon, maar… ik weet al dat we hier en daar wat zullen afsteken en vooral de verharde paden zullen kiezen. Ik heb mijn trailschoenen niet aangedaan. In het begin in het bos is dat even wat minder door het geglibber. We kletsen vooral over trainingsschema’s. Dan komen we lekker verhard te lopen.

Voor mij is het tempo lekker laag en mijn benen doen dat prima. Mijn hoofd is ook helemaal gerust, dus het gaat eigenlijk supergoed! We maken afspraken om in de toekomst samen vaker te gaan lopen. We maken ook plannen waar SG blij van word en ik eigenlijk ook heel erg. Als moet ik nog wat aan uitwerken. Ik heb niet het idee dat het regent op enig moment. Koud is het al helemaal niet.

We lopen om en dan slaan we een enorme modderpoel in het Museumbos over. Ik ben zo blij dat ik de Crosscup in de modder niet hoef te lopen! Ik ben niet van de modder, vind ik niet leuk. SG blijft onderaan de berg op me wachten, terwijl ik naar boven loop. Daar regent het wel even.

Dan lopen we door het Cirkelbos en over het hobbelige pad. Dat vind ik het lastigste pad. Daarna volgt het brugje, waar we allebei veilig overheen komen!

Hoewel het weertje somber is, ben ik echt hartstikke blij en tevreden. We kwebbelen hartstikke veel, wandelen soms een momentje en zeker op de gladde bruggen. Ik was totaal niet bezig met de tijd of de snelheid. Echt een bevrijding voor me!

We gingen daarna weer het bos in. Ik geloof dat er intussen 10 kilometer op zaten, maar ik lette er echt niet op. We gingen het bos weer in. Maar even zien hoe de natte voeten dat weer vinden. We kwamen zelfs schapen tegen in het Schapenbos.

Het was zo onverhard wel wat zwaarder. Ik had een reep opgemaakt en wat gedronken. Het miezerde wat. We liepen over onbekende paden; ik ken dat stukje gewoon niet zo goed, maar het is wel mooi. Ikzelf was verbaasd dat het me zo gemakkelijk af ging al die tijd. En dat ik dacht: oh, pas 13 kilometer. SG had een beetje last van een oude blessure en ze vond het ook wel mooi geweest. We kwamen op het fietspad wat weer bekend was en toen liepen we weer terug over het verharde Kerkuilenpad. Ik liep te kletsen en we permitteerden ons een kort wandelmoment. Toen liepen we de Kemphaan weer op. Ik vond het allemaal prima. Uiteindelijk dacht ik: laat ik de 16 kilometer maar volmaken. SG maakt de 15km vol en ik liep nog een klein blokje extra. Ik had echt heerlijk gemakkelijk met natte voeten gelopen. De welverdiende warme chocomelk achteraf smaakte heerlijk! En de koek ook…

Categories: Geen categorie | Leave a comment

2021-35

Ik liep een tijdje achter! Inmiddels heb ik de rest van de maand november bijna compleet hieronder klaarstaan voor je. Veel sporten, veel foto’s en veel te bloggen: Pak er een kopje thee bij zou ik zeggen ?

15 November Zwiften ?

Ik voel natuurlijk helemaal niks van die 5 kilometertjes. Gelukkig maar, want dit is een mega-mega-drukke werkdag. Het webinar wat ik heb georganiseerd is vandaag en gelukkig hoef ik het niet te presenteren, maar ik hoef alleen maar blij te zijn met de overweldigende opkomst! De werkdag is lang. Maar ‘s avonds staat er nog fietsen op het programma. Dus ik stap weer op de Tacx. Ik roddel via de whatsapp lekker met een vriendin die haar tijd op de fiets binnen ook moet uitzitten! Ondertussen trap ik op een virtuele mountainbike de berg over.

Nu weet ik waarom ik de mountainbike nooit kon handelen! Je moet een hele hoge cadans wegtrappen. En dat is niet mijn sterkste kant. Dit is een wereldoefening voor me! In geduld en rondjes maken.

Aangezien de trainer nog steeds zwijgt en weinig aandacht kan opbrengen vanaf zijn weekendje weg, moest ik daar maar gebruik van maken! Vincent gaat hardlopen en ik moet hem natuurlijk vergezellen. We gaan heel, heel langzaam. Het is koud. Note to myself: een winddoorlatend truitje hoort niet in dit jaargetijde. We tellen kerstlampjes. En ik test mijn paarse looplampje.

We lopen door de straatjes en al met al op jog-tempo wordt het een mooie route. Het gaat niet zo gemakkelijk meer na een lange en vermoeiende werkdag en een dik uur fietsen! Maar hé: het kán wel! Ik kan dit wel! Uiteraard reageert trainer niet, ook niet later, gewoon niet. Jammer zeg.

16 November Anke doet een triatlonnetje ?‍♀️ ?‍♀️ ?‍♀️

Eigenlijk was het de bedoeling dat ik alle overuren zou opmaken en vandaag niet hoefde te werken, maar er zijn dingen van gisteren blijven liggen. Dus ik werk tot een uurtje of half 12. Dan pak ik de zwemspullen en ga naar het banenzwemmen. Even geen overvolle TVA baan. Even niet jakkeren en moeten volgen. Ik heb een heerlijke training, in kalm tempo. Dat is maar goed ook, want hard gaat het niet vandaag. Hoewel de hormoonstorm is gaan liggen, voel ik nu pas een soort van vermoeidheid. Geen sportmoeheid, maar hoofd-vermoeidheid. Irritatie maakt het allemaal nog moeizamer. En het feit dat ik de lunch zo’n beetje oversla. Maar goed: het eerste sportuurtje van de dag zit er op! Op naar een lange wissel met lunch en werkmail-controle. Ik moet me inhouden om de trainer niet verrot te schelden die (nu pas) bij de Olympische Stadionloop opmerkt dat ik een mooie tijd heb neergezet en (ik citeer): “een bewijs dat de genomen (trainings) rust je goed heeft gedaan.” Die is van het potje gerukt! Kijkt ie over de 19 kilometer van vrijdag heen? Hij heeft geen idee hoe onrustig vorige week was! Het is een totaalplaatje, niet alleen een trainingsschema. Dat staat op zijn eigen website.

Dan door voor het fietsen. Je moet de volgorde er toch in houden? Ik wil wel naar buiten eigenlijk, maar het is somber en om 3 uur al donker en met de bladeren is het te glad. Dus toch maar weer naar Watopia. Ik wil de mountainbikeroute doen! Maar daarvoor fiets ik verkeerd om. Dom. Ik zit dus op de mountainbike en ik let alleen op de cadans en de hartslag. Vlak op het asfalt gaat het nog wel. De cadans is hoog en die hou ik boven de 75 en het tempo valt mee.

In de heuvels is het al lastiger, maar ik luister een muziekje en kijk om me heen. Alle tijd. Dan ga ik het mountainbikepad op. Daar moet je met je telefoon sturen. Rampzalig! Ik fiets de brug af, haal vrijwel geen enkele bocht en ik moet er onwijs hard van lachen! De cadans is volledig uit beeld.

Ik heb een uur gefietst. Vinkje nummer twee. Wisseltraining met een diner erin. En een machine was. Het belangrijkste van de dag was eigenlijk de looptraining. Die doe ik dan maar ‘s avonds als Vincent op zijn school piano speelt voor een open avond. Dat ik moe ben in mijn hoofd blijkt weer als ik het lampje vergeten blijk te zijn. Ik pruts iets met de iPhone en blijf in de wijken. Niet alleen dat, maar ook de hartslagmeter blijkt geen baat te hebben bij een nieuwe batterij. Ohnee! Ik moet ‘m aanzetten! Dat helpt ook niet. Ik druk natuurlijk weer verkeerd en sla een blokje van 5 minuten over, maar het is dan toch een zooi. Bij een hartslag van 90 (en minder) loop ik 6:30. Mocht ik willen! Ik doe het lopen dus op gevoel en ik kijk naar het tempo. Ondertussen slinger ik door onbekende wijken heen. Verwarrend voor een vermoeid brein.

Dus als ik hard moet lopen, ga ik maar gewoon rechtdoor! En ik slinger verder rond en vermijd het park. Tegen het einde voel ik me ook fysiek moe. Ik maak ruim 7 kilometer vol. De triatlon van Anke zit erop! Nu maar hopen dat de trainer de zwem- en fiets-training van later deze week lekker laat staan en niet weghaalt zoals hij zegt te doen. Ik vertrouw erop dat hij niet reageert…

17 November Zwemmen ?‍♀️

Vincent en ik gaan allebei zwemmen in Almere Poort. Vincent is snipverkouden, dus die zal het wel geen uur uithouden. Na controle van de QR code mogen we naar binnen en om 5 over half 6 lig ik in baan 5 (de op 1 na langzaamste). Bij het groepje van 4 dames heeft zich deze week een heer gevoegd! We zijn niet de snelste baan en vandaag krijgen we een training van DR. Ik zwem zelf in, maar daarna volgt het inzwemmen van haar ook nog. Geen benen gelukkig.

DR verzint altijd speciale dingen en vandaag doen we bijvoorbeeld de hondjesslag. Het begin van de borstcrawl en dan niet je arm overhalen. Lekker lastig. We deden armen en dat gaat mij goed af tegenwoordig. Daarna hield ik mijn pullboy bij me en deden we een piramide. Ik zwom niet vooraan, dus het was eigenlijk te makkelijk. Lekker rustig aan dan maar! Ik keek vaak op mijn horloge, gewoon om te weten hoe ver we waren, ook al zwom ik niet vooraan. Toen moesten we op de ‘heengaan’ een koprol doen op de helft en daarna sprinten. Goede oefening, maar ik vind de koprol zo niks, dat ik het maar de helft van de 6 keer heb gedaan! En ik hield mijn neus lekker dicht. Toen nog even uitzwemmen. Leuke les, met nieuwe dingen en ook -voor mij- rust en kalmte. Ik ben letterlijk en figuurlijk in rustiger vaarwater gekomen en de hormonen zijn weer oke. Maar hardlopen kan ik er niet bij proppen vandaag, die schuif ik naar morgen.

18 November Zin-loos hardlopen ?‍♀️

Een dag vol overleggen en onrust op het werk. Ik heb geen zin om te gaan hardlopen en ik hoef niet naar de baan. Ik heb 3 kwartier zelf staan. De oude hartslagmeter laat ik thuis en ik neem een andere die wel werkt. Ik heb wel eens vaker niet zoveel zin, maar vandaag heb ik echt niks aan zin. Niet dat ik liever iets anders wil doen; ik wil gewoon niet bewegen, me niet inspannen. Ik neem een muziekje mee, zet Vincent af bij de baan en ik ontdek dat ik het lampje thuis heb gelaten. Mijn hoofd is gewoon moe! Niet mijn benen, maar mijn gedachten zijn aan rust toe. Ik fabriceer iets met de iPhone en een lichtje. Dan leg ik me neer bij 3 kwartier lage zones doorhobbelen. Het is een kwestie van gaan en dan na 12 minuten zijn alle systemen opgestart en kun je lekker lopen. Vanavond echter loopt het anders. Ik ga een beetje suf het fietspad langs, wordt 3 keer bijna omvergefietst en na 10 minuten kijk ik op mijn horloge en denk ik: nog steeds geen zin. Het is erg lusteloos allemaal. Even fleur ik op als ik de fietsers op de (skate)baan zie fietsen: dansende lichtjes in een verwarrend samenspel. Ik loop voorbij en het is weer weg.

Ik hou me zo netjes mogelijk aan de zone. Ik ga langs het station en kom op het Spoorbaanpad in de volgende zone terecht. Ietsje harder. Ik moet me nog inspannen ook! Net zo lusteloos en zinloos als de eerste 20 minuten doe ik ook dit. Ik heb een andere route dan waar ik normaal zou komen en het boeit me allemaal niet. Niks kan me bekoren, alleen dat ik er straks ben en dat ik dan lekker niets meer hoef. Ik doe keurig de sprintjes ook nog en na ruim 7 kilometer ben ik precies 3 kwartier bezig. Ik ben er zo klaar mee als je maar kunt zijn. Helemaal. De krachttraining gaat het niet meer worden vandaag, die sla ik over.

19 November – De Amsterdamse Waterleidingduinen ? – Samen en Solo

Joyce en ik gingen los van elkaar naar de Amsterdamse Waterleidingduinen. Joyce wil geen verkoudheid of Corona riskeren en dat snap ik en respecteer ik. Naast elkaar een uur in de auto is toch anders dan buiten. Ik voel me deze dag alweer iets beter dan gisteren. De hormonen zijn nu helemaal rustig en maken me sterk. Dan kan ik wel weer hebben van de trainer dat hij vindt dat het wél goed loopt. In plaats van daar geïrriteerd van te raken, wil ik het vandaag graag begrijpen. En ik kan het met Joyce bespreken. Mijn rugzakje zit vol met eten en mijn hoofdrugzakje is wat minder vol vandaag. Het zonnetje schijnt en het is niet koud, Vincents cijfers zijn nu loon naar werken geworden en ik heb de tijd vandaag, dus dat wordt een prima loop! 27 Kilometer staat er op de route die Joyce heeft gemaakt. Om half 11 gaan we van start. We lopen over een mooi vlonder en fotograferen enthousiast het eerste hertje op de weg.

We zoeken de route weer op en lopen lekker rustig door het bos. Correctie: ik loop lekker rustig en zonder moeite door het bos, Joyce heeft haar dag niet. Bos, zand, omhoog en veel hertjes. Na het tiende hertje is het nieuws er wel af. Na een kilometer of 3 hebben we al een paar wandelmomenten gehad en Joyce baalt. Ze had het zich zo anders voorgesteld, maar het lukt haar niet. Ik vind het niet erg, hooguit een heel klein beetje jammer van het tempo, maar het kost mij geen enkele moeite zo.

Na 4 kilometer komen we in een gebied wat verboden is. We keren toch maar om en lopen over de klinkerweg. Het gaat best een beetje op en neer en Joyce moet omhoog elke keer wandelen. Ik vind het vooral heel erg vervelend voor haar. Het is mooi weer, het is ‘n prachtige omgeving en toch kan ze er niet van genieten. En als dat dan vast zit, dat het niet lukt, dan is dat moeilijk om te buigen. Ze voelt zich oud en stram. Ik baal dat ik haar er niet uit kan krijgen, dat is het enige wat ik er moeilijk aan vind.

We doen na 6 kilometer een eet-moment. Prachtig: in de zon, niet te warm, tussen de duinen op een onverhard pad, uitzicht op Zandvoort en duinen en hertjes en nog een mooie dag in het vooruitzicht. Maar voor Joyce is het grijs en ze ziet op tegen het strand en tegen de hele loop eigenlijk ook. Hoeveel prachtige beesten we ook tegenkomen, hoe apart het hek ook is, hoe leuk de slingerpaadjes door Zandvoort ook zijn, hoeveel prachtige hertjes; het blijft een dip voor haar.

Op het strand laat ze me gaan, ik doe mijn eigen tempo en zal haar op gaan halen. Het enige waar ik mee worstel is de hartslagbeperking. Die is met zone 1 wat krap. En daardoor leidt het steeds af van de route. Wandelend komt het goed, dan versnel ik weer wat en is de hartslag snel te hoog. Het irriteert een beetje.

Maar op het strand laat ik ‘t gaan en loop ik lekker een kilometer door te genieten van de zee, van het geluid van de golven en dat het eb is. Ik ga door en loop een kilometer lekker tempo voor mij. Na iets van een kleine 2 kilometer zijn we bij de strandopgang (die wel heel hoog is!) en keer ik om om Joyce op te pikken. Samen klauteren we naar boven.

Het is mooi, maar Joyce is vooral blij dat het strand er op zit. Het komt niet bij haar: het gemak, het genieten, de ‘flow’. We gaan naar beneden en de duinen weer in. Ik zit al op 10 kilometer en bij het huisje (iets met Wester….) stoppen we weer.

Joyce gaat de route inkorten en ik ga alleen verder. Ik ga niet helemaal de 27 kilometer afmaken, want daarvoor heb ik te weinig tijd meer, maar ik maak het ommetje wel. Joyce gaat terug richting de auto’s en zal op me wachten op het einde. Dan heeft ze niet meer het gevoel dat zij mij beknot. Ik vind het moeilijk en lastig, want ik ben van samen-uit, samen-thuis, maar ik zie haar worstelen en ik weet dat ieder zijn eigen kant op voor ons allebei beter zal zijn. Saaier, maar het is oke.

Ik loop het klinkerpad op naar rechts, Joyce gaat rechtdoor. Ik blijf hardlopen nu en dat gaat me goed af. Ik kan de route volgen, omhoog en omlaag lopen en kijken over de duinen. Het is mooi. Maar wel stil zo in mijn uppie. Wat ook wel weer apart en stoer is. Tot de route over een verboden pad gaat. Dat doe ik niet. Zeker niet alleen.

Dus ik blijf het klinkerpad volgen. Ironisch genoeg loop ik over een soort bouwplaats en mogen er wel zware vrachtwagens komen, maar ik niet! Ik probeer het nog een keer om de route weer op te pakken, maar daar staat een aggregaat te stomen, maar ík mag niet van de klinkerweg af. Stommigheid. Ik app Joyce. Niet dat de route slecht is, maar wie verzint dit nou!

Ik kijk op de route en zal het klinkerpad volgen. Ik eet nog wat en dan weer door. Tussen de vrachtwagens. Verhard dus. De kilometers rijgen zich aaneen. De herten trekken zich nergens niks van aan. Na 15 kilometer kom ik weer op de route en dan mag ik het onverharde pad op. Jippie!

De eerste kilometer geniet ik er enorm van en dan verdwijnt het pad. Ik voel me alleen. Ik voel me solo. Dat is spannend en fijn en een beetje eng en een beetje saai. Het is een hertenpad. Ik blijf keurig de route volgen. Dan maar niet zo snel meer! Zo nu en dan wandelen en zoeken. Ik heb wel lol in en ik vind het spannend en stoer tegelijk. Het is heel mooi zo aan de rand van het bos.

Ik kom op het veld. Ineens is het dan weer wijds en open en zonnig. Naast de herten is er in de wijde omtrek niemand te zien! Ik sta op 17 kilometer en ik weet dat ik de 21km binnen 3 uur uit en thuis ga halen en dat ik zonder de pauzes netjes rond de 2,5 uur zal zitten. Iets er overheen. Ik pauzeer en eet nog een keer. De komende vier kilometer ga ik lekker blijven hardlopen, voor zoveel als lukt. Het pad is goed begaanbaar en breed.

Ik begin na te denken over de trainer en ik denk dat ik zijn standpunt wel begrijp. Hij wil mij beter maken. Ik pieker zonder moeite een kilometer of 2 weg. Dan wordt het weer drukker, want ik kom in de buurt van de andere parkeerplaats. Vorig jaar liepen we hier ook en toen moest ik enorm aanzetten om de halve marathon binnen 3 uur te halen. Nu is dat geen moeite. Helemaal blijven hardlopen lukt me niet, soms wandel ik even. Ik kom ‘aan de andere kant’ van het water waar ik met Rob heb gewandeld en waar we vorig jaar hardliepen. Het is bos en ik geniet tot in mijn tenen.

Zachte ondergrond, beschutting van de bomen en het is geweldig mooi. Daarna volgt weer zand. 21,1 kilometer duurt uit en thuis 2 uur en 47 minuten. Daarvan heb ik een kwartiertje gepauzeerd. Dat valt me mee, ik dacht dat ik meer had stilgestaan.

De 22ste kilometer kost me wat meer moeite. Dan ben ik bij Panneland of hoe het ook heet. Joyce loopt de extra lus en gaat haar eigen halve marathon vollopen. Ik twijfel even of ik rechtstreeks zal teruglopen, maar dat is nog maar 2,5 kilometer of dat ik de lus nog zal lopen. Dan kom ik op 30 kilometer. Dat zou kunnen en zelfs binnen de tijd die voor de training staat, maar dan moet Joyce wel heel lang wachten. Ik ga met een ommetje en wil de 25 kilometer vol hebben straks. Ik drink een boel water van de waterleidingduinenkraan en dan ga ik weer verder. Tussen meer mensen door en ik pak de route nog een stuk mee.

Pas bij de koningin in de boom (!) verlaat ik de route om af te snijden. Ik word ook wat vermoeider. En ik krijg ook nog eens veel zand voor mijn kiezen. En mooie herten. En weer zand.

Ik herken het mooie uitzichtpunt waar ik aan de andere kant ooit eerder was. Verder merk ik dat het allemaal wat trager gaat, het lopen én het denken! Nog een kilometer. Ik moet de weg zoeken en ik moet appen met Joyce en ik moet het hertje fotograferen.

Ik kom weer op de route en dwaal daar ook weer vanaf. Ik loop tussen de herten door en dan ben ik er bijna. 25 Kilometer. Joyce heeft haar halve marathon ook gelopen en zelfs een kilometer extra. We zijn ongeveer tegelijk klaar.

Ik ben niet extreem moe, zeker na de chocomelk is het wel weer goed met mij. Joyce heeft toch ook wel genoten van haar eigen kunnen. Niet omdat het leuk was, maar omdat het doorzetten was. En dat is soms ook een goede les! Zeker voor ultralopers.

We kletsen nog even op het terras en bij de auto’s en dan gaan we ieder onze eigen weg naar huis weer. Het autorijden is echt saai en lastig, zo met files en drukte. Enerzijds vond ik alleen maar niks, anderzijds vond ik het heel erg stoer van mezelf. ‘s Avonds doe ik ook nog een krachttraining. Ik heb iets met een goede coretraining en combinatie met Pilates gevonden en dat is fijn.

Voor de trainer merk ik op dat de hartslagzones verruimd mogen worden, maar hij laat expres de lage zone staan om me te dwingen langzaam te lopen. Vorige week had ik dat mega-irritant gevonden en arrogant van ‘m, maar ik denk dat ik deze week begrijp dat het onderdeel is van de strategie ‘beter-maken’. Voor mij goed om te beseffen dat hij begrijpt dat het niet altijd lukt binnen die hartslagzones. Over het algemeen ben ik keurig in zone 1 gebleven! Het tempo is dan niet hoog, dat niet. Hopelijk kan ik nu weer goed slapen!

20 November – Fietsen in Neokyo ?‍♀️ en zwemmen in het zwembad ?‍♀️

Ik slaap als een roos, wordt heel goed en monter weer wakker, blijf lekker liggen en heb weinig verplichtingen in het vooruitschiet. Kortom: de rust is weer terug. In Zwift is een nieuwe stad ‘geopend’. Neokyo. Op de Makuri Islands, die Japans zijn. In Neokyo is het altijd nacht, maar er is meer dan genoeg neonlicht! Ik ga rondkijken op de fiets! Voordeel is dat de Tacx nu de hartslagmeter en de cadansmeter tegelijk aan kan.

Ik vind Neokyo leuk. Het is net als in het echte Japan zo heerlijk dubbel. Enerzijds glitter en enorm overdone, aan de andere kant lieflijke bloesems en oude tempels. Er zijn rijdende auto’s en treinen en vooral veel gekkigheid: een roze octopus in de lucht, toeristen die in de weg staan en waar je omheen moet fietsen en honden die handjeklap spelen met mensen. Het allerleukste vind ik de Arcadehal

Ik doe een vlakke route en daarna doe ik de route Railways en Rooftops, die boven langs gaat. Nog veel meer gekke en leuke dingen: een voetballende dino, een rare draaimolen, veel appende mensen en overal tonnetjes en spulletjes. Op de achtergrond Mount Fuji. Het is bijna jammer dat ik maar een uur mag fietsen, maar morgen kom ik terug!

‘s Middags ga ik zwemmen. Ik mag mee in het kinderuurtje en dat kan gemakkelijk, het is namelijk totaal niet druk. Ik heb de training van 29 oktober op de bidon gezet. Dat is een tempo-training. In het begin heb ik de baan voor mij alleen. En dan is er nog een baan vrij! Inzwemmen: ik doe zelfs netjes 50m benen weer. Dan komt DR bij mij in de baan. Zij zwemt heel goed, zou training moeten geven, maar daarvoor zijn er niet genoeg kinderen. We hebben geen last van elkaar, want met z’n tweeën in een baan, kan ze me makkelijk inhalen.

Ik doe 6 keer 100m in 2:08. De eerste keer start mijn horloge niet goed, dus ik doe het zelfs 7 keer! Elke keer net ietsje langzamer, 1 of 2 seconden. Omdat ik het horloge moet resetten. Ik voel het wel! Het gaat niet vanzelf! Daarna doe ik 4 keer 50m. DR doet 8 keer 50m. Ze is anderhalf keer sneller dan ik ben. Ik moet er 1:04 over doen en nu ben ik net ietsje sneller elke keer. Het keren verlies ik dus veel tijd mee. Tot slot moet ik nog 2 keer 25m zo hard ik kan en dat doe ik dan ook maar. Elke keer binnen 30 seconden. Ik ben dan even af. Maar het is fijn niet in een volle baan te hoeven jakkeren. Ik zwem ook nog uit, maar nu doe ik 200m armen en geen benen. Heel veel zwem ik niet en door de vele pauzes effectief ook niet heel lang, maar ik heb wel even supergoed getraind!

21 November Teamleaderheroesrun en fietsen op de Makuri Islands

Op het werk gebruiken we het CRM-programma Teamleader. Sinds vorig jaar- dat heb ik helemaal mee ingericht en alles. Het wordt gemaakt door Belgen, dus soms heb je leuke dingen qua taal. En ze organiseren een virtuele run. Met Mytrace ga je dan op pad met oortjes in en ondertussen vertellen ze vanalles. Voor ondernemers en motivatietips en zo. Er staat geen hardlopen op mijn schema vandaag. Dikke pech. Mijn benen voelen goed, mijn hoofd voelt zich nog veel beter, het is heerlijk herfstweer en ik kan een conditietest winnen! Om half 12 zie ik dat je op elk moment kunt gaan en ik doe snel korte broek en t-shirt aan en ik ga.

Het is heerlijk om Evy Gruyaert weer te horen. Tien jaar geleden heeft zij mij ‘leren’ hardlopen en kijk nou eens… Ik luister naar een boksster die motivatietips heeft voor ondernemers. Leuk en dat past goed bij mijn huidige werk: een divers team, onderling contact en ook letten op het individu op de werkvloer. Ik denk dat mijn baas dat nu kan en sinds ik gisteren in de data van de trainingen ben gedoken, vermoed ik dat ik nu ook een trainer heb die meer inzicht heeft en recht heeft op meer vertrouwen als ik hem vorige week heb gegeven. Zo gaat het: de ene week is het hopeloos en trek ik niks en is niks goed; deze week lukt alles en kan ik veel meer (aan). Irritant voor mezelf en de omgeving. Maar nu loop ik lekker en easy.

Ik loop te luisteren naar een neurologe die in het vriendelijke Vlaams vertelt dat je moet focussen. Het is leerzaam. En dan loop ik het bos in. Dat zou ik tien jaar geleden niet eens bedácht hebben. De derde kilometer wordt gevuld door een hockeyer met een serie aan leuke tips voor sporters: lees een boek voor je gaat slapen en vooral ‘koop niet wat je wil eten’ spreken me aan.

Ik geniet echt van het bos en de mooie kleuren en het geritsel van de bladeren. Qua focus is het niet helemaal goed, want ik app Joyce, maak foto’s, luister en loop tegelijk. In de vierde kilometer begint het (hard) te regenen. Ik heb er geen last van. Meer iets wat ik opmerk. Ondertussen hoor ik hoe belangrijk slapen is van de Slaapdokters. Van dit loopje leer ik dat het ook lekker kan zijn om een podcast te luisteren. Mijn benen lopen wel, mijn hoofd kan zich dan op iets anders richten.

In het bos loop ik iets langzamer, maar ik ben zo blij dat ik niet op een hartslag hoef te letten! Ik loop 5 kilometer binnen een half uur, maar ik ben nog niet helemaal thuis. Straks maak ik een Instagram-bericht en dan hoop ik dat ik geen fit-programma win voor het bedrijf ?.

Ik loop 6 kilometer vol en zet dan de app pas uit, waardoor ik daar langer gelopen heb. Beetje verwarrend. Ik plaats alles netjes op Instagram en ben 8ste van de 60 mensen ofzo. Who cares: ik vond het echt heel leuk, ontspannen, leerzaam en lekker.

Door voor het fietsen. Ik moet twee uur en dat is wat lastig in te passen, maar dan neem ik wel een pauze. Ik ga weer naar Neokyo! De all-light route van 24 kilometer. Volgens mij zie je dan de hele stad (2 keer misschien wel). Ik ga op de cadans letten. Hoog houden. En verder doe ik vanalles: appen, lezen, opzoeken, plannen… De focus is wat ruim vandaag ?

Maar als ik eenmaal op de cadans let, gaat dat ook super ook! Ik hou de hartslag in de smiezen en volgens mij werkt de Tacx mee en is de hellingshoek onderuitgeschoven. Of ik merk het minder door de hoge cadans? Ach, het zal wat. Ik fiets de route af en dan wil ik 30km halen en dan heb ik nog tijd voor 40km, maar ik heb de stad wel gezien. Ik fiets de stad uit en na 40km stap ik af.

Kan ik de start van de formule 1 kijken en wat drinken. Een kwartiertje pauze. En dan weer door! Ik rij nu in het licht over de Makuri Islands en ik hou de cadans intussen boven de 80. Dat is wel een vooruitgang. Ik maak de ronde af ook nu. En de 2 uur kunnen ook vol. Intussen volg ik de F1, app weer en maak foto’s. Ik haal 55,5 kilometer en ben weer in de stad. En passant haal ik ook de badge ‘populair’ omdat ik zoveel kudo’s krijg! Ik ben tevreden.

Dan moet ik eigenlijk nog een kwartiertje kracht doen, maar dat doe ik dus mooi achter de strijkplank. Na een volle sportweek mag je best een kwartiertje ‘valsspelen’ vind ik. En strijken moet ook gebeuren! Ik heb 50 kilometer hardgelopen in 1 week en ruim 13 uur gesport (wandelen en krachttraining tellen niet mee), dus ik vind het weer mooi geweest!

22 November. Terug naar `de Makuri Islands

En weer op de fiets…. ik had niet echt veel zin. En dan weer anderhalf uur… Maar goed: het staat op het schema, dus Anke gaat. Ik vind nog een route op de Makuri Islands die door het land en door de stad gaat. Ik heb een hartslagbeperking en daar hou ik me aan. Ondertussen let ik heel goed op de cadans en die hou ik zo hoog mogelijk. Dat is tegenwoordig rond de 80! Ik ga heus vooruit. Ik fiets mijn eigen ding. Mijn boek ligt bij de hand, want ik vrees verveling, maar ik let op de hartslag, de cadans en een beetje op de omgeving en het tempo. Dat houdt me wel bezig!

Na een half uur volgen er intervallen. Ik moet 3 minuten op een hogere hartslag en 2 minuten op een lage hartslag en dan moet ik de cadans zo hoog mogelijk houden. En dat dan 6 keer. De eerste keer ga ik al stuk! Ik voel mijn benen. De hoge cadans en de lage hartslag in de rust zijn moeilijker te combineren. Ik had dit slopende geinterval ook 3 keer goed gevonden, 6 keer is teveel voor me. Ik besluit het 5 keer te doen en de laatste keer maar achterwege te laten! Ik voel verzuring in mijn benen. Dat heb ik echt nog nooit gehad, zo ver ga ik vrijwel nooit. Maar goed: hier zal ik sterker van worden en ik tel de drie minuten elke keer af. De twee minuten rust trouwens ook.

Ondertussen jas ik op hoge snelheid (voor mijn doen dan) de route er doorheen! Natuurlijk doe ik de zesde keer ook en ik zet zelfs nog een tandje bij. De verzuring ben ik dan doorheen. Het is wonderbaarlijk dat een cadans van 80 intussen gewoon geworden is. En dat ik intervallen doe op de fiets. Dat ik bereid ben stuk te gaan op een fiets. Er gebeuren rare dingen rondom op de tacx op de maandagavond!

Dan nog een half uur uitfietsen. Ik laat de cadans iets gaan en maak het rondje velden nog een keer af. Ik haal de 30km net niet binnen een uur. Na 1 uur en 20 minuten mag ik er mee stoppen, maar ik race me nog wild voor de sprint en dan wil ik 35 kilometer vol rijden en daarna de veertig ook nog. Ik realiseer me dat ik met 45 kilometer de Garmin badge kan halen en ook nog eens de flatland route kan afmaken. Dus ik ga toch nog maar even verder… Bovenop de wonderen van deze avond komt ook nog enige ambitie kijken! Ik maak de 45 kilometer vol en moet nog een klein stukje enorm aanzetten om de snelste dame op de Flatland Route te worden!

Ik geniet even van de oranje trui die je dan mag dragen en dan stap ik snel af. Mooi geweest. Een leerzame avond al zeg ik het zelf. Van geen zin naar goed getraind. Eigenlijk wil ik het bij de training wel vermelden, maar ik heb met de trainer afgesproken dat hij alleen reageert als ik iets meld. En ik zit niet te wachten op weer een reactie over hoe goed de trainer wel niet is. Want uiteindelijk stap ik alleen maar op de fiets omdat ik zélf vind dat het ergens toe dient.

23 November. Koud loopje voor oliebollen ?????‍♀️?

Samen met Vincent die een ‘vrije’ dag heeft. We gaan om vier uur, zodat we nog net in het licht lopen. Maar voor we weg zijn is het kwart over vier. Het donker in dus. Ik moet 45 minuten en dus minimaal 36, Vincent heeft 30 minuten op het schema staat en dus maximaal 36 minuten. Dat komt goed uit! Ik heb lange mouwen en een driekwartbroek want het is 9 graden. Vergissings. De wind waait dwars door het shirt heen. Ik heb het koud. En zone 1 helpt niet. Ik zit aan de bovenkant van de zone. Ondertussen lopen Vincent en ik te kletsen. Terwijl over de Hogering een Audi I8 onder ons door racet. Vincent is verbijsterd als ik later tijdens het loopje precies weet welke auto het was! We lopen door het bos. Onverhard. Dat gaat ook wel eigenlijk, maar het koud hebben is niet zo fijn. Het licht verdwijnt langzaam, maar de bladeren zien er nog prachtig uit.

We gaan naar zone 2 door. Ik moet echt aanzetten en dat bevalt me niks! Ik moet moeite doen om in zone 2 te komen. Vincent houdt het hekje open voor mij en een andere dame die haar regenjasje heeft aangedaan. Ik had ‘m graag overgenomen. Een groepje ATBers blokkeert de route. We doen onze lampjes aan. Dan gaan we de parkeerplaats op bij de Almeer Plant. Vincent koopt de oliebollen als ik rondjes over de parkeerplaats ren. Ik val keer op keer uit zone 2, hartslag te laag. Misschien ligt het aan de kou? Als we het viaduct over lopen, komt het wel weer goed met de hartslag, maar mijn tempo gaat volgens mijn horloge niet omhoog. Gek genoeg loop ik alsmaar 5:53 en Vincents horloge geeft 5:33 aan. Hij loopt naast me! Even hard! Hij vraagt nog of ik boos ben. ‘t Is echt gek. We lopen de Bontekoestraat door en Vincent telt de kersthuizen. Het valt enorm mee hoeveel het er zijn. Ik tel de minuten in zone 2 af. Dan wandel ik 3 keer een minuut en sprint 20 seconden. Vincent loopt me er met gemak uit als hij de laatste keer ook aanzet. Ik maak precies de 45 minuten vol. Klaar. Koud. Thuis doe ik nog het kwartiertje krachttraining en daar raak ik meer bezweet van dan van het hardlopen! Een warme douche is van alle kanten zeer welkom. Uiteindelijk heb ik op een hele lage hartslag gelopen (gemiddeld maar 136) en ook nog eens redelijk doorgelopen (6:09 min/km). Voor mijn gevoel klopt dat niet.

24 November Zwemmen ?‍♀️

Eigenlijk is het best hopeloos, maar vandaag is duidelijk de dag dat de hormoonlevels de andere kant op slingeren. Ik heb het weer koud (vooral ijzige handen en voeten) en ik ben moe, terwijl ik slaap als een roosje. En ik ben onwijs snel afgeleid. Dan maak ik de lijst to-do dingen op het werk maar niet zo lang! Ik heb ook niet écht ergens zin in, nergens in. Intussen blijf ik al drie volle dagen van alle zoetigheid af.

Om half 6 ga ik samen met Vincent naar het zwembad. Ik heb geen behoefte aan gezelschap of gekwebbel. Er is geen trainer, maar wel een programma. Ik begin met mijn eigen inzwemmen en eigenlijk voel ik al meteen aan het begin dat het geen snelle dag zal worden. Na tien minuten inzwemmen gaan we iets doen met 100m rustig aan en dat vijf keer en ik zwem lekker achterop en neem lekker de ruimte die er is. We doen ook iets met wisselslag en dan nog maar een keer benen en ik merk dat ik gewoon niet zoveel zin heb.

Kalm aan, zoveel mogelijk zwemmen en als we dan 200m moeten doen, pak ik lekker mijn achtje erbij en dan gaat het weer sloompjes. We doen tussendoor de schoolslag en dan begint het bakkeleien wie de snelle 100m voorop moet zwemmen. Ze wijzen naar mij en met achtje zet ik me toch aan! Dan liggen ze zo ver achter… Als ik maar wil he. De tweede keer 100m doe ik zonder achtje en dan houd de helft me gelukkig bij. Genoeg inspanning gehad. We moeten nog alleen linkerarm en alleen rechterarm, maar het slecht gevulde potje zin is eigenlijk wel helemaal leeg. Ondanks dat zwem ik de tijd vol, zit ik boven de 2000m en vind ik het wel best zo.

25 November Baantraining ?

Volgens het schema wat ik nog keurig volg, maar summier invul, mocht ik vandaag ‘lekker meedoen’. Nu is dat met 2,5 uur hardlopen morgen wel met beleid, maar die rem ben ik zelf. Omdat ik mee ‘moet’ doen, heb ik weer niet zoveel zin. Ik weet ook welke trainer er voor de groep staat en dat is niet mijn favoriet. We gaan als 1 groep buiten de baan inlopen. Altijd leuk: wat voor de hele snelle 3:30-mannen inlopen is, is dat voor mij niet! Voortdurend harder dan 10km per uur is niet wat ik daar onder versta, maar het went al. Ik loop te kletsen met RV en maak van hem het nieuwe trainingsmaatje. Geregeld 😉 We moeten iets doen met boompjes en versnellen, maar ik krijg de boompjes niet geteld. Whatevers….

Op de baan gaan we nog 4 keer steigerun (elke keer een beetje harder) doen met 4 keer een iets sneller eindtempo. Ik doe het volledig op gevoel. We stemmen er nog over hoe laat de training voortaan kan beginnen, maar ik vind kwart voor 7 persoonlijk wel lastig.

We gaan de kern doen: 1500m net ietsje onder 3-km tempo. Dan 200m pauze en daarna 1000m op 3-km tempo en 300m pauze. Tot slot 500m net boven 3-km tempo. Allemaal leuk en aardig, maar wat zou het 3-km tempo zijn?! Ik gok iets van 4:40? Maar dat hangt af van de dag en de vorm. Ik ga 1500m op mijn eigen tempo lopen en zit inderdaad net onder de 5:00. Ik heb het niet meer koud. Alleen als het even waait. De kilometer valt me iets tegen, maar ik geloof wel dat ik het tempo red. Met tegenvallen bedoel ik dat het zwaar aanvoelt, in mijn hoofd en ook een beetje in mijn bovenbenen. Ik lap netjes elke keer mijn horloge. De 300m wandel-dribbel vind ik wel koel, letterlijk.

Dan 500m en die moet ik echt van de bodem van het potje schrapen. Ik tel het maar af, moet ongeveer tot 240 tellen, haha! Dan moeten we nog 4 keer 100m steigerun doen met 100m pauze. Ik snap het niet meer zo goed, want ik weet niet wat het eindtempo is, maar dat schijn ik zelf te mogen bepalen. Dat is dan niet meer zoveel! Ik kom bij het andere groepje uit en doe de steigerun zelfs 6 keer.

Dan nog even uitlopen op de baan en ik loop op de parkeerplaats de 10 kilometer vol. Binnen een uur. Goed gelopen Anke! (iemand mag het wel eens zeggen) Ik haal badges van Garmin en mijn VO2-max zit weer aan de top. Als ik morgen ga hardlopen, minstens tien kilometer, heb ik 400 badgepunten van Garmin.

26 November Trailrunnen met Manuel en Fietsen in Watopia

Joyce zag het weerbericht met regen en een gevoelstemperatuur van rond het vriespunt en die dacht: dat is geen hardloopweer voor mij! Dus die was verstandig en zei dat ze een loopvrijEdag van de loopvrijdag ging maken. Op mijn schema stond 2,5 uur hardlopen. Ik had gevraagd om 2,5 uur trailen OF gravel fietsen, maar de trainer had bedacht dat er EN stond. Dus naast 2,5 uur hardlopen moest ik ook nog 1 uur fietsen, liefst direct na het hardlopen en buiten. Soms kan het gewoon NIET. Onmogelijk. Bah. Daar hou ik niet van. Ik heb het erbij geschreven in het sportprogramma, maar ik krijg geen reactie. Dus ik zal het op é´´én of andere manier overal tussen moeten passen. Zucht. Gelukkig lost Manuel heel snel het loopmaatje-probleem in: hij gaat mee! Niet te ver en ‘s morgens, dus we gaan naar Kasteel Groeneveld. Ik heb een route van een halve marathon. Het is droog als we vertrekken. Behalve vele hondenuitlaters is het lekker rustig. Op mijn gekwebbel na.

Ik heb de hartslagbeperking uitgezet: die moet eigenlijk in zone 1 blijven, maar al trailend en zeker op dit tempo wordt ik dan gek van het gepiep van mijn horloge tegelijk met de route. We zijn snel bij de spoorbrug en dan steken we over en komen we op een stuk wat Manuel nog niet kent. Grappig. Hoewel ik deze route 3 jaar geleden liep, weet ik het nog allemaal best! De bladeren dwarrelen naar beneden. Het park is altijd mooi met de waterpartijen en bomenhagen.

Grappig dat Manuel niet zo goed weet waar hij is, maar wel weet dat we een heen en weertje gaan maken! Dat doen we om rond de Naald te lopen.

Als we weer naar Paleis Soestdijk lopen, is het best even frisjes door de wind, maar dat is eigenlijk het enige moment. Het blijft ook droog. Als we overgestoken zijn en het hond-vrijere gebied in lopen, neem ik na 6,66km mijn gelpauze. Ik weet dat ik het komende deel wat lastig vind: het is nog ver en het gaat wat omhoog en omlaag en nu ben ik niet zo goed in de richting. We komen bij het zand en de heide. Ik ben iets stiller, maar dat is bij Manuel ook niet zo erg.

We lopen door het zand en langs de loeiende koeien. Dat zand vreet wel energie. Als we het zand over zijn en we al op 11 kilometer zitten (ik dacht dat het er pas tien waren) volgt de gel-voor-Manuel pauze en ik neem een marsje. Ik ga nu even op de hartslag letten en niet op de route. We lopen naar Lage Vuursche en Manuel kletst en vertelt nu lekker. De hartslag valt me zo mee! Het is echt zone 1! Ik twijfel over de hartslagmeter, maar ik voel me ook wel weer kalm genoeg om het te geloven. Om klokslag 11 lopen we door Lage Vuursche. Dan een stukje verhard. We steken aan de andere kant van de Kuil van Drakesteijn over en moeten dan door het bos zonder pad. Vorige keer met PL hebben we hier ook gezocht! Manuel is het niet gewend, maar ik vind het wel lollig en ik vind het ook niet erg om even te wandelen in plaats van te rennen.

We komen op een breder pad met een boom-hindernis en dan weer verder. Op 16 kilometer nog een gel-voor-Anke-moment langs het afgesloten hondenterrein voor vergunninghouders. Dan komen we bij de stoplichten. Ergens begin ik er een beetje zat van te krijgen, maar het zonnetje helpt mee en laat zich heel eventjes zien. Tot mijn grote verbijstering zitten we opeens op 18 kilometer. Ik ben nog verbaasder als Manuel bekent dat het hem ook niet helemaal vanzelf gaat. Hij heeft wat last van zijn rug. Ik denk dat hardlopen met mij niet goed is voor een loopmaatje ?? en ik voel me nog een beetje schuldig ook! We steken het spoor over en ik ben heimelijk blij met mijn lage hartslag en het redelijke tempo wat daarbij hoort. Voor de meeste mensen zou het weinig voorstellen, maar voor mij is het behoorlijk oke.

We lopen door het park om de waterpartijen en de vele honden heen. De rodondendrons zijn helemaal weggehakt. We slingeren door het park heen achter Kasteel Groeneveld langs. Ik doe de laatste kilometer nog 3 versnellingen. Ze zullen uit mijn tenen moeten komen en ik doe dat vrijwillig ook nog. De wandelpauze van een minuut is net zo min gemakkelijk. Er is echt nog even zon!

Die 20 seconden versnellingen in de 21ste kilometer zijn wel slopend. Ik dribbel de kilometer uit en vlak voor Kasteel Groeneveld zit de halve marathon er voor Manuel en mij op. Ik heb thee mee genomen voor ons. Het is de hele tijd lekker weer gebleven eigenlijk, geen klachten! Ik heb de Garmin badge gescoord.

Thuis dub ik even over wanneer ik ga fietsen. Buiten is uitgesloten want er komen buien aan en dat was ik toch al niet van plan. Ik neem een smoothie en dan stap ik op de Tacx en ga ik Watopia in. De meerwaarde van deze training ontgaat me eigenlijk. Uitfietsen? Is dat nodig? Wat voegt dit toe? Rust zou me beter passen nu denk ik.

Ik moet de cadans hoog houden en dat doe ik dan maar. Mijn benen zijn voor deze keer iets minder gewillig. Mijn hoofd verveelt zich. Ik app, zit op Teams (voor werk), trap en ik kijk naar de cadans en de hartslag. Ik maak fotootjes onderweg in Watopia.

Die training is best goed al met al: dealen met verveling, cadans trainen en uitfietsen en combineren van een hoop taakjes. De cadans zit toch rond de 80 en ik fiets bijna het uur vol. Omdat ik dan net zoveel heb gefietst als gelopen! Het fietsen voelde langer aan dan het lopen.

Het paste maar net, want ik kan meteen door met het huiswerk en daarna de wassen draaien en daarna eindelijk snel even douchen. Er zat weer wat weinig rust in de dag en de rest van het weekend gaat daar ook niet in uitblinken. Ik heb nog een Garmin badge gehaald voor de hoogtemeters van het fietsen. En ohja, ik heb me op deze Black Friday ook nog maar weer ingeschreven voor een wedstrijdje… maar daar kom ik op terug 😀

Zaterdag 27 november Trispiration Dag en zwemmen nu het nog kan ?

Met de dames van Trispiration kwamen we dan eindelijk een hele dag samen. Kan nog net voor de Coronamaatregelen aan veel sportgebeurtenissen een einde maken. Om half tien wandel ik met een clubgenote naar de sporthal in Amsterdam. Als er nog maar 15 mensen zijn vind ik het heerlijk, maar het stroomt aardig vol en dan vind ik het al snel onoverzichtelijk. JB organiseert de dag. Na een lang kletspraatje en haar nieuwe e-luister-book gaan we eindelijk bewegen! Eerst inlopen in de zaal. Leuk vind ik dat. Lang geleden dat ik zulke oefeningen deed. Ik moet zoeken op mijn horloge en maak er cardio van. Dan gaan we een krachtcircuitje doen. Krachttraining is mijn sterkste kant niet. Ik merk dat ik altijd alles maar ‘meedoe’ met Youtube. Voor mij is het moeilijk de opdracht te onthouden! Ik zit bij een ervaren crossfitster die het elke keer voordoet. We doen het maar 30 seconden, iets van 8 verschillende dingen. Opdrukken kan ik niet, maar planken dan weer wel. Met een plank-burpee-spring intermezzo doen we alles 2 keer. Is mijn krachttrainingkwartiertje mooi vol! Ik krijg het er bloedheet van. Dan gaan we verder met een challenge met situps met een band tussen 2 personen. Leuke trainer die dat geeft. Ik sta tegenover MIJ en -helaas voor haar- ben ik niet van het volhouden van deze dingen. We zijn niet als eerste af, maar de twee minuten halen we ook niet. De winaressen blijven maar liefst 10 minuten zitten. Dan is mijn brood al op!

Daarna een lange lezing over hormonen. Hartstikke interessant, zeker als het over de overgang gaat. Ik ben blij dat ik niet de enige ben! Het gedeelte van de pil gaat aan me voorbij. En paar uur stilzitten op een klapstoeltje in een koele gymzaal is niks voor mij. Gelukkig gaan we “buitenspelen”. Ik haat die benadering. Zo denigrerend! Ik speel niet meer buiten, ik train gewoon. Dit is een ijs-ijskoude training. Hardlopen. Een spoed-spoedcursus. Even een warming-up die koud is en dan 4 rondjes om het gebouw lopen. Het idee is goed, maar de afstand is ruk en als ik er een beetje in kom, gaan we alweer naar binnen. Nog geen 2 kilometer. Dat is ook wat ik voel: het is allemaal net niks met Trispiration. Net niet de moeite waard om je kleren voor aan te doen. Net niet genoeg om echt informatie uit te halen. Tot slot is er een voordracht van JB over Trispiration en waar ze in 2022 naar toe gaat. Mij is ze een tijd geleden al kwijtgeraakt. Ik ben niet van de verkondiging van de geweldige plannen, maar van de consistente uitvoering. Die mis ik totaal. En de hele club wordt steeds iets minder passend bij mijn nivo en benadering van de sport. Ik zeg op, maar kan nog wel het online solo-programma gebruiken aan het begin van 2022, omdat ik de jaarchallenge ga winnen. Wat mij betreft: eerst de jaarchallenge afmaken (december is nog niet geweest) en dan de prijs pas! Ik wil weg. Uit de onrust van de gymzaal en ik wil zwemmen. Nu kan het nog, want volgende week is sporten na 17:00 uur niet meer toegestaan wegens Corona. Dat is balen, want waarvoor ik terug ben gegaan naar TVA is dan afgesloten: 3 zwemtrainingen en 1 baantraining. Ik reis met de trein met 2 andere Trispirationdames en bedenk eigenlijk net te laat dat ik eerder uit kan stappen om de zwemtraining van 5 uur te halen. Rob pikt me op als hij Vincent haalt en ik ben daardoor iets later. Dat maakt het erg, erg onrustig voor mijn toch al verwarde hoofd. Ik ga achteraan zwemmen en pak snel het achtje. Mijn badmuts zit niet goed, het brilletje loopt vol en tot overmaat van ramp verlies ik mijn oorbel! Daar baal ik van. Maar na een paar banen en met een schoon brilletje zie ik ‘m liggen en duikel ik hem op! We doen iets met 200m zone 1 (waar ik de helft van heb gemist) en dan 5 keer 50m zone 2. Mijn horloge is ook onrustig, net als ik. En dan doen we 8 keer 25m zone 3. Ik pak snel mijn achtje weer. Ik zwem wel, maar niet van harte. Dan wisselt de trainer ook nog en we doen 200m rustig, dus die probeer ik zonder achtje. Daarna moeten we 3 keer 150m doen met 50m sneller. Ik zwem er maar zo’n beetje achteraan. Met achtje. Het is me wel goed. De drukte valt mee, maar ik heb niet zoveel gegeten vandaag en dat voel ik ook. Beetje trek zo op de zaterdagavond. Ik kleed me om in de kleedkamer en klets nog even met DR en dan pikt Rob me op. Die heeft taxidienst naar het zwembad vandaag. Ik vind de sportdag wel weer goed geweest: allemaal net niet en onrustig. Gelukkig kijkt mijn trainer nooit in het weekend, maar ik plaats er ook weinig opmerkingen meer bij. En als ik niks op te merken heb, hoeft hij niet te reageren. Het is al met al best een lange onrustige dag.

28 November Een trailloop “Vliegen met Herman van Veen” met een groepje van 15 tot 60 ? ?

Aan alle kanten ben ik gewoon een beetje moe. Ik heb bij het (weer vroeg) opstaan een heel klein beetje last van mijn rechtervoet. En net zo’n klein beetje van mijn linkerknie. Al met al zie ik op tegen 18 kilometer op een tempo wat voor anderen misschien rustig is, maar voor mij net niet. Ik ga met Vincent mee die de 12 kilometer loopt! Ook dan loop ik 50 kilometer hard deze week. En dan gaan we lekker rustig. Dat is goed voor mij. Ik heb allebei de routes. Na de uitleg van PL maken we kleine groepjes en sluiten Vincent en ik aan bij F en A, 2 langzame en wat oudere, supervriendelijke dames. Het opstarten en rustig lopen kan ik prima!

We gaan de startbaan op. Altijd fascinerend. Iedereen loopt voor ons en ik hobbel met Vincent lekker door de zon. Het is een mooi gezicht. We maken veel foto’s vandaag.

Aan het einde van de startbaan ga ik stofzuigen en Vincent wacht. Dat zal de rest van de ochtend zo gaan!

Dan lopen we weer een stukje samen op en kwebbelt A. Ik heb het intussen lekker warm met mijn warme broek en de handschoenen kunnen uit, die neemt A graag over. Vincent krijgt het niet meer warm. We gaan langs de hangars en dan eindelijk het bos in. Dat vinden mijn schoenen een stuk prettiger! Dan loop ik weer uit samen met Vincent en keren we weer om. Ik loop wel iets meer, maar dat interesseert me niet. Als ik maar niet hard ‘moet’. We lopen een stuk samen op en ze hebben het over de eerste keer dat we elkaar ontmoet hebben bij een trailrun in Wezep. Mijn eerste trailrun…. die ik wel even binnen 2 uur ging lopen, een halve marathon…. Haha! We steken het spoor over. Ik zie nog een groepje aan de andere kant van het spoor. Even lopen we verkeerd, maar we gaan het trapje af en het bos weer in. Ik hoor mijn schoenen bijna juichen! Bij de afslag naar de single track is er een stofzuigmoment.

Dan de single track op. Omhoog, omlaag, smal, tussen de bomen door: het lijkt wel een achtbaan, zo zegt Vincent. Ik vind het intens genieten. De enige reden dat ik blijf hardlopen is, dat ik de dames kan ophalen en het stukje nog een keer mag doen. Het lijkt een beetje Ardennen, een klein beetje.

Ik klets een stuk met A en dan komen we onder hoogspanningsmasten en moeten we wat zand over. Altijd vermoeiend. Na 8 kilometer in een uur (who cares) steken we het ene spoor over. We lopen door het bos en dwalen een klein beetje. Telkens als ik denk: ik ga even op de hartslag letten, want F heeft de route ook, gaat het mis. Dan maar niet. Tussen de smalle boompjes door is geweldig. Ik ben het een beetje zat en neem even een gel. Ik weet het: too late.

Dan gaan we het andere spoor over en nu komen we alweer richting de voormalige vliegbasis. Ik weet het hier wel. Het bordje met de eland en het altijd groene mos in het bos. Maar het is toch mooi. 10 Kilometer in 1 uur 20 minuten. Mijn horloge gaat telkens op pauze als we stilstaan. We komen bij het doolhof en de kluizenaarshut. Daar moeten we natuurlijk heen!

Ik dwaal lang door het doolhof en als ik er ook ben, begint het flink te regenen. We kunnen schuilen bij de kluizenaar. Ik vind het een slap aftreksel van een echte hut. We maken veel foto’s.

Als de regen stopt, gaan we weer verder. Het doolhof uit en dan een beetje onverwacht van het huis van Herman van Veen af. De zon breekt zelfs een beetje door! Alles glinstert eventjes.

Mijn beentjes worden moe. Ze voelen een beetje stijf. Ze hebben iets meer last van het gladde steentjeswegdek. En ze willen al helemaal niet meer hard doorwerken. We lopen naar het Huis van Herman van Veen langs de witte olifant. Binnen kan ik mooi even naar de WC! We kijken kort rond.

En dan weer verder. Ver is het niet meer. De rest schijnt al voorbij te zijn. Wij lopen langs de krokodillen en tussen de rodondendrons door. Dan staan we bij de kuil.

De andere groepjes komen nu ook en ik ren het hele stuk naar boven. Daarna omlaag en dan stofzuig ik omhoog. Ik weet dat het niet meer ver is en dat vind ik fijn. Eenmaal op de parkeerplaats maak ik de 13 kilometer niet meer vol omdat ik daar geen zin in heb en omdat ik het niet nodig vind. Ik heb deze week 50 kilometer gelopen. En nog wat gefietst en gezwommen ook. Ik klets nog even met HB en dan gaan we als laatsten weer een parkeerplek vrij maken. Mijn gemiddelde hartslag op deze loop was 126! Lekker laag. Lekker genoten. Lekker lang.

Weer 50 kilometer hardgelopen in een week. En gefietst en gezwommen en krachttraining gedaan. Anke houdt nooit op!

Categories: Geen categorie | Leave a comment

2021-34

Er zijn van die weken dat het ruk-druk is. Onoverzichtelijk. Onsamenhangend. Dat alles grijs is. Dat alles in sneltreinvaart gaat. En niet te volgen is. Als ik me dan ook nog eens niet lekker voel en steeds minder lekker ga voelen, dan is de laatste week van mijn 48ste levensjaar geen lange blogpost waard. Volgens de trainer was het dan ook een rustige week, maar die kijkt alleen maar naar de sport en niet naar het totaalplaatje. Áls hij überhaupt al kijkt.

Maandag 8 november – Zwift in Innsbruck – nog maar eens proberen de berg twee keer op te klimmen.

Net als een paar weken geleden. Hoge cadans, rustig naar boven trappen en ondertussen een kind overhoren. Dat kind is met de hele klas naar huis gestuurd omdat tweederde van de klas al in quaraintaine zat vanwege Corona. Mijn kind is gevaccineerd, wij willen les voor hem en dan bedoelen we zeker niet digitaal les! Het klimmen van die berg kost dus meer energie van alle systemen dan alleen een beetje de beentjes laten ronddraaien.

In de tijd die ik heb voor de training past de hele route eigenlijk niet. Ik wik en weeg als het kind naar bed moet of ik nog een keer naar boven fiets en dan een te lange training heb. Zin had ik niet en heb ik ook niet gekregen. Maar dan kapt de Tacx ermee na 19,5 kilometer en dat vind ik een teken: ik maak ook deze keer de route niet af.

Dinsdag 9 november – Wandelen, rennen en vliegen

Tussen de middag gaan Rob en ik een frisse neus halen. Ik word niet alleen elke dag wat ouder en ik krijg niet alleen elke dag wat grijze haren, maar vooral de hormonen duiden aan dat ik een ‘oude’ vrouw ga worden. Door de hormonen die in deze slepend lange periode de boventoon voeren slaap ik slecht. En dan bedoel ik: midden in de nacht wakker en dat dan voor een paar uur. Het draagt niet bij aan herstel. Een middagwandeling en lekker bijkletsen met Rob houdt me aan het (extra) werk, omdat mijn collega nog grotere problemen heeft en er even niet kan zijn. Om half 5 ga ik lekker hardlopen. Buitenlucht kun je nooit genoeg hebben. Ik heb een loopje in hartslagzones staan en Vincent wil niet met me mee, die doet zijn eigen ding. De hartslagmeter werkt weer niet. Ik loop erg hard bij een hartslag die op de honderd blijf steken. De GPS noteert ook niet dat ik hard loop. Het werkt me op de toch al geplaagde zenuwen. Ik zet de hartslagmeter uit en ga maar op gevoel lopen. Dan lap ik ook nog het horloge en kom ik de volgende fase van de training. Ik geef het op. Niet het hardlopen, maar het braaf bezig zijn. Ik ga gewoon lekker lopen! Mijn neus achterna tussen de herfstkleuren door. De polsmeting pakt de hartslag op en de GPS gaat werken en dan blijkt dat ik nog steeds lekker doorloop op een redelijk lage hartslag.

Ik doe gewoon maar wat en app ondertussen even de trainer terug die wonderlijk genoeg vraagt hoe het gaat. Ik zou willen mopperen dat het beter is als hij reageert op de trainingen, want op dit moment ben ik niet zo tevreden met zijn werk. Of vooral het ontbreken van zijn werk. Als coach. Het is met al die triatleten hetzelfde: eerst hun eigen geweldige dingen. Dan andere geweldige coachees. Ik begin te vermoeden dat triatleten ongeschikt zijn als coaches. Helaas helpt dat mijn hartslag niet omlaag.

Ik doe wel netjes 3 sprintjes en ga dan via een omwegje weer naar huis. Ik loop 7 kilometer vol. Gemakkelijk gaat dat niet. Ik hou de training achter tot de avond. Dan doe ik nog even wat krachttraining. En bijtijds naar bed in de hoop dat ik wat kan slapen!

Woensdag 10 november. Zwemmen

Ik slaap redelijk. Maar het helpt niet zoveel. De menstruatie laat op zich wachten en daar word ik ‘ongelukkig’ van. Alles sleept en is mistig en ik ben bij het minste of geringste uit balans.

Werken gaat prima gelukkig. Ik help de klanten graag en verg niet teveel van mezelf. Ik maak extra uren en krijg het werk wel af. Maar met iedereen thuis en een vol weekend voor de boeg, is het vinden van rust maar moeilijk. De trainer/coach reageert niet. Het enige wat hij doet is twee uur fietsen terugzetten op de zaterdag. Die zit al overvol! Ik raak er wanhopig van! Verzetten heeft geen zin, niet doen kan ik niet en ik voel me een roepende in de woestijn. Ik mag en kan zelf mijn schema bepalen. Er is hier een trainer die heel snel de grip verliest! Dat helpt mij totaal niet om rust of balans te vinden. Ik ga tussen de middag wat daglicht opsnuiven in een wandeling met Manuel. ‘s Avonds zwemmen in Almere Poort.

Ik sluit lekker rustig aan in baan 2. Als je baan 1, 2 en 3 bij elkaar neemt zijn er hooguit 3 mensen die zonder hulpmiddelen zwemmen. Ik ga lekker niet vooraan zwemmen. De rest telt het maar uit en geeft het tempo maar aan! Gelukkig is dat tempo lekker kalm. Net als ik in het water. Buiten het water is er genoeg om me druk over te maken, dit uurtje doe ik aan alle kanten rustig aan. Feels good.

Donderdag 11 november – Baantraining

Tijdens mijn werkdag begint een trainer opeens een soort van te doen alsof hij meeleest, maar ik vind het wat laat als hij er op donderdag achter komt dat ik zondag zelf de touwtjes in handen heb genomen. Of ie strenger moet zijn, vraagt ie. Nou, nee. Betrokken zou beter wezen.

Op het werk vind ik ook wat zaken lastig, Vincent werkt nog steeds thuis en Corona grijpt om zich heen en ik ervaar van alle kanten veel dreiging. Alles blijft wat slepend gaan voor me. Ik voel me niet lekker, maar ik ben niet ziek of koortsig, het is gewoon niet ‘senang’, niks is ‘wow’. Natuurlijk weet ik best dat het hormoonwerking is, dat er een moment komt dat er weer rust en genieten is, maar als het zo lang duurt is dat verdomd moeilijk om je dat te blijven realiseren. Dan is alles lastig en zwaar. En toch ga ik naar de baan. De trainer heeft gemeld dat ik rustiger aan moet doen dan vorige week. Had ik zelf ook al bedacht ja. Het inlopen gaat echter al op 6 minuten de kilometer. En dan loop ik strak achteraan. Dit bevalt me helemaal niet! Straks op de baan moet het weer hard-hard-hardst. Voor mij zou inlopen 6:30 moeten zijn. Op de baan gaan we iets doen van 1600m – 1400m- 1000m – 800m en 600m. De lange afstanden op 5 kilometer tempo. Maar dat moet ik zondag bewijzen in de stadionloop, dus ik moet uitkijken! Ik ga rond de 5:10 lopen. Het is toch de baan. Dan kun je iets sneller. Ik ben de langzaamste. Niet dat ik dat erg vind, maar het vertekent de werkelijkheid zo! Voor me lopen mensen van wie ik zeker weet dat ze geen halve marathon binnen 2 uur kunnen lopen. Ik doe mijn ding. Net als van alles, kan ik hier ook niet van genieten. Ik doe de pauzes iets sneller en vanaf de kilometer ga ik volgens opdracht ‘ietsje’ harder lopen. Ja, dan zit ik op 4:50. Ik vind het allemaal best. En zwaar. En zwaarmoedig. De laatste 600m loop ik ook iets harder. Dat kost hardloopmoeite.

Voor de rest; het aanwezig zijn op de baan, andere mensen, concentratie, de afstand uittellen – dat kost me al veel moeite vandaag. Alleen het uitlopen (op 6:30) loop ik te kletsen met die lieve YZ en dat is wel lekker. Ik heb mijn horloge tijdens de uitlegmomenten gestopt. Daarom heb ik gemiddeld 5:30 gelopen. Dat is geen rust voor mij. Maar de enige keer dat de trainer een opmerking maakt deze week, bij deze training, begrijpt hij het verkeerd. Hij denkt dat ik net zo snel wil worden als de rest (als ik hem een jaar de tijd geef) en dat rustig aan doen wel eens goed is voor me. Maat! 5:30 heeft voor mij niets van doen met rustig! Triatleten-arrogantie.

12 November – 48 jaar ‘be careful what you wish for’

Mijn 48ste verjaardag: op weg naar de 50. Dat er een jaartje bij komt vind ik niet zo erg. Grijze haren kan ik prima hebben. Maar dat ik op het punt sta voor het eerst een menstruatie over te slaan, maakt dat ik me oud voel! Zo vertel ik Joyce. Is lastig uit te leggen in een mannenhuishouden, maar daar heb je vriendinnen voor. Verder doe ik vandaag wat ik graag doe: ik ga lekker trailen samen met Joyce in het bos! Van Vincent krijg ik een lief kado (hardlooplampjes van zijn laatste centjes) en van Rob een Catan-Ierlandtegel voor mezelf. Van mijn ouders een mooie kaart. En van Joyce een warme, liefdevolle deken van vriendschap (letterlijk). We rijden naar Ermelo, naar Landgoed Staverden. Als we uitstappen vliegt de helikopter over en is de zon weg. We lopen langs de Witte Pauwen en dan verder door het bos. Tempo onbelangrijk. We moeten nog makkelijk kunnen praten.

Mijn benen geven nooit op. En bij Joyce kan mijn hoofd ook leeg. Zij kletst in de auto, ik klets onder het lopen. De zon komt er weer door en het is prachtig geel met confetti van vallende bladeren. De eerste 4 kilometer gaan zo snel voorbij dat ik begin te twijfelen of we niet een halve marathon zullen lopen in plaats van 18 kilometer! Ik voel me helemaal nog niet oud.

Na 5 kilometer echter komt er een onverwacht kado opzetten in de vorm van buikkrampen. Weeen. Zeg maar. Wat lang op zich laat wachten, komt niet zonder duidelijke aankondiging en dit is het slechtst mogelijke moment! Stoppen met lopen? Uitgesloten! Ik voel elke keer de pijnen en weet dat ik hier de komende uren aan vastzit. Maar daarmee komt er ook berusting. Alsof ik iets beter kan kijken. Tussen de bomen door de zon iets beter zie. De kleuren iets feller worden. Daar heb ik wel wat kramp voor over!

Na 7 kilometer houden we een pauze om te eten en om te genieten. Daarna volgen er een paar hele smalle paden. De route is dan ook van PL, die een neus heeft voor dit soort paadjes. Later echter, zijn er meer bomen dan pad. Ik vind nog een schedeltje, maar die haalt mij nu niet meer uit mijn happy-modus en ik kijk de andere kant op naar Joyce die als in een film tussen de bomen en de zon door loopt op zoek naar het pad.

Van tijd tot tijd verkramp ik. Dan kan ik alleen nog maar doorlopen en de pijn weg ademen. Me volledig concentreren op de ademhaling. Zo tikken de kilometers weg. Laat die halve marathon maar zitten, eerst proberen 10 engelse mijlen vol te maken! Het gaat met veel stopjes en pauzes. We komen langs de Molenbeek te lopen en ik heb niet genoeg superlatieven voor de schoonheid. De gele bladeren, de dikke bomen, het zonlicht op het water, de onregelmatigheid van de vormen en de vallende blaadjes: het is zo’n feestelijk decor als ik me maar kan wensen. Jammer van de pijn.

Joyce en ik spelen met de bladeren. En dan weer verder. De krampen zijn nu sterker en het valt niet mee om de aandacht bij de omgeving met de mooie waterpartijen te houden. Ik tel kilometers af. En ook weer niet. Ik zou hier met niemand anders kunnen lopen dan met Joyce. Voor haar hoef ik niets te zeggen (ik heb de eerste vier kilometer al volgepraat), voor haar hoef ik niks uit te leggen, voor haar is het niet erg om even te wandelen.

We komen bij een prachtige oversteek met een boom waar je op kunt zitten, die smeekt om een foto. Adembenemend mooi. Een cadeautje met een strik van zonnestralen.

Na ruim 14 kilometer zijn de weeën over en komt de enorme vermoeidheid opzetten. Die je ook voelt na 35 kilometer marathon. Dat je ogen wel dicht kunnen vallen. Ik wilde toch zo graag ‘niet oud’ zijn?! Tja, dan moet ik hier maar doorheen! We komen bij het Landhuis Staverden en het is prachtig.

We hebben dan ook zó het weer mee! De zon en de temperatuur zijn top. De landschapstuin is geweldig. Met waterpartijen en overzichtelijk voor mijn vermoeide brein die denkt in rechte paden.

We lopen een rondje extra, zodat we op 17 kilometer zullen komen. Nu stoppen we nog iets vaker: voor de watermolen, de fontein, het doolhof en dan gaan we nog een keer langs de witte pauwen.

Het tempo ligt toch al niet meer hoog. We maken een extra blokje om de geplande 18 kilometer vol te maken. Ik moet nog drie versnellingen doen en iedereen met mijn mate van buikpijn en vermoeidheid zou die overslaan, maar ik niet! Anke zet door. Altijd.

Ik doe 3 keer 20 seconden echt mijn best, tegen alle vermoeidheid in. Op het laatste stukje asfalt en het laatste stukje energie. Ik maak zelfs 19 kilometer vol en als het had gemoeten waren 21 kilometer ook gelukt, maar het hoeft niet. Voor deze ene keer doen we het niet! Misschien komt dat jaartje wijzer ook nog wel ooit 😀

Voor Joyce ga ik van ‘trailen naar spelen’, want eindelijk kan ik haar laten horen wat ik met de piano kan. De rest van de dag moet ik wat werken, schilderen, organiseren en pannenkoeken eten. Oud ben je pas als je je oud voelt.

Zaterdag 13 november. Fietsen en zwemmen in mijn eigen tempo.

Op tijd opstaan om te fietsen dan maar. Die twee uur staan er. Dus het voelt voor mij als verplichting. En ik heb gisteren al een paar taken gedaan. Ik kan wat combineren met Engels overhoren en fietsen en schoonmaken straks. Ik fiets in Zwift over de Makuri Islands. Ik heb nog wat routes af te maken daar. De eerste route – Flatland – overhoor ik engels. 15 kilometer lang.

De tweede route -Farmland – kijk ik wat om me heen in de virtuele wereld en blijf lekker trappen. 10 kilometer.

De derde route – 3 Villages- let ik op de cadans en hou die boven de 80 en ik fiets wat extra. 20 Kilometer.

Dan stap ik af. Bijna twee uur gelukt! Volgende afspraak! Langs de winkel! Eten! Schoonmaken! Lego auto afmaken. Krachttraining! Alles propt in elkaar.

Om 5 uur ga ik zwemmen. Lastig moment, maar ja, het staat op het schema. En ik heb geen zin. Geen greintje. Niks. In het water gaat het wel weer bij het inzwemmen. Ik ga niet hard vandaag en ik ga me zeker niet inspannen. Het voelt te moe. De rest zwemt voor me uit. De eerste oefeningen doe ik nog mee, maar als ze iets gaan doen met sneller en snelst, haak ik af. Ik ga -zonder achtje- mijn eigen tempo wel doen. Achteraan en achterop. Zonder pauze. Geen gezanik aan mijn hoofd. Een andere keer doe ik wel weer mee, doe ik wel weer mijn best het gejakker bij te houden, maar nu even niet. Ik let goed op mijn techniek. Pas op het laatst gaat het mis, als zij 6 keer honderd moeten zwemmen in snel en rustig tempo en dan moeten ze mij gaan lappen, liefst over me heen. Zo respectloos, ik laat ze dan ook niet voorbij voor dat laatste halve baantje. Ik heb ze niet in de weg gezeten, moeten ze dat bij mij ook niet doen! Ik zwem dik 2000m bij elkaar en ben moe en ontevreden als ik het bad uit stap. Note to me: niet alleen maar naar de TVA trainingen gaan, daar word ik niet beter van.

Zondag 14 november. Een PR op de 5 kilometer

Vincent had de Olympische Stadionloop op het oog om 5 kilometer te knallen. Ik vind de 5 kilometer een niks-afstand en zou normaal meegedaan hebben aan de 10 kilometer, maar met een verjaardagsfeest te vieren in de middag is dat qua tijd niet haalbaar. Laat ik dan ook eens de 5 kilometer lopen, dat doe ik zelden. Ik denk dat dit de derde keer is dat ik dat doe. We hebben geluk dat we nu allebei dezelfde afstand doen, want publiek mag niet meer mee het Olympisch Stadion in en Rob gaat daarom niet mee.

Ik zit weer gespannen in de auto naar Amsterdam. Ik vind wedstrijden dus eigenlijk echt helemaal niet leuk. Ik twijfel of ik dit wel kan. Ik denk dat ik laatste word. Ik hoop dat ik 5 kilometer in een half uur kan lopen. Ik heb overal pijntjes: knie links, knie rechts, enkel rechts, hoofdpijn, spierpijn, buikpijn. En ik heb vooral geen zin. Totaal niks. Dit zijn maar 5 kilometer! Vincent probeert het ook steeds om me op te fleuren, maar ik ben gewoon onredelijk zenuwachtig. Het steekt me dat Vincents trainer hem wel succes wenst en ik niks van mijn trainer hoor. Die is nu echt onwijs snel terrein aan het verliezen!

We halen het startnummer en genieten even van de grootsheid van het Olympisch Stadion. Ik ga in korte broek en t-shirt, maar Vincent gaat in lange broek! Ik neem een aqua-gel en ik ga inlopen. Daar heb ik meer tijd voor nodig, dat weet ik. Er komt inderdaad een beetje zin en ik kom wat tot mezelf, maar ik heb er geen vertrouwen in.

Ik zou binnen 25 minuten moeten lopen om het tempo op de baan te verantwoorden, maar dat lukt me echt niet, zeg ik tegen Vincent. Er zijn heel veel brugklassers in roze shirtjes. Vincent dringt naar voren, maar ik niet. Ik hoeft niet te winnen, ik ga niet winnen, ik word niet de laatste en ik vind er niks aan. Kort en snel is niks voor deze dame, ik ben de lange-afstandsdiesel. Maar goed: we zijn hier en nu doen we dit het komende half uurtje dan ook! Stadion uit, linksom, brug over. Om me heen getetter van brugpiepers die te hard starten. Vincent zie ik al snel niet meer. Ik heb het absoluut niet koud! De afstanden op het fietspad, het fiets-telkastje, de tennissers: ik registreer het allemaal en loop gewoon zo hard als mijn benen willen. Die brugklassers zijn lastig, die moeten stoppen om hun veters te strikken en klagen over steek en ze wandelen en sprinten, maar dat houden ze niet zo lang vol! De eerste kilometer gaat lekker snel en begint met een vier, maar meer boeit me niet. Ik heb nog steeds geen zin. Ik probeer de vrolijke gedachten: leuk om hier te lopen, ik haal al brugpiepers in, ik kan de lange slanke meneer met wit shirt een beetje bijhouden, ik hoef niet hard, ik verwerk de gel goed, we zijn al over 20% en al op een derde; maar van dit soort korte hardlopen kan ik niet genieten, wat ik ook probeer te bedenken. Ik wil niet diep gaan op die manier. Als de Bosbaan in zicht komt, moet ik wel lachen, want hier herinner ik me een triatlon met 5 kilometer die wel genieten en uitdagend waren! De brugklassers kakken al in. Ik loop nu ook in de 5 minuten. Al bijna op de helft. We lopen even over bladeren en ik voel meteen ‘comfort-zone’, waarmee ik 3 mensen inhaal! Dan over het asfalt en het fietspad, wat makkelijker loopt dan de stoep. De grote ervaren hardlopers blijven op het fietspad, de kinderen op de stoep. We komen bij de Schoen, het oude ING gebouw. 3 Kilometer alweer? I don’t know, maar nu loop ik weer iets harder. Ik begin er een beetje in te komen! Werkelijk. Zou Vincent er al zijn, denk ik als ik het spoor weer oversteek. De verkeersregelaar moedigt me aan: “het gaat goed.” Ik erger me niet eens, want ik ken hier verder toch niemand anders die me support. Voor me lopen een groot aantal mensen, maar op het keerpunt heb ik gezien dat er veel meer achter me lopen. Ik zie het bordje van 9 kilometer, dus het is er nog maar 1. Ik bedenk even of ik binnen 25 minuten wil finishen. Eventueel wel, maar dan vooral omdat ik dan eerder klaar ben. Wil ik nog iets dieper graven om de laatste kilometer te versnellen? Zou dat kunnen? Ja, het zou kunnen, maar nee, ik WIL het niet. De gymleraar moedigt zijn eigen kinderen aan, hoe leuk, zo’n gymdocent! De brug over en ik voel mijn benen wel. Misschien heeft het niet-willen ook iets te maken met net-niet-meer-kunnen. Hé, ik liep eergisteren nog wel 18 kilometer ja! Het Stadion komt weer in zicht en het einde dus ook. Ik zet nog een beetje aan, maar niet echt veel. Als we het stadion in lopen, kijk ik wel op mijn horloge: dit gaat binnen 25 minuten lukken! Vincent is er al en filmt me en moet een foto maken. Ik geniet even van de baan en de finish in zicht en na 4,99 km op mijn horloge ben ik klaar in 24:56.

Ik loop de 5 kilometer vol, nog steeds binnen de 25 minuten. Yez. Zie je wel, roept Vincent, jij met je halluf uuuurrrr en gezeur “ik weet niet of ik het wel binnen 25 minuten kan”. Hijzelf is een beetje teleurgesteld dat hij net een paar seconden over de 20 minuten zat. Geweldig dat hij zo hard kan lopen met 4:01 per kilometer. Hoe dan?! Ik zit helemaal aan de andere kant van de 4 op 4:59 gemiddeld.

Leuke medaille! We pakken snel de spullen en we zien een teammaatje van Trispiration die 10 kilometer gaat doen. Ook een paar andere kennissen zeggen ons gedag. We maken nog foto’s van ons samen: de lange smalle benen en de brede heupen. Er komen nog veel brugklassers en andere lopers ver na mij binnen. Dan heb ik mijn chocomelk al half opgedronken en de lange broek alweer aan. Het is vooral apart hoe onwijs snel ik herstel. Alle pijntjes zijn vervlogen en ik heb echt helemaal niks of nergens last van.

Ik had vast harder gekund, maar dat wilde ik gewoon niet. Niet belangrijk genoeg. Ik heb dit gedaan, ik heb een PR gelopen, ik heb gerend voor wat ik waard ben, klaar. Nu weer naar de Ferrari en de McLaren kijken en het parkeergeld betalen. Zou ik geen moeite moeten hebben met trappen of flink doorlopen? Niks. Door naar huis voor het verjaardagsfeest met zelfgebakken koekjes en Vincents opa’s en oma’s.

Mijn trainer krijgt een knauw via het trainingsprogramma omdat ik hem wil spreken: zo kan ik niet met hem verder. Hij is een paar dagen weg, wandelt alleen in het bos en belt me later van de week wel, lees ik terug. Vooral dat hij niet vraagt naar mijn tijd of me daar mee complimenteert is op z’n zachtst gezegd niet netjes. Wat voor hem een makkie moet zijn, is voor mij een snelste tijd ooit! De coach moet mij (eigenlijk dagelijks) volgen en me sturen, maar ik heb afgelopen twee weken amper van hem gehoord. En wat ik dan terugkrijg is vet onvoldoende en toont van geen begrip of betrokkenheid. Uiteindelijk is het niet mijn zaak als hij zelf in de nesten zit: ik neem een dienst af en die heet coaching en die krijg ik niet. Het voelt niet goed.

Uiteindelijk is Vincent tiende overall geworden en 9de bij de mannen. Ik ben 8ste van alle 80 dames en 41ste overall van alle 135 deelnemers. Kijk, dan mag ik best een paar koekjes!

Categories: Geen categorie | Leave a comment