VaartSluisBosCross: verslag van de veldvulling

Niks deed het me: ik zag er niet tegenop, ik was niet bang voor de modder na anderhalve dag onafgebroken regen, ik maakte me maar eens helemaal nergens zorgen om. Lichte zorgen om mijn linkervoet/hiel zijn op zijn plaats, want gisteren deed het Onwijs Veel Pijn na een wandeling door de stad (?) en was het ‘s avonds zo goed als helemaal over. (??) Gelukkig kon ik met de auto’s mee en hoefde ik niet te fietsen, wat in de voorspelde regen leek me dat niks. De regen bleef uit, maar het waaide flink. Eerst het kind aanmoedigen

De damesschoenen vóór de cross (die witte rechts zijn van mij)


en dan vrolijk een beetje rondstappen en me vast verheugen op de flesjes water die voor naderhand klaar staan. Lekker beppen in het startvak en dan gaan we al! Net als vorig jaar heeft mijn horloge kuren. Dat ding werkt ALTIJD, maar hier niet: valt uit, zoekt satellieten en start niet op. ARGH. Nu moet ik op modder letten en op het horloge én loop ik 400 meter ‘voor niks’ 🙁 Daarna kom ik er al snel in. Modder. Glibber. Glij. Corrigeer. Bang om in het water te tuimelen. Veel op en neertjes in de route: aan de ene kant van de sloot heen, aan de andere kant terug. Het duurt even voor er ruimte komt en 1 stuk langs de sloot (heen) is lastig. Hoe en wat de anderen doen, zal me een zorg zijn. Ik hou mijn eigen evenwicht vast en bedenk me keer op keer hoe ontspannen ik hier lekker loop te lopen. Het stukje schelpenpad is een ware verademing, maar van korte duur. Ik neem de veilige glibberige omweg liever dan de shortcut door de sloot, waarbij ik omhoog moet klimmen. Nog een rondje. Ergens bedenk ik dat drie rondjes in plaats van vier ook niet erg zou zijn en ik heb nog nooit zo vaak serieus overwogen af te breken. Zoveel mensen die ik dat zie doen! Maar ik zie ook snelle mensen doorstampen en langzamere lieden doorzetten. De fotografen die er voor ons staan en de vrijwilligers en de aanmoedigers die “kom op mama” roepen (voor elke mama dan dus): stoppen is nauwelijks een optie, hoe aantrekkelijk ook. Ik vind niet dat ik aan de kant hoeft voor de allersnelsten en ik erger me daar een beetje aan. Als zij met zijn drietjes willen bepalen wie het snelste is, moeten ze zelf maar een route gaan rennen. Als ik aan de kant wordt geroepen door een inhaler, ga ik me echt veldopvulling voelen. Het gaat ook om de winnaars: degenen die als eerste de 8, 6 of 4 kilometer (weer) winnen. Het zijn altijd dezelfden. Maar die honderd anderen die hier door de modder ploeteren: zijn die minder? Zijn die slechter? Lopen die minder goed? Neem nou die ene man, die deze crosscup als onderdeel doet van zijn lange duurloop (en weet dat hierna nog minstens 15 kilometer komt), is die minder goed omdat hij nu langzamer loopt dan normaal? Of die vrouw die moet stoppen omdat het gewoon te zwaar is voor haar heupblessure waar ze net van terugkomt? En dat ventje wat moet gaan wandelen omdat hij het gewoon niet meer haalt, is die slechter dan die razendsnelle vrouw met haar spikes en lange benen? Misschien heeft die mevrouw in het roze al wel 50 kilometer getraind deze week en loopt ze daarom niet zo hard vandaag, je weet het niet. Ik loop daar over na te denken, terwijl mijn voeten wegschuiven en ik voortdurend balanceer en corrigeer. Ben ik slechter omdat ik deze keer misschien minder hard ga als ik zou kunnen omdat ik mentaal zo moe ben? Eigenlijk zouden ze naast de huldiging van de winnaars ook willekeurig drie finishers moeten uitkiezen en vereren en naar hun verhaal moeten luisteren. In de derde ronde zie ik mijn trainer langzaam dichterbij komen. Ik wil niet dat hij mij inhaalt! Dat betekent dat ik op het schelpenpad flink aan moet zetten en het laatste stukje voordat hij finish echt hard moet lopen voor mijn doen. Ik red het echt maar nét. Maar ik mag nog een rondje langer! Of ik dat nu erg moet vinden of niet, dat weet ik niet. Aan de ene kant kan ik niet lang genoeg genieten van dit modderfeest (ik verbaas mezelf het meest dat ik dit opschrijf, maar het is echt zo), aan de andere kant ben ik zo moe dat het niet snel genoeg voorbij kan zijn. Het voelt aan alsof ik al 30 kilometer heb gelopen in plaats van 7. En de modder aan mijn voeten voelt aan als 10 kilo lood meezeulen. En dan is het parcours opeens leeg. De meesten zijn blijkbaar al gefinisht, of heb ik verkeerd geteld? Ik voel me ineens nog veel meer de veldopvulling. De laatste restjes. De toeschouwers, de fotografen, de meeste vrijwilligers: ze staan bij de finish van de anderen, de snellen. Dit restje doorzetters en afzieners, daar is geen eer aan te behalen. Als ik op mijn horloge kijk, zie ik dat ik pas 7 kilometer heb gelopen en dan schuif ik onderuit in de modder. Ik mankeer niks, sta weer op en loop weer verder, maar dan met vieze handen. Nu het zo rustig is, kan ik de gemakkelijkste weg kiezen: dat dan weer wel. Ik vraag aan de laatste vrijwilliger in de Grote Modderpoel of ik de laatste ben, maar dat ontkent hij. Ik zie dat er inderdaad nog andere mensen achter me lopen en herken mijn ‘concullega’ van de vorige crosscups. Voor mij gaat een meneer wandelen. Deze meneer is altijd sneller geweest dan ik ben! Een meisje voor me laat haar tempo ook danig vieren en ik zie haar uitstappen, afsnijden en teruglopen. Ikzelf ben kapot. Ik weet dat de andere dames gestopt zijn: ze hebben me toegejuicht.

De damesschoenen ná de crosscup (zoek de "witte")


Ik kan me dat voorstellen: als dit de eerst cross is die je doet, komt er nooit meer een vervolg. Het valt mij al erg zwaar. ik heb trek, moeite me echt te concentreren en ik besef dat ik de wereld heel klein moet maken om hier verder te blijven rennen. Want wandelen is pas een optie als het écht niet meer kan of als mijn gevoelige hiel het opgeeft. En dan trekt de wind nog aan en blaast je bijna glijdend terug over de modder! Achter me zie ik degene aankomen die ik vorige keer liet winnen. Ik zie haar altijd pas in de laatste ronde. Deze keer moet en zal ik voor haar finishen. Mijn benen hebben die kracht nog wel en ik zet lekker aan over het gras om ‘r voor te blijven. Ik denk dat ik onder het uur ben gebleven en heb meer dan 8 kilometer gelopen. En dan zijn de waterflesjes op. Je handen schoonmaken bij de jerrycan mag niet, want dat is het drinkwater, roept de mevrouw van de organisatie. Ik voel me dan pas echt veldopvulling, een slechte langzame loper, onbelangrijk. Alleen de winnaars hangen nog rond te wachten op de prijsuitreiking. Na mij komen nog een boel mensen binnen. Ook voor hen geen flesje water. Telfoutje vermoed ik, maar het voelt aan alsof ‘wij slomen’ het niet verdiend hebben. Ik haal mijn mok omdat ik 3 van de 4 wedstrijden heb gelopen en dan gaan we snel weg. Met mijn eigen water was ik mijn handen en mijn schoenen zitten onder de modder, net als mijn broek. Ik heb genoten. Ook al voelde ik me er voor de organisatie slechts bij om het aantal deelnemers op te voeren. Dat gaf me een kater-achtig gevoel. Over de ruim 8 kilometer heb ik 58 minuten gedaan. Ik heb er 58 minuten van mogen genieten. Het was echt leuk om op mijn oude schoenen door de modder te gaan. Mijn voet is gevoelig, mijn spieren weten wel dat ze bijna een uur kei-hard hebben gewerkt en ik ben buitengewoon tevreden en al snel weer uitgerust en opgemonterd. De afgelopen week heb ik namelijk bijna 50 kilometer gelopen en het was emotioneel een hele zware rollercoaster, dus als je dat optelt heb ik net zo’n topprestatie geleverd als degene die als eerste vrouw over de finish kwam, toen ik nog een rondje mocht genieten! Ik doe het water zelf wel in mijn mok en schrijf op Facebook dat alle atleten topprestaties hebben geleverd: niet alleen de (2!) atleten die gehandicapt zijn. Ik heb volgende keer een mooie theemok om mijn water in mee te nemen en het vaantje heb ik ook enorm verdiend; ééntje waar ik hartstikke trots op ben. Dat ik ergens halverwege in het klassement sta, zit me niet helemaal lekker, maar ik voel ook dat ik het heerlijk vond om ze lang mogelijk te genieten van deze heerlijke crosswedstrijdjes, waarin ik dubbel en dwars alle modderfobieën met (een doffe) glans en een hele brede lach heb overwonnen!

Categories: Uncategorized | Comments Off on VaartSluisBosCross: verslag van de veldvulling

Bruggen in de mist

Uiteindelijk hoefde ik niemand te pesten met een uur zone 1. En een uur bruggen op en af rennen. En minstens een halve marathon lopen. Joyce kon op het laatste moment niet mee en dat vond zij erger dan ik. Muziek op, zo dat je nog net het horloge hoort piepen en vanuit school vertrekken. Hetzelfde rondje zo’n beetje als vorige week. Maar dezelfde foto’s kan ik niet gebruiken, want de wereld is in de mist gehuld. Dit vind ik mooier als de somberte vorige week. Maar ik heb nog steeds een hekel aan zone 1 en inhouden/afremmen/rustig aan doen en een ritme vinden. Als ik Almere uit ben, wordt de wereld tussen de mist heerlijk klein. De snelweg is slechts hoorbaar, niet zichtbaar. Ik ga de lange rechte weg op en dat is niet zo slim, want hier ben ik ook niet goed zichtbaar en loop ik langs de weg. Nog moeilijker een ritme te vinden. Ik kom al met al 1 auto tegen, dus het valt mee. Ik ben blij op het fietspad te zijn, maar dan moet ik naar het toilet. Ik zou me in de mist kunnen verstoppen, maar stel dat die ene andere auto dan net langs komt… Ik heb net iets meer nodig dan een uur om bij de brug te komen. Dus gaat er van een uur bruggen lopen 2 minuten af! Ik zie geen brug tot ik erop sta. Eigenlijk wil ik best ergens in de mist gaan zitten, want ik zie kind noch kraai. Zone 2 is wel prima, maar ik ga me niet haasten op de bruggen vandaag. Nu ik me ook niet hoeft te richten op de allersnelste halve marathon, vind ik een hartslag van 140 prima. Omlaag lopen lukt me niet meer en ik zie uit naar het dichtstbijzijnde bos. Ik weet al waar ik ga… Laat ik daar nu in de mist net 1 man op de brug spotten! Ik wacht tot hij de andere kant op loopt en stop de tijd even. Een paar minuten later sta ik opgelucht weer op de brug voor nog 3 kwartier op en af rennen. Niemand meer gezien. Geen fiets, geen hardloper, geen wandelaar, geen hond. De zon die door de wolken probeert te komen is mooi. 2 Bruggen over, helemaal tot onderaan, omdraaien, weer twee bruggen over. Rondje de andere kant op lopen en voelen dat het al zwaarder wordt, maar ik kan nu lekker door. Ik krijg ook wel een beetje zat van deze bruggen. Nog 1 keer op en neer: haal ik dat? Ach ja, gewoon nogmaals. De zon doet haar uiterste best. Er komen wat kleurtjes door en dan voornamelijk een goudgele tint. Nu draai ik gelijk om als ik de A6 over ben en ik sta na een uur (eerlijk: 58 minuten) weer aan de andere kant van de bruggen die ik een keer of vier overgestoken ben. Nu nog naar huis! Of eigenlijk: terug naar school. Ik kom een hondenschool tegen en 1 hardloper. Ik neem lekker het onverharde pad door het bos. Mijn voet heeft inmiddels behoorlijk last van mij: we lijden samen. Pijnlijke hiel en ik heb trek en ben moe. Gemakkelijk of moeiteloos gaat het al niet meer. Ik ga de halve marathon wel halen, maar ga ik dan meteen naar huis of loop ik door? Ik denk er kilometerslang over na. En dan krijg ik veel zin in negerzoenen. Die heb ik thuis niet en bij de Plus naast mijn auto en de school hebben ze die wel. Dus ik loop door. De zon heeft gewonnen en de mist trekt helemaal op. Ik loop over hetzelfde schelpenpad als in het begin en dan zie ik na 23 kilometer mijn auto. Het gaat geen 25 kilometer worden, de negerzoenen roepen en mijn linkervoet schreeuwt het uit van de pijn. Ik ga wel even rustig in de auto zitten te wachten tot ik de kids mee kan nemen uit de klas voor hun vrije middag. Voor Joyce hou ik een negerzoen (of twee) apart, die ze hardlopend komt halen! We kletsen deze keer bij in de huiskamer, maar volgende keer neem ik haar mooi mee de bruggen op en af!

Categories: Uncategorized | Comments Off on Bruggen in de mist

Yo Harry!

Het was mijn beste training niet. Verre, verre van. Dat lag niet aan jouw trainerscapaciteiten hoor! Integendeel: het was hartstikke goed wat je bedacht had voor zo’n onverwachte grote en gemêleerde groep. Terwijl je op het laatste moment hoorde dat je er alleen voor stond. Ik heb heus lekker mee-geloopschoold en mee de kou getrotseerd bij het lange inlopen. Zelf vond ik het supergoed om die loopscholingsoefeningen te herhalen aan het einde van de les. Wat een hels verschil! Dat kan ook komen omdat ik toen echt last van mijn voet had en nauwelijks de uitvoering kon bijhouden van vermoeidheid.
Nee hoor, Harry, dat dit voor mij een rot-training was, lag niet aan jouw. Je hebt zelfs vriendelijk gevraagd hoe het met mijn trainingen ging, maar ik was daar totaal niet mee bezig. De afgelopen week zat ik in een emotionele rollercoaster en ik was aan het einde van de training zo hondsmoe, dat ik me nauwelijks fitter voelde dan aan het einde van een ultraloop (ook al heb ik dat nog nooit gedaan: ik denk dat het zo voelt als ik me voelde). Het lijkt me sterk dat het komt van 5 keer dat ‘bruggetje’ op en af rennen in een paar tempo’s. Dat heb ik al zo vaak gedaan en in zwaardere omstandigheden ook tegen wind en regen in; maar vandaag viel het me lood- en loodzwaar. Je hebt me er ergens in de training ook heel fijn opgewezen dat ik mezelf zo klein maakte, dat ik mijn armen meer mee mocht bewegen. Daarmee ging ik de laatste keren veel soepeler en rechterop naar boven in het hoogste tempo, maar het koste me moeite om me niet kleintjes te voelen. Bedankt voor de eye-opener: want dat was het wel, dat ik me klein en opgesloten voelde en blijkbaar loop ik dan ook zo. Grappige wetenschap.
Ach Harry, ondanks dat ik niks heb genoten van je training heb ik wel erg veel geleerd! Iets wat ik wel al wist, maar nog maar eens aan den lijve moest ondervinden: als ik in mijn hoofd druk ben en veel te verwerken heb, dan is hardlopen zwaarder voor me. Dus als ik op 1 maart begin met werken, dan is het volkomen irreëel om op 5 maart een PR te willen lopen op het F1Circuit. Ik ben blij dat ik dat nu alvast heb geleerd, waarvoor dank. En om terug te komen op je vraag: de rest van de trainingen gaat gelukkig een stuk beter!
Groeten Anke

Categories: Uncategorized | Comments Off on Yo Harry!

Van de woondome/daken* af schreeuwen!

* doorstrepen wat niet van toepassing is
Ik kan zeggen dat het veel moeite en gesprekken heeft gekost. Of dat ik maanden bezig ben geweest; maar dat is allemaal niet waar. Nou ja, een beetje waar. Het feit dat ik niet voor een marathon train en moeite heb mijn verdere doelen te bepalen, ligt in ‘m in het feit dat ik me al een tijd redelijk werkeloos voel. Echt verder kijken is er niet bij en alle tijd stop ik in het solliciteren en zoeken naar werk en inkomen. Nu is er deze maand weer een opdracht voor de CliniClowns, maar ik blijk toch op zoek naar meer vastigheid. En ineens is het op mijn pad gekomen: werk. Een vaste baan. Na 9 jaar eigen baas weer een baas in het vooruitzicht. Ik kan het amper geloven. Geen video verzamelen, maar data collecteren. Het contract moet nog getekend worden en de details uitgewerkt, maar ik ga nu een andere weg inslaan qua werk en ik zie er enorm naar uit. Tja, dan moet je eruit als hardlopertje! Zeker als je bedenkt dat ik gisteren niet vooruit kwam en een beetje griep op de bank lag uit te bannen. Deze avond moest er gelopen worden, ook al was ik er stil en beduusd van.
Ik haalde Manuel op en hij moest eerst stap voor stap vertellen hoe het in Schoorl was geweest. We hielden superkeurig zone 1 aan. Ik hoefde alleen maar te luisteren en dat was fijn. Door naar zone 2 na 15 minuten was ook geen probleem. Ik zag wel op tegen de Woondome-helling in zone 4. Manuel had 2 uur minder nodig om te vertellen hoe het in Schoorl was dan hij over de 30 kilometer liep. En toen ging ik naar boven sprinten. En naar beneden ook. Vorige week in zone 2 haalde ik de vier keer en ging ik al snel te hard voor mijn hartslag, maar deze keer ging het bijna perfect! De eerste keer ging goed, snel en soepel. De tweede keer omhoog ging ook prima. Toen ik beneden was, ging mijn hartslag iets te ver omlaag, maar de derde keer boven was ik alweer keurig in zone 4. En toen begon het door te dringen: ik ga straks gewoon weer werken! De vierde keer moest ik weer hard naar boven lopen en vooral ook hard naar beneden, want dan is het lastig om zone 4 aan te houden. Ik heb werk! En ik ben er blij mee! De vijfde keer drong het echt tot me door dat ik me gelukkig mag prijzen en boven op de Woondome schreeuwde ik het uit van blijdschap. Niemand die er last van heeft. En ik heb de Woondome helling binnen 5 minuten ook nog eens 5 keer gehaald. De zesde keer haalde ik het niet tot boven, toen waren de vijf minuten om en moest ik terug naar zone 1. Eindelijk was ik, 5 uur nadat ik het werkaanbod kreeg, niet langer beduusd; maar gewoon BLIJblijBLij.
We dribbelden terug in zone 1. Ik dacht dat ik zone 2 in mocht, maar we moesten wel heel langzaam gaan en als er ook maar een politieauto voorbij kwam, begon mijn horloge me weer terug te piepen. Ik kon wel fluiten, huppelen, dansen; maar ik moest in zone 1 blijven dribbelen. Ik had het koud. 1 Truitje was echt te weinig. Maar echt moe werd ik er niet van. Het voldane gevoel overstemde alles. Na 55 minuten (tien minuutjes extra) was het rondje vol.
Meer werken en minder hardlopen? Dat denk ik niet, want hardlopen is er wel tussen te passen. Ik ga wel minder bloggen. “Goede reis” zei mijn toekomstige baas, toen ik vanmiddag richting huis ging. Ik denk dat dat een mooie metafoor is: een nieuwe weg, een nieuwe afslag op de route die een mooie reis belooft te worden! Hard vooruit, met veel wilskracht, veel oefenen en aan jezelf werken: het lijkt een beetje op het hardlopen van een (halve) marathon.

Categories: Uncategorized | Comments Off on Van de woondome/daken* af schreeuwen!

Uitdribbelen werd net iets anders

– Koud: 2 á 3 graden: natte sneeuw 🙁  was ik gister maar gegaan, maar toen had ik overal (spier)pijntjes en minder tijd.
– Nuchter. 2 Glazen water. Maar ik heb de afgelopen weken genoeg ‘buffer’ opgebouwd. 8)
– Enya. In november heeft ze een nieuwe CD uitgebracht en gisteren stoorde ik Vincent met haar muziek. Dan maar naar buiten. Door Weer en Wind. Met Dark Sky Island. 😮
– Half uurtje, DUHUH  Dan is de CD nog niet eens afgelopen! Dribbelen. DUHUHUHUH 😐
– De eerste kilometer ging langzaam. 6:58 Door overstekende auto’s en natte voeten. Onder andere.
– De tweede kilometer ging iets sneller. 6:37 Ondanks een brug op. Plan gewijzigd: dribbelen => elke km ietsje sneller 😉
– De derde kilometer loopt lekker onverhard langs de paarden in de Oostvaardersplassen. Het uitzicht is voor mij alleen en de opdracht slaagt. 6:16 🙂
– De vierde kilometer gaat lekker. Heerlijk tempo. Sneeuw in mijn gezicht. Lekker nummer uptempo (en dat voor Enya) 5:47 🙂
– De vijfde kilometer moet ik aanzetten: ook op het trapje en door de modder. Warm! Ik zie 1 andere dappere, dik ingepakte loopster. Ik ken d’r nog ook! 5:16 Mooi 😀
– Nog een stukje uitjoggen en dan ben ik na 5 en een halve kilometer weer thuis.  35 minuten. Nat, maar niet verkleumd. Hongerig en tevreden. 🙂 De hartslagmeter is helemaal op hol geslagen en meld in het begin hartslag >200 en aan het einde ook. No way 😐

Categories: Uncategorized | Comments Off on Uitdribbelen werd net iets anders

Zone – 1 Bruggen – bijna mislopen en uitfietsen

Zone 1
2 Uur stond er op het programma. Eerst een uur zone 1. Dan een half uur bruggen op en af lopen en tot slot nog een half uur lekker in zone 2 naar huis lopen. Ik fietste mee naar school en vanaf daar ging ik alleen verder; met mijn rugzakje en met de muziek van Loreena McKennitt. Zone 1 is Ver Schrik Ke Lijk. Alleen maar afremmen. Langzamer gaan. Joggen. Weer remmen. Rustig aan. En nog langzamer. Toch had ik binnen een kilometer al natte voeten van een zompig grasveld. Tot daar onverhard lopen. Afremmen! Ik ging over de Trekweg. Dat is rechtuit en simpel om in 1 sloom tempo te blijven lopen. Weet je hoe lang een uur kan duren!? Ik probeerde best in een ritme te komen, maar elke keer piepte het horloge dat de hartslag boven de 135 slagen per minuut uitkwam. Ik ging onder de snelweg door en nam een slok van het vieze appel-gelletje. Heel af en toe kwam een waterig zonnetje me vergezellen. Verder was het net zo grijs en somber als hardlopen in zone 1. Maar ik deed keurig wat me opgedragen was. De kilometertijden zie ik niet op mijn horloge, dus daar maak ik me niet druk over. Ik kijk alleen maar naar de hartslag en hoe lang ik nog moet doorgaan met joggen.
Bruggen
Ik ben net iets te vroeg bij de brug. Ik gok in een half uur drie keer op en neer te kunnen. Eerst een lange brug over de A6, daarna een brug over de Vaart. Lekker in zone 2. Eindelijk krijg ik het warm en kan ik op een fijn tempo doorstappen. Ik trek me er niks van aan dat ik die brug akelig vind. Naar beneden moet ik behoorlijk het tempo erin houden om in zone 2 te blijven. En nog een brug! Ik doe er 12 minuten over en op de één of andere manier denk ik dus best nog een keer heen en weer te kunnen. Dat ik daar een rekenfout maak, zie ik pas als ik de Vaart en de A6 weer over ben en ik nog maar 8 minuten over heb om nog een keer terug te komen. Ik draai dus iets eerder om en nu is het wat zwaarder als de eerste twee keer om naar boven te lopen en weer omlaag. Ik slinger (nogmaals) om de hondjes heen en als ik bijna boven ben is het half uur bruggen-rennen al voorbij! Dat voelde veel minder lang als zone 1. Ik ben er best moe van, maar moet nog naar huis.
Bijna misgelopen!
Ik ga Manuel tegemoet lopen. Ik ga door het Kotterbos. Het zonnetje is erdoor gebroken en de kleuren zijn overweldigend. Ik vind het blauw in de lucht de mooiste kleur die ik ken. Dan kan ik het fietspad niet op. Ik snap wel waarom, want ik zie verderop de herten staan. Ik hoop maar dat Manuel begrijpt dat ik buitenom moet lopen. In zone 2 schiet ik lekker op. Als ik bij de Natuurboulevard kom, zie ik dat je er daar wel in kunt en dat verwart me. Is Manuel al niet daar? Ik SMS hem en meld dat ik bij de Natuurbrug omgelopen ben. Manuel SMSt net voorbij de brug te zijn. Dus ik keer om. SMS weer. Manuel SMSt dat hij het tussenpad neemt en weer begrijpen we elkaar niet, want ik denk dat hij de natuurbrug/boulevard al voorbij is en dus een ander tussenpad neemt. Ik zeg hem terug richting Almere te gaan. Ik wacht nog een paar minuten afkoelen. Na nog een hap gel snap ik dat Manuel nog niet zo ver is als ik hem toebedeeld had. Ik ga hem achterna. Neem met wat moeite het tempo weer op. Mijn voet is -vriendelijk gezegd- gevoelig. Voor ik het Kotterbos uit ben, zijn de twee uur om. Ik ben nog lang niet thuis en nog helemaal lang niet bij mij fiets. Als ik de witte brug over ga richting de Evenaar kom ik (niet toevallig) Manuel toch nog tegen! We lopen lekker een stuk op en ik besluit dat 18 kilometer er nu toch 21 gaan worden op weg naar mijn fiets. Ik heb het inmiddels weer koud. Ik loop langs huis en Manuel gaat naar huis. De laatste 2 kilometer naar school zijn loodzwaar. Ik had thuis moeten stoppen om wat te dumpen en het tempo gaat ernstig omlaag. Ik moet nog een rondje om de school lopen en ga ook nog pinnen. Net binnen de 2 en een half uur zit de halve marathon er op.
Uitfietsen
Het uitfietsen doe ik na de lunch met de Brinta waar ik in het Kotterbos onbedwingbare zin in kreeg. Mokkend hou ik het 25 minuten vol. Mijn voet, knieën en spieren doen toch nog pijn en ik ben nog vermoeider van de halve marathon als vorige week. Toch ben ik blij dat ik weer eens alleen heb afgezien in zone 1 en op de bruggen, en na heb kunnen denken. Volgende week ga ik terug naar de bruggen. Kijken of ik 6 keer op en neer kan in een uur.

Categories: Uncategorized | Comments Off on Zone – 1 Bruggen – bijna mislopen en uitfietsen

re: Abonnement Woondome: uw verlenging

Geachte mevrouw de Boer
Wij kunnen u meedelen dat uw abonnement op de Woondome kan worden verlengd. Vanaf deze week en voor de rest van deze maand kunt u gebruik maken van de helling naast het parkeerdak voor de hardloopoefeningen. Het enige wat u hiervoor hoeft te doen is het opwarmen van uw spieren met een kwartiertje lopen in een lage zone. Hierna zijn tien minuten in een fijn tempo zeer aan te bevelen in verband met de huidige weersomstandigheden. Wij van de firma Woondome-Gebruik raden u aan een loopmaatje mee te nemen die u lekker op kunt houden met het lage tempo, maar dat is uiteraard aan uzelf. (u kunt eventueel ook een loopmaatje meenemen met foto-ervaring voor een blijvende herinnering)
Voor vandaag kunt u nog voor de volle 5 minuten gebruik maken van de Woondome-helling om in een lage zone omhoog én omlaag te rennen. Voor deze week raden wij u hartslagzone twee aan. Dit zal ongeveer vier keer moeten lukken in deze tijd. Of u de hartslagzones haalt, ligt aan uw eigen inschatting. Voor volgende week mag u een hogere hartslagzone uitzoeken.
Tot slot bent u verplicht om nog minstens 15 minuten uit te lopen in een lage hartslagzone. Wij van Woondome-Gebruik zijn niet verantwoordelijk voor gevolgen in de vorm van spierpijn, regen of uitloop. Wij zien u graag regelmatig terug op onze helling.
Veel plezier van uw verlenging,
met de groeten van de Woondome

Categories: Uncategorized | Comments Off on re: Abonnement Woondome: uw verlenging

Pasta Traininkie (inclusief nagerecht)

RECEPT
Men neme een stuk of elf lopertjes en een trainer. Die laat je eerst nog droog een rondje inlopen. De dames achteraan in kwebbelstand werkt het beste.
Vervolgens zet je het hele ploegje in een klein laagje water en laat je de groep rondjes om de parkeerplaats lopen. Inlooptempo noem je dat dan eerst, vervolgens iets sneller.
(ik vroeg me alleen maar af WAAROM: waarom loop ik hier?! het antwoord liet lang op zich wachten, maar kwam toch aangehageld: stél nou dat het in de Ardennen begin maart ook slecht weer is, wat kan, DAAROM dus)
Mocht het hele zwikkie een beetje vochtig zijn en ondanks de kou, toch warm aanvoelen, dan is het tijd voor nog meer rondjes om de parkeerplaats.
Rustig tempo rechtsom, oefening op de stoeprand, rustig tempo terug. 45 Seconden rust tussendoor. Herhaal deze roerselen 5 keer. Met een flinke glimlach tegen de forse wind in, maakt kans op succes groter.

hartslag- en tempo-wisselingen


(ik deed gewoon mijn eigen tempo en vooral mijn eigen rust. Tegen die kerels kan ik toch niet op en die dames zijn geen partij voor me. Ik doe gewoon wat ik zelf het beste vind en let op mijn hartslag. Al vroeg ik me ronde na ronde nog steeds af WAAROM. Deze trainer is niet de persoon om uitleg te verschaffen.)
Het slagen van dit recept staat of valt met het laatste stukje over de parkeerplaats. Rustig tempo heen, stoeprand oefening en hoog tempo terug. 45 seconden rust tussendoor. Dit slechts drie keer dooréén roeren.
Tot slot het toetje: de helling van de Woondome. Rustig omhoog, lopend (?) naar beneden. Twee keer. Skipping gevolgd door steigerun omhoog: als dat geen kers op de taart is! Twee kersen dan.
(WAAROM WAAROM WAAROM: dit antwoord is simpel: omdat het te gek is en de woondome in vergelijking met Eau Rouge een eitje blijft! Ook de vierde keer)
Daarna goed uitlopen en extra nat worden. Door de plas is verantwoord.
De cooling down echter doen we BINNEN. WAAROM?!
Omdat het buiten regent? Omdat we toch al koud zijn? Omdat de trainer anders nat wordt? Omdat het er flitsend uit ziet? Omdat we dan beter uit kunnen glijden? Ik weet het antwoord op deze vraag echt niet!
Het was wel smullen vanavond!
Jammer dat mijn voet niet opgegeten wil worden en zeer heftig protesteert. AUWTSj
 

Categories: Uncategorized | Comments Off on Pasta Traininkie (inclusief nagerecht)

Extra rondje Kemphaan

Aangezien ik deze week al een uur boven het schema zat, had ik eigenlijk het weekend vrij. En dat voor een rustweek. Maar ja, ik kon een keer met TK meelopen. Zij gaat voor de CliniClowns de marathon lopen komend jaar en woont in Almere. Vandaag ging ze een beetje uitlopen van haar lange duurloop gisteren en ik wilde wel mee. We spraken af bij de Kemphaan. Ik zag wel uit naar een uurtje lopen, maar TK wilde liever maximaal een kilometertje of 6. Ik bedong er wat onverharde paden bij en we gingen op weg.
Eerst had ik honderden vragen voor TK. We liepen over de onverharde paden door het zonnetje lekker te klagen om langere dagen met meer licht. De kilometers vlogen echt voorbij, ook al gingen we niet heel erg hard. Toen TK het een beetje zwaarder kreeg (ze had nog nooit onverhard gelopen) begon ik maar een beetje te kletsen. Ik vond het heerlijk om door het bos te lopen en zachte grond onder mijn voeten te voelen. Daar raakte ik de kribbigheid’ die gisteren van me bezit genomen had, helemaal kwijt. Ik heb heb ook nieuwe trailschoenen besteld van mijn ‘eigen’ merk Brooks, dus ik ben nu zelf wel aardig overtuigd van het feit dat ik die booming kant van het trails hardlopen het leukste vind. We liepen nog over twee van de vier bruggen op het Vierbruggenpad. Dat was wel weer verhard ja, maar we hadden wind tegen en ik was behoorlijk jaloers op TK’s jasje! Die jaloezie werd nog versterkt toen we door een bakje hagelsteentjes werden aangevallen. Niet veel, maar net genoeg om even nat en koud van te worden!
We liepen niet meer om en na exact 6 kilometer stonden we weer bij de auto’s. Het waren wat mij betreft heel gezellige 40 minuten! Toen liep ik nog een tijdje met Vincent langs de speeltuin en de dierenkooi op de Kemphaan. Ik was totaal niet moe van dit loopje en voelde me stukken beter dan gisteren.

Categories: Uncategorized | Comments Off on Extra rondje Kemphaan

Weesp – Almere

Station Weesp


De reis begon met een treinrit naar Weesp. Bij Almere Parkwijk stapte mijn vriendin Joyce in. Dit wordt haar Halve Marathon: ze gaat van haar geboorteplaats Weesp naar ‘huis’ rennen in Almere. Hiervoor heeft ze de afgelopen tijd getraind: om deze halve marathon af te leggen. Graag binnen de twee en een half uur. In de trein waren we allebei een beetje zenuwachtig: zou het ons lukken? Joyce kent de weg en ik ga alleen maar mee om haar te ondersteunen, maar een hele ‘halve-marathon’ heb ik ook al een tijdje niet meer volbracht.
Om half tien stonden we buiten het station en onder een bewolkte hemel vertrokken we ‘op weg naar huis’. Ik ging mee om te praten en ik had zeker stof tot in Flevoland. Maar eerst volgde een heerlijk toeristische tour door Weesp: hier het huis van Middas Dekkers, daar ging Joyce altijd stappen, de lege winkelstraat op rechts en dan over het ophaalbruggetje.

Weesp


Ik keek mijn ogen uit en vond het prachtig! Langs het Fort en het gemoderniseerde fort. En zo liepen we langs de woonboten aan de Vecht.
Langs de boot van Sinterklaas en een stuk verderop het huis van Pippi. De eerste kilometers gingen snel en een beetje op tempo voorbij. We kwamen voor mijn gevoel al heel snel langs het aquaduct wat gebouwd wordt en toen gingen

Onder de A1 door


we al onder de snelweg door. We liepen Muiden in.
Jammer dat het niet zulk mooi weer was, want dat had alles nog een extra glans gegeven.
Ik liep met mijn rugzakje op en nam zo nu en dan een flinke slok water om de stem te smeren. Ik had veel te vertellen ook nog en hield de moed er prima in. We kwamen over een lange polderweg met uitzicht op het Muiderslot. We kwamen twee auto’s tegen die ons inhaalden en vervolgens thuis waren. Wij liepen gewoon maar door en door. We kwamen langs het Tolhuis wat al jaren te koop staat.

Het Tolhuis


We gingen door naar Muiderberg, lang het fluisterbos en langs het

Muiderberg


kerkje wat ik zo leuk vind. Intussen kreeg ik wel wat trek, maar de dextro’s zaten wat te ver weg. Stom. Gelukkig had Joyce ze bij de hand. We kwamen langs het bos dat van Joyce oude schoolvriendin was en toen zat het leukste gedeelte van de tocht er wel op. Mijn hartslag sloeg zo nu en dan helemaal op hol en zat ergens boven de 200, wat niet echt gerechtvaardigd werd door het tempo. We gingen iets langzamer aan doen. Gewoon om er langer van te genieten 😉
We moesten de brug over en dat was zwaar, saai, lawaaiig en nog stijgen ook.

Hollandse Brug


Ik had nog steeds stof tot kwebbelen, maar het is niet fijn om over de treinen en auto’s heen te moeten schreeuwen. Eén van de wegwerkers op een grote machine moedigde ons aan met de woorden: “Het gaat goed, MEIDEN!” Dat gaf gelukkig wel een boost om boven te komen. Alleen al de aanblik van het fietspad van Poort stemt me somber, maar die gingen we dan ook zeker vermijden! Net onder de A6 door, had Joyce een klein rekmomentje nodig. We werden ingehaald door een trainer van de loopclub die veel sneller was en toen bleek het fietspad door het Kromslootpark erg afgesloten te zijn. Dat viel mij allemaal een beetje tegen. Toen moesten we langs het water lopen richting Almere Haven en dat was voor mijn gevoel niet de juiste richting. Het enige voordeel was dat we de wind in de rug hadden. We ‘genoten’ van een gelletje om de energie erin te houden en ik liet Joyce even het woord. We kwamen mensen tegen in zeer diverse outfits: van een korte broek met handschoenen tot een muts, ski-jas en trainingsbroek. Heel apart. Toen we richting het Kromslootpark liepen en Almere Stad kwam de wind ineens van opzij en dat scheelde wel een paar graden zeg!
We liepen richting het Eksternest en dat vond ik wel prettig, want ik moest intussen wel degelijk iets kwijt en toiletten liggen niet voor het oprapen langs de weg. Dus de tweede stop nam ik voor mijn rekening en na een paar minuten rekken van Joyce’s kant konden we weer verder: in mijn geval letterlijk en figuurlijk een beetje lichter! We hoefden nog maar twee kilometer! Het ging eigelijk heel snel ineens. Eerder had ik me niet zo bezig gehouden met hoe ver we waren, omdat ik ook niet precies wist hoe ver we door zouden gaan. We gingen richting het Weerwater. Ik zal niet zeggen dat ik echt kapot was, maar wat vermoeidheid was er ook bij mij wel ingeslopen. Vanaf het restaurant Atlantis ging ik het tempo een beetje opvoeren om onder de twee uur en twintig minuten uit te komen. En het laatste stuk gingen we nog iets sneller en toen zat de 21,1 kilometer erop in 2 uur en 19 minuten! Ik moest nog een 100 meter extra, maar die dribbelde ik om Joyce heen. Ze had al haar trainingen mooi tot een goed einde gebracht en ik was onwijs trots op haar.
Van fort naar kasteel. Van oud naar nieuw.

Van fort naar kasteel. Van oud naar nieuw.


We liepen nog een stukje verder naar de bushalte op een heel kalm tempo en zo kwamen we om 6 minuten over 12 aan bij de bushalte langs het Kasteel van Almere. De bus kwam er gelukkig meteen aan! Ik SMSte ondertussen met Vincent die alleen thuis moest gaan eten. Het rare is dat ik weinig honger heb meteen zo na het rennen. Ik vond een kop thee genoeg. Helaas had ik wel serieus last van mijn voet, maar dat had ik eigenlijk al voordat ik vanmorgen de trein in ging. Toch wandelde ik naar de bushalte een stuk verder, toen het begon te miezeren. Wij hadden het helemaal droog gehouden onderweg. Wederom pikte de bus mij onmiddellijk op en zo eindigde de reis met een allerliefst briefje van mijn Vincent om me welkom te heten.
Goed gedaan Joyce, SUPER. En nu? Wanneer ren je mee vanaf mijn geboorteplaats 😛

Categories: Uncategorized | Comments Off on Weesp – Almere